3 MEI 2018. - Ordonnantie betreffende de steun voor de economische ontwikkeling van ondernemingen Het Brusselse Hoofdstedelijke Parlement heeft aangenomen en Wij, Executieve, bekrachtigen, het geen volgt : HOOFDSTUK I. - Algemene bepalingen Artikel 1.Deze ordonnantie regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 39 van de Grondwet. Art. 2.Voor de toepassing van deze ordonnantie en haar uitvoeringsmaatregelen verstaat men onder : 1° Steun : de financiële ondersteuning die wordt verleend in het kader van deze ordonnantie ;2° Regering : de Brusselse Hoofdstedelijke Regering ;3° Gewest : het Brussels Hoofdstedelijk Gewest ;4° Onderneming : de entiteit bedoeld in artikel 1 van de bijlage bij de Aanbeveling van de Commissie van 6 mei 2003 betreffende de definitie van kleine, middelgrote en micro-ondernemingen, met uitzondering van de publieke ondernemingen, de ondernemingen die opdrachten van openbaar nut vervullen, de ondernemingen waarvan het maatschappelijk doel geen economisch en commercieel karakter heeft en de ondernemingen waarvan de financiering van publieke oorsprong het percentage bepaald door de Regering overstijgt ;5° Micro-onderneming : de onderneming bedoeld in artikel 2, punt 3, van de bijlage bij de Aanbeveling van de Commissie van 6 mei 2003 betreffende de definitie van kleine, middelgrote en micro-ondernemingen ;6° Kleine onderneming : de onderneming bedoeld in artikel 2, punt 2, van de bijlage bij de Aanbeveling van de Commissie van 6 mei 2003 betreffende de definitie van kleine, middelgrote en micro-ondernemingen, die geen micro-onderneming is ;7° Middelgrote onderneming : de onderneming bedoeld in artikel 2, punt 1, van de bijlage bij de Aanbeveling van de Commissie van 6 mei 2003 betreffende de definitie van kleine, middelgrote en micro-ondernemingen, die geen micro- of kleine onderneming is ;8° Grote onderneming : de onderneming die geen micro-, kleine of middelgrote onderneming is ;9° Investering : de investering in materiële en/of immateriële vaste activa ;10° Begunstigde : de natuurlijke of rechtspersoon die steun aanvraagt of ontvangt ;11° Werknemer : de persoon waarvoor de onmiddellijke aangifte van tewerkstelling wordt verricht overeenkomstig het koninklijk besluit van 5 november 2002Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 05/11/2002 pub. 20/11/2002 numac 2002022901 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu en ministerie van tewerkstelling en arbeid Koninklijk besluit tot invoering van een onmiddellijke aangifte van tewerkstelling, met toepassing van artikel 38 van de wet van 26 juli 1996 tot modernisering van de sociale zekerheid en tot vrijwaring van de leefbaarheid van de wettelijke pensioenstelsels sluiten tot invoering van een onmiddellijke aangifte van tewerkstelling, met toepassing van artikel 38 van de wet van 26 juli 1996 tot modernisering van de sociale zekerheid en tot vrijwaring van de leefbaarheid van de wettelijke pensioenstelsels, met uitzondering van de studenten bedoeld in titel VII van de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten. HOOFDSTUK II. - Preactiviteitssteun Afdeling 1. - Preactiviteitsbeurs Art. 3.De Regering kan steun verlenen aan natuurlijke personen die een project dragen om een onderneming op te richten of over te nemen voor de uitgaven en investeringen die verbonden zijn aan het project, op voorwaarde dat zij zich laten begeleiden door een door de Regering aangewezen instelling. Afdeling 2. - Preactiviteitsbeurs voor coöperatieve ondernemerschapsprojecten Art. 4.De Regering kan steun verlenen aan groepen van minimaal drie natuurlijke personen die een project dragen om een coöperatieve onderneming met sociaal oogmerk op te richten of over te nemen voor de uitgaven en investeringen die verbonden zijn aan het project, op voorwaarde dat zij zich laten begeleiden door een door de Regering aangewezen instelling. HOOFDSTUK III. - Steun voor investeringen Afdeling 1. - Steun voor algemene investeringen Art. 5.De Regering kan steun verlenen aan micro-, kleine en middelgrote ondernemingen die een investering verrichten op het grondgebied van het Gewest. De investering bestaat uit de oprichting van een nieuwe vestiging, de uitbreiding van een bestaande vestiging, de diversificatie van de productie van een bestaande vestiging in nieuwe bijkomende producten of een fundamentele wijziging van het volledige productieproces van een bestaande vestiging. De Regering kan het tweede lid wijzigen om het in overeenstemming te brengen met toekomstige aanpassingen van de Europese regelgeving. Art. 6.De Regering kan, op basis van de Belgische regionale steunkaart die op grond van de Europese richtsnoeren inzake regionale steunmaatregelen door de Europese Commissie werd goedgekeurd, een ontwikkelingszone afbakenen. De Regering bepaalt de verhoging die van toepassing is op de steun voor algemene investeringen die worden verwezenlijkt in de ontwikkelingszone. De Regering kan prioritaire interventiezones afbakenen. De Regering kan afwijken van het door haar bepaalde maximum steunbedrag voor de algemene investeringen die er worden verwezenlijkt. De afwijking wordt gemotiveerd op basis van het economisch belang van de investering. Art. 7.De Regering kan, ter aanvulling van steun bedoeld in artikel 5, de begunstigde vrijstellen van de onroerende voorheffing voor algemene investeringen in onroerende goederen. De vrijstelling geldt voor een periode van maximaal vijf jaar vanaf 1 januari van het jaar dat volgt op het jaar waarin de begunstigde de goederen betrekt of in gebruik neemt. De vrijstelling geldt voor de goederen waarvoor steun wordt verleend op grond van artikel 5 en waarvoor een kadastraal inkomen wordt vastgesteld. De vrijstelling is beperkt tot het deel van het kadastraal inkomen dat wordt verhoogd ten gevolge van de investering. Art. 8.In overeenstemming met artikel 64bis van het Wetboek van de Inkomstenbelastingen 1992, kan de Regering een machtiging verlenen om een jaarlijkse afschrijving toe te passen die gelijk is aan tweemaal de normale lineaire afschrijvingsannuïteit op investeringen in materiële vaste activa waarvoor ze steun verleent op grond van artikel 5. Het belastbare tijdperk waarvoor de normale lineaire afschrijving mag worden verdubbeld bedraagt maximaal vijf jaar. Afdeling 2. - Steun voor specifieke investeringen Onderafdeling 1. - Steun voor investeringen om aan normen te voldoen Art. 9.De Regering kan steun verlenen aan micro-, kleine en middelgrote ondernemingen die investeren met het oog op de naleving van milieu-, kwaliteits-, veiligheids- en hygiënenormen. De Regering stelt de normen bedoeld in het eerste lid vast. Onderafdeling 2. - Steun voor investeringen voor beveiliging Art. 10.De Regering kan steun verlenen aan micro-, kleine en middelgrote ondernemingen die investeren in de installatie van een beveiligingssysteem. Onderafdeling 3. - Steun voor verfraaiing van ondernemingen die openbare werken ondergaan Art. 11.De Regering kan steun verlenen aan micro-, kleine en middelgrote ondernemingen die hinder ondervinden van werken aan de openbare weg voor de renovatie van hun vitrine, gevel en de ruimtes die toegankelijk zijn voor de klanten en die zichtbaar zijn vanaf de openbare weg. De Regering bepaalt wat wordt verstaan onder hinder en ruimtes die toegankelijk zijn voor de klanten en die zichtbaar zijn vanaf de openbare weg. Onderafdeling 4. - Steun voor stedelijke integratie Art. 12.De Regering kan steun verlenen aan ondernemingen voor investeringen die als doel hebben om de onderneming harmonisch te integreren in een stedelijke omgeving. HOOFDSTUK IV. - Steun voor externe ondersteuning Afdeling 1. - Steun voor consultancy Art. 13.De Regering kan steun verlenen aan micro-, kleine en middelgrote ondernemingen voor externe consultancyopdrachten die betrekking hebben op de oprichting, de groei, productieproceswijzigingen van producten of diensten, het lanceren van nieuwe producten of diensten, het betreden van nieuwe markten, het personeelsbeheerbeleid, het participerend bestuur, de heropleving, de overname, de digitalisering en de informaticabeveiliging, alsook de overgang van de onderneming naar de circulaire economie. De Regering stelt de externe consultancyopdrachten vast die in aanmerking komen voor de steun. Afdeling 2. - Steun voor e-commerce Art. 14.De Regering kan steun verlenen aan micro- en kleine ondernemingen voor externe consultancyopdrachten met betrekking tot de ontwikkeling van een website of een e-commerceplatform. De Regering stelt de externe consultancyopdrachten vast die in aanmerking komen voor de steun. Afdeling 3. - Steun voor opleidingen Art. 15.De Regering kan steun verlenen aan micro-, kleine en middelgrote ondernemingen voor de opleiding, door een externe deskundige, van het personeel van de onderneming. De Regering stelt de opleidingen vast die in aanmerking komen voor de steun. Afdeling 4. - Steun voor coworking Art. 16.De Regering kan steun verlenen aan micro-ondernemingen die sinds minder dan twee jaar zijn ingeschreven in de Kruispuntbank van Ondernemingen en aan natuurlijke personen die een project dragen om een onderneming op te richten of over te nemen voor het abonnement op een door de Regering erkende coworkingruimte. De Regering bepaalt de criteria en de procedure voor de erkenning van de coworkingruimtes. Afdeling 5. - Steun voor kinderopvang Art. 17.De Regering kan steun verlenen aan micro-, kleine en middelgrote ondernemingen voor de bezetting, overeenkomstig de regels van de Gemeenschappen, van plaatsen in de kinderopvang ten gunste van de kinderen van hun personeelsleden die maximaal drie jaar oud zijn. HOOFDSTUK V. - Steun voor aanwerving en interne opleidingsinspanningen Afdeling 1. - Steun voor aanwerving voor projecten van economische groei en circulaire economie Art. 18.De Regering kan steun verlenen aan micro- en kleine ondernemingen voor de aanwerving van een nieuwe voltijdse werknemer in het kader van de verwezenlijking van een project van economische groei. De Regering bepaalt wat wordt verstaan onder project van economische groei. Art. 19.De Regering kan steun verlenen aan micro-, kleine en middelgrote ondernemingen voor de aanwerving van een nieuwe voltijdse werknemer in het kader van de verwezenlijking van een project van circulaire economie. De Regering bepaalt wat wordt verstaan onder project van circulaire economie. Art. 20.De begunstigde van de in deze afdeling bedoelde steun schaft, vanaf zes maanden voorafgaand aan de steunaanvraag tot zes maanden na de aanwerving van de werknemer, geen betrekking af die vergelijkbaar is met de functie die de aangeworven werknemer uitoefent. Afdeling 2. - Steun voor industriële omschakeling Art. 21.De Regering kan steun verlenen aan industriële onder- nemingen voor de opleiding van hun werknemers in het kader van een omschakelingsproject, en voor de investering- en verbonden aan die opleiding. De Regering bepaalt wat wordt verstaan onder omschakelingsproject, industriële onderneming en investering verbonden aan een opleiding. Afdeling 3. - Steun voor de erkenning van competenties Art. 22.De Regering kan steun verlenen aan ondernemingen erkend op grond van het samenwerkingsakkoord van 24 juli 2003 betreffende de bekrachtiging van de bevoegdheden op het gebied van de voortgezette beroepsopleiding, gesloten tussen de Franse Gemeenschap, het Waals Gewest en de Franse Gemeenschapscommissie of op grond van het Vlaams decreet van 30 april 2004 betreffende het verwerven van een titel van beroepsbekwaamheid, voor de validering of de erkenning van competenties van personen. De Regering kan het aantal, het profiel en het statuut bepalen van de personen die hun competenties laten valideren of erkennen en die het recht op steun openen. HOOFDSTUK VI. - Steun in zones van economische uitbouw in de stad Afdeling 1. - Afbakening van de zones van economische uitbouw in de stad Art. 23.De Regering bakent één of meerdere zones van economische uitbouw in de stad af. De afbakening van de zones van economische uitbouw in de stad gebeurt op grond van de volgende criteria : het werkloosheidscijfer in verhouding tot het gewestgemiddelde, het aandeel werklozen met een profiel van arbeider in verhouding tot het gemiddelde van het Gewest en het gemiddeld inkomen per belastingaangifte in verhouding tot het gemiddelde van het Gewest. Afdeling 2. - Verhoging van de steun voor algemene investeringen in de zones van economische uitbouw in de stad Art. 24.De Regering kan de maximaal toegelaten steunintensiteit toekennen aan micro-, kleine en middelgrote ondernemingen die een algemene investering bedoeld in artikel 5 verwezenlijken in een zone van economische uitbouw in de stad, voor zover die zich in de ontwikkelingszone bedoeld in artikel 6, eerste lid, bevinden. Minstens 30 % van het personeel, met uitzondering van de uitzendkrachten, van de vestigingseenheden van de begunstigde gelegen in een zone van economische uitbouw in de stad is gedurende de zes maanden die de steunaanvraag voorafgaan gedomicilieerd in een dergelijke zone en beschikt over een arbeidsovereenkomst van onbepaalde duur of een arbeidsovereenkomst van bepaalde duur van minstens drie jaar. Afdeling 3. - Steun voor aanwerving in de zones van economische uitbouw in de stad Art. 25.De Regering kan steun verlenen aan ondernemingen met een vestigingseenheid in een zone van economische uitbouw in de stad, voor de aanwerving van een nieuwe werknemer die sinds minstens zes maanden voor de aanwerving in een zone van economische uitbouw in de stad is gedomicilieerd. Artikel 20 is van toepassing op de steun bedoeld in dit artikel. Afdeling 4. - Steun voor vestiging in de zones van economische uitbouw in de stad Art. 26.De Regering kan steun verlenen aan ondernemingen om de gemeentebelasting op de kantooroppervlakten van een vestigingseenheid in een zone van economische uitbouw in de stad te compenseren. Minstens 30 % van het personeel, met uitzondering van de uitzendkrachten, van de vestigingseenheden van de begunstigde gelegen in een zone van economische uitbouw in de stad is gedurende de zes maanden die de steunaanvraag voorafgaan gedomicilieerd in een dergelijke zone en beschikt over een arbeidsovereenkomst van onbepaalde duur of een arbeidsovereenkomst van bepaalde duur van minstens drie jaar. De begunstigde telt bovendien minstens drie voltijds equivalente werknemers. HOOFDSTUK VII. - Projectoproepen voor de overgang naar nieuwe economische modellen Art. 27.Onder de voorwaarden bepaald door de Regering, kunnen er projectoproepen worden georganiseerd voor ondernemingen en natuurlijke personen die een project dragen om een onderneming op te richten of over te nemen in het Gewest voor de volgende thema's : 1° de digitalisering van de economie ;2° de overgang naar circulaire economie en innoverende projecten houdende de omvorming van energiesystemen ;3° de ontwikkeling van het sociaal ondernemerschap ;4° de opening van duurzame, innoverende en kwaliteitsvolle handelszaken. De Regering kan de lijst van thema's aanvullen binnen de perken van de omschreven doelstelling, met name de aanmoediging van de overgang van de economie van het Gewest naar een koolstofarme economie en de nieuwe economische modellen die ermee verbonden zijn. De concrete prioriteiten en de toegewezen middelen van de projectoproepen worden jaarlijks bepaald. De ingediende projecten worden gerangschikt en geselecteerd op basis van ontvankelijkheidsvoorwaarden en toekenningscriteria door een jury benoemd onder de voorwaarden bepaald door de Regering. HOOFDSTUK VIII. - Steun aan ondernemingen getroffen door een natuurramp of een buitengewone gebeurtenis Art. 28.De Regering kan steun verlenen aan ondernemingen waarvan de economische activiteit is getroffen door een natuurramp of een buitengewone gebeurtenis, voor het herstel van de materiële schade, het inkomensverlies en de vaste uitbatingskosten. De Regering bepaalt wat wordt verstaan onder natuurramp en buitengewone gebeurtenis. De artikelen 37 en 39 zijn niet van toepassing op deze steun. HOOFDSTUK IX. - Gemeenschappelijke steunbepalingen Afdeling 1. - Algemene machtigingen aan de Regering Art. 29.Binnen de beschikbare begrotingskredieten kan de Regering, overeenkomstig deze ordonnantie, steun verlenen. Art. 30.§ 1. De Regering bepaalt voor elk van de steunmaatregelen van deze ordonnantie de vorm, de intensiteit en de duur van de steun en de uitgaven en investeringen die in aanmerking komen voor steun. De steun neemt de vorm aan van een premie, een terugvorderbaar voorschot, een vrijstelling van de onroerende voorheffing of een versnelde afschrijving. De intensiteit van de steun kan schommelen afhankelijk van de grootte van de onderneming. De Regering bepaalt de uitgesloten sectoren rekening houdend met de Europese regelgeving, de bevoegdheidsverdelende regels en haar economisch beleid. § 2. De Regering kan steunverhogingen toekennen indien de begunstigde voldoet aan de volgende doelstellingen : 1° inzake tewerkstelling :
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.