17 JUNI
- - Besluit van de Regering tot wijziging van het besluit van de Regering van 14 mei 2009 inzake jeugdbijstand en jeugdbescherming De Regering van de Duitstalige Gemeenschap, Gelet op het decreet van 19 mei 2008Relevante gevonden documenten type decreet prom. 19/05/2008 pub. 01/10/2008 numac 2008033076 bron ministerie van de duitstalige gemeenschap Decreet over de Jeugdbijstand en houdende omzetting van maatregelen inzake jeugdbescherming sluiten over de jeugdbijstand en houdende omzetting van maatregelen inzake jeugdbescherming, artikel 25, § 1, eerste lid; Gelet op het besluit van de Regering van 12 juli 2001 tot harmonisatie van het presentiegeld en van de reisvergoedingen in instellingen en raden van beheer van de Duitstalige Gemeenschap; Gelet op het besluit van de Regering van 14 mei 2009 inzake jeugdbijstand en jeugdbescherming; Gelet op het advies van de inspecteur van Financiën, gegeven op 14 april 2021; Gelet op de akkoordbevinding van De minister-president, bevoegd voor Begroting, d.d. 16 april 2021; Gelet op advies 69.355/1 van de Raad van State, gegeven op 1 juni 2021, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Op de voordracht van de Minister van Sociale Aangelegenheden; Na beraadslaging, Artikel 1.Artikel 47 van het besluit van de Regering van 14 mei 2009 inzake jeugdbijstand en jeugdbescherming, gewijzigd bij het besluit van de Regering van 6 februari 2020, wordt vervangen als volgt: "Art. 47 - Pleegzorgvergoeding § 1 - Personen die overeenkomstig artikel 20, § 1, 3°, van het decreet aan pleegzorg doen, ontvangen per opvangdag per jongere een forfaitaire vergoeding ter dekking van de kosten voor het levensonderhoud van de pleeg- of petekinderen. Die vergoeding wordt pleegzorgvergoeding genoemd. § 2 - Een pleeggezin dat één jongere of gelijktijdig hoogstens twee jongeren opvangt, ontvangt op basis van de volgende tabel een pleegzorgvergoeding die afhangt van de vorm van de pleegzorg en van de leeftijd van de opgevangen jongeren: Vorm van de pleegzorg Leeftijd van de jongeren Langdurige pleegzorg Tijdelijke voltijdse pleegzorg Peterschap 0 tot 5 jaar 20,00 euro 30,15 euro 25,15 euro 6 tot 11 jaar 21,00 euro 30,15 euro 25,15 euro vanaf 12 jaar 22,00 euro 30,15 euro 25,15 euro § 3 - Een pleeggezin dat gelijktijdig drie of meer jongeren opvangt, ontvangt op basis van de volgende tabel een pleegzorgvergoeding die afhangt van de vorm van de pleegzorg en van de leeftijd van de opgevangen jongere: Vorm van de pleegzorg Leeftijd van de jongeren Langdurige pleegzorg Tijdelijke voltijdse pleegzorg Peterschap 0 tot 5 jaar 22,22 euro 33,50 euro 25,15 euro 6 tot 11 jaar 23,33 euro 33,50 euro 25,15 euro vanaf 12 jaar 24,44 euro 33,50 euro 25,15 euro § 4 - Een pleeggezin dat in het kader van langdurige pleegzorg één of meer jongeren opvangt die geen recht hebben op de basiskinderbijslag vermeld in artikel 8 van het decreet van 23 april 2018Relevante gevonden documenten type decreet prom. 23/04/2018 pub. 12/06/2018 numac 2018202523 bron ministerie van de duitstalige gemeenschap Decreet betreffende de gezinsbijslagen sluiten betreffende de gezinsbijslagen ontvangt in afwijking van de § § 2 en 3, ongeacht de leeftijd van de opgevangen jongere, een pleegzorgvergoeding ten belope van 25,15 euro per opvangdag per jongere. Het pleeggezin bezorgt het departement elk nuttig document dat informatie bevat over het ontbrekende recht op basiskinderbijslag vermeld in het eerste lid. § 5 - De pleegzorgvergoeding wordt maandelijks uitbetaald. § 6 - De bedragen vermeld in de § § 3 en 4 worden jaarlijks op 1 januari geïndexeerd op basis van de schommelingen van het indexcijfer van de consumptieprijzen. De referentie voor die aanpassing is de consumptieprijsindex 109,49 op 1 december 2020 die overeenstemt met 100 in het basisjaar 2013." Art. 2.Artikel 48 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt: "Art. 48 - Bijzondere onkosten Naast de bijzondere onkosten vermeld in artikel 46, § 1, eerste lid, en § 2, kunnen - binnen de perken van de beschikbare begrotingsmiddelen - de volgende bijzondere onkosten worden terugbetaald aan de pleegzorggezinnen en crisisgezinnen die deze bijzondere onkosten voor de jongeren hebben gemaakt: 1° uitgaven voor sportactiviteiten en culturele activiteiten tot een jaarlijks maximumbedrag van 500 euro per jongere;2° uitgaven voor schoolactiviteiten;3° uitgaven voor de eerste uitrusting bij het opnemen van een pleegkind tot een eenmalig maximumbedrag van 700 euro per jongere. De bijzondere onkosten vermeld in het eerste lid worden terugbetaald zoals bepaald in artikel 46, § 1, tweede lid." Art. 3.In de bijlage van het besluit van de Regering van 12 juli 2001 tot harmonisatie van het presentiegeld en van de reisvergoedingen in instellingen en raden van beheer van de Duitstalige Gemeenschap, vervangen bij het besluit van de Regering van 3 december 2020, wordt een bepaling onder 15.1 ingevoegd, luidende: "15.1 klachtencommissie inzake jeugdbijstand" Art. 4.Dit besluit treedt in werking op 1 juli
- Art. 5.De minister bevoegd voor Sociale Aangelegenheden is belast met de uitvoering van dit besluit. Eupen, 17 juni
- Voor de Regering van de Duitstalige Gemeenschap : De minister-president, Minister van Lokale Besturen en Financiën, O. PAASCH De Viceminister-President, Minister van Gezondheid en Sociale Aangelegenheden, Ruimtelijke Ordening en Huisvesting, A. ANTONIADIS
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.