Sources officiellesejustice.just.fgov.be · EUR-Lex
Europaius

Decreet tot wijziging van Boek I van Deel IV van het Wetboek van de plaatselijke democratie en de decentralisatie

Kort samengevat

Dit decreet wijzigt Boek I van Deel IV van het Wetboek van de plaatselijke democratie en de decentralisatie, en regelt de verkiezingen van organen zoals gemeenteraads- en provincieraadsleden. Het beschrijft de principes, definities en procedures voor deze verkiezingen.

Wat het reguleert

  • De principes van het kiesstelsel, zoals de verplichte en geheime stemming en evenredige vertegenwoordiging.
  • Definities van belangrijke termen zoals kiezers, kandidaten, politieke partijen, kieskringen en stembureaus.
  • De voorbereiding en organisatie van verkiezingen, inclusief de controle van verkiezingsuitgaven en de herkomst van geldmiddelen.
  • De kiesverrichtingen, zoals het indienen van kandidaturen, de stemming zelf, de stemopneming en de telling van de stemmen.

Wie het betreft

  • Alle kiezers die deelnemen aan de verkiezingen van de organen, inclusief Belgische burgers, onderdanen van EU-lidstaten en derde staten die aan de voorwaarden voldoen.
  • Kandidaten en politieke partijen die deelnemen aan de provincieraads-, gemeenteraads- of sectorraadsverkiezingen.

Kernpunten

  • De stemming is verplicht en geheim, en gebeurt in de gemeente.
  • Leden worden gekozen bij algemeen kiesrecht op basis van evenredige vertegenwoordiging.
  • Het electoraat voor gemeenteraadsverkiezingen omvat naast Belgische burgers ook onderdanen van EU-lidstaten en derde staten die aan specifieke voorwaarden voldoen.
  • Kiesverrichtingen zijn gemeenschappelijk voor provincieraads-, gemeenteraads- en sectorverkiezingen.
Wettekst
Wettekst

1 JUNI 2006. - Decreet tot wijziging van Boek I van Deel IV van het Wetboek van de plaatselijke democratie en de decentralisatie

(1)De Waalse Gewestraad heeft aangenomen en Wij, Regering, bekrachtigen hetgeen volgt : Artikel 1.De inhoudstafel van Boek I van Deel IV van het Wetboek van de plaatselijke democratie en de decentralisatie wordt vervangen als volgt : "BOEK I. - VERKIEZINGEN VAN DE ORGANEN TITEL I. - Kiesstelsel. Princiepen en begripsomschrijving HOOFDSTUK I. - Princiepen (artikelen L4111-1 tot L4111-3) HOOFDSTUK II. - Begripsomschrijvingen (artikelen L4112-1 tot L4112-28) Afdeling
  1. - De kiezers (artikelen L4112-1 tot L4112-2) Afdeling
  2. - De kandidaten (artikelen L4112-3 tot L4112-6) Afdeling
  3. - De stembureaus en steminstallaties (artikelen L4112-7 tot L4112-9) Afdeling
  4. - De voorbereiding en de organisatie van de verkiezingen (artikelen L4112-10 tot L4112-13) Afdeling
  5. - De kiesverrichtingen (artikelen L4112-14 tot L4112-18) Afdeling
  6. - De resultaten (artikelen L4112-19 tot L4112-22) Afdeling
  7. - De inbreuken op de kiesprocedure (artikelen L4112-23 tot L4112-28) TITEL II. - Het kiesstelsel HOOFDSTUK I. - Kiesbevoegdheidsvoorwaarden (artikelen L4121-1 tot L4121-3) HOOFDSTUK II. - Register van de kiezers (artikelen L4122-1 tot L4122-35) Afdeling
  8. - Het opmaken van het register van de kiezers (artikelen L4122-1 tot L4122-4) Afdeling
  9. - Afgifte van het register van de kiezers (artikel L4122-5) Afdeling
  10. - Gebruik van het register van de kiezers (artikelen L4122-6 tot L4122-8) Afdeling
  11. - Beroep tegen het register van de kiezers (artikelen L4122-9 tot L4122-30) Afdeling
  12. - Sancties i.v.m. het register van de kiezers (artikelen L4122-31 tot L4122-35) HOOFDSTUK III. - Verdeling van de kiezers (artikelen L4123-1 en L4123-2) HOOFDSTUK IV. - Oproeping van de kiezers (artikelen L4124-1 en L4124-2) HOOFDSTUK V. - Aanduiding van de stembureaus (artikelen L4125-1 tot L4125-17) Afdeling
  13. - De stembureaus (artikel L4125-1) Afdeling
  14. - De kieskringbureaus (artikelen L4125-2 tot L4125-5) Onderafdeling
  15. - De districtbureaus Onderafdeling
  16. - De gemeentelijke bureaus Afdeling
  17. - De kantonbureaus (artikelen L4125-6 tot L4125-8) Afdeling
  18. - De stembureaus en de stemopnemingsbureaus (artikelen L4125-9 tot L4125-15) Onderafdeling
  19. - De stembureaus Onderafdeling
  20. - De stempnemingsbureaus Afdeling
  21. - Sancties i.v.m. de stembureaus (artikelen L4125-16 tot L4125-17) TITEL III. - Voorbereiding en organisatie van de verkiezingen HOOFDSTUK I. - Controle van de verkiezingsuitgaven en van de herkomst van de geldmiddelen (artikelen L4132-1 tot L4132-14) Afdeling
  22. - Controle van de partijen (artikelen L4131-1 tot L4131-3) Afdeling
  23. - Controle van de kandidaten (artikelen L4131-4 tot L4131-6) Afdeling
  24. - Controle van de herkomst van de geldmiddelen (artikel L4131-7 ) HOOFDSTUK II. - De stemming bij volmacht (artikel L4132-1) HOOFDSTUK III. - Bijstand bij de stemming (artikelen L4133-1 en L4133-2) HOOFDSTUK IV. - De getuigen van partijen (artikelen L4134-1 tot L4134-5) Afdeling
  25. - Aanwijzing van de getuigen (artikel L4134-1) Afdeling
  26. - Onverenigbaarheden (artikel L4134-2) Afdeling
  27. - Opdrachten van de getuigen (artikelen L4134-3 tot L4134-5) HOOFDSTUK V. - Verkiezingskosten (artikelen L4135-1 tot L4135-4) TITEL IV. - Kiesverrichtingen HOOFDSTUK I. - Digitale en geautomatiseerde verrichtingen (artikel L4141-1) HOOFDSTUK II. - Kandidaturen (artikelen L4142-1 tot L4142-46) Afdeling
  28. - Verkiesbaarheid en onverenigbaarheden (artikelen L4142-1 en L4142-2) Afdeling
  29. - Het voordragen van de kandidaturen (artikelen L4142-3 tot L4142-9) Afdeling
  30. - Verificatie van de kandidaturen (artikelen L4142-10 tot L4142-25) Afdeling
  31. - Lijstenvereniging, lijsten van de kandidaturen en loting (artikelen L4142-26 tot L4142-36) Onderafdeling
  32. - Gewestelijke loting Onderafdeling
  33. - Provinciale loting Onderafdeling
  34. - Gemeentelijke loting Onderafdeling
  35. - Verklaring van lijstenverbinding met het oog op apparentering Afdeling
  36. - Aanplakking van de lijsten, stembiljetten en stemopnemingstabellen (artikelen L4142-37 tot L4142-41) Afdeling
  37. - Beroep tegen de kandidaturen (artikelen L4142-42 tot L4142-45) Afdeling
  38. - Sancties i.v.m. de kandidaturen (artikel L4142-46) HOOFDSTUK III. - De stemming (artikelen L4143-1 tot L4143-28) Afdeling
  39. - Steminstallaties (artikelen L4143-1 tot L4143-7) Afdeling
  40. - Toegankelijkheid van en toezicht op de stemcentra en -lokalen en stemopnemingscentra en -lokalen (artikelen L4143-8 tot L4143-16) Onderafdeling
  41. - Toegankelijkheid tot de stemcentra en -lokalen Onderafdeling
  42. - Toegankelijkheid tot de stemopnemingscentra en -lokalen Onderafdeling
  43. - Toezicht op de centra en lokalen Afdeling
  44. - Het verloop van de stemming (artikelen L4143-17 tot L4143-28) HOOFDSTUK IV. - De stemopnemming (artikelen L4144-1 tot L4144-13) Afdeling
  45. - Oprichting van de stemopnemingsbureaus (artikelen L4144-1 tot L4144-2) Afdeling
  46. - Het verloop van de stemopneming (artikelen L4144-3 tot L4144-13) HOOFDSTUK V. - De telling van de stemmen (artikelen L4145-1 tot L4145-46) Afdeling
  47. - Inleidende verrichtingen (artikelen L4145-1 tot L4145-4) Afdeling
  48. - Telling door de kieskringbureaus (artikelen L4145-5 tot L4145-16) Afdeling
  49. - Telling in geval van apparentering (artikelen L4145-17 tot L4145-21) Afdeling
  50. - Sancties i.v.m. de stemming, de stemopneming en de verschillende kiesverrichtingen (artikelen L4145-22 tot L4145-46) Onderafdeling
  51. - Sanctie op de stemplicht Onderafdeling
  52. - Sancties betreffende de inbreuk op het stemrecht en op het stemgeheim Onderafdeling
  53. - Sanctie betreffende de kiesomkoping Onderafdeling
  54. - Sanctie betreffende de kiesfraude Onderafdeling
  55. - Sancties betreffende de verzameling van de stemmen Onderafdeling
  56. - Sancties betreffende het geweld Onderafdeling
  57. - Verscheidene bepalingen HOOFDSTUK VI. - Sluiting van de kiesverrichtingen en geldigverklaring (artikelen L4146-1 tot L4146-30) Afdeling
  58. - Sluiting van de kiesverrichtingen (artikelen L4146-1 tot L4146-3) Afdeling
  59. - Geldigverklaring en beroep tegen de verkiezingen (artikelen L4146-4 tot L4146-24) Onderafdeling
  60. - De verkiezingen van de gemeenteraden Onderafdeling
  61. - Geldigverklaring van de verkiezingen van de provincieraden Onderafdeling
  62. - Verscheidene bepalingen Afdeling
  63. - Regels eigen aan de controle van de verkiezingsuitgaven (artikelen L4146-25 tot L4146-30) TITEL V. - Bepalingen eigen aan Komen-Waasten HOOFDSTUK I. - Algemene bepalingen (artikelen L4151-1 tot L4151-2) HOOFDSTUK II. - Rechtstreekse verkiezing van de schepenen (artikel L4151-3) HOOFDSTUK III. - Beroep (artikel L4151-4)". Art. 2.Boek I van Deel IV van het Wetboek van de plaatselijke democratie en de decentralisatie wordt vervangen als volgt : "BOEK I. - VERKIEZINGEN VAN DE ORGANEN TITEL I. - Kiessysteem. Princiepen en Begripsomschrijvingen HOOFDSTUK I. - Princiepen Art. L4111-
  64. De stemming is verplicht en geheim. Ze gebeurt in de gemeente. Elke kiezer mag enkel één keer stemmen. De leden worden gekozen bij algemeen kiesrecht op grond van de evenredige vertegenwoordiging. De stemming is de uitdrukking van de kiezer, dat wil zeggen van zijn persoonlijke keuze en van zijn voorkeur tussen de kandidaten of de kandidatenlijsten. Art. L4111-
  65. De kiesverrichtingen zijn gemeenschappelijk voor de provincieraads- en gemeenteraadsverkiezingen en voor de sectorverkiezingen. Bij de gemeenteraadsverkiezingen kiezen de kiezers de gemachtigden die de gemeenteraad vormen, uit hun midden. Bij de provincieraadsverkiezingen kiezen de kiezers de gemachtigden die de provincieraad vormen, uit hun midden. Bij de sectorverkiezingen kiezen de kiezers de gemachtigden die de sectorraad vormen, uit hun midden. Art. L4111-
  66. De verkiezingen moeten geldig verklaard worden door de bij dit Wetboek bepaalde overheid. Het officiële resultaat van de verkiezing alsmede de voorbereidende handelingen zijn vatbaar voor een beroep binnen de perken en volgens de modaliteiten bedoeld bij dit Wetboek. HOOFDSTUK II. - Begripsomschrijvingen Afdeling
  67. - De kiezers Art. L4112-
  68. Electoraat en kiezers. §
  69. Onder electoraat wordt verstaan het geheel van de bevolking die tot de stemming wordt toegelaten om kandidaten en kandidatenlijsten te kiezen om zich in een raad te laten vertegenwoordigen. §
  70. De kiezer is elke persoon die voldoet aan de eisen bedoeld in dit Wetboek om bij de verkiezing van een raad te mogen stemmen. §
  71. Voor de gemeenteraadsverkiezingen bestaat het electoraat niet alleen uit de personen met de Belgische nationaliteit, maar ook uit de onderdanen uit de lidstaten van de Europese Unie en uit derde staten die behalve voor de nationaliteit de in artikel L4121-1, § 1, van Titel II van dit Wetboek bedoelde voorwaarden en de in de artikelen 1bis en 1ter van de gemeentekieswet bedoelde voorwaarden vervullen § 4 - Bijstand bij de stemming betreft elke persoon die bij de verkiezing tijdelijk of op lange termijn moeite heeft om zijn stem uit te drukken en die procedures en/of een aan deze toestand aangepaste omgeving nodig heeft. Art. L4112-
  72. - Kieskring en kiescollege §
  73. De kieskring is het rechtsgebied waarin de kiezers tot de stemming worden toegelaten, uit hun midden één of meerdere kandidaten kiezen om ze in de raden te vertegenwoordigen. Voor de gemeenteraadsverkiezingen is de gemeente het rechtsgebied. Voor de provincieraadsverkiezingen is het district het rechtsgebied. Voor de sectorverkiezingen wordt het rechtsgebied bepaald door de gemeenteraad overeenkomstig artikel L1412-1 van dit Wetboek. §
  74. Het kiescollege is het geheel van de kiezers van een kieskring die hun stem zullen uitbrengen tijdens dezelfde stemming. §
  75. Het register van de kiezers, dat ook kiesregister wordt genoemd, omvat alle personen die tot de stemming worden opgeroepen. Het vermeldt de namen van alle toegelaten kiezers die in het bevolkingsregister van de gemeente inschreven zijn. § 4 - De stemafdeling is een bijzonder aantal kiezers van eenzelfde kieskring, waarvoor een bijzonder kiesregister, dat ook register van de stemmers wordt genoemd, wordt opgemaakt, en waarvoor een stembureau gevormd om de stemmen op de dag van de verkiezing te verzamelen. Elke afdeling wordt in een bepaald stemlokaal opgeroepen. Afdeling
  76. - De kandidaten Art. L4112-
  77. Kandidaat. Tot kandidaat wordt genoemd, elke persoon die zich kandidaat stelt voor de verkiezingen met als doel gekozen te worden. De kandidaten kunnen opkomen op een lijst van kandidaten of als zelfstandige. Art. L4112-
  78. Politieke partij en lijst van kandidaten. §
  79. In de zin van dit Boek is een politieke partij een vereniging van natuurlijke personen, met of zonder rechtspersoonlijkheid, die deelneemt aan de provincieraads-, gemeenteraads-, of sectorraadsverkiezingen overeenkomstig de Grondwet, de wet of het decreet, die kandidaten voordraagt voor de mandaten van provincieraadslid, gemeenteraadslid of sectorraadslid en die binnen de perken van de Grondwet, de wet of het decreet de uitrdukking van de volkswil op de in haar statuten of programma bepaalde wijze tracht te beïnvloeden Als componenten van een politieke partij worden beschouwd, de organismen, verenigingen, groeperingen en regionale entiteiten van een politieke partij, ongeacht de rechtsvorm ervan, die rechtstreeks aan die partij verbonden zijn, namelijk : - de studiediensten; - de wetenschappelijke organismen; - de instituten voor politieke vorming; - de makers van toegewezen politieke uitzendingen; - de instelling bedoeld in artikel 22 van de wet van 4 juli 1989 betreffende de beperking en de controle van de verkiezingsuitgaven voor de verkiezingen van de federale Kamers, de financiering en de open boekhouding van de politieke partijen; - de entiteiten opgericht op het niveau van de arrondissementen en/of de keiskringen voor de verkiezingen van de federale kamers en de Gewest- en Gemeenschapsraden; de politieke fracties van de federale kamers en de Gewest- en Gemeenschapsraden. §
  80. De lijst van kandidaten omvat de personen die door een politieke partij gekozen worden om naar de kiezersgunst te dingen of die zich kandidaat als zelfstandige stellen. Art. L4112-
  81. Letterwoorden en logo's. De lijsten worden geïdentificeerd met een letterwoord en eventueel met een logo vermeld op de stembiljetten boven de lijsten die ze aanduiden. Het letterwoord wordt gevormd met de beginletters ofwel van alle woorden, ofwel van een gedeelte van de woorden die de benaming van de kandidatenlijst vormen. Ze kan een acroniem zijn. Ze kan een logogram bevatten. Een logogram is een teken ter vertegenwoordiging van een woord, zoals de ampersand, het apenstaartje, het plusteken of het minteken. Het logo is de grafische uitbeelding van de naam van de lijst. De Regering bepaalt de normen waaraan het logo moet voldoen om te kunnen voorkomen op een stembiljet. Art. L4112-
  82. Lijstenvereniging. De lijstenvereniging is de verrichting waarbij een kandidatenlijst verklaart gebruik te willen maken van eenzelfde afkorting en eventueel van eenzelfde logo als het logo gebruikt door een kandidatenlijst die in een andere kieskring opkomt. Afdeling
  83. - De kiesbureaus en steminstallaties Art. L4112-
  84. Kiesbureaus. De kiesbureaus zijn de organen waaraan dit Wetboek de organisatie van en het toezicht op de verkiezingen toevertrouwt, en waarvan het de samenstelling en de bevoegdheden bepaalt. Art. L4112-
  85. De stem- en stemopnemingscentra en -lokalen. Onder stemcentrum wordt verstaan, een gebouw of een plaats waar verschillende afzonderlijke stemlokalen zijn gelegen, waarin de kiezers hun stem uitbrengen. Een stemlokaal wordt toegekend aan elk stembureau opdat het de stemmen van een bepaalde stemafdeling zou opnemen. Onder stemopnemingscentrum wordt verstaan, een gebouw of een plaats waar verschillende afzonderlijke stemopnemingslokalen zijn gelegen. Een stemopnemingslokaal wordt toegekend aan elk stemopnemingsbureau opdat het zou overgaan tot de telling en de totalisatie van de resultaten van de stembureaus die hem worden toegekend. Art. L4112-
  86. Kiesmaterieel. Elk stemlokaal wordt door het gemeentebestuur uitgerust met het voor de uitdrukking van de stem nodige materieel, dat o.a. de stemhokjes, de stembussen, de potloden alsmede het door de Regering bepaalde materieel, bevat. De stembus is het omhulsel waarin de kiezers hun stembiljetten neerleggen nadat ze hun keuze hebben gemaakt voor een kandidaat of een lijst van kandidaten. Het stemhokje is de installatie waarin een kiezer zijn stem in het geheim en beschut tegen de blikken van andere personen kan uitbrengen op zijn stembiljet. Afdeling
  87. - De voorbereiding en de organisatie van de verkiezingen Art. L4112-
  88. Verkiezingscampagne. Onder verkiezingscampagne wordt verstaan het geheel van de politieke activiteiten met inbegrip meer bepaald van de ontmoetingen, de massabijeenkomsten, de toespraken, de defilés alsmede het gebruik van de media om de kiezers op de hoogte te brengen van de beleidsopties en de programma's van een kandidaat, een lijst of een politieke partij om stemmen te halen. Art. L4112-
  89. Verkiezingsperiode. §
  90. De verkiezingsperiode is de periode die op de datum van bijeenroeping van de kiescolleges voor een stemming begint en die op de dag van de verkiezing eindigt. Gedurende deze periode moeten de kandidaten, de lijsten en de politieke partijen de bij dit Wetboek en de wetgeving inzake verkiezingsuitgaven bepaalde regels naleven. Art. L4112-
  91. Verkiezingsuitgaven. Onder verkiezingsuitgaven worden verstaan, de uitgaven bedoeld in artikel 6 van de wet van 7 juli 1994 betreffende de beperking en de controle van de verkiezingsuitgaven voor de verkiezingen van de provincieraden, de gemeenteraden en de districtraden en voor de rechtstreekse verkiezing van de raden voor maatschappelijk welzijn. Art. L4112-
  92. Gewestelijke controlecommissie. Onder "gewestelijke controlecommissie" wordt de gewestelijke controlecommissie verstaan opgericht bij artikel 2 van het decreet van 1 april 2004Relevante gevonden documenten type decreet prom. 01/04/2004 pub. 15/04/2004 numac 2004027017 bron ministerie van het waalse gewest Decreet tot instelling van de controle op de verkiezingsuitgaven aangegaan voor de verkiezingen van de Waalse Gewestraad alsmede van de controle op de communicaties van de voorzitter van de Waalse Gewestraad en van de leden van de Waalse Regering sluiten betreffende de controle van de verkiezingsuitgaven gemaakt voor de verkiezingen van het Waalse Parlement, alsmede de controle van de mededelingen van de voorzitter van het Waalse Parlement en de leden van de Waalse Regering en die bij dit Wetboek de taak toegewezen krijgt de verkiezingsuitgaven gemaakt voor de verkiezingen van de gemeenteraden, provincieraden en sectorraden te controleren, met inbegrip van de herkomst van de geldmiddelen. Afdeling
  93. - De kiesverrichtingen Art. L4112-
  94. Kiesoperatoren. §
  95. Onder kiesoperator wordt verstaan elke persoon of instelling die bij dit Wetboek belast wordt met officiële opdrachten in de opmaking en de organisatie van de verkiezingen van de gemeente-, provincie- en sectorraden en die de verantwoordelijkheid voor het toezicht en de controle in het kader van deze opdrachten op zich nemen. §
  96. Als kiesoperator worden beschouwd : 1° de Regering of diens afgevaardigde;2° de provinciegouverneur of de door hem aangewezen ambtenaar;3° de provinciegriffier;4° de burgemeester;5° het gemeentecollege of de door bedoeld college aangewezen ambtenaar;6° de voorzitter van de rechtbank van eerste aanleg van Namen, in die hoedanigheid;7° de griffier van de rechtbank van eerste aanleg van de hoofdplaats van het arrondissement;8° de griffier van de rechtbank van eerste aanleg van de hoofdplaats van het district;9° de voorzitter van een stembureau of de door hem aangewezen persoon;10° de bijzitters en de secretarissen van de kiesbureaus;11° de overeenkomstig artikel L4211-6, § 1, aangewezen deskundigen;12° het provinciecollege. §
  97. De volgende personen zijn geen kiesoperatoren in de zin van dit Wetboek : 1° de kiezers, met inbegrip van hun gevolmachtigde, of begeleider;2° de kandidaten, de indieners, de ondertekenaars, de partijgetuigen, de vertegenwoordigers van de politieke partijen;3° de dienstverleners en leveranciers, met name de drukkers en de leveranciers van informaticadiensten. Artikel L4112-
  98. Registratie van de kandidaturen. De kiezer die bij een verkiezing naar de stemmen wil dingen moet zich als kandidaat melden. De indiening van de akten van voordracht is de procedure waarbij de kandidaat geregistreerd wordt overeenkomstig de vereisten bepaald bij dit Wetboek. Art. L4112-
  99. Voordracht van de kandidaturen. De voordracht van de kandidaten is de bij dit Wetboek bepaalde procedure waarbij een kandidaat of een lijst van kandidaten zich laat registreren op een bepaalde datum om deel te nemen aan een bepaalde verkiezing. Men spreekt ook van indiening van kandidatuur. Deze voordracht geschiedt in handen van de voorzitter van het kieskringbureau. De ondertekenaar is de in artikel L4142-4 bedoelde persoon die één of meer kandidaten steunt door een akte van voordracht te tekenen. De indiener is de persoon die de akte van voordracht indient voor rekening van een kandidaat of een lijst van kandidaten. De getuige is de persoon die door één of meer kandidaten wordt aangewezen om één of meer kandidaten van dezelfde lijst te vertegenwoordigen ten aanzien van één of meer kiesbureaus in het in dit Wetboek bedoelde kader. Art. L4112-
  100. Verkiezingsdocumenten. §
  101. De oproeping is het document dat de kiezers van een gemeente tijdens de dagen vóór de verkiezing ontvangen, en dat de nodige inlichtingen en de door de regering bepaalde verwijzingen naar de regelgeving vermeldt. §
  102. De volmacht is het document waarbij de kiezer die het wenst, de lastgever, binnen de bij dit Wetboek bepaalde grenzen een andere kiezer, gemachtigde genoemd, kan machtigen om in zijn naam en opdracht te stemmen. Een kiezer mag slechts één mandaat geven of krijgen. Art. L4112-
  103. Stembiljetten. §
  104. Het stembiljet is het officiële formulier waarop de kiezers hun stem uitbrengen voor één of meer kandidaten van eenzelfde lijst of voor een lijst. Dit document is eigen aan elke kiezer. §
  105. Het geldige stembiljet is een biljet genomen uit de stembus bij de stemopneming en waarop regelmatig is gestemd om in aanmerking te kunnen worden genomen voor een kandidaat of een lijst van kandidaten. §
  106. Het ongeldig verklaarde biljet is een biljet dat bij de stemopneming in de stembus gevonden is, en dat niet in aanmerking zal worden genomen omdat het nietig of blanco is. Is nietig het stembiljet bedoeld in artikel L4143-22, §
  107. Het blanco biljet is het biljet waarop een kiezer niet ten gunste van een kandidaat of een lijst van kandidaten heeft gestemd. §
  108. Een biljet wordt als beschadigd beschouwd wanneer het onbruikbaar wordt gemaakt wegens een willekeurige drukfout of wanneer het door de kiezer door onachtzaamheid onbruikbaar wordt gemaakt ofwel op het moment waarop hij stemt, ofwel op het moment waarop hij het biljet teruggeeft en waarvoor hij een ander krijgt. Een dergelijk biljet wordt nooit in de stembus neergelegd. §
  109. De betwiste stembiljetten zijn de na de stemming uit de stembus gehaalde biljetten die merktekens vertonen waardoor ze bij de stemopneming niet onmiddellijk toegewezen kunnen worden aan een categorie stembiljetten. §
  110. Een ongebruikt biljet is een stembiljet dat niet gediend heeft. Afdeling
  111. - De resultaten Art. L4112-
  112. Stemopneming en telling. §
  113. De stemopneming is het proces dat erin bestaat de door de kiezers neergelegde stembiljetten uit de stembus te halen nadat de stemming is afgesloten, ze te sorteren, hun geldigheid te bepalen, ze te tellen en en lijst daarvan te maken. §
  114. De telling van de stemmen is het proces dat erin bestaat de resultaten van verschillende stemopnemingen van een kieskring te verzamelen en ze te compileren om het eindresultaat van de verkiezing van die kieskring te bereiken. Art. L4112-
  115. Zetelverdeling. §
  116. Onder zetels verstaat men de mandaten binnen een raad die bestemd zijn om bezet te worden door de aan het einde van een verkiezing aangewezen kandidaten of door hun plaatsvervangers. §
  117. De zetelverdeling is het proces voor de verdeling van zetels die tijdens een verkiezing begeven moeten worden, aan de lijsten van kandidaten volgens het aantal behaalde stemmen. §
  118. De overdracht is de daaropvolgende toekenning van een zetel aan een kandidaat door de voor hem uitgebrachte stemmen te verenigen met de stemmen uitgebracht ten gunste van de volgorde van voordracht van de lijst. Art. L4112-
  119. Resultaten. §
  120. Als officieus resultaat wordt beschouwd, het aantal stemmen die aan elke kandidaat of lijst van kandidaten worden toegekend in de stemopnemingsbureaus maar die nog niet bekendgemaakt zijn door de voorzitters van de kieskringbureaus. Deze resultaten kunnen gebruikt worden door de Regering of diens afgevaardigde om een spoedige en voorlopige evaluatie van de stemming te geven. Daartoe kan de Regering of diens afgevaardigde van de kiesbureaus verlangen dat ze haar gedeeltelijke resultaten mededelen. §
  121. Het officiële resultaat is de bekendmaking door de kieskringbureauvoorzitters van het aantal stemmen die aan aan elke kandidaat of lijst van kandidaten worden toegekend zoals bepaald na de stemopneming door alle stemopnemingsbureaus van een kieskring. Dit resultaat maakt het voorwerp uit van een geldigverklaring en van een bekendmaking in de kieskring. Art. L4112-
  122. Apparentering. §
  123. Als er bij de verdeling van zetels voor de provincieraden nog mandaten zijn die toegekend moeten worden omdat geen lijst het aantal stemmen dat daartoe wordt vereist, heeft bereikt, wendt het bureau zich tot de techniek van de apparentering. Deze apparentering vindt plaats in het arrondissement en bestaat erin de zetels waarin nog niet wordt voorzien in de districten die dit arrondissement vormen, te verdelen op grond van de saldo's van stemmen waarbij aanverwante lijsten worden opgeteld. §
  124. Onder aanverwante lijsten wordt verstaan twee of meer lijsten van kandidaten die zich kandidaat stellen in afzonderlijke kiesdistricten binnen eenzelfde administratief arrondissement en die vóór de verkiezingen in een document, genoemd verklaring van lijstenverbinding, de intentie hebben geuit een lijstenverbinding aan te gaan voor de zetelverdeling van dit arrondissement. Afdeling
  125. - De inbreuken op de kiesprocedure Art. L4112-
  126. In het kader van de kiesprocedure worden als geweld beschouwd, de volgende handelingen die onder dwang of bedreiging met een lichamelijke of immateriële schade worden verrricht : 1° een politieke vergadering, een betoging, een massabijeenkomst verstoren of verhinderen, of de kiezers ertoe dwingen eraan deel te nemen;2° de inzameling van ondertekeningen ter ondersteuning van een kandidatuur of de indiening van kandidaturen verstoren of verhinderen;3° de toegang tot de stembureaus of de stemopnemingsbureaus of tot een kiesbureau opzettelijk blokkeren;4° de kiezers, de leden van de stem- of stemopnemingsbureaus, de kiesoperatoren of de leden van hun families intimideren;5° de onafhankelijkheid of de onpartijdigheid van een kiesoperator proberen te beïnvloeden. Art. L4112-
  127. Onder inbreuk op het stemrecht wordt verstaan, het feit om een kiezer door geweld te verhinderen om zijn stemrecht uit te oefenen of hem te verplichten dit stemrecht in een bepaald opzicht uit te oefenen. Art. L4112-
  128. Onder actieve kiesomkoping wordt verstaan het feit om een gift of elk ander voordeel te bieden, te beloven, te geven, toe te kennen of al dan niet rechstreeks te overhandigen aan een kiezer om hem te verplichten zijn stemrecht in een bepaald opzicht uit te oefenen. Onder passieve kiesomkoping wordt verstaan, het feit om een derlijk voordeel aan te nemen, zich te laten beloven of toe te kennen. Art. L4112-
  129. Onder verkiezingsfraude worden volgende feiten verstaan : 1° een kiesregister vervalsen, opzettelijk vernielen of doen verdwijnen;2° frauduleus deelnemen aan een verkiezing zonder gemachtigd te zijn;3° het aantal ondertekeningen die ter ondersteuning van een indiening van kandidaturen zijn ingezameld, vervalsen door met name ondertekeningen toe te voegen, te wijzigen of te schrappen, door ze op onjuiste wijze te tellen of door een frauduleus resultaat in een proces-verbaal te vermelden;4° het resultaat van een verkiezing vervalsen door met name stembiljetten toe te voegen, te wijzigen of te schrappen, door ze op onjuiste wijze te tellen of door een frauduleus resultaat in een proces-verbaal te vermelden;5° een proces-verbaal waarvan men weet dat het onjuiste vermeldingen bevat, ondertekenen of medeondertekenen. Art. L4112-
  130. Onder verzameling van de stemmen wordt verstaan het feit om de stembiljetten systematisch te nemen, in te vullen of te wijzigen en om aldus aangevulde of gewijzigde biljetten te verdelen. Art. L4112-
  131. Als inbreuk op het stemrecht beschouwd wordt, het feit om door kunstgreep of door bedrog te proberen te ontdekken hoe één of meer kiezers hun stemrecht uitoefenen. TITEL II. - Het kiessysteem HOOFDSTUK I. - Kiesbevoegdheidsvoorwaarden Art. L4121-
  132. §
  133. Om kiezer te zijn, moet men :
  134. Belg zijn uiterlijk de dag van de verkiezing. Overeenkomstig de artikelen 1bis en 1ter van de gemeentekieswet genieten de onderdanen uit de andere lidstaten van de Europese Unie en uit derde staten het stemrecht bij de gemeenteraadsverkiezingen en bij de verkiezingen van leden van de sectorraden onder de voorwaarden bedoeld in deze artikelen; 2° de volle leeftijd van achttien jaar hebben bereikt uiterlijk de dag van de verkiezing;3° in het bevolkingsregister van de gemeente ingeschreven zijn voor de gemeenteraads-, provinciesraads- en sectorraadsverkiezingen. Voor de provincieraadsverkiezingen moet men zijn woonplaats hebben in een gemeente van de provincie. Voor de verkiezingen van de sectorraden moet men bovendien zijn woonplaats hebben in de sector voor de raad waarvan de verkiezing plaatsvindt. Aan deze voorwaarden moet voldaan zijn uiterlijk 31 juli van het jaar waarin de verkiezingen plaatsvinden. De kiezer stemt in de gemeente waarvan hij uiterlijk 31 juli in de bevolkingsregisters ingeschreven is; 4° uiterlijk de dag van de verkiezing zich niet bevinden in één van de gevallen van uitsluiting of schorsing bepaald in de artikelen L4121-2 en
  135. §
  136. De kiezers die tussen de datum waarop het kiezersregister wordt afgesloten en de dag van de verkiezing, niet meer in de bevolkingsregisters van een Waalse gemeente ingeschreven zijn, worden van het kiezersregister geschrapt. De kiezers die gedurende dezelfde periode de Belgische nationaliteit verliezen terwijl ze in de bevolkingsregisters van een Waalse gemeente ingeschreven blijven, worden ook van het kiezersregister geschrapt. Ze kunnen weer ingeschreven worden voorzover ze er binnen de voorgeschreven termijn om verzocht hebben overeenkomstig artikel L4122-4, §
  137. §
  138. De kiezers die na de datum waarop het kiezersregister wordt afgesloten, het voorwerp zijn van een veroordeling of een beslissing die voor hen ofwel de uitsluiting van het kiesrecht, ofwel de schorsing van dat recht op de datum van de verkiezing meebrengt, worden eveneens van het kiezersregister geschrapt. §
  139. Aan dit register worden tot de dag voor de verkiezing, de personen toegevoegd die ten gevolge van een arrest van het Hof van beroep of een beslissing van het gemeentecollege weer als gemeenteraads-, provincieraads- of sectorraadskiezer opgenomen moeten worden. Art. L4121-
  140. Van het kiesrecht zijn voorgoed uitgesloten en tot de stemming mogen niet worden toegelaten zij die tot een criminele straf zijn veroordeeld. Art. L4121-
  141. §
  142. In de uitoefening van het kiesrecht worden geschorst en tot de stemming mogen niet worden toegelaten zolang die onbekwaamheid duurt : 1° de gerechtelijk onbekwaamverklaarden, de personen met het statuut van verlengde minderjarigheid met toepassing van de wet van 29 juni 1973, en zij die geïnterneerd zijn met toepassing van de bepalingen van de hoofdstukken I tot VI van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen abnormalen en gewoontemisdadigers, vervangen bij artikel 1 van de wet van 1 juli
  143. De kiesonbekwaamheid houdt op terzelfdertijd als de gerechtelijke onbekwaamheid, de verlengde minderjarigheid of met de definitieve invrijheidsstelling van de geïnterneerde; 2° zij die tot een correctionele hoofdgevangenisstraf van ten minste drie maanden uit hoofde van een opzettelijk wanbedrijf of tot een militaire gevangenisstraf van ten minste drie maanden zijn veroordeeld. De onbekwaamheid duurt zes jaar wanneer de straf drie maanden tot minder dan drie jaar bedraagt en twaalf jaar, wanneer de straf ten minste drie jaar bedraagt; 3° zij die ter beschikking van de federale regering zijn gesteld met toepassing van artikel article 380bis, 3°, van het StrafWetboek of met toepassing van de artikelen 22 en 23 van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door artikel 1 van de wet van 1 juli
  144. De kiesonbekwaamheid van de onder 3° bedoelde personen houdt op wanneer de terbeschikkingstelling van de federale regering een einde neemt. §
  145. De personen die voorgoed van het kiesrecht zijn uitgesloten of wier kiesrecht geschorst is, worden naar rata van één steekkaart per betrokken persoon alfabetisch in een kaartenbestand ingeschreven. Het wordt doorlopend bijgehouden door het gemeentecollege. Dit bestand bevat voor elk van die personen uitsluitend de volgende vermeldingen :
  146. de naam, voornamen, geboorteplaats en -datum, en de verblijfplaats van de veroordeelde of de geïnterneerde;
  147. het gerecht dat de beslissing heeft gewezen en de datum van de beslissing;
  148. de uitsluiting van het kiesrecht of de datum waarop de opschorting van dit recht ophoudt. De steekkaarten die zijn opgemaakt op naam van de personen wier kiesrecht geschorst is, worden vernietigd zodra de onbekwaamheid een einde neemt. Dat bestand mag niet worden samengesteld noch bijgehouden met behulp van geautomatiseerde middelen. De inhoud ervan mag niet aan derden worden meegedeeld. §
  149. Artikel 87 van het StrafWetboek is niet van toepassing op de gevallen van onbekwaamheid die in de paragrafen 1 en 2 zijn opgesomd. §
  150. Is de veroordeling uitgesproken met uitstel, dan wordt de in § 1, 2°, bedoelde onbekwaamheid opgeschort tijdens de duur van het uitstel. Is de veroordeling gedeeltelijk met uitstel uitgesproken, dan wordt voor de toepassing van de bepalingen van § 2 alleen rekening gehouden met het gedeelte zonder uitstel uitgesproken. Wordt de veroordeling uitvoerbaar, dan begint de schorsing van het kiesrecht die er uit voortvloeit, op de dag van de nieuwe veroordeling of van de beslissing tot intrekking van het uitstel. §
  151. Bij veroordeling tot verschillende straffen bedoeld in § 1, 2°, worden de daaruit voortvloeiende onbekwaamheden gecumuleerd zonder dat evenwel de totale duur twaalf jaar mag overschrijden. Hetzelfde geldt bij nieuwe veroordeling tot één of meer straffen bedoeld in § 2, 2°, uitgesproken tijdens de duur van de onbekwaamheid die volgt uit een voorgaande veroordeling, zonder dat nochtans de onbekwaamheid minder dan zes jaar na de laatste veroordeling kan ophouden". §
  152. De parketten van de hoven en rechtbanken zijn gehouden, aan de burgemeesters van de gemeenten waar de belanghebbenden op het ogenblik van de veroordeling of internering in de bevolkingsregisters ingeschreven waren, evenals aan de belanghebbenden zelf, kennis te geven van alle veroordelingen of interneringen, waartegen met geen gewoon rechtsmiddel meer kan worden opgekomen en die uitsluiting van het kiesrecht of opschorsing van dit recht ten gevolge hebben. Deze kennisgeving vermeld de in § 2 van dit artikel bedoelde vermeldingen. De parketten van de hoven en rechtbanken geven eveneens kennis van de datum waarop de internering een einde heeft genomen. De griffiers van de hoven en rechtbanken geven aan de burgemeesters van de gemeenten waar de betrokkenen in de bevolkingsregisters ingeschreven zijn, kennis van de onbekwaamverklaring en van de opheffing van onbekwaamverklaring. De Regering bepaalt de wijze waarop die berichten door de gemeentebesturen behandeld, bewaard, en in geval van verandering van verblijfplaats, doorgezonden moeten worden. HOOFDSTUK II. - Register van de kiezers Afdeling
  153. - Opmaking van het register van de kiezers Art. L4122-
  154. De stemming vindt plaats in de gemeente waar de kiezer in het register van de kiezers is ingeschreven. Art. L4122-
  155. §
  156. Op 1 augustus van het jaar waarin de gewone vernieuwing van de gemeenteraden plaatsheeft, maakt het gemeentecollege een voorlopig register op, dat op 31 juli up-to-date is. §
  157. In dit register worden vermeld :
  158. de personen die op vermelde datum in het bevolkingsregister van de gemeente ingeschreven zijn en de andere in de artikelen L4121-1, § 1, bedoelde kiesbevoegdheidsvoorwaarden vervullen;
  159. de toegelaten kiezers die tussen 1 augustus en de datum van de verkiezingen de leeftijd van achttien jaar bereiken;
  160. de personen voor wie de schorsing van het kiesrecht een einde neemt vóór de datum van de verkiezingen. Het register van de kiezers vermeldt de naam, de voornamen, de geboortedatum, het geslacht, de hoofdverblijfplaats en het identificatienummer in het Rijksregister van de natuurlijke personen. §
  161. Voor de krachtens artikel 1bis van de gemeentekieswet toelaatbare kiezers wordt hun nationaliteit vermeld in het kiezersregister. Bovendien staat naast hun naam de letter "C". Voor de krachtens artikel 1ter van de gemeentekieswet toelaatbare kiezers vermeldt het kiezersregister ook hun nationaliteit. Bovendien staat naast hun naam de letter "E". §
  162. In voorkomend geval neemt het gemeentecollege akte van de in artikel L4133-1, bedoelde verklaring van de kiezer en vermeldt de letter "A" in het register van de kiezers, naast de naam van de kiezer. Art. L4122-
  163. §
  164. Het register van de kiezers wordt per gemeente of, in voorkomend geval, per gemeenteafdeling, opgemaakt volgens een doorlopende nummering bij voorkeur op alfabetische volgorde van de kiezers. Het gemeentecollege zorgt er bovendien voor dat de personen die in het bevolkingsregister ingeschreven zijn op hetzelfde adres, in hetzelfde stemcentrum opgeroepen worden. In de gemeenten waarin sectorverkiezingen worden georganiseerd, wordt het register door de gemeente opgemaakt op grond van een verdeling naar gelang van de sectoren. §
  165. Een exemplaar van het register van de kiezers wordt onverwijld aan de provinciegouverneur of aan de door hem aangewezen ambtenaar overgemaakt. Een tweede exemplaar wordt gelijktijdig ter informatie overgemaakt aan de regering of aan diens afgevaardigde. De regering kan beslissen dat de overdracht digitaal gebeurt overeenkomstig artikel L4141-1, §
  166. §
  167. De gouverneur of de door hem aangewezen ambtenaar gaat over tot de nodige verificaties en zendt het gemeentecollege het register van de kiezers dat hem betreft en dat de opmerkingen en de aan te brengen wijzigingen vermeldt, terug binnen de maand na ontvangst ervan. Een afschrift van dat register dat de verbeteringen vermeldt, wordt ook overgemaakt aan de Regering of diens afgevaardigde. De regering kan beslissen dat de behandeling op geautomatiseerde wijze gebeurt, overeenkomstig artikel L4141-1, §
  168. §
  169. Het gemeentecollege gaat zo spoedig mogelijk over tot de aangevraagde verbeteringen. Bovendien voegt het de namen van kiezers die kort geleden ingeschreven zijn in het bevolkingsregister alsmede de onderdanen uit de andere lidstaten van de Europese Unie en uit derde sStaten die een aanvraag tot inschrijving in het kiezersregister hebben ingediend, in het register in en schrapt het degenen die intussen bestraft zijn met een schorsings- of uitsluitingsclausule of die van het bevolkingsregister van de gemeente geschrapt zouden zijn. Artikel L4122-
  170. §
  171. Vanaf deze datum kan elke persoon nagaan of ze zelf of iedere ander persoon in het register ingeschreven is of correct vermeld wordt. Elke persoon die ten onrechte ingeschreven, weggelaten of van de kiezerslijst geschrapt is, of voor wie in dit register de voorgeschreven vermeldingen onjuist zijn, kan tot de twaalfde dag vóór die van de verkiezing bezwaar indienen bij het gemeentecollege. §
  172. Vanaf dezelfde datum kan elke persoon die door naturalisatie de Belgische nationaliteit verwerft en die voldoet aan de kiesbevoegdheidsvoorwaarden in de gemeente waarin hij in bovenbedoeld register ingeschreven had moeten zijn als hij de Belgische nationaliteit had verworven vóór deze datum, tot de twaalfde dag vóór die van de verkiezing bij het gemeentecollege bezwaar indienen tegen zijn niet-inschrijving op bovenbedoeld register volgens de procedure bedoeld in de artikelen L4122-9 tot 11 van dit Wetboek. §
  173. Het gemeentecollege maakt vanaf 1 augustus daartoe een bericht bekend waarin de openingsuren van de gemeentesecretarie vermeld zijn en op de procedure voor bezwaren en beroepen bepaald in de artikelen L4122-9 tot en met 11 van dit Wetboek gewezen wordt. §
  174. Tot de twintigste dag vóór de verkiezing brengt het gemeentecollege de in artikel L4122-3, § 3, bedoelde wijzigingen aan. Tot de dag van de verkiezing brengt het gemeentecollege de volgende wijzigingen aan in het kiezersregister : 1° de personen die na 1 augustus van het kiezersregister geschrapt moeten worden, hetzij omdat ze de Belgische nationaliteit hebben verloren, hetzij omdat ze van de bevolkingsregisters in het Waalse Gewest geschrapt zijn ten gevolge van een maatregel van ambtshalve schrapping of wegens vertrek naar het buitenland, hetzij omdat ze overleden zijn;2° de kennisgevingen die het gekregen heeft ter uitvoering van artikel L4121-3, na het opmaken van het kiezersregister;3° de wijzigingen die in het kiezersregister zijn aangebracht als gevolg van de beslissingen van het gemeentecollege bedoeld in artikel L4122-17 of van de arresten van het hof van beroep bedoeld in artikel L4122-24;4° de personen die de Belgische nationaliteit verwerven binnen minder dan twaalf dagen vóór de verkiezing. Afdeling
  175. - Afgifte van het register van de kiezers Art. L4122-
  176. §
  177. Zodra het register bedoeld in vorig artikel is opgesteld, is het gemeentecollege, of de door dat college aangewezen gemeentelijke ambtenaar, ertoe gehouden exemplaren of afschriften ervan te verstrekken aan de personen die daartoe gemachtigd zijn door een politieke partij die zich schriftelijk en in een gemeenschappelijk document toe verbindt een kandidatenlijst voor te dragen bij de verkiezingen in de gemeente en de democratische beginselen uitgevaardigd meer bepaald bij het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden, bij de wet van 30 juli 1981Relevante gevonden documenten type wet prom. 30/07/1981 pub. 20/05/2009 numac 2009000343 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot bestraffing van bepaalde door racisme of xenofobie ingegeven daden. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten tot bestraffing van bepaalde door racisme of xenophobie ingegeven daden of op grond van de wet van 23 maart 1995 tot bestraffing van het ontkennen, minimaliseren, rechtvaardigen of goedkeuren van de genocide die tijdens de tweede wereldoorlog door het Duitse nationaal-socialistische regime is gepleegd, waarbij die onverkiesbaarheid verstrijkt achttien jaar na de veroordeling, alsmede de bij de Grondwet gewaarborgde wetten en vrijheden na te leven. De aanvragen dienen bij aangetekend schrijven gericht aan de burgemeester gericht te worden. De exemplaren worden verstrekt op papier en een bruikbare elektronische informatiedrager waarvan het formaat door de Regering wordt vastgesteld. §
  178. Elke politieke partij bedoeld in § 1 kan kosteloos twee exemplaren of afschriften van dat register krijgen op papier dan wel op een elektronische informatiedrager bedoeld in § 1, naar keuze van de partij, voorzover zij in de gemeente een kandidatenlijst indient voor de verkiezingen. Voor de afgifte van bijkomende exemplaren of afschriften wordt de door het gemeentecollege te bepalen kostprijs ervan aangerekend. Indien de partij geen kandidatenlijst voordraagt, kan zij niet meer gebruik maken van het register van de kiezers, ook niet voor verkiezingsdoeleinden, op straffe van de in artikel L4122-34 van dit Wetboek vastgestelde strafsancties. §
  179. Iedere persoon die als kandidaat voorkomt op een akte van voordracht ingediend met het oog op de verkiezing, kan tegen betaling van de kostprijs exemplaren of afschriften van het register van de kiezers krijgen, op papier dan wel op een elektronische informatiedrager bedoeld in § 1, voorzover hij ernaar gevraagd heeft bij aangetekend schrijven gericht aan de Burgemeester en dat hij zich ertoe verbindt de democratische beginselen uitgevaardigd meer bepaald bij het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden, bij de wet van 30 juli 1981Relevante gevonden documenten type wet prom. 30/07/1981 pub. 20/05/2009 numac 2009000343 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot bestraffing van bepaalde door racisme of xenofobie ingegeven daden. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten tot bestraffing van bepaalde door racisme of xenophobie ingegeven daden of op grond van de wet van 23 maart 1995 tot bestraffing van het ontkennen, minimaliseren, rechtvaardigen of goedkeuren van de genocide die tijdens de tweede wereldoorlog door het Duitse nationaal-socialistische regime is gepleegd, waarbij die onverkiesbaarheid verstrijkt achttien jaar na de veroordeling, alsmede de bij de Grondwet gewaarborgde wetten en vrijheden na te leven. Het gemeentecollege onderzoekt, op het ogenblik van de afgifte, of de belanghebbende als kandidaat bij de verkiezing is voorgedragen. Indien de aanvrager later van de kandidatenlijst wordt geschrapt, mag hij van het register van de kiezers niet meer gebruik maken, op straffe van de in artikel L4122-34 van dit Wetboek vastgestelde strafsancties. §
  180. Zodra het register van de kiezers is opgesteld, is het gemeentecollege, of de door dat college aangewezen ambtenaar, ertoe verplicht de indiener bedoeld in artikel L4112-16, lid 3, een uittreksel van dat register te verstrekken waaruit blijkt dat de indiener en de voorgedragen kandidaten kiezers in hun gemeente zijn. § 5 - Op de aanvraag bedoeld in §§ 1 en 3 wordt de tekst van enerzijds § 2, lid 3, § 3, lid 3 en § 6 en anderzijds artikel L4122-34 afgedrukt. De Regering stelt het model van die aanvraag vast. §
  181. Het gemeentecollege mag geen exemplaren of afschriften van het register van de kiezers verstrekken aan andere personen dan die welke ze overeenkomstig §§ 1, 3 en 4 aangevraagd hebben, op straffe van de sancties bepaald in artikel L4122-
  182. De personen die deze exemplaren of afschriften hebben ontvangen, mogen ze op hun beurt niet meedelen aan derden. De exemplaren of afschriften van het register van de kiezers die worden verstrekt met toepassing van dit artikel, mogen enkel voor verkiezingsdoeleinden gebruikt worden, inbegrepen buiten de periode die tussen de datum van afgifte van het register en de datum van de verkiezing valt, op straffe van de in artikel L4122-34 van dit Wetboek vastgestelde strafsancties. Afdeling
  183. - Gebruik van het register van de kiezers Art. L4122-
  184. §
  185. Zodra het register van de kiezers van de gemeente is vastgesteld, zendt het gemeentecollege twee exemplaren ervan aan de Regering of aan diens afgevaardigde. De Regering kan beslissen dat die verzending digitaal gebeurt, overeenkomstig artikel L4141-1, §
  186. §
  187. Zodra de Regering, of diens afgevaardigde de verzending in ontvangst neemt, worden de registers van de kiezers op de door hem vastgestelde wijze vergeleken om te onderzoeken of personen, om ongeacht welke reden, in meerdere ervan opgenomen zouden zijn. De Regering kan beslissen dat de behandeling ervan op geautomatiseerde wijze gebeurt, overeenkomstig artikel L4141-1, §
  188. Na dat onderzoek spreekt de Regering, of diens afgevaardigde, zich zo spoedig mogelijk uit en maakt zij het overzicht van de personen bedoeld in vorig lid aan de betrokken gemeentecolleges over. De Regering kan beslissen dat de overmaking ervan digitaal gebeurt, overeenkomstig artikel L4141-1, §
  189. De Regering wijst het college aan dat de kiezer schrapt en het college dat de inschrijving behoudt. De colleges geven een ontvangstbewijs van die beslissing. De kiezer op wie die beslissing betrekking heeft wordt binnen een termijn van vier dagen door het betrokken college geschrapt. Van de schrapping wordt onmiddellijk aan de betrokken personen kennis gegeven. Die schrapping is onderworpen aan de beroepen bepaald in de artikelen L4122-9 tot en met
  190. Art. L4122-
  191. §
  192. Het gemeentecollege stelt op grond van het register van de kiezers twee overzichten op : 1° in het eerste worden de kiezers opgenomen die de functie van voorzitter van een stem- of stemopnemingsbureau zouden kunnen bekleden;2° in het tweede worden de kiezers opgenomen die aangewezen zouden kunnen worden als bijzitter of plaatsvervangend bijzitter van een stem- of stemopnemingsbureau.In dat overzicht worden twaalf namen per bureau opgenomen. §
  193. Die overzichten worden uiterlijk 1 september aan de voorzitter van het gemeentelijk bureau overgemaakt. Laatstgenoemde maakt ze vervolgens over aan de voorzitter van het kantonbureau, overeenkomstig artikel L4125-5, §
  194. Zodra die overzichten worden verstuurd, licht het gemeentecollege de provinciegouverneur daarover in. §
  195. Zodra het bureau de aanwijzingen van de voorzitters van de stembureaus heeft doorgevoerd volgens de procedure bedoeld in artikel L4125-5, § 1, delen de gemeentebesturen tot en met de dag van de verkiezing rechtstreeks aan de aldus aangewezen stembureauvoorzitters de wijzigingen mee die in het register van de stemmers aangebracht dienen te worden, overeenkomstig artikel L4122-4, §
  196. Art. L4122-
  197. §
  198. Het gemeentecollege kan aan een dienstverlener de opdracht verlenen om het register van de kiezers en het register van de stemmers op te maken met inachtneming van hierna genoemde nadere regels : 1° de dienstverlener vult een verklaring op erewoord in waarbij hij zich ertoe verbindt het vertrouwelijk karakter van het kiesproces na te leven en ondertekent ze;2° indien de dienstverlener ertoe geleid wordt de gegevens van het Rijksregister rechtstreeks te gebruiken, op grond van een tabel of een elektronische informatiedrager, vult hij een verklaring op erewoord in waarbij hij zich ertoe verbindt artikel 16 van de wet van 8 december 1992 tot bescherming van de persoonlijke levenssfeer ten opzichte van de.verwerking van persoonsgegevens na te leven en ondertekent hij ze; 3° de dienstverlener mag de registers niet verdelen aan personen die niet uitdrukkelijk door het gemeentecollege gemachtigd zijn om ze in ontvangst te nemen;4° het drukken en de verspreiding van de registers van de kiezers en dat van de stemmers vinden plaats onder het toezicht van het gemeentecollege.Laatstgenoemde blijft volledig aansprakelijk voor de juistheid en de correcte verdeling van die registers. §
  199. De Regering stelt het model vast van de verklaringen bedoeld onder 1° en 2°. Afdeling
  200. - Beroepen tegen het register van de kiezers Art. L4122-
  201. Vanaf de datum waarop het register van de kiezers vastgesteld moet zijn, kan ieder die ten onrechte ingeschreven, weggelaten of van het register van de kiezers geschrapt is, of voor wie in dat register de vermeldingen voorgeschreven in artikel L4122-2, § 2, onjuist zijn, tot de twaalfde dag vóór die van de verkiezing bezwaar indienen bij het gemeentecollege. Art. L4122-
  202. Vanaf de datum waarop het register van de kiezers vastgesteld moet zijn, kan ieder die de kiesbevoegdheidsvoorwaarden vervult, in de kieskring waarin de gemeente ligt waar hij in het register van de kiezers is ingeschreven, tot de twaalfde dag vóór die van de verkiezing bij het gemeentecollege bezwaar indienen tegen de inschrijving, schrapping of weglating van namen van dat register of tegen enige onjuistheid in de vermeldingen voorgeschreven in artikel L4122-2, §
  203. Art. L4122-
  204. Het in artikel L4122-9 of 10 bedoelde bezwaar wordt ingediend bij verzoekschrift en moet, samen met de bewijsstukken waarvan de verzoeker gebruik wenst te maken, tegen ontvangstbewijs neergelegd worden op de gemeentesecretarie of onder een ter post aangetekende omslag worden gericht aan het gemeentecollege. De ambtenaar die het bezwaar ontvangt, is verplicht het op de datum van ontvangst in te schrijven in een bijzonder register, een ontvangstbewijs van het bezwaar en van de overgelegde bewijsstukken af te geven, voor ieder bezwaar een dossier aan te leggen, de overgelegde stukken te nummeren en te paraferen en ze met hun volgnummer in te schrijven op de bij ieder dossier gevoegde inventaris. Art. L4122-
  205. Wanneer de verzoeker verklaart niet in staat te zijn te schrijven, kan het bezwaar mondeling worden ingebracht. Het wordt door de gemeentesecretaris of zijn gemachtigde ontvangen. De ambtenaar die het ontvangt, maakt daarvan dadelijk proces-verbaal op, waarin hij vaststelt dat de betrokkene hem verklaart niet in staat te zijn te schrijven. Het proces-verbaal neemt de door betrokkene ingeroepen middelen over. De ambtenaar dagtekent en ondertekent het proces-verbaal en overhandigt een duplicaat aan de verschijnende persoon na het hem te hebben voorgelezen. De ambtenaar handelt vervolgens zoals in vorig artikel, lid 2, is voorgeschreven. Art. L4122-
  206. Het gemeentebestuur voegt kosteloos aan het dossier een afschrift of uittreksel toe van alle in zijn bezit zijnde officiële stukken die de verzoeker aanvoert om een wijziging van het register van de kiezers te verantwoorden. Het gemeentebestuur voegt ambtshalve bij het dossier alle in zijn bezit zijnde officiële stukken die de door de betrokkene ingeroepen middelen welke opgenomen zijn in het overeenkomstig vorig artikel opgestelde proces-verbaal, kracht kunnen bijzetten. Art. L4122-
  207. De rol van de bezwaren vermeldt de plaats, de dag en het uur van de vergadering tijdens welke de zaak of de zaken zal of zullen worden behandeld. Deze rol wordt ten minste vierentwintig uur vóór de vergadering aangeplakt op de gemeentesecretarie, waar iedereen er inzage en afschrift van kan nemen. Het gemeentebestuur geeft onverwijld en met alle middelen kennis aan de verzoeker alsook, in voorkomend geval, aan de betrokken partijen, van de datum waarop het bezwaar onderzocht zal worden. Deze kennisgeving vermeldt uitdrukkelijk en woordelijk dat, zoals bepaald in artikel L4122-17, lid 2 en lid 4, het beroep tegen de te nemen beslissing alleen ter zitting kan worden ingediend. Art. L4122-
  208. Gedurende de termijn bepaald in vorig artikel worden het dossier van de bezwaren en het in artikel L4122-16, lid 2, bedoelde verslag op de secretarie ter beschikking gehouden van de partijen, hun advocaten of hun gemachtigden. Art. L4122-
  209. Het gemeentecollege doet over elk bezwaar uitspraak binnen een termijn van vier dagen te rekenen vanaf het indienen van het verzoekschrift of van het in de artikelen L4122-11 en 12 vermeld proces-verbaal, en in elk geval voor de zevende dag voor die van de verkiezing. Het doet uitspraak in openbare vergadering op verslag van een lid van het college en na de partijen, hun advocaten of gemachtigden te hebben gehoord, indien zij verschijnen. Art. L4122-
  210. Voor iedere zaak wordt, onder vermelding van de naam van de verslaggever en van de aanwezige leden, een afzonderlijke en met redenen omklede beslissing genomen, die in een bijzonder register wordt ingeschreven. De voorzitter van het college verzoekt de partijen, hun advocaten of gemachtigden, als zij dat wensen, in het in het vorige lid vermelde register een verklaring van beroep te ondertekenen. De partijen die niet verschijnen, worden geacht de beslissing van het college te aanvaarden. Wanneer de aanwezige of vertegenwoordigde partijen geen verklaring van beroep ondertekenen, is de beslissing van het college definitief. Van het definitieve karakter van de beslissing wordt melding gemaakt in het bijzonder register vermeld in lid 1, en de beslissing tot wijziging van het register van de kiezers wordt onverwijld ten uitvoer gelegd. De beslissing van het college wordt neergelegd op de gemeentesecretarie, waar eenieder er kosteloos inzage van kan nemen. Het beroep tegen de beslissing van het college heeft schorsende kracht ten aanzien van elke verandering in het register van de kiezers. Art. L4122-
  211. De burgemeester zendt onverwijld aan het hof van beroep, met alle middelen, een uitgifte van de beslissingen van het college waartegen beroep is ingesteld alsook alle documenten die de gedingen betreffen. De partijen worden verzocht voor het hof te verschijnen binnen vijf dagen na ontvangst van het dossier en in elk geval vóór de dag die de verkiezing voorafgaat. Het staat hun vrij hun conclusies schriftelijk naar de kamer te sturen die is aangewezen om de zaak te onderzoeken. Art. L4122-
  212. Indien het hof een getuigenverhoor beveelt, kan het dit aan een vrederechter opdragen. Art. L4122-
  213. Indien het getuigenverhoor plaats heeft voor het hof, geeft de griffier aan de partijen ten minste vierentwintig uur van tevoren kennis van de vastgestelde dag en de te bewijzen feiten. Art. L4122-
  214. De getuigen mogen vrijwillig verschijnen, zonder dat zij hun recht op getuigengeld verliezen. Zij zijn verplicht te verschijnen op enkele dagvaarding. Zij leggen de eed af zoals in correctionele zaken. In geval van niet-verschijning of van valse getuigenis worden zij vervolgd en gestraft zoals in correctionele zaken. De straffen bepaald tegen niet verschijnende getuigen worden evenwel zonder vordering van het openbaar ministerie toegepast door het hof of door de magistraat die het getuigenverhoor afneemt. Art. L4122-
  215. In getuigenverhoren betreffende kiesrechtszaken kan een getuige niet worden ondervraagd met toepassing van artikel 937 van het Gerechtelijk Wetboek. Bloed- of aanverwanten tot en met de derde graad van één der partijen mogen evenwel niet als getuige worden gehoord. Art. L4122-
  216. De debatten voor het hof zijn openbaar. Art. L4122-
  217. Bij de openbare terechtzitting geeft de voorzitter van de kamer het woord aan de partijen; die zich mogen laten vertegenwoordigen en bijstaan door een advocaat. Na het advies van de procureur-generaal gehoord te hebben, doet het hof staande de vergadering uitspraak door middel van een arrest dat in openbare zitting wordt voorgelezen. dit arrest wordt ter griffie van het hof neergelegd, waar de partijen er kosteloos inzage van kunnen nemen. Het beschikkend gedeelte van het arrest wordt door toedoen van het openbaar ministerie met alle middelen onverwijld ter kennis gebracht van het gemeentecollege dat de beslissing waartegen beroep is ingesteld heeft genomen en van de andere partijen. Het arrest wordt onverwijld ten uitvoer gelegd, wanneer het een wijziging van het register van de kiezers inhoudt. Art. L4122-
  218. Over het beroep wordt zowel in afwezigheid als in aanwezigheid van de partijen uitspraak gedaan. Alle arresten van het hof worden geacht op tegenspraak te zijn gewezen; ze zijn niet vatbaar voor beroep. Art. L4122-
  219. In het door meer dan één verzoeker ingediende verzoekschrift wordt één enkele woonplaats gekozen; bij gebreke daarvan worden de verzoekers geacht bij de eerste verzoeker woonplaats te hebben gekozen. Art. L4122-
  220. Het getuigengeld wordt geregeld zoals in strafzaken. Art. L4122-
  221. De partijen schieten de kosten voor. Niet alleen de eigenlijke procedurekosten worden begroot, maar ook de kosten van de stukken die de partijen tot staving van hun eisen hebben moeten overleggen in het geding. Art. L4122-
  222. De kosten zijn ten laste van de verliezende partij. Worden de partijen elk op enige punten in het ongelijk gesteld, dan kunnen de kosten worden gecompenseerd. Indien de eisen van de partijen niet klaarblijkelijk ongegrond zijn, kan het hof bevelen dat de kosten geheel of gedeeltelijk ten laste van de staat zullen komen. Art. L4122-
  223. De griffiers van de hoven van beroep zenden aan de gemeentebesturen afschrift van de arresten. Afdeling
  224. - Sancties met betrekking tot het kiesregister Art. L4122-
  225. In de zin van deze afdeling worden onder "kiesregister" het register van de kiezers en de registers van de stemmers verstaan. Art. L4122-
  226. §
  227. Hij die in enigerlei hoedanigheid met het voorbereiden of het opmaken van de kiesregisters belast is en, met het oogmerk om een kiezer te doen schrappen, 1° ofwel bij dit werk wetens gebruik maakt van stukken of bescheiden welke hetzij door verandering, weglating of toevoeging vervalst zijn, hetzij valselijk opgemaakt zijn;2° ofwel die opzettelijk de gegevens van de stukken of bescheiden welke voor het opmaken van de registers kunnen dienen, door verandering, toevoeging of weglating onjuist overneemt in de kiesregisters, wordt gestraft met een geldboete van zesentwintig tot tweehonderd euro en met gevangenisstraf van acht dagen tot vijftien dagen. Wordt dit wanbedrijf gepleegd met het oogmerk om aan een burger kiesrecht te verschaffen, dan is de gevangenisstraf acht dagen tot één maand en de geldboete vijftig tot vijfhonderd euro. §
  228. Wat de bij dit artikel omschreven misdrijven betreft, begint de in artikel L4145-43 bepaalde verjaring van zes maanden eerst te lopen van de dag dat de kiesregisters en de desbetreffende stukken aan de provinciegouverneur of de door hem aangewezen ambtenaar gezonden zijn. Art. L4122-
  229. Ieder lid van een gemeentecollege, ieder gemeenteraadslid, dat bij het uitoefenen van de rechtsmacht in kieszaken, op zijn verslag ten onrechte hetzij een aanvraag tot inschrijving in de registers doet verwerpen, hetzij de inschrijving of schrapping van een kiezer doet bevelen en te dien einde stukken of bescheiden inroept of gebruikt, ofschoon hij weet dat zij door verandering, weglating of toevoeging vervalst zijn, of dat zij valselijk opgemaakt of denkbeeldig zijn, wordt gestraft met een gevangenisstraf van drie maanden tot twee jaar. Vervolging kan evenwel maar worden ingesteld, wanneer op beroep tot inschrijving of schrapping van de kiezer een definitief geworden beslissing is gewezen die gegrond is op de bedroginhoudende feiten. De in artikel L4145-43 bepaalde verjaring begint te lopen vanaf deze beslissing. Art. L4122-
  230. §
  231. Met een gevangenisstraf van drie maanden tot vijf jaar en met een geldboete van vijftig tot vijfhonderd euro of met slechts één van die straffen wordt gestraft degene die als dader, mededader of medeplichtige, met schending van artikel L4122-5, § 6, hetzij exemplaren of afschriften van het register van de kiezers heeft afgegeven aan personen die niet gemachtigd zijn om ze te ontvangen, hetzij die exemplaren heeft medegedeeld aan derden na ze regelmatig te hebben ontvangen, hetzij van de gegevens uit het register van de kiezers gebruik heeft gemaakt voor andere dan verkiezingsdoeleinden. §
  232. De straffen die de medeplichtigen van de in lid 1 vermelde strafbare feiten oplopen, mogen niet meer bedragen dan twee derde van de straffen die hun zouden zijn opgelegd indien zij de dader van die strafbare feiten waren. Art. L4122-
  233. Hij die, met het oogmerk om zich in een register van de kiezers te doen inschrijven, wetens valse verklaringen aflegt of schijnakten overlegt, wordt gestraft met een geldboete van zesentwintig tot tweehonderd euro. Met dezelfde straf wordt gestraft hij die, met het oogmerk om een burger in die registers te doen inschrijven of ervan te doen schrappen, wetens dezelfde kunstgrepen aanwendt. Vervolging kan evenwel maar worden ingesteld, wanneer de vraag tot inschrijving of schrapping verworpen is bij een definitief geworden beslissing die gegrond is op bedroginhoudende feiten. Zulke beslissingen van de gemeentecolleges of van de hoven van beroep, alsmede de desbetreffende stukken en inlichtingen, worden door de provinciegouverneur doorgezonden aan de procureur des Konings, die ze ook ambtshalve kan eisen. De vervolging verjaart door verloop van drie volle maanden na de beslissing. HOOFDSTUK III. - Indeling van de kiezers Art. L4123-
  234. §
  235. De kiezers van de gemeente worden ingedeeld in stemafdelingen waarvan geen enkele meer dan achthonderd of minder dan honderdvijftig kiezers mag tellen. Wanneer de stemming anders gebeurt dan aan de hand van een stembiljet, kan de regering het aantal kiezers per stemafdeling verhogen, zonder dat het aantal ervan echter hoger ligt dan tweeduizend. In de gemeenten waar er verkiezingen van sectoren gehouden worden, kan de gouverneur beslissen dat de kiezers per sector ingedeeld worden, en dan per stemafdeling. §
  236. Uiterlijk 10 september deelt de provinciegouverneur, of de door hem aangewezen ambtenaar, met instemming van het gemeentecollege, de kiezers per kieskanton in stemafdelingen in en bepaalt de volgorde van de stemafdelingen van elk kanton, te beginnen met de hoofdplaats. Met instemming van het gemeentecollege wijst hij voor elke stemafdeling een afzonderlijk stemlokaal aan. Hij kan, als dat vereist wordt wegens het aantal stemafdelingen, meerdere ervan bijeenroepen in zalen die deel uitmaken van éénzelfde stemcentrum. Zijn het college en de provinciegouverneur of de door hem aangewezen ambtenaar het niet eens over de indeling van de kiezers in stemafdelingen of over de keus van de stemlokalen, dan beslist de regering. §
  237. De stemcentra en -lokalen worden uitgekozen met inachtneming van de minimumnormen voor de toegankelijkheid ervan, volgens de door de Regering vastgestelde regels. §
  238. Als het gemeentecollege overeenkomstig artikel L4123-1, § 2, lid 2, de kiezers per sector heeft ingedeeld en vervolgens per stemafdeling, kan de provinciegouverneur, of de door hem aangewezen ambtenaar, voor elke stemafdeling een afzonderlijk stemlokaal, gelegen in de betrokken sector, aanwijzen. Art. L4123-
  239. §
  240. Op grond van de indeling van de kiezers overeenkomstig artikel L4123-1 stelt het gemeentecollege een register van de kiezers per stemafdeling op, register van de stemmers genoemd. Die registers worden de dag van de verkiezingen gebruikt om de namen aan te tekenen van de kiezers die in een welbepaald stemlokaal deelgenomen hebben aan de stemming. §
  241. Uiterlijk 10 september zendt het gemeentecollege twee exemplaren van alle registers van de stemmers van de gemeente aan de provinciegouverneur, of aan de door hem aangewezen ambtenaar. §
  242. De provinciegouverneur, of de door hem aangewezen ambtenaar, zendt aan de voorzitter van het gemeentelijk bureau tegen ontvangstbewijs twee naar behoren afgestempelde afschriften door van elk register van de stemmers van zijn gemeente. Hij zendt één exemplaar van diezelfde registers aan de Regering of diens afgevaardigde door. De Regering kan beslissen dat de doorzending digitaal gebeurt, overeenkomstig artikel L4141-1, §
  243. §
  244. Met instemming van de voorzitter van het gemeentelijk bureau of onder diens gezag kan de provinciegouverneur het gemeentecollege de opdracht toevertrouwen om de registers van de stemmers bestemd voor de stembureaus van zijn gemeente te bewaren en ze onder die bureaus te verdelen op de datum bepaald overeenkomstig artikel L4125-
  245. De voorzitter van het gemeentelijk bureau zorgt ervoor dat die registers bewaard worden op een beveiligde plaats en dat ze enkel in handen gegeven worden van de voorzitters van de stembureaus waarvoor ze bestemd zijn. HOOFDSTUK VI. - Oproeping van de kiezers Art. L4124-
  246. §
  247. De gewone vergadering van de kiezers voor de vernieuwing van de gemeente-, provincie- en sectorraden heeft van rechtswege plaats om de zes jaar, op de tweede zondag van oktober. De kiezers kunnen krachtens een gemeenteraadsbesluit of een regeringsbesluit ook in buitengewone vergadering worden bijeengeroepen om te voorzien in de opengevallen plaatsen. Deze vergadering heeft altijd plaats op een zondag, binnen vijftig dagen na de beslissing of het regeringsbesluit. De precieze kalender van de kiesverrichtingen wordt door de Regering bepaald. §
  248. De tweeënnegentigste dag vóór de verkiezingen doet de regering een bericht verschijnen waarbij de dag van de stemming, de uren van opening en sluiting van de stemlokalen meegedeeld worden. Dit bericht vermeldt eveneens dat voor elke kiezer bezwaar mogelijk is bij het gemeentebestuur overeenkomstig de artikelen L4122-9 en L4122-10, tot twaalf dagen vóór de verkiezing. Met dat bericht wordt de verkiezingsperiode opgestart. §
  249. Een bericht van oproeping wordt ten minste twintig dagen vóór de stemming in de gemeente ter openbare kennis gebracht op de gebruikelijke wijze en de gewone uren van bekendmaking. Het aanplakbiljet behelst de vermeldingen voorgeschreven in § 6, en wijst erop dat de kiezer die zijn oproepingsbrief niet heeft ontvangen, hem op de gemeentesecretarie kan afhalen tot op de dag van de stemming, 's middags. In het bericht wordt eveneens herinnerd aan het bepaalde van artikel L4131-4, § 2, lid
  250. §
  251. Uiterlijk de vijftiende dag vóór de verkiezingen zendt het gemeentecollege een oproepingsbrief naar elke kiezer op zijn huidige verblijfplaats. De Regering of de door hem afgevaardigde ambtenaar waakt erover dat de zendingen binnen de vereiste termijn plaatsvinden. Indien de oproepingsbrief niet aan de kiezer overhandigd is kunnen worden, wordt hij op de gemeentesecretarie neergelegd, waar de kiezer hem zal kunnen afhalen tot op de dag van de stemming, 's middags. Van die mogelijkheid wordt gewag gemaakt in het bericht bepaald in §
  252. §
  253. Voor de verkiezing opgeroepen worden alle personen ingeschreven in het register van de kiezers bedoeld in artikel L4122-
  254. §
  255. In de oproepingsbrieven, overeenstemmend met het door de Regering vastgestelde model, worden de dag en het lokaal waar de kiezer moet stemmen, het aantal toe te wijzen zetels en de openings- en sluitingsuren van de stembureaus vermeld; zij vermelden eveneens de bepalingen betreffende de reiskosten van de kiezers, bepaald in artikel L4136-2, § 2, 3°. Op de achterkant van de oproepingsbrieven wordt de tekst van de onderrichtingen voor de kiezer afgedrukt, evenals de tekst bepaald in artikel L4132-1 van dit Wetboek Zij geven de naam, de voornamen, het geslacht, de hoofdverblijfplaats van de kiezer, het identificatienummer in het Rijksregister van de natuurlijke personen en, in voorkomend geval, de naam van de echtgenoot/-genote op, alsmede het nummer waaronder hij in het register van de kiezers is opgenomen. Zij maken gewag van de verkiezing waarvoor de persoon opgeroepen wordt. Voor de kiezers toegelaten krachtens artikel 1bis van de gemeentekieswet draagt de oproepingsbrief de letter "C". Voor de kiezers toegelaten krachtens artikel 1ter van de gemeentekieswet draagt de oproepingsbrief de letter "E". Art. L4124-
  256. Het gemeentecollege kan de opdracht om de oproepingsbrieven op te maken toevertrouwen aan een prestatieverlener, met inachtneming van de nadere regels bepaald in artikel L4122-8, 1° en 2°. Het drukken en de verdeling van de oproepingsbrieven staan onder het toezicht van het gemeentecollege. Het gemeentecollege blijft volledig aansprakelijk voor de juistheid en de correcte verdeling van die oproepingsbrieven. HOOFDSTUK V. - Aanwijzing van de kiesbureaus Afdeling
  257. - De kiesbureaus Art. L4125-
  258. §
  259. Een kiesbureau bestaat uit een voorzitter, een secretaris die niet stemgerechtigd is, bijzitters en plaatsvervangende bijzitters. §
  260. Indien een kiesbureau overeenkomstig dit Wetboek moet beraadslagen, gebeurt dat bij meerderheid der stemmen, waarbij de stem van de voorzitter doorslaggevend is. §
  261. Men onderscheidt kieskringbureaus, kantonbureaus, stembureaus en stemopnemingsbureaus. Voor elke categorie bureaus wordt het aantal bijzitters en plaatsvervangende bijzitters vastgesteld als volgt : 1° het kieskringbureau, het kantonbureau, het stembureau en het provinciale stemopnemingsbureau tellen vier bijzitters en vier plaatsvervangende bijzitters;2° het aantal bijzitters van het gemeentelijk stemopnemingsbureau wordt vastgesteld als volgt : - twee bijzitters en twee plaatsvervangende bijzitters indien het aantal te verkiezen raadsleden lager is dan negentien; - drie bijzitters en drie plaatsvervangende bijzitters indien dat aantal tussen negentien en zevenentwintig bedraagt; - vier bijzitters en vier plaatsvervangende bijzitters indien dat aantal hoger is dan zevenentwintig. De kieskringbureaus stellen de lijsten van kandidaten vast en behandelen de daarmee verband houdende betwistingen, stellen de stembiljetten op en laten ze drukken. De dag van de verkiezingen zijn ze belast met de eindtotalisatie, de zetelverdeling en de aanwijzing van de gekozenen voor hun kieskring. De kantonbureaus centraliseren de uitslagen van de stemopneming op het niveau van het kanton. De stembureaus, die per stemcentrum werken, zorgen voor het vlotte verloop van de stemming. De stemopnemingsbureaus verwerken de stemopneming voor de stembiljetten van de hen toegewezen stembureaus en zenden die uitslagen, naar gelang van de verkiezing, door naar ofwel het gemeentelijk bureau ofwel het kantonbureau. §
  262. Geen enkele kandidaat mag van een kiesbureau deel uitmaken. De kandidaten en de lijsten van kandidaten kunnen getuigen aanwijzen om de verrichtingen van de bureaus te overzien volgens de nadere regels bedoeld in artikel L4134-
  263. De functie van provinciegriffier, provincieontvanger, gemeentesecretaris en gemeenteontvanger is onverenigbaar met het ambt van voorzitter, bijzitter of plaatsvervangend bijzitter van een kiesbureau of de rol van lid van een kieskringbureau. Hetzelfde geldt voor het bezit van een politiek mandaat of de opdracht van getuige. § 5 Om de taak van de bureauvoorzitters te rationaliseren worden er door de Regering formulieren ter beschikking gesteld voor hun kiesdocumenten. Daar wordt verplicht gebruik van gemaakt. Die formulieren worden in het Belgisch Staatsblad bekendgemaakt. §
  264. Indien dit Wetboek voorziet in de opstelling van een proces-verbaal door een kiesbureau of door de voorzitter van een kiesbureau, wordt daar een afschrift van aan de Regering, of aan diens afgevaardigde, van doorgezonden zodra bedoeld proces-verbaal wordt afgesloten. De Regering kan beslissen dat die doorzending digitaal plaatsvindt, overeenkomstig artikel L4141-1, §
  265. Afdeling
  266. - De kieskringbureaus Onderafdeling
  267. - De districtbureaus Art. L4125-
  268. §
  269. Met het oog op de provincieraadsverkiezing wordt in de hoofdplaats van elk kiesdistrict een kieskringbureau opgericht, districtbureau genaamd. §
  270. Het districtbureau wordt voorgezeten door de voorzitter van de rechtbank van eerste aanleg of door de magistraat die hem vervangt in de districthoofdplaats die samenvalt met de hoofdplaats van het gerechtelijk arrondissement. In de andere gevallen wordt het voorgezeten door de vrederechter of diens plaatsvervanger. De voorzitter van het districtbureau wijst de leden van zijn bureau aan onder kiezers van het district en stelt zijn bureau samen op de datum bepaald in artikel L4142-11, §
  271. Het districtbureau zetelt op de plaats aangewezen door diens voorzitter, die dat bekendmaakt. §
  272. Bij de samenstelling van het districtbureau leggen de voorzitters en bijzitters volgende eed af : "Je jure de recenser fidèlement les suffrages et de garder le secret des votes." Of : "Ich schwöre die Stimmen gewissenhaft zu zählen und das Stimmgeheimnis zu halten". §
  273. In de gemeenten Komen-Waasten, Edingen, Vloesberg en Moeskroen, waarop het koninklijk besluit van 18 juli 1966 betreffende het taalgebruik in bestuurszaken, artikel 8, 5°, betrekking heeft, kunnen de leden van het bureau erom verzoeken volgende eed af te leggen : "Ik zweer de stemmen getrouw op te nemen en het geheim der stemmen te bewaren." §
  274. De eed wordt voor het begin van de verrichtingen afgelegd. Hij wordt afgelegd door de bijzitters en de secretaris, in handen van de voorzitter, vervolgens door deze ten overstaan van het samengestelde bureau. De voorzitter of de bijzitter, die gedurende de verrichtingen benoemd wordt ter vervanging van een verhinderd lid, legt de eed af voordat hij zijn ambt aanvaardt. Van deze eedafleggingen wordt in het proces-verbaal melding gemaakt. §
  275. Het districtbureau houdt zich bezig met de aan de provincieraadsverkiezing en de aan de algemene telling van de stemmen voorafgaande verrichtingen op districtniveau. De voorzitter van het districtbureau houdt toezicht over de gezamenlijke verrichtingen in het kiesdistrict en schrijft zo nodig de spoedmaatregelen voor die de omstandigheden mochten vereisen. Hij wijst de voorzitters van de gemeentelijke bureaus aan. §
  276. Het districtbureau dat in de arrondissementshoofdplaats zetelt wordt aangewezen als centraal arrondissementsbureau en is naast zijn opdrachten van kieskringbureau belast met de aanvullende taken bepaald in de artikelen L4142-34 tot en met 36 betreffende de verklaring van lijstenverbinding en de apparentering. Het districtbureau dat in de provinciehoofdplaats zetelt wordt aangewezen als provinciaal hoofdbureau en is naast zijn opdrachten van kieskringbureau en/of zijn opdrachten van centraal arrondissementsbureau belast met de aanvullende taken bepaald in de artikelen L4142-26 tot en met 28 betreffende lijstenvereniging en de loting. Onderafdeling
  277. - De gemeentelijke bureaus Art. L4125-
  278. §
  279. Met het oog op de gemeenteraadsverkiezing wordt er in elke gemeente een kieskringbureau samengesteld, gemeentelijk bureau genaamd. §
  280. Om het gemeentelijk bureau voor te zitten, wijst de voorzitter van het districtbureau in de hierna opgegeven volgorde aan : 1° de rechters of plaatsvervangende rechters, naar dienstouderdom, in de rechtbank van eerste aanleg, in de arbeidsrechtbank en in de rechtbank van koophandel;2° de vrederechters of plaatsvervangende vrederechters naar dienstouderdom;3° de rechters in de politierechtbanken of hun plaatsvervangers naar dienstouderdom;4° de advocaten en de advocaten-stagiairs naar de orde van hun inschrijving op het tableau of de lijst van stagiairs;5° de notarissen;6° de bekleders van een ambt van niveau A of B die onder het Waalse Gewest ressorteren en de bekleders van een gelijkwaardige graad die ressorteren onder de federale Staat, de Franse Gemeenschap, de Duitstalige Gemeenschap, de provincies, de gemeenten, de openbare centra van maatschappelijk welzijn of onder enige instelling van openbaar nut al dan niet bedoeld bij de wet van 16 maart 1954 betreffende de controle op sommige instellingen van openbaar nut of de zelfstandige openbare ondernemingen bedoeld bij de wet van 21 maart 1991 betreffende de hervorming van sommige economische overheidsbedrijven;7° het onderwijzend personeel;8° de stagiairs van het parket;9° zo nodig de personen aangewezen uit de kiezers van de gemeente die elders functies bekleden die overeenstemmen met de functies bedoeld onder punt 6°. Behalve de rechters, die aangewezen kunnen worden om het gemeentelijk bureau van hun zetel voor te zitten, los van de gemeente waar ze kiezers zijn, zijn de personen bedoeld in deze paragraaf kiezers van de gemeente waar ze het ambt van voorzitter van het gemeentelijk bureau uitoefenen. Indien de voorzitter van het gemeentelijk bureau ertoe gehouden is zich naar een andere gemeente te begeven om te stemmen, wijst hij een plaatsvervanger aan om hem de dag van de stemming te vervangen tijdens de duur die noodzakelijk is om zijn kiesplicht na te komen. De overheden die personen bedoeld in vorig lid onder 6° en 7° tewerkstellen delen de naam, voornamen, adres en beroep mee van die personen aan de gemeentebesturen waar ze hun hoofdverblijfplaats hebben. §
  281. De voorzitter van het gemeentelijk bureau wijst de leden van zijn bureau aan onder de kiezers van de gemeente waar hij dat ambt waarneemt en stelt dat bureau samen op de datum bepaald in artikel L4142-11, §
  282. Bij de samenstelling van het gemeentelijk bureau leggen de voorzitters en bijzitters de eed af bedoeld in artikel L4125-2, § 3, volgens dezelfde nadere regels. Het gemeentelijk bureau zetelt in het stad- of het gemeentehuis. Art. L4125-
  283. De voorzitter van het gemeentelijk bureau houdt het algemene toezicht op de kiesverrichtingen in de gemeente van zijn ambtsgebied. Hij licht de voorzitter van het districtbureau dadelijk in over elke omstandigheid waarbij laatstgenoemde tussenbeide moet komen. Art. L4125-
  284. §
  285. Uiterlijk 15 september wijst de voorzitter van het gemeentelijk bureau de voorzitters van de stem- en de gemeentelijke stemopnemingsbureaus, alsmee de bijzitters en de plaatsvervangende bijzitters van de gemeentelijke stemopneming aan onder de jongste kiezers van de gemeente die de dag van de verkiezing minstens achttien jaar oud zijn, in de volgorde bepaald bij artikel L4125-3, §
  286. §
  287. Op dezelfde datum wijst hij de bijzitters van de stembureaus aan onder de jongste kiezers van de gemeente die de dag van de verkiezing minstens achttien jaar oud zijn en de voorwaarden vervullen bedoeld in artikel L4125-3, § 2, waarbij de personen gevoegd dienen te worden die houder zijn van een ambt van niveau C dat onder het Waalse Gewest ressorteert of dat daarmee overeenstemt in de besturen en instellingen bepaald onder 6° van dezelfde paragraaf of die elders een overeenstemmende functie uitoefenen. §
  288. De voorzitters, bijzitters en plaatsvervangende bijzitters van de stem- en de stemopnemingsbureaus worden aangewezen onder de kiezers opgenomen op de lijsten bepaald in artikel L4122-7, § 1, 1° en 2°. §
  289. Als die aanwijzingen eenmaal plaatsgevonden hebben, zendt de voorzitter van het gemeentelijk bureau onverwijld genoemde lijsten door naar de voorzitter van het kantonbureau na schrapping van de naam van de kiezers aangewezen overeenkomstig §§ 1 en
  290. §
  291. Binnen de achtenveertig uur brengt de voorzitter van het gemeentelijk bureau de aanwijzingen ter kennis van belanghebbenden, bij aangetekend schrijven, en verzoekt ze hun ambt te komen vervullen op vastgestelde dag en uur. Daarbij licht hij de voorzitters van de stembureaus in van de plaats waar het stemopnemingsbureau vergadert dat de stembiljetten van hun bureau in ontvangst moet nemen. De voorzitter van het gemeentelijk bureau licht de voorzitters van de stemopnemingsbureaus eveneens in over de keuze van de stembureaus waarvan ze in de stemopneming zullen moeten voorzien. Hij vervangt onverwijld hen die hem drie dagen na ontvangst van het bericht van hun aanwijzing een wettige reden van verhindering hebben doen kennen, volgens de nadere regels bedoeld in artikel L4125-3, § 2 en in § 1 van dit artikel. §
  292. Elke persoon die zich zonder geldige reden onttrokken heeft aan de aanwijzing bedoeld in §§ 1 en 2 of die door zijn fout, onvoorzichtigheid of nalatigheid op enigerlei wijze de hem toevertrouwde opdracht in gevaar brengt, wordt gestraft met een geldboete van vijftig tot tweehonderd euro. §
  293. Hij zendt onmiddellijk de tabel met de samenstelling van het gemeentelijk bureau, de stembureaus en de gemeentelijke stemoproepingsbureaus door naar de voorzitters van de gemeentelijke stem- en stemopnemingsbureaus, de voorzitter van het district- en kantonbureau en het gemeentecollege. Die tabel wordt opgesteld overeenkomstig het door de Regering vastgestelde model. Het gemeentecollege voorziet bij aanplakking in de raadpleging van het publiek over de tabel die het gekregen heeft. Daarvan wordt onverwijld een exemplaar aan de Regering of aan diens afgevaardigde gericht. §
  294. De voorzitter van het gemeentelijk bureau verstrekt afschriften van de tabel van de leden van de bureaus van de gemeente aan elke persoon die daarom verzocht zal hebben, minstens vijftien dagen vóór de verkiezing; de prijs van één exemplaar van die tabel wordt bij regeringsbesluit bepaald. Hij mag niet meer bedragen dan 2,48 euro. Afdeling
  295. - De kantonbureaus Art. L4125-
  296. §
  297. Elk kieskanton omvat een kantonbureau belast met de aanwijzing van de leden van de provinciale stemopnemingsbureaus en de tussentijdse totalisering voor de provincieraadsverkiezingen. §
  298. In de districten die één enkel kieskanton omvatten, neemt het districbureau de taken waar die normalerwijze opgedragen zijn aan het kantonbureau in het kader van deze procedure. Art. L4125-
  299. §
  300. Het kantonbureau is gevestigd in de hoofdplaats van het kanton en bestaat uit een voorzitter, vier bijzitters, vier plaatsvervangende bijzitters gekozen door diens voorzitter uit de kiezers van de gemeente die hoofdplaats van het kanton is en uit een secretaris benoemd overeenkomstig de bepalingen van artikel L4125-
  301. §
  302. Het wordt voorgezeten : 1° door de voorzitter van de rechtbank van eerste aanleg of diens plaatsvervanger in de hoofdplaats van het kieskanton die samenvalt met de hoofdplaats van het gerechtelijk arrondissement;2° door de vrederechter in de hoofdplaats van het kieskanton die samenvalt met de hoofdplaats van een gerechtelijk kanton;3° door de vrederechter of diens plaatsvervanger van het gerechtelijk kanton waarin de hoofdplaats van het kieskanton gelegen is in alle andere gevallen. In het geval waarin het voorzitterschap van het kantonbureau niet waargenomen kan worden door een magistraat, wijst de voorzitter van het districtbureau de voorzitter van dat bureau aan onder de kiezers van het district met inachtneming van de volgorde bepaald in artikel L4125-3, §
  303. Art. L4125-
  304. Op 25 september wijst de voorzitter van het kantonbureau onder de kiezers van het district de voorzitters en bijzitters en plaatsvervangende bijzitters van de provinciale stemopnemingsbureaus aan volgens dezelfde nadere regels als die bepaald in artikel L4125-2 voor de gemeentelijke stemopneming. Afdeling
  305. - De stem- en de stemopnemingsbureaus Onderafdeling
  306. - De stembureaus Art. L4125-
  307. Tenzij die opdracht door de gouverneur toevertrouwd is aan het gemeentecollege overeenkomstig artikel L4132-2, § 4, zendt de voorzitter van het gemeentelijk bureau vanaf hun aanwijzing aan elke stembureauvoorzitter de twee afschriften van het register van zijn afdeling, naar behoren afgestempeld door de provinciegouverneur, door. In het geval waarin die opdracht is toevertrouwd aan het gemeentecollege, verzoekt de voorzitter van het gemeentelijk bureau laatstgenoemde om de verdeling van de registers van de stemmers door te voeren. Art. L4125-
  308. §
  309. Zodra ze aangewezen zijn, zendt de Regering, of zijn afgevaardigde, enerzijds de instructies voor de uitvoering van hun taken en anderzijds de voor de uitvoering van hun opdracht noodzakelijke formulieren en documenten waarvan de lijst door de Regering wordt vastgesteld, aan de stembureauvoorzitters door. §
  310. De voorzitter van het kantonbureau roept tegelijkertijd alle stembureauvoorzitters van zijn ambtsgebied samen op een door hem bepaalde dag die niet later mag zijn dan de zesde dag vóór de verkiezing om in hun opleiding te voorzien. Onderafdeling
  311. - De stemopnemingsbureaus Art. L4125-
  312. §
  313. In de gemeenten waar het kiescollege uit twee of drie afdelingen bestaat, neemt het gemeentelijk bureau alle stembiljetten van de gemeenteraadsverkiezing op, overeenkomstig de bepalingen van de artikelen L4144-3 en volgende. §
  314. In de gemeenten met meer dan drie afdelingen is er geen stemopneming door het gemeentelijk bureau. §
  315. De stemopnemingsbureaus voor de provincieraadsverkiezingen zijn gevestigd in de hoofdplaats van het kieskanton. §
  316. In de gemeente die hoofdplaats van het kanton is, zijn de stemopnemingsverrichtingen afzonderlijk voor beide verkiezingen. Daartoe worden alle stemopnemingsbureaus gesplitst in een bureau A en een bureau B. Het bureau A neemt de stemmen op voor de verkiezing van de provincieraadsleden. Het bureau B neemt de stemmen op voor de verkiezing van de gemeenteraadsleden. De bureaus A en B zetelen in verschillende lokalen van éénzelfde stemopnemingscentrum. §
  317. Elk stemopnemingsbureau zamelt de stembiljetten in van verschillende stembureaus. Het aantal kiezers ingeschreven in de stembureaus waarvan de stembiljetten toevertrouwd worden aan éénzelfde stemopnemingsbureau mag niet meer bedragen dan
  318. Art. L4125-
  319. §
  320. Onverminderd § 1 van artikel L4125-12 wijst de provinciegouverneur, zodra de stemlokalen bepaald in artikel L4123-1, § 2, uitgekozen zijn, met instemming van het gemeentecollege voor elk stemopnemingsbureau de stembureaus aan waarvan de stemmen opgenomen zullen worden, met minstens drie stembureaus per stemopnemingsbureau, waarbij hij zich ervan vergewist of het aantal kiezers ingeschreven in de stembureaus waarvan de stembiljetten toevertrouwd zijn aan eenzelfde stemopnemingsbureau, niet meer bedraagt dan 2
  321. §
  322. De stemopnemingsbureaus zijn gevestigd in de lokalen aangewezen door de provinciegouverneur, met instemming van het gemeentecollege. Laatstgenoemde licht de voorzitters van de gemeentelijke bureaus dadelijk in over die uitkiezing voor wat betreft de gemeentelijke stemopneming en de voorzitters van het kantonbureau voor wat betreft de provinciale stemopneming, waarbij laatstgenoemden de taak hebben om de voorzitters van de stemopnemingsbureaus en hun bijzitters in te lichten over de plaats waar ze hun ambt zullen moeten uitoefenen, volgens de nadere regels bepaald in artikel L4125-5, §
  323. §
  324. Indien de gouverneur en het gemeentecollege niet overeenkomen om stemopnemingslokalen te kiezen, ligt de beslissing bij de Regering. Art. L4125-
  325. §
  326. Zodra ze aangewezen zijn, zendt de Regering, of zijn afgevaardigde, enerzijds de instructies voor de uitvoering van hun taken en anderzijds de voor de uitvoering van hun opdracht noodzakelijke formulieren en documenten waarvan de lijst door de Regering wordt vastgesteld, aan de voorzitters van de stemopnemingsbureaus door. §
  327. De voorzitter van het kantonbureau roept tegelijkertijd alle voorzitters van de stemopnemingsbureaus van zijn ambtsgebied samen op een door hem bepaalde dag die niet later mag zijn dan de zesde dag vóór de verkiezing om in hun opleiding te voorzien. Art. L4125-
  328. De voorzitter van het gemeentelijk stemopnemingsbureau wijst zijn secretaris aan onder de kiezers van de gemeente, met inachtneming van het bepaalde van artikel L4125-5, §
  329. De voorzitter van het provinciale stemopnemingsbureau wijst zijn secretaris aan onder de kiezers van het district, volgens dezelfde nadere regels. Afdeling
  330. - Sancties met betrekking tot de kiesbureaus Art. L4125-
  331. Gestraft wordt met een geldboete van 50 tot 200 euro : 1° elke persoon die zich zonder geldige reden onttrokken heeft aan de aanwijzing tot voorzitter of bijzitter van een stem- of een stemopnemingsbureau;2° de voorzitter, de bijzitter of de plaatsvervangende bijzitter die zijn redenen van verhindering niet kenbaar heeft gemaakt binnen de vastgestelde termijn;3° de voorzitter, de bijzitter of de plaatsvervangde bijzitter die, na het ambt te hebben aanvaard, zich ervan onthoudt het uit te oefenen zonder wettige reden. Art. L4125-
  332. Elke persoon die door zijn fout, onvoorzichtigheid of nalatigheid op enigerlei wijze de hem toevertrouwde opdracht in gevaar heeft gebracht, wordt gestraft met een geldboete van 50 tot 200 euro. TITEL III. - Voorbereiding en organisatie van de verkiezingen HOOFDSTUK I. - Controle van de verkiezingsuitgaven en van de herkomst van de geldmiddelen Afdeling
  333. - Controle van de partijen Art. L4131-
  334. Bij het aanvragen van een gewestelijk lijstnummer overeenkomstig artikel L4142-26 van dit Wetboek dienen de politieke partijen die in het Waalse Parlement vertegenwoordigd zijn een schriftelijke verklaring in, waarbij ze zich verplichten tot de aangifte van hun verkiezingsuitgaven. Ze verbinden zich ertoe bij de aangifte van hun uitgaven een aangifte betreffende de herkomst van de geldmiddelen te voegen en daarbij de identiteit van de natuurlijke personen die giften van 125 euro en meer hebben gedaan, te registreren. Ze verbinden zich ertoe de in voorgaande leden bedoelde gegevens binnen dertig dagen na de gemeenteraadsverkiezingen, de provincieraadsverkiezingen, de sectorverkiezingen en de rechtstreekse verkiezingen van de raden voor maatschappelijk welzijn mede te delen aan de voorzitter van de rechtbank van eerste aanleg van Namen. De schriftelijke verklaring, de aangifte van de uitgaven en de aangifte betreffende de herkomst van de geldmiddelen worden opgesteld op de daartoe bestemde formulieren en worden door de aanvrager ondertekend. Deze formulieren worden door de Regering ter beschikking gesteld en in het Belgisch Staatsblad bekendgemaakt.. Art. L4131-
  335. §
  336. De voorzitter van de rechtbank van eerste aanleg van Namen maakt een verslag op van de uitgaven die de politieke partijen bedoeld in artikel L4131-1voor verkiezingspropaganda hebben gedaan, elk voor wat haar betreft. Voor het opstellen van zijn verslag kan de voorzitter alle nodige inlichtingen en bijkomende inlichtingen opvragen. In het verslag wordt melding gemaakt van : 1° de partijen die aan de verkiezingen hebben deelgenomen;2° de door hen aangegane verkiezingsuitgaven;3° de overtredingen die zij begaan hebben tegenover de aangifteplicht bedoeld in artikel L4131-1;4° de overtredingen van artikel 7 van de wet van 7 juli 1994 betreffende de beperking en de controle van de verkiezingsuitgaven voor de verkiezing van de provincieraden en de gemeenteraden, de districtsraden en voor de rechtstreekse verkiezing van de raden voor maatschappelijk welzijn;5° de overtredingen van artikel 2 van de wet van 7 juli 1994 betreffende de beperking en de controle van de verkiezingsuitgaven voor de verkiezing van de provincieraden en de gemeenteraden, de districtsraden en voor de rechtstreekse verkiezing van de raden voor maatschappelijk welzijn die ressorteren onder de aangiften ingediend door die partijen en kandidaten. De aangiften worden bij het verslag gevoegd. §
  337. Het verslag moet binnen vijfenzeventig dagen na de datum van de provincieraadsverkiezingen en de gemeenteraadsverkiezingen in vier exemplaren opgemaakt worden. Twee exemplaren worden door de voorzitter van de rechtbank van eerste aanleg van Namen bewaard en de twee overige exemplaren worden bij de voorzitter van de gewestelijke Controlecommissie neergelegd. Het verslag wordt opgesteld middels een daartoe bestemd formulier, dat door de Regering ter beschikking wordt gesteld en bekendgemaakt wordt in het Belgisch Staatsblad . Een exemplaar van het verslag wordt vanaf de vijfenzeventigste dag na de gemeenteraadsverkiezingen, de provincieraadsverkiezingen en de sectorverkiezingen ter griffie van de rechtbank van eerste aanleg van Namen gedurende vijftien dagen ter inzage gelegd van alle in het register van de kiezers ingeschreven kiezers, op vertoon van hun oproepingsbrief voor de verkiezingen. Bij verstrijken van die termijn worden het verslag en de opmerkingen van de kandidaten en van de in het register van de kiezers ingeschreven kiezers aan de gewestelijke Controlecommissie overgezonden. Art. L4131-
  338. §
  339. De gewestelijke Controlecommissie beslist uiterlijk binnen de honderdtachtig dagen volgend op de datum van de verkiezingen, met inachtneming van de rechten van de verdediging, en na eventueel om de bijstand van het Rekenhof te hebben verzocht, over de juistheid en de volledigheid van het verslag van de voorzitter van de rechtbank van eerste aanleg van Namen. Zij kan daartoe alle bijkomende inlichtingen die voor de voltooiing van haar taak nodig zouden zijn, opvragen. §
  340. In het eindverslag van de gewestelijke Controlecommissie wordt melding gemaakt van : 1° per politieke partij, het totaalbedrag van de door die partij aangegane verkiezingsuitgaven;2° elke overtreding van de bepalingen van de artikelen 2 en 7 van de wet van 7 juli 1994 betreffende de beperking en de controle van de verkiezingsuitgaven voor de verkiezing van de provincieraden en de gemeenteraden, de districtsraden en voor de rechtstreekse verkiezing van de raden voor maatschappelijk welzijn die de politieke partij aangerekend kan worden. §
  341. De voorzitter van het Waalse Parlement zendt het eindverslag van de gewestelijke Controlecommissie naar de diensten van het Belgisch Staatsblad door, die het binnen de dertig dagen na ontvangst ervan bekendmaken. §
  342. Indien de aangifte bedoeld in artikel L4131-1 niet ingediend wordt en indien dat feit de politieke partij aangerekend kan worden, verliest betrokken politieke partij tijdens de daaropvolgende periode, bepaald door de gewestelijke Controlecommissie, en waarvan de duur niet minder mag bedragen dan twee maanden noch meer dan acht, het recht op de door het Waalse Parlement ingestelde bijkomende financiering. Afdeling
  343. - Controle van de kandidaten Art. L4131-
  344. §
  345. In de verklaring van bewilliging bedoeld in artikel L4142-4, § 6, 2°, verbinden de kandidaten zich ertoe de wetsbepalingen inzake beperking en controle van de verkiezingsuitgaven na te leven en deze uitgaven aan te geven. Ze verbinden zich ertoe een aangifte over de herkomst van de geldmiddelen bij hun aangifte van de uitgaven te voegen en de identiteit te registreren van de natuurlijke personen die giften van 125 euro en meer hebben gedaan. De lijstaanvoerder moet bovendien binnen dertig dagen na de datum van de verkiezingen de uitgaven voor de verkiezingspropaganda van de lijst aangeven, evenals de herkomst van de geldmiddelen aangeven en de identiteit van de natuurlijke personen die giften van 125 euro en meer hebben gedaan, registreren. de daartoe door de lijst gemandateerde persoon verzamelt de aangiften van de verkiezingsuitgaven van elke kandidaat en van de lijst en dient ze in binnen dertig dagen na de datum van de verkiezingen bij de griffie van de rechtbank van eerste aanleg binnen wiens rechtsgebied de gemeente gelegen is. De verklaring van bewilliging en de aangiften worden gesteld op daartoe bestemde formulieren en worden door de aanvragers ondertekend. Die formulieren worden door de regering ter beschikking gesteld en in het Belgisch Staatsblad bekendgemaakt. §
  346. De aangiften worden vanaf de eenendertigste dag na de verkiezingen ter griffie van de rechtbank van eerste aanleg gedurende vijftien dagen ter inzage gelegd van alle kiezers van de betrokken kieskring, op vertoon van hun oproepingsbrief voor de verkiezingen. De aangiften van de verkiezingsuitgaven worden bewaard op de griffie van de rechtbank van eerste aanleg tot de honderdeenentwintigste dag na de datum van de verkiezingen. Indien een klacht als bedoeld in artikel L4131-6 of een bezwaar als bedoeld in artikel L4146-25 wordt ingediend binnen honderdtwintig dagen na de datum van de verkiezingen, wordt de aangifte van de verkiezingsuitgaven van de kandidaat die het voorwerp is van de klacht, op hun verzoek overgezonden aan de betrokken procureur des Konings of aan de gewestelijke Controlecommissie. Indien geen enkele klacht als bedoeld in artikel L4131-6 noch een bezwaar als bedoeld in artikel L4146-25 wordt ingediend binnen de in vorig lid bepaalde termijn, kunnen de betrokken documenten door de kandidaten worden afgehaald. Art. L4131-
  347. Een verkozen kandidaat kan van zijn mandaat vervallen worden verklaard indien hij de bepalingen van de artikelen L4131-4 of de artikelen 3, § 2, en 7 van de wet van 7 juli 1994 betreffende de beperking en de controle van de verkiezingsuitgaven voor de verkiezing van de provincieraden en de gemeenteraden, de districtsraden en voor de rechtstreekse verkiezing van de raden voor maatschappelijk welzijn niet naleeft. Een lijstaanvoerder kan van zijn mandaat vervallen worden verklaard indien hij de bepalingen van artikel L4131-4 of de artikelen 3, § 1, en 7 van de wet van 7 juli 1994 betreffende de beperking en de controle van de verkiezingsuitgaven voor de verkiezing van de provincieraden en de gemeenteraden, de districtsraden en voor de rechtstreekse verkiezing van de raden voor maatschappelijk welzijn niet naleeft. Art. L4131-
  348. §
  349. Onverminderd de toepassing van artikel L4131-5 kan worden vervolgd, hetzij op initiatief van de procureur des Konings, hetzij op grond van een klacht ingediend door een persoon die van enig belang doet blijken en dienovereenkomstig wordt gestraft met een gevangenisstraf van acht dagen tot één maand en een geldboete van vijftig tot vijfhonderd euro of enkel één van die straffen : 1° een ieder die geen aangifte van zijn verkiezingsuitgaven en/of van de herkomst van de geldmiddelen heeft gedaan binnen de termijn bepaald in artikel L4131-4;2° een ieder die voor kiespropaganda wetens en willens uitgaven doet of verbintenissen aangaat die de maximumbedragen overschrijden waarin is voorzien bij artikel 3, § 2, van de wet van 7 juli 1994 betreffende de beperking en de controle van de verkiezingsuitgaven voor de verkiezing van de provincieraden en de gemeenteraden, de districtsraden en voor de rechtstreekse verkiezing van de raden voor maatschappelijk welzijn;3° een ieder die tijdens de drie maanden die aan de datum van de verkiezingen voorafgaan, de bepalingen van artikel 7 van de wet van 7 juli 1994 betreffende de beperking en de controle van de verkiezingsuitgaven voor de verkiezing van de provincieraden en de gemeenteraden, de districtsraden en voor de rechtstreekse verkiezing van de raden voor maatschappelijk welzijn niet naleeft;4° de lijstaanvoerder die wetens en willens uitgaven doet of verbintenissen aangaat voor verkiezingspropaganda die de maximumbedragen overschrijden waarin is voorzien bij artikel 3, § 1 van de wet van 7 juli 1994 betreffende de beperking en de controle van de verkiezingsuitgaven voor de verkiezing van de provincieraden en de gemeenteraden, de districtsraden en voor de rechtstreekse verkiezing van de raden voor maatschappelijk welzijn;5° de lijstaanvoerder die niet beschikt over een gewestelijk lijstnummer en een beschermd letterwoord, en die uitgaven verricht voor verkiezingspropaganda op nationaal vlak. De procureur des Konings neemt de anonieme aangiften niet in aanmerking. §
  350. De termijn voor de uitoefening van het initiatiefrecht van de procureur des Konings en voor de indiening van klachten met betrekking tot de in § 1 omschreven overtredingen, verstrijkt de honderdtwintigste dag na de verkiezingen. De procureur des Konings zendt de Controlecommissie een afschrift toe van de klachten tegen kandidaten. De procureur des Konings zendt tevens een afschrift aan de personen tegen wie de klacht is ingediend. De kennisgeving geschiedt binnen acht dagen na de indiening van de klachten. De procureur des Konings geeft de gewestelijke Controlecommissie binnen dezelfde termijn kennis van zijn beslissing om vervolging in te stellen met betrekking tot de in § 1 bedoelde feiten. §
  351. Een ieder die een klacht heeft ingediend of een vordering heeft ingesteld die ongegrond blijken en waarvan vaststaat dat ze zijn ingediend of ingesteld met het oogmerk om te schaden, wordt gestraft met een geldboete van 50 tot 500 euro. §
  352. De procureur des Konings kan in het raam van de in § 1 bepaalde vervolging aan een individuele kandidaat vragen alle inlichtingen te verstrekken in verband met de herkomst van de gelden die voor de financiering van zijn verkiezingscampagne zijn aangewend. Afdeling
  353. - Controle van de herkomst van de geldmiddelen Art. L4131-
  354. §
  355. De identiteit van de natuurlijke personen die giften van 125 euro en meer doen aan partijen wordt door de begunstigden jaarlijks geregistreerd en binnen de dertig dagen na de verkiezingen door de politieke partijen enkel aan de gewestelijke Controlecommissie medegedeeld. §
  356. De identiteit van de natuurlijke personen die giften van 125 euro en meer hebben gedaan aan lijsten en aan kandidaten wordt door de begunstigden geregistreerd. De staat wordt niet ter inzage van de kiezers gelegd. HOOFDSTUK II. - Stemming bij volmacht Art. L4132-
  357. §
  358. De volgende kiezers kunnen een andere kiezer machtigen om in hun naam en opdracht te stemmen : 1° de kiezer die wegens ziekte of gebrekkigheid van zichzelf, een bloed- of aanverwant of een samenwonende niet in staat is om zich naar het stemcentrum te begeven of er naartoe gevoerd te worden.Deze onbekwaamheid moet blijken uit een medisch attest. Geneesheren, die als kandidaat voor de verkiezing zijn voorgedragen, mogen een dergelijk attest niet afgeven; 2° de kiezer die om beroeps- of dienstredenen : a.in het buitenland is opgehouden, alsook de kiezers, leden van zijn gezin of van zijn gevolg, die met hem aldaar verblijven; b. zich de dag van de stemming in het rijk bevindt, maar in de onmogelijkheid verkeert zich in het stemcentrum te melden. Van de onder a. en b. bedoelde onmogelijkheid moet blijken door een attest van de militaire of burgerlijke overheid of van de werkgever onder wie de betrokkene ressorteert. Als de betrokkene een zelfstandige is, moet van de onder a. en b. bedoelde onmogelijkheid blijken door een verklaring op erewoord die vooraf wordt gedaan bij het gemeentebestuur; 3° de kiezer, die het beroep van schipper, marktkramer of kermisreiziger uitoefent en de leden van zijn gezin die met hem samenwonen. Van de uitoefening van het beroep moet blijken door een attest van de burgemeester van de gemeente waar de betrokkene in het bevolkingsregister is ingeschreven; 4° de kiezer die de dag van de stemming ten gevolge van een rechterlijke maatregel in een toestand van vrijheidsbeneming verkeert. Deze toestand wordt bevestigd door de directie van de inrichting waar de betrokkenen zich bevindt; 5° de kiezer die om redenen in verband met zijn geloofsovertuiging in de onmogelijkheid verkeert zich in het stemcentrum te melden. Deze onmogelijkheid moet blijken uit een attest dat is afgegeven door de religieuze overheid; 6° de student die zich, om studieredenen, in de onmogelijkheid bevindt zich in het stemcentrum te melden, op voorwaarde dat hij een attest overlegt van de directie van de instelling waar hij studeert;7° de kiezer die, om andere dan de hiervoor genoemde redenen, de dag van de stemming niet in zijn woonplaats is wegens een tijdelijk verblijf in het buitenland, en zich bijgevolg in de onmogelijkheid bevindt zich in het stembureau te melden. Het verblijf in het buitenland om een dergelijke reden kan blijken uit een attest van de reisorganisatie. In dat document wordt de naam van de kiezer vermeld die een andere kiezer wenst te machtigen om in zijn naam te stemmen. Als de kiezer niet in staat is om zich een dergelijk document te laten verstrekken, kan de onmogelijkheid waarin hij verkeert om zich in het stembureau te melden de dag van de stemming, blijken uit een attest afgegeven door de burgemeester van de gemeente van zijn woonplaats na overlegging van andere verantwoordingsstukken of een geschreven verklaring op erewoord. De Regering bepaalt het model van het door de burgemeester af te geven attest. De aanvraag moet worden ingediend bij de burgemeester van de woonplaats uiterlijk de dag vóór de dag van de verkiezingen. §
  359. Elke kiezer kan als volmachthouder aangewezen worden. Een kandidaat kan eveneens aangewezen worden als volmachthouder bij een bloed- of aanverwant wiens hoofdverblijfplaats niet in zijn woonplaats gevestigd is voorzover de band tot in de derde graad bewezen is. Als de volmachtgever en de volmachthouder allebei ingeschreven zijn in het bevolkingsregister van dezelfde gemeente, bevestigt de burgemeester van die gemeente op het volmachtformulier de verwantschapsband. Indien ze niet in dezelfde gemeente ingeschreven zijn, bevestigt de burgemeester van de gemeente waar de volmachthouder ingeschreven is de verwantschapsband na overlegging van een akte van bekendheid. De akte van bekendheid wordt bij het volmachtformulier gevoegd. Elke gemachtigde kan slechts over één volmacht beschikken. In afwijking van vorige leden wordt de volmachthouder vrij door de volmachtgever aangewezen voor wat betreft de kiezer die wegens zijn religieuze overtuiging in de onmogelijkheid verkeert zich in het stemcentrum te melden. §
  360. De volmacht wordt gesteld op een formulier waarvan het model door de Regering wordt bepaald; het wordt kosteloos afgegeven op de gemeentesecretarie. De volmacht vermeldt de verkiezingen waarvoor ze geldig is, de naam, de voornamen, de geboortedatum en het adres van de volmachtgever en van de volmachthouder, en het identificatienummer van de volmachtgever in het Rijksregister van de natuurlijke personen. Het volmachtformulier wordt door de volmachtgever en de volmachthouder ondertekend. HOOFDSTUK III. - Bijstand bij de stemming Art. L4133-
  361. §
  362. De kiezer wiens mobiliteit tijdelijk of voor goed beperkt is kan bij het gemeentebestuur een verklaring indienen om doorgestuurd te worden naar een aan zijn toestand aangepast stemcentrum. §
  363. De verklaring bij de gemeente dient uiterlijk 31 juli plaats te vinden. De indiener van de verklaring krijgt een bericht van ontvangst. §
  364. Tegenover de naam van de indiener van de verklaring wordt in het register van de kiezers de letter A ingeschreven. Art. L4133-
  365. §
  366. De kiezer die meent dat hij er behoefte aan heeft om tot in het stemhokje begeleid te worden om zijn stemrecht uit te oefenen, kan een dienovereenkomstige verklaring indienen bij de burgemeester van zijn woonplaats, uiterlijk de vijftiende dag vóór de dag van de verkiezing. Een behoefte aan begeleiding is verantwoord bij : 1° personen die moeilijkheden ondervinden in hun verstandelijk functioneren of bij het leren;2° personen die moeilijkheden ondervinden in hun lichamelijk functioneren;3° personen die moeilijkheden ondervinden in hun zintuiglijk functioneren;4° personen die moeilijkheden van psychische aard ondervinden;5° personen die moeilijkheden ondervinden ten gevolge van een chronische of degeneratieve aandoening;6° personen wier moedertaal niet één van de talen bepaald in artikel 4 van de Grondwet is, wanneer zulks tot moeilijkheden bij het lezen leidt. §
  367. De betrokken kiezer kiest zijn begeleider; die moet evenwel zelf kiezer zijn. Geen enkele begeleider mag meer dan één kiezer bijstaan. Een kandidaat kan als begeleider optreden van zijn (haar) echtgenoot (-genote) of wettelijk samenwonende, of van een bloed- of aanverwant wiens hoofdverblijfplaats in de woonplaats van eerstgenoemde gevestigd is, op voorwaarde dat hijzelf kiezer is. Een kandiddat kan eveneens aangewezen worden als begeleider van een bloed- of aanverwant wiens hoofdverblijfplaats niet in de woonplaats van eerstgenoemde gevestigd is, voorzover de verwantschap tot in de derde graad bewezen is. §
  368. De verklaring wordt afgelegd op een formulier waarvan het model vastgesteld is door de Regering en dat kosteloos verstrekt wordt door de gemeentesecretarie. In de verklaring worden de verkiezingen vermeld waarvoor ze geldt, evenals de namen, voornamen, geboortedatum, adres van de kiezer en de begeleider en het identificatienummer van de kiezer in het Rijksregister van de natuurlijke personen. Het formulier wordt ondertekend door de kiezer en de begeleider. De kiezer legt het aan de stembureauvoorzitter voor, samen met zijn oproepingsbrief. §
  369. De stembureauvoorzitter verwijdert de begeleider die het bepaalde van vorige leden overtreedt. HOOFDSTUK IV. - Getuigen van de partijen Afdeling
  370. - Aanwijzing van de getuigen Art. L4134-
  371. §
  372. De kandidaten kunnen in de verklaring van bewilliging bedoeld in artikel L4142-4, § 6, 2°, een getuige en een plaatsvervangend getuige aanwijzen om de vergaderingen van het kieskring- en kantonbureau en de verrichtingen die die bureaus uit dienen te voeren na de stemming, bij te wonen. Indien bepaalde kandidaten die op eenzelfde voordrachtsakte opgenomen zijn, in afzonderlijke verklaringen van bewilliging, verschillende personen hebben aangewezen, komen alleen in aanmerking de aanwijzingen ondertekend door de eerste kandidaat in de volgorde van de voordracht. §
  373. De kandidaten kunnen in de verklaring van lijstenverbinding bedoeld in artikel L4142-34 voor de verbonden lijsten een getuige en een plaatsvervangend getuige aanwijzen om de verrichtingen van het centrale arrondissementsbureau bij te wonen. De getuigen moeten kiezers zijn in één van de districten van het arrondissement. De kandidaten die geen verklaring van lijstenverbinding hebben afgegeven in de districten waar andere kandidaten die verklaring hebben afgegeven, hebben het recht om zich bij de verrichtingen van het centrale arrondissementsbureau te laten vertegenwoordigen door de door hen aangewezen getuigen om de vergaderingen van het districtbureau bij te wonen voor die kiesverrichtingen. §
  374. Vijf dagen vóór de verkiezing, en van veertien tot zestien uur, kan de eerste kandidaat in de volgorde van de voordracht voor zijn lijst evenveel getuigen aanwijzen als er stem- en stemopnemingsbureaus zijn in de kieskring, en een gelijk aantal plaatsvervangende getuigen. Er kan per stembureau slechts één getuige en één plaatsvervangend getuige aangewezen worden per lijst of per lijstengeheel die over hetzelfde volgnummer of hetzelfde letterwoord of logo beschikken maar die opkomen bij respectievelijk de gemeenteraads- en de provincieraadsverkiezingen. De getuige gemeen aan de lijsten bedoeld in vorig lid is de getuige aangewezen door de eerste kandidaat in de voordrachtsorde voor de gemeenteraadsverkiezing. §
  375. Niemand kan als getuige aangewezen worden als hij niet kiezer is in de kieskring. De kandidaat geeft het bureau op waar elke getuige zijn opdracht zal vervullen tijdens de gehele duur van de verrichtingen. Hij geeft hiervan zelf kennis aan de door hem aangewezen getuigen. Deze kennisgeving wordt medeondertekend door de voorzitter van het kieskringbureau. De getuigen die kiezer zijn in een andere gemeente moeten van hun hoedanigheid van kiezer doen blijken door overlegging, hetzij van de oproepingsbrief voor de verkiezingen in hun gemeente, hetzij van een uittreksel uit het register van de kiezers. Onverminderd de toepassing van vorig lid moeten de getuigen de hen overgezonden kennisgeving aan de voorzitter van het bureau voorleggen. §
  376. De getuigen leggen volgende eed af : "Je jure de garder le secret des votes et de ne chercher en aucune manière à influencer le libre choix des électeurs." of : "Ich schwöre das Stimmgeheimnis zu bewahren, und keineswegs zu versuchen, die freie Wahl der Wähler zu beeinflüssen." §
  377. In de gemeenten Komen-Waasten, Edingen, Vloesberg en Moeskroen, waarop artikel 8, 5°, van het koninklijk besluit van 18 juli 1966 betreffende het taalgebruik in bestuurszaken betrekking heeft, kunnen de getuigen erom verzoeken volgende eed af te leggen : "Ik zweer het geheim van de stemming te houden en in geen geval te proberen om de vrije keuze van de kiezers te beïnvloeden." §
  378. De eed wordt vóór aanvang van de verrichtingen in de handen van de voorzitter afgelegd. Het proces-verbaal maakt melding van die eedaflegging. Afdeling
  379. - Onverenigbaarheden Art. L4134-
  380. §
  381. De leden van een kiesbureau kunnen niet als getuige of plaatsvervangend getuige aangewezen worden. §
  382. De kandidaten kunnen aangewezen worden als getuige of plaatsvervangend getuige. Laatstgenoemden zijn er evenwel toe gehouden zich te schikken naar de regels vernoemd in de artikelen L4134-3 tot L4134-
  383. §
  384. Onverminderd de toepassing van § 2 worden de getuigen bij voorkeur aangewezen onder de ondertekenende kiezers, met uitzondering van de mandatarissen, wier naam op de voordrachtsakte bedoeld in artikel L4142-4, § 5, opgenomen is. Daartoe, en in het geval waarin een kandidaat als getuige of plaatsvervangend getuige aangewezen zou zijn, onderzoekt de voorzitter van het kieskringbureau de kiezerslijst bedoeld in artikel L4142-4, § 6, 1°. Als blijkt dat de ondertekenende kiezers aanvaard hebben om aangewezen te worden als getuige of plaatsvervangend getuige, kan de eerste kandidaat in de voordrachtsorde één onder hen onmiddellijk aanwijzen. Bij ontstentenis is de getuigenaanwijzing onbestaande. Afdeling
  385. - Opdrachten van de getuigen Art. L4134-
  386. Deze afdeling is van toepassing op de partijgetuigen onverminderd de bepalingen geldend voor elke persoon die zich in of in de onmiddellijke nabijheid van een stemcentrum bevindt. Art. L4134-
  387. Naast de opdrachten die bij dit Wetboek uitdrukkelijk worden toegewezen aan de getuigen tijdens het gehele kiesproces, hebben de getuigen enkel een waarnemingsopdracht. Ze hebben het recht om hun opmerkingen door de voorzitter in de processen-verbaal te laten opnemen. Laatstgenoemde mag niet weigeren om hun opmerkingen op te nemen. Art. L4134-
  388. De getuigen mogen in geen geval proberen om de stemming van de kiezers te beïnvloeden. Ze mogen in geen enkel geval mandataris, begeleider of hulp van andere kiezers zijn in de kieskring waarin ze opkomen. Elke manifestatie vanwege de getuigen die gelijkgesteld moet worden met kiespropaganda is strikt verboden. Bij overtreding van de bepalingen van dit artikel verwijdert de voorzitter van het bureau na een eerste waarschuwing de getuige die dergelijke tekens maakt uit het lokaal. Het verwijderingsbevel en de redenen ervoor worden opgetekend in het proces-verbaal en de schuldigen worden gestraft met een geldboete van vijftig tot vijfhonderd euro. HOOFDSTUK V. - Kosten van de verkiezingen Art. L4135-
  389. De leden van de stembureaus ontvangen presentiegeld waarvan het bedrag door de Regering wordt vastgesteld. Het bedrag van de vergoedingen en van de voordelen van enigerlei aard waarop ze aanspraak zouden kunnen maken wordt eveneens door de Regering bepaald. De leden van de kiesbureaus kunnen aanspraak maken op de terugbetaling van hun reiskosten. Art. L4135-
  390. §
  391. De kosten betreffende het door het Gewest verstrekte stempapier worden door laatstgenoemde overgenomen. §
  392. Volgende verkiezingskosten worden voor de helft door de gemeenten en voor de helft door de provincies overgenomen : 1° het presentiegeld waarop de leden van de kiesbureaus aanspraak kunnen maken, onder de door de Regering vastgestelde voorwaarden;2° de reiskosten waarop de leden van de kiesbureaus aanspraak kunnen maken, onder de door de Regering vastgestelde voorwaarden;3° de reiskosten gemaakt door de kiezers die de dag van de verkiezing niet meer in de gemeente waar ze als kiezer ingeschreven zijn, verblijven, onder de door de Regering vastgestelde voorwaarden;4° de verzekeringspremies om de lichamelijke schade te dekken die voortvloeien uit ongevallen die de leden van de kiesbureaus zijn overkomen in de uitoefening van hun ambt.De regering bepaalt de regels volgens welke deze risico's worden gedekt. §
  393. Ten laste van de gemeenten zijn volgens de door de Regering goedgekeurde modellen : 1° de stembussen;2° de schotten;3° de lessenaars;4° de omslagen;5° de potloden. §
  394. Alle andere verkiezingskosten worden door de gemeenten overgenomen. Art. L4135-
  395. §
  396. De provincie schiet de gemeenten van zijn ambtsgebied de kosten van de verkiezingen bedoeld in § 2 van vorig lid voor en vordert daarna de gepaste sommen van hen terug. §
  397. De betaling van het presentiegeld aan de leden van de kiesbureaus wordt door de provincie verricht, enkel op grond van de bijlage bij het proces-verbaal, behoorlijk ondertekend door alle leden van het bureau. §
  398. Het presentiegeld wordt op de door de Regering bepaalde wijze op de financiële rekening van de leden van het bureau gestort. §
  399. De leden van de kiesbureaus hebben recht op een reisvergoeding indien zij zetelen in een gemeente waar ze niet ingeschreven zijn in de bevolkingsregisters, onder de door de Regering vastgestelde voorwaarden. §
  400. De schuldvordering wegens reisonkosten moet opgesteld worden op het formulier zoals bepaald door de Regering en dient verstuurd te worden naar het betrokken provinciebestuur dat de betaling verricht op grond van bedoelde schuldvordering. Art. L4135-
  401. De kiezers die recht hebben op een kosteloze reis zijn :
  402. de kiezers die niet meer verblijven in de gemeente waar ze moeten stemmen;
  403. de bezoldigde personen die hun beroep in het buitenland uitoefenen of in een andere gemeente dan die waar ze moeten stemmen;
  404. de familieleden van de onder 2° bedoelde personen die met laatstgenoemde samenwonen;
  405. de studenten die wegens hun studies in een andere gemeente dan die waar ze moeten stemmen verblijven;
  406. de personen die zich in een verpleeginrichting of in een verzorgingstehuis, gelegen in een andere gemeente dan die waar ze moeten stemmen, bevinden. De wijze van terugbetaling wordt door de Regering bepaald. TITEL IV. - Kiesverrichtingen HOOFDSTUK I. - Digitale en geautomatiseerde verrichtingen Art. L4141-
  407. §
  408. Onverminderd de bepalingen van de artikelen L4211-1 tot en met L4261-7 betreffende de geautomatiseerde stemming worden de verrichtingen betreffende het digitaal invoeren van gegevens bedoeld in dit Wetboek uitgevoerd aan de hand van een softwareprogramma dat door de Regering uitgewerkt is en geleverd wordt aan de voorzitters van de kiesbureaus. Het college van deskundigen bedoeld in artikel L4211-6 ziet tijdens de verkiezingen toe op de betrouwbaarheid van het softwareprogramma. Uiterlijk tien dagen na afsluiten van de stemming en in ieder geval vóór de geldigverklaring van de verkiezingen zenden de deskundigen een verslag over aan de Waalse Regering en aan het Waalse Parlement. Dat verslag kan meer bepaald aanbevelingen bevatten betreffende het softwareprogramma. §
  409. Indien dit Wetboek de overzending van bepaalde gegevens op digitale wijze voorschrijft, gebeurt dat op de door de Regering vastgestelde wijze met inachtneming van de beginselen inzake het vertrouwelijk karakter, de integriteit en de beschikbaarheid van de gegevens in verband met de verkiezingen. §
  410. Zo ook, wanneer dit Wetboek de geautomatiseerde gegevensverwerking voorschrijft, gebeurt dat op de door de Regering vastgestelde wijze en nadere regels met inachtneming van de beginselen inzake het vertrouwelijk karakter, de integriteit en de beschikbaarheid van de gegevens in verband met de verkiezingen. HOOFDSTUK II. - Kandidaatstellingen Afdeling
  411. - Verkiesbaarheid en onverenigbaarheden Art. L4142-
  412. §
  413. Onder voorbehoud van de specifieke voorwaarden vernoemd in onderstaande leden, moet men, om tot gemeenteraadslid, provincieraadslid, sectorraadslid verkozen te ku

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.