← België

Koninklijk besluit houdende bezoldigingsregeling van het operationeel personeel van de Civiele Bescherming

29 JUNI

  1. - Koninklijk besluit houdende bezoldigingsregeling van het operationeel personeel van de Civiele Bescherming VERSLAG AAN DE KONING Sire, Het ontwerp van koninklijk besluit waarvan ik de eer heb het ter ondertekening van Uwe Majesteit voor te leggen, strekt ertoe artikel 156 van de wet van 15 mei 2007Relevante gevonden documenten type wet prom. 15/05/2007 pub. 31/07/2007 numac 2007000663 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de civiele veiligheid type wet prom. 15/05/2007 pub. 15/06/2007 numac 2007000560 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet op de Algemene Inspectie en houdende diverse bepalingen betreffende de rechtspositie van sommige leden van de politiediensten sluiten uit te voeren. Dit artikel bepaalt het volgende: "De Koning legt, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, het administratief en geldelijk statuut van de beroeps- en vrijwillige leden van de Civiele Bescherming vast". Er werd beslist om een statuut te creëren dat zo dicht mogelijk aanleunt bij dat van de operationele leden van de hulpverleningszones, rekening houdend, enerzijds, met de aard van de functies die uitgeoefend worden en, anderzijds, om de mobiliteit tussen beide diensten mogelijk te maken. Wat dit ontwerp betreft, bestaat het principe erin dat enkel de bepalingen van dit statuut van toepassing zijn op het operationeel personeel van de Civiele Bescherming. Dit personeel is uitgesloten van het toepassingsgebied van alle geldelijke reglementeringen die van toepassing zijn op de Rijksambtenaren. Het ontwerp van geldelijk statuut is praktisch een kopie van het geldelijk statuut van de brandweer, zoals bepaald in het koninklijk besluit van 19 april 2014 houdende bezoldigingsregeling van het operationeel personeel van de hulpverleningszones. Enerzijds zijn de bepalingen die verschillen van het statuut van de brandweer, de volgende: o Art. 5, 4° : toekenning van een taaltoelage volgens dezelfde voorwaarden als het personeel van de federale overheidsdiensten (momenteel het koninklijk besluit van 13 juli 2017Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 13/07/2017 pub. 19/07/2017 numac 2017040352 bron federale overheidsdienst beleid en ondersteuning Koninklijk besluit tot vaststelling van de toelagen en vergoedingen van de personeelsleden van het federaal openbaar ambt sluiten). De taaltoelage bestaat niet in het statuut van de brandweer; o Art. 5, 5° : toekenning van een toelage voor bijkomende prestaties volgens dezelfde voorwaarden als het personeel van de federale overheidsdiensten (momenteel het koninklijk besluit van 13 juli 2017Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 13/07/2017 pub. 19/07/2017 numac 2017040352 bron federale overheidsdienst beleid en ondersteuning Koninklijk besluit tot vaststelling van de toelagen en vergoedingen van de personeelsleden van het federaal openbaar ambt sluiten), behalve voor de buitenlandse opdrachten. Voor de brandweer wordt de problematiek van de uitbetaling van de overuren geregeld door de bepalingen betreffende de extra uren (gewoonlijk "opt-out" genoemd), voorzien door de wet van 19 april 2014Relevante gevonden documenten type wet prom. 19/04/2014 pub. 23/07/2014 numac 2014000570 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot vaststelling van bepaalde aspecten van de arbeidstijd van de operationele beroepsleden van de hulpverleningszones en van de Brusselse Hoofdstedelijke Dienst voor Brandweer en Dringende Medische Hulp en tot wijziging van de wet van 15 mei 2007 betreffende de civiele veiligheid sluiten betreffende de arbeidstijd van de operationele beroepsleden van de hulpverleningszones (1/1850ste per opt-out-uur); o Art. 31 tot 35 (art. 48 tot 51 voor het vrijwillig personeel): toekenning van een toelage voor buitenlandse operationele opdracht. Deze bepaling vervangt die van het koninklijk besluit van 28 september 2008Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 28/09/2008 pub. 03/10/2008 numac 2008000747 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot regeling van de toekenning van een forfaitaire toelage aan de personeelsleden van de Algemene Directie van de Civiele Veiligheid tijdens operationele opdrachten in het buitenland type koninklijk besluit prom. 28/09/2008 pub. 21/11/2008 numac 2008013356 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 4 oktober 2007, gesloten in het Paritair Comité voor het verzekeringswezen, betreffende het sectorakkoord 2007-2008 type koninklijk besluit prom. 28/09/2008 pub. 21/11/2008 numac 2008024473 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Koninklijk besluit houdende toekenning van een bijkomende facultatieve toelage van 7.500 euro aan de VZW Brusselse Raad voor het Leefmilieu sluiten, die een niet-geïndexeerd forfait van 75 euro voorzag. Het ontwerp voorziet een geïndexeerd bedrag van 44,82 euro (75 euro aan de huidige index). Tijdens een buitenlandse opdracht wordt het personeelslid geacht 12 uur per dag te presteren; o De uitdovende schalen van luitenant en commandant zijn specifiek voor dit ontwerp. De uitdovende schalen van luitenant zijn gebaseerd op de schalen van adjudant, vermeerderd met 500 euro en vermenigvuldigd met een factor 1,07 ter compensatie van het percentageverschil van de operationaliteitspremie (28 % vs 38 %). De uitdovende schalen van commandant zijn gebaseerd op de schalen van luitenant, vermeerderd met 1000 euro. Anderzijds legt het statuut van de brandweer, voor de bepalingen die volgen, enkel een kader vast. Voor de brandweer zijn het de hulpverleningszones die beslissen. Voor de personeelsleden van de Civiele Bescherming wordt de beslissing genomen in dit ontwerp van koninklijk besluit: o Art. 3, § 2: tenlasteneming van de kosten voor het woon-werkverkeer volgens dezelfde voorwaarden als het personeel van de federale overheidsdiensten (momenteel het koninklijk besluit van 13 juli 2017Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 13/07/2017 pub. 19/07/2017 numac 2017040352 bron federale overheidsdienst beleid en ondersteuning Koninklijk besluit tot vaststelling van de toelagen en vergoedingen van de personeelsleden van het federaal openbaar ambt sluiten). Het statuut van de brandweer maakt deze tenlasteneming door de hulpverleningszone mogelijk, maar voorziet geen enkele verplichting hieromtrent; o Art. 3, § 3: toekenning van dezelfde sociale voordelen als het personeel van de FOD Binnenlandse Zaken (bijvoorbeeld hospitalisatieverzekering, voordelig gsm-tarief, ...). Het statuut van de brandweer maakt deze tenlasteneming door de hulpverleningszone mogelijk, maar voorziet geen enkele verplichting hieromtrent; o Art. 30: toekenning, aan het beroepslid, van een specialisatietoelage waarvan het jaarlijks bedrag 250 of 500 euro bedraagt, naargelang de specialisatie vermeld wordt op de door de minister te bepalen lijst A of lijst B. Voor de brandweer dient het bedrag bepaald te worden door de hulpverleningszone, met een maximum van 500 of 1000 euro, naargelang de specialisatie vermeld wordt op de door de minister te bepalen lijst A of lijst B; o Art. 42 tot 44: toekenning, aan het vrijwillig lid, van een toelage voor onregelmatige prestaties, gelijk aan 25 % van het bedrag per uur voor de interventies uitgevoerd tussen 22 uur en 6 uur, of op zondag of op een feestdag. Voor de brandweer bepaalt de hulpverleningszone het toelagepercentage, dat niet meer kan bedragen dan 25 % voor de nachtprestaties en 100 % voor de prestaties op zaterdag, zon- of feestdagen. Ik heb de eer te zijn, Sire, Van Uwe Majesteit, de zeer eerbiedige en zeer getrouwe dienaar, De Minister van Binnenlandse Zaken, J. JAMBON RAAD VAN STATE afdeling Wetgeving Advies 63.327/2 van 28 mei 2018 over een ontwerp van koninklijk besluit `houdende bezoldigingsregeling van het operationeel personeel van de Civiele Bescherming' Op 12 april 2018 is de Raad van State, afdeling Wetgeving, door de Vice-Eersteminister en Minister van Veiligheid en Binnenlandse Zaken, belast met de Regie der gebouwen verzocht binnen een termijn van dertig dagen verlengd tot 15 juni 2018 (*) een advies te verstrekken over een ontwerp van koninklijk besluit `houdende bezoldigingsregeling van het operationeel personeel van de Civiele Bescherming'. Het ontwerp is door de tweede kamer onderzocht op 28 mei
  2. De kamer was samengesteld uit Jacques JAUMOTTE, voorzitter van de Raad van State, Pierre VANDERNOOT, kamervoorzitter, Luc DETROUX, staatsraad, Christian BEHRENDT en Jacques ENGLEBERT, assessoren, en Béatrice DRAPIER, griffier. Het verslag is uitgebracht door Roger WIMMER, eerste auditeur. De overeenstemming tussen de Franse en de Nederlandse tekst van het advies is nagezien onder toezicht van Pierre VANDERNOOT. Het advies, waarvan de tekst hierna volgt, is gegeven op 28 mei
  3. Aangezien de adviesaanvraag ingediend is op basis van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de wetten `op de Raad van State', gecoördineerd op 12 januari 1973, beperkt de afdeling Wetgeving overeenkomstig artikel 84, § 3, van de voornoemde gecoördineerde wetten haar onderzoek tot de rechtsgrond van het ontwerp, de bevoegdheid van de steller van de handeling en de te vervullen voorafgaande vormvereisten. Wat die drie punten betreft, geeft het ontwerp aanleiding tot de volgende opmerkingen. BIJZONDERE OPMERKINGEN AANHEF
  4. In de aanhef moet een verwijzing worden toegevoegd naar de besluiten die opgeheven worden bij artikel 52 van het ontwerp.
  5. Volgens de documenten die bij de adviesaanvraag gevoegd zijn, heeft de inspecteur van Financiën op 20 en 27 oktober 2017 en op 9 en 23 januari 2018 een ongunstig advies uitgebracht over het ontwerp en heeft de minister van Begroting zich per brief d.d. 5 februari 2018 niet akkoord verklaard met het ontwerp. Uit het dossier dat aan de afdeling Wetgeving overgezonden is, blijkt evenwel dat de Ministerraad zich tijdens zijn beraadslaging van 4 april 2018 gunstig uitgesproken heeft over het ontwerp. Bijgevolg moet, overeenkomstig artikel 8 van het koninklijk besluit van 16 november 1994 `betreffende de administratieve en begrotingscontrole', het vierde lid van de aanhef vervangen worden door het volgende lid: "Gelet op het besluit van de Ministerraad van 4 april 2018 waarbij wordt voorbijgegaan aan de niet-akkoordbevinding van de Minister van Begroting". DISPOSITIEF Artikel 9 De vraag rijst of niet ook dient te worden verwezen naar artikel 11 van het ontwerp. De griffier, Béatrice Drapier De voorzitter van de Raad van State, Jacques Jaumotte _______ Nota (*) Bij e mail van 16 april
  6. 29 JUNI
  7. - Koninklijk besluit houdende bezoldigingsregeling van het operationeel personeel van de Civiele Bescherming FILIP, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. Gelet op de wet van 15 mei 2007Relevante gevonden documenten type wet prom. 15/05/2007 pub. 31/07/2007 numac 2007000663 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de civiele veiligheid type wet prom. 15/05/2007 pub. 15/06/2007 numac 2007000560 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet op de Algemene Inspectie en houdende diverse bepalingen betreffende de rechtspositie van sommige leden van de politiediensten sluiten betreffende de civiele veiligheid, artikel 156; Gelet op het koninklijk besluit van 25 mei 1966 houdende bijzondere regelen inzake reiskosten voor de instructeurs van de civiele bescherming; Gelet op het koninklijk besluit van 22 maart 1999Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 22/03/1999 pub. 26/03/1999 numac 1999000176 bron ministerie van binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot regeling van de toekenning van een toelage voor bijkomende prestaties aan het personeel van de Civiele Bescherming dat tewerkgesteld is in continudienst sluiten tot regeling van de toekenning van een toelage voor bijkomende prestaties aan het personeel van de Civiele Bescherming dat tewerkgesteld is in continudienst; Gelet op het koninklijk besluit van 28 september 2008Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 28/09/2008 pub. 03/10/2008 numac 2008000747 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot regeling van de toekenning van een forfaitaire toelage aan de personeelsleden van de Algemene Directie van de Civiele Veiligheid tijdens operationele opdrachten in het buitenland type koninklijk besluit prom. 28/09/2008 pub. 21/11/2008 numac 2008013356 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 4 oktober 2007, gesloten in het Paritair Comité voor het verzekeringswezen, betreffende het sectorakkoord 2007-2008 type koninklijk besluit prom. 28/09/2008 pub. 21/11/2008 numac 2008024473 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Koninklijk besluit houdende toekenning van een bijkomende facultatieve toelage van 7.500 euro aan de VZW Brusselse Raad voor het Leefmilieu sluiten tot regeling van de toekenning van een forfaitaire toelage aan de personeelsleden van de Algemene Directie van de Civiele Veiligheid tijdens operationele opdrachten in het buitenland. Gelet op het ministerieel besluit van 15 februari 1961 betreffende de prestaties uitgevoerd door de niet-voltijds tewerkgestelde agenten die als vrijwillige bijkomende prestaties beschouwd worden; Gelet op het ministerieel besluit van 31 juli 1969 houdende toekenning van een toelage voor onregelmatige prestaties aan het personeel van de permanente eenheden van de Civiele Bescherming die tot vierentwintig-urendienst gehouden zijn; Gelet op het ministerieel besluit van 4 mei 1999Relevante gevonden documenten type ministerieel besluit prom. 04/05/1999 pub. 01/06/1999 numac 1999000394 bron ministerie van binnenlandse zaken Ministerieel besluit tot toekenning van bepaalde toelagen aan het personeel dat titularis is van operationele graden bij de Civiele Bescherming sluiten tot toekenning van bepaalde toelagen aan het personeel dat titularis is van operationele graden bij de Civiele Bescherming; Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 20 en 27 oktober 2017 en 9 en 23 januari 2018; Gelet op de akkoordbevinding van de Minister van Ambtenarenzaken van 22 november 2017; Gelet op het besluit van de Ministerraad van 4 april 2018 waarbij wordt voorbijgegaan aan de niet-akkoordbevinding van de Minister van Begroting; Gelet op de protocollen nr. 2017/04 van 26 januari 2018 en nr 2018/02 van 18 mei 2018 van het sectorcomité V - Binnenlandse Zaken; Gelet op de vrijstelling van een impactanalyse op basis van artikel 8, § 1, 4°, van de wet van 15 december 2013Relevante gevonden documenten type wet prom. 15/12/2013 pub. 31/12/2013 numac 2013021138 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen inzake administratieve vereenvoudiging sluiten houdende diverse bepalingen inzake administratieve vereenvoudiging; Gelet op advies 63.327/2 van de Raad van State, gegeven op 28 mei 2018, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Op de voordracht van de Minister van Binnenlandse Zaken en op het advies van de in Raad vergaderde Ministers, Hebben Wij besloten en besluiten Wij : BOEK
  8. - ALGEMENE BEPALINGEN Artikel 1.Voor de toepassing van dit besluit verstaat men onder: 1° de minister: de minister bevoegd voor Binnenlandse Zaken;2° de wet van 15 mei 2007Relevante gevonden documenten type wet prom. 15/05/2007 pub. 31/07/2007 numac 2007000663 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de civiele veiligheid type wet prom. 15/05/2007 pub. 15/06/2007 numac 2007000560 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet op de Algemene Inspectie en houdende diverse bepalingen betreffende de rechtspositie van sommige leden van de politiediensten sluiten: de wet van 15 mei 2007Relevante gevonden documenten type wet prom. 15/05/2007 pub. 31/07/2007 numac 2007000663 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de civiele veiligheid type wet prom. 15/05/2007 pub. 15/06/2007 numac 2007000560 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet op de Algemene Inspectie en houdende diverse bepalingen betreffende de rechtspositie van sommige leden van de politiediensten sluiten betreffende de civiele veiligheid;3° de operationele eenheid: de operationele eenheid van de Civiele Bescherming, vermeld in artikel 153 van de wet van 15 mei 2007Relevante gevonden documenten type wet prom. 15/05/2007 pub. 31/07/2007 numac 2007000663 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de civiele veiligheid type wet prom. 15/05/2007 pub. 15/06/2007 numac 2007000560 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet op de Algemene Inspectie en houdende diverse bepalingen betreffende de rechtspositie van sommige leden van de politiediensten sluiten;4° de Voorzitter: de Voorzitter van het Directiecomité van de FOD Binnenlandse Zaken;5° de Directeur-generaal: de directeur-generaal van de Algemene Directie Civiele Veiligheid van de FOD Binnenlandse Zaken;6° het operationeel personeel: het personeel van de Civiele Bescherming dat belast is met operationele taken als beroepspersoneelslid of als vrijwillig personeelslid;7° het beroepspersoneelslid: het beroepslid van de Civiele Bescherming als vermeld in artikel 155, tweede lid, van de wet van 15 mei 2007Relevante gevonden documenten type wet prom. 15/05/2007 pub. 31/07/2007 numac 2007000663 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de civiele veiligheid type wet prom. 15/05/2007 pub. 15/06/2007 numac 2007000560 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet op de Algemene Inspectie en houdende diverse bepalingen betreffende de rechtspositie van sommige leden van de politiediensten sluiten;8° het vrijwillig personeelslid: het vrijwillig lid van de Civiele Bescherming als vermeld in artikel 155, derde lid, van de wet van 15 mei 2007Relevante gevonden documenten type wet prom. 15/05/2007 pub. 31/07/2007 numac 2007000663 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de civiele veiligheid type wet prom. 15/05/2007 pub. 15/06/2007 numac 2007000560 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet op de Algemene Inspectie en houdende diverse bepalingen betreffende de rechtspositie van sommige leden van de politiediensten sluiten;9° het personeelslid: de persoon die deel uitmaakt van het operationeel personeel van de Civiele Bescherming, ongeacht of hij/zij beroepspersoneelslid of vrijwillig personeelslid is;10° de buitenlandse operationele opdrachten: de operationele opdrachten die het personeelslid uitvoert buiten het Belgische grondgebied en die als dusdanig erkend zijn, ofwel door de voorzitter van de Coördinatieraad van de Belgian First Aid and Support Team, ofwel door de Directeur-generaal;11° de bevordering in weddeschaal: de overgang, binnen éénzelfde graad, naar de weddeschaal van de onmiddellijk hogerliggende rang;12° de voortgezette opleiding : de voorgezette opleiding, vermeld in artikel 70 van het koninklijk besluit van 29 juni 2018 tot bepaling van het administratief statuut van het operationeel personeel van de Civiele Bescherming. Art. 2.Het personeelslid is, voor wat geldelijk statuut betreft, enkel onderworpen aan dit besluit met uitsluiting van elke andere regelgevende bepaling die van toepassing is op het personeel van de federale overheidsdiensten. Art. 3.§
  9. Het personeelslid geniet de terugbetaling van de gemaakte reis- en verblijfskosten in het kader van een behoorlijk toegestane opdracht volgens dezelfde voorwaarden als het personeel van de federale overheidsdiensten. §
  10. Het personeelslid geniet de ten laste neming van zijn kosten voor zijn woon-werkverkeer volgens dezelfde voorwaarden als het personeel van de federale overheidsdiensten. Het personeel dat werkt in continudienst wordt verondersteld te voldoen aan de voorwaarden bedoeld in artikel 64, eerste lid, 3°, van het koninklijk besluit van 13 juli 2017Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 13/07/2017 pub. 19/07/2017 numac 2017040352 bron federale overheidsdienst beleid en ondersteuning Koninklijk besluit tot vaststelling van de toelagen en vergoedingen van de personeelsleden van het federaal openbaar ambt sluiten tot vaststelling van de toelagen en vergoedingen van de personeelsleden van het federaal openbaar ambt. §
  11. Het beroepspersoneelslid geniet dezelfde sociale voordelen als de andere personeelsleden van de FOD Binnenlandse Zaken. Art. 4.De door dit besluit vastgelegde bedragen zijn verbonden aan de schommelingen van de index van de consumptieprijzen overeenkomstig de regels voorgeschreven door de wet van 1 maart 1977Relevante gevonden documenten type wet prom. 01/03/1977 pub. 05/03/2009 numac 2009000107 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet houdende inrichting van een stelsel waarbij sommige uitgaven in de overheidssector aan het indexcijfer van de consumptieprijzen van het Rijk worden gekoppeld. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten houdende inrichting van een stelsel waarbij sommige uitgaven in de overheidssector aan het indexcijfer van de consumptieprijzen van het Rijk worden gekoppeld, gewijzigd door het koninklijk besluit nr. 178 van 30 december
  12. Deze bedragen zijn gekoppeld aan de spilindex 138,
  13. BOEK
  14. - BEPALINGEN VOOR HET BEROEPSPERSONEELSLID TITEL
  15. - Algemene bepalingen Art. 5.Het beroepspersoneelslid geniet de volgende toelagen volgens dezelfde voorwaarden als het personeel van de federale overheidsdiensten : 1° een haard- en standplaatstoelage;2° een eindejaarstoelage;3° een vakantiegeld;4° een taaltoelage;5° een toelage voor bijkomende prestaties, onder voorbehoud van artikel
  16. TITEL
  17. - Wedde Art. 6.De jaarwedde van het beroepspersoneelslid wordt vastgelegd door weddeschalen verbonden aan de verschillende graden; elke weddeschaal bevat verschillende weddetrappen die overeenstemmen met het aantal jaren geldelijke anciënniteit. Elke schaal behoort tot één van de drie kaders die aangewezen worden met de letters B, M en O. De letter van de schaal geeft het kader weer, het eerste cijfer de graad en het tweede cijfer de rang van de weddeschaal ten opzichte van de andere weddeschalen van deze graad. De verschillende weddeschalen zijn opgenomen in bijlage
  18. De weddeschalen B0-0 van stagiair-sappeur door aanwerving, M0-0 van stagiair-sergeant door aanwerving en O2-0 van stagiair-kapitein door aanwerving zijn van toepassing tot de datum waarop de vaste benoeming daadwerkelijk ingaat. Wanneer de vaste benoeming ingaat op een andere datum dan de eerste dag van de maand, zal dewedde van de lopende maand niet gewijzigd worden. Art. 7.De wedde wordt maandelijks betaald na vervallen termijn op de voorlaatste werkdag van demaand. De voltijdse maandwedde is gelijk aan één twaalfde van de jaarwedde. Het personeelslid dat deeltijds presteert wordt pro rata betaald. Het voltijds of deeltijds presterende personeelslid dat slechts tijdens een gedeelte van de maand diensten heeft geleverd, wordt op evenredige wijze bezoldigd.Dit deel wordt uitgedrukt in een breuk waarvan de teller het aantal reëel gepresteerde dagen is en de noemer het aantal arbeidsdagen. Indien het aantal uren varieert naargelang van de dagen, zijn de teller en de noemer de overeenstemmende uuraantallen. Het basisuurloon stemt overeen met 1/1850ste van de jaarwedde. TITEL
  19. - Toekenning van de weddeschaal ingeval van hiërarchische bevordering Art. 8.Bij een hiërarchische bevordering naar de graad van korporaal en kapitein, geniet het beroepspersoneelslid de weddeschaal van dezelfde rang als de weddeschaal die hij genoot in zijn vroegere graad. Bij een hiërarchische bevordering naar de graad van sergeant, adjudant, luitenant, majoor of kolonel, vanuit de onmiddellijk lagere graad, geniet het beroepspersoneelslid de weddeschaal van de eerste rang als hij in zijn vroegere graad een weddeschaal van de eerste twee rangen genoot; hij geniet respectievelijk de weddeschaal van de tweede of derde rang als hij in zijn vroegere graad een weddeschaal van de derde of de vierde rang genoot. Bij een hiërarchische bevordering naar een graad die niet de onmiddellijk hogere graad is, geniet het personeelslid de weddeschaal die hij genoten zou hebben overeenkomstig de vorige leden in geval van opeenvolgende hiërarchische bevorderingen. Bij een hiërarchische bevordering zal het beroepspersoneelslid in zijn nieuwe graad nooit een wedde krijgen die lager ligt dan de wedde die hij in zijn vroegere graad gekregen zou hebben. Wanneer de hiërarchische bevordering ingaat op een andere datum dan de eerste dag van de maand, zal de wedde van de lopende maand niet gewijzigd worden. TITEL
  20. - Bevordering in weddeschaal Art. 9.In afwijking van de bepalingen van deze titel, blijven, bij een hiërarchische bevordering, de opleidingsuren bedoeld in 3° van de artikelen 11 tot en met 19, die aanneembaar waren in de laatste weddeschaal van het beroepspersoneelslid in zijn oude graad aanneembaar voor een bevordering in weddeschaal in zijn nieuwe graad, indien deze opleidingen geen voorwaarde vormden voor de hiërarchische bevordering in deze nieuwe graad. Art. 10.Bij een bevordering in weddeschaal krijgt het beroepspersoneelslid in zijn nieuwe weddeschaal nooit een wedde die lager ligt dan de wedde die hij in zijn oude weddeschaal gekregen zou hebben. Art. 11.Binnen de graad van sappeur wordt een bevordering in weddeschaal toegekend op de eerste dag van de maand die volgt op de maand waarin aan de volgende voorwaarden voldaan is: 1° Vijf jaar in aanmerking komende diensten in zijn weddeschaal hebben;2° Minstens de vermelding « voldoet aan de verwachtingen » gekregen hebben bij de laatste evaluatie;3° In zijn weddeschaal, minstens 120 uur voortgezette opleiding gevolgd hebben. Art. 12.Binnen de graad van korporaal wordt een bevordering in weddeschaal toegekend op de eerste dag van de maand die volgt op de maand waarin aan de volgende voorwaarden voldaan is: 1° Vijf jaar in aanmerking komende diensten in zijn weddeschaal hebben.Voor de berekening van de anciënniteit in de eerste weddeschaal toegekend na een bevordering in de graad van korporaal, wordt ook rekening gehouden met de anciënniteit die werd verworven in de laatste weddeschaal waarvan het personeelslid genoot in de graad van sappeur; 2° Minstens, de vermelding `voldoet aan de verwachtingen' gekregen hebben bij de laatste evaluatie;3° In zijn weddeschaal, minstens 120 uur voortgezette opleiding gevolgd hebben. Art. 13.Binnen de graad van sergeant wordt een bevordering in weddeschaal toegekend op de eerste dag van de maand die volgt op de maand waarin aan de volgende voorwaarden voldaan is : 1° Vier jaar in aanmerking komende diensten in zijn weddeschaal hebben;2° Minstens de vermelding `voldoet aan de verwachtingen' gekregen hebben bij de laatste evaluatie;3° In zijn weddeschaal, minstens 96 uur voortgezette opleiding gevolgd hebben. Art. 14.Binnen de graad van adjudant wordt een bevordering in weddeschaal toegekend op de eerste dag van de maand die volgt op de maand waarin aan de volgende voorwaarden voldaan is : 1° Vier jaar in aanmerking komende diensten in zijn weddeschaal hebben;2° Minstens de vermelding `voldoet aan de verwachtingen' gekregen hebben bij de laatste evaluatie;3° In zijn weddeschaal, minstens 96 uur voortgezette opleiding gevolgd hebben. Art. 15.Binnen de graad van luitenant wordt een bevordering in weddeschaal toegekend op de eerste dag van de maand die volgt op de maand waarin aan de volgende voorwaarden voldaan is : 1° Vier jaar in aanmerking komende diensten in zijn weddeschaal hebben;2° Minstens de vermelding `voldoet aan de verwachtingen' gekregen hebben bij de laatste evaluatie;3° In zijn weddeschaal, minstens 96 uur voortgezette opleiding gevolgd hebben. Art. 16.Binnen de graad van commandant wordt een bevordering in weddeschaal toegekend op de eerste dag van de maand die volgt op de maand waarin aan de volgende voorwaarden voldaan is : 1° Vier jaar in aanmerking komende diensten in zijn weddeschaal hebben;2° Minstens de vermelding `voldoet aan de verwachtingen' gekregen hebben bij de laatste evaluatie;3° In zijn weddeschaal, minstens 96 uur voortgezette opleiding gevolgd hebben. Art. 17.Binnen de graad van kapitein wordt een bevordering in weddeschaal toegekend op de eerste dag van de maand die volgt op de maand waarin aan de volgende voorwaarden voldaan is : 1° Vijf jaar in aanmerking komende diensten in zijn weddeschaal hebben;2° Minstens de vermelding `voldoet aan de verwachtingen' gekregen hebben bij de laatste evaluatie;3° In zijn weddeschaal, minstens 120 uur voortgezette opleiding gevolgd hebben. Art. 18.Binnen de graad van majoor wordt een bevordering in weddeschaal toegekend op de eerste dag van de maand die volgt op de maand waarin aan de volgende voorwaarden voldaan is : 1° Vijf jaar in aanmerking komende diensten in zijn weddeschaal hebben;2° Minstens de vermelding `voldoet aan de verwachtingen' gekregen hebben bij de laatste;3° In zijn weddeschaal, minstens 120 uur voortgezette opleiding gevolgd hebben. Art. 19.Binnen de graad van kolonel wordt een bevordering in weddeschaal toegekend op de eerste dag van de maand die volgt op de maand waarin aan de volgende voorwaarden voldaan is : 1° Vier jaar in aanmerking komende diensten in zijn weddeschaal hebben;2° Minstens de vermelding `voldoet aan de verwachtingen' gekregen hebben bij de laatste evaluatie;3° In zijn weddeschaal, minstens 96 uur voortgezette opleiding gevolgd hebben TITEL 5.- Geldelijke anciënniteit Art. 20.De geldelijke anciënniteit van het beroepspersoneelslid wordt gevormd door twee delen : 1° deze die erkend wordt als verworven bij de indienstneming;2° deze die verworven is als personeeslid na de indienstneming. Het eerste deel wordt omschreven in de artikelen 21 tot 23 en het tweede deel wordt omschreven in artikel
  21. Art. 21.§
  22. Op het ogenblik van de indiensttreding stelt de Voorzitter of zijn afgevaardigde de van rechtswege verworven geldelijke anciënniteit vast, te weten de anciënniteit die resulteert uit de diensten die daadwerkelijk verricht werden in de openbare diensten van de Staten die deel uitmaken van de Europese Economische Ruimte of van de Zwitserse Bondsstaat. De personeelsleden aangeworven door privaatrechtelijke of publiekrechtelijke rechtspersonen die niet bedoeld zouden worden in het eerste lid, in een rechtspositie die eenzijdig bepaald is door de bevoegde overheid of krachtens een machtiging van de overheid, door hun bevoegde bestuursorgaan, worden beschouwd als behorend tot de openbare diensten. §
  23. De in aanmerking komende diensten worden berekend per kalendermaand; die welke geen volle maand bedragen, in voorkomend geval bij verschillende werkgevers, worden niet meegeteld. §
  24. De diensten zijn volledig wanneer zij voltijds gepresteerd worden. De onvolledige diensten worden naar rato aangenomen in verhouding tot de volledige diensten. Wanneer het personeelslid echter deeltijds gepresteerde diensten doet gelden en deze voltijds in aanmerking werden genomen voor de berekening van zijn geldelijke anciënniteit in de overheidsdienst waar ze gepresteerd werden, wordt de geldelijke anciënniteit erkend als voltijds verworven. Ook wanneer periodes waarin het personeelslid niet daadwerkelijk diensten heeft gepresteerd in aanmerking werden genomen voor de berekening van zijn geldelijke anciënniteit in de overheidsdienst waar ze gepresteerd werden, wordt de geldelijke anciënniteit als voltijds verworven erkend. §
  25. In afwijking van de bepalingen van de paragrafen 2 en 3 wordt de duur van de in aanmerking komende diensten die het personeelslid in het onderwijs ad interim of tijdelijk verricht heeft, vastgelegd door de Voorzitter op basis van het attest afgeleverd door de bevoegde overheden. De voltijds gepresteerde diensten in het onderwijs over perioden korter dan 12 opeenvolgende maanden worden in aanmerking genomen volgens de volgende formule: het aantal dagen van een periode van prestaties wordt vermenigvuldigd met 1,2 en de uitkomst wordt gedeeld door
  26. Het quotiënt bepaalt het aantal maanden; met de cijfers na de komma en de rest wordt geen rekening gehouden. De deeltijds gepresteerde diensten worden naar rato gevaloriseerd, volgens dezelfde berekening. §
  27. Behoudens materiële fout of bedrog is de bij de indiensttreding verworven geldelijke anciënniteit definitief verworven. Ze maakt niet het voorwerp uit van een nieuwe berekening wanneer de regels volgens welke ze werd berekend, worden gewijzigd. Art. 22.De diensten verricht in andere overheidsdiensten of in de privé-sector of als zelfstandige worden eveneens aangenomen wanneer ze worden erkend, door de Voorzitter en na advies van de Directeur-generaal, op het ogenblik van de aanwerving, als beroepservaring die bijzonder nuttig is voor de uitoefening van de functie. De beslissing van de Voorzitter wordt genomen binnen de drie maanden na het indienen van de erkenningsaanvraag. Bij gebrek aan beslissing binnen deze termijn wordt de aanvraag geacht niet ingewilligd te zijn. De beroepservaring die bijzonder nuttig is voor de functie is deze die aan de betrokkene een klaarblijkelijk voordeel verschaft wat betreft de competenties voor de uitoefening van de functie. Het personeelslid dat de erkenning vraagt van een beroepservaring die bijzonder nuttig is voor de functie, levert hiervan het bewijs. Hij dient de aanvraag, op straffe van nietigheid, in binnen de drie maanden na zijn indienstneming. Art. 23.Het resultaat van de berekening van de verworven geldelijke anciënniteit mag nooit tot gevolg hebben dat een hoger aantal maanden in aanmerking genomen wordt dan het aantal maanden waarin de diensten gepresteerd werden. Niettemin tellen de tien maanden van het schooljaar voor het onderwijs voor twaalf maanden. De duur van de in aanmerking komende diensten verricht in twee of meer functies tijdens éénzelfde periode, mag nooit de duur overschrijden van de diensten die verricht geweest zouden zijn tijdens dezelfde periode in één enkele functie met volledige werkprestaties. Art. 24.§
  28. Het beroepspersoneelslid wordt beschouwd aanneembare diensten te verrichten voor de berekening van de geldelijke anciënniteit wanneer hij in dienstactiviteit is en wanneer hij niet de vermelding « onvoldoende » of « te verbeteren » gekregen heeft bij de laatste evaluatie. §
  29. De in aanmerking komende diensten worden berekend per kalendermaand; die welke geen volle maand bedragen worden niet meegeteld. TITEL
  30. - Premie voor operationaliteit en onregelmatige prestaties Art. 25.Het beroepspersoneelslid geniet een premie voor elke daadwerkelijk gepresteerde periode. Wanneer een beroepspersoneelslid wedertewerkgesteld wordt in lichtere operationele taken als lid van het operationeel personeel, krachtens de bepalingen van titel 3 van boek 5 van het koninklijkbesluit van 29 juni 2018 tot bepaling van het administratief statuut van het operationeel personeel van de Civiele Bescherming, wordt het bedrag van de premie verminderd met vijfentwintig procent. Wanneer een beroepspersoneelslid wedertewerkgesteld wordt in administratieve, technische of logistieketaken als lid van het administratief personeel, krachtens de bepalingen van titel 3 van boek 5 van het koninklijk besluit van 29 juni 2018 tot bepaling van het administratief statuut van het operationeel personeel van de Civiele Bescherming, wordt het bedrag van de premie verminderd met vijfenzeventig procent. Wanneer een beroepspersoneelslid tewerkgesteld is in een lichtere, aangepaste betrekking, vermeld in titel 5 van boek 5 van het koninklijk besluit van 29 juni 2018 tot bepaling van het administratief statuut van het operationeel personeel van de Civiele Bescherming, wordt het bedrag van de premie verminderd met vijfentwintig procent. Indien het personeelslid voorafgaand aan deze tewerkstelling al definitief wedertewerkgesteld was in administratieve, technische of logistieke taken als lid van het administratief personeel, krachtens de bepalingen van titel 3 van boek 5 van het koninklijk besluit van 29 juni 2018 tot bepaling van het administratief statuut van het operationeel personeel van de Civiele Bescherming, wordt het bedrag van de premie verminderd met vijfenzeventig procent. Wanneer een beroepspersoneelslid tewerkgesteld is in functies van dispatcher, wordt het bedrag van de premie verminderd met vijfentwintig procent. Art. 26.§
  31. Het bedrag van de premie wordt berekend volgens de volgende formule: xBU. §
  32. De waarde B stemt overeen met het bedrag van het basisuurloon. §
  33. De waarde U stemt overeen met het aantal uren van de daadwerkelijk gepresteerde periode. §
  34. De waarde x stemt overeen met de weging van de premie die varieert naar gelang van de graad van het beroepspersoneelslid : - voor de graden van sappeur, korporaal, sergeant, adjudant, is x gelijk aan 0,38; - voor de graden van luitenant, commandant en kapitein, is x gelijk aan 0,28; - voor de graad van majoor, is x gelijk aan 0,22; - voor de graad van kolonel, is x gelijk aan 0,18 TITEL
  35. - Toelage voor de uitoefening van een hogere functie Art. 27.Een toelage wordt toegekend aan het beroepspersoneelslid dat een hoger ambt uitoefent, ongeacht of de betrekking die met dat ambt overeenstemt tijdelijk niet waargenomen wordt of vacant is. De toelage wordt aan het beroepspersoneelslid verleend voor zover hij het hoger ambt ononderbroken uitgeoefend heeft gedurende ten minste dertig dagen. Wanneer voldaan wordt aan de in het tweede lid vermelde voorwaarde, is de toelage verschuldigd vanaf de datum waarop de aanwijzing voor de uitoefening van een hogere functie daadwerkelijk uitwerking heeft. Indien het personeelslid wordt bevorderd tot de graad die overeenstemt met de betrekking welke hij zonder onderbreking heeft waargenomen en indien hij voor deze betrekking wordt aangewezen, neemt hij voor een bevordering in weddeschaal rang in op de datum vanaf welke hij die betrekking ononderbroken waarneemt. Deze datum mag niet teruggaan tot voor de datum waarop het personeelslid alle vereisten heeft vervuld welke het administratief statuut stelt om bevorderd te worden, noch tot voor de datum waarop die betrekking vacant is geworden. Art. 28.Het bedrag van de toelage voor de uitoefening van een hogere functie is gelijk aan het verschil tussen de bezoldiging die de betrokkene zou krijgen in de graad van de voorlopig waargenomen functie en de bezoldiging die hij in zijn effectieve graad krijgt. De in het eerste lid vermelde bezoldiging omvat de wedde, de premie voor operationaliteit en onreglematige prestaties en eventueel de haard- of standplaatstoelage. Art. 29.De toelage voor de uitoefening van een hogere functie wordt betaald volgens de modaliteiten die voor de wedden gelden. TITEL
  36. - Specialisatietoelage Art. 30.§
  37. Het beroepspersoneelslid ontvangt een specialisatietoelage onder de voorwaarden bepaald in paragraaf 2 tot
  38. §
  39. De toelage wordt toegekend voor de door de minister, na een risicoanalyse, erkende getuigschriften bedoeld in artikel 10, § 1, 2° van het koninklijk besluit van 18 november 2015Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 18/11/2015 pub. 07/12/2015 numac 2015000715 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit betreffende de opleiding van de leden van de openbare hulpdiensten en tot wijziging van diverse koninklijke besluiten sluiten betreffende de opleiding van de leden van de openbare hulpdiensten en tot wijziging van diverse koninklijk besluiten. §
  40. Het getuigschrift dat aanleiding geeft tot de toekenning van een toelage, moet onmiddellijk nuttig zijn voor de uitoefening van de functie. De toelage wordt maandelijks betaald na vervallen termijn, naar rato van de werkelijk gepresteerde periodes. §
  41. De minister bepaalt een lijst A en een lijst B waarin per graad de erkende getuigschriften opgenomen worden. De inschrijving op lijst A geeft aanleiding tot een jaarlijkse toelage van 250 euro. De inschrijving op lijst B geeft aanleiding tot een jaarlijkse toelage van 500 euro. Het totaalbedrag dat toegekend wordt, mag niet meer dan 1000 euro per kalenderjaar bedragen, ongeacht het aantal toegekende toelages. TITEL
  42. - De toelage voor buitenlandse operationele opdracht Art. 31.De werkelijk opgelopen kosten waarvan de terugbetaling gevraagd wordt op voorlegging van een bewijsstaat, overeenkomstig de bepalingen van artikel 3, § 1, worden niet bedoeld in deze titel. Art. 32.Elk beroepspersoneelslid dat deelneemt aan een buitenlandse operationele opdracht heeft recht op een dagtoelage van 44,82 euro. Art. 33.Deze toelage wordt toegekend: 1° ter compensatie van de nadelen verbonden aan het feit dat het beroepspersoneelslid zich in het buitenland bevindt;2° om de bijkomende prestaties te dekken, geleverd door het beroepspersoneelslid tijdens een buitenlandse operationele opdracht. Art. 34.De toekenning van de in deze titel bedoelde toelage doet geen afbreuk aan de toekenning van de premie voor operationaliteit en onregelmatige prestaties en de specialisatietoelage, a rato van 12 uur per dag buitenlandse operationele opdracht. BOEK
  43. - BEPALINGEN VOOR HET VRIJWILLIG PERSONEELSLID TITEL
  44. - Prestatievergoeding Art. 35.Het bedrag per uur van de prestatievergoeding van het vrijwillig personeelslid wordt vastgelegd in de prestatievergoedingschaal die overeenstemt met de graad waartoe het vrijwillig personeelslid behoort. De verschillende prestatievergoedingschalen zijn opgenomen in bijlage
  45. Art. 36.Elke prestatievergoedingschaal kan verschillende trappen bevatten die overeenstemmen met de in de graad verworven geldelijke anciënniteit. De geldelijke anciënniteit van het vrijwillig personeelslid wordt berekend ten belope van één jaar anciënniteit voor honderdtachtig prestatie-uren, met uitzondering van wachtdiensten in de kazerne, met dien verstande dat er niet meer dan één jaar anciënniteit meegerekend kan worden per periode van twaalf opeenvolgende maanden. De geldelijke anciënniteit in de graad van korporaal bevat eveneens de geldelijke anciënniteit verworven in de graad van sappeur. De trap "stagiair" van de weddeschalen van sappeur, van sergeant en van kapitein is van toepassing zolang het vrijwillig personeelslid stagiair door aanwerving is. Wanneer de tijdelijke benoeming ingaat op een andere datum dan op de eerste van de maand, is het bedrag van de uurvergoeding voor prestaties van de lopende maand niet onderhevig aan wijzigingen. Art. 37.De prestatievergoedingen worden maandelijks betaald na vervallen termijn. Art. 38.Het bedrag van de prestatievergoeding wordt berekend per prestatie. Elke prestatie geeft aanleiding tot de betaling van een vergoeding, die berekend wordt naar rato van het aantal gepresteerde uren. Art. 39.De minimale vergoeding voor een prestatie stemt overeen met die welke verschuldigd is voor één prestatie-uur. Ieder begonnen uur wordt volledig vergoed. Art. 40.Voor de berekening van de prestatievergoedingen van het vrijwillig personeelslid wordt rekening gehouden met de wachtdiensten in de kazerne, de interventies, de administratieve of logistieke taken, de oefeningen en behoorlijk toegelaten opleidingen; er wordt geen rekening gehouden met de beschikbaarheidsperiodes, noch met de tijd die nodig is om zich te verplaatsen tussen de woonplaats en de plaats waar de prestaties uitgevoerd worden. TITEL
  46. - Specialisatietoelage Art. 41.§
  47. Het vrijwillig personeelslidbekleed met een operationele graad ontvangt een specialisatietoelage onder de voorwaarden bepaald in paragraaf 2 tot
  48. §
  49. De toelage wordt toegekend voor de door de minister, na een risicoanalyse, erkende getuigschriften, bedoeld in artikel 10, § 1, 2° van het koninklijk besluit van 18 november 2015Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 18/11/2015 pub. 07/12/2015 numac 2015000715 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit betreffende de opleiding van de leden van de openbare hulpdiensten en tot wijziging van diverse koninklijke besluiten sluiten betreffende de opleiding van de leden van de openbare hulpdiensten en tot wijziging van diverse koninklijk besluiten. §
  50. Het getuigschrift dat aanleiding geeft tot de toekenning van een toelage, moet onmiddellijk nuttig zijn voor de uitoefening van de functie. De toelage wordt maandelijks betaald na vervallen termijn. §
  51. De minister bepaalt een lijst waarin per graad de erkende getuigschriften opgenomen worden. Het bedrag van de toelage stemt overeen met een percentage van drie procent van de prestatievergoedingen die betaald werden tijdens de voorbije maand, met uitzondering van elke andere toelage of vergoeding. Het totaal bedrag dat toegekend wordt, mag niet meer dan tien procent van de prestatievergoedingen van de voorbije maand bedragen, ongeacht het aantal toegekende toelages. TITEL
  52. - Toelage voor onregelmatige prestaties Art. 42.Het vrijwillig personeelslid geniet een toelage voor onregelmatige prestaties. Art. 43.§
  53. De interventies uitgevoerd tussen 22 uur en 6 uur, worden beschouwd als onregelmatige nachtprestaties. De interventies uitgevoerd op zondag of op een feestdag tussen 0 uur en 24 uur, worden beschouwd als onregelmatige zondagprestaties. §
  54. Het bedrag per uur van de toelage voor de onregelmatige nachtprestaties, is gelijk aan 25 % van het bedrag per uur van de prestatievergoeding. Het bedrag per uur van de toelage voor de onregelmatige zondagprestaties is gelijk aan 25% van het bedrag per uur van de prestatievergoeding. §
  55. Voor eenzelfde prestatie-uur is de toelage voor onregelmatige nachtprestaties niet cumuleerbaar met de toelage voor onregelmatige zondagprestaties. Art. 44.De toelage voor onregelmatige prestaties wordt maandelijks betaald na vervallen termijn. TITEL
  56. - Toelage voor de uitoefening van een hogere functie Art. 45.Een toelage wordt toegekend aan het vrijwillig personeelslid dat een hogere functie uitoefent, ongeacht of de betrekking die met dat ambt overeenstemt tijdelijk niet waargenomen wordt of vacant is. De toelage wordt aan het vrijwillig personeelslid verleend voor zover hij het hoger ambt ononderbroken heeft uitgeoefend gedurende ten minste dertig dagen. Wanneer voldaan wordt aan de in het tweede lid vermelde voorwaarde, is de toelage verschuldigd vanaf de datum waarop de aanwijzing voor de uitoefening van een hogere functie daadwerkelijk uitwerking heeft. Indien het vrijwillig personeelslid wordt bevorderd tot de graad die overeenstemt met de betrekking welke hij zonder onderbreking heeft waargenomen en indien hij voor deze betrekking wordt aangewezen, begint zijn geldelijke anciënniteit in deze nieuwe graad op de datum vanaf welke hij die betrekking ononderbroken waarneemt. Deze datum mag niet teruggaan tot voor de datum waarop het personeelslid alle vereisten heeft vervuld welke het administratief statuut stelt om bevorderd te worden, noch tot voor de datum waarop die betrekking vacant is geworden. Art. 46.Het bedrag van de toelage voor de uitoefening van een hogere functie is gelijk aan het verschil tussen de prestatievergoeding die de betrokkene zou krijgen in de graad van de voorlopig waargenomen functie en de prestatievergoeding die hij in zijn effectieve graad krijgt. Art. 47.De toelage voor de uitoefening van een hogere functie wordt betaald volgens de modaliteiten van toepassing voor de prestatievergoeding. TITEL
  57. - Toelage voor buitenlandse operationele opdracht Art. 48.De werkelijk opgelopen kosten waarvan de terugbetaling gevraagd wordt op voorlegging van een bewijsstaat, overeenkomstig de bepalingen van artikel 3, § 1, worden niet bedoeld in deze titel. Art. 49.Elk vrijwillig personeelslid dat deelneemt aan een buitenlandse operationele opdracht heeft recht op een dagtoelage van 44,82 euro. Art. 50.Deze toelage wordt toegekend : 1° ter compensatie van de nadelen verbonden aan het feit dat het personeelslid zich in het buitenland bevindt;2° om de bijkomende prestaties te dekken, geleverd door het personeelslid tijdens een buitenlandse operationele opdracht. Art. 51.De toekenning van de in deze titel bedoelde toelage doet geen afbreuk aan de toekenning van de prestatievergoeding en de toelage voor operationaliteit en onregelmatige prestaties, a rato van 12 uur per dag buitenlandse operationele opdracht. BOEK
  58. - OPHEFFINGS-, OVERGANGS- EN SLOTBEPALINGEN Art. 52.Worden opgeheven: 1° het ministerieel besluit van 15 februari 1961 betreffende de prestaties uitgevoerd door de niet-voltijds tewerkgestelde agenten die als vrijwillige bijkomende prestaties beschouwd worden;2° het koninklijk besluit van 25 mei 1966 houdende bijzondere regelen inzake reiskosten voor de instructeurs van de civiele bescherming;3° het ministerieel besluit van 31 juli 1969 houdende toekenning van een toelage voor onregelmatige prestaties aan het personeel van de permanente eenheden van de Civiele Bescherming die tot vierentwintig-urendienst gehouden zijn;4° het koninklijk besluit van 22 maart 1999Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 22/03/1999 pub. 26/03/1999 numac 1999000176 bron ministerie van binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot regeling van de toekenning van een toelage voor bijkomende prestaties aan het personeel van de Civiele Bescherming dat tewerkgesteld is in continudienst sluiten tot regeling van de toekenning van een toelage voor bijkomende prestaties aan het personeel van de Civiele Bescherming dat tewerkgesteld is in continudienst;5° het ministerieel besluit van 4 mei 1999Relevante gevonden documenten type ministerieel besluit prom. 04/05/1999 pub. 01/06/1999 numac 1999000394 bron ministerie van binnenlandse zaken Ministerieel besluit tot toekenning van bepaalde toelagen aan het personeel dat titularis is van operationele graden bij de Civiele Bescherming sluiten tot toekenning van bepaalde toelagen aan het personeel dat titularis is van operationele graden bij de Civiele Bescherming;6° het koninklijk besluit van 28 september 2008Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 28/09/2008 pub. 03/10/2008 numac 2008000747 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot regeling van de toekenning van een forfaitaire toelage aan de personeelsleden van de Algemene Directie van de Civiele Veiligheid tijdens operationele opdrachten in het buitenland type koninklijk besluit prom. 28/09/2008 pub. 21/11/2008 numac 2008013356 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 4 oktober 2007, gesloten in het Paritair Comité voor het verzekeringswezen, betreffende het sectorakkoord 2007-2008 type koninklijk besluit prom. 28/09/2008 pub. 21/11/2008 numac 2008024473 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Koninklijk besluit houdende toekenning van een bijkomende facultatieve toelage van 7.500 euro aan de VZW Brusselse Raad voor het Leefmilieu sluiten tot regeling van de toekenning van een forfaitaire toelage aan de personeelsleden van de Algemene Directie van de Civiele Veiligheid tijdens operationele opdrachten in het buitenland. Art. 53.Voor de toepassing van het artikel 36, wordt in de berekening van de geldelijke anciënniteit van het vrijwillig personeelslid rekening gehouden met de diensten die gepresteerd werden vóór de inwerkingtreding van dit statuut als vrijwillig personeelslid van een operationele eenheid. Art. 54.Dit besluit treedt in werking op 1 januari
  59. Art. 55.De minister bevoegd voor Binnenlandse Zaken is belast met de uitvoering van dit besluit. Gegeven te Brussel, 29 juni
  60. FILIP Van Koningswege : De Minister van Binnenlandse Zaken, J. JAMBON BIJLAGE 1 Weddeschalen Sappeur B0-0 stagiair B0-1 B0-2 B0-3 B0-4 0 15173 15173 15173 15173 15173 1 15435 16135 16135 16135 16135 2 15698 16355 16355 16355 16355 3 15961 16575 16575 16575 16575 4 16387 17005 17005 17005 17005 5 16813 17435 17435 17435 17435 6 17238 17865 18115 18115 18115 7 17664 18295 18545 18545 18545 8 18089 18725 18975 18975 18975 9 18515 19155 19405 19405 19405 10 18991 19585 19835 19835 19835 11 19466 19945 20295 20445 20445 12 19942 20745 21095 21245 21245 13 20188 21245 21495 22245 22245 14 20433 21575 21825 22675 22675 15 20678 21795 22045 22895 22895 16 20924 22015 22265 23115 23265 17 21169 22235 22485 23335 23465 18 21414 22455 22705 23555 23665 19 21660 22675 22925 23775 23885 20 21905 22895 23145 23995 24105 21 22150 23115 23365 24215 24325 22 22396 23345 23595 24445 24555 23 22641 23565 23865 24665 24775 24 22887 23785 24085 24885 24995 25 23132 24011 24411 25111 25221 Korporaal B1-1 B1-2 B1-3 B1-4 0 17165 17165 17165 17165 1 17165 17165 17165 17165 2 17165 17165 17165 17165 3 17165 17165 17165 17165 4 17165 18194 18194 18194 5 17595 18194 18194 18194 6 18025 18275 18275 18275 7 18455 18705 18705 18705 8 18885 19135 20251 20251 9 19315 19565 20607 20607 10 19745 19995 20963 20963 11 20105 20455 20963 21301 12 20905 21255 21755 22131 13 21288 21655 22405 22405 14 21597 21985 22835 22835 15 21806 22205 23055 23055 16 22065 22425 23275 23425 17 22324 22645 23495 23625 18 22584 22865 23715 23825 19 22835 23085 23935 24045 20 23055 23305 24155 24265 21 23275 23525 24375 24485 22 23505 23755 24605 24715 23 23725 24025 24825 24935 24 23945 24245 25045 25155 25 24171 24800 25271 25381 Sergeant M0-0 Stagiair M0-1 M0-2 M0-3 M0-4 0 16135 17165 17165 17165 17165 1 16355 17165 17165 17165 17165 2 16575 17165 17165 17165 17165 3 17005 17165 17165 17165 17165 4 17165 17165 17165 17165 17165 5 18194 18194 18194 18194 18194 6 18275 18275 18275 18275 18275 7 18705 20750 20750 20750 20750 8 19135 21000 21000 21000 21000 9 19565 21350 21350 21350 21350 10 19995 21700 21700 21700 21700 11 20455 22050 22413 22413 22413 12 21255 22400 22775 22775 22775 13 21655 22650 23150 23150 23150 14 21985 22900 23400 23400 23400 15 22205 23150 23650 23988 23988 16 22425 23500 23900 24325 24325 17 22645 23750 24250 24750 24750 18 22865 24100 24600 25100 25100 19 23085 24450 24950 25450 25784 20 23305 24800 25300 25800 26118 21 23525 25035 25535 26035 26435 22 23755 25270 25770 26270 26670 23 24025 25505 26005 26505 26905 24 24245 25740 26240 26740 27140 25 24800 25975 26675 27275 27575 Adjudant M1-1 M1-2 M1-3 M1-4 0 22940 22940 22940 22940 1 22940 22940 22940 22940 2 22940 22940 22940 22940 3 22940 22940 22940 22940 4 22940 22940 22940 22940 5 22940 22940 22940 22940 6 22940 22940 22940 22940 7 22940 22940 22940 22940 8 22940 22940 22940 22940 9 22940 22940 22940 22940 10 22940 22940 22940 22940 11 23824 23824 23824 23824 12 25236 25236 25236 25236 13 25508 25508 25508 25508 14 25781 25986 25986 25986 15 26054 26191 26191 26191 16 26157 26327 26327 26327 17 26260 26600 26600 26600 18 26363 26873 27077 27077 19 26465 27145 27281 27281 20 26567 27297 27417 27417 21 26670 27450 27690 27690 22 26772 27602 27962 28167 23 26875 27755 28235 28372 24 27070 28000 28400 28508 25 27780 28900 29120 29600 Luitenant (uitdovend) OE1-1 OE1-2 OE1-3 OE1-4 0 25081 25081 25081 25081 1 25081 25081 25081 25081 2 25081 25081 25081 25081 3 25081 25081 25081 25081 4 25081 25081 25081 25081 5 25081 25081 25081 25081 6 25081 25081 25081 25081 7 25081 25081 25081 25081 8 25081 25081 25081 25081 9 25081 25081 25081 25081 10 25081 25081 25081 25081 11 26027 26027 26027 26027 12 27538 27538 27538 27538 13 27829 27829 27829 27829 14 28121 28340 28340 28340 15 28413 28559 28559 28559 16 28523 28705 28705 28705 17 28633 28997 28997 28997 18 28743 29289 29507 29507 19 28853 29580 29726 29726 20 28962 29743 29871 29871 21 29072 29907 30163 30163 22 29181 30069 30454 30674 23 29291 30233 30746 30893 24 29500 30495 30923 31039 25 30260 31458 31693 32207 Luitenant O1-1 O1-2 O1-3 0 30120 30120 30120 1 30120 30120 30120 2 30120 30120 30120 3 30120 30120 30120 4 30120 30120 30120 5 30120 30120 30120 6 30120 30120 30120 7 30120 30120 30120 8 30120 30120 30120 9 30120 30120 30120 10 30120 30120 30120 11 30120 30120 30120 12 30120 30120 30120 13 30680 30680 30680 14 31050 31050 31050 15 32500 32500 32500 16 32500 33000 33000 17 33950 33950 33950 18 33950 33950 33950 19 35050 35400 35400 20 35200 35400 36020 21 36700 36900 36900 22 36700 36900 36900 23 38200 38350 38550 24 38250 38350 38550 25 38350 38450 38550 Commandant (uitdovend) OE2-1 OE2-2 OE2-3 0 31120 31120 31120 1 31120 31120 31120 2 31120 31120 31120 3 31120 31120 31120 4 31120 31120 31120 5 31120 31120 31120 6 31120 31120 31120 7 31120 31120 31120 8 31120 31120 31120 9 31120 31120 31120 10 31120 31120 31120 11 31120 31120 31120 12 31120 31120 31120 13 31680 31680 31680 14 32050 32050 32050 15 33500 33500 33500 16 33500 34000 34000 17 34950 34950 34950 18 34950 34950 34950 19 36050 36400 36400 20 36200 36400 37020 21 37700 37900 37900 22 37700 37900 37900 23 39200 39350 39550 24 39250 39350 39550 25 39350 39450 39550 Kapitein O2-0stagiair O2-1 O2-2 O2-3 O2-4 0 25800 25800 25800 25800 25800 1 26850 26850 26850 26850 26850 2 26850 30200 30200 30200 30200 3 27900 30900 30900 30900 30900 4 27900 31300 31300 31300 31300 5 29000 31900 31900 31900 31900 6 29000 32500 32500 32500 32500 7 30050 33100 33228 33228 33228 8 30050 33700 33932 33932 33932 9 31100 34300 34636 34636 34636 10 31100 34900 35340 35340 35340 11 32200 35500 36044 36044 36044 12 32200 36100 36648 37344 37344 13 33250 36700 37252 37956 37956 14 33250 37300 37856 38568 38568 15 34300 37900 38460 39180 39180 16 34300 38500 39064 39792 39792 17 35350 39100 39668 40404 43090 18 35350 39700 40272 41016 43680 19 36450 40300 40876 41628 44280 20 36450 40900 41480 42240 44400 21 37500 41500 42084 42852 44480 22 37500 42100 42688 43464 44575 23 38550 42700 43292 44076 44675 24 39050 43300 43896 44488 44785 25 39550 43900 44200 44700 44955 Majoor O3-1 O3-2 O3-3 O3-4 0 36788 36788 36788 36788 1 36788 36788 36788 36788 2 36788 36788 36788 36788 3 36788 36788 36788 36788 4 36788 36788 36788 36788 5 36788 36788 36788 36788 6 36788 36788 36788 36788 7 36788 36788 36788 36788 8 37432 37432 37432 37432 9 38077 38077 38077 38077 10 38721 38721 38721 38721 11 39366 39366 39366 39366 12 40010 40610 40610 40610 13 40705 41305 41305 41305 14 41399 41999 41999 41999 15 42094 42694 42694 42694 16 42739 43339 43339 43339 17 44084 44684 45885 45885 18 44679 45279 46555 46555 19 44929 45529 47224 47224 20 45179 45779 47410 47410 21 45429 46029 47596 47596 22 45679 46279 47696 47782 23 45929 46529 47886 48350 24 46179 46779 48076 48600 25 46429 47029 48266 48750 Kolonel O4-1 O4-2 O4-3 O4-4 0 43542 43542 43542 43542 1 43542 43542 43542 43542 2 43542 43542 43542 43542 3 43542 43542 43542 43542 4 43542 43542 43542 43542 5 43542 43542 43542 43542 6 43542 43542 43542 43542 7 43542 43542 43542 43542 8 43542 43542 43542 43542 9 43542 43542 43542 43542 10 43542 43542 43542 43542 11 44742 44742 44742 44742 12 45942 45942 45942 45942 13 46665 46665 46665 46665 14 47387 47387 47387 47387 15 48111 48111 48111 48111 16 48833 50033 50033 50033 17 49556 50756 50756 50756 18 50279 51479 51479 51479 19 51002 52202 52202 52202 20 51203 52403 53903 53903 21 51404 52604 54104 54104 22 51605 52805 54305 54305 23 52218 53418 54918 54918 24 52542 53742 55242 57207 25 52758 53958 55458 59495 Gezien om gevoegd te worden bij Ons besluit van 29 juni 2018 houdende bezoldigingsregeling van het operationeel personeel van de Civiele Bescherming. FILIP Van Koningswege : De Minister van Binnenlandse Zaken, J. JAMBON BIJLAGE 2 Prestatievergoedingsschalen Geldelijke- anciënniteit Sappeur/ Specialist S1 Korporaal Sergeant/ Specialist S2 Adjudant Luitenant/ Specialist S3 Kapitein/ Specialist S4 Majoor Kolonel Stagiair 7,69 10,00 15,00 0 8,86 9,38 10,36 11,51 17,78 19,33 24 26 1 9,38 9,56 10,37 11,54 18,55 19,83 2 9,56 9,82 10,48 11,56 18,98 21,02 3 9,82 10,05 10,58 11,59 4 10,05 10,12 10,68 11,61 5 10,12 10,25 10,88 11,64 6 10,25 10,30 11,13 11,66 7 10,30 10,35 11,39 11,69 8 10,35 11,49 11,72 Gezien om gevoegd te worden bij Ons besluit van 29 juni 2018 houdende bezoldigingsregeling van het operationeel personeel van de Civiele Bescherming. FILIP Van Koningswege : De Minister van Binnenlandse Zaken, J. JAMBON

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.