artikel 1 van het decreet van 2 juni 1998Relevante gevonden documenten type decreet prom. 02/06/1998 pub. 29/08/1998 numac 1998029331 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet houdende organisatie van het secundair kunstonderwijs met beperkt leerplan gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap sluiten houdende organisatie van het secundair kunstonderwijs met beperkt leerplan gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° 4° wordt vervangen door « 4° het gebied : de administratieve onderafdeling waarin het geheel van de leergangen van een welbepaalde kunstoriëntatie van de studies begrepen is ;» ; 2° er worden een punt 9° en een punt 10° toegevoegd, luidend als volgt : « 9° de
spectiedienst van het kunstonderwijs : de dienst bedoeld
artikel 3, tweede lid, 5°, van het decreet van 8 maart 2007Relevante gevonden documenten type decreet prom. 08/03/2007 pub. 05/06/2007 numac 2007029052 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende de algemene
spectiedienst, de dienst voor pedagogische raadgeving en begeleiding van het door de Franse Gemeenschap georganiseerde onderwijs, de cellen voor pedagogische raadgeving en begeleiding van het door de Franse Gemeenschap gesubsidieerde onderwijs en betreffende het statuut van de personeelsleden van de algemene
spectiedienst en van de pedagogische adviseurs sluiten betreffende de algemene
spectiedienst, de dienst voor pedagogische raadgeving en begeleiding van het door de Franse Gemeenschap georganiseerde onderwijs, de cellen voor pedagogische raadgeving en begeleiding van het door de Franse Gemeenschap gesubsidieerde onderwijs en betreffende het statuut van de personeelsleden van de algemene
spectiedienst en van de pedagogische adviseurs ;» « 10° de Algemene Raad : de Algemene Raad voor het secundair kunstonderwijs met beperkt leerplan bedoeld
121. ». Art. 2.
artikel 4 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1°
worden de woorden « een of verschillende volgende afdelingen » vervangen door de woorden « een of verschillende volgende gebieden » ;2°
, eerste lid, worden de woorden « 51, § 2 » vervangen door de woorden « 51, §§ 2 tot 5 » ; -
zake kunstopvoeding en -opleiding die specifiek zijn voor elk gebied; -
elke studierichting kunnen georganiseerd worden ; » » 3°
worden de volgende wijzigingen aangebracht : a)
het eerste lid wordt de zin « Elke wijziging van het programma moet ter goedkeuring aan de Regering worden voorgelegd.» geschrapt; b) het eerste lid wordt aangevuld met twee nieuwe leden, luidend als volgt : « De
richtende macht kan ook
stemmen met een programma van cursussen voorgesteld door één of meerdere representatieve organisaties van
richtende machten en goedgekeurd door de Regering na advies van de Algemene Raad. Elke wijziging van een programma van cursussen moet ter goedkeuring aan de Regering worden voorgelegd. ». Art. 3.Artikel 6 van hetzelfde decreet wordt aangevuld met een tweede lid, luidend als volgt : « De goedkeuring door de Regering van een programma van cursussen bedoeld
artikel 4, § 4, is ook vereist voor de toelating tot de subsidies van de basis- of aanvullende kunstleergangen. ». Art. 4.
hetzelfde decreet wordt een artikel 7bis
gevoegd, luidend als volgt : « Artikel 7bis.- De diensten van de Regering worden bevoegd om na te kijken of de
richtende macht, naast de verplichtingen bedoeld
artikel 24, § 2, van de wet van 29 mei 1959 tot wijziging van sommige bepalingen van de onderwijswetgeving, de gelijkheid van behandeling naleeft tussen de leerlingen
geschreven
deze
richtingen. Bij niet-naleving van het vorige lid is de procedure bedoeld
artikel 24, § 2ter, van de bovenvermelde wet van 29 mei 1959 van toepassing. ». Art. 5.
artikel 16, vierde lid, van hetzelfde decreet worden de woorden «
» vervangen door de woorden «
het derde lid ». Art. 6.Artikel 23 van hetzelfde decreet wordt vervangen door de volgende bepaling : Artikel 23.-
de gebieden van spreekkunst en toneelkunst, muziek en danskunst, na advies van de Algemene Overlegraad van het gewoon secundair onderwijs mogen de lestijden
de kunsthumaniora bedoeld
artikel 1 van het koninklijk besluit van 29 juni 1984 betreffende de organisatie van het secundair onderwijs, georganiseerd worden
de
richtingen voor secundair kunstonderwijs met beperkt leerplan waarvan de Regering de lijst bepaalt naar rata van een
richting per onderwijszone. Deze lijst omvat de zeven hierna vermelde
richtingen : 1° Conservatoire de Musique Arthur Grumiaux de Charleroi ;2° Académie
tercommunale de Musique, de danse et des arts de la parole de Court-Saint-Etienne et Ottignies-Louvain-la-Neuve ;3° Académie de Musique Grétry de Liège ;4° Conservatoire de Musique de Huy ;5° Académie de Musique d'Ixelles ;6° Académie de Musique de Mons ;7° Conservatoire de Musique de Namur.» Art. 7.
artikel 23bis van hetzelfde decreet worden de woorden « en van de Raad voor perfectionnering » geschrapt. Art. 8.Artikel 27 van hetzelfde decreet wordt opgeheven. Art. 9.
artikel 28 van hetzelfde decreet worden de woorden « van de artikelen 26 en 27 » vervangen door de woorden « van artikel 26 ». Art. 10.
artikel 31,
van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° er wordt een lid
gevoegd tussen het eerste en tweede lid, luidend als volgt : « Tijdens een overgangsperiode van vijf schooljaren en met
gang van 1 september 2019 wordt de jaarlijkse dotatie van de lestijden van een schooljaar berekend op basis van het gemiddelde van het aantal regelmatig
geschreven leerlingen over de drie vorige schooljaren
de zin van artikel 11 en per gebied.» ; 2°
het tweede lid worden de woorden «
het eerste lid » vervangen door de woorden «
het eerste en tweede lid » ;3°
het derde lid worden de woorden «
het eerste lid » vervangen door de woorden «
het eerste en tweede lid ». Art. 11.
artikel 32 van hetzelfde decreet worden de woorden « of de afdeling van de betrokken
richting » telkens vervangen door de woorden « of het betrokken gebied van de
richting ». Art. 12.Artikel 33 van hetzelfde decreet wordt vervangen als volgt : « Artikel 33.- Voor de toepassing van artikel 29 en volgens het gemiddelde van het aantal regelmatig
geschreven leerlingen van de drie laatste schooljaren bepaalt de Regering per gebied de coëfficiënten voor de aanpassing van de dotaties bedoeld
artikel 31, § 2. ». Art. 13.Artikel 38 van hetzelfde decreet wordt opgeheven. Art. 14.
artikel 39 worden de volgende wijzigingen aangebracht : a)
1° worden de woorden « afdelingen op het » geschrapt ;b)
2° worden de woorden « de afdeling op het gebied » vervangen door de woorden « het gebied ». Art. 15.
artikel 40, eerste lid, 1° worden de woorden « en de afdelingen » geschrapt. Art. 16.
artikel 41bis,
punt 5, van hetzelfde decreet wordt het woord « Vervolmakingsraad » vervangen door de woorden « Algemene Raad ». Art. 17.
artikel 45 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° « 8° » wordt telkens vervangen door « tweede lid, 13° » ;2°
worden de volgende wijzigingen aangebracht : a)
d) worden de woorden « de twee
richtende machten » vervangen door de woorden « de
richtende macht van de
richting voor secundair kunstonderwijs met beperkt leerplan en de andere partij » ;g)
g) wordt het woord « Vervolmakingsraad » vervangen door de woorden « Algemene Raad ». Art. 18.
artikel 51 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1°
2 wordt 12° vervangen als volgt : « 12° leraar experimentele praktijken.» ; 2°
3 worden de volgende wijzigingen aangebracht : a)
4° worden de woorden
de Franse tekst « de l'écriture » vervangen door de woorden « d'écriture » ;b) 6° wordt vervangen als volgt : « 6° leraar
strumentale opleiding, voor elke van de volgende specialiteiten : 1) chromatische accordeon ;2) alt ;3) fagot;4) barok- en klassieke fagot ;5) klarinet ;6) klavecimbel ;7) contrabas;8) hoorn ;9) natuurlijke hoorn ;10) doedelzak ;11) blokfluit ;12) dwarsfluit ;13) barok- en klassieke dwarsfluit ;14) gitaar en begeleidingsgitaar ;15) harp ;16) hobo ;17) barok-en klassieke hobo ;18) luit ;19) mandoline ;20) musette ;21) orgel ;22) slaginstrumenten ;23) piano ;24) pianoforte ;25) saxofoon ;26) schuiftrombone ;27) trompet ;28) natuurlijke trompet ;29) tuba ;30) viola da gamba ;31) viool ;32) barokviool ;33) cello ;34) barokcello ;» ; c) 7° wordt geschrapt ;d) 8° wordt vervangen als volgt : « 8° leraar
strumentale jazz-opleiding en jazz-ensemble voor elke van de volgende specialiteiten : 1) jazz-accordéon en jazz-ensemble ;2) jazz-drum en jazz-ensemble ;3) jazz-houten blaasinstrumenten en jazz-ensemble ;4) jazz-klavier en jazz-ensemble ;5) jazz-contrabas en jazz-ensemble ;6) jazz-koper en jazz-ensemble ;7) jazz-gitaar, jazz-begeleidingsgitaar en jazz-ensemble ;8) jazz-basgitaar en jazz-ensemble ;9) jazz-harmonica en jazz-ensemble ;10) jazz-vibrafoon en jazz-ensemble ;11) jazz-viool en jazz-ensemble ;» ; e) 12° wordt vervangen als volgt : « 12° leraar zang en vocale kamermuziek ;» ; f) 19° wordt vervangen als volgt : « 19° leraar jazz-zang en jazz-ensemble ;» ; g) de paragraaf wordt aangevuld met een 24°, luidend als volgt : « 24° leraar digitale muziekcreatie.» ; 3°
Art. 19.
artikel 56 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° het tweede lid wordt vervangen als volgt : « De betrekkingen met onvolledige dagtaak kunnen uitsluitend tijdelijk gecreëerd worden naar rata van één wekelijkse lestijd die voor subsidiëring
aanmerking komt.Het personeelslid dat tijdelijk
een ambt aangesteld of aangeworven wordt, kan slechts
vast verband benoemd of aangeworven worden als minstens twee lestijden die
het betrokken ambt definitief vacant zijn geworden, hem kunnen worden toegekend met
achtneming van de voorrangsregels. » ; 2°
het vijfde lid, 2° et 3°, wordt het woord « drie » vervangen door het woord « twee ». Art. 20.
artikel 71,
, 1°, van hetzelfde decreet worden de woorden «
het secundair kunstonderwijs met beperkt leerplan of »
gevoegd tussen de woorden « dat reeds » en de woorden «
het onderwijs met volledig leerplan ». Art. 21.
artikel 100 van hetzelfde decreet wordt § 3 vervangen als volgt : « § 3. De buitenlandse bekwaamheidsbewijzen bedoeld
van dit artikel zijn de bekwaamheidsbewijzen waarvan : 1° de gelijkstelling erkend kan worden overeenkomstig de wet van 19 maart 1971 betreffende de gelijkwaardigheid van de buitenlandse diploma's en studiegetuigschriften, artikel 4 van het koninklijk besluit van 4 september 1972 tot vaststelling van de voorwaarden tot en de procedure van het verlenen van de gelijkwaardigheid van buitenlandse diploma's en studiegetuigschriften of artikel 92 van het decreet van 7 november 2013Relevante gevonden documenten type decreet prom. 07/11/2013 pub. 18/12/2013 numac 2013029625 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot bepaling van het hogeronderwijslandschap en de academische organisatie van de studies sluiten tot bepaling van het hogeronderwijslandschap en de academische organisatie van de studies ;2° de beroepskwalificaties erkend kunnen worden overeenkomstig het decreet van 19 oktober 2017Relevante gevonden documenten type decreet prom. 19/10/2017 pub. 10/11/2017 numac 2017013961 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende de erkenning van de beroepskwalificaties voor de uitoefening van ambten van het onderwijzend personeel
de
richtingen voor voorschools, lager en secundair gewoon en gespecialiseerd onderwijs, kunstonderwijs, onderwijs voor sociale promotie en niet universitair hoger onderwijs, kunstsecundair onderwijs met beperkt leerplan van de Franse Gemeenschap sluiten betreffende de erkenning van de beroepskwalificaties voor de uitoefening van ambten van het onderwijzend personeel
de
richtingen voor voorschools, lager en secundair gewoon en gespecialiseerd onderwijs, kunstonderwijs, onderwijs voor sociale promotie en niet universitair hoger onderwijs, kunstsecundair onderwijs met beperkt leerplan van de Franse Gemeenschap.». Art. 22.
artikel 100bis van hetzelfde decreet,
, 5°, worden de woorden « de vervolmakingsraad van het kunstsecundair onderwijs met beperkt leerplan » vervangen door de woorden « Algemene Raad ». Art. 23.
artikel 102 van hetzelfde decreet worden de woorden « een diploma geaggregeerde hoger secundair onderwijs ; of uit een diploma van master met didactische finaliteit » vervangen door de woorden « een diploma van geaggregeerde lager secundair onderwijs (afgekort : GLSO) of een diploma geaggregeerde hoger secundair onderwijs (afgekort : GHSO) of uit een diploma van master met didactische finaliteit ». Art. 24.
artikel 104 van hetzelfde decreet,
het eerste lid, 5°, h), worden de woorden « leraar transdisciplinaire creatie » vervangen door de woorden « leraar experimentele praktijken ». Art. 25.Artikel 104ter van hetzelfde decreet wordt vervangen als volgt : « Artikel 104ter.- Voor de toepassing van de artikelen 105, 106 en 107 moet rekening worden gehouden tussen de vroegere academische graden en de nieuwe academische graden die worden uitgereikt door de
richtingen voor hoger onderwijs met volledig leerplan, zoals bepaal
: a) het decreet van 31 maart 2004Relevante gevonden documenten type decreet prom. 31/03/2004 pub. 18/06/2004 numac 2004029170 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende de organisatie van het hoger onderwijs ter bevordering van de
tegratie
de Europese ruimte van het hoger onderwijs en betreffende de herfinanciering van de universiteiten sluiten betreffende de organisatie van het hoger onderwijs ter bevordering van de
tegratie
de Europese ruimte van het hoger onderwijs en betreffende de herfinanciering van de universiteiten,
zonderheid op artikel 184 ;b) het decreet van 7 november 2013Relevante gevonden documenten type decreet prom. 07/11/2013 pub. 18/12/2013 numac 2013029625 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot bepaling van het hogeronderwijslandschap en de academische organisatie van de studies sluiten tot bepaling van het hogeronderwijslandschap en de academische organisatie van de studies,
zonderheid op de artikelen 161 en 164.». Art. 26.
artikel 105 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1°
punt 1°, c), worden tussen het 2de en het 3de streepje de volgende woorden
gevoegd : « - GPBO experimentele praktijken ;» ; 2° punt 5° wordt vervangen als volgt : « 5° leraar experimentele praktijken : a) vereiste bekwaamheidsbewijzen : - diploma van hoger kunstonderwijs van de 2e of 3e graad van het gebied van de plastische, visuele en ruimtekunsten, aangevuld met de erkenning van nuttige ervaring
experimentele praktijken en een bewijs van pedagogische bekwaamheid - diploma van master met didactische finaliteit van het gebied van de plastische, visuele en ruimtekunsten, aangevuld met de erkenning van nuttige ervaring
experimentele praktijken ; - diploma van licentiaat of master van het gebied van plastische, visuele en ruimtekunsten, aangevuld met de erkenning van nuttige ervaring en een bewijs van pedagogische bekwaamheid ; - een bekendheid aangevuld met de erkenning van nuttige ervaring
experimentele praktijken en een bewijs van pedagogische bekwaamheid ; b) voldoend geachte bekwaamheidsbewijzen : - de bekwaamheidsbewijzen opgenomen
artikel 106 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1°
1° wordt het opschrift « a) Vereiste bekwaamheidsbewijzen » aangevuld met de items, luidend als volgt : « - Diploma master
de muziek : muziekvorming ; - Diploma master
de muziek : muziekvorming (met didactische finaliteit). » ; 2°
6° worden de woorden « (verscheidene specialiteiten van klassieke en oude
strumenten) » geschrapt ;3°
7° worden de woorden « leraar
strumentale vorming jazz en leraar jazzensemble » vervangen door de woorden « leraar
strumentale vorming jazz (diverse specialiteiten) en jazz-ensemble ». Onder hetzelfde punt 7°, a), 1ste streepje worden de woorden « uitgereikt voor de specialiteit die onderricht moet worden »
gevoegd tussen « diploma van het hoger kunstonderwijs jazzinstrument » en «, aangevuld met een bewijs van pedagogische bekwaamheid ; » ; 4° het opschrift van 11° wordt vervangen als volgt : « 11° leraar zang en vocale kamermuziek : » ;5° het opschrift van 18° wordt vervangen als volgt : « 18° leraar jazz-zang en jazz-ensemble : » ;6° artikel 106 wordt aangevuld met een 23°, luidend als volgt : « 23° leraar digitale muziekcreatie : a) vereiste bekwaamheidsbewijzen : - diploma van master met didactische finaliteit
de muziek : compositie, toegepaste en
teractieve muziek ; - diploma van master met didactische finaliteit
de muziek : muziekinformatica ; - diploma van master met gespecialiseerde of grondige finaliteit
de muziek, toegepaste en
teractieve muziek, aangevuld met het bewijs van pedagogische bekwaamheid ; - diploma van master met gespecialiseerde of grondige finaliteit
de muziek : muziekinformatica, aangevuld met het bewijs van pedagogische bekwaamheid ; - diploma van master met didactische finaliteit
de muziek, andere specialiteiten, aangevuld met de erkenning van nuttige ervaring
digitale muziekcreatie ; - diploma van master met gespecialiseerde of grondige finaliteit, andere specialiteiten, aangevuld met de erkenning van nuttige ervaring
digitale muziekcreatie en het bewijs van pedagogische bekwaamheid.
artikel 107 van hetzelfde decreet wordt 8° geschrapt. Art. 29.
artikel 112 van hetzelfde decreet wordt 3° vervangen als volgt : « 3° zes werkende leden en vier plaatsvervangende leden, gekozen uit de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel van het secundair kunstonderwijs met beperkt leerplan,
vast verband benoemd of aangeworven, de leden van het hoger kunstonderwijs,
vast verband of aangeworven of
tijdelijk verband aangesteld op basis van een overeenkomst met onbepaalde duur, de leden van de
spectiedienst van het kunstonderwijs en de titularissen van een universitair diploma
de psychopedagogie of
de opvoedingswetenschappen. ». Art. 30.Hoofdstuk VII van hetzelfde decreet wordt vervangen door hoofdstuk VII, luidend als volgt : « Hoofdstuk VII. - De Algemene Raad voor het secundair kunstonderwijs met beperkt leerplant. Art. 121.- §
itiatief;2° over elk nieuw programma van cursussen, zoals bedoeld
artikel 4, § 4, tweede lid ;3° over elk dossier betreffende de oprichting en de toelating tot subsidies van een nieuwe
richting of een nieuw gebied, zoals bedoeld
artikel 41bis ;4° over elke aanvraag om afwijking over de opening van de cursussen buiten het grondgebied van de gemeente bedoeld
artikel 45, § 1 ;5° over de keuze, door de Regering, van deskundige onderwijzende leden van de Commissie voor de erkenning van nuttige ervaring, alsook van hun plaatsvervangers bedoeld
artikel 100bis, § 3, 5°. Art. 121bis.- § 1. De Algemene Raad is samengesteld : 1° voor elke representatieve organisatie van de
richtende machten, uit twee werkende leden en twee plaatsvervangende leden ;2° voor elke representatieve vakbondsvereniging, uit een werkend lid en een plaatsvervangend lid ;3° voor het bestuurs- en onderwijzend personeel van het secundair kunstonderwijs met beperkt leerplan, uit acht werkende leden en acht plaatsvervangende leden, naar rata, respectievelijk van twee per onderwijsgebied ;4° voor de
spectiedienst van het kunstonderwijs, uit vier werkende leden, waaronder de
specteur-coördinator van de betrokken dienst, naar rata van één
specteur per onderwijsgebied ;5° voor de diensten van de Regering van de Franse Gemeenschap : - uit de ambtenaar-generaal belast met de organisatie van het secundair kunstonderwijs met beperkt leerplan, of zijn afgevaardigde ; - uit de ambtenaar-generaal belast met het beheer van de personeelsleden van het secundair kunstonderwijs met beperkt leerplan of zijn afgevaardigde ; 6° uit een vertegenwoordiger van de Regering. § 2. De werkende leden bedoeld
, 1°, oefenen, afwisselend, om de twee jaar, het voorzitterschap en het ondervoorzitterschap van de Algemene Raad uit. § 3. De leden bedoeld
, 1°, 2°, 3° en 5°, alsook de
specteur-coördinator bedoeld
4°, zijn stemgerechtigd. De andere leden bedoeld
dezelfde paragraaf hebben een raadgevende stem. §
artikel 121bis, § 1, 3°, dat één keer achtereenvolgens hernieuwbaar is. § 2. Het mandaat wordt niet bezoldigd. De leden van de Algemene Raad hebben recht op de terugbetaling van hun vervoerkosten overeenkomstig de bepalingen van het koninklijk besluit van 18 januari 1965 houdende algemene regeling
zake reiskosten. Art. 121quater.- De Regering bepaalt de werkingsregels van de Algemene Raad. ». HOOFDSTUK II. - Overgangs- en slotbepalingen Art. 31.§ 1. Het personeelslid dat op 31 augustus 2019
vast verband benoemd of aangeworven is
een ambt dat vóór de
werkingtreding van dit decreet bestond, wordt geacht vanaf 1 september 2019
vast verband benoemd of aangeworven te zijn,
voorkomend geval,
het overeenstemmende nieuwe ambt voortvloeiend uit een wijziging van het opschrift volgens de overeenstemmingstabel opgenomen
bijlage I bij dit decreet. § 2. Bij een wijziging van het opschrift van het ambt worden de diensten die
het ambt vóór de
werkingtreding van dit decreet door het personeelslid
tijdelijk verband gepresteerd worden, geacht gepresteerd te zijn
het nieuwe overeenstemmende ambt volgens de overeenstemmingstabel opgenomen
bijlage I bij dit decreet.
dit kader, voor het schooljaar 2019-2020 worden de personeelsleden die hun kandidatuur
gediend hebben voor de ambten voorafgaand aan de
werkingtreding van dit decreet, geacht dit te hebben gedaan voor de nieuwe ambten
de vormen en termijnen. Art. 32.§ 1. Wanneer de toepassing van dit decreet een splitsing van het ambt
houdt, wordt het personeelslid dat op 31 augustus 2019
vast verband benoemd of aangeworven wordt
een ambt zoals het bestond vóór de
werkingtreding van dit decreet, geacht met
gang van 1 september 2019
elk nieuwe overeenstemmende ambt
vast verband benoemd of aangeworven te zijn op basis van de overeenstemmingstabel opgenomen
bijlage II bij dit besluit,
dien het personeelslid over een vereist bekwaamheidsbewijs of een voldoend geacht bekwaamheidsbewijs beschikt voor dit (deze) nieuwe ambt(en). De toepassing van deze bepaling mag echter niet tot gevolg hebben dat het volume van de globale opdracht die het personeelslid definitief de dag vóór de
werkingtreding van dit decreet genot, gewijzigd wordt. § 2. Bij een splitsing van het ambt worden de diensten die
het ambt vóór de
werkingtreding van dit decreet door het personeelslid
tijdelijk verband gepresteerd worden, geacht gepresteerd te zijn
elk nieuwe overeenstemmende ambt op basis van de overeenstemmingstabel opgenomen
bijlage I bij dit decreet als het personeelslid over een vereist bekwaamheidsbewijs of een voldoend geacht bekwaamheidsbewijs beschikt.
dit kader, voor het schooljaar 2019-2020, worden de personeelsleden die hun kandidatuur
gediend hebben voor de ambten voorafgaand aan de
werkingtreding van dit decreet, geacht dit te hebben gedaan voor de nieuwe ambten. Art. 33.De personeelsleden die
vast verband benoemd of aangeworven worden voor een opdrachtlast met onvolledige prestaties, behouden,
het (de) nieuwe ambt(en), het recht om hun opdracht uit te breiden overeenkomstig de statutaire bepalingen waaronder ze ressorteren. De prioritaire tijdelijke personeelsleden behouden de mogelijkheid om
vast verband benoemd of aangeworven te zijn alsook aangesteld of aangeworven te zijn
de hoedanigheid van prioritaire tijdelijke personeelsleden
het (
het kader van de regels bedoeld
dit hoofdstuk behoudt het benoemde of tijdelijke personeelslid waarvoor een nuttige ervaring voor een ambt vóór 1 september 2019 erkend wordt, deze erkenning
de uitoefening van zijn nieuwe ambt(en). Art. 35.Dit decreet treedt
werking op 1 september
tegraal verslag.- Bespreking en aanneming.- Vergadering van 9 januari 2019.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.