Sources officiellesejustice.just.fgov.be · EUR-Lex
Europaius

Decreet betreffende de algemene inspectiedienst, de dienst voor pedagogische raadgeving en begeleiding van het door de Franse Gemeenschap georganiseer

Kort samengevat

Dit decreet regelt de organisatie en werking van de algemene inspectiedienst en de diensten voor pedagogische raadgeving en begeleiding voor het onderwijs in de Franse Gemeenschap. Het beschrijft de structuur van deze diensten en de toepassingsgebieden.

Wat het reguleert

  • De algemene inspectiedienst voor diverse onderwijsniveaus en -typen.
  • De dienst voor pedagogische raadgeving en begeleiding voor het door de Franse Gemeenschap georganiseerde onderwijs.
  • De cellen voor pedagogische raadgeving en begeleiding voor het door de Franse Gemeenschap gesubsidieerde onderwijs.
  • Het statuut van het personeel van de inspectiedienst en de pedagogische adviseurs.

Wie het betreft

  • Het basisonderwijs (kleuter- en lager onderwijs), secundair onderwijs, onderwijs voor sociale promotie, kunstonderwijs en afstandsonderwijs, georganiseerd of gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap.
  • De psycho-medisch-sociale centra georganiseerd en gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap.

Kernpunten

  • Er wordt een algemene inspectiedienst opgericht onder leiding van een coördinerende inspecteur-generaal, met verschillende inspectiediensten voor specifieke onderwijstypen.
  • Er is een dienst voor pedagogische raadgeving en begeleiding voor het georganiseerde onderwijs en cellen voor het gesubsidieerde onderwijs.
  • De inspectiediensten zijn belast met de evaluatie van en het toezicht op het studieniveau, met verwijzing naar vastgestelde referentiekaders.
  • Cursussen godsdienst vallen niet onder dit decreet, maar de inspecteurs hiervoor ressorteren wel onder het gezag van de coördinerende inspecteur-generaal.
Wettekst
Wettekst

8 MAART 2007. - Decreet betreffende de algemene inspectiedienst, de dienst voor pedagogische raadgeving en begeleiding van het door de Franse Gemeenschap georganiseerde onderwijs, de cellen voor pedag

§ 1, eerste lid, 1° tot 5°, worden op aanvullende wijze uitgeoefend.

Naar gelang van de behoeften, worden ze door één of meer leden van de algemene inspectiedienst uitgeoefend. De leden van de algemene inspectiedienst baseren hun evaluatie en hun controle op feiten die inzonderheid werden vastgesteld naar aanleiding van de begeleiding van cursussen en activiteiten, van het onderzoek van werken en documenten van leerlingen, van de resultaten die werden behaald bij de externe evaluaties die niet met getuigschriften worden bekrachtigd, van de ondervraging van leerlingen, van het onderzoek van kwantitatieve gegevens in verband met het aantal leerlingen die zakken, blijven zitten of worden gericht naar andere inrichtingen, en van het onderzoek van de voorbereidingen. Van die opdrachten wordt een verslag opgemaakt dat de vermelding inhoudt van inzonderheid het tijdschema en het doel/de doelstellingen van de afgelegde bezoeken, de nadere regels voor het inwinnen van inlichtingen, de vastgestelde feiten en het uitgebrachte advies over de kwaliteit en de doeltreffendheid van het verstrekte onderwijs. De coördinerende inspecteur-generaal bepaalt, na advies van de inspecteur-generaal die bevoegd is voor de diensten bedoeld in artikel 3, tweede lid, 1° en 2°, en van de inspecteur belast met de coördinatie van de inspectie voor de dienst bedoeld in artikel 3, tweede lid, 3°, de personen en/of organen aan wie/waaraan dat verslag kan worden overgezonden alsook de nadere regels voor die overzending. Dat verslag kan betrekking hebben op de vaststellingen gedaan op het niveau van een klas, van een welbepaalde inrichting of van verschillende inrichtingen, geheel of gedeeltelijk. Over die opdrachten kan eveneens een informatienota worden opgemaakt die, volgens de door de coördinerende inspecteur-generaal nader te bepalen regels, wordt overgezonden aan, naar gelang van het geval, de dienst voor pedagogische raadgeving en begeleiding of de bevoegde cel voor pedagogische raadgeving en begeleiding bedoeld in artikel 4. § 3. Naast

de vorige paragrafen, worden de inspectiediensten bedoeld in artikel 3, tweede lid, 1° tot 3°, op aanvraag van het inrichtingshoofd, in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde onderwijs, en van de inrichtende macht, in het door de Franse Gemeenschap gesubsidieerde onderwijs, belast met het beoordelen van de pedagogische vaardigheden van de personeelsleden van zijn/haar opvoedingsteam. Het inrichtingshoofd of de inrichtende macht die wenst dat de pedagogische vaardigheden van een lid van zijn/haar personeel beoordeeld worden door die diensten, richt zijn/haar aanvraag aan de coördinerende inspecteur-generaal, via de door de Regering aangestelde ambtenaar-generaal. Het door de bevoegde inspecteur opgestelde verslag wordt langs de hiërarchische weg overgezonden aan de door de Regering aangestelde ambtenaar-generaal die het, naar gelang van het geval, doorzendt naar het inrichtingshoofd en naar de Regering of de betrokken inrichtende macht. Deze laatste legt het voor visum voor aan het personeelslid, dat, in voorkomend geval, er zijn opmerkingen aan toevoegt. Het verslag, samen met de eventuele opmerkingen van het personeelslid, wordt vervolgens doorgezonden aan de bevoegde inspecteur, via de door de Regering aangestelde ambtenaar-generaal. Het model van het bij deze paragraaf bedoelde verslag wordt door de Regering opgesteld, op de voordracht van de coördinerende inspecteur-generaal. § 4. In het door de Franse Gemeenschap gesubsidieerde onderwijs, worden

de § 1, eerste lid, 1° en 2°, a), b), e), g), en § 3, uitgeoefend in het kader van het toezicht op de voorwaarden voor de toekenning van de subsidies zoals bepaald in artikel 24, § 2, 2°, 2° bis, 2° quater, 3° en 7° van voormelde wet van 29 mei 1959. § 5. De inrichtende macht die geen gevolg wil geven aan een ongunstig verslag dat door een personeelslid van de algemene inspectiedienst wordt opgesteld, moet de redenen voor die beslissing geven binnen de maand die volgt op de datum van ontvangst van dat verslag, via het algemeen bestuur onderwijs en wetenschappelijk onderzoek. Art. 7.§ 1. De inspectiedienst bedoeld in artikel 3, tweede lid, 4°, wordt belast met : 1° de evaluatie van het studieniveau en het toezicht op het studieniveau met verwijzing naar de pedagogische dossiers en, als deze niet bestaan, naar de programma's die door de Regering worden vastgesteld of goedgekeurd;2° de evaluatie, binnen de schoolinrichtingen, inzonderheid :

  1. a)van de naleving van de artikelen 7, 8, 10, 11, 13 en 14 van het decreet van 16 april 1991 houdende organisatie van het onderwijs voor sociale promotie;
  2. b)van de naleving van de pedagogische dossiers of van de programma's die door de Regering worden vastgesteld of goedgekeurd overeenkomstig de geldende regeling;
  3. c)van de samenhang van de praktijken, met inbegrip van de evaluatiepraktijken;
  4. d)van de overeenstemming van het didactisch materiaal en de schooluitrusting met de pedagogische noodwendigheden;
  5. e)van de samenhang van de keuzen die werden gemaakt op het vlak van de opleiding gedurende de loopbaan en van hun overeenstemming met de pedagogische noodwendigheden alsook van de uitwerking van die opleidingen op de pedagogische praktijken;
  6. f)van de uitvoering van de pedagogische aspecten van de projecten inzake positieve discriminatie bedoeld in artikel 58, § 1, van het voormelde decreet van 30 juni 1998Relevante gevonden documenten type decreet prom. 30/06/1998 pub. 22/08/1998 numac 1998029332 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet dat erop gericht is alle leerlingen gelijke kansen op sociale emancipatie te geven, inzonderheid door de invoering van maatregelen voor positieve discriminatie type decreet prom. 30/06/1998 pub. 01/09/1998 numac 1998029350 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet met betrekking tot de bijscholing van de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel en het opvoedend hulppersoneel in het onderwijs voor sociale promotie sluiten;3° de opsporing, binnen de schoolinrichtingen, van de eventuele segregatiemechanismen, alsook de steun voor de afschaffing van die mechanismen;4° het verstrekken van raadgevingen en inlichtingen in verband met de vaststellingen gedaan in het kader van de opdrachten bepaald in de hierboven vermelde punten 1° tot 3°;5° het verlenen van medewerking voor de opleiding gedurende de loopbaan overeenkomstig het decreet van 30 juni 1998Relevante gevonden documenten type decreet prom. 30/06/1998 pub. 22/08/1998 numac 1998029332 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet dat erop gericht is alle leerlingen gelijke kansen op sociale emancipatie te geven, inzonderheid door de invoering van maatregelen voor positieve discriminatie type decreet prom. 30/06/1998 pub. 01/09/1998 numac 1998029350 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet met betrekking tot de bijscholing van de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel en het opvoedend hulppersoneel in het onderwijs voor sociale promotie sluiten met betrekking tot de bijscholing van de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel en het opvoedend hulppersoneel in het onderwijs voor sociale promotie;6° het uitbrengen van adviezen en het formuleren van voorstellen, op eigen initiatief of op aanvraag van de Regering, over alles wat onder hun bevoegdheid valt;7° het deelnemen aan de werkgroepen, commissies en raden, krachtens de wetten, decreten en verordeningen;8° het meewerken met de pedagogische departementen van de hogescholen in het kader en volgens de voorwaarden die door de Regering vast te stellen zijn;9° het toezicht op en de evaluatie van de naleving van de decreetvoorschriften inzake opleiding gedurende de loopbaan betreffende de aspecten waarop ze het toezicht moeten uitoefenen en waarvan ze de evaluatie moeten uitvoeren krachtens de wetgeving;10° het toezicht op de naleving van de neutraliteit, wanneer die neutraliteit geboden is;11° het toezicht op de naleving van de decreetvoorschriften voor de opleidingen bedoeld in de artikelen 17, § 2, en 18, § 2, van het decreet van 2 februari 2007Relevante gevonden documenten type wet prom. 29/06/1983 pub. 25/01/2011 numac 2011000012 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de leerplicht. - Duitse vertaling sluiten5 tot vaststelling van het statuut van de directeurs betreffende de aspecten waarop ze het toezicht moeten uitoefenen krachtens de wetgeving;12° het uitoefenen van alle andere taken die hun door of krachtens wetten, decreten en verordeningen worden toevertrouwd. In het kader van de opleidingen bedoeld in het eerste lid, 5°, wanneer een inspecteur van de inspectiedienst van het onderwijs voor sociale promotie een opleiding gedurende de loopbaan verstrekt, dan kan die, behalve een door de Regering toe te kennen vrijstelling, niet bestemd zijn voor de personeelsleden van een inrichting die hij inspecteert. Wanneer de betrokken inspecteur een opleiding verstrekt, dan mag hij bovendien geen controle uitoefenen zoals bedoeld in het eerste lid, 9°. § 2.

§ 1, eerste lid, 1° tot 4°, worden op aanvullende wijze uitgeoefend.

Naar gelang van de behoeften, worden ze door één of meer leden van de algemene inspectiedienst uitgeoefend. Van die opdrachten wordt een verslag opgemaakt. De coördinerende inspecteur-generaal wijst de personen aan wie en/of de organen waaraan dat verslag kan worden overgezonden aan en bepaalt de nadere regels voor die overzending. Dat verslag kan betrekking hebben op de vaststellingen gedaan op het niveau van een klas, een welbepaalde inrichting of verschillende betrokken inrichtingen, geheel of gedeeltelijk. § 3. Naast

de vorige paragrafen, wordt de inspectiedienst van het onderwijs voor sociale promotie, op aanvraag van het inrichtingshoofd, in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde onderwijs, en van de inrichtende macht, in het door de Franse Gemeenschap gesubsidieerde onderwijs, belast met het beoordelen van de pedagogische vaardigheden van de personeelsleden van zijn/haar opvoedingsteam. Het inrichtingshoofd of de inrichtende macht die wenst dat de pedagogische vaardigheden van een lid van zijn/haar personeel beoordeeld worden door die inspectiedienst, richt zijn/haar aanvraag aan de coördinerende inspecteur-generaal, via de door de Regering aangestelde ambtenaar-generaal. Het door de bevoegde inspecteur opgestelde verslag wordt langs de hiërarchische weg overgezonden aan de door de Regering aangestelde ambtenaar-generaal, die het, naar gelang van het geval, doorzendt naar het inrichtingshoofd en naar de Regering of de betrokken inrichtende macht. Deze laatste legt het voor visum voor aan het personeelslid, dat, in voorkomend geval, er zijn opmerkingen aan toevoegt. Het verslag, samen met de eventuele opmerkingen van het personeelslid, wordt vervolgens doorgezonden aan de bevoegde inspecteur, via de door de Regering aangestelde ambtenaar-generaal. Het model van het bij deze paragraaf bedoelde verslag wordt door de Regering opgesteld, op de voordracht van de coördinerende inspecteur-generaal. § 4. In het door de Franse Gemeenschap gesubsidieerde onderwijs, worden

de § 1, eerste lid, 1° en 2°, a), b), e), g), en § 3, uitgeoefend in het kader van het toezicht op de voorwaarden voor de toekenning van de subsidies zoals bepaald in artikel 24, § 2, 2°, 2° bis, 2° quater, 3° en 7° van voormelde wet van 29 mei 1959. § 5. De inrichtende macht die geen gevolg wil geven aan een ongunstig verslag dat door een personeelslid van de algemene inspectiedienst wordt opgesteld, moet de redenen voor die beslissing geven binnen de maand die volgt op de datum van ontvangst van dat verslag, via het algemeen bestuur onderwijs en wetenschappelijk onderzoek. Art. 8.§ 1. De inspectiedienst bedoeld in artikel 3, tweede lid, 5°, wordt belast met : 1° de evaluatie van het studieniveau en het toezicht op het studieniveau zoals inzonderheid bepaald in de artikelen 20, 31 en 55 van het decreet van 24 juli 1997Relevante gevonden documenten type decreet prom. 24/07/1997 pub. 23/09/1997 numac 1997029337 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet dat de prioritaire taken bepaalt van het basisonderwijs en van het secundair onderwijs en de structuren organiseert die het mogelijk maken ze uit te voeren type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027389 bron ministerie van het waalse gewest Decreet betreffende de terbeschikkingstelling aan de Regering van personeelsleden van het Commissariaat-Generaal voor Internationale Betrekkingen overgeplaatst naar het Waalse Gewest type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027390 bron ministerie van het waalse gewest Decreet waarbij de naar het Waalse Gewest overgeplaatste personeelsleden van het Economisch en Sociaal Instituut voor de Middenstand ter beschikking worden gesteld van de Regering type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027394 bron ministerie van het waalse gewest Decreet waarbij de naar het Waalse Gewest overgeplaatste personeelsleden van het Nationaal Instituut voor de Huisvesting ter beschikking worden gesteld van de Regering type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027395 bron ministerie van het waalse gewest Decreet waarbij de naar het Waalse Gewest overgeplaatste personeelsleden van de Nationale Dienst voor Afzet van Land- en Tuinbouwprodukten ter beschikking worden gesteld van de Regering type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027392 bron ministerie van het waalse gewest Decreet waarbij de naar het Waalse Gewest overgeplaatste personeelsleden van de Nationale Maatschappij voor de Huisvesting en van de Nationale Landmaatschappij ter beschikking worden gesteld van de Regering type decreet prom. 24/07/1997 pub. 06/11/1997 numac 1997029343 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet dat het statuut bepaalt van het bestuurs- en onderwijzend personeel en van het opvoedend hulppersoneel van de hogescholen ingericht of gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027391 bron ministerie van het waalse gewest Decreet waarbij de naar het Waalse Gewest overgeplaatste personeelsleden van het Rijksstation voor bos- en hydrobiologisch onderzoek en van het Rijkscentrum voor landbouwkundig onderzoek van Gembloux - Rijksstation voor bostechnologie ter beschikking worden gesteld van de Regering type decreet prom. 24/07/1997 pub. 28/01/1998 numac 1997029394 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet houdende de eerste aanpassing van de algemene uitgavenbegroting van de Franse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 1997 sluiten met verwijzing naar het referentiesysteem voor de basisvaardigheden, de vereiste kennis en eindvaardigheden en naar de opleidingsprofielen, en, als deze niet bestaan, naar de programma's die door de Regering worden vastgesteld of goedgekeurd;2° de evaluatie, in het afstandsonderwijs, inzonderheid :

  1. a)van de naleving van de artikelen 6, 8, 10, 12, 13, 15, 16, § 3, 24, 34 en 78 van het decreet van 24 juli 1997Relevante gevonden documenten type decreet prom. 24/07/1997 pub. 23/09/1997 numac 1997029337 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet dat de prioritaire taken bepaalt van het basisonderwijs en van het secundair onderwijs en de structuren organiseert die het mogelijk maken ze uit te voeren type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027389 bron ministerie van het waalse gewest Decreet betreffende de terbeschikkingstelling aan de Regering van personeelsleden van het Commissariaat-Generaal voor Internationale Betrekkingen overgeplaatst naar het Waalse Gewest type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027390 bron ministerie van het waalse gewest Decreet waarbij de naar het Waalse Gewest overgeplaatste personeelsleden van het Economisch en Sociaal Instituut voor de Middenstand ter beschikking worden gesteld van de Regering type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027394 bron ministerie van het waalse gewest Decreet waarbij de naar het Waalse Gewest overgeplaatste personeelsleden van het Nationaal Instituut voor de Huisvesting ter beschikking worden gesteld van de Regering type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027395 bron ministerie van het waalse gewest Decreet waarbij de naar het Waalse Gewest overgeplaatste personeelsleden van de Nationale Dienst voor Afzet van Land- en Tuinbouwprodukten ter beschikking worden gesteld van de Regering type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027392 bron ministerie van het waalse gewest Decreet waarbij de naar het Waalse Gewest overgeplaatste personeelsleden van de Nationale Maatschappij voor de Huisvesting en van de Nationale Landmaatschappij ter beschikking worden gesteld van de Regering type decreet prom. 24/07/1997 pub. 06/11/1997 numac 1997029343 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet dat het statuut bepaalt van het bestuurs- en onderwijzend personeel en van het opvoedend hulppersoneel van de hogescholen ingericht of gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027391 bron ministerie van het waalse gewest Decreet waarbij de naar het Waalse Gewest overgeplaatste personeelsleden van het Rijksstation voor bos- en hydrobiologisch onderzoek en van het Rijkscentrum voor landbouwkundig onderzoek van Gembloux - Rijksstation voor bostechnologie ter beschikking worden gesteld van de Regering type decreet prom. 24/07/1997 pub. 28/01/1998 numac 1997029394 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet houdende de eerste aanpassing van de algemene uitgavenbegroting van de Franse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 1997 sluiten;
  2. b)van de naleving van de studieprogramma's die door de Regering worden vastgesteld of goedgekeurd overeenkomstig de artikelen 17, 27, 36 en 50 van het decreet van 24 juli 1997Relevante gevonden documenten type decreet prom. 24/07/1997 pub. 23/09/1997 numac 1997029337 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet dat de prioritaire taken bepaalt van het basisonderwijs en van het secundair onderwijs en de structuren organiseert die het mogelijk maken ze uit te voeren type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027389 bron ministerie van het waalse gewest Decreet betreffende de terbeschikkingstelling aan de Regering van personeelsleden van het Commissariaat-Generaal voor Internationale Betrekkingen overgeplaatst naar het Waalse Gewest type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027390 bron ministerie van het waalse gewest Decreet waarbij de naar het Waalse Gewest overgeplaatste personeelsleden van het Economisch en Sociaal Instituut voor de Middenstand ter beschikking worden gesteld van de Regering type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027394 bron ministerie van het waalse gewest Decreet waarbij de naar het Waalse Gewest overgeplaatste personeelsleden van het Nationaal Instituut voor de Huisvesting ter beschikking worden gesteld van de Regering type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027395 bron ministerie van het waalse gewest Decreet waarbij de naar het Waalse Gewest overgeplaatste personeelsleden van de Nationale Dienst voor Afzet van Land- en Tuinbouwprodukten ter beschikking worden gesteld van de Regering type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027392 bron ministerie van het waalse gewest Decreet waarbij de naar het Waalse Gewest overgeplaatste personeelsleden van de Nationale Maatschappij voor de Huisvesting en van de Nationale Landmaatschappij ter beschikking worden gesteld van de Regering type decreet prom. 24/07/1997 pub. 06/11/1997 numac 1997029343 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet dat het statuut bepaalt van het bestuurs- en onderwijzend personeel en van het opvoedend hulppersoneel van de hogescholen ingericht of gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027391 bron ministerie van het waalse gewest Decreet waarbij de naar het Waalse Gewest overgeplaatste personeelsleden van het Rijksstation voor bos- en hydrobiologisch onderzoek en van het Rijkscentrum voor landbouwkundig onderzoek van Gembloux - Rijksstation voor bostechnologie ter beschikking worden gesteld van de Regering type decreet prom. 24/07/1997 pub. 28/01/1998 numac 1997029394 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet houdende de eerste aanpassing van de algemene uitgavenbegroting van de Franse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 1997 sluiten;
  3. c)van de samenhang van de praktijken, met inbegrip van de evaluatiepraktijken;
  4. d)van de overeenstemming van het didactisch materiaal en de schooluitrusting met de pedagogische noodwendigheden;3° de opsporing, binnen het afstandsonderwijs, van de eventuele segregatiemechanismen, alsook de steun voor de afschaffing van die mechanismen;4° het verstrekken van raadgevingen en inlichtingen in verband met de vaststellingen gedaan in het kader van de opdrachten bepaald in de hierboven vermelde punten 1° tot 3°;5° het uitbrengen van adviezen en het formuleren van voorstellen, op eigen initiatief of op aanvraag van de Regering, over alles wat onder hun bevoegdheid valt;6° het deelnemen aan de werkgroepen, commissies en raden, krachtens de wetten, decreten en verordeningen;7° het meewerken met de pedagogische departementen van de hogescholen in het kader en volgens de voorwaarden die door de Regering vast te stellen zijn;8° het toezicht op de naleving van de neutraliteit, wanneer die neutraliteit geboden is;9° het uitoefenen van alle andere taken die hun door of krachtens wetten, decreten en verordeningen worden toevertrouwd. § 2.

§ 1, eerste lid, 1° tot 4°, worden op aanvullende wijze uitgeoefend.

Naar gelang van de behoeften, worden ze door één of meer leden van de algemene inspectiedienst uitgeoefend. Van die opdrachten wordt een verslag opgemaakt. De coördinerende inspecteur-generaal wijst de personen aan wie en/of de organen waaraan dat verslag kan worden overgezonden aan en bepaalt de nadere regels voor die overzending. § 3. Naast

de vorige paragrafen, wordt de algemene inspectiedienst van het onderwijs, belast met het beoordelen van de pedagogische vaardigheden van de personeelsleden van het afstandsonderwijs. Art. 9.§ 1. De inspectiedienst bedoeld in artikel 3, tweede lid, 6°, wordt belast met : 1° de evaluatie van het studieniveau en het toezicht op het studieniveau zoals inzonderheid bepaald in :

  1. a)de artikelen 31 en 55 van het decreet van 24 juli 1997Relevante gevonden documenten type decreet prom. 24/07/1997 pub. 23/09/1997 numac 1997029337 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet dat de prioritaire taken bepaalt van het basisonderwijs en van het secundair onderwijs en de structuren organiseert die het mogelijk maken ze uit te voeren type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027389 bron ministerie van het waalse gewest Decreet betreffende de terbeschikkingstelling aan de Regering van personeelsleden van het Commissariaat-Generaal voor Internationale Betrekkingen overgeplaatst naar het Waalse Gewest type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027390 bron ministerie van het waalse gewest Decreet waarbij de naar het Waalse Gewest overgeplaatste personeelsleden van het Economisch en Sociaal Instituut voor de Middenstand ter beschikking worden gesteld van de Regering type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027394 bron ministerie van het waalse gewest Decreet waarbij de naar het Waalse Gewest overgeplaatste personeelsleden van het Nationaal Instituut voor de Huisvesting ter beschikking worden gesteld van de Regering type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027395 bron ministerie van het waalse gewest Decreet waarbij de naar het Waalse Gewest overgeplaatste personeelsleden van de Nationale Dienst voor Afzet van Land- en Tuinbouwprodukten ter beschikking worden gesteld van de Regering type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027392 bron ministerie van het waalse gewest Decreet waarbij de naar het Waalse Gewest overgeplaatste personeelsleden van de Nationale Maatschappij voor de Huisvesting en van de Nationale Landmaatschappij ter beschikking worden gesteld van de Regering type decreet prom. 24/07/1997 pub. 06/11/1997 numac 1997029343 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet dat het statuut bepaalt van het bestuurs- en onderwijzend personeel en van het opvoedend hulppersoneel van de hogescholen ingericht of gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027391 bron ministerie van het waalse gewest Decreet waarbij de naar het Waalse Gewest overgeplaatste personeelsleden van het Rijksstation voor bos- en hydrobiologisch onderzoek en van het Rijkscentrum voor landbouwkundig onderzoek van Gembloux - Rijksstation voor bostechnologie ter beschikking worden gesteld van de Regering type decreet prom. 24/07/1997 pub. 28/01/1998 numac 1997029394 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet houdende de eerste aanpassing van de algemene uitgavenbegroting van de Franse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 1997 sluiten;
  2. b)de artikelen 3 tot 28 van het decreet van 2 juni 1998Relevante gevonden documenten type decreet prom. 02/06/1998 pub. 29/08/1998 numac 1998029331 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet houdende organisatie van het secundair kunstonderwijs met beperkt leerplan gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap sluiten houdende organisatie van het secundair kunstonderwijs met beperkt leerplan gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap;
  3. c)de artikelen 1 tot 6 van het decreet van 17 mei 1999Relevante gevonden documenten type decreet prom. 17/05/1999 pub. 15/06/1999 numac 1999029327 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende het administratief statuut van de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel en van het onderwijzend hulppersoneel van de inrichtingen voor het onderwijs voor sociale promotie van de Franse Gemeenschap type decreet prom. 17/05/1999 pub. 30/11/1999 numac 1999029361 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende de vakantiecentra type decreet prom. 17/05/1999 pub. 29/10/1999 numac 1999029643 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende het hoger kunstonderwijs sluiten betreffende het hoger kunstonderwijs en in de artikelen 1 tot 12 en 37 van het decreet van 20 december 2001Relevante gevonden documenten type decreet prom. 20/12/2001 pub. 31/01/2002 numac 2002029065 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot vaststelling van het statuut van de personeelsleden van de inspectiedienst van de Franse Gemeenschap voor het gewoon kleuteronderwijs, het gewoon lager onderwijs en het gewoon basisonderwijs gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap type decreet prom. 20/12/2001 pub. 03/05/2002 numac 2002029138 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot vaststelling van de regels die specifiek zijn voor het hoger kunstonderwijs georganiseerd in de hogere kunstscholen

(1)sluiten tot vaststelling van de regels die specifiek zijn voor het hoger kunstonderwijs georganiseerd in de hogere kunstscholen (organisatie, financiering, omkadering, statuut van het personeel, rechten en plichten van studenten);
  1. d)artikel 5 van de wet van 19 juli 1971 betreffende de algemene structuur, en de organisatie van het secundair onderwijs, met verwijzing naar het referentiesysteem voor de basisvaardigheden, de vereiste kennis en de eindvaardigheden, de opleidingsprofielen, en, wanneer die niet bestaan, met verwijzing naar de programma's die door de Regering vastgesteld of goedgekeurd worden;2° de evaluatie, binnen de schoolinrichtingen, inzonderheid :
  2. a)van de naleving van de artikelen 6, 8, 10, 15, 16, § 3, 24, 34 en 78 van het decreet van 24 juli 1997Relevante gevonden documenten type decreet prom. 24/07/1997 pub. 23/09/1997 numac 1997029337 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet dat de prioritaire taken bepaalt van het basisonderwijs en van het secundair onderwijs en de structuren organiseert die het mogelijk maken ze uit te voeren type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027389 bron ministerie van het waalse gewest Decreet betreffende de terbeschikkingstelling aan de Regering van personeelsleden van het Commissariaat-Generaal voor Internationale Betrekkingen overgeplaatst naar het Waalse Gewest type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027390 bron ministerie van het waalse gewest Decreet waarbij de naar het Waalse Gewest overgeplaatste personeelsleden van het Economisch en Sociaal Instituut voor de Middenstand ter beschikking worden gesteld van de Regering type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027394 bron ministerie van het waalse gewest Decreet waarbij de naar het Waalse Gewest overgeplaatste personeelsleden van het Nationaal Instituut voor de Huisvesting ter beschikking worden gesteld van de Regering type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027395 bron ministerie van het waalse gewest Decreet waarbij de naar het Waalse Gewest overgeplaatste personeelsleden van de Nationale Dienst voor Afzet van Land- en Tuinbouwprodukten ter beschikking worden gesteld van de Regering type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027392 bron ministerie van het waalse gewest Decreet waarbij de naar het Waalse Gewest overgeplaatste personeelsleden van de Nationale Maatschappij voor de Huisvesting en van de Nationale Landmaatschappij ter beschikking worden gesteld van de Regering type decreet prom. 24/07/1997 pub. 06/11/1997 numac 1997029343 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet dat het statuut bepaalt van het bestuurs- en onderwijzend personeel en van het opvoedend hulppersoneel van de hogescholen ingericht of gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027391 bron ministerie van het waalse gewest Decreet waarbij de naar het Waalse Gewest overgeplaatste personeelsleden van het Rijksstation voor bos- en hydrobiologisch onderzoek en van het Rijkscentrum voor landbouwkundig onderzoek van Gembloux - Rijksstation voor bostechnologie ter beschikking worden gesteld van de Regering type decreet prom. 24/07/1997 pub. 28/01/1998 numac 1997029394 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet houdende de eerste aanpassing van de algemene uitgavenbegroting van de Franse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 1997 sluiten, de artikelen 3 en 4 van het voormelde decreet van 2 juni 1998Relevante gevonden documenten type decreet prom. 02/06/1998 pub. 29/08/1998 numac 1998029331 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet houdende organisatie van het secundair kunstonderwijs met beperkt leerplan gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap sluiten, van artikel 3 van het voormelde decreet van 2 juni 1998Relevante gevonden documenten type decreet prom. 02/06/1998 pub. 29/08/1998 numac 1998029331 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet houdende organisatie van het secundair kunstonderwijs met beperkt leerplan gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap sluiten, van de artikelen 5 tot 12, 37 en 39 van het voormelde decreet van 20 december 2001Relevante gevonden documenten type decreet prom. 20/12/2001 pub. 31/01/2002 numac 2002029065 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot vaststelling van het statuut van de personeelsleden van de inspectiedienst van de Franse Gemeenschap voor het gewoon kleuteronderwijs, het gewoon lager onderwijs en het gewoon basisonderwijs gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap type decreet prom. 20/12/2001 pub. 03/05/2002 numac 2002029138 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot vaststelling van de regels die specifiek zijn voor het hoger kunstonderwijs georganiseerd in de hogere kunstscholen
(1)sluiten;
  1. b)van de naleving van de studieprogramma's of van de programma's die door de Regering worden vastgesteld of goedgekeurd overeenkomstig de artikelen 27, 68 en 70 van het decreet van 24 juli 1997Relevante gevonden documenten type decreet prom. 24/07/1997 pub. 23/09/1997 numac 1997029337 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet dat de prioritaire taken bepaalt van het basisonderwijs en van het secundair onderwijs en de structuren organiseert die het mogelijk maken ze uit te voeren type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027389 bron ministerie van het waalse gewest Decreet betreffende de terbeschikkingstelling aan de Regering van personeelsleden van het Commissariaat-Generaal voor Internationale Betrekkingen overgeplaatst naar het Waalse Gewest type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027390 bron ministerie van het waalse gewest Decreet waarbij de naar het Waalse Gewest overgeplaatste personeelsleden van het Economisch en Sociaal Instituut voor de Middenstand ter beschikking worden gesteld van de Regering type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027394 bron ministerie van het waalse gewest Decreet waarbij de naar het Waalse Gewest overgeplaatste personeelsleden van het Nationaal Instituut voor de Huisvesting ter beschikking worden gesteld van de Regering type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027395 bron ministerie van het waalse gewest Decreet waarbij de naar het Waalse Gewest overgeplaatste personeelsleden van de Nationale Dienst voor Afzet van Land- en Tuinbouwprodukten ter beschikking worden gesteld van de Regering type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027392 bron ministerie van het waalse gewest Decreet waarbij de naar het Waalse Gewest overgeplaatste personeelsleden van de Nationale Maatschappij voor de Huisvesting en van de Nationale Landmaatschappij ter beschikking worden gesteld van de Regering type decreet prom. 24/07/1997 pub. 06/11/1997 numac 1997029343 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet dat het statuut bepaalt van het bestuurs- en onderwijzend personeel en van het opvoedend hulppersoneel van de hogescholen ingericht of gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027391 bron ministerie van het waalse gewest Decreet waarbij de naar het Waalse Gewest overgeplaatste personeelsleden van het Rijksstation voor bos- en hydrobiologisch onderzoek en van het Rijkscentrum voor landbouwkundig onderzoek van Gembloux - Rijksstation voor bostechnologie ter beschikking worden gesteld van de Regering type decreet prom. 24/07/1997 pub. 28/01/1998 numac 1997029394 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet houdende de eerste aanpassing van de algemene uitgavenbegroting van de Franse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 1997 sluiten, de artikelen 4, 20, 21 en 22 van het voormelde decreet van 2 juni 1998Relevante gevonden documenten type decreet prom. 02/06/1998 pub. 29/08/1998 numac 1998029331 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet houdende organisatie van het secundair kunstonderwijs met beperkt leerplan gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap sluiten en van artikel 19 van het voormelde decreet van 17 mei 1999Relevante gevonden documenten type decreet prom. 17/05/1999 pub. 15/06/1999 numac 1999029327 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende het administratief statuut van de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel en van het onderwijzend hulppersoneel van de inrichtingen voor het onderwijs voor sociale promotie van de Franse Gemeenschap type decreet prom. 17/05/1999 pub. 30/11/1999 numac 1999029361 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende de vakantiecentra type decreet prom. 17/05/1999 pub. 29/10/1999 numac 1999029643 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende het hoger kunstonderwijs sluiten;
  2. c)van de samenhang van de praktijken, met inbegrip van de evaluatiepraktijken;
  3. d)van de overeenstemming van het didactisch materiaal en de schooluitrusting met de pedagogische noodwendigheden;
  4. e)van de samenhang van de keuzen die werden gemaakt op het vlak van de opleiding gedurende de loopbaan en van hun overeenstemming met de pedagogische noodwendigheden alsook van de uitwerking van die opleidingen op de pedagogische praktijken;
  5. f)van de uitvoering van de pedagogische aspecten van de projecten inzake positieve discriminatie bedoeld in de artikelen 8, 9, 10, 11 en 12 van het voormelde decreet van 30 juni 1998Relevante gevonden documenten type decreet prom. 30/06/1998 pub. 22/08/1998 numac 1998029332 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet dat erop gericht is alle leerlingen gelijke kansen op sociale emancipatie te geven, inzonderheid door de invoering van maatregelen voor positieve discriminatie type decreet prom. 30/06/1998 pub. 01/09/1998 numac 1998029350 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet met betrekking tot de bijscholing van de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel en het opvoedend hulppersoneel in het onderwijs voor sociale promotie sluiten alsook in artikel 27 van het decreet van 2 juni 1998Relevante gevonden documenten type decreet prom. 02/06/1998 pub. 29/08/1998 numac 1998029331 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet houdende organisatie van het secundair kunstonderwijs met beperkt leerplan gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap sluiten dat erop gericht is alle leerlingen gelijke kansen op sociale emancipatie te geven, inzonderheid door de invoering van maatregelen voor positieve discriminatie;
  6. g)van de naleving van de vrije kunstuitdrukking bedoeld in artikel 4, § 3, 1°,
  7. b)van het voormelde decreet van 2 juni 1998Relevante gevonden documenten type decreet prom. 02/06/1998 pub. 29/08/1998 numac 1998029331 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet houdende organisatie van het secundair kunstonderwijs met beperkt leerplan gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap sluiten en in artikel 3 van het voormelde decreet van 17 mei 1999Relevante gevonden documenten type decreet prom. 17/05/1999 pub. 15/06/1999 numac 1999029327 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende het administratief statuut van de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel en van het onderwijzend hulppersoneel van de inrichtingen voor het onderwijs voor sociale promotie van de Franse Gemeenschap type decreet prom. 17/05/1999 pub. 30/11/1999 numac 1999029361 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende de vakantiecentra type decreet prom. 17/05/1999 pub. 29/10/1999 numac 1999029643 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende het hoger kunstonderwijs sluiten;3° de opsporing, binnen de schoolinrichtingen, van de eventuele segregatiemechanismen, alsook de steun voor de afschaffing van die mechanismen;4° het verstrekken van raadgevingen en inlichtingen in verband met de vaststellingen gedaan in het kader van de opdrachten bepaald in de hierboven vermelde punten 1° tot 3°;5° het verlenen van zijn steun voor de organisatie van de evaluaties door een externe examencommissie die leidt tot het uitreiken van de getuigschriften en diploma's op het einde van de jaren, cyclussen, niveaus, filières, graden van het kunstonderwijs;6° het verstrekken van adviezen en het formuleren van voorstellen op eigen initiatief of op aanvraag van de Regering, over alles wat onder hun bevoegdheid valt;7° het verlenen van medewerking voor de opleiding gedurende de loopbaan overeenkomstig het decreet van 15 maart 1999Relevante gevonden documenten type decreet prom. 15/03/1999 pub. 16/07/1999 numac 1999029340 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende de opleiding tijdens de loopbaan van de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel en van het onderwijzend hulppersoneel van het kunstsecundair onderwijs met beperkt leerplan gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap sluiten betreffende de opleiding tijdens de loopbaan van de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel en van het onderwijzend hulppersoneel van het kunstsecundair onderwijs met beperkt leerplan gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap;8° het deelnemen aan de werkgroepen, commissies en raden, krachtens de wetten, decreten en verordeningen;9° het toezicht op en de evaluatie van de naleving van de decreetvoorschriften inzake opleiding gedurende de loopbaan betreffende de aspecten waarop ze het toezicht moeten uitoefenen en waarvan ze de evaluatie moeten uitvoeren krachtens de wetgeving;10° het toezicht op de naleving van de neutraliteit, wanneer die neutraliteit geboden is;11° het toezicht op de naleving van de decreetvoorschriften voor de opleidingen bedoeld in de artikelen 17, § 2, en 18, § 2, van het decreet van 2 februari 2007Relevante gevonden documenten type wet prom. 29/06/1983 pub. 25/01/2011 numac 2011000012 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de leerplicht. - Duitse vertaling sluiten5 tot vaststelling van het statuut van de directeurs betreffende de aspecten waarop ze het toezicht moeten uitoefenen krachtens de wetgeving;12° het uitoefenen van alle andere taken die hun door of krachtens de wetten, decreten en verordeningen worden toevertrouwd. In het kader van de opleidingen bedoeld in het eerste lid, 7°, wanneer een inspecteur van de inspectiedienst van het kunstonderwijs een opleiding gedurende de loopbaan verstrekt, dan kan die, behalve een door de Regering toe te kennen vrijstelling, niet bestemd zijn voor de personeelsleden van een inrichting die hij inspecteert. Wanneer de betrokken inspecteur een opleiding verstrekt, dan mag hij overigens geen controle uitoefenen zoals bedoeld in het eerste lid, 9°. § 2.

§ 1, eerste lid, 1° tot 4°, worden op aanvullende wijze uitgeoefend.

Naar gelang van de behoeften, worden ze door één of meer leden van de algemene inspectiedienst uitgeoefend. Van die opdrachten wordt een verslag opgemaakt. De coördinerende inspecteur-generaal wijst de personen aan wie en/of de organen waaraan dat verslag kan worden overgezonden aan en bepaalt de nadere regels voor die overzending. Dat verslag kan betrekking hebben op de vaststellingen gedaan op het niveau van een klas, een cyclus, een optie, een finaliteit, een afdeling, een jaar of een groep jaren van een cursus of een groep cursussen van een welbepaalde inrichting of verschillende betrokken inrichtingen, geheel of gedeeltelijk. § 3. Naast

de vorige paragrafen, wordt de algemene inspectiedienst, op aanvraag van het inrichtingshoofd, in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde onderwijs, en van de inrichtende macht, in het door de Franse Gemeenschap gesubsidieerde onderwijs, belast met het beoordelen van de pedagogische vaardigheden van de personeelsleden van zijn/haar opvoedingsteam. Het inrichtingshoofd of de inrichtende macht die wenst dat de pedagogische vaardigheden van een lid van zijn/haar personeel beoordeeld worden door de algemene inspectiedienst, richt zijn/haar aanvraag aan de coördinerende inspecteur-generaal, via de door de Regering aangestelde ambtenaar-generaal. Het door de bevoegde inspecteur opgestelde verslag wordt langs de hiërarchische weg overgezonden aan de door de Regering aangestelde ambtenaar-generaal, die het, naar gelang van het geval, doorzendt naar het inrichtingshoofd en naar de Regering of de betrokken inrichtende macht. Deze laatste legt het voor visum voor aan het personeelslid, dat, in voorkomend geval, er zijn opmerkingen aan toevoegt. Het verslag, samen met de eventuele opmerkingen van het personeelslid, wordt vervolgens doorgezonden aan de bevoegde inspecteur, via de door de Regering aangestelde ambtenaar-generaal. Het model van het bij deze paragraaf bedoelde verslag wordt door de Regering opgesteld, op de voordracht van de coördinerende inspecteur-generaal. § 4. In het door de Franse Gemeenschap gesubsidieerde onderwijs, worden

de § 1, eerste lid, 1° en 2°, a), b), e), en § 3, uitgeoefend in het kader van het toezicht op de voorwaarden voor de toekenning van de subsidies zoals bepaald in artikel 24, § 2, 2°, 2° bis, 2° quater, 3° en 7° van voormelde wet van 29 mei

  1. §
  2. De inrichtende macht die geen gevolg wil geven aan een ongunstig verslag dat door een personeelslid van de algemene inspectiedienst wordt opgesteld, moet de redenen voor die beslissing geven binnen de maand die volgt op de datum van ontvangst van dat verslag, via het algemeen bestuur onderwijs en wetenschappelijk onderzoek. Art. 10.§
  3. De inspectiedienst bedoeld in artikel 3, tweede lid, 7°, wordt belast met : 1° de evaluatie van de uitvoering van de opdrachten die aan de psycho-medisch-sociale centra worden toegewezen;2° het toezicht op de naleving van de wettelijke verplichtingen en de deontologische regels;3° de evaluatie van de samenhang van de keuzen gemaakt inzake de opleiding gedurende de loopbaan en van hun overeenstemming met het ambt dat wordt uitgeoefend door het technisch personeelslid en met het centrumproject;4° de evaluatie van de overeenstemming van de uitrusting met het centrumproject;5° de opsporing, binnen de schoolinrichtingen, van de eventuele segregatiemechanismen, alsook met de steun voor de afschaffing van die mechanismen;6° het verstrekken van raadgevingen en inlichtingen in verband met de vaststellingen gedaan in het kader van de opdrachten bepaald in de hierboven vermelde punten 1° tot 5°;7° het verlenen van medewerking voor de organisatie van de opleiding gedurende de loopbaan op netoverschrijdend niveau;8° het verlenen van erkenningen aan de instellingen die gemachtigd worden tot het uitreiken van het attest voor de toelating in het gespecialiseerd onderwijs;9° het verstrekken van adviezen en het formuleren van voorstellen op eigen initiatief of op aanvraag van de Regering, over alles wat onder hun bevoegdheid valt;10° het deelnemen aan de werkgroepen, commissies en raden, krachtens de wetten, decreten en verordeningen;11° het meewerken met de pedagogische departementen van de hogescholen in het kader en volgens de voorwaarden die door de Regering vast te stellen zijn;12° het toezicht op en de evaluatie van de naleving van de decreetvoorschriften inzake opleiding gedurende de loopbaan betreffende de aspecten waarop ze het toezicht moeten uitoefenen en waarvan ze de evaluatie moeten uitvoeren krachtens de wetgeving;13° het toezicht op de naleving van de neutraliteit, wanneer die neutraliteit geboden is;14° het uitoefenen van alle andere taken die hun door of krachtens de wetten, decreten en verordeningen worden toevertrouwd. In het kader van de opleidingen bedoeld in het eerste lid, 7°, wanneer een inspecteur van de inspectiedienst van de psycho-medisch-sociale centra een opleiding gedurende de loopbaan verstrekt, dan kan die, behalve een door de Regering toe te kennen vrijstelling, niet bestemd zijn voor de technische personeelsleden van een psycho-medisch-sociaal centrum dat hij inspecteert. Wanneer de betrokken inspecteur een opleiding verstrekt, dan mag hij bovendien geen controle uitoefenen zoals bedoeld in het eerste lid, 12°. § 2.

§ 1, eerste lid, 1° tot 6°, worden op aanvullende wijze uitgeoefend.

Naar gelang van de behoeften, worden ze door één of meer leden van de algemene inspectiedienst uitgeoefend. Van die opdrachten wordt een verslag opgemaakt. De coördinerende inspecteur-generaal wijst de personen aan wie en/of de organen aan wie of waaraan dat verslag kan worden overgezonden aan en bepaalt de nadere regels voor die overzending. Dat verslag kan betrekking hebben op de vaststellingen gedaan op het niveau van een team, een psycho-medisch-sociaal centrum of van verschillende psycho-medisch-sociale centra, geheel of gedeeltelijk. § 3. Naast

de vorige paragrafen, wordt de inspectiedienst voor de psycho-medisch-sociale centra, op aanvraag van de directeur van het centrum, voor de door de Franse Gemeenschap georganiseerde psycho-medisch-sociale centra, en van de inrichtende macht van het centrum, voor de door de Franse Gemeenschap gesubsidieerde psycho-medisch-sociale centra, belast met het beoordelen van de pedagogische vaardigheden van de leden van zijn technisch personeel. De directeur of de inrichtende macht die wenst dat de beroepsbekwaamheid van een lid van zijn/haar personeel beoordeeld wordt door die dienst, richt zijn/haar aanvraag aan de coördinerende inspecteur-generaal, via de door de Regering aangestelde ambtenaar-generaal. Het door de bevoegde inspecteur opgestelde verslag wordt langs de hiërarchische weg overgezonden aan de door de Regering aangestelde ambtenaar-generaal die het, naar gelang van het geval, doorzendt naar de directeur en naar de Regering of de betrokken inrichtende macht. Deze laatste legt het voor visum voor aan het personeelslid, dat, in voorkomend geval, er zijn opmerkingen aan toevoegt. Het verslag, samen met de eventuele opmerkingen van het technisch personeelslid, wordt vervolgens doorgezonden aan de bevoegde inspecteur, via de door de Regering aangestelde ambtenaar-generaal. Het model van het bij deze paragraaf bedoelde verslag wordt door de Regering opgesteld, op de voordracht van de coördinerende inspecteur-generaal. § 4. In het door de Franse Gemeenschap gesubsidieerde onderwijs, worden

de § 1, eerste lid, 1° en 2°, a), b), e), g), 4° en § 3, uitgeoefend in het kader van het toezicht op de voorwaarden voor de toekenning van de subsidies zoals bepaald in artikel 24, § 2, 2°, 2° bis, 2° quater, 3° en 7° van voormelde wet van 29 mei 1959. § 5. De inrichtende macht die geen gevolg wil geven aan een ongunstig verslag dat door een personeelslid van de algemene inspectiedienst wordt opgesteld, moet de redenen voor die beslissing geven binnen de maand die volgt op de datum van ontvangst van dat verslag, via het algemeen bestuur onderwijs en wetenschappelijk onderzoek. Art. 11.Behoudens voor de opdrachten bepaald in de artikelen 6 tot 10, handelt de algemene inspectiedienst door middel van raadgeving en informatieverstrekking. In het gesubsidieerd onderwijs mag hij geen richtlijn geven betreffende de pedagogische methodes en eerbiedigt hij de vrijheid van de inrichtende macht om haar dienstregelingen te bepalen in het kader van de wets- en verordeningsbepalingen. In de gesubsidieerde psycho-medisch-sociale centra, mag hij geen richtlijn geven betreffende de methoden die worden ontwikkeld om de doelstellingen te bereiken die in het centrumproject worden vastgelegd en eerbiedigt hij de vrijheid van de inrichtende macht om haar dienstregelingen te bepalen in het kader van de wets- en verordeningsbepalingen. Art. 12.De leden van de algemene inspectiedienst kunnen werkgroepen oprichten in het kader van hun bevoegdheden, voor een deel of het geheel van de inrichtingen die onder hen ressorteren krachtens artikel 15. Personeelsleden van het door de Franse Gemeenschap georganiseerde of gesubsidieerde onderwijs kunnen aan die werkgroepen deelnemen, mits uitdrukkelijke en voorafgaande toestemming van het inrichtingshoofd in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde onderwijs, en van de betrokken inrichtende macht of haar afgevaardigde in het gesubsidieerd onderwijs. De pedagogische adviseurs kunnen eveneens deelnemen aan de werkgroepen, mits de toestemming van de overheid waaronder ze ressorteren. Art. 13.§ 1. De Regering of de door de Regering aangestelde ambtenaar-generaal of diens gemachtigde kan, om gevolg te geven aan een klacht of op eigen initiatief, beslissen een onderzoeksopdracht uit te oefenen in één of meer inrichtingen. Een onderzoeksopdracht is een informatieopdracht of een enquêteopdracht. In dit opzicht geeft de Regering of de door de Regering aangestelde ambtenaar-generaal de algemene inspectiedienst opdracht om het onderzoek in te stellen. Deze stelt de inspecteur(

  1. s)belast met de onderzoeksopdracht aan. De rechten van de verdediging worden gewaarborgd. § 2. Van een flagrante tekortkoming die door één van de leden van de algemene inspectiedienst wordt vastgesteld in het kader van zijn opdrachten bedoeld in artikel 6, 7, 8, 9, 10, 11 of 12, wordt een verslag opgemaakt, dat langs de hiërarchische weg rechtsreeks wordt overgezonden aan de coördinerende inspecteur-generaal, die het aan de in § 1 bedoelde ambtenaar-generaal doorzendt. § 3. In het kader van een onderzoeksopdracht, kan de getuigenis van elke betrokken persoon door de algemene inspectiedienst bij een hoorzitting worden opgenomen. Van de hoorzitting wordt een proces-verbaal opgemaakt,dat de getuigenis ter ondertekening wordt voorgelegd. § 4. Een informatieopdracht is een opdracht die voorafgaat aan de eventuele beslissing tot instellen van een enquête. De informatieprocedure kan mondelings worden verricht. § 5. Wanneer de enquêteprocedure rechtstreeks of onrechtstreeks betrekking heeft op individuele feiten die een personeelslid worden verweten, moet dit personeelslid worden uitgenodigd om gehoord te worden door de inspecteurs belast met de onderzoeksprocedure. Van de oproeping voor de hoorzitting alsook van de feiten die hem worden verweten wordt kennis gegeven aan het personeelslid ten minste drie werkdagen vóór de hoorzitting, ofwel bij een ter post aangetekend schrijven met ontvangstbewijs dat uitwerking heeft vanaf de datum die op dat ontvangstbewijs vermeld staat, ofwel bij overhandiging van een schrijven. Tijdens de hoorzitting, laat het personeelslid zich laten begeleiden of vertegenwoordigen door een vertegenwoordiger van een erkende vakorganisatie, door een advocaat of een verdediger gekozen uit de personeelsleden die in dienstactiviteit zijn of in ruste gesteld zijn in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde of gesubsidieerde onderwijs. Van elke hoorzitting wordt door de algemene inspectiedienst een proces-verbaal opgemaakt dat door betrokkene wordt ondertekend, die het recht heeft er, in voorkomend geval, zijn opmerkingen aan toe te voegen. § 6. De betrokken inspecteur(
  2. s)stellen een gedetailleerd verslag op over de onderzoeksgegevens die voortvloeien uit het bezoek (de bezoeken) die aan de inrichting(
  3. en)werden gebracht. Het verslag wordt overgezonden aan de bevoegde inspecteur-generaal of aan de betrokken inspecteur belast met de coördinatie alsook aan de betrokken inrichtende macht. Deze laatste deelt(delen), via de coördinerende inspecteur-generaal, het verslag alsook zijn(hun) advies(zen) over het gevolg dat moet worden gegeven aan de procedure mee aan de door de Regering aangestelde ambtenaar-generaal. Wanneer de onderzoeksopdracht werd verricht op initiatief van de Regering, brengt de in § 1 bedoelde ambtenaar-generaal zijn advies uit over het verslag bedoeld in het tweede lid en zendt hij het dossier voor beslissing aan de Regering over. Van de beslissing wordt aan alle betrokken partijen kennis gegeven. § 7. In het kader van de toepassing van dit artikel kan de in § 1 bedoelde ambtenaar-generaal zijn bevoegdheden, naar gelang van het geval, delegeren aan de directeur-generaal van het leerplichtonderwijs of aan de directeur-generaal van het niet-verplicht onderwijs. § 8. De coördinerende inspecteur-generaal kan één of meer personeelsleden van de algemene inspectiedienst sturen naar de instellingen voor niet universitair hoger onderwijs, met uitzondering van de hogere kunstscholen, om de opdrachten bedoeld bij dit artikel of elke andere opdracht in verband met dat onderwijs uit te oefenen. Art. 14.De algemene inspectiedienst is samengesteld uit personeelsleden die in vast verband benoemd zijn, in tijdelijk verband aangesteld zijn of door de Regering gemachtigd worden volgens de in titel II bepaalde voorwaarden. Behalve uit de coördinerende inspecteur-generaal en de inspecteurs belast met de coördinatie van de inspectie bedoeld in artikel 3, is de algemene inspectiedienst samengesteld uit inspecteurs waarvan het aantal door de Regering vastgesteld wordt. Art. 15.Op de voordracht van de coördinerende inspecteur-generaal, na raadpleging van de inspecteurs-generaal en de inspecteurs belast met de coördinatie van de inspectie, bepaalt de Regering de affectatie van ieder lid van de algemene inspectiedienst. Worden prioritair geaffecteerd binnen de inspectiedienst van de inspectie voor het gespecialiseerd onderwijs, de inspecteurs die een dienstanciënniteit van ten minste twee jaar tellen in dat type onderwijs, berekend overeenkomstig artikel 47. De coördinerende inspecteur-generaal kan, volgens de behoeften en de door hem nader te bepalen regels, met, naar gelang van het geval, de bevoegde inspecteur-generaal of de betrokken inspecteur belast met de coördinatie, de inspecteurs van één van de inspectiediensten bedoeld in artikel 3, tweede lid, ertoe machtigen de inspectieopdrachten binnen een andere inspectiedienst uit te oefenen. Art. 16.§ 1. De coördinerende inspecteur-generaal roept de inspecteurs-generaal en de inspecteurs belast met de coördinatie van de inspectie bijeen, om : 1° na te kijken of alle opdrachten bedoeld bij de artikelen 6 tot 12 werkelijk worden uitgeoefend en of de kwaliteit van die uitoefening voorhanden is;2° te zorgen voor de algemene doeltreffendheid van de inspectiedienst en de coördinatie ervan;3° inzonderheid te zorgen voor de samenhang van de acties van de inspectiediensten bedoeld in artikel 3, tweede lid;4° om te controleren of de verschillende inspecteurs de hun toegewezen opdrachten vervullen;5° na te kijken of de informatienota's bedoeld in artikel 6, § 2, vierde lid regelmatig worden meegedeeld aan de dienst voor pedagogische raadgeving en begeleiding en aan de cellen voor pedagogische raadgeving en begeleiding;6° te zorgen voor de communicatie tussen, enerzijds, de algemene inspectiedienst, en, anderzijds, de dienst voor pedagogische raadgeving en begeleiding en de cellen voor pedagogische raadgeving en begeleiding bedoeld in artikel 4, inzonderheid voor het regelmatig organiseren van de vergaderingen bedoeld in artikel 23. § 2. De inspecteurs-generaal roepen twee keer per jaar de inspecteurs belast met de inspectie van de eerste acht leerplichtjaren van dezelfde zone bijeen, met het oog op het pedagogisch continuüm bedoeld in de §§ 2 en 3 van artikel 13 van het decreet van 24 juli 1997Relevante gevonden documenten type decreet prom. 24/07/1997 pub. 23/09/1997 numac 1997029337 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet dat de prioritaire taken bepaalt van het basisonderwijs en van het secundair onderwijs en de structuren organiseert die het mogelijk maken ze uit te voeren type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027389 bron ministerie van het waalse gewest Decreet betreffende de terbeschikkingstelling aan de Regering van personeelsleden van het Commissariaat-Generaal voor Internationale Betrekkingen overgeplaatst naar het Waalse Gewest type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027390 bron ministerie van het waalse gewest Decreet waarbij de naar het Waalse Gewest overgeplaatste personeelsleden van het Economisch en Sociaal Instituut voor de Middenstand ter beschikking worden gesteld van de Regering type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027394 bron ministerie van het waalse gewest Decreet waarbij de naar het Waalse Gewest overgeplaatste personeelsleden van het Nationaal Instituut voor de Huisvesting ter beschikking worden gesteld van de Regering type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027395 bron ministerie van het waalse gewest Decreet waarbij de naar het Waalse Gewest overgeplaatste personeelsleden van de Nationale Dienst voor Afzet van Land- en Tuinbouwprodukten ter beschikking worden gesteld van de Regering type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027392 bron ministerie van het waalse gewest Decreet waarbij de naar het Waalse Gewest overgeplaatste personeelsleden van de Nationale Maatschappij voor de Huisvesting en van de Nationale Landmaatschappij ter beschikking worden gesteld van de Regering type decreet prom. 24/07/1997 pub. 06/11/1997 numac 1997029343 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet dat het statuut bepaalt van het bestuurs- en onderwijzend personeel en van het opvoedend hulppersoneel van de hogescholen ingericht of gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027391 bron ministerie van het waalse gewest Decreet waarbij de naar het Waalse Gewest overgeplaatste personeelsleden van het Rijksstation voor bos- en hydrobiologisch onderzoek en van het Rijkscentrum voor landbouwkundig onderzoek van Gembloux - Rijksstation voor bostechnologie ter beschikking worden gesteld van de Regering type decreet prom. 24/07/1997 pub. 28/01/1998 numac 1997029394 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet houdende de eerste aanpassing van de algemene uitgavenbegroting van de Franse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 1997 sluiten. § 3. De inspecteur-generaal van de inspectiedienst van het basisonderwijs roept regelmatig de inspecteurs van dezelfde zone bijeen. De inspecteurs belast met de coördinatie van de inspectie binnen deze dienst wonen die vergaderingen bij. De inspecteur-generaal van de inspectiedienst van het secundair onderwijs roept regelmatig de inspecteurs van éénzelfde discipline of éénzelfde groep disciplines bijeen. Hij roept eveneens regelmatig de inspecteurs van dezelfde zone bijeen. De inspecteurs belast met de coördinatie van de inspectie binnen deze dienst wonen die vergaderingen bij. De inspecteurs belast met de coördinatie van de inspectie binnen deze diensten bedoeld in artikel 3, tweede lid, 3° tot 7° roepen regelmatig de inspecteurs van hun dienst bijeen. Een inspecteur die ressorteert onder een andere inspectiedienst kan ook worden uitgenodigd om de in de vorige leden bedoelde vergaderingen bij te wonen. § 4. Vóór 5 juli van elk jaar, zendt iedere inspecteur, met inbegrip van de in artikel 3, tweede lid, 1° en 2° bedoelde inspecteurs belast met de coördinatie van de inspectie, een balans van zijn activiteiten door aan de inspecteur-generaal bevoegd voor de diensten bedoeld in artikel 3, tweede lid, 1° en 2°, en aan de inspecteur belast met de coördinatie van de inspectie voor de diensten bedoeld in artikel 3, tweede lid, 3° tot 7°. Die balans omvat inzonderheid een verslag over de toepassing van de programma's, over de opvoedingsactie in de inrichtingen en op het niveau van de studies met verwijzing naar de waarnemingen die eigen zijn aan de inspecteur en, in voorkomend geval, over de gegevens in verband met de externe evaluatie. Het model van deze activiteitenbalans wordt door de coördinerende inspecteur-generaal vastgesteld, na advies van de inspecteurs-generaal, en aan de door de Regering aangestelde ambtenaar-generaal ter goedkeuring voorgelegd. Voor 15 september van elk jaar zenden elke inspecteur-generaal voor de diensten bedoeld in artikel 3, tweede lid, 1° en 2°, en elke inspecteur belast met de coördinatie voor de diensten bedoeld in artikel 3, tweede lid, 3° tot 7°, een balans van de activiteiten van zijn dienst aan de coördinerende inspecteur-generaal door. Die balans omvat inzonderheid een verslag over het studieniveau, de toepassing van de programma's en het resultaat van de opvoedingsactie in de inrichtingen. Voor 15 oktober, 1° maakt de coördinerende inspecteur-generaal ten minste om de twee jaar een samenvattende balans op van de activiteiten van de algemene inspectiedienst, die inzonderheid gebaseerd is op de balansen bedoeld in de vorige leden alsook een samenvattend activiteitenprogramma voor het of de volgende schooljaar(-jaren), dat hij de Regering meedeelt, samen met de balansen die krachtens het tweede lid worden opgemaakt;2° zendt de coördinerende inspecteur-generaal de Regering elk jaar een verslag over de algemene stand van het onderwijssysteem over, dat hij, voor informatie, langs de hiërarchische weg, eveneens doorzendt naar de sturingscommissie en het college voor de inspectie en voor pedagogische raadgeving en begeleiding. HOOFDSTUK III. - Dienst voor pedagogische raadgeving en begeleiding en cellen voor pedagogische raadgeving en begeleiding Afdeling I. - Dienst voor pedagogische raadgeving en begeleiding Art. 17.§ 1. De in artikel 4, § 1, opgerichte dienst voor pedagogische raadgeving en begeleiding wordt belast met het adviseren en begeleiden van de leerkrachten, de pedagogische teams en de scholen waarvoor de algemene inspectiedienst leemten of tekortkomingen heeft vastgesteld, waarbij, in voorkomend geval, rekening dient te worden gehouden met de informatienota bedoeld in artikel 6, § 2, vijfde lid of met de uitslagen die bij de externe evaluaties werden behaald. § 2. De dienst voor pedagogische raadgeving en begeleiding wordt bovendien belast met : 1° het verlenen van steun aan de inrichtingen bij het vaststellen van hun inrichtingsproject in samenhang met de educatieve en pedagogische projecten van de Franse Gemeenschap, overeenkomstig het decreet van 24 juli 1997Relevante gevonden documenten type decreet prom. 24/07/1997 pub. 23/09/1997 numac 1997029337 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet dat de prioritaire taken bepaalt van het basisonderwijs en van het secundair onderwijs en de structuren organiseert die het mogelijk maken ze uit te voeren type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027389 bron ministerie van het waalse gewest Decreet betreffende de terbeschikkingstelling aan de Regering van personeelsleden van het Commissariaat-Generaal voor Internationale Betrekkingen overgeplaatst naar het Waalse Gewest type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027390 bron ministerie van het waalse gewest Decreet waarbij de naar het Waalse Gewest overgeplaatste personeelsleden van het Economisch en Sociaal Instituut voor de Middenstand ter beschikking worden gesteld van de Regering type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027394 bron ministerie van het waalse gewest Decreet waarbij de naar het Waalse Gewest overgeplaatste personeelsleden van het Nationaal Instituut voor de Huisvesting ter beschikking worden gesteld van de Regering type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027395 bron ministerie van het waalse gewest Decreet waarbij de naar het Waalse Gewest overgeplaatste personeelsleden van de Nationale Dienst voor Afzet van Land- en Tuinbouwprodukten ter beschikking worden gesteld van de Regering type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027392 bron ministerie van het waalse gewest Decreet waarbij de naar het Waalse Gewest overgeplaatste personeelsleden van de Nationale Maatschappij voor de Huisvesting en van de Nationale Landmaatschappij ter beschikking worden gesteld van de Regering type decreet prom. 24/07/1997 pub. 06/11/1997 numac 1997029343 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet dat het statuut bepaalt van het bestuurs- en onderwijzend personeel en van het opvoedend hulppersoneel van de hogescholen ingericht of gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027391 bron ministerie van het waalse gewest Decreet waarbij de naar het Waalse Gewest overgeplaatste personeelsleden van het Rijksstation voor bos- en hydrobiologisch onderzoek en van het Rijkscentrum voor landbouwkundig onderzoek van Gembloux - Rijksstation voor bostechnologie ter beschikking worden gesteld van de Regering type decreet prom. 24/07/1997 pub. 28/01/1998 numac 1997029394 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet houdende de eerste aanpassing van de algemene uitgavenbegroting van de Franse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 1997 sluiten;2° het stellen van hun pedagogische kennis en ervaring ten dienste van de educatieve en pedagogische teams van de inrichtingen of groepen van inrichtingen met het oog op de verbetering van de kwaliteit van de aan de leerlingen verstrekte opleiding;3° het verlenen van steun aan de invoering van de programma's en de pedagogische innovatie, waarbij inzonderheid de educatieve en pedagogische teams informatie wordt verleend over de inhoud van de hervormingen inzake onderwijs;4° het begeleiden van de groepen leerkrachten die pedagogische acties en instrumenten voor hun cursussen collectief ontwikkelen;5° het meewerken aan het onderzoek van de behoeften inzake opleiding van de leerkrachten en het voorleggen van suggesties om het collectief en individueel opleidingsplan van de inrichting op te maken;6° het begeleiden van de inrichtingen en de pedagogische teams bij hun zelfanalyse van de uitslagen die door hun leerlingen werden behaald bij de externe evaluaties die niet met getuigschriften worden bekrachtigd. In het kader van

deze paragraaf, zorgt de dienst voor pedagogische raadgeving en begeleiding voor de pedagogische continuïteit van de acties die in de loop van de opleiding gedurende de loopbaan werden ondernomen. Art. 18.De dienst voor pedagogische raadgeving en begeleiding is samengesteld uit pedagogische adviseurs die door de Regering worden vastgesteld overeenkomstig de bepalingen van titel III. Het aantal pedagogische adviseurs bedoeld in het eerste lid wordt door de Regering vastgesteld, rekening houdend met het in voltijds equivalent vastgestelde aantal personeelsleden van het opvoedingsteam van de inrichtingen voor gewoon en gespecialiseerd basisonderwijs en secundair onderwijs met volledig leerplan en voor gewoon en gespecialiseerd alternerend onderwijs, door de Franse Gemeenschap georganiseerd. Wat er ook van zij, het aantal pedagogische adviseurs die zo door de Regering wordt vastgesteld, mag niet lager zijn dan 34, waarvan 8 voor het basisonderwijs, waaronder ten hoogste 1 kan belast worden met het coördineren en het verstrekken van opleidingen zoals geregeld bij de bepalingen die toepasselijk zijn inzake opleiding gedurende de loopbaan. De dienst voor pedagogische raadgeving en begeleiding wordt door de door de Regering aangestelde ambtenaar-generaal gecoördineerd. Art. 19.Voor 1 juli van elk jaar zendt de adjunct-directeur-generaal van de Algemene Dienst voor pedagogische zaken en sturing van het door de Franse Gemeenschap georganiseerde onderwijsnet de Regering een balans in verband met elk van de opdrachten van de dienst voor pedagogische raadgeving en begeleiding over. Hij zendt die eveneens aan het College door. Afdeling II. - Cellen voor pedagogische raadgeving en begeleiding Art. 20.Elk van de cellen voor pedagogische raadgeving en begeleiding opgericht bij artikel 4, § 2, wordt belast met het adviseren en begeleiden van de leerkrachten, de pedagogische teams en de scholen waarvoor ofwel de algemene inspectiedienst ofwel het vertegenwoordigings- en coördinatieorgaan leemten of tekortkomingen heeft vastgesteld, waarbij, in voorkomend geval, rekening dient te worden gehouden met de informatienota bedoeld in artikel 6, § 2, vijfde lid of met de uitslagen die bij de externe evaluaties werden behaald. § 2. Elk van de cellen voor pedagogische raadgeving en begeleiding wordt bovendien belast met : 1° het verlenen van steun aan de inrichtingen bij het vaststellen van hun inrichtingsproject in samenhang met de educatieve en pedagogische projecten van hun inrichtende macht en van het vertegenwoordigings- en coördinatieorgaan waartoe ze toetreden, overeenkomstig het decreet van 24 juli 1997Relevante gevonden documenten type decreet prom. 24/07/1997 pub. 23/09/1997 numac 1997029337 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet dat de prioritaire taken bepaalt van het basisonderwijs en van het secundair onderwijs en de structuren organiseert die het mogelijk maken ze uit te voeren type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027389 bron ministerie van het waalse gewest Decreet betreffende de terbeschikkingstelling aan de Regering van personeelsleden van het Commissariaat-Generaal voor Internationale Betrekkingen overgeplaatst naar het Waalse Gewest type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027390 bron ministerie van het waalse gewest Decreet waarbij de naar het Waalse Gewest overgeplaatste personeelsleden van het Economisch en Sociaal Instituut voor de Middenstand ter beschikking worden gesteld van de Regering type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027394 bron ministerie van het waalse gewest Decreet waarbij de naar het Waalse Gewest overgeplaatste personeelsleden van het Nationaal Instituut voor de Huisvesting ter beschikking worden gesteld van de Regering type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027395 bron ministerie van het waalse gewest Decreet waarbij de naar het Waalse Gewest overgeplaatste personeelsleden van de Nationale Dienst voor Afzet van Land- en Tuinbouwprodukten ter beschikking worden gesteld van de Regering type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027392 bron ministerie van het waalse gewest Decreet waarbij de naar het Waalse Gewest overgeplaatste personeelsleden van de Nationale Maatschappij voor de Huisvesting en van de Nationale Landmaatschappij ter beschikking worden gesteld van de Regering type decreet prom. 24/07/1997 pub. 06/11/1997 numac 1997029343 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet dat het statuut bepaalt van het bestuurs- en onderwijzend personeel en van het opvoedend hulppersoneel van de hogescholen ingericht of gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap type decreet prom. 24/07/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997027391 bron ministerie van het waalse gewest Decreet waarbij de naar het Waalse Gewest overgeplaatste personeelsleden van het Rijksstation voor bos- en hydrobiologisch onderzoek en van het Rijkscentrum voor landbouwkundig onderzoek van Gembloux - Rijksstation voor bostechnologie ter beschikking worden gesteld van de Regering type decreet prom. 24/07/1997 pub. 28/01/1998 numac 1997029394 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet houdende de eerste aanpassing van de algemene uitgavenbegroting van de Franse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 1997 sluiten;2° het stellen van hun pedagogische kennis en ervaring ten dienste van de educatieve en pedagogische teams van de inrichtingen of groepen van inrichtingen met het oog op de verbetering van de kwaliteit van de aan de leerlingen verstrekte opleiding;3° het verlenen van steun aan de invoering van de programma's en de pedagogische innovatie, waarbij inzonderheid de educatieve en pedagogische teams informatie wordt verleend over de inhoud van de hervormingen inzake onderwijs;4° het begeleiden van de groepen leerkrachten die pedagogische acties en instrumenten voor hun cursussen collectief ontwikkelen;5° het meewerken aan het onderzoek van de behoeften inzake opleiding van de leerkrachten en het voorleggen van suggesties om het collectief en individueel opleidingsplan van de inrichting op te maken;6° het begeleiden van de inrichtingen en de pedagogische teams bij hun zelfanalyse van de uitslagen die door hun leerlingen werden behaald bij de externe evaluaties die niet met getuigschriften worden bekrachtigd. In het kader van

deze paragraaf, zorgen de cellen voor pedagogische raadgeving en begeleiding voor de pedagogische continuïteit van de acties die in de loop van de opleiding gedurende de loopbaan werden ondernomen. Art. 21.Elke cel voor pedagogische raadgeving en begeleiding is samengesteld uit pedagogische adviseurs die door de Regering worden aangesteld op de voordracht van het vertegenwoordigings- en coördinatieorgaan van de inrichtende machten overeenkomstig de bepalingen van titel III. Het aantal pedagogische adviseurs bedoeld in het eerste lid wordt door de Regering vastgesteld, rekening houdend met het in voltijds equivalent vastgestelde aantal personeelsleden van het opvoedingsteam van de inrichtingen voor gewoon en gespecialiseerd basisonderwijs en secundair onderwijs met volledig leerplan en voor gewoon en gespecialiseerd alternerend onderwijs, door de Franse Gemeenschap gesubsidieerd. Wat er ook van zij, het aantal pedagogische adviseurs die zo door de Regering wordt vastgesteld, mag niet lager zijn dan : 1° 44 posten voor de Raad voor het onderwijs van de gemeenten en provincies, waarvan 42 posten voor het basisonderwijs, waaronder ten hoogste 7 posten kunnen worden toegewezen met het oog op het coördineren en verstrekken van opleidingen zoals die geregeld zijn bij de bepalingen die van toepassing zijn op het gebied van opleiding gedurende de loopbaan;2° 17 posten voor de raad van de inrichtende machten van het gesubsidieerd neutraal officieel onderwijs;3° 90 posten voor het Secretariaat-generaal van het katholiek onderwijs in de Franse Gemeenschap en de Duitstalige Gemeenschap, waarvan 32 posten voor het basisonderwijs, waaronder ten hoogste 7 posten kunnen worden toegewezen met het oog op het coördineren en verstrekken van opleidingen zoals die geregeld zijn bij de bepalingen die van toepassing zijn op het gebied van opleiding gedurende de loopbaan;4° 2 posten voor de « Fédération des établissements libres subventionnés indépendants » (Federatie van de onafhankelijke gesubsidieerde vrije inrichtingen), waarvan één post voor het basisonderwijs. Elke cel wordt door een coördinerende pedagogische adviseur gecoördineerd, met uitzondering van de cel voor pedagogische raadgeving en begeleiding die ressorteert onder het Secrétariat général de l'enseignement catholique (Secretariaat-generaal van het katholiek onderwijs) in de Franse Gemeenschap en de Duitstalige Gemeenschap, waarvan de coördinatie door twee coördinerende pedagogische adviseurs wordt waargenomen. De coördinerende pedagogische adviseurs worden door de Regering aangesteld overeenkomstig de bepalingen van titel III. Art. 22.Voor 1 juli van elk jaar zendt de coördinerende pedagogische adviseur, via het vertegenwoordigings- en coördinatieorgaan waaronder hij ressorteert, de Regering een balans in verband met elk van de opdrachten van zijn cel over. Hij zendt die eveneens aan het College over. HOOFDSTUK IV. - Banden tussen de algemene inspectiedienst en de diensten voor pedagogische raadgeving en begeleiding en cellen voor pedagogische raadgeving en begeleiding Art. 23.§ 1. In het kader dat in onderlinge overeenstemming wordt bepaald tussen, enerzijds, het betrokken vertegenwoordigings- en coördinatieorgaan, en, anderzijds, de bevoegde inspecteur-generaal of de betrokken inspecteur belast met de coördinatie, naar gelang van het geval, worden vergaderingen georganiseerd tussen één of meer inspecteurs en één of meer pedagogische adviseurs. Het in artikel 5 opgerichte college voor de inspectie en voor pedagogische raadgeving en begeleiding wordt op de hoogte gebracht van de nadere regels volgens welke de in het eerste lid bedoelde vergaderingen worden georganiseerd. § 2. Wanneer het verslag bedoeld in artikel 6, § 2, leemten of tekortkomingen vermeldt die werden vastgesteld in het kader van

artikel 6, § 1, 1° tot 3°, stelt het inrichtingshoofd, in het door de Franse Gemeenschap georganiseerde onderwijs, of de inrichtende macht, in het door de Franse Gemeenschap gesubsidieerde onderwijs, in overleg met het opvoedingsteam, een remediëringsplan op dat bestemd is om de vastgestelde leemten of tekortkomingen te verhelpen. In het kader van het opstellen van het in het eerste lid bedoelde remediëringsplan, staan de leden van de dienst voor pedagogische raadgeving en begeleiding of van de betrokken cel voor pedagogische raadgeving en begeleiding, het inrichtingshoofd of de inrichtende macht alsook het opvoedingsteam bij op basis van, onder meer, de inhoud van de in artikel 6, § 2 bedoelde informatienota. § 3. Binnen de maand volgend op de ontvangst van de informatienota bedoeld in artikel 6, § 2, vijfde lid, en onverminderd de bepalingen bedoeld in § 1, kan een vergadering worden georganiseerd tussen de pedagogisch(

  1. e)adviseur(
  2. s)en de inspecteur(
  3. s)om in onderlinge overeenstemming te bepalen hoe de door deze vastgestelde leemten of tekortkomingen kunnen worden verholpen. De pedagogische adviseur(
  4. s)brengt(
  5. en)de betrokken inspecteur(
  6. s)op de hoogte van de in het werk gestelde remediëringen om de leemten of tekortkomingen die vooraf door deze werden vastgesteld, te verhelpen. § 4. Wat het gesubsidieerd onderwijs betreft, worden de bepalingen van de §§ 2 en 3 toegepast, waarbij de vrije keuze van pedagogische methoden gewaarborgd wordt. Art. 24.Bij niet naleving van de bepalingen van artikel 23, brengt(
  7. en)de betrokken inspecteur(s), langs de hiërarchische weg, de voorzitter van het college daarvan op de hoogte, door hem een met redenen omkleed verslag over te zenden. De voorzitter legt het college het onderzoek van het dossier voor. HOOFDSTUK V. - College voor de inspectie en voor pedagogische raadgeving en begeleiding Art. 25.§ 1. Met de waarborg van de vrije keuze van pedagogische methoden wordt het college ermee belast : 1° met eerbiediging van de opdrachten van iedereen, te zorgen voor de contacten en de coördinatie tussen alle optredende personen van de algemene inspectiedienst, de dienst voor pedagogische raadgeving en begeleiding en de cellen voor pedagogische raadgeving en begeleiding;2° de uitoefening van de gemeenschappelijke en gedifferentieerde opdrachten van de algemene inspectiedienst, de dienst voor pedagogische raadgeving en begeleiding en de cellen voor pedagogische raadgeving en begeleiding te analyseren en de samenhang van de handelingen van elk onder hen te bevorderen;3° de dossiers, steunend op de in artikel 24 bedoelde verslagen, te onderzoeken, om de middelen te vinden om de bepalingen van artikel 23 te doen naleven of opnieuw te doen naleven.Bij de uitoefening van die opdracht kan het de bij die dossiers betrokken inspecteur(
  8. s)of adviseur(
  9. s)horen. Als geen oplossing wordt gevonden, zendt het college het dossier aan de Regering over binnen een termijn van twee maanden vanaf de datum van de overzending van het dossier aan de voorzitter; 4° adviezen uit te brengen en voorstellen te formuleren, op eigen initiatief of op aanvraag van de Regering, over alles wat tot zijn bevoegdheden behoort;5° de Regering een jaarlijks verslag uit te brengen, dat inzonderheid de volgende punten inhoudt :
  10. a)een synthese van zijn activiteiten en analysen;
  11. b)een balans over het globaal resultaat van het geheel van de opdrachten die worden toegewezen aan de algemene inspectiedienst en de dienst voor pedagogische raadgeving en begeleiding en de cellen voor pedagogische raadgeving en begeleiding;
  12. c)de analyse van de in 3° bedoelde dossiers en de oplossingen die er worden aangebracht. § 2. Het college vergadert ten minste zes keer per jaar. Het stelt zijn huishoudelijk reglement vast, dat het de Regering ter goedkeuring voorlegt. TITEL II. Statuut van de personeelsleden van de algemene inspectiedienst HOOFDSTUK I. - Algemene bepalingen Art. 26.Deze titel is van toepassing op de personeelsleden van de algemene inspectiedienst, hierna « de personeelsleden » genoemd. Deze titel is niet van toepassing op de inspecteurs voor de cursussen godsdienst, met uitzondering van artikel 30. Art. 27.Voor de toepassing van deze titel, worden de termijnen berekend als volgt : 1° de dag die de datum vaststelt van de akte die er het uitgangspunt van uitmaakt, is niet inbegrepen;2° de dag waarop hij ophoudt uitwerking te hebben, wordt in de termijn inbegrepen.Als die dag echter een zaterdag, een zondag of een wettelijke feestdag is, met inbegrip van de feestdagen van of in de Franse Gemeenschap, wordt hij naar de eerstvolgende werkdag uitgesteld. Art. 28.De ambten die de personeelsleden kunnen uitoefenen, zijn bevorderingsambten die gerangschikt worden als volgt : 1° Inspecteur : 1.Inspecteur van het kleuteronderwijs; 2. Inspecteur van het lager onderwijs;3. Inspecteur zedenleer in het lager onderwijs;4. Inspecteur bijzondere vakken in het lager onderwijs;5. Inspecteur tweede taal in het basisonderwijs;6. Inspecteur algemene vakken in het secundair onderwijs van de lagere graad;7. Inspecteur algemene vakken in het secundair onderwijs van de lagere graad voor sociale promotie;8. Inspecteur bijzondere vakken in het secundair onderwijs van de lagere graad;9. Inspecteur technische vakken en beroepspraktijk in het secundair onderwijs van de lagere graad;10. Inspecteur technische vakken en beroepspraktijk in het secundair onderwijs van de lagere graad voor sociale promotie;11. Inspecteur algemene vakken in het secundair onderwijs van de hogere graad;12. Inspecteur algemene vakken in het secundair onderwijs van de hogere graad en in het hoger onderwijs voor sociale promotie;13. Inspecteur bijzondere vakken in het secundair onderwijs van de hogere graad;14. Inspecteur technische vakken en beroepspraktijk in het secundair onderwijs van de hogere graad;15. Inspecteur technische vakken en beroepspraktijk in het secundair onderwijs van de hogere graad en in het hoger onderwijs voor sociale promotie;16. Inspecteur psychologie, pedagogie en methodologie in het secundair onderwijs van de hogere graad en in het hoger onderwijs voor sociale promotie;17. Inspecteur zedenleer in het secundair onderwijs;18. Inspecteur oude talen in het secundair onderwijs;19. Inspecteur kunstvakken in het kunstonderwijs;20. Inspecteur opvoedend hulppersoneel;21. Inspecteur paramedisch personeel;22. Inspecteur psycho-pedagogische discipline;23. Inspecteur sociale discipline;24. Inspecteur paramedische discipline;25. Inspecteur afstandsonderwijs voor de literaire en wetenschappelijke vakken;26. Inspecteur afstandsonderwijs voor de technische vakken en de beroepspraktijk;27. Inspecteur afstandsonderwijs voor de administratieve cursussen;2° Inspecteur-generaal : 1.Inspecteur-generaal gewoon basisonderwijs; 2. Inspecteur-generaal gewoon secundair onderwijs;3° Coördinerende inspecteur-generaal. Art. 29.Bij zijn indiensttreding legt het personeelslid dat in vast verband benoemd is of voorlopig aangesteld is in een bevorderingsambt van inspecteur de eed af in handen van de ambtenaar-generaal die door de Regering of haar afgevaardigde aangesteld wordt. De eed wordt geformuleerd zoals bepaald in artikel 2 van het decreet van 20 juli 1831Relevante gevonden documenten type wet prom. 29/06/1983 pub. 25/01/2011 numac 2011000012 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de leerplicht. - Duitse vertaling sluiten6. Akte wordt daarvan aan het personeelslid gegeven. Art. 30.De Regering bepaalt de kosten die aan de personeelsleden kunnen worden terugbetaald. Dit zijn de volgende : 1° reiskosten;2° verblijfskosten;3° andere kosten, waarvan inzonderheid kosten met betrekking tot telefonische communicaties, fax, Internet en de aankoop van documentatie. De Regering stelt de perken en nadere regels vast voor de terugbetaling bedoeld in het eerste lid. HOOFDSTUK II. - Plichten en onverenigbaarheden Afdeling I. - Plichten Art. 31.De personeelsleden moeten onder alle omstandigheden voortdurend de belangen behartigen van de Franse Gemeenschap, van de leerlingen die schoollopen bij de door de Franse Gemeenschap georganiseerde of gesubsidieerde onderwijsinrichtingen en van de personeelsleden van die inrichtingen. Ze moeten ook voortdurend de belangen behartigen van de leerlingen die de leerplicht vervullen door middel van het verstrekken van onderwijs thuis. Art. 32.Ze vervullen hun opdracht met dezelfde zorg voor alle schoolinrichtingen en in alle onafhankelijkheid ten opzichte van de inrichtende machten. Art. 33.Ze moeten de neutraliteitsbeginselen in acht nemen bij de uitoefening van hun ambt. Ze mogen de leerlingen niet gebruiken voor doeleinden van politieke, godsdienstige, filosofische propaganda of van commerciële reclame. Art. 34.Zij komen persoonlijk en nauwgezet de verplichtingen na, die hun zijn opgelegd door de wetten, decreten, en verordeningen. Ze moeten, binnen de door de regeling vastgestelde perken, de prestaties verrichten die noodzakelijk zijn voor de goede werking van de dienst. Ze voeren de welbepaalde opdrachten die hun worden toevertrouwd uit en vervullen hun taak met vlijt en nauwgezetheid. Zij mogen zonder voorafgaande toelating van hun hiërarchische meerdere de uitoefening van hun ambt niet onderbreken. Art. 35.Zij moeten zich met de meest volstrekte correctheid gedragen, zowel in hun dienstbetrekkingen als in hun omgang met het publiek, elkaar bijstaan in de mate waarin het belang van de inrichting zulks vereist. Ze mogen, zowel in hun dienst als in hun persoonlijke levenssfeer, geen gedrag hebben dat het vertrouwen van het publiek of de eer of de waardigheid van hun ambt zou kunnen aantasten. Ze mogen geen moreel ongewenst gedrag hebben. Art. 36.Zij mogen zich niet inlaten met enige werkzaamheid die in strijd is met de Grondwet en de wetten van het Belgisch volk, die de vernietiging van 's Lands onafhankelijkheid op het oog heeft of die de landsverdediging of de uitvoering van de verbintenissen van België strekkend tot het verzekeren van zijn veiligheid in gevaar brengt. Zij mogen niet toetreden tot, noch hun medehulp verschaffen aan een beweging, groepering, organisatie of vereniging met een soortgelijke werkzaamheid. Art. 37.Het is hun verboden feiten bekend te maken, die zij zouden kennen ter oorzake van hun ambt en die van nature geheim zijn. Art. 38.Het is hun verboden rechtstreeks of door een tussenpersoon, zelfs buiten hun ambt doch omwille ervan, giften, geschenken, beloningen of enig ander voordeel te vragen, te eisen of aan te nemen. Art. 39.Onverminderd de toepassing van de strafwetten, en, in voorkomend geval, van artikel 43 van voormelde wet van 29 mei 1959, zullen de overtredingen van de bepalingen van deze afdeling, naar gelang van het geval, met één van de bij artikel 116 bepaalde tuchtsancties worden gestraft. Afdeling II. - Onverenigbaarheden Art. 40.Met de hoedanigheid van personeelslid van de algemene inspectiedienst is onverenigbaar, de uitoefening van het politiek mandaat van burgemeester, schepen, gemeenteraadslid, voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn of lid van de raad voor maatschappelijk welzijn van een gemeente die zich geheel of gedeeltelijk bevindt op het grondgebied waarop het personeelslid het ambt van inspecteur, inspecteur-generaal of coördinerende inspecteur-generaal uitoefent. Met de hoedanigheid van personeelslid van de algemene inspectiedienst is eveneens onverenigbaar, de uitoefening van het politiek mandaat van lid van de permanente deputatie of van provincieraadslid in een provincie die zich geheel of gedeeltelijk bevindt op het grondgebied waarop het personeelslid het ambt van inspecteur, inspecteur-generaal of coördinerende inspecteur-generaal uitoefent. In afwijking van de vorige leden, kan de coördinerende inspecteur-generaal, in uitzonderlijke omstandigheden, een personeelslid van de algemene inspectiedienst ertoe machtigen het ambt van inspecteur uit te oefenen in een gemeente of een provincie die zich geheel of gedeeltelijk bevindt op het grondgebied waarop het personeelslid zijn politiek mandaat uitoefent, voor zover het, bij de uitoefening van zijn inspectie-opdrachten, begeleid wordt door een personeelslid dat ressorteert onder een andere dienst van de algemene inspectiedienst of door een hiërarchische meerdere. Art. 41.Met de hoedanigheid van personeelslid van de algemene inspectiedienst is onverenigbaar, de uitoefening van elk mandaat bij een inrichtende macht of een federatie van in

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.