📄 Wettekst
11 DECEMBER 2015. - Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van titel II van het VLAREM van 1 juni 1995 en titel III van het VLAREM van 16 mei 2014, wat betreft de omzetting van de BBT-conclusies voor de sectoren voor het looien van huiden en vellen, de productie van cement, kalk en magnesiumoxide en de productie van chlooralkali, de productie van pulp, papier en karton en voor het raffineren van aardolie en gas
VERSLAG AAN DE VLAAMSE REGERING Algemene toelichting Titel III van het VLAREM (
besluit van de Vlaamse Regering van 16 mei 2014Relevante gevonden documenten
type
besluit van de vlaamse regering
prom.
16/05/2014
pub.
03/12/2014
numac
2014035907
bron
vlaamse overheid
Besluit van de Vlaamse Regering houdende de rechtspleging voor sommige Vlaamse bestuursrechtscolleges
type
besluit van de vlaamse regering
prom.
16/05/2014
pub.
06/10/2014
numac
2014035960
bron
vlaamse overheid
Besluit van de Vlaamse Regering houdende de herverdeling van begrotingsartikelen van de algemene uitgavenbegroting van de Vlaamse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 2014
type
besluit van de vlaamse regering
prom.
16/05/2014
pub.
06/10/2014
numac
2014035972
bron
vlaamse overheid
Besluit van de Vlaamse Regering houdende de herverdeling van begrotingsartikelen van de algemene uitgavenbegroting van de Vlaamse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 2014
type
besluit van de vlaamse regering
prom.
16/05/2014
pub.
27/10/2014
numac
2014036539
bron
vlaamse overheid
Besluit van de Vlaamse Regering betreffende de uitvoering van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013
type
besluit van de vlaamse regering
prom.
16/05/2014
pub.
15/09/2014
numac
2014035894
bron
vlaamse overheid
Besluit van de Vlaamse Regering houdende diverse bepalingen ter uitvoering van het decreet van 21 november 2003 betreffende het preventieve gezondheidsbeleid en tot wijziging van uitvoeringsbesluiten van dit decreet
type
besluit van de vlaamse regering
prom.
16/05/2014
pub.
30/09/2014
numac
2014035968
bron
vlaamse overheid
Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 juni 2009 betreffende de procedures voor woonzorgvoorzieningen en verenigingen van gebruikers en mantelzorgers en van het besluit van de Vlaamse Regering van 24 juli 2009 betreffende de programmatie, de erkenningsvoorwaarden en de subsidieregeling voor woonzorgvoorzieningen en verenigingen van gebruikers en mantelzorgers, wat betreft de dagverzorgingscentra
type
besluit van de vlaamse regering
prom.
16/05/2014
pub.
02/07/2014
numac
2014203632
bron
vlaamse overheid
Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 maart 2004 tot vaststelling van het statuut van de provinciegouverneurs en de adjunct van de gouverneur van de provincie Vlaams-Brabant wat betreft de selectieprocedure en andere bepalingen
type
besluit van de vlaamse regering
prom.
16/05/2014
pub.
27/06/2014
numac
2014203636
bron
vlaamse overheid
Besluit van de Vlaamse Regering tot regeling van de inwerkingtreding van artikel 17 en 19 van het decreet van 28 maart 2014 tot wijziging van het decreet van 13 juli 2007 houdende bevordering van een meer evenwichtige participatie van vrouwen en mannen in advies- en bestuursorganen van de Vlaamse overheid en het decreet van 10 juli 2008 houdende een kader voor het Vlaamse gelijkekansen- en gelijkebehandelingsbeleid
type
besluit van de vlaamse regering
prom.
16/05/2014
pub.
27/06/2014
numac
2014203643
bron
vlaamse overheid
Besluit van de Vlaamse Regering tot aanwijzing van het interfederaal Centrum voor gelijke kansen en bestrijding van discriminatie en racisme als orgaan overeenkomstig artikel 40 van het decreet van 10 juli 2008 houdende een kader voor het Vlaamse gelijkekansen- en gelijkebehandelingsbeleid
type
besluit van de vlaamse regering
prom.
16/05/2014
pub.
01/07/2014
numac
2014035643
bron
vlaamse overheid
Besluit van de Vlaamse Regering tot rangschikking van onbevaarbare waterlopen op het grondgebied van de provincie Vlaams-Brabant in een hogere of lagere categorie zoals bedoeld in artikel 4bis, § 3, van de wet van 28 december 1967 betreffende de onbevaarbare waterlopen
sluiten houdende bijkomende algemene en sectorale milieuvoorwaarden voor GPBV-installaties) bevat de algemene en sectorale voorwaarden die enkel van toepassing zijn voor GPBV-installaties.
Met dit wijzigingsbesluit worden aan titel II en titel III van het VLAREM de bijkomende sectorale milieuvoorwaarden toegevoegd voor de volgende GPBV-installaties: a. het looien van huiden en vellen, dd.16 februari 2013; b. de productie van cement-, kalk- en magnesiumoxide, dd.26 maart 2013; c. de productie van chlooralkali, dd.11 december 2013; d. de productie van pulp, papier en karton, dd.30 september 2014; e. het raffineren van aardolie en aardgas, dd.28 oktober 2014.
Artikelsgewijze bespreking HOOFDSTUK 1. - Wijzigingen van titel II van het VLAREM Naar aanleiding van de opname van de BBT-conclusies voor het raffineren van aardolie en gas in titel III van het VLAREM, worden ook een aantal wijzigingen aangebracht in titel II van het VLAREM. Artikel 1 Dit artikel heft vanaf 28 oktober 2018 onderafdeling 5.17.4.4.2 van titel II van het VLAREM op. De bepalingen uit deze onderafdeling worden met dit wijzigingsbesluit opgenomen in artikel 3.7.16.1 en 3.7.16.4. van titel III van het VLAREM. Er worden enkele wijzigingen aangebracht om de bepalingen in lijn te brengen met de BBT-conclusies voor het raffineren van aardolie en gas.
Artikel 2 Dit artikel voegt vanaf 28 oktober 2018 een artikel 5.20.2.1.bis in, in afdeling 5.20.2 van VLAREM II. Dit artikel legt de referentiezuurstofgehaltes vast waarbij de emissiegrenswaarden worden gedefinieerd, voor de verschillende eenheden van raffinaderijen. Dit artikel brengt de referentiezuurstofgehaltes in lijn met de gehaltes die gehanteerd worden in VLAREM III. Artikel 3 Dit artikel heft vanaf 28 oktober 2018 in artikel 5.20.2.2 van titel II van het VLAREM de verwijzing naar hoofdstuk 5.31 op. De voorwaarden van hoofdstuk 5.31 werden via het
besluit van de Vlaamse Regering van 7 juni 2013Relevante gevonden documenten
type
besluit van de vlaamse regering
prom.
07/06/2013
pub.
09/07/2013
numac
2013203826
bron
vlaamse overheid
Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 februari 2010 houdende de uitvoering van het decreet van 30 maart 1999 houdende de organisatie van de zorgverzekering, wat betreft de automatische aanvraag
sluiten verplaatst naar hoofdstuk 5.43 van titel II van het VLAREM. Artikel 4 Dit artikel heft vanaf 28 oktober 2018 de bepaling in de eerste paragraaf van artikel 5.20.2.3 van titel II van het VLAREM op die betrekking heeft op het referentiezuurstofgehalte voor de emissiegrenswaarden in dit artikel. Via artikel 2 van dit wijzigingsbesluit wordt namelijk een algemeen artikel 5.20.2.1.bis ingevoerd, waarin de referentiezuurstofgehaltes voor de verschillende eenheden van raffinaderijen vastgelegd zijn.
Artikel 5 Dit artikel neemt vanaf 28 oktober 2018 artikel 5.20.2.4 opnieuw op in titel II van het VLAREM. De meetstrategie voor stookinstallaties en de beoordeling van de meetresultaten voor grote stookinstallaties in petroleumraffinaderijen is momenteel opgenomen in artikel 5.20.2.6 van titel II van het VLAREM. Voor stookinstallaties die aanwezig zijn in inrichtingen voor het raffineren van aardolie en gas wordt de meetstrategie opgenomen in artikel 3.7.10.2 van titel III van het VLAREM. Voor de beoordeling of de emissiegrenswaarden voor grote stookinstallaties vermeld in artikel 5.20.2.3 van titel II van het VLAREM gerespecteerd worden, gelden de toepasselijke bepalingen uit hoofdstuk 5.43 van titel II van het VLAREM. In artikel 5.20.2.4 van titel II van het VLAREM wordt in het eerste lid een verwijzing opgenomen naar artikel 3.7.10.2 van titel III van het VLAREM en in het tweede lid een verwijzing naar hoofdstuk 5.43 van titel II van het VLAREM. De bepalingen m.b.t. stookinstallaties in artikel 5.20.2.6 van titel II van het VLAREM worden geschrapt.
Artikel 6 Dit artikel wijzigt vanaf 28 oktober 2018 artikel 5.20.2.6 van titel II van het VLAREM. De bepalingen m.b.t. stookinstallaties die opgenomen zijn in punt 2°, a) en punt 3°, b) worden geschrapt en opgenomen in artikel 5.20.2.4. Voor bepaalde procesinstallaties wordt de meetstrategie opgenomen in hoofdstuk 3.7 van titel III van het VLAREM. In artikel 5.20.2.6, 2° wordt een verwijzing opgenomen naar hoofdstuk 3.7 van titel III van het VLAREM. De bepaling "in afwijking van hoofdstuk 4.4" wordt geschrapt in punt 3°. De schrapping van deze bepaling heeft geen inhoudelijke wijziging van de wetgeving tot gevolg. Conform het lex specialis beginsel hebben de sectorale voorwaarden immers steeds voorrang op de algemene bepalingen.
Anderzijds is het niet de bedoeling dat de meetnauwkeurigheid vermeld in artikel 4.4.4.2, § 5 mag toegepast worden op de "bubble" emissiegrenswaarden vermeld in artikel 5.20.2.2, § 1. Dit wordt expliciet toegevoegd.
Artikel 7 Dit artikel vervangt vanaf 28 oktober 2018 paragraaf 3 van artikel 5.20.2.7 van titel II van het VLAREM. Er worden enkele wijzigingen aangebracht om de bepalingen in lijn te brengen met de BBT-conclusies voor het raffineren van aardolie en gas.
Artikel 8 Dit artikel wijzigt vanaf 28 oktober 2018 paragraaf 3 van artikel 5.43.3.25 van titel II van het VLAREM. De afwijking van de continue meetverplichting voor SO2 en stof voor stookinstallaties die gestookt worden met ontzwaveld raffinaderijgas waarvan het zwavelgehalte minder dan 150 ppm bedraagt is niet conform met de BBT-conclusies voor het raffineren van aardolie en gas en wordt bijgevolg geschrapt. HOOFDSTUK 2. - Wijzigingen van titel III van het VLAREM Artikel 9 Dit artikel wijzigt het derde lid van artikel 1.4 van titel III van het VLAREM. Deze bepaling die de elementen opsomt die moeten meegedeeld worden in de aanvraag tot afwijking van BBT-GEN, wordt vervolledigd met een administratief luik. Er wordt gesteld dat een aanvraag ook een aantal gegevens van de aanvrager, een contactpersoon en de inrichting moet bevatten.
Artikel 10 Dit artikel wordt toegevoegd zodat bijkomende algemene en sectorale milieuvoorwaarden in titel III van het VLAREM op het moment dat deze van toepassing worden voorrang hebben op de bijzondere milieuvoorwaarden en de voorwaarden opgenomen in de individuele afwijkingen verleend op milieuvoorwaarden van titel II van het VLAREM die dezelfde problematiek regelen. Bijzondere voorwaarden verleend volgens artikel 1.3 en 1.7 van titel III van het VLAREM en strengere bijzondere milieuvoorwaarden blijven gelden.
Artikel 11 Dit artikel voegt een tweede lid toe aan artikel 2.3.1 van titel III van het VLAREM. Deze aanvulling beperkt het gebruik van het controlemeetprogramma van bijlage 4.2.5.2. en bijlage 4.4.4. van titel II van het VLAREM in het kader van titel III van het VLAREM. Hierdoor wordt gegarandeerd dat de door de GPBV-installaties gehanteerde monitoringsfrequentie voor parameters uit deel 3 van titel III van het VLAREM voldoen aan de BBT-conclusies die door de Europese Commissie aangenomen zijn.
Artikel 12 Dit artikel wijzigt artikel 3.1.3.1.2 van titel III van het VLAREM. Volgens de BBT-conclusies voor ijzer- en staalproductie is het BBT om continumetingen uit te voeren voor primaire emissies van SO2 van sinterbanden. In artikel 3.1.3.1.2 is opgenomen dat continumetingen uitgevoerd moeten worden voor SOx. Aangezien het niet evident is om continumetingen van SOx uit te voeren, wordt voorzien dat SO2 continu gemeten moet worden.
Artikel 13 Dit artikel wijzigt artikel 3.1.4.1.1 van titel III van het VLAREM. Volgens de BBT-conclusies voor ijzer- en staalproductie is het BBT om continumetingen uit te voeren voor emissies van SO2 van verhardingslijnen in pelletiseerinstallaties. In artikel 3.1.4.1.1 is opgenomen dat continumetingen uitgevoerd moeten worden voor SOx.
Aangezien het niet evident is om continumetingen van SOx uit te voeren, wordt voorzien dat SO2 continu gemeten moet worden.
Artikel 14 Dit artikel wijzigt artikel 3.1.5.2.4 van titel III van het VLAREM, waarin de emissiegrenswaarden die van toepassing zijn op de lozing van het afvalwater van een afzonderlijke cokesovenwaterzuiveringsinstallatie in oppervlaktewater, worden vermeld. Indien in titel II van het VLAREM een emissiegrenswaarde (EGW) is opgenomen die strenger is dan de bovengrens van een BBT-GEN bepaald in de BBT-conclusies die de Europese Commissie heeft aangenomen, wordt ervoor gekozen de strengere EGW op te nemen in titel III van het VLAREM. De strengere EGW voor de parameter thiocyanaat vormt geen probleem voor de enige cokesovenwaterzuiveringsinstallatie die hieraan moet voldoen. Bovendien, overeenkomstig artikel 1.1 van titel III van het VLAREM, is de strengste voorwaarde geldig wanneer in titel II van het VLAREM en in titel III van het VLAREM een sectorale voorwaarde een zelfde problematiek regelt. Per vergissing werd toch de minder strenge bovengrens van de BBT-GEN opgenomen voor de parameter thiocyanaat. Dit erratum wordt daarom, in overleg met de sector, met dit wijzigingsartikel rechtgezet.
Artikel 15 Dit artikel wijzigt artikel 3.2.2.13 van titel III van het VLAREM. Volgens de BBT-conclusies voor de productie van glas is het BBT om continumetingen uit te voeren voor emissies van SO2. In artikel 3.2.2.13 is opgenomen dat continumetingen uitgevoerd moeten worden voor SOx in de afgassen van de smeltovens. Aangezien het niet evident is om continumetingen van SOx uit te voeren, wordt voorzien dat SO2 continu gemeten moet worden.
Artikel 16 Dit artikel voegt vijf hoofdstukken toe aan deel 3 "Sectorale Milieuvoorwaarden" van titel III van het VLAREM, namelijk: - Hoofdstuk 3.3 voor het looien van huiden en vellen; - Hoofdstuk 3.4 voor de productie van cement, kalk en magnesiumoxide; - Hoofdstuk 3.5 voor de productie van chlooralkali; - Hoofdstuk 3.6 voor de productie van pulp, papier en karton; - Hoofdstuk 3.7 voor het raffineren van aardolie en gas. a) Algemeen De BBT-conclusies die gepubliceerd werden in het Europees publicatieblad hebben een bindend karakter en vormen de referentie voor de vaststelling van de vergunningsvoorwaarden.De BBT-conclusies voor het looien van huiden en vellen, de BBT-conclusies voor de productie van cement, kalk en magnesiumoxide, de BBT-conclusies voor de productie van chlooralkali, de BBT-conclusies voor de productie van pulp, papier en karton en (de herziening van) de BBT-conclusies voor het raffineren van aardolie en gas, respectievelijk gepubliceerd op 16 februari 2013, 9 april 2013, 11 december 2013, 30 september 2014, en 28 oktober 2014 dienen nu geïmplementeerd te worden in titel III van het VLAREM. Er werd voor geopteerd om zoveel mogelijk van de BBT-conclusies in te voegen in titel III van het VLAREM. In de praktijk komt dit neer op de opname van bijna alle BBT-conclusies in titel III van het VLAREM. De BBT-conclusies die niet worden opgenomen in titel III van het VLAREM zullen worden bekeken bij de individuele toetsing.
Er worden geen technieken weergegeven indien de betreffende BBT een milieuprestatieniveau (bijvoorbeeld een emissiegrenswaarde) voorschrijft. Op die manier worden geen technieken opgelegd en is de exploitant in principe vrij om te kiezen hoe dat milieuprestatieniveau wordt behaald. Er wordt naar gestreefd dat doelvoorschriften primeren op middelvoorschriften.
Wanneer geen milieuprestatieniveau wordt voorgeschreven in de BBT-conclusies wordt ervoor gekozen om enkel de technieken over te nemen indien de exploitant verplicht wordt "alle" technieken toe te passen. De exploitant heeft via artikel 1.7. van titel III van het VLAREM wel steeds de mogelijkheid om een andere beste beschikbare techniek toe te passen om het beoogde van de betreffende BBT te kunnen halen. Wanneer de exploitant verplicht wordt om een of meerdere (of een combinatie van) technieken toe te passen wordt er rechtstreeks naar de BBT-conclusies verwezen waar alle technieken staan opgesomd.
De verschillende BBT-conclusies kunnen onder andere geraadpleegd worden op de websites van het EIPPCB (http://eippcb.jrc.ec.europa.eu/reference/), het BBT-kenniscentrum (http://emis.vito.be/bbt-conclusies) of de afdeling Milieuvergunningen van het Departement Leefmilieu, Natuur en Energie (http://www.lne.be/themas/vergunningen/bbt/bbt-conclusies). b) Toelichting toevoeging hoofdstuk 3.3. Looien van huiden en vellen Opbouw Naast een opsplitsing van "Emissies in de lucht" uit de BBT-conclusies in "Geur" en "Luchtemissies" in titel III van het VLAREM, volgt titel III van het VLAREM de opbouw van de BBT-conclusies. Dit resulteert in volgende structuur: HOOFDSTUK 3.3. - Looien van huiden en vellen Afdeling 3.3.1. - Toepassingsgebied en definities
Afdeling 3.3.2. - Algemene bepalingen
Afdeling 3.3.3. - Monitoring
Afdeling 3.3.4. - Minimalisering van het waterverbruik
Afdeling 3.3.5. - Beperking van emissies in het afvalwater
Afdeling 3.3.6. - Zuivering van emissies in water
Afdeling 3.3.7. - Geur
Afdeling 3.3.8. - Luchtemissies
Afdeling 3.3.9. - Afvalbeheer
Afdeling 3.3.10. - Energie
Artikelsgewijze bespreking
VLAREM III
BBT-conclusies
Toelichting
3.3.1.1.
Toepassingsgebied
De activiteiten waarop de BBT-conclusies betrekking hebben worden opgenomen.
3.3.1.2.
Definities
Enkel definities die niet gelijk zijn aan definities uit VLAREM én welke nodig zijn om de sectorale voorwaarden te kunnen begrijpen worden opgenomen.
3.3.2.1.
1.
Opgenomen
3.3.2.2.
2.
Opgenomen
3.3.3.1.
3.
o Verwijzing CEN-, ISO- en andere normen wordt opgenomen. o Voor de periodiciteit van monitoring van emissies en andere relevante procesparameters wordt de minst strenge periodiciteit opgenomen tenzij titel II van het VLAREM strenger is. o Wanneer de BBT-conclusies regelmatig of periodiek voorschrijven wordt er voor een periodiciteit van vier maanden gekozen.
3.3.4.1.
4.
- Indien een BBT-conclusie een BBT-GMPN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrens van de BBT-GMPN wordt opgenomen.
3.3.5.1.
5.
"het gebruik van een geschikte combinatie van onderstaande technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 5 uit de BBT-conclusies verwezen.
3.3.5.2.
6.
"het gebruik van een geschikte combinatie van onderstaande technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 6 uit de BBT-conclusies verwezen.
3.3.5.3.
7.
"het gebruik van een geschikte combinatie van onderstaande technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 7 uit de BBT-conclusies verwezen.
3.3.5.4.
8.
Opgenomen: - Bij een richtlijn wordt verwezen naar de afdeling in titel II van het VLAREM waarin deze richtlijn werd omgezet. - Naar verordeningen wordt rechtstreeks verwezen.
3.3.5.5.
9.
Naar verordeningen wordt rechtstreeks verwezen.
3.3.6.1.
10.
- Indien een BBT-conclusie BBT-GENs bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - Voor alle parameters, behalve voor CZV, wordt de bovengrens van de BBT-GENs opgenomen. - Voor CZV wordt een strengere EGW dan de bovengrens van de BBT-GENs bepaald aangezien titel II van het VLAREM reeds strenger is.
3.3.6.3
11.
Opgenomen
3.3.6.2.
12.
- Indien een BBT-conclusie BBT-GENs bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - Voor alle parameters, wordt de bovengrens van de BBT-GENs opgenomen.
3.3.7.1.
13.
Opgenomen
3.3.7.2.
14.
Opgenomen
3.3.7.3.
15.
Opgenomen
3.3.7.4.
16.
Opgenomen
3.3.7.5.
17.
Opgenomen
3.3.8.1.
18.
Er wordt een direct verbod op gehalogeneerde VOS opgelegd.
3.3.8.2.
19.
- Indien een BBT-conclusie BBT-GMPNs of BBT-GENs bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - Voor alle parameters, wordt de bovengrens van de BBT-GMPNs en de BBT-GEN opgenomen.
3.3.8.3.
20.
De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen.
3.3.9.1.
21. en 22. BBT 21 en 22 worden geïntegreerd in art. 3.3.9.1. Voorbeelden worden niet opgenomen.
3.3.9.2.
23.
Opgenomen
3.3.9.3.
24.
"het gebruik van een geschikte combinatie van onderstaande technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 24 uit de BBT-conclusies verwezen.
3.3.9.4.
25.
Opgenomen
3.3.10.1.
26.
Opgenomen
3.3.10.2.
27.
- Indien een BBT-conclusie BBT-GMPNs bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM - Voor alle parameters wordt de bovengrens van de BBT-GMPNs opgenomen
c) Toelichting toevoeging hoofdstuk 3.4. Productie van cement, kalk en magnesiumoxide Opbouw De titel III van het VLAREM volgt de opbouw van de BBT-conclusies. Dit resulteert in volgende structuur: HOOFDSTUK 3.4. - Productie van cement, kalk en magnesiumoxide Afdeling 3.4.1. - Toepassingsgebied en definities
Afdeling 3.4.2. - Algemene bepalingen
Afdeling 3.4.3. - Cementindustrie
Afdeling 3.4.4. - Kalkindustrie
Afdeling 3.4.5. - Magnesiumoxide-industrie
De volgende BBT-conclusies worden niet opgenomen in titel III van het VLAREM. Tijdens de individuele toetsingen zal worden geëvalueerd of deze BBT-conclusies van toepassing zijn op de installatie: BBT 8, namelijk "De BBT om het verbruik van primaire energie te beperken, bestaan erin te overwegen om het klinkergehalte van cement en cementproducten te verlagen." Omschrijving Het klinkergehalte van cement en cementproducten kan worden verminderd door vulmaterialen en/of toevoegingen, zoals hoogovenslakken, kalksteen, vliegas en puzzolaanaarde toe te voegen in de maalfase, overeenkomstig de relevante cementnormen.
Toepasbaarheid Algemeen toepasbaar in de cementindustrie, afhankelijk van de (lokale) beschikbaarheid van vulmaterialen en/of toevoegingen en specifieke kenmerken van de lokale markt, wegens te voorwaardelijk.
BBT 9, namelijk "De BBT om het verbruik van primaire energie te beperken, bestaan erin het gebruik van WKK-installaties te overwegen." Omschrijving Het gebruik van WKK-installaties voor de productie van stoom en elektriciteit of warmte-krachtcentrales kan worden toegepast in de cementindustrie door terugwinning van geloosde warmte van de klinkerkoeler of rookgas uit de oven met behulp van conventionele stoomcyclusprocessen of andere technieken. Daarnaast kan overtollige warmte uit de klinkerkoeler of rookgas uit de oven worden teruggewonnen voor stadsverwarming of industriële toepassingen.
Toepasbaarheid Deze techniek is toepasbaar op alle cementovens als voldoende overtollige warmte beschikbaar is, als kan worden voldaan aan de juiste procesparameters en als de economische levensvatbaarheid is verzekerd, wegens te voorwaardelijk.
BBT 67, namelijk "De BBT om procesverliezen/afval te verminderen of zo veel mogelijk te beperken, bestaan erin de diverse soorten opgevangen magnesiumcarbonaatstof die niet voor recycling in aanmerking komen te gebruiken in andere verhandelbare producten." Toepasbaarheid Het gebruik van magnesiumcarbonaat in andere verhandelbare producten valt mogelijk niet onder de controle van de exploitant, omdat de toepasbaarheid mogelijks buiten controle van de exploitant valt.
BBT 68, namelijk "De BBT om procesverliezen/afval te verminderen of zo veel mogelijk te beperken, bestaan erin de slurry, afkomstig uit het natte proces van de rookgasontzwaveling, te hergebruiken in het proces of in andere bedrijfstakken." Toepasbaarheid Het gebruik van slurry afkomstig uit het natte proces van de rookgasontzwaveling in het proces of in andere bedrijfstakken valt mogelijk niet onder de controle van de exploitant, omdat de toepasbaarheid mogelijks buiten controle van de exploitant valt Artikelsgewijze bespreking
VLAREM III
BBT-conclusies
Toelichting
3.4.1.1.
Toepassingsgebied
De activiteiten waarop de BBT-conclusies betrekking hebben worden opgenomen.
3.4.1.2.
Definities
Alleen definities die niet gelijk zijn aan definities uit het VLAREM én die nodig zijn om de sectorale voorwaarden te kunnen begrijpen worden opgenomen.
3.4.2.1.
Aanhef algemene BBT-conclusies
Opgenomen.
3.4.2.2.
Algemene overwegingen
De definitie discontinue metingen wordt opgenomen. De definitie van daggemiddelde wordt niet opgenomen omdat de term `daggemiddelde' reeds algemeen gebruikt wordt in titel II van het VLAREM.
3.4.2.3.
Aanhef BBT 5, BBT32, BBT 55
Opgenomen.
3.4.2.4.
Algemene overwegingen
Tabel referentieomstandigheden wordt opgenomen, de standaardomstandigheden en de conversie naar referentiezuurstofgehalte worden niet opgenomen. Deze zijn reeds beschreven in artikel 4.4.3.1. § 1 en § 6 van titel II van het VLAREM.
3.4.2.5.
1.
Opgenomen.
3.4.2.6.
2.
"een combinatie van de volgende technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 2 uit de BBT-conclusies verwezen.
3.4.3.1.
Aanhef BBT-conclusies voor de cementindustrie
Opgenomen.
3.4.3.2.
3.
Opgenomen.
3.4.3.3.
4.
Opgenomen.
3.4.3.4.
5.a
Voor de periodiciteit van monitoring van emissies en andere relevante procesparameters wordt de minst strenge periodiciteit opgenomen tenzij titel II van het VLAREM strenger is.
Wanneer de BBT-conclusies regelmatig of periodiek voorschrijven wordt dit geëvalueerd per parameter.
3.4.3.5.
5.b
3.4.3.6.
5.c
3.4.3.7.
5.d 5.e 5.f
3.4.3.8.
5.g
3.4.3.9.
6.
- Indien een BBT-conclusie een BBT-GMPN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - Als verbruiksniveau wordt de bovengrens opgenomen. De BBT-GMPN wordt enkel opgenomen voor nieuwe installaties. De BBT-conclusie is ook van toepassing op "belangrijke verbeteringen". Of een installatie een "belangrijke verbetering" heeft doorgevoerd wordt geëvalueerd tijdens de individuele toetsing. Er zijn geen bestaande cementinstallaties in Vlaanderen, dus indien een cementinstallatie moet beoordeeld worden in Vlaanderen, zal dit steeds een nieuwe installatie zijn.
De toepasbaarheid "afhankelijk van het vochtgehalte en de grondstoffen" wordt niet opgenomen, dit wordt geëvalueerd in de individuele toetsingen.
3.4.3.10.
7.
"een combinatie van de volgende technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 7 uit de BBT-conclusies verwezen.
3.4.3.11.
10.
"de toepassing van een of meer van de volgende technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 10 uit de BBT-conclusies verwezen.
3.4.3.12.
11.
Opgenomen.
3.4.3.13.
12.
Opgenomen.
3.4.3.14.
13.
Opgenomen.
3.4.3.15.
14.
"de toepassing van een of meer van de volgende technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 14 uit de BBT-conclusies verwezen.
3.4.3.16.
15.
"de toepassing van een of meer van de volgende technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 15 uit de BBT-conclusies verwezen.
3.4.3.17.
16.
- Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - Voor alle parameters wordt de bovengrens van de BBT-GEN opgenomen.
3.4.3.18.
17.
- Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - Het BBT-GEN voor stofuitstoot afkomstig van afgassen die vrijkomen bij het stoken van ovens is 25.
- Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen.
26.
- Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen.
27.
- Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. Tevens wordt de bemonsteringsperiode voor dioxinen en furanen opgenomen wegens het ontbreken van bepalingen hieromtrent in de algemene bepalingen in titel II van het VLAREM.
28.
- Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrenzen van de BBT-GEN worden opgenomen, met uitzondering voor Hg op basis van voetnoot 2 in de BBT-conclusie, namelijk "Waarden boven 0,03 mg/Nm® moeten verder onderzocht worden". Installaties die willen afwijken binnen de BBT-GEN boven 0,03 mg/Nm® kunnen beroep doen op de afwijkingsmogelijkheid volgens artikel 1.3 van titel III van het VLAREM, zodat ze tijd krijgen om hun emissies verder te onderzoeken.
Voetnoot 1 wordt niet opgenomen, deze zal geëvalueerd worden tijdens de individuele toetsingen.
3.4.3.19.
18.
- Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - Er zijn geen bestaande installaties in Vlaanderen, indien een nieuwe installatie wordt gebouwd, zal deze gebruik maken van een doekfilter of een nieuwe ESP. Overeenkomstig de BBT-conclusies "Wanneer doekfilters of nieuwe of verbeterde elektrostatische stofvangers worden gebruikt, wordt het laagste niveau bereikt" wordt de ondergrens van de BBT-GEN haalbaar geacht, deze wordt opgenomen.
3.4.3.20.
19.
- Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - Voor ovens met voorverhitter wordt de bovengrens van de BBT-GEN opgenomen. Voor Lepol- en lange draaiovens wordt de waarde uit titel II van het VLAREM opgenomen. De voetnoten worden niet opgenomen, deze worden geëvalueerd tijdens de individuele toetsingen.
3.4.3.21.
20.
- Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. De voetnoot in de BBT-conclusie wordt niet opgenomen in titel III van het VLAREM. Deel 1 van de voetnoot wordt geëvalueerd tijdens de individuele toetsingen, de tweede zin wordt niet opgenomen omdat "kan het niveau zelfs hoger zijn" niet handhaafbaar is. Installaties die gebruik willen maken van deze bepaling uit de BBT-conclusies, kunnen beroep doen op de afwijkingsmogelijkheid volgens artikel 1.3 van titel III van het VLAREM.
3.4.3.22.
21.
- Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. Voetnoot 1 wordt niet opgenomen, deze zal geëvalueerd worden tijdens de individuele toetsingen. Voetnoot 2 wordt niet opgenomen. Installaties die gebruik willen maken van deze bepaling uit de BBT-conclusies, kunnen beroep doen op de afwijkingsmogelijkheid volgens artikel 1.3 van titel III van het VLAREM.
3.4.3.23.
22.
Opgenomen.
3.4.3.24.
23.
Opgenomen.
3.4.3.25.
24.
Opgenomen.
3.4.2.26.
29.
Er wordt rechtstreeks naar BBT 29 uit de BBT-conclusies verwezen.
Gezien de technieken "indien mogelijk" van toepassing zijn, worden deze geëvalueerd tijdens de individuele toetsingen.
3.4.4.1.
Aanhef BBT-conclusies voor de kalkindustrie
Opgenomen.
3.4.4.2.
30.
Opgenomen.
3.4.4.3.
31.
Opgenomen.
3.4.4.4.
32.a
Voor de periodiciteit van monitoring van emissies en andere relevante procesparameters wordt de minst strenge periodiciteit opgenomen tenzij titel II van het VLAREM strenger is.
Wanneer de BBT-conclusies regelmatig of periodiek voorschrijven wordt dit geëvalueerd per parameter.
3.4.4.5.
32.b
3.4.4.6.
32.c
3.4.4.7.
32.c, 32.e, 32.f
3.4.4.8.
32.d, 32.e
3.4.4.9.
32.g
3.4.4.10.
33.
- Indien een BBT-conclusie een BBT-GMPN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrenzen van de BBT-GMPN worden opgenomen. Voetnoot 1 wordt niet opgenomen, deze zal geëvalueerd worden tijdens de individuele toetsingen.
3.4.4.11.
34.
"de toepassing van een of meer van de volgende technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 34 uit de BBT-conclusies verwezen.
3.4.4.12.
35.
"de toepassing van een of meer van de volgende technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 35 uit de BBT-conclusies verwezen.
3.4.4.13.
36.
Opgenomen.
3.4.4.14.
37.
Opgenomen.
3.4.4.15.
38.
Opgenomen.
3.4.4.16.
39.
Opgenomen.
3.4.4.17.
40.
"de toepassing van een of meer van de volgende technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 40 uit de BBT-conclusies verwezen.
3.4.4.18.
41.
"de toepassing van een of meer van de volgende technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 41 uit de BBT-conclusies verwezen.
3.4.4.19.
42.
- Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrenzen van de BBT-GEN worden opgenomen.
3.4.4.20.
43.
- Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. Voetnoot (*) wordt niet opgenomen wegens slechts van toepassing in uitzonderlijke gevallen. Installaties die gebruik willen maken van deze bepaling uit de BBT-conclusies, kunnen beroep doen op de afwijkingsmogelijkheid volgens artikel 1.3 van titel III van het VLAREM.
45.
- Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrenzen van de BBT-GEN worden opgenomen. Voetnoot 1 wordt niet opgenomen, deze zal geëvalueerd worden tijdens de individuele toetsingen. Voetnoten 2 en 3 worden niet opgenomen. Installaties die gebruik willen maken van deze bepalingen uit de BBT-conclusies, kunnen beroep doen op de afwijkingsmogelijkheid volgens artikel 1.3 van titel III van het VLAREM.
47.
- Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - Voetnoot 1 wordt niet opgenomen, deze zal geëvalueerd worden tijdens de individuele toetsingen. Voetnoot 2 wordt niet opgenomen.
Installaties die gebruik willen maken van deze bepaling uit de BBT-conclusies, kunnen beroep doen op de afwijkingsmogelijkheid volgens artikel 1.3 van titel III van het VLAREM.
48.
- Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. Voetnoot 1 in de BBT-conclusies wordt niet overgenomen in VLAREM III. Installaties die gebruik willen maken van deze bepaling uit de BBT-conclusies, kunnen een afwijkingsaanvraag indienen volgens artikel 1.3. van titel III van het VLAREM.
50.
- Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrenzen van de BBT-GEN worden opgenomen. Voetnoten 1 en 2 worden niet opgenomen. Installaties die gebruik willen maken van deze bepalingen uit de BBT-conclusies, kunnen beroep doen op de afwijkingsmogelijkheid volgens artikel 1.3 van titel III van het VLAREM.
51.
- Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrenzen van de BBT-GEN worden opgenomen
52.
- Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrenzen van de BBT-GEN worden opgenomen. Tevens wordt de bemonsteringsperiode voor dioxinen en furanen opgenomen wegens het ontbreken van bepalingen hieromtrent in de algemene bepalingen in titel II van het VLAREM.
53.
- Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrenzen van de BBT-GEN worden opgenomen. De opmerking in de tabel wordt niet opgenomen, deze zal geëvalueerd worden tijdens de individuele toetsingen.
3.4.4.21.
44.
"de toepassing van een of meer van de volgende technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 44 uit de BBT-conclusies verwezen.
3.4.4.22.
46.
- Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen.
3.4.4.23.
49.
Opgenomen.
3.4.4.24.
54.
Opgenomen.
3.4.5.1.
Aanhef BBT-conclusies voor de magnesiumoxide-industrie
Opgenomen.
3.4.5.2.
55. a
Voor de periodiciteit van monitoring van emissies en andere relevante procesparameters wordt de minst strenge periodiciteit opgenomen tenzij titel II van het VLAREM strenger is. Wanneer de BBT-conclusies regelmatig of periodiek voorschrijven wordt dit geëvalueerd per parameter.
3.4.5.3.
55. b
3.4.5.4.
55. c
3.4.5.5.
55. d
3.4.5.6.
56.
- Indien een BBT-conclusie een BBT-GMPN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrens van de BBT-GMPN wordt opgenomen.
3.4.5.7.
57.
"de toepassing van een of meer van de volgende technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 57 uit de BBT-conclusies verwezen.
3.4.5.8.
58.
"de toepassing van een of meer van de volgende technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 58 uit de BBT-conclusies verwezen.
3.4.5.9.
59.
- Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen.
3.4.5.10.
60.
- Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen.
62.
- Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - Overeenkomstig de BBT-conclusies wordt de bovengrens van de BBT-GEN opgenomen voor verwerking van doodgebrand magnesiumoxide, voor de overige wordt de ondergrens opgenomen.
63.
- Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen.
65.
- Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrens en de ondergrens van de BBT-GEN worden opgenomen overeenkomstig de BBT-conclusies. Voetnoot 2 wordt niet opgenomen, deze zal geëvalueerd worden tijdens de individuele toetsingen.
Voetnoot 3 wordt niet opgenomen. Installaties die gebruik willen maken van deze bepaling uit de BBT-conclusies, kunnen beroep doen op de afwijkingsmogelijkheid volgens artikel 1.3 van titel III van het VLAREM.
3.4.5.11.
61.
"de toepassing van een of meer van de volgende technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 61 uit de BBT-conclusies verwezen.
3.4.5.12.
64.
Opgenomen.
3.4.5.13.
66.
Opgenomen.
3.4.5.14.
69.
Opgenomen.
d) Toelichting toevoeging hoofdstuk 3.5. Productie van chlooralkali Opbouw De BBT-conclusies voor de productie van chlooralkali worden in titel III van het VLAREM gerangschikt per thema. Dit resulteert in volgende structuur: HOOFDSTUK 3.5. - Productie van chlooralkali Afdeling 3.5.1. - Toepassingsgebied en definities
Afdeling 3.5.2. - Algemene bepalingen
Afdeling 3.5.3. - Energie
Afdeling 3.5.4. - Luchtemissies
Afdeling 3.5.5. - Afvalwater
Afdeling 3.5.6. - Afval
De volgende BBT-conclusie (BBT 10) wordt niet opgenomen in titel III van het VLAREM. Tijdens de individuele toetsingen zal worden geëvalueerd of deze BBT-conclusie van toepassing is op de installatie: "Het gebruik van koelvloeistoffen met een hoog broeikasgaspotentieel en in ieder geval hoger dan 150 (bv. veel fluorkoolwaterstoffen (HFK's)) in nieuwe eenheden voor het vloeibaar maken van chloor, kan niet als BBT worden beschouwd.
Beschrijving Geschikte koelvloeistoffen zijn onder meer: - een combinatie van kooldioxide en ammoniak in twee koelcircuits; - chloor; - water.
Toepasbaarheid Bij de keuze van een koelmiddel moet rekening worden gehouden met de bedrijfsveiligheid en energie-efficiëntie.".
Artikelsgewijze bespreking
VLAREM III
BBT-conclusies
Toelichting
3.5.1.1.
Toepassingsgebied
De processen en activiteiten waarop de BBT-conclusies al dan niet betrekking hebben worden opgenomen.
3.5.1.2.
Definities
Alleen definities die niet gelijk zijn aan definities uit het VLAREM én die nodig zijn om de sectorale voorwaarden te kunnen begrijpen worden opgenomen.
3.5.1.3
Algemene overwegingen
"Tenzij anders vermeld, kunnen de bepalingen in dit hoofdstuk algemeen worden toegepast" wordt opgenomen.
3.5.2.1.
1.
"één of een combinatie van de onderstaande technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 1 uit de BBT-conclusies verwezen.
3.5.2.2.
2.
Alle kenmerken zijn van toepassing en worden dus integraal opgenomen.
3.5.2.3.
17.
Het terreinsaneringsplan wordt grotendeels opgevangen door het Bodemdecreet. Daarom wordt er hier in art. 3.5.2.4 naar verwezen en worden alleen bijkomende elementen uit BBT 17 opgenomen.
3.5.2.4.
7. Algemeen
Verwijzing CEN-, ISO- en andere normen wordt opgenomen. 3.5.3.1.
5.
"een combinatie van de onderstaande technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 5 uit de BBT-conclusies verwezen.
3.5.3.2.
6.
Opgenomen.
3.5.4.1.
8.
- Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen.
7. Chloor en chloordioxide
Continu meten door middel van elektrochemische cellen wordt opgenomen. Voor meting via absorptie in een oplossing wordt de monitoringfrequentie "jaarlijks" opgenomen.
3.5.4.2.
9.
Opgenomen.
10.
Deze BBT is niet algemeen toepasbaar en handhaafbaar en wordt daarom niet opgenomen in VLAREM III maar wordt wel geëvalueerd tijdens de individuele toetsing.
3.5.5.1.
3.
- Indien een BBT-conclusie een BBT-GMPN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrens van de BBT-GMPN wordt opgenomen.
7. Kwik
De minimale monitoringfrequentie "dagelijks" wordt opgenomen. 3.5.5.2.
4.
"een combinatie van de onderstaande technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 4 uit de BBT-conclusies verwezen.
3.5.5.3.
11.
"een combinatie van de onderstaande technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 11 uit de BBT-conclusies verwezen.
3.5.5.4.
12.
Er wordt, net zoals in de BBT-conclusies zelf, verwezen naar de technieken uit BBT 4.
7. Chloride
De minimale monitoringfrequentie "maandelijks" wordt opgenomen. 3.5.5.5.
13.
- Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen.
7. Vrij chloor, waar de emissie de installatie verlaat
De minimale monitoringfrequentie "maandelijks" wordt opgenomen. 7. Vrij chloor, dicht bij de bron
"continu meten" wordt opgenomen. 3.5.5.6.
14.
"één of een combinatie van de onderstaande technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 14 uit de BBT-conclusies verwezen.
7. Chloraat
De minimale monitoringfrequentie "maandelijks" wordt opgenomen. 3.5.5.7.
15.
"een combinatie van de onderstaande technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 15 uit de BBT-conclusies verwezen.
7. Gehalogeneerde organische verbindingen
De minimale monitoringfrequentie "jaarlijks" wordt opgenomen. 3.5.5.8.
7. Sulfaat
De minimale monitoringfrequentie "jaarlijks" wordt opgenomen. 3.5.5.9.
7. Relevante zware metalen
De minimale monitoringfrequentie "jaarlijks" wordt opgenomen. 3.5.6.1.
16.
- Indien een BBT-conclusie een BBT-GMPN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De bovengrens van de BBT-GMPN wordt opgenomen.
e) Toelichting toevoeging hoofdstuk 3.6. Productie van pulp, papier en karton Opbouw De titel III van het VLAREM volgt de opbouw van de BBT-conclusies. Dit resulteert in volgende structuur: HOOFDSTUK 3.6. - Productie van pulp, papier en karton Afdeling 3.6.1. - Toepassingsgebied en definities
Afdeling 3.6.2. - Algemene bepalingen
Afdeling 3.6.3. - Kraftpulpproductie
Afdeling 3.6.4. - Sulfietpulpproductie
Afdeling 3.6.5. - Mechanische en chemisch-mechanische pulpproductie
Afdeling 3.6.6. - Verwerking van papier voor hergebruik
Afdeling 3.6.7. - Papierproductie en aanverwante processen
De volgende BBT-conclusie wordt niet opgenomen in titel III van het VLAREM. Tijdens de individuele toetsingen zal worden geëvalueerd of deze BBT-conclusie van toepassing is op de installatie: BBT 15 (nl. "Wanneer verdere verwijdering van organische stoffen, stikstof of fosfor nodig is, is het BBT om de tertiaire behandeling toe te passen, zoals beschreven in paragraaf 1.7.2.2.") wegens niet algemeen toepasbaar en afhankelijk van aftoetsing aan lokale omstandigheden.
Artikelsgewijze bespreking
VLAREM III
BBT-conclusies
Toelichting
3.6.1.1.
Toepassingsgebied.
De activiteiten waarop de BBT-conclusies al dan niet betrekking hebben worden opgenomen.
3.6.1.2.
Definities.
Alleen definities die niet gelijk zijn aan definities uit VLAREM én die nodig zijn om de sectorale voorwaarden te kunnen begrijpen worden opgenomen.
3.6.1.3.
Met BBT geassocieerde emissieniveaus.
De bepaling uit de BBT-Conclusies "Voor geïntegreerde en multiproductpulp- en papierfabrieken dienen de emissiegrenswaarden die worden bepaald voor de individuele processen of producten te worden gecombineerd volgens een mengregel op basis van het aandeel in het debiet." wordt opgenomen.
3.6.2.1.
Aanhef algemene BBT-conclusies voor de pulp- en papierindustrie.
Opgenomen.
3.6.2.1.1.
1.
Opgenomen.
3.6.2.2.1.
2.
Opgenomen.
3.6.2.2.2.
3.
"een combinatie van de volgende technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 3 uit de BBT-conclusies verwezen.
3.6.2.3.1.
8.II. (eerste twee lijnen).
Opgenomen. Wanneer de BBT-conclusies regelmatig of periodiek voorschrijven wordt de periodiciteit geëvalueerd per parameter.
3.6.2.3.2.
BBT 10. Tabel (h).
Overeenkomstig bijlage 4.2.5.2. van titel II van het VLAREM, wordt voor relevante metalen in het water een driemaandelijkse meetfrequentie opgenomen.
3.6.2.3.3.
Middelingstijden voor emissies in het water.
Opgenomen.
3.6.2.3.4.
Aanhef BBT 10.
Verwijzing CEN-, ISO- en andere normen wordt opgenomen.
BBT 10. Tabel.
- De meetfrequenties (met uitzondering van de meetfrequentie voor relevante metalen) en de voetnoten 1, 2, 4 en 5 worden opgenomen onder de processpecifieke bepalingen, daar waar de emissiegrenswaarden van de parameters opgenomen worden. - Voetnoot 3 wordt niet opgenomen, dit wordt geëvalueerd in de individuele toetsingen.
3.6.2.3.5.
4.
- Indien een BBT-conclusie een BBT-GMPN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - Als verbruiksniveau wordt de bovengrens opgenomen.
3.6.2.3.6.
5.
- Indien een BBT-conclusie een BBT-GMPN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - Voor alle sectoren wordt als maximale afvalwaterstroom de bovengrens opgenomen.
3.6.2.3.7.
13.
Deze BBT, inclusief toepasbaarheid, wordt opgenomen.
3.6.2.3.8.
14.
Deze BBT, inclusief voetnoot, wordt opgenomen.
/
15.
Deze BBT is niet algemeen toepasbaar en afhankelijk van aftoetsing aan lokale omstandigheden, en wordt daarom niet opgenomen in titel III van het VLAREM maar wordt wel geëvalueerd tijdens de individuele toetsingen.
3.6.2.3.9.
16.
Opgenomen.
3.6.2.4.1.
6.a.
Opgenomen.
6.b t/m 6.j.
"een combinatie van de volgende technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 6 uit de BBT-conclusies verwezen.
3.6.2.5.1.
Aanhef paragraaf 1.1.5.
Niet opgenomen.
7.
"een combinatie van de volgende technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 7 uit de BBT-conclusies verwezen.
3.6.2.6.1.
8.I. Opgenomen.
8.II. (laatste twee lijnen).
Opgenomen. Wanneer de BBT-conclusies regelmatig of periodiek voorschrijven wordt de periodiciteit geëvalueerd per parameter.
3.6.2.6.2.
11.
Opgenomen.
3.6.2.6.3.
Middelingstijden voor emissies in de lucht.
Opgenomen.
3.6.2.6.4.
Aanhef BBT 9.
Verwijzing CEN-, ISO- en andere normen wordt opgenomen.
BBT 9. Tabel.
De meetfrequenties worden opgenomen onder de processpecifieke bepalingen, daar waar de emissiegrenswaarden van de parameters opgenomen worden.
3.6.2.7.1.
12.
"een combinatie van de hieronder vermelde technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 12 uit de BBT-conclusies verwezen.
3.6.2.8.1.
17.
"een combinatie van de volgende technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 17 uit de BBT-conclusies verwezen.
3.6.2.9.1.
18.
Alle technieken, met uitzondering van techniek d (monitoringprogramma), worden opgenomen. Vlaanderen beschikt reeds over ruime regelgeving ter bescherming van bodem en grondwater. Het beoogde doel van techniek d, met name detectie van mogelijke risico's voor bodem en grondwater bij ontmanteling van een installatie, wordt in Vlaanderen opgevangen door het bodemdecreet met toezichthouder OVAM, o.a. door de verplichting om een oriënterend bodemonderzoek uit te voeren bij sluiting van een risico-inrichting (artikel 122 Bodem
decreet van 27 oktober 2006Relevante gevonden documenten
type
decreet
prom.
27/10/2006
pub.
22/01/2007
numac
2006037062
bron
vlaamse overheid
Decreet betreffende de bodemsanering en de bodembescherming
type
decreet
prom.
27/10/2006
pub.
19/12/2006
numac
2006204028
bron
ministerie van de franse gemeenschap
Decreet betreffende de beroepsprocedure in het onderwijs voor sociale promotie
sluiten). De verplichting van techniek d geldt bij elke ontmanteling, wat niet noodzakelijk gelijk is aan sluiting van een risico-inrichting overeenkomstig het Bodemdecreet.
Vandaar dat voor de correcte omzetting van de het BBT-conclusies het op dit punt niet volstaat om louter te verwijzen naar de bepalingen van artikel 122 van het Bodemdecreet, maar dat uitdrukkelijk in artikel 3.6.2.9.1 van titel III van het VLAREM wordt bepaald dat bij ontmanteling de verplichtingen en procedure van artikel 122 van het Bodemdecreet moeten worden nageleefd.
3.6.3.1.
Aanhef BBT-conclusies voor kraftcelstofproductie (kraftcelstofproces).
Opgenomen.
3.6.3.2.
Met BBT geassocieerde emissieniveaus.
De bepaling uit de BBT-Conclusies "Waar met de beste beschikbare technieken geassocieerde emissieniveaus (BBT-GEN's) voor dezelfde gemiddelde periode worden opgegeven in andere eenheden (bijv. concentratie van de specifieke belastingwaarden (per ton nettoproductie)), moeten deze verschillende manieren om BBT-GEN's uit te drukken, worden gezien als gelijkwaardige alternatieven.", vindt alleen toepassing voor kraftpulpproductie, en wordt daarom onder afdeling 3.6.3 opgenomen.
3.6.3.3.
20. Toepasbaarheid. De toepasbaarheid van de technieken vermeld in BBT 20 en 30 is mogelijk beperkt. Via dit artikel wordt de mogelijkheid gegeven om in de milieuvergunning een afwijking toe te staan op deze technieken.
30. Toepasbaarheid.
3.6.3.1.1.
19.
- Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De toepasbaarheid voor tabel 1 en 2 wordt opgenomen. - De verwijzing naar het referentiedebiet wordt niet opgenomen. - De extra informatie "De BZV-concentratie in het behandelde afvalwater zal naar verwachting laag zijn (rond 25 mg/l in een samengesteld monster genomen over een periode van 24 uur)." wordt niet opgenomen, maar wordt wel geëvalueerd tijdens de individuele toetsingen.
19. Tabel 1. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. - Voetnoot 1 wordt opgenomen in de tabeltitel, met uitzondering van de informatie tussen haakjes: "De emissies van de papierproductie zijn hierin dus niet inbegrepen". - Voetnoten 2, 3 en 5 worden niet opgenomen. Installaties die gebruik willen maken van de bepalingen uit voetnoten 2 en 5, kunnen beroep doen op de afwijkingsmogelijkheid volgens artikel 1.3 van titel III van het VLAREM. - Voetnoot 4 wordt als voetnoot opgenomen.
19. Tabel 2. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. - Voetnoot 1 wordt opgenomen in de tabeltitel, met uitzondering van de informatie tussen haakjes: "De emissies van de papierproductie zijn hierin dus niet inbegrepen". - Voetnoot 2 wordt niet opgenomen. Installaties die gebruik willen maken van deze bepaling uit de BBT-conclusies, kunnen beroep doen op de afwijkingsmogelijkheid volgens artikel 1.3 van titel III van het VLAREM.
10.
- Voor meetfrequenties wordt de minst strenge periodiciteit opgenomen tenzij titel II van het VLAREM strenger is. - Voetnoten 1, 2, 4 en 5 worden als voetnoot opgenomen.
3.6.3.2.1.
20.
- Gezien het belang om alle procesgebaseerde, zwavelhoudende afgassen af te vangen, alsook het beperkte bereik van de bijhorende BBT-GEN, worden de technieken opgenomen in titel III van het VLAREM, niettegenstaande de BBT-conclusie een BBT-GEN bevat. - De toepasbaarheid wordt niet opgenomen. Via artikel 3.6.3.3 wordt de mogelijkheid gegeven om, op basis van de toepasbaarheid in de BBT-conclusies, in de milieuvergunning een afwijking toe te staan op de technieken uit BBT 20. - De bovengrens van de BBT-GEN voor stoomketels wordt opgenomen.
9. TRS. Wanneer de BBT-conclusies regelmatig of periodiek voorschrijven wordt de periodiciteit geëvalueerd per parameter.
3.6.3.2.2.
21, 22, 23.
- BBT 21 tot en met 23 worden geïntegreerd in art. 3.6.3.2.2. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM.
21. Tabel 3. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. - Voetnoten 1 en 3 worden niet opgenomen, deze worden geëvalueerd in de individuele toetsingen. - Voetnoten 2 en 4 worden als voetnoot opgenomen.
22. Tabel 4. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. - Voetnoten 1, 2 en 3 worden niet opgenomen, deze worden geëvalueerd in de individuele toetsingen.
23. Tabel 5. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. - De BBT-GEN voor stof voor een bestaand stofreductiesysteem en voetnoot 1 worden niet opgenomen, aangezien er geen bestaande kraftpulpproductie is in Vlaanderen. Indien een kraftpulpinstallatie moet beoordeeld worden in Vlaanderen, zal dit steeds een nieuwe installatie zijn.
9.
"continu meten" wordt opgenomen.
3.6.3.2.3.
24, 25, 26, 27.
- BBT 24 tot en met 27 worden geïntegreerd in art. 3.6.3.2.3. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM.
24. Tabel 6. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. - Voetnoot 1 (voorbeelden) wordt niet opgenomen.
25. Tabel 7. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. - Voetnoot 1 wordt in de tabel opgenomen.
26. Tabel 8. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. - Voetnoten 1 en 2 worden in de tabel opgenomen. Voorbeelden worden niet opgenomen.
27. Tabel 9. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. - Voetnoot 1 wordt niet opgenomen, aangezien er geen kraftpulpproductie bestaat in Vlaanderen. Indien een kraftpulpinstallatie moet beoordeeld worden in Vlaanderen, zal dit steeds een nieuwe installatie zijn.
9.
- Voor de periodiciteit van monitoring van emissies wordt de minst strenge periodiciteit opgenomen, tenzij titel II van het VLAREM strenger is: "continu meten" wordt opgenomen voor de parameters SO2, NOX en stof. - Wanneer de BBT-conclusies regelmatig of periodiek voorschrijven wordt de periodiciteit geëvalueerd per parameter: "om de vier maanden" wordt opgenomen voor de parameter TRS.
3.6.3.2.4.
28, 29.
- BBT 28 en 29 worden geïntegreerd in art. 3.6.3.2.4. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM.
28. Tabel 10. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. - Voetnoot 1 wordt als voetnoot opgenomen.
29. Tabel 11. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. - Voetnoot 1 wordt niet opgenomen, aangezien er geen kraftpulpproductie bestaat in Vlaanderen. Indien een kraftpulpinstallatie moet beoordeeld worden in Vlaanderen, zal dit steeds een nieuwe installatie zijn.
9.
- Voor de periodiciteit van monitoring van emissies wordt de minst strenge periodiciteit opgenomen, tenzij titel II van het VLAREM strenger is: "continu meten" wordt opgenomen voor de parameters SO2 en NOX. - Wanneer de BBT-conclusies regelmatig of periodiek voorschrijven wordt de periodiciteit geëvalueerd per parameter: "om de vier maanden" wordt opgenomen voor de parameter TRS.
3.6.3.3.1.
30.
- De techniek wordt opgenomen. - De toepasbaarheid wordt niet opgenomen. Via artikel 3.6.3.3 wordt de mogelijkheid gegeven om, op basis van de toepasbaarheid in de BBT-conclusies, in de milieuvergunning een afwijking toe te staan op de techniek uit BBT 30.
3.6.3.4.1.
31.
"een combinatie van de volgende technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 31 uit de BBT-conclusies verwezen.
3.6.3.4.2.
32.
"een combinatie van de volgende technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 32 uit de BBT-conclusies verwezen.
3.6.4.1.
Aanhef BBT-conclusies voor het pulpproces op basis van sulfiet (sulfietcelstofproces).
Opgenomen.
3.6.4.1.1.
33.
- Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De toepasbaarheid voor tabel 12 en 13 wordt opgenomen. - De verwijzing naar het referentiedebiet wordt niet opgenomen. - De extra informatie "De BZV-concentratie in het behandelde afvalwater zal naar verwachting laag zijn (rond 25 mg/l in een samengesteld monster genomen over een periode van 24 uur)." wordt niet opgenomen, maar wordt wel geëvalueerd tijdens de individuele toetsingen.
33. Tabel 12. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. - Voetnoot 1 wordt opgenomen in de tabeltitel, met uitzondering van de informatie tussen haakjes: "De emissies van de papierproductie zijn hierin dus niet inbegrepen". - Voetnoten 2, 3 en 5 worden als voetnoot opgenomen. - Voetnoot 4 bevat extra informatie maar wordt niet opgenomen, dit wordt geëvalueerd in de individuele toetsingen.
33. Tabel 13. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. - Voetnoot 1 wordt opgenomen in de tabeltitel, met uitzondering van de informatie tussen haakjes: "De emissies van de papierproductie zijn hierin dus niet inbegrepen". - Voetnoot 2 wordt als voetnoot opgenomen.
10.
- Voor meetfrequenties wordt de minst strenge periodiciteit opgenomen tenzij titel II van het VLAREM strenger is. - De uitzondering onder AOX voor TCF- en NSSC-fabrieken wordt opgenomen. - Voetnoten 1, 2, 4 en 5 worden als voetnoot opgenomen.
3.6.4.2.1.
34.
Opgenomen.
3.6.4.2.2.
35.
"een van de onderstaande technieken" impliceert dat niet alle technieken moeten worden toegepast, daarom wordt rechtstreeks naar BBT 35 uit de BBT-conclusies verwezen.
3.6.4.2.3.
36, 37.
- BBT 36 en 37 worden geïntegreerd in art. 3.6.4.2.3. - Indien een BBT-conclusie een BBT-GEN bevat worden technieken niet opgenomen in titel III van het VLAREM. - De BBT-GMPN "Het BBT-gerelateerde milieuprestatieniveau is een zuurwerking van ongeveer 240 uur per jaar voor de gaswassers, en minder dan 24 uur per maand voor de laatste monosulfietgaswasser." wordt opgenomen.
36. Tabel 14. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. - Voetnoot 1 wordt in de tabel opgenomen.
37. Tabel 15. - De bovengrens van de BBT-GEN wordt opgenomen. - Voetnoten 1, 2, 3 en 5 worden in de tabel of als voetnoot opgenomen. - Voetnoot 4 wordt niet opgenomen, aangezien er geen b …
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.