← België

Besluit van de Waalse Regering betreffende de vestigingssteun en de investeringssteun in de sectoren landbouw, aquacultuur en de tuinbouw en voor coöp

Obsah (5)Art. 13Art. 16Art. 20Art. 23Art. 26

23 FEBRUARI 2023. - Besluit van de Waalse Regering betreffende de vestigingssteun en de investeringssteun in de sectoren landbouw, aquacultuur en de tuinbouw en voor coöperaties en andere onderneminge

Art. 13

.Naast de in artikel 6 vastgestelde voorwaarden om voor steun voor productieve investeringen in landbouwbedrijven in aanmerking te komen, moet de aanvrager: 1° aan de definitie van een actieve landbouwer voldoen;2° over de vereiste kwalificatie beschikken;3° ten minste zelfstandig landbouwer in een aanvullende hoedanigheid zijn;4° over een conformiteitsattest van de infrastructuren voor de opslag van dierlijke mesten beschikken en een bindingspercentage van minder dan of gelijk aan één hebben; 5° een standaard brutoproductie tussen 12.500 en 425.000 euro per bedrijfslid hebben; 6° geen exploitatie hebben die valt onder klasse 1 overeenkomstig het decreet van 11 maart 1999Relevante gevonden documenten type decreet prom. 11/03/1999 pub. 08/06/1999 numac 1999027439 bron ministerie van het waalse gewest Decreet betreffende de milieuvergunning sluiten betreffende de milieuvergunning. Het eerste lid, 6°, is niet van toepassing op verrichtingen die wegens hun geografische eenheid als één enkele inrichting in de zin van artikel 1, 3°, van het decreet van 11 maart 1999Relevante gevonden documenten type decreet prom. 11/03/1999 pub. 08/06/1999 numac 1999027439 bron ministerie van het waalse gewest Decreet betreffende de milieuvergunning sluiten betreffende de milieuvergunning worden beschouwd, wanneer zij autonoom en onafhankelijk van elkaar zijn. Wanneer de aanvrager is samengesteld uit een groep natuurlijke personen, moet ten minste de helft van de leden van de groep voldoen aan de voorwaarden van het eerste, tweede en derde lid en de helft van de aandelen bezitten. Indien de aanvrager een rechtspersoon is, moet de meerderheid van de leden voldoen aan de voorwaarden van het eerste, tweede en derde lid en de meerderheid van de aandelen vertegenwoordigen die het kapitaal vertegenwoordigen. Indien de aanvrager wordt opgericht als een CVGL, moet de meerderheid van de leden van de CVGL, met een minimum van drie, voldoen aan de voorwaarden van paragraaf 1, 2° en 3° en de meerderheid van de aandelen vertegenwoordigen. Lid 1, 1° en 4° tot en met 6°, is niet van toepassing op aanvragers die als CVGL zijn opgericht. Afdeling 2. - Subsidiabiliteit van de investering Art. 14.De Minister bepaalt welke investeringen in aanmerking komen wanneer zij worden gedaan en worden toegewezen aan productie-eenheden in het Waalse Gewest. Zij bepaalt ook welke investeringen in aanmerking komen wanneer zij op initiatief van een CVGL worden gedaan. Afdeling 3. - Steun Art. 15.De minister bepaalt de berekening van het steunbedrag en het maximumbedrag dat aan één begunstigde kan worden toegekend. HOOFDSTUK 4. - Steun voor niet-productieve investeringen in landbouwbedrijven. Afdeling 1. -

Art. 16

.Naast de in artikel 6 vastgestelde voorwaarden om voor steun voor niet-productieve investeringen in landbouwbedrijven in aanmerking te komen, moet de aanvrager: 1° aan de definitie van een actieve landbouwer voldoen;2° over de vereiste kwalificatie beschikken;3° ten minste zelfstandig landbouwer in een aanvullende hoedanigheid zijn;4° geen exploitatie hebben die valt onder klasse 1 overeenkomstig het decreet van 11 maart 1999Relevante gevonden documenten type decreet prom. 11/03/1999 pub. 08/06/1999 numac 1999027439 bron ministerie van het waalse gewest Decreet betreffende de milieuvergunning sluiten betreffende de milieuvergunning. Het eerste lid, 3°, is niet van toepassing op verrichtingen die wegens hun geografische eenheid als één enkele inrichting in de zin van artikel 1, 3°, van het decreet van 11 maart 1999Relevante gevonden documenten type decreet prom. 11/03/1999 pub. 08/06/1999 numac 1999027439 bron ministerie van het waalse gewest Decreet betreffende de milieuvergunning sluiten betreffende de milieuvergunning worden beschouwd, wanneer zij autonoom en onafhankelijk van elkaar zijn. Wanneer de aanvrager is samengesteld uit een groep natuurlijke personen, moet ten minste de helft van de leden van de groep voldoen aan de voorwaarden van het eerste, tweede en derde lid en de helft van de aandelen bezitten. Indien de aanvrager een rechtspersoon is, moet de meerderheid van de leden voldoen aan de voorwaarden van het eerste, tweede en derde lid en de meerderheid van de aandelen vertegenwoordigen die het kapitaal vertegenwoordigen. Afdeling 2. - Subsidiabiliteit van de investering Art. 17.De Minister bepaalt welke investeringen in aanmerking komen wanneer zij worden gedaan en worden toegewezen aan productie-eenheden in het Waalse Gewest. Wil de investering in aanmerking komen, dan moet de begunstigde een hydrologische studie voorleggen die het belang van de investering rechtvaardigt. De hydrologische studie op de schaal van het stroomgebied wordt uitgevoerd op verzoek van de bij stroomproblemen betrokken gemeenten en wordt uitgevoerd door de Administratie of door provinciale technische diensten. Afdeling 3. - Bedrag en berekening van de steun Art. 18.De Minister bepaalt de berekening van het steunbedrag en het maximumbedrag dat aan één begunstigde kan worden toegekend. Art. 19.De artikelen 7 en 8 zijn niet van toepassing op steun voor niet-productieve investeringen. De steun wordt toegekend binnen de perken van de beschikbare begrotingskredieten. HOOFDSTUK 5. - Investeringssteun voor bosbouw- en bosuitbatingsbedrijven Afdeling 1. -

Art. 20

.Naast de in artikel 6 vastgestelde voorwaarden om voor steun voor investeringen in bosbouw- en bosuitbatingsbedrijven in aanmerking te komen, moet de aanvrager: 1° bij de Kruispuntbank der Ondernemingen zijn ingeschreven;2° overeenkomen met de definitie van een bosbouw- of bosuitbatingsbedrijf. Voor de toepassing van lid 1, 2°, wordt onder "bosbouw- of bosuitbatingsbedrijf" verstaan een natuurlijke persoon, micro-, kleine of middelgrote onderneming die is opgericht overeenkomstig de artikelen 1:1, 1:24 en 1:25 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen van 23 maart 2019 en die voldoet aan de volgende voorwaarden: 1° het doel ervan is hoofdzakelijk bosbouwwerkzaamheden die overeenkomen met alle bosbouw- of herbebossingswerkzaamheden die bestaan uit het voorbereiden van de bodem, het verwijderen van concurrentie van kruidachtige of struikachtige gewassen, het planten en het verbeteren van de individuele kwaliteit van de bomen, of bosbouwkundige exploitatie die overeenkomt met alle activiteiten in verband met exploitatiewerkzaamheden die aan industriële verwerking voorafgaan;2. een bedrijf zijn in de bosbouwsector als omschreven door de Minister. Afdeling 2. - Subsidiabiliteit van de investering Art. 21.De Minister bepaalt welke investeringen in aanmerking komen wanneer zij worden gedaan en worden toegewezen in het Waalse Gewest. Afdeling 3. - Bedrag en berekening van de steun Art. 22.De Minister bepaalt de berekening van het steunbedrag en het maximumbedrag dat aan één begunstigde kan worden toegekend. HOOFDSTUK 6. - Steun voor investeringen in de primaire verwerking of afzet van landbouwproducten en in niet-agrarische diversificatie Afdeling 1. -

Art. 23.§ 1.

Naast de in artikel 6 vastgestelde voorwaarden om voor steun in aanmerking te komen voor investeringen in de primaire verwerking of afzet van landbouwproducten en in niet-agrarische diversificatie, moet de aanvrager: 1° aan de definitie van een actieve landbouwer voldoen;2° over de vereiste kwalificatie beschikken;3° ten minste zelfstandig landbouwer in een aanvullende hoedanigheid zijn; Wanneer de aanvrager is samengesteld uit een groep natuurlijke personen, moet ten minste de helft van de leden van de groep voldoen aan de voorwaarden van het eerste, tweede en derde lid en de helft van de aandelen bezitten. Indien de aanvrager een rechtspersoon is, moet de meerderheid van de leden voldoen aan de voorwaarden van het eerste, tweede en derde lid en de meerderheid van de aandelen vertegenwoordigen die het kapitaal vertegenwoordigen. Indien de aanvrager wordt opgericht als een CVAV, moet de meerderheid van de leden van de CVAV, met een minimum van drie, voldoen aan de voorwaarden van paragraaf 1, 2° en 3° en de meerderheid van de aandelen vertegenwoordigen. Lid 1, 1°, is niet van toepassing op aanvragers die als CVAV zijn opgericht. §

  1. In afwijking van paragraaf 1 en in aanvulling op de in artikel 6 vastgestelde voorwaarden om in aanmerking te komen voor steun voor investeringen in de eerste verwerking of afzet van landbouwproducten en in niet-agrarische diversificatie, moet de aanvrager een bedrijf voor eerste verwerking en afzet in de agrovoedingssector zijn. Voor de toepassing van lid 1 wordt onder "onderneming voor primaire verwerking en afzet in de agrovoedingssector" verstaan een natuurlijke persoon, een micro-, kleine of middelgrote onderneming die is opgericht overeenkomstig de artikelen 1:1, 1:24 en 1:25 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen van 23 maart 2019 en die voldoet aan de volgende voorwaarden: 1° haar maatschappelijk doel houdt voornamelijk verband met de verwerking of afzet van landbouwproducten;
  2. een bedrijf zijn in de agrovoedingssector als omschreven door de Minister. Afdeling
  3. - Subsidiabiliteit van de investering Art. 24.De Minister bepaalt welke investeringen in aanmerking komen wanneer zij worden gedaan en worden toegewezen aan productie-eenheden in het Waalse Gewest. Afdeling
  4. - Bedrag en berekening van de steun Art. 25.De Minister bepaalt de berekening van het steunbedrag en het maximumbedrag dat aan één begunstigde kan worden toegekend. HOOFDSTUK
  5. - Steun voor de vestiging van jonge landbouwers en plattelandsbedrijven Afdeling
  6. -

Art. 26

.Om in aanmerking te komen voor steun voor de vestiging van jonge landbouwers en jonge bedrijven op het platteland moet de aanvrager: 1° aan de definitie van een jonge landbouwer voldoen;2° aan de definitie van een actieve landbouwer voldoen;3° een landbouwactiviteit uitoefenen;4° in de GBCS worden geïdentificeerd;5° aan een gebondenheidscijfer kleiner dan of gelijk aan één voldoen;6° binnen 24 maanden een conformiteitsattest van de infrastructuren voor de opslag van dierlijke mest verkrijgen;7° aan de voorwaarden van de milieuvergunning overeenkomstig het decreet van 11 maart 1999Relevante gevonden documenten type decreet prom. 11/03/1999 pub. 08/06/1999 numac 1999027439 bron ministerie van het waalse gewest Decreet betreffende de milieuvergunning sluiten betreffende de milieuvergunning voldoen;8° geen exploitatie hebben die valt onder klasse 1 overeenkomstig het decreet van 11 maart 1999Relevante gevonden documenten type decreet prom. 11/03/1999 pub. 08/06/1999 numac 1999027439 bron ministerie van het waalse gewest Decreet betreffende de milieuvergunning sluiten betreffende de milieuvergunning. 9° een bedrijf overnemen of oprichten met een standaard brutoproductie tussen 12.500 euro en 425.000 euro per op het bedrijf aanwezig lid; 10° vanaf de datum van installatie, een beheersboekhouding voeren overeenkomstig artikel 12, eerste lid;11° met de kas voor sociale verzekeringen als ten minste een landbouwer in aanvullende hoedanigheid worden geïdentificeerd;12° zich voor de eerste keer vestigen;13° voor het eerst landbouwer worden, hetzij als hoofdberoep, hetzij als nevenberoep;14° binnen vierentwintig maanden na zijn eerste installatie een met de hulp van een adviseur opgesteld ondernemingsplan overeenkomstig artikel 27 indienen; 15° in een minimum inkomen per lid van 15.000 euro aan het einde van het ondernemingsplan voorzien. Het eerste lid, 8°, is niet van toepassing op verrichtingen die wegens hun geografische eenheid als één enkele inrichting in de zin van artikel 1, 3°, van het decreet van 11 maart 1999Relevante gevonden documenten type decreet prom. 11/03/1999 pub. 08/06/1999 numac 1999027439 bron ministerie van het waalse gewest Decreet betreffende de milieuvergunning sluiten betreffende de milieuvergunning worden beschouwd, wanneer zij autonoom en onafhankelijk van elkaar zijn. De Minister kan de wijze van berekening van het inkomen per lid, bedoeld in het eerste lid, 15°, vaststellen. Art. 27.§

  1. Het bedrijfsplan bevat ten minste de identificatie van de aanvrager, de beschrijving van het bedrijf en de doelstellingen van het plan voor de komende vijf jaar vanaf de datum van vestiging. De inhoud van de in lid 1 vermelde elementen kan door de Minister bepaald worden. §
  2. De in paragraaf 1, eerste lid, bedoelde periode van vijf jaar kan worden teruggebracht tot drie jaar indien de doelstellingen door de jonge landbouwer worden bereikt. Afdeling
  3. - Bedrag van de steun Art. 28.De Minister bepaalt het bedrag van de steun. Afdeling
  4. - Verbintenis Art. 29.De begunstigde van de steun: 1° houdt tot het einde van het bedrijfsplan een boekhouding bij overeenkomstig artikel 12;2° is op het einde van zijn ondernemingsplan als opdrachtgever geïnstalleerd en dit gedurende ten minste drie jaar na het einde van het ondernemingsplan en is als zodanig bij de kas voor sociale verzekeringen geïdentificeerd;3° voldoet aan de voorwaarden van de milieuvergunning overeenkomstig het decreet van 11 maart 1999Relevante gevonden documenten type decreet prom. 11/03/1999 pub. 08/06/1999 numac 1999027439 bron ministerie van het waalse gewest Decreet betreffende de milieuvergunning sluiten betreffende de milieuvergunning;4° heeft geen exploitatie die valt onder klasse 1 overeenkomstig het decreet van 11 maart 1999Relevante gevonden documenten type decreet prom. 11/03/1999 pub. 08/06/1999 numac 1999027439 bron ministerie van het waalse gewest Decreet betreffende de milieuvergunning sluiten betreffende de milieuvergunning;5° handhaaft het koppelingspercentage lager dan of gelijk aan één en het conformiteitsattest van de infrastructuren voor de opslag van dierlijke mest gedurende het gehele bedrijfsplan en gedurende ten minste drie jaar na afloop van het bedrijfsplan; 6° voert zijn ondernemingsplan uit en realiseert een inkomen van minstens 15.000 euro per lid; 7° voert een zelfcontrole uit door jaarlijks de in het bedrijfsplan voorziene resultaatindicatoren te registreren en registreert zijn opmerkingen;8° dient een eindverslag over de uitvoering van het bedrijfsplan in. Het eerste lid, 4°, is niet van toepassing op verrichtingen die wegens hun geografische eenheid als één enkele inrichting in de zin van artikel 1, 3°, van het decreet van 11 maart 1999Relevante gevonden documenten type decreet prom. 11/03/1999 pub. 08/06/1999 numac 1999027439 bron ministerie van het waalse gewest Decreet betreffende de milieuvergunning sluiten betreffende de milieuvergunning worden beschouwd, wanneer zij autonoom en onafhankelijk van elkaar zijn. Afdeling
  5. - Selectieprocedure en betaling van de steun Art. 30.De artikelen 7 en 8 zijn van toepassing op de vestigingssteun voor jonge landbouwers. Art. 31.De betaling geschiedt in schijven op basis van het betalingsverzoek na de geplande controle. De eerste schijf bedraagt 75% van het overeenkomstig artikel 28 berekende steunbedrag. Art. 32.De laatste schijf wordt aan het einde van het plan aan de begunstigde toegekend op voorwaarde dat de doelstellingen zijn bereikt en dat het inkomen per lid in het laatste jaar van het bedrijfsplan ten minste 15.000 euro bedraagt. Het komt overeen met 25% van het krachtens artikel 28 berekende steunbedrag. Art. 33.De jonge landbouwer kan tegelijkertijd profiteren van de installatiesteun en de geplande investeringssteun. HOOFDSTUK
  6. - Algemene bepalingen Art. 34.De subsidiabele bedragen zijn exclusief btw of enige andere vorm van belasting. Art. 35.De steun wordt aan de begunstigden gestort binnen de perken van de beschikbare begrotingskredieten. Als de fondsen ontoereikend zijn, kan de Minister besluiten dat de steunaanvragen niet meer in aanmerking komen vanaf de datum van zijn besluit. Art. 36.Aanvragers die in aanmerking wensen te komen voor de in dit besluit bedoelde steun verbinden zich ertoe geen andere steun van het Waals Gewest in de vorm van een rentesubsidie, subsidie of premie van welke aard ook aan te vragen en te erkennen dat zij deze ook niet zullen aanvragen. Lid 1 is niet van toepassing in het kader van steunaanvragen voor CVAV's en CVGL's. HOOFDSTUK
  7. - Slotbepalingen Art. 37.Opgeheven worden: 1° het besluit van de Waalse Regering van 10 september 2015Relevante gevonden documenten type besluit van de waalse regering prom. 10/09/2015 pub. 26/10/2015 numac 2015204764 bron waalse overheidsdienst Besluit van de Waalse Regering betreffende steun voor ontwikkeling en investering in de landbouwsector sluiten betreffende steun voor ontwikkeling en investering in de landbouwsector, gewijzigd bij de besluiten van de Waalse Regering van 9 juni 2016, 16 juni 2016, 15 december 2016, 2 februari 2017, 19 juli 2018 en 11 februari 2021;2° het ministerieel besluit van 10 september 2015Relevante gevonden documenten type ministerieel besluit prom. 10/09/2015 pub. 26/10/2015 numac 2015204765 bron waalse overheidsdienst Ministerieel besluit tot uitvoering van het besluit van de Waalse Regering van 10 september 2015 betreffende steun voor ontwikkeling en investering in de landbouwsector sluiten tot uitvoering van het besluit van de Waalse Regering van 10 september 2015Relevante gevonden documenten type besluit van de waalse regering prom. 10/09/2015 pub. 26/10/2015 numac 2015204764 bron waalse overheidsdienst Besluit van de Waalse Regering betreffende steun voor ontwikkeling en investering in de landbouwsector sluiten betreffende steun voor ontwikkeling en investering in de landbouwsector, gewijzigd bij de ministeriële besluiten van 28 januari 2016, 21 maart 2016, 16 juni 2016, 2 februari 2017, 19 juli 2018 en 11 februari 2021;3° het ministerieel besluit van 27 november 2017Relevante gevonden documenten type ministerieel besluit prom. 27/11/2017 pub. 13/12/2017 numac 2017206461 bron waalse overheidsdienst Ministerieel besluit betreffende de aanvullende steun voor de investering in de verwerking en de afzet van landbouwproducten of de ontwikkeling van landbouwproducten, alsook voor de investering voor de ondernemingen in de sector van de eerste houtverwerking sluiten betreffende de aanvullende steun voor de investering in de verwerking en de afzet van landbouwproducten of de ontwikkeling van landbouwproducten, alsook voor de investering voor de ondernemingen in de sector van de eerste houtverwerking, gewijzigd bij het ministerieel besluit van 17 december
  8. Art. 38.Op steunaanvragen die tot en met 31 december 2022 worden ingediend in toepassing van Waalse Regering van 10 september 2015 betreffende steun voor ontwikkeling en investering in de landbouwsector, blijven de bepalingen van dit besluit van toepassing. Art. 39.Dit besluit heeft uitwerking op 1 januari
  9. Art. 40.De Minister van Landbouw is belast met de uitvoering van dit besluit. Namen, 23 februari
  10. Voor de Regering: De Minister-President, E. DI RUPO De Minister van Economie, Buitenlandse Handel, Onderzoek, Innovatie, Digitale Technologieën, Ruimtelijke Ordening, Landbouw, het "IFAPME", en de Vaardigheidscentra, W. BORSUS

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.