Decreet tot wijziging van verschillende bepalingen met betrekking tot de ambten van directeur en directrice, andere bevorderingsambten en selectieambt
Kort samengevat
Dit decreet wijzigt verschillende bestaande koninklijke besluiten en decreten die betrekking hebben op de statuten en aanstellingen van personeel in het onderwijs, met een focus op directeurs, bevorderingsambten en selectieambten. Het doel is om regels te moderniseren en te vereenvoudigen.
Wat het reguleert
- De statuten van bestuurs- en onderwijzend personeel, opvoedend hulppersoneel en paramedisch personeel in diverse onderwijsinstellingen van de Staat.
- De regels voor de rangschikking van kandidaten voor tijdelijke aanstellingen in het rijksonderwijs.
- De voorwaarden voor benoeming in selectie- en bevorderingsambten voor onderwijspersoneel.
- De toekenning van toelagen aan personeelsleden die voorlopig zijn aangesteld in een selectie- of bevorderingsambt.
Wie het aanbelangt
- Leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel, opvoedend hulppersoneel en paramedisch personeel in het onderwijs.
- Leden van de inspectiedienst die toezicht houden op onderwijsinstellingen.
Kernpunten
- Bepaalde punten en paragrafen in de koninklijke besluiten van 22 maart 1969 en 22 juli 1969 worden opgeheven of gewijzigd.
- De verplichting om een medisch attest van ten hoogste zes maanden oud te overhandigen bij de eerste indiensttreding, waaruit blijkt dat de gezondheidstoestand geen gevaar oplevert voor leerlingen en personeel, wordt opgeheven.
- Personeelsleden die in een selectie- of bevorderingsambt van werkplaatsleider in vast verband worden aangeworven, kunnen onder bepaalde voorwaarden in vast verband worden aangeworven in een definitief vacante betrekking binnen dezelfde of een andere inrichtende macht.
- Een personeelslid dat gedurende ten minste tien jaar een selectie- of bevorderingsambt in vast verband heeft uitgeoefend en van ambt verandert, kan gedurende de eerste twee jaar van de nieuwe aanstelling een degressief weddeschaalstelsel genieten.
Wettekst
14 MAART 2019. - Decreet tot wijziging van verschillende bepalingen met betrekking tot de ambten van directeur en directrice, andere bevorderingsambten en selectieambten Het Parlement van de Franse Ge
richtingen voor kleuter-, lager, gespecialiseerd, middelbaar, technisch onderwijs, onderwijs voor sociale promotie en kunstonderwijs van de Staat, alsmede der
ternaten die van deze
richtingen afhangen en van de leden van de
spectiedienst die belast is met het toezicht op deze
richtingen en van het koninklijk besluit van 22 juli 1969 tot vaststelling van de regels voor de rangschikking van de kandidaten voor een tijdelijke aanstelling
het rijksonderwijs. Artikel 1.Het koninklijk besluit van 22 maart 1969 tot vaststelling van het statuut van de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel, van het opvoedend hulppersoneel, van het paramedisch personeel der
richtingen voor kleuter-, lager, gespecialiseerd, middelbaar, technisch onderwijs, onderwijs voor sociale promotie en kunstonderwijs van de Staat, alsmede der
ternaten die van deze
richtingen afhangen en van de leden van de
spectiedienst die belast is met het toezicht op deze
richtingen, wordt gewijzigd als volgt : 1.
artikel 18 wordt punt 6 opgeheven ;2.
artikel 31ter, eerste lid, wordt 7° opgeheven ;3.
artikel 80 worden de paragrafen 4, 5 en 6 geschrapt ;4.
artikel 94, § 1, a.worden de woorden « met uitzondering van het ambt van directeur van het lager-, basis- en het secundair onderwijs en van directeur
het onderwijs voor sociale promotie, »
gevoegd tussen het woord « bevordering, » en het woord « kan ». b. worden de paragrafen 3, 4 en 5 geschrapt ;5.
de artikelen 101 en 102, worden de volgende wijzigingen aangebracht : a.de woorden «
de bepalingen van artikel 97 » worden vervangen door de woorden «
de bepalingen van artikel 36bis van het decreet van 2 februari 2007Relevante gevonden documenten type decreet prom. 02/02/2007 pub. 15/05/2007 numac 2007201245 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot vaststelling van het statuut van de directeurs type decreet prom. 02/02/2007 pub. 23/02/2007 numac 2007035226 bron vlaamse overheid Decreet houdende wijziging van sommige bepalingen van titel III en titel IV van de decreten betreffende de radio-omroep en de televisie, gecoördineerd op 4 maart 2005 sluiten tot vaststelling van het statuut van de directeurs en directrices
het onderwijs » ; b. de woorden « een medisch attest afleveren van ten hoogste zes maanden na de datum waaruit blijkt dat hij
zodanige gezondheidsomstandigheden verkeert dat hij die gezondheid van de leerlingen en andere personeelsleden niet
gevaar kan brengen » worden opgeheven. Art. 2.De artikelen 97 tot 100 en 103 tot 105 van hetzelfde koninklijk besluit worden opgeheven. TITEL II. - Bepalingen tot wijziging van het koninklijk besluit van 22 juli 1969 tot vaststelling van de wervingsambten waarvan de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel, het opvoedend hulppersoneel en het paramedisch personeel van de rijksonderwijsinrichtingen titularis moeten zijn om
een selectieambt te kunnen worden benoemd. Art. 3.
artikel 2 van het koninklijk besluit van 22 juli 1969 tot vaststelling van de wervingsambten waarvan de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel, het opvoedend hulppersoneel en het paramedisch personeel van de rijksonderwijsinrichtingen titularis moeten zijn om
een selectieambt te kunnen worden benoemd, worden de woorden « Directiesecretaris », « Studiemeester-opvoeder, studiemeester-opvoeder
ternaat, secretaris-bibliothecaris » geschrapt. TITEL III. - Bepalingen tot wijziging van het koninklijk besluit van 31 juli 1969 tot vaststelling van de wervings- en selectieambten waarvan de personeelsleden van het rijksonderwijs titularis moeten zijn om benoemd te kunnen worden
een bevorderingsambt
de categorie van het bestuurs- en onderwijzend personeel
de rijksonderwijsinrichtingen. Art. 4.
het koninklijk besluit van 31 juli 1969 tot vaststelling van de wervings- en selectieambten waarvan de personeelsleden van het rijksonderwijs titularis moeten zijn om benoemd te kunnen worden
een bevorderingsambt
de categorie van het bestuurs- en onderwijzend personeel
de rijksonderwijsinrichtingen, worden opgeheven : a. artikel 1bis ;b. bijlage II. TITEL IV. - Bepalingen tot wijziging van het koninklijk besluit van 13 juni 1976 tot regeling van de toekenning van een toelage aan de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel, van het opvoedend hulppersoneel en van het paramedisch personeel van het onderwijs van de Franse Gemeenschap en aan de leden van het technisch personeel van de psycho-medisch-sociale centra van de Franse Gemeenschap die voorlopig aangesteld zijn
een selectie- of bevorderingsambt. Art. 5.Artikel 1 van het koninklijk besluit van 13 juni 1976 tot regeling van de toekenning van een toelage aan de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel, van het opvoedend hulppersoneel en van het paramedisch personeel van het onderwijs van de Franse Gemeenschap en aan de leden van het technisch personeel van de psycho-medisch-sociale centra van de Franse Gemeenschap die voorlopig aangesteld zijn
een selectie- of bevorderingsambt, wordt vervangen als volgt : « Artikel 1.- Het personeelslid van het onderwijs van de Franse Gemeenschap dat behoort tot de categorie van het bestuurs- en onderwijzend personeel, van het opvoedend hulppersoneel en van het paramedisch personeel, tot de categorie van het technisch personeel van de psycho-medisch-sociale centra van de Franse Gemeenschap, tot de categorie van het administratief personeel, van het meester-, vak- en dienstpersoneel, geniet een toelage tijdens de periode waarin hij voorlopig een selectieambt of een bevorderingsambt uitoefent
overeenstemming met een beslissing genomen door de
richtende macht. ». Art. 6.
het bovenvermelde koninklijk besluit van 13 juni 1976 worden de volgende wijzigingen aangebracht : a.
artikel 3 worden de woorden « het ministerieel besluit bedoeld » vervangen door de woorden « de beslissing genomen door de
richtende macht bedoeld » ;b.
artikel 4, § 1, worden de woorden « of aangesteld
tijdelijk verband »
gevoegd na de woorden «
vast verband ». TITEL V. - Bepaling tot wijziging van het koninklijk besluit van 15 april 1977 tot vaststelling van de regelen en de voorwaarden voor de berekening van het aantal betrekkingen
sommige ambten van het opvoedend hulppersoneel en van het administratief personeel van de
richtingen voor secundair onderwijs. Art. 7.
het koninklijk besluit van 15 april 1977 tot vaststelling van de regelen en de voorwaarden voor de berekening van het aantal betrekkingen
sommige ambten van het opvoedend hulppersoneel en van het administratief personeel van de
richtingen voor secundair onderwijs,
artikel 7, eerste lid, worden de woorden « met uitzondering van het ambt opvoeder-huismeester » geschrapt. TITEL VI. - Bepalingen tot wijziging van het decreet van 1 februari 1993 houdende het statuut van de gesubsidieerde personeelsleden van het gesubsidieerd vrij onderwijs Art. 8.
artikel 29quater van het decreet van 1 februari 1993 houdende het statuut van de gesubsidieerde personeelsleden van het gesubsidieerd vrij onderwijs, worden de volgende wijzigingen aangebracht : *
1° worden de woorden « 41ter eerste lid » vervangen door de woorden « 41ter, § 1 » ; *
3° worden de woorden « 41ter tweede lid » vervangen door de woorden « 41ter, § 2 ». Art. 9.
de artikelen 30 en 54sexies van het bovenvermelde decreet van 1 februari 1993 worden de woorden « 4° bij de eerste
diensttreding, een medisch attest overhandigen dat nog geen zes maanden oud is en waarbij verklaard wordt dat de gezondheidstoestand van de kandidaat zodanig is dat deze geen gevaar oplevert voor de gezondheid van de leerlingen en de andere personeelsleden » opgeheven. Art. 10.Artikel 41ter van het bovenvermelde decreet van 1 februari 1993 wordt vervangen als volgt : « Artikel 41ter.- § 1. Een personeelslid dat
een selectieambt of
een bevorderingsambt van werkplaatsleider
vast verband wordt aangeworven bij een
richtende macht, kan, als hij dit aanvraagt en met de
stemming van de
richtende macht,
vast verband aangeworven worden
een definitief vacante betrekking binnen dezelfde
richtende macht of binnen een andere
richtende macht waarin hij reeds een aanwerving
vast verband heeft genoten : a. van een wervingsambt dat hij vroeger
vast verband heeft uitgeoefend;b. van een selectieambt dat hij vroeger
vast verband heeft uitgeoefend of waartoe een wervingsambt dat hij vroeger
vast verband heeft uitgeoefend toegang verschaft;c. van een ambt van werkplaatsleider dat hij vroeger
vast verband heeft uitgeoefend of waartoe een wervingsambt dat het vroeger
vast verband heeft uitgeoefend, toegang verschaft. De aanwerving
vast verband bedoeld
het vorige lid gebeurt binnen een
richtende macht waarin het reeds een aanwerving
vast verband heeft genoten
een wervingsambt, een selectieambt of een bevorderingsambt overeenkomstig de bepalingen van artikel 29quater, 1°. § 2. Een personeelslid dat
een selectieambt of een bevorderingsambt van werkplaatsleider
vast verband aangeworven wordt bij een
richtende macht kan, als hij dit aanvraagt en met de
stemming van de
richtende macht,
vast verband aangeworven worden door een andere
richtende macht
een definitief vacante betrekking : a. van een wervingsambt dat hij vroeger
vast verband uitgeoefend heeft;b. van een selectieambt dat hij vroeger
vast verband heeft uitgeoefend of waartoe een wervingsambt dat het vroeger
vast verband heeft uitgeoefend, toegang verschaft;c. van een ambt van werkplaatsleider dat hij vroeger
vast verband heeft uitgeoefend of waartoe een wervingsambt dat het vroeger
vast verband heeft uitgeoefend, toegang verschaft. De aanwerving
vast verband bedoeld
het vorige lid gebeurt bij een andere
richtende macht dan deze bedoeld
§ 1, overeenkomstig de bepalingen van artikel 29quater, 3°.
§ 3. Voor de toepassing van de §§ 1 en 2, en onverminderd artikel 29quinquies, kan de aanwerving ongeacht de datum gebeuren. Deze werving kan gebeuren voor zover het lid alle voorwaarden voorzien naargelang het geval vervuld zijn : a.
artikel 42, § 1, met uitzondering van punt 8° wat betreft de ambtsanciënniteit en van de punten 10° en 12° ;b.
artikel 51, moeten de voorwaarden vervuld worden
het onderwijs georganiseerd of gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap ;c.
artikel 59, moeten de voorwaarden vervuld worden
het onderwijs georganiseerd of gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap. Voor de toepassing van de punten
- b)en
- c)van het vorige lid wordt de vereiste voor een succesvolle opleiding voor een bepaald ambt ambtshalve geacht als vervuld te zijn als het personeelslid
vast verband titularis was van dit ambt voorafgaand aan de uitoefening van zijn of haar huidige ambt. De overgang van de ene betrekking naar een andere overeenkomstig de paragrafen 1 en 2 moet zonder onderbreking plaatsvinden. Het personeelslid moet van zijn oorspronkelijke ambt aftreden. Het personeelslid dat het bevorderingsambt van werkplaatsleider uitoefent, kan slechts
aanmerking komen voor deze bepaling nadat hij zijn ambten uitgeoefend heeft
de betrekking die hij tijdens 3 jaar bekleedt. § 4. Het personeelslid bedoeld
dit artikel krijgt de weddeschaal toegewezen van het ambt waarin hij
vast verband aangeworven is overeenkomstig deze bepaling. Het personeelslid bedoeld
dit artikel, dat gedurende ten minste tien jaar
vast verband het selectieambt of het bevorderingsambt dat het verlaat, heeft uitgeoefend, geniet een degressief weddeschaalstelsel, en krijgt vanaf het derde jaar de weddeschaal toegekend van het ambt waarin het overeenkomstig dit artikel benoemd is, vastgesteld als volgt : a.
de loop van het eerste jaar dat op zijn nieuwe affectatie volgt, geniet het personeelslid de weddeschaal van het ambt waarin het geaffecteerd is, vermeerderd met een bedrag dat gelijk is aan 66 % van het verschil tussen, enerzijds, de weddeschaal die het genoot
het ambt dat het verliet, en anderzijds, de weddeschaal van het ambt waarin het geaffecteerd is;b.
de loop van het tweede jaar dat op zijn nieuwe affectatie volgt, geniet het personeelslid de weddeschaal van het ambt waarin het geaffecteerd is, vermeerderd met een bedrag dat gelijk is aan 33 % van het verschil tussen, enerzijds, de weddeschaal die het genoot
het ambt dat het verliet, en anderzijds, de weddeschaal van het ambt waarin het geaffecteerd is.». Art. 11.
artikel 50bis van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1.
§ 1
, a.worden de woorden « De
richtende macht die een personeelslid
vast verband moet aanwerven
een selectieambt » vervangen door de woorden « De
richtende macht die een personeelslid
een selectieambt
tijdelijk verband voor meer dan vijftien weken moet aanwerven » b.
2°, worden de woorden «
vast verband » vervangen door de woorden «
tijdelijk verband » ; § 2 wordt vervangen als volgt : « § 2. De
richtende macht, na toepassing van § 1 : 1° bepaalt het profiel van het toe te kennen selectieambt, rekening houdend met de specifieke behoeften verbonden aan zijn opvoedend en pedagogische project, alsook de kenmerken die eigen zijn aan de school waarin de betrekking toe te kennen is. Boven de gedrags- en technische competenties naar keuze van de
richtende macht, neemt het profiel van het ambt
elk geval de volgende gedragscompetenties op : a) de
formatie analyseren ;b) problemen oplossen ;c)
teamverband werken ;
- d)zich aanpassen ;
- e)betrouwbaar zijn ;
- f)luisterbereid zijn en gevoel voor communicatie hebben. Het omvat ook de belangrijkste selectiecriteria van de kandidaten en de weging toegekend aan elk onder hen. Het bevat ook de bijkomende voorwaarden voor de aanwerving, die ofwel verplicht zijn of die een troef zijn voor de toe te kennen betrekking ; 2° doet een oproep tot kandidaten volgens de vormen bedoeld
artikel 61sexies/1 ;3° § 3 wordt vervangen als volgt : « § 3.De
richtende macht gaat over tot de aanwerving na de selectieprocedure beschreven
artikel 61sexies/3 te hebben gevolgd. ». Art. 12.
artikel 51 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1. de punten 1° tot 4° van het eerste lid worden vervangen als volgt : « 1° een dienstanciënniteit van ten minste zes jaar binnen het door de Franse Gemeenschap gesubsidieerde of georganiseerde onderwijs hebben verworven, berekend volgens de nadere regels bedoeld
artikel 29bis ;2° deze betrekking tijdens 720 dagen hebben uitgeoefend, berekend volgens de
diensttreding volgens de nadere regels bedoeld
artikel 29bis ;3° voorafgaandelijk een specifieke opleiding hebben gevolgd die bekrachtigd wordt door een slaagattest ;4° gevolg hebben gegeven aan de oproep tot kandidaten bedoeld
artikel 50bis.» ; 2. de punten 5° en 6° worden opgeheven ;3.
het tweede lid, a.wordt punt 8° opgeheven ; b.
punt 10° worden de woorden « hebben gevolgd » vervangen door de woorden « erin geslaagd zijn » ;4.
het derde lid worden de woorden « van de artikelen 54 of 54bis » vervangen door de woorden « van artikel 53, § 1.». Art. 13.Artikel 53 van hetzelfde decreet wordt vervangen als volgt : « Artikel 53.- §
- Een selectieambt kan tijdelijk aan een personeelslid toegewezen worden voor zover de volgende voorwaarden bij de aanwerving vervuld zijn :
- een dienstanciënniteit van ten minste drie jaar binnen het door de Franse Gemeenschap gesubsidieerde of georganiseerde onderwijs hebben verworven,
één van de ambten van de betrokken categorie, berekend volgens de nadere regels bepaald
artikel 29bis ;2. titularis zijn, vóór deze aanwerving van één of meer ambten die toegang geven tot het toe te kennen selectieambt, overeenkomstig artikel 101 van het decreet van 2 februari 2007Relevante gevonden documenten type decreet prom. 02/02/2007 pub. 15/05/2007 numac 2007201245 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot vaststelling van het statuut van de directeurs type decreet prom. 02/02/2007 pub. 23/02/2007 numac 2007035226 bron vlaamse overheid Decreet houdende wijziging van sommige bepalingen van titel III en titel IV van de decreten betreffende de radio-omroep en de televisie, gecoördineerd op 4 maart 2005 sluiten tot vaststelling van het statuut van de directeurs,
een
richtende macht van het onderwijs gesubsidieerd of georganiseerd door de Franse Gemeenschap ;
- houder zijn van een bekwaamheidsbewijs overeenkomstig het bovenvermelde artikel 101 ;
- aan de oproep tot kandidaten bedoeld
artikel 50bis hebben beantwoord. Tijdens deze période blijft het personeelslid,
voorkomend geval, titularis van de betrekking waarin hij
vast verband benoemd of aangeworven is. Het
een selectieambt vastbenoemd personeelslid dat solliciteert naar een andere betrekking van hetzelfde ambt wordt geacht de toegangsvoorwaarden
tijdelijk verband opgesomd
1° tot 3° van het eerste lid voor het betrokken ambt te vervullen. Voor zijn aanwerving
vast verband zal het ook geacht worden de voorwaarden 1° en 3° van artikel 51, eerste lid, te vervullen. § 2.
afwijking van de voorwaarden bepaald
§ 1
, voor de ambten van adjunct-directeur, adjunct-directeur van het lager secundair onderwijs of van adjunct-directeur van het kunstsecundair onderwijs met beperkt leerplan, kan de
richtende macht tijdelijk de uitoefening van het betrokken ambt toewijzen aan een kandidaat die de volgende voorwaarden vervult : 1. houder zijn van een bekwaamheidsbewijs van minstens het hoger niveau van de 1ste graad ;
het kunstsecundair onderwijs met beperkt leerplan kunnen de personeelsleden die de vakken onderrichten waarvoor er geen opleiding bestaat die aanleiding geeft tot de uitreiking van een bekwaamheidsbewijs van het hoger niveau van de eerste graad, de uitoefening van het ambt van adjunct-directeur toegewezen krijgen voor zover ze houder zijn van één van de bekwaamheidsbewijzen bedoeld
de artikelen 105 tot 108, punt a) of b), van het decreet van 2 juni 1998Relevante gevonden documenten type decreet prom. 02/06/1998 pub. 29/08/1998 numac 1998029331 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet houdende organisatie van het secundair kunstonderwijs met beperkt leerplan gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap sluiten houdende organisatie van het secundair kunstonderwijs met beperkt leerplan gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap ; 2. houder zijn van één van de pedagogische bekwaamheidsbewijzen bedoeld
artikel 100 van het betrokken decreet van 2 februari 2007Relevante gevonden documenten type decreet prom. 02/02/2007 pub. 15/05/2007 numac 2007201245 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot vaststelling van het statuut van de directeurs type decreet prom. 02/02/2007 pub. 23/02/2007 numac 2007035226 bron vlaamse overheid Decreet houdende wijziging van sommige bepalingen van titel III en titel IV van de decreten betreffende de radio-omroep en de televisie, gecoördineerd op 4 maart 2005 sluiten ;3. een dienstanciënniteit van 3 jaar hebben
het door de Franse Gemeenschap georganiseerde of gesubsidieerde onderwijs ;4. aan de oproep tot kandidaten bedoeld
artikel 50bis hebben beantwoord. Vervult de voorwaarden 1° en 2° de kandidaat die een diploma heeft dat tegelijkertijd samengesteld is uit een pedagogisch bekwaamheidsbewijs en uit een bekwaamheidsbewijs van het hoger niveau van de eerste graad ten minste. § 3. Een
richtende macht die bevestigt dat zij een oproep tot kandidaten gelanceerd heeft en dat zij geen geldige kandidatuur na deze eerste oproep gekregen heeft, kan een tweede oproep tot kandidaten lanceren die niet voldoet aan de voorwaarde 3° bedoeld
§ 2
.
dien de persoon aangeworven
één van de ambten bedoeld
§ 2
, eerste lid, geen ambt uitoefent
het door de Franse Gemeenschap georganiseerde of gesubsidieerde onderwijs bij haar
diensttreding, zal ze slechts aangeworven zijn als ze de volgende voorwaarden vervult :
- burgerlijke en politieke rechten genieten ;
- voldaan hebben aan de wets- en verordeningsbepalingen betreffende de taalregeling ;
- van onberispelijk gedrag zijn ;
- voldaan hebben aan de dienstplichtwetten.». Art. 14.Artikel 54 van hetzelfde decreet wordt vervangen als volgt : « Artikel 54.-
afwijking van artikel 53, § 1, eerste lid, 4°, en § 2, eerste lid, 4°, voor elke aanwerving van een duur die gelijk is aan of lager is dan 15 weken, is de voorwaarde voor de oproep tot kandidaten niet vereist. Deze aanwerving voor hoogstens 15 weken kan hernieuwd worden voor zover de totale duur van de aanwerving 12 maanden niet overschrijdt.
dien de afwezigheid van de titularis van het ambt langer duurt, lanceert de
richtende macht een oproep tot kandidaten uiterlijk de laatste dag van de periode van aanwerving bedoeld
het vorige lid.
afwijking van het tweede lid wordt de aanwerving bedoeld
het eerste lid verlengd tijdens de periode tussen de oproep tot kandidaten en de aanwerving van een kandidaat. De
richtende macht werft een kandidaat aan binnen de drie maanden na de oproep tot kandidaten. Bij gebreke daaraan, na deze drie maanden, wordt de betrekking niet meer gesubsidieerd ». Art. 15.Artikel 54bis van hetzelfde decreet wordt vervangen als volgt : « Artikel 54bis.- § 1. Wanneer de betrekking definitief vacant is, wordt het tijdelijk personeelslid
vast verband aangeworven
het selectieambt na een termijn van twee jaar voor zover het de voorwaarden van artikel 51, eerste of tweede lid vervult, of zodra het deze voorwaarden vervult. Wanneer, na de termijn van 2 jaar, de betrekking tijdelijk vacant is, wordt het personeelslid dat alle voorwaarden van artikel 51, eerste of tweede lid,
vast verband aangeworven zodra de betrekking vacant wordt. § 2. Het personeelslid dat tijdelijk een selectieambt toegewezen kreeg met toepassing van artikel 53 kan,
voorkomend geval, ontslagen worden uit het betrokken ambt door de
richtende macht overeenkomstig de bepalingen van hoofdstuk VIII. ». Art. 16.
artikel 54quater van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1.
het eerste lid worden de woorden «,
voorkomend geval, »
gevoegd tussen de woorden « reïntegreert het personeelslid » en « definitief » ;2. het tweede lid wordt vervangen als volgt : De
richtende macht kan, met het oog op de continuïteit van het selectieambt of om de stabiliteit van de pedagogische teams niet
het gedrang te brengen, het herstellen van het personeelslid
zijn oorspronkelijke ambt en affectatie uitstellen met 15 weken na de aanvraag van het personeelslid.
dien, boven de periode bedoeld
het vorige lid, de betrekking niet voorzien kon worden, kan de herstelling nog met hoogstens 15 weken verlengd worden,
gezamenlijk overleg tussen de
richtende macht en het personeelslid. ». Art. 17.
artikel 54sexies, eerste lid, van hetzelfde decreet, worden de woorden « de artikelen 51, eerste lid, en 54bis » vervangen worden door de woorden « van artikel 53 ». Art. 18.Het opschrift van hoofdstuk V van titel I van hetzelfde decreet wordt vervangen als volgt : « Hoofdstuk V. De toegang tot het bevorderingsambt van werkplaatsleider ». Art. 19.Artikel 58bis van hetzelfde decreet wordt gewijzigd als volgt : 1.
§ 1
, a.worden de woorden « De
richtende macht die een personeelslid
vast verband moet aanwerven
een bevorderingsambt » vervangen door de woorden « De
richtende macht die een personeelslid
tijdelijk verband voor meer dan vijftien weken moet aanwerven
een bevorderingsambt van werkplaatsleider » ; b.
2° worden de woorden «
vast verband » vervangen door de woorden «
tijdelijk verband » ;2. § 2 wordt vervangen als volgt : « § 2.De
richtende macht, na toepassing van § 1 : 1° bepaalt het profiel van het toe te kennen bevorderingsambt van werkplaatsleider rekening houdend met de specifieke behoeften gebonden aan zijn opvoedings- en pedagogische project, alsook met de eigenschappen die eigen zijn aan de school waarin de betrekking toe te kennen is. Boven de gedrags- en technische competenties naar keuze van de
richtende macht bevat het ambtsprofiel
alle gevallen de volgende gedragscompetenties : a) de
formatie analyseren ;b) problemen oplossen ;c)
teamverband werken ;
- d)zich aanpassen ;
- e)blijk geven van betrouwbaarheid ;
- f)luisterbereid zijn en gevoel voor communicatie hebben. Het omvat ook de belangrijkste selectiecriteria van de kandidaten en de weging toegekend aan elk onder hen. Het bevat ook de bijkomende voorwaarden voor de aanwerving, die ofwel verplicht zijn of die een troef zijn voor de toe te kennen betrekking ; 2° doet een oproep tot kandidaten volgens de vormen bedoeld
artikel 61sexies/1.» ; 3° § 3 wordt vervangen als volgt: « § 3.De
richtende macht gaat over tot de aanwerving na de selectieprocedure beschreven
artikel 61sexies/3 te hebben gevolgd. ». Art. 20.
artikel 59 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1. De punten 1° tot 4° van het eerste lid worden vervangen als volgt : « 1° een dienstanciënniteit van zes jaar te hebben verworven binnen het door de Franse Gemeenschap georganiseerd of gesubsidieerd onderwijs, Deze anciënniteit wordt berekend overeenkomstig artikel 29bis.2° deze betrekking tijdens 720 dagen te hebben bekleed, berekend sinds de
diensttreding, volgens de nadere regels bepaald
29bis ;3° voorafgaandelijk een specifieke opleiding hebben gevolgd die bekrachtigd werd door een slaagattest;4° gevolg hebben gegeven aan de oproep tot kandidaten bedoeld
artikel 58bis.» ;
- punt 5° van het eerste lid wordt opgeheven;
- het tweede lid wordt geschrapt. Art. 21.Artikel 60 van hetzelfde decreet wordt vervangen als volgt : « Artikel 60.- §
- Het bevorderingsambt van werkplaatsleider kan tijdelijk toevertrouwd worden aan een personeelslid dat alle volgende voorwaarden bij de aanwerving vervult :
- een dienstanciënniteit van drie jaar te hebben verworven binnen het door de Franse Gemeenschap georganiseerd of gesubsidieerd onderwijs,
één van de ambten van de categorie van het bestuurs- en onderwijzend personeel, berekend volgens de nadere regels bepaald
artikel 29bis ;2. titularis zijn, vóór deze aanwerving, van één of meer ambten die toegang geeft (geven) tot het toe te kennen ambt van werkplaatsleider, overeenkomstig artikel 102 van het bovenvermelde decreet van 2 februari 2007Relevante gevonden documenten type decreet prom. 02/02/2007 pub. 15/05/2007 numac 2007201245 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot vaststelling van het statuut van de directeurs type decreet prom. 02/02/2007 pub. 23/02/2007 numac 2007035226 bron vlaamse overheid Decreet houdende wijziging van sommige bepalingen van titel III en titel IV van de decreten betreffende de radio-omroep en de televisie, gecoördineerd op 4 maart 2005 sluiten,
een
richtende macht van het door de Franse Gemeenschap georganiseerd of gesubsidieerd onderwijs ;
- houder zijn van een bekwaamheidsbewijs overeenkomstig het bovenvermelde artikel 102 ;
- gevolg hebben gegeven aan de oproep tot kandidaten bedoeld
artikel 58bis. Tijdens deze periode blijft het personeelslid,
voorkomend geval, titularis van de betrekking waarin het
vast verband benoemd of aangeworven is. Het vastbenoemd personeelslid
een bevorderingsambt van werkplaatsleider dat solliciteert naar een andere betrekking van hetzelfde ambt wordt geacht de toegangsvoorwaarden
tijdelijk verband opgesomd
1° tot 3° van het eerste lid voor het betrokken ambt te vervullen. Voor zijn aanwerving
vast verband zal het ook geacht de voorwaarden 1° en 3° van artikel 59 te vervullen. Het personeelslid zal slechts voor een verandering van betrekking bedoeld
het vorige lid
aanmerking kunnen komen nadat het zijn ambten heeft uitgeoefend
de betrekking die het tijdens een periode van 3 jaar bekleedt. § 2.
afwijking van § 1, eerste lid, 4°, voor elke aanwerving van een duur die gelijk is aan of lager is dan vijftien weken, is de voorwaarde voor de oproep tot kandidaten niet vereist. Deze aanwerving voor hoogstens 15 weken kan hernieuwd worden voor zover de totale duur van de aanwerving 12 maanden niet overschrijdt.
dien de afwezigheid van de titularis van het ambt langer duurt, lanceert de
richtende macht een oproep tot kandidaten uiterlijk de laatste dag van de periode van aanwerving bedoeld
het vorige lid.
afwijking van het tweede lid wordt de aanwerving bedoeld
het eerste lid verlengd tijdens de periode tussen de oproep tot kandidaten en de aanwerving van een kandidaat. De
richtende macht werft een kandidaat aan binnen de drie maanden na de oproep tot kandidaten. Bij gebreke daarvan, na deze drie maanden, wordt de betrekking niet meer gesubsidieerd ». Art. 22.Artikel 61 van hetzelfde decreet wordt vervangen als volgt : « Artikel 61.- § 1. Wanneer de betrekking definitief vacant is, wordt het tijdelijk personeelslid
vast verband aangeworven
het bevorderingsambt van werkplaatsleider na een termijn van twee jaar voor zover het de voorwaarden van artikel 59 vervult, of zodra het deze voorwaarden vervult. Wanneer, na de termijn van 2 jaar, de betrekking tijdelijk vacant is, wordt het personeelslid dat alle voorwaarden van artikel 59 vervult
vast verband aangeworven zodra de betrekking vacant wordt. § 2. Het personeelslid dat tijdelijk een bevorderingsambt toegewezen kreeg met toepassing van artikel 60 kan,
voorkomend geval, ontslagen worden uit het betrokken ambt door de
richtende macht overeenkomstig de bepalingen van hoofdstuk VIII. ». Art. 23.Artikel 61bis van hetzelfde decreet wordt opgeheven. Art. 24.
artikel 61quater van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1.
het eerste lid worden de woorden «,
voorkomend geval, »
gevoegd tussen de woorden « reïntegreert het personeelslid » en « definitief » ;2. het tweede lid wordt vervangen als volgt : « De
richtende macht kan, met het oog op de continuïteit van het bevorderingsambt of om de stabiliteit van de pedagogische teams niet
het gedrang te brengen, het herstellen van het personeelslid
zijn oorspronkelijke ambt en affectatie uitstellen met 15 weken na de aanvraag van het personeelslid.
dien, boven de periode bedoeld
het vorige lid, de betrekking niet voorzien kon worden, kan de herstelling nog met hoogstens 15 weken verlengd worden,
gezamenlijk overleg tussen de
richtende macht en het personeelslid. ». Art. 25.Artikel 61quinquies wordt opgeheven. Art. 26.Het opschrift van hoofdstuk Vbis van titel I van hetzelfde decreet wordt vervangen als volgt : « HOOFDSTUK Vbis. - De oproep tot kandidaten, de selectiecommissie, het opdrachtenblad, de evaluatie en het einde van de uitoefening van sommige bevorderings- en selectieambten ». Art. 27.
artikel 61sexies, § 1 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° de woorden « 4, 3° en
artikel 5, 1° en 2° » worden vervangen door de woorden « 4 § 1, 3° en 5, § 1, 1° tot 3° en 5° alsook 5, § 2, 1° en 2° ».2°
het tweede lid wordt het woord
de Franse tekst « Elle » vervangen door « Il » ;3° Er wordt een nieuw derde lid
geleid : « Met uitzondering van de afdeling Iter betreffende het opdrachtenblad, is dit hoofdstuk ook van toepassing op de personeelsleden die een selectieambt van het opvoedend hulppersoneel uitoefenen, zoals bedoeld
artikel 7, b),
- en
- en
artikel 7bis, 2°,
- a)en
- b)van het besluit van de Executieve van de Franse Gemeenschap van 2 oktober 1968 tot vaststelling en rangschikking van de ambten der leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel, van het opvoedend hulppersoneel, van het paramedisch personeel, van het psychologisch personeel, van het maatschappelijk personeel der
richtingen voor voorschools, lager, gespecialiseerd, middelbaar, technisch, kunstonderwijs, onderwijs voor sociale promotie en hoger onderwijs buiten de universiteit van de Franse Gemeenschap en de ambten der personeelsleden van de
spectiedienst belast met het toezicht op deze
richtingen. Art. 28.Het opschrift van afdeling I van hoofdstuk Vbis van hetzelfde decreet wordt vervangen als volgt : « Afdeling I. - De oproep tot kandidaten ». Art. 29.Er wordt een artikel 61sexies/1
gevoegd
hetzelfde decreet, luidend als volgt : « Artikel 61sexies/1. - Het model van oproepen tot kandidaten bedoeld
de artikelen 50bis en 58bis wordt door de Regering vastgesteld, op gezamenlijk voorstel van de Vaste Commissie voor de bevordering en selectie van het door de Franse Gemeenschap georganiseerde onderwijs, van de Centrale paritaire commissie van het gesubsidieerd officieel onderwijs, van de Centrale paritaire commissie van het niet-confessioneel vrij onderwijs en van de Centrale paritaire commissie van het confessioneel vrij onderwijs. De Regering kan het model op eigen
itiatief bepalen
het geval dat de Commissies bedoeld
het vorige lid haar geen gezamenlijk voorstel binnen een termijn van 30 dagen hebben bezorgd na de aanneming van dit decreet. ». Art. 30.Er wordt een artikel 61sexies/2
hetzelfde decreet
gevoegd, luidend als volgt : « Artikel 61sexies/2. - De
richtende macht die een oproep tot kandidaten lanceert, bepaalt de uitbreiding van de geadresseerden aan wie de oproep gericht is ofwel aan de enige personeelsleden die hum ambten binnen de
richtende macht uitoefenen, ofwel aan elke persoon die aan de voorwaarden voor de toegang tot het ambt beantwoorden. ». Art. 31.
hetzelfde decreet wordt een nieuwe afdeling Ibis
gevoegd, luidend als volgt : « Afdeling Ibis : De selectiecommissie ». Art. 32.
hetzelfde decreet wordt een artikel 61sexies/3
gevoegd, luidend als volgt : « Artikel 61sexies/3. - § 1. De
richtende macht stelt een selectiecommissie aan. Ze bestaat uit de directeur van de betrokken
richting en uit de leden of afgevaardigden van de
richtende macht waaraan deze één of meer leden kan toewijzen die extern zijn aan de
richtende macht en die over een deskundigheid
zake personeelsbeleid en personeelsselectie beschikken. De samenstelling van de selectiecommissie wordt aan de Diensten van de Regering meegedeeld, volgens de nadere regels die ze vaststellen. § 2. De selectie van kandidaten rust op het ambtsprofiel ontwikkeld door de
richtende macht en gevoegd bij de oproep tot kandidaten en,
zonderheid, op de evaluatie van de technische en gedragscompetenties van de kandidaten, samen met de
dicatoren van de beheersing, en hun boekhouding met het opvoedend en pedagogisch project van de
richtende macht. De selectiecommissie kan de kandidaturen op basis van het dossier onderzoeken en selecteren en slechts de kandidaten horen die na deze selectie behouden worden. § 3. Na de verhoringen stelt de selectiecommissie een verslag op dat de kandidaten rangschikt en dat alle nuttige
formatie geeft om de rangschikking te motiveren. Dit verslag wordt aan de
richtende macht bezorgd die op deze basis de beslissing neemt om aan te werven. § 4. De
richtende macht deelt aan de kandidaten de motieven van haar keuze mee rekening houdend met de criteria bepaald
het ambtsprofiel, en vastgesteld overeenkomstig dit artikel. § 5. Op zijn aanvraag zal elke kandidaat een mededeling krijgen over de wijze waarop de overeenstemming geëvalueerd wordt van zijn gedrags- en technische competenties met de selectiecriteria die door het ambtsprofiel bepaald en gewogen worden. ». Art. 33.De vorige afdeling I wordt afdeling Iter en wordt opnieuw
gevoegd na artikel 61sexies/3
hetzelfde decreet, luidend als volgt : « Afdeling Iter. - Het opdrachtenblad ». Art. 34.
artikel 61septies van hetzelfde decreet wordt een derde lid
gevoegd, luidend als volgt : « Vóór het opstel van het opdrachtenblad raadpleegt de
richtende macht het plaatselijk orgaan van sociaal overleg. ». Art. 35.
artikel 61nonies § 1, tweede lid van hetzelfde decreet, worden tussen de woorden « personeelslid » en « dat tijdelijk wordt aangesteld » de woorden « dat
vast verband wordt aangesteld en het personeelslid » toegevoegd. Art. 36.
artikel 61duodecies van hetzelfde decreet worden de woorden « de afdeling I » vervangen door de woorden « de afdeling Iter ». Art. 37.
artikel 71nonies van hetzelfde decreet, onder het laatste streepje, worden de woorden « na de directiestage bedoeld
artikel 33 » vervangen door de woorden : « na de toepassing van de bepalingen betreffende de eindstage of de aanwerving
tijdelijk verband van de directeurs bedoeld
de artikelen 10, § 5, tweede lid, en 131bis. ». TITEL VII. - Bepalingen tot wijziging van het decreet van 6 juni 1994 tot vaststelling van de rechtspositie van de gesubsidieerde personeelsleden van het officieel gesubsidieerd onderwijs. Art. 38.
artikel 20 van het decreet van 6 juni 1994 tot vaststelling van de rechtspositie van de gesubsidieerde personeelsleden van het officieel gesubsidieerd onderwijs, worden de woorden « 4° bij de eerste
diensttreding, een medisch attest overhandigen dat nog geen zes maanden oud is en waarbij verklaard wordt dat de kandidaat zijn gezondheidstoestand zodanig is dat deze geen gevaar oplevert voor de gezondheid van de leerlingen en de andere personeelsleden » opgeheven. Art. 39.Artikel 29bis van het bovenvermelde decreet van 6 juni 1994 wordt vervangen als volgt : « Artikel 29bis.- § 1. Een personeelslid dat
een selectieambt of
een bevorderingsambt van werkplaatsleider
vast verband wordt benoemd bij een
richtende macht kan, als hij dit aanvraagt en mits toestemming van de
richtende macht,
vast verband benoemd worden
een definitief vacante betrekking binnen dezelfde
richtende macht of binnen een andere
richtende macht waarbij het al een benoeming genoten heeft : a. van een wervingsambt dat het vroeger
vast verband heeft uitgeoefend;b. van een selectieambt dat het vroeger
vast verband heeft uitgeoefend of waartoe een wervingsambt dat het vroeger
vast verband heeft uitgeoefend, toegang verschaft;c. van een ambt van werkplaatsleider
dien het dat ambt vroeger
vast verband heeft uitgeoefend of van een wervingsambt
dien het dat ambt vroeger
vast verband heeft uitgeoefend dat toegang verschaft. De benoeming
vast verband bedoeld
het vorige lid gebeurt binnen een
richtende macht waarbij het personeelslid al een benoeming
vast verband
een wervings-, selectie of bevorderingsambt genoten heeft. De overgang van de ene betrekking naar een andere overeenkomstig deze paragraaf moet zonder onderbreking plaatsvinden. Het personeelslid moet op voorhand uit zijn oorspronkelijke ambt aftreden. De nadere regels voor de benoeming krachtens deze paragraaf worden overigens door de plaatselijke paritaire commissies vastgesteld. § 2. Een personeelslid dat
een selectieambt of
een bevorderingsambt van werkplaatsleider
vast verband wordt benoemd bij een
richtende macht kan, als hij dit aanvraagt en mits de toestemming van de
richtende macht,
vast verband benoemd wordt binnen een andere
richtende macht
een definitief vacante betrekking : a. van een wervingsambt dat het vroeger
vast verband heeft uitgeoefend;b. van een selectieambt dat het vroeger
vast verband heeft uitgeoefend of waartoe een wervingsambt dat het vroeger
vast verband heeft uitgeoefend, toegang verschaft;c. van een ambt van werkplaatsleider
dien het dat ambt vroeger
vast verband heeft uitgeoefend of van een wervingsambt
dien het dat ambt vroeg
vast verband heeft uitgeoefend dat toegang verschaft. De benoeming
vast verband bedoeld
het vorige lid gebeurt binnen een andere
richtende macht dan deze bedoeld
§ 1
,
dien geen enkel lid van deze laatste prioritair is. De overgang van de ene betrekking naar een andere overeenkomstig deze paragraaf moet zonder onderbreking plaatsvinden. Het personeelslid moet op voorhand van zijn oorspronkelijke ambt aftreden. De nadere regels voor de benoeming krachtens deze paragraaf worden overigens door de plaatselijke paritaire commissie vastgesteld die
gesteld wordt binnen de
richtende macht die het personeelslid ontvangt. § 3. Voor de toepassing van de §§ 1 en 2, en onverminderd artikel 28, 1°, kan de benoeming
vast verband ongeacht de datum plaatsvinden. Deze werving kan plaatsvinden voor zover het personeelslid alle voorwaarden voorzien naargelang het geval vervuld zijn : a.
artikel 30, met uitzondering van 8°, 9° wat betreft de ambtsanciënniteit en 10° en 11° ;b.
artikel 40, eerste lid, met uitzondering van 4 ° ;c.
artikel 49, eerste lid, met uitzondering van 4° ; Voor de toepassing van de punten
- b)en
- c)van het vorige lid wordt de vereiste voor een succesvolle opleiding voor een bepaald ambt ambtshalve geacht als vervuld te zijn als het personeelslid
vast verband titularis was van dit ambt voorafgaand aan de uitoefening van zijn of haar huidige ambt. Het personeelslid dat het bevorderingsambt van werkplaatsleider uitoefent, kan slechts
aanmerking komen voor deze bepaling als het personeelslid zijn ambten
de betrekking die het gedurende 3 jaar bekleedt, uitgeoefend heeft. ». Art. 40.
artikel 39bis van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1.
§ 1
, a.wordt de zin « De
richtende macht die een personeelslid
vast verband moet benoemen
een selectieambt » vervangen door de zin « De
richtende macht die een personeelslid
een selectieambt
tijdelijk verband voor meer dan 15 weken moet aanstellen » ; b.
2° worden de woorden « benoeming
vast verband » vervangen door de woorden « aanstelling
tijdelijk verband ».2. § 2 wordt vervangen als volgt : « § 2.De
richtende macht, na toepassing van § 1 : 1° bepaalt het profiel van het toe te kennen selectieambt, rekening houdend met de specifieke behoeften verbonden aan zijn opvoedend en pedagogische project, alsook de kenmerken die eigen zijn aan de school waarin de betrekking toe te kennen is. Boven de gedrags- en technische competenties naar keuze van de
richtende macht, neemt het profiel van het ambt
elk geval de volgende gedragscompetenties op : a) de
formatie analyseren ;b) problemen oplossen ;c)
teamverband werken ;
- d)zich aanpassen ;
- e)betrouwbaar zijn ;
- f)luisterbereid zijn en gevoel voor communicatie hebben. Het omvat ook de belangrijkste selectiecriteria van de kandidaten en de weging toegekend aan elk onder hen. Het bevat ook de bijkomende voorwaarden voor de aanstelling, die ofwel verplicht zijn of die een troef zijn voor de toe te kennen betrekking ; 2° lanceert een oproep tot kandidaten volgens de vormen bedoeld
artikel 52quinquies/1.» ; 3° er wordt een § 3
gevoegd, luidend als volgt : « § 3.De
richtende macht gaat over tot de aanstelling na de selectieprocedure beschreven
artikel 52quinquies/3 te hebben gevolgd. ». Art. 41.
artikel 40 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1. De punten 1° tot 6° van het eerste lid worden vervangen als volgt : « 1° een dienstanciënniteit van zes jaar hebben verworven binnen het door de Franse Gemeenschap georganiseerde of gesubsidieerd onderwijs, berekend volgens de nadere regels bepaald
artikel 34;2° deze betrekking gedurende 600 dagen hebben uitgeoefend, berekend volgens de nadere regels bepaald
artikel 34 ;3° voorafgaandelijk een specifieke opleiding hebben gevolgd die bekrachtigd wordt door een getuigschrift dat bewijst dat hij erin geslaagd is ;4° gevolg hebben gegeven aan de oproep tot kandidaten bedoeld
artikel 39bis.» ; 2. het tweede lid en het derde lid worden geschrapt ;3.
het vorige vierde lid dat het tweede lid is geworden : a.worden de woorden « § 5 » geschrapt
de eerste zij en
punt 3° ; b. wordt de voorwaarde 8° opgeheven ;c.
punt 10° worden de woorden « van gevolgde vorming » vervangen door de woorden « van geslaagde vorming » ;
- het vorige vijfde lid dat het derde lid is geworden, wordt gewijzigd als volgt : a.de woorden « van de artikelen 43 of 44, §§ 1 tot 4 » worden vervangen door de woorden « van artikel 42 » ; b. de woorden « § 5 » worden geschrapt ;c. de woorden « vierde lid » worden vervangen door de woorden « tweede lid ». Art. 42.Artikel 42 van hetzelfde decreet wordt vervangen als volgt : « Artikel 42.- §
- Een selectieambt kan tijdelijk aan een personeelslid toegewezen worden voor zover de volgende voorwaarden bij de aanstelling vervuld zijn :
- een dienstanciënniteit van drie jaar hebben verworven binnen het door de Franse Gemeenschap gesubsidieerde of georganiseerde onderwijs,
één van de ambten van de betrokken categorie, berekend volgens de nadere regels bepaald
artikel 34 ;2. titularis zijn, vóór deze aanstelling van één of meer ambten die toegang geven tot het toe te kennen selectieambt, overeenkomstig artikel 101 van het decreet van 2 februari 2007Relevante gevonden documenten type decreet prom. 02/02/2007 pub. 15/05/2007 numac 2007201245 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot vaststelling van het statuut van de directeurs type decreet prom. 02/02/2007 pub. 23/02/2007 numac 2007035226 bron vlaamse overheid Decreet houdende wijziging van sommige bepalingen van titel III en titel IV van de decreten betreffende de radio-omroep en de televisie, gecoördineerd op 4 maart 2005 sluiten tot vaststelling van het statuut van de directeurs,
een
richtende macht van het onderwijs gesubsidieerd of georganiseerd door de Franse Gemeenschap ;
- houder zijn van een bekwaamheidsbewijs overeenkomstig het bovenvermelde artikel 101 ;
- aan de oproep tot kandidaten bedoeld
artikel 39bis hebben beantwoord. Tijdens deze période blijft het personeelslid,
voorkomend geval, titularis van de betrekking waarin hij
vast verband benoemd of aangeworven is. Het vastbenoemd personeelslid
een selectieambt dat solliciteert naar een andere betrekking van hetzelfde ambt wordt geacht de toegangsvoorwaarden
tijdelijk verband opgesomd
1° tot 3° van het eerste lid voor het betrokken ambt te vervullen. Voor zijn benoeming
vast verband zal het ook geacht de voorwaarden 1° en 3° van artikel 40, eerste lid, te vervullen. § 2.
afwijking van de voorwaarden bepaald
§ 1
, voor de ambten van adjunct-directeur, adjunct-directeur van het lager secundair onderwijs of van adjunct-directeur van het kunstsecundair onderwijs met beperkt leerplan, kan de
richtende macht tijdelijk de uitoefening van het betrokken ambt toewijzen aan een kandidaat die de volgende voorwaarden vervult : 1. houder zijn van een bekwaamheidsbewijs van het hoger niveau van de 1ste graad ten minste ;
het kunstsecundair onderwijs met beperkt leerplan kunnen de personeelsleden die de vakken onderrichten waarvoor er geen opleiding bestaat die aanleiding geeft tot de uitreiking van een bekwaamheidsbewijs van het hoger niveau van de eerste graad, de uitoefening van het ambt van adjunct-directeur toegewezen krijgen voor zover ze houder zijn van één van de bekwaamheidsbewijzen bedoeld
de artikelen 105 tot 108, punt a) of b), van het decreet van 2 juni 1998Relevante gevonden documenten type decreet prom. 02/06/1998 pub. 29/08/1998 numac 1998029331 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet houdende organisatie van het secundair kunstonderwijs met beperkt leerplan gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap sluiten houdende organisatie van het secundair kunstonderwijs met beperkt leerplan gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap ; 2. houder zijn van één van de pedagogische bekwaamheidsbewijzen bedoeld
artikel 100 van het betrokken decreet van 2 februari 2007Relevante gevonden documenten type decreet prom. 02/02/2007 pub. 15/05/2007 numac 2007201245 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot vaststelling van het statuut van de directeurs type decreet prom. 02/02/2007 pub. 23/02/2007 numac 2007035226 bron vlaamse overheid Decreet houdende wijziging van sommige bepalingen van titel III en titel IV van de decreten betreffende de radio-omroep en de televisie, gecoördineerd op 4 maart 2005 sluiten ;3. een dienstanciënniteit van 3 jaar hebben
het door de Franse Gemeenschap georganiseerde of gesubsidieerde onderwijs ;4. aan de oproep tot kandidaten bedoeld
artikel 39bis hebben beantwoord. Vervult de voorwaarden 1° en 2° de kandidaat die een diploma heeft die tegelijkertijd samengesteld is uit een pedagogisch bekwaamheidsbewijs en uit een bekwaamheidsbewijs van minstens het hoger niveau van de eerste graad. § 3. Een
richtende macht die bevestigt dat zij een oproep tot kandidaten gelanceerd heeft en dat zij geen geldige kandidatuur na deze eerste oproep gekregen heeft, kan een tweede oproep tot kandidaten lanceren die niet voldoet aan de voorwaarde 3° bedoeld
§ 2
.
dien de persoon aangeworven
één van de ambten bedoeld
§ 2
, eerste lid, geen ambt uitoefent
het door de Franse Gemeenschap georganiseerde of gesubsidieerde onderwijs bij haar
diensttreding, zal ze slechts aangeworven zijn als ze de volgende voorwaarden vervult :
- burgerlijke en politieke rechten genieten ;
- voldaan hebben aan de wets- en verordeningsbepalingen betreffende de taalregeling ;
- van onberispelijk gedrag zijn ;
- voldaan hebben aan de dienstplichtwetten.». Art. 43.
hetzelfde decreet wordt een artikel 42bis
gevoegd, luidend als volgt : « Artikel 42bis.-
afwijking van artikel 42, § 1, eerste lid, 4°, en
§ 2
, eerste lid, 4°, voor elke aanstelling van een duur die gelijk is aan of lager is dan vijftien weken, is de voorwaarde voor de oproep tot kandidaten niet vereist. Nochtans worden de overheden bedoeld
artikel 27bis ertoe gemachtigd deze aanstellingen uit te voeren van een duur die gelijk is aan of lager is dan vijftien weken. Deze aanstelling voor hoogstens 15 weken kan hernieuwd worden voor zover de totale duur van de aanstelling 12 maanden niet overschrijdt.
dien de afwezigheid van de titularis van het ambt langer duurt, lanceert de
richtende macht een oproep tot kandidaten uiterlijk de laatste dag van de periode van aanstelling bedoeld
het vorige lid.
afwijking van het tweede lid wordt de aanstelling bedoeld
het eerste lid verlengd tijdens de periode tussen de oproep tot kandidaten en de aanstelling van een kandidaat. De
richtende macht stelt een kandidaat aan binnen de drie maanden na de oproep tot kandidaten. Bij gebreke daaraan, na deze drie maanden, wordt de betrekking niet meer gesubsidieerd. ». Art. 44.De artikelen 43 en 44 van hetzelfde decreet worden vervangen als volgt : « Artikel 43.- § 1. Wanneer de betrekking definitief vacant is, wordt het tijdelijk personeelslid
vast verband benoemd
het selectieambt na een termijn van twee jaar voor zover het de voorwaarden van artikel 40, eerste of derde lid vervult, of zodra het deze voorwaarden vervult. Wanneer, na de termijn van 2 jaar, de betrekking tijdelijk vacant is, wordt het personeelslid dat alle voorwaarden van artikel 40, eerste of derde lid,
vast verband benoemd zodra de betrekking vacant wordt. § 2. Het personeelslid dat tijdelijk een selectieambt toegewezen kreeg met toepassing van artikel 42 kan,
voorkomend geval, ontslagen worden uit het betrokken ambt door de
richtende macht overeenkomstig artikel 44bis. ». Artikel 44.- Voor de categorie van het opvoedend hulppersoneel kan de
richtende macht,
het kader van de toepassing van de artikelen van dit hoofdstuk, de kandidatuur
concurrentie stellen van de personeelsleden die aan de voorwaarden van artikel 42, § 1 beantwoorden met deze van de personen die de volgende voorwaarden vervullen :
- burgerlijke en politieke rechten genieten ;
- houder zijn van één va de volgende bekwaamheidsbewijzen : a.voor het ambt van opvoeder-huismeester : een bekwaamheidsbewijs van minstens het hoger niveau van de eerste graad met de volgende studierichtingen : economie, handel, boekhoudkunde of beheer ; b. voor het ambt van directiesecretaris : een bekwaamheidsbewijs van minstens het hoger niveau van de eerste graad met de volgende studierichtingen : secretariaat, recht of bestuur.De Regering stelt de lijst van de bekwaamheidsbewijzen vast die
dat kader
aanmerking worden genomen.
- voldaan hebben aan de wets- en verordeningsbepalingen betreffende de taalregeling ;
- van onberispelijk gedrag zijn ;
- voldaan hebben aan de dienstplichtwetten ;
- aan de oproep tot kandidaten hebben beantwoord.». De persoon die krachtens het eerste lid wordt aangeworven, wordt tijdelijk aangesteld
het ambt van opvoeder-huismeester of van directiesecretaris respectievelijk bij de
richtende macht, totdat hij voldoet aan de voorwaarden van artikel 40, tweede lid, of,
voorkomend geval, van artikel 40, eerste lid, en als de
richtende macht hem
tussen niet uit dat ambt heeft ontslagen. ». Art. 45.
artikel 44ter worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1.
het eerste lid worden de woorden «,
voorkomend geval, »
gevoegd tussen de woorden « reïntegreert het personeelslid » en « definitief » ;2. het tweede lid wordt vervangen door twee leden, luidend als volgt : « De
richtende macht kan, met het oog op de continuïteit van het selectieambt of om de stabiliteit van de pedagogische teams niet
het gedrang te brengen, het herstellen van het personeelslid
zijn oorspronkelijke ambt en affectatie uitstellen met 15 weken na de aanvraag van het personeelslid.
dien, boven de periode bedoeld
het vorige lid, de betrekking niet voorzien kon worden, kan de herstelling nog met hoogstens 15 weken verlengd worden,
gezamenlijk overleg tussen de
richtende macht en het personeelslid. ». Art. 46.Het opschrift van hoofdstuk V van hetzelfde decreet wordt vervangen als volgt : « Hoofdstuk V. De toegang tot het bevorderingsambt van werkplaatsleider ». Art. 47.Artikel 48bis van hetzelfde decreet wordt gewijzigd als volgt : 1.
§ 1
, a.worden de woorden « De
richtende macht die een personeelslid
een bevorderingsambt
vast verband moet benoemen » vervangen door de woorden « De
richtende macht die een personeelslid
een bevorderingsambt van werkplaatsleider
tijdelijk verband voor meer dan 15 weken moet aanstellen » ; b.
2° worden de woorden « vaste benoeming » vervangen door de woorden « tijdelijke aanstellingen » ;2. § 2 wordt vervangen als volgt : « § 2.De
richtende macht, na toepassing van § 1 : 1° bepaalt het profiel van het toe te kennen selectieambt, rekening houdend met de specifieke behoeften verbonden aan zijn opvoedings- en pedagogische project, alsook de kenmerken die eigen zijn aan de school waarin de betrekking toe te kennen is. Boven de gedrags- en technische competenties naar keuze van de
richtende macht, neemt het profiel van het ambt
elk geval de volgende gedragscompetenties op : a) de
formatie analyseren ;b) problemen oplossen ;c)
teamverband werken ;
- d)zich aanpassen ;
- e)betrouwbaar zijn ;
- f)luisterbereid zijn en gevoel voor communicatie hebben. Het omvat ook de belangrijkst selectiecriteria van de kandidaten en de weging toegekend aan elk onder hen. Het bevat ook de bijkomende voorwaarden voor de aanstelling, die ofwel verplicht zijn of die een troef zijn voor de toe te kennen betrekking ; 2° doet een oproep tot kandidaten volgens de vormen bedoeld
artikel 52quinquies/1.". 3° er wordt een § 3
gevoegd, luidend als volgt : « § 3.De
richtende macht gaat over tot de aanstelling na de selectieprocedure beschreven
artikel 52quinquies/3 te hebben gevolgd. ». Art. 48.
artikel 49 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1. de punten 1° tot 4° van het eerste lid worden vervangen als volgt : « 1° een dienstanciënniteit van zes jaar hebben verworven binnen het door de Franse Gemeenschap georganiseerde of gesubsidieerd onderwijs, berekend volgens de nadere regels bepaald
artikel 34;2° deze betrekking gedurende 600 dagen hebben uitgeoefend, berekend sinds de
diensttreding volgens de nadere regels bepaald
artikel 34 ;3° voorafgaandelijk een specifieke opleiding hebben gevolgd die bekrachtigd wordt door een getuigschrift dat bewijst dat hij erin geslaagd is ;4° gevolg hebben gegeven aan de oproep tot kandidaten bedoeld
artikel 48bis.» ;
- punt 5° van het eerste lid wordt opgeheven ;
- het tweede lid wordt geschrapt. Art. 49.Artikel 50 van hetzelfde decreet wordt vervangen als volgt : « Artikel 50.- §
- Een bevorderingsambt van werkplaatsleider kan tijdelijk aan een personeelslid toegewezen worden voor zover de volgende voorwaarden bij de aanstelling vervuld zijn :
- een dienstanciënniteit van drie jaar hebben verworven binnen het door de Franse Gemeenschap gesubsidieerde of georganiseerde onderwijs,
één van de ambten van de categorie van het bestuurs- en onderwijzend personeel, berekend volgens de nadere regels bepaald
artikel 34 ;2. titularis zijn, vóór deze aanstelling van één of meer ambten die toegang geven tot het toe te kennen bevorderingsambt, overeenkomstig artikel 102 van het decreet van 2 februari 2007Relevante gevonden documenten type decreet prom. 02/02/2007 pub. 15/05/2007 numac 2007201245 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot vaststelling van het statuut van de directeurs type decreet prom. 02/02/2007 pub. 23/02/2007 numac 2007035226 bron vlaamse overheid Decreet houdende wijziging van sommige bepalingen van titel III en titel IV van de decreten betreffende de radio-omroep en de televisie, gecoördineerd op 4 maart 2005 sluiten tot vaststelling van het statuut van de directeurs,
een
richtende macht van het onderwijs gesubsidieerd of georganiseerd door de Franse Gemeenschap ;
- houder zijn van een bekwaamheidsbewijs overeenkomstig het bovenvermelde artikel 102 ;
- aan de oproep tot kandidaten bedoeld
artikel 48bis hebben beantwoord. Tijdens deze periode blijft het personeelslid,
voorkomend geval, titularis van de betrekking waarin hij
vast verband benoemd of aangeworven is. Het vastbenoemd personeelslid
een bevorderingsambt van werkplaatsleider dat solliciteert naar een andere betrekking van hetzelfde ambt wordt geacht de toegangsvoorwaarden
tijdelijk verband opgesomd
1° tot 3° van het eerste lid voor het betrokken ambt te vervullen. Voor zijn benoeming
vast verband wordt het ook geacht de voorwaarden 1° en 3° van artikel 49 te vervullen. Het personeelslid zal slechts voor een verandering van betrekking bedoeld
het vorige lid
aanmerking kunnen komen nadat het zijn ambten heeft uitgeoefend
de betrekking die het tijdens een periode van 3 jaar bekleedt. § 2.
afwijking van § 1, eerste lid, 4°, voor elke aanstelling van een duur die gelijk is aan of lager is dan vijftien weken, is de voorwaarde voor de oproep tot kandidaten niet vereist. De overheden bedoeld
artikel 27bis worden overigens ertoe gemachtigd deze aanstellingen uit te voeren van een duur die gelijk is aan of lager is dan vijftien weken. Deze aanstelling voor hoogstens 15 weken kan hernieuwd worden voor zover de totale duur van de aanstelling 12 maanden niet overschrijdt.
dien de afwezigheid van de titularis van het ambt langer duurt, lanceert de
richtende macht een oproep tot kandidaten uiterlijk de laatste dag van de periode van aanstelling bedoeld
het vorige lid.
afwijking van het tweede lid wordt de aanstelling bedoeld
het eerste lid verlengd tijdens de periode tussen de oproep tot kandidaten en de aanstelling van een kandidaat. De
richtende macht stelt een kandidaat aan binnen de drie maanden na de oproep tot kandidaten. Bij gebreke daarvan, na deze drie maanden, wordt de betrekking niet meer gesubsidieerd ». Art. 50.Artikel 51 van hetzelfde decreet wordt vervangen als volgt : « Artikel 51.- § 1. Wanneer de betrekking definitief vacant is, wordt het tijdelijk personeelslid
vast verband benoemd
het bevorderingsambt van werkplaatsleider na een termijn van twee jaar voor zover het de voorwaarden van artikel 49 vervult, of zodra het deze voorwaarden vervult. Wanneer, na de termijn van 2 jaar, de betrekking tijdelijk vacant is, wordt het personeelslid dat alle voorwaarden van artikel 49 vervult
vast verband benoemd zodra de betrekking vacant wordt. § 2. Het personeelslid dat tijdelijk een bevorderingsambt van werkplaatsleider toegewezen kreeg met toepassing van artikel 50 kan,
voorkomend geval, ontslagen worden uit het betrokken ambt door de
richtende macht overeenkomstig artikel 52bis. ». Art. 51.Artikel 52 van hetzelfde decreet wordt opgeheven. Art. 52.
artikel 52ter van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1.
het eerste lid worden de woorden «,
voorkomend geval, »
gevoegd tussen de woorden « reïntegreert het personeelslid » en « definitief ».; 2. het tweede lid wordt vervangen door twee leden, luidend als volgt : « De
richtende macht kan, met het oog op de continuïteit van het bevorderingsambt of om de stabiliteit van de pedagogische teams niet
het gedrang te brengen, het herstellen van het personeelslid
zijn oorspronkelijke ambt en affectatie uitstellen met 15 weken na de aanvraag van het personeelslid
dien, boven de periode bedoeld
het vorige lid, de betrekking niet voorzien kon worden, kan de herstelling nog met hoogstens 15 weken verlengd worden,
gezamenlijk overleg tussen de
richtende macht en het personeelslid.». Art. 53.Het opschrift van Hoofdstuk Vbis van hetzelfde decreet wordt vervangen als volgt : « HOOFDSTUK Vbis. - De oproep tot kandidaten, de selectiecommissie, het opdrachtenblad, de evaluatie en het einde van de uitoefening van sommige bevorderings- en selectieambten ». Art. 54.
artikel 52quinquies § 1 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1°
het eerste lid worden de woorden « 4, 3° en 5°, 1° en 2° » vervangen door de woorden « 4 § 1, 3° en 5, § 1, 1° tot 3° en 5° alsook 5, § 2, 1° en 2° » ;2°
het tweede lid wordt het woord
de Franse tekst « Elle » vervangen door « Il » ;3° Er wordt een nieuw derde lid
geleid als volgt : « Met uitzondering van de afdeling Iter betreffende het opdrachtenblad, is dit hoofdstuk ook van toepassing op de personeelsleden die een selectieambt van het opvoedend hulppersoneel uitoefenen, zoals bedoeld
artikel 7, b), 9.en 10. en
artikel 7bis, 2°,
- a)en
- b)van het besluit van de Executieve van de Franse Gemeenschap van 2 oktober 1968 tot vaststelling en rangschikking van de ambten der leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel, van het opvoedend hulppersoneel, van het paramedisch personeel, van het psychologisch personeel, van het maatschappelijk personeel der
richtingen voor voorschools, lager, gespecialiseerd, middelbaar, technisch, kunstonderwijs, onderwijs voor sociale promotie en hoger onderwijs buiten de universiteit van de Franse Gemeenschap en de ambten der personeelsleden van de
spectiedienst belast met het toezicht op deze
richtingen. Art. 55.Het opschrift van afdeling I van hoofdstuk Vbis van hetzelfde decreet wordt vervangen als volgt : « Afdeling I. - De oproep tot kandidaten ». Art. 56.
het opschrift van de afdeling 3 van hoofdstuk Vbis van het bovenvermelde decreet van 6 juni 1994 worden de woorden « bevorderingsambten en selectieambten door de tijdelijke onderwijzende personeelsleden" vervangen door de woorden « uitgeoefende bevorderingsambten en selectieambten ». Art. 57.
hetzelfde decreet wordt een artikel 52quinquies/1
gevoegd, luidend als volgt : « Artikel 52quinquies/1. - Het model van oproepen tot kandidaten bedoeld
de artikelen 39bis en 48bis wordt door de Regering vastgesteld, op gezamenlijk voorstel van de Vaste Commissie voor de bevordering en selectie van het door de Franse Gemeenschap georganiseerde onderwijs, van de Centrale paritaire commissie van het gesubsidieerd officieel onderwijs, van de Centrale paritaire commissie van het niet-confessioneel vrij onderwijs en van de Centrale paritaire commissie van het confessioneel vrij onderwijs. De Regering kan het model op eigen
itiatief bepalen
het geval dat de Commissies bedoeld
het vorige lid haar geen gezamenlijk voorstel binnen een termijn van 30 dagen hebben bezorgd na de aanneming van dit decreet. ». Art. 58.
hetzelfde decreet wordt een artikel 52quinquies/2
gevoegd, luidend als volgt : « Artikel 52quinquies/2. - De
richtende macht die een oproep tot kandidaten lanceert, bepaalt de uitbreiding van de geadresseerden waarop de oproep gericht is ofwel aan de enige personeelsleden die hum ambten binnen de
richtende macht uitoefenen, ofwel aan elke persoon die aan de voorwaarden voor de toegang tot het ambt beantwoorden. ». Art. 59.
hetzelfde decreet wordt een nieuwe afdeling Ibis
gevoegd, luidend als volgt : « Afdeling Ibis : De selectiecommissie ». Art. 60.
hetzelfde decreet wordt een artikel 52quinquies/3
gevoegd, luidend als volgt : « Artikel 52quinquies/3. - § 1. De
richtende macht stelt een selectiecommissie aan, Ze bestaat uit de directeur van de betrokken
richting en uit de leden of afgevaardigden van de
richtende macht waaraan deze één of meer leden kan toewijzen die extern zijn aan de
richtende macht en die over een deskundigheid
zake personeelsbeleid en personeelsselectie beschikken. De samenstelling van de selectiecommissie wordt aan de Diensten van de Regering meegedeeld, volgens de nadere regels die ze vaststellen. § 2. De selectie van kandidaten rust op het ambtsprofiel ontwikkeld door de
richtende macht en gevoegd bij de oproep tot kandidaten en,
het bijzonder, op de evaluatie van de technische en gedragscompetenties van de kandidaten, samen met de
dicatoren van de beheersing, en hun boekhouding met het opvoedend en pedagogisch project van de
richtende macht. De selectiecommissie kan de kandidaturen op basis van het dossier onderzoeken en selecteren en slechts de kandidaten horen die na deze selectie geselecteerd worden. § 3. Na de verhoringen stelt de selectiecommissie een verslag op dat de kandidaten rangschikt en dat alle nuttige
formatie geeft om de rangschikking te motiveren. Dit verslag wordt aan de
richtende macht bezorgd die op deze basis de beslissing neemt om aan te stellen. § 4. Op zijn aanvraag zal elke kandidaat een mededeling krijgen over de wijze waarop de overeenstemming geëvalueerd wordt van zijn gedrags- en technische competenties met de selectiecriteria die door het ambtsprofiel bepaald en gewogen worden. ». Art. 61.De vorige afdeling I wordt de afdeling Iter en wordt na artikel 52quinquies/2
hetzelfde decreet
gevoegd, luidend als volgt : « Afdeling Iter. - Het opdrachtenblad ». Art. 62.
artikel 52sexies van hetzelfde decreet wordt een derde lid
gevoegd, luidend als volgt : « Vóór het opstel van het opdrachtenblad raadpleegt de
richtende macht het plaatselijk orgaan van sociaal overleg. » Art. 63.
artikel 52octies § 1, tweede lid van het bovenvermelde decreet van 6 juni 1994 worden tussen de woorden « personeelslid » en « dat tijdelijk wordt aangesteld » de woorden « dat
vast verband wordt benoemd en het personeelslid » toegevoegd. Art. 64.
artikel 52undecies van hetzelfde decreet worden de woorden « de afdeling I » vervangen door de woorden « de afdeling Iter ». TITEL VIII. - Bepalingen tot wijziging van het decreet van 4 januari 1999Relevante gevonden documenten type decreet prom. 04/01/1999 pub. 25/02/1999 numac 1999029087 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende de bevorderingsambten en de selectieambten type decreet prom. 04/01/1999 pub. 11/02/1999 numac 1999029055 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet houdende wijziging van het decreet van 17 juli 1987 over de audiovisuele sector en omzetting van de richtlijn 97/36/EG van 30 juni 1997 en de richtlijn 95/47/EG van 24 oktober 1995 sluiten betreffende de bevorderingsambten en de selectieambten. Art. 65.
artikel 1 van het decreet van 4 januari 1999Relevante gevonden documenten type decreet prom. 04/01/1999 pub. 25/02/1999 numac 1999029087 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende de bevorderingsambten en de selectieambten type decreet prom. 04/01/1999 pub. 11/02/1999 numac 1999029055 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet houdende wijziging van het decreet van 17 juli 1987 over de audiovisuele sector en omzetting van de richtlijn 97/36/EG van 30 juni 1997 en de richtlijn 95/47/EG van 24 oktober 1995 sluiten betreffende de bevorderingsambten en de selectieambten worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1. paragraaf 1 wordt vervangen als volgt : « § 1.- Dit decreet is van toepassing op de personeelsleden die hun ambten uitoefenen
de
richtingen voor gewoon en gespecialiseerd kleuter-, lager, basis- en secundair onderwijs voor sociale promotie georganiseerd door de Franse Gemeenschap. » ; 2. paragraaf 2 wordt vervangen als volgt : « § 2.Dit decreet is niet van toepassing op de personeelsleden van de Algemene
spectiedienst opgericht bij het decreet van 10 januari 2019Relevante gevonden documenten type decreet prom. 24/07/1997 pub. 23/09/1997 numac 1997029337 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet dat de prioritaire taken bepaalt van het basisonderwijs en van het secundair onderwijs en de structuren organiseert die het mogelijk maken ze uit te voeren type decreet prom. 24/07/1997 pub. 06/11/1997 numac 1997029343 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet dat het statuut bepaalt van het bestuurs- en onderwijzend personeel en van het opvoedend hulppersoneel van de hogescholen
gericht of gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap sluiten1 betreffende de Algemene
spectiedienst. » ; 3. 2° en 3° van § 3 worden geschrapt. Art. 66.
het opschrift van hoofdstuk II van hetzelfde decreet wordt het woord « onderwijzend » geschrapt. Art. 67.
artikel 3 van hetzelfde decreet wordt het woord « onderwijzend » geschrapt. Art. 68.Artikel 4 van hetzelfde decreet wordt vervangen als volgt : « Artikel 4.- § 1. De bevorderingsambten die de personeelsleden mogen uitoefenen
het secundair onderwijs zijn de volgende :
- directeur van het lager secundair onderwijs ;
- directeur ;
- werkplaatsleider ;
- directeur van een technisch en pedagogisch centrum ;
- directeur van een centrum voor zelfvorming en voortgezette vorming ;
- directeur van een technisch tuinbouwcentrum van het onderwijs van de Franse Gemeenschap ;
- bestuurder. §
- Het bevorderingsambt dat de personeelsleden mogen uitoefenen
het onderwijs voor sociale promotie is het ambt van directeur. ». Art. 69.Artikel 5 van hetzelfde decreet wordt vervangen als volgt : « Artikel 5.- § 1. De selectieambten die de personeelsleden mogen uitoefenen
het secundair onderwijs zijn de volgende :
- adjunct-directeur van het lager secundair onderwijs;
- adjunct-directeur;
- werkmeester;
- werkmeester van een technisch en pedagogisch centrum ;
- coördinator van een centrum voor alternerend onderwijs en vorming ;
- coördinator van een centrum voor gevorderde technologieën ;
- directiesecretaris. §
- De selectieambten die de personeelsleden mogen uitoefenen
het onderwijs voor sociale promotie zijn de volgende : 1° adjunct-directeur ;2° werkmeester ;3° directiesecretaris.». Art. 70.
artikel 6 van hetzelfde decreet,
het eerste en het tweede lid, worden de woorden « noch het 5e en 6e studiejaar van het secundair onderwijs van het type 2 » geschrapt. Art. 71.
hetzelfde decreet wordt het opschrift van hoofdstuk III vervangen als volgt : « HOOFDSTUK III. - Benoemingsvoorwaarden ». Art. 72.Artikel 8 van hetzelfde decreet wordt vervangen als volgt : « Artikel 8.- § 1. Elk personeelslid kan benoemd worden
een bevorderings- of selectieambt onder de volgende voorwaarden : 1. aan de voorwaarden opgenomen
de artikelen 10, 11, 12, 12bis, 12ter, 12quater en 12quinquies beantwoorden ;2. een dienstanciënniteit
het door de Franse Gemeenschap georganiseerde of gesubsidieerde onderwijs van zes jaar tellen
het onderwijs met volledig leerplan of van 1800 dagen van selectie
het onderwijs voor sociale promotie ;3. aangesteld worden
de betrekking met toepassing van de procedure bedoeld
artikel 28 gedurende minstens twee jaar ;4. titularis zijn van een brevet
verband met het toe te kennen ambt. § 2. Om aangesteld te worden
tijdelijk verband
de ambten van directiesecretaris, werkmeester, werkplaatsleider en coördinator
een centrum voor alternerend onderwijs en vorming, moet de kandidaat ook een dienstanciënniteit van drie jaar tellen
één van de ambten van de betrokken categorie
het door de Franse Gemeenschap georganiseerde of gesubsidieerde onderwijs.
afwijking van het vorige lid moeten de directiesecretarissen aangesteld op basis van één van de bekwaamheidsbewijzen opgenomen
de bijlage bij dit decreet, geen dienstanciënniteit van drie jaar tellen
het door de Franse Gemeenschap georganiseerde of gesubsidieerde onderwijs Als de persoon die
de voorwaarden van het vorige lid aangeworven wordt, geen ambt uitoefent
het door de Franse Gemeenschap georganiseerde of gesubsidieerde onderwijs bij de werving, zal ze slechts aangesteld worden als ze ook aan de volgende voorwaarden beantwoordt :
- burgerlijke en politieke rechten genieten ;
- voldaan hebben aan de wets- en verordeningsbepalingen betreffende de taalregeling ;
- van onberispelijk gedrag zijn ;
- voldaan hebben aan de dienstplichtwetten. De personeelsleden die
vast verband benoemd of aangeworven worden
hetzelfde bevorderings- of selectieambt met toepassing van de paragrafen 1 en 2 van dit artikel, worden geacht de aanstellingsvoorwaarden bedoeld
deze paragraaf te vervullen. § 3. De bepalingen van paragraaf 2, eerste lid, zijn niet van toepassing wat betreft de toegang tot het selectieambt van werkmeester van een technisch en pedagogisch centrum, en tot de bevorderingsambten van directeur van een technisch en pedagogisch centrum, van directeur van een centrum voor zelfvorming en voortgezette vorming, van directeur van een recreatie- en openluchtcentrum of van directeur van een technisch tuinbouwcentrum van het onderwijs van de Franse Gemeenschap ; Dit artikel is niet van toepassing op de bevorderingsambten van directeur, geregeld bij het decreet van 2 februari 2007Relevante gevonden documenten type decreet prom. 02/02/2007 pub. 15/05/2007 numac 2007201245 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot vaststelling van het statuut van de directeurs type decreet prom. 02/02/2007 pub. 23/02/2007 numac 2007035226 bron vlaamse overheid Decreet houdende wijziging van sommige bepalingen van titel III en titel IV van de decreten betreffende de radio-omroep en de televisie, gecoördineerd op 4 maart 2005 sluiten tot vaststelling van het statuut van directeurs. De voorwaarde bedoeld
het eerste lid, 4°, is niet vereist voor de toegang tot het selectieambt van coördinator van een centrum voor gevorderde technologieën. ». Art. 73.Artikel 10 van hetzelfde decreet wordt vervangen als volgt ; « Artikel 10.- Om benoemd te worden
het selectieambt van werkmeester
het door de Franse Gemeenschap georganiseerde of gesubsidieerde onderwijs, moeten de personeelsleden : 1. de dag vóór hun aanstelling,
de hoedanigheid van werkmeester, het wervingsambt hebben uitgeoefend van leraar technische vakken, leraar beroepspraktijk of begeleider van een centrum voor alternerend onderwijs en vorming;2. houder zijn van één van de bekwaamheidsbewijzen opgenomen
bijlage I van het decreet van 2 februari 2007Relevante gevonden documenten type decreet prom. 02/02/2007 pub. 15/05/2007 numac 2007201245 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot vaststelling van het statuut van de directeurs type decreet prom. 02/02/2007 pub. 23/02/2007 numac 2007035226 bron vlaamse overheid Decreet houdende wijziging van sommige bepalingen van titel III en titel IV van de decreten betreffende de radio-omroep en de televisie, gecoördineerd op 4 maart 2005 sluiten tot vaststelling van het statuut van de directeurs en directrices
het onderwijs ;3. houder zijn van een pedagogisch bestanddeel van een bekwaamheidsbewijs zoals bepaald
artikel 17 van het decreet van 11 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom. 11/04/2014 pub. 10/10/2014 numac 2014029467 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten
het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs sluiten tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten
het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs.». Art. 74.Artikel 11 van hetzelfde decreet wordt vervangen als volgt : « Artikel 11.- Om benoemd te worden
het bevorderingsambt van werkplaatsleider
het onderwijs van de Franse Gemeenschap moeten de personeelsleden : 1. de dag vóór hun aanstelling,
de hoedanigheid van werkplaatsleider, het wervingsambt hebben uitgeoefend van leraar technische vakken of leraar beroepspraktijk, van werkmeester of begeleider
een centrum voor alternerend onderwijs en vorming ;2. houder zijn van één van de bekwaamheidsbewijzen opgenomen
bijlage II van het decreet van 2 februari 2007Relevante gevonden documenten type decreet prom. 02/02/2007 pub. 15/05/2007 numac 2007201245 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot vaststelling van het statuut van de directeurs type decreet prom. 02/02/2007 pub. 23/02/2007 numac 2007035226 bron vlaamse overheid Decreet houdende wijziging van sommige bepalingen van titel III en titel IV van de decreten betreffende de radio-omroep en de televisie, gecoördineerd op 4 maart 2005 sluiten tot vaststelling van het statuut van directeurs en directrices
het onderwijs ;3. houder zijn van een pedagogisch bestanddeel van een bekwaamheidsbewijs zoals bepaald
artikel 17 van het decreet van 11 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom. 11/04/2014 pub. 10/10/2014 numac 2014029467 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten
het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs sluiten tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten
het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs.». Art. 75.Artikel 12 van hetzelfde decreet wordt vervangen als volgt : « Artikel 12.- Om benoemd te worden
het selectieambt van adjunct-directeur of adjunct-directeur
het lager secundair onderwijs
het onderwijs van de Franse Gemeenschap, moeten de personeelsleden houder zijn van een bekwaamheidsbewijs van minstens het hoger niveau van de eerste graad en van een pedagogisch bestanddeel van een bekwaamheidsbewijs zoals bepaald
artikel 17 van het decreet van 11 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom. 11/04/2014 pub. 10/10/2014 numac 2014029467 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten
het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs sluiten tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten
het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs. ». Art. 76.Artikel 12bis van hetzelfde decreet wordt vervangen als volgt : « Artikel 12bis.- Om benoemd te worden
het selectieambt van coördinator van een centrum voor alternerend onderwijs en vorming moeten de personeelsleden : 1. de dag vóór hun aanstelling,
de hoedanigheid van coördinator van een centrum voor alternerend onderwijs en vorming een ambt hebben uitgeoefend dat tot de categorie van het bestuurs- en onderwijzend personeel behoort ;2. houder zijn van één van de bekwaamheidsbewijzen opgenomen
bijlage I van het decreet van 2 februari 2007Relevante gevonden documenten type decreet prom. 02/02/2007 pub. 15/05/2007 numac 2007201245 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot vaststelling van het statuut van de directeurs type decreet prom. 02/02/2007 pub. 23/02/2007 numac 2007035226 bron vlaamse overheid Decreet houdende wijziging van sommige bepalingen van titel III en titel IV van de decreten betreffende de radio-omroep en de televisie, gecoördineerd op 4 maart 2005 sluiten tot vaststelling van het statuut van de directeurs en directrices
het onderwijs ;
- houder zijn van een bekwaamheidsbewijs van het hoger niveau ;
- houder zijn van een pedagogisch bestanddeel van een bekwaamheidsbewijs zoals bepaald
artikel 17 van het decreet van 11 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom. 11/04/2014 pub. 10/10/2014 numac 2014029467 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten
het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs sluiten tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten
het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs.». Art. 77.
hetzelfde decreet wordt een artikel 12quater
gevoegd, luidend als volgt : « Artikel 12quater.- Om benoemd te worden
het bevorderingsambt van bestuurder
het onderwijs van de Franse Gemeenschap moeten de personeelsleden houder zijn van één bekwaamheidsbewijs van minstens het hoger niveau van het niveau van de eerste graad en van een pedagogisch bestanddeel van een bekwaamheidsbewijs zoals bepaald
artikel 17 van het decreet van 11 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom. 11/04/2014 pub. 10/10/2014 numac 2014029467 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten
het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs sluiten tot regeling van de bekwaamheidsbewijzen en ambten
het door de Franse Gemeenschap georganiseerde en gesubsidieerde basis- en secundair onderwijs. ». Art. 78.
hetzelfde decreet wordt een artikel 12quinquies
gevoegd, luidend als volgt : « Artikel 12quinquies.- Om benoemd te worden
het selectieambt van directiesecretaris
het onderwijs georganiseerd door de Franse Gemeenschap moeten de personeelsleden ofwel het ambt van opvoeder, opvoeder
een
ternaat, opvoeder-secretaris de dag vóór hun aanstelling
de hoedanigheid van directiesecretaris hebben uitgeoefend ofwel houder zijn van een van de bekwaamheidsbewijzen opgenomen
bijlage van dit decreet. ». Art. 79.
artikel 16, vierde lid, van hetzelfde decreet wordt het woord « Regering » vervangen door de woorden «
richtende macht ». Art. 80.
hetzelfde decreet worden opgeheven : 1. de woorden « Hoofdstuk IIIbis.- De ambten die toegang geven tot de selectieambten en de bevorderingsambten die de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel, van het bestuurs- en opvoedend hulppersoneel mogen uitoefenen
het onderwijs voor sociale promotie van de Franse Gemeenschap, alsook bepaalde voorwaarden die vereist zijn om erin benoemd te worden » ; 2. de artikelen 17bis, 17ter, 17quater, 17quinquies, 17sexies en 17octies,
gevoegd bij het decreet van 9 februari 2017Relevante gevonden documenten type decreet prom. 09/02/2017 pub. 09/03/2017 numac 2017011051 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet houdende diverse maatregelen
zake onderwijs voor sociale promotie sluiten houdende diverse maatregelen
zake onderwijs voor sociale promotie. Art. 81.
artikel 17septies, eerste lid, van hetzelfde decreet worden de woorden «
artikel 17bis » vervangen door de woorden «
artikel 8, § 1, 2°, » . Art. 82.Artikel 17septies van hetzelfde decreet wordt genummerd artikel 17bis. Art. 83.
hoofdstuk IV van hetzelfde decreet wordt een afdeling 1
gevoegd, met de artikelen 19, 19bis, 19ter, 20, 20bis, 21, 21bis, 21ter, 22, 23, 24, 25, 26 en 27, luidend als volgt : « Afdeling I. - De brevetten die toegang geven tot sommige bevorderings- en selectieambten ». Art. 84.
artikel 19bis, eerste lid, van hetzelfde decreet worden de woorden « De brevetten van provisor of onderdirecteur, van onderdirecteur
het lager secundair onderwijs, worden uitgereikt » vervangen door de woorden « Het brevet van adjunct-directeur wordt uitgereikt ». Art. 85.
artikel 19ter van hetzelfde decreet wordt het eerste lid vervangen als volgt : «
het onderwijs voor sociale promotie georganiseerd door de Franse Gemeenschap wordt het brevet van adjunct-directeur uitgereikt na twee vormingssessies; elke sessie wordt bekrachtigd met een afzonderlijke proef. ». Art. 86.
artikel 21bis, § 2, 10°, van hetzelfde decreet wordt het woord « Regering » vervangen door de woorden «
richtende macht ». Art. 87.
artikel 22 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1. het woord « Regering » wordt telkens vervangen door de woorden «
richtende macht » ;2.
paragraaf 3, 1°, worden de woorden « ambtenaren-generaal » vervangen door de woorden « vertegenwoordigers van de
richtende macht » ;3.
paragraaf 4, tweede lid, worden de woorden « uit de ambtenaren van niveau 1 van de diensten van de Regering » geschrapt. Art. 88.
artikel 23 van hetzelfde decreet wordt het woord « Regering » telkens vervangen door de woorden «
richtende macht ». Art. 89.Artikel 24 van hetzelfde decreet wordt vervangen als volgt : « Artikel 24.- Op de voordracht van de Vaste Commissie kan de
richtende macht
zonderheid de volgende vormingsoperatoren erkennen :
- de Universiteiten ;
- de Hogescholen ;
- de
richtingen voor onderwijs voor sociale promotie. De vormingen georganiseerd door de vormingsoperatoren bedoeld
het eerste lid worden met een getuigschrift bekrachtigd door de betrokken vormingsoperatoren. De personeelsleden die de slaagattesten behalen betreffende de drie of twee sessieproeven respectievelijk bedoeld
de artikelen 19, 19ter, 20, 20bis, 21 en 21ter zijn titularis van het brevet
verband met het betrokken ambt. ». Art. 90.
hoofdstuk IV van hetzelfde decreet wordt een afdeling II
gevoegd, met de artikelen 27bis en 27ter, luidend als volgt : « Afdeling II. - De oproep tot kandidaten ». Art. 91.
de afdeling II,
gevoegd bij het vorige artikel, wordt een artikel 27bis
gevoegd, luidend als volgt : « Artikel 27bis - Het model van oproepen tot kandidaten bedoeld
artikel 28 wordt door de Regering vastgesteld, op gezamenlijk voorstel van de Vaste Commissie voor de bevordering en selectie van het door de Franse Gemeenschap georganiseerde onderwijs, van de Centrale paritaire commissie van het gesubsidieerd officieel onderwijs, van de Centrale paritaire commissie van het niet-confessioneel vrij onderwijs en van de Centrale paritaire commissie van het confessioneel vrij onderwijs. De Regering kan het model op eigen
itiatief bepalen
het geval dat de Commissies bedoeld
het vorige lid haar geen gezamenlijk voorstel binnen een termijn van 30 dagen hebben bezorgd na de aanneming van dit decreet. ». Art. 92.
dezelfde afdeling II wordt een artikel 27ter
gevoegd, luidend als volgt : « Artikel 27ter.- De
richtende macht die een oproep tot kandidaten lanceert, bepaalt de uitbreiding van de geadresseerden waarop de oproep gericht is ofwel aan de enige personeelsleden die hum ambten binnen de
richtende macht uitoefenen, ofwel aan elke persoon die aan de voorwaarden voor de toegang tot het ambt beantwoorden. ». Art. 93.
hoofdstuk IV van hetzelfde decreet wordt een afdeling III
gevoegd, met artikel 28, luidend als volgt : « Afdeling III. - De algemene voorwaarden voor de toegang en de toekenning van de bevorderings- en selectiebetrekkingen ». Art. 94.Artikel 28 van hetzelfde decreet wordt vervangen als volgt : « Artikel 28.- § 1. Wanneer de
richtende macht tot een aanstelling moet overgaan
een vacante betrekking of
een betrekking die niet vacant is maar waarvan de titularis van het ambt tijdelijk afwezig is voor een duur langer dan 15 weken: 1. bepaalt het profiel van het toe te kennen ambt, rekening houdend met de specifieke behoeften verbonden aan zijn opvoedings- en pedagogische project, alsook de kenmerken die eigen zijn aan de school waarin de betrekking toe te kennen is. Boven de gedrags- en technische competenties naar keuze van de
richtende macht, neemt het profiel van het ambt
elk geval de volgende gedragscompetenties op : a) de
formatie analyseren ;b) problemen oplossen ;c)
teamverband werken ;
- d)zich aanpassen ;
- e)betrouwbaar zijn ;
- f)luisterbereid zijn en gevoel voor communicatie hebben. Het omvat ook de belangrijkst selectiecriteria van de kandidaten en de weging toegekend aan elk onder hen. Het bevat ook de bijkomende voorwaarden voor de aanwerving, die ofwel verplicht zijn of die een troef zijn voor de toe te kennen betrekking ; 2. doet een oproep tot kandidaten volgens het model bedoeld
artikel 31. Alvorens het ambtsprofiel te bepalen : a. raadpleegt de
richtende macht de directeur van de
richting en het basisoverlegcomité over het profiel van het toe te kennen bevorderings- of selectieambt;b. krijgt de
richtende macht van de personeelsleden alle
formatie die deze nuttig achten om hem mee te delen. De kandidaturen die
gediend worden
het kader van deze paragraaf worden door de Selectiecommissie bedoeld
artikel 28decies van dit decreet onderzocht. Na dit onderzoek bezorgt de Selectiecommissie de
richtende macht de rangschikking van de kandidaten en deelt de motieven mee waarop deze rangschikking gebaseerd is. Na de verzending van de rangschikking opgemaakt met toepassing van het vorige lid stelt de
richtende macht één van de kandidaten aan die aan de oproep
de betrekking bedoeld
het eerste lid beantwoord heeft. § 2. Om aangesteld te worden met toepassing van deze paragraaf moet elke kandidaat aan de oproep tot kandidaten beantwoord hebben, de voorwaarden van de artikelen 8, § 1, 1°, en 8, § 2 vervullen.
het geval van een oproep tot aanstelling als adjunct-directeur,
dien de
richtende macht bevestigt een oproep tot kandidaten te hebben gelanceerd en geen geldige kandidatuur na deze 1ste oproep te hebben gekregen, kan hij een tweede oproep lanceren waaraan de kandidaten zullen kunnen beantwoorden die geen dienstanciënniteit van 3 jaar tellen binnen het door de Franse Gemeenschap georganiseerde of gesubsidieerde onderwijs. § 3. Wanneer de
richtende macht tot een aanstelling
tijdelijk verband
een niet-vacante betrekking moet overgaan voor een duur die gelijk is aan of lager is dan vijftien weken, stelt hij een personeelslid aan die beantwoordt aan de voorwaarden vermeld
paragraaf 2 zonder de procedure bedoeld
het eerste lid van deze paragraaf toe te passen. Deze aanstelling voor een duur van hoogstens 15 weken kan hernieuwd worden voor zover de totale duur van de aanstelling 12 maanden niet overschrijdt.
dien de afwezigheid van de titularis van het ambt langer duurt, lanceert de
richtende macht een oproep tot kandidaten uiterlijk de laatste dag van de periode van aanstelling bedoeld
het vorige lid.
afwijking van paragraaf 1 wordt de aanstelling bedoeld
het eerste lid verlengd tijdens de periode tussen de oproep tot kandidaten en de aanwerving van een kandidaat. De
richtende macht stelt een kandidaat aan binnen de drie maanden na de oproep tot kandidaten. Bij gebreke, daarvan na deze drie maanden, wordt de betrekking niet meer gesubsidieerd ». § 4. Het personeelslid dat aangesteld wordt
een bevorderingsbetrekking met toepassing van § 1, wordt
deze betrekking op 1 januari benoemd
dien deze vacant is, onder voorbehoud dat de betrekking beschikbaar is voor een verandering van affectatie
vast verband
het kader van de procedure die
vorige oktober gelanceerd werd en op voorwaarde dat de kandidaat alle voorwaarden opgenomen
artikel 8 vervult. Het personeelslid dat aangesteld wordt
een selectiebetrekking met toepassing van § 1, wordt
deze betrekking op 1 januari benoemd
dien deze vacant is, onder voorbehoud dat de betrekking beschikbaar is voor een verandering van affectatie
vast verband
het kader van de procedure die
vorige januari gelanceerd werd en op voorwaarde dat de kandidaat alle voorwaarden opgenomen
artikel 8 vervult. § 5. Overeenkomstig de artikelen 78 en 92 van het koninklijk besluit van 22 maart 1969 tot vaststelling van het statuut van de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel, van het opvoedend hulppersoneel, van het paramedisch personeel der
richtingen voor kleuter-, lager, gespecialiseerd, middelbaar, technisch onderwijs, onderwijs voor sociale promotie en kunstonderwijs van de Staat, alsmede der
ternaten die van deze
richtingen afhangen en van de leden van de
spectiedienst die belast is met het toezicht op deze
richtingen, kan een einde gesteld worden aan de aanstelling van een personeelslid dat een selectie- of § 6. Dit artikel is niet van toepassing op de bevorderingsambten van directeur, geregeld bij het decreet van 2 februari 2007Relevante gevonden documenten type decreet prom. 02/02/2007 pub. 15/05/2007 numac 2007201245 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot vaststelling van het statuut van de directeurs type decreet prom. 02/02/2007 pub. 23/02/2007 numac 2007035226 bron vlaamse overheid Decreet houdende wijziging van sommige bepalingen van titel III en titel IV van de decreten betreffende de radio-omroep en de televisie, gecoördineerd op 4 maart 2005 sluiten tot vaststelling van het statuut van de directeurs. Art. 95.
artikel 28bis van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1.
paragraaf 1 worden de woorden «
artikel 5, 1° en 2° » vervangen door de woorden «
de artikelen 5, § 1, 1° tot 3° en 5° alsook 5, § 2, 1° en 2° ».2.
paragraaf 3 wordt het woord « Regering » vervangen door de woorden «
richtende macht ». Art. 96.Artikel 28ter van hetzelfde decreet wordt aangevuld met een lid, luidend als volgt : « Vóór het opstel van het opdrachtenblad raadpleegt de
richtende macht het plaatselijk orgaan van sociaal overleg . ». Art. 97.
hetzelfde decreet wordt een hoofdstuk IVter
gevoegd, luidend als volgt : « HOOFDSTUK IVter. - De Selectiecommissies ». Art. 98.
hoofdstuk IVter,
gevoegd bij het vorige artikel wordt een artikel 28decies
gevoegd, luidend als volgt : « Artikel 28decies.- § 1. De
richtende macht richt één of meer selectiecommissies op. Deze commissies bestaan uit de directeur van de betrokken
richting en uit de leden of afgevaardigden van de
richtende macht waaraan deze één of meer leden kan toewijzen die extern zijn aan de
richtende macht en die over een deskundigheid
zake personeelsbeleid en personeelsselectie beschikken. § 2. De selectie van kandidaten baseert zich op het ambtsprofiel ontwikkeld door de
richtende macht overeenkomstig artikel 28 en gevoegd bij de oproep tot kandidaten en,
het bijzonder, op de evaluatie van de verwachte technische en gedragscompetenties van de kandidaten, samen met de
dicatoren van de beheersing, en hun boekhouding met het opvoedings- en pedagogisch project van de
richtende macht. De selectiecommissie kan de kandidaturen op basis van het dossier sorteren en slechts de kandidaten horen die na deze selectie weerhouden worden. Na de verhoringen stelt de selectiecommissie een verslag op dat de kandidaten rangschikt en dat alle nuttige
formatie geeft om de rangschikking te motiveren. Dit verslag wordt aan de
richtende macht bezorgd die op deze basis de beslissing tot de toelating tot stage neemt. Op de aanvraag van elke kandidaat deelt de
richtende macht hem de
formatie mee
verband met de evaluatie van zijn technische en gedragscompetenties en met de boekhouding van deze competenties met de selectiecriteria bepaald en gewogen door het ambtsprofiel. ». Art. 99.
de artikelen 22, 34, 40 en 44 van hetzelfde decreet worden de woorden « het onderwijs van de Franse Gemeenschap » telkens vervangen door de woorden « het onderwijs georganiseerd door de Franse Gemeenschap ». Art. 100.
hetzelfde decreet wordt een bijlage
gevoegd, luidend als volgt : « Bijlage bij het decreet van de Franse Gemeenschap van 4 januari 1999 betreffende de bevorderingsambten en de selectieambten Lijst van de bekwaamheidsbewijzen
het kader van een benoeming
het ambt van directiesecretaris. 1) DIPLOMES DE L'ENSEIGNEMENT SUPERIEUR UNIVERSITAIRE 1ER CYCLE 2E CYCLE - CANDIDAT/BACHELIER EN DROIT - LICENCIE/MASTER EN DROIT - CANDIDAT/BACHELIER EN SCIENCES POLITIQUES - LICENCIE/MASTER EN SCIENCES POLITIQUES - LICENCIE/MASTER EN SCIENCES DU TRAVAIL - CANDIDAT/BACHELIER EN SCIENCES ECONOMIQUES ET DE GESTION - LICENCIE/MASTER EN SCIENCES ECONOMIQUES ET DE GESTION - CANDIDAT/BACHELIER
GENIEUR DE GESTION -
GENIEUR DE GESTION - MASTER EN GESTION DES RESSOURCES HUMAINES 2) DIPLOMES DE L'ENSEIGNEMENT SUPERIEUR NON UNIVERSITAIRE DE PLEIN EXERCICE DE TYPE COURT - GRADUE/BACHELIER EN DROIT - GRADUE/BACHELIER EN SECRETARIAT DE DIRECTION - GRADUE/BACHELIER EN SECRETARIAT - GRADUE/BACHELIER EN SECRETARIAT-LANGUES - GRADUE/BACHELIER EN RELATIONS PUBLIQUES - GRADUE/BACHELIER EN SCIENCES ADMINISTRATIVES ET GESTION PUBLIQUE - GRADUE/BACHELIER EN ADMINISTRATION ET GESTION DU PERSONNEL - GRADUE/BACHELIER EN GESTION DES RESSOURCES HUMAINES 3) DIPLOMES DE L'ENSEIGNEMENT SUPERIEUR NON UNIVERSITAIRE DE PLEIN EXERCICE DE TYPE LONG 1ER CYCLE 2E CYCLE - CANDIDAT EN SCIENCES ADMINISTRATIVES - LICENCIE EN SCIENCES ADMINISTRATIVES - BACHELIER EN GESTION PUBLIQUE - MASTER EN GESTION PUBLIQUE 4) DIPLOMES DE L'ENSEIGNEMENT SUPERIEUR DE PROMOTION SOCIALE DE TYPE COURT DE REGIME 1 - GRADUE/BACHELIER EN SECRETARIAT - GRADUE/BACHELIER EN SECRETARIAT-LANGUES - GRADUE/BACHELIER EN SECRETARIAT DE DIRECTION - GRADUE/BACHELIER EN DROIT - GRADUE/BACHELIER EN RELATIONS PUBLIQUES - GRADUE/BACHELIER EN SCIENCES COMMERCIALES ET ADMINISTRATIVES - GRADUE/BACHELIER EN GESTION DES RESSOURCES HUMAINES Art.101. De artikelen 9, 13, 14, 15 en 18 van hetzelfde decreet worden opgeheven. TITEL IX. - Bepalingen tot wijziging van het decreet van 2 februari 2007Relevante gevonden documenten type decreet prom. 02/02/2007 pub. 15/05/2007 numac 2007201245 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot vaststelling van het statuut van de directeurs type decreet prom. 02/02/2007 pub. 23/02/2007 numac 2007035226 bron vlaamse overheid Decreet houdende wijziging van sommige bepalingen van titel III en titel IV van de decreten betreffende de radio-omroep en de televisie, gecoördineerd op 4 maart 2005 sluiten tot vaststelling van het statuut van de directeurs. HOOFDSTUK I. - Wijziging van het opschrift van het decreet van 2 februari 2007Relevante gevonden documenten type decreet prom. 02/02/2007 pub. 15/05/2007 numac 2007201245 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot vaststelling van het statuut van de directeurs type decreet prom. 02/02/2007 pub. 23/02/2007 numac 2007035226 bron vlaamse overheid Decreet houdende wijziging van sommige bepalingen van titel III en titel IV van de decreten betreffende de radio-omroep en de televisie, gecoördineerd op 4 maart 2005 sluiten tot vaststelling van het statuut van de directeurs Art. 102.Het opschrift van het decreet van 2 februari 2007Relevante gevonden documenten type decreet prom. 02/02/2007 pub. 15/05/2007 numac 2007201245 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot vaststelling van het statuut van de directeurs type decreet prom. 02/02/2007 pub. 23/02/2007 numac 2007035226 bron vlaamse overheid Decreet houdende wijziging van sommige bepalingen van titel III en titel IV van de decreten betreffende de radio-omroep en de televisie, gecoördineerd op 4 maart 2005 sluiten tot vaststelling van het statuut van de directeurs wordt vervangen als volgt : « Decreet van 2 februari 2007Relevante gevonden documenten type decreet prom. 02/02/2007 pub. 15/05/2007 numac 2007201245 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot vaststelling van het statuut van de directeurs type decreet prom. 02/02/2007 pub. 23/02/2007 numac 2007035226 bron vlaamse overheid Decreet houdende wijziging van sommige bepalingen van titel III en titel IV van de decreten betreffende de radio-omroep en de televisie, gecoördineerd op 4 maart 2005 sluiten tot vaststelling van het statuut van de directeurs en directrices
het onderwijs ». HOOFDSTUK II. - Wijzigingen van de titel I « Algemene bepalingen » van het decreet van 2 februari 2007Relevante gevonden documenten type decreet prom. 02/02/2007 pub. 15/05/2007 numac 2007201245 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot vaststelling van het statuut van de directeurs type decreet prom. 02/02/2007 pub. 23/02/2007 numac 2007035226 bron vlaamse overheid Decreet houdende wijziging van sommige bepalingen van titel III en titel IV van de decreten betreffende de radio-omroep en de televisie, gecoördineerd op 4 maart 2005 sluiten tot vaststelling van het statuut van de directeurs en directrices
het onderwijs Art. 103.
artikel 2, § 1, van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1. punt 1° wordt vervangen als volgt : « 1° « directeur » : het personeelslid dat,
welke hoedanigheid dan ook, titularis is van het bevorderingsambt van directeur van een kleuterschool, directeur van een lagere school, directeur van een basisschool, directeur
het lager secundair onderwijs, directeur, directeur van een
richting voor sociale promotie zoals opgesomd
de artikelen 3 en 4, § 1, 1° en 2°, en § 2, van het decreet van 4 januari 1999Relevante gevonden documenten type decreet prom. 04/01/1999 pub. 25/02/1999 numac 1999029087 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende de bevorderingsambten en de selectieambten type decreet prom. 04/01/1999 pub. 11/02/1999 numac 1999029055 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet houdende wijziging van het decreet van 17 juli 1987 over de audiovisuele sector en omzetting van de richtlijn 97/36/EG van 30 juni 1997 en de richtlijn 95/47/EG van 24 oktober 1995 sluiten betreffende de bevorderingsambten en de selectieambten of directeur van het secundair kunstonderwijs met beperkt leerplan zoals bedoeld
artikel 50, 2°, van het decreet van 2 juni 1998Relevante gevonden documenten type decreet prom. 02/06/1998 pub. 29/08/1998 numac 1998029331 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet houdende organisatie van het secundair kunstonderwijs met beperkt leerplan gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap sluiten houdende organisatie van het secundair kunstonderwijs met beperkt leerplan gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap.» ; 2. de punten 5° en 6° worden
gevoegd, luidend als volgt : « 5° sturingsplan : het systeem bedoeld
artikel 67, § 2, van het decreet van 24 juli 1997Relevante gevonden documenten type decreet prom. 24/07/1997 pub. 23/09/1997 numac 1997029337 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet dat de prioritaire taken bepaalt van het basisonderwijs en van het secundair onderwijs en de structuren organiseert die het mogelijk maken ze uit te voeren type decreet prom. 24/07/1997 pub. 06/11/1997 numac 1997029343 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet dat het statuut bepaalt van het bestuurs- en onderwijzend personeel en van het opvoedend hulppersoneel van de hogescholen
gericht of gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap sluiten dat de prioritaire taken bepaalt van het basisonderwijs en van het secundair onderwijs en de structuren organiseert die het mogelijk maken ze uit te voeren ;6° : federaties van de
richtende machten : de vertegenwoordigings- en coördinatieorganen bedoeld
artikel 5 van de wet van 29 mei 1959 tot wijziging van sommige bepalingen van de onderwijswetgeving » ;3. § 1 wordt aangevuld met een nieuw lid, luidend als volgt : « Het woord « leerling » gebruikt
dit decreet moet verstaan worden als « student » wat betreft het onderwijs voor sociale promotie.». HOOFDSTUK III. - Wijzigingen van TITEL II "Gemeenschappelijke bepalingen voor de directeurs van alle netten" van het decreet van 2 februari 2007Relevante gevonden documenten type decreet prom. 02/02/2007 pub. 15/05/2007 numac 2007201245 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot vaststelling van het statuut van de directeurs type decreet prom. 02/02/2007 pub. 23/02/2007 numac 2007035226 bron vlaamse overheid Decreet houdende wijziging van sommige bepalingen van titel III en titel IV van de decreten betreffende de radio-omroep en de televisie, gecoördineerd op 4 maart 2005 sluiten tot vaststelling van het statuut van de directeurs
het onderwijs Art. 104.§
- Het opschrift van hoofdstuk I van titel II van datzelfde decreet wordt vervangen door « HOOFDSTUK I. Het ambtsprofiel van de directeurs". §
- Afdeling I van hoofdstuk I van hoofdstuk I van hoofdstuk I van titel II van hetzelfde besluit wordt vervangen door de volgende tekst "Afdeling I. - Verantwoordelijkheden van de directeur Artikel 3.- De directeur heeft de algemene competentie voor het beheer en de organisatie van de
inrichting. Hij neemt de verantwoordelijkheden op zich die hem door zijn
richtende macht zijn toevertrouwd overeenkomstig het kader dat is vastgelegd
het
hoofdstuk III van deze titel bedoelde opdrachtenblad. Artikel 4.-
het door de Franse Gemeenschap georganiseerde onderwijs neemt de directeur van een bijgevoegde kleuterschool, lagere of fundamentele school zijn verantwoordelijkheden op zich, onverminderd de verantwoordelijkheden van de directeur van de
stelling waaraan zijn school is gehecht. ». § 3. Afdeling II van hoofdstuk I van titel II van hetzelfde decreet wordt vervangen door de volgende tekst "Sectie II. - Het ambtsprofiel Artikel 5.- 1ste. De regering stelt een standaardambtsprofiel van het schoolhoofd op en stelt het ter beschikking van de
richtende machts, die het kunnen gebruiken om het
§ 2bedoelde ambtsprofiel op te stellen.
Het standaardambtsprofiel omvat een verantwoordelijkheidskader en een lijst van verwachte gedrags- en technische vaardigheden. De verantwoordelijkheden zoals beschreven
het generieke ambtsprofiel zijn gestructureerd
zeven categorieën: 1° productie van betekenis;2° het algemene strategische en operationele beheer van de school;3° het beheer van educatieve acties en projecten;4° het beheer van de middelen en de menselijke relaties;5°
terne en externe communicatie;6° administratief, financieel en materieel beheer van de
stelling;7° de planning en het actieve beheer van zijn eigen professionele ontwikkeling. De verwachte gedrags- en technische vaardigheden gaan samen controle-
dicatoren. § 2. Met het oog op een eventuele oproep tot kandidaturen voor het
hoofdstuk V bedoeld ambt van directeur stelt de
richtende macht een ambtsprofiel op, dat zij bij elke sollicitatieoproep voor het ambt van directeur voegt. Het ambtsprofiel definieert: 1° de belangrijkste verantwoordelijkheden van de directeur;2° de gedrags- en technische vaardigheden die nodig zijn voor hun oefening. De
het vorige lid bedoelde gedrags- en technische vaardigheden gaan samen met controle-
dicatoren. de
richtende macht stelt enerzijds het ambtsprofiel op op basis van het
§ 1
bedoelde standaardambtsprofiel en anderzijds rekening houdend met de specifieke behoeften
verband met het educatieve en pedagogische project van de school en met de specifieke kenmerken van de school waarin het ambt van directeur moet worden vervuld. Het ambtsprofiel bevat de belangrijkste criteria voor de selectie van de kandidaten en de weging die aan elk van hen wordt toegekend. Het kan aanvullende voorwaarden voor de aanwerving bevatten, hetzij verplicht, hetzij als een troef actief voor de te vervullen betrekking. § 3.
het
het vorige lid bedoelde ambtsprofiel zijn de verantwoordelijkheden van de directeur gestructureerd
zeven categorieën, overeenkomstig het standaardambtsprofiel. § 4.
de
de vorige paragraaf bedoelde categorieën omvat het ambtsprofiel ten minste de volgende verantwoordelijkheden, zodat de Franse Gemeenschap ervan zeker zou zijn dat alle scholen
het ambtsprofiel de essentiële verantwoordelijkheden van een directeur opnemen: 1° productie van betekenis: de directeur legt de belanghebbenden van de school regelmatig de waarden uit waarop de pedagogische en opvoedende actie ten dienste van de leerlingen is gebaseerd,
het kader van het project van de
richtende macht, en geeft zo betekenis aan de collectieve actie en de
dividuele acties, met verwijzing naar deze waarden en naar de prioritaire en specifieke opdrachten van het onderwijsstelsel van de Franse Gemeenschap en de doelstellingen van de sociale promotie-educatie en het kunstsecundair onderwijs met beperkt leerplan;2° de globale strategische en operationele sturing van de school: a)
het kleuter- en verplicht onderwijs staat de directeur borg voor de educatieve en pedagogische projecten van de
richtende macht, die worden vastgesteld met
achtneming van de prioriteiten, specifieke doelstellingen en opdrachten van het onderwijsstelsel van de Franse Gemeenschap;
het onderwijs voor sociale promotie staat de directeur borg voor het pedagogische project van de
richtende macht, dat wordt vastgesteld met
achtneming van de doelstellingen van dit onderwijs;
het secundair kunstonderwijs met beperkt leerplan staat de directeur borg voor de educatieve en pedagogische projecten van de
richtende macht en voor het pedagogische en artistieke project van de
richting, bepaald met
achtneming van de finaliteiten van dit onderwijs. b)
het kleuter- en leerplichtonderwijs, als pedagogisch en opvoedend leider, leidt de directeur de gezamenlijke bouw van het
richtingsproject en het sturingsplan van de school, door de voltooiing van het bijhorende contractvormingsproces en de collectieve uitvoering van de overeenkomst van doelstellingen (of,
dien van toepassing, het samenwerkingsprotocol);3° het beheer van pedagogische acties en projecten:
- a)de directeur garandeert de ondersteuning en begeleiding van de schoolloopbaan van elke leerling en de positieve oriëntatie daarvan;
- b)de directeur bevordert gedeeld leiderschap
het onderwijs;
- c)de directeur is verantwoordelijk voor de pedagogische leiding van de school;4° het beheer van de middelen en de menselijke relaties:
- a)de directeur organiseert de diensten van alle personeelsleden, coördineert hun werkzaamheden, stelt doelstellingen vast
het kader van hun bevoegdheden en de teksten die hun ambt regelen.Hij neemt met name de pedagogische en administratieve verantwoordelijkheid op zich voor de vaststelling van de werktijden en de verantwoordelijkheden van de personeelsleden; b)
het kleuter- en verplicht onderwijs ontwikkelt de directeur een collectieve dynamiek met het onderwijsteam en ondersteunt de samenwerking met het onderwijsteam met het oog op de uitwisseling van praktijken en de organisatie van het leren;
het onderwijs voor sociale promotie ondersteunt de directeur het teamwerk met het oog op de uitwisseling van praktijken en de organisatie van het leren; c) de directeur werkt samen met de
richtende macht om een opvoedend en onderwijsteam samen te stellen dat zich op de student richt, zijn of haar ontwikkeling en leren;
- d)De directeur ondersteunt de professionele ontwikkeling van het personeel;
- e)de directeur begeleidt de onderwijsteams bij de
novaties die zij
voeren en de verandering;f) de directeur zorgt voor de opvang en
tegratie van nieuwe personeelsleden en de ondersteuning van personeel
moeilijkheden;g) de directeur zorgt
voorkomend geval voor een goede organisatie van de plaatselijke juridische en contractuele sociale overlegorganen;h) de directeur is de vertegenwoordiger van de
richtende macht bij de Regeringsdiensten;i) de directeur kan contacten leggen met de plaatselijke economische en sociaal-culturele wereld en met organisaties voor jeugdbescherming, kinderwelzijn en jeugdzorg;5°
terne en externe communicatie: verzamelt en verspreidt de directeur
formatie door deze op passende wijze en met gebruikmaking van passende mechanismen te formuleren, respectievelijk ter attentie van de
richtende macht, de personeelsleden, de leerlingen en,
voorkomend geval, de ouders en het personeel van het Psychomedisch-medisch-sociaal centrum, alsmede, als
terface, met externe partners en contacten;6° administratief, financieel en materieel beheer van de
stelling:
- a)de directeur ziet toe op de naleving van de wet- en regelgeving;
- b)de directeur beheert de begroting waarvoor hij delegatie heeft gekregen, met het oog op de optimale werking van de school en de verwezenlijking van de doelstellingen ervan;7° de planning en het actieve beheer van de eigen professionele ontwikkeling:
- a)de directeur tracht voortdurend nieuwe ideeën, vaardigheden en kennis te verkrijgen;
- b)de directeur voert regelmatig werkingsgesprekken met de
richtende macht of haar afgevaardigden, onder verwijzing naar het opdrachtenblad en de zelfevaluatie. § 5. Om ervoor te zorgen dat alle scholen
de Franse Gemeenschap de essentiële vaardigheden van een directeur opnemen
het ambtsprofiel dat zij opstellen, moet het ambtsprofiel ten minste de volgende gedrags- en technische vaardigheden omvatten: 1° gedragscompetenties: a) coherent zijn
zijn beginselen, waarden en gedrag, een gevoel voor het algemeen belang hebben en de waardigheid van het ambt respecteren;b)
staat zijn om teams te verenigen rond gemeenschappelijke projecten en collectieve projecten te beheren;c)
staat zijn om verandering te ondersteunen;d)
staat zijn beslissingen te nemen en te handhaven na de zaak te hebben gehoord en/of na een participatief proces;e) objectief kunnen observeren en het functioneren van hun school kunnen analyseren met het oog op,
voorkomend geval, het vaststellen van alternatieve maatregelen;f) een gevoel van luister- en communicatievaardigheden hebben;blijk kunnen geven van empathie, enthousiasme en dankbaarheid; 2° technische vaardigheden : a)
staat zijn een wettekst te lezen en te begrijpen;b) beschikken over pedagogische vaardigheden en belangstelling voor onderwijsonderzoek dat is aangepast aan het betrokken onderwijsniveau;c)
het secundair artistiek onderwijs met beperkt leerplan over artistieke vaardigheden beschikken;d)
staat zijn vergaderingen te beheren;e)
staat zijn conflicten te beheren;f)
staat zijn de toepassing van digitale technologie
onderwijs- en bestuurssystemen te beheren
het kader van de ontwikkeling van de digitale omgeving van haar
stelling en het onderwijs
de Franse Gemeenschap en gebruik kunnen maken van elementaire IT-
strumenten. § 6. Het door de
richtende macht opgestelde ambtsprofiel wordt gebruikt: 1° bij de aanwerving van een directeur: hij documenteert de kandidaten op de verwachtingen van de
richtende macht en het onderwijssysteem; hij dient als referentie om de keuze van een van de kandidaten door de
richtende macht te baseren; 2° op het moment dat de directeur zijn ambt opneemt en vóór de overeengekomen definitie van zijn opdrachtenblad;het is het onderwerp van een diepgaande uitwisseling tussen de
richtende macht en de directeur, zodat elke partij duidelijk weet wat ze van de andere partij verwacht; daartoe komen de
richtende macht en de directeur tot overeenstemming over het begrip van de
dicatoren voor het beheersen van de vereiste vaardigheden en de
dicatoren voor het bereiken van resultaten die het mogelijk maken om de uitoefening van verantwoordelijkheden te objectiveren. » § 7.
hoofdstuk I van titel II, van datzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° afdeling III wordt opgeheven;2° afdeling IV wordt "afdeling III";3° Artikel 11bis van afdeling III, voorheen afdeling IV, wordt hernummerd tot artikel 6;4°
artikel 6, § 2, eerste lid, voorheen artikel 11bis, § 2, eerste lid, van hetzelfde decreet worden de woorden "
artikel 30, § 2, tweede lid, tweede lid" vervangen door de woorden "
artikel 26, § 2, derde lid";5°
artikel 6, § 3, derde lid, voorheen artikel 11bis, § 3, derde lid, van hetzelfde decreet worden de woorden "
artikel 30, § 2" vervangen door de woorden "
artikel 26, § 2, derde lid,". Art. 105.HOOFDSTUK II van titel II van hetzelfde decreet wordt vervangen door: "HOOFDSTUK II. -
itiële opleiding van directeuren Afdeling I. - Doelstellingen van de
itiële opleiding van directeuren Artikel 7.- De
itiële opleiding van de directeur is bedoeld om de directeur
staat te stellen om: 1°. zich bewust te worden van de werkelijkheid van het beroep van directeur en zich erop voor te bereiden; 2°. de activiteiten van een directeur te begrijpen
zijn verschillende aspecten (relationeel, pedagogisch, administratief, materieel, financieel, organisatorisch) om het algemene kader van het ambt te specificeren; 3°. kennis te verwerven,
zonderheid conceptuele en juridische kennis met betrekking tot het onderwijssysteem, alsmede analytische hulpmiddelen; 4°. de basiscompetenties te ontwikkelen,
zonderheid op het gebied van personeelsbeheer, die nodig zijn voor de uitoefening van de verantwoordelijkheden die zijn beschreven
de ambtsprofielen bedoeld
afdeling II van hoofdstuk I; 5°. aan de verandering van zijn professionele houding en het vermogen om afstand te nemen tegenover zijn praktijk te werken. Afdeling II. - Organisatie en certificering van de
itiële opleiding van directeuren Onderafdeling I. - Algemene bepalingen Artikel 8.- § 1. De
itiële opleiding van directeuren bestaat uit twee luiken: 1°. een netoverschrijdend component, gemeenschappelijk voor alle neten; 2°. een netcomponent, specifiek voor elk net. § 2. Tijdens hun
itiële opleiding worden de directeuren uitgenodigd om een professioneel ontwikkelingsbestand ("portfolio") aan te maken. De "portfolio" is een opleidingshulpmiddel dat leerbegeleiding en de ontwikkeling van een reflectieve analyse mogelijk maakt. Directeurs kunnen opnemen wat zij vinden dat nuttig en relevant is over het pad van hun professionele ontwikkeling. Artikel 9.- De
richtende machten die niet zijn aangesloten bij een federatie van
richtende machten zijn, wat hen betreft, verantwoordelijk voor het organiseren van het "net" -onderdeel. Zij kunnen met een federatie van
richtende machten of de
richtende macht van het onderwijs georganiseerd door de Franse Gemeenschap een overeenkomst sluiten die haar de organisatie van dit deel of een deel daarvan toekent. Artikel 10.- § 1. De netoverschrijdend opleiding bedoeld
artikel 8, 1 °, richt zich op: 1°. de
zet en oriëntaties van het onderwijssysteem, en
zonderheid de waarden, finaliteiten, doelstellingen en prioritaire opdrachten van het onderwijssysteem, met het oog op de ontwikkeling bij de directeuren van een pedagogische visie en een sturingsvermogen van hun school
overeenstemming met deze; 2°. de verantwoordelijkheden en bevoegdheden die alle directeuren gemeen hebben, zoals ontwik