📄 Wettekst
27 MAART 2009. - Decreet betreffende radio-omroep en televisie
Het Vlaams Parlement heeft aangenomen en Wij, Regering, bekrachtigen hetgeen volgt : decreet betreffende radio-omroep en televisie.
DEEL I. - Algemene bepalingen en definities Artikel 1.Dit decreet regelt een gemeenschaps- en gewestaangelegenheid. Het zet de bepalingen om van de richtlijn 2007/65/EG van het Europees Parlement en de Raad van 11 december 2007 tot wijziging van richtlijn 89/552/EEG van de Raad betreffende de coördinatie van bepaalde wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen in de lidstaten inzake de uitoefening van televisieomroepactiviteiten. Art. 2.In dit decreet wordt verstaan onder : 1° applicatieprogramma-interface, afgekort API : software-interface tussen externe toepassingen, die beschikbaar gesteld wordt door omroeporganisaties, dienstenverdelers of netwerkoperatoren, en de hulpmiddelen voor digitale televisie- en radio-omroep in de geavanceerde digitale eindapparatuur;2° breedbeeldtelevisieprogramma : programma dat geheel of gedeeltelijk is geproduceerd en gemonteerd om te worden weergegeven in een schermvullend breedbeeldformaat.Het 16 :9-formaat geldt als referentiekader voor breedbeeldtelevisieprogramma's; 3° boodschappen van algemeen nut : a) elke boodschap over hun beleid, die uitgaat van overheden of openbare instellingen, verenigingen of overheidsbedrijven die een meerderheid van overheidsvertegenwoordigers in de raad van bestuur hebben en een taak van openbare dienst vervullen die niet door de particuliere sector wordt uitgeoefend, en die bevoegd zijn voor en zich geheel of gedeeltelijk richten tot de Vlaamse Gemeenschap of de Nederlandstalige bevolking van het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad, ongeacht de vorm en ongeacht de betaling of de betalingswijze;b) elke boodschap over hun opdracht van algemeen belang, die uitgaat van sociale en humanitaire verenigingen of van verenigingen die behoren tot het domein van het algemeen welzijn, ongeacht de vorm en ongeacht de betaling of de betalingswijze;c) elke boodschap die uitgaat van door openbare besturen erkende of gesubsidieerde culturele verenigingen, en die ertoe strekt hun culturele activiteiten aan het publiek kenbaar te maken, ongeacht de vorm en ongeacht de betaling of de betalingswijze;4° collectieve antenne ten behoeve van een gesloten gebruikersgroep : een installatie voor het opvangen van signalen van radio-omroep en televisie, waaraan verscheidene eindontvangsttoestellen zijn verbonden en voor het gebruik waarvan - buiten het aandeel van de gebruiker in de werkelijke kosten die uit de installatie, de werking en het onderhoud van de installatie voortvloeien - geen enkel abonnementsgeld wordt geëist;5° commerciële communicatie : beelden of geluiden die dienen om rechtstreeks of onrechtstreeks de goederen, de diensten of het imago van een natuurlijke persoon of rechtspersoon die een economische activiteit verricht, te promoten.Dergelijke beelden of geluiden vergezellen of maken deel uit van een programma, tegen betaling of een soortgelijke vergoeding of voor zelfpromotie. Vormen van commerciële communicatie zijn onder meer reclame, sponsoring, telewinkelen en productplaatsing; 6° competitie : een reeks van wedstrijden van een groep van clubs waarbij elke club tegen alle andere clubs moet spelen of waarbij telkens twee clubs tegen elkaar moeten spelen, waarbij de verliezer wordt uitgeschakeld;7° dienstenverdeler : elke rechtspersoon die door middel van elektronische communicatienetwerken een of meer omroepdiensten levert aan het publiek.De omroeporganisatie die alleen de eigen omroepdiensten ter beschikking van het publiek stelt, is geen dienstenverdeler; 8° elektronisch communicatienetwerk : de transmissiesystemen en in voorkomend geval de schakel- of routeringsapparatuur en andere middelen die het mogelijk maken om signalen van radio-omroep en de televisie over te brengen via draad, radiogolven, optische of andere elektromagnetische middelen, voor zover die voor de overdracht van signalen van radio-omroep en televisie worden gebruikt, waaronder satellietomroepnetwerken, vaste (circuit- en pakketgeschakelde, met inbegrip van internet) en mobiele netwerken, elektriciteitsnetten, etheromroepnetwerken en kabelomroepnetwerken;9° elektronische communicatiedienst : een gewoonlijk tegen vergoeding aangeboden dienst die geheel of hoofdzakelijk bestaat in het overbrengen, waaronder schakel- en routeringsverrichtingen, van signalen van radio-omroep en televisie via elektronische communicatienetwerken;10° etheromroepnetwerk : elektronisch communicatienetwerk waardoor signalen van radio-omroep en televisie in digitale vorm, al dan niet gecodeerd, via aardse zenders aan derden worden doorgegeven.Een etheromroepnetwerk kan radio-omroep- en televisiesignalen doorgeven in de hele Vlaamse Gemeenschap of in een deel ervan; 11° Europese producties : a) de volgende producties : 1) producties die afkomstig zijn uit lidstaten van de Europese Gemeenschap;2) producties die afkomstig zijn uit derde Europese staten die partij zijn bij het Europees Verdrag inzake grensoverschrijdende televisie van de Raad van Europa en die voldoen aan de voorwaarden, vermeld in punt b);3) coproducties die zijn vervaardigd in het kader van tussen de Europese Gemeenschap en derde landen gesloten overeenkomsten met betrekking tot de audiovisuele sector en die voldoen aan de voorwaarden van de betrokken overeenkomsten.Voorwaarde voor de toepassing van punten 2) en 3) is dat producties die afkomstig zijn uit lidstaten, in de betrokken derde landen niet worden getroffen door discriminerende maatregelen; b) de producties, vermeld in punt a), 1), en a), 2), zijn producties die voornamelijk tot stand zijn gebracht met hulp van auteurs en medewerkers die in een of meer van de staten, vermeld in punt a), 1), en a), 2), woonachtig zijn en die aan een van de volgende drie voorwaarden voldoen : 1) de producties zijn tot stand gebracht door een of meer in een of meer van deze staten gevestigde producenten;2) de vervaardiging ervan geschiedt onder het toezicht en de feitelijke controle van een of meer in een of meer van deze staten gevestigde producenten;3) de bijdrage van de coproducenten van deze staten in de totale kosten van de coproductie is doorslaggevend en de coproductie staat niet onder controle van een of meer buiten deze staten gevestigde producenten;c) producties die geen Europese producties zijn als vermeld in a), maar die vervaardigd worden in het kader van tussen de lidstaten en derde landen gesloten bilaterale coproductieverdragen, worden als Europese producties beschouwd mits de coproducenten uit de Europese Gemeenschap een meerderheidsaandeel hebben in de totale productiekosten en de productie niet onder controle staat van een of meer buiten de lidstaten gevestigde producenten;12° evenement : een voor het publiek toegankelijke gebeurtenis.De gebeurtenis vormt een afgerond geheel met een natuurlijk begin en einde. Als een evenement zich uitstrekt over verschillende dagen, wordt elke dag als een afzonderlijk evenement beschouwd; 13° exclusiviteitshouder : elke omroeporganisatie die ressorteert onder de Vlaamse Gemeenschap, een andere gemeenschap of een andere lidstaat van de Europese Unie die voor evenementen exclusieve uitzendrechten heeft verworven voor de Vlaamse Gemeenschap;14° geavanceerde digitale eindapparatuur : settop-boxen en geïntegreerde digitale televisietoestellen voor de ontvangst van digitale interactieve omroepprogramma's;15° jongere : een persoon vanaf twaalf jaar tot onder de leeftijd van zestien jaar;16° kabelomroepnetwerk : elektronisch communicatienetwerk waardoor signalen van radio-omroep en televisie al dan niet in gecodeerde vorm via elk soort van draad aan derden worden doorgegeven;17° kader
decreet van 18 juli 2003Relevante gevonden documenten
type
decreet
prom.
18/07/2003
pub.
22/08/2003
numac
2003035939
bron
ministerie van de vlaamse gemeenschap
Kaderdecreet bestuurlijk beleid
type
decreet
prom.
18/07/2003
pub.
14/11/2003
numac
2003201696
bron
ministerie van de vlaamse gemeenschap
Decreet betreffende het integraal waterbeleid
type
decreet
prom.
18/07/2003
pub.
03/09/2003
numac
2003035937
bron
ministerie van de vlaamse gemeenschap
Decreet houdende wijziging van sommige bepalingen van de decreten betreffende de radio-omroep en de televisie, gecoördineerd op 25 januari 1995, wat de invoering betreft van het recht op informatie via radio en televisie en houdende instelling van een recht van antwoord en een recht van mededeling ten aanzien van radio en televisie
sluiten : het kaderdecreet Bestuurlijk Beleid van 18 juli 2003;18° kind : een persoon onder de leeftijd van twaalf jaar;19° kinderprogramma : een programma dat zich voornamelijk richt tot kinderen, wat onder meer kan blijken uit de inhoud, het tijdstip van uitzenden, de vormgeving, de presentatie en de wijze van aankondiging;20° lineaire radiodienst : een lineaire auditieve omroepdienst, dat is een door een omroeporganisatie aangeboden omroepdienst voor het gelijktijdig beluisteren van auditieve programma's op basis van een programmaschema;21° lineaire televisiedienst : een lineaire audiovisuele omroepdienst, dat is een door een omroeporganisatie aangeboden omroepdienst voor het gelijktijdig bekijken van audiovisuele programma's op basis van een programmaschema;22° netwerkoperator : de aanbieder van een elektronisch communicatienetwerk.Onder aanbieden wordt begrepen het bouwen, exploiteren, leiden en beschikbaar stellen van een elektronisch communicatienetwerk; 23° niet-lineaire radiodienst : een niet-lineaire auditieve omroepdienst of auditieve omroepdienst op aanvraag, dat is een door een omroeporganisatie aangeboden omroepdienst die de gebruiker de mogelijkheid biedt om auditieve programma's te beluisteren op zijn individuele verzoek en op het door hem gekozen moment op basis van een door de omroeporganisatie geselecteerde programmacatalogus;24° niet-lineaire televisiedienst : een niet-lineaire audiovisuele omroepdienst of audiovisuele omroepdienst op aanvraag, dat is een door een omroeporganisatie aangeboden omroepdienst die de gebruiker de mogelijkheid biedt om audiovisuele programma's te bekijken op zijn individuele verzoek en op het door hem gekozen moment op basis van een door de omroeporganisatie geselecteerde programmacatalogus;25° omroepactiviteit : elke activiteit die bestaat in het ter beschikking stellen van bewegende beelden, al dan niet met geluid, of van een reeks van klanken of geluiden bestemd voor het algemene publiek of een deel ervan via elektronische communicatienetwerken. Omroepactiviteit wordt ook wel radio-omroep en televisie genoemd; 26° omroepdienst : a) een dienst als vermeld in artikelen 49 en 50 van het verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, die valt onder de redactionele verantwoordelijkheid van de aanbieder van de dienst, met als hoofddoel de levering aan het algemene publiek van audiovisuele of auditieve programma's ter informatie, vermaak, educatie of met culturele inslag, via elektronische communicatienetwerken;en/of b) de commerciële communicatie;27° omroeporganisatie : de natuurlijke persoon of de rechtspersoon die de redactionele verantwoordelijkheid draagt voor de keuze van de inhoud van de omroepdienst en die bepaalt hoe die wordt georganiseerd;28° omroepprogramma : het geheel van programma's en alle additioneel meegestuurde informatie dat door een omroeporganisatie op basis van een programmaschema wordt aangeboden onder een merk of titel;29° organisator : a) de persoon of vereniging die een evenement organiseert;b) de houder van de exploitatierechten op het evenement;30° productplaatsing : elke vorm van audiovisuele commerciële communicatie die bestaat in het opnemen van of het verwijzen naar een product of dienst of een desbetreffend handelsmerk binnen het kader van een televisieprogramma;31° programma : een reeks bewegende beelden, al dan niet met geluid, of een reeks van klanken of geluiden, die een afzonderlijk element van een door een omroeporganisatie opgesteld schema of een catalogus vormt;voorbeelden van programma's zijn bioscoopfilms, sportevenementen, komische series, documentaires, kinderprogramma's en origineel drama; 32° programma-aanbod : het geheel van aangeboden programma's;33° radiodienst : een auditieve omroepdienst;34° radio-omroeporganisatie : een aanbieder van radiodiensten;35° reclame : de audiovisuele of auditieve boodschap van een publieke of particuliere onderneming of natuurlijke persoon - in welke vorm dan ook - over de uitoefening van een commerciële, industriële, ambachtelijke activiteit of van een beroep, ter bevordering van de levering tegen betaling van goederen of diensten, met inbegrip van onroerende goederen, rechten en verplichtingen, die tegen betaling of soortgelijke vergoeding dan wel voor zelfpromotie in een lineaire omroepdienst wordt uitgezonden;36° redactiestatuut : een schriftelijk referentiekader waarin de onderlinge verhoudingen worden vastgelegd tussen redactie, hoofdredactie en directie.Het garandeert de onafhankelijke werking van de redactie ten opzichte van de omroeporganisatie; 37° redactionele verantwoordelijkheid : de uitoefening van effectieve controle op de keuze van programma's en de organisatie ervan in hetzij een chronologisch schema, in geval van lineaire televisie- en radiodiensten, hetzij een catalogus, in geval van niet-lineaire televisie- en radiodiensten;38° richtlijn audiovisuele mediadiensten : richtlijn 89/552/EEG van 3 oktober 1989 van het Europees Parlement en de Raad betreffende de coördinatie van bepaalde wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen in de lidstaten inzake het aanbieden van audiovisuele mediadiensten, en de latere wijzigingen ervan;39° satellietomroepnetwerk : elektronisch communicatienetwerk waardoor radio-omroep- en televisiesignalen in digitale vorm, al dan niet gecodeerd, via satelliet aan derden worden doorgegeven;40° secundaire lineaire omroeporganisatie : de omroep van de Vlaamse Gemeenschap of elke lineaire omroeporganisatie die geen exclusieve uitzendrechten voor de Vlaamse Gemeenschap heeft verworven, als er exclusieve uitzendrechten op het evenement zijn verleend;41° sponsoring : elke bijdrage van een publieke of particuliere onderneming, een overheid of een natuurlijke persoon die zich niet bezighoudt met het aanbieden van omroepdiensten of met de vervaardiging van audiovisuele of auditieve producties, aan de financiering van omroepdiensten of programma's met het doel zijn of haar naam, handelsmerk, imago, activiteiten of producten meer bekendheid te geven;42° systeem voor voorwaardelijke toegang : elke technische maatregel of regeling waarbij toegang tot een beschermd radio- of televisieomroepprogramma in begrijpelijke vorm afhankelijk wordt gemaakt van een abonnement of een andere vorm van voorafgaande individuele machtiging;43° televisiedienst : een audiovisuele omroepdienst;44° televisieomroeporganisatie : een aanbieder van televisiediensten;45° telewinkelen : rechtstreekse aanbiedingen aan het publiek die worden uitgezonden met het oog op de levering tegen betaling van goederen of diensten, met inbegrip van onroerende goederen, rechten en verplichtingen;46° zelfpromotie : de aanprijzing door een omroepdienst van eigen producten, diensten, programma's of netten;47° zendapparatuur : ieder apparaat dat geheel of gedeeltelijk bestemd is om naar het publiek signalen van radio-omroep en televisie draadloos uit te zenden;48° zendvergunning : vergunning voor de exploitatie van ieder apparaat dat is bestemd om draadloos signalen van radio-omroep of televisie uit te zenden;49° onafhankelijke producent : de producent : a) waarvan de rechtspersoonlijkheid onderscheiden is van die van een omroeporganisatie;b) die rechtstreeks noch onrechtstreeks over meer dan 15 percent van het kapitaal van een Vlaamse omroeporganisatie beschikt;c) waarvan het kapitaal voor niet meer dan 15 percent in handen is van een vennootschap die rechtstreeks of onrechtstreeks meer dan 15 percent van het kapitaal van een Vlaamse omroeporganisatie bezit;50° teletekst : analoge op tekst gebaseerde dienst die in beeld wordt gebracht en met het lineaire omroepsignaal wordt meegestuurd onder de redactionele verantwoordelijkheid van een aanbieder van omroepdiensten, en de digitale versie van deze dienst;51° auditieve ondertiteling : een auditieve weergave van de ondertiteling bij niet-Nederlandstalige films en dialogen;52° audiobeschrijving : een techniek om audiovisuele producties zoals film en televisieprogramma's toegankelijk te maken voor blinden en slechtzienden.Een voice-over beschrijft de visuele elementen; 53° ondertiteling : een tekstuele versie van de dialoog die op het scherm wordt afgebeeld of oproepbaar is;54° gebarentaal : een visueel-manuele taal, waarin begrippen en concepten door middel van gebaren in een driedimensionele gebarenruimte worden weergegeven. DEEL II. - De openbare omroeporganisatie van de Vlaamse Gemeenschap TITEL I. - STATUUT VAN DE VRT Art. 3.De Vlaamse Radio- en Televisieomroeporganisatie, afgekort VRT, is een omroeporganisatie in de vorm van een naamloze vennootschap van publiek recht. Voor alles wat niet uitdrukkelijk anders is geregeld in dit decreet, is hij onderworpen aan de bepalingen van het Wetboek van Vennootschappen die van toepassing zijn op de naamloze vennootschap. Art. 4.De duur van de VRT is onbepaald. Art. 5.De Vlaamse Gemeenschap kan haar aandelen in de VRT niet overdragen. Artikel 646, § 1, tweede lid, van het Wetboek van Vennootschappen is niet van toepassing op de VRT. Aan alle aandelen zijn dezelfde rechten en verplichtingen verbonden.
Alle aandelen zijn en blijven op naam.
TITEL II. - MAATSCHAPPELIJK DOEL, BEVOEGDHEID EN DE OPENBARE-OMROEPOPDRACHT Art. 6.§ 1. De VRT heeft als maatschappelijk doel om radioprogramma's, televisieprogramma's en andere soorten programma's te verzorgen binnen de opdracht van de openbare omroeporganisatie die hierna wordt omschreven, en activiteiten uit te voeren die daartoe rechtstreeks of onrechtstreeks bijdragen, waaronder het produceren, laten produceren of verwerven van programma's, het samenstellen van het programma-aanbod, het omroepen, het laten omroepen en het bekendmaken ervan, in de ruimste omvang van de betekenis die aan elk van die begrippen is gegeven in artikel 2. § 2. Als openbare omroeporganisatie heeft de VRT de opdracht een zo groot mogelijk aantal mediagebruikers te bereiken met een diversiteit aan hoogkwalitatieve programma's die de belangstelling van de mediagebruikers wekken en eraan voldoen.
De VRT zorgt voor een kwalitatief hoogstaand aanbod in de sectoren informatie, cultuur, educatie en ontspanning. Prioritair moet de VRT op de kijker en luisteraar gerichte informatie- en cultuurprogramma's brengen. Daarnaast worden ook sport, eigentijdse educatie, eigen drama en ontspanning verzorgd. Het hele aanbod van de VRT wordt gekenmerkt door een hoge kwaliteit van de programma's, zowel naar inhoud, naar vorm als naar taalgebruik. In al zijn programma's streeft de VRT naar een zo groot mogelijke kwaliteit, professionaliteit, creativiteit en originaliteit, waarbij ook nieuwe talenten en vernieuwende expressievormen aangeboord moeten worden. Het programma-aanbod wordt op een aangepaste manier gericht op bepaalde bevolkings- en leeftijdsgroepen, meer in het bijzonder op de kinderen en de jeugd.
De programma's dragen bij tot de verdere ontwikkeling van de identiteit en de diversiteit van de Vlaamse cultuur en van een democratische en verdraagzame samenleving. De VRT draagt via de programma's bij tot een onafhankelijke, objectieve en pluralistische opinievorming in Vlaanderen. Daarom streeft hij naar een leidinggevende rol op het gebied van informatie en cultuur.
Om de betrokkenheid van een zo groot mogelijk aantal Vlamingen bij de omroeporganisatie te realiseren en om de geloofwaardigheid van de openbare omroeporganisatie veilig te stellen, is een voldoende aantal programma's erop gericht een breed en algemeen publiek te boeien.
Naast die algemene programma's komen andere programma's aan specifieke belangstellingssferen van kijkers en luisteraars tegemoet. De beoogde doelgroepen zijn voldoende ruim en ze worden door de programma's in kwestie ook bereikt.
De VRT volgt de technologische ontwikkelingen op de voet zodat hij zijn programma's, als dat nodig en wenselijk is, ook via nieuwe mediatoepassingen aan zijn kijkers en luisteraars kan aanbieden.
Tot de openbare opdracht van de VRT behoren ook alle activiteiten die rechtstreeks of onrechtstreeks bijdragen tot de uitvoering ervan. § 3. Met de machtiging van de Vlaamse Regering kan de VRT ter uitvoering van zijn taken van openbare dienst betreffende de openbare-omroepopdracht, vermeld in § 2, onroerende goederen onteigenen tot algemeen nut. § 4. De VRT kan in het kader van zijn maatschappelijk doel deelnemen aan vennootschappen, verenigingen en samenwerkingsverbanden, voor zover die deelname bijdraagt tot de verwezenlijking van de omroepactiviteiten.
De VRT kan een naamloze vennootschap alleen oprichten, kan inschrijven op alle aandelen van die vennootschap, en kan, in afwijking van artikel 646 van het Wetboek van Vennootschappen, alle aandelen bezitten in een naamloze vennootschap, zonder beperking van duur en zonder geacht te worden hoofdelijk borg te staan voor de verbintenissen van die vennootschap. § 5. De VRT mag leningen aangaan of schuldeffecten uitgeven binnen het kader van het financieel plan dat werd vastgelegd in de beheersovereenkomst. De Vlaamse Regering kan er de Vlaamse Gemeenschapswaarborg aan verlenen.
De Vlaamse Regering kan voor de VRT openbare leningen op de Belgische kapitaalmarkt uitgeven, voor zover die leningen bijdragen tot de verwezenlijking van de omroepactiviteiten. § 6. De VRT mag schenkingen en legaten ontvangen. Art. 7.De VRT stelt autonoom zijn programma-aanbod en uitzendschema vast. Art. 8.Buiten zijn openbare-omroepopdracht kan de VRT, als ze samenhangen of verband houden met de openbare-omroepopdracht, en als ze opgenomen zijn in een kader dat vooraf werd goedgekeurd door de raad van bestuur, merchandising- en nevenactiviteiten verrichten, rekening houdend met de volgende voorwaarden : 1° de activiteiten hebben als doel de programma's uit het aanbod van de VRT en diensten binnen de publieke opdracht te ondersteunen, de verspreiding ervan te faciliteren of de kosten van het aanbieden ervan te verlichten;2° de activiteiten zijn zelfbedruipend en de transparantie van de ermee gepaard gaande uitgaven en inkomsten is via een gescheiden boekhouding verzekerd;3° de activiteiten worden tegen marktconforme voorwaarden uitgevoerd en brengen geen ernstige concurrentieverstoring met zich mee. Met merchandisingactiviteiten als vermeld in het eerste lid, worden alle activiteiten bedoeld die gericht zijn op het behalen van voordeel uit de bekendheid van programma's uit het aanbod van de VRT. Met nevenactiviteiten als vermeld in het eerste lid, worden alle andere activiteiten bedoeld.
TITEL III. - ORGANISATIE HOOFDSTUK I. - Algemene bepalingen Art. 9.De organen van de VRT zijn : 1° de algemene vergadering van de aandeelhouders;2° de raad van bestuur;3° de gedelegeerd bestuurder. Voor zover die niet geregeld zijn in dit decreet, worden de bevoegdheid en de werking van die organen overeenkomstig het Wetboek van Vennootschappen bepaald in de statuten. Art. 10.De raad van bestuur en de gedelegeerd bestuurder leggen in onderling overleg, en in overeenstemming met de bepalingen van dit decreet en de statuten, in een VRT-charter Deugdelijk Bestuur de wijze vast waarop ze hun bevoegdheden als vermeld in artikelen 13 en 14, uitoefenen. Het VRT-charter Deugdelijk Bestuur wordt ter kennisgeving bezorgd aan de Vlaamse Regering. HOOFDSTUK II. - Algemene vergadering Art. 11.De algemene vergadering verleent aan de bestuurders, de commissaris(sen) en de gedelegeerd bestuurder kwijting overeenkomstig de bepalingen van artikel 554 van het Wetboek van Vennootschappen.
Met behoud van de toepassing van het eerste lid heeft de algemene vergadering geen andere bevoegdheden dan die welke haar in het Wetboek van Vennootschappen zijn voorbehouden. HOOFDSTUK III. - Raad van bestuur Art. 12.§ 1. De raad van bestuur bestaat uit minimaal twaalf en maximaal vijftien leden.
Twaalf leden van de raad van bestuur worden aangewezen door de Vlaamse Regering, met inachtneming van de evenredige vertegenwoordiging van de politieke fracties in het Vlaams Parlement.
De door de Vlaamse Regering aangewezen leden van de raad van bestuur kunnen maximaal drie bestuurders coöpteren, op basis van aantoonbare expertise op het vlak van het mediabeleid of het bedrijfsbeleid.
De raad van bestuur kiest onder zijn leden een voorzitter en een ondervoorzitter. § 2. Het mandaat van bestuurder is onverenigbaar met : 1° het lidmaatschap van een wetgevende of decreetgevende of ordonnantiegevende vergadering en van het Europees Parlement;2° het ambt van minister en staatssecretaris;3° het ambt van provinciegouverneur;4° het lidmaatschap van de bestendige deputatie;5° het ambt van provinciegriffier;6° het ambt van ambtenaar-generaal van een ministerie;7° het ambt van lid van een ministerieel kabinet;8° het ambt van burgemeester, schepen of voorzitter van het OCMW. Het mandaat van bestuurder is ook onverenigbaar met : 1° een functie of mandaat van vast of contractueel personeel van de VRT;2° een functie of mandaat, uitgeoefend in : a) een persbedrijf, de elektronische media inbegrepen;b) in een advertentie- of reclamebedrijf;3° een leidende functie of mandaat in een productiefirma die toelevert aan de elektronische media, en in een andere onderneming die aan de VRT diensten levert, leveringen doet of er werkzaamheden voor uitvoert. Een uitzondering op de onverenigbaarheid, vermeld in § 2, tweede lid, betreft een functie of mandaat in de vennootschappen, verenigingen of samenwerkingsverbanden, vermeld in artikel 6, § 4. § 3. De werking van de raad van bestuur wordt geregeld in de statuten.
De raad kan alleen geldig beraadslagen als de meerderheid van de bestuurders aanwezig of vertegenwoordigd is. De raad kan in overeenstemming met de bepalingen van deze titel en met de statuten in een reglement de wijze bepalen waarop hij zijn bevoegdheden, vermeld in artikel 13, uitoefent. § 4. De duur van het mandaat van de leden van de raad van bestuur bedraagt vijf jaar. Art. 13.§ 1. De raad van bestuur heeft de volgende bevoegdheden : 1° het vastleggen van de algemene strategie van de VRT;2° het nemen van beslissingen over aangelegenheden met strategisch karakter.Een aangelegenheid heeft een strategisch karakter als ze een belangrijke impact heeft op het handelen van de VRT in de Vlaamse samenleving of op het medialandschap. De raad van bestuur beslist over het strategische karakter van een aangelegenheid; 3° het goedkeuren, namens de VRT, van de beheersovereenkomst en van elke wijziging ervan;4° het goedkeuren van het jaarlijkse ondernemingsplan en van strategische meerjarenplannen die de doelstellingen en de strategie op de halflange termijn vastleggen.Het jaarlijkse ondernemingsplan bevat onder meer het algemene programmabeleid, de strategie inzake communicatie en public relations, de raming van de inkomsten en uitgaven en van het personeelscontingent; 5° het opmaken van de inventaris en de jaarrekening met de balans, de resultatenrekening en de toelichting, en het opstellen van het jaarverslag;6° het goedkeuren van de regels voor de aanwerving en de rechtspositie van het personeel;7° het aanstellen en ontslaan van de leden van het directiecollege, op voordracht van de gedelegeerd bestuurder;8° het uitoefenen van toezicht op de gedelegeerd bestuurder bij de uitvoering van de beheersovereenkomst, het ondernemingsplan en de beslissingen van de raad van bestuur;9° het bemiddelen bij personele conflicten binnen het directiecollege;10° het beslissen over deelneming van de VRT aan vennootschappen, verenigingen en samenwerkingsverbanden;11° het beslissen over de oprichting van vennootschappen door de VRT;12° het toezicht op de werking en de resultaten van de vennootschappen, verenigingen en samenwerkingsverbanden, vermeld in punten 10° en 11°;13° de aanwijzing van de vertegenwoordigers van de VRT in de bestuursorganen van de vennootschappen, verenigingen en samenwerkingsverbanden, vermeld in punten 10° en 11°;14° het bijeenroepen van de algemene vergadering en het vaststellen van de agenda;15° het opstellen van het kader waarbinnen de VRT merchandising- en nevenactiviteiten uitoefent. § 2. De bevoegdheden, vermeld in § 1, kunnen niet worden gedelegeerd aan de gedelegeerd bestuurder of aan andere personeelsleden van de VRT. De beslissingen van de raad van bestuur worden genomen op initiatief en op voorstel van de gedelegeerd bestuurder, de voorzitter van de raad van bestuur of ten minste een derde van de leden van de raad van bestuur.
De gedelegeerd bestuurder verstrekt aan de raad van bestuur alle nuttige inlichtingen en brengt alle aangelegenheden die voor een behoorlijke uitoefening van de bevoegdheden van de raad van bestuur nuttig of nodig zijn, op de agenda van de raad van bestuur. § 3. Ter uitvoering van de bevoegdheden, vermeld in § 1, kunnen de leden van de raad van bestuur, via de voorzitter, op elk moment alle documenten en geschriften van de VRT inzien. De voorzitter kan via de gedelegeerd bestuurder van de leden van het directiecollege en van alle andere personeelsleden alle verduidelijkingen en alle verificaties vorderen die de raad of een lid nodig achten voor de uitvoering van de bevoegdheden van de raad van bestuur. HOOFDSTUK IV. - De gedelegeerd bestuurder Art. 14.§ 1. De gedelegeerd bestuurder wordt benoemd en ontslagen door de algemene vergadering. § 2. De gedelegeerd bestuurder is belast met en exclusief bevoegd voor de volgende taken van het operationele bestuur van de VRT : 1° op het vlak van het management van de dienstverlening : de voorbereiding en de uitvoering van de jaarlijkse ondernemingsplannen en strategische meerjarenplannen, die voortvloeien uit de beheersovereenkomst en goedgekeurd worden door de raad van bestuur;2° inzake de productontwikkeling : het ontwikkelen van nieuwe en het verbeteren van bestaande diensten, producten en processen die passen in het beleid van de VRT;3° inzake het personeelsbeleid : het voeren van een coherent personeelsbeleid, dat afgestemd is op de strategische ontwikkeling van de VRT en de omgevingsfactoren waarbinnen de dienstverlening plaatsvindt, overeenkomstig de rechtspositieregeling van het personeel en de richtlijnen van de raad van bestuur binnen het jaarlijkse ondernemingsplan daarover;4° inzake het financiële beleid : de uitvoering van alle budgettaire en boekhoudkundige verrichtingen binnen het jaarlijkse ondernemingsplan, met inbegrip van het registreren van de verbintenissen, de goedkeuring en de boeking van de verplichtingen, de boeking van de vorderingen en het doen van alle ontvangsten en uitgaven binnen de machtigende begroting;5° inzake het beheer van de infrastructuur : het voeren van een coherent beleid voor gebouwen, verbruiks- en patrimoniumgoederen, een efficiënt voorraadbeheer en het optimale beheer van de infrastructuur van de VRT binnen de limieten van het door de raad van bestuur goedgekeurde investeringsprogramma;6° inzake communicatie en public relations : het voeren van een eigentijds intern en extern communicatiebeleid, in overeenstemming met de door de raad van bestuur vastgelegde richtlijnen daarover;7° het vaststellen van het programma-aanbod en het uitzendschema;8° het nemen van andere operationele beslissingen die nuttig of nodig zijn voor de goede werking van de VRT en die niet tot de bevoegdheden behoren van de raad van bestuur. De gedelegeerd bestuurder neemt met raadgevende stem deel aan de vergaderingen van de raad van bestuur. De gedelegeerd bestuurder is belast met de voorbereiding van de beslissingen van de raad van bestuur. Hij verstrekt aan de raad van bestuur alle nodige inlichtingen en brengt alle voorstellen die voor de werking van de VRT nuttig of nodig zijn, op de agenda van de raad van bestuur.
De gedelegeerd bestuurder vertegenwoordigt de VRT in de gerechtelijke en buitengerechtelijke handelingen, met inbegrip van het optreden voor administratieve rechtscolleges, en treedt rechtsgeldig op in naam en voor rekening van de VRT, zonder dat hij dat aan de hand van een beslissing van de raad van bestuur moet staven.
Met behoud van de toepassing van de rechtspositieregeling van het personeel mag de gedelegeerd bestuurder onder zijn verantwoordelijkheid een of meer specifieke bevoegdheden, met inbegrip van die welke vermeld worden in dit artikel, delegeren aan een of meer personeelsleden van de VRT. De gedelegeerd bestuurder voert de beslissingen van de raad van bestuur uit. § 3. De gedelegeerd bestuurder wordt bijgestaan door het directiecollege, bestaande uit minimaal twee leden plus de gedelegeerd bestuurder. De gedelegeerd bestuurder zit het directiecollege voor.
De gedelegeerd bestuurder kan onder zijn uitsluitende verantwoordelijkheid een deel van zijn bevoegdheden delegeren aan een of meer leden van het directiecollege en aan de personeelsleden van de VRT. De gedelegeerd bestuurder bepaalt in een reglement de grenzen waarbinnen en de vormen waarin die delegaties en verdere subdelegaties worden uitgeoefend. § 4. De gedelegeerd bestuurder en de andere leden van het directiecollege worden tewerkgesteld met een overeenkomst die gesloten wordt met de VRT. HOOFDSTUK V. - De commissarissen Art. 15.De commissaris(sen) wordt (worden) benoemd door de algemene vergadering op voordracht van de gedelegeerd bestuurder, en oefenen de bevoegdheden uit die in het Wetboek van Vennootschappen zijn toegekend.
TITEL IV. - BEHEERSOVEREENKOMST Art. 16.De bijzondere regels en voorwaarden voor de toekenning van de financiële middelen ter uitvoering van de openbare-omroepopdracht, vermeld in artikel 6, worden vastgelegd in een beheersovereenkomst tussen de Vlaamse Gemeenschap en de VRT. De beheersovereenkomst treedt in werking op de datum die door de Vlaamse Regering bepaald is. Art. 17.§ 1. De beheersovereenkomst regelt in het bijzonder de volgende aangelegenheden : 1° de meetbare doelstellingen met betrekking tot het omroepaanbod, uitgaande van de openbare-omroepopdracht van de VRT en de vooropgestelde strategie, die invulling geeft aan de openbare-omroepopdracht, vermeld in artikel 6, § 2.De meetbare doelstellingen hebben onder meer betrekking op de kwaliteitscontrole en op hetzij bereikcijfers, hetzij waarderingscijfers; 2° de doelstellingen betreffende de onderzoeks- en innovatieopdracht van de VRT, uitgaande van de openbare-omroepopdracht van de VRT en de vooropgestelde strategie die invulling geeft aan de openbare-omroepopdracht, vermeld in artikel 6, § 2, vijfde lid, en in artikel 8;3° de doelstellingen betreffende het personeelsbeleid, het financiële beleid, technologie en transmissie;4° de berekening van de enveloppe aan financiële middelen die noodzakelijk is voor het verzorgen van het openbare radio- en televisieaanbod, vermeld in punt 1°, en de uitbetalingsvoorwaarden ervan.De bepalingen van de Europese richtlijn 2006/111/EG van 16 november 2006 betreffende de doorzichtigheid in de financiële betrekkingen tussen lidstaten en openbare bedrijven en de financiële doorzichtigheid binnen bepaalde ondernemingen zijn van toepassing; 5° de berekening van de financiering voor de toegevoegde opdracht voor onderzoek en innovatie;6° het uitbrengen van een jaarlijks rapport voor 1 juni van het volgende jaar betreffende de uitvoering van de beheersovereenkomst gedurende het afgelopen kalenderjaar, en het uitbrengen van andere documenten die jaarlijks, al dan niet ter goedkeuring door de Vlaamse Regering, moeten worden voorgelegd;7° de maatregelen bij niet-naleving door een partij van haar verbintenissen die voortvloeien uit de beheersovereenkomst. Onder bereikcijfer als vermeld in het eerste lid, 1°, wordt begrepen het percentage van de bevolking dat binnen een bepaalde periode, namelijk een maand, week of dag, gedurende een bepaalde tijd afstemt op een bepaalde omroeporganisatie of op televisie of radio in het algemeen.
Onder waarderingscijfer als vermeld in het eerste lid, 1°, wordt begrepen het gemiddelde van de door de kijker of luisteraar gegeven score. § 2. De Vlaamse Regering kan in de beheersovereenkomst verdere regels bepalen voor de commerciële communicatie die de VRT krachtens artikel 48 kan brengen. Art. 18.§ 1. De VRT kan nieuwe diensten of activiteiten die niet door de beheersovereenkomst zijn gedekt, pas uitoefenen na uitdrukkelijke toestemming van de Vlaamse Regering. § 2. De Vlaamse Regering vraagt daarover het advies van de sectorraad Media van de Raad voor Cultuur, Jeugd, Sport en Media, opgericht bij het
decreet van 30 november 2007Relevante gevonden documenten
type
decreet
prom.
30/11/2007
pub.
15/01/2008
numac
2008037385
bron
vlaamse overheid
Decreet houdende de oprichting van de Raad voor Cultuur, Jeugd, Sport en Media
sluiten. In zijn advies houdt de sectorraad Media rekening met de observaties van derden. Het advies van de sectorraad Media wordt gepubliceerd op zijn website.
Het advies van de sectorraad Media houdt rekening met de belangrijke evoluties in de mediamarkt en in de technologie, met het evoluerende medialandschap en met de rol van de VRT daarin. § 3. De sectorraad Media van de Raad voor Cultuur, Jeugd, Sport en Media evalueert de mediamarkt op basis van de wijzigingen in de bedrijfseconomische situatie in het Vlaamse medialandschap, het algemeen media-aanbod in de Vlaamse markt, de technologische evoluties, de internationale tendensen, de bescherming en promotie van de Vlaamse cultuur en identiteit en de verwachtingen en behoeften van de mediagebruiker. Art. 19.§ 1. De beheersovereenkomst wordt gesloten voor een periode van vijf jaar. § 2. De VRT legt uiterlijk zes maanden voor het verstrijken van de beheersovereenkomst aan de Vlaamse Regering een ontwerp van nieuwe beheersovereenkomst voor.
Als bij het verstrijken van de beheersovereenkomst geen nieuwe beheersovereenkomst in werking is getreden, wordt de beheersovereenkomst van rechtswege verlengd tot het ogenblik dat een nieuwe beheersovereenkomst in werking is getreden. § 3. Elke beheersovereenkomst en elke wijziging en verlenging van de beheersovereenkomst worden onmiddellijk meegedeeld aan het Vlaams Parlement. Art. 20.§ 1. Ter voorbereiding van elke nieuwe beheersovereenkomst met de VRT organiseert de sectorraad Media van de Raad voor Cultuur, Jeugd, Sport en Media een publieke bevraging over de omvang van de openbare-omroepopdracht en de invulling ervan tijdens de nieuwe beheersovereenkomst, rekening houdend met belangrijke evoluties in de mediamarkt en in de technologie, met het evoluerende medialandschap en met de rol van de VRT daarin.
De sectorraad Media evalueert de mediamarkt op basis van de wijzigingen in de bedrijfseconomische situatie in het Vlaamse medialandschap, het algemeen media-aanbod in de Vlaamse markt, de technologische evoluties, de internationale tendensen, de bescherming en promotie van de Vlaamse cultuur en identiteit en de verwachtingen en behoeften van de mediagebruiker. § 2. Voor de begeleiding van die publieke bevraging doet de sectorraad Media van de Raad voor Cultuur, Jeugd, Sport en Media een beroep op wetenschappelijke experts. § 3. Op basis van de resultaten van deze publieke bevraging formuleert de sectorraad Media van de Raad voor Cultuur, Jeugd, Sport en Media een advies voor de Vlaamse Regering over de nieuwe beheersovereenkomst met de VRT. Dat advies wordt gepubliceerd op de website van de sectorraad Media. Art. 21.Het jaarlijkse rapport, vermeld in artikel 17, § 1, 6°, wordt door de Vlaamse Regering voorgelegd aan het Vlaams Parlement voor 30 september.
TITEL V. - INKOMSTEN EN BOEKHOUDING Art. 22.De VRT heeft als inkomsten de enveloppe aan financiële middelen die overeengekomen is in de beheersovereenkomst, en de inkomsten uit de activiteiten die de VRT zijn toegestaan overeenkomstig dit decreet, met inbegrip van de inkomsten uit om het even welke distributievorm van het programma-aanbod of delen ervan aan het publiek. Art. 23.De boekhouding van de VRT wordt gevoerd volgens de wetgeving op de boekhouding en jaarrekeningen van de ondernemingen. Art. 24.Het
decreet van 7 mei 2004Relevante gevonden documenten
type
decreet
prom.
07/05/2004
pub.
30/06/2004
numac
2004035939
bron
ministerie van de vlaamse gemeenschap
Decreet houdende regeling van de begrotingen, de boekhouding, de controle inzake subsidies, en de controle door het Rekenhof
sluiten houdende regeling van de begrotingen, de boekhouding, de controle inzake subsidies, en de controle door het Rekenhof is van toepassing op de VRT. Art. 25.De VRT wordt gemachtigd om een reservefonds aan te leggen. In de begroting bevindt het reservefonds zich op het niveau van de totaliteit van de VRT. De VRT mag de middelen in het reservefonds aanwenden voor de uitoefening van de openbare-omroepopdracht, met inbegrip van het verwerven en beheren van patrimonium. Art. 26.§ 1. De mogelijkheid voor de VRT om bij het afsluiten van elk boekjaar over te gaan tot reservering van een eventueel gecumuleerd nettosurplus uit de exploitatie van de openbare-omroepopdracht in het boekjaar in kwestie, is beperkt tot 10 percent van de in het boekjaar in kwestie ontvangen overheidsmiddelen.
Met de term netto-surplus als vermeld in het eerste lid wordt het verschil tussen de overheidsdotatie en de nettokosten van de publieke opdracht bedoeld.
Bij overschrijding van de grens van 10 percent, vermeld in het eerste lid, wordt het excedent terugbetaald aan de Vlaamse Gemeenschap. § 2. Een eventueel nettosurplus als vermeld in paragraaf 1, over de gehele duur van een beheersovereenkomst wordt, naar aanleiding van de afsluiting van de rekeningen over die periode, verrekend op de overheidsfinanciering voor de onmiddellijk daaropvolgende beheersovereenkomst. § 3. De controle op die mechanismen van terugbetaling en compensatie gebeurt a priori door de Inspectie van Financiën op basis van de goedgekeurde jaarrekening van de VRT. § 4. Paragrafen 1 tot 3 zijn niet van toepassing op het reservefonds van 55 miljoen euro, vermeld in artikel 39, § 2, van de beheersovereenkomst 2007-2011, dat zoals in dat artikel bepaald is, zal worden aangewend tijdens de duur van de beheersovereenkomst voor de financiering van de in de beheersovereenkomst voorziene deficits in de financiering van de openbare-omroepopdracht van de VRT. § 5. Paragrafen 1 tot 3 zijn evenmin van toepassing op de opbrengsten die voortvloeien uit de verzelfstandiging van het zenderpark waarvan de opbrengsten bestemd zijn voor initiatieven als vermeld in artikel 35, § 3, tweede lid, van de beheersovereenkomst 2007-2011.
TITEL VI. - PERSONEEL Art. 27.§ 1. Met behoud van de toepassing van artikel 14, § 4, met betrekking tot de gedelegeerd bestuurder en de andere leden van het directiecollege worden de personeelsleden van het middenkader overeenkomstig de hiernavolgende bepalingen met een arbeidsovereenkomst tewerkgesteld. § 2. De gedelegeerd bestuurder stelt de organisatiestructuur vast. Hij heft het ambt op van de personeelsleden die op 12 februari 1996 een ambt bekleedden van rang 13, behalve als die rang verkregen is door bevordering in de vlakke loopbaan, tot en met 15, en van de personeelsleden die een functie uitoefenden die overeenstemt met rang 13 tot en met 15. § 3. In afwijking van artikel 13, § 1, 6°, stelt de gedelegeerd bestuurder, om redenen van reorganisatie van de dienst, de verordenende maatregelen vast betreffende de administratieve en financiële situatie van de personeelsleden van wie het ambt overeenkomstig § 2 werd opgeheven.
Hij verklaart de nieuwe, door hem vast te stellen betrekkingen van het middenkader vacant, selecteert en werft de kandidaten voor die betrekkingen. De aangeworven kandidaten worden met een arbeidsovereenkomst tewerkgesteld.
De statutaire personeelsleden die ter uitvoering van het tweede lid contractueel worden tewerkgesteld, behouden voor de volledige duur van hun contractuele tewerkstelling de statutaire en financiële toestand die zij hadden bij de aanvang van hun contractuele tewerkstelling, tenzij zij daar bij de ondertekening van de overeenkomst van afzien. Art. 28.De personeelsleden van de VRT, behalve de personeelsleden vermeld in artikel 27, worden met een arbeidsovereenkomst in dienst genomen. Deze bepaling doet geen afbreuk aan de statutaire rechtspositie van de personeelsleden die al in dienst zijn.
TITEL VII. - BIJZONDERE BEPALINGEN OVER DE PROGRAMMA'S Art. 29.§ 1. De programma's van de nieuwsdienst beantwoorden aan de normen inzake journalistieke deontologie, zoals vastgelegd in een deontologische code, en waarborgen de gangbare redactionele onafhankelijkheid, zoals vastgelegd in een redactiestatuut.
De deontologische code en het redactiestatuut worden vastgesteld door de gedelegeerd bestuurder in overleg met de representatieve vakverenigingen. § 2. In het kader van zijn informatieopdracht, vermeld in artikel 6, verzorgt de VRT, de maanden juli en augustus uitgezonderd, tweewekelijks een televisieprogramma van dertig minuten of wekelijks een televisieprogramma van vijftien minuten ter duiding van sociaaleconomische onderwerpen. Die programma's worden gemaakt door de nieuwsdienst van de VRT in samenwerking met de organisaties die vertegenwoordigd zijn in de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen.
TITEL VIII. - TOEZICHT Art. 30.§ 1. De Vlaamse Regering wijst een gemeenschapsafgevaardigde aan die erop toeziet dat de VRT zijn activiteiten uitoefent conform de wetten, decreten, besluiten en de beheersovereenkomst. De Vlaamse Gemeenschap draagt de kosten die verbonden zijn aan de uitoefening van zijn ambt.
De gemeenschapsafgevaardigde woont met raadgevende stem de vergaderingen bij van de algemene vergadering en van de raad van bestuur. Hij ontvangt de volledige dagorde van de vergaderingen van de algemene vergadering, de raad van bestuur en het directiecollege, en alle documenten ter zake, ten minste vijf werkdagen voor de datum van de vergaderingen. Hij ontvangt de notulen van die vergaderingen.
De gemeenschapsafgevaardigde kan op elk moment ter plaatse inzage nemen van alle documenten en geschriften van de VRT. Hij kan van de bestuurders, de gedelegeerd bestuurder en de leden van het directiecollege van de VRT alle inlichtingen en ophelderingen vorderen en hij kan alle verificaties verrichten die hij nodig acht voor de uitvoering van zijn mandaat. § 2. Binnen een termijn van vier werkdagen, te rekenen vanaf de kennisname of de ontvangst van de beslissing in kwestie, kan de gemeenschapsafgevaardigde bij de Vlaamse Regering een gemotiveerd beroep instellen tegen elke beslissing van de raad van bestuur, de gedelegeerd bestuurder, het directiecollege en van de organen of de personen van de VRT aan wie zij hun bevoegdheid hebben gedelegeerd, die betrekking heeft op de openbare-omroepopdracht, vermeld in artikel 6, en waarvan hij meent dat ze niet strookt met de wetten, decreten, besluiten of de beheersovereenkomst. Het Vlaams Parlement wordt onmiddellijk door de Vlaamse Regering in kennis gesteld van het beroep.
Het beroep schort de beslissing op. Als de Vlaamse Regering binnen een termijn van twintig werkdagen, die ingaat op dezelfde dag als de termijn waarover de gemeenschapsafgevaardigde beschikt, de nietigverklaring niet heeft uitgesproken, wordt de beslissing definitief. In voorkomend geval wordt de nietigverklaring binnen de gestelde termijn aan het Vlaams Parlement en aan de gedelegeerd bestuurder meegedeeld. § 3. Beslissingen van de raad van bestuur, de gedelegeerd bestuurder, het directiecollege en van de organen of de personen van de VRT aan wie zij hun bevoegdheid gedelegeerd hebben, die betrekking hebben op de uitvoering van het
decreet van 13 april 1999Relevante gevonden documenten
type
decreet
prom.
13/04/1999
pub.
11/06/1999
numac
1999035668
bron
ministerie van de vlaamse gemeenschap
Decreet tot regeling van de rechtspositie van het statutair en het contractueel personeel van het VRT-Filharmonisch orkest en het VRT-koor
sluiten tot regeling van de rechtspositie van het statutair en contractueel personeel van het VRT-filharmonisch orkest en het VRT-koor of die een wijziging van de loonkosten, vermeld in artikel 4, § 1, van het voormelde decreet, tot gevolg hebben, moeten onmiddellijk aan de gemeenschapsafgevaardigde meegedeeld worden.
Binnen een termijn van vier werkdagen, te rekenen vanaf de kennisneming of de ontvangst van de beslissing in kwestie, kan de gemeenschapsafgevaardigde bij de Vlaamse Regering tegen die beslissing een gemotiveerd beroep instellen als hij meent dat de beslissing in kwestie redelijkerwijs onverantwoord is en de belangen van de Vlaamse Gemeenschap schaadt.
Dat beroep schort de beslissing op.
Als de Vlaamse Regering binnen een termijn van twintig werkdagen, te rekenen vanaf dezelfde dag als de termijn waarover de gemeenschapsafgevaardigde beschikt om beroep in te stellen, de beslissing in kwestie niet nietig heeft verklaard, wordt de beslissing definitief.
Als de Vlaamse Regering de beslissing in kwestie vernietigt, wordt de nietigverklaring binnen de termijn, vermeld in het vierde lid, aan de gedelegeerd bestuurder meegedeeld. Art. 31.Een interne-auditentiteit binnen de VRT evalueert de doeltreffendheid van het risico- en controlebeheer en de beleidsprocessen, gaat na of ze adequaat zijn en formuleert aanbevelingen tot verbetering ervan. Ze voert daartoe audits uit voor een door de raad van bestuur ingesteld auditcomité, dat wordt voorgezeten door een door de raad van bestuur aangewezen lid van de raad van bestuur, uitgezonderd de voorzitter en de gedelegeerd bestuurder. Ze voert ook audits uit voor een auditcel bij het VRT-directiecollege met het oog op een zo optimaal mogelijk operationeel beheer.
De interne-auditentiteit opereert onafhankelijk van de gedelegeerd bestuurder en ressorteert rechtstreeks onder de voorzitter van het auditcomité. Art. 32.Het Rekenhof is belast met de controle van de rekeningen van de VRT die voor 31 mei aan het Rekenhof worden voorgelegd. Het brengt daarover jaarlijks verslag uit aan het Vlaams Parlement. Het Rekenhof kan ter plaatse inzage krijgen van alle documenten en geschriften die het nodig heeft voor de uitvoering van zijn opdracht. Het kan daartoe ook alle ophelderingen en inlichtingen vragen en alle verificaties verrichten. Art. 33.§ 1. De entiteit Interne Audit van de Vlaamse Gemeenschap, vermeld in artikel 34 van het kader
decreet van 18 juli 2003Relevante gevonden documenten
type
decreet
prom.
18/07/2003
pub.
22/08/2003
numac
2003035939
bron
ministerie van de vlaamse gemeenschap
Kaderdecreet bestuurlijk beleid
type
decreet
prom.
18/07/2003
pub.
14/11/2003
numac
2003201696
bron
ministerie van de vlaamse gemeenschap
Decreet betreffende het integraal waterbeleid
type
decreet
prom.
18/07/2003
pub.
03/09/2003
numac
2003035937
bron
ministerie van de vlaamse gemeenschap
Decreet houdende wijziging van sommige bepalingen van de decreten betreffende de radio-omroep en de televisie, gecoördineerd op 25 januari 1995, wat de invoering betreft van het recht op informatie via radio en televisie en houdende instelling van een recht van antwoord en een recht van mededeling ten aanzien van radio en televisie
sluiten, evalueert de interne controlesystemen van de VRT, gaat na of ze adequaat zijn en formuleert aanbevelingen tot verbetering ervan. Ze voert daartoe financiële audits, overeenstemmingsaudits en operationele audits uit en is gemachtigd alle bedrijfsprocessen en activiteiten te onderzoeken.
De entiteit Interne Audit is ook bevoegd voor de uitvoering van administratieve onderzoeken bij de VRT. De vertrouwelijkheid van commerciële en industriële informatie, gewaarborgd volgens artikel 14, 3°, van het
decreet van 26 maart 2004Relevante gevonden documenten
type
decreet
prom.
26/03/2004
pub.
01/07/2004
numac
2004036026
bron
ministerie van de vlaamse gemeenschap
Decreet betreffende de openbaarheid van bestuur
sluiten inzake openbaarheid van bestuur, geldt onverkort. § 2. Om haar bevoegdheid te kunnen uitoefenen, heeft de entiteit Interne Audit toegang tot alle informatie en documenten van de VRT. Ze kan aan ieder personeelslid van de VRT de inlichtingen vragen die ze voor de uitvoering van haar opdrachten nodig acht. Ieder personeelslid van de VRT is ertoe gehouden op een volledige wijze te antwoorden en alle relevante informatie en documenten te verstrekken.
TITEL IX. - MEDEDELINGEN VAN DE VLAAMSE OVERHEID Art. 34.§ 1. De VRT is verplicht maximaal vijftien minuten per maand kosteloos mededelingen uit te zenden van de Vlaamse Regering, het Vlaams Parlement, de ministers en de staatssecretarissen van het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest, volgens de regels en de voorwaarden die de Vlaamse Regering bepaalt. § 2. De mededelingen worden uitgezonden in aansluiting op een hoofdjournaal. Dezelfde mededeling wordt slechts eenmaal per net uitgezonden. De mededelingen strekken tot voorlichting van de Vlaamse bevolking over aangelegenheden van algemeen belang. De VRT draagt geen verantwoordelijkheid voor die mededelingen. § 3. De mededelingen voldoen aan de voorwaarden en de regels die de Vlaamse Regering vaststelt. Ze moeten duidelijk herkenbaar zijn en mogen geen aanleiding geven tot verwarring met de eigen programma's van de VRT. Voor en na de mededelingen wordt gesteld dat ze vanwege de Vlaamse overheid of de overheid van het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest zijn verstrekt. § 4. De aanmaakkosten van de mededelingen worden gedragen door de aanvragende overheid. § 5. Behoudens voor dringende gevallen, erkend door de gedelegeerd bestuurder, worden de mededelingen opgeschort tijdens de twee maanden die aan de gemeenteraads-, provincieraads-, federale, Vlaamse en Europese verkiezingen voorafgaan. In zulke gevallen mogen de mededelingen noch de naam, noch de beeltenis van een minister, een staatssecretaris of een parlementslid bevatten en moeten ze louter zakelijk zijn.
TITEL X. - TELEVISIEPROGRAMMA'S DOOR LEVENSBESCHOUWELIJKE VERENIGINGEN EN RADIOPROGRAMMA'S DOOR LEVENSBESCHOUWELIJKE EN SOCIAALECONOMISCHE VERENIGINGEN Art. 35.§ 1. Aan levensbeschouwelijke verenigingen die daartoe erkend worden door de Vlaamse Regering, wordt de mogelijkheid gegeven om televisieprogramma's te verzorgen. Die levensbeschouwelijke verenigingen zijn niet-commerciële verenigingen die tot doel hebben programma's te verzorgen die rechtstreeks zijn afgestemd op het verschaffen van opiniëring vanuit representatieve levensbeschouwelijke stromingen. § 2. De Vlaamse Regering erkent de levensbeschouwelijke verenigingen die overeenstemmen met de meest representatieve levensbeschouwelijke stromingen in Vlaanderen. § 3. De Vlaamse Regering bepaalt de voorwaarden, de duur en de procedure van erkenning.
De erkenning van een levensbeschouwelijke vereniging die veroordeeld is voor de inhoud van een door haar verzorgd programma op grond van de
wet van 30 juli 1981Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
30/07/1981
pub.
20/05/2009
numac
2009000343
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet tot bestraffing van bepaalde door racisme of xenofobie ingegeven daden. - Officieuze coördinatie in het Duits
sluiten tot bestraffing van bepaalde door racisme of xenofobie ingegeven daden, vervalt van rechtswege. § 4. De Vlaamse Regering bepaalt jaarlijks de zendtijd van elke erkende levensbeschouwelijke vereniging. De gezamenlijke zendtijd van de erkende levensbeschouwelijke verenigingen bedraagt maximaal vijftig uur per jaar. De Vlaamse Regering kan deze zendtijd proportioneel laten stijgen bij de erkenning van nieuwe verenigingen. § 5. De erkende levensbeschouwelijke verenigingen hebben recht op een subsidie waarvan het bedrag rechtstreeks ten laste komt van de begroting van de Vlaamse Gemeenschap. Die subsidie dekt de kosten van de vereniging, met inbegrip van de technische kosten. Ze wordt rechtstreeks aan de vereniging in kwestie betaald, op de wijze die bepaald wordt door de Vlaamse Regering. De Vlaamse Regering bepaalt jaarlijks het bedrag dat aan elke erkende levensbeschouwelijke vereniging wordt toegekend. § 6. De VRT stelt, volgens de bepalingen die met de erkende levensbeschouwelijke verenigingen overeengekomen zijn, het technisch personeel en de technische uitrusting ter beschikking tegen een vergoeding onder marktvoorwaarden. § 7. De gedelegeerd bestuurder bepaalt, op basis van de vereisten van het uitzendschema van de televisieprogramma's van de VRT, het uitzendschema van de programma's van de erkende levensbeschouwelijke verenigingen, rekening houdend met § 4. Art. 36.§ 1. De Vlaamse Regering wijst, nadat de gedelegeerd bestuurder daarover een gemotiveerde uitspraak heeft gedaan, de levensbeschouwelijke en sociaal-economische verenigingen aan die erkend worden om radioprogramma's te verzorgen.
De levensbeschouwelijke verenigingen bedoeld in lid 1 zijn niet-commerciële verenigingen die tot doel hebben programma's te verzorgen die rechtstreeks zijn afgestemd op het verschaffen van opiniëring vanuit representatieve levensbeschouwelijke stromingen. § 2. De Vlaamse Regering bepaalt de voorwaarden, de duur en de procedure van erkenning.
De erkenning van een levensbeschouwelijke of een sociaal-economische vereniging die veroordeeld is voor de inhoud van een door haar verzorgd radioprogramma op grond van de
wet van 30 juli 1981Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
30/07/1981
pub.
20/05/2009
numac
2009000343
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet tot bestraffing van bepaalde door racisme of xenofobie ingegeven daden. - Officieuze coördinatie in het Duits
sluiten tot bestraffing van bepaalde door racisme of xenofobie ingegeven daden, vervalt van rechtswege. § 3. De Vlaamse Regering bepaalt jaarlijks de zendtijd van de verenigingen, vermeld in paragraaf 1. De gezamenlijke zendtijd bedraagt maximaal 72,30 uur per jaar. De Vlaamse Regering kan deze zendtijd proportioneel laten stijgen bij de erkenning van nieuwe verenigingen. § 4. De gedelegeerd bestuurder bepaalt, volgens de vereisten van het uitzendschema van de radioprogramma's van de VRT, het uitzendschema van de programma's van de erkende verenigingen.
De erkende verenigingen hebben recht op een subsidie waarvan het bedrag rechtstreeks ten laste komt van de begroting van de Vlaamse Gemeenschap. Ze wordt rechtstreeks aan de vereniging in kwestie betaald, op de wijze die bepaald is door de Vlaamse Regering. De Vlaamse Regering bepaalt het bedrag dat aan elke erkende vereniging wordt toegekend. De VRT stelt volgens bepalingen die met de verenigingen, erkend om radioprogramma's te verzorgen, overeengekomen zijn, het technisch personeel en de technische uitrusting ter beschikking tegen vergoeding onder marktvoorwaarden. § 5. In de periode van twee maanden die voorafgaat aan de gemeenteraads-, provincieraads-, wetgevende en Europese verkiezingen, worden de programma's van de erkende verenigingen, buiten de levensbeschouwelijke, opgeschort.
DEEL III. - Radio-omroep en televisie TITEL I. - BEPALINGEN OVER OMROEPACTIVITEITEN Art. 37.De vrijheid van meningsuiting is gewaarborgd voor omroepactiviteiten.
De omroepactiviteiten zijn vrij en kunnen, onder voorbehoud van wat hierna is bepaald voor omroepdiensten, aan geen enkele vormvereiste of voorafgaande controle worden onderworpen. Art. 38.Omroepactiviteiten mogen niet aansporen tot haat en geweld.
TITEL II. - BEPALINGEN OVER OMROEPDIENSTEN HOOFDSTUK I. - Algemene bepalingen Art. 39.In de programma's wordt elke vorm van discriminatie geweerd.
Het programma-aanbod verloopt zo dat het geen aanleiding geeft tot discriminatie tussen de verschillende ideologische of filosofische strekkingen.
De informatieprogramma's, …
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.