📄 Wettekst
14 SEPTEMBER 2016. - Wet houdende instemming met volgende Internationale Akten: 1° het Algemeen Reglement van de Wereldpostvereniging, gedaan te Doha op 11 oktober 2012; 2° de Wereldpostconventie en Slotprotocol, gedaan te Doha op 11 oktober 2012; 3° de Overeenkomst betreffende de uitbetalingsdiensten van de post, gedaan te Doha op 11 oktober 2012 (1)(2)
FILIP, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
De Kamer van volksvertegenwoordigers heeft aangenomen en Wij bekrachtigen, hetgeen volgt : Artikel 1.Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 74 van de Grondwet. Art. 2.Het Algemeen Reglement van de Wereldpostvereniging, gedaan te Doha op 11 oktober 2012, zal volkomen gevolg hebben. Art. 3.De Wereldpostconventie en Slotprotocol, gedaan te Doha op 11 oktober 2012, zullen volkomen gevolg hebben. Art. 4.De Overeenkomst betreffende de uitbetalingsdiensten van de post, gedaan te Doha op 11 oktober 2012, zal volkomen gevolg hebben.
Kondigen deze wet af, bevelen dat zij met 's Lands zegel zal worden bekleed en door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.
Gegeven te Brussel, 14 september 2016.
FILIP Van Koningswege : De Minister van Buitenlandse Zaken, D. REYNDERS De Minister van de Post, A. DE CROO Met 's Lands zegel gezegeld : De Minister van Justitie, K. GEENS _______ Nota's (1) Kamer van volksvertegenwoordigers (www.dekamer.be) : Stukken : 54K1961 integraal verslag: 13/07/2016 (2) Datum van neerlegging van ratificatie-instrument : 30/09/2016 (Zie : www.upu.int)
Algemeen Reglement van de Wereldpostvereniging (herzien en aangenomen door het Congres van Doha 2012) Inhoudsopgave HOOFDSTUK 1. - Organisatie, bevoegdheden en werking van het Congres, de Administratieve Raad, de Raad voor Postexploitatie en het Raadgevend Comité Afdeling 1. - Congres
Art. 101. Organisatie en bijeenkomst van de Congressen en de buitengewone Congressen 102.Stemrecht in het Congres 103. Taken van het Congres 104.Huishoudelijk reglement van het Congres 105. Waarnemers in de organen van de Vereniging Afdeling 2.- Administratieve Raad
106. Samenstelling en werking van de Administratieve Raad 107.Bevoegdheden van de Administratieve Raad 108. Organisatie van de zittingen van de Administratieve Raad 109.Waarnemers 110. Terugbetaling van de reiskosten 111.Informatie over de werkzaamheden van de Administratieve Raad Afdeling 3. - Raad voor Postexploitatie
112. Samenstelling en werking van de Raad voor Postexploitatie 113.Bevoegdheden van de Raad voor Postexploitatie 114. Organisatie van de zittingen van de Raad voor Postexploitatie 115.Waarnemers 116. Terugbetaling van de reiskosten 117.Informatie over de werkzaamheden van de Raad voor Postexploitatie Afdeling 4. - Raadgevend Comité
118. Rol van het Raadgevend Comité 119.Samenstelling van het Raadgevend Comité 120. Toetreding tot het Raadgevend Comité 121.Bevoegdheden van het Raadgevend Comité 122. Organisatie van het Raadgevend Comité 123.Vertegenwoordigers van het Raadgevend Comité in het Congres, in de Administratieve Raad en in de Raad voor Postexploitatie 124. Waarnemers in het Raadgevend Comité 125.Informatie over de werkzaamheden van het Raadgevend Comité HOOFDSTUK II. - Internationaal Bureau Afdeling 1. - Verkiezing en bevoegdheden van de directeur-generaal en
van de vicedirecteur-generaal 126. Verkiezing van de directeur-generaal en van de vicedirecteur-generaal 127.Bevoegdheden van de directeur-generaal 128. Bevoegdheden van de vicedirecteur-generaal Afdeling 2.- Secretariaat van de organen van de Vereniging en van het
Raadgevend Comité 129. Algemeen 130.Voorbereiding en verdeling van de documenten van de organen van de Vereniging 131. Lijst van de lidstaten 132.Inlichtingen. Adviezen. Verzoeken om toelichting en wijziging van de Akten. Onderzoeken. Tussenkomst in de vereffening van de rekeningen 133. Technische samenwerking 134.Formulieren geleverd door het Internationaal Bureau 135. Akten van de Beperkte Verenigingen en bijzondere overeenkomsten 136.Tijdschrift van de Vereniging 137. Jaarverslag over de werkzaamheden van de Vereniging HOOFDSTUK III.- Indiening, onderzoek van de voorstellen, kennisgeving van de aangenomen beslissingen en inwerkingtreding van de Reglementen en andere aangenomen beslissingen 13 8. Procedure voor het indienen van de voorstellen aan het Congres 139.Procedure voor het indienen van de voorstellen tot wijziging van de Conventie en van de Overeenkomsten tussen twee Congressen in 140. Onderzoek van de voorstellen tot wijziging van de Conventie en van de Overeenkomsten tussen twee Congressen in 141.Procedure voor het indienen bij de Raad voor Postexploitatie van voorstellen betreffende de uitwerking van nieuwe Reglementen rekening houdende met de beslissingen die door het Congres zijn genomen 142. Wijziging van de Reglementen door de Raad voor Postexploitatie 143.Kennisgeving van de beslissingen die tussen twee Congressen in zijn genomen 144. Inwerkingtreding van de Reglementen en van de overige beslissingen die tussen twee Congressen in zijn genomen HOOFDSTUK IV.- Financiën 14 5. Vaststelling van de uitgaven van de Vereniging 146.Betaling van de bijdragen van de lidstaten 147. Geldtekort 148.Controle op het bijhouden van de financiële rekeningen en op de boekhouding 149. Automatische sancties 150.Bijdrageklassen 151. Betaling van de benodigdheden van het Internationaal Bureau 152.Organisatie van de door de gebruikers gefinancierde hulporganen HOOFDSTUK V. - Arbitrage 15 3. Arbitrageprocedure HOOFDSTUK VI.- Gebruik van de talen binnen de Vereniging 15 4. Werktalen van het Internationaal Bureau 155.Talen gebruikt voor de documentatie, de beraadslagingen en de dienstbriefwisseling HOOFDSTUK VII. - Slotbepalingen 15 6. Goedkeuringsvoorwaarden inzake de voorstellen betreffende het Algemeen Reglement 157.Voorstellen betreffende de akkoorden met de Organisatie van de Verenigde Naties 158. Wijziging, tenuitvoerlegging en duur van het Algemeen Reglement Algemeen Reglement van de Wereldpostvereniging (herzien en aangenomen door het Congres van Doha 2012) Gelet op artikel 22.2 van de op 10 juli 1964 te Wenen afgesloten Stichtingsakte, hebben de gevolmachtigden van de regeringen van de lidstaten van de Wereldpostverenging, in Congres bijeen te Genève, in gemeenschappelijk overleg en onder voorbehoud van artikel 25.4 van de genoemde Stichtingsakte de volgende wijzigingen van het Algemeen Reglement aangenomen. HOOFDSTUK I. - Organisatie, bevoegdheden en werking van het Congres, de Administratieve Raad, de Raad voor Postexploitatie en het Raadgevend Comité Afdeling 1. - Congres
Artikel 101 Organisatie en bijeenkomst van de Congressen en de buitengewone Congressen (Stichtingsakte 14,15) 1. De vertegenwoordigers van de lidstaten komen in Congres bijeen, uiterlijk vier jaar na het einde van het jaar waarin het vorige Congres heeft plaatsgevonden.2. Elke lidstaat laat zich op het Congres vertegenwoordigen door één of meerdere gevolmachtigden, die hiervoor van hun regering de nodige volmachten hebben gekregen.Een lidstaat mag zich, indien nodig, laten vertegenwoordigen door de afvaardiging van een andere lidstaat. Een afvaardiging mag evenwel slechts één andere lidstaat dan de zijne vertegenwoordigen. 3. In principe wijst ieder Congres het land aan waar het volgende Congres zal plaatsvinden.Indien deze aanwijzing niet uitvoerbaar blijkt, is de Administratieve Raad gemachtigd om het land aan te wijzen waar de zittingen van het Congres zullen plaatsvinden, na afspraak met dit land. 4. Na overleg met het Internationaal Bureau legt de uitnodigende regering de definitieve datum en de juiste plaats van het Congres vast.In principe stuurt de uitnodigende regering één jaar vóór deze datum een uitnodiging aan de regering van elke lidstaat. Deze uitnodiging kan worden verzonden, hetzij rechtstreeks, hetzij via een andere regering, hetzij via de directeur-generaal van het Internationaal Bureau. 5. Wanneer een Congres moet worden bijeengeroepen zonder dat er een uitnodigende regering is, treft het Internationaal Bureau, met instemming van de Administratieve Raad en na overleg met de regering van de Zwitserse Bondsstaat, de nodige schikkingen om het Congres bijeen te roepen en het te organiseren in het land waar de Vereniging zetelt.In dit geval oefent het Internationaal Bureau de functie uit van uitnodigende regering. 6. De plaats van bijeenkomst van een buitengewoon Congres wordt na overleg met het Internationaal Bureau bepaald door de lidstaten die het initiatief tot dit Congres hebben genomen.7. De bepalingen onder nummers 2 tot 6 zijn naar analogie toepasselijk op de buitengewone Congressen. Artikel 102 Stemrecht in het Congres 1. Tijdens de beraadslagingen beschikt iedere lidstaat over één stem, onder voorbehoud van de sancties waarvan sprake in artikel 149. Artikel 103 Taken van het Congres 1. Op basis van de voorstellen van de lidstaten, van de Administratieve Raad en van de Raad voor Postexploitatie: 1.1 bepaalt het Congres het algemene beleid voor de vervulling van de opdracht en van het doel van de Vereniging, die vermeld zijn in de inleiding van de Stichtingsakte en in artikel een ervan; 1.2 onderzoekt het Congres de voorstellen vanwege de lidstaten en de Raden tot wijziging van de Stichtingsakte, het Algemeen Reglement, de Conventie en de Overeenkomsten, en neemt het die in voorkomend geval aan, overeenkomstig artikel 29 van de Stichtingsakte en artikel 122 van het Algemeen Reglement; 1.3 stelt het Congres de datum van inwerkingtreding van de Akten vast; 1.4 neemt het Congres zijn Huishoudelijk Reglement aan, alsook de amendementen daarop; 1.5 onderzoekt het Congres volledige rapporten die respectievelijk door de Administratieve Raad, de Raad voor Postexploitatie en het Raadgevend Comité worden voorgesteld met betrekking tot de periode die verlopen is sedert het vorige Congres, overeenkomstig de bepalingen van de artikelen 111, 117 en 125 van het Algemeen Reglement; 1.6 neemt het Congres de strategie van de Vereniging aan; 1.7 stelt het Congres het maximumbedrag van de uitgaven van de Vereniging vast, overeenkomstig artikel 21 van de Stichtingsakte; 1.8 verkiest het Congres de lidstaten die zitting hebben in de Administratieve Raad en in de Raad voor Postexploitatie; 1.9 verkiest het Congres de directeur-generaal en de vicedirecteur-generaal van het Internationaal Bureau; 1.10 stelt het Congres door een resolutie het plafond vast van de door de Vereniging te dragen kosten voor het opstellen van de documenten in het Duits, Chinees, Portugees en Russisch. 2. Als hoogste orgaan van de Vereniging behandelt het Congres andere kwesties, met name in verband met de postdiensten. Artikel 104 Huishoudelijk Reglement van de Congressen (Stichtingsakte 14) 1. Voor het organiseren van zijn werkzaamheden en het leiden van de beraadslagingen past het Congres het Huishoudelijk Reglement van de Congressen toe.2. Ieder Congres kan dit Reglement wijzigen, overeenkomstig de voorwaarden die in het Huishoudelijk Reglement zelf zijn vastgelegd. Artikel 105 Waarnemers in de organen van de Vereniging 1. De onderstaande entiteiten wordt verzocht als waarnemer deel te nemen aan de plenaire zittingen en aan de vergaderingen van de Commissies van het Congres, van de Administratieve Raad en van de Raad voor Postexploitatie: 1.1 Vertegenwoordigers van de Organisatie van de Verenigde Naties. 1.2. Beperkte Verenigingen. 1.3 Leden van het Raadgevend Comité. 1.4 Entiteiten die de vergaderingen van de Vereniging als waarnemer mogen bijwonen krachtens een resolutie of een beslissing van het Congres. 2. De onderstaande entiteiten, indien behoorlijk aangewezen door de Administratieve Raad overeenkomstig artikel 107.1.12, worden uitgenodigd bijzondere vergaderingen van het Congres bij te wonen als waarnemer ad hoc : 2.1 Gespecialiseerde organisaties van het systeem van de Verenigde Naties en andere intergouvernementele organisaties. 2.2 Elke internationale instelling, elke vereniging of onderneming, of iedere geschikte persoon. 3. Behalve de onder 1 bepaalde waarnemers kunnen de Administratieve Raad en de Raad voor Postexploitatie andere waarnemers ad hoc aanwijzen om hun vergaderingen bij te wonen, overeenkomstig hun huishoudelijk reglement, wanneer dat in het belang is van de Vereniging en haar organen. Afdeling 2. - Administratieve Raad
Artikel 106 Samenstelling en werking van de Administratieve Raad (Stichtingsakte 17) 1. De Administratieve Raad is samengesteld uit 41 leden die hun functie uitoefenen gedurende de periode tussen twee opeenvolgende Congressen.2. Het voorzitterschap komt van rechtswege toe aan de lidstaat die als gastland van het Congres fungeert.Indien deze lidstaat zich terugtrekt, wordt hij van rechtswege lid en hierdoor beschikt de geografische groep waartoe hij behoort over een bijkomende zetel waarop de beperkingen onder punt 3 niet van toepassing zijn. In dit geval kiest de Administratieve Raad voor het voorzitterschap één van de leden die tot de geografische groep behoren van de lidstaat die als gastland fungeert. 3. De 40 andere leden van de Administratieve Raad worden door het Congres verkozen op basis van een billijke geografische spreiding.Ten minste de helft van de leden wordt vervangen ter gelegenheid van ieder Congres; geen enkele lidstaat mag door drie opeenvolgende Congressen gekozen worden. 4. Elk lid van de Administratieve Raad wijst zijn vertegenwoordiger aan, die bevoegd moet zijn op postaal gebied.De leden van de Administratieve Raad nemen actief deel aan de werkzaamheden ervan. 5. De functie van lid van de Administratieve Raad is onbezoldigd.De werkingskosten van die Raad zijn ten laste van de Vereniging.
Artikel 107 Bevoegdheden van de Administratieve Raad 1. De Administratieve Raad heeft de volgende bevoegdheden: 1.1 toezicht houden op alle werkzaamheden van de Vereniging tussen twee Congressen in; daarbij houdt hij rekening met de beslissingen van het Congres, onderzoekt hij het beleid van de regeringen betreffende de postdiensten en houdt hij rekening met het internationale reglementaire beleid zoals in verband met de handel in diensten en de concurrentie; 1.2 alle vormen van postale technische bijstand stimuleren, coördineren en controleren binnen het kader van de internationale technische samenwerking; 1.3 het ontwerp van vierjaarlijks activiteitenplan van de WPV, dat goedgekeurd is door het Congres onderzoeken en het afwerken door de activiteiten die in dat plan worden voorgesteld in overeenstemming te brengen met de beschikbare middelen. Het plan zou in voorkomend geval ook moeten overeenstemmen met de resultaten van elke hiërarchische indeling die wordt gevolgd door het Congres. Het vierjaarlijkse activiteitenplan van de WPV, afgewerkt en goedgekeurd door de Administratieve Raad, dient vervolgens als basis voor het programma en de jaarlijkse begroting, alsook voor de jaarlijkse bedrijfsplannen die moeten worden opgesteld en uitgevoerd door de Administratieve Raad en de Raad voor Postexploitatie; 1.4 het programma en de jaarlijkse begroting en de rekeningen van de Vereniging onderzoeken en goedkeuren, rekening houdende met de definitieve versie van het activiteitenplan van de WPV, zoals beschreven in 107.1.3; 1.5 indien de omstandigheden het vereisen, overeenkomstig artikel 145.3 tot 5, toestaan dat het plafond voor de uitgaven overschreden wordt; 1.6 indien gevraagd, de keuze van een lagere bijdrageklasse toestaan, overeenkomstig de voorwaarden bepaald in artikel 150.6; 1.7 indien een lidstaat dat vraagt, de verandering van geografische groep toestaan, rekening houdende met de adviezen vanwege de lidstaten die lid zijn van de betreffende geografische groepen; 1.8 arbeidsplaatsen bij het Internationaal Bureau scheppen of afschaffen, rekening houdende met de beperkingen die verbonden zijn aan het vastgestelde uitgavenplafond; 1.9 beslissen of er met de lidstaten contact moet worden opgenomen om zijn functies te vervullen; 1.10 na raadpleging van de Raad voor Postexploitatie beslissen over de betrekkingen die moeten worden aangeknoopt met de organisaties die geen waarnemer zijn in de zin van artikel 105.1; 1.11 de verslagen van het Internationaal Bureau over de betrekkingen van de WPV met de andere internationale instellingen onderzoeken en goedkeuren, de beslissingen treffen die hij wenselijk acht voor het onderhouden van deze betrekkingen en het gevolg dat eraan moet worden gegeven; 1.12 te gelegener tijd en na overleg met de Raad voor Postexploitatie en de Secretaris-generaal de gespecialiseerde organisaties van de Verenigde Naties, internationale instellingen, de verenigingen, de ondernemingen en de bevoegde personen aanwijzen die als waarnemer ad hoc uitgenodigd moeten worden om zich op specifieke zittingen van het Congres en de Commissies ervan te laten vertegenwoordigen wanneer dat in het belang is van de Vereniging of dit ten goede kan komen aan de werkzaamheden van het Congres en de directeur-generaal van het Internationaal Bureau belasten met het verzenden van de nodige uitnodigingen; 1.13 de lidstaat aanwijzen waar het volgende Congres zal zetelen in het geval waarvan sprake in artikel 101.3; 1.14 te gelegener tijd en na raadpleging van de Raad voor Postexploitatie, het aantal Commissies bepalen die nodig zijn om de werkzaamheden van het Congres tot een goed einde te brengen en de bevoegdheden ervan vastleggen; 1.15 Na raadpleging van de Raad voor Postexploitatie en onder voorbehoud van de goedkeuring door het Congres, de lidstaten aanwijzen die: 1.15.1 het vicevoorzitterschap van het Congres alsook het voorzitterschap en het vicevoorzitterschap van de Commissies kunnen waarnemen, waarbij er zoveel mogelijk rekening wordt gehouden met een billijke geografische spreiding over de lidstaten; 1.15.2 deel kunnen uitmaken van de Beperkte Commissies van het Congres; 1.16 zijn leden aanwijzen die zitting zullen hebben in het Raadgevend Comité; 1.17 binnen het kader van zijn bevoegdheden, elke handeling onderzoeken en goedkeuren die nodig geacht wordt om de internationale postdienst te moderniseren en om de kwaliteit ervan te vrijwaren en te verhogen 1.18 op verzoek van het Congres, van de Raad voor Postexploitatie of van de lidstaten, problemen van administratieve, wetgevende en rechtskundige aard onderzoeken die van belang zijn voor de Vereniging of de internationale postdienst; het behoort tot de bevoegdheid van de Administratieve Raad om in de bovenvermelde domeinen te beslissen of het al dan niet opportuun is om de door de lidstaten aangevraagde studies in de periode tussen twee Congressen in aan te vatten; 1.19 voorstellen formuleren die overeenkomstig artikel 140 ter goedkeuring voorgelegd zullen worden hetzij aan het Congres, hetzij aan de lidstaten; 1.20 studieonderwerpen voor onderzoek voorleggen aan de Raad voor Postexploitatie, overeenkomstig artikel 113.1.6 1.21 na raadpleging van de Raad voor Postexploitatie het ontwerp van strategie dat aan het Congres moet worden voorgesteld, onderzoeken en goedkeuren; 1.22 de verslagen alsook de aanbevelingen van het Raadgevend Comité in ontvangst nemen en deze bespreken, en de aanbevelingen van het Comité onderzoeken om deze aan het Congres voor te leggen. 1.23 controle uitoefenen op de activiteiten van het Internationaal Bureau; 1.24 de jaarlijkse verslagen opgesteld door het Internationaal Bureau over de werkzaamheden van de Vereniging en over het financiële beheer goedkeuren en indien nodig hierover commentaar uitbrengen; 1.25 wanneer hij het nodig acht, de principes vastleggen waarmee de Raad voor Postexploitatie rekening dient te houden wanneer hij vragen bestudeert die een belangrijke financiële weerslag hebben (taksen, eindrechten, doorvoerrechten, basistaksen voor het luchtvervoer van de briefwisseling en het in het buitenland afgeven van brievenpostzendingen), van nabij de studie over deze vragen volgen, de voorstellen van de Raad voor Postexploitatie met betrekking tot dezelfde onderwerpen onderzoeken en goedkeuren, om de overeenkomst met de voorgaande principes te garanderen; 1.26 binnen zijn bevoegdheid, de aanbevelingen van de Raad voor Postexploitatie goedkeuren betreffende het eventuele aannemen van een reglementering of een nieuwe werkwijze, in afwachting dat het Congres daarover een beslissing neemt; 1.27 het jaarverslag, opgesteld door de Raad voor Postexploitatie, en de eventuele voorstellen ervan onderzoeken; 1.28 het vierjaarlijkse verslag goedkeuren dat door het Internationaal Bureau na raadpleging van de Raad voor Postexploitatie opgesteld is met betrekking tot de resultaten van de lidstaten inzake de uitvoering van de strategie van de Vereniging die door het vorige Congres is goedgekeurd, om te worden voorgelegd aan het volgende Congres; 1.29 het kader vastleggen voor de organisatie van het Raadgevend Comité en de organisatie van het Raadgevend Comité goedkeuren, conform de bepalingen in artikel 122; 1.30 de criteria vastleggen voor toetreding tot het Raadgevend Comité en op grond van die criteria toetredingsaanvragen goed- of afkeuren, en er tevens voor zorgen dat die aanvragen volgens een versnelde procedure tussen de bijeenkomsten van de Administratieve Raad in worden behandeld; 1.31 het Financieel Reglement van de WPV vastleggen; 1.32 de regels vastleggen die op het Reservefonds van toepassing zijn; 1.33 de regels vastleggen die op het Speciaal Fonds van toepassing zijn; 1.34 de regels vastleggen die op het Fonds voor Bijzondere Werkzaamheden van toepassing zijn; 1.35 de regels vastleggen die op het Vrijwillig Fonds van toepassing zijn; 1.36 het statuut van het personeel en de dienstvoorwaarden van de verkozen ambtenaren vastleggen; 1.37 het reglement van het Sociaal Fonds vastleggen; 1.38 toezicht houden, in de zin van artikel 152, op de oprichting van de door de gebruikers gefinancierde hulporganen en op de activiteiten ervan.
Artikel 108 Organisatie van de zittingen van de Administratieve Raad 1. Bij zijn constituerende vergadering, die door de voorzitter van het Congres wordt bijeengeroepen en geopend, kiest de Administratieve Raad onder zijn leden vier vicevoorzitters en legt hij zijn huishoudelijk reglement vast.2. In principe komt de Administratieve Raad, na bijeenroeping door zijn voorzitter, eenmaal per jaar bijeen ten zetel van de Vereniging.3. De voorzitter, de vicevoorzitters, de voorzitters en de vicevoorzitters van de Commissies van de Administratieve Raad vormen het Beheerscomité.Dit Comité bereidt de werkzaamheden voor van elke zitting van de Administratieve Raad, en leidt ze. Het keurt namens de Administratieve Raad het jaarverslag goed dat het Internationaal Bureau heeft opgesteld over de werkzaamheden van de Vereniging en neemt al de overige taken op zich die de Administratieve Raad beslist eraan toe te vertrouwen, of waarvan gedurende de strategische planning de noodzakelijkheid blijkt. 4. De voorzitter van de Raad voor Postexploitatie vertegenwoordigt die Raad op de zittingen van de Administratieve Raad waarvan de agenda punten bevat die betrekking hebben op het orgaan dat hij leidt.5. De voorzitter van het Raadgevend Comité vertegenwoordigt dit orgaan op de bijeenkomsten van de Administratieve Raad wanneer de agenda punten bevat die het Raadgevend Comité aanbelangen. Artikel 109 Waarnemers 1. Waarnemers 1.1 Om een doelmatige samenhang tussen de werkzaamheden van de twee organen te garanderen, mag de Raad voor Postexploitatie vertegenwoordigers aanwijzen om de vergaderingen van de Administratieve Raad als waarnemer bij te wonen. 1.2 De lidstaten van de Vereniging die geen lid zijn van de Raad, alsook de waarnemers en waarnemers ad hoc vermeld in artikel 105 kunnen de plenaire zittingen en de vergaderingen van de Commissies van de Administratieve Raad bijwonen zonder stemrecht. 2. Principes 2.1 Om logistieke redenen kan de Raad voor Postexploitatie het aantal deelnemers per waarnemer en waarnemer ad hoc beperken. Hij kan tevens hun spreekrecht tijdens besprekingen beperken. 2.2 De waarnemers en waarnemers ad hoc kunnen, op hun verzoek, de toestemming krijgen om mee te werken aan studieprojecten, waarbij zij de voorwaarden in acht moeten nemen die de Raad kan opleggen om het rendement en de doeltreffendheid van zijn werking te verzekeren.
Indien hun kennis of hun ondervinding dit rechtvaardigt kunnen ze tevens worden verzocht om Werkgroepen of Projectgroepen voor te zitten. De deelname van de waarnemers en waarnemers ad hoc creëert geen bijkomende kosten voor de Vereniging. 2.3 In uitzonderlijke omstandigheden kunnen de leden van het Raadgevend Comité en waarnemers ad hoc worden uitgesloten van een vergadering of een deel van een vergadering. Ook kan hun recht op het ontvangen van bepaalde documenten worden beperkt wanneer de vertrouwelijkheid van het onderwerp van de vergadering of van het document dat vereist; de beslissing hierover kan per geval worden genomen door elk betrokken orgaan of door de voorzitter ervan; de verschillende gevallen worden gemeld aan de Administratieve Raad en aan de Raad voor Postexploitatie wanneer het gaat om aangelegenheden waarbij dit orgaan een bijzonder belang heeft. Vervolgens kan de Administratieve Raad, indien hij dit nodig acht, de beperkingen heronderzoeken in overleg met de Raad voor Postexploitatie, wanneer dat wenselijk is.
Artikel 110 Terugbetaling van de reiskosten 1. De reiskosten van de vertegenwoordiger van ieder lid van de Administratieve Raad die deelneemt aan de zittingen van dit orgaan, komen ten laste van zijn lidstaat.Nochtans heeft de vertegenwoordiger van elke lidstaat die volgens de lijsten van de Organisatie van de Verenigde Naties gerangschikt is bij de ontwikkelingslanden of de minst ontwikkelde landen, recht op terugbetaling van de prijs van een vliegtuigbiljet heen en terug in economyclass of van een treinkaartje eerste klas, ofwel van de kosten van een reis met een ander vervoermiddel, op voorwaarde dat dit bedrag de prijs van een vliegtuigbiljet heen en terug in economyclass niet overschrijdt. Dit geldt echter niet voor de vergaderingen die plaatshebben tijdens het Congres. Hetzelfde recht wordt verleend aan de vertegenwoordiger van elk lid van zijn Commissies, van zijn werkgroepen of van zijn andere organen indien deze buiten het Congres en de zittingen van de Raad bijeenkomen.
Artikel 111 Informatie over de werkzaamheden van de Administratieve Raad 1. Na iedere zitting brengt de Administratieve Raad de lidstaten, hun aangewezen operatoren, de Beperkte Verenigingen en de leden van het Raadgevend Comité op de hoogte van zijn werkzaamheden door hen met name een beknopt verslag alsook zijn resoluties en zijn beslissingen toe te zenden.2. De Administratieve Raad stelt ten behoeve van het Congres een verslag op over al zijn werkzaamheden en verzendt dit, ten minste twee maanden vóór de opening van het Congres, aan de lidstaten, aan hun aangewezen operatoren en aan de leden van het Raadgevend Comité. Afdeling 3. - Raad voor Postexploitatie
Artikel 112 Samenstelling en werking van de Raad voor Postexploitatie 1. De Raad voor Postexploitatie is samengesteld uit 40 leden die hun functies uitoefenen gedurende de periode tussen twee opeenvolgende Congressen in.2. De leden van de Raad voor Postexploitatie worden verkozen door het Congres, op basis van een precieze geografische spreiding. Vierentwintig zetels worden voorbehouden aan de lidstaten met de status van ontwikkelingsland en zestien zetels aan de lidstaten met de status van ontwikkeld land. Op elk Congres wordt ten minste een derde van de leden vervangen. 3. Elk lid van de Raad voor Postexploitatie wijst zijn vertegenwoordiger aan, die de verantwoordelijkheden opneemt die vermeld zijn in de Akten van de Vereniging betreffende het verlenen van diensten.4. De werkingskosten van de Raad voor Postexploitatie zijn ten laste van de Vereniging.Zijn leden ontvangen geen enkele bezoldiging Artikel 113 Bevoegdheden van de Raad voor Postexploitatie 1. De Raad voor Postexploitatie heeft de volgende bevoegdheden: 1.1 de praktische maatregelen voor de ontwikkeling en de verbetering van de internationale postdiensten coördineren; 1.2 onder voorbehoud van de goedkeuring door de Administratieve Raad in het kader van zijn bevoegdheden, elke nodig geachte handeling ondernemen om de kwaliteit van de internationale postdienst te vrijwaren, te verhogen en deze dienst te moderniseren; 1.3 beslissen of er met de lidstaten en hun aangewezen operatoren contact moet worden opgenomen om zijn functies te vervullen; 1.4 de nodige maatregelen treffen met het oog op het onderzoek en de uitwisseling van ervaringen en de geboekte vooruitgang van sommige lidstaten en hun aangewezen operatoren in domeinen van techniek, exploitatie, economie en beroepsopleiding die de postdiensten aanbelangen; 1.5 na afspraak met de Administratieve Raad, de geschikte maatregelen treffen op het vlak van de technische samenwerking met alle lidstaten van de Vereniging en hun aangewezen operatoren, en voornamelijk met de nieuwe landen en de ontwikkelingslanden en hun aangewezen operatoren; 1.6 alle andere kwesties onderzoeken die door een lid van de Raad voor Postexploitatie, door de Administratieve Raad, of door een lidstaat of aangewezen operator worden voorgelegd; 1.7 de verslagen alsook de aanbevelingen van het Raadgevend Comité in ontvangst nemen en deze bespreken, en met betrekking tot kwesties die de Raad voor Postexploitatie aanbelangen opmerkingen formuleren en onderzoeken omtrent de aanbevelingen van het Raadgevend Comité om deze aan het Congres voor te leggen. 1.8 zijn leden aanwijzen die zitting zullen hebben in het Raadgevend Comité. 1.9 het onderzoek leiden van de voornaamste exploitatie-, commerciële, technische en economische problemen, alsook kwesties betreffende technische samenwerking die alle lidstaten van de Vereniging of hun aangewezen operatoren aanbelangen, in het bijzonder kwesties die een belangrijke financiële weerslag hebben (taksen, eindrechten, doorvoerrechten, basistaksen voor luchtvervoer van brieven, het aandeel in de postcolli en de afgifte van brievenpostzendingen in het buitenland), het uitwerken van informatie en adviezen in dit verband en de ter zake te nemen maatregelen aanbevelen; 1.10 aan de Administratieve Raad de elementen aanreiken die nodig zijn voor de opstelling van het ontwerp van strategie dat aan het Congres moet worden voorgelegd; 1.11 problemen onderzoeken inzake onderricht en beroepsopleiding die de lidstaten en hun aangewezen operatoren, alsook de nieuwe landen en de ontwikkelingslanden aanbelangen; 1.12 de huidige situatie en de noden van de postdiensten van de nieuwe en de ontwikkelingslanden bestuderen en aangepaste aanbevelingen uitwerken over de wijze waarop en de middelen waarmee de postdiensten in deze landen kunnen worden verbeterd; 1.13 de Reglementen van de Vereniging wijzigen binnen zes maanden na het einde van het Congres, op voorwaarde dat dit er niet anders over beslist; in hoogdringende gevallen kan de Raad voor Postexploitatie tijdens andere zittingen eveneens de voornoemde Reglementen wijzigen; in beide gevallen moet de Raad voor Postexploitatie de richtlijnen van de Administratieve Raad volgen, wat het beleid en de grondbeginselen betreft; 1.14 voorstellen formuleren die overeenkomstig artikel 140 ter goedkeuring aan het Congres of aan de lidstaten zullen worden voorgelegd; de goedkeuring van de Administratieve Raad is vereist wanneer de voorstellen betrekking hebben op kwesties die onder zijn bevoegdheid vallen; 1.15 op verzoek van een lidstaat, elk voorstel onderzoeken dat deze lidstaat overeenkomstig artikel 139 aan het Internationaal Bureau bezorgt, de commentaar erop voorbereiden en het Bureau opdragen om die aan voornoemd voorstel te hechten alvorens het ter goedkeuring aan de lidstaten voor te leggen; 1.16 indien nodig, en eventueel na goedkeuring door de Administratieve Raad en na raadpleging van alle lidstaten, de invoering van een reglementering of van een nieuwe werkwijze aanbevelen, in afwachting dat het Congres ter zake een beslissing neemt; 1.17 normen inzake techniek, exploitatie en andere gebieden onder zijn bevoegdheid waarvoor een eenvormige werkwijze noodzakelijk is, uitwerken en in de vorm van aanbevelingen aan de lidstaten en aan hun aangewezen operatoren voorleggen; tevens wijzigt hij, indien nodig, de door hem reeds vastgelegde normen; 1.18 het kader vaststellen voor de organisatie van de door de gebruikers gefinancierde hulporganen en deze organisatie goedkeuren, overeenkomstig artikel 152; 1.19 de jaarlijks overgezonden rapporten van de door de gebruikers gefinancierde hulporganen in ontvangst nemen en onderzoeken.
Artikel 114 Organisatie van de zittingen van de Raad voor Postexploitatie 1. Bij zijn eerste vergadering die door de voorzitter van het Congres wordt bijeengeroepen en geopend, kiest de Raad voor Postexploitatie onder zijn leden een voorzitter, een vicevoorzitter en de voorzitters van de Commissies.2. In principe komt de Raad voor Postexploitatie jaarlijks bijeen ten zetel van de Vereniging.De datum en de plaats van de vergadering worden met de instemming van de voorzitter van de Administratieve Raad en de directeur-generaal van het Internationaal Bureau door de voorzitter bepaald. 3. De voorzitter, de vicevoorzitter en de voorzitters en vicevoorzitters van de Commissies van de Raad voor Postexploitatie vormen het Beheerscomité.Dit Comité bereidt de werkzaamheden voor van iedere zitting van de Raad voor Postexploitatie, het leidt deze en neemt alle taken op zich die deze laatste beslist hem toe te vertrouwen, of waarvan gedurende het verloop van de strategische planning de noodzakelijkheid blijkt. 4. Op basis van de strategie van de Vereniging die door het Congres is aangenomen en in het bijzonder op grond van het deel over de strategieën van de vaste instellingen van de Vereniging, stelt de Raad voor Postexploitatie bij zijn zitting die op het Congres volgt een basiswerkprogramma op dat een aantal tactieken bevat die erop gericht zijn de strategieën uit te voeren.Dit basisprogramma, dat een beperkt aantal werkzaamheden bevat over actuele onderwerpen en onderwerpen van algemeen belang, wordt elk jaar herzien naargelang van de werkelijke toestand en van de nieuwe prioriteiten. 5. De voorzitter van het Raadgevend Comité vertegenwoordigt dit orgaan op de bijeenkomsten van de Administratieve Raad wanneer de agenda punten bevat die het Raadgevend Comité aanbelangen. Artikel 115 Waarnemers 1. Waarnemers 1.1 Om een doeltreffende samenhang tussen de werkzaamheden van de twee organen te garanderen, kan de Administratieve Raad vertegenwoordigers aanwijzen om als waarnemer de vergaderingen van de Raad voor Postexploitatie bij te wonen. 1.2 De lidstaten van de Vereniging die geen lid zijn van de Raad, alsook de waarnemers en waarnemers ad hoc vermeld in artikel 105 kunnen zonder stemrecht de plenaire zittingen en de vergaderingen van de Commissies van de Raad voor postexploitatie bijwonen. 2. Principes 2.1 Om logistieke redenen kan de Raad voor Postexploitatie het aantal deelnemers per waarnemer en waarnemer ad hoc beperken. Hij kan tevens hun spreekrecht tijdens besprekingen beperken. 2.2 De waarnemers en waarnemers ad hoc kunnen, op hun verzoek, de toestemming krijgen om mee te werken aan studieprojecten, waarbij zij de voorwaarden in acht moeten nemen die de Raad kan opleggen om het rendement en de doeltreffendheid van zijn werking te verzekeren.
Indien hun kennis of hun ondervinding dit rechtvaardigt kunnen ze tevens worden verzocht om Werkgroepen of Projectgroepen voor te zitten. De deelname van de waarnemers en waarnemers ad hoc creëert geen bijkomende kosten voor de Vereniging. 2.3 In uitzonderlijke omstandigheden kunnen de leden van het Raadgevend Comité en waarnemers ad hoc worden uitgesloten van een vergadering of een deel van een vergadering. Ook kan hun recht op het ontvangen van bepaalde documenten worden beperkt wanneer de vertrouwelijkheid van het onderwerp van de vergadering of van het document dat vereist; de beslissing hierover kan per geval worden genomen door elk betrokken orgaan of door de voorzitter ervan; de verschillende gevallen worden gemeld aan de Administratieve Raad en aan de Raad voor Postexploitatie wanneer het gaat om aangelegenheden waarbij dit orgaan een bijzonder belang heeft. Vervolgens kan de Administratieve Raad, indien hij dit nodig acht, de beperkingen heronderzoeken in overleg met de Raad voor Postexploitatie, wanneer dat wenselijk is.
Artikel 116 Terugbetaling van de reiskosten 1. De reis- en verblijfskosten van de vertegenwoordigers van de lidstaten die deelnemen aan de Raad voor Postexploitatie zijn ten laste van deze lidstaten.Nochtans heeft de vertegenwoordiger van elke lidstaat die volgens de lijsten van de Organisatie van de Verenigde Naties als minder begunstigd beschouwd worden, recht op terugbetaling van de prijs van een vliegtuigbiljet heen en terug in economyclass of van een treinkaartje eerste klas, ofwel van de kosten van een reis met een ander vervoermiddel, op voorwaarde dat dit bedrag de prijs van een vliegtuigbiljet heen en terug in economy class niet overschrijdt. Dit geldt echter niet voor de vergaderingen die plaatshebben tijdens het Congres Artikel 117 Informatie over de werkzaamheden van de Raad voor Postexploitatie 1. Na iedere zitting brengt de Raad voor Postexploitatie de lidstaten, hun aangewezen operatoren, de Beperkte Verenigingen en de leden van het Raadgevend Comité op de hoogte van zijn werkzaamheden door hen met name een beknopt verslag, alsook zijn resoluties en zijn beslissingen toe te zenden.2. De Raad voor Postexploitatie stelt ten behoeve van de Administratieve Raad een jaarverslag over zijn werkzaamheden op.3. De Raad voor Postexploitatie stelt ten behoeve van het Congres een verslag op over al zijn werkzaamheden, dat verslagen omvat over de door de gebruikers gefinancierde hulporganen overeenkomstig artikel 152, en verzendt dit, ten minste twee maanden vóór de opening van het Congres, aan de lidstaten van de Vereniging, aan hun aangewezen operatoren en aan de leden van het Raadgevend Comité. Afdeling 4. - Raadgevend Comité
Artikel 118 Rol van het Raadgevend Comité 1. Het Raadgevend Comité heeft als doel de belangen van de postsector in de ruime zin te vertegenwoordigen en een kader te vormen voor een doeltreffende dialoog tussen de belanghebbende partijen. Artikel 119 Samenstelling van het Raadgevend Comité 1. Het Raadgevend Comité omvat: 1.1 niet-gouvernementele organisaties die optreden als vertegenwoordigers van klanten, leveranciers van distributiediensten, werknemersorganisaties, leveran-ciers van goederen en diensten die werken voor de sector van de postdiensten, en soortgelijke organen die particulieren verenigen, alsook ondernemingen die wensen bij te dragen tot de vervulling van de opdracht en van de doelstellingen van de Vereniging. Als deze organisaties zich hebben geregistreerd, dan moeten zij dat hebben gedaan in een lidstaat van de Vereniging. 1.2 leden aangewezen door de Administratieve Raad die onder zijn leden zijn gekozen; 1.3 leden aangewezen door de Raad voor Postexploitatie die onder zijn leden zijn gekozen. 2. De werkingskosten van het Raadgevend Comité worden verdeeld tussen de Vereniging en de leden van het Comité, overeenkomstig de uitvoeringsbepalingen die werden vastgelegd door de Administratieve Raad.3. De leden van het Raadgevend Comité ontvangen geen enkele bezoldiging of vergoeding. Artikel 120 Toetreding tot het Raadgevend Comité 1. De Administratieve Raad en de Raad voor Postexploitatie wijzen hun respectieve leden aan die als lid zitting hebben in het Raadgevend Comité.Behalve voor de leden die zijn aangewezen door de Administratieve Raad en de Raad voor Postexploitatie, wordt over het lidmaatschap van het Raadgevend Comité beslist na een procedure van aanvraag en goedkeuring, die werd opgesteld door de Administratieve Raad en conform artikel 107.1.37 wordt uitgevoerd. 2. Elk lid van het Raadgevend Comité wijst zijn eigen vertegenwoordiger aan. Artikel 121 Bevoegdheden van het Raadgevend Comité 1. Het Raadgevend Comité heeft de volgende bevoegdheden: 1.1 de relevante documenten en rapporten van de Administratieve Raad en de Raad voor Postexploitatie onderzoeken; in uitzonderlijke omstandigheden kan het recht om bepaalde teksten en documenten te ontvangen worden beperkt indien de vertrouwelijkheid van het onderwerp van de vergadering of het document dat vereist; de beslissing over een dergelijke beperking kan door elk betrokken orgaan of zijn voorzitter per geval worden genomen; de verschillende gevallen worden aan de Administratieve Raad gemeld, alsook aan de Raad voor Postexploitatie wanneer het kwesties betreft die van bijzonder belang zijn voor dit orgaan; daarna kan de Administratieve Raad, wanneer hij dit nodig acht, in overleg met de Raad voor Postexploitatie de beperkingen heronderzoeken wanneer dat wenselijk is; 1.2 onderzoek verrichten over belangrijke kwesties voor de leden van het Raadgevend Comité en meewerken aan dit onderzoek; 1.3 kwesties onderzoeken met betrekking tot de sector van de postdiensten en verslag uitbrengen over die kwesties; 1.4 bijdragen tot de werkzaamheden van de Administratieve Raad en de Raad voor Postexploitatie, met name door het presenteren van verslagen en aanbevelingen, en door het formuleren van adviezen op verzoek van de twee Raden; 1.5 aanbevelingen formuleren aan het Congres, onder voorbehoud van de goedkeuring door de Administratieve Raad en, voor de kwesties die de Raad voor Postexploitatie aanbelangen, door middel van onderzoek en evaluatie door deze Raad.
Artikel 122 Organisatie van het Raadgevend Comité 1. Het Raadgevend Comité wordt na elk Congres gereorganiseerd, volgens het kader dat door de Administratieve Raad is opgesteld.De voorzitter van de Administratieve Raad zit de organisatievergadering van het Raadgevend Comité voor, waarop men de voorzitter van het genoemde Comité verkiest. 2. Het Raadgevend Comité bepaalt zijn interne organisatie en stelt zijn eigen huishoudelijk reglement op, rekening houdende met de algemene principes van de Vereniging en onder voorbehoud van een goedkeuring door de Administratieve Raad, na raadpleging van de Raad voor Postexploitatie.3. Het Raadgevend Comité komt eenmaal per jaar samen.In principe hebben de vergaderingen plaats op de zetel van de Vereniging tijdens de zittingen van de Administratieve Raad en de Raad voor Postexploitatie. De datum en de plaats van elke vergadering worden door de voorzitter van het Raadgevend Comité vastgelegd, met instemming van de voorzitters van de Administratieve Raad en de Raad voor Postexploitatie en de directeur-generaal van het Internationaal Bureau.
Artikel 123 Vertegenwoordigers van het Raadgevend Comité in het Congres, in de Administratieve Raad en in de Raad voor Postexploitatie 1. Om een doeltreffende samenhang met de organen van de Vereniging te garanderen, kan het Raadgevend Comité vertegenwoordigers aanwijzen om als waarnemers zonder stemrecht de vergaderingen van het Congres, van de Administratieve Raad en van de Raad voor Postexploitatie, alsook van hun respectieve Commissies bij te wonen.2. De leden van het Raadgevend Comité worden uitgenodigd voor de plenaire zittingen en de vergaderingen van de Commissies van de Administratieve Raad en van de Raad voor Postexploitatie, overeenkomstig artikel 105.Zij kunnen ook deelnemen aan de werkzaamheden van de Projectgroepen en de Werkgroepen overeenkomstig de bepalingen van de artikelen 109.2.2 en 115.2.2. 3. De voorzitter van de Administratieve Raad en de voorzitter van het Raadgevend Comité vertegenwoordigen deze organen op de vergaderingen van het Raadgevend Comité wanneer de agenda punten bevat die de genoemde organen aanbelangen. Artikel 124 Waarnemers in het Raadgevend Comité 1. Andere lidstaten van de Vereniging, alsook de waarnemers en de waarnemers ad hoc vermeld in artikel 105 kunnen, zonder stemrecht, de zittingen van het Raadgevend Comité bijwonen.2. Om logistieke redenen kan het Raadgevend Comité het aantal deelnemers per waarnemer en waarnemer ad hoc beperken.Het kan tevens hun spreekrecht tijdens besprekingen beperken. 3. In uitzonderlijke omstandigheden kunnen de waarnemers en waarnemers ad hoc worden uitgesloten van een vergadering of een deel van een vergadering.Ook kan hun recht op het ontvangen van bepaalde documenten worden beperkt wanneer de vertrouwelijkheid van het onderwerp van de vergadering of van het document dat vereist; de beslissing hierover kan per geval worden genomen door elk betrokken orgaan of door de voorzitter ervan; de verschillende gevallen worden gemeld aan de Administratieve Raad en aan de Raad voor Postexploitatie wanneer het aangelegenheden betreft waarbij dit orgaan een bijzonder belang heeft. Vervolgens kan de Administratieve Raad, indien hij dit nodig acht, in overleg met de Raad voor Postexploitatie de beperkingen heronderzoeken, wanneer dat wenselijk is.
Artikel 125 Informatie over de werkzaamheden van het Raadgevend Comité 1. Na iedere zitting brengt het Raadgevend Comité de Administratieve Raad en de Raad voor Postexploitatie op de hoogte van zijn werkzaamheden door aan de voorzitters van deze organen onder andere een analytisch beknopt verslag van zijn vergaderingen, alsook zijn aanbevelingen en adviezen toe te zenden.2. Het Raadgevend Comité stelt ten behoeve van de Administratieve Raad een jaarlijks activiteitenverslag op en zendt hiervan een exemplaar naar de Raad voor Postexploitatie.Dit verslag wordt opgenomen in de documentatie van de Administratieve Raad die verstrekt wordt aan de lidstaten, aan hun aangewezen operatoren en aan de Beperkte Verenigingen, conform artikel 111. 3. Het Raadgevend Comité stelt ten behoeve van het Congres een verslag op over al zijn werkzaamheden en verzendt dit, ten minste twee maanden vóór de opening van het Congres, aan de lidstaten en aan hun aangewezen operatoren. HOOFDSTUK II. - Internationaal Bureau Afdeling 1. - Verkiezing en bevoegdheden van de directeur-generaal en
van de vicedirecteur-generaal Artikel 126 Verkiezing van de directeur-generaal en van de vicedirecteur-generaal van het Internationaal Bureau 1. De directeur-generaal en de vicedirecteur-generaal van het Internationaal Bureau worden door het Congres verkozen voor de periode tussen twee opeenvolgende Congressen in.De minimumduur van hun mandaat bedraagt vier jaar. Hun mandaat kan slechts eenmaal worden verlengd. Behoudens een andere beslissing van het Congres, is de datum van hun ambtsaanvaarding vastgesteld op 1 januari van het jaar dat op het Congres volgt. 2. Ten minste zeven maanden vóór de opening van het Congres zendt de directeur-generaal van het Internationaal Bureau een nota aan de regeringen van de lidstaten waarin hij hen uitnodigt om de eventuele kandidaturen voor de betrekking van directeur-generaal en van vicedirecteur-generaal voor te dragen en tezelfdertijd te laten weten of de directeur-generaal of de vicedirecteur-generaal hun eerste mandaat eventueel wensen te verlengen.De kandidaturen, vergezeld van een curriculum vitae, moeten ten minste twee maanden vóór de opening van het Congres bij het Internationaal Bureau aankomen. De kandidaten moeten onderdaan zijn van de lidstaten die hen voordragen. Het Internationaal Bureau stelt de documentatie op die nodig is voor het Congres. De verkiezing van de directeur-generaal en die van de vicedirecteur-generaal hebben plaats bij geheime stemming, waarbij de eerste betrekking heeft op het ambt van directeur-generaal. 3. Wanneer het ambt van directeur-generaal vacant is, neemt de vicedirecteur-generaal de functie van directeur-generaal waar tot het mandaat van deze laatste ten einde is;hij is verkiesbaar voor dit ambt en wordt ambtshalve als kandidaat aanvaard, onder voorbehoud dat zijn eerste mandaat als vicedirecteur-generaal niet reeds eenmaal verlengd werd door het vorige Congres en hij zijn belangstelling uitspreekt om als kandidaat voor het ambt van directeur-generaal te worden beschouwd. 4. Indien de ambten van directeur-generaal en vicedirecteur-generaal gelijktijdig vacant zijn, kiest de Administratieve Raad, op basis van de na een oproep ontvangen kandidaturen, een vicedirecteur-generaal voor de periode tot het volgende Congres.Voor de voordracht van de kandidaturen zijn naar analogie de bepalingen onder nummer 2 van toepassing. 5. Indien het ambt van vicedirecteur-generaal vacant is, gelast de Administratieve Raad, op voorstel van de directeur-generaal, één van directeurs met graad D 2 bij het Internationaal Bureau om tot aan het volgende Congres de functie van vicedirecteur-generaal waar te nemen. Artikel 127 Bevoegdheden van de directeur-generaal 1. De directeur-generaal organiseert, beheert en leidt het Internationaal Bureau waarvan hij de wettelijke vertegenwoordiger is. 2. Wat de indeling van de ambten, de benoemingen en de bevorderingen betreft: 2.1 is de directeur-generaal bevoegd om de ambten met de graden G 1 tot D 2 in te delen en ambtenaren tot deze graden te benoemen en te bevorderen; 2.2 dient hij voor de benoemingen tot de graden P 1 tot D 2 de beroepsbekwaamheid in aanmerking te nemen van de kandidaten die aanbevolen zijn door de lidstaten waarvan ze de nationaliteit hebben, of waar zij hun beroep uitoefenen, rekening houdende met een billijke geografische spreiding over de continenten en de talen. De betrekkingen van de graad D 2 moeten in de mate van het mogelijke worden voorbehouden aan de kandidaten die afkomstig zijn uit verschillende regio's en andere regio's dan die van de directeur-generaal en de vicedirecteur-generaal, waarbij vooral aan de efficiëntie van het Internationaal Bureau wordt gedacht. Wanneer voor een ambt bijzondere kwalificaties vereist zijn, mag de directeur-generaal een beroep doen op externe deskundigen. 2.3 houdt hij bij de benoeming van een nieuwe ambtenaar er tevens rekening mee dat de personen die de ambten van de graden D 2, D 1 en P 5 bekleden, in principe onderdaan dienen te zijn van de verschillende lidstaten van de Vereniging; 2.4 is hij bij de bevordering van een ambtenaar van het Internationaal Bureau tot de graden D 2, D 1 en P 5, niet gehouden aan de toepassing van hetzelfde principe bedoeld onder 2.3. 2.5 komen bij de aanwerving de eisen inzake een billijke geografische en taalgebonden spreiding na de verdienste; 2.6 licht de directeur-generaal de Administratieve Raad eenmaal per jaar in over de benoemingen en de bevorderingen tot de graden P 4 tot D 2. 3. Bovendien heeft de directeur-generaal de volgende bevoegdheden: 3.1 de functies waarnemen van bewaarder van de Akten van de Vereniging en van tussenpersoon in de toetredings- en toelatingsprocedure van de Vereniging, alsook in haar uittredingsprocedure; 3.2 alle regeringen van de lidstaten op de hoogte brengen van de beslissingen die het Congres genomen heeft; 3.3. aan alle lidstaten en aan hun aangewezen operatoren de door de Raad voor Postexploitatie aangenomen of herziene Reglementen meedelen; 3.4 op het laagst mogelijke niveau dat met de behoeften van de Vereniging verenigbaar is, het ontwerp van het jaarlijkse budget van de Vereniging voorbereiden en dit te gelegener tijd voor onderzoek aan de Administratieve Raad voorleggen; na goedkeuring door de Administratieve Raad het budget meedelen aan de lidstaten van de Vereniging en het vervolgens uitvoeren; 3.5 de specifieke werkzaamheden uitvoeren die door de organen van de Vereniging worden gevraagd en de taken die de Akten eraan toewijzen; 3.6 de initiatieven nemen om de door de organen van de Vereniging vooropgestelde doelstellingen te bereiken, in het kader van het vastgelegde beleid en de beschikbare fondsen; 3.7 suggesties en voorstellen aan de Administratieve Raad of aan de Raad voor Postexploitatie voorleggen; 3.8 na afloop van het Congres, aan de Raad voor Postexploitatie voorstellen doen betreffende de wijzigingen die moeten worden aangebracht in de Reglementen vanwege beslissingen van het Congres, conform het Huishoudelijk Reglement van de Raad voor Postexploitatie; 3.9 ten behoeve van de Administratieve Raad en volgens de richtlijnen gegeven door de Raden, het ontwerp van strategisch plan voorbereiden dat aan het Congres dient te worden voorgelegd; 3.10 ter goedkeuring door de Administratieve Raad een vierjaarlijks rapport opstellen over de resultaten van de lidstaten inzake uitvoering van de door het vorige Congres goedgekeurde strategie van de Vereniging, dat aan het volgende Congres zal worden voorgelegd; 3.11 de Vereniging vertegenwoordigen; 3.12 als tussenpersoon optreden in de betrekkingen tussen: 3.12.1 de WPV en de Beperkte Verenigingen; 3.12.2 de WPV en de Organisatie van de Verenigde Naties; 3.12.3 de WPV en de internationale organisaties waarvan de activiteiten van belang zijn voor de Vereniging; 3.12.4 de WPV en de internationale instellingen, verenigingen of ondernemingen die de organen van de Vereniging wensen te raadplegen of bij hun werkzaamheden te betrekken; 3.13 de functie waarnemen van Secretaris-generaal van de organen van de Vereniging en uit hoofde hiervan, rekening houdende met de bijzondere bepalingen van dit Reglement, waken over: 3.13.1 de voorbereiding en de organisatie van de werkzaamheden van de organen van de Vereniging; 3.13.2 de uitwerking, het maken en de verdeling van de documenten, verslagen en processen-verbaal; 3.13.3 de werking van het secretariaat gedurende de vergaderingen van de organen van de Vereniging; 3.14 de zittingen van de organen van de Vereniging bijwonen en zonder stemrecht deelnemen aan de beraadslagingen, met de mogelijkheid zich te laten vertegenwoordigen.
Artikel 128 Bevoegdheden van de vicedirecteur-generaal 1. De vicedirecteur-generaal staat de directeur-generaal bij en is hem verantwoording verschuldigd.2. Bij afwezigheid of verhindering van de directeur-generaal, oefent de vicedirecteur-generaal diens functie uit.Hetzelfde geldt wanneer de functie van directeur-generaal vacant is, zoals beschreven in artikel 126.3. Afdeling 2. - Secretariaat van de organen van de Vereniging en van het
Raadgevend Comité Artikel 129 Algemeen 1. Het secretariaat van de organen van de Vereniging wordt waargenomen door het Internationaal Bureau onder de verantwoordelijkheid van de directeur-generaal. Artikel 130 Voorbereiding en verdeling van de documenten van de organen van de Vereniging 1. Het Internationaal Bureau bereidt alle documenten voor die worden gepubliceerd ter gelegenheid van elke zitting en stelt deze ter beschikking op de website van de WPV.Het Internationaal Bureau meldt ook de publicatie van een nieuw elektronisch document op de website van de WPV via een daarop voorzien, efficiënt systeem.
Artikel 131 Lijst van de lidstaten (Stichtingsakte 2) 1. Het Internationaal Bureau stelt de lijst op van lidstaten van de Vereniging en houdt deze bij.Deze lijst vermeldt hun bijdrageklasse, hun geografische groep en de stand van hun ratificatie van de Akten van de Vereniging.
Artikel 132 Inlichtingen. Adviezen. Verzoeken om toelichting en wijziging van de Akten. Onderzoeken. Tussenkomst in de vereffening van de rekeningen (Stichtingsakte 20, Algemeen Reglement 139, 140, 143) 1. Het Internationaal Bureau houdt zich steeds ter beschikking van de Administratieve Raad, van de Raad voor Postexploitatie, van de lidstaten en van hun aangewezen operatoren om hen alle nuttige inlichtingen te verstrekken over de kwesties in verband met de dienst.2. Het Bureau wordt vooral belast met het verzamelen, coördineren, publiceren en verspreiden van inlichtingen van alle aard die de internationale postdienst aanbelangen;met het geven van advies over geschillen op verzoek van de betrokken partijen; met het gevolg geven aan de verzoeken om toelichting en wijziging van de Akten van de Vereniging en, in het algemeen, met het verrichten van onderzoek en het uitvoeren van activiteiten inzake redactie of documentatie die de genoemde Akten eraan toewijzen of waarmee het zou worden gelast in het belang van de Vereniging. 3. Het neemt eveneens deel aan de onderzoeken die door de lidstaten en door hun aangewezen operatoren gevraagd worden om de mening van de andere lidstaten en van hun aangewezen operatoren over een bepaalde kwestie te kennen.Het resultaat van een onderzoek heeft niet het karakter van een stemming en is niet formeel bindend. 4. Het mag optreden als verrekenkantoor voor de vereffening van rekeningen van alle aard met betrekking tot de postdienst.5. Het Internationaal Bureau garandeert de vertrouwelijkheid en de veiligheid van de commerciële gegevens die worden verstrekt door de lidstaten en/of hun aangewezen operatoren voor de uitvoering van zijn taken die voortvloeien uit de Akten of beslissingen van de Vereniging. Artikel 133 Technische samenwerking (Stichtingsakte 1) 1. Het Internationaal Bureau is in het kader van de internationale technische samenwerking belast met de ontwikkeling van de postale technische bijstand in al zijn vormen. Artikel 134 Formulieren geleverd door het Internationaal Bureau (Stichtingsakte 20) 1. Het Internationaal Bureau heeft tot taak de internationale antwoordcoupons te vervaardigen en de lidstaten of hun aangewezen operatoren die erom verzoeken, hiermee tegen kostprijs te bevoorraden. Artikel 135 Akten van de Beperkte Verenigingen en bijzondere overeenkomsten (Stichtingsakte 8) 1. Twee exemplaren van de Akten van de Beperkte Verenigingen en van de bijzondere overeenkomsten die overeenkomstig artikel 8 van de Stichtingsakte werden afgesloten, moeten aan het Internationaal Bureau worden toegestuurd door de bureaus van deze Verenigingen of, bij gebrek daaraan, door een van de contracterende partijen.2. Het Internationaal Bureau waakt erover dat de Akten van de Beperkte Verenigingen en de bijzondere overeenkomsten niet in voorwaarden voorzien die voor het publiek minder gunstig zijn dan die welke zijn vastgelegd in de Akten van de Vereniging, en stelt de lidstaten en hun aangewezen operatoren in kennis van het bestaan van de Verenigingen en de bovenvermelde overeenkomsten.Krachtens deze bepaling brengt het de Administratieve Raad op de hoogte van elke vastgestelde onregelmatigheid. 3. Het Internationaal Bureau stelt de lidstaten en hun aangewezen operatoren in kennis van het bestaan van de Beperkte Verenigingen en de bovenvermelde bijzondere overeenkomsten. Artikel 136 Tijdschrift van de Vereniging Het Internationaal Bureau stelt met behulp van de documenten die tot zijn beschikking worden gesteld een tijdschrift op in het Duits, Engels, Arabisch, Chinees, Spaans, Frans en Russisch.
Artikel 137 Jaarlijks verslag over de werkzaamhedenvan de Vereniging (Stichtingsakte 20, Alg. Reg. 107.1.24) 1. Het Internationaal Bureau stelt over de activiteiten van de Vereniging een jaarlijks verslag op dat na goedkeuring door Beheerscomité van de Administratieve Raad wordt bezorgd aan de lidstaten en hun aangewezen operatoren, aan de Beperkte Verenigingen en aan de Organisatie van de Verenigde Naties. HOOFDSTUK III. - Indiening, onderzoek van de voorstellen, kennisgeving van de aangenomen beslissingen en inwerkingtreding van de Reglementen en andere aangenomen beslissingen Artikel 138 Procedure voor het indienen van voorstellen aan het Congres (Stichtingsakte 29) 1. Onder voorbehoud van de uitzonderingen vermeld onder de punten 2 en 5, regelt de hieronder vermelde procedure het indienen van de voorstellen van alle aard die door de lidstaten aan het Congres moeten worden voorgelegd: 1.1 voorstellen die ten minste zes maanden vóór de datum die voor het Congres is vastgelegd bij het Internationaal Bureau toekomen, worden aangenomen; 1.2 er wordt geen enkel voorstel van redactionele aard aangenomen gedurende de periode van zes maanden die aan de vastgestelde datum voor het Congres voorafgaat; 1.3 inhoudelijke voorstellen die bij het Internationaal Bureau toekomen tijdens de periode tussen zes en vier maanden vóór de voor het Congres vastgestelde datum, worden slechts aangenomen indien ze door ten minste twee lidstaten worden gesteund; 1.4 inhoudelijke voorstellen die bij het …
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.