← België

Wet houdende instemming met het samenwerkingsakkoord van 7 februari 2024 tot wijziging van het samenwerkingsakkoord van 19 maart 2020 tussen de Federa

Obsah (5)Artikel 194tArtikel 1Artikel 2Artikel 3Artikel 4

Wet houdende

stemming met het samenwerkingsakkoord van 7 februari 2024 tot wijziging van het samenwerkingsakkoord van 19 maart 2020 tussen de Federale Staat, de Vlaamse Gemeenschap, de Franse Gemeenschap en de Duitstalige Gemeenschap met betrekking tot de bevoegdheden van de gemeenschappen en van de Federale Staat

zake het Tax Shelter stelsel voor audiovisuele werken en podiumwerken en tot

formatie-uitwisseling, gedaan te Brussel op 7 februari 2024

(1)FILIP, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. De Kamer van volksvertegenwoordigers heeft aangenomen en Wij bekrachtigen, hetgeen volgt : Artikel 1.Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld

artikel 74 van de Grondwet. Art. 2.Het samenwerkingsakkoord van 7 februari 2024 tot wijziging van het samenwerkingsakkoord van 19 maart 2020 tussen de Federale Staat, de Vlaamse Gemeenschap, de Franse Gemeenschap en de Duitstalige Gemeenschap met betrekking tot de bevoegdheden van de gemeenschappen en van de Federale Staat

zake het taxshelterstelsel voor audiovisuele werken en podiumwerken en tot

formatie-uitwisseling, gedaan te Brussel op 7 februari 2024, zal volkomen gevolg hebben. Kondigen deze wet af, bevelen dat zij met 's Lands zegel zal worden bekleed en door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt. Gegeven te Brussel, 14 april 2024. FILIP Van Koningswege : De Minister van Financiën, V. VAN PETEGHEM Met 's Lands zegel gezegeld : De Minister van Justitie, P. VAN TIGCHELT _______ Nota

(1)Kamer van volksvertegenwoordigers (www.dekamer.be) Stukken : K55-3826

tegraal verslag: 4 april

  1. Bijlage bij de wet van 14 april
  2. Samenwerkingsakkoord van 7 februari 2024 tot wijziging van het samenwerkingsakkoord van 19 maart 2020 tussen de federale staat, de Vlaamse gemeenschap, de Franse gemeenschap en de Duitstalige gemeenschap met betrekking tot de bevoegdheden van de gemeenschappen en van de federale staat

zake het tax shelter-stelsel voor audiovisuele werken en podiumwerken en tot

formatie-uitwisseling Gelet op artikel 92bis, § 1 van de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der

stellingen, gewijzigd bij de bijzondere wetten van 8 augustus 1988, 16 juli 1993 en 6 januari 2014; Gelet op de wet van 31 december 1983Relevante gevonden documenten type wet prom. 31/12/1983 pub. 11/12/2007 numac 2007000934 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot hervorming der

stellingen voor de Duitstalige Gemeenschap. - Officieuze coördinatie

het Duits sluiten tot hervorming der

stellingen voor de Duitstalige Gemeenschap; Gelet op het samenwerkingsakkoord van 19 maart 2020 tussen de Federale Staat, de Vlaamse Gemeenschap, de Franse Gemeenschap en de Duitstalige Gemeenschap met betrekking tot de bevoegdheden van de gemeenschappen en de Federale Staat

zake het Tax Shelter stelsel voor audiovisuele werken en podiumwerken en tot

formatie-uitwisseling Gelet op de wet van 22 juni 2020 houdende

stemming met het samenwerkingsakkoord tussen de Federale Staat, de Vlaamse Gemeenschap, de Franse Gemeenschap en de Duitstalige Gemeenschap met betrekking tot de bevoegdheden van de gemeenschappen en de Federale Staat

zake het Tax Shelter stelsel voor audiovisuele werken en podiumwerken en tot

formatie-uitwisseling, gedaan te Brussel op 19 maart 2020 Gelet op het decreet van 10 juli 2020 betreffende

stemming met het samenwerkingsakkoord van 19 maart 2020 tussen de Federale Staat, de Vlaamse Gemeenschap, de Franse Gemeenschap en de Duitstalige Gemeenschap met betrekking tot de bevoegdheden van de gemeenschappen en van de federale staat

zake het taxshelterstelsel voor audiovisuele werken en podiumwerken en tot

formatie-uitwisseling Gelet op het decreet van 28 mei 2020 houdende

stemming met het samenwerkingsakkoord van 19 maart 2020 tussen de Federale Staat, de Vlaamse Gemeenschap, de Franse Gemeenschap en de Duitstalige Gemeenschap betreffende de bevoegdheden van de Gemeenschappen en de Federale Staat op vlak van het Tax Shelter-stelsel voor audiovisuele werken en podiumwerken en tot

formatie-uitwisseling Gelet op het decreet van 12 oktober 2020 houdende

stemming met het samenwerkingsakkoord van 19 maart 2020 tussen de Federale Staat, de Vlaamse Gemeenschap, de Franse Gemeenschap en de Duitstalige Gemeenschap betreffende de bevoegdheden van de Gemeenschappen en de Federale Staat op vlak van het Tax Shelter-stelsel voor audiovisuele werken en podiumwerken en tot

formatie-uitwisseling Gelet op artikel 194ter van het Wetboek van de

komstenbelastingen 1992, vervangen bij de wet van 12 mei 2014, en laatstelijk gewijzigd bij de wet van 5 juli 2022, artikel 194ter/1 van het Wetboek van de

komstenbelastingen 1992,

gevoegd bij de wet van 25 december 2016 en laatstelijk gewijzigd bij de wet van 5 juli 2022, artikel 194ter/2 van het Wetboek van de

komstenbelastingen 1992,

gevoegd bij de wet van 25 december 2016 en laatstelijk gewijzigd bij de wet van 27 juni 2021, en artikel 194ter/3 van het Wetboek van de

komstenbelastingen 1992,

gevoegd bij de wet van 29 maart 2019 en laatstelijk gewijzigd bij de wet van 5 juli 2022; Gelet op het advies nr. 74.320/VR, van de Raad van State gegeven op 13 oktober 2023 en het advies nr. 74.566/3 van de Raad van State, gegeven op 20 oktober 2023, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Gelet op het advies nr. 65/2023 van 24 maart 2023 van de Gegevensbeschermingsautoriteit; Overwegende dat op grond van de artikelen 194ter/2 en 194ter/3, § 2, 1°, van het Wetboek van de

komstenbelastingen 1992 een videospel, om

aanmerking te kunnen komen voor het Tax Shelter-stelsel, erkend moet zijn door de bevoegde diensten van de desbetreffende Gemeenschap of van de Federale Staat als Europees videospel; Overwegende dat overeenkomstig artikel 194ter, § 7, 3°, van hetzelfde Wetboek de bevoegde diensten van de desbetreffende Gemeenschap of de Federale Staat twee aparte attesten voorleggen volgens dewelke: - het werk voldoet aan de definitie van een

aanmerking komend werk zoals bedoeld

artikel 194ter/3, § 2, 1°, van hetzelfde Wetboek; - het werk is voltooid zoals bedoeld

artikel 194ter/3, § 6, van hetzelfde Wetboek, en de globale financiering van het werk de voorwaarden en de grens naleeft zoals bedoeld

artikel 194ter, § 4, 3°, van hetzelfde Wetboek, dit wil zeggen dat het totaal van de daadwerkelijk gestorte bedragen ter uitvoering van de raamovereenkomst met vrijstelling van winst conform artikel 194ter, § 2, van hetzelfde Wetboek, door alle

aanmerking komende

vesteerders niet meer dan 50 pct. van de totale begroting van de uitgaven van het

aanmerking komende werk bedraagt en daadwerkelijk werd toegekend aan de uitvoering van deze begroting; Overwegende dat gezien de artikelen 35, 38 en 39 van de Grondwet, het niet aan de Federale Staat is om bevoegdheden toe te kennen aan de Gemeenschappen en Gewesten bij een gewone wet; dat gelet op het beginsel van de autonomie, de federale autoriteit enerzijds, geen verplichtingen kan opleggen aan de Gemeenschappen en Gewesten en anderzijds, de uitoefening van haar eigen bevoegdheden niet afhankelijk kan stellen van de samenwerking van de Gemeenschappen en Gewesten; Overwegende dat het derhalve betaamt een rechtsgrondslag te geven aan de gezamenlijke uitoefening van de eigen bevoegdheden van de Gemeenschappen en van de Federale Staat

zake het Tax Shelter-stelsel en dat het meest geschikte middel bestaat uit het sluiten van een samenwerkingsakkoord

de zin van artikel 92bis, § 1, van de bijzondere wet tot hervorming der

stellingen van 8 augustus 1980; Overwegende dat het bovendien essentieel is dat de

terpretatie van bepaalde termen van de wetgeving dezelfde is

de verschillende Gemeenschappen, en bij de Federale Staat; Overwegende dat tijdens de analyse van de dossiers met het oog op de uitoefening van haar bevoegdheid, een deelgebied (een van de drie Gemeenschappen of de Federale Staat) kennis kan nemen van

formatie die nuttig zou kunnen zijn voor de andere deelgebieden; dat het derhalve wenselijk is om een plaats te creëren voor de uitwisseling van

formatie tussen de Federale Staat en de Gemeenschappen om het gegevensbeheer te verbeteren en te harmoniseren

het kader van de analyse van de dossiers en zo een optimale uitoefening van haar bevoegdheden te garanderen voor elk van de entiteiten, de Federale Staat, vertegenwoordigd door de Federale Regering

de persoon van de minister van Financiën, de minister belast met de Federale Culturele

stellingen en de staatssecretaris belast met Wetenschapsbeleid; de Vlaamse Gemeenschap, vertegenwoordigd door de Vlaamse Regering

de persoon van de minister-president en minister van Buitenlandse Zaken, Cultuur, ICT en Facilitair Management; de Franse Gemeenschap, vertegenwoordigd door de Franse Gemeenschapsregering

de persoon van de minister-president en de viceminister-president en minister van Kind, Gezondheid, Cultuur, Media en Vrouwenrechten; de Duitstalige Gemeenschap, vertegenwoordigd door de Regering van de Duitstalige Gemeenschap

de persoon van de minister van Cultuur en Sport, Werkgelegenheid en Media; zijn het volgende overeengekomen: Artikel 1.

het opschrift van het samenwerkingsakkoord van 19 maart 2020 tussen de Federale Staat, de Vlaamse Gemeenschap, de Franse Gemeenschap en de Duitstalige Gemeenschap met betrekking tot de bevoegdheden van de gemeenschappen en de Federale Staat

zake het Tax Shelter stelsel voor audiovisuele werken en podiumwerken en tot

formatie-uitwisseling worden de woorden "en podiumwerken" vervangen door de woorden ", podiumwerken en videospellen". Art. 2.

artikel 1, § 1, van hetzelfde samenwerkingsakkoord, worden de volgende wijzigingen aangebracht: a)

de bepaling onder 1° worden de woorden "of podiumwerk" vervangen door de woorden ", podiumwerk of videospel" en worden de woorden "of 194ter/1, § 2, 1° " vervangen door de woorden "194ter/1, § 2, 1°, of 194ter/3, § 2, 1° ";b)

de bepaling onder 2° worden de woorden "

voorkomend geval 194ter/1 § 6 van hetzelfde Wetboek dat het audiovisueel werk of podiumwerk is voltooid" vervangen door de woorden "

voorkomend geval 194ter/1, § 6, of 194ter/3, § 6, van hetzelfde Wetboek, dat het audiovisueel werk, podiumwerk of videospel is voltooid". Art. 3.

artikel 1, § 3, van hetzelfde samenwerkingsakkoord, worden de volgende wijzigingen aangebracht: a)

de

leidende zin worden de woorden "of 194ter/1, § 2, 1° " vervangen door de woorden "194ter/1, § 2, 1°, of 194ter/3, § 2, 1° ";b)

de bepaling onder 1° worden de woorden "of podiumwerk" vervangen door de woorden ", podiumwerk of videospel" en worden de woorden "of 194ter/1, § 2, 1° " vervangen door de woorden "194ter/1, § 2, 1°, of 194ter/3, § 2, 1° ";c)

de bepaling onder 2° worden de woorden "

voorkomend geval 194ter/1, § 6, van hetzelfde Wetboek dat het audiovisueel werk of podiumwerk is voltooid" vervangen door de woorden "

voorkomend geval 194ter/1, § 6, of 194ter/3, § 6, van hetzelfde Wetboek, dat het audiovisueel werk, podiumwerk of videospel is voltooid". Art. 4.

artikel 2, van hetzelfde samenwerkingsakkoord, worden de woorden "overeenkomstig artikel 194ter, § 1, eerste lid, 2° en 3°, " vervangen door de woorden "overeenkomstig artikel 194ter, § 1, eerste lid, 2° en 3°, 194ter/1, § 1 of 194ter/3, § 1". Art. 5.

artikel 3, § 2, van hetzelfde samenwerkingsakkoord, worden de volgende wijzigingen aangebracht: a)

de bepaling onder 1° worden de woorden "en de sector van de podiumkunsten" vervangen door de woorden ", de sector van de podiumkunsten of de sector van de videospellen";b)

de bepaling onder 2° worden de woorden "audiovisuele en podiumwerken" vervangen door de woorden "audiovisuele werken, podiumwerken en videospellen". Art. 6.

artikel 3, § 3, van hetzelfde samenwerkingsakkoord, worden de volgende wijzigingen aangebracht: a)

het eerste lid worden de woorden "en podiumwerken" vervangen door de woorden ", podiumwerken en videospellen";b)

het tweede lid worden de woorden "of 194ter/2" vervangen door de woorden ", 194ter/2 of 194ter/3";c)

het derde lid worden de woorden "of podiumproductie" vervangen door de woorden ", podiumproductie of videospel" en de woorden "of podiumwerken" vervangen door de woorden ", podiumwerken of videospellen". Art. 7.

artikel 3, § 5, van hetzelfde samenwerkingsakkoord, worden de woorden "en artikel 194ter/2" vervangen door de woorden ", artikel 194ter/2 en artikel 194ter/3". Art. 8.

artikel 4, van hetzelfde samenwerkingsakkoord, worden de volgende wijzigingen aangebracht: a)

het tweede lid worden de woorden "en 194ter/2" vervangen door de woorden ", 194ter/2 en 194ter/3";b)

het derde lid worden de woorden "en 194ter/2van" vervangen door de woorden ", 194ter/2 en 194ter/3 van". Art. 9.Dit samenwerkingsakkoord treedt

werking op de eerste dag van de maand die volgt op de maand waarin de laatste akte van

stemming met het onderhavige samenwerkingsakkoord

voege zal zijn getreden. Opgemaakt te Brussel, op 7 februari 2024.

vier exemplaren,

het Nederlands, het Frans en het Duits, waarbij de verschillende versies gelijkelijk authentiek zijn. Voor de Federale Staat : De Eerste Minister A. DE CROO De Minister van Buitenlandse Zaken, Europese Zaken en Buitenlandse Handel en de Federale Culturele

stellingen H. LAHBIB De Minister van Financiën V. VAN PETEGHEM De Staatssecretaris voor Relance en Strategische

vesteringen, belast met Wetenschapsbeleid Th. DERMINE Voor de Vlaamse Gemeenschap : De Minister-President en minister van Buitenlandse Zaken, Cultuur, Digitalisering en Facilitair Management J. JAMBON De Minister van Brussel, Jeugd, Media en Armoedebestrijding B. DALLE Voor de Franse Gemeenschap : De Minister-President P.-Y. JEHOLET De Viceminister-president en Minister van Kind, Gezondheid, Cultuur, Media en Vrouwenrechten B. LINARD Voor de Duitstalige Gemeenchap : De Minister-President en Minister van Plaatselijk Bestuur en Financiën O. PAASCH De Minister van Cultuur en Sport, Werkgelegenheid en Media I. WEYKMANS Gezien om te worden gevoegd bij Onze wet van 14 april 2024. FILIP Van Koningswege : De Minister van Financiën V. VAN PETEGHEM Anhang zum Gesetz von 14 april 2024. Zusammenarbeitsabkommen vom 7 februar 2024 zur änderung zusammenarbeitsabkommens vom 19 märz 2020 zwischen dem Föderalstaat, der flämischen Gemeinschaft, der französischen Gemeinschaft und der deutschsprachigen Gemeinschaft über die Kompetenzen der Gemeinschaften und des Föderalstaates

Sachen tax-shelter-regelung für audiovisuelle werke und Bühnenwerke und über den

formationsaustausch Aufgrund von Artikel 92bis § 1 des Sondergesetzes vom 8. August 1980 über

stitutionelle Reformen, abgeändert durch die Sondergesetze vom

  1. August 1988, 16.Juli 1993 und
  2. Januar 2014; Aufgrund des Gesetzes vom
  3. Dezember 1983 über

stitutionelle Reformen für die Deutschsprachige Gemeinschaft; Aufgrund des Zusammenarbeitsabkommens vom 19. März 2020 zwischen dem Föderalstaat, der Flämischen Gemeinschaft, der Französischen Gemeinschaft und der Deutschsprachigen Gemeinschaft über die Kompetenzen der Gemeinschaften und des Föderalstaates

Sachen Tax-Shelter-Regelung für audiovisuelle Werke und Bühnenwerke und über den

formationsaustausch Aufgrund des Gesetzes vom 22. Juni 2020 über die Zustimmung zu dem Zusammenarbeitsabkommens zwischen dem Föderalstaat, der Flämischen Gemeinschaft, der Französischen Gemeinschaft und der Deutschsprachigen Gemeinschaft über die Kompetenzen der Gemeinschaften und des Föderalstaates

Sachen Tax-Shelter-Regelung für audiovisuelle Werke und Bühnenwerke und über den

formationsaustausch, unterzeichnet

Brüssel am

  1. März 2020 Aufgrund des Dekrets vom
  2. Juli 2020 zur Billigung des Zusammenarbeitsabkommens vom
  3. März 2020 zwischen dem Föderalstaat, der Flämischen Gemeinschaft, der Französischen Gemeinschaft und der Deutschsprachigen Gemeinschaft über die Kompetenzen der Gemeinschaften und des Föderalstaates

Sachen Tax-Shelter-Regelung für audiovisuelle Werke und Bühnenwerke und über den

formationsaustausch Aufgrund des Dekrets vom

  1. Mai 2020 zur Billigung des Zusammenarbeitsabkommens vom
  2. März 2019 zwischen dem Föderalstaat, der Flämischen Gemeinschaft, der Französischen Gemeinschaft und der Deutschsprachigen Gemeinschaft über die Kompetenzen der Gemeinschaften und des Föderalstaates

Sachen Tax-Shelter-Regelung für audiovisuelle Werke und Bühnenwerke und über den

formationsaustausch Aufgrund des Dekrets vom

  1. Oktober 2020 zur Billigung des Zusammenarbeitsabkommens vom
  2. März 2019 zwischen dem Föderalstaat, der Flämischen Gemeinschaft, der Französischen Gemeinschaft und der Deutschsprachigen Gemeinschaft über die Kompetenzen der Gemeinschaften und des Föderalstaates

Sachen Tax-Shelter-Regelung für audiovisuelle Werke und Bühnenwerke und über den

formationsaustausch Aufgrund von Artikel 194ter des Einkommensteuergesetzbuches 1992, ersetzt durch das Gesetze vom

  1. Mai 2014, und zuletzt abgeändert durch die Gesetze vom
  2. Juli 2022, Artikel 194ter/1 des Einkommensteuergesetzbuches 1992, eingefügt durch das Gesetz vom
  3. Dezember 2016 und zuletzt abgeändert durch die Gesetze vom
  4. Juli 2022, Artikel 194ter/2 des Einkommensteuergesetzbuches 1992, eingefügt durch das Gesetz vom
  5. Dezember 2016 und zuletzt abgeändert durch die Gesetze vom
  6. Juni 2021, und Artikel 194ter/3 des Einkommensteuergesetzbuches 1992, eingefügt durch das Gesetz vom
  7. März 2019 und zuletzt abgeändert durch die Gesetze vom
  8. Juli 2022; Aufgrund des Gutachtens n° 74.320/VR des Staatsrates vom 20 Oktober 2023 und Gutachtens n° 74.566/3 des Staatsrates vom 20 Oktober 2023 unter Anwendung von Artikel 84 § 1 Absatz 1 Nr. 2 der Staatsratsgesetze, koordiniert am
  9. Januar 1973; Aufgrund des Gutachtens n° 65/2023 vom 24 März 2023 der Datenschutzbehörde;

Erwägung, dass gemäß Artikel 194ter/2 und 194ter/3 § 2 Nr. 1 des Einkommensteuergesetzbuches 1992 ein Videospiel von den zuständigen Diensten der betreffenden Gemeinschaft oder des Föderalstaates als europäisches Videospiel zugelassen sein muss, um

den Genuss der Tax-Shelter-Regelung zu gelangen;

Erwägung, dass gemäß Artikel 194ter § 7 Nr. 3 desselben Gesetzbuches die zuständigen Dienste der betreffenden Gemeinschaft oder des Föderalstaates zwei getrennte Bescheinigungen ausstellen, gemäß denen: - das Werk der Definition eines

Artikel 194ter/3, § 2, Nr.

1, desselben Gesetzbuches erwähnten

Betracht kommenden Werks entspricht; - die Realisierung dieses Werks, wie

Artikel 194t

er/3 § 6 desselben Gesetzbuches vorgesehen, abgeschlossen ist und dass bei der getätigten globalen Finanzierung des Werks die

Artikel 194ter § 4 Nr.

3 desselben Gesetzbuches bezeichneten Bedingungen und Höchstgrenze eingehalten werden, das heißt, dass der Gesamtbetrag der Summen, die von sämtlichen

Betracht kommenden Anlegern

Ausführung des Rahmenübereinkommens unter Befreiung der Gewinne von der Steuer gemäß Artikel 194ter § 2 desselben Gesetzbuches tatsächlich gezahlt wurden, 50 Prozent des Budgets der Gesamtausgaben für das

Betracht kommende Werk nicht übersteigt und dieser Betrag tatsächlich zur Durchführung dieses Budgets verwendet wurde;

Erwägung, dass es dem föderalen Gesetzgeber laut Artikel 35, 38 und 39 nicht zusteht, Gemeinschaften und Regionen Zuständigkeiten durch ein ordentliches Gesetz zuzuerkennen; dass angesichts des Autonomiegrundsatzes die Föderalbehörde den Gemeinschaften und Regionen einerseits keine Verpflichtungen aufzwingen kann und andererseits die Ausübung seiner eigenen Befugnisse nicht der Zusammenarbeit der Gemeinschaften und Regionen unterordnen darf;

Erwägung, dass es demzufolge angebracht ist, eine Rechtsgrundlage für die gemeinsame Ausübung der eigenen Befugnisse der Gemeinschaften und des Föderalstaates

Sachen Tax-Shelter-Regelung zu schaffen, und dass das geeignetste Mittel der Abschluss eines Zusammenarbeitsabkommens im Sinne von Artikel 92bis § 1 des Sondergesetztes über die

stitutionellen Reformen vom 8. August 1980 ist;

Erwägung, dass ferner wichtig ist, dass die Auslegung bestimmter Begriffe der Rechtsvorschriften

den verschiedenen Gemeinschaften und

nerhalb des Föderalstaates identisch ist;

Erwägung, dass ein Teilgebiet (eine der drei Gemeinschaften oder der Föderalstaat) bei der Analyse der Akten für die Ausübung seiner Befugnisse Kenntnisse erhalten kann, die den anderen Teilgebieten nützlich sein können; dass es demzufolge angebracht ist, einen Ort des

formationsaustauschs zwischen Föderalstaat und Gemeinschaften zu schaffen, um die Datenverwaltung im Rahmen der Aktenanalyse zu harmonisieren und somit eine optimale Ausübung seiner Befugnisse durch jedes der Teilgebiete zu gewährleisten, der Föderalstaat, vertreten durch die Föderalregierung

der Person des Ministers der Finanzen, der Ministerin der Föderalen Kulturellen

stitutionen und des Staatssekretärs für Wissenschaftspolitik; die Flämische Gemeinschaft, vertreten durch die Flämische Regierung

der Person des Ministerpräsidenten und Ministers für auswärtige Angelegenheiten, Kultur,

formations- und Kommunikationstechnik und Facility Management; die Französische Gemeinschaft, vertreten durch die Regierung der Französischen Gemeinschaft

der Person des Ministerpräsidenten und der Vize-Präsidentin und Ministerin für Kinder, Gesundheit, Kultur, Medien und Frauenrechte; die Deutschsprachige Gemeinschaft, vertreten durch die Regierung der Deutschsprachigen Gemeinschaft

der Person der Ministerin für Kultur und Sport, Beschäftigung und Medien; haben Folgendes vereinbart: Article 1er.

der Überschrift des Zusammenarbeitsabkommens vom 19. März 2020 zwischen dem Föderalstaat, der Flämischen Gemeinschaft, der Französischen Gemeinschaft und der Deutschsprachigen Gemeinschaft über die Kompetenzen der Gemeinschaften und des Föderalstaates

Sachen Tax-Shelter-Regelung für audiovisuelle Werke und Bühnenwerke und über den

formationsaustausch werden die Wörter "und Bühnenwerke" durch die Wörter ", Bühnenwerke und Videospiele" ersetzt. Art. 2.

Artikel 1

§ 1 desselben Zusammenarbeitsabkommens werden folgende Änderungen vorgenommen: a)

der Bestimmung unter Nr.1 werden die Wörter "oder 194ter/1 § 2 Nr. 1" durch die Wörter ", 194ter/1 § 2 Nr. 1 oder 194ter/3 § 2 Nr. 1" und die Wörter "oder das Bühnenwerk" durch die Wörter ", das Bühnenwerk oder das Videospiel" ersetzt; b)

der Bestimmung unter Nr.2 werden die Wörter "gegebenenfalls 194ter/1 § 6 desselben Gesetzbuches bescheinigen, dass die Realisierung des audiovisuellen Werks oder des Bühnenwerks abgeschlossen ist " durch die Wörter "gegebenenfalls 194ter/1 § 6 oder 194ter/3 § 6 desselben Gesetzbuches bescheinigen, dass die Realisierung des audiovisuellen Werks, des Bühnenwerks oder des Videospiels abgeschlossen ist" ersetzt. Art. 3.

Artikel 1

§ 3 desselben Zusammenarbeitsabkommens werden folgende Änderungen vorgenommen: a) im einleitenden Satz werden die Wörter "oder 194ter/1 § 2 Nr.1" durch die Wörter ", 194ter/1 § 2 Nr. 1 oder 194ter/3 § 2 Nr. 1" ersetzt; b)

der Bestimmung unter Nr.1 werden die Wörter "oder 194ter/1 § 2 Nr. 1" durch die Wörter ", 194ter/1 § 2 Nr. 1 oder 194ter/3 § 2 Nr. 1" und die Wörter "oder das Bühnenwerk" durch die Wörter ", das Bühnenwerk oder das Videospiel" ersetzt; c)

der Bestimmung unter Nr.2 werden die Wörter "gegebenenfalls 194ter/1 § 6 desselben Gesetzbuches, dass die Herstellung des audiovisuellen Werkes oder des Bühnenwerkes abgeschlossen ist" ersetzt durch die Wörter "gegebenenfalls 194ter/1 § 6 oder 194ter/3 § 6 desselben Gesetzbuches, dass die Herstellung des audiovisuellen Werkes, des Bühnenwerkes oder des Videospiels abgeschlossen ist". Art. 4.

Artikel 2

desselben Zusammenarbeitsabkommens werden die Wörter "gemäß Artikel 194ter § 1 Absatz 1 Nr. 2 und 3" ersetzt durch die Wörter "gemäß Artikel 194ter § 1 Absatz 1 Nr. 2 und 3, 194ter/1 § 1 oder 194ter/3 § 1". Art. 5.

Artikel 3

§ 2 desselben Zusammenarbeitsabkommens werden folgende Änderungen vorgenommen: a)

der Bestimmung unter Nr.1 werden die Wörter "und für den Bereich Bühnenkunst" durch die Wörter ", für den Bereich Bühnenkunst und für den Bereich Videospiele" ersetzt; b)

der Bestimmung unter Nr.2 werden die Wörter "audiovisuellen Werke und Bühnenwerke" durch die Wörter "audiovisuellen Werke, Bühnenwerke und Videospiele" ersetzt. Art. 6.

Artikel 3

§ 3 desselben Zusammenarbeitsabkommens werden folgende Änderungen vorgenommen: a)

Absatz 1 werden die Wörter "und Bühnenwerke" durch die Wörter ", Bühnenwerke und Videospiele" ersetzt;b)

Absatz 2 werden die Wörter "oder 194ter/2" durch die Wörter ", 194ter/2 oder 194ter/3" ersetzt;c)

Absatz 3 werden die Wörter " oder der Bühnenproduktion" durch die Wörter ", der Bühnenproduktion oder des Videospiels" ersetzt und die Wörter "oder Bühnenwerken" durch die Wörter ", Bühnenwerken oder Videospielen" ersetzt. Art. 7.

Artikel 3

§ 5 desselben Zusammenarbeitsabkommens werden die Wörter "und Artikel 194ter/2" ersetzt durch die Wörter ", Artikel 194ter/2 und Artikel 194ter/3". Art. 8.

Artikel 4

desselben Zusammenarbeitsabkommens werden folgende Änderungen vorgenommen: a)

Absatz 2 werden die Wörter "und 194ter/2" durch die Wörter ", 194ter/2 und 194ter/3" ersetzt;b)

Absatz 3 werden die Wörter "und 194ter/2" durch die Wörter ", 194ter/2 und 194ter/3" ersetzt. Art. 9.Dieser Zusammenarbeitsabkommen tritt am ersten Tag des Monats nach dem Monat

Kraft,

dem der letzte Zustimmungsakt zu diesem Zusammenarbeitsabkommen

Kraft getreten ist. Geschehen zu Brüssel, am 7 Februar 2024.

vier Urschriften,

Niederländisch,

Französisch und

Deutsch, wobei die verschiedenen Fassungen gleichermaßen authentisch sind. Für den Föderalstaat: Der Premierminister A. DE CROO Die Ministerin der Auswärtigen Angelegenheiten, der Europäischen Angelegenheiten und des Außenhandels und der Föderalen Kulturellen

stitutionen H. LAHBIB Der Minister der Finanzen V. VAN PETEGHEM Der Staatssekretär für Wirtschaftsbelebung und Strategische

vestitionen, beauftragt mit der Wissenschaftspolitik Th. DERMINE Für die Flämische Gemeinschaft: Der Ministerpräsident und Minister für Außenpolitik, Kultur, Digitalisierung und Facilitymanagement J. JAMBON Der Minister für Brüsseler Angelegenheiten, Jugend, Medien und Armutsbekämpfung B. DALLE Für die Französische Gemeinschaft: Der Ministerpräsident P.-Y. JEHOLET Die Vize-Ministerpräsidentin und Ministerin für Kinder, Gesundheit, Kultur, Medien und Frauenrechte B. LINARD Für die Deutschsprachige Gemeinschaft: Der Ministerpräsident und Minister für lokale Behörden und Finanzen O. PAASCH Die Ministerin für Kultur und Sport, Beschäftigung und Medien I. WEYKMANS Gesehen, um beigefügt zu werden Unserem Gesetz vom 14 april 2024. PHILIPPE Von Königs wegen: Der Minister der Finanzen V. VAN PETEGHEM .

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.