Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van titel II van het VLAREM van 1 juni 1995 en titel III van het VLAREM van 16 mei 2014, wat betreft de
Kort samengevat
Dit besluit van de Vlaamse Regering wijzigt bestaande milieuwetgeving om de nieuwste Europese conclusies over de beste beschikbare technieken (BBT) voor diverse industriële sectoren om te zetten. Het doel is om de milieuvoorwaarden voor deze sectoren aan te scherpen en te harmoniseren.
Wat het reguleert
- De omzetting van BBT-conclusies voor specifieke industriële sectoren.
- Aanvullende algemene en sectorale milieuvoorwaarden voor GPBV-installaties.
- Wijzigingen in de meetstrategieën en referentiezuurstofgehaltes voor emissiegrenswaarden.
- De voorrang van nieuwe sectorale milieuvoorwaarden boven bestaande bijzondere milieuvoorwaarden.
Wie het aanbelangt
- Bedrijven die actief zijn in het looien van huiden en vellen.
- Producenten van cement, kalk en magnesiumoxide, chlooralkali, pulp, papier en karton, en raffinaderijen van aardolie en gas.
Kernpunten
- Vanaf 28 oktober 2018 worden onderafdeling 5.17.4.4.2 en de verwijzing naar hoofdstuk 5.31 van titel II van het VLAREM opgeheven.
- Vanaf 28 oktober 2018 wordt artikel 5.20.2.1.bis ingevoegd in VLAREM II, dat referentiezuurstofgehaltes voor raffinaderijen vastlegt.
- De meetstrategie voor stookinstallaties in aardolieraffinaderijen wordt verplaatst naar artikel 3.7.10.2 van titel III van het VLAREM.
- De afwijking van de continue meetverplichting voor SO2 en stof voor stookinstallaties die gestookt worden met ontzwaveld raffinaderijgas met minder dan 150 ppm zwavel, wordt geschrapt vanaf 28 oktober 2018.
Wettekst
11 DECEMBER 2015. - Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van titel II van het VLAREM van 1 juni 1995 en titel III van het VLAREM van 16 mei 2014, wat betreft de omzetting van de BBT-conclusies voor de sectoren voor het looien van huiden en vellen, de productie van cement, kalk en magnesiumoxide en de productie van chlooralkali, de productie van pulp, papier en karton en voor het raffineren van aardolie en gas VERSLAG AAN DE VLAAMSE REGERING Algemene toelichting Titel III van het VLAREM ( besluit van de Vlaamse Regering van 16 mei 2014Relevante gevonden documenten type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 03/12/2014 numac 2014035907 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering houdende de rechtspleging voor sommige Vlaamse bestuursrechtscolleges type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 06/10/2014 numac 2014035960 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering houdende de herverdeling van begrotingsartikelen van de algemene uitgavenbegroting van de Vlaamse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 2014 type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 06/10/2014 numac 2014035972 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering houdende de herverdeling van begrotingsartikelen van de algemene uitgavenbegroting van de Vlaamse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 2014 type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 27/10/2014 numac 2014036539 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering betreffende de uitvoering van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013 type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 15/09/2014 numac 2014035894 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering houdende diverse bepalingen ter uitvoering van het decreet van 21 november 2003 betreffende het preventieve gezondheidsbeleid en tot wijziging van uitvoeringsbesluiten van dit decreet type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 30/09/2014 numac 2014035968 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 juni 2009 betreffende de procedures voor woonzorgvoorzieningen en verenigingen van gebruikers en mantelzorgers en van het besluit van de Vlaamse Regering van 24 juli 2009 betreffende de programmatie, de erkenningsvoorwaarden en de subsidieregeling voor woonzorgvoorzieningen en verenigingen van gebruikers en mantelzorgers, wat betreft de dagverzorgingscentra type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 02/07/2014 numac 2014203632 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 maart 2004 tot vaststelling van het statuut van de provinciegouverneurs en de adjunct van de gouverneur van de provincie Vlaams-Brabant wat betreft de selectieprocedure en andere bepalingen type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 27/06/2014 numac 2014203636 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering tot regeling van de inwerkingtreding van artikel 17 en 19 van het decreet van 28 maart 2014 tot wijziging van het decreet van 13 juli 2007 houdende bevordering van een meer evenwichtige participatie van vrouwen en mannen in advies- en bestuursorganen van de Vlaamse overheid en het decreet van 10 juli 2008 houdende een kader voor het Vlaamse gelijkekansen- en gelijkebehandelingsbeleid type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 27/06/2014 numac 2014203643 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering tot aanwijzing van het interfederaal Centrum voor gelijke kansen en bestrijding van discriminatie en racisme als orgaan overeenkomstig artikel 40 van het decreet van 10 juli 2008 houdende een kader voor het Vlaamse gelijkekansen- en gelijkebehandelingsbeleid type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 01/07/2014 numac 2014035643 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering tot rangschikking van onbevaarbare waterlopen op het grondgebied van de provincie Vlaams-Brabant in een hogere of lagere categorie zoals bedoeld in artikel 4bis, § 3, van de wet van 28 december 1967 betreffende de onbevaarbare waterlopen sluiten houdende bijkomende algemene en sectorale milieuvoorwaarden voor GPBV-installaties) bevat de algemene en sectorale voorwaarden die enkel van toepassing zijn voor GPBV-installaties. Met dit wijzigingsbesluit worden aan titel II en titel III van het VLAREM de bijkomende sectorale milieuvoorwaarden toegevoegd voor de volgende GPBV-installaties: a. het looien van huiden en vellen, dd.16 februari 2013; b. de productie van cement-, kalk- en magnesiumoxide, dd.26 maart 2013; c. de productie van chlooralkali, dd.11 december 2013; d. de productie van pulp, papier en karton, dd.30 september 2014; e. het raffineren van aardolie en aardgas, dd.28 oktober 2014. Artikelsgewijze bespreking HOOFDSTUK 1. - Wijzigingen van titel II van het VLAREM Naar aanleiding van de opname van de BBT-conclusies voor het raffineren van aardolie en gas in titel III van het VLAREM, worden ook een aantal wijzigingen aangebracht in titel II van het VLAREM. Artikel 1 Dit artikel heft vanaf 28 oktober 2018 onderafdeling 5.17.4.4.2 van titel II van het VLAREM op. De bepalingen uit deze onderafdeling worden met dit wijzigingsbesluit opgenomen in artikel 3.7.16.1 en 3.7.16.4. van titel III van het VLAREM. Er worden enkele wijzigingen aangebracht om de bepalingen in lijn te brengen met de BBT-conclusies voor het raffineren van aardolie en gas. Artikel 2 Dit artikel voegt vanaf 28 oktober 2018 een artikel 5.20.2.1.bis in, in afdeling 5.20.2 van VLAREM II. Dit artikel legt de referentiezuurstofgehaltes vast waarbij de emissiegrenswaarden worden gedefinieerd, voor de verschillende eenheden van raffinaderijen. Dit artikel brengt de referentiezuurstofgehaltes in lijn met de gehaltes die gehanteerd worden in VLAREM III. Artikel 3 Dit artikel heft vanaf 28 oktober 2018 in artikel 5.20.2.2 van titel II van het VLAREM de verwijzing naar hoofdstuk 5.31 op. De voorwaarden van hoofdstuk 5.31 werden via het besluit van de Vlaamse Regering van 7 juni 2013Relevante gevonden documenten type besluit van de vlaamse regering prom. 07/06/2013 pub. 09/07/2013 numac 2013203826 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 februari 2010 houdende de uitvoering van het decreet van 30 maart 1999 houdende de organisatie van de zorgverzekering, wat betreft de automatische aanvraag sluiten verplaatst naar hoofdstuk 5.43 van titel II van het VLAREM. Artikel 4 Dit artikel heft vanaf 28 oktober 2018 de bepaling in de eerste paragraaf van artikel 5.20.2.3 van titel II van het VLAREM op die betrekking heeft op het referentiezuurstofgehalte voor de emissiegrenswaarden in dit artikel. Via artikel 2 van dit wijzigingsbesluit wordt namelijk een algemeen artikel 5.20.2.1.bis ingevoerd, waarin de referentiezuurstofgehaltes voor de verschillende eenheden van raffinaderijen vastgelegd zijn. Artikel 5 Dit artikel neemt vanaf 28 oktober 2018 artikel 5.20.2.4 opnieuw op in titel II van het VLAREM. De meetstrategie voor stookinstallaties en de beoordeling van de meetresultaten voor grote stookinstallaties in petroleumraffinaderijen is momenteel opgenomen in artikel 5.20.2.6 van titel II van het VLAREM. Voor stookinstallaties die aanwezig zijn in inrichtingen voor het raffineren van aardolie en gas wordt de meetstrategie opgenomen in artikel 3.7.10.2 van titel III van het VLAREM. Voor de beoordeling of de emissiegrenswaarden voor grote stookinstallaties vermeld in artikel 5.20.2.3 van titel II van het VLAREM gerespecteerd worden, gelden de toepasselijke bepalingen uit hoofdstuk 5.43 van titel II van het VLAREM. In artikel 5.20.2.4 van titel II van het VLAREM wordt in het eerste lid een verwijzing opgenomen naar artikel 3.7.10.2 van titel III van het VLAREM en in het tweede lid een verwijzing naar hoofdstuk 5.43 van titel II van het VLAREM. De bepalingen m.b.t. stookinstallaties in artikel 5.20.2.6 van titel II van het VLAREM worden geschrapt. Artikel 6 Dit artikel wijzigt vanaf 28 oktober 2018 artikel 5.20.2.6 van titel II van het VLAREM. De bepalingen m.b.t. stookinstallaties die opgenomen zijn in punt 2°,
- a)en punt 3°,
- b)worden geschrapt en opgenomen in artikel 5.20.2.4. Voor bepaalde procesinstallaties wordt de meetstrategie opgenomen in hoofdstuk 3.7 van titel III van het VLAREM. In artikel 5.20.2.6, 2° wordt een verwijzing opgenomen naar hoofdstuk 3.7 van titel III van het VLAREM. De bepaling "in afwijking van hoofdstuk 4.4" wordt geschrapt in punt 3°. De schrapping van deze bepaling heeft geen inhoudelijke wijziging van de wetgeving tot gevolg. Conform het lex specialis beginsel hebben de sectorale voorwaarden immers steeds voorrang op de algemene bepalingen. Anderzijds is het niet de bedoeling dat de meetnauwkeurigheid vermeld in artikel 4.4.4.2, § 5 mag toegepast worden op de "bubble" emissiegrenswaarden vermeld in artikel 5.20.2.2, § 1. Dit wordt expliciet toegevoegd. Artikel 7 Dit artikel vervangt vanaf 28 oktober 2018 paragraaf 3 van artikel 5.20.2.7 van titel II van het VLAREM. Er worden enkele wijzigingen aangebracht om de bepalingen in lijn te brengen met de BBT-conclusies voor het raffineren van aardolie en gas. Artikel 8 Dit artikel wijzigt vanaf 28 oktober 2018 paragraaf 3 van artikel 5.43.3.25 van titel II van het VLAREM. De afwijking van de continue meetverplichting voor SO2 en stof voor stookinstallaties die gestookt worden met ontzwaveld raffinaderijgas waarvan het zwavelgehalte minder dan 150 ppm bedraagt is niet conform met de BBT-conclusies voor het raffineren van aardolie en gas en wordt bijgevolg geschrapt. HOOFDSTUK 2. - Wijzigingen van titel III van het VLAREM Artikel 9 Dit artikel wijzigt het derde lid van artikel 1.4 van titel III van het VLAREM. Deze bepaling die de elementen opsomt die moeten meegedeeld worden in de aanvraag tot afwijking van BBT-GEN, wordt vervolledigd met een administratief luik. Er wordt gesteld dat een aanvraag ook een aantal gegevens van de aanvrager, een contactpersoon en de inrichting moet bevatten. Artikel 10 Dit artikel wordt toegevoegd zodat bijkomende algemene en sectorale milieuvoorwaarden in titel III van het VLAREM op het moment dat deze van toepassing worden voorrang hebben op de bijzondere milieuvoorwaarden en de voorwaarden opgenomen in de individuele afwijkingen verleend op milieuvoorwaarden van titel II van het VLAREM die dezelfde problematiek regelen. Bijzondere voorwaarden verleend volgens artikel 1.3 en 1.7 van titel III van het VLAREM en strengere bijzondere milieuvoorwaarden blijven gelden. Artikel 11 Dit artikel voegt een tweede lid toe aan artikel 2.3.1 van titel III van het VLAREM. Deze aanvulling beperkt het gebruik van het controlemeetprogramma van bijlage 4.2.5.2. en bijlage 4.4.4. van titel II van het VLAREM in het kader van titel III van het VLAREM. Hierdoor wordt gegarandeerd dat de door de GPBV-installaties gehanteerde monitoringsfrequentie voor parameters uit deel 3 van titel III van het VLAREM voldoen aan de BBT-conclusies die door de Europese Commissie aangenomen zijn. Artikel 12 Dit artikel wijzigt artikel 3.1.3.1.2 van titel III van het VLAREM. Volgens de BBT-conclusies voor ijzer- en staalproductie is het BBT om continumetingen uit te voeren voor primaire emissies van SO2 van sinterbanden. In artikel 3.1.3.1.2 is opgenomen dat continumetingen uitgevoerd moeten worden voor SOx. Aangezien het niet evident is om continumetingen van SOx uit te voeren, wordt voorzien dat SO2 continu gemeten moet worden. Artikel 13 Dit artikel wijzigt artikel 3.1.4.1.1 van titel III van het VLAREM. Volgens de BBT-conclusies voor ijzer- en staalproductie is het BBT om continumetingen uit te voeren voor emissies van SO2 van verhardingslijnen in pelletiseerinstallaties. In artikel 3.1.4.1.1 is opgenomen dat continumetingen uitgevoerd moeten worden voor SOx. Aangezien het niet evident is om continumetingen van SOx uit te voeren, wordt voorzien dat SO2 continu gemeten moet worden. Artikel 14 Dit artikel wijzigt artikel 3.1.5.2.4 van titel III van het VLAREM, waarin de emissiegrenswaarden die van toepassing zijn op de lozing van het afvalwater van een afzonderlijke cokesovenwaterzuiveringsinstallatie in oppervlaktewater, worden vermeld. Indien in titel II van het VLAREM een emissiegrenswaarde (EGW) is opgenomen die strenger is dan de bovengrens van een BBT-GEN bepaald in de BBT-conclusies die de Europese Commissie heeft aangenomen, wordt ervoor gekozen de strengere EGW op te nemen in titel III van het VLAREM. De strengere EGW voor de parameter thiocyanaat vormt geen probleem voor de enige cokesovenwaterzuiveringsinstallatie die hieraan moet voldoen. Bovendien, overeenkomstig artikel 1.1 van titel III van het VLAREM, is de strengste voorwaarde geldig wanneer in titel II van het VLAREM en in titel III van het VLAREM een sectorale voorwaarde een zelfde problematiek regelt. Per vergissing werd toch de minder strenge bovengrens van de BBT-GEN opgenomen voor de parameter thiocyanaat. Dit erratum wordt daarom, in overleg met de sector, met dit wijzigingsartikel rechtgezet. Artikel 15 Dit artikel wijzigt artikel 3.2.2.13 van titel III van het VLAREM. Volgens de BBT-conclusies voor de productie van glas is het BBT om continumetingen uit te voeren voor emissies van SO2. In artikel 3.2.2.13 is opgenomen dat continumetingen uitgevoerd moeten worden voor SOx in de afgassen van de smeltovens. Aangezien het niet evident is om continumetingen van SOx uit te voeren, wordt voorzien dat SO2 continu gemeten moet worden. Artikel 16 Dit artikel voegt vijf hoofdstukken toe aan deel 3 "Sectorale Milieuvoorwaarden" van titel III van het VLAREM, namelijk: - Hoofdstuk 3.3 voor het looien van huiden en vellen; - Hoofdstuk 3.4 voor de productie van cement, kalk en magnesiumoxide; - Hoofdstuk 3.5 voor de productie van chlooralkali; - Hoofdstuk 3.6 voor de productie van pulp, papier en karton; - Hoofdstuk 3.7 voor het raffineren van aardolie en gas.
- a)Algemeen De BBT-conclusies die gepubliceerd werden in het Europees publicatieblad hebben een bindend karakter en vormen de referentie voor de vaststelling van de vergunningsvoorwaarden.De BBT-conclusies voor het looien van huiden en vellen, de BBT-conclusies voor de productie van cement, kalk en magnesiumoxide, de BBT-conclusies voor de productie van chlooralkali, de BBT-conclusies voor de productie van pulp, papier en karton en (de herziening van) de BBT-conclusies voor het raffineren van aardolie en gas, respectievelijk gepubliceerd op 16 februari 2013, 9 april 2013, 11 december 2013, 30 september 2014, en 28 oktober 2014 dienen nu geïmplementeerd te worden in titel III van het VLAREM. Er werd voor geopteerd om zoveel mogelijk van de BBT-conclusies in te voegen in titel III van het VLAREM. In de praktijk komt dit neer op de opname van bijna alle BBT-conclusies in titel III van het VLAREM. De BBT-conclusies die niet worden opgenomen in titel III van het VLAREM zullen worden bekeken bij de individuele toetsing. Er worden geen technieken weergegeven indien de betreffende BBT een milieuprestatieniveau (bijvoorbeeld een emissiegrenswaarde) voorschrijft. Op die manier worden geen technieken opgelegd en is de exploitant in principe vrij om te kiezen hoe dat milieuprestatieniveau wordt behaald. Er wordt naar gestreefd dat doelvoorschriften primeren op middelvoorschriften. Wanneer geen milieuprestatieniveau wordt voorgeschreven in de BBT-conclusies wordt ervoor gekozen om enkel de technieken over te nemen indien de exploitant verplicht wordt "alle" technieken toe te passen. De exploitant heeft via artikel 1.7. van titel III van het VLAREM wel steeds de mogelijkheid om een andere beste beschikbare techniek toe te passen om het beoogde van de betreffende BBT te kunnen halen. Wanneer de exploitant verplicht wordt om een of meerdere (of een combinatie van) technieken toe te passen wordt er rechtstreeks naar de BBT-conclusies verwezen waar alle technieken staan opgesomd. De verschillende BBT-conclusies kunnen onder andere geraadpleegd worden op de websites van het EIPPCB (http://eippcb.jrc.ec.europa.eu/reference/), het BBT-kenniscentrum (http://emis.vito.be/bbt-conclusies) of de afdeling Milieuvergunningen van het Departement Leefmilieu, Natuur en Energie (http://www.lne.be/themas/vergunningen/bbt/bbt-conclusies).
- b)Toelichting toevoeging hoofdstuk 3.3. Looien van huiden en vellen Opbouw Naast een opsplitsing van "Emissies in de lucht" uit de BBT-conclusies in "Geur" en "Luchtemissies" in titel III van het VLAREM, volgt titel III van het VLAREM de opbouw van de BBT-conclusies. Dit resulteert in volgende structuur: HOOFDSTUK 3.3. - Looien van huiden en vellen Afdeling 3.3.1. - Toepassingsgebied en definities Afdeling 3.3.2. - Algemene bepalingen Afdeling 3.3.3. - Monitoring Afdeling 3.3.4. - Minimalisering van het waterverbruik Afdeling 3.3.5. - Beperking van emissies in het afvalwater Afdeling 3.3.6. - Zuivering van emissies in water Afdeling 3.3.7. - Geur Afdeling 3.3.8. - Luchtemissies Afdeling 3.3.9. - Afvalbeheer Afdeling 3.3.10. - Energie Artikelsgewijze bespreking VLAREM III BBT-conclusies Toelichting 3.3.1.1. Toepassingsgebied De activiteiten waarop de BBT-conclusies betrekking hebben worden opgenomen. 3.3.1.2. Definities Enkel definities die niet gelijk zijn aan definities uit VLAREM én welke nodig zijn om de sectorale voorwaarden te kunnen begrijpen worden opgenomen. 3.3.2.1. 1. Opgenomen 3.3.2.2. 2. Opgenomen 3.3.3.1. 3. o Verwijzing CEN-, ISO- en andere normen wordt opgenomen. o Voor de periodiciteit van monitoring van emissies en andere relevante procesparameters wordt de minst strenge periodiciteit opgenomen tenzij titel II van het VLAREM strenger is. o Wanneer de BBT-conclusies regelmatig of periodiek voorschrijven wordt er voor een periodiciteit van vier maanden gekozen. 3.3.4.1. 4. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GMPN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrens van de BBT-GMPN wordt opgenomen. 3.3.5.1. 5. "het gebruik van een geschikte combinatie van onderstaande technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 5 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.3.5.2. 6. "het gebruik van een geschikte combinatie van onderstaande technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 6 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.3.5.3. 7. "het gebruik van een geschikte combinatie van onderstaande technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 7 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.3.5.4. 8. Opgenomen: - Bij een richtlijn wordt verwezen naar de afdeling in titel II van het VLAREM waarin deze richtlijn werd omgezet. - Naar verordeningen wordt rechtstreeks verwezen. 3.3.5.5. 9. Naar verordeningen wordt rechtstreeks verwezen. 3.3.6.1. 10. - Indien een BBT-conclusie BBT-GENs bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - Voor alle parameters, behalve voor CZV, wordt de bovengrens van de BBT-GENs opgenomen. - Voor CZV wordt een strengere EGW dan de bovengrens van de BBT-GENs bepaald aangezien titel II van het VLAREM reeds strenger is. 3.3.6.3 11. Opgenomen 3.3.6.2. 12. - Indien een BBT-conclusie BBT-GENs bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - Voor alle parameters, wordt de bovengrens van de BBT-GENs opgenomen. 3.3.7.1. 13. Opgenomen 3.3.7.2. 14. Opgenomen 3.3.7.3. 15. Opgenomen 3.3.7.4. 16. Opgenomen 3.3.7.5. 17. Opgenomen 3.3.8.1. 18. Er wordt een direct verbod op gehalogeneerde VOS opgelegd. 3.3.8.2. 19. - Indien een BBT-conclusie BBT-GMPNs of BBT-GENs bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - Voor alle parameters, wordt de bovengrens van de BBT-GMPNs en de BBT-GEN opgenomen. 3.3.8.3. 20. De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. 3.3.9.1. 21. en 22. BBT 21 en 22 worden geïntegreerd in art. 3.3.9.1. Voorbeelden worden niet opgenomen. 3.3.9.2. 23. Opgenomen 3.3.9.3. 24. "het gebruik van een geschikte combinatie van onderstaande technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 24 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.3.9.4. 25. Opgenomen 3.3.10.1. 26. Opgenomen 3.3.10.2. 27. - Indien een BBT-conclusie BBT-GMPNs bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM - Voor alle parameters wordt de bovengrens van de BBT-GMPNs opgenomen
- c)Toelichting toevoeging hoofdstuk 3.4. Productie van cement, kalk en magnesiumoxide Opbouw De titel III van het VLAREM volgt de opbouw van de BBT-conclusies. Dit resulteert in volgende structuur: HOOFDSTUK 3.4. - Productie van cement, kalk en magnesiumoxide Afdeling 3.4.1. - Toepassingsgebied en definities Afdeling 3.4.2. - Algemene bepalingen Afdeling 3.4.3. - Cementindustrie Afdeling 3.4.4. - Kalkindustrie Afdeling 3.4.5. - Magnesiumoxide-industrie De volgende BBT-conclusies worden niet opgenomen in titel III van het VLAREM. Tijdens de individuele toetsingen zal worden geëvalueerd of deze BBT-conclusies van toepassing zijn op de installatie: BBT 8, namelijk "De BBT om het verbruik van primaire energie te beperken, bestaan erin te overwegen om het klinkergehalte van cement en cementproducten te verlagen." Omschrijving Het klinkergehalte van cement en cementproducten kan worden verminderd door vulmaterialen en/of toevoegingen, zoals hoogovenslakken, kalksteen, vliegas en puzzolaanaarde toe te voegen in de maalfase, overeenkomstig de relevante cementnormen. Toepasbaarheid Algemeen toepasbaar in de cementindustrie, afhankelijk van de (lokale) beschikbaarheid van vulmaterialen en/of toevoegingen en specifieke kenmerken van de lokale markt, wegens te voorwaardelijk. BBT 9, namelijk "De BBT om het verbruik van primaire energie te beperken, bestaan erin het gebruik van WKK-installaties te overwegen." Omschrijving Het gebruik van WKK-installaties voor de productie van stoom en elektriciteit of warmte-krachtcentrales kan worden toegepast in de cementindustrie door terugwinning van geloosde warmte van de klinkerkoeler of rookgas uit de oven met behulp van conventionele stoomcyclusprocessen of andere technieken. Daarnaast kan overtollige warmte uit de klinkerkoeler of rookgas uit de oven worden teruggewonnen voor stadsverwarming of industriële toepassingen. Toepasbaarheid Deze techniek is toepasbaar op alle cementovens als voldoende overtollige warmte beschikbaar is, als kan worden voldaan aan de juiste procesparameters en als de economische levensvatbaarheid is verzekerd, wegens te voorwaardelijk. BBT 67, namelijk "De BBT om procesverliezen/afval te verminderen of zo veel mogelijk te beperken, bestaan erin de diverse soorten opgevangen magnesiumcarbonaatstof die niet voor recycling in aanmerking komen te gebruiken in andere verhandelbare producten." Toepasbaarheid Het gebruik van magnesiumcarbonaat in andere verhandelbare producten valt mogelijk niet onder de controle van de exploitant, omdat de toepasbaarheid mogelijks buiten controle van de exploitant valt. BBT 68, namelijk "De BBT om procesverliezen/afval te verminderen of zo veel mogelijk te beperken, bestaan erin de slurry, afkomstig uit het natte proces van de rookgasontzwaveling, te hergebruiken in het proces of in andere bedrijfstakken." Toepasbaarheid Het gebruik van slurry afkomstig uit het natte proces van de rookgasontzwaveling in het proces of in andere bedrijfstakken valt mogelijk niet onder de controle van de exploitant, omdat de toepasbaarheid mogelijks buiten controle van de exploitant valt Artikelsgewijze bespreking VLAREM III BBT-conclusies Toelichting 3.4.1.1. Toepassingsgebied De activiteiten waarop de BBT-conclusies betrekking hebben worden opgenomen. 3.4.1.2. Definities Alleen definities die niet gelijk zijn aan definities uit het VLAREM én die nodig zijn om de sectorale voorwaarden te kunnen begrijpen worden opgenomen. 3.4.2.1. Aanhef algemene BBT-conclusies Opgenomen. 3.4.2.2. Algemene overwegingen De definitie discontinue metingen wordt opgenomen. De definitie van daggemiddelde wordt niet opgenomen omdat de term `daggemiddelde' reeds algemeen gebruikt wordt in titel II van het VLAREM. 3.4.2.3. Aanhef BBT 5, BBT32, BBT 55 Opgenomen. 3.4.2.4. Algemene overwegingen Tabel referentieomstandigheden wordt opgenomen, de standaardomstandigheden en de conversie naar referentiezuurstofgehalte worden niet opgenomen. Deze zijn reeds beschreven in artikel 4.4.3.1. § 1 en § 6 van titel II van het VLAREM. 3.4.2.5. 1. Opgenomen. 3.4.2.6. 2. "een combinatie van de volgende technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 2 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.4.3.1. Aanhef BBT-conclusies voor de cementindustrie Opgenomen. 3.4.3.2. 3. Opgenomen. 3.4.3.3. 4. Opgenomen. 3.4.3.4. 5.a Voor de periodiciteit van monitoring van emissies en andere relevante procesparameters wordt de minst strenge periodiciteit opgenomen tenzij titel II van het VLAREM strenger is. Wanneer de BBT-conclusies regelmatig of periodiek voorschrijven wordt dit geëvalueerd per parameter. 3.4.3.5. 5.b 3.4.3.6. 5.c 3.4.3.7. 5.d 5.e 5.f 3.4.3.8. 5.g 3.4.3.9. 6. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GMPN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - Als verbruiksniveau wordt de bovengrens opgenomen. De BBT-GMPN wordt enkel opgenomen voor nieuwe installaties. De BBT-conclusie is ook van toepassing op "belangrijke verbeteringen". Of een installatie een "belangrijke verbetering" heeft doorgevoerd wordt geëvalueerd tijdens de individuele toetsing. Er zijn geen bestaande cementinstallaties in Vlaanderen, dus indien een cementinstallatie moet beoordeeld worden in Vlaanderen, zal dit steeds een nieuwe installatie zijn. De toepasbaarheid "afhankelijk van het vochtgehalte en de grondstoffen" wordt niet opgenomen, dit wordt geëvalueerd in de individuele toetsingen. 3.4.3.10. 7. "een combinatie van de volgende technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 7 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.4.3.11. 10. "de toepassing van een of meer van de volgende technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 10 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.4.3.12. 11. Opgenomen. 3.4.3.13. 12. Opgenomen. 3.4.3.14. 13. Opgenomen. 3.4.3.15. 14. "de toepassing van een of meer van de volgende technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 14 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.4.3.16. 15. "de toepassing van een of meer van de volgende technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 15 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.4.3.17. 16. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - Voor alle parameters wordt de bovengrens van de BBT-GEN opgenomen. 3.4.3.18. 17. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - Het BBT-GEN voor stofuitstoot afkomstig van afgassen die vrijkomen bij het stoken van ovens is 25. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. 26. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. 27. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. Tevens wordt de bemonsteringsperiode voor dioxinen en furanen opgenomen wegens het ontbreken van bepalingen hieromtrent in de algemene bepalingen in titel II van het VLAREM. 28. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrenzen van de BBT-GEN worden opgenomen, met uitzondering voor Hg op basis van voetnoot 2 in de BBT-conclusie, namelijk "Waarden boven 0,03 mg/Nm® moeten verder onderzocht worden". Installaties die willen afwijken binnen de BBT-GEN boven 0,03 mg/Nm® kunnen beroep doen op de afwijkingsmogelijkheid volgens artikel 1.3 van titel III van het VLAREM, zodat ze tijd krijgen om hun emissies verder te onderzoeken. Voetnoot 1 wordt niet opgenomen, deze zal geëvalueerd worden tijdens de individuele toetsingen. 3.4.3.19. 18. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - Er zijn geen bestaande installaties in Vlaanderen, indien een nieuwe installatie wordt gebouwd, zal deze gebruik maken van een doekfilter of een nieuwe ESP. Overeenkomstig de BBT-conclusies "Wanneer doekfilters of nieuwe of verbeterde elektrostatische stofvangers worden gebruikt, wordt het laagste niveau bereikt" wordt de ondergrens van de BBT-GEN haalbaar geacht, deze wordt opgenomen. 3.4.3.20. 19. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - Voor ovens met voorverhitter wordt de bovengrens van de BBT-GEN opgenomen. Voor Lepol- en lange draaiovens wordt de waarde uit titel II van het VLAREM opgenomen. De voetnoten worden niet opgenomen, deze worden geëvalueerd tijdens de individuele toetsingen. 3.4.3.21. 20. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. De voetnoot in de BBT-conclusie wordt niet opgenomen in titel III van het VLAREM. Deel 1 van de voetnoot wordt geëvalueerd tijdens de individuele toetsingen, de tweede zin wordt niet opgenomen omdat "kan het niveau zelfs hoger zijn" niet handhaafbaar is. Installaties die gebruik willen maken van deze bepaling uit de BBT-conclusies, kunnen beroep doen op de afwijkingsmogelijkheid volgens artikel 1.3 van titel III van het VLAREM. 3.4.3.22. 21. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. Voetnoot 1 wordt niet opgenomen, deze zal geëvalueerd worden tijdens de individuele toetsingen. Voetnoot 2 wordt niet opgenomen. Installaties die gebruik willen maken van deze bepaling uit de BBT-conclusies, kunnen beroep doen op de afwijkingsmogelijkheid volgens artikel 1.3 van titel III van het VLAREM. 3.4.3.23. 22. Opgenomen. 3.4.3.24. 23. Opgenomen. 3.4.3.25. 24. Opgenomen. 3.4.2.26. 29. Er wordt rechtstreeks naar BBT 29 uit de BBT-conclusies verwezen. Gezien de technieken "indien mogelijk" van toepassing zijn, worden deze geëvalueerd tijdens de individuele toetsingen. 3.4.4.1. Aanhef BBT-conclusies voor de kalkindustrie Opgenomen. 3.4.4.2. 30. Opgenomen. 3.4.4.3. 31. Opgenomen. 3.4.4.4. 32.a Voor de periodiciteit van monitoring van emissies en andere relevante procesparameters wordt de minst strenge periodiciteit opgenomen tenzij titel II van het VLAREM strenger is. Wanneer de BBT-conclusies regelmatig of periodiek voorschrijven wordt dit geëvalueerd per parameter. 3.4.4.5. 32.b 3.4.4.6. 32.c 3.4.4.7. 32.c, 32.e, 32.f 3.4.4.8. 32.d, 32.e 3.4.4.9. 32.g 3.4.4.10. 33. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GMPN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrenzen van de BBT-GMPN worden opgenomen. Voetnoot 1 wordt niet opgenomen, deze zal geëvalueerd worden tijdens de individuele toetsingen. 3.4.4.11. 34. "de toepassing van een of meer van de volgende technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 34 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.4.4.12. 35. "de toepassing van een of meer van de volgende technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 35 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.4.4.13. 36. Opgenomen. 3.4.4.14. 37. Opgenomen. 3.4.4.15. 38. Opgenomen. 3.4.4.16. 39. Opgenomen. 3.4.4.17. 40. "de toepassing van een of meer van de volgende technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 40 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.4.4.18. 41. "de toepassing van een of meer van de volgende technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 41 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.4.4.19. 42. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrenzen van de BBT-GEN worden opgenomen. 3.4.4.20. 43. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. Voetnoot (*) wordt niet opgenomen wegens slechts van toepassing in uitzonderlijke gevallen. Installaties die gebruik willen maken van deze bepaling uit de BBT-conclusies, kunnen beroep doen op de afwijkingsmogelijkheid volgens artikel 1.3 van titel III van het VLAREM. 45. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrenzen van de BBT-GEN worden opgenomen. Voetnoot 1 wordt niet opgenomen, deze zal geëvalueerd worden tijdens de individuele toetsingen. Voetnoten 2 en 3 worden niet opgenomen. Installaties die gebruik willen maken van deze bepalingen uit de BBT-conclusies, kunnen beroep doen op de afwijkingsmogelijkheid volgens artikel 1.3 van titel III van het VLAREM. 47. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - Voetnoot 1 wordt niet opgenomen, deze zal geëvalueerd worden tijdens de individuele toetsingen. Voetnoot 2 wordt niet opgenomen. Installaties die gebruik willen maken van deze bepaling uit de BBT-conclusies, kunnen beroep doen op de afwijkingsmogelijkheid volgens artikel 1.3 van titel III van het VLAREM. 48. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. Voetnoot 1 in de BBT-conclusies wordt niet overgenomen in VLAREM III. Installaties die gebruik willen maken van deze bepaling uit de BBT-conclusies, kunnen een afwijkingsaanvraag indienen volgens artikel 1.3. van titel III van het VLAREM. 50. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrenzen van de BBT-GEN worden opgenomen. Voetnoten 1 en 2 worden niet opgenomen. Installaties die gebruik willen maken van deze bepalingen uit de BBT-conclusies, kunnen beroep doen op de afwijkingsmogelijkheid volgens artikel 1.3 van titel III van het VLAREM. 51. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrenzen van de BBT-GEN worden opgenomen 52. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrenzen van de BBT-GEN worden opgenomen. Tevens wordt de bemonsteringsperiode voor dioxinen en furanen opgenomen wegens het ontbreken van bepalingen hieromtrent in de algemene bepalingen in titel II van het VLAREM. 53. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrenzen van de BBT-GEN worden opgenomen. De opmerking in de tabel wordt niet opgenomen, deze zal geëvalueerd worden tijdens de individuele toetsingen. 3.4.4.21. 44. "de toepassing van een of meer van de volgende technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 44 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.4.4.22. 46. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. 3.4.4.23. 49. Opgenomen. 3.4.4.24. 54. Opgenomen. 3.4.5.1. Aanhef BBT-conclusies voor de magnesiumoxide-industrie Opgenomen. 3.4.5.2. 55. a Voor de periodiciteit van monitoring van emissies en andere relevante procesparameters wordt de minst strenge periodiciteit opgenomen tenzij titel II van het VLAREM strenger is. Wanneer de BBT-conclusies regelmatig of periodiek voorschrijven wordt dit geëvalueerd per parameter. 3.4.5.3. 55. b 3.4.5.4. 55. c 3.4.5.5. 55. d 3.4.5.6. 56. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GMPN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrens van de BBT-GMPN wordt opgenomen. 3.4.5.7. 57. "de toepassing van een of meer van de volgende technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 57 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.4.5.8. 58. "de toepassing van een of meer van de volgende technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 58 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.4.5.9. 59. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. 3.4.5.10. 60. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. 62. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - Overeenkomstig de BBT-conclusies wordt de bovengrens van de BBT-GEN opgenomen voor verwerking van doodgebrand magnesiumoxide, voor de overige wordt de ondergrens opgenomen. 63. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. 65. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrens en de ondergrens van de BBT-GEN worden opgenomen overeenkomstig de BBT-conclusies. Voetnoot 2 wordt niet opgenomen, deze zal geëvalueerd worden tijdens de individuele toetsingen. Voetnoot 3 wordt niet opgenomen. Installaties die gebruik willen maken van deze bepaling uit de BBT-conclusies, kunnen beroep doen op de afwijkingsmogelijkheid volgens artikel 1.3 van titel III van het VLAREM. 3.4.5.11. 61. "de toepassing van een of meer van de volgende technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 61 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.4.5.12. 64. Opgenomen. 3.4.5.13. 66. Opgenomen. 3.4.5.14. 69. Opgenomen.
- d)Toelichting toevoeging hoofdstuk 3.5. Productie van chlooralkali Opbouw De BBT-conclusies voor de productie van chlooralkali worden in titel III van het VLAREM gerangschikt per thema. Dit resulteert in volgende structuur: HOOFDSTUK 3.5. - Productie van chlooralkali Afdeling 3.5.1. - Toepassingsgebied en definities Afdeling 3.5.2. - Algemene bepalingen Afdeling 3.5.3. - Energie Afdeling 3.5.4. - Luchtemissies Afdeling 3.5.5. - Afvalwater Afdeling 3.5.6. - Afval De volgende BBT-conclusie (BBT 10) wordt niet opgenomen in titel III van het VLAREM. Tijdens de individuele toetsingen zal worden geëvalueerd of deze BBT-conclusie van toepassing is op de installatie: "Het gebruik van koelvloeistoffen met een hoog broeikasgaspotentieel en in ieder geval hoger dan 150 (bv. veel fluorkoolwaterstoffen (HFK's)) in nieuwe eenheden voor het vloeibaar maken van chloor, kan niet als BBT worden beschouwd. Beschrijving Geschikte koelvloeistoffen zijn onder meer: - een combinatie van kooldioxide en ammoniak in twee koelcircuits; - chloor; - water. Toepasbaarheid Bij de keuze van een koelmiddel moet rekening worden gehouden met de bedrijfsveiligheid en energie-efficiëntie.". Artikelsgewijze bespreking VLAREM III BBT-conclusies Toelichting 3.5.1.1. Toepassingsgebied De processen en activiteiten waarop de BBT-conclusies al dan niet betrekking hebben worden opgenomen. 3.5.1.2. Definities Alleen definities die niet gelijk zijn aan definities uit het VLAREM én die nodig zijn om de sectorale voorwaarden te kunnen begrijpen worden opgenomen. 3.5.1.3 Algemene overwegingen "Tenzij anders vermeld, kunnen de bepalingen in dit hoofdstuk algemeen worden toegepast" wordt opgenomen. 3.5.2.1. 1. "één of een combinatie van de onderstaande technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 1 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.5.2.2. 2. Alle kenmerken zijn van toepassing en worden dus integraal opgenomen. 3.5.2.3. 17. Het terreinsaneringsplan wordt grotendeels opgevangen door het Bodemdecreet. Daarom wordt er hier in art. 3.5.2.4 naar verwezen en worden alleen bijkomende elementen uit BBT 17 opgenomen. 3.5.2.4. 7. Algemeen Verwijzing CEN-, ISO- en andere normen wordt opgenomen. 3.5.3.1. 5. "een combinatie van de onderstaande technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 5 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.5.3.2. 6. Opgenomen. 3.5.4.1. 8. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. 7. Chloor en chloordioxide Continu meten door middel van elektrochemische cellen wordt opgenomen. Voor meting via absorptie in een oplossing wordt de monitoringfrequentie "jaarlijks" opgenomen. 3.5.4.2. 9. Opgenomen. 10. Deze BBT is niet algemeen toepasbaar en handhaafbaar en wordt daarom niet opgenomen in VLAREM III maar wordt wel geëvalueerd tijdens de individuele toetsing. 3.5.5.1. 3. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GMPN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrens van de BBT-GMPN wordt opgenomen. 7. Kwik De minimale monitoringfrequentie "dagelijks" wordt opgenomen. 3.5.5.2. 4. "een combinatie van de onderstaande technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 4 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.5.5.3. 11. "een combinatie van de onderstaande technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 11 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.5.5.4. 12. Er wordt, net zoals in de BBT-conclusies zelf, verwezen naar de technieken uit BBT 4. 7. Chloride De minimale monitoringfrequentie "maandelijks" wordt opgenomen. 3.5.5.5. 13. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. 7. Vrij chloor, waar de emissie de installatie verlaat De minimale monitoringfrequentie "maandelijks" wordt opgenomen. 7. Vrij chloor, dicht bij de bron "continu meten" wordt opgenomen. 3.5.5.6. 14. "één of een combinatie van de onderstaande technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 14 uit de BBT-conclusies verwezen. 7. Chloraat De minimale monitoringfrequentie "maandelijks" wordt opgenomen. 3.5.5.7. 15. "een combinatie van de onderstaande technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 15 uit de BBT-conclusies verwezen. 7. Gehalogeneerde organische verbindingen De minimale monitoringfrequentie "jaarlijks" wordt opgenomen. 3.5.5.8. 7. Sulfaat De minimale monitoringfrequentie "jaarlijks" wordt opgenomen. 3.5.5.9. 7. Relevante zware metalen De minimale monitoringfrequentie "jaarlijks" wordt opgenomen. 3.5.6.1. 16. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GMPN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrens van de BBT-GMPN wordt opgenomen.
- e)Toelichting toevoeging hoofdstuk 3.6. Productie van pulp, papier en karton Opbouw De titel III van het VLAREM volgt de opbouw van de BBT-conclusies. Dit resulteert in volgende structuur: HOOFDSTUK 3.6. - Productie van pulp, papier en karton Afdeling 3.6.1. - Toepassingsgebied en definities Afdeling 3.6.2. - Algemene bepalingen Afdeling 3.6.3. - Kraftpulpproductie Afdeling 3.6.4. - Sulfietpulpproductie Afdeling 3.6.5. - Mechanische en chemisch-mechanische pulpproductie Afdeling 3.6.6. - Verwerking van papier voor hergebruik Afdeling 3.6.7. - Papierproductie en aanverwante processen De volgende BBT-conclusie wordt niet opgenomen in titel III van het VLAREM. Tijdens de individuele toetsingen zal worden geëvalueerd of deze BBT-conclusie van toepassing is op de installatie: BBT 15 (nl. "Wanneer verdere verwijdering van organische stoffen, stikstof of fosfor nodig is, is het BBT om de tertiaire behandeling toe te passen, zoals beschreven in paragraaf 1.7.2.2.") wegens niet algemeen toepasbaar en afhankelijk van aftoetsing aan lokale omstandigheden. Artikelsgewijze bespreking VLAREM III BBT-conclusies Toelichting 3.6.1.1. Toepassingsgebied. De activiteiten waarop de BBT-conclusies al dan niet betrekking hebben worden opgenomen. 3.6.1.2. Definities. Alleen definities die niet gelijk zijn aan definities uit VLAREM én die nodig zijn om de sectorale voorwaarden te kunnen begrijpen worden opgenomen. 3.6.1.3. Met BBT geassocieerde emissieniveaus. De bepaling uit de BBT-Conclusies "Voor geïntegreerde en multiproductpulp- en papierfabrieken dienen de emissiegrenswaarden die worden bepaald voor de individuele processen of producten te worden gecombineerd volgens een mengregel op basis van het aandeel in het debiet." wordt opgenomen. 3.6.2.1. Aanhef algemene BBT-conclusies voor de pulp- en papierindustrie. Opgenomen. 3.6.2.1.1. 1. Opgenomen. 3.6.2.2.1. 2. Opgenomen. 3.6.2.2.2. 3. "een combinatie van de volgende technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 3 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.6.2.3.1. 8.II. (eerste twee lijnen). Opgenomen. Wanneer de BBT-conclusies regelmatig of periodiek voorschrijven wordt de periodiciteit geëvalueerd per parameter. 3.6.2.3.2. BBT 10. Tabel (h). Overeenkomstig bijlage 4.2.5.2. van titel II van het VLAREM, wordt voor relevante metalen in het water een driemaandelijkse meetfrequentie opgenomen. 3.6.2.3.3. Middelingstijden voor emissies in het water. Opgenomen. 3.6.2.3.4. Aanhef BBT 10. Verwijzing CEN-, ISO- en andere normen wordt opgenomen. BBT 10. Tabel. - De meetfrequenties (met uitzondering van de meetfrequentie voor relevante metalen) en de voetnoten 1, 2, 4 en 5 worden opgenomen onder de processpecifieke bepalingen, daar waar de emissiegrenswaarden van de parameters opgenomen worden. - Voetnoot 3 wordt niet opgenomen, dit wordt geëvalueerd in de individuele toetsingen. 3.6.2.3.5. 4. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GMPN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - Als verbruiksniveau wordt de bovengrens opgenomen. 3.6.2.3.6. 5. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GMPN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - Voor alle sectoren wordt als maximale afvalwaterstroom de bovengrens opgenomen. 3.6.2.3.7. 13. Deze BBT, inclusief toepasbaarheid, wordt opgenomen. 3.6.2.3.8. 14. Deze BBT, inclusief voetnoot, wordt opgenomen. / 15. Deze BBT is niet algemeen toepasbaar en afhankelijk van aftoetsing aan lokale omstandigheden, en wordt daarom niet opgenomen in titel III van het VLAREM maar wordt wel geëvalueerd tijdens de individuele toetsingen. 3.6.2.3.9. 16. Opgenomen. 3.6.2.4.1. 6.a. Opgenomen. 6.b t/m 6.j. "een combinatie van de volgende technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 6 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.6.2.5.1. Aanhef paragraaf 1.1.5. Niet opgenomen. 7. "een combinatie van de volgende technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 7 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.6.2.6.1. 8.I. Opgenomen. 8.II. (laatste twee lijnen). Opgenomen. Wanneer de BBT-conclusies regelmatig of periodiek voorschrijven wordt de periodiciteit geëvalueerd per parameter. 3.6.2.6.2. 11. Opgenomen. 3.6.2.6.3. Middelingstijden voor emissies in de lucht. Opgenomen. 3.6.2.6.4. Aanhef BBT 9. Verwijzing CEN-, ISO- en andere normen wordt opgenomen. BBT 9. Tabel. De meetfrequenties worden opgenomen onder de processpecifieke bepalingen, daar waar de emissiegrenswaarden van de parameters opgenomen worden. 3.6.2.7.1. 12. "een combinatie van de hieronder vermelde technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 12 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.6.2.8.1. 17. "een combinatie van de volgende technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 17 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.6.2.9.1. 18. Alle technieken, met uitzondering van techniek d (monitoringprogramma), worden opgenomen. Vlaanderen beschikt reeds over ruime regelgeving ter bescherming van bodem en grondwater. Het beoogde doel van techniek d, met name detectie van mogelijke risico's voor bodem en grondwater bij ontmanteling van een installatie, wordt in Vlaanderen opgevangen door het bodemdecreet met toezichthouder OVAM, o.a. door de verplichting om een oriënterend bodemonderzoek uit te voeren bij sluiting van een risico-inrichting (artikel 122 Bodem decreet van 27 oktober 2006Relevante gevonden documenten type decreet prom. 27/10/2006 pub. 22/01/2007 numac 2006037062 bron vlaamse overheid Decreet betreffende de bodemsanering en de bodembescherming type decreet prom. 27/10/2006 pub. 19/12/2006 numac 2006204028 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende de beroepsprocedure in het onderwijs voor sociale promotie sluiten). De verplichting van techniek d geldt bij elke ontmanteling, wat niet noodzakelijk gelijk is aan sluiting van een risico-inrichting overeenkomstig het Bodemdecreet. Vandaar dat voor de correcte omzetting van de het BBT-conclusies het op dit punt niet volstaat om louter te verwijzen naar de bepalingen van artikel 122 van het Bodemdecreet, maar dat uitdrukkelijk in artikel 3.6.2.9.1 van titel III van het VLAREM wordt bepaald dat bij ontmanteling de verplichtingen en procedure van artikel 122 van het Bodemdecreet moeten worden nageleefd. 3.6.3.1. Aanhef BBT-conclusies voor kraftcelstofproductie (kraftcelstofproces). Opgenomen. 3.6.3.2. Met BBT geassocieerde emissieniveaus. De bepaling uit de BBT-Conclusies "Waar met de beste beschikbare technieken geassocieerde emissieniveaus (BBT-GEN'
- s)voor dezelfde gemiddelde periode worden opgegeven in andere eenheden (bijv. concentratie van de specifieke belastingwaarden (per ton nettoproductie)), moeten deze verschillende manieren om BBT-GEN's uit te drukken, worden gezien als gelijkwaardige alternatieven.", vindt alleen toepassing voor kraftpulpproductie, en wordt daarom onder afdeling 3.6.3 opgenomen. 3.6.3.3. 20. Toepasbaarheid. De toepasbaarheid van de technieken vermeld in BBT 20 en 30 is mogelijk beperkt. Via dit artikel wordt de mogelijkheid gegeven om in de milieuvergunning een afwijking toe te staan op deze technieken. 30. Toepasbaarheid. 3.6.3.1.1. 19. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De toepasbaarheid voor tabel 1 en 2 wordt opgenomen. - De verwijzing naar het referentiedebiet wordt niet opgenomen. - De extra informatie "De BZV-concentratie in het behandelde afvalwater zal naar verwachting laag zijn (rond 25 mg/l in een samengesteld monster genomen over een periode van 24 uur)." wordt niet opgenomen, maar wordt wel geëvalueerd tijdens de individuele toetsingen. 19. Tabel 1. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. - Voetnoot 1 wordt opgenomen in de tabeltitel, met uitzondering van de informatie tussen haakjes: "De emissies van de papierproductie zijn hierin dus niet inbegrepen". - Voetnoten 2, 3 en 5 worden niet opgenomen. Installaties die gebruik willen maken van de bepalingen uit voetnoten 2 en 5, kunnen beroep doen op de afwijkingsmogelijkheid volgens artikel 1.3 van titel III van het VLAREM. - Voetnoot 4 wordt als voetnoot opgenomen. 19. Tabel 2. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. - Voetnoot 1 wordt opgenomen in de tabeltitel, met uitzondering van de informatie tussen haakjes: "De emissies van de papierproductie zijn hierin dus niet inbegrepen". - Voetnoot 2 wordt niet opgenomen. Installaties die gebruik willen maken van deze bepaling uit de BBT-conclusies, kunnen beroep doen op de afwijkingsmogelijkheid volgens artikel 1.3 van titel III van het VLAREM. 10. - Voor meetfrequenties wordt de minst strenge periodiciteit opgenomen tenzij titel II van het VLAREM strenger is. - Voetnoten 1, 2, 4 en 5 worden als voetnoot opgenomen. 3.6.3.2.1. 20. - Gezien het belang om alle procesgebaseerde, zwavelhoudende afgassen af te vangen, alsook het beperkte bereik van de bijhorende BBT-GEN, worden de technieken opgenomen in titel III van het VLAREM, niettegenstaande de BBT-conclusie een BBT-GEN bevat. - De toepasbaarheid wordt niet opgenomen. Via artikel 3.6.3.3 wordt de mogelijkheid gegeven om, op basis van de toepasbaarheid in de BBT-conclusies, in de milieuvergunning een afwijking toe te staan op de technieken uit BBT 20. - De bovengrens van de BBT-GEN voor stoomketels wordt opgenomen. 9. TRS. Wanneer de BBT-conclusies regelmatig of periodiek voorschrijven wordt de periodiciteit geëvalueerd per parameter. 3.6.3.2.2. 21, 22, 23. - BBT 21 tot en met 23 worden geïntegreerd in art. 3.6.3.2.2. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. 21. Tabel 3. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. - Voetnoten 1 en 3 worden niet opgenomen, deze worden geëvalueerd in de individuele toetsingen. - Voetnoten 2 en 4 worden als voetnoot opgenomen. 22. Tabel 4. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. - Voetnoten 1, 2 en 3 worden niet opgenomen, deze worden geëvalueerd in de individuele toetsingen. 23. Tabel 5. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. - De BBT-GEN voor stof voor een bestaand stofreductiesysteem en voetnoot 1 worden niet opgenomen, aangezien er geen bestaande kraftpulpproductie is in Vlaanderen. Indien een kraftpulpinstallatie moet beoordeeld worden in Vlaanderen, zal dit steeds een nieuwe installatie zijn. 9. "continu meten" wordt opgenomen. 3.6.3.2.3. 24, 25, 26, 27. - BBT 24 tot en met 27 worden geïntegreerd in art. 3.6.3.2.3. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. 24. Tabel 6. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. - Voetnoot 1 (voorbeelden) wordt niet opgenomen. 25. Tabel 7. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. - Voetnoot 1 wordt in de tabel opgenomen. 26. Tabel 8. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. - Voetnoten 1 en 2 worden in de tabel opgenomen. Voorbeelden worden niet opgenomen. 27. Tabel 9. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. - Voetnoot 1 wordt niet opgenomen, aangezien er geen kraftpulpproductie bestaat in Vlaanderen. Indien een kraftpulpinstallatie moet beoordeeld worden in Vlaanderen, zal dit steeds een nieuwe installatie zijn. 9. - Voor de periodiciteit van monitoring van emissies wordt de minst strenge periodiciteit opgenomen, tenzij titel II van het VLAREM strenger is: "continu meten" wordt opgenomen voor de parameters SO2, NOX en stof. - Wanneer de BBT-conclusies regelmatig of periodiek voorschrijven wordt de periodiciteit geëvalueerd per parameter: "om de vier maanden" wordt opgenomen voor de parameter TRS. 3.6.3.2.4. 28, 29. - BBT 28 en 29 worden geïntegreerd in art. 3.6.3.2.4. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. 28. Tabel 10. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. - Voetnoot 1 wordt als voetnoot opgenomen. 29. Tabel 11. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. - Voetnoot 1 wordt niet opgenomen, aangezien er geen kraftpulpproductie bestaat in Vlaanderen. Indien een kraftpulpinstallatie moet beoordeeld worden in Vlaanderen, zal dit steeds een nieuwe installatie zijn. 9. - Voor de periodiciteit van monitoring van emissies wordt de minst strenge periodiciteit opgenomen, tenzij titel II van het VLAREM strenger is: "continu meten" wordt opgenomen voor de parameters SO2 en NOX. - Wanneer de BBT-conclusies regelmatig of periodiek voorschrijven wordt de periodiciteit geëvalueerd per parameter: "om de vier maanden" wordt opgenomen voor de parameter TRS. 3.6.3.3.1. 30. - De techniek wordt opgenomen. - De toepasbaarheid wordt niet opgenomen. Via artikel 3.6.3.3 wordt de mogelijkheid gegeven om, op basis van de toepasbaarheid in de BBT-conclusies, in de milieuvergunning een afwijking toe te staan op de techniek uit BBT 30. 3.6.3.4.1. 31. "een combinatie van de volgende technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 31 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.6.3.4.2. 32. "een combinatie van de volgende technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 32 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.6.4.1. Aanhef BBT-conclusies voor het pulpproces op basis van sulfiet (sulfietcelstofproces). Opgenomen. 3.6.4.1.1. 33. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De toepasbaarheid voor tabel 12 en 13 wordt opgenomen. - De verwijzing naar het referentiedebiet wordt niet opgenomen. - De extra informatie "De BZV-concentratie in het behandelde afvalwater zal naar verwachting laag zijn (rond 25 mg/l in een samengesteld monster genomen over een periode van 24 uur)." wordt niet opgenomen, maar wordt wel geëvalueerd tijdens de individuele toetsingen. 33. Tabel 12. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. - Voetnoot 1 wordt opgenomen in de tabeltitel, met uitzondering van de informatie tussen haakjes: "De emissies van de papierproductie zijn hierin dus niet inbegrepen". - Voetnoten 2, 3 en 5 worden als voetnoot opgenomen. - Voetnoot 4 bevat extra informatie maar wordt niet opgenomen, dit wordt geëvalueerd in de individuele toetsingen. 33. Tabel 13. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. - Voetnoot 1 wordt opgenomen in de tabeltitel, met uitzondering van de informatie tussen haakjes: "De emissies van de papierproductie zijn hierin dus niet inbegrepen". - Voetnoot 2 wordt als voetnoot opgenomen. 10. - Voor meetfrequenties wordt de minst strenge periodiciteit opgenomen tenzij titel II van het VLAREM strenger is. - De uitzondering onder AOX voor TCF- en NSSC-fabrieken wordt opgenomen. - Voetnoten 1, 2, 4 en 5 worden als voetnoot opgenomen. 3.6.4.2.1. 34. Opgenomen. 3.6.4.2.2. 35. "een van de onderstaande technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 35 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.6.4.2.3. 36, 37. - BBT 36 en 37 worden geïntegreerd in art. 3.6.4.2.3. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De BBT-GMPN "Het BBT-gerelateerde milieuprestatieniveau is een zuurwerking van ongeveer 240 uur per jaar voor de gaswassers, en minder dan 24 uur per maand voor de laatste monosulfietgaswasser." wordt opgenomen. 36. Tabel 14. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. - Voetnoot 1 wordt in de tabel opgenomen. 37. Tabel 15. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. - Voetnoten 1, 2, 3 en 5 worden in de tabel of als voetnoot opgenomen. - Voetnoot 4 wordt niet opgenomen, aangezien er geen bestaande sulfietpulpproductie is in Vlaanderen. Indien een sulfietpulpinstallatie moet beoordeeld worden in Vlaanderen, zal dit steeds een nieuwe installatie zijn. 9. - "continu meten" wordt opgenomen voor parameters SO2 en NOx. - Wanneer de BBT-conclusies regelmatig of periodiek voorschrijven wordt de periodiciteit geëvalueerd per parameter. Voor de parameter stof wordt "maandelijks meten" opgenomen. Voor de parameter NH3 wordt "maandelijks meten" opgenomen, naar analogie met de bepalingen voor de glas- en kalkindustrie. 3.6.4.3.1. 38. "een combinatie van de volgende technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 38 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.6.4.3.2. 39. "een combinatie van de volgende technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 39 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.6.5.1. Aanhef BBT-conclusies voor mechanische pulpproductie en chemisch-mechanische pulpproductie. Opgenomen. 3.6.5.1.1. 40. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De extra informatie "De BZV-concentratie in het behandelde afvalwater zal naar verwachting laag zijn (rond 25 mg/l in een samengesteld monster genomen over een periode van 24 uur)." wordt niet opgenomen, maar wordt wel geëvalueerd tijdens de individuele toetsingen. 40. Tabel 16. - De toepasbaarheid van tabel 16 voor mechanische pulpfabrieken wordt opgenomen conform de Engelstalige BBT-conclusies. De Nederlandse vertaling van de BBT-conclusies is hier niet correct, er wordt in de Engelstalige BBT-conclusies immers gesteld dat: "See Table 16. These BAT-AELs also apply to mechanical pulp mills.". - De verwijzing naar het referentiedebiet wordt niet opgenomen. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. - Voetnoot 1 wordt in de tabel opgenomen. - Voetnoot 2 wordt niet opgenomen, dit wordt geëvalueerd tijdens de individuele toetsing. 40. Tabel 17. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. - Voetnoot 1 wordt niet opgenomen, dit wordt geëvalueerd tijdens de individuele toetsing. 10. - Voor meetfrequenties wordt de minst strenge periodiciteit opgenomen tenzij titel II van het VLAREM strenger is. - De uitzondering onder AOX voor CTMP- en CMP-fabrieken wordt opgenomen. - Voetnoten 1, 2, 4 en 5 worden als voetnoot opgenomen. 3.6.5.2.1. 41. "een combinatie van de onderstaande technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 41 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.6.6.1. Aanhef BBT-conclusies voor verwerking van papier voor hergebruik. Opgenomen. 3.6.6.1.1. 42. "een van de volgende technieken of een combinatie daarvan" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 42 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.6.6.2.1. 43. "een combinatie van de volgende technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 43 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.6.6.2.2. 44. - "een van de volgende technieken of een combinatie daarvan" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 44 uit de BBT-conclusies verwezen. - De toepasbaarheid wordt opgenomen. 3.6.6.2.3. 45. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De toepasbaarheid voor tabel 18 en 19 wordt opgenomen in de tabeltitel, met uitzondering van de extra informatie: "Voor geïntegreerde GRV-papierfabrieken omvatten de BBT-GEN's de emissies uit papierproductie, aangezien de witwatercircuits van de papiermachine nauw verbonden zijn met die van de voorraadvoorbereiding". - De verwijzing naar het referentiedebiet wordt niet opgenomen. - De extra informatie "De BZV-concentratie in het behandelde afvalwater zal naar verwachting laag zijn (rond 25 mg/l in een samengesteld monster genomen over een periode van 24 uur)." wordt niet opgenomen, maar wordt wel geëvalueerd tijdens de individuele toetsingen. 45. Tabel 18. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. - Voetnoot 1 bevat extra informatie maar het opnemen ervan wordt geacht niet nodig te zijn. - Voetnoten 2 en 3 worden in de tabel opgenomen. 45. Tabel 19. De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. 10. - Voor meetfrequenties wordt de minst strenge periodiciteit opgenomen tenzij titel II van het VLAREM strenger is. - Voetnoten 1, 2, 4 en 5 worden als voetnoot opgenomen. 3.6.6.3.1. 46. "een combinatie van de volgende technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 46 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.6.7.1. Aanhef BBT-conclusies voor papierproductie en aanverwante processen. Opgenomen. 3.6.7.1.1. 47. "een combinatie van de volgende technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 47 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.6.7.1.2. 48. "een combinatie van de volgende technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 48 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.6.7.1.3. 49. - Technieken worden opgenomen. - De beschrijving en toepasbaarheid van de technieken wordt niet opgenomen, dit wordt geëvalueerd in de individuele toetsingen. 3.6.7.1.4. 50. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De toepasbaarheid voor tabel 20 en 21 wordt opgenomen in de tabeltitel. - De verwijzing naar het referentiedebiet wordt niet opgenomen. 50. Tabel 20. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. - Voetnoot 1 wordt niet opgenomen, dit wordt geëvalueerd in de individuele toetsingen. - De extra informatie "De BZV-concentratie in het behandelde afvalwater zal naar verwachting laag zijn (rond 25 mg/l in een samengesteld monster genomen over een periode van 24 uur)." wordt niet opgenomen, maar wordt wel geëvalueerd tijdens de individuele toetsingen. 50. Tabel 21. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. - Voetnoten 1 en 2 worden niet opgenomen, dit wordt geëvalueerd in de individuele toetsingen. 10. - Voor meetfrequenties wordt de minst strenge periodiciteit opgenomen tenzij titel II van het VLAREM strenger is. - Voetnoten 1, 2, 4 en 5 worden als voetnoot opgenomen. 3.6.7.2.1. 51. Opgenomen. 3.6.7.3.1. 52. - "een combinatie van de volgende technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom zou normaal rechtstreeks verwezen worden naar de BBT uit de BBT-conclusies. In andere bepalingen wordt verwezen naar techniek c uit BBT 52, daarom worden de technieken uit BBT 52 toch opgenomen. - De beschrijving en toepasbaarheid van de technieken wordt niet opgenomen, dit wordt geëvalueerd in de individuele toetsingen. 3.6.7.4.1. 53. "een combinatie van de onderstaande technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 53 uit de BBT-conclusies verwezen. / Beschrijving van technieken. De beschrijving van technieken is extra informatie maar het opnemen ervan wordt geacht niet nodig te zijn.
- f)Toelichting toevoeging hoofdstuk 3.7. Raffineren van aardolie en gas Opbouw De titel III van het VLAREM volgt, op het hoofdstuk over viscositeitsreductie en andere thermische processen na, de opbouw van de BBT-conclusies. Dit resulteert in volgende structuur: HOOFDSTUK 3.7. - Raffineren van aardolie en gas Afdeling 3.7.1. - Toepassingsgebied en definities Afdeling 3.7.2. - Algemene bepalingen Afdeling 3.7.3. - Alkyleringsproces Afdeling 3.7.4. - Productieprocessen van basisolie Afdeling 3.7.5. - Productieproces van bitumen Afdeling 3.7.6. - Gefluïdiseerd katalytisch kraken Afdeling 3.7.7. - Katalytisch reformeren Afdeling 3.7.8. - Vercooksingsproces Afdeling 3.7.9. - Ontzoutingsproces Afdeling 3.7.10. - Verbrandingseenheden Afdeling 3.7.11. - Etherificatieproces Afdeling 3.7.12. - Isomerisatieproces Afdeling 3.7.13. - Raffineren van aardgas Afdeling 3.7.14. - Distillatieproces Afdeling 3.7.15. - Behandelingsproces van producten Afdeling 3.7.16. - Opslag- en behandelingsprocessen Afdeling 3.7.17. - Zwavelbehandeling van afvalgassen Afdeling 3.7.18. - Fakkels Afdeling 3.7.19. - Geïntegreerd emissiebeheer De volgende BBT-conclusie wordt niet opgenomen in titel III van het VLAREM. Tijdens de individuele toetsingen zal worden geëvalueerd of deze BBT-conclusie van toepassing zijn op de installatie: BBT 13 (nl. "Indien een verdere verwijdering van organische stoffen of stikstof vereist is, is het BBT om in een extra behandelingsfase te voorzien zoals beschreven in punt 1.21.2") wegens niet algemeen toepasbaar en handhaafbaar. Bovendien wordt deze BBT ook opgevangen door de BBT-GEN uit BBT 12: Ter beperking van de emissielast voor het ontvangende waterlichaam afkomstig van verontreinigende stoffen in het geloosde afvalwater, is het BBT om onoplosbare en oplosbare verontreinigende stoffen te verwijderen door alle onderstaande technieken te gebruiken: Techniek Omschrijving Toepasbaarheid
- i)Verwijdering van onoplosbare stoffen door olie terug te winnen Zie punt 1.21.2 Algemeen toepasbaar
- ii)Verwijdering van onoplosbare stoffen door zwevende deeltjes en gedispergeerde olie terug te winnen Zie punt 1.21.2 Algemeen toepasbaar iii) Verwijdering van oplosbare stoffen, met inbegrip van biologische behandeling en zuivering Zie punt 1.21.2 Algemeen toepasbaar Mogelijke uitzonderingen op de toepasbaarheid van bepaalde BBT worden niet opgenomen in titel III van het VLAREM, maar er wordt wel een algemeen artikel opgenomen dat voorziet in een afwijkingsmogelijkheid, met toepassing van de bepalingen uit de betrokken BBT. Artikelsgewijze bespreking VLAREM III BBT-conclusies Toelichting 3.7.1.1. Toepassingsgebied De activiteiten waarop de BBT-conclusies al dan niet betrekking hebben worden opgenomen. 3.7.1.2. Definities Alleen definities die niet gelijk zijn aan definities uit VLAREM én die nodig zijn om de sectorale voorwaarden te kunnen begrijpen worden opgenomen. 3.7.2.1. Aanhef algemene en processpecifieke BBT-conclusies voor raffineren van aardolie en gas Opgenomen. 3.7.2.2. Toepasbaarheden Voorwaardelijke uitzonderingen op de toepasbaarheid van bepaalde technieken uit de BBT-conclusies worden niet rechtstreeks opgenomen in VLAREM III. Dit artikel voorziet in de mogelijkheid om in de milieuvergunning een afwijking toe te staan op de artikels waarop een mogelijke beperking van de toepasbaarheid werd vermeld in de BBT-conclusies. 3.7.2.3. 1. Opgenomen. 3.7.2.4. 2. "een combinatie van de onderstaande technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 2 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.7.2.5. 3. "één of een combinatie van de onderstaande technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 3 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.7.2.6. Periodieke metingen van atmosferische emissies Verduidelijking periodieke metingen van atmosferische emissies wordt opgenomen. 3.7.2.7. Continue metingen van atmosferische emissies Verduidelijking continue metingen van atmosferische emissies wordt opgenomen. 3.7.2.8. Referentieomstan-digheden voor zuurstof Referentieomstandigheden voor zuurstof inzake emissies naar lucht worden opgenomen. 3.7.2.9. 4. De meetmethoden vermeld in bijlage 4.4.2. bij titel II van het VLAREM staan bovenaan in de hiërarchie van te volgen meetmethodes. 3.7.2.10. 5. Voor de monitoring van het stikstof- en zwavelgehalte wordt een jaarlijkse frequentie opgenomen. 3.7.2.11. 6. - Punt 1° en 2° van de BBT wordt reeds opgevangen door de bepalingen van afdeling 4.4.6 van titel II van het VLAREM. - Voor de berekening van chronische emissies op basis van emissiefactoren is eenzelfde periodiciteit voor verschillende installaties mogelijk niet wenselijk. Daarom wordt besloten dit punt te behandelen in de individuele evaluaties. 3.7.2.12. 7. Opgenomen. 3.7.2.13. 4, 8. Tabel 2. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. - Voetnoten
- Opgenomen. 3.7.2.
- Tabel
- - De meetmethoden vermeld in bijlage 4.2.5.2 bij titel II van het VLAREM staan bovenaan in de hiërarchie van te volgen meetmethodes. - De minimale monitoringfrequenties uit tabel 3 worden opgenomen. - Voetnoot
- 11,
- - Aangezien alle technieken moeten worden gebruikt, worden ze opgenomen in VLAREM III. - De toepasbaarheid voor bestaande eenheden wordt niet opgenomen, maar kan getoetst worden bij de individuele evaluaties. 3.7.2.
- Middelingstijden voor emissies naar water Middelingstijden voor emissies naar water worden opgenomen, met bijkomend de verduidelijking dat het jaargemiddelde een voortschrijdend gemiddelde betreft. 3.7.2.
- Tabel
- - Voor de parameters waarvoor de emissiegrenswaarden uit VLAREM II strenger zijn dan de bepalingen uit de BREF REF, werden de emissiegrenswaarden uit VLAREM II overgenomen in VLAREM III. - Voor Pb en ZS is het niet duidelijk welke emissiegrenswaarde het strengst is (VLAREM II of BBT-GEN). In dit geval werden de bovengrens van de BBT-GEN overgenomen in VLAREM III. Bij een individuele evaluatie kan dan nagegaan worden welke EGW van toepassing is. - Voor de overige parameters werd de bovengrens van de BBT-GEN overgenomen in VLAREM III. - Waar de meetwaarden schepmonsters betreffen, wordt verduidelijkt dat het om absolute normen gaat. - Voetnoot
- - Deze BBT is niet algemeen toepasbaar en handhaafbaar en wordt daarom niet opgenomen. Bovendien blijven de EGW uit BBT 12 onverminderd van toepassing. - Tijdens de individuele evaluaties kunnen de technieken uit deze BBT wel getoetst worden. 3.7.2.
- Opgenomen. 3.7.2.
- "één of een combinatie van de onderstaande technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 15 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.7.2.
- "één of een combinatie van de onderstaande technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 16 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.7.2.
- "één of een combinatie van de onderstaande technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 17 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.7.2.
- - Aangezien alle technieken moeten worden gebruikt, worden ze opgenomen in VLAREM III. - De toepasbaarheid voor bestaande eenheden wordt niet opgenomen, maar kan getoetst worden bij de individuele evaluaties. - Punt 3° wordt reeds opgevangen door de bepalingen van afdeling 4.4.6 van titel II van het VLAREM. 3.7.3.1.
- Opgenomen, inclusief de verplichting om veiligheidsvereisten in acht te nemen. 3.7.3.1.
- "een combinatie van de onderstaande technieken", waarbij slechts twee technieken worden voorgesteld, impliceert dat alle technieken moeten worden toegepast. Daarom worden de technieken opgenomen in VLAREM III. 3.7.3.2.
- Opgenomen. 3.7.4.
- "één of een combinatie van de onderstaande technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 22 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.7.5.
- "één van de onderstaande technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 23 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.7.6.
- - "één of een combinatie van de onderstaande technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 27 uit de BBT-conclusies verwezen. - Aangezien er rechtstreeks verwezen wordt naar de BBT-conclusies, worden de toepasbaarheden niet opgenomen in VLAREM III. 3.7.6.
- 24, 25, 26,
- Tabellen 4, 5, 6,
- - BBT 24, 25, 26 en 27 worden geïntegreerd in art. 3.7.6.
- - Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrenzen van de BBT-GEN worden opgenomen. - Voetnoot
- - De meetfrequenties voor de concentratie van de parameters in de afgassen van de regenerator van het katalytisch kraakproces, die worden weergegeven in BBT 4, worden opgenomen. - Voetnoten
- 4,
- - "één of een combinatie van de onderstaande technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 28 uit de BBT-conclusies verwezen. - De relevante meetfrequentie uit BBT 4 wordt opgenomen. 3.7.8.
- "één of een combinatie van de onderstaande technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 29 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.7.8.
- De toepasbaarheid wordt getoetst tijdens de individuele toetsingen. 3.7.8.
- "één of een combinatie van de onderstaande technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 31 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.7.8.
- Tabel
- - Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. - Voetnoot
- - De meetfrequenties voor de concentratie van de parameters in de afgassen van calcineereenheden, die worden weergegeven in BBT 4, worden opgenomen. - Voetnoten
- "één of een combinatie van de onderstaande technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 33 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.7.10.
- 34, 35, 36,
- Tabellen 9, 10, 11, 12, 13, 14,
- - BBT 34, 35, 36, 37 worden geïntegreerd in Art. 3.7.10.
- - Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - Voor stookinstallaties is een degelijke vergelijking van de bepalingen, BBT-GEN's uit de BREF REF met de voorwaarden, emissiegrenswaarden, uit VLAREM II zeer moeilijk. - Daarom worden de bepalingen, BBT-GEN, uit de BREF REF overgenomen in VLAREM III als sectorale voorwaarden. In concrete dossiers zal steeds de strengste voorwaarde, deze uit VLAREM II of VLAREM III, gelden. - De bovengrenzen van de BBT-GEN worden opgenomen. - Voetnoot
- - De meetfrequenties voor de concentratie van de parameters in de rookgassen van verbrandingseenheden, die worden weergegeven in BBT 4, worden opgenomen. Een vergelijking is gemaakt met de huidige bepalingen van VLAREM II en de strengste voorwaarden zijn opgenomen. - De bepaling "in afwijking van artikel 5.43.2.20 en artikel 5.43.3.25 van titel II van het VLAREM" wordt opgenomen. Voor stookinstallaties die aanwezig zijn in inrichtingen voor het raffineren van aardolie en gas wordt de meetstrategie opgenomen in dit artikel en zijn de bepalingen uit artikel 5.43.2.20 en 5.43.3.25 niet langer van toepassing. - Voetnoten
- Verhouding met bepalingen uit VLAREM II. Verduidelijking dat voor grote stookinstallaties aanvullend de bepalingen van afdeling 5.43.
- en/of - indien toepasselijk - de bepalingen van afdeling 5.20.2 van titel II van het VLAREM gelden. 3.7.11.
- Opgenomen. 3.7.11.
- Opgenomen. 3.7.12.
- Opgenomen. 3.7.13.
- "alle onderstaande technieken" impliceert dat alle technieken moeten worden toegepast. Daarom worden de technieken opgenomen in VLAREM III. 3.7.13.
- "één of een combinatie van de onderstaande technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 34 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.7.13.
- Opgenomen. 3.7.14.
- De uitzondering op de toepasbaarheid is te voorwaardelijk en wordt niet opgenomen, maar wordt beoordeeld tijdens de individuele toetsingen. 3.7.14.
- Opgenomen. 3.7.14.
- De uitzondering op de toepasbaarheid is te voorwaardelijk en wordt niet opgenomen, maar wordt beoordeeld tijdens de individuele toetsingen. 3.7.15.
- De uitzondering op de toepasbaarheid is te voorwaardelijk en wordt niet opgenomen, maar wordt beoordeeld tijdens de individuele toetsingen. 3.7.15.
- Opgenomen. 3.7.16.
- - VLAREM II is uitgebreider en specifieker, maar niet in alle gevallen strenger dan de BREF REF. - Paragrafen 1 t.e.m. 7 van artikel 5.17.4.4.2.2 van VLAREM II worden verplaatst naar VLAREM III aangezien deze enkel van toepassing zijn voor GPBV-installaties. Paragraaf 8 wordt niet overgenomen in VLAREM III, aangezien dit niet steeds gecontroleerd kan worden bij intern vlottende daken en de hersteltermijn niet realistisch is. Bovendien zullen opslagtanks jaarlijks geïnspecteerd moeten worden met de IR-camera. Hiervoor wordt via een afzonderlijk wijzigingsbesluit een subafdeling 5.17.4.5 in titel II van het VLAREM ingevoegd. Indien de BBT-conclusies strenger zijn, wordt het artikel aangepast aan de BBT-conclusies. Ook de scope van het artikel wordt aangepast aan de scope van de BBT-conclusies. - Voor bestaande tanks zouden bestaande dichtingen vervangen kunnen worden door meer performante dichtingen bij het algemeen onderzoek van de tank. Dit zal geëvalueerd worden bij de individuele toetsingen. 3.7.16.
- "één of een combinatie van de onderstaande technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 50 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.7.16.
- "één of een combinatie van de onderstaande technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 51 uit de BBT-conclusies verwezen. 3.7.16.
- Tabel
- - VLAREM II is uitgebreider en specifieker dan de BREF REF. - De bepalingen uit artikel 5.17.4.4.4.2.
- die van toepassing zijn op het voorkomen of beperken van VOS-emissies naar lucht afkomstig van het laden en lossen, en die uitgebreider zijn dan de BREF REF, worden verplaatst naar VLAREM III, aangezien deze enkel van toepassing zijn voor GPBV-installaties. Indien de BBT-conclusies strenger zijn, wordt het artikel aangepast aan de BBT-conclusies. - Paragraaf 12 van artikel 5.17.4.4.2.2 is niet langer relevant en wordt geschrapt. De toepasbaarheid wordt opgenomen in paragraaf
- - Voetnoot
- - De meetfrequentie voor de concentratie van SO2 in de geloosde afgassen van zwavelterugwinningseenheden uit BBT 4 wordt opgenomen. - Voetnoot
- Opgenomen. 3.7.18.
- "BBT om de onderstaande technieken te gebruiken" impliceert dat alle technieken moeten worden toegepast. Daarom worden de technieken opgenomen in VLAREM III. 3.7.19.
- 57,
- - De BREF REF biedt, in afwijking van BBT 24, BBT34, BBT26, BBT36 en BBT54 voor bestaande installaties, de mogelijkheid tot geïntegreerd emissiebeheer via BBT 57 en BBT 58, echter enkel voor de parameters NOx en SO2, en enkel voor de verbrandingsinstallaties, de (gefluïdiseerd) katalytische kraakinstallaties, en bijkomend voor beheer van SO2-emissies, de zwavelherwinningseenheden. Er worden geen BBT-GEN geformuleerd, maar er wordt gesteld dat "de resulterende totale emissies gelijk moeten zijn aan of lager moeten liggen dan de emissies die behaald zouden worden als de BBT-GEN's eenheid per eenheid worden toegepast." - VLAREM II vermeldt emissiegrenswaarden die betrekking hebben op de som van de emissies, afkomstig van de stookinstallaties, inbegrepen de gasturbines in warmte-krachttoepassing, geïnstalleerd op het bedrijfsterrein van de raffinaderij en al dan niet uitgebaat door de raffinaderij zelf, en de procesinstallaties. De emissiegrenswaarden hebben betrekking op de parameters SO2, NOx, stof, CO, Ni en V. Aanvullend gelden er emissiegrenswaarden voor grote stookinstallaties, alsook een minimale zwavelomzettingsgraad voor Claus-installaties. - Omdat de bepalingen betreffende geïntegreerd emissiebeheer uit VLAREM II en de BREF REF een verschillende toepassing kennen, worden de bepalingen uit de BREF REF overgenomen in VLAREM III. De huidige bepalingen worden behouden in VLAREM II. - Indien een exploitant een techniek voor geïntegreerd emissiebeheer wilt hanteren, wordt dit samen met de van toepassing zijnde emissiegrenswaarden vastgelegd in de milieuvergunning. Hiertoe kan de afdeling bevoegd voor milieuvergunningen de exploitant om de informatie vermeld in bijlage 3.7.
- verzoeken. - Indien een exploitant een techniek voor geïntegreerd emissiebeheer toepast, wordt op uiterlijk 30 maart 2020 een rapportage zoals bepaald in bijlage 3.7.
- bezorgd aan de afdeling bevoegd voor milieuvergunningen. Deze informatie dient conform het uitvoeringsbesluit 2014/768/EU van de Commissie van 30 oktober 2014 door de lidstaten uiterlijk op 30 september 2020 aan de Commissie ter beschikking gesteld te worden. Artikel 17 Dit artikel voorziet in de toevoeging van bijlage 3.7.1 aan VLAREM III. In deze bijlage wordt de informatie gespecifieerd die de exploitant op verzoek aan de afdeling bevoegd voor milieuvergunningen moet bezorgen, indien hij een techniek voor geïntegreerd emissiebeheer wil toepassen. Deze informatie is gebaseerd op het uitvoeringsbesluit 2014/768/EU van de Commissie van 9 oktober
- Artikel 18 Dit artikel voorziet in de toevoeging van bijlage 3.7.2 aan VLAREM III. In deze bijlage wordt de informatie gespecifieerd die de exploitant aan de afdeling bevoegd voor milieuvergunningen moet bezorgen, uiterlijk op 30 maart 2020, indien hij een techniek voor geïntegreerd emissiebeheer toepast. Deze informatie dient conform het uitvoeringsbesluit 2014/768/EU van de Commissie van 9 oktober 2014 door de lidstaten uiterlijk op 30 september 2020 aan de Commissie ter beschikking gesteld te worden. HOOFDSTUK
- - Slotbepalingen Artikel 19 Dit artikel voorziet in de overgangsbepaling voor de wijzigingen aan titel II van het VLAREM die gelinkt zijn aan de BBT-conclusies voor het raffineren van aardolie en gas. Artikel 20 Dit artikel stelt de klassieke slotbepaling vast. Brussel, 11 december
- De minister-president van de Vlaamse Regering, G. BOURGEOIS De Vlaamse minister van Omgeving, Natuur en Landbouw, J. SCHAUVLIEGE ADVIES 57.880/1 VAN 30 SEPTEMBER 2015 VAN DE RAAD VAN STATE, AFDELING WETGEVING, OVER EEN ONTWERP VAN BESLUIT VAN DE VLAAMSE REGERING `TOT WIJZIGING VAN TITEL III VAN HET VLAREM VAN 16 MEI 2014, WAT BETREFT DE OMZETTING VAN DE BBT-CONCLUSIES VOOR DE SECTOREN VOOR HET LOOIEN VAN HUIDEN EN VELLEN, DE PRODUCTIE VAN CEMENT, KALK EN MAGNESIUMOXIDE, DE PRODUCTIE VAN CHLOORALKALI, DE PRODUCTIE VAN PULP, PAPIER EN KARTON EN VOOR HET RAFFINEREN VAN AARDOLIE EN GAS ' Op 14 juli 2015 is de Raad van State, afdeling Wetgeving, door de Vlaamse minister van Omgeving, Natuur en Landbouw verzocht binnen een termijn van dertig dagen, verlengd tot 30 september 2015, een advies te verstrekken over een ontwerp van besluit van de Vlaamse Regering `tot wijziging van titel III van het VLAREM van 16 mei 2014, wat betreft de omzetting van de BBT-conclusies voor de sectoren voor het looien van huiden en vellen, de productie van cement, kalk en magnesiumoxide, de productie van chlooralkali, de productie van pulp, papier en karton en voor het raffineren van aardolie en gas '. Het ontwerp is door de eerste kamer onderzocht op 17 september 2015 . De kamer was samengesteld uit Marnix VAN DAMME, kamervoorzitter, Wilfried VAN VAERENBERGH en Wouter PAS, staatsraden, Marc RIGAUX, assessor, en Greet VERBERCKMOES, griffier. Het verslag is uitgebracht door Kristine BAMS, eerste auditeur . Het advies, waarvan de tekst hierna volgt, is gegeven op 30 september 2015 .
- Met toepassing van artikel 84, § 3, eerste lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, heeft de afdeling Wetgeving zich toegespitst op het onderzoek van de bevoegdheid van de steller van de handeling, van de rechtsgrond, alsmede van de vraag of aan de te vervullen vormvereisten is voldaan. STREKKING EN RECHTSGROND VAN HET ONTWERP
- Het om advies voorgelegde ontwerp van besluit strekt tot het wijzigen van, eensdeels, het besluit van de Vlaamse Regering van 1 juni 1995 `houdende algemene en sectorale bepalingen inzake milieuhygiëne' (VLAREM II genoemd) en, anderdeels, het besluit van de Vlaamse Regering van 16 mei 2014Relevante gevonden documenten type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 03/12/2014 numac 2014035907 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering houdende de rechtspleging voor sommige Vlaamse bestuursrechtscolleges type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 06/10/2014 numac 2014035960 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering houdende de herverdeling van begrotingsartikelen van de algemene uitgavenbegroting van de Vlaamse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 2014 type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 06/10/2014 numac 2014035972 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering houdende de herverdeling van begrotingsartikelen van de algemene uitgavenbegroting van de Vlaamse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 2014 type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 27/10/2014 numac 2014036539 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering betreffende de uitvoering van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013 type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 15/09/2014 numac 2014035894 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering houdende diverse bepalingen ter uitvoering van het decreet van 21 november 2003 betreffende het preventieve gezondheidsbeleid en tot wijziging van uitvoeringsbesluiten van dit decreet type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 30/09/2014 numac 2014035968 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 juni 2009 betreffende de procedures voor woonzorgvoorzieningen en verenigingen van gebruikers en mantelzorgers en van het besluit van de Vlaamse Regering van 24 juli 2009 betreffende de programmatie, de erkenningsvoorwaarden en de subsidieregeling voor woonzorgvoorzieningen en verenigingen van gebruikers en mantelzorgers, wat betreft de dagverzorgingscentra type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 02/07/2014 numac 2014203632 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 maart 2004 tot vaststelling van het statuut van de provinciegouverneurs en de adjunct van de gouverneur van de provincie Vlaams-Brabant wat betreft de selectieprocedure en andere bepalingen type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 27/06/2014 numac 2014203636 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering tot regeling van de inwerkingtreding van artikel 17 en 19 van het decreet van 28 maart 2014 tot wijziging van het decreet van 13 juli 2007 houdende bevordering van een meer evenwichtige participatie van vrouwen en mannen in advies- en bestuursorganen van de Vlaamse overheid en het decreet van 10 juli 2008 houdende een kader voor het Vlaamse gelijkekansen- en gelijkebehandelingsbeleid type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 27/06/2014 numac 2014203643 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering tot aanwijzing van het interfederaal Centrum voor gelijke kansen en bestrijding van discriminatie en racisme als orgaan overeenkomstig artikel 40 van het decreet van 10 juli 2008 houdende een kader voor het Vlaamse gelijkekansen- en gelijkebehandelingsbeleid type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 01/07/2014 numac 2014035643 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering tot rangschikking van onbevaarbare waterlopen op het grondgebied van de provincie Vlaams-Brabant in een hogere of lagere categorie zoals bedoeld in artikel 4bis, § 3, van de wet van 28 december 1967 betreffende de onbevaarbare waterlopen sluiten `houdende bijkomende algemene en sectorale milieuvoorwaarden voor GPBV-installaties
- en 4.4.
- van VLAREM II beperkt in het kader van VLAREM III om te voldoen aan de BBT-conclusies van de Europese Commissie (artikel 11). Tevens worden de sectorale voorwaarden voor ijzer- en staalproductie (artikelen 12 tot 14) en de productie van glas (artikel 15) aangepast. Tot slot wordt VLAREM III aangevuld met sectorale milieuvoorwaarden die gelden voor bepaalde GPBV-installaties (artikelen 16 tot 18).
- Rechtsgrond voor de ontworpen regeling wordt geboden door artikel 20, eerste en derde lid, van het decreet van 28 juni 1985 `betreffende de milieuvergunning'.Wat specifiek het ontworpen artikel 3.7.19.1 van VLAREM III betreft, inzake het geïntegreerd emissiebeheer (artikel 16 van het ontwerp), wordt mede rechtsgrond geboden door artikel 22, vierde lid, van het decreet van 28 juni
- ONDERZOEK VAN DE TEKST Opschrift
- De ontworpen regeling blijft niet beperkt tot het wijzigen van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 mei 2014Relevante gevonden documenten type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 03/12/2014 numac 2014035907 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering houdende de rechtspleging voor sommige Vlaamse bestuursrechtscolleges type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 06/10/2014 numac 2014035960 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering houdende de herverdeling van begrotingsartikelen van de algemene uitgavenbegroting van de Vlaamse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 2014 type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 06/10/2014 numac 2014035972 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering houdende de herverdeling van begrotingsartikelen van de algemene uitgavenbegroting van de Vlaamse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 2014 type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 27/10/2014 numac 2014036539 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering betreffende de uitvoering van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013 type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 15/09/2014 numac 2014035894 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering houdende diverse bepalingen ter uitvoering van het decreet van 21 november 2003 betreffende het preventieve gezondheidsbeleid en tot wijziging van uitvoeringsbesluiten van dit decreet type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 30/09/2014 numac 2014035968 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 juni 2009 betreffende de procedures voor woonzorgvoorzieningen en verenigingen van gebruikers en mantelzorgers en van het besluit van de Vlaamse Regering van 24 juli 2009 betreffende de programmatie, de erkenningsvoorwaarden en de subsidieregeling voor woonzorgvoorzieningen en verenigingen van gebruikers en mantelzorgers, wat betreft de dagverzorgingscentra type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 02/07/2014 numac 2014203632 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 maart 2004 tot vaststelling van het statuut van de provinciegouverneurs en de adjunct van de gouverneur van de provincie Vlaams-Brabant wat betreft de selectieprocedure en andere bepalingen type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 27/06/2014 numac 2014203636 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering tot regeling van de inwerkingtreding van artikel 17 en 19 van het decreet van 28 maart 2014 tot wijziging van het decreet van 13 juli 2007 houdende bevordering van een meer evenwichtige participatie van vrouwen en mannen in advies- en bestuursorganen van de Vlaamse overheid en het decreet van 10 juli 2008 houdende een kader voor het Vlaamse gelijkekansen- en gelijkebehandelingsbeleid type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 27/06/2014 numac 2014203643 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering tot aanwijzing van het interfederaal Centrum voor gelijke kansen en bestrijding van discriminatie en racisme als orgaan overeenkomstig artikel 40 van het decreet van 10 juli 2008 houdende een kader voor het Vlaamse gelijkekansen- en gelijkebehandelingsbeleid type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 01/07/2014 numac 2014035643 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering tot rangschikking van onbevaarbare waterlopen op het grondgebied van de provincie Vlaams-Brabant in een hogere of lagere categorie zoals bedoeld in artikel 4bis, § 3, van de wet van 28 december 1967 betreffende de onbevaarbare waterlopen sluiten, maar houdt ook wijzigingen in van het besluit van de Vlaamse Regering van 1 juni 1995 (zie de artikelen 1 tot 8 van het ontwerp).In het opschrift van het ontwerp zou daarvan eveneens melding moeten worden gemaakt met het oog op een correcte weergave van de draagwijdte van de ontworpen regeling. Aanhef
- De wets- en decretale bepalingen waarnaar wordt verwezen in de eerste vijf leden en in het zevende tot het negende lid van de aanhef van het ontwerp strekken de ontworpen regeling niet tot rechtsgrond en worden er evenmin door gewijzigd.De betrokken leden dienen derhalve uit de aanhef te worden weggelaten.
- In het zesde lid van de aanhef van het ontwerp zoals het om advies is voorgelegd en dat, gelet op opmerking 5, het eerste lid van de aanhef dient te worden, wordt tevens melding gemaakt van de artikelen 21, § 3, en 22bis, § 1, tweede lid, van het decreet van 28 juni
- Aangezien deze laatste bepalingen geen rechtsgrond bieden voor de ontworpen regeling, dient de vermelding ervan in het betrokken lid van de aanhef te worden weggelaten.
- In het lid van de aanhef waarin wordt verwezen naar het advies van de Raad van State vervange men de woorden ", met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 1°, van de wetten op de Raad van State," door de woorden ", met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de wetten op de Raad van State,". Artikel 16
- In diverse van de ontworpen bepalingen onder artikel 16 van het ontwerp wordt verwezen naar "BBT-conclusies", zonder dat de betrokken voorschriften worden overgenomen in de tekst van het ontwerp
- - Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van titel II van het VLAREM van 1 juni 1995 en titel III van het VLAREM van 16 mei 2014, wat betreft de omzetting van de BBT-conclusies voor de sectoren voor het looien van huiden en vellen, de productie van cement, kalk en magnesiumoxide, de productie van chlooralkali, de productie van pulp, papier en karton en voor het raffineren van aardolie en gas De Vlaamse Regering, Gelet op het decreet van 28 juni 1985 betreffende de milieuvergunning, artikel 20, eerste lid, vervangen bij het decreet van 25 mei 2012, en derde lid, ingevoegd bij het decreet van 25 mei 2012 en artikel 22, vierde lid, ingevoegd bij het decreet van 16 januari 2004; Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 1 juni 1995 houdende algemene en sectorale bepalingen inzake milieuhygiëne; Gelet op titel III van het VLAREM van 16 mei 2014; Gelet op de adviezen van de Inspectie van Financiën, gegeven op 7 april 2015 en 25 juni 2015; Gelet op advies 57.880/1 van de Raad van State, gegeven op 30 september 2015, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat dit besluit een aanpassing inhoudt van het VLAREM ten gevolge van BBT-conclusies als vermeld in richtlijn 2010/75/EU van het Europees Parlement en de Raad van 24 november 2010 inzake industriële emissies (geïntegreerde preventie en bestrijding van verontreiniging); Op voorstel van de Vlaamse minister van Omgeving, Natuur en Landbouw; Na beraadslaging, Besluit : HOOFDSTUK
- - Wijzigingen van titel II van het VLAREM Artikel 1.In afdeling 5.17.4 van het besluit van de Vlaamse Regering van 1 juni 1995 houdende algemene en sectorale bepalingen inzake milieuhygiëne, het laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 16 mei 2014Relevante gevonden documenten type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 03/12/2014 numac 2014035907 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering houdende de rechtspleging voor sommige Vlaamse bestuursrechtscolleges type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 06/10/2014 numac 2014035960 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering houdende de herverdeling van begrotingsartikelen van de algemene uitgavenbegroting van de Vlaamse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 2014 type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 06/10/2014 numac 2014035972 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering houdende de herverdeling van begrotingsartikelen van de algemene uitgavenbegroting van de Vlaamse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 2014 type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 27/10/2014 numac 2014036539 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering betreffende de uitvoering van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013 type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 15/09/2014 numac 2014035894 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering houdende diverse bepalingen ter uitvoering van het decreet van 21 november 2003 betreffende het preventieve gezondheidsbeleid en tot wijziging van uitvoeringsbesluiten van dit decreet type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 30/09/2014 numac 2014035968 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 juni 2009 betreffende de procedures voor woonzorgvoorzieningen en verenigingen van gebruikers en mantelzorgers en van het besluit van de Vlaamse Regering van 24 juli 2009 betreffende de programmatie, de erkenningsvoorwaarden en de subsidieregeling voor woonzorgvoorzieningen en verenigingen van gebruikers en mantelzorgers, wat betreft de dagverzorgingscentra type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 02/07/2014 numac 2014203632 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 maart 2004 tot vaststelling van het statuut van de provinciegouverneurs en de adjunct van de gouverneur van de provincie Vlaams-Brabant wat betreft de selectieprocedure en andere bepalingen type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 27/06/2014 numac 2014203636 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering tot regeling van de inwerkingtreding van artikel 17 en 19 van het decreet van 28 maart 2014 tot wijziging van het decreet van 13 juli 2007 houdende bevordering van een meer evenwichtige participatie van vrouwen en mannen in advies- en bestuursorganen van de Vlaamse overheid en het decreet van 10 juli 2008 houdende een kader voor het Vlaamse gelijkekansen- en gelijkebehandelingsbeleid type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 27/06/2014 numac 2014203643 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering tot aanwijzing van het interfederaal Centrum voor gelijke kansen en bestrijding van discriminatie en racisme als orgaan overeenkomstig artikel 40 van het decreet van 10 juli 2008 houdende een kader voor het Vlaamse gelijkekansen- en gelijkebehandelingsbeleid type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 01/07/2014 numac 2014035643 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering tot rangschikking van onbevaarbare waterlopen op het grondgebied van de provincie Vlaams-Brabant in een hogere of lagere categorie zoals bedoeld in artikel 4bis, § 3, van de wet van 28 december 1967 betreffende de onbevaarbare waterlopen sluiten, wordt onderafdeling 5.17.4.4.2, die bestaat uit artikel 5.17.4.4.2.1 en 5.17.4.4.2.2, opgeheven. Art. 2.In afdeling 5.20.2 van hetzelfde besluit, het laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 16 mei 2014Relevante gevonden documenten type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 03/12/2014 numac 2014035907 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering houdende de rechtspleging voor sommige Vlaamse bestuursrechtscolleges type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 06/10/2014 numac 2014035960 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering houdende de herverdeling van begrotingsartikelen van de algemene uitgavenbegroting van de Vlaamse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 2014 type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 06/10/2014 numac 2014035972 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering houdende de herverdeling van begrotingsartikelen van de algemene uitgavenbegroting van de Vlaamse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 2014 type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 27/10/2014 numac 2014036539 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering betreffende de uitvoering van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013 type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 15/09/2014 numac 2014035894 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering houdende diverse bepalingen ter uitvoering van het decreet van 21 november 2003 betreffende het preventieve gezondheidsbeleid en tot wijziging van uitvoeringsbesluiten van dit decreet type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 30/09/2014 numac 2014035968 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 juni 2009 betreffende de procedures voor woonzorgvoorzieningen en verenigingen van gebruikers en mantelzorgers en van het besluit van de Vlaamse Regering van 24 juli 2009 betreffende de programmatie, de erkenningsvoorwaarden en de subsidieregeling voor woonzorgvoorzieningen en verenigingen van gebruikers en mantelzorgers, wat betreft de dagverzorgingscentra type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 02/07/2014 numac 2014203632 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 maart 2004 tot vaststelling van het statuut van de provinciegouverneurs en de adjunct van de gouverneur van de provincie Vlaams-Brabant wat betreft de selectieprocedure en andere bepalingen type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 27/06/2014 numac 2014203636 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering tot regeling van de inwerkingtreding van artikel 17 en 19 van het decreet van 28 maart 2014 tot wijziging van het decreet van 13 juli 2007 houdende bevordering van een meer evenwichtige participatie van vrouwen en mannen in advies- en bestuursorganen van de Vlaamse overheid en het decreet van 10 juli 2008 houdende een kader voor het Vlaamse gelijkekansen- en gelijkebehandelingsbeleid type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 27/06/2014 numac 2014203643 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering tot aanwijzing van het interfederaal Centrum voor gelijke kansen en bestrijding van discriminatie en racisme als orgaan overeenkomstig artikel 40 van het decreet van 10 juli 2008 houdende een kader voor het Vlaamse gelijkekansen- en gelijkebehandelingsbeleid type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 01/07/2014 numac 2014035643 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering tot rangschikking van onbevaarbare waterlopen op het grondgebied van de provincie Vlaams-Brabant in een hogere of lagere categorie zoals bedoeld in artikel 4bis, § 3, van de wet van 28 december 1967 betreffende de onbevaarbare waterlopen sluiten, wordt een artikel 5.20.2.1bis ingevoegd, dat luidt als volgt: "Art. 5.20.2.1bis. De emissiegrenswaarden voor verbrandingseenheden, vermeld in dit hoofdstuk, zijn gedefinieerd bij een referentiezuurstofgehalte in de afgassen van 6% voor vaste brandstoffen, 3% voor verbrandingseenheden, met uitzondering van gasturbines en stationaire motoren, die vloeibare en gasvormige brandstoffen gebruiken, en 15% voor gasturbines, met inbegrip van STEG, en stationaire motoren. De emissiegrenswaarden voor de regeneratoren van het katalytische kraakproces en voor de eenheden voor zwavelterugwinning uit het afvalgas, vermeld in dit hoofdstuk, zijn gedefinieerd bij een referentiezuurstofgehalte in de afgassen van 3%.". Art. 3.In artikel 5.20.2.2, § 1, eerste lid, van hetzelfde besluit, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 7 juni 2013Relevante gevonden documenten type besluit van de vlaamse regering prom. 07/06/2013 pub. 09/07/2013 numac 2013203826 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 februari 2010 houdende de uitvoering van het decreet van 30 maart 1999 houdende de organisatie van de zorgverzekering, wat betreft de automatische aanvraag sluiten, wordt de zinsnede "hoofdstuk 5.31" opgeheven. Art. 4.In artikel 5.20.2.3, § 1, van hetzelfde besluit, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 7 juni 2013Relevante gevonden documenten type besluit van de vlaamse regering prom. 07/06/2013 pub. 09/07/2013 numac 2013203826 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 februari 2010 houdende de uitvoering van het decreet van 30 maart 1999 houdende de organisatie van de zorgverzekering, wat betreft de automatische aanvraag sluiten en gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 16 mei 2014Relevante gevonden documenten type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 03/12/2014 numac 2014035907 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering houdende de rechtspleging voor sommige Vlaamse bestuursrechtscolleges type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 06/10/2014 numac 2014035960 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering houdende de herverdeling van begrotingsartikelen van de algemene uitgavenbegroting van de Vlaamse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 2014 type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 06/10/2014 numac 2014035972 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering houdende de herverdeling van begrotingsartikelen van de algemene uitgavenbegroting van de Vlaamse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 2014 type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 27/10/2014 numac 2014036539 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering betreffende de uitvoering van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013 type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 15/09/2014 numac 2014035894 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering houdende diverse bepalingen ter uitvoering van het decreet van 21 november 2003 betreffende het preventieve gezondheidsbeleid en tot wijziging van uitvoeringsbesluiten van dit decreet type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 30/09/2014 numac 2014035968 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 juni 2009 betreffende de procedures voor woonzorgvoorzieningen en verenigingen van gebruikers en mantelzorgers en van het besluit van de Vlaamse Regering van 24 juli 2009 betreffende de programmatie, de erkenningsvoorwaarden en de subsidieregeling voor woonzorgvoorzieningen en verenigingen van gebruikers en mantelzorgers, wat betreft de dagverzorgingscentra type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 02/07/2014 numac 2014203632 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 maart 2004 tot vaststelling van het statuut van de provinciegouverneurs en de adjunct van de gouverneur van de provincie Vlaams-Brabant wat betreft de selectieprocedure en andere bepalingen type besluit van de vlaamse regering prom. 16/05/2014 pub. 27/06/2014 numac 2014203636 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering tot regeling van de inwerkingtreding van artikel 17 en 19 van het decreet van 28 maart 2014 tot wijziging van het decreet van 13 juli 2007 houdende bevordering van een meer evenwichtige participatie van vrouwen en mannen in advies- en bestuursorganen van de Vlaamse overheid en het decreet van 10 juli 2008 houdende een kader voor het Vlaamse g