← België

Wet betreffende het toezicht op de instellingen voor bedrijfspensioenvoorzieningen

Kort samengevat

Deze wet regelt het toezicht op instellingen die bedrijfspensioenvoorzieningen aanbieden en zet een Europese richtlijn hierover om. Het doel is om de activiteiten en het toezicht op deze pensioeninstellingen te reguleren.

Wat het reguleert

Wie het betreft

Kernpunten

📄 Wettekst
27 OKTOBER 2006. - Wet betreffende het toezicht op de instellingen voor bedrijfspensioenvoorzieningen (1) ALBERT II, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. De Kamers hebben aangenomen en Wij bekrachtigen hetgeen volgt : TITEL I. - Algemene bepalingen HOOFDSTUK I. - Doel en definities Artikel 1.Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 78 van de Grondwet. Zij zet de richtlijn 2003/41/EG van het Europees Parlement en de Raad van 3 juni 2003 betreffende de werkzaamheden van en het toezicht op instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening om. Art. 2.Voor de toepassing van deze wet en haar uitvoeringsbesluiten en -reglementen wordt verstaan onder : 1° instelling voor bedrijfspensioenvoorziening of instelling : een instelling, ongeacht de rechtsvorm, die opgericht is met als doel arbeidsgerelateerde pensioenuitkeringen te verstrekken;2° pensioenuitkeringen : uitkeringen die worden uitbetaald bij het bereiken of naar verwachting bereiken van de pensioendatum, of, wanneer deze een aanvulling op die uitkeringen vormen en op bijkomende wijze worden verstrekt, in de vorm van betalingen bij overlijden, invaliditeit, arbeidsongeschiktheid of beëindiging van de werkzaamheid, dan wel in de vorm van ondersteunende betalingen of diensten in geval van ziekte, behoeftigheid of overlijden;3° pensioenregeling : een contract, een overeenkomst, een trustakte of voorschriften waarin is bepaald welke pensioenuitkeringen worden toegezegd en onder welke voorwaarden;4° bijdragende onderneming : een onderneming of andere instelling, die bestaat uit of samengesteld is uit een of meer natuurlijke of rechtspersonen die optreden als werkgever of als zelfstandige dan wel een combinatie daarvan, en die aan een instelling voor bedrijfspensioenvoorziening bijdragen betaalt;5° aangeslotene : persoon die op grond van zijn beroepswerkzaamheden gerechtigd is of zal zijn pensioenuitkeringen te ontvangen overeenkomstig de bepalingen van een pensioenregeling;6° begunstigde : persoon die pensioenuitkeringen ontvangt;7° Lidstaat : Staat die lid is van de Europese Economische Ruimte;8° Lidstaat van herkomst : lidstaat waar de instelling voor bedrijfspensioenvoorziening haar statutaire zetel en haar hoofdbestuur heeft, of, indien de instelling geen statutaire zetel heeft, waar zij haar hoofdbestuur heeft;9° Lidstaat van ontvangst : lidstaat, andere dan de lidstaat van herkomst, waarvan de voor bedrijfspensioenvoorziening geldende sociale en arbeidswetgeving van toepassing is op de relatie tussen de bijdragende onderneming en de aangeslotenen;10° grensoverschrijdende activiteit : activiteit die er voor een in een lidstaat toegelaten instelling voor bedrijfspensioenvoorziening in bestaat bedrijfspensioenregelingen te beheren die voor wat betreft de relatie tussen de bijdragende onderneming en de aangeslotenen, onderworpen zijn aan de bepalingen van de sociale en arbeidswetgeving van een andere lidstaat;11° activiteit in een Staat die geen lid is van de Europese Economische Ruimte : activiteit die er voor een in België toegelaten instelling voor bedrijfspensioenvoorziening in bestaat bedrijfspensioenregelingen te beheren die voor wat betreft de relatie tussen de bijdragende onderneming en de aangeslotenen, niet onderworpen zijn aan de bepalingen van de sociale en arbeidswetgeving van een lidstaat;12° resultaatsverbintenis : verbintenis van een instelling voor bedrijfspensioenvoorziening om op basis van de gestorte bijdragen, een bepaald resultaat te waarborgen;13° middelverbintenis : verbintenis van een instelling voor bedrijfspensioenvoorziening om de haar toevertrouwde gelden zo goed mogelijk te beheren met het oog op de uitvoering van een pensioenregeling, ongeacht de aard van de pensioenuitkeringen;14° biometrische risico's : risico's in verband met overlijden, invaliditeit, arbeidsongeschiktheid en levensverwachting;15° afzonderlijk vermogen : de verplichtingen en de activa of het onverdeelde deel van gezamenlijk beheerde activa die, op basis van een afzonderlijke boekhouding, betrekking hebben op één of meerdere pensioenregelingen met het oog op het toekennen van een voorrecht aan de aangeslotenen en begunstigden van dat of die pensioenstelsel(s).16° de bevoegde autoriteiten : de autoriteiten die krachtens hun nationale wettelijke of bestuursrechtelijke bepalingen, toezicht uitoefenen op de instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening;17° de CBFA : de Commissie voor het Bank-, Financie- en Assurantiewezen, bedoeld in artikel 44 van de wet van 2 augustus 2002Relevante gevonden documenten type wet prom. 02/08/2002 pub. 04/09/2002 numac 2002003392 bron ministerie van financien Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten type wet prom. 02/08/2002 pub. 22/08/2002 numac 2002009786 bron federale overheidsdienst justitie Wet houdende wijziging van het Wetboek van vennootschappen alsook van de wet van 2 maart 1989 op de openbaarmaking van belangrijke deelnemingen in ter beurze genoteerde vennootschappen en tot reglementering van de openbare overnameaanbiedingen type wet prom. 02/08/2002 pub. 14/06/2018 numac 2018012337 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten. - Officieuze coördinatie in het Duits. - Deel I type wet prom. 02/08/2002 pub. 15/08/2002 numac 2002021304 bron federale overheidsdienst kanselarij en algemene diensten Wet tot wijziging van de wet betreffende de afschaffing of herstructurering van instellingen van openbaar nut en andere overheidsdiensten, gecoördineerd op 13 maart 1991 sluiten betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten. Voor de toepassing van deze wet en haar uitvoeringsbesluiten en -reglementen, wordt de inrichter in de zin van artikel 3, § 1, 5° van de wet van 28 april 2003Relevante gevonden documenten type wet prom. 28/04/2003 pub. 15/05/2003 numac 2003022481 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Wet betreffende de aanvullende pensioenen en het belastingstelsel van die pensioenen en van sommige aanvullende voordelen inzake sociale zekerheid type wet prom. 28/04/2003 pub. 16/11/2010 numac 2010000643 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de aanvullende pensioenen en het belastingstelsel van die pensioenen en van sommige aanvullende voordelen inzake sociale zekerheid. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten betreffende de aanvullende pensioenen en het belastingstelsel van die pensioenen en van sommige aanvullende voordelen inzake sociale zekerheid, beschouwd als een bijdragende onderneming. HOOFDSTUK II. - Toepassingsgebied Art. 3.§ 1. Onverminderd de overgangsbepalingen van Titel V en met uitzondering van die met betrekking tot de primaire arbeidsongeschiktheid, mogen de pensioenuitkeringen bedoeld in artikel 2, 2° enkel beheerd worden door : 1° een instelling voor bedrijfspensioenvoorziening naar Belgisch recht, bedoeld in Titel II;2° een instelling voor bedrijfspensioenvoorziening die ressorteert onder het recht van een andere lidstaat dan België, bedoeld in Titel III;3° een verzekeringsonderneming bedoeld in artikel 2 van de wet van 9 juli 1975Relevante gevonden documenten type wet prom. 02/08/2002 pub. 04/09/2002 numac 2002003392 bron ministerie van financien Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten type wet prom. 02/08/2002 pub. 22/08/2002 numac 2002009786 bron federale overheidsdienst justitie Wet houdende wijziging van het Wetboek van vennootschappen alsook van de wet van 2 maart 1989 op de openbaarmaking van belangrijke deelnemingen in ter beurze genoteerde vennootschappen en tot reglementering van de openbare overnameaanbiedingen type wet prom. 02/08/2002 pub. 14/06/2018 numac 2018012337 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten. - Officieuze coördinatie in het Duits. - Deel I type wet prom. 02/08/2002 pub. 15/08/2002 numac 2002021304 bron federale overheidsdienst kanselarij en algemene diensten Wet tot wijziging van de wet betreffende de afschaffing of herstructurering van instellingen van openbaar nut en andere overheidsdiensten, gecoördineerd op 13 maart 1991 sluiten2 betreffende de controle der verzekeringsondernemingen. § 2. Zijn niet onderworpen aan de bepalingen van de Titels II tot V : 1° de verzekeringsondernemingen bedoeld in het § 1, 3°, voorzover de Koning geen besluit genomen heeft zoals bedoeld in artikel 227;2° de instellingen die, onder de uitkeringen bedoeld in artikel 74, uitsluitend solidariteitsstelsels en -toezeggingen beheren bedoeld in artikel 46 van de programmawet (I) van 24 december 2002 of in de artikelen 10 en 11 van de voornoemde wet van 28 april 2003Relevante gevonden documenten type wet prom. 28/04/2003 pub. 15/05/2003 numac 2003022481 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Wet betreffende de aanvullende pensioenen en het belastingstelsel van die pensioenen en van sommige aanvullende voordelen inzake sociale zekerheid type wet prom. 28/04/2003 pub. 16/11/2010 numac 2010000643 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de aanvullende pensioenen en het belastingstelsel van die pensioenen en van sommige aanvullende voordelen inzake sociale zekerheid. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten. HOOFDSTUK III. - Toezicht Art. 4.De CBFA houdt toezicht op de naleving van deze wet. De CBFA kan samenwerkingsprotocollen met andere bevoegde Belgische of buitenlandse autoriteiten sluiten, voor wat betreft de uitvoering van de regels van toepassing op de instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening, met inbegrip van de relevante bepalingen van de sociale en arbeidswetgeving. Art. 5.Onverminderd artikel 56 van de wet van 2 augustus 2002Relevante gevonden documenten type wet prom. 02/08/2002 pub. 04/09/2002 numac 2002003392 bron ministerie van financien Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten type wet prom. 02/08/2002 pub. 22/08/2002 numac 2002009786 bron federale overheidsdienst justitie Wet houdende wijziging van het Wetboek van vennootschappen alsook van de wet van 2 maart 1989 op de openbaarmaking van belangrijke deelnemingen in ter beurze genoteerde vennootschappen en tot reglementering van de openbare overnameaanbiedingen type wet prom. 02/08/2002 pub. 14/06/2018 numac 2018012337 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten. - Officieuze coördinatie in het Duits. - Deel I type wet prom. 02/08/2002 pub. 15/08/2002 numac 2002021304 bron federale overheidsdienst kanselarij en algemene diensten Wet tot wijziging van de wet betreffende de afschaffing of herstructurering van instellingen van openbaar nut en andere overheidsdiensten, gecoördineerd op 13 maart 1991 sluiten betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten, dragen de instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening die aan het toezicht van de CBFA onderworpen zijn, de kosten van het toezicht dat door de CBFA ten aanzien van hen wordt uitgeoefend, in verhouding tot de bijdragen die zij ontvangen. Hun aandeel mag niet meer bedragen dan 3 per duizend van deze bijdragen. Deze kosten hebben inzonderheid betrekking op de werkingskosten : 1° van de CBFA, met inbegrip van de kosten die het secretariaat van de Commissies en de Raden bedoeld in de punten 2° tot 5°, met zich meebrengt;2° van de Raad voor het Vrij Aanvullend Pensioen voor Zelfstandigen bedoeld in artikel 60 van de voornoemde wet van 24 december 2002Relevante gevonden documenten type wet prom. 24/12/2002 pub. 28/12/2002 numac 2002003497 bron ministerie van financien Wet houdende de Rijksmiddelenbegroting voor het begrotingsjaar 2003 sluiten;3° van de Commissie voor het Vrij Aanvullend Pensioen voor Zelfstandigen ingesteld door artikel 61 van de voornoemde wet van 24 december 2002Relevante gevonden documenten type wet prom. 24/12/2002 pub. 28/12/2002 numac 2002003497 bron ministerie van financien Wet houdende de Rijksmiddelenbegroting voor het begrotingsjaar 2003 sluiten;4° van de Raad voor Aanvullende Pensioenen bedoeld in artikel 52 van de voornoemde wet van 28 april 2003Relevante gevonden documenten type wet prom. 28/04/2003 pub. 15/05/2003 numac 2003022481 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Wet betreffende de aanvullende pensioenen en het belastingstelsel van die pensioenen en van sommige aanvullende voordelen inzake sociale zekerheid type wet prom. 28/04/2003 pub. 16/11/2010 numac 2010000643 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de aanvullende pensioenen en het belastingstelsel van die pensioenen en van sommige aanvullende voordelen inzake sociale zekerheid. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten;5° van de Commissie voor Aanvullende Pensioenen ingesteld door artikel 53 van de voornoemde wet van 28 april 2003Relevante gevonden documenten type wet prom. 28/04/2003 pub. 15/05/2003 numac 2003022481 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Wet betreffende de aanvullende pensioenen en het belastingstelsel van die pensioenen en van sommige aanvullende voordelen inzake sociale zekerheid type wet prom. 28/04/2003 pub. 16/11/2010 numac 2010000643 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de aanvullende pensioenen en het belastingstelsel van die pensioenen en van sommige aanvullende voordelen inzake sociale zekerheid. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten;6° van de Commissie voor Verzekeringen ingesteld door artikel 41 van de wet van 9 juli 1975Relevante gevonden documenten type wet prom. 02/08/2002 pub. 04/09/2002 numac 2002003392 bron ministerie van financien Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten type wet prom. 02/08/2002 pub. 22/08/2002 numac 2002009786 bron federale overheidsdienst justitie Wet houdende wijziging van het Wetboek van vennootschappen alsook van de wet van 2 maart 1989 op de openbaarmaking van belangrijke deelnemingen in ter beurze genoteerde vennootschappen en tot reglementering van de openbare overnameaanbiedingen type wet prom. 02/08/2002 pub. 14/06/2018 numac 2018012337 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten. - Officieuze coördinatie in het Duits. - Deel I type wet prom. 02/08/2002 pub. 15/08/2002 numac 2002021304 bron federale overheidsdienst kanselarij en algemene diensten Wet tot wijziging van de wet betreffende de afschaffing of herstructurering van instellingen van openbaar nut en andere overheidsdiensten, gecoördineerd op 13 maart 1991 sluiten2 betreffende de controle der verzekeringsondernemingen. HOOFDSTUK IV. - Benaming van de instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening Art. 6.In België mogen alleen de volgende instellingen publiekelijk gebruik maken van de term instelling voor bedrijfspensioenvoorziening, in het kort IBP, inzonderheid in hun maatschappelijke benaming, in hun maatschappelijk doel en in hun stukken : 1° de instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening die in België zijn toegelaten overeenkomstig Titel II;2° de instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening die onder het recht van een andere lidstaat ressorteren en die in België een grensoverschrijdende activiteit mogen uitoefenen overeenkomstig Titel III. TITEL II. - Instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening naar Belgisch recht HOOFDSTUK I. - Algemene bepalingen Art. 7.Deze titel is van toepassing op de instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening naar Belgisch recht. Art. 8.Elke instelling voor bedrijfspensioenvoorziening wordt opgericht als een afzonderlijke, van de bijdragende onderneming te onderscheiden rechtspersoon. Zij neemt de vorm aan van een Organisme voor de Financiering van Pensioenen, dat geregeld wordt door Hoofdstuk II. HOOFDSTUK II. - Het Organisme voor de Financiering van Pensioenen Afdeling I. - Rechtspersoonlijkheid Art. 9.Het organisme voor de financiering van pensioenen geniet rechtspersoonlijkheid, onder de voorwaarden omschreven in dit Hoofdstuk. Zijn zetel en zijn hoofdbestuur zijn in België gevestigd. Het organisme voor de financiering van pensioenen is van burgerlijke aard. Art. 10.Het organisme voor de financiering van pensioenen beperkt zijn maatschappelijk doel tot de activiteiten bedoeld in artikel 2, 2°, en tot de activiteiten die er uit voortvloeien. Het mag geen ander stoffelijk voordeel verschaffen dan hetgeen verbonden is aan de verwezenlijking van het doel waarvoor het werd opgericht. Art. 11.Het organisme voor de financiering van pensioenen bezit rechtspersoonlijkheid vanaf de dag dat zijn statuten, de akten betreffende de benoeming van de leden van zijn raad van bestuur en in voorkomend geval van de personen gemachtigd om het organisme overeenkomstig artikel 28, derde lid, te vertegenwoordigen, worden neergelegd overeenkomstig artikel 49. Onverminderd artikel 52, kunnen in naam van het organisme voor de financiering van pensioenen verbintenissen worden aangegaan vooraleer het rechtspersoonlijkheid bezit. Tenzij anders is overeengekomen, zijn de personen die, in welke hoedanigheid ook, dergelijke verbintenissen aangaan, persoonlijk en hoofdelijk aansprakelijk indien het organisme voor de financiering van pensioenen binnen twee jaar na het ontstaan van de verbintenis, geen rechtspersoonlijkheid heeft verkregen en het bovendien de verbintenissen niet heeft overgenomen binnen zes maanden na het verkrijgen van de rechtspersoonlijkheid. Verbintenissen overgenomen door het organisme voor de financiering van pensioenen worden geacht door haar te zijn aangegaan vanaf het ontstaan van die verbintenissen. Art. 12.Alle akten, facturen, aankondigingen, bekendmakingen en andere stukken die uitgaan van een organisme voor de financiering van pensioenen, vermelden zijn naam, onmiddellijk voorafgegaan of gevolgd door de woorden « organisme voor de financiering van pensioenen », of door de afkorting « OFP », en het adres van zijn zetel. Eenieder die in naam van een organisme voor de financiering van pensioenen meewerkt aan een in het eerste lid vermeld stuk waarop één van de in dit artikel bedoelde vermeldingen niet is aangebracht, kan persoonlijk aansprakelijk worden gesteld voor alle of voor een gedeelte van de verbintenissen die het organisme voor de financiering van pensioenen krachtens dit stuk heeft aangegaan. Afdeling II. - De algemene vergadering Art. 13.De algemene vergadering heeft de meest uitgebreide bevoegdheid om de handelingen die het organisme voor de financiering van pensioenen aangaat, te verrichten of te bekrachtigen. Art. 14.§ 1. De algemene vergadering is samengesteld uit gewone leden en, indien de statuten het bepalen, uit buitengewone leden van het organisme voor de financiering van pensioenen. De algemene vergadering bestaat uit minstens één gewoon lid. De statuten voorzien een procedure opdat het organisme voor de financiering van pensioenen niet langer dan zes maanden zonder gewoon lid zou werken. Elk gewoon lid heeft minstens één stem. Een buitengewoon lid heeft geen stemrecht tenzij de statuten anders bepalen. § 2. Kunnen enkel lid zijn van het organisme voor de financiering van pensioenen : 1° de bijdragende ondernemingen;2° de aangeslotenen of de begunstigden, alsook hun vertegenwoordigers. Met uitzondering van de bijdragende ondernemingen die betrokken zijn bij de activiteiten bedoeld in artikel 55, eerste lid, 2°, dient elke bijdragende onderneming lid te zijn van het organisme voor de financiering van pensioenen zolang hij belast is met het beheer van zijn pensioenregeling(en). Art. 15.Wanneer een rechtspersoon aangewezen wordt tot lid van een organisme voor de financiering van pensioenen, duidt deze onder zijn vennoten, zaakvoerders, bestuurders, leden van het directiecomité of werknemers een vaste vertegenwoordiger aan die belast wordt met de uitvoering van de opdracht in naam en voor rekening van de rechtspersoon. Deze vertegenwoordiger moet aan dezelfde voorwaarden voldoen en is burgerrechtelijk aansprakelijk en strafrechtelijk verantwoordelijk alsof hij zelf de betrokken opdracht in eigen naam en voor eigen rekening zou volbracht hebben, onverminderd de hoofdelijke aansprakelijkheid van de rechtspersoon die hij vertegenwoordigt. Deze laatste mag zijn vertegenwoordiger niet ontslaan zonder tegelijk een opvolger te benoemen. Art. 16.De raad van bestuur houdt op de zetel van het organisme voor de financiering van pensioenen een register van de leden van de algemene vergadering. Dit register vermeldt de naam, voornamen en woonplaats van de leden of, ingeval het een rechtspersoon betreft, de naam, de rechtsvorm en het adres van de zetel. Bovendien moeten alle beslissingen betreffende de toetreding, uittreding of uitsluiting van leden door toedoen van de raad van bestuur in dat register worden ingeschreven binnen acht dagen nadat hij van de beslissing in kennis is gesteld. Alle belanghebbenden hebben recht op inzage in dit register op de zetel van het organisme voor de financiering van pensioenen. Art. 17.De algemene vergadering wordt door de raad van bestuur bijeengeroepen in de gevallen bepaald bij de wet of de statuten of wanneer ten minste één vijfde van de leden het vraagt en minstens eenmaal per jaar. Alle leden worden voor de algemene vergadering opgeroepen. Elk lid kan zich laten vertegenwoordigen door een gewoon lid of, indien de statuten het toelaten, door een buitengewoon lid. De statuten kunnen de volmachten die aan een lid worden toegekend, beperken. Art. 18.De statuten bepalen de modaliteiten, termijnen en voorwaarden voor de oproeping, het verloop en de besluitneming van de algemene vergadering. Bij gebreke aan enige andersluidende wettelijke of statutaire bepaling zijn volgende regels van toepassing : 1° alle leden worden ten minste acht dagen tevoren voor de algemene vergadering opgeroepen;de agenda wordt bij de oproepingsbrief gevoegd; elk voorstel, ondertekend door ten minste één twintigste van de leden, wordt op de agenda gebracht; 2° de algemene vergadering is geldig samengesteld indien minstens een gewoon lid aanwezig of vertegenwoordigd is;3° ieder gewoon lid heeft een gelijk stemrecht;4° de beslissingen worden genomen bij gewone meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen van de aanwezige of vertegenwoordigde stemgerechtigde leden of wanneer er slechts een lid aanwezig of vertegenwoordigd is, eenzijdig door dat lid;onthoudingen en ongeldige stemmen worden niet meegeteld; 5° bij het nemen van besluiten mag niet van de agenda worden afgeweken;6° bij staking van stemmen wordt de beslissing geacht te zijn verworpen. Art. 19.De beslissingen van de algemene vergadering worden vastgelegd in notulen die bewaard worden op de zetel van het organisme voor de financiering van pensioenen. Elk lid heeft recht op inzage in de notulen en de beslissingen van de algemene vergadering alsook in alle documenten waarover de algemene vergadering beraadslaagt. Het inzagerecht wordt kosteloos uitgeoefend tenzij de statuten er anders over beschikken. Art. 20.Een besluit van de algemene vergadering is vereist voor : 1° de wijziging van de statuten;2° de benoeming, de afzetting en ambtsbeëindiging van de bestuurders;3° de aanduiding, de afzetting en de bezoldiging van de erkende commissarissen en de erkende revisoraats-vennootschappen;4° de uitsluiting van leden;5° de goedkeuring van de jaarrekeningen en het jaarverslag;6° de kwijting aan de bestuurders alsook aan de erkende commissarissen en revisoraats-vennootschappen;7° de bekrachtiging van het financieringsplan bedoeld in artikel 86 en van haar wijzigingen;8° de bekrachtiging van de verklaring inzake de beleggingsbeginselen bedoeld in artikel 95; 9 de bekrachtiging van de beheersovereenkomsten met de bijdragende ondernemingen; 10° de bekrachtiging van collectieve overdrachten;11° de ontbinding en de vereffening van het organisme voor de financiering van pensioenen. Afdeling III. - Operationele organen Onderafdeling 1. - Bepalingen die voor alle operationele organen gelden Art. 21.De operationele organen van het organisme voor de financiering van pensioenen zijn deze die met zijn bestuur belast zijn en die over een vertegenwoordigingsbevoegdheid ten aanzien van derden beschikken. Ze bestaan uit de raad van bestuur en, in voorkomend geval, de andere operationele organen bedoeld in Onderafdeling 3. Art. 22.De operationele taken omvatten minstens : 1° de inning van de bijdragen tot de pensioenregelingen en de uitbetalingen van de pensioenuitkeringen;2° het beleggingsbeleid;3° het actief/passief beheer;4° de informatieverstrekking aan de CBFA, aan de bijdragende ondernemingen, aan de aangeslotenen en de begunstigden;5° het uitwerken en opvolgen van interne controlemaatregelen;6° de uitvoering van beslissingen van de algemene vergadering;7° de voorbereiding van de jaarrekeningen en het jaarverslag;8° de opvolging van de uitbesteding en van de adviseurs waarop beroep gedaan wordt;9° het uitwerken van de huishoudelijke reglementen;10° het uitwerken van een reglement voor belangenconflicten en van een procedure voor klachtenbehandeling. Elke operationele taak dient duidelijk toegekend te worden aan een operationeel orgaan. Art. 23.Artikel 15 is van toepassing op de leden van de operationele organen van het organisme voor de financiering van pensioenen. Art. 24.De leden van de operationele organen van het organisme voor de financiering van pensioenen moeten over de vereiste professionele betrouwbaarheid en over de passende beroepskwalificaties en -ervaring beschikken om hun functies te kunnen uitoefenen. Die kwalificaties en ervaring worden in het bijzonder beoordeeld voor wat betreft de uitgeoefende functies en in de mate waarin beroep gedaan wordt op adviseurs die over die kwalificaties en ervaring beschikken. Art. 25.§ 1. Mogen de functies van lid van een operationeel orgaan van een organisme voor de financiering van pensioenen niet uitoefenen of blijven uitoefenen en geen rechtspersonen vertegenwoordigen die dergelijke functies uitoefenen, de personen die veroordeeld werden wegens inbreuk : 1° op de artikelen 151 tot 154 van deze wet;2° op de bepalingen bedoeld bij het koninklijk besluit nr.22 van 24 oktober 1934 betreffende het rechterlijk verbod aan bepaalde veroordeelden en gefailleerden om bepaalde ambten, beroepen of werkzaamheden uit te oefenen; 3° op artikel 4 van het koninklijk besluit nr.41 van 15 december 1934 tot bescherming van het gespaard vermogen door reglementering van de verkoop op afbetaling van premie-effecten; 4° op de artikelen 18 tot 23 van het koninklijk besluit nr.43 van 15 december 1934 betreffende de controle op de kapitalisatieondernemingen; 5° op de artikelen 42 tot 45 van het koninklijk besluit nr.185 op de bankcontrole en het uitgifteregime voor titels en effecten; 6° op de artikelen 200 tot 209 van de wetten op de handelsvennootschappen, gecoördineerd op 30 november 1935;7° op de artikelen 67 tot 72 van het koninklijk besluit nr.225 van 7 januari 1936 tot reglementering van de hypothecaire leningen en tot inrichting van de controle op de ondernemingen van hypothecaire leningen; 8° op de artikelen 4 en 5 van het koninklijk besluit nr.71 van 30 november 1939 betreffende het leuren met roerende waarden en demarchage met onroerende waarden en goederen of eetwaren; 9° op artikel 31 van het koninklijk besluit nr.72 van 30 november 1939 tot regeling van de beurzen voor de termijnhandel in goederen en waren, van het beroep van de makelaars en tussenpersonen die zich met deze termijnhandel inlaten en van het regime van de exceptie van spel; 10° op artikel 29 van de wet van 9 juli 1957 houdende reglementering van de verkoop op afbetaling en van zijn financiering;11° op de artikelen 13 tot 15 van de wet van 10 juni 1964 op het openbaar aantrekken van spaargelden;12° op de artikelen 31 tot 35 van de bepalingen betreffende de controle op de private spaarkassen, gecoördineerd op 23 juni 1967;13° op artikel 11 van het koninklijk besluit nr.64 van 10 november 1967 tot regeling van het statuut van de portefeuillemaatschappijen; 14° op artikel 74 van de wet van 30 juni 1975 betreffende het statuut van de banken, de private spaarkassen en bepaalde andere financiële instellingen;15° op de artikelen 83 tot 87 van de wet van 9 juli 1975Relevante gevonden documenten type wet prom. 02/08/2002 pub. 04/09/2002 numac 2002003392 bron ministerie van financien Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten type wet prom. 02/08/2002 pub. 22/08/2002 numac 2002009786 bron federale overheidsdienst justitie Wet houdende wijziging van het Wetboek van vennootschappen alsook van de wet van 2 maart 1989 op de openbaarmaking van belangrijke deelnemingen in ter beurze genoteerde vennootschappen en tot reglementering van de openbare overnameaanbiedingen type wet prom. 02/08/2002 pub. 14/06/2018 numac 2018012337 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten. - Officieuze coördinatie in het Duits. - Deel I type wet prom. 02/08/2002 pub. 15/08/2002 numac 2002021304 bron federale overheidsdienst kanselarij en algemene diensten Wet tot wijziging van de wet betreffende de afschaffing of herstructurering van instellingen van openbaar nut en andere overheidsdiensten, gecoördineerd op 13 maart 1991 sluiten2 betreffende de controle der verzekeringsondernemingen;16° op de artikelen 11, 15, § 4, en 18 van de wet van 2 maart 1989 op de openbaarmaking van belangrijke deelnemingen in ter beurze genoteerde vennootschappen en tot reglementering van de openbare overnameaanbiedingen;17° op de artikelen 75 tot 78 van de wet van 4 december 1990 op de financiële transacties en de financiële markten;18° op artikel 150 van de wet van 4 december 1990 op de financiële transacties en de financiële markten;19° op de artikelen 101 en 102 van de wet van 12 juni 1991 op het consumentenkrediet;20° op de artikelen 34, 36 en 49 van de wet van 4 augustus 1992 op het hypothecair krediet;21° op de artikelen 104 en 105 van de wet van 22 maart 1993 op het statuut van en het toezicht op de kredietinstellingen;22° op de artikelen 148 en 149 van de wet van 6 april 1995Relevante gevonden documenten type wet prom. 02/08/2002 pub. 04/09/2002 numac 2002003392 bron ministerie van financien Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten type wet prom. 02/08/2002 pub. 22/08/2002 numac 2002009786 bron federale overheidsdienst justitie Wet houdende wijziging van het Wetboek van vennootschappen alsook van de wet van 2 maart 1989 op de openbaarmaking van belangrijke deelnemingen in ter beurze genoteerde vennootschappen en tot reglementering van de openbare overnameaanbiedingen type wet prom. 02/08/2002 pub. 14/06/2018 numac 2018012337 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten. - Officieuze coördinatie in het Duits. - Deel I type wet prom. 02/08/2002 pub. 15/08/2002 numac 2002021304 bron federale overheidsdienst kanselarij en algemene diensten Wet tot wijziging van de wet betreffende de afschaffing of herstructurering van instellingen van openbaar nut en andere overheidsdiensten, gecoördineerd op 13 maart 1991 sluiten1 inzake de secundaire markten, het statuut van en het toezicht op de beleggingsondernemingen, de bemiddelaars en beleggingsadviseurs;23° op artikel 62 van de programmawet (I) van 24 december 2002;24° op artikel 25 van de wet van 22 april 2003Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/04/2003 pub. 27/05/2003 numac 2003003328 bron federale overheidsdienst financien Wet betreffende de openbare aanbiedingen van effecten sluiten betreffende de openbare aanbiedingen van effecten;25° op artikel 54 van de wet van 28 april 2003Relevante gevonden documenten type wet prom. 28/04/2003 pub. 15/05/2003 numac 2003022481 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Wet betreffende de aanvullende pensioenen en het belastingstelsel van die pensioenen en van sommige aanvullende voordelen inzake sociale zekerheid type wet prom. 28/04/2003 pub. 16/11/2010 numac 2010000643 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de aanvullende pensioenen en het belastingstelsel van die pensioenen en van sommige aanvullende voordelen inzake sociale zekerheid. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten betreffende de aanvullende pensioenen en het belastingstelsel van die pensioenen en van sommige aanvullende voordelen inzake sociale zekerheid;26° op de artikelen 205 tot 209 van de wet van 20 juli 2004Relevante gevonden documenten type wet prom. 20/07/2004 pub. 09/03/2005 numac 2005003063 bron federale overheidsdienst financien Wet betreffende bepaalde vormen van collectief beheer van beleggingsportefeuilles type wet prom. 20/07/2004 pub. 11/04/2008 numac 2008003129 bron federale overheidsdienst financien Wet betreffende bepaalde vormen van collectief beheer van beleggingsportefeuilles - Erratum sluiten betreffende bepaalde vormen van collectief beheer van beleggingsportefeuilles. § 2. Mogen verder de functies van lid van een operationeel orgaan van een organisme voor de financiering van pensioenen, niet uitoefenen of blijven uitoefenen, noch rechtspersonen vertegenwoordigen die dergelijke functies uitoefenen, de personen die werden veroordeeld door een buitenlandse rechtbank voor soortgelijke inbreuken als bedoeld in § 1. In dit geval is artikel 2 van het koninklijk besluit nr. 22 van 24 oktober 1934 van toepassing. § 3. Behoudens voor wat betreft de leden van de raad van bestuur van het organisme voor de financiering van pensioenen, kan de CBFA afwijkingen toestaan op de in dit artikel bedoelde verbodsbepalingen. § 4. De Koning kan de bepalingen van dit artikel aanpassen om ze in overeenstemming te brengen met de wetten die de erin opgesomde teksten wijzigen. Art. 26.De leden van de operationele organen gaan in die hoedanigheid geen enkele persoonlijke verplichting aan inzake de verbintenissen van het organisme voor de financiering van pensioenen. Zij zijn alleen verantwoordelijk voor de vervulling van hun opgedragen taak en voor de fouten in hun bestuur. De leden van de operationele organen van een organisme voor de financiering van pensioenen zijn hoofdelijk aansprakelijk tegenover de aangeslotenen en de begunstigden van pensioenregelingen voor elke schade die voortvloeit uit de niet-nakoming van de verplichtingen die zijn opgelegd door of krachtens de wetten betreffende de pensioenregelingen die het organisme voor de financiering van pensioenen beheert. Ten aanzien van overtredingen waaraan zij geen deel hebben gehad, worden zij van de in het eerste en tweede lid bedoelde aansprakelijkheid slechts ontheven wanneer hen geen schuld te wijten is en men hen niet kan verwijten nagelaten te hebben alle hun ter beschikking staande middelen aan te wenden om de schade te voorkomen of te beperken. Onderafdeling 2. - De raad van bestuur Art. 27.De raad van bestuur bepaalt het algemeen beleid van het organisme voor de financiering van pensioenen en oefent het toezicht uit op de andere operationele organen. Art. 28.De raad van bestuur is bevoegd om alle handelingen te verrichten die nodig of dienstig zijn voor de verwezenlijking van het maatschappelijk doel van het organisme voor de financiering van pensioenen, met uitzondering van deze die de wet of de statuten voorbehouden aan de algemene vergadering. De raad van bestuur vertegenwoordigt het organisme voor de financiering van pensioenen in en buiten rechte. In afwijking van het tweede lid, mag de vertegenwoordiging van het organisme voor de financiering van pensioenen in en buiten rechte, op de wijze bepaald in de statuten, opgedragen worden aan een of meer personen, al dan niet bestuurders, al dan niet leden van de algemene vergadering, die alleen, gezamenlijk of collegiaal optreden. Deze beslissing kan aan derden worden tegengeworpen onder de voorwaarden bepaald in artikel 51. De statuten kunnen de bevoegdheden die aan de raad van bestuur worden toegekend, beperken. Deze beperkingen, alsook de taakverdeling die de bestuurders eventueel zijn overeengekomen, kunnen niet aan derden worden tegengeworpen, zelfs niet indien zij zijn bekendgemaakt. Art. 29.De raad van bestuur van een organisme voor de financiering van pensioenen is samengesteld uit ten minste twee natuurlijke of rechtspersonen, die een college vormen. De duur van hun mandaat mag zes jaren niet te boven gaan. Het mandaat is hernieuwbaar. Art. 30.In uitzonderlijke gevallen, wanneer de dringende noodzakelijkheid en het maatschappelijk belang zulks vereisen, kunnen de besluiten van de raad van bestuur, indien de statuten dat toestaan, worden genomen bij eenparig schriftelijk akkoord van de bestuurders. Die procedure kan evenwel niet worden gevolgd voor de vaststelling van de jaarrekening, de aanwending van het maatschappelijk fonds of voor enig ander geval dat door de statuten is uitgesloten. Onderafdeling 3. - Andere operationele organen Art. 31.De statuten kunnen de raad van bestuur toestaan om de uitvoering van het algemeen beleid van het organisme voor de financiering van pensioenen over te dragen aan andere operationele organen. De voorwaarden voor de aanstelling van de leden van deze organen, hun ontslag, hun bezoldiging, de duur van hun opdracht en de werkwijze van de operationele organen worden bepaald door de statuten of, bij ontstentenis van een statutaire bepaling, door de raad van bestuur. De overeenkomstig het eerste lid overdraagbare bestuursbevoegdheid kan door de statuten of door een beslissing van de raad van bestuur worden beperkt. Deze beperkingen en de eventuele taakverdeling die de leden van de andere operationele organen zijn overeengekomen, kunnen niet worden tegengeworpen aan derden, zelfs niet indien zij worden bekendgemaakt. Het instellen van andere operationele organen mag de uitoefening van een passend toezicht van de CBFA op het organisme voor de financiering van pensioenen niet belemmeren. Art. 32.Ieder ander operationeel orgaan bestaat uit ten minste twee natuurlijke of rechtspersonen die een college vormen, met uitzondering van het orgaan dat belast is met het dagelijks bestuur van het organisme voor de financiering van pensioenen. Art. 33.De leden van de andere operationele organen kunnen eveneens lid zijn van de raad van bestuur op voorwaarde dat zij samen in deze raad in de minderheid zijn of, in geval van pariteit, dat de voorzitter van de raad van bestuur van geen enkel ander operationeel orgaan lid is en dat hij in de raad van bestuur over een beslissende stem beschikt. Afdeling IV. - Sociale comités Art. 34.Voor de uitvoering van de toepasselijke bepalingen van de sociale en arbeidswetgeving die gelden voor de uitvoering van de pensioenregelingen die het organisme voor de financiering van pensioenen beheert kunnen één of meer sociale comités worden ingesteld bij het organisme voor de financiering van pensioenen. Deze comités zijn geen organen van het organisme voor de financiering van pensioenen. De samenstelling, de bevoegdheden en de werking van die comités worden geregeld in de statuten, in een overeenkomst tussen het organisme voor de financiering van pensioenen en de bijdragende onderneming of in een ander document. Voor het geval een sociaal comité een beslissingsbevoegdheid heeft in één of meerdere materies of situaties aangaande de werking van het organisme voor de financiering van pensioenen, bepalen de statuten hoe die beslissingsbevoegdheid wordt georganiseerd en welke geschillenregeling moet worden gevolgd. De oprichting en werking van die sociale comités mogen geen belemmering vormen voor de uitoefening van een passend toezicht door de CBFA op het organisme voor de financiering van pensioenen. Afdeling V. - Nietigheid, ontbinding en vereffening Art. 35.§ 1. De nietigheid van een organisme voor de financiering van pensioenen kan alleen in de hiernavolgende gevallen worden uitgesproken : 1° wanneer de statuten de vermeldingen bedoeld in artikel 46, eerste lid, 1° en 2°, niet bevatten;2° wanneer één van de doeleinden waarvoor het is opgericht, strijdig is met de wet of met de openbare orde. Onverminderd artikelen 50 en 51, heeft de nietigheid gevolgen te rekenen van de dag waarop zij is uitgesproken. De beslissing waarbij de nietigheid van een organisme voor de financiering van pensioenen wordt uitgesproken, brengt de vereffening van het organisme voor de financiering van pensioenen mee overeenkomstig artikel 38. Onverminderd de gevolgen van het feit dat het zich in vereffening bevindt, doet de nietigheid van het organisme voor de financiering van pensioenen geen afbreuk aan de rechtsgeldigheid van zijn verbintenissen of van diegene welke ten aanzien van hem zijn aangegaan. § 2. Niettegenstaande elk hiermee strijdig beding, zijn de leden jegens de belanghebbenden hoofdelijk gehouden tot vergoeding van de schade die het onmiddellijke en rechtstreekse gevolg is van de nietigheid van het organisme voor de financiering van pensioenen uitgesproken op grond van de vorige paragraaf. Art. 36.De rechtbank van eerste aanleg van het arrondissement waar het organisme voor de financiering van pensioenen zijn statutaire zetel heeft kan op verzoek van een lid, een belanghebbende derde of van het openbaar ministerie de ontbinding uitspreken van het organisme voor de financiering van pensioenen dat : 1° geen enkele verbintenis meer heeft tegenover een aangeslotene of een begunstigde;2° niet in staat is zijn verbintenissen na te komen;3° zijn vermogen of de inkomsten uit dat vermogen voor een ander doel aanwendt dan dat waarvoor het is opgericht;4° in ernstige mate in strijd handelt met de statuten, of in strijd handelt met de wet of de openbare orde;5° minder dan één gewoon lid telt na het verstrijken van de termijn bedoeld in artikel 14, § 1, tweede lid. De rechtbank kan de vernietiging van de betwiste handeling uitspreken ook indien zij de eis tot ontbinding afwijst. Art. 37.Alvorens uitspraak te doen over een vordering tot nietigheid of gerechtelijke ontbinding van een organisme voor de financiering van pensioenen, richt de voorzitter van de rechtbank een verzoek om advies aan de CBFA. De griffier geeft dit verzoek onverwijld door. Hij stelt de procureur des Konings ervan in kennis. Het verzoek wordt schriftelijk aan de CBFA gericht. Bij dit verzoek worden de nodige documenten ter informatie gevoegd. De CBFA brengt haar advies uit binnen de vijftien dagen na de ontvangst van het verzoek om advies. Ingeval een procedure betrekking heeft op een organisme voor de financiering van pensioenen waarvoor een voorafgaande coördinatie met buitenlandse autoriteiten vereist is, beschikt de CBFA over een ruimere termijn om haar advies uit te brengen, met dien verstande dat de totale termijn niet meer dan dertig dagen mag bedragen. Indien de CBFA van oordeel is gebruik te moeten maken van deze uitzonderlijke termijn, brengt ze dit ter kennis van de rechterlijke instantie die een uitspraak moet doen. De termijn waarover de CBFA beschikt om een advies uit te brengen, schorst de termijn waarbinnen de rechterlijke instantie uitspraak moet doen. Indien de CBFA geen advies verstrekt binnen de vastgestelde termijn, kan de rechtbank uitspraak doen. De CBFA verstrekt haar advies schriftelijk. Het wordt door ongeacht welk middel bezorgd aan de griffier, die het doorgeeft aan de voorzitter van de rechtbank en aan de procureur des Konings. Het advies wordt toegevoegd aan het dossier. Art. 38.Eén of meer vereffenaars worden aangewezen overeenkomstig de statuten en mits goedkeuring van de CBFA of, in geval van een gerechtelijke ontbinding, door de rechtbank van eerste aanleg. Onverminderd andere wettelijke bepalingen, kan de Koning de bevoegdheden en verplichtingen van de vereffenaar bepalen, in het bijzonder voor wat de vereffening betreft van de verbintenissen die voortvloeien uit de pensioenregelingen die door het organisme voor de financiering van pensioenen worden beheerd. Art. 39.Tegen een vonnis waarbij de nietigheid of de ontbinding van een organisme voor de financiering van pensioenen of de nietigverklaring van één van zijn handelingen wordt uitgesproken, kan hoger beroep worden ingesteld. Hetzelfde geldt voor een vonnis dat uitspraak doet over het besluit van de vereffenaar of de vereffenaars. Art. 40.De vereffening geschiedt door één of meer vereffenaars die hun opdracht vervullen hetzij overeenkomstig de statuten, hetzij krachtens een besluit van de algemene vergadering, hetzij, bij ontstentenis daarvan, krachtens een rechterlijke beslissing die door enige belanghebbende of door het openbaar ministerie kan worden gevorderd. Art. 41.Elk afzonderlijk vermogen van een organisme voor de financiering van pensioenen wordt afzonderlijk vereffend zonder dat dit de vereffening van een ander afzonderlijk vermogen met zich meebrengt. Enkel de vereffening van het laatste afzonderlijk vermogen, brengt de vereffening van het organisme voor de financiering van pensioenen met zich mee. In geval van ontbinding, vereffening of herstructurering van afzonderlijke vermogens, zijn de bepalingen van deze Afdeling van toepassing op dat of deze afzonderlijke vermogens. Art. 42.§ 1. Niettegenstaande ieder andere wettelijke of statutaire bepaling, worden in geval van vrijwillige of gedwongen vereffening van een afzonderlijk vermogen, de rechten van de schuldeisers op de dekkingswaarden gevestigd in de volgende volgorde, met gelijkheid van schuldeisers van eenzelfde rang : 1° in afwijking van artikel 94, eerste lid, de vereffenaar of, in voorkomend geval, de curator tot beloop van zijn bezoldiging, van dat van zijn personeel en van de vereffeningskosten in zoverre ze het afzonderlijk vermogen waaraan de dekkingswaarden zijn toegewezen, ten goede komen;2° in afwijking van artikel 94, eerste lid, de schuldeisers houders van rechten of voorrechten op de dekkingswaarden, die te goeder trouw verworven zijn en krachtens een formaliteit vervuld vóór de toewijzing van de betreffende activa als dekkingswaarde, tot beloop van deze rechten en voorrechten;3° de aangeslotenen en de begunstigden van de pensioenregeling die valt onder het afzonderlijk vermogen waaraan de dekkingswaarden zijn toegewezen, tot beloop van de vorderingen die zij kunnen laten gelden op grond van deze pensioenregeling;4° de aangeslotenen en de begunstigden van pensioenregelingen die vallen onder elk ander afzonderlijk vermogen dat gelijktijdig vereffend wordt, tot beloop van het saldo na vereffening van het afzonderlijk vermogen bedoeld in deze paragraaf a rato van de tekorten van de overige afzonderlijke vermogens;5° de overige schuldeisers, tot beloop van hun vordering op het afzonderlijk vermogen dat in vereffening is gesteld. § 2. Ingeval de dekkingswaarden ontoereikend zijn om de aangeslotenen en de begunstigden van de pensioenregelingen van een afzonderlijk vermogen schadeloos te stellen overeenkomstig de vorige paragraaf, behouden deze aangeslotenen en begunstigden voor het overige een algemeen voorrecht op alle roerende en onroerende goederen van de instelling voor bedrijfspensioenvoorziening. Dit voorrecht kan enkel worden uitgeoefend bij de volledige vereffening van het organisme voor de financiering van pensioenen. Het wordt voorafgegaan door alle andere algemene en bijzondere voorrechten. Art. 43.Na aanzuivering van het passief, zullen de vereffenaars de bestemming van het actief vaststellen. Onverminderd andere wettelijke bepalingen, kan deze bestemming geen andere zijn dan die bepaald in de statuten of, bij ontstentenis van enige statutaire bepaling daaromtrent, besloten door de algemene vergadering die de vereffenaars bijeenroepen. Bij ontstentenis van een bepaling in de statuten of van een besluit van de algemene vergadering geven de vereffenaars aan het actief een bestemming die zoveel mogelijk overeenkomt met het doel waarvoor het organisme voor de financiering van pensioenen is opgericht. De leden, de schuldeisers en het openbaar ministerie kunnen bij de rechtbank beroep instellen tegen het besluit van de vereffenaars. Art. 44.De vordering van de schuldeisers verjaart na verloop van vijf jaar te rekenen van de bekendmaking van de beslissing betreffende de bestemming van het actief. Art. 45.Elke beslissing van de rechter, van de algemene vergadering of van de vereffenaars betreffende de ontbinding of de nietigheid van het organisme voor de financiering van pensioenen, de vereffeningsvoorwaarden, de benoeming en de ambtsbeëindiging van de vereffenaars, de afsluiting van de vereffening en de bestemming van het actief, wordt binnen een maand na de dagtekening ervan neergelegd overeenkomstig artikel 49. De akten betreffende de benoeming en de ambtsbeëindiging van de vereffenaars vermelden hun naam, voornamen en woonplaats, of, ingeval het rechtspersonen betreft, hun naam, rechtsvorm en zetel. Op alle akten, facturen, aankondigingen, bekendmakingen en andere stukken die uitgaan van een organisme voor de financiering van pensioenen in verband waarmee een beslissing tot ontbinding is genomen, worden de in artikel 12 bedoelde vermeldingen met de woorden « in vereffening » aangevuld. Eenieder die in naam van een dergelijk organisme voor de financiering van pensioenen meewerkt aan een in het vorige lid vermeld stuk waarop deze bedoelde vermelding niet is aangebracht, kan persoonlijk aansprakelijk worden gesteld voor alle of voor een gedeelte van de verbintenissen die het organisme voor de financiering van pensioenen krachtens dit stuk heeft aangegaan. Afdeling VI. - Openbaarmakingsformaliteiten Art. 46.Onverminderd de andere bepalingen van dit hoofdstuk vermelden de statuten van het organisme voor de financiering van pensioenen ten minste : 1° de naam en het adres van de zetel van het organisme voor de financiering van pensioenen;2° de precieze omschrijving van het maatschappelijk doel;3° in voorkomend geval, de beschrijving van de afzonderlijke vermogens;4° de voorwaarden en de formaliteiten betreffende toetreding en uittreding van de leden;5° de bevoegdheden van de algemene vergadering en de wijze van bijeenroeping ervan, alsook de wijze waarop haar beslissingen aan de leden en aan derden ter kennis worden gebracht;6° de wijze van benoeming, ambtsbeëindiging en afzetting van de bestuurders, de omvang van hun bevoegdheden en de wijze waarop zij die uitoefenen;7° in voorkomend geval, de wijze van aanwijzing van de personen die gemachtigd zijn om het organisme voor de financiering van pensioenen te vertegenwoordigen met toepassing van artikel 28, derde lid, de omvang van hun bevoegdheden en de wijze waarop zij die uitoefenen, ofwel alleen, ofwel gezamenlijk, ofwel als college. Deze statuten worden bij authentieke of bij onderhandse akte vastgesteld. In dat laatste geval moeten zij in afwijking van artikel 1325 van het Burgerlijk Wetboek, slechts in twee originelen worden opgesteld. Art. 47.De akten betreffende de benoeming of de ambtsbeëindiging van de leden van de operationele organen, de commissarissen en van de personen gemachtigd om het organisme voor de financiering van pensioenen te vertegenwoordigen, vermelden hun naam, hun voornamen, hun woonplaats, of, ingeval het rechtspersonen betreft, hun naam, hun rechtsvorm, hun BTW-identificatienummer en hun zetel alsook de omvang van hun bevoegdheden en de wijze waarop zij die uitoefenen, ofwel alleen, ofwel gezamenlijk, ofwel als college. Art. 48.De bestuurders leggen jaarlijks bij de Nationale Bank van België de volgende documenten neer : 1° de jaarrekening;2° een stuk met de naam en voornaam van de bestuurders en van de commissaris(sen) die in functie zijn;3° het verslag van de commissaris(sen). De Koning bepaalt het tijdstip waarop en de nadere regels volgens welke en de voorwaarden waaronder de in het eerste lid bedoelde stukken moeten worden neergelegd, alsmede het bedrag en de wijze van betaling van de kosten van de openbaarmaking. De neerlegging wordt alleen aanvaard indien de op grond van dit lid vastgestelde bepalingen worden nageleefd. Binnen vijftien werkdagen na de aanvaarding van de neerlegging wordt daarvan melding gemaakt in een door de Nationale Bank van België aangelegd bestand op een drager en volgens de nadere regels die de Koning vaststelt. De tekst van de vermelding wordt door de Nationale Bank van België neergelegd ter griffie van de rechtbank van koophandel die het dossier van het organisme voor de financiering van pensioenen als bedoeld in artikel 49 aanlegt en wordt bij dat dossier gevoegd. De Nationale Bank van België reikt aan degenen die er, zelfs schriftelijk, om vragen, een afschrift in de door de Koning vastgestelde vorm uit, hetzij van alle stukken die haar op grond van het eerste lid worden overgezonden, hetzij van de stukken als bedoeld in het eerste lid die haar worden overgezonden en betrekking hebben op de met name genoemde organismen voor de financiering van pensioenen en op bepaalde jaren. De Koning stelt het bedrag vast dat aan de Nationale Bank van België moet worden betaald voor de verkrijging van de in dit lid bedoelde afschriften. De griffies van de rechtbanken ontvangen van de Nationale Bank van België kosteloos en onverwijld een afschrift van alle stukken bedoeld in het eerste lid in de vorm die door de Koning is vastgesteld. De Nationale Bank van België is bevoegd om, volgens de nadere regels die door de Koning zijn vastgesteld, algemene en anonieme statistieken op te maken en bekend te maken over het geheel of een gedeelte van de gegevens vervat in de stukken die haar met toepassing van het eerste lid worden overgezonden. Art. 49.Op de griffie van de rechtbank van koophandel wordt een dossier gehouden voor ieder organisme voor de financiering van pensioenen die zijn zetel heeft in het arrondissement. Dit dossier bevat : 1° de statuten van het organisme voor de financiering van pensioenen;2° de akten betreffende de benoeming of de ambtsbeëindiging van de leden van de operationele organen en van de personen gemachtigd om het organisme voor de financiering van pensioenen te vertegenwoordigen en van de commissarissen;3° een kopie van het register van de leden;4° de beslissingen betreffende de nietigheid of de ontbinding van het organisme voor de financiering van pensioenen, de vereffening ervan en de benoeming en de ambtsbeëindiging van de vereffenaars, bedoeld in artikel 45, eerste lid;de rechterlijke beslissingen moeten slechts bij het dossier worden gevoegd als zij in kracht van gewijsde zijn gegaan of uitvoerbaar zijn bij voorraad; 5° de jaarrekening van het organisme voor de financiering van pensioenen, opgemaakt overeenkomstig artikel 81;6° de wijzigingen in de in 1°, 2°, 4° en 5°, bedoelde akten, stukken en beslissingen;7° de gecoördineerde tekst van de statuten na de wijzigingen ervan. Wanneer wijzigingen optreden in de samenstelling van het organisme voor de financiering van pensioenen wordt een bijgewerkte ledenlijst neergelegd binnen één maand te rekenen van de verjaardag van de neerlegging van de statuten. De Koning bepaalt de wijze waarop het dossier moet worden aangelegd en de vergoeding die daarvoor wordt aangerekend aan het organisme voor de financiering van pensioenen en die niet hoger mag zijn dan de reële kostprijs. Hij kan erin voorzien dat de stukken bedoeld in het tweede lid kunnen worden neergelegd en gereproduceerd in de door Hem bepaalde vorm. Onder de voorwaarden bepaald door de Koning, hebben kopieën dezelfde bewijskracht als originele stukken en kunnen deze in de plaats ervan worden gesteld. De Koning kan eveneens toestaan dat de gegevens van het dossier die Hij bepaalt, op geautomatiseerde wijze worden verwerkt. Hij kan toestaan dat de gegevensbestanden met elkaar in verbinding worden gebracht. Hij stelt in voorkomend geval daarvoor de nadere regels vast. Eenieder kan met betrekking tot een bepaald organisme voor de financiering van pensioenen kosteloos kennis nemen van de neergelegde stukken. Tegen betaling van de griffierechten kan, op mondelinge of schriftelijke aanvraag, een volledig of gedeeltelijk afschrift ervan worden verkregen. Deze afschriften worden eensluidend verklaard met het origineel, tenzij de aanvrager van deze formaliteit afziet. Art. 50.De akten, stukken en beslissingen bedoeld in artikel 49, tweede lid, 1°, 2° en 4°, en de wijzigingen ervan, worden, op kosten van de betrokkenen, bij uittreksel bekendgemaakt in de bijlagen bij het Belgisch Staatsblad. Het uittreksel vermeldt : 1° voor de statuten of hun wijziging, de gegevens bedoeld in artikel 46, eerste lid;2° voor de akten betreffende de benoeming en de ambtsbeëindiging van de bestuurders en de personen gemachtigd om het organisme voor de financiering van pensioenen te vertegenwoordigen en de commissarissen, de gegevens bedoeld in artikel 47;3° voor de rechterlijke beslissingen en de beslissingen van de algemene vergadering of de vereffenaars betreffende de nietigheid of de ontbinding van het organisme voor de financiering van pensioenen of de vereffening, de auteur, de datum en het dispositief van de beslissing;4° voor de akten en beslissingen betreffende de benoeming en de ambtsbeëindiging van de vereffenaars, de gegevens bedoeld in artikel 45, tweede lid. De Koning wijst de ambtenaren aan die de akten, de stukken of beslissingen in ontvangst nemen en bepaalt de vorm waarin en de voorwaarden waaronder zij moeten worden neergelegd en bekendgemaakt. De bekendmaking moet binnen dertig dagen na de neerlegging plaatsvinden op straffe van schadevergoeding ten laste van de ambtenaren aan wie het verzuim of de vertraging te wijten is. Art. 51.De akten, de stukken en de beslissingen die krachtens dit hoofdstuk moeten worden neergelegd, kunnen aan derden slechts worden tegengeworpen vanaf de dag van neerlegging ervan of, indien zij naar luid van dit hoofdstuk ook moeten worden bekendgemaakt, vanaf de dag van bekendmaking ervan in de bijlagen bij het Belgisch Staatsblad, behalve indien het organisme voor de financiering van pensioenen aantoont dat die derden reeds kennis ervan hadden. Derden kunnen zich niettemin beroepen op akten, stukken en beslissingen die niet zijn neergelegd of bekendgemaakt. Die akten, stukken en beslissingen kunnen met betrekking tot handelingen verricht voor de eenendertigste dag volgend op de bekendmaking, niet worden tegengeworpen aan derden die aantonen dat zij onmogelijk kennis ervan hadden kunnen hebben. In geval van tegenstrijdigheid tussen de neergelegde tekst en die bekendgemaakt in de bijlagen bij het Belgisch Staatsblad, kan deze laatste niet aan derden worden tegengeworpen. Zij kunnen zich evenwel erop beroepen tenzij de instelling aantoont dat zij van de neergelegde tekst kennis hadden. HOOFDSTUK III. - Toelating en uitbreiding van de toelating Art. 52.Een instelling voor bedrijfspensioenvoorziening mag geen activiteit als bedoeld in artikel 2, 2°, uitoefenen zonder vooraf door de CBFA te zijn toegelaten. Art. 53.Bij de toelatingsaanvraag worden de volgende inlichtingen en documenten verstrekt : 1° de statuten en, in voorkomend geval, de oprichtingsakte van de instelling voor bedrijfspensioenvoorziening, met in voorkomend geval vermelding van de datum van de bekendmaking ervan in de bijlagen van het Belgisch Staatsblad ;2° de identificatiegegevens van de leden van de operationele organen en de adviseurs bedoeld in artikel 24, te …

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.