Programmawet
Kort samengevat
Deze wet regelt diverse sociale zaken, waaronder de financiering van opleidingsprojecten, de verjaringstermijn voor premiebetalingen en wijzigingen aan wetten betreffende sociale zekerheid en ziekenfondsen.
Wat het regelt
- De financiering van opleidingsprojecten binnen sociale fondsen.
- De verjaringstermijn voor schuldvorderingen en vorderingen met betrekking tot premies, tegemoetkomingen en toelagen.
- De bevoegdheden van inspecteurs van de Sociale Inspectie.
- De financiering van wachtuitkeringen en compensaties voor sociale zekerheidsbijdragen.
Wie het aanbelangt
- Sociale fondsen en de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid.
- Werknemers, met name die in de steenkool- en staalindustrie die hun baan verloren hebben.
- Gemeenten en meergemeentepolitiezones.
- Ziekenfondsen en landsbonden van ziekenfondsen.
Kernpunten
- Fondsen moeten bedragen voor opleidingsprojecten apart opnemen, toegewezen door de ministers van Werkgelegenheid, Sociale Zaken en Volksgezondheid.
- Ongebruikte saldi van bijdrageverminderingen, inclusief renten, worden overgedragen naar het volgende kwartaal.
- Schuldvorderingen van de Rijksdienst en vorderingen tegen de Rijksdienst verjaren na vijf jaar.
- De last voor gemeenten en meergemeentepolitiezones inzake sociale zekerheidsbijdragen op vergoedingen, premies en toelagen is beperkt tot het niveau van het jaar 2000.
Wettekst
Wettekst
2 AUGUSTUS 2002. - Programmawet
(1)ALBERT II, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. De Kamers hebben aangenomen en Wij bekrachtigen hetgeen volgt : TITEL I. - Algemene bepaling Artikel 1.Deze wet regelt een aangelegenheid bedoeld in artikel 78 van de Grondwet. TITEL II. - Sociale zaken HOOFDSTUK I. - Sociale Maribel Art. 2.In artikel 1, § 7, 1° van de wet van 1 augustus 1985Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/03/1971 pub. 28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten0 houdende sociale bepalingen, ingevoegd bij de wet van 26 maart 1999, wordt tussen het tweede en derde lid volgend lid ingevoegd : « Het fonds neemt in een aparte rubriek de bedragen op die de Minister bevoegd voor Werkgelegenheid, de Minister bevoegd voor Sociale Zaken en de Minister bevoegd voor Volksgezondheid onder de beschikbare niet-recurrente middelen van het fonds toewijzen voor de financiering van opleidingsprojecten. » Art. 3.Artikel 1, § 7, 2°, laatste lid van dezelfde wet wordt vervangen door volgende bepalingen : « Wanneer het fonds bedoeld in 1° de opbrengst van de bijdrageverminderingen, toegewezen aan dit fonds, niet geheel gebruikt, wordt het saldo, met inbegrip van de renten, overgedragen naar het volgende kwartaal. Het voormelde fonds is ertoe gehouden om uiterlijk op 31 december 2001 aan het terugvorderingfonds bedoeld in 2° de middelen te storten waarover het beschikt en die het gecumuleerd bedrag van de door de Rijksdienst aan het fonds gestorte laatste driemaandelijkse opbrengst van de bijdrageverminderingen en van de niet-recurrente middelen toegewezen voor de financiering van opleidingsprojecten overtreft. » Art. 4.Artikel 35, § 5, van de wet van 29 juni 1981Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/12/1998 pub. 17/12/1998 numac 1998012952 bron ministerie van tewerkstelling en arbeid Wet tot omzetting van sommige bepalingen van de EG-richtlijn 93/104 van 23 november 1993 betreffende een aantal aspecten van de organisatie van de arbeidstijd type wet prom. 04/12/1998 pub. 29/03/2000 numac 1999015075 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en internationale samenwerking Wet houdende instemming met het Tweede Facultatieve Protocol bij het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten, gericht op de afschaffing van de doodstraf, gedaan te New York op 15 december 1989 type wet prom. 04/12/1998 pub. 21/10/1999 numac 1998015199 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en internationale samenwerking Wet houdende instemming met het Zesde Protocol bij het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden inzake de afschaffing van de doodstraf, gedaan in Straatsburg op 28 april 1983 sluiten7 houdende de algemene beginselen van de sociale zekerheid voor werknemers, laatst gewijzigd bij de programmawet van 30 december 2001Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 03/03/1998 numac 1998021087 bron diensten van de eerste minister Wet houdende sociale bepalingen sluiten9,wordt aangevuld met volgend lid : « Voor de toepassing van de vorige leden worden de niet-recurrente middelen, die door de Minister bevoegd voor Werkgelegenheid, de Minister bevoegd voor Sociale Zaken en de Minister bevoegd voor Volksgezondheid worden toegewezen voor de financiering van opleidingsprojecten, niet in aanmerking genomen. » HOOFDSTUK II. - Verjaringstermijn premiebetalingen RSZPPO Art. 5.In artikel 6 van de wet van 1 augustus 1985Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/03/1971 pub. 28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten0 houdende sociale bepalingen worden volgende wijzigingen aangebracht : 1° tussen het tweede en derde lid wordt volgend lid ingevoegd : « De schuldvorderingen van de Rijksdienst met betrekking tot onrechtmatig uitgekeerde premies, tegemoetkomingen en toelagen, bedoeld in artikel 1, § 2bis, § 2ter en § 2quater verjaren door verloop van vijf jaar te rekenen van de dag van de betaling.De tegen de Rijksdienst ingestelde vorderingen tot betaling van voormelde, verschuldigde premies, tussenkomsten en toelagen verjaren door verloop van vijf jaar te rekenen van de dag van dat zij opeisbaar zijn. »; 2° in het laatste lid worden de woorden « het eerste en tweede lid » vervangen door de woorden « het eerste, tweede lid en derde lid ». HOOFDSTUK III. - Wijziging van de wet van 15 december 1980Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003674 bron ministerie van financien Wet houdende zevende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », en 18 - « Ministerie van Financiën » type wet prom. 07/12/1998 pub. 05/01/1999 numac 1998021488 bron diensten van de eerste minister Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003673 bron ministerie van financien Wet houdende tiende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », 18 - « Ministerie van Financiën » en 19 - « Ministerie van Ambtenarenzaken » sluiten6 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen Art. 6.Artikel 81, eerste lid van de wet van 15 december 1980Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003674 bron ministerie van financien Wet houdende zevende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », en 18 - « Ministerie van Financiën » type wet prom. 07/12/1998 pub. 05/01/1999 numac 1998021488 bron diensten van de eerste minister Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003673 bron ministerie van financien Wet houdende tiende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », 18 - « Ministerie van Financiën » en 19 - « Ministerie van Ambtenarenzaken » sluiten6 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen wordt aangevuld als volgt : « en de inspecteurs van het Bestuur van de Sociale Inspectie van het Ministerie van Sociale Zaken, Volksgezondheid en Leefmilieu. » HOOFDSTUK IV. - Alternatieve financiering Art. 7.In artikel 66 van de programma wet van 2 januari 2001Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/03/1971 pub. 28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten4, gewijzigd bij de wetten van 20 juli 2001 en 30 december 2001, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° In § 1, derde lid, worden de woorden « 25.384 duizend EUR » vervangen door de woorden « 41.333 duizend EUR »; 2° § 2 wordt aangevuld als volgt : « 5° een bedrag bepaald bij koninklijk besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad ter financiering van de wachtuitkeringen toegekend aan de werknemers van de steenkool- en staalnijverheid, die hun tewerkstelling verloren hebben »; 6° een bedrag van 10.460 duizend EUR bestemd voor de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid ter compensatie van de bijdragen op de vergoedingen, premies en toelagen die door de politiezones niet verschuldigd zijn. » HOOFDSTUK V. - Wijziging van de wet van 6 mei 2002Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 03/03/1998 numac 1998021087 bron diensten van de eerste minister Wet houdende sociale bepalingen sluiten8 tot oprichting van het Fonds voor de pensioenen van de geïntegreerde politie en houdende bijzondere bepalingen inzake sociale zekerheid Art. 8.Artikel 15 van de wet van 6 mei 2002Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 03/03/1998 numac 1998021087 bron diensten van de eerste minister Wet houdende sociale bepalingen sluiten8 tot oprichting van het Fonds voor de pensioenen van de geïntegreerde politie en houdende bijzondere bepalingen inzake sociale zekerheid wordt door de volgende bepaling vervangen : « Inzake de sociale zekerheidsbijdragen op de vergoedingen, premies en toelagen van de personeelsleden, is de last die door de gemeenten en de meergemeentepolitiezondes gedragen wordt, beperkt tot de sociale zekerheidsbijdragen op de vergoedingen, premies en toelagen die door de gemeenten voor het politiepersoneel gedragen werden voor het jaar 2000. » Art.9. Artikel 16 van dezelfde wet wordt door de volgende bepaling vervangen : « De Koning bepaalt het bedrag van de in de artikelen 10 tot 14 voorziene toelagen, alsook de nadere regels inzake de verdeling van die toelagen tussen de verschillende gemeenten en de meergemeentepolitiezones en de nadere regels inzake de toepassing van artikel 15. » HOOFDSTUK VI. - Wijzigingen van de wet van 6 augustus 1990Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003674 bron ministerie van financien Wet houdende zevende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », en 18 - « Ministerie van Financiën » type wet prom. 07/12/1998 pub. 05/01/1999 numac 1998021488 bron diensten van de eerste minister Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003673 bron ministerie van financien Wet houdende tiende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », 18 - « Ministerie van Financiën » en 19 - « Ministerie van Ambtenarenzaken » sluiten7 betreffende de ziekenfondsen en de landsbonden van ziekenfondsen Art. 10.In artikel 16, derde lid, van de wet van 6 augustus 1990Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003674 bron ministerie van financien Wet houdende zevende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », en 18 - « Ministerie van Financiën » type wet prom. 07/12/1998 pub. 05/01/1999 numac 1998021488 bron diensten van de eerste minister Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003673 bron ministerie van financien Wet houdende tiende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », 18 - « Ministerie van Financiën » en 19 - « Ministerie van Ambtenarenzaken » sluiten7 betreffende de ziekenfondsen en de landsbonden van ziekenfondsen, gewijzigd bij de wet van 12 augustus 2000Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/03/1971 pub. 28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten3, wordt het woord "dertig" vervangen door het woord "twintig". Art. 11.In artikel 17 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 12 augustus 2000Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/03/1971 pub. 28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten3, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in de Franse tekst van § 1, tweede lid, 3°, worden de woorden "l'explication" vervangen door de woorden "l'annexe";2° § 2 wordt opgeheven;3° § 3 wordt § 2. Art. 12.In het artikel 27bis, tweede lid, van dezelfde wet, worden de woorden "2 023 000 000 frank" vervangen door de woorden "50.148.860,06 euro". Art. 13.Artikel 28, § 1, vierde lid, van dezelfde wet, ingevoegd door de wet van 12 augustus 2000Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/03/1971 pub. 28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten3, wordt vervangen als volgt : « De Controledienst bepaalt de berekeningswijze van deze reservefondsen, de in acht te nemen parameters, alsmede wat dient te worden verstaan onder gelijkwaardige activa. » Art. 14.In artikel 29 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 20 juli 1991, worden de volgende wijzigingen aangebracht : A. § 1 wordt vervangen als volgt : « § 1. Onverminderd § 2 van dit artikel houden de ziekenfondsen en de landsbonden van ziekenfondsen hun boekhouding bij overeenkomstig de wet van 17 juli 1975Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/12/1998 pub. 17/12/1998 numac 1998012952 bron ministerie van tewerkstelling en arbeid Wet tot omzetting van sommige bepalingen van de EG-richtlijn 93/104 van 23 november 1993 betreffende een aantal aspecten van de organisatie van de arbeidstijd type wet prom. 04/12/1998 pub. 29/03/2000 numac 1999015075 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en internationale samenwerking Wet houdende instemming met het Tweede Facultatieve Protocol bij het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten, gericht op de afschaffing van de doodstraf, gedaan te New York op 15 december 1989 type wet prom. 04/12/1998 pub. 21/10/1999 numac 1998015199 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en internationale samenwerking Wet houdende instemming met het Zesde Protocol bij het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden inzake de afschaffing van de doodstraf, gedaan in Straatsburg op 28 april 1983 sluiten4 op de boekhouding van de ondernemingen, desgevallend aangevuld en aangepast aan de eigen kenmerken van de ziekenfondsen en de landsbonden en van de diensten bedoeld bij de artikelen 3, eerste lid en 7, §§ 2 en 4, van deze wet. Op voorstel van de Controledienst bepaalt de Koning, bij een in Ministerraad overlegd besluit : 1° de bijzondere aanvullende en aangepaste regels, bedoeld in het eerste lid;2° de artikelen van de voornoemde wet van 17 juli 1975Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/12/1998 pub. 17/12/1998 numac 1998012952 bron ministerie van tewerkstelling en arbeid Wet tot omzetting van sommige bepalingen van de EG-richtlijn 93/104 van 23 november 1993 betreffende een aantal aspecten van de organisatie van de arbeidstijd type wet prom. 04/12/1998 pub. 29/03/2000 numac 1999015075 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en internationale samenwerking Wet houdende instemming met het Tweede Facultatieve Protocol bij het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten, gericht op de afschaffing van de doodstraf, gedaan te New York op 15 december 1989 type wet prom. 04/12/1998 pub. 21/10/1999 numac 1998015199 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en internationale samenwerking Wet houdende instemming met het Zesde Protocol bij het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden inzake de afschaffing van de doodstraf, gedaan in Straatsburg op 28 april 1983 sluiten4 die niet van toepassing zijn op de boekhouding van de ziekenfondsen en de landsbonden;3° de regels volgens dewelke de jaarrekeningen van de ziekenfondsen en de landsbonden worden opgesteld.»; B. § 3 wordt vervangen als volgt : « § 3. De landsbonden en de ziekenfondsen moeten afzonderlijke rekeningenstelsels invoeren : 1° voor de verrichtingen die betrekking hebben op de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen en de diensten bedoeld in artikel 3, eerste lid,
- c), die voornoemde verplichte verzekering betreffen, alsook voor de hiermee verbonden tegoeden, schulden, verbintenissen, opbrengsten en kosten;2° voor de verrichtingen die betrekking hebben op de diensten bedoeld in de artikelen 3, eerste lid,
- b)en 7, § 4, en de diensten bedoeld in de artikelen 3, eerste lid,
- c)die voornoemde diensten betreffen, alsook voor de hiermee verbonden tegoeden, schulden, verbintenissen, opbrengsten en kosten.» Art. 15.In artikel 33 van dezelfde wet, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° De volgende leden worden tussen het eerste en het tweede lid ingevoegd : « Het advies van het Instituut der bedrijfsrevisoren, bedoeld in het vorige lid, wordt aan de Controledienst overgemaakt binnen de drie maanden volgend op de datum van de toezending van de brief houdende aanvraag van advies. Het advies wordt verondersteld gegeven en gunstig te zijn indien het niet aan de Controledienst is overgemaakt binnen de voormelde termijn. »; 2° het vroegere tweede lid dat het vierde lid is geworden, wordt vervangen als volgt : « Het reglement bedoeld in het eerste lid bepaalt eveneens :
- a)de voorwaarden waaronder en de wijze waarop de erkende revisoren op de lijst zoals bedoeld in artikel 32 worden ingeschreven;
- b)de voorwaarden waaronder aan deze inschrijving al dan niet tijdelijk een einde kan worden gemaakt, alsook de daartoe te volgen procedure;
- c)het maximaal aantal ziekenfondsen en landsbonden waarbij eenzelfde revisor kan worden aangesteld.» Art. 16.Artikel 35, van dezelfde wet, wordt aangevuld met het volgende lid : « De Controledienst bepaalt de termijn binnen dewelke de raad van bestuur van het ziekenfonds of van de landsbond alle stukken die nodig zijn voor het opstellen van dit verslag overmaakt aan de revisoren ». Art. 17.Artikel 36, eerste lid, van dezelfde wet, wordt aangevuld met de woorden "en wordt, samen met de notulen van deze algemene vergadering, aan de Controledienst toegestuurd binnen de door deze laatste bepaalde termijn". Art. 18.Artikel 41, derde lid, van dezelfde wet, wordt vervangen als volgt : « Deze toestemming is niet vereist voor het aanvaarden van giften, schenkingen en legaten van roerende goederen waarvan de waarde niet hoger is dan 12.500 euro. Het bedrag bedoeld in het derde lid wordt op één januari van ieder jaar aangepast aan het indexcijfer van de consumptieprijzen van de maand oktober van het voorbije jaar. Het indexcijfer van oktober 2001 geldt als basis. De aanpassing van het bedrag geschiedt volgens de volgende formule : het nieuwe bedrag is gelijk aan het basisbedrag vermenigvuldigd met het nieuwe indexcijfer, gedeeld door het indexcijfer dat als basis wordt genomen. Het resultaat wordt naar het volgende tiende afgerond ». Art. 19.In artikel 43 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 12 augustus 2000Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/03/1971 pub. 28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten3, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° § 3 wordt vervangen als volgt : « Het samenwerkingsakkoord en de wijzigingen ervan worden goedgekeurd of opgezegd door de algemene vergadering van het ziekenfonds of van de landsbond.Deze documenten worden samen met de notulen van deze algemene vergadering aan de Controledienst toegestuurd binnen de door deze laatste bepaalde termijn. »; 2° § 4, derde lid, wordt vervangen als volgt : « Het verslag en de notulen van deze algemene vergadering worden aan de Controledienst toegestuurd binnen de door deze laatste bepaalde termijn.» Art. 20.Artikel 43quinquies, tweede lid, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 12 augustus 2000Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/03/1971 pub. 28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten3, wordt vervangen als volgt : « Worden voor de toepassing van deze wet eveneens beschouwd als voordelen, bedoeld in het eerste lid, de voordelen van dezelfde aard die worden toegekend door een rechtspersoon waarmee het ziekenfonds of de landsbond een samenwerkingsakkoord heeft gesloten, een maatschappij van onderlinge bijstand bedoeld door artikel 43bis of elke andere derde. » Art. 21.In artikel 46, § 3, tweede lid, eerste zin, ingevoegd bij de wet van 14 januari 2002Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003674 bron ministerie van financien Wet houdende zevende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », en 18 - « Ministerie van Financiën » type wet prom. 07/12/1998 pub. 05/01/1999 numac 1998021488 bron diensten van de eerste minister Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003673 bron ministerie van financien Wet houdende tiende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », 18 - « Ministerie van Financiën » en 19 - « Ministerie van Ambtenarenzaken » sluiten1, worden de woorden "van § 1, vierde lid" vervangen door de woorden "van § 1, vijfde lid". Art. 22.Artikel 48bis van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 12 augustus 2000Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/03/1971 pub. 28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten3 en gewijzigd bij de wet van 14 januari 2002Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003674 bron ministerie van financien Wet houdende zevende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », en 18 - « Ministerie van Financiën » type wet prom. 07/12/1998 pub. 05/01/1999 numac 1998021488 bron diensten van de eerste minister Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003673 bron ministerie van financien Wet houdende tiende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », 18 - « Ministerie van Financiën » en 19 - « Ministerie van Ambtenarenzaken » sluiten1, wordt aangevuld als volgt : « § 7. Van de in § 1 bedoelde verjaringen mag geen afstand worden gedaan. De verjaringstermijnen bedoeld in §§ 2, 3 en 4 mogen, noch door een overeenkomst, noch door de statuten van een ziekenfonds of een landsbond verkort worden. » Art. 23.In artikel 52, eerste lid, van dezelfde wet worden de woorden "en krachtens of in uitvoering van andere wetten" ingevoegd tussen de woorden "krachtens deze wet" en de woorden "worden verleend". Art. 24.Artikel 54 van dezelfde wet wordt aangevuld als volgt : « Het advies bedoeld in de voorgaande leden wordt medegedeeld binnen de vier maanden vanaf de schriftelijke vraag om advies uitgaande van de Minister of van de Raad van de Controledienst. Behoudens afzonderlijk schrijven geldt de eerste inschrijving van de betrokken kwestie op de dagorde van een zitting van het Technisch comité als schriftelijke vraag om advies uitgaande van de Raad van de Controledienst. In afwijking van het vorige lid kunnen de Minister en de Raad van de Controledienst, bij behoorlijk gemotiveerde hoogdringendheid, een kortere termijn vastleggen zonder dat deze evenwel minder dan een maand kan bedragen te rekenen vanaf de schriftelijke vraag om advies. Het advies wordt verondersteld gegeven en gunstig te zijn indien het niet is medegedeeld binnen de voorziene termijn. » Art. 25.In artikel 60, eerste lid, van dezelfde wet, vervangen bij de wet van 12 augustus 2000Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/03/1971 pub. 28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten3, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° de bepaling onder 2° wordt vervangen als volgt : « 2° bij een inbreuk op de artikelen 9, 27bis, zesde lid, 28, §§ 1 en 3, 29, 30, eerste lid, 31, 32, 48, § 1, tweede lid, 48, § 2, tweede lid, en 53, eerste lid, aan de landsbond of het ziekenfonds een termijn toekennen om de toestand te regulariseren, waarvan hij de duur vastlegt en die ingaat op de datum van de betekening van de beslissing en in voorkomend geval, indien de gevraagde regularisatie niet binnen de toegekende termijn gerealiseerd is, ten laste van de landsbond een administratieve geldboete bepaald door artikel 60ter, tweede lid, uitspreken »; 2° wordt een 2°bis ingevoegd, luidende : « 2°bis bij een inbreuk op de artikelen van deze wet die niet bedoeld worden onder 1° en 2°, een administratieve geldboete van 100 tot 500 euro uitspreken;". Art. 26.Artikel 60bis van dezelfde wet, ingevoegd door de wet van 12 augustus 2000Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/03/1971 pub. 28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten3, wordt vervangen als volgt : « Een administratieve geldboete van 50 euro tot 250 euro kan worden uitgesproken per in strijd met de bepalingen van artikel 43quinquies, toegekend voordeel. Een administratieve geldboete van 100 euro tot 500 euro kan worden uitgesproken in geval van niet-naleving van de termijnen bedoeld door of krachtens de artikelen 11, § 1, eerste lid, 28, § 4, tweede lid, 30, tweede lid, 35, derde lid, 36, eerste lid, en 43, §§ 3 en 4, derde lid. Een administratieve geldboete van 500 euro tot 2.500 euro kan worden uitgesproken : 1° voor elke, in strijd met de bepalingen van artikel 43quater, § 2, gevoerde vergelijkende reclame;2° voor elke, in strijd met de bepalingen van artikel 43quater, § 3, gevoerde reclame. Een administratieve geldboete van 1.500 euro tot 7.500 euro kan worden uitgesproken voor elke inbreuk op de bepalingen van artikel 43ter. Een administratieve geldboete van 1.500 euro tot 7.500 euro kan worden uitgesproken : 1° in geval van niet-naleving van de beslissingen van de Raad van de Controledienst waarbij, met toepassing van artikel 11, §§ 2 en 3, de goedkeuring wordt geweigerd van de statutaire bepalingen of hun wijzigingen;2° in geval van toekenning van financiële tussenkomsten of vergoedingen in het kader van diensten of voordelen die, met toepassing van artikel 11, door de Raad van de Controledienst niet goedgekeurd zijn. Een administratieve geldboete van 2.500 euro tot 12.500 euro kan worden uitgesproken voor elke, in strijd met de bepalingen van artikel 43quater, § 2, gevoerde bedrieglijke reclame. » Art. 27.In artikel 60ter, tweede lid, van dezelfde wet, ingevoegd door de wet van 12 augustus 2000Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/03/1971 pub. 28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten3, worden de woorden "500 Belgische frank tot 5 000 Belgische frank" vervangen door de woorden "12,50 tot 125 euro". Art. 28.In artikel 60quater, van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 14 januari 2002Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003674 bron ministerie van financien Wet houdende zevende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », en 18 - « Ministerie van Financiën » type wet prom. 07/12/1998 pub. 05/01/1999 numac 1998021488 bron diensten van de eerste minister Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003673 bron ministerie van financien Wet houdende tiende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », 18 - « Ministerie van Financiën » en 19 - « Ministerie van Ambtenarenzaken » sluiten1, wordt het derde lid vervangen als volgt : « Bij samenloop van meerdere inbreuken bedoeld door artikel 60bis en bij samenloop van één of meerdere van deze inbreuken met een inbreuk gesanctioneerd met een administratieve geldboete bedoeld door artikel 60ter, tweede lid, of artikel 60, eerste lid, 2°bis, worden de bedragen van de administratieve geldboetes samen opgelegd zonder echter 20.000 euro te mogen overschrijden. » Art. 29.In artikel 64, eerste lid, van dezelfde wet, worden de woorden "1 000 frank tot 10 000 frank" vervangen door de woorden "1.000 tot 10.000 euro". Art. 30.In artikel 65, § 2, van dezelfde wet, worden de woorden "26 tot 5 000 frank" vervangen door de woorden "26 tot 5.000 euro". HOOFDSTUK VII. - Wijzigingen van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen Art. 31.In artikel 35 van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994, wordt § 3, opgeheven bij de wet van 10 augustus 2001Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003674 bron ministerie van financien Wet houdende zevende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », en 18 - « Ministerie van Financiën » type wet prom. 07/12/1998 pub. 05/01/1999 numac 1998021488 bron diensten van de eerste minister Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003673 bron ministerie van financien Wet houdende tiende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », 18 - « Ministerie van Financiën » en 19 - « Ministerie van Ambtenarenzaken » sluiten0, hersteld in de volgende lezing : « Zonodig kunnen voor de in artikel 34 bedoelde verstrekkingen die de Koning aanwijst en voor zover zij betrekking hebben op instellingen en diensten, verschillende tarieven van tegemoetkoming gelden naargelang de instellingen en diensten bedoeld in deze bepaling al dan niet voldoen aan bijkomende voorwaarden dewelke Hij vaststelt en dewelke betrekking hebben op de arbeidsvoorwaarden van hun personeel en een invloed hebben op de kwaliteit en de toegankelijkheid van de zorg. » Art. 32.In dezelfde wet, wordt een afdeling Vbis ingevoegd, luidend als volgt : « Afdeling V bis. - Vergoeding om zorgaanbod inzake kinesitherapie te wijzigen Art. 55bis . De Koning, kan, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, het Instituut ermee belasten om de kost voortvloeiend uit maatregelen genomen om het aantal kinesitherapeuten te verhogen of te verminderen, ten laste nemen van de begroting inzake de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen. De Koning bepaalt, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, de nadere regelen voor de toepassing van dit artikel. » Art. 33.Een artikel 116bis , luidend als volgt, wordt in dezelfde wet ingevoegd : « Art. 116bis . De werkneemster, bedoeld in artikel 86, § 1, 1°,
- a), met uitzondering van de werkneemster die een vergoeding ontvangt wegens verbreking van de arbeidsovereenkomst bedoeld in hogervermeld artikel, kan voor de borstvoedingspauzes die haar toegekend worden overeenkomstig de bepalingen van de arbeidsreglementering van toepassing op de betrokken werkneemsters, aanspraak maken op een uitkering waarvan de hoegrootheid en de voorwaarden door de Koning, worden bepaald. Het gederfd loon dat in aanmerking wordt genomen voor de berekening van deze uitkering, wordt vastgesteld door de Koning; dit loon wordt evenwel niet beperkt tot het bedrag vastgesteld krachtens artikel 87, eerste lid. De werkneemster bedoeld in het eerste lid moet de hoedanigheid van gerechtigde hebben voor de moederschapsverzekering op het ogenblik waarop zij de borstvoedingspauze geniet, zonder dat zij de andere voorwaarden moet vervullen, bedoeld in de artikelen 128 tot 132. De uren, die overeenstemmen met de borsvoedingspauzes, worden gelijkgesteld met arbeidsuren en worden in aanmerking genomen voor het vervullen van de verzekeringsvoorwaarden bedoeld in de artikelen 128 tot 132. » Art. 34.In artikel 191, eerste lid, 15°quater , § 1, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 10 augustus 2001Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003674 bron ministerie van financien Wet houdende zevende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », en 18 - « Ministerie van Financiën » type wet prom. 07/12/1998 pub. 05/01/1999 numac 1998021488 bron diensten van de eerste minister Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003673 bron ministerie van financien Wet houdende tiende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », 18 - « Ministerie van Financiën » en 19 - « Ministerie van Ambtenarenzaken » sluiten0, worden de volgende leden toegevoegd : « Voor het jaar 2002 bedraagt de aanvullende heffing ingesteld ten laste van de farmaceutische firma's op de omzet die is verwezenlijkt gedurende het jaar 2001 2,98 %. Dit percentage is het aandeel van de overschrijding van het globaal budget 2001, vastgesteld in uitvoering van artikel 69, § 5, beperkt tot 65 %, zijnde 66.857.451,70 EUR, van de omzet die de farmaceutische firma's hebben verwezenlijkt gedurende het jaar 2001, zijnde 2.243.567.638,14 EUR. Hogervermelde overschrijding is het verschil tussen de geboekte uitgaven van het jaar 2001, zijnde 2.453.929.385,65 EUR en hogervermeld globaal budget zijnde 2.351.071.767,65 EUR en bedraagt 102.857.618,00 EUR. Hogervermelde heffing dient te worden gestort vóór 1 november 2002 op rekening nr. 001-1950023-1 van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzkering, met vermelding « aanvullende heffing 2001 van 2,98 % ». De ontvangsten die voortvloeien uit de hogervermelde heffing zullen in de rekeningen van de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging worden opgenomen in het boekjaar 2002. » HOOFDSTUK VIII. - Wijziging van de wet van de wet van 2 januari 2001Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/03/1971 pub. 28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten4 houdende sociale, budgettaire en andere bepalingen Art. 35.Artikel 58 van de wet van 2 januari 2001Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/03/1971 pub. 28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten4 houdende sociale, budgettaire en andere bepalingen wordt opgeheven. HOOFDSTUK IX. - Bijhouden van de individuele rekeningen Art. 36.§ 1. De loon- en arbeidstijdgegevens voor de werknemers alsmede alle andere nodige inlichtingen betreffende de loopbanen en de identificatie van de sociaal verzekerden worden ingeschreven op de individuele rekening van de werknemers bedoeld in artikel 28 van het koninklijk besluit nr. 50 van 24 oktober 1967 betreffende het rust- en overlevingspensioen voor werknemers. De Koning bepaalt nader de gegevens en de inlichtingen die op deze individuele rekening van de werknemers worden ingeschreven alsmede op welke wijze en in welke voorwaarden de rekeningen worden bijgehouden. § 2. De instellingen die voor deze gegevens verantwoordelijk zijn of de sociaal verzekerde kunnen om verbetering van de gegevens of van de inlichtingen ingeschreven op de individuele rekeningen, verzoeken. De Koning bepaalt nader op welke wijze en onder welke voorwaarden aan deze gegevens bewijskracht kan worden verleend alsmede de procedures ter verbetering van deze gegevens. HOOFDSTUK X. - Wijziging van de wet van 14 januari 2002Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003674 bron ministerie van financien Wet houdende zevende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », en 18 - « Ministerie van Financiën » type wet prom. 07/12/1998 pub. 05/01/1999 numac 1998021488 bron diensten van de eerste minister Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003673 bron ministerie van financien Wet houdende tiende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », 18 - « Ministerie van Financiën » en 19 - « Ministerie van Ambtenarenzaken » sluiten1 houdende maatregelen inzake gezondheidszorg Art. 37.Artikel 115 van de wet van 14 januari 2002Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003674 bron ministerie van financien Wet houdende zevende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », en 18 - « Ministerie van Financiën » type wet prom. 07/12/1998 pub. 05/01/1999 numac 1998021488 bron diensten van de eerste minister Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003673 bron ministerie van financien Wet houdende tiende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », 18 - « Ministerie van Financiën » en 19 - « Ministerie van Ambtenarenzaken » sluiten1 houdende maatregelen inzake gezondheidszorg wordt vervangen door de volgende bepaling : « Art. 115.De wet van 24 december 1993 betreffende de overheidsopdrachten en sommige opdrachten voor aanneming van werken, leveringen en diensten is niet van toepassing op de overheidsopdrachten voor aanneming van leveringen en van diensten van de openbare ziekenhuizen, behalve wanneer die opdrachten onderworpen zijn aan verplichtingen die voortvloeien uit de Europese richtlijnen of een internationale akte inzake overheidsopdrachten. De Koning bepaalt bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad wat voor de toepassing van dit artikel dient te worden beschouwd als openbaar ziekenhuis. » HOOFDSTUK XI. - Kruispuntbank van de sociale zekerheid Art. 38.Artikel 5 van de wet van 15 januari 1990Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/12/1998 pub. 17/12/1998 numac 1998012952 bron ministerie van tewerkstelling en arbeid Wet tot omzetting van sommige bepalingen van de EG-richtlijn 93/104 van 23 november 1993 betreffende een aantal aspecten van de organisatie van de arbeidstijd type wet prom. 04/12/1998 pub. 29/03/2000 numac 1999015075 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en internationale samenwerking Wet houdende instemming met het Tweede Facultatieve Protocol bij het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten, gericht op de afschaffing van de doodstraf, gedaan te New York op 15 december 1989 type wet prom. 04/12/1998 pub. 21/10/1999 numac 1998015199 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en internationale samenwerking Wet houdende instemming met het Zesde Protocol bij het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden inzake de afschaffing van de doodstraf, gedaan in Straatsburg op 28 april 1983 sluiten5 houdende oprichting en organisatie van een Kruispuntbank van de sociale zekerheid wordt vervangen als volgt : « § 1. De Kruispuntbank verzamelt sociale gegevens bij de instellingen van sociale zekerheid, slaat ze op, voegt ze samen en deelt ze mee aan de personen die ze nodig hebben voor het verrichten van onderzoeken die nuttig zijn voor de kennis, de conceptie en het beheer van de sociale zekerheid. Voor zover voormelde mededeling betrekking heeft op anonieme gegevens dient het Toezichtscomité bedoeld in artikel 37 vooraf een advies te verlenen, behalve indien de mededeling wordt verricht aan de Ministers die de sociale zekerheid onder hun bevoegdheid hebben, de Wetgevende Kamers, de openbare instellingen van sociale zekerheid, de Nationale Arbeidsraad, de Hoge Raad voor de Zelfstandigen en de Kleine en Middelgrote Ondernemingen of het Planbureau. § 2. De Kruispuntbank gebruikt de met toepassing van § 1 verzamelde sociale gegevens eveneens voor het bepalen van de doelgroep van onderzoeken die worden verricht aan de hand van een bevraging van de proefpersonen. Deze bevraging geschiedt in principe door de Kruispuntbank in opdracht van de uitvoerder van het onderzoek, zonder dat sociale gegevens van persoonlijke aard met betrekking tot de proefpersonen aan de uitvoerder van het onderzoek worden meegedeeld en na advies van het Toezichtscomité, tenzij het onderzoek wordt verricht door of in opdracht van de Ministers die de sociale zekerheid onder hun bevoegdheid hebben, de Wetgevende Kamers, de openbare instellingen van sociale zekerheid, de Nationale Arbeidsraad, de Hoge Raad voor de Zelfstandigen en de Kleine en Middelgrote Ondernemingen of het Planbureau. § 3. Voor de toepassing van dit artikel wordt de Kruispuntbank beschouwd als een intermediaire organisatie, zoals gedefinieerd krachtens de wet van 8 december 1992 tot bescherming van de persoonlijke levenssfeer ten opzichte van de verwerking van persoonsgegevens. » Art. 39.In artikel 14 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht :
- a)in het eerste lid wordt een 2°bis ingevoegd, luidende : « 2°bis de personen bedoeld in artikel 1, 2° en 3°, van het koninklijk besluit van 27 maart 1998 betreffende de externe diensten voor preventie en bescherming op het werk, die de betrokken gegevens voor de toepassing van de wet van 4 augustus 1996Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/08/1996 pub. 24/07/1997 numac 1996015142 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende goedkeuring van de Overeenkomst tussen het Koninkrijk België en de Arabische Republiek Egypte tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting inzake belastingen naar het inkomen, ondertekend te Kaïro op 3 januari 1991 type wet prom. 04/08/1996 pub. 21/10/1999 numac 1999015088 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en internationale samenwerking Wet houdende instemming met het Protocol tussen de regering van het Koninkrijk België en de regering van de Franse Republiek betreffende het kraamgeld, ondertekend te Brussel op 26 april 1993 type wet prom. 04/08/1996 pub. 08/06/2005 numac 2005015073 bron federale overheidsdienst buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende instemming met de Overeenkomst tussen het Koninkrijk België en de Republiek Gabon tot het vermijden van dubbele belasting en tot het voorkomen van het ontgaan van belasting inzake belastingen naar het inkomen en naar het vermogen, ondertekend te Brussel op 14 januari 1993 type wet prom. 04/08/1996 pub. 30/06/1998 numac 1998015016 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende goedkeuring van de Overeenkomst over het Wegvervoer tussen het Koninkrijk België, de Republiek Estland, de Republiek Letland, de Republiek Litouwen, het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk der Nederlanden, ondertekend te Athene op 11 juni 1992 type wet prom. 04/08/1996 pub. 19/05/1999 numac 1999015018 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende goedkeuring van de Overeenkomst over het wegvervoer tussen het Koninkrijk België, de Republiek Estland, de Republiek Letland, de Republiek Litouwen, het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk der Nederlanden, ondertekend te Athene op 11 juni 1992. - Addendum sluiten betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk en haar uitvoeringsbesluiten nodig hebben, hun aangestelden of lasthebbers, of degenen die door hen uitdrukkelijk werden gemachtigd om de gegevens te verkrijgen;»
- b)in het eerste lid wordt 3° wordt vervangen als volgt : « 3° de personen aan wie door de in 2° of 2°bis bedoelde personen werken in onderaanneming worden toevertrouwd voor de toepassing van de sociale zekerheid of voor de toepassing van de wet van 4 augustus 1996Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/08/1996 pub. 24/07/1997 numac 1996015142 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende goedkeuring van de Overeenkomst tussen het Koninkrijk België en de Arabische Republiek Egypte tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting inzake belastingen naar het inkomen, ondertekend te Kaïro op 3 januari 1991 type wet prom. 04/08/1996 pub. 21/10/1999 numac 1999015088 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en internationale samenwerking Wet houdende instemming met het Protocol tussen de regering van het Koninkrijk België en de regering van de Franse Republiek betreffende het kraamgeld, ondertekend te Brussel op 26 april 1993 type wet prom. 04/08/1996 pub. 08/06/2005 numac 2005015073 bron federale overheidsdienst buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende instemming met de Overeenkomst tussen het Koninkrijk België en de Republiek Gabon tot het vermijden van dubbele belasting en tot het voorkomen van het ontgaan van belasting inzake belastingen naar het inkomen en naar het vermogen, ondertekend te Brussel op 14 januari 1993 type wet prom. 04/08/1996 pub. 30/06/1998 numac 1998015016 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende goedkeuring van de Overeenkomst over het Wegvervoer tussen het Koninkrijk België, de Republiek Estland, de Republiek Letland, de Republiek Litouwen, het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk der Nederlanden, ondertekend te Athene op 11 juni 1992 type wet prom. 04/08/1996 pub. 19/05/1999 numac 1999015018 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende goedkeuring van de Overeenkomst over het wegvervoer tussen het Koninkrijk België, de Republiek Estland, de Republiek Letland, de Republiek Litouwen, het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk der Nederlanden, ondertekend te Athene op 11 juni 1992. - Addendum sluiten betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk en haar uitvoeringsbesluiten;»
- c)in het tweede lid worden de woorden « bedoeld in het eerste lid, 1°, 2° en 5° » vervangen door de woorden « bedoeld in het eerste lid, 1°, 2°, 2°bis en 5°.» Art. 40.Artikel 15, vierde lid, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 2 januari 2001Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/03/1971 pub. 28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten4, wordt vervangen als volgt : « Een principiële machtiging van het Toezichtscomité is evenwel niet vereist voor de mededeling van gecodeerde persoonsgegevens, zoals gedefinieerd krachtens de wet van 8 december 1992 tot bescherming van de persoonlijke levenssfeer ten opzichte van de verwerking van persoonsgegevens, die de Kruispuntbank overeenkomstig artikel 5, § 1, eerste lid, verricht aan de Ministers die de sociale zekerheid onder hun bevoegdheid hebben, de Wetgevende Kamers, de openbare instellingen van sociale zekerheid, de Nationale Arbeidsraad, de Hoge Raad voor de Zelfstandigen en de Kleine en Middelgrote Ondernemingen of het Planbureau. » Art. 41.Artikel 16 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt : « Art. 16.Onverminderd de toepassing van artikel 35 is de onderlinge mededeling van sociale gegevens tussen de Kruispuntbank, de instellingen van sociale zekerheid en de personen die overeenkomstig artikel 18 in het netwerk zijn ingeschakeld, kosteloos. Behalve in het geval bedoeld in het eerste lid, kan de mededeling van sociale gegevens aanleiding geven tot het innen van een vergoeding. Het bedrag van die vergoeding wordt bepaald in onderling overleg tussen de Kruispuntbank en de persoon aan wie de sociale gegevens worden meegedeeld en in een overeenkomst vastgelegd. » Art. 42.In artikel 35 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wetten van 12 augustus 2000 en 19 juli 2001, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in 2° vervallen de woorden « en van de personen die overeenkomstig artikel 18 in het netwerk zijn ingeschakeld »;2° er wordt een 2°bis ingevoegd, luidende : « 2°bis een bijdrage van de personen die overeenkomstig artikel 18 in het netwerk zijn ingeschakeld.Het bedrag van die bijdrage wordt bepaald in onderling overleg tussen de Kruispuntbank en de betrokken persoon en in een overeenkomst vastgelegd. » Art. 43.In artikel 54, eerste lid, 4°, van dezelfde wet worden de woorden « van de gemeentepolitie en de rijkswacht » vervangen door de woorden « van de lokale en federale politie ». HOOFDSTUK XII. - Onderwerping aan de sociale zekerheid der werknemers van de personeelsleden die met een arbeidsovereenkomst zijn verbonden aan een autonoom overheidsbedrijf Art. 44.Aan de contractuele personeelsleden van de autonome overheidsbedrijven, bedoeld bij de wet van 21 maart 1991Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 03/03/1998 numac 1998021087 bron diensten van de eerste minister Wet houdende sociale bepalingen sluiten4 betreffende de hervorming van sommige economische overheidsbedrijven, die voor 1 juli 2002 in dienst waren en met ingang van deze datum vallen onder de vakantieregeling, bedoeld bij de wetten betreffende de jaarlijkse vakantie van de werknemers, gecoördineerd op 28 juni 1971, wordt een aantal bijkomende vakantiedagen toegekend overeenkomstig de bepalingen van hoofdstuk II van het koninklijk besluit van 19 november 1998 betreffende de verloven en afwezigheden toegestaan aan de personeelsleden van de rijksbesturen, zoals ze van toepassing waren voor hun wijziging door het koninklijk besluit van 26 mei 1999, naar verhouding van de periodes van dienstactiviteit die de periode van 1 juli 2002 tot 30 juni 2003 bevat. In afwijking van het vorige lid, worden voor de contractuele personeelsleden die tijdens de periode van 1 januari 2002 tot 30 juni 2002 in dienst zijn getreden, in 2002 een aantal bijkomende vakantiedagen toegekend naar verhouding van de periodes van dienstactiviteit die de periode van 1 juli 2002 tot 31 december 2002 bevat. In 2003 wordt hen bovendien een aantal bijkomende vakantiedagen toegekend naar verhouding van de periodes van dienstactiviteit die de periode vanaf de datum van indiensttreding tot 30 juni 2002 bevat. De betalingen van het dubbel vakantiegeld voor de prestaties geleverd tijdens de eerste zes maanden van 2002, dienen in 2003 op het normale tijdstip te geschieden. Art. 45.Artikel 18, tweede lid, van de gecoördineerde wetten betreffende de kinderbijslag voor loonarbeiders, gewijzigd bij de wetten van 1 augustus 1985, 22 december 1989 en 29 april 1996, worden vervangen als volgt : « De openbare instellingen bedoeld in artikel 3, 2°, die krachtens een wet of een koninklijk besluit verplicht zijn zelf de gezinsbijslag te verlenen, moeten zich enkel bij een kinderbijslaginstelling aansluiten, indien deze verplichting niet geldt ten aanzien van al hun persoonsleden. Indien het gaat om een autonoom overheidsbedrijf, kan de verplichting om zelf de gezinsbijslag te verlenen, bij gebrek aan een wet of een koninklijk besluit, worden opgelegd door de statuten van de onderneming maar enkel worden toegepast op het personeel dat statutair in dienst is. » Art. 46.In artikel 1, 2°, van de wet van 3 juli 1967Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/03/1971 pub. 28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten7 betreffende de schadevergoeding voor arbeidsongevallen, voor ongevallen op de weg naar en van het werk en voor beroepsziekten in de overheidssector worden de woorden « , enkel wat het personeel betreft dat niet met een arbeidsovereenkomst in dienst is genomen, » ingevoegd tussen de woorden « alsook de autonome overheidsbedrijven die zijn ondergebracht in artikel 1, § 4, van de wet van 21 maart 1991Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 03/03/1998 numac 1998021087 bron diensten van de eerste minister Wet houdende sociale bepalingen sluiten4 betreffende de hervorming van sommige economische overheidsbedrijven » en de woorden « en de openbare instellingen van sociale zekerheid. » Art. 47.Artikel 108, § 3, 1°, van de herstel wet van 22 januari 1985Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 03/03/1998 numac 1998021087 bron diensten van de eerste minister Wet houdende sociale bepalingen sluiten5 houdende sociale bepalingen, wordt aangevuld als volgt : « behalve de werknemers tewerkgesteld op grond van een arbeidsovereenkomst in de zin van de wet van 3 juli 1978Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003674 bron ministerie van financien Wet houdende zevende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », en 18 - « Ministerie van Financiën » type wet prom. 07/12/1998 pub. 05/01/1999 numac 1998021488 bron diensten van de eerste minister Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003673 bron ministerie van financien Wet houdende tiende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », 18 - « Ministerie van Financiën » en 19 - « Ministerie van Ambtenarenzaken » sluiten8 betreffende de arbeidsovereenkomsten, bij de autonome overheidsbedrijven bedoeld in artikel 1, § 4, van de wet van 21 maart 1991Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 03/03/1998 numac 1998021087 bron diensten van de eerste minister Wet houdende sociale bepalingen sluiten4 betreffende de hervorming van sommige economische overheidsbedrijven. » Art. 48.In artikel 2 van de wet van 28 juni 1966 betreffende de schadeloosstelling van de werknemers die ontslagen worden bij sluiting van ondernemingen, wordt tussen het tweede en het derde lid het volgende lid ingevoegd : « De autonome overheidsbedrijven bedoeld in artikel 1, § 4, van de wet van 21 maart 1991Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 03/03/1998 numac 1998021087 bron diensten van de eerste minister Wet houdende sociale bepalingen sluiten4 betreffende de hervorming van sommige economische overheidsbedrijven worden ook gelijkgesteld met « ondernemingen ». » Art. 49.In artikel 3, eerste lid, van de wet van 5 september 2001Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/12/1998 pub. 17/12/1998 numac 1998012952 bron ministerie van tewerkstelling en arbeid Wet tot omzetting van sommige bepalingen van de EG-richtlijn 93/104 van 23 november 1993 betreffende een aantal aspecten van de organisatie van de arbeidstijd type wet prom. 04/12/1998 pub. 29/03/2000 numac 1999015075 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en internationale samenwerking Wet houdende instemming met het Tweede Facultatieve Protocol bij het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten, gericht op de afschaffing van de doodstraf, gedaan te New York op 15 december 1989 type wet prom. 04/12/1998 pub. 21/10/1999 numac 1998015199 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en internationale samenwerking Wet houdende instemming met het Zesde Protocol bij het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden inzake de afschaffing van de doodstraf, gedaan in Straatsburg op 28 april 1983 sluiten2 tot verbetering van de werkgelegenheidsgraad van de werknemers, worden de woorden « tewerkgesteld op grond van een overeenkomst in de zin van de wet van 3 juli 1978Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003674 bron ministerie van financien Wet houdende zevende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », en 18 - « Ministerie van Financiën » type wet prom. 07/12/1998 pub. 05/01/1999 numac 1998021488 bron diensten van de eerste minister Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003673 bron ministerie van financien Wet houdende tiende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », 18 - « Ministerie van Financiën » en 19 - « Ministerie van Ambtenarenzaken » sluiten8 betreffende de arbeidsovereenkomsten » ingevoegd tussen de woorden « op grond van het volledige loon van de werknemers » en de woorden « zoals bedoeld in artikel 23 van de wet van 29 juni 1981. » Art.50. In artikel 7, § 1, eerste lid, van dezelfde wet, worden de woorden « tewerksgesteld op grond van een overeenkomst in de zin van de wet van 3 juli 1978Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003674 bron ministerie van financien Wet houdende zevende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », en 18 - « Ministerie van Financiën » type wet prom. 07/12/1998 pub. 05/01/1999 numac 1998021488 bron diensten van de eerste minister Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003673 bron ministerie van financien Wet houdende tiende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », 18 - « Ministerie van Financiën » en 19 - « Ministerie van Ambtenarenzaken » sluiten8 betreffende de arbeidsovereenkomsten » ingevoegd tussen de woorden « op grond van het volledige loon van de werknemers » en de woorden « zoals bedoeld in artikel 23 van de wet van 29 juni 1981Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/12/1998 pub. 17/12/1998 numac 1998012952 bron ministerie van tewerkstelling en arbeid Wet tot omzetting van sommige bepalingen van de EG-richtlijn 93/104 van 23 november 1993 betreffende een aantal aspecten van de organisatie van de arbeidstijd type wet prom. 04/12/1998 pub. 29/03/2000 numac 1999015075 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en internationale samenwerking Wet houdende instemming met het Tweede Facultatieve Protocol bij het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten, gericht op de afschaffing van de doodstraf, gedaan te New York op 15 december 1989 type wet prom. 04/12/1998 pub. 21/10/1999 numac 1998015199 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en internationale samenwerking Wet houdende instemming met het Zesde Protocol bij het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden inzake de afschaffing van de doodstraf, gedaan in Straatsburg op 28 april 1983 sluiten7. » HOOFDSTUK XIII. - Overlevingspensioenen van de rechthebbenden van de statutaire personeelsleden van Belgacom en Biac Afdeling I. - Overlevingspensioenen van de Overheidssector Art. 51.Artikel 2, tweede lid, van het koninklijk besluit nr. 117 van 27 februari 1935 tot vaststelling van het statuut der pensioenen van het personeel der zelfstandige openbare inrichtingen en der regieën ingesteld door de Staat, wordt vervangen door de volgende bepaling : « Belgacom en BIAC dragen het gedeelte van de last van de overlevingspensioenen van de rechthebbenden van de vast benoemde personeelsleden dat betrekking heeft op de vanaf 1 oktober 2002 bij deze bedrijven verrichte diensten. » Art. 52.De artikelen 3 en 4 van hetzelfde besluit worden opgeheven. Art. 53.Artikel 8 van de wet van 14 april 1965Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 03/03/1998 numac 1998021087 bron diensten van de eerste minister Wet houdende sociale bepalingen sluiten3 tot vaststelling van een zeker verband tussen de onderscheiden pensioenregelingen van de openbare sector, wordt aangevuld met het volgende lid : « Indien het overleden personeelslid zijn loopbaan vóór 1 oktober 2002 beëindigd heeft bij Belgacom of BIAC, wordt, in afwijking van het eerste lid, het enig overlevingspensioen toegekend door de Administratie der Pensioenen en uitbetaald ten laste van het Fonds voor Overlevingspensioenen. » Art. 54.Artikel 13 van dezelfde wet, waarvan de bestaande tekst § 1 zal vormen, wordt aangevuld met een § 2, luidend als volgt : « § 2. Indien het enig overlevingspensioen wordt toegekend door Belgacom of BIAC en diensten werden verricht bij deze bedrijven vóór 1 oktober 2002, wordt, in afwijking van § 1, het brutobedrag van het in artikel 7 bedoelde overlevingspensioen als volgt verdeeld : 1° het aandeel ten laste van het Fonds voor Overlevingspensioenen wordt verkregen door het brutobedrag van het in artikel 7 bedoelde overlevingspensioen te vermenigvuldigen met een breuk.De teller van deze breuk is gelijk aan het aantal maanden aanneembare diensttijd, met uitzondering van deze verricht bij Belgacom of BIAC na 30 september 2002 en wordt in voorkomend geval beperkt tot 480. De noemer van deze breuk is gelijk aan het totaal aantal maanden aanneembare diensttijd en wordt in voorkomend geval beperkt tot 480. Het in 3° vastgestelde aandeel wordt in mindering gebracht van het aantal ten laste van het Fonds voor Overlevingspensioenen; 2° het aandeel ten laste van Belgacom of BIAC wordt verkregen door de in 1° en 3° vastgestelde aandelen in mindering te brengen van het brutobedrag van het in artikel 7 bedoelde overlevingspensioen;3° het aandeel ten laste van een andere in artikel 1 bedoelde instelling dan de in 1° en 2° hiervoor vermelde instellingen, wordt berekend overeenkomstig de bepalingen van artikel 1. Indien de noemer van de breuk die gebruikt werd voor de berekening van het overlevingspensioen kleiner is dan 480, wordt het in het eerste lid, 1°, vermelde getal van 480 vervangen door deze noemer. » Art. 55.Artikel 1, eerste lid, tweede streepje, van de wet van 15 mei 1984Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/12/1998 pub. 17/12/1998 numac 1998012952 bron ministerie van tewerkstelling en arbeid Wet tot omzetting van sommige bepalingen van de EG-richtlijn 93/104 van 23 november 1993 betreffende een aantal aspecten van de organisatie van de arbeidstijd type wet prom. 04/12/1998 pub. 29/03/2000 numac 1999015075 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en internationale samenwerking Wet houdende instemming met het Tweede Facultatieve Protocol bij het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten, gericht op de afschaffing van de doodstraf, gedaan te New York op 15 december 1989 type wet prom. 04/12/1998 pub. 21/10/1999 numac 1998015199 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en internationale samenwerking Wet houdende instemming met het Zesde Protocol bij het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden inzake de afschaffing van de doodstraf, gedaan in Straatsburg op 28 april 1983 sluiten3 houdende maatregelen tot harmonisering in de pensioenregelingen wordt als volgt aangevuld : « Belgacom en BIAC dragen evenwel zelf de last van het gedeelte van de overlevingspensionen van de rechthebbenden van de vast benoemde personeelsleden dat betrekking heeft op de vanaf 1 oktober 2002 bij deze bedrijven verrichte diensten. » Art. 56.Artikel 59, eerste lid,
- b), van dezelfde wet, wordt aangevuld met de volgende woorden : « , met uitzondering van Belgacom en BIAC. » Art. 57.Voor de overlevingspensioenen toegekend aan de rechthebbenden van statutaire personeelsleden van Belgacom die op basis van het koninklijk besluit van 18 juni 1997Relevante gevonden documenten type wet prom. 10/12/1997 pub. 11/02/1998 numac 1998022015 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet houdende verbod op de reclame voor tabaksproducten type wet prom. 10/12/1997 pub. 29/01/1998 numac 1998022010 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet tot reorganisatie van de gezondheidszorg sluiten0 tot invoering van een tijdelijke regeling van verlof voorafgaandelijk aan de pensionering van bepaalde statutaire personeelsleden van de naamloze vennootschap van publiek recht Belgacom, genomen met toepassing van artikel 3, § 1, 6°, van de wet van 26 juli 1996 strekkende tot realisatie van de budgettaire voorwaarden tot deelname van België aan de Europese Economische en Monetaire Unie, verlof voorafgaand aan het rustpensioen hebben genomen, wordt de periode van verlof voorafgaand aan het rustpensioen na 30 september 2002 beschouwd als een periode van vóór 1 oktober 2002 bij Belgacom verrichte diensttijd. Afdeling II. - Begrafeniskosten Art. 58.In geval van overlijden van een titularis van een rustpensioen ten laste van Belgacom of BIAC wordt, onder dezelfde voorwaarden als deze bepaald in de wet van 30 april 1958 tot wijziging van de koninklijke besluiten nrs. 254 en 255 van 12 maart 1936 waarbij eenheid wordt gebracht in het regime van de pensioenen der weduwen en wezen van het burgerlijk rijkspersoneel en van de leden van het leger en van de rijkswacht, en tot instelling van een begrafenisvergoeding ten gunste van de rechthebbenden van gepensioneerde rijksambtenaren, een vergoeding voor begrafeniskosten uitbetaald. Deze vergoeding is ten laste van en wordt uitbetaald door het bedrijf. Belgacom of BIAC kunnen evenwel beslissen deze verplichting over te dragen aan hun pensioenfonds. In dit geval wordt de inhouding van 0,5 pct op de rustpensioenen ten laste van Belgacom of BIAC gedaan ten bate van het pensioenfonds van het bedrijf. Afdeling III. - Aan hoofdstuk I en II gemeenschappelijke bepalingen Art. 59.Artikel 59/6 van de wet van 21 maart 1991Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 03/03/1998 numac 1998021087 bron diensten van de eerste minister Wet houdende sociale bepalingen sluiten4 betreffende de hervorming van economische overheidsbedrijven wordt gewijzigd als volgt : « Overeenkomstig artikel 22 van de wet van 19 juli 1930 houdende oprichting van de Regie van Telegraaf en Telefoon en de bepalingen van het koninklijk besluit nr. 117 van 27 februari 1935 tot vaststelling van het statuut der pensioenen van het personeel der zelfstandige openbare inrichtingen en de regieën ingesteld door de Staat, kan de Koning Belgacom ertoe machtigen een voorzorgsinstelling in te stellen met rechtspersoonlijkheid, onderworpen aan de wet van 9 juli 1975Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 03/03/1998 numac 1998021087 bron diensten van de eerste minister Wet houdende sociale bepalingen sluiten6 betreffende de controle der verzekeringsondernemingen, met uitzondering van artikel 9. Belgacom draagt evenwel de uiteindelijke verantwoordelijkheid voor de lasten voortvloeiende uit de betaling van de rustpensioenen van haar statutair en gewezen statutair personeel, alsook voor de lasten voortvloeiende uit de betaling van de overlevingspensioenen en de begrafenisvergoeding ten gunste van de rechtverkrijgenden van haar statutair en gewezen statutair personeel, conform de toepasselijke wettelijke bepalingen. Deze voorzorginstelling is belast met het beheeer van de provisies bestemd voor het nakomen van de verplichtingen van Belgacom inzake de rustpensioenen van haar statutair personeel, met het beheer van de persoonlijke bijdragen van de leden van het statutair personeel bestemd voor het nakomen van de verplichtingen van Belgacom inzake de overlevingspensioenen en met het beheer van de inhoudingen gedaan inzake de begrafenisvergoedingen ten gunste van de rechtverkrijgenden van haar statutair of gewezen statutair personeel, conform de toepasselijke wettelijke bepalingen, alsook met de uitbetaling van de rustpensioenen, overlevingspensioenen, begrafenisvergoedingen, en de specifieke, bij de wet bepaalde, periodieke toelagen, premies of vergoedingen. De statuten van de voorzorgsinstelling, het beleggingsreglement, de beheersovereenkomst gesloten tussen Belgacom en de voorzorgsinstelling en de wijze van controle door een Regeringscommissaris, alsmede hun latere wijzigingen, worden aan de minister onder wie Belgacom ressorteert en aan de Minister van Pensioenen ter goedkeuring voorgelegd. De Koning stelt de bezoldiging van de regeringscommissaris vast. » Art. 60.Artikel 190, § 2, eerste lid, van dezelfde wet vervangen door de volgende leden : « BIAC draagt de kosten van de pensioenen van welke aard ook van de leden en vroegere leden van haar statutair personeel, met inbegrip van het deel ten laste van de Regie der Luchtwegen krachtens artikel 13 van de wet van 14 april 1965Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 03/03/1998 numac 1998021087 bron diensten van de eerste minister Wet houdende sociale bepalingen sluiten3 houdende vaststelling van een zeker verband tussen de onderscheiden pensioenregelingen van de openbare sector, en met inbegrip van de overlevingspensioenen ten gunste van de rechtverkrijgenden van haar statutair en gewezen statutair personeel conform de toepasselijke wettelijk bepalingen. Daarenboven draagt de BIAC, conform de toepasselijke wettelijke bepalingen, de kost van de begrafenisvergoeding ten gunste van de rechtverkrijgenden van haar statutair en gewezen statutair personeel. » Art. 61.Artikel 191, § 1, eerste lid, van dezelfde wet wordt gewijzigd als volgt : « BIAC kan een pensioenfonds oprichten, met de rechtsvorm van vereniging zonder winstoogmerk, met als doel het beheer van de provisies bestemd voor het nakomen van de verplichtingen van BIAC inzake pensioenen, en het beheer van de persoonlijke bijdragen van de statutaire personeelsleden bestemd voor het nakomen van de verplichtingen van BIAC inzake de overlevingspensioenen en desgevallend het beheer van de inhoudingen inzake begrafenisvergoedingen ten gunste van de rechtverkrijgenden van haar statutair en gewezen statutair personeel, conform de toepasselijke wettelijke bepalingen, en met als doel de uitbetaling van deze rustpensioenen, overlevingspensioenen en desgevallend de begrafenisvergoedingen. » HOOFDSTUK XIV. - Sociaal statuut der zelfstandigen Afdeling I. - Wijziging van de wet van 24 januari 2002Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003674 bron ministerie van financien Wet houdende zevende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », en 18 - « Ministerie van Financiën » type wet prom. 07/12/1998 pub. 05/01/1999 numac 1998021488 bron diensten van de eerste minister Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003673 bron ministerie van financien Wet houdende tiende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », 18 - « Ministerie van Financiën » en 19 - « Ministerie van Ambtenarenzaken » sluiten3 tot wijziging van het koninklijk besluit van 18 november 1996 houdende invoering van een sociale verzekering ten gunste van zelfstandigen, in geval van faillissement, en van gelijkgestelde personen, met toepassing van de artikelen 29 en 49 van de wet van 26 juli 1996 tot modernisering van de sociale zekerheid en tot vrijwaring van de leefbaarheid van de wettelijke pensioenstelsels Art. 62.In artikel 10, derde lid, van de wet van 24 januari 2002Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003674 bron ministerie van financien Wet houdende zevende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », en 18 - « Ministerie van Financiën » type wet prom. 07/12/1998 pub. 05/01/1999 numac 1998021488 bron diensten van de eerste minister Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003673 bron ministerie van financien Wet houdende tiende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », 18 - « Ministerie van Financiën » en 19 - « Ministerie van Ambtenarenzaken » sluiten3 tot wijziging van het koninklijk besluit van 18 november 1996 houdende invoering van een sociale verzekering ten gunste van zelfstandigen, in geval van faillissement, en van gelijkgestelde personen, met toepassing van de artikelen 29 en 49 van de wet van 26 juli 1996 tot modernisering van de sociale zekerheid en tot vrijwaring van de leefbaarheid van de wettelijke pensioenstelsels worden de woorden « vóór 1 juli 2001 » vervangen door de woorden « vóór 1 oktober 2001 ». Afdeling II. - Wijzigingen aan het koninklijk besluit nr. 38 van 27 juli 1967 houdende inrichting van het sociaal statuut der zelfstandigen Art. 63.Artikel 11, § 5, eerste lid, van het koninklijk besluit nr. 38 van 27 juli 1967 houdende inrichting van het sociaal statuut der zelfstandigen vervangen bij de wet van 3 december 1984 en gewijzigd bij de wetten van 30 december 1988 en van 26 juin 1992 en bij het koninklijk besluit van 18 november 1996, wordt aangevuld als volgt : « Wat de bedragen betreft die verschuldigd zijn voor de periode na 31 december 2002, kan de begunstigde van een rust- of overlevingspensioen of van een gelijkaardig voordeel die de hoofdzakelijke last van ten minste één kind heeft, evenwel vragen enkel bij te dragen op 112,99 pct. van het jaarlijks inkomen dat hij, voor het betrokken jaar, zou hebben kunnen cumuleren met de uitkering die hij geniet indien hij geen kind ten laste had, op voorwaarde dat hij zich ertoe verbindt deze inkomstengrens niet te overschrijden. De Koning omschrijft wat moet worden verstaan onder de hoofdzakelijke last van een kind en bepaalt de nadere regels van deze aanvraag alsmede de weerslag van het niet respecteren van de verbintenis. » Art. 64.Artikel 15, § 5, van hetzelfde besluit, toegevoegd bij het koninklijk besluit van 18 november 1996 en gewijzigd bij het koninklijk besluit van 20 juli 2000, wordt vervangen als volgt : « § 5. Wanneer de invordering van de aan de sociale verzekeringsfondsen voor zelfstandigen verschuldigde bijdragen en aanhorigheden al te onzeker of te bezwarend blijkt in verhouding tot het bedrag van de in te vorderen sommen, kunnen de fondsen, binnen de perken bepaald door de Koning, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, afzien van de invordering van de bijdragen en aanhorigheden. Tevens bepaalt de Koning, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad binnen welke perken de fondsen niet moeten overgaan tot de terugbetaling van bijdragen en aanhorigheden of tot de betaling van moratoriumintresten. De kostprijs die voortvloeit uit de verzaking aan de invordering is ten laste van het stelsel van het sociaal statuut der zelfstandigen. De opbrengst die voortvloeit uit de verzaking aan de terugbetaling is verworven voor dit stelsel. » Art. 65.Artikel 16, § 3, van hetzelfde besluit, laatst gewijzigd bij koninklijk besluit van 18 november 1996, wordt aangevuld met het volgend lid : « De Koning kan uitzonderingen op de verjaringstermijn vaststellen voor vorderingen tot terugbetaling van na 30 juni 1983 onverschuldigd betaalde bijdragen wanneer het laattijdig karakter van de vordering tot terugbetaling niet te wijten is aan de zelfstandige. » Afdeling III. - Nieuwe opdracht voor het Participatiefonds Art. 66.Artikel 74, § 1, van de wet van 28 juli 1992 houdende fiscale en financiële bepalingen wordt aangevuld met een 7° luidend als volgt : « 7° voor rekening van derden de toelagen voorschieten toegekend ten behoeve van uitoefenaars van bepaalde zelfstandige activiteiten in het kader van de reconversiemaatregelen van bepaalde sectoren. De Koning bepaalt, bij een in Ministerraad overlegd besluit, en op voorafgaandelijk advies van de Raad van Bestuur van het Participatiefonds, de sectoren die het voorwerp van reconversiemaatregelen met toelagen kunnen uitmaken; De vervulling van deze opdracht zal geen negatieve weerslag kunnen hebben op de eigen middelen van het Fonds nodig tot de uitvoering van zijn andere opdrachten; De modaliteiten van de storting van de toelagen en van de terugbetaling ervan aan het Participatiefonds zullen worden vastgelegd in een ministerieel besluit genomen door de voogdijministers en door de bevoegde Minister(s). » TITEL III. - Volksgezondheid HOOFDSTUK I. - Wijziging van het koninklijk besluit nr. 78 van 10 november 1967 betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen Art. 67.In artikel 4 van het koninklijk besluit nr. 78 van 10 november 1967 betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in § 2, 6°, ingevoegd bij de wet van 17 november 1998Relevante gevonden documenten type wet prom. 17/11/1998 pub. 23/12/1998 numac 1998022747 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet houdende wijziging van de wetten betreffende de veterinaire keuring type wet prom. 17/11/1998 pub. 23/12/1998 numac 1998022748 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet tot wijziging van de wet van 13 juli 1981 tot oprichting van een Instituut voor veterinaire keuring sluiten, worden na de woorden "met een profylactisch doel tegen besmettelijke ziekten" de woorden "of met het oog op de behandeling van chronische ziekten bepaald door de Koning" ingevoegd;2° § 3, 4°, derde lid wordt vervangen als volgt : « De vestigingscommissies zijn ieder samengesteld uit drie magistraten, hetzij behorende tot een rechtbank van eerste aanleg of tot een arbeidsrechtbank, hetzij eremagistraten, plaatsvervangende magistraten of gewezen magistraten van deze rechtbanken.De Commissie van Beroep is samengesteld uit drie magistraten, hetzij behorende tot een Hof van Beroep of een Arbeidshof, hetzij eremagistraten, plaatsvervangende rechters of gewezen magistraten van deze hoven. Zij kunnen geen kennis nemen van een zaak indien ze betrokken geweest zijn bij de aanvraag tot het verkrijgen van de vergunning bedoeld onder 1° ». Art. 68.Artikel 35decies van hetzelfde besluit, ingevoegd bij de wet van 10 december 1997Relevante gevonden documenten type wet prom. 10/12/1997 pub. 11/02/1998 numac 1998022015 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet houdende verbod op de reclame voor tabaksproducten type wet prom. 10/12/1997 pub. 29/01/1998 numac 1998022010 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet tot reorganisatie van de gezondheidszorg sluiten, wordt vervangen als volgt : « Art. 35decies . § 1. De Koning bepaalt, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, op gezamenlijk voorstel van de Ministers van Volksgezondheid en van Sociale Zaken en na overleg in het bij deze wet opgerichte Overlegcomité, bij toepassing van artikel 77bis van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994, de regels betreffende de eindeloopbaan voor de in artikel 2, § 1, bedoelde beoefenaars. § 2. De Koning bepaalt, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, op gezamenlijk voorstel van de Ministers van Volksgezondheid en van Sociale Zaken en na overleg met de desbetreffende overeenkomstencommissies bedoeld in artikel 26 van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994, de regels betreffende de eindeloopbaan voor de beoefenaars van de gezondheidszorgberoepen, met uitzondering van de in paragraaf 1 bedoelde beoefenaars. » Art. 69.Artikel 35undecies van hetzelfde besluit, ingevoegd bij de wet van 10 december 1997Relevante gevonden documenten type wet prom. 10/12/1997 pub. 11/02/1998 numac 1998022015 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet houdende verbod op de reclame voor tabaksproducten type wet prom. 10/12/1997 pub. 29/01/1998 numac 1998022010 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet tot reorganisatie van de gezondheidszorg sluiten, wordt vervangen als volgt : « Art. 35undecies . § 1. De Koning, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, en op de gezamenlijke voordracht van de Ministers van Volksgezondheid en van Sociale Zaken en na overleg in het Overlegcomité : 1° bepaalt de regels en de modaliteitten inzake de evaluatie, onder andere via een systeem van « peer review », van de praktijk en van het onderhouden van de professionele bekwaming van de individuele beroepsbeoefenaars bedoeld in artikel 2, § 1;2° duidt de structen aan die de evaluatie van de praktijk en van het onderhouden van de professionele bekwaming organiseren of begeleiden en bepaalt de algemene regels van de werking ervan. § 2. De Koning, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad en op de gezamenlijke voordracht van de Ministers van Volksgezondheid en van Sociale Zaken en na overleg in de desbetreffende overeenkomstencommissies bedoeld in artikel 26 van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994 : 1° bepaalt de regels en de modaliteiten inzake de evaluatie, onder andere via een systeem van « peer-review », van de praktijk en van het onderhouden van de professionele bekwaming van de individuele beoefenaars van de gezondheidsberoepen, met uitzondering van de beoefenaars bedoeld in paragraaf 1;2° duidt de structuren aan die de evaluatie van de praktijk en van het onderhouden van de professionele bekwaming organiseren of begeleiden en bepaalt de algemene regels van de werking ervan voor de beoefenaars van de gezondheidszorgberoepen, met uitzondering van de in paragraaf 1 bedoelde beoefenaars.» Art. 70.Artikel 35duodecies , lid 1, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij de wet van 10 december 1997Relevante gevonden documenten type wet prom. 10/12/1997 pub. 11/02/1998 numac 1998022015 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet houdende verbod op de reclame voor tabaksproducten type wet prom. 10/12/1997 pub. 29/01/1998 numac 1998022010 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet tot reorganisatie van de gezondheidszorg sluiten, wordt vervangen als volgt : « De Koning bepaalt, bij besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, en na overleg met het overlegcomité, de regels met betrekking tot de structuur en de organisatie van de praktijk van de in artikel 2, § 1, bedoelde beoefenaars. De Koning bepaalt, bij besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, en na overleg met de in artikel 26 van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994 bedoelde desbetreffende overeenkomstencommissies, de regels met betrekking tot de structuur en de organisatie van de praktijk van de in de artikelen 2, § 2, 3, 4, 5, § 2, 21bis , 21quater en 22 bedoelde beroepsbeoefenaars. » Art. 71.Artikel 35terdecies , 3°, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij de wet van 10 december 1997Relevante gevonden documenten type wet prom. 10/12/1997 pub. 11/02/1998 numac 1998022015 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet houdende verbod op de reclame voor tabaksproducten type wet prom. 10/12/1997 pub. 29/01/1998 numac 1998022010 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet tot reorganisatie van de gezondheidszorg sluiten, wordt vervangen als volgt : «
- a)bepaalt de opdrachten ervan, welke er inzonderheid in bestaan advies te verstrekken met betrekking tot de kwaliteit, de evaluatie en de organisatie van de medische praktijk van de in de artikelen 2, § 1, bedoelde beroepsbeoefenaars; en stelt meer bepaald aanbevelingen voor goede praktijkvoering op. Op eigen initiatief of op vraag van de bevoegde minister, of het desbetreffend Overlegcomité, zoals bepaald in artikel 8 van de wet van 10 december 1997Relevante gevonden documenten type wet prom. 10/12/1997 pub. 11/02/1998 numac 1998022015 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet houdende verbod op de reclame voor tabaksproducten type wet prom. 10/12/1997 pub. 29/01/1998 numac 1998022010 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet tot reorganisatie van de gezondheidszorg sluiten tot reorganisatie van de gezondheidszorg, formuleert de betreffende afdeling voorstellen of adviezen onder meer inzake kwaliteit van de zorgverlening, de organisatie van de zorgverlening, en de taakafspraken tussen de beoefenaars onderlind;
- b)bepaalt de opdrachten ervan, welke er inzonderheid in bestaan advies te verstrekken met betrekking tot de kwaliteit, de evaluatie en de organisatie van de medische praktijk van de in de artikelen 2, § 2, 3, 4, 5, § 2, 21bis , 21quater en 22 bedoelde beroepsbeoefenaars;en stelt meer bepaald aanbevelingen voor goede praktijkvoering op. Op eigen initiatief of op vraag van de bevoegde minister, of van de in artikel 26 van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringenn, gecoördineerd op 14 juli 1994, bedoelde desbetreffende overeenkomstencommissie, formuleert de betreffende afdeling voorstellen of adviezen ondermeer inzake kwaliteit van de zorgverlening, de organisatie van de zorgverlening, en de taakafspraken tussen de beoefenaars onderling. » HOOFDSTUK II. - Wijziging van de wet van 28 augustus 1991Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/12/1998 pub. 17/12/1998 numac 1998012952 bron ministerie van tewerkstelling en arbeid Wet tot omzetting van sommige bepalingen van de EG-richtlijn 93/104 van 23 november 1993 betreffende een aantal aspecten van de organisatie van de arbeidstijd type wet prom. 04/12/1998 pub. 29/03/2000 numac 1999015075 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en internationale samenwerking Wet houdende instemming met het Tweede Facultatieve Protocol bij het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten, gericht op de afschaffing van de doodstraf, gedaan te New York op 15 december 1989 type wet prom. 04/12/1998 pub. 21/10/1999 numac 1998015199 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en internationale samenwerking Wet houdende instemming met het Zesde Protocol bij het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden inzake de afschaffing van de doodstraf, gedaan in Straatsburg op 28 april 1983 sluiten9 op de uitoefening van de diergeneeskunde Art. 72.Artikel 4, vierde lid van de wet van 28 augustus 1991Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/12/1998 pub. 17/12/1998 numac 1998012952 bron ministerie van tewerkstelling en arbeid Wet tot omzetting van sommige bepalingen van de EG-richtlijn 93/104 van 23 november 1993 betreffende een aantal aspecten van de organisatie van de arbeidstijd type wet prom. 04/12/1998 pub. 29/03/2000 numac 1999015075 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en internationale samenwerking Wet houdende instemming met het Tweede Facultatieve Protocol bij het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten, gericht op de afschaffing van de doodstraf, gedaan te New York op 15 december 1989 type wet prom. 04/12/1998 pub. 21/10/1999 numac 1998015199 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en internationale samenwerking Wet houdende instemming met het Zesde Protocol bij het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden inzake de afschaffing van de doodstraf, gedaan in Straatsburg op 28 april 1983 sluiten9 op de uitoefening van de diergeneeskunde, gewijzigd bij de wet van 22 februari 1998Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 03/03/1998 numac 1998021087 bron diensten van de eerste minister Wet houdende sociale bepalingen sluiten, wordt vervangen als volgt : « Daarenboven moeten de dierenartsen die medewerken aan de uitvoering van wets- en verordeningsbepalingen, vooraf erkend worden door de Minister die bevoegd is voor die bepalingen. De Koning bepaalt de erkenningsvoorwaarden. » HOOFDSTUK III. - Wijziging van de wet van 25 maart 1964Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/12/1998 pub. 17/12/1998 numac 1998012952 bron ministerie van tewerkstelling en arbeid Wet tot omzetting van sommige bepalingen van de EG-richtlijn 93/104 van 23 november 1993 betreffende een aantal aspecten van de organisatie van de arbeidstijd type wet prom. 04/12/1998 pub. 29/03/2000 numac 1999015075 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en internationale samenwerking Wet houdende instemming met het Tweede Facultatieve Protocol bij het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten, gericht op de afschaffing van de doodstraf, gedaan te New York op 15 december 1989 type wet prom. 04/12/1998 pub. 21/10/1999 numac 1998015199 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en internationale samenwerking Wet houdende instemming met het Zesde Protocol bij het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden inzake de afschaffing van de doodstraf, gedaan in Straatsburg op 28 april 1983 sluiten8 op de geneesmiddelen Art. 73.In artikel 10 van de wet van 25 maart 1964Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/12/1998 pub. 17/12/1998 numac 1998012952 bron ministerie van tewerkstelling en arbeid Wet tot omzetting van sommige bepalingen van de EG-richtlijn 93/104 van 23 november 1993 betreffende een aantal aspecten van de organisatie van de arbeidstijd type wet prom. 04/12/1998 pub. 29/03/2000 numac 1999015075 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en internationale samenwerking Wet houdende instemming met het Tweede Facultatieve Protocol bij het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten, gericht op de afschaffing van de doodstraf, gedaan te New York op 15 december 1989 type wet prom. 04/12/1998 pub. 21/10/1999 numac 1998015199 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en internationale samenwerking Wet houdende instemming met het Zesde Protocol bij het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden inzake de afschaffing van de doodstraf, gedaan in Straatsburg op 28 april 1983 sluiten8 op de geneesmiddelen, vervangen bij de wet van 21 juni 1983Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/12/1998 pub. 17/12/1998 numac 1998012952 bron ministerie van tewerkstelling en arbeid Wet tot omzetting van sommige bepalingen van de EG-richtlijn 93/104 van 23 november 1993 betreffende een aantal aspecten van de organisatie van de arbeidstijd type wet prom. 04/12/1998 pub. 29/03/2000 numac 1999015075 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en internationale samenwerking Wet houdende instemming met het Tweede Facultatieve Protocol bij het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten, gericht op de afschaffing van de doodstraf, gedaan te New York op 15 december 1989 type wet prom. 04/12/1998 pub. 21/10/1999 numac 1998015199 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en internationale samenwerking Wet houdende instemming met het Zesde Protocol bij het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden inzake de afschaffing van de doodstraf, gedaan in Straatsburg op 28 april 1983 sluiten6, waarvan de huidige tekst § 1 zal vormen, wordt een § 2 toegevoegd, luidend als volgt : « § 2. Onverminderd het bepaalde in § 1, kunnen personen die geneesmiddelen mogen voorschrijven vergoed worden voor de door hun geleverde prestaties bij het uitvoeren van klinische proeven of andere wetenschappelijke studies. » Art. 74.In artikel 16, § 3, 2°, van dezelfde wet, vervangen bij de wet van 21 juni 1983Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/12/1998 pub. 17/12/1998 numac 1998012952 bron ministerie van tewerkstelling en arbeid Wet tot omzetting van sommige bepalingen van de EG-richtlijn 93/104 van 23 november 1993 betreffende een aantal aspecten van de organisatie van de arbeidstijd type wet prom. 04/12/1998 pub. 29/03/2000 numac 1999015075 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en internationale samenwerking Wet houdende instemming met het Tweede Facultatieve Protocol bij het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten, gericht op de afschaffing van de doodstraf, gedaan te New York op 15 december 1989 type wet prom. 04/12/1998 pub. 21/10/1999 numac 1998015199 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en internationale samenwerking Wet houdende instemming met het Zesde Protocol bij het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden inzake de afschaffing van de doodstraf, gedaan in Straatsburg op 28 april 1983 sluiten6, worden tussen de woorden "monsterneming", en de woorden "of inbeslagneming" de woorden ", verzameling van bewijsmateriaal" ingevoegd. HOOFDSTUK IV. - Wijzigingen van de wet van 10 augustus 2001Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003674 bron ministerie van financien Wet houdende zevende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », en 18 - « Ministerie van Financiën » type wet prom. 07/12/1998 pub. 05/01/1999 numac 1998021488 bron diensten van de eerste minister Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003673 bron ministerie van financien Wet houdende tiende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », 18 - « Ministerie van Financiën » en 19 - « Ministerie van Ambtenarenzaken » sluiten0 houdende maatregelen inzake gezondheidszorg Art. 75.Artikel 28 van de wet van 10 augustus 2001Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003674 bron ministerie van financien Wet houdende zevende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », en 18 - « Ministerie van Financiën » type wet prom. 07/12/1998 pub. 05/01/1999 numac 1998021488 bron diensten van de eerste minister Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003673 bron ministerie van financien Wet houdende tiende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », 18 - « Ministerie van Financiën » en 19 - « Ministerie van Ambtenarenzaken » sluiten0 houdende maatregelen inzake gezondheidszorg wordt vervangen als volgt : « Art. 28.In artikel 2, § 2, van hetzelfde koninklijk besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in het eerste lid worden de woorden « de houdsters van het diploma van vroedvrouw, dat overeenkomstig de door de Koning vastgestelde bepalingen werd uitgereikt » vervangen door de woorden « de personen die door de minister tot wiens bevoegdheid de Volksgezondheid behoort of een door hem gemachtigde ambtenaar, erkend zijn als drager van de beroepstitel van vroedvrouw »;2° na het eerste lid worden de volgende leden ingevoegd : « De erkenning wordt toegekend overeenkomstig de door de Koning vastgestelde procedure en voor zover is voldaan aan de erkenningscriteria die door de Koning zijn vastgesteld na advies van de Nationale Raad voor de vroedvrouwen. Die erkenning als drager van de beroepstitel kan enkel worden toegekend aan de drager van minstens een diploma van het hoger onderwijs, diploma dat moet afgeleverd zijn door een door de bevoegde overheid erkende onderwijsinstelling. De erkenning als drager van de beroepstitel blijkt uit een door de minister tot wiens bevoegdheid de Volksgezondheid behoort of door een door hem gemachtigde ambtenaar getekend document. De personen die op datum van inwerkingtreding van de Wet van 10 augustus 2001Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003674 bron ministerie van financien Wet houdende zevende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », en 18 - « Ministerie van Financiën » type wet prom. 07/12/1998 pub. 05/01/1999 numac 1998021488 bron diensten van de eerste minister Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003673 bron ministerie van financien Wet houdende tiende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », 18 - « Ministerie van Financiën » en 19 - « Ministerie van Ambtenarenzaken » sluiten0 houdende maatregelen inzake gezondheidszorg in het bezit zijn van een geviseerd diploma of titel van vroedvrouw, worden van rechtswege erkend als drager van de beroepstitel van vroedvrouw. » Art. 76.Artikel 34 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt : « Art. 34.Artikel 21quater van hetzelfde koninklijk besluit, ingevoegd bij de wet van 20 december 1974 en gewijzigd bij de wet van 6 april 1995, wordt vervangen als volgt : « Art. 21quater.§ 1. Niemand mag de verpleegkunde, zoals bedoeld in artikel 21quinquies, uitoefenen indien hij niet erkend is als drager van hetzij de beroepstitel van verpleegkundige, hetzij de beroepstitel van gegradueerde verpleegkundige en bovendien niet beantwoordt aan de voorwaarden, gesteld in artikel 21sexies of beantwoordt aan § 3 van dit artikel. § 2. De erkenning bedoeld in § 1 wordt toegekend overeenkomstig de door de Koning vastgestelde procedure en voor zover is voldaan aan de door de Koning bepaalde erkenningscriteria, na advies van de Nationale Raad voor Verpleegkunde. De erkenning als drager van de beroepstitel van gegradueerde verpleegkundige kan enkel worden toegekend aan de drager van een diploma van hoger onderwijs in de verpleegkunde. De erkenning als drager van de beroepstitel van verpleegkundige kan enkel worden toegekend aan dragers van een brevet of diploma van de 4de graad van het secundair onderwijs in de verpleegkunde of van een brevet van aanvullend secundair beroepsonderwijs, afdeling verpleegkunde. Bedoelde diploma's of brevetten moeten uitgereikt zijn na een opleiding in het kader van het onderwijs met volledig leerplan van minstens drie studiejaren of van het equivalent ervan in het onderwijs van sociale promotie, georganiseerd in een door de bevoegde overheid erkende onderwijsinstelling. De erkenning bedoeld in § 1 blijkt uit een door de Minister tot wiens bevoegdheid de Volksgezondheid behoort of een door hem gemachtigde ambtenaar getekend document. § 3. De personen die op datum van inwerkingtreding van de wet van 10 augustus 2001Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003674 bron ministerie van financien Wet houdende zevende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », en 18 - « Ministerie van Financiën » type wet prom. 07/12/1998 pub. 05/01/1999 numac 1998021488 bron diensten van de eerste minister Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003673 bron ministerie van financien Wet houdende tiende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », 18 - « Ministerie van Financiën » en 19 - « Ministerie van Ambtenarenzaken » sluiten0 houdende maatregelen inzake gezondheidszorg in het bezit zijn van een in toepassing van artikel 21sexies geviseerd brevet of titel van verpleegassistent of verpleegassistente, van ziekenhuisassistent of ziekenhuisassistente, het brevet of de titel van verpleger of verpleegster, het diploma of de titel in de verpleegkunde, het diploma of de titel van gegradueerd verpleger of gegradueerde verpleegster, worden van rechtswege erkend als drager van de respectieve beroepstitel van verpleegassistent of verpleegassistente, ziekenhuisassistent of ziekenhuisassistente, van verpleegkundige of gegradueerde verpleegkundige. De personen die op datum van de inwerkingtreding van de wet van 10 augustus 2001Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003674 bron ministerie van financien Wet houdende zevende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », en 18 - « Ministerie van Financiën » type wet prom. 07/12/1998 pub. 05/01/1999 numac 1998021488 bron diensten van de eerste minister Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003673 bron ministerie van financien Wet houdende tiende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », 18 - « Ministerie van Financiën » en 19 - « Ministerie van Ambtenarenzaken » sluiten0 houdende maatregelen inzake de gezondheidszorg in het bezit zijn van een niet-geviseerd brevet of titel van verpleegassistent of verpleegassistente, van ziekenhuisassistent of ziekenhuisassistente, mogen de verpleegkunde, zoals bedoeld in artikel 21quinquies uitoefenen indien zij erkend zijn als drager van de beroepstitel van verpleegassistent of verpleegassistente, ziekenhuisassistent of ziekenhuisassistente en indien zij beantwoorden aan de voorwaarden, gesteld in artikel 21sexies . De erkenning wordt toegekend overeenkomstig de door de Koning vastgestelde procedure en voor zover is voldaan aan de door de Koning bepaalde erkenningscriteria, na advies van de Nationale Raad voor Verpleegkunde. Deze erkenning blijkt uit een door de minister tot wiens bevoegdheid de Volksgezondheid behoort of een door hem gemachtigde ambtenaar getekend document. § 4. De drager van de beroepstitel van vroedvrouw die haar diploma heeft behaald vóór 1 oktober van het vierde jaar na inwerkingtreding van artikel 34 van dezelfde wet van 10 augustus 2001Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003674 bron ministerie van financien Wet houdende zevende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », en 18 - « Ministerie van Financiën » type wet prom. 07/12/1998 pub. 05/01/1999 numac 1998021488 bron diensten van de eerste minister Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003673 bron ministerie van financien Wet houdende tiende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », 18 - « Ministerie van Financiën » en 19 - « Ministerie van Ambtenarenzaken » sluiten0 houdende maatregelen inzake gezondheidszorg, mag van rechtswege de verpleegkunde uitoefenen onder dezelfde voorwaarden als de dragers van de beroepstitel van gegradueerde verpleegkundige. De drager van de beroepstitel van vroedvrouw mag van rechtswege de verpleegkunde uitoefenen binnen het terrein van de verloskunde, de fertiliteitsbehandeling en de neonatalogie. » Art. 77.Artikel 59, § 1, van dezelfde wet wordt aangevuld als volgt : « - de artikelen 28, 34 en 36 die in werking treden op een door de Koning te bepalen datum. » HOOFDSTUK V. - Wijziging aan het koninklijk besluit van 22 februari 2001Relevante gevonden documenten type wet prom. 10/12/1997 pub. 11/02/1998 numac 1998022015 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet houdende verbod op de reclame voor tabaksproducten type wet prom. 10/12/1997 pub. 29/01/1998 numac 1998022010 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet tot reorganisatie van de gezondheidszorg sluiten4 betreffende de Financiering van het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen Art. 78.Artikel 1, 3°, van het koninklijk besluit van 22 februari 2001Relevante gevonden documenten type wet prom. 10/12/1997 pub. 11/02/1998 numac 1998022015 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet houdende verbod op de reclame voor tabaksproducten type wet prom. 10/12/1997 pub. 29/01/1998 numac 1998022010 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet tot reorganisatie van de gezondheidszorg sluiten4 betreffende de Financiering van het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen, bekrachtigd bij de wet van 19 juli 2001, wordt vervangen door de volgende bepaling : « 3° door de financiële middelen bedoeld in artikel 9 van de wet van 13 juli 1981 tot oprichting van een Instituut voor veterinaire keuring, gewijzigd bij de wet van 22 februari 1998Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 03/03/1998 numac 1998021087 bron diensten van de eerste minister Wet houdende sociale bepalingen sluiten; » Art. 79.In hetzelfde besluit, worden de artikelen 2, § 1, 2°, en 4, § 1, 2°, opgeheven. HOOFDSTUK VI. - Wijziging aan de wet van 5 september 1952 betreffende de vleeskeuring en de vleeshandel Art. 80.Artikel 6 van de wet van 5 september 1952 betreffende de vleeskeuring en de vleeshandel, gewijzigd bij de wetten van 13 juli 1981, 21 december 1994, 20 december 1995, 27 mei 1997 en 8 december 1998, wordt aangevuld met het volgende lid : « Ingeval de in dit artikel bedoelde rechten niet worden betaald door de exploitant van een inrichting, andere dan een slachthuis, zelfs indien de betaling het voorwerp uitmaakt van een betwisting voor de rechtbanken, kan de Minister tot wiens bevoegdheid de Volksgezondheid behoort, de erkenning of de registratie van de inrichting opschorten, vanaf de vijftiende werkdag volgend op die waarop de ingebrekestelling bij ter post aangetekende brief werd betekend. In dit geval zijn de bepalingen van het zevende en het achtste lid van dit artikel van toepassing. » HOOFDSTUK VII. - Wijziging aan de wet van 15 april 1965Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 03/03/1998 numac 1998021087 bron diensten van de eerste minister Wet houdende sociale bepalingen sluiten1 betreffende de keuring van en de handel in vis, gevogelte, konijnen en wild en tot wijziging van de wet van 5 september 1952 betreffende de vleeskeuring en de vleeshandel Art. 81.Artikel 6 van de wet van 15 april 1965Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 03/03/1998 numac 1998021087 bron diensten van de eerste minister Wet houdende sociale bepalingen sluiten1 betreffende de keuring van en de handel in vis, gevogelte, konijnen en wild en tot wijziging van de wet van 5 september 1952 betreffende de vleeskeuring en de vleeshandel, gewijzigd bij de wetten van 13 juli 1981, 22 april 1982, 21 december 1994, 20 december 1995, 27 mei 1997 en 8 december 1998, wordt aangevuld met het volgende lid : « Ingeval de in dit artikel bedoelde rechten niet worden betaald door de exploitant van een inrichting, andere dan een slachthuis, zelfs indien de betaling het voorwerp uitmaakt van een betwisting voor de rechtbanken, kan de Minister tot wiens bevoegdheid de Volksgezondheid behoort, de erkenning of registratie van de inrichting opschorten, vanaf de vijftiende werkdag volgend op die waarop de ingebrekestelling bij ter post aangetekende brief werd betekend. In dit geval zijn de bepalingen van het zesde en het zevende lid van dit artikel van toepassing. » HOOFDSTUK VIII. - Wijzigingen aan het koninklijk besluit van 28 september 1999Relevante gevonden documenten type wet prom. 10/12/1997 pub. 11/02/1998 numac 1998022015 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet houdende verbod op de reclame voor tabaksproducten type wet prom. 10/12/1997 pub. 29/01/1998 numac 1998022010 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet tot reorganisatie van de gezondheidszorg sluiten3 betreffende de financiering van het Instituut voor veterinaire keuring Art. 82.Artikel 2, § 1, vierde lid, van het koninklijk besluit van 28 september 1999Relevante gevonden documenten type wet prom. 10/12/1997 pub. 11/02/1998 numac 1998022015 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet houdende verbod op de reclame voor tabaksproducten type wet prom. 10/12/1997 pub. 29/01/1998 numac 1998022010 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet tot reorganisatie van de gezondheidszorg sluiten3 betreffende de financiering Instituut voor veterinaire keuring, wordt aangevuld met de volgende bepaling : « Hetzelfde geldt voor dieren waarvoor naar aanleiding van het gezondheidsonderzoek voor de slachting, de slachting niet wordt toegestaan om redenen inzake de gezondheid van mens of dier. » Art. 83.In artikel 6, vierde lid, van hetzelfde besluit, wordt tussen de woorden "uitgevoerd op" en "een zondag" de woorden "een zaterdag," ingevoegd. Art. 84.In artikel 7, § 1, van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° het eerste lid wordt vervangen door het volgende lid : « Lastens de exploitant van een inrichting, andere dan een slachthuis, wordt een jaarlijks controlerecht geïnd waarvan het bedrag, rekening houdend met het gewicht aan vlees of vis dat tijdens het jaar voordien in de inrichting is binnengebracht, als volgt is vastgesteld :
- a)van 1 tot 160.000 kg : 200 EUR, vermeerderd met 0,0096 EUR per kg, met een maximum van 1.457,50 EUR;
- b)van 160.001 tot 720.000 kg : 1.457,50 EUR, vermeerderd met 0,0064 EUR per kg boven het volume van 160.000 kg, met een maximum van 4.372,49 EUR;
- c)van 720.001 tot 2.400.000 kg : 4.372,49 EUR, vermeerderd met 0,0048 EUR per kg boven het volume van 720.000 kg, met een maximum van 9.538,96 EUR;
- d)van 2.400.001 tot 4.800.000 kg : 9.538,96 EUR, vermeerderd met 0,0032 EUR per kg boven het volume van 2.400.000 kg, met een maximum van 15.899,94 EUR;
- e)van 4.800.001 kg tot 12.000.000 kg : 15.899,94 EUR, vermeerderd met 0,0026 EUR per kg boven het volume 4.800.000 kg, met een maximum van 33.124,85 EUR;
- f)van 12.000.001 kg of meer : 33.124,85 EUR vermeerderd met 0,0022 EUR per kg boven het volume van 12.000.000 kg met een maximum van 50.000,00 EUR. » 2° het tweede lid, gewijzigd bij de wet van 12 augustus 2000Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/03/1971 pub. 28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten3, wordt vervangen door volgend lid : « Het aldus verschuldigde controlerecht wordt, rekening houdend met het aantal aan de inrichting toegekende erkenningen, die als herverpakkingscentrum uitgezonderd, vermenigvuldigd met de factor : 1,25 voor 2 erkenningen; 1,35 voor 3 erkenningen; 1,50 voor 4 erkenningen of meer. » 3° in het vierde lid, gewijzigd bij de wet van 12 augustus 2000Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/03/1971 pub. 28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten3, worden de woorden "
- a)tot
- e)worden tot 1/3 verminderd" vervangen door de woorden "onder
- a)tot
- f)worden met de helft verminderd".4° Tussen het vijfde lid en het zesde lid worden de volgende leden toegevoegd : « Op het einde van het eerste jaar volgend op dat van de eerste erkenning, wordt een afrekening gemaakt van de verschuldigde rechten op basis van het volume vlees of vis dat sedert de toekenning van de erkenning in de inrichting werd binnengebracht. Bij de overname door een andere exploitant van een inrichting die reeds erkend is en waarvan de aard van de activiteit waarvoor de erkenning werd verleend niet wordt gewijzigd worden de verschuldigde rechten berekend op basis van de aangifte van het lopende jaar en dit tot op het einde van het jaar dat volgt op dat van waarin de overname werd gerealiseerd. Op dat ogenblik wordt een afrekening gemaakt overeenkomstig de voorwaarden bedoeld in vorig lid. » 5° het zesde lid, gewijzigd bij de wet van 12 augustus 2000Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/03/1971 pub. 28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten3, wordt vervangen door de volgende bepalingen : « Indien een inrichting een aaneensluitend geheel vormt met een slachthuis wordt het controlerecht verminderd tot 70 %.De vermindering tot 70 % is evenwel niet van toepassing wanneer de vermindering met de helft, bedoeld in het vierde lid, reeds wordt toegepast of wanneer in de inrichting, met het oog op versnijding, vlees wordt binnengebracht dat afkomstig is uit een andere erkende inrichting, het slachthuis dat een aaneensluitend geheel vormt met de inrichting uitgezonderd. » Art. 85.Artikel 8 van hetzelfde besluit wordt aangevuld als volgt : « 4° een recht van 23,85 EUR per begonnen half uur per keurder voor een door de exploitant aangevraagd bezoek of voor de uitvoering van taken die niet behoren tot de opdrachten bedoeld in de wetten van 5 september 1952 en 15 april 1965; 5° een recht van 495,79 EUR, verminderd tot 247,89 EUR voor een inrichting met een geringe capaciteit, voor de behandeling van de aanvraag tot erkenning van een nieuwe inrichting;6° een recht van 247,89 EUR, verminderd tot 123,95 EUR voor een inrichting met een geringe capaciteit voor de behandeling van de aanvraag betreffende de wijziging of de hernieuwing van de erkenning van een bestaande inrichting;7° een recht van 123,95 EUR voor de behandeling van een aanvraag tot erkenning, desgevallend tot registratie, van een zuiveringscentrum, een heruitzettingsgebied, een verzendingscentrum, een vismijn, een vishalle, een vissersvaartuig, of een viskwekerij.» Art. 86.In artikel 9, 3°, eerste lid van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de wet van 12 augustus 2000Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/03/1971 pub. 28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten3, het koninklijk besluit van 11 december 2001 en de wet van 14 januari 2002Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003674 bron ministerie van financien Wet houdende zevende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », en 18 - « Ministerie van Financiën » type wet prom. 07/12/1998 pub. 05/01/1999 numac 1998021488 bron diensten van de eerste minister Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003673 bron ministerie van financien Wet houdende tiende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », 18 - « Ministerie van Financiën » en 19 - « Ministerie van Ambtenarenzaken » sluiten1, worden de woorden "130 % van het controlerecht" vervangen door de woorden "105 % van het controlerecht, met een maximumbedrag van 34.781,09 EUR." Art. 87.In artikel 11, § 5,
- c)van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de wet van 12 augustus 2000Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/03/1971 pub. 28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten3, worden woorden "artikel 8, 1° en 3°" vervangen door de woorden "artikel 8, 1°, 3° en 4°". Art. 88.In artikel 12 van hetzelfde besluit, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in het eerste lid, gewijzigd bij de wet van 12 augustus 2000Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/03/1971 pub. 28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten3, worden de woorden "de artikelen 2 tot 5, 7, 8, 1° en 3°" vervangen door de woorden "de artikelen 2 tot 5, 7, 8, 1°, 3° en 4°";2° het tweede lid, opgeheven bij de wet van 30 december 2001, wordt hersteld in de volgende lezing : « De rechten bedoeld in artikel 8, 5° tot 7° moeten aan het Instituut betaald zijn op het ogenblik van de indiening van de aanvraag tot erkenning of registratie of tot wijziging of hernieuwing ervan.Om ontvankelijk te zijn moet bij de aanvraag het bewijs van betaling van de voormelde rechten zijn gevoegd. » Art. 89.In artikel 13, § 2, van hetzelfde besluit worden de vermeldingen "10 %" en 50 %" respectievelijk vervangen door de vermeldingen "50 %" en "100 %". Art. 90.In hoofdstuk V van de bijlage van hetzelfde besluit, worden de eerste en de tweede regel, gewijzigd bij de wet van 14 januari 2002Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003674 bron ministerie van financien Wet houdende zevende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », en 18 - « Ministerie van Financiën » type wet prom. 07/12/1998 pub. 05/01/1999 numac 1998021488 bron diensten van de eerste minister Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003673 bron ministerie van financien Wet houdende tiende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », 18 - « Ministerie van Financiën » en 19 - « Ministerie van Ambtena