📄 Wettekst
17 JULI 2003. - Besluit van de Waalse Regering tot bepaling van de vorm van de aanvragen en beslissingen betreffende de stedenbouwkundige vergunningen, de verkavelingsvergunningen en de wijzigingen van verkavelingsvergunningen
De Waalse Regering, Gelet op het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Patrimonium, inzonderheid op de artikelen 115, tweede lid, 127, § 2, tweede lid, en 133, eerste lid, gewijzigd bij het
decreet van 18 juli 2002Relevante gevonden documenten
type
decreet
prom.
18/07/2002
pub.
21/09/2002
numac
2002027844
bron
ministerie van het waalse gewest
Decreet tot wijziging van het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Patrimonium
sluiten;
Gelet op het besluit van de Waalse Gewestexecutieve van 6 december 1985 houdende de bijlagen bij het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening en Stedenbouw;
Gelet op het advies van de "Commission régionale d'Aménagement du Territoire" (Gewestelijke Commissie voor Ruimtelijke Ordening), uitgebracht op 27 februari 2003;
Gelet op het advies van de "Conseil supérieur des Villes, Communes et Provinces de la Région wallonne" (Hoge Raad van Steden, Gemeenten en Provincies van het Waalse Gewest), gegeven op 18 februari 2003;
Op de voordracht van de Minister van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Leefmilieu;
Na beraadslaging, Besluit : Artikel 1.De hoofdstukken XII en XIV met de artikelen 381 tot en met 388 van titel I van boek IV van het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Patrimonium worden vervangen door volgende tekst : « HOOFDSTUK XII. - Vorm van de beslissingen die door het college van burgemeester en schepenen getroffen worden inzake de stedenbouwkundige vergunningen, de verkavelingsvergunningen en de wijzigingen van verkavelingsvergunningen. Art. 381.De beslissingen van het college van burgemeester en schepenen waarbij de stedenbouwkundige vergunningen toegekend dan wel geweigerd worden, dienen op straffe van nietigheid getroffen te worden onder gebruik van formulier A waarvan het model als bijlage opgenomen is bij dit Wetboek (bijlage 30). Dat formulier wordt ingevuld met vermelding, in de linkerbovenhoek, van het bestuur dat er gebruik van maakt. Art. 382.De beslissingen van het college van burgemeester en schepenen waarbij de verkavelingsvergunningen toegekend dan wel geweigerd worden, dienen op straffe van nietigheid getroffen te worden onder gebruik van formulier B waarvan het model als bijlage opgenomen is bij dit Wetboek (bijlage 31). Dat formulier wordt ingevuld met vermelding, in de linkerbovenhoek, van het bestuur dat er gebruik van maakt. Art. 383.De beslissingen van het college van burgemeester en schepenen waarbij de wijzigingen van de verkavelingsvergunningen toegekend dan wel geweigerd worden, dienen op straffe van nietigheid getroffen te worden onder gebruik van formulier C waarvan het model als bijlage opgenomen is bij dit Wetboek (bijlage 31). Dat formulier wordt ingevuld met vermelding, in de linkerbovenhoek, van het bestuur dat er gebruik van maakt. HOOFDSTUK XIII. - Vorm van de beslissingen die overeenkomstig artikel 118 door de gemachtigd ambtenaar getroffen worden inzake de stedenbouwkundige vergunningen, de verkavelingsvergunningen en de wijzigingen van verkavelingsvergunningen. Art. 384.De beslissingen van de gemachtigd ambtenaar waarbij de stedenbouwkundige vergunningen overeenkomstig artikel 118 toegekend dan wel geweigerd worden, dienen op straffe van nietigheid getroffen te worden onder gebruik van formulier D waarvan een model als bijlage opgenomen is bij dit Wetboek (bijlage 32). Art. 385.De beslissingen van de gemachtigd ambtenaar waarbij de verkavelingsvergunningen overeenkomstig artikel 118 toegekend dan wel geweigerd worden, dienen op straffe van nietigheid getroffen te worden onder gebruik van formulier E waarvan een model als bijlage opgenomen is bij dit Wetboek (bijlage 32). Art. 386.De beslissingen van de gemachtigd ambtenaar waarbij de wijzigingen van de verkavelingsvergunningen overeenkomstig artikel 118 toegekend dan wel geweigerd worden, dienen op straffe van nietigheid getroffen te worden onder gebruik van formulier F waarvan een model als bijlage opgenomen is bij dit Wetboek (bijlage 32). HOOFDSTUK XIV. - Vorm van de beslissingen die overeenkomstig de artikelen 121, 122 en 127 door de Regering of de gemachtigd ambtenaar getroffen worden inzake de stedenbouwkundige vergunningen, de verkavelingsvergunningen en de wijzigingen van verkavelingsvergunningen. Art. 387.De beslissingen van de Regering of van de gemachtigd ambtenaar waarbij de stedenbouwkundige vergunningen overeenkomstig artikel 127 toegekend dan wel geweigerd worden, dienen op straffe van nietigheid getroffen te worden onder gebruik van formulier G waarvan een model als bijlage opgenomen is bij dit Wetboek (bijlage 12). Art. 388.De beslissingen van de Regering of van de gemachtigd ambtenaar waarbij de verkavelingsvergunningen overeenkomstig artikel 127 toegekend dan wel geweigerd worden, dienen op straffe van nietigheid getroffen te worden onder gebruik van formulier H waarvan een model als bijlage opgenomen is bij dit Wetboek (bijlage 13). Art. 388/1.De beslissingen van de Regering of van de gemachtigd ambtenaar waarbij de wijzigingen van verkavelingsvergunningen overeenkomstig artikel 127 toegekend dan wel geweigerd worden, dienen op straffe van nietigheid getroffen te worden onder gebruik van formulier I waarvan een model als bijlage opgenomen is bij dit Wetboek (bijlage 14). Art. 388/2.De beslissingen van de Regering waarbij de stedenbouwkundige vergunningen overeenkomstig artikel 121 toegekend dan wel geweigerd worden, dienen op straffe van nietigheid getroffen te worden onder gebruik van formulier O waarvan een model als bijlage opgenomen is bij dit Wetboek (bijlage 14). Art. 388/3.De beslissingen van de Regering waarbij de verkavelingsvergunningen overeenkomstig artikel 121 toegekend dan wel geweigerd worden, dienen op straffe van nietigheid getroffen te worden onder gebruik van formulier P waarvan een model als bijlage opgenomen is bij dit Wetboek (bijlage 14). Art. 388/4.De beslissingen van de Regering waarbij de wijzigingen van verkavelingsvergunningen overeenkomstig artikel 121 toegekend dan wel geweigerd worden, dienen op straffe van nietigheid getroffen te worden onder gebruik van formulier Q waarvan een model als bijlage opgenomen is bij dit Wetboek (bijlage 14). Art. 388/5.De beslissingen van de Regering waarbij de stedenbouwkundige vergunningen overeenkomstig artikel 122 toegekend dan wel geweigerd worden, dienen op straffe van nietigheid getroffen te worden onder gebruik van formulier R waarvan een model als bijlage opgenomen is bij dit Wetboek (bijlage 14). » Art. 2.§ 1. In het opschrift van hoofdstuk VI met de artikelen 274 tot en met 276 van titel I van boek IV van het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Patrimonium worden de woorden « en de vorm van de beslissingen van de gemachtigd ambtenaar » geschrapt. § 2. De artikelen 275 en 276 van hetzelfde Wetboek worden opgeheven. Art. 3.In artikel 308, enig lid, 1°, van hetzelfde Wetboek worden de woorden « bijlage 23 » vervangen door de woorden « bijlage 20 ». Art. 4.Artikel 311, enig lid, 1°, van hetzelfde Wetboek wordt vervangen door volgende tekst : « 1° Een vergunningsaanvraag die opgesteld is aan de hand van een formulier dat door de gemeente is uitgewerkt, wordt door laatstgenoemde kosteloos ter beschikking gesteld van de aanvrager; in het formulier dient de tekst van het model vermeld in bijlage 23 opgenomen te zijn. » Art. 5.Artikel 314, enig lid, 1°, van hetzelfde Wetboek wordt vervangen door volgende tekst : « 1° Een vergunningsaanvraag in drie exemplaren, die eventueel tegengetekend wordt door de eigenaars van de kavels die in de vergunde verkaveling liggen en die opgesteld is aan de hand van een formulier dat door de gemeente is uitgewerkt, en door laatstgenoemde kosteloos ter beschikking gesteld wordt van de aanvrager; in het formulier dient de tekst van het model vermeld in bijlage 24 opgenomen te zijn. » Art. 6.De bijlagen 12, 13, 14, 20, 21, 22, 23, 24, 30, 31 en 32 bij het besluit van de Waalse Gewestexecutieve van 6 december 1985 houdende de bijlagen bij het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening en Stedenbouw worden respectievelijk vervangen door de bijlagen 12, 13, 14, 20, 21, 22, 23, 24, 30, 31 en 32 en als bijlage bij dit besluit bekendgemaakt. Art. 7.De bijlagen 15, 16 en 17 bij het besluit van de Waalse Gewestexecutieve van 6 december 1985 houdende de bijlagen bij het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening en Stedenbouw worden opgeheven. Art. 8.Hoofdstuk XVI van titel I van boek IV van het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Patrimonium met de artikelen 390 tot en met 392 wordt opgeheven. Art. 9.Dit besluit treedt in werking 30 dagen na diens bekendmaking in het Belgisch Staatsblad . Art. 10.De Minister van Ruimtelijke Ordening en Stedenbouw is belast met de uitvoering van dit besluit.
Namen, 17 juli 2003.
De Minister-President, J.-Cl. VAN CAUWENBERGHE De Minister van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Leefmilieu, M. FORET
BIJLAGE 30 - FORMULIER A (1) BESLISSING TOT - TOEKENNING - WEIGERING VAN DE STEDENBOUWKUNDIGE VERGUNNING Het college van burgemeester en schepenen, Gelet op het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Patrimonium; Gelet op artikel 123, 1°, van de Nieuwe Gemeentewet;
Gelet op het decreet van 11 september 1985 tot organisatie van de waardering van de weerslagen op het leefmilieu in het Waalse Gewest zoals inzonderheid gewijzigd bij het decreet van 11 maart 1999 betreffende de milieuvergunning en het decreet van 15 mei 2003, evenals bij de besluiten van de Waalse Regering van 4 juli 2002 betreffende respectievelijk de organisatie van het milieuëffectenverslag en de lijst van de projecten die aan het effectenonderzoek worden onderworpen;
Overwegende dat ... een aanvraag tot een stedenbouwkundige vergunning heeft ingediend met betrekking tot een goed gelegen te ... gekadastreerd afdeling ... en met betrekking tot ...; (1) Overwegende dat de volledige vergunningsaanvraag bij aangetekend schrijven tegen postontvangstbewijs met datum van ... aan het gemeentebestuur is gericht; bij het gemeentebestuur is afgegeven tegen ontvangstbewijs met datum van ...; (2) Overwegende dat er een niet-vervallen stedenbouwkundig attest nr. 2 met betrekking tot de aanvraag is afgeleverd met datum van ...; (1) (2) Overwegende dat het goed gelegen is - in een omtrek ... - in een ... gebied op het gewestplan van ..., aangenomen bij ... van ... dat niet opgehouden heeft uitwerking te hebben voor voornoemd goed; (2) Overwegende dat het goed in een ...gebied gelegen is in de omtrek van het gemeentelijk plan van aanleg ... goedgekeurd bij ... van ..., en dat niet opgehouden heeft uitwerking te hebben voor voornoemd goed; (2) Overwegende dat het goed gelegen is op de kavel nr.... in de omtrek van verkaveling nr. ... niet vervallen vergund bij ... van ...; (2) Overwegende dat het algemeen reglement op gebouwen dat van toepassing is in de beschermingsgebieden van sommige gemeenten inzake stedenbouw van toepassing is op het grondgebied waarvan het goed gelegen is krachtens ... van ...; (2) Overwegende dat het algemeen reglement op gebouwen in landbouwgebieden van toepassing is op het grondgebied waar het goed krachtens ... van ... gelegen is; (2) Overwegende dat het goed in een ...gebied gelegen is in het gemeentelijk structuurplan aangenomen bij ... van ...; (1) (2) Overwegende dat er een gemeentelijk stedenbouwkundig reglement goedgekeurd bij ... van ... van kracht is over het gehele gemeentelijke grondgebied waar het goed gelegen is en alle punten bedoeld in artikel 78, § 1, van voornoemd Wetboek inhoudt; dat het goed gelegen is in een ûgebied- ondergebied - ... in bedoeld reglement; (2) Gelet op het ministerieel besluit van ... waarbij de gemeente onder de gedecentraliseerde regeling inzake ruimtelijke ordening en stedenbouw valt; (2) Overwegende dat de gewestelijke of gemeentelijke stedenbouwkundige reglementen zoals volgt eveneens van toepassing zijn op het gemeentelijk grondgebied of het gedeelte ervan waar het goed gelegen is;...; (1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een - beschermd - goed dat op de beschermingslijst opgenomen is - gelegen is in een beschermingsgebied als bedoeld in artikel 209 van voornoemd Wetboek - gelegen is in een gebied dat opgenomen is op de lijst van de archeologische sites als bedoeld in artikel 233 van voornoemd Wetboek -;dat de vergunning krachtens artikel 109 van voornoemd Wetboek afgeleverd is na eensluidend advies van de gemachtigd ambtenaar; (2) Overwegende dat er met betrekking tot de aanvraag een niet-vervallen patrimoniumsattest is afgeleverd met datum van ...; (1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een goed dat gelegen is in de omtrek van een Natura 2000-gebied als bedoeld in artikel 1bis , enig lid, 18°, van de
wet van 12 juli 1973Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
12/07/1973
pub.
24/08/2010
numac
2010000473
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet op het natuurbehoud Duitse vertaling van de federale versie
sluiten over het natuurbehoud, gewijzigd bij het decreet van 6 november 2001 betreffende de instandhouding van de Natura 2000-gebieden, evenals van de wilde fauna en flora;(1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een goed dat gelegen is in de omtrek van een gebied dat aangewezen is krachtens artikel 6 van de
wet van 12 juli 1973Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
12/07/1973
pub.
24/08/2010
numac
2010000473
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet op het natuurbehoud Duitse vertaling van de federale versie
sluiten over het natuurbehoud, laatst gewijzigd bij het decreet van 6 november 2001 betreffende de instandhouding van de Natura 2000-gebieden, evenals van de wilde fauna en flora;(1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een goed dat gelegen is in een waterwinnings-, preventie- of bewakingsgebied in de zin van het decreet van 30 april 1990 op de bescherming en de exploitatie van tot drinkwater verwerkbaar water, laatst gewijzigd bij het decreet van 15 april 1999 betreffende de kringloop van het water en houdende oprichting van een "Société publique de Gestion de l'Eau" (Openbare Maatschappij voor Waterbeheer) en bij het decreet van 12 december 2002;(1) (2) Overwegende dat de aanvraag verband houdt met een goed - gelegen in één van de dunbevolkte gebieden die niet met riolering zijn uitgerust en waar een individueel waterzuiveringssysteem in de zin van artikel 3, 9°, van het besluit van de Waalse Regering van 19 september 1991 tot vaststelling van de regelen voor de inrichting en de uitwerking van de algemene gemeentelijke afwateringsplannen, gewijzigd bij het besluit van de Waalse Regering van 15 oktober 1998 houdende reglementering van de opvang van stedelijk afvalwater, evenals bij het besluit van de Waalse Regering van 20 december 2001 aangelegd zal worden - dat, hoewel in een agglomeratiezone gelegen, het voorwerp kan uitmaken van een individuele zuivering krachtens artikel 7 van het besluit van de Waalse Regering van 15 oktober 1998 houdende reglementering van de opvang van stedelijk afvalwater, evenals bij het besluit van de Waalse Regering van 20 december 2001; (1) (2) Overwegende dat de aanvraag verband houdt met een goed gelegen in de omtrek van het ontwerp van saneringsplan per hydrografisch onderbekken van ... waarin bedoeld plan opgenomen is als zelfstandig saneringsgebied waarvan de regeling toepasselijk werd gemaakt bij beslissing van ..., en dat het voorwerp moet uitmaken van een individuele zuivering in de zin van artikel 7 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater; (1) (2) Overwegende dat de aanvraag verband houdt met een goed gelegen in de omtrek van het ontwerp van saneringsplan per hydrografisch onderbekken van ... - waarin bedoeld plan opgenomen is als zelfstandig saneringsgebied, en dat het voorwerp moet uitmaken van een individuele zuivering in de zin van artikel 7 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater - dat, hoewel opgenomen als collectief saneringsgebied, het voorwerp kan uitmaken van een individuele zuivering krachtens artikel 6 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater - dat, hoewel opgenomen als zelfstandig saneringsgebied, vrijgesteld kan worden van individuele zuivering krachtens artikel 9 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater; (2) Overwegende dat de in het vooruitzicht gestelde handelingen en werken krachtens artikel 84, § 2, tweede lid, 3° en derde lid, van voornoemd Wetboek het advies van de gemachtigd ambtenaar niet vereisen;(1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag - de opening van nieuwe gemeentelijke verkeerswegen - de wijziging van het tracé van bestaande gemeentelijke verkeerswegen - de verbreding van bestaande gemeentelijke verkeerswegen - de opheffing van bestaande gemeentelijke verkeerswegen impliceert;dat de vergunningsaanvraag ter advies is voorgelegd - niet ter advies is voorgelegd - aan het gewestelijke - het provinciebestuur; dat de gemeenteraad na het treffen van bijzondere bekendmakingsmaatregelen erover beraadslaagd heeft; (1) Overwegende dat de vergunningsaanvraag een korte uiteenzetting van de milieueffectenrapportering - geen korte uiteenzetting van de milieueffectenrapportering bevat - een milieueffectenstudie - geen milieueffectenstudie bevat; (2) Overwegende dat er een milieueffectenstudie is doorgevoerd om volgende reden(en) : ...; (1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag aan bijzondere bekendmakingsmaatregelen is onderworpen om volgende reden(en) : ...; (1) (2) Overwegende dat er ... bezwaarschrift(en) - geen bezwaarschrift(en) is - zijn ingediend; dat er een overlegvergadering - geen overlegvergadering plaatsgevonden heeft; (1) (2) (3) Overwegende dat de vergunningsaanvraag niet conform is om volgende reden(en) : ...; dat er door het college van burgemeester en schepenen een gemotiveerd afwijkingsvoorstel - geen gemotiveerd afwijkingsvoorstel is gericht aan de gemachtigd ambtenaar; dat een dergelijk voorstel vereist - niet vereist is; (1) (2) Overwegende dat de beslissing van de gemachtigd ambtenaar over de afwijkingsaanvraag die het college van burgemeester en schepenen op ... aan hem heeft gericht, gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is; dat zijn beslissing als volgt luidt en als volgt gemotiveerd is : ...;
Overwegende dat enkel de Regering of de gemachtigd ambtenaar bij wijze van uitzondering afwijkingen kunnen toestaan; (2) Overwegende dat de beslissing van de gemachtigd ambtenaar, overgemaakt op ..., niet aan het college van burgemeester en schepenen is gericht binnen de 35 dagen na aanvraag ervan; dat de beslissing van de gemachtigd ambtenaar geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn overeenkomstig artikel 116, § 5, tweede lid, van voornoemd Wetboek; (1) (2) Overwegende dat hierna vernoemde dienst(en) en commissie(s) geraadpleegd is - zijn om volgende reden(en) : (dienst/commissie) ... : (reden) ...; dat zijn op ... ingewonnen en op ... overgemaakt advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; (dienst/commissie) ... : (reden) ...; dat zijn op ... ingewonnen en op ... overgemaakt advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; (dienst/commissie) ... : (reden) ...; dat zijn op ... ingewonnen en op ... overgemaakt advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; (4) (1) (2) Overwegende dat het advies van het Directoraat-generaal Natuurlijke Hulpbronnen en Leefmilieu ingewonnen is op ... overeenkomstig artikel 116, § 1, 2°, en overgemaakt op ..., gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; (1) (2) Overwegende dat het - eensluidend - advies van de gemachtigd ambtenaar op ... ingewonnen is overeenkomstig artikel 107, § 2, - 109 - van voornoemd Wetboek; dat zijn advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is; dat zijn - eensluidend - advies als volgt luidt en als volgt gemotiveerd is : ...; (1) (2) Overwegende dat het - eensluidend - advies van de gemachtigd ambtenaar, overgemaakt op..., niet aan het college van burgemeester en schepenen is gericht binnen de 35 dagen na aanvraag ervan; dat het advies van de gemachtigd ambtenaar geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn krachtens artikel 116, § 5, tweede lid, van voornoemd Wetboek; (9) Overwegende dat .. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Beslist : (1) Artikel 1.- De door ... aangevraagde stedenbouwkundige vergunning is - toegekend - geweigerd. (5) - De houder van de vergunning dient : 1° alle voorwaarden die omschreven zijn in het eensluidend advies van de gemachtigd ambtenaar, zoals hieronder aangegeven, na te leven; (6) 2° ... (2) (5) (7) Artikel ... - De vergunde werken of handelingen dienen in ... opeenvolgende fasen zoals hierna aangegeven doorgevoerd te worden : ... (5) (8) Artikel ... - De vergunde werken of handelingen mogen niet behouden blijven na ...
Artikel ... - Van deze beslissing wordt een uitgifte aan de aanvrager en aan de gemachtigd ambtenaar overgemaakt, om hem eventueel zijn recht op hoger beroep te kunnen laten uitoefenen. (5) Artikel ... - De houder van de vergunning licht het College van Burgemeester en Schepenen en de gemachtigd ambtenaar minstens acht dagen vóór aanvang van de vergunde werken en handelingen bij aangetekend schrijven in over de aanvang ervan.
Artikel ... - Deze vergunning stelt niet vrij van de verplichting om de andere toelatingen en vergunningen die bij andere wetten of verordeningen opgelegd kunnen worden, aan te vragen, meer bepaald ...
Te . . . . . , op . . . . . ;
VANWEGE HET COLLEGE : De gemeentesecretaris, De burgemeester, (1) Schrappen of uitwissen wat niet past.(2) Schrappen of uitwissen indien dat niet het geval is.(3) De voorschriften van het gewestplan, van het gemeentelijk plan van aanleg, van de verkavelingsvergunning, van het gewestelijk of gemeentelijk stedenbouwkundig reglement waarvan de vergunningsaanvraag afwijkt, aangeven.(4) Eén of meer gedachtenstreepjes toevoegen indien nodig.(5) Schrappen of uitwissen indien de vergunning niet is afgeleverd.(6) In voorkomend geval door het college van burgemeester en schepenen in te vullen.(7) Voor elke andere fase dan de eerste het aanvangspunt van de vervaltermijn aangeven.(8) Enkel te gebruiken in de gevallen bedoeld in artikel 88 van voornoemd Wetboek.(9) De overwegingen in rechte en in feite die als beslissingsgrond dienen, aangeven. UITTREKSELS UIT HET WAALSE WETBOEK VAN RUIMTELIJKE ORDENING, STEDENBOUW EN PATRIMONIUM 1) BEROEPSREGELING Art.119. § 1. De aanvrager kan bij ter post aangetekend schrijven een met redenen omkleed beroep bij de Regering instellen binnen dertig dagen na ontvangst van de beslissing van het college van burgemeester en schepenen.
Bij het beroep wordt een afschrift gevoegd van de plannen van de aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning en van de beslissing waarop het beroep slaat. De behandelings- en beslissingstermijnen beginnen pas te lopen, te rekenen vanaf de ontvangst van bedoeld afschrift. § 2. In de gevallen bedoeld in artikel 108 stelt de gemachtigde ambtenaar een beroep in bij de Regering binnen dertig dagen na ontvangst van de beslissing van het college van burgemeester en schepenen. Art. 452/13.De in artikel 119 bedoelde beroepen zijn bij ter post aangetekend schrijven te richten aan de directeur-generaal van het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium.
De aanvrager die een beroep instelt, vermeldt in zijn brief de datum waarop hij de beslissing van het college van burgemeester en schepenen ontvangen heeft. Art. 122.In de gevallen bedoeld in artikel 84, § 2, tweede lid, 3°, mag de aanvrager alleen bij de gemachtigde ambtenaar een aangetekend beroep instellen binnen dertig dagen na ontvangst van de in artikel 117 bedoelde beslissing van het College van burgemeester en schepenen. Art. 108.§ 1. De gemachtigde ambtenaar dient het met redenen omkleed beroep bedoeld in artikel 119, § 2, tweede lid, bij de Regering in als de procedure onregelmatig is geweest of als de vergunning niet overeenstemt : 1° met het gewestplan, als er noch een gemeentelijk plan van aanleg noch een verkavelingsvergunning bestaat;2° met het gemeentelijk plan of met de verkavelingsvergunning;3° met het gemeentelijk stedenbouwkundig reglement of met een gewestelijk stedenbouwkundig reglement;4° met de
wet van 12 juli 1956Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
12/07/1956
pub.
06/07/2011
numac
2011000414
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet tot vaststelling van het statuut der autosnelwegen
sluiten tot vaststelling van het statuut der autosnelwegen en met de perceelsgewijze plannen die de Regering heeft goedgekeurd krachtens artikel 6 van bedoelde wet;5° met de toegestane afwijking in toepassing van de artikelen 110 tot en met 113. Hij geeft de aard van de onregelmatigheid in de procedure aan, of de bepaling waarmee de vergunning niet overeenstemt. § 2. De gemachtigd ambtenaar kan eveneens een met redenen omkleed beroep indienen bij de Regering : 1° indien de beslissing van het college van burgemeester en schepenen afwijkt van het advies dat door de gemeentelijke commissie is uitgebracht in het kader van een verplichte raadpleging van laatstgenoemde;2° bij gebreke van de gemeentelijke commissie, indien bij het openbaar onderzoek dat in toepassing van dit wetboek is ingesteld ofwel : -vijfentwintig personen ingeschreven in het bevolkingsregister van de gemeente waar het ontwerp gelegen is als het een gemeente van minstens tienduizend inwoners betreft; - vijftig personen ingeschreven in het bevolkingsregister van de gemeente waar het ontwerp gelegen is als het een gemeente van tienduizend tot vijfentwintigduizend inwoners betreft; - honderd personen ingeschreven in het bevolkingsregister van de gemeente waar het ontwerp gelegen is als het een gemeente van vijfentwintigduizend tot vijftigduizend inwoners betreft; - tweehonderd personen ingeschreven in het bevolkingsregister van de gemeente waar het ontwerp gelegen is als het een gemeente van vijftigduizend tot honderdduizend inwoners betreft; - driehonderd personen ingeschreven in het bevolkingsregister van de gemeente waar het ontwerp gelegen is als het een gemeente van meer dan honderdduizend inwoners betreft; individuele en met redenen omklede opmerkingen hebben uitgebracht in verband met het ontwerp in de loop van bedoeld onderzoek van individuele en met redenen omklede opmerkingen hebben voorzien en indien de beslissing van het college niet aan bedoelde opmerkingen tegemoetkomt; 3° indien de Regering beslist heeft tot de herziening van het gemeentelijk plan van aanleg of de opstelling van een gemeentelijk plan van aanleg dat als gevolg heeft de herziening of de vernietiging van de hele verkavelingsvergunning of een deel ervan. In de vergunning dient dit artikel te worden opgenomen. (2) OPSCHORTING VAN DE VERGUNNING Art.119. Het beroep van de gemachtigd ambtenaar, evenals de termijn om het beroep in te dienen, zijn opschortend. Het beroep wordt gelijktijdig naar de aanvrager gestuurd en naar het college van burgemeester en schepenen. (3) AANPLAKKING VAN DE VERGUNNING Art.134. De aanvrager moet een leesbaar bericht laten aanplakken op het terrein langs de openbare weg, waarbij wordt aangekondigd dat de vergunning is verleend, hetzij vóór de aanvang van de werken en tijdens de hele duur ervan wanneer het om werken gaat, hetzij, in de andere gevallen, vanaf de voorbereidingen, vooraleer de handeling(en) is (zijn) uitgevoerd en tijdens de hele duur van de uitvoering ervan.
Gedurende die periode moeten de vergunning en het bijgevoegde dossier of een door de gemeente of de gemachtigde ambtenaar voor echt verklaard afschrift van deze documenten permanent ter beschikking liggen van de in artikel 159 bedoelde ambtenaren op de plaats waar de werken en handelingen worden uitgevoerd. (4) VERVALLEN VAN DE VERGUNNING Art.87. § 1. De vergunning vervalt indien de begunstigde binnen twee jaar na de verzending ervan niet op een significante wijze met de werken is gestart. § 2. De vergunning vervalt voor de overige werken indien deze niet volledig werden uitgevoerd binnen vijf jaar na de verzending ervan, behalve wanneer ze in fasen uitgevoerd mogen worden. In dat geval bepaalt de vergunning de vervaldatum voor elke fase, met uitzondering van de eerste.
De vergunning vervalt van rechtswege. (5) VERLENGING VAN DE VERGUNNING Art.87. § 3. De vergunning kan evenwel met één jaar verlengd worden op verzoek van de begunstigde ervan. Het verzoek moet ingediend worden binnen dertig dagen vóór de in artikel 87, § 1, bedoelde vervaldatum.
De verlenging wordt toegestaan door het College van burgemeester en schepenen. (6) CERTIFICERING VAN DE CONFORMITEIT VAN DE WERKEN Art.139. § 1. De vergunningsgerechtigde dient te laten verifiëren of de staat van het goed conform is aan de vergunning, uiterlijk binnen een termijn van zes maanden volgend op de afloop van de termijn bepaald bij artikel 87, § 2, of vóór een overdracht.
Indien het een overdracht betreft die meer dan drie jaar na een verificatie plaatsvindt, dient de overdrager te laten verifiëren of zijn goed conform is aan de vergunning vóór de akte van overdracht.
Een verificatie is evenwel vereist vóór elke overdracht die plaatsvindt na een voorlopige verificatie. § 2. De verificatie wordt verricht door een erkend certificeerder die gekozen wordt door de vergunningsgerechtigde of de overdrager.
Als de gemeente het stedenbouwkundig eenvormigheidsattest of het stuk waarmee de weigering van het stedenbouwkundig attest bevestigd wordt, niet gekregen heeft aan het einde van de zes maanden volgend op de afloop van de termijn bepaald bij artikel 87, § 2, geeft het college van burgemeester en schepenen of het personeelslid dat bedoeld college daartoe machtigt van ambtswege opdracht tot het doorvoeren van de verificatie aan een erkend certificeerder.
In alle gevallen worden de verificatiekosten gedragen door de vergunningsgerechtigde of de overdrager. (7) BIJZONDERE MAATREGELEN DIE VAN TOEPASSING ZIJN OP GEGROEPEERDE BOUWWERKEN Art.126. Indien een stedenbouwkundige vergunning meerdere bouwwerken toelaat en die bouwwerken het doorvoeren van infrastructuurwerkzaamheden en gemeenschappelijke uitrustingen met inbegrip van uitrustingen voor de zuivering van afvalwater impliceren, kan de vergunning de overgangen om niet of onder bezwarende titel, van deling, van inpachtgeving of van opstal, of van de verhuur voor meer dan negen jaar die betrekking hebben op het geheel of een deel van die goeden ondergeschikt maken aan : 1° een attest dat afgelevrd wordt onder de voorwaarden bedoeld in artikel 95, eerste lid;2° een akte van verdeling die opgesteld wordt door de notaris en waarbij de stedenbouwkundige voorschriften vastgelegd worden voor het geheel, evenals de beheerswijze van de gemeenschappelijke delen. In de vergunning wordt melding gemaakt van de eventuele fases voor de verwezenlijking van de bouwwerken met vermelding van de aanvang van elke fase.
Gezien om gevoegd te worden bij het besluit van de Waalse Regering van 17 juli 2003 tot bepaling van de vorm van de aanvragen en beslissingen betreffende de stedenbouwkundige vergunningen, de verkavelingsvergunningen en de wijzigingen van verkavelingsvergunningen.
Namen, 17 juli 2003.
De Minister-President, J.-Cl. VAN CAUWENBERGHE De Minister van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Leefmilieu, M. FORET
BIJLAGE 31 - FORMULIER B (1) BESLISSING TOT - TOEKENNING - WEIGERING VAN DE VERKAVELINGSVERGUNNING Het college van burgemeester en schepenen, Gelet op het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Patrimonium; Gelet op artikel 123, 1°, van de Nieuwe Gemeentewet;
Gelet op het decreet van 11 september 1985 tot organisatie van de waardering van de weerslagen op het leefmilieu in het Waalse Gewest zoals inzonderheid gewijzigd bij het decreet van 11 maart 1999 betreffende de milieuvergunning en het decreet van 15 mei 2003, evenals bij de besluiten van de Waalse Regering van 4 juli 2002 betreffende respectievelijk de organisatie van het milieuëffectenverslag en de lijst van de projecten die aan het effectenonderzoek worden onderworpen;
Overwegende dat ... een aanvraag tot een verkavelingsvergunning heeft ingediend met betrekking tot een goed gelegen te ... gekadastreerd afdeling ... en met betrekking tot de verdeling van dat goed in ... kavels met het oog op ...; (1) Overwegende dat de volledige vergunningsaanvraag - bij aangetekend schrijven tegen postontvangstbewijs met datum van ... aan het gemeentebestuur is gericht; - bij het gemeentebestuur is afgegeven tegen ontvangstbewijs met datum van ...; (2) Overwegende dat er een niet-vervallen stedenbouwkundig attest nr. 2 met betrekking tot de aanvraag is afgeleverd met datum van ...; (1) (2) Overwegende dat het goed gelegen is - in een omtrek ... - in een ... gebied op het gewestplan van ..., aangenomen bij ... van ... dat niet opgehouden heeft uitwerking te hebben voor voornoemd goed; (2) Overwegende dat het goed in een ...gebied gelegen is in de omtrek van het gemeentelijk plan van aanleg ... goedgekeurd bij ... van ..., en dat niet opgehouden heeft uitwerking te hebben voor voornoemd goed; (2) Overwegende dat het algemeen reglement op gebouwen dat van toepassing is in de beschermingsgebieden van sommige gemeenten inzake stedenbouw van toepassing is op het grondgebied waarvan het goed gelegen is krachtens ... van ...; (2) Overwegende dat het algemeen reglement op gebouwen in landbouwgebieden van toepassing is op het grondgebied waar het goed krachtens ... van ... gelegen is; (2) Overwegende dat het goed in een ...gebied gelegen is in het gemeentelijk structuurplan aangenomen bij ... van ...; (1) (2) Overwegende dat er een gemeentelijk stedenbouwkundig reglement goedgekeurd bij ... van ... van kracht is over het gehele gemeentelijke grondgebied waar het goed gelegen is en alle punten bedoeld in artikel 78, § 1, van voornoemd Wetboek inhoudt; dat het goed gelegen is in een ûgebied- ondergebied - ... in bedoeld reglement; (2) Gelet op het ministerieel besluit van ... waarbij de gemeente onder de gedecentraliseerde regeling inzake ruimtelijke ordening en stedenbouw valt; (2) Overwegende dat de gewestelijke of gemeentelijke stedenbouwkundige reglementen zoals volgt eveneens van toepassing zijn op het gemeentelijk grondgebied of het gedeelte ervan waar het goed gelegen is;...; (1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een - beschermd - goed dat op de beschermingslijst opgenomen is - gelegen is in een beschermingsgebied als bedoeld in artikel 209 van voornoemd Wetboek - gelegen is in een gebied dat opgenomen is op de lijst van de archeologische sites als bedoeld in artikel 233 van voornoemd Wetboek -;dat de vergunning krachtens artikel 109 van voornoemd Wetboek afgeleverd is na eensluidend advies van de gemachtigd ambtenaar; (2) Overwegende dat er met betrekking tot de aanvraag een niet-vervallen patrimoniumsattest is afgeleverd met datum van ...; (1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een goed dat gelegen is in de omtrek van een Natura 2000-gebied als bedoeld in artikel 1bis, enig lid, 18°, van de
wet van 12 juli 1973Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
12/07/1973
pub.
24/08/2010
numac
2010000473
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet op het natuurbehoud Duitse vertaling van de federale versie
sluiten over het natuurbehoud, gewijzigd bij het decreet van 6 november 2001 betreffende de instandhouding van de Natura 2000-gebieden, evenals van de wilde fauna en flora;(1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een goed dat gelegen is in de omtrek van een gebied dat aangewezen is krachtens artikel 6 van de
wet van 12 juli 1973Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
12/07/1973
pub.
24/08/2010
numac
2010000473
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet op het natuurbehoud Duitse vertaling van de federale versie
sluiten over het natuurbehoud, laatst gewijzigd bij het decreet van 6 november 2001 betreffende de instandhouding van de Natura 2000-gebieden, evenals van de wilde fauna en flora;(1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een goed dat gelegen is in een waterwinnings-, preventie- of bewakingsgebied in de zin van het decreet van 30 april 1990 op de bescherming en de exploitatie van tot drinkwater verwerkbaar water, laatst gewijzigd bij het decreet van 15 april 1999 betreffende de kringloop van het water en houdende oprichting van een "Société publique de Gestion de l'Eau" (Openbare Maatschappij voor Waterbeheer) en bij het decreet van 12 december 2002;(1) (2) Overwegende dat de aanvraag verband houdt met een goed - gelegen in één van de dunbevolkte gebieden die niet met riolering zijn uitgerust en waar een individueel waterzuiveringssysteem in de zin van artikel 3, 9°, van het besluit van de Waalse Regering van 19 september 1991 tot vaststelling van de regelen voor de inrichting en de uitwerking van de algemene gemeentelijke afwateringsplannen, gewijzigd bij het besluit van de Waalse Regering van 15 oktober 1998 houdende reglementering van de opvang van stedelijk afvalwater, evenals bij het besluit van de Waalse Regering van 20 december 2001 aangelegd zal worden - dat, hoewel in een agglomeratiezone gelegen, het voorwerp kan uitmaken van een individuele zuivering krachtens artikel 7 van het besluit van de Waalse Regering van 15 oktober 1998 houdende reglementering van de opvang van stedelijk afvalwater, evenals bij het besluit van de Waalse Regering van 20 december 2001; (1) (2) Overwegende dat de aanvraag verband houdt met een goed gelegen in de omtrek van het ontwerp van saneringsplan per hydrografisch onderbekken van ... waarin bedoeld plan opgenomen is als zelfstandig saneringsgebied waarvan de regeling toepasselijk werd gemaakt bij beslissing van ..., en dat het voorwerp moet uitmaken van een individuele zuivering in de zin van artikel 7 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater; (1) (2) Overwegende dat de aanvraag verband houdt met een goed gelegen in de omtrek van het ontwerp van saneringsplan per hydrografisch onderbekken van ... - waarin bedoeld plan opgenomen is als zelfstandig saneringsgebied, en dat het voorwerp moet uitmaken van een individuele zuivering in de zin van artikel 7 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater - dat, hoewel opgenomen als collectief saneringsgebied, het voorwerp kan uitmaken van een individuele zuivering krachtens artikel 6 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater - dat, hoewel opgenomen als zelfstandig saneringsgebied, vrijgesteld kan worden van individuele zuivering krachtens artikel 9 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater; (1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag - de opening van nieuwe gemeentelijke verkeerswegen - de wijziging van het tracé van bestaande gemeentelijke verkeerswegen - de verbreding van bestaande gemeentelijke verkeerswegen - de opheffing van bestaande gemeentelijke verkeerswegen impliceert;dat de vergunningsaanvraag ter advies is voorgelegd - niet ter advies is voorgelegd - aan het gewestelijke - het provinciebestuur; dat de gemeenteraad na het treffen van bijzondere bekendmakingsmaatregelen erover beraadslaagd heeft; (1) Overwegende dat de vergunningsaanvraag een korte uiteenzetting van de milieueffectenrapporteringû geen korte uiteenzetting van de milieueffectenrapportering bevat - een milieueffectenstudie - geen milieueffectenstudie bevat; (2) Overwegende dat er een milieueffectenstudie is doorgevoerd om volgende reden(en) : ...; (1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag aan bijzondere bekendmakingsmaatregelen is onderworpen om volgende reden(en) : ...; (1) (2) Overwegende dat er ... bezwaarschrift(en) - geen bezwaarschrift(en) is - zijn ingediend; dat er een overlegvergadering - geen overlegvergadering plaatsgevonden heeft; (1) (2) (3) Overwegende dat de vergunningsaanvraag niet conform is om volgende reden(en) : ...; dat er door het college van burgemeester en schepenen een gemotiveerd afwijkingsvoorstel - geen gemotiveerd afwijkingsvoorstel is gericht aan de gemachtigd ambtenaar; dat een dergelijk voorstel vereist - niet vereist is; (1) (2) Overwegende dat de beslissing van de gemachtigd ambtenaar over de afwijkingsaanvraag die het college van burgemeester en schepenen op ... aan hem heeft gericht, gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is; dat zijn beslissing als volgt luidt en als volgt gemotiveerd is : ...;
Overwegende dat enkel de Regering of de gemachtigd ambtenaar bij wijze van uitzondering afwijkingen kunnen toestaan; (2) Overwegende dat de beslissing van de gemachtigd ambtenaar, overgemaakt op ..., niet aan het college van burgemeester en schepenen is gericht binnen de 35 dagen na aanvraag ervan; dat de beslissing van de gemachtigd ambtenaar geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn overeenkomstig artikel 116, § 5, tweede lid, van voornoemd Wetboek; (1) (2) Overwegende dat hierna vernoemde dienst(en) en commissie(s) geraadpleegd is - zijn om volgende reden(en) : -(dienst/commissie) ... : (reden) ...; dat zijn op ... ingewonnen en op ... overgemaakt advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; - (dienst/commissie) ... : (reden) ...; dat zijn op ... ingewonnen en op ... overgemaakt advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; - (dienst/commissie) ... : (reden) ...; dat zijn op ... ingewonnen en op ... overgemaakt advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; (4) (1) (2) Overwegende dat het advies van het Directoraat-generaal Natuurlijke Hulpbronnen en Leefmilieu ingewonnen is op ... overeenkomstig artikel 116, § 1, 2°, en overgemaakt op ..., gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; (1) (2) Overwegende dat het - eensluidend - advies van de gemachtigd ambtenaar op ... ingewonnen is overeenkomstig artikel 107, § 2, - 109 - van voornoemd Wetboek; dat zijn advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is; dat zijn - eensluidend - advies als volgt luidt en als volgt gemotiveerd is : ...; (1) (2) Overwegende dat het - eensluidend - advies van de gemachtigd ambtenaar, overgemaakt op..., niet aan het College van Burgemeester en Schepenen is gericht binnen de 35 dagen na aanvraag ervan; dat het advies van de gemachtigd ambtenaar geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn krachtens artikel 116, § 5, tweede lid, van voornoemd Wetboek; (8) Overwegende dat .. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Beslist : (2) Artikel 1.- De door ... aangevraagde verkavelingsvergunning is - toegekend - geweigerd. (5) - De houder van de vergunning dient : (2) 1° alle voorwaarden die omschreven zijn in het eensluidend advies van de gemachtigd ambtenaar, zoals hieronder aangegeven, na te leven; (6) 2° ... (2) (5) (7) Artikel ... - De verkaveling dient in ... opeenvolgende fasen zoals hierna aangegeven doorgevoerd te worden : ...
Artikel ... - Van deze beslissing wordt een uitgifte aan de aanvrager en aan de gemachtigd ambtenaar overgemaakt, om hem eventueel zijn recht op hoger beroep te kunnen laten uitoefenen.
Te ........................................., op .......................................;
VANWEGE HET COLLEGE : De gemeentesecretaris, De burgemeester, (1) Schrappen of uitwissen wat niet past.(2) Schrappen of uitwissen indien dat niet het geval is.(3) De voorschriften van het gewestplan, van het gemeentelijk plan van aanleg, van de verkavelingsvergunning, van het gewestelijk of gemeentelijk stedenbowkundig reglement waarvan de vergunningsaanvraag afwijkt, aangeven.(4) Eén of meer gedachtenstreepjes toevoegen indien nodig.(5) Schrappen of uitwissen indien de vergunning niet is afgeleverd.(6) In voorkomend geval door het College van Burgemeester en Schepenen in te vullen.(7) Voor elke andere fase dan de eerste het aanvangspunt van de vervaltermijn aangeven.(8) De overwegingen in rechte en in feite die als beslissingsgrond dienen, aangeven. UITTREKSELS UIT HET WAALSE WETBOEK VAN RUIMTELIJKE ORDENING, STEDENBOUW EN PATRIMONIUM 1) BEROEPSREGELING Art.119. § 1. De aanvrager kan bij ter post aangetekend schrijven een met redenen omkleed beroep bij de Regering instellen binnen dertig dagen na ontvangst van de beslissing van het college van burgemeester en schepenen.
Bij het beroep wordt een afschrift gevoegd van de plannen van de aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning en van de beslissing waarop het beroep slaat. De behandelings- en beslissingstermijnen beginnen pas te lopen, te rekenen vanaf de ontvangst van bedoeld afschrift. § 2. In de gevallen bedoeld in artikel 108 stelt de gemachtigde ambtenaar een beroep in bij de Regering binnen dertig dagen na ontvangst van de beslissing van het college van burgemeester en schepenen. Art. 452/13.De in artikel 119 bedoelde beroepen zijn bij ter post aangetekend schrijven te richten aan de directeur-generaal van het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium.
De aanvrager die een beroep instelt, vermeldt in zijn brief de datum waarop hij de beslissing van het college van burgemeester en schepenen ontvangen heeft. Art. 108.§ 1. De gemachtigde ambtenaar dient het met redenen omkleed beroep bedoeld in artikel 119, § 2, tweede lid, bij de Regering in als de procedure onregelmatig is geweest of als de vergunning niet overeenstemt : 1° met het gewestplan, als er noch een gemeentelijk plan van aanleg noch een verkavelingsvergunning bestaat;2° met het gemeentelijk plan of met de verkavelingsvergunning;3° met het gemeentelijk stedenbouwkundig reglement of met een gewestelijk stedenbouwkundig reglement;4° met de
wet van 12 juli 1956Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
12/07/1956
pub.
06/07/2011
numac
2011000414
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet tot vaststelling van het statuut der autosnelwegen
sluiten tot vaststelling van het statuut der autosnelwegen en met de perceelsgewijze plannen die de Regering heeft goedgekeurd krachtens artikel 6 van bedoelde wet;5° met de toegestane afwijking in toepassing van de artikelen 110 tot en met 113. Hij geeft de aard van de onregelmatigheid in de procedure aan, of de bepaling waarmee de vergunning niet overeenstemt. § 2. De gemachtigd ambtenaar kan eveneens een met redenen omkleed beroep indienen bij de Regering : 1° indien de beslissing van het college van burgemeester en schepenen afwijkt van het advies dat door de gemeentelijke commissie is uitgebracht in het kader van een verplichte raadpleging van laatstgenoemde;2° bij gebreke van de gemeentelijke commissie, indien bij het openbaar onderzoek dat in toepassing van dit wetboek is ingesteld ofwel : - vijfentwintig personen ingeschreven in het bevolkingsregister van de gemeente waar het ontwerp gelegen is als het een gemeente van minstens tienduizend inwoners betreft; - vijftig personen ingeschreven in het bevolkingsregister van de gemeente waar het ontwerp gelegen is als het een gemeente van tienduizend tot vijfentwintigduizend inwoners betreft; - honderd personen ingeschreven in het bevolkingsregister van de gemeente waar het ontwerp gelegen is als het een gemeente van vijfentwintigduizend tot vijftigduizend inwoners betreft; - tweehonderd personen ingeschreven in het bevolkingsregister van de gemeente waar het ontwerp gelegen is als het een gemeente van vijftigduizend tot honderdduizend inwoners betreft; - driehonderd personen ingeschreven in het bevolkingsregister van de gemeente waar het ontwerp gelegen is als het een gemeente van meer dan honderdduizend inwoners betreft; individuele en met redenen omklede opmerkingen hebben uitgebracht in verband met het ontwerp in de loop van bedoeld onderzoek van individuele en met redenen omklede opmerkingen hebben voorzien en indien de beslissing van het college niet aan bedoelde opmerkingen tegemoetkomt; 3° indien de Regering beslist heeft tot de herziening van het gemeentelijk plan van aanleg of de opstelling van een gemeentelijk plan van aanleg dat als gevolg heeft de herziening of de vernietiging van de hele verkavelingsvergunning of een deel ervan. In de vergunning dient dit artikel te worden opgenomen. 2)OPSCHORTING VAN DE VERGUNNING Art. 119.Het beroep van de gemachtigd ambtenaar, evenals de termijn om het beroep in te dienen, zijn opschortend. Het beroep wordt gelijktijdig naar de aanvrager gestuurd en naar het College van burgemeester en schepenen. 3) AANPLAKKING VAN DE VERGUNNING Art.134. De aanvrager moet een leesbaar bericht laten aanplakken op het terrein langs de openbare weg, waarbij wordt aangekondigd dat de vergunning is verleend, hetzij vóór de aanvang van de werken en tijdens de hele duur ervan wanneer het om werken gaat, hetzij, in de andere gevallen, vanaf de voorbereidingen, vooraleer de handeling(en) is (zijn) uitgevoerd en tijdens de hele duur van de uitvoering ervan.
Gedurende die periode moeten de vergunning en het bijgevoegde dossier of een door de gemeente of de gemachtigde ambtenaar voor echt verklaard afschrift van deze documenten permanent ter beschikking liggen van de in artikel 159 bedoelde ambtenaren op de plaats waar de werken en handelingen worden uitgevoerd. 4) VERVALLEN VAN DE VERGUNNING Art.98. Wanneer de verkavelingsvergunning geen stedebouwkundige lasten met zich meebrengt, noch de aanleg van nieuwe verbindingswegen, de wijziging van het tracé van de bestaande gemeentelijke verbindingswegen, hun verbreding of afschaffing tot gevolg heeft, vervalt zij voor het overige gedeelte indien er geen akten bedoeld in artikel 89, § 1, derde lid, die betrekking hebben op minstens één derde van de percelen werden geregistreerd binnen een termijn van vijf jaar na de afgifte van de vergunning.
Het verkoop- en verhuurbewijs wordt vóór het verstrijken van voormelde termijn van vijf jaar geleverd door de uittreksels uit de door de notaris of de ontvanger der registraties eensluidend verklaarde akten aan het College te betekenen. Art. 99.Wanneer de verkavelingsvergunning de aanleg van nieuwe verbindingswegen met zich meebrengt, alsook de wijziging van het tracé van de bestaande gemeentelijke verbindingswegen, hun verbreding of afschaffing, vervalt de vergunning wanneer de houder ervan de opgelegde werken en lasten niet heeft uitgevoerd of de vereiste financiële waarborgen niet heeft verstrekt binnen vijf jaar na de afgifte van de vergunning.
De vergunning vervalt eveneens wanneer de houder binnen diezelfde termijn de stedebouwkundige lasten niet op zich heeft genomen of de krachtens artikel 91 vereiste financiële waarborgen niet heeft verstrekt. Art. 100.Wanneer de werken in verschillende fasen mogen worden uitgevoerd, bepaalt de vergunning voor elke fase, met uitzondering van de eerste, de begindatum van de vervaltermijn van vijf jaar. Art. 101.De verkavelingsvergunning vervalt van rechtswege. 5) VERLENGING VAN DE VERGUNNING Art.102. Een verkavelingsvergunning kan, op verzoek van de eigenaar van het perceel waarop ze betrekking heeft, gewijzigd worden voor zover de wijziging geen afbreuk doet aan de rechten die voortvloeien uit uitdrukkelijke overeenkomsten tussen de partijen.
De gewone heroverschrijving van de stedebouwkundige voorschriften van de verkavelingsvergunning in een authentieke akte of in een onderhandse overeenkomst mag niet worden beschouwd als een overeenkomst zoals bedoeld in het eerste lid. Art. 103.De bepalingen die de verkavelingsvergunning regelen, gelden ook voor de wijziging ervan, onverminderd de vervulling van de onderstaande formaliteiten.
Alvorens zijn aanvraag in te dienen, stuurt de eigenaar een eensluidende afschrift ervan bij ter post aangetekend schrijven naar alle perceeleigenaars die de aanvraag niet medeondertekend hebben. De ontvangstbewijzen van de aangetekende brieven worden gevoegd bij het dossier dat bij de aanvraag gaat. Bezwaren moeten binnen dertig dagen na de dag waarop de aangetekende brieven ter post werden afgegeven, bij ter post aangetekend schrijven gericht worden aan het College van burgemeester en schepenen.
De wijziging wordt geweigerd indien de eigenaar(s) van meer dan een kwart van de in de oorspronkelijke vergunning toegestane percelen, hun bezwaarschrift binnen de in het tweede lid bedoelde termijn bij ter post aangetekend schrijven aan het College richten. Art. 105.De wijziging van de verkavelingsvergunning heeft geen enkele weerslag op de vervaltermijn van de verkavelingsvergunning waarvan de wijziging is gevraagd. 6) BIJZONDERE BEPALINGEN DIE VAN TOEPASSING ZIJN OP DE VERKAVELINGEN DIE STEDENBOUWKUNDIGE LASTEN OF DE OPENING VAN VERKEERSWEGEN IMPLICEREN Art.95. Het is verboden een perceel dat het voorwerp uitmaakt van een verkavelingsvergunning of van een fase daarvan die stedebouwkundige lasten vergt, of waarvoor de aanleg van nieuwe verbindingswegen, de wijziging van het tracé van de bestaande gemeentelijke verbindingswegen, hun verbreding of afschaffing nodig is, vrijwillig te koop te bieden, te verkopen, in huur te geven of voor meer dan negen jaar te verhuren, in erfpacht of in opstal af te staan, voordat de houder van de vergunning hetzij de opgelegde werken en lasten heeft uitgevoerd, hetzij de financiële waarborgen heeft verstrekt die nodig zijn voor de uitvoering daarvan. De vervulling van deze formaliteiten wordt vastgesteld in een door het College van burgemeester en schepenen afgegeven attest en bij ter post aangetekende brief aan de verkavelaar betekend. Het College bezorgt een afschrift van dit attest aan de gemachtigde ambtenaar.
Behalve wanneer de overheid voor de voorzieningen zorgt, blijft de houder van de verkavelingsvergunning gedurende tien jaar, samen met de aannemer en de architect van de voorzieningen van de verkaveling, binnen de bij de artikelen 1792 en 2270 van het Burgerlijk Wetboek bepaalde perken hoofdelijk aansprakelijk ten overstaan van het Gewest, de gemeente en de kopers van de percelen.
Gezien om gevoegd te worden bij het besluit van de Waalse Regering van 17 juli 2003 tot bepaling van de vorm van de aanvragen en beslissingen betreffende de stedenbouwkundige vergunningen, de verkavelingsvergunningen en de wijzigingen van verkavelingsvergunningen.
Namen, 17 juli 2003.
De Minister-President, J.-Cl. VAN CAUWENBERGHE De Minister van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Leefmilieu, M. FORET
BIJLAGE 31 - FORMULIER C (1) BESLISSING TOT - TOEKENNING - WEIGERING - VAN DE WIJZIGING VAN DE VERKAVELINGSVERGUNNING Het college van burgemeester en schepenen, Gelet op het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Patrimonium; Gelet op artikel 123, 1°, van de Nieuwe Gemeentewet;
Gelet op het decreet van 11 september 1985 tot organisatie van de waardering van de weerslagen op het leefmilieu in het Waalse Gewest zoals inzonderheid gewijzigd bij het decreet van 11 maart 1999 betreffende de milieuvergunning en het decreet van 15 mei 2003, evenals bij de besluiten van de Waalse Regering van 4 juli 2002 betreffende respectievelijk de organisatie van het milieuëffectenverslag en de lijst van de projecten die aan het effectenonderzoek worden onderworpen; (1) Overwegende dat ..., eigenaar van de kavel(s) ..., een aanvraag tot wijziging van de niet-vervallen verkavelingsvergunning nr. ..., vergund bij ... van ..., heeft ingediend met betrekking tot een goed gelegen te ... gekadastreerd afdeling ... en met betrekking tot de verdeling van dat goed in ... kavels met het oog op ...; (1) Overwegende dat de volledige vergunningsaanvraag bij aangetekend schrijven tegen postontvangstbewijs met datum van ... aan het gemeentebestuur is gericht; bij het gemeentebestuur is afgegeven tegen ontvangstbewijs met datum van ...; (2) (3) Overwegende dat er een niet-vervallen stedenbouwkundig attest nr.2 met betrekking tot de aanvraag is afgeleverd met datum van ...; (2) (3) Overwegende dat alle eigenaars van een kavel de aanvraag tegengetekend hebben;(1) (2) (3) Overwegende dat alle eigenaars van een kavel die de aanvraag niet tegengetekend hebben, vóór de indiening ervan, een eensluidend afschrift ervan hebben gekregen bij ter post aangetekend schrijven;dat de eigenaar(s) van de kavel(s) ... een bezwaarschrift ingediend heeft - hebben binnen een termijn van dertig dagen na datum van afgifte bij de post van de aangetekende zendingen; dat die eigenaar(s) meer - minder dan één kwart van de in de aanvankelijke vergunning vergunde kavels bezit(ten); (1) (2) (3) Overwegende dat de eigenaar(s) van de kavel(s) ... die de aanvraag niet tegengetekend heeft - hebben, geen eensluidend afschrift ervan gekregen heeft - hebben bij ter post aangetekend schrijven; (1) (3) Overwegende dat uit het ingediende dossier of uit de bezwaarschriften blijkt - niet blijkt dat de toelating om de vergunning te wijzigen de rechten voortvloeiende uit de uitdrukkelijke overeenkomsten tussen de partijen schade berokkent; (2) Overwegende dat het goed gelegen is - in een omtrek ... - in een ... gebied op het gewestplan van ..., aangenomen bij ... van ... dat niet opgehouden heeft uitwerking te hebben voor voornoemd goed; (1) (2) (3) Overwegende dat het goed in een ...gebied gelegen is in de omtrek van het gemeentelijk plan van aanleg ... goedgekeurd bij ... van ..., en dat niet opgehouden heeft uitwerking te hebben voor voornoemd goed; (2) (3) Overwegende dat het algemeen reglement op gebouwen dat van toepassing is in de beschermingsgebieden van sommige gemeenten inzake stedenbouw van toepassing is op het grondgebied waarvan het goed gelegen is krachtens ... van ...; (2) (3) Overwegende dat het algemeen reglement op gebouwen in landbouwgebieden van toepassing is op het grondgebied waar het goed krachtens ... van ... gelegen is; (2) (3) Overwegende dat het goed in een ...gebied gelegen is in het gemeentelijk structuurplan aangenomen bij ... van ...; (1) (2) (3) Overwegende dat er een gemeentelijk stedenbouwkundig reglement goedgekeurd bij ... van ... van kracht is over het gehele gemeentelijke grondgebied waar het goed gelegen is en alle punten bedoeld in artikel 78, § 1, van voornoemd Wetboek inhoudt; dat het goed gelegen is in een ûgebied- ondergebied - ... in bedoeld reglement; (2) Gelet op het ministerieel besluit van ... waarbij de gemeente onder de gedecentraliseerde regeling inzake ruimtelijke ordening en stedenbouw valt; (2) (3) Overwegende dat de gewestelijke of gemeentelijke stedenbouwkundige reglementen zoals volgt eveneens van toepassing zijn op het gemeentelijk grondgebied of het gedeelte ervan waar het goed gelegen is;...; (1) (2) (3) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een - beschermd - goed dat op de beschermingslijst opgenomen is - gelegen is in een beschermingsgebied als bedoeld in artikel 209 van voornoemd Wetboek - gelegen is in een gebied dat opgenomen is op de lijst van de archeologische sites als bedoeld in artikel 233 va …
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.