📄 Wettekst
9 JULI 2004. - Programmawet (1)
ALBERT II, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
De Kamers hebben aangenomen en Wij bekrachtigen hetgeen volgt : TITEL I. - Algemene bepaling Artikel 1.Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 78 van de Grondwet.
TITEL II. - Financiën HOOFDSTUK I. - Accijnsproducten Art. 2.In artikel 7, § 1, f), iii, vierde gedachtestreepje, van de
wet van 22 oktober 1997Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/10/1997
pub.
20/11/1997
numac
1997003624
bron
ministerie van financien
Wet betreffende de structuur en de accijnstarieven inzake minerale olie
sluiten betreffende de belasting van energieproducten en elektriciteit, wordt het bedrag van « 7,1022 EUR » vervangen door het bedrag van « 5,7190 EUR ». Art. 3.In dezelfde wet wordt een artikel 16bis ingevoegd, luidende : « Art. 16bis.- § 1. De gasolie bedoeld in artikel 7, § 1, f), i), is vrijgesteld van de verhoging van de bijzondere accijns na 1 januari 2004, aan de hand van een terugbetaling, indien deze gasolie wordt gebruikt voor : a) het bezoldigd vervoer van personen met motorvoertuigen die een taxidienst verzekeren;deze status wordt bevestigd door de gemeentelijke overheid van het gebied van de uitbater; b) het vervoer van goederen voor eigen rekening of voor rekening van derden met een motorvoertuig of een samenstel van voertuigen dat uitsluitend bestemd is voor het goederenvervoer over de weg en waarvan de maximaal toegelaten massa gelijk is aan of meer is dan 7,5 ton;c) het vervoer van personen, geregeld of occasioneel, met een motorvoertuig van de categorieën M2 of M3 zoals omschreven in het
koninklijk besluit van 15 maart 1968Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
04/05/1999
pub.
29/10/1999
numac
1999003334
bron
ministerie van financien
Wet tot wijziging van de wet van 31 december 1983 tot hervorming van de instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap
type
wet
prom.
04/05/1999
pub.
02/06/1999
numac
1999009611
bron
ministerie van justitie
Wet tot wijziging van de wet van 13 april 1995 betreffende de handelsagentuurovereenkomst
type
wet
prom.
04/05/1999
pub.
02/06/1999
numac
1999009596
bron
ministerie van justitie
Wet tot wijziging van de wet van 8 april 1965 betreffende de jeugdbescherming
sluiten9 houdende algemeen reglement op de technische eisen waaraan de auto's, hun aanhangwagens, hun onderdelen en hun veiligheidstoebehoren moeten voldoen. § 2. In afwijking van de artikelen 28 en 29 van de
wet van 10 juni 1997Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
10/06/1997
pub.
01/08/1997
numac
1997003403
bron
ministerie van financien
Wet betreffende de algemene regeling voor accijnsproducten, het voorhanden hebben en het verkeer daarvan en de controles daarop
sluiten betreffende de algemene regeling voor accijnsproducten, het voorhanden hebben en het verkeer daarvan en de controles daarop, laatst gewijzigd door de programma
wet van 22 december 2003Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/10/1997
pub.
20/11/1997
numac
1997003624
bron
ministerie van financien
Wet betreffende de structuur en de accijnstarieven inzake minerale olie
sluiten6, wordt de terugbetaling bedoeld in § 1 toegestaan aan de persoon die het beoogde vervoer uitvoert en dit op schriftelijke aanvraag ingediend bij de diensten aangeduid door de directeur-generaal der douane en accijnzen.
Deze persoon is bovendien gehouden zich te laten registreren overeenkomstig de modaliteiten bepaald door deze directeur-generaal.
Deze registratie dient voorafgaandelijk aan de aanvraag tot terugbetaling te gebeuren.
Het bewijs van de betaling van de bijzondere accijns wordt, te genoegen van de ambtenaren van de administratie der douane en accijnzen, geleverd door de factuur opgesteld door de leverancier van de gasolie. De facturen opgesteld naar aanleiding van een betaling in contanten, geven geen recht op een terugbetaling. § 3. Indien de bevoorrading van gasolie gebeurt bij een tankstation, dient de factuur opgesteld door de leverancier de volgende elementen te bevatten : - de datum van de levering; - het adres van het tankstation; - het type en de hoeveelheid van de geleverde brandstof; - de totale prijs van de brandstof; - de nummerplaat van het voertuig.
Als overgangsmaatregel worden de facturen afgeleverd tussen 1 januari en 31 mei 2004 vrijgesteld van de vermelding van de nummerplaat van het voertuig. § 4. Indien de bevoorrading van gasolie gebeurt aan een opslagtank met brandstof die in verbruik werd gesteld en die toebehoort aan de persoon die de beoogde transporten uitvoert, dient deze persoon een administratie van de voorraden en bewegingen van de gasolie bij te houden. Deze voorraadadministratie dient de volgende elementen te bevatten : - de situatie van de voorraad op 4 februari 2004 om 0 uur en op 1 januari om 0 uur van de volgende jaren; - de aangekochte hoeveelheden met verwijzing naar de leveringsdata en de aankoopfacturen; - per tankbeurt van een voertuig : - de datum en het uur; - de hoeveelheid; - de nummerplaat van het voertuig; - de kilometerstand van het voertuig; - de identiteit van de chauffeur. § 5. De minister van Financiën wordt er jaarlijks, in de loop van het tweede semester van het jaar, mee belast de economische en budgettaire gevolgen te schatten van de vrijstelling van de verhoging van de bijzondere accijns zoals bepaald in artikel 3 van het koninklijk besluit van 29 februari 2004 houdende diverse bepalingen inzake accijnzen. ». Art. 4.In artikel 4 van de
wet van 10 juni 1997Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
10/06/1997
pub.
01/08/1997
numac
1997003403
bron
ministerie van financien
Wet betreffende de algemene regeling voor accijnsproducten, het voorhanden hebben en het verkeer daarvan en de controles daarop
sluiten betreffende de algemene regeling voor accijnsproducten, het voorhanden hebben en het verkeer daarvan en de controles daarop, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° In § 1, 7°, worden de woorden « dit besluit » vervangen door de woorden « deze wet »;2° § 2 wordt aangevuld als volgt : « - Akrotiri en Dhekelia, zijnde de zones van Cyprus die onder de soevereiniteit van het Verenigd Koninkrijk vallen, worden behandeld als transacties van herkomst uit of ter bestemming van de Republiek Cyprus.». Art. 5.In artikel 18, § 2, van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in het tweede lid worden de woorden « geregistreerde bedrijf » vervangen door de woorden « geregistreerd bedrijf »;2° in het derde lid worden de woorden « de erkend entrepothouder » vervangen door de woorden « het geregistreerd bedrijf ». Art. 6.In artikel 23, § 4, van dezelfde wet worden de woorden « artikel 3, § 3 » vervangen door de woorden « artikel 4, § 3 ». Art. 7.Artikel 24, § 6, van dezelfde wet wordt vervangen als volgt : « § 6. De administratie kan, in samenwerking met de autoriteiten van de andere lidstaten, steekproefsgewijs controles uitvoeren die, in voorkomend geval, door middel van geautomatiseerde procedures kunnen geschieden. ». Art. 8.In artikel 25, § 2, van dezelfde wet wordt het woord « hier » ingevoegd tussen de woorden « begaan » en « te lande ». Art. 9.In artikel 32 van dezelfde wet worden de woorden « artikel 21, 7° tot 12°, » vervangen door de woorden « artikel 20, 7° tot 12° ». Art. 10.In de
wet van 3 april 1997Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
03/04/1997
pub.
07/02/2014
numac
2014000085
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet houdende instemming met het Verdrag nr. 168 betreffende de bevordering van de werkgelegenheid en de bescherming tegen werkloosheid, aangenomen te Genève op 21 juni 1988 door de Internationale Arbeidsconferentie tijdens haar vijfenzeventigste zitting. - Duitse vertaling
type
wet
prom.
03/04/1997
pub.
13/12/1997
numac
1997015121
bron
ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
Wet houdende instemming met het Verdrag nr. 171 betreffende nachtarbeid, aangenomen te Genève op 26 juni 1990 door de Internationale Arbeidsconferentie tijdens haar zevenenzeventigste zitting
type
wet
prom.
03/04/1997
pub.
11/10/2012
numac
2011015137
bron
federale overheidsdienst buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
Wet houdende instemming met het Verdrag nr. 168 betreffende de bevordering van de werkgelegenheid en de bescherming tegen werkloosheid, aangenomen te Genève op 21 juni 1988 door de Internationale Arbeidsconferentie tijdens haar vijfenzeventigste zitting (2)
type
wet
prom.
03/04/1997
pub.
06/06/1997
numac
1997000208
bron
ministerie van binnenlandse zaken en ministerie van justitie
Wet tot wijziging van de nieuwe gemeentewet, de wet van 2 december 1957 op de rijkswacht en de wet van 27 december 1973 betreffende het statuut van het personeel van het operationeel korps van de rijkswacht
sluiten betreffende het fiscaal stelsel van gefabriceerde tabak, wordt een artikel 1bis ingevoegd, luidende : « Artikel 1bis.- In deze wet en in de ter uitvoering ervan getroffen maatregelen, wordt verstaan onder : - marktdeelnemer : de erkend entrepothouder, het geregistreerd bedrijf, het niet-geregistreerd bedrijf zoals gedefinieerd in artikel 4, § 1, 7°, 9° en 10°, van de
wet van 10 juni 1997Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
10/06/1997
pub.
01/08/1997
numac
1997003403
bron
ministerie van financien
Wet betreffende de algemene regeling voor accijnsproducten, het voorhanden hebben en het verkeer daarvan en de controles daarop
sluiten betreffende de algemene regeling voor accijnsproducten, het voorhanden hebben en het verkeer daarvan en de controles daarop, de fiscaal vertegenwoordiger bedoeld in artikel 19 van dezelfde wet of de invoerder, zijnde de natuurlijke persoon of rechtspersoon die invoert, die tabaksfabrikaten in verbruik stelt hier te lande; - fiscaal kenteken : het fiscaal bandje en de fiscale sluitzegel die naargelang het geval worden geleverd door de Belgische of Luxemburgse Staat om te worden aangebracht op tabaksfabrikaten. ». Art. 11.In artikel 2, § 1, a), van dezelfde wet vervallen de woorden « en cigarillo's ». Art. 12.In artikel 3 van dezelfde wet, vervangen bij de
wet van 4 mei 1999Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
04/05/1999
pub.
29/10/1999
numac
1999003334
bron
ministerie van financien
Wet tot wijziging van de wet van 31 december 1983 tot hervorming van de instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap
type
wet
prom.
04/05/1999
pub.
02/06/1999
numac
1999009611
bron
ministerie van justitie
Wet tot wijziging van de wet van 13 april 1995 betreffende de handelsagentuurovereenkomst
type
wet
prom.
04/05/1999
pub.
02/06/1999
numac
1999009596
bron
ministerie van justitie
Wet tot wijziging van de wet van 8 april 1965 betreffende de jeugdbescherming
sluiten en gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 26 april 2000 (bevestigd door de wet van 26 juni 2002), 13 juli 2001, 27 december 2002 en 15 december 2003, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in § 1, 1°, vervallen de woorden « en cigarillo's »;2° § 2, b), wordt vervangen als volgt : « b) bijzondere accijns : 12,9720 EUR per 1 000 stuks.». Art. 13.In artikel 4, eerste zin, van dezelfde wet vervallen de woorden « of cigarillo's ». Art. 14.In artikel 5, § 1, a), van dezelfde wet vervallen de woorden « of cigarillo's ». Art. 15.In artikel 8, § 1, van dezelfde wet vervallen de woorden « en cigarillo's ». Art. 16.Artikel 9 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt : « Art. 9.- § 1. De marktdeelnemer stelt vrij, per merk en per soort verpakking, de maximumkleinhandelsprijs vast van elk van zijn producten bestemd voor de inverbruikstelling hier te lande. § 2. In geval van wijziging van de fiscaliteit van de producten kan de minister van Financiën de overgangsperiode vaststellen gedurende dewelke het de in § 1 bedoelde persoon toegestaan is een andere kleinhandelsprijs te bepalen voor de producten van eenzelfde merk die worden aangeboden in een identieke verpakking. ». Art. 17.Artikel 10 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt : « Art. 10.- § 1. De tabaksfabrikaten bestemd voor inverbruikstelling hier te lande dienen voorafgaandelijk te worden bekleed met fiscale kentekens. Deze fiscale kentekens worden door de marktdeelnemer aangebracht op elke verpakking.
Nochtans wat sigaren betreft, bepaalt de minister van Financiën in welke gevallen de bandjes stuksgewijs op elke sigaar moeten worden aangebracht.
De rooktabak bestemd voor het eigen verbruik van de planters, binnen de hoeveelheidsbeperkingen bepaald bij artikel 3, § 5, moet niet worden verpakt noch worden bekleed met fiscale kentekens. § 2. De minister van Financiën : - stelt een tabel der fiscale kentekens op waarvan hij de inhoud en de wijzigingsmodaliteiten vaststelt; - bepaalt de technische kenmerken van de fiscale kentekens alsook de vermeldingen die hierop moeten voorkomen; - bepaalt de aankoop- en leveringsmodaliteiten van de fiscale kentekens. ». Art. 18.In dezelfde wet wordt een artikel 10bis ingevoegd, luidende : « Art. 10bis.- Onder voorbehoud van de bepalingen inzake uitstel van betaling, moet het bedrag aan accijns, bijzondere accijns en B.T.W. dat de fiscale kentekens blijkens de op de kentekens aangebrachte gegevens vertegenwoordigen, worden betaald bij de levering van de fiscale kentekens.
De minister van Financiën bepaalt de modaliteiten van betaling van dit bedrag. Art. 19.In dezelfde wet wordt een artikel 10ter ingevoegd, luidende : Art. 10ter.- De erkend entrepothouder die tabaksfabrikaten bekleed met Belgische fiscale kentekens voorhanden heeft in zijn belastingentrepot, is niet gehouden tot het stellen van de zekerheid bedoeld in artikel 13, eerste lid, 1°, van de
wet van 10 juni 1997Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
10/06/1997
pub.
01/08/1997
numac
1997003403
bron
ministerie van financien
Wet betreffende de algemene regeling voor accijnsproducten, het voorhanden hebben en het verkeer daarvan en de controles daarop
sluiten betreffende de algemene regeling voor accijnsproducten, het voorhanden hebben en het verkeer daarvan en de controles daarop. ». Art. 20.Artikel 11 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt : « Art. 11.- Vrijstelling van de accijns en de bijzondere accijns of teruggave van het bedrag van de reeds voldane accijns en bijzondere accijns dat de fiscale kentekens overeenkomstig artikel 10bis vertegenwoordigen, kan worden bekomen voor tabaksfabrikaten : a) die worden gedenatureerd en gebruikt voor industriële of tuinbouwkundige doeleinden;b) die onder ambtelijk toezicht worden vernietigd;c) die uitsluitend zijn bestemd voor wetenschappelijke proefnemingen en voor tests in verband met de kwaliteit van de producten;d) die door de producent opnieuw worden be- of verwerkt;e) die het voorwerp hebben uitgemaakt van een overtreding of een onregelmatigheid begaan tijdens het verkeer in een andere lidstaat, op voorwaarde dat ze bekleed worden met Belgische fiscale kentekens en waarop de verschuldigde accijns en bijzondere accijns werd ingevorderd in de andere lidstaat;f) die zich bevinden in de gevallen van vrijstelling bedoeld in artikel 14 van de
wet van 10 juni 1997Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
10/06/1997
pub.
01/08/1997
numac
1997003403
bron
ministerie van financien
Wet betreffende de algemene regeling voor accijnsproducten, het voorhanden hebben en het verkeer daarvan en de controles daarop
sluiten betreffende de algemene regeling voor accijnsproducten, het voorhanden hebben en het verkeer daarvan en de controles daarop. De minister van Financiën bepaalt de voorwaarden en formaliteiten waaraan de vrijstellingen of terugbetalingen zijn ondergeschikt. ». Art. 21.In artikel 12, § 1, b), van dezelfde wet wordt het woord « marktdeelnemers » vervangen door het woord « personen ». Art. 22.Het
koninklijk besluit van 15 december 2003Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
04/05/1999
pub.
29/10/1999
numac
1999003334
bron
ministerie van financien
Wet tot wijziging van de wet van 31 december 1983 tot hervorming van de instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap
type
wet
prom.
04/05/1999
pub.
02/06/1999
numac
1999009611
bron
ministerie van justitie
Wet tot wijziging van de wet van 13 april 1995 betreffende de handelsagentuurovereenkomst
type
wet
prom.
04/05/1999
pub.
02/06/1999
numac
1999009596
bron
ministerie van justitie
Wet tot wijziging van de wet van 8 april 1965 betreffende de jeugdbescherming
sluiten3 tot wijziging van de
wet van 3 april 1997Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
03/04/1997
pub.
07/02/2014
numac
2014000085
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet houdende instemming met het Verdrag nr. 168 betreffende de bevordering van de werkgelegenheid en de bescherming tegen werkloosheid, aangenomen te Genève op 21 juni 1988 door de Internationale Arbeidsconferentie tijdens haar vijfenzeventigste zitting. - Duitse vertaling
type
wet
prom.
03/04/1997
pub.
13/12/1997
numac
1997015121
bron
ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
Wet houdende instemming met het Verdrag nr. 171 betreffende nachtarbeid, aangenomen te Genève op 26 juni 1990 door de Internationale Arbeidsconferentie tijdens haar zevenenzeventigste zitting
type
wet
prom.
03/04/1997
pub.
11/10/2012
numac
2011015137
bron
federale overheidsdienst buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
Wet houdende instemming met het Verdrag nr. 168 betreffende de bevordering van de werkgelegenheid en de bescherming tegen werkloosheid, aangenomen te Genève op 21 juni 1988 door de Internationale Arbeidsconferentie tijdens haar vijfenzeventigste zitting (2)
type
wet
prom.
03/04/1997
pub.
06/06/1997
numac
1997000208
bron
ministerie van binnenlandse zaken en ministerie van justitie
Wet tot wijziging van de nieuwe gemeentewet, de wet van 2 december 1957 op de rijkswacht en de wet van 27 december 1973 betreffende het statuut van het personeel van het operationeel korps van de rijkswacht
sluiten betreffende het fiscaal stelsel van gefabriceerde tabak, wordt bekrachtigd voor de periode dat het uitwerking had. Art. 23.Artikel 2 treedt in werking op 1 januari 2005. HOOFDSTUK II. - Wijziging van de gewone
wet van 16 juli 1993Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
06/08/1993
pub.
04/06/2015
numac
2015000253
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet houdende goedkeuring en uitvoering van het Internationaal Verdrag ter oprichting van een internationaal fonds voor vergoeding van schade door verontreiniging door olie, opgemaakt te Brussel op 18 december 1971, en houdende uitvoering van de Protocollen bij dit Verdrag, opgemaakt te Londen op 27 november 1992 en 16 mei 2003. - Officieuze coördinatie in het Duits
type
wet
prom.
06/08/1993
pub.
18/12/1998
numac
1998015163
bron
ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
Wet houdende instemming met het Verdrag nr. 148 betreffende de bescherming van de werknemers tegen beroepsrisico's op de werkplaatsen als gevolg van luchtverontreiniging, lawaai en trillingen, aangenomen te Genève op 20 juni 1977 door de Internationale Arbeidsconferentie tijdens haar drieënzestigste zitting
sluiten5 tot vervollediging van de federale staatsstructuur Art. 24.In artikel 369 van de gewone
wet van 16 juli 1993Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
06/08/1993
pub.
04/06/2015
numac
2015000253
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet houdende goedkeuring en uitvoering van het Internationaal Verdrag ter oprichting van een internationaal fonds voor vergoeding van schade door verontreiniging door olie, opgemaakt te Brussel op 18 december 1971, en houdende uitvoering van de Protocollen bij dit Verdrag, opgemaakt te Londen op 27 november 1992 en 16 mei 2003. - Officieuze coördinatie in het Duits
type
wet
prom.
06/08/1993
pub.
18/12/1998
numac
1998015163
bron
ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
Wet houdende instemming met het Verdrag nr. 148 betreffende de bescherming van de werknemers tegen beroepsrisico's op de werkplaatsen als gevolg van luchtverontreiniging, lawaai en trillingen, aangenomen te Genève op 20 juni 1977 door de Internationale Arbeidsconferentie tijdens haar drieënzestigste zitting
sluiten5 tot vervollediging van de federale staatsstructuur, gewijzigd bij de wetten van 9 februari 1995, 7 maart 1996, 30 december 2002 en de programma
wet van 22 december 2003Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/10/1997
pub.
20/11/1997
numac
1997003624
bron
ministerie van financien
Wet betreffende de structuur en de accijnstarieven inzake minerale olie
sluiten6, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in 11°, wordt het tweede streepje opgeheven;2° het 12° wordt vervangen als volgt : « 12° Belastingplichtige : - voor wat betreft de milieutaks, iedere natuurlijke of rechtspersoon die overgaat tot het in het verbruik brengen van producten onderworpen aan een milieutaks; - voor wat betreft de verpakkingsheffing, hetzij de schuldenaar van de accijns wanneer de inning van de verpakkingsheffing samenvalt met de inning van de accijns, hetzij de natuurlijke of rechtspersoon die dranken verpakt in individuele verpakkingen wanneer de accijns voorafgaandelijk werd betaald op deze dranken; »; 3° het artikel wordt aangevuld met een 18°, luidende : « 18° individuele verpakking : iedere verpakking bestemd om te worden geleverd aan de eindgebruiker zonder een verandering van verpakking te hebben ondergaan.». Art. 25.Artikel 371 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt : « Art. 371.- § 1. Een verpakkingsheffing is verschuldigd : 1° bij het in het verbruik brengen inzake accijnzen van dranken als bedoeld in artikel 370, verpakt in individuele verpakkingen;2° bij het op de Belgische markt brengen van voornoemde dranken verpakt in individuele verpakkingen wanneer dit verpakken later plaatsvindt dan het in het verbruik brengen van deze dranken inzake accijnzen. Deze verpakkingsheffing bedraagt 9,8537 EUR per hectoliter product dat aldus is verpakt. § 2. De individuele herbruikbare verpakkingen worden vrijgesteld van de verpakkingsheffing, mits naleving van de volgende voorwaarden : a) de natuurlijke of rechtspersoon die dranken verpakt in individuele verpakkingen in het verbruik brengt, levert het bewijs dat deze verpakkingen herbruikbaar zijn, dit wil zeggen dat ze minstens zevenmaal kunnen worden hervuld, en dat deze verpakkingen worden teruggenomen via een systeem van statiegeld en daadwerkelijk opnieuw worden gebruikt;b) het bedrag van het statiegeld bedraagt minstens 0,16 EUR voor de verpakkingen met een inhoud van meer dan 0,5 liter en 0,08 EUR voor deze met een inhoud van minder dan of gelijk aan 0,5 liter. § 3. In afwijking van § 1, zijn de individuele drankverpakkingen die hoofdzakelijk bestaan uit één van de grondstoffen opgenomen in bijlage 18 niet onderworpen aan de verpakkingsheffing. ». Art. 26.Artikel 380, 3°, van dezelfde wet wordt vervangen als volgt : « 3° Op de verpakking kan een duidelijk zichtbaar kenteken voorkomen, waaruit blijkt dat er statiegeld, retourpremie of verpakkingskrediet voor wordt gevraagd of dat zij het voorwerp uitmaakt van een speciale en aangepaste ophaling. De Koning bepaalt de voorwaarden waaraan dat kenteken moet voldoen. ». Art. 27.In bijlage 18 van dezelfde wet worden de woorden « artikel 371, tweede lid » vervangen door de woorden « artikel 371, § 3 ». HOOFDSTUK III. - Wijziging van de wet van 28 december 1983 over het verstrekken van sterke drank en het vergunningsrecht Art. 28.Artikel 1, 5°, van de wet van 28 december 1983 over het verstrekken van sterke drank en het vergunningsrecht, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 27 november 1996 en bekrachtigd bij de wet van 13 juni 1997, wordt vervangen als volgt : « 5° sterke drank : drank zoals bepaald in artikel 16 van de wet van 7 januari 1998 betreffende de structuur en de tarieven van de accijnsrechten op alcohol en op alcoholhoudende drank; ». HOOFDSTUK IV. - Abonnementstaks Art. 29.In artikel 161bis van het Wetboek der successierechten, ingevoegd bij de wet van 22 juli 1993 en vervangen bij het koninklijk besluit van 18 november 1996 en bij de
wet van 22 december 2003Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/10/1997
pub.
20/11/1997
numac
1997003624
bron
ministerie van financien
Wet betreffende de structuur en de accijnstarieven inzake minerale olie
sluiten6, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° § 3 wordt vervangen als volgt : « § 3.Voor de toepassing van de §§ 1, 2 en 5, tweede gedachtestreep, worden voor een beleggingsinstelling of een verzekeringsonderneming die rechten van deelneming heeft in een beleggingsinstelling, de bedragen die bij een beleggingsinstelling werden opgenomen in de belastbare grondslag, niet meegerekend. »; 2° § 5, tweede gedachtestreep, wordt aangevuld als volgt : « met uitzondering van levensverzekeringscontracten waarvan het kapitaal of de afkoopwaarde onderworpen is aan de inkomstenbelastingen of aan de taks op het lange termijnsparen.». Art. 30.De jaarlijkse taks op de collectieve beleggingsinstellingen, op de kredietinstellingen en op de verzekeringsondernemingen die werd geheven op de verzekeringsondernemingen onder de voorwaarden van artikel 161bis, § 3 en § 5, tweede gedachtestreep, van het Wetboek der successierechten, zoals gewijzigd bij artikel 29, kan worden teruggegeven indien de taks werd betaald op de wiskundige balansprovisies en technische provisies van 1 januari 2004.
De terugbetaling wordt verricht aan de verzekeringsonderneming. Zij moet door de verzekeringsonderneming aangevraagd worden aan de gewestelijke directeur van de registratie Brussel binnen een termijn van twee jaar te rekenen vanaf de dag van de bekendmaking van deze wet in het Belgisch Staatsblad. De directeur meldt de ontvangst van de aanvraag de dag zelf waarop hij deze ontvangt.
De terugbetaling is ondergeschikt aan het voorleggen van documenten die het bestaan van de oorzaak der terugbetaling rechtvaardigen. De minister van Financiën bepaalt de modaliteiten van de aanvraag en de inhoud van de door de verzekeringsonderneming voor te leggen documenten.
De terugbetaling wordt geordonnanceerd door de ambtenaar aangeduid door of vanwege de minister van Financiën. Wanneer de rechthebbende houder is van een bankrekening, gebeurt de terugbetaling door middel van een overschrijving; in het tegengestelde geval gebeurt ze door middel van een postassignatie.
Voor het overige zijn de bepalingen van het Wetboek der successierechten van toepassing op de teruggaven bedoeld in dit artikel. Art. 31.De artikelen 29 en 30 hebben uitwerking met ingang van 1 januari 2004. HOOFDSTUK V. - Bekrachtiging van een koninklijk besluit Art. 32.Het
koninklijk besluit van 22 juni 2003Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
04/05/1999
pub.
29/10/1999
numac
1999003334
bron
ministerie van financien
Wet tot wijziging van de wet van 31 december 1983 tot hervorming van de instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap
type
wet
prom.
04/05/1999
pub.
02/06/1999
numac
1999009611
bron
ministerie van justitie
Wet tot wijziging van de wet van 13 april 1995 betreffende de handelsagentuurovereenkomst
type
wet
prom.
04/05/1999
pub.
02/06/1999
numac
1999009596
bron
ministerie van justitie
Wet tot wijziging van de wet van 8 april 1965 betreffende de jeugdbescherming
sluiten4 tot wijziging en aanvulling van het koninklijk besluit van 2 augustus 1972 houdende goedkeuring van de lijst der terreinen, gebouwen en aanhorigheden, bedoeld in artikel 19 van de wet van 1 april 1971 houdende oprichting van een Regie der Gebouwen en tot overneming van een aantal huurcontracten van de Kamers van Ambachten en Neringen, genomen in uitvoering van artikel 75 van de wet van 16 januari 2003 tot oprichting van een Kruispuntbank van Ondernemingen, tot modernisering van het handelsregister, tot oprichting van erkende ondernemingsloketten en houdende diverse bepalingen, wordt bekrachtigd. HOOFDSTUK VI. - Wijziging van artikel 199 van het Wetboek der registratie-, hypotheek- en griffierechten en artikel 120 van het Wetboek der Successierechten Art. 33.Artikel 199 van het Wetboek der registratie-, hypotheek- en griffierechten wordt vervangen als volgt : « Art. 199.- Zowel de ontvanger als de partij kunnen de schatting betwisten door inleiding van een rechtsvordering. Deze rechtsvordering dient ingeleid te worden, op straffe van verval, binnen de termijn van één maand te rekenen van de betekening van het verslag. ». Art. 34.Artikel 120 van het Wetboek der successierechten wordt vervangen als volgt : « Art. 120.- Zowel de ontvanger als de partij kunnen de schatting betwisten door inleiding van een rechtsvordering. Deze rechtsvordering dient ingeleid te worden, op straffe van verval, binnen de termijn van één maand te rekenen van de betekening van het verslag. ». HOOFDSTUK VII. - Roerende voorheffing : aandelen uitgegeven met een couponblad « STRIP-VV » Art. 35.In artikel 171, 2°bis, b, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, ingevoegd bij de wet van 24 december 1993 en gewijzigd bij de wetten van 30 maart 1994 en 20 december 1995, worden de woorden « in artikel 269, tweede lid, 2°, en derde lid » vervangen door de woorden « in artikel 269, tweede lid, 2°, derde lid en elfde lid ». Art. 36.Artikel 269 van hetzelfde Wetboek, vervangen bij de
wet van 30 maart 1994Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
16/03/1971
pub.
28/10/1998
numac
1998000346
bron
ministerie van binnenlandse zaken
Arbeidswet - Duitse vertaling
sluiten4 en gewijzigd bij de wetten van 20 december 1995, 21 februari 1998, 10 maart 1999, 22 mei 2001, 19 juli 2001 en 24 december 2002, wordt aangevuld met het volgende lid : « In geval van uitgifte van aandelen die worden vertegenwoordigd door een mantel met een couponblad waarvan de coupons het recht op dividend vertegenwoordigen, en een couponblad « STRIP-VV », en in afwijking van het tweede lid en het derde lid, a, is de aanslagvoet van 15 pct. van toepassing, voor zover de dividenden betaald worden : 1° tegen gelijktijdige afgifte van een coupon die het recht op dividend vertegenwoordigt, en een coupon « STRIP-VV » met hetzelfde volgnummer, en 2° in een tijdperk van drie jaar dat aanvangt op 1 januari van het jaar waarin het dividend wordt toegekend.». Art. 37.Artikel 412 van hetzelfde Wetboek, gewijzigd bij de wetten van 28 juli 1992 en 15 maart 1999, bij de koninklijke besluiten van 20 juli 2000 en 13 juli 2001 en bij de
wet van 22 december 2003Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/10/1997
pub.
20/11/1997
numac
1997003624
bron
ministerie van financien
Wet betreffende de structuur en de accijnstarieven inzake minerale olie
sluiten6, wordt aangevuld met het volgende lid : « In afwijking van het eerste lid, wanneer de voorwaarden tot toekenning van het verlaagd tarief bedoeld in artikel 269, elfde lid, voor dividenden van aandelen die worden vertegenwoordigd door een mantel met een couponblad waarvan de coupons het recht op dividend vertegenwoordigen, en een couponblad « STRIP-VV », niet zijn voldaan, is de roerende voorheffing betaalbaar : 1° ten belope van 15 pct.van het belastbare bedrag van het dividend : binnen de vijftien dagen na de toekenning of de betaalbaarstelling van het dividend; 2° ten belope van 10 pct.van het belastbare bedrag van het dividend : binnen de vijftien dagen na het verstrijken van het tijdperk van drie jaar vermeld in artikel 269, elfde lid, 2°. ». Art. 38.De artikelen 35 tot 37 zijn van toepassing op de dividenden toegekend of betaalbaar gesteld vanaf 1 januari 2004. HOOFDSTUK VIII. - Wijziging van het Wetboek van de met inkomstenbelastingen gelijkgestelde belastingen Art. 39.Artikel 36bis, eerste lid, 1°, van het Wetboek van de met de inkomstenbelastingen gelijkgestelde belastingen, wordt vervangen als volgt : « 1° de voertuigen van alle aard die onderworpen zijn aan de reglementering voor de inschrijving van de motorvoertuigen en de aanhangwagens en die het voorwerp uitmaken van een tijdelijke inschrijving andere dan een tijdelijke inschrijving van lange duur waarvoor een internationale kentekenplaat wordt afgeleverd; ». Art. 40.Artikel 94, 1°, van hetzelfde Wetboek, wordt vervangen als volgt : « 1° de personenauto's, auto's voor dubbel gebruik, minibussen en motorfietsen, zoals deze voertuigen omschreven zijn in de reglementering van de inschrijving van de motorvoertuigen en de aanhangwagens en voor zover deze voertuigen voorzien zijn of moeten zijn van een andere nummerplaat dan een in het kader van de bedoelde regeling uitgereikte « proefritten- », « handelaars- » of tijdelijke plaat andere dan een internationale kentekenplaat; ». Art. 41.De artikelen 39 en 40 treden in werking op 1 januari 2005. HOOFDSTUK IX. - Wijziging van artikel 14525 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 om de vernieuwing van een woning gelegen in een zone voor positief grootstedelijk beleid aan te moedigen Art. 42.In artikel 14525 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, ingevoegd bij de
programmawet van 8 april 2003Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
06/08/1993
pub.
04/06/2015
numac
2015000253
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet houdende goedkeuring en uitvoering van het Internationaal Verdrag ter oprichting van een internationaal fonds voor vergoeding van schade door verontreiniging door olie, opgemaakt te Brussel op 18 december 1971, en houdende uitvoering van de Protocollen bij dit Verdrag, opgemaakt te Londen op 27 november 1992 en 16 mei 2003. - Officieuze coördinatie in het Duits
type
wet
prom.
06/08/1993
pub.
18/12/1998
numac
1998015163
bron
ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
Wet houdende instemming met het Verdrag nr. 148 betreffende de bescherming van de werknemers tegen beroepsrisico's op de werkplaatsen als gevolg van luchtverontreiniging, lawaai en trillingen, aangenomen te Genève op 20 juni 1977 door de Internationale Arbeidsconferentie tijdens haar drieënzestigste zitting
sluiten9, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in het tweede lid vervallen de woorden « , op basis van een wetenschappelijke studie » en, in de laatste zin, de woorden « na een nieuwe wetenschappelijke studie »;2° in het zesde lid, worden de woorden « 500 EUR » vervangen door de woorden « 1 000 EUR ». Art. 43.Artikel 42, 2°, treedt in werking op een datum te bepalen door de Koning, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad. HOOFDSTUK X. - Invoering van een belastingvermindering voor uitgaven voor de verwerving van een voertuig met een maximale uitstoot van 115 gram CO2 per kilometer Art. 44.In titel II, hoofdstuk III, afdeling I, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, wordt een onderafdeling IInonies ingevoegd, luidende : « Onderafdeling IInonies. - Vermindering voor uitgaven voor de verwerving van een voertuig met een maximale uitstoot van 115 gram CO2 per kilometer Art. 14528.- Er wordt een belastingvermindering verleend voor de uitgaven die tijdens het belastbare tijdperk werkelijk zijn betaald voor de verwerving in nieuwe staat van een personenauto, een auto voor dubbel gebruik of een minibus met een maximale uitstoot van 115 gram CO2 per kilometer en waarvoor het bezit van een Belgisch rijbewijs geldig voor voertuigen van de categorie B of een gelijkwaardig Europees of buitenlands rijbewijs vereist is voor de besturing ervan.
De belastingvermindering is gelijk aan 15 pct. van de aanschaffingswaarde met een maximum van 3 280 EUR wanneer de CO2-uitstoot minder dan 105 gram per kilometer bedraagt.
De belastingvermindering is gelijk aan 3 pct. van de aanschaffingswaarde met een maximum van 615 EUR wanneer de CO2-uitstoot 105 tot maximaal 115 gram per kilometer bedraagt.
De in het tweede en het derde lid vermelde maximale bedragen van de belastingvermindering kunnen door de Koning worden herzien bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad.
De Koning bepaalt, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, de toepassingsmodaliteiten van de vermindering alsmede de wijze waarop het bewijs wordt geleverd dat het voertuig voldoet aan de gestelde normen. ». Art. 45.In artikel 243, laatste lid, van hetzelfde Wetboek, vervangen bij de wet van 6 juli 1994 en gewijzigd bij de wetten van 21 december 1994 en 22 december 2003, worden de woorden « 14517 tot 14527 » vervangen door de woorden « 14517 tot 14528 ». Art. 46.De artikelen 44 en 45 zijn van toepassing in geval van verwerving van een personenauto, een auto voor dubbel gebruik of een minibus vanaf 1 januari 2005. HOOFDSTUK XI. - Wijziging van artikel 35 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 Art. 47.Artikel 35 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 wordt vervangen als volgt : « Art. 35.- Pensioenen, renten en als zodanig geldende toelagen, die aan beide echtgenoten samen worden betaald of toegekend, worden aangemerkt als inkomsten van iedere echtgenoot in verhouding tot de persoonlijke rechten die iedere echtgenoot in die pensioenen heeft opgebouwd.
De in het eerste lid beoogde verhouding wordt vastgesteld door de instelling die instaat voor de toekenning van de pensioenrechten. ». Art. 48.Artikel 47 is van toepassing op de vanaf 1 januari 2004 betaalde of toegekende pensioenen. hoofdstuk xii. - Interpretatie van de toepassing van artikel 2244 van het Burgerlijk Wetboek, op het vlak van de inkomstenbelastingen Art. 49.Niettegenstaande het dwangbevel de eerste akte van de rechtstreekse vervolgingen is in de zin van de artikelen 148 en 149 van het koninklijk besluit tot uitvoering van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, moet het dwangbevel ook geïnterpreteerd worden als een verjaringsstuitende akte in de zin van artikel 2244 van het Burgerlijk Wetboek, zelfs indien de betwiste belastingschuld geen zeker en vaststaand karakter heeft.
TITEL III. - Overheidsbedrijven HOOFDSTUK I. - Gemeenschappelijke bepalingen Afdeling I. - Wijziging van de programma
wet van 22 december 2003Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/10/1997
pub.
20/11/1997
numac
1997003624
bron
ministerie van financien
Wet betreffende de structuur en de accijnstarieven inzake minerale olie
sluiten6
Art. 50.Artikel 475 van de programma
wet van 22 december 2003Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/10/1997
pub.
20/11/1997
numac
1997003624
bron
ministerie van financien
Wet betreffende de structuur en de accijnstarieven inzake minerale olie
sluiten6 wordt aangevuld als volgt : « Indien tijdens of na de periode van het inzetten, én het personeelslid én de openbare overheid, wensen dat, onverminderd het statuut van het personeel van de betrokken openbare overheid, het personeelslid na de periode van het inzetten bij de openbare overheid in dienst treedt als statutair personeelslid, wordt dit personeelslid met behoud van zijn hoedanigheid van statutair ambtenaar overgedragen naar de betrokken openbare overheid. ». Afdeling II. - Wijziging van de
wet van 21 maart 1991Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
06/08/1993
pub.
04/06/2015
numac
2015000253
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet houdende goedkeuring en uitvoering van het Internationaal Verdrag ter oprichting van een internationaal fonds voor vergoeding van schade door verontreiniging door olie, opgemaakt te Brussel op 18 december 1971, en houdende uitvoering van de Protocollen bij dit Verdrag, opgemaakt te Londen op 27 november 1992 en 16 mei 2003. - Officieuze coördinatie in het Duits
type
wet
prom.
06/08/1993
pub.
18/12/1998
numac
1998015163
bron
ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
Wet houdende instemming met het Verdrag nr. 148 betreffende de bescherming van de werknemers tegen beroepsrisico's op de werkplaatsen als gevolg van luchtverontreiniging, lawaai en trillingen, aangenomen te Genève op 20 juni 1977 door de Internationale Arbeidsconferentie tijdens haar drieënzestigste zitting
sluiten0 betreffende de
hervorming van sommige economische overheidsbedrijven - benoeming van commissarissen-revisoren Art. 51.In artikel 25, § 4, van de
wet van 21 maart 1991Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
06/08/1993
pub.
04/06/2015
numac
2015000253
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet houdende goedkeuring en uitvoering van het Internationaal Verdrag ter oprichting van een internationaal fonds voor vergoeding van schade door verontreiniging door olie, opgemaakt te Brussel op 18 december 1971, en houdende uitvoering van de Protocollen bij dit Verdrag, opgemaakt te Londen op 27 november 1992 en 16 mei 2003. - Officieuze coördinatie in het Duits
type
wet
prom.
06/08/1993
pub.
18/12/1998
numac
1998015163
bron
ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
Wet houdende instemming met het Verdrag nr. 148 betreffende de bescherming van de werknemers tegen beroepsrisico's op de werkplaatsen als gevolg van luchtverontreiniging, lawaai en trillingen, aangenomen te Genève op 20 juni 1977 door de Internationale Arbeidsconferentie tijdens haar drieënzestigste zitting
sluiten0 betreffende de hervorming van sommige economische overheidsbedrijven, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° tussen de woorden « een hernieuwbare termijn van » en « zes jaar » wordt het woord « maximaal » ingevoegd;2° na de eerste zin wordt de volgende zin ingevoegd : « In voorkomend geval dient in de statuten van het desbetreffende overheidsbedrijf de duur van de benoemingstermijn te worden gespecificeerd.». HOOFDSTUK II. - Spoorwegen Afdeling I. - Licht en uitzicht
Art. 52.Een artikel 680bis wordt in het Burgerlijk Wetboek ingevoegd, luidende : « Art. 680bis.- De wettelijke beperkingen die de huidige afdeling aan naburen oplegt zijn niet van toepassing op aangelanden van openbare wegen en spoorwegen die tot het openbaar domein behoren. ». Afdeling II. - Nationale Maatschappij der Belgische Spoorwegen
Art. 53.Met het oog op de reorganisatie van de activiteiten van de Nationale Maatschappij der Belgische Spoorwegen (hierna de « NMBS » genoemd), kan de Koning, bij een besluit vastgesteld na overleg in Ministerraad, alle nodige maatregelen nemen om : 1° de dochtervennootschap, door de NMBS overeenkomstig artikel 13 van de
wet van 21 maart 1991Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
06/08/1993
pub.
04/06/2015
numac
2015000253
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet houdende goedkeuring en uitvoering van het Internationaal Verdrag ter oprichting van een internationaal fonds voor vergoeding van schade door verontreiniging door olie, opgemaakt te Brussel op 18 december 1971, en houdende uitvoering van de Protocollen bij dit Verdrag, opgemaakt te Londen op 27 november 1992 en 16 mei 2003. - Officieuze coördinatie in het Duits
type
wet
prom.
06/08/1993
pub.
18/12/1998
numac
1998015163
bron
ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
Wet houdende instemming met het Verdrag nr. 148 betreffende de bescherming van de werknemers tegen beroepsrisico's op de werkplaatsen als gevolg van luchtverontreiniging, lawaai en trillingen, aangenomen te Genève op 20 juni 1977 door de Internationale Arbeidsconferentie tijdens haar drieënzestigste zitting
sluiten0 betreffende de hervorming van sommige economische overheidsbedrijven opgericht met als doel het vervoer per spoor van reizigers en goederen, in te delen bij de autonome overheidsbedrijven onderworpen aan dezelfde wet, en deze dochtervennootschap om te vormen in naamloze vennootschap van publiek recht;2° de opdrachten van openbare dienst van de in 1° bedoelde dochtervennootschap en de financiering ervan vast te stellen en de bepalingen van voornoemde
wet van 21 maart 1991Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
06/08/1993
pub.
04/06/2015
numac
2015000253
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet houdende goedkeuring en uitvoering van het Internationaal Verdrag ter oprichting van een internationaal fonds voor vergoeding van schade door verontreiniging door olie, opgemaakt te Brussel op 18 december 1971, en houdende uitvoering van de Protocollen bij dit Verdrag, opgemaakt te Londen op 27 november 1992 en 16 mei 2003. - Officieuze coördinatie in het Duits
type
wet
prom.
06/08/1993
pub.
18/12/1998
numac
1998015163
bron
ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
Wet houdende instemming met het Verdrag nr. 148 betreffende de bescherming van de werknemers tegen beroepsrisico's op de werkplaatsen als gevolg van luchtverontreiniging, lawaai en trillingen, aangenomen te Genève op 20 juni 1977 door de Internationale Arbeidsconferentie tijdens haar drieënzestigste zitting
sluiten0 aan te passen aan de eigen uitbatingsvoorwaarden van deze dochtervennootschap;3° de inbreng in de in 1° bedoelde dochtervennootschap te regelen van goederen, rechten en verplichtingen die betrekking hebben op de activiteiten van de NMBS inzake vervoer per spoor van reizigers en goederen, en deze inbreng te onderwerpen aan het stelsel van overdracht onder algemene titel;4° de terbeschikkingstelling van personeel van de NMBS aan de in 1° bedoelde dochtervennootschap te regelen, met inachtneming van de uniciteit van sociale dialoog binnen de NMBS, mits voorafgaand akkoord van de Nationale Paritaire Commissie bedoeld in artikel 13 van de wet van 23 juli 1926 tot oprichting van de Nationale Maatschappij der Belgische Spoorwegen, gegeven met een meerderheid van twee derden van de uitgebrachte stemmen;5° te zorgen voor de fiscale neutraliteit van de verrichtingen bedoeld in 1° tot 4°;6° de wettelijke bepalingen met betrekking tot opdrachten van openbare dienst van de NMBS, de financiering ervan en de samenstelling en de werking van haar bestuursorganen te wijzigen, aan te vullen, te vervangen of op te heffen ingevolge de in dit artikel beoogde reorganisatie en, in het algemeen, het kader van de activiteiten van de NMBS te bepalen, inzonderheid activiteiten op het gebied van veiligheid en bewaking, de gemeenschappelijke diensten verleend door de NMBS ten behoeve van de ondernemingen waarin zij een deelneming bezit, en haar overige financiële en operationele activiteiten;7° de woorden « Nationale Maatschappij der Belgische Spoorwegen » of « NMBS » te vervangen door de naam van de in 1° bedoelde dochtervennootschap in wettelijke en reglementaire bepalingen die betrekking hebben op de entiteit van publiek recht die de activiteiten uitoefent bedoeld in artikel 156, 1° en 4°, van voornoemde
wet van 21 maart 1991Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
06/08/1993
pub.
04/06/2015
numac
2015000253
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet houdende goedkeuring en uitvoering van het Internationaal Verdrag ter oprichting van een internationaal fonds voor vergoeding van schade door verontreiniging door olie, opgemaakt te Brussel op 18 december 1971, en houdende uitvoering van de Protocollen bij dit Verdrag, opgemaakt te Londen op 27 november 1992 en 16 mei 2003. - Officieuze coördinatie in het Duits
type
wet
prom.
06/08/1993
pub.
18/12/1998
numac
1998015163
bron
ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
Wet houdende instemming met het Verdrag nr. 148 betreffende de bescherming van de werknemers tegen beroepsrisico's op de werkplaatsen als gevolg van luchtverontreiniging, lawaai en trillingen, aangenomen te Genève op 20 juni 1977 door de Internationale Arbeidsconferentie tijdens haar drieënzestigste zitting
sluiten0. Art. 54.In artikel 161ter van voornoemde
wet van 21 maart 1991Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
06/08/1993
pub.
04/06/2015
numac
2015000253
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet houdende goedkeuring en uitvoering van het Internationaal Verdrag ter oprichting van een internationaal fonds voor vergoeding van schade door verontreiniging door olie, opgemaakt te Brussel op 18 december 1971, en houdende uitvoering van de Protocollen bij dit Verdrag, opgemaakt te Londen op 27 november 1992 en 16 mei 2003. - Officieuze coördinatie in het Duits
type
wet
prom.
06/08/1993
pub.
18/12/1998
numac
1998015163
bron
ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
Wet houdende instemming met het Verdrag nr. 148 betreffende de bescherming van de werknemers tegen beroepsrisico's op de werkplaatsen als gevolg van luchtverontreiniging, lawaai en trillingen, aangenomen te Genève op 20 juni 1977 door de Internationale Arbeidsconferentie tijdens haar drieënzestigste zitting
sluiten0, ingevoegd bij de wet van 22 maart 2002 en gewijzigd bij de
wet van 24 december 2002Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/10/1997
pub.
20/11/1997
numac
1997003624
bron
ministerie van financien
Wet betreffende de structuur en de accijnstarieven inzake minerale olie
sluiten0, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in § 5, eerste lid, 3°, worden de woorden « die zijn aangesloten bij een interprofessionele organisatie die zetelt in de Nationale Arbeidsraad » vervangen door de woorden « zetelend in de Nationale Paritaire Commissie »;2° § 5, tweede lid, wordt vervangen als volgt : « De zetels worden aan deze vakorganisaties toegewezen overeenkomstig hun respectieve vertegenwoordiging in de Nationale Paritaire Commissie opgericht bij de NMBS.»; 3° § 5, derde lid, wordt opgeheven;4° er wordt een § 5bis ingevoegd, luidende : « § 5bis.Tot de telling in 2008 vertegenwoordigen de zes leden bedoeld in § 5, eerste lid, 3°, de vakorganisaties die aangesloten zijn bij een interprofessionele organisatie die zetelt in de Nationale Arbeidsraad.
De toewijzing van het aantal zetels aan deze vakorganisaties gebeurt in functie van hun respectieve vertegenwoordiging binnen de NMBS. Elk van de drie vakorganisaties heeft ten minste één vertegenwoordiger.
Het derde tot zesde lid van § 5 zijn van toepassing op deze leden. »; 5° § 6, eerste lid, 2°, wordt vervangen als volgt : « 2° in overleg met het oriënteringscomité, het uitbrengen van een advies voorafgaand aan het afsluiten van het beheerscontract van de onderneming, en de opvolging van de uitvoering van dit beheerscontract;»; 6° § 6, eerste lid, 4°, wordt aangevuld als volgt : « op voorwaarde dat deze beslissingen invloed hebben op lange termijn »;7° in § 6 wordt het volgende lid ingevoegd tussen het eerste en het tweede lid : « In afwijking van het eerste lid, geeft het strategisch comité geen advies over wat in de Nationale Paritaire Commissie werd beslist in aangelegenheden die voorwerp zijn van een sociaal akkoord.». Art. 55.In artikel 457, § 1, tweede lid, van de programma
wet van 22 december 2003Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/10/1997
pub.
20/11/1997
numac
1997003624
bron
ministerie van financien
Wet betreffende de structuur en de accijnstarieven inzake minerale olie
sluiten6, worden de woorden « mits voorafgaand overleg met de Nationale Paritaire Commissie van de NMBS » vervangen door de woorden « mits voorafgaand akkoord van de Nationale Paritaire Commissie van de NMBS, gegeven met een meerderheid van twee derden van de uitgebrachte stemmen ». Afdeling III. - Spoorweginfrastructuur
Art. 56.In voornoemde
wet van 21 maart 1991Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
06/08/1993
pub.
04/06/2015
numac
2015000253
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet houdende goedkeuring en uitvoering van het Internationaal Verdrag ter oprichting van een internationaal fonds voor vergoeding van schade door verontreiniging door olie, opgemaakt te Brussel op 18 december 1971, en houdende uitvoering van de Protocollen bij dit Verdrag, opgemaakt te Londen op 27 november 1992 en 16 mei 2003. - Officieuze coördinatie in het Duits
type
wet
prom.
06/08/1993
pub.
18/12/1998
numac
1998015163
bron
ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
Wet houdende instemming met het Verdrag nr. 148 betreffende de bescherming van de werknemers tegen beroepsrisico's op de werkplaatsen als gevolg van luchtverontreiniging, lawaai en trillingen, aangenomen te Genève op 20 juni 1977 door de Internationale Arbeidsconferentie tijdens haar drieënzestigste zitting
sluiten0 wordt een artikel 199bis ingevoegd, luidende : « Art. 199bis.- § 1. Binnen Infrabel worden de taken bedoeld in artikel 199, § 1, 4° en 5°, opgedragen aan een gespecialiseerde dienst die rechtstreeks afhangt van het directiecomité. § 2. De leden van de in § 1 bedoelde dienst zijn gebonden door het beroepsgeheim en mogen de vertrouwelijke commerciële informatie die hun door de spoorwegondernemingen of groeperingen van dergelijke ondernemingen worden meegedeeld in het kader van de toewijzing van de spoorweginfrastrucuurcapaciteiten, niet onthullen aan welke persoon ook.
Het in het eerste lid bedoelde verbod doet evenwel geen afbreuk aan de mededeling van vertrouwelijke informatie : 1° aan entiteiten of organismen die bevoegd zijn voor de toewijzing van de spoorweginfrastructuurcapaciteiten in andere Lidstaten van de Europese Unie, in het kader van de samenwerking bedoeld in artikel 15 van richtlijn 2001/14/EG van het Europees Parlement en de Raad van 26 februari 2001 inzake de toewijzing van spoorweginfrastructuurcapaciteit en de heffing van rechten voor het gebruik van spoorweginfrastructuur alsmede inzake veiligheidscertificering;2° aan de Belgische toezichthoudende instantie in de zin van artikel 30 van dezelfde richtlijn;3° tijdens een getuigenis in rechte;4° in het kader van beroepsprocedures tegen de handelingen en beslissingen van Infrabel inzake de toewijzing van spoorweginfrastructuurcapaciteit;5° in beknopte of samengevoegde vorm zodat ondernemingen of groeperingen niet individueel kunnen worden geïdentificeerd. § 3. De inbreuken op § 2 worden gestraft met de straffen bepaald in artikel 458 van het Strafwetboek. De bepalingen van het eerste boek van hetzelfde Wetboek zijn, zonder uitzondering van hoofdstuk VII en van artikel 85, van toepassing op deze inbreuken. ». Art. 57.In artikel 452, § 1, 1°, van de programma
wet van 22 december 2003Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/10/1997
pub.
20/11/1997
numac
1997003624
bron
ministerie van financien
Wet betreffende de structuur en de accijnstarieven inzake minerale olie
sluiten6 worden de woorden « in de verrichting bedoeld in artikel 454, § 1 » vervangen door de woorden « in voorkomend geval ». Art. 58.Om de verwezenlijking te bevorderen van een publiek-privaat samenwerkingsproject voor de aanleg, de financiering en de exploitatie van de uitbreiding van het spoorwegnet dat de luchthaven Brussel-Nationaal met het bestaande net verbindt, kan de Koning, bij een besluit vastgesteld na overleg in Ministerraad, alle nodige maatregelen nemen teneinde : 1° de vestiging ten behoeve van de exploitatievennootschap te regelen van zakelijke rechten op onroerende goederen die toebehoren aan de Staat, het Fonds voor spoorweginfrastructuur, de NMBS of Brussels International Airport Company, de voorafgaande desaffectatie van deze onroerende goederen, alsmede de overdracht van de betrokken spoorweginfrastructuur aan het Fonds voor spoorweginfrastructuur of aan Infrabel na afloop van de exploitatierechten van de exploitatievennootschap;2° de betaling aan de exploitatievennootschap te regelen van een heffing ten laste van Infrabel alsook van een heffing die de betrokken spoorwegondernemingen moeten innen op tickets van of naar de luchthaven Brussel-Nationaal;3° waarborgen te verlenen aan de exploitatievennootschap met betrekking tot de verwezenlijking en de financiering, via het Fonds voor spoorweginfrastructuur of Infrabel, van complementaire werken, inzonderheid de verbinding naar Mechelen en de terugweg naar Brussel via de centrale berm van de E19;4° een gepaste administratieve controle te organiseren op het beheer, de financiering en de uitvoering van het project. Afdeling IV. - Gemeenschappelijke bepalingen
Art. 59.§ 1. De besluiten die krachtens de artikelen 53 en 58 worden genomen, kunnen de van kracht zijnde wettelijke bepalingen wijzigen, aanvullen, vervangen of opheffen. § 2. De besluiten bedoeld in § 1 houden op uitwerking te hebben indien zij niet bij wet zijn bekrachtigd binnen twaalf maanden na de datum van hun inwerkingtreding. De bekrachtiging heeft terugwerkende kracht tot op deze datum. § 3. De bevoegdheden die door dit artikel aan de Koning worden opgedragen, vervallen op 31 januari 2005. Na deze datum kunnen de besluiten die krachtens deze bevoegdheden zijn genomen, alleen bij wet worden gewijzigd, aangevuld, vervangen of opgeheven. Art. 60.In artikel 465, § 3, van de programma
wet van 22 december 2003Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/10/1997
pub.
20/11/1997
numac
1997003624
bron
ministerie van financien
Wet betreffende de structuur en de accijnstarieven inzake minerale olie
sluiten6 worden de woorden « 31 oktober 2004 » vervangen door de woorden « 31 januari 2005 ». HOOFDSTUK III. - Veiligheid bij de spoorwegen Art. 61.Artikel 10, eerste lid, van de wet van 25 juli 1891 houdende herziening der wet van 15 april 1843 op de politie der spoorwegen, vervangen bij de
wet van 3 mei 1999Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
10/06/1997
pub.
01/08/1997
numac
1997003403
bron
ministerie van financien
Wet betreffende de algemene regeling voor accijnsproducten, het voorhanden hebben en het verkeer daarvan en de controles daarop
sluiten0 en gewijzigd bij de
wet van 2 augustus 2002Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
10/06/1997
pub.
01/08/1997
numac
1997003403
bron
ministerie van financien
Wet betreffende de algemene regeling voor accijnsproducten, het voorhanden hebben en het verkeer daarvan en de controles daarop
sluiten9, wordt vervangen als volgt : « Onverminderd de bevoegdheden van de personeelsleden van de politiediensten, zien de door de Koning aangewezen en te dien einde beëdigde statutaire personeelsleden van de Nationale Maatschappij der Belgische Spoorwegen, met uitzondering van degenen die deel uitmaken van de interne bewakingsdienst, en ambtenaren van het bestuur dat bevoegd is voor het spoorwegvervoer, toe op de naleving van deze wet, van de wet van 12 april 1835 rakende de tolrechten en de reglementen van politie nopens de ijzeren weg en van hun uitvoeringsbesluiten. ». Art. 62.Artikel 15 van dezelfde wet, opgeheven door de
wet van 3 mei 1999Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
10/06/1997
pub.
01/08/1997
numac
1997003403
bron
ministerie van financien
Wet betreffende de algemene regeling voor accijnsproducten, het voorhanden hebben en het verkeer daarvan en de controles daarop
sluiten0, wordt hersteld in de volgende lezing : « Art. 15.- Onverminderd de door de wet voorziene hoofdstraffen, kan de rechter de toegang tot het geheel of een gedeelte van de exploitaties van de Nationale Maatschappij der Belgische Spoorwegen ontzeggen, voor een periode van maximaal vijftien dagen, aan de persoon die schuldig wordt bevonden aan een inbreuk op de artikelen 327 tot 330, op een der artikelen van Boek II, Titel VIII, of op de artikelen 461, 463 en 466 tot 476 van het Strafwetboek, gepleegd in een trein, een station of aanhorigheid van deze.
In geval van wettelijke herhaling bedraagt de in het vorige lid bepaalde verbodsperiode maximaal z …
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.