de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie inzake slachtofferzorg voor het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad
hierna wezen zullen, Onze Groet. De Kamer van volksvertegenwoordigers heeft aangenomen
Wij bekrachtigen, hetgeen volgt : Artikel 1.Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 74 van de Grondwet. Art. 2.Het Samenwerkingsakkoord tussen de Federale Staat, de Franse Gemeenschap, de Vlaamse Gemeenschap, de Franse Gemeenschapscommissie
de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie inzake slachtofferzorg voor het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad wordt goedgekeurd. Kondigen deze wet af, bevelen dat zij met 's Lands zegel zal worden bekleed
door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt. Gegeven te Brussel, 28 maart 2024. FILIP Van Koningswege : De Minister van Justitie, P. VAN TIGCHELT De Minister van Binnenlandse Zaken, A. VERLINDEN Met 's Lands zegel gezegeld : De Minister van Justitie, P. VAN TIGCHELT _______ Nota
de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie inzake slachtofferzorg voor het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad Gelet op de artikelen 128, § 1, 135
138 van de Grondwet; Gelet op de bijzondere wet van 8 augustus 1980Relevante gevonden documenten type wet prom. 08/08/1980 pub. 11/12/2007 numac 2007000980 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Bijzondere wet tot hervorming der instellingen. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten tot hervorming der instellingen, inzonderheid artikel 92bis, § 1, gewijzigd door de bijzondere wet van 6 januari 2014; Gelet op de Richtlijn 2010/64/UE van het Europees Parlement
Raad van 20 oktober 2010 betreffende het recht op vertolking
vertaling in strafprocedures; Gelet op het Verdrag van de Raad van Europa van 11 mei 2011 inzake het voorkomen
bestrijden van geweld tegen vrouwen
huiselijk geweld; Gelet op de Richtlijn 2012/29/EU van het Europees Parlement
de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van minimumnormen voor de rechten, de ondersteuning
de bescherming van slachtoffers van strafbare feiten,
ter vervanging van Kaderbesluit 2001/220/JBZ van de Raad; Gelet op de Richtlijn 2017/541 van het Europees Parlement
de Raad van 15 maart 2017 inzake terrorismebestrijding
ter vervanging van Kaderbesluit 2002/475/JBZ van de Raad
tot wijziging van Besluit 2005/671/JBZ van de Raad; Gelet op het overleg voorzien in het kader samenwerkingsakkoord van 27 februari 2014Relevante gevonden documenten type samenwerkingsakkoord prom. 27/02/2014 pub. 19/05/2014 numac 2014203119 bron waalse overheidsdienst Kaderakkoord tot samenwerking tussen de Franse Gemeenschap, het Waals Gewest
de Franse Gemeenschapscommissie betreffende het inter-Franstalig overleg inzake gezondheid
bijstand aan personen
betreffende gemeenschappelijke principes die op deze laatsten van toepassing zijn sluiten tussen de Franse Gemeenschap, het Waalse Gewest
de Franse Gemeenschapscommissie betreffende het overleg tussen Franstaligen inzake gezondheidsbeleid
bijstand aan personen
de gemeenschappelijke beginselen die in deze aangelegenheden toepasselijk zijn; Overwegende dat de bevoegdheden inzake slachtofferzorg verdeeld zijn tussen de Federale staat, de Gemeenschappen
de Gewesten; Overwegende dat deze versnippering van de bevoegdheden
de verspreiding van het personeel
van de bijhorende materiële
financiële middelen een doeltreffend, effectief, coherent
geïntegreerd slachtofferbeleid kunnen belemmeren; Overwegende dat een structurele samenwerking tussen de Federale Staat, de Franse Gemeenschap, de Vlaamse Gemeenschap, de Franse Gemeenschapscommissie
de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie noodzakelijk is om tot een kwaliteitsvolle zorg
dienstverlening aan slachtoffers te komen; Overwegende dat een optimale
goed ontwikkelde slachtofferzorg secundaire victimisering zo veel mogelijk moet beperken
alle gevolgen van het slachtofferschap in de mate van het mogelijke moet herstellen; Overwegende dat de Grondwet
de bijzondere wet van 8 augustus 1980Relevante gevonden documenten type wet prom. 08/08/1980 pub. 11/12/2007 numac 2007000980 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Bijzondere wet tot hervorming der instellingen. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten tot hervorming der instellingen de mogelijkheid voorzien dat de vermelde overheden een samenwerkingsakkoord inzake slachtofferzorg sluiten; De partijen: De Federale Staat, vertegenwoordigd door de federale regering, in de persoon van de minister van Justitie
de minister van Binnenlandse Zaken; De Franse Gemeenschap, vertegenwoordigd door de regering van de Franse Gemeenschap, in de persoon van de minister-president, de minister van Hulpverlening aan de jeugd
van de Justitiehuizen
de minister van Kind; De Vlaamse Gemeenschap, vertegenwoordigd door de Vlaamse Regering, in de persoon van de minister-president, de minister van Justitie
Handhaving
de minister van Welzijn; De Franse Gemeenschapscommissie, vertegenwoordigd door het College van de Franse Gemeenschapscommissie, in de persoon van de minister-president van het College
van de ministers, leden van het College bevoegd voor het beleid inzake Gezondheid
Sociale actie; De Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie, vertegenwoordigd door het verenigd College van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie, in de persoon van de voorzitter van het College
de ministers, leden van het College bevoegd voor het beleid inzake Gezondheid
Bijstand aan personen; Zijn overeengekomen wat volgt : HOOFDSTUK 1. - Algemene bepalingen Artikel 1.Voor de toepassing van dit samenwerkingsakkoord, wordt verstaan onder: 1° het slachtoffer: de natuurlijke persoon, evenals zijn na(ast)bestaanden, die als direct gevolg van handelen of nalaten in strijd met de strafwetgeving schade heeft geleden, met inbegrip van een lichamelijk of geestelijk letsel, een psychisch lijden of een materieel verlies;2° een na(ast)bestaande: een rechthebbende van het rechtstreekse slachtoffer of elke persoon die een bijzondere affectieve band heeft met dit slachtoffer;3° de slachtofferzorg: de hulp-
dienstverlening sensu largo, die vanuit de verschillende sectoren, hetzij politioneel, justitieel, sociaal of medisch, aan slachtoffers wordt geboden;4° het slachtofferbeleid: het geheel van bestuursdaden van de Federale Staat, de Gemeenschappen
de Gewesten in verband met slachtofferzorg;5° de politionele slachtofferbejegening: de bijstand aan slachtoffers door de politie, die bestaat uit het onthaal
de eerste opvang van het slachtoffer, het verstrekken van een goede basisinformatie aan het slachtoffer
het mogelijke doorverwijzen naar de gespecialiseerde diensten,
die eveneens het onthaal
de bijstand inhoudt van personen die betrokken zijn bij een ongeval, een ramp of een brand;6° de dienst politionele slachtofferbejegening: de dienst binnen de federale of de lokale politie die instaat,
erzijds, voor de sensibilisering
voortgezette vorming van politieambtenaren inzake politionele slachtofferbejegening
, anderzijds, voor het bieden van deze gespecialiseerde slachtofferbejegening, zonder evenwel afbreuk te doen aan de wettelijke verplichtingen inzake slachtofferbejegening van elke politieambtenaar;7° het slachtofferonthaal: de informatie
bijstand aan slachtoffers in de verschillende fasen van de gerechtelijke procedure, die wordt verleend door de dienst slachtofferonthaal van justitiehuizen alsook door de magistraten
de personeelsleden van de parketten
de rechtbanken,
die eveneens de informatie
bijstand kan inhouden van personen die betrokken zijn bij een ongeval, een collectieve noodsituatie of een zelfdoding;8° de dienst slachtofferonthaal: de dienst van het justitiehuis die aan slachtoffers specifieke informatie, ondersteuning, bijstand
een gepaste doorverwijzing aanbiedt tijdens de hele gerechtelijke procedure;9° slachtofferhulp: de sociale hulp aan
psychologische begeleiding van slachtoffers die wordt verleend door de diensten slachtofferhulp; slachtofferhulp kan eveneens de sociale hulp
psychologische begeleiding inhouden van personen die betrokken zijn bij een ongeval, een collectieve noodsituatie of een zelfdoding; 10° de dienst slachtofferhulp: de diensten erkend door de Franse Gemeenschap die sociale of psychologische hulp verlenen aan slachtoffers alsook de centra voor algemeen welzijnswerk erkend
gesubsidieerd door de Vlaamse Gemeenschap met als taak onder meer slachtofferhulp;11° het opvanghuis: een inrichting, erkend door de bevoegde overheden, voor de huisvesting, die in de tijd beperkt is,
voor de psychosociale begeleiding van personen met sociale moeilijkheden;12° het team "SOS
fants": de multidisciplinaire dienst, erkend door de Franse Gemeenschap, die gespecialiseerd is in de individuele preventie, de evaluatie of het vaststellen
het behandelen van gevallen van kindermishandeling;13° het Vertrouwenscentrum kindermishandeling: een multidisciplinair centrum erkend door de Vlaamse Gemeenschap dat instaat voor het detecteren van, het stoppen van, het voorkomen van herhaling van kindermishandeling
het nastreven van individueel
relationeel herstel bij situaties van kindermishandeling;14° de adviseur "Aide à la jeunesse": de onafhankelijke opdrachtgever die in de Franse Gemeenschap belast is om een gespecialiseerde hulp te beiden aan minderjarigen in moeilijkheden of in gevaar door het instellen van een aangepast hulpprogramma.Hij wordt in de uitoefening van zijn bevoegdheden bijgestaan door een dienst "Aide à la jeunesse" die hem ter beschikking wordt gesteld; 15° de dienst voor geestelijke gezondheidszorg: de ambulante zorgstructuur die, via een multidisciplinaire aanpak
in samenwerking met andere diensten of personen betrokken in de geestelijke gezondheidszorg, instaat voor de opvang, de diagnose
de psychiatrische, psychologische
psychosociale behandeling;16° de bevoegde overheden: alle ministers die als partijen bij dit samenwerkingsakkoord worden genoemd;17° het agentschap Opgroeien: het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid dat is opgericht bij artikel 3 van het decreet van 30 april 2004Relevante gevonden documenten type decreet prom. 30/04/2004 pub. 07/06/2004 numac 2004035799 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Kind
Gezin sluiten tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Opgroeien regie
het intern verzelfstandigd agentschap zonder rechtspersoonlijkheid dat is opgericht bij artikel 2 van het besluit van de Vlaamse Regering van 24 oktober 2008 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap zonder rechtspersoonlijkheid Opgroeien. Art. 2.Dit samenwerkingsakkoord beoogt een structurele samenwerking op het grondgebied van het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad inzake slachtofferzorg tussen de bevoegde diensten van de Federale Staat, de Franse Gemeenschap, de Vlaamse Gemeenschap, de Franse Gemeenschapscommissie, de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie alsook de door hen georganiseerde, erkende
gesubsidieerde diensten slachtofferzorg. De structurele samenwerking zoals beschreven in dit samenwerkingsakkoord doet geen afbreuk aan de samenwerkingsverbanden tussen bovenvermelde diensten
andere diensten slachtofferzorg. HOOFDSTUK 2. - Bevoegdheden
opdrachten Art. 3.De Federale Staat is bevoegd voor: 1° het beleid inzake politie
veiligheid waaronder de politionele slachtofferbejegening;2° het strafrechtelijk beleid waaronder het gerechtelijk slachtofferbeleid. In het kader van het eerste lid, 2°, waarborgt de federale Staat de rechten van het slachtoffer binnen de gerechtelijke procedure, waaronder het slachtofferonthaal. Art. 4.De Franse Gemeenschap is bevoegd om: 1° via de diensten slachtofferonthaal, a) de slachtoffers
hun na(ast)bestaanden algemene informatie te verlenen over de gerechtelijke procedure
over de rechten van slachtoffers in dit kader, alsook specifieke informatie over hun dossier
de lopende procedure
dit, tijdens de hele procedure vanaf de klachtneerlegging tot aan de uitvoering van de straf of de internering;b) de slachtoffers
hun na(ast)bestaanden bijstand, ondersteuning
begeleiding, te verlenen tijdens de gerechtelijke procedure;c) de slachtoffers
hun na(ast)bestaanden naar de bevoegde diensten door te verwijzen in functie van hun noden
de ervaren moeilijkheden, bijvoorbeeld voor een juridisch advies of psychologische hulp. Deze dienst heeft ook als opdracht op een meer structureel niveau op te treden door de moeilijkheden te signaleren waarmee de slachtoffers worden geconfronteerd in hun contacten met de gerechtelijke overheid
door de magistraten
de personeelsleden van de parketten
de rechtbanken te sensibiliseren voor de specifieke noden
rechten van slachtoffers. 2° via de diensten slachtofferhulp, sociale hulp
psychologische hulp te verlenen aan de personen die geconfronteerd worden met de rechtstreekse
onrechtstreekse gevolgen van het misdrijf
van het slachtofferschap. Onder sociale hulp wordt begrepen elke niet-financiële hulp die het slachtoffer toelaat zijn levensvoorwaarden te behouden, te verbeteren of te herstellen op familiaal-, maatschappelijk, economisch, professioneel, politiek of cultureel vlak. In het kader van zijn opdracht van sociale hulp, zal de dienst slachtofferhulp: a) het slachtoffer ondersteunen om het hoofd te bieden aan de gevolgen van een misdrijf of feiten die een misdrijf kunnen uitmaken;b) het slachtoffer informeren, doorverwijzen of bijstaan in zijn relaties met de politie
de gerechtelijke instanties;c) voor het slachtoffer de toegang tot de instanties
gespecialiseerde organisaties vergemakkelijken. De dienst steunt het slachtoffer bij zijn actieve re-integratie in de maatschappij door met het slachtoffer een evaluatie te maken van zijn behoeften
middelen
door prioriteiten te bepalen opdat er een nieuw levensevenwicht zou worden bereikt. Onder psychologische hulp wordt verstaan, elke hulp bestemd om het slachtoffer psychologisch te steunen opdat het een nieuw levensevenwicht zou bereiken. In het kader van zijn opdracht van psychologische hulp, zal de dienst slachtofferhulp: a) het slachtoffer ondersteunen om het hoofd te bieden aan de rechtstreekse
onrechtstreekse gevolgen van een misdrijf of aan de bijzondere problemen in verband met zijn specifieke situatie;b) het slachtoffer dat schade heeft geleden een gespecialiseerde
persoonlijke therapeutische ondersteuning aanbieden, gericht op de rechtstreekse gevolgen van de traumatiserende gebeurtenis
op de verwerking van de shock.3° via de adviseurs "aide à la jeunesse" een gespecialiseerde tweedelijns sociale hulp, vervangende hulp, verzekeren aan kinderen in moeilijkheden evenals aan personen die moeilijkheden ondervinden bij de naleving van hun ouderplichten
aan elk kind waarvan de gezondheid, veiligheid of opvoedingsvoorwaarden worden bedreigd door zijn gedrag, dat van zijn gezin of van zijn leefgenoten.4° via de teams "SOS
fants": a) de individuele preventie
de behandeling van situaties van mishandeling verzekeren, op eigen initiatief of op verzoek van een persoon of een dienst;b) een multidisciplinaire balans op te maken van de situatie van het kind
van de situatie in zijn familiale context;c) zorgen voor een gepaste hulp aan het kind dat slachtoffer werd of dat zich in een risicosituatie van mishandeling bevindt. Op een meer structureel niveau, zetten de teams "SOS
fants" alle nuttige samenwerkingen op met de actoren van het netwerk die werken rond kindermishandeling. Art. 5.De Vlaamse Gemeenschap is bevoegd om: 1° via de diensten slachtofferonthaal : a) de slachtoffers
hun na(ast)bestaanden algemene informatie te verlenen over de gerechtelijke procedure
over de rechten van slachtoffers in dit kader, alsook specifieke informatie over hun dossier
de lopende procedure
dit, tijdens de hele procedure (vanaf de klachtneerlegging tot aan de uitvoering van de straf of de internering);b) de slachtoffers
hun na(ast)bestaanden bijstand, ondersteuning
begeleiding te verlenen tijdens de gerechtelijke procedure;c) de slachtoffers
hun na(ast)bestaanden naar de bevoegde diensten door te verwijzen in functie van hun behoeften
de ervaren moeilijkheden, zoals voor een juridisch advies of psychologische hulp. Deze dienst heeft ook als opdracht op een meer structureel niveau op te treden door de moeilijkheden te signaleren waarmee de slachtoffers worden geconfronteerd in hun contacten met de gerechtelijke overheid
door de magistraten
de personeelsleden van de parketten
de rechtbanken te sensibiliseren voor de specifieke noden
rechten van slachtoffers. 2° via de diensten slachtofferhulp te voorzien in: a) een laagdrempelig onthaalaanbod voor alle slachtoffers
dit via een proactieve benadering;
het herstellen van het vertrouwen in de medemens
de samenleving;d) psychosociale begeleiding aan de betrokkenen bij intra-familiaal geweld
misbruik, om de geweldspiraal te doorbreken, het geweld te stoppen
het in de toekomst te voorkomen;e) een kwaliteitsvol aanbod van psychosociale begeleiding aan betrokken bij een verkeersongeval om deze personen te helpen bij de verwerking van deze traumatische gebeurtenis
bij hun dagelijks functioneren. Het aanbod omvat: a) een duidelijk aanspreekpunt voor slachtoffers voor alle vragen
hulp rond slachtofferschap b) informatie
advies c) administratieve
praktische hulp d) emotionele ondersteuning
begeleiding e) doorverwijzing waar gewenst.3° via de bevoegde diensten van het Agentschap Opgroeien een gespecialiseerde hulp verzekeren aan kinderen in moeilijkheden evenals aan personen die moeilijkheden ondervinden bij de naleving van hun ouderplichten
aan elk kind waarvan de gezondheid, veiligheid of opvoedingsvoorwaarden worden bedreigd door zijn gedrag, dat van zijn gezin of van zijn leefgenoten.4° via de bevoegde diensten van het Agentschap Opgroeien
de vertrouwenscentra kindermishandeling :
zorgverlening bieden aan het slachtoffer
zijn gezin;c) meldingen of vermoedens van kindermishandeling onderzoeken (maatschappelijke noodzaak integrale jeugdhulp).De diensten van het Agentschap Opgroeien
de vertrouwenscentra kindermishandeling verstrekken desgevallend waar mogelijk zelf gepaste jeugdhulpverlening aan minderjarige slachtoffers van kindermishandeling
hun gezin, of verwijzen waar nodig door naar het openbaar ministerie. Art. 6.De Franse Gemeenschapscommissie is bevoegd voor: 1° de erkenning van de diensten voor geestelijke gezondheidszorg die een ambulante structuur bieden die, via een multidisciplinaire aanpak
in samenwerking met andere diensten of personen die zich met geestelijke gezondheid bezighouden, zorgt voor de opvang, de diagnose
de psychiatrische, psychologische
psychosociale behandeling van personen.. 2° de erkenning van opvanghuizen, die tijdelijk onderdak
psychosociale steun bieden aan personen met sociale problemen. Art. 7.De Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie is bevoegd voor de persoonsgebonden materies, in het kader van de bijstand aan personen
het gezondheidsbeleid, die zich richten hetzij tot personen hetzij tot openbare of private instellingen die niet exclusief tot een gemeenschap behoren. Via de diensten die de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie erkent of subsidieert, kunnen de slachtoffers beroep doen op: a) een onthaal, een analyse van hun toestand
een doorverwijzing naar de diensten die bevoegd zijn inzake bijstand aan slachtoffers;b) een psychosociale begeleiding om het hoofd te bieden aan de gevolgen van een misdrijf of feiten die een misdrijf kunnen uitmaken alsook om opnieuw zelfredzaam te worden
zich in de maatschappij te re-integreren;
een psychiatrische, psychotherapeutische
psychosociale behandeling om het hoofd te bieden aan psychische problemen gebonden aan de rechtstreekse of onrechtstreekse gevolgen van een misdrijf of feiten die een misdrijf kunnen uitmaken. HOOFDSTUK 3. - Verbintenissen Art. 8.In het kader van de bevoegdheden, bedoeld in de artikelen 4 tot
met 7 verstrekt elke bevoegde autoriteit de contactgegevens
nuttige informatie over de hulplijnen
de chatdiensten die informatie, advies
eventuele doorverwijzing bieden aan iedereen die te maken heeft met fysiek, psychisch of seksueel geweld of met kindermishandeling
-misbruik, te verstrekken aan de contactpersonen bedoeld in artikel 9, 3°, artikel 10, 6°, artikel 11, § 1, 3°, § 2, 3°,
Deze contactpersonen delen de lijst van contactgegevens
informatie betreffende de in lid 1 bedoelde hulplijnen
chatdiensten mee aan de in dit samenwerkingsakkoord vermelde
bevoegde diensten die slachtoffers bijstaan, doorverwijzen of informeren. Art. 9.De Federale Staat, in het kader van zijn bevoegdheid bedoeld in artikel 3, 1°
in uitvoering van artikel 46 van de wet van 5 augustus 1992Relevante gevonden documenten type wet prom. 05/08/1992 pub. 21/10/1999 numac 1999015203 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel
internationale samenwerking Wet houdende instemming met het Protocol houdende wijziging van artikel 81 van het Verdrag tot instelling van de Benelux Economische Unie van 3 februari 1958, opgemaakt te Brussel op 16 februari 1990 sluiten op het politieambt
de daaraan gekoppelde onderrichtingen: 1° neemt de maatregelen opdat de belangen van het slachtoffer als volgt worden erkend: a) de geschikte materiële omstandigheden voor het onthaal, de eerste opvang, het infomeren
het verhoor van slachtoffers worden ter beschikking gesteld van de politiediensten;b) de slachtoffers een respectvol onthaal, een dringende
praktische bijstand
informatie aangepast aan hun persoonlijke toestand verlenen;c) erop toezien dat slachtoffers in het proces-verbaal de nodige informatie kunnen laten opnemen over de geleden materiële
immateriële schade
zich benadeelde persoon kunnen verklaren;d) de slachtoffers naar een gepaste dienst slachtofferzorg doorverwijzen, hierbij zo veel mogelijk rekening houdend met de taal waarin het slachtoffer zich wenst uit te drukken
de voertaal van de diensten vermeld in art.1, 8°, 10° tot 15°
17° ; e) de politieambtenaren kunnen in het kader van hun opdracht van slachtofferbejegening worden bijgestaan door een dienst voor politionele slachtofferbejegening.2° ontwikkelt een opleiding
een sensibilisering inzake slachtofferzorg voor alle politieambtenaren, via de dienst politionele slachtofferbejegening bevoegd voor de politiedienst of via de politieacademies;3° voorziet in een contactpersoon
een plaatsvervanger op het niveau van de Federale Politie
van de Vaste Commissie voor de lokale politie, om op een structurele manier een permanente dialoog tussen
een samenwerking met andere instanties inzake slachtofferzorg, zowel op federaal, gemeenschaps- als lokaal niveau, te bevorderen. Art. 10.De Federale Staat, in het kader van zijn bevoegdheid bedoeld in artikel 3, 2°,
gelet op artikel 3bis van de wet van 17 april 1878 houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering: 1° neemt de nodige maatregelen zodat de belangen van het slachtoffer worden erkend
opdat het slachtoffer partij kan zijn binnen de gerechtelijke procedure;2° voert een beleid dat streeft naar een zorgvuldige
correcte bejegening van slachtoffers.In het kader van dit beleid wordt aan slachtoffers de waarborg gegeven dat zij informatie krijgen over hun positie
hun rechten in de gerechtelijke procedure, het verloop van de strafrechtspleging, de eventuele strafuitvoering door de dader van de feiten
de mogelijkheden om herstel te bekomen van de geleden schade. De magistraten
de personeelsleden van parketten
rechtbanken verstrekken deze informatie; 3° optimaliseert de mogelijkheden die het slachtoffer kan aanwenden om herstel te bekomen van geleden materiële
immateriële schade;4° ziet erop toe dat een gepaste
voortgezette opleiding inzake slachtofferzorg wordt georganiseerd voor de magistratuur
voor de personeelsleden van rechtbanken
parketten;5° bevordert via het College van Procureurs-generaal een uniform slachtofferbeleid binnen de rechterlijke orde, daartoe wordt een lid van het College specifiek belast met het gerechtelijk slachtofferbeleid;6° voorziet in een contactpersoon
een plaatsvervanger op het niveau van de Federale Overheidsdienst Justitie, binnen het directoraat-generaal wetgeving
fundamentele rechten
vrijheden, om op een structurele manier een permanente dialoog tussen
samenwerking met andere instanties inzake slachtofferzorg, zowel op federaal als op gemeenschapsniveau, te bevorderen. Art. 11.§ 1. De Franse Gemeenschap, in het kader van haar bevoegdheid bedoeld in artikel 4: 1° bezorgt de adressen van de door de Franse Gemeenschap aangewezen diensten bedoeld in artikel 1, 8°, 10°, 12°,
14°, aan de contactpersonen bedoeld in artikel 9, 3°, artikel 10, 6°,
artikel 11, § 2, 3°, § 3, 2°,
, 3°, evenals elke adreswijziging;2° ziet erop toe dat een gepaste
voortgezette opleiding inzake slachtofferzorg wordt georganiseerd voor de medewerkers van de diensten bedoeld in artikel 1, 8°, 10°, 12°,
14° ;3° voorziet binnen de "Administration générale des Maisons de justice" in een contactpersoon
een plaatsvervanger, om op een structurele manier een permanente dialoog tussen
samenwerking met andere instanties inzake slachtofferzorg, zowel op federaal, gemeenschaps- als lokaal niveau, te bevorderen. § 2. De Vlaamse Gemeenschap, in het kader van haar bevoegdheid bedoeld in artikel 5: 1° bezorgt de adressen van de door de Vlaamse Gemeenschap aangewezen diensten bedoeld in artikel 1, 8°, 10°,
13°, aan de contactpersonen bedoeld in artikel 9, 3°, artikel 10, 6°,
artikel 11, § 1, 3°, § 3, 2°,
, 3°, evenals elke adreswijziging;2° ziet erop toe dat een gepaste
voortgezette opleiding inzake slachtofferzorg wordt georganiseerd voor de medewerkers van de diensten bedoeld in artikel 1, 8°, 10°,
13° ;3° voorziet binnen elke administratie bevoegd voor slachtofferzorg in een contactpersoon
een plaatsvervanger om op een structurele manier een permanente dialoog tussen
samenwerking met andere instanties inzake slachtofferzorg, zowel op federaal, gemeenschaps- als lokaal niveau, te bevorderen. § 3. De Franse Gemeenschapscommissie, in het kader van haar bevoegdheid, bedoeld in artikel 6: 1° bezorgt de adressen van de door de Franse Gemeenschapscommissie aangewezen diensten bedoeld in artikel 1, 11°,
15°, aan de contactpersonen bedoeld in artikel 9, 3°, artikel 10, 6°,
artikel 11, § 1, 3°, § 2, 3°,
, 3°, evenals elke adreswijziging;2° voorziet binnen de administratie in een contactpersoon
een plaatsvervanger, om op een structurele manier een permanente dialoog tussen
samenwerking met andere instanties inzake slachtofferzorg, zowel op federaal, gemeenschaps- als lokaal niveau, te bevorderen. § 4. De Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie, in het kader van haar bevoegdheid, bedoeld in artikel 7: 1° streeft naar overleg
coördinatie tussen de gemeenschappen
de communautaire commissies die bevoegd zijn voor gezondheid
bijstand aan personen;2° bezorgt de adressen van de door de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie erkende diensten bedoeld in artikel 1, 11°,
15°, aan de contactpersonen bedoeld in artikel 9, 3°, artikel 10, 6°,
artikel 11, § 1, 3°, § 2, 3°,
, 2°, evenals elke adreswijziging;3° voorziet binnen de administratie in een contactpersoon
een plaatsvervanger, om op een structurele manier een permanente dialoog tussen
samenwerking met andere instanties inzake slachtofferzorg, zowel op federaal, gemeenschaps- als lokaal niveau, te bevorderen. Art. 12.§ 1. Onverminderd de toepassing van de artikelen 9 tot 11 nemen de partijen, voor wat betreft de samenwerking
de doorverwijzing, de verplichtingen op zich, bedoeld in de volgende paragrafen. § 2. De Federale Staat verbindt zich ertoe dat de politiediensten : 1° elk slachtoffer waarmee ze contact hebben, informeren over het bestaan van de diensten politionele slachtofferbejegening, de diensten slachtofferonthaal
de diensten slachtofferhulp, hun opdrachten zoals beschreven in artikel 1, 6°, 8°,
10°, in artikel 4, 1°,
2°,
in artikel 5, 1°,
2°,
hun contactgegevens.Deze informatie wordt gegeven via het attest van klachtneerlegging; 2° zich van een kwaliteitsvolle politionele slachtofferbejegening verzekeren, waarbij de politieambtenaar beroep kan doen op de gespecialiseerde referentie-politieambtenaar of op de dienst politionele slachtofferbejegening.3° aan de betrokken slachtoffers de contactgegevens van de in artikel 8 bedoelde hulplijnen
chatdiensten verstrekken. In het kader van § 2, 2°, de leden van het operationele kader van de politiediensten of de dienst politionele slachtofferbejegening, naar gelang van de noden: 1° verwijzen de slachtoffers die informatie
bijstand wensen in het kader van de gerechtelijke procedure door naar een dienst slachtofferonthaal;2° verwijzen de slachtoffers die sociale hulp of psychosociale hulp wensen, door naar een dienst slachtofferhulp, volgens de volgende procedure:
fants" (voor de Franse Gemeenschap);
in artikel 5, 1°. De Federale Staat zal erop toezien dat de slachtoffers die zich rechtstreeks tot de rechterlijke macht wenden, doorverwezen worden naar een gepaste dienst slachtofferzorg wanneer hun specifieke toestand, hun behoeften of hun verwachtingen het vereisen. § 4. De Franse Gemeenschap
de Vlaamse Gemeenschap verbinden zich ertoe dat: 1° de diensten slachtofferhulp:
bijstand wensen in het kader van de gerechtelijke procedure naar de diensten slachtofferonthaal doorverwijzen;3° de diensten slachtofferonthaal de slachtoffers die een sociale of een psychologische hulp wensen naar de diensten slachtofferhulp doorverwijzen;4° deze diensten de slachtoffers die het wensen, doorverwijzen naar andere personen of diensten. § 5. De Franse Gemeenschapscommissie
de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie verbinden zich ertoe dat: 1° de diensten bedoeld in de artikelen 1, 11°,
15°, de slachtoffers die bijstand
informatie wensen in het kader van de gerechtelijke procedure naar de diensten slachtofferonthaal doorverwijzen;2° de diensten bedoeld in de artikelen 1, 11°,
15°, de slachtoffers die een sociale of een psychologische hulp wensen naar de diensten slachtofferhulp doorverwijzen. HOOFDSTUK
te implementeren in functie van een integrale slachtofferzorg, rekening houdend met de specifieke toestand van de regio
, de behoeften van de slachtoffers;2° de samenwerking te ondersteunen
op te volgen tussen de bevoegde diensten
actoren van de Federale Staat
die van de Franse Gemeenschap, de Vlaamse Gemeenschap, de Franse Gemeenschapscommissie
de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie, onder andere door de nodige beleidsmaatregelen voor te stellen
te ontwikkelen;3° elk jaar verslag uit te brengen aan de bevoegde overheden over de moeilijkheden die zich voordoen in het kader van het slachtofferbeleid
mogelijke verbeteringen voor te stellen;4° de voorstellen te onderzoeken die geformuleerd worden door de welzijnsteams bedoeld in artikel 14 om het hoofd te bieden aan problemen
moeilijkheden die zich voordoen binnen het arrondissement. § 3. De arrondissementele raad voor slachtofferbeleid is samengesteld uit : 1° de procureur des Konings of de verbindingsmagistraat slachtofferonthaal;2° een vertegenwoordiger van de diensten slachtofferhulp;3° de korpschefs van de politiezones of hun vertegenwoordigers, eventueel vergezeld van een vertegenwoordiger van de dienst voor politionele slachtofferbejegening;4° de directeur-coördinator van de federale politie eventueel vergezeld van een vertegenwoordiger van de dienst voor politionele slachtofferbejegening;5° een of meerdere vertegenwoordigers van de balie;6° de directeurs van de justitiehuizen;7° justitieassistenten van de diensten slachtofferonthaal;8° de contactpersonen bedoeld in artikel 9, 3°, in artikel 10, 6°, in artikel 11, § 1, 3°,
in artikel 11, § 2, 3° ;9°
ige andere dienst, naargelang het onderwerp van de vergadering, uitgenodigd door de voorzitter. §
taakverdeling te regelen in het welzijnsteam
met andere diensten
personen die een bijdrage leveren aan de individuele slachtofferzorg binnen het territoriale werkingsgebied van het welzijnsteam;2° de arrondissementele raad te informeren over vragen op de werkvloer
hem reflectiethema's voor te stellen. §
het secretariaat van het welzijnsteam worden in onderling overleg geregeld. HOOFDSTUK 5. - Budgettaire gevolgen Art. 15.De budgettaire gevolgen van de opdrachten opgenomen in dit samenwerkingsakkoord vallen ten laste van alle partijen in functie van de verdeling van de bevoegdheden die bepaald worden door de bijzondere wet van 8 augustus 1980Relevante gevonden documenten type wet prom. 08/08/1980 pub. 11/12/2007 numac 2007000980 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Bijzondere wet tot hervorming der instellingen. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten tot hervorming der instellingen
die ondergeschikt zijn aan de Staat van de respectieve begrotingen die jaarlijks gestemd worden door de parlementaire vergaderingen van de betrokken partijen bij dit akkoord. HOOFDSTUK 6. - Slotbepalingen Art. 16.Dit samenwerkingsakkoord treedt in werking op het moment van inwerkingtreding van de laatste wetgevingshandeling tot instemming. Twee jaar na de inwerkingtreding van het samenwerkingsakkoord
telkens als de partijen dat nodig achten, wordt door de partijen bij het akkoord een evaluatie van zijn toepassing uitgevoerd in de vorm van een verslag dat aan de bevoegde overheden wordt toegezonden. Elke bevoegde overheid kan het samenwerkingsakkoord opzeggen mits een opzegtermijn van drie maanden. Voor de Federale Staat : De Minister van Justitie, P. VAN TIGCHELT De Minister van Binnenlandse Zaken, A. VERLINDEN Voor de Franse Gemeenschap : De Minister-President, P.-Y. JEHOLET De Minister van Hulpverlening aan de jeugd
van de Justitiehuizen, Fr. BERTIEAUX De Minister van Kind, B. LINARD Voor de Vlaamse Gemeenschap : De Minister-President van de Vlaamse Regering, J. JAMBON De Vlaamse Minister van Welzijn, Volksgezondheid
Gezin, H. CREVITS De Vlaamse Minister van Justitie
Handhaving, Z. DEMIR Voor de Franse Gemeenschapscommissie : De Minister-President van het College, B. TRACHTE De Minister, lid van het College, bevoegd voor Sociale Actie
Gezondheid, A. MARON Voor de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie : De Voorzitter van het verenigd College, R. VERVOORT De Ministers, leden van het verenigd College, bevoegd voor Gezondheid
Sociale Actie, E. VAN DEN BRANDT A. MARRON Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.