24 MAART 2023. - Besluit van de Vlaamse Regering over tijdelijke projecten in het basis- en secundair onderwijs in het kader van de herwaardering van het lerarenambt Rechtsgronden Dit besluit is gebas
§ 5
, en artikel 139duodevicies, §
§ 5
, van het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997 kan een school de aanvullende lestijden, vermeld in de voormelde bepalingen, vrij aanwenden;
- e)in afwijking van artikel 142 van het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997 kan een school onbeperkt lestijden overdragen naar een andere school van hetzelfde schoolbestuur als die school deel uitmaakt van het tijdelijke project, en dit over scholengemeenschappen heen;
- f)in afwijking van artikel 142 van het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997 kan een school onbeperkt haar lestijden overdragen naar een volgend schooljaar;
- g)in afwijking van artikel 125duodecies1, § 1, §
§ 6
, artikel 153sexies, § 3, artikel 153septies en 194quater, §
§ 5
, van het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997 kan een school of een scholengemeenschap de punten, vermeld in de voormelde bepalingen, vrij aanwenden;
- h)in afwijking van artikel 163 van het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997 kan een school in het kader van de schoolopdracht de aanwezigheid van de personeelsleden op school ook vragen buiten de periode van normale aanwezigheid van de leerlingen;2° afwijkingen van het decreet van 10 juli 2008Relevante gevonden documenten type decreet prom. 10/07/2008 pub. 03/10/2008 numac 2008203342 bron vlaamse overheid Decreet betreffende het stelsel van leren en werken in de Vlaamse Gemeenschap type decreet prom. 10/07/2008 pub. 09/10/2008 numac 2008036144 bron vlaamse overheid Decreet houdende verlenging van sommige van de tijdelijke projecten die zijn vermeld in het besluit van de Vlaamse Regering van 23 juni 2006 betreffende de organisatie van tijdelijke projecten in het basis- en secundair onderwijs sluiten betreffende het stelsel van leren en werken in de Vlaamse Gemeenschap :
- a)in afwijking van artikel 90, § 1, 3°, van het decreet van 10 juli 2008Relevante gevonden documenten type decreet prom. 10/07/2008 pub. 03/10/2008 numac 2008203342 bron vlaamse overheid Decreet betreffende het stelsel van leren en werken in de Vlaamse Gemeenschap type decreet prom. 10/07/2008 pub. 09/10/2008 numac 2008036144 bron vlaamse overheid Decreet houdende verlenging van sommige van de tijdelijke projecten die zijn vermeld in het besluit van de Vlaamse Regering van 23 juni 2006 betreffende de organisatie van tijdelijke projecten in het basis- en secundair onderwijs sluiten betreffende het stelsel van leren en werken in de Vlaamse Gemeenschap kan een centrum meer dan maximaal 20% van het pakket uren-leraar omzetten in een krediet voor voordrachtgevers;
- b)in afwijking van artikel 90, § 2, van het decreet van 10 juli 2008Relevante gevonden documenten type decreet prom. 10/07/2008 pub. 03/10/2008 numac 2008203342 bron vlaamse overheid Decreet betreffende het stelsel van leren en werken in de Vlaamse Gemeenschap type decreet prom. 10/07/2008 pub. 09/10/2008 numac 2008036144 bron vlaamse overheid Decreet houdende verlenging van sommige van de tijdelijke projecten die zijn vermeld in het besluit van de Vlaamse Regering van 23 juni 2006 betreffende de organisatie van tijdelijke projecten in het basis- en secundair onderwijs sluiten betreffende het stelsel van leren en werken in de Vlaamse Gemeenschap kan een centrum bij een vastgesteld lerarentekort vanaf 1 september van het lopende schooljaar meer dan 20% van de uren-leraar die aan het centrum zijn toegekend, omzetten in punten voor de aanwending ervan in ambten van het ondersteunend personeel;
- c)in afwijking van artikel 90, § 2, van het decreet van 10 juli 2008Relevante gevonden documenten type decreet prom. 10/07/2008 pub. 03/10/2008 numac 2008203342 bron vlaamse overheid Decreet betreffende het stelsel van leren en werken in de Vlaamse Gemeenschap type decreet prom. 10/07/2008 pub. 09/10/2008 numac 2008036144 bron vlaamse overheid Decreet houdende verlenging van sommige van de tijdelijke projecten die zijn vermeld in het besluit van de Vlaamse Regering van 23 juni 2006 betreffende de organisatie van tijdelijke projecten in het basis- en secundair onderwijs sluiten betreffende het stelsel van leren en werken in de Vlaamse Gemeenschap kan een centrum bij een vastgesteld lerarentekort vanaf 1 september het deel van de niet-vacante betrekking in een wervingsambt van het bestuurs- en onderwijzend personeel waarvan de titularis voor het volledige schooljaar afwezig is door een of meer van volgende verlofstelsels, omzetten in punten voor de aanwending ervan in ambten van het ondersteunend personeel: 1) verlof wegens verminderde prestaties vanaf de leeftijd van 55 jaar als vermeld in artikel 5, § 1, eerste lid, 3°, van het besluit van de Vlaamse Regering van 26 april 1990 betreffende het verlof en de afwezigheid voor verminderde prestaties;2) gedeeltelijke loopbaanonderbreking vanaf de leeftijd van 50 of 55 jaar als vermeld in artikel 9 van het besluit van de Vlaamse Regering van 9 september 2011Relevante gevonden documenten type besluit van de vlaamse regering prom. 09/09/2011 pub. 05/12/2011 numac 2011205980 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering betreffende de loopbaanonderbreking van de personeelsleden van het onderwijs en de centra voor leerlingenbegeleiding sluiten betreffende de loopbaanonderbreking van de personeelsleden van het onderwijs en de centra voor leerlingenbegeleiding;3) verlof wegens bijzondere opdracht als vermeld in artikel 77quater van het decreet rechtspositie personeelsleden gemeenschapsonderwijs van 27 maart 1991 of artikel 51quater van het decreet rechtspositie personeelsleden gesubsidieerd onderwijs van 27 maart 1991;4) verlof wegens opdracht als vermeld in artikel 77quater van het decreet rechtspositie personeelsleden gemeenschapsonderwijs van 27 maart 1991 of artikel 51quater van het decreet rechtspositie personeelsleden gesubsidieerd onderwijs van 27 maart 1991;5) verlof voor vakbondsopdrachten als vermeld in artikel 29 van het koninklijk besluit van 15 januari 1974 genomen ter toepassing van artikel 160 van het koninklijk besluit van 22 maart 1969 tot vaststelling van het statuut van de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel, van het opvoedend hulppersoneel, van het paramedisch personeel der inrichtingen van kleuter-, lager, buitengewoon, middelbaar, technisch, kunst- en normaalonderwijs van de Staat, alsmede der internaten die van deze inrichtingen afhangen en van de leden van de inspectiedienst die belast is met het toezicht op deze inrichtingen;6) verlof om een ambt uit te oefenen in een ministerieel kabinet als vermeld in artikel 2 tot en met 5 van het besluit van de Vlaamse regering van 28 juli 1995 betreffende het verlof om een ambt uit te oefenen in een ministerieel kabinet van een lid van een Gemeenschaps- of Gewestregering, van een lid van de federale regering of van een gewestelijk staatssecretaris, en bij een secretariaat, de cel algemene beleidscoördinatie en een cel algemeen beleid bij een lid van de federale regering door personeelsleden van het onderwijs en van de centra voor leerlingenbegeleiding;7) verlof voor erkende politieke groepen als vermeld in artikel 2 van het besluit van de Vlaamse regering van 19 december 1991 betreffende het verlof dat aan de personeelsleden van het onderwijs en de psycho-medisch-sociale centra wordt verleend voor het verrichten van bepaalde prestaties ten behoeve van in de wetgevende vergaderingen van de Staat en van de Gemeenschappen of de Gewesten erkende politieke groepen, respectievelijk ten behoeve van de voorzitters van die groepen; 8) politiek verlof als vermeld als vermeld in artikel V.30 tot en met V.35 van de Codificatie sommige bepalingen voor het onderwijs van 28 oktober 2016; 9) verlof dat toegekend is aan personeelsleden die ter beschikking van de koning worden gesteld als vermeld in artikel 39 van het koninklijk besluit van 15 januari 1974 genomen ter toepassing van artikel 160 van het koninklijk besluit van 22 maart 1969 tot vaststelling van het statuut van de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel, van het opvoedend hulppersoneel, van het paramedisch personeel der inrichtingen van het kleuter-, lager, buitengewoon, middelbaar, technisch, kunst- en normaalonderwijs van de Staat, alsmede der internaten die van deze inrichtingen afhangen en van de leden van de inspectiedienst die belast is met het toezicht op deze inrichtingen;10) verlof voor verminderde prestaties als vermeld in hoofdstuk II van het besluit van de Vlaamse Regering van 26 april 1990 betreffende het verlof en de afwezigheid voor verminderde prestaties;11) afwezigheid voor verminderde prestaties als vermeld in hoofdstuk III van het besluit van de Vlaamse Regering van 26 april 1990 betreffende het verlof en de afwezigheid voor verminderde prestaties;3° afwijkingen van de Codex secundair onderwijs van 17 december 2010 :
- a)in afwijking van artikel 3, 47°, van de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010 kan een school de duur van een lesuur voor de leerlingen op 40 minuten bepalen, zonder dat de duur van dat lesuur impact heeft op de prestatienoemer van het personeelslid dat aangesteld is in het vak of de specialiteit dat aan dat lesuur is gekoppeld, op voorwaarde dat het aantal wekelijkse lesuren op jaarbasis dat voor de leerlingen vastgelegd is, gerespecteerd wordt;
- b)in afwijking van artikel 22/18 en 22/21 van de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010 kan een school de uren-leraar of lesuren aanvangsbegeleiding en de aanvullende uren-leraar of lesuren voor de ondersteuning van de kerntaak van het onderwijzend personeel vrij aanwenden;
- c)in afwijking van artikel 211, § 3bis, van de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010 kan een school omgerekend naar schooljaarbasis meer dan het maximum van vier uren-leraar van het aantal lesuren van de wekelijkse lessentabel van het structuuronderdeel in kwestie aan voordrachtgevers besteden of meer dan het maximum van zes uren-leraar in de structuuronderdelen van het studiegebied Ballet, het structuuronderdeel Defensie en veiligheid en het structuuronderdeel Integrale veiligheid;
- d)in afwijking van artikel 211, § 4, eerste en tweede lid, van de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010 kan een school bij een vastgesteld lerarentekort vanaf 1 september van het lopende schooljaar meer dan 20% van de uren-leraar die aan de school zijn toegekend, omzetten in punten voor de aanwending ervan in ambten van het ondersteunend personeel;
- e)in afwijking van artikel 211, § 4, eerste en tweede lid, van de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010 kan een school bij een vastgesteld lerarentekort vanaf 1 september het deel van de niet-vacante betrekking in een wervingsambt van het bestuurs- en onderwijzend personeel waarvan de titularis voor het volledige schooljaar afwezig is door een of meer van de volgende verlofstelsels, omzetten in punten voor de aanwending ervan in ambten van het ondersteunend personeel : 1) verlof wegens verminderde prestaties vanaf de leeftijd van 55 jaar als vermeld in artikel 5, § 1, eerste lid, 3°, van het besluit van de Vlaamse Regering van 26 april 1990 betreffende het verlof en de afwezigheid voor verminderde prestaties;2) gedeeltelijke loopbaanonderbreking vanaf de leeftijd van 50 of 55 jaar als vermeld in artikel 9 van het besluit van de Vlaamse Regering van 9 september 2011Relevante gevonden documenten type besluit van de vlaamse regering prom. 09/09/2011 pub. 05/12/2011 numac 2011205980 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering betreffende de loopbaanonderbreking van de personeelsleden van het onderwijs en de centra voor leerlingenbegeleiding sluiten betreffende de loopbaanonderbreking van de personeelsleden van het onderwijs en de centra voor leerlingenbegeleiding;3) verlof wegens bijzondere opdracht als vermeld in artikel 77quater van het decreet rechtspositie personeelsleden gemeenschapsonderwijs van 27 maart 1991 of artikel 51quater van het decreet rechtspositie personeelsleden gesubsidieerd onderwijs van 27 maart 1991;4) verlof wegens opdracht als vermeld in artikel 77quater van het decreet rechtspositie personeelsleden gemeenschapsonderwijs van 27 maart 1991 of artikel 51quater van het decreet rechtspositie personeelsleden gesubsidieerd onderwijs van 27 maart 1991;5) verlof voor vakbondsopdrachten als vermeld in artikel 29 van het koninklijk besluit van 15 januari 1974 genomen ter toepassing van artikel 160 van het koninklijk besluit van 22 maart 1969 tot vaststelling van het statuut van de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel, van het opvoedend hulppersoneel, van het paramedisch personeel der inrichtingen van kleuter-, lager, buitengewoon, middelbaar, technisch, kunst- en normaalonderwijs van de Staat, alsmede der internaten die van deze inrichtingen afhangen en van de leden van de inspectiedienst die belast is met het toezicht op deze inrichtingen;6) verlof om een ambt uit te oefenen in een ministerieel kabinet als vermeld in artikel 2 tot en met 5 van het besluit van de Vlaamse regering van 28 juli 1995 betreffende het verlof om een ambt uit te oefenen in een ministerieel kabinet van een lid van een Gemeenschaps- of Gewestregering, van een lid van de federale regering of van een gewestelijk staatssecretaris, en bij een secretariaat, de cel algemene beleidscoördinatie en een cel algemeen beleid bij een lid van de federale regering door personeelsleden van het onderwijs en van de centra voor leerlingenbegeleiding;7) verlof voor erkende politieke groepen als vermeld in artikel 2 van het besluit van de Vlaamse regering van 19 december 1991 betreffende het verlof dat aan de personeelsleden van het onderwijs en de psycho-medisch-sociale centra wordt verleend voor het verrichten van bepaalde prestaties ten behoeve van in de wetgevende vergaderingen van de Staat en van de Gemeenschappen of de Gewesten erkende politieke groepen, respectievelijk ten behoeve van de voorzitters van die groepen; 8) politiek verlof als vermeld als vermeld in artikel V.30 tot en met V.35 van de Codificatie sommige bepalingen voor het onderwijs van 28 oktober 2016; 9) verlof dat toegekend is aan personeelsleden die ter beschikking van de koning worden gesteld als vermeld in artikel 39 van het koninklijk besluit van 15 januari 1974 genomen ter toepassing van artikel 160 van het koninklijk besluit van 22 maart 1969 tot vaststelling van het statuut van de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel, van het opvoedend hulppersoneel, van het paramedisch personeel der inrichtingen van het kleuter-, lager, buitengewoon, middelbaar, technisch, kunst- en normaalonderwijs van de Staat, alsmede der internaten die van deze inrichtingen afhangen en van de leden van de inspectiedienst die belast is met het toezicht op deze inrichtingen;10) verlof voor verminderde prestaties als vermeld in hoofdstuk II van het besluit van de Vlaamse Regering van 26 april 1990 betreffende het verlof en de afwezigheid voor verminderde prestaties;11) afwezigheid voor verminderde prestaties als vermeld in hoofdstuk III van het besluit van de Vlaamse Regering van 26 april 1990 betreffende het verlof en de afwezigheid voor verminderde prestaties;
- f)in afwijking van artikel 212 van de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010 kan een school meer dan 3% van het aantal wekelijkse uren-leraar aanwenden voor uren die geen lesuren zijn en organiseren als bijzondere pedagogische taken zonder dat daarvoor een akkoord nodig is van het lokaal comité, bevoegd inzake arbeidsvoorwaarden en personeelsaangelegenheden;
- g)in afwijking van artikel 307 van de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010 kan een school de uren klassenraad, klassendirectie en bijscholing en begeleiding vrij aanwenden;
- h)in afwijking van artikel 308/3, eerste en tweede lid, van de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010 kan een school bij een vastgesteld lerarentekort vanaf 1 september van het lopende schooljaar meer dan 20% van de lesuren die aan de school zijn toegekend, omzetten in punten voor de aanwending ervan in ambten van het ondersteunend personeel of in uren voor de aanwending ervan in ambten van het paramedisch, medisch, sociaal, psychologische en orthopedagogisch personeel;
- i)in afwijking van artikel 308/3, eerste en tweede lid, van de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010 kan een school bij een vastgesteld lerarentekort vanaf 1 september het deel van de niet-vacante betrekking in een wervingsambt van het bestuurs- en onderwijzend personeel waarvan de titularis voor het volledige schooljaar afwezig is door een of meer van de volgende verlofstelsels, omzetten in punten voor de aanwending ervan in ambten van het ondersteunend personeel of in uren voor de aanwending ervan in ambten van het paramedisch, medisch, sociaal, psychologisch en orthopedagogisch personeel: 1) verlof wegens verminderde prestaties vanaf de leeftijd van 55 jaar als vermeld in artikel 5, § 1, eerste lid, 3°, van het besluit van de Vlaamse Regering van 26 april 1990 betreffende het verlof en de afwezigheid voor verminderde prestaties;2) gedeeltelijke loopbaanonderbreking vanaf de leeftijd van 50 of 55 jaar als vermeld in artikel 9 van het besluit van de Vlaamse Regering van 9 september 2011Relevante gevonden documenten type besluit van de vlaamse regering prom. 09/09/2011 pub. 05/12/2011 numac 2011205980 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering betreffende de loopbaanonderbreking van de personeelsleden van het onderwijs en de centra voor leerlingenbegeleiding sluiten betreffende de loopbaanonderbreking van de personeelsleden van het onderwijs en de centra voor leerlingenbegeleiding;3) verlof wegens bijzondere opdracht als vermeld in artikel 77quater van het decreet rechtspositie personeelsleden gemeenschapsonderwijs van 27 maart 1991 of artikel 51quater van het decreet rechtspositie personeelsleden gesubsidieerd onderwijs van 27 maart 1991;4) verlof wegens opdracht als vermeld in artikel 77quater van het decreet rechtspositie personeelsleden gemeenschapsonderwijs van 27 maart 1991 of artikel 51quater van het decreet rechtspositie personeelsleden gesubsidieerd onderwijs van 27 maart 1991;5) verlof voor vakbondsopdrachten als vermeld in artikel 29 van het koninklijk besluit van 15 januari 1974 genomen ter toepassing van artikel 160 van het koninklijk besluit van 22 maart 1969 tot vaststelling van het statuut van de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel, van het opvoedend hulppersoneel, van het paramedisch personeel der inrichtingen van kleuter-, lager, buitengewoon, middelbaar, technisch, kunst- en normaalonderwijs van de Staat, alsmede der internaten die van deze inrichtingen afhangen en van de leden van de inspectiedienst die belast is met het toezicht op deze inrichtingen;6) verlof om een ambt uit te oefenen in een ministerieel kabinet als vermeld in artikel 2 tot en met 5 van het besluit van de Vlaamse regering van 28 juli 1995 betreffende het verlof om een ambt uit te oefenen in een ministerieel kabinet van een lid van een Gemeenschaps- of Gewestregering, van een lid van de federale regering of van een gewestelijk staatssecretaris, en bij een secretariaat, de cel algemene beleidscoördinatie en een cel algemeen beleid bij een lid van de federale regering door personeelsleden van het onderwijs en van de centra voor leerlingenbegeleiding;7) verlof voor erkende politieke groepen als vermeld in artikel 2 van het besluit van de Vlaamse regering van 19 december 1991 betreffende het verlof dat aan de personeelsleden van het onderwijs en de psycho-medisch-sociale centra wordt verleend voor het verrichten van bepaalde prestaties ten behoeve van in de wetgevende vergaderingen van de Staat en van de Gemeenschappen of de Gewesten erkende politieke groepen, respectievelijk ten behoeve van de voorzitters van die groepen; 8) politiek verlof als vermeld in als vermeld in artikel V.30 tot en met V.35 van de Codificatie sommige bepalingen voor het onderwijs van 28 oktober 2016; 9) verlof dat toegekend is aan personeelsleden die ter beschikking van de koning worden gesteld als vermeld in artikel 39 van het koninklijk besluit van 15 januari 1974 genomen ter toepassing van artikel 160 van het koninklijk besluit van 22 maart 1969 tot vaststelling van het statuut van de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel, van het opvoedend hulppersoneel, van het paramedisch personeel der inrichtingen van het kleuter-, lager, buitengewoon, middelbaar, technisch, kunst- en normaalonderwijs van de Staat, alsmede der internaten die van deze inrichtingen afhangen en van de leden van de inspectiedienst die belast is met het toezicht op deze inrichtingen;10) verlof voor verminderde prestaties als vermeld in hoofdstuk II van het besluit van de Vlaamse Regering van 26 april 1990 betreffende het verlof en de afwezigheid voor verminderde prestaties;11) afwezigheid voor verminderde prestaties als vermeld in hoofdstuk III van het besluit van de Vlaamse Regering van 26 april 1990 betreffende het verlof en de afwezigheid voor verminderde prestaties; 4° in afwijking van artikel VI.
VI.7 van de Codificatie sommige bepalingen voor het onderwijs van 28 oktober 2016 kan een school de puntenenveloppe voor ICT-coördinatie vrij aanwenden; 5° in afwijking van artikel 3, § 1, van het besluit van de Vlaamse regering van 17 april 1991 tot organisatie van het schooljaar in het basisonderwijs en in het deeltijds onderwijs georganiseerd, erkend of gesubsidieerd door de Vlaamse Gemeenschap, kan een school de lessen voor de leerlingen van maandag tot en met vrijdag spreiden over minder dan vijf dagen van de week;6° afwijkingen van het besluit van de Vlaamse regering van 29 april 1992 betreffende de verdeling van betrekkingen, de terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking, de reaffectatie, de wedertewerkstelling en de toekenning van een wachtgeld of wachtgeldtoelage:
- a)in afwijking van artikel 34, § 1, van het voormelde besluit hoeft het schoolbestuur voor de school die deelneemt aan het tijdelijke project, alleen de verplichtingen voor reaffectatie en wedertewerkstelling na te leven op het niveau van de school zelf als vermeld in artikel 34, § 1, A, 2°, a), artikel 34, § 1, B, 2°, a), of artikel 34, § 1, C, 2°, a), van het voormelde besluit;
- b)in afwijking van artikel 34, § 1, A, 6°, of van artikel 34, § 1, C, 6°, van het voormelde besluit kan een school bij een aanstelling in een vacante of niet-vacante betrekking afwijken van de opgelegde volgorde en in de betrekking een tijdelijk personeelslid voor bepaalde duur aanstellen;
- c)in afwijking van artikel 36, § 2, van het voormelde besluit hoeft het schoolbestuur voor de school die deelneemt aan het tijdelijke project, alleen de verplichtingen voor reaffectatie en wedertewerkstelling na te leven op het niveau van de school zelf als vermeld in artikel 36, § 2, A, 1°, a), artikel 36, § 2, B, 1°, a), of artikel 36, § 2, C, 1°, a), van het voormelde besluit;7° afwijkingen van het besluit van de Vlaamse regering van 17 juni 1997Relevante gevonden documenten type besluit van de vlaamse regering prom. 17/06/1997 pub. 11/09/1997 numac 1997035972 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Besluit van de Vlaamse regering betreffende de opdracht van het personeel in het basisonderwijs type besluit van de vlaamse regering prom. 17/06/1997 pub. 27/08/1997 numac 1997035953 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Besluit van de Vlaamse regering betreffende de personeelsformatie in het buitengewoon basisonderwijs type besluit van de vlaamse regering prom. 17/06/1997 pub. 12/09/1997 numac 1997035969 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Besluit van de Vlaamse regering betreffende de personeelsformatie in het gewoon basisonderwijs sluiten betreffende de personeelsformatie in het gewoon basisonderwijs :
- a)in afwijking van artikel 20bis, 20quinquies en 22ter van het voormelde besluit kan een school de aanvullende lestijden, vermeld in de voormelde artikelen, vrij aanwenden;
- b)in afwijking van artikel 27quaterdecies van het voormelde besluit kan een school de puntenenveloppe voor administratieve en beleidsondersteuning vrij aanwenden;8° afwijkingen van het besluit van de Vlaamse regering van 17 juni 1997Relevante gevonden documenten type besluit van de vlaamse regering prom. 17/06/1997 pub. 11/09/1997 numac 1997035972 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Besluit van de Vlaamse regering betreffende de opdracht van het personeel in het basisonderwijs type besluit van de vlaamse regering prom. 17/06/1997 pub. 27/08/1997 numac 1997035953 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Besluit van de Vlaamse regering betreffende de personeelsformatie in het buitengewoon basisonderwijs type besluit van de vlaamse regering prom. 17/06/1997 pub. 12/09/1997 numac 1997035969 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Besluit van de Vlaamse regering betreffende de personeelsformatie in het gewoon basisonderwijs sluiten betreffende de personeelsformatie in het buitengewoon basisonderwijs en betreffende coördinatieopdrachten door ondersteuningsnetwerken in het basis- en secundair onderwijs :
- a)in afwijking van artikel 2, 8 en 12 van het voormelde besluit kan een school wekelijks één lestijd van de twee lestijden onderwijs in de erkende godsdiensten en in de zedenleer die op die godsdiensten berust, en in de niet-confessionele zedenleer een andere aanwending geven;
- b)in afwijking van artikel 13bis, 13sexies en 14 van het voormelde besluit kan een school de aanvullende lestijden, vermeld in de voormelde artikelen, vrij aanwenden;
- c)in afwijking van artikel 25quinquies van het voormelde besluit kan een school de puntenenveloppe voor administratieve en beleidsondersteuning vrij aanwenden;9° in afwijking van artikel 8 van het besluit van de Vlaamse regering van 17 juni 1997Relevante gevonden documenten type besluit van de vlaamse regering prom. 17/06/1997 pub. 11/09/1997 numac 1997035972 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Besluit van de Vlaamse regering betreffende de opdracht van het personeel in het basisonderwijs type besluit van de vlaamse regering prom. 17/06/1997 pub. 27/08/1997 numac 1997035953 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Besluit van de Vlaamse regering betreffende de personeelsformatie in het buitengewoon basisonderwijs type besluit van de vlaamse regering prom. 17/06/1997 pub. 12/09/1997 numac 1997035969 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Besluit van de Vlaamse regering betreffende de personeelsformatie in het gewoon basisonderwijs sluiten betreffende de opdracht van het personeel in het basisonderwijs kan een school in het kader van de schoolopdracht de aanwezigheid van de personeelsleden op school ook vragen buiten de periode van normale aanwezigheid van de leerlingen;10° afwijking van het besluit van de Vlaamse regering van 31 augustus 2001Relevante gevonden documenten type besluit van de vlaamse regering prom. 31/08/2001 pub. 24/10/2001 numac 2001036202 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Besluit van de Vlaamse regering houdende de organisatie van het schooljaar in het secundair onderwijs sluiten houdende de organisatie van het schooljaar in het secundair onderwijs:
- a)in afwijking van artikel 3, § 1, van het voormelde besluit kan een school de lessen voor de leerlingen van maandag tot en met vrijdag spreiden over minder dan negen halve lesdagen;
- b)in afwijking van artikel 6, 2°, maar met behoud van artikel 8, tweede lid, 1°, van het voormelde besluit kan een school de lessen voor meer dan een dag per schooljaar schorsen om een pedagogische studiedag te houden. De specifieke afwijkingen van de regelgeving, vermeld in het eerste lid, die een schoolbestuur voor zijn school of scholen binnen het tijdelijke project kan gebruiken, worden voor elk tijdelijk project in het basisonderwijs opgenomen in bijlage 1, die bij dit besluit is gevoegd, en voor elk tijdelijk project in het secundair onderwijs in bijlage 2, die bij dit besluit is gevoegd. § 2. De betrekkingen die een school opricht met toepassing van paragraaf 1, eerste lid, 1°,
- a)tot en met g), 2°,
- b)en c), en 3°, b), d), e), g),
- h)en i), komen niet in aanmerking voor vacantverklaring en het schoolbestuur kan in geen geval een personeelslid vast benoemen, affecteren of muteren in die betrekkingen. Art. 8.Als het expertenpanel, vermeld in artikel 10, § 1, bij een tijdelijk project vaststelt dat een of meer doelstellingen, vermeld in artikel 3, niet nageleefd worden of dat de toegepaste afwijking van de regelgeving niet conform artikel 7 is, formuleert het expertenpanel een voorstel aan de Vlaamse Regering om het tijdelijke project in kwestie binnen een redelijke termijn die het expertenpanel vastlegt, bij te sturen of om de afwijking in kwestie te beëindigen. Om de voormelde redelijke termijn te bepalen, houdt het expertenpanel alvast rekening met de belangen van leerlingen en personeelsleden van de school of scholen in kwestie. Als het tijdelijke project ingevolge de beslissing van de Vlaamse Regering, vermeld in het eerste lid, niet wordt bijgestuurd of als de toepassing van de afwijking, vermeld in het eerste lid, niet wordt beëindigd binnen een redelijke termijn, beslist de Vlaamse Regering tot stopzetting van het tijdelijke project en houden de afwijkingen van de regelgeving, vermeld in artikel 7, op te bestaan. HOOFDSTUK 4. - Opvolging, begeleiding en evaluatie Art. 9.Elk tijdelijk project, vermeld in artikel 5 en 6, zorgt voor een interne evaluatie van de maatregelen die genomen worden om het tijdelijke project uit te voeren. Die evaluatie steunt op een duidelijk nul moment of een duidelijke startsituatie. Art. 10.§ 1. Er wordt een expertenpanel opgericht dat belast is met de opvolging en de evaluatie van de tijdelijke projecten. Het expertenpanel is samengesteld uit al de volgende leden: 1° een afgevaardigde van de Vlaamse minister, bevoegd voor onderwijs en vorming, die het voorzitterschap op zich neemt;2° een afgevaardigde van de Vlaamse minister, bevoegd voor binnenlands bestuur en het stedenbeleid, de gelijke kansen, de integratie en de inburgering, de human resources en de audit van de Vlaamse overheid;3° een afgevaardigde van de Vlaamse minister, bevoegd voor het welzijn, de gezondheids- en woonzorg, opgroeien, de personen met een beperking, de sociale bescherming, de zorginfrastructuur en de zeevisserij;4° een afgevaardigde van de Vlaamse minister, bevoegd voor het budgettair beleid, de fiscaliteit, de financiële operaties, de boekhouding, het woonbeleid en het onroerend erfgoed;5° twee afgevaardigden van het Departement Onderwijs en Vorming, vermeld in artikel 22, § 1, van het besluit van de Vlaamse Regering van 3 juni 2005Relevante gevonden documenten type besluit van de vlaamse regering prom. 03/06/2005 pub. 22/09/2005 numac 2005036144 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Besluit van de Vlaamse Regering met betrekking tot de organisatie van de Vlaamse administratie sluiten met betrekking tot de organisatie van de Vlaamse administratie;6° twee afgevaardigden van het Agentschap voor Onderwijsdiensten;7° een afgevaardigde van de Onderwijsinspectie;8° een afgevaardigde van het Gemeenschapsonderwijs;9° een afgevaardigde van het Provinciaal Onderwijs Vlaanderen;10° een afgevaardigde van het Onderwijssecretariaat van Vlaamse Steden en Gemeenten;11° een afgevaardigde van Katholiek Onderwijs Vlaanderen;12° een afgevaardigde van het Overleg Kleine Onderwijsverstrekkers;13° een afgevaardigde van de Algemene Centrale der Openbare Diensten;14° twee afgevaardigden van de Federatie van de Christelijke Syndicaten der Openbare Diensten;15° een afgevaardigde van het Vrij Syndicaat voor het Openbaar Ambt;16° maximaal drie wetenschappelijke experten, die aangewezen worden door de voorzitter van het expertenpanel. § 2. Zodra het expertenpanel, vermeld in paragraaf 1, is samengesteld, volgt het de tijdelijke projecten op, vermeld in artikel 5 en 6, zonder enige vorm van sturing of inmenging. De schoolbesturen en scholen die deelnemen aan de tijdelijke projecten, vermeld in artikel 5 en 6, verlenen hun medewerking aan de werkzaamheden, al dan niet ter plaatse, van het expertenpanel. De opvolging door het expertenpanel mondt uit in een eindevaluatie van de tijdelijke projecten, vermeld in artikel 5 en 6, in het schooljaar 2024-2025. De voormelde eindevaluatie resulteert in een rapport met beleidsbeslissingen over de wenselijkheid, de haalbaarheid en de budgettaire inpasbaarheid van wijzigingen in de geldende wetgeving en de regelgeving in het kader van de knelpunten, vermeld in artikel 3, § 2, tweede lid. Dat rapport wordt aan de Vlaamse Regering bezorgd. HOOFDSTUK 5. - Slotbepalingen Art. 11.Artikel 1 tot en met 6 en artikel 9 tot en met 10 van dit besluit hebben uitwerking met ingang van 1 september 2022 en treden buiten werking op 1 september 2025. Artikel 7 en 8 treden in werking op de dag van de bekrachtiging van dit besluit door de Vlaamse Regering volgend op de stemming ervan in het Vlaams parlement en treedt buiten werking op 1 september 2025. Art. 12.De Vlaamse minister, bevoegd voor onderwijs en vorming, is belast met de uitvoering van dit besluit. Brussel, 24 maart 2023. De minister-president van de Vlaamse Regering, J. JAMBON De Vlaamse minister van Onderwijs, Sport, Dierenwelzijn en Vlaamse Rand, B. WEYTS Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld