📄 Wettekst
25 APRIL 2007. - Wet tot wijziging van het Gerechtelijk Wetboek inzonderheid met betrekking tot bepalingen inzake het gerechtspersoneel van het niveau A, de griffiers en de secretarissen en inzake de rechterlijke organisatie (1)
ALBERT II, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
De Kamers hebben aangenomen en Wij bekrachtigen, hetgeen volgt : HOOFDSTUK I. - Algemene bepaling Artikel 1.Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 77 van de Grondwet HOOFDSTUK II. - Wijzigingen aan het Gerechtelijk Wetboek Art. 2.Artikel 90 van het Gerechtelijk Wetboek, gewijzigd bij de
wet van 22 december 1998Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
02/02/1999
numac
1999009006
bron
ministerie van justitie
Wet tot wijziging van sommige bepalingen van deel II van het Gerechtelijk Wetboek met betrekking tot de Hoge Raad voor de Justitie, de benoeming en aanwijzing van magistraten en tot invoering van een evaluatiesysteem
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
10/02/1999
numac
1999009059
bron
ministerie van justitie
Wet betreffende de verticale integratie van het openbaar ministerie, het federaal parket en de raad van de procureurs des Konings
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
15/01/1999
numac
1998003665
bron
ministerie van financien
Wet houdende fiscale en andere bepalingen
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
06/03/1999
numac
1999009060
bron
ministerie van justitie
Wet tot wijziging van het Wetboek van de Belgische nationaliteit wat de naturalisatieprocedure betreft
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
15/01/1999
numac
1999003011
bron
ministerie van financien
Wet tot wijziging van de wet van 28 december 1983 betreffende het verstrekken van sterke drank en betreffende het vergunningsrecht
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
31/12/1998
numac
1998003593
bron
ministerie van financien
Wet houdende de Rijksmiddelenbegroting voor het begrotingsjaar 1999
sluiten, wordt vervangen als volgt : « Art. 90.De voorzitter is belast met de algemene leiding en de organisatie van de rechtbank.
Hij kan een of meer ondervoorzitters aanwijzen om hem bij te staan.
Hij verdeelt de zaken overeenkomstig het bijzonder reglement van de rechtbank. Wanneer de behoeften van de dienst het rechtvaardigen kan hij een deel van de zaken die aan een kamer zijn toegewezen, onder de andere kamers van de rechtbank verdelen. » Art. 3.Artikel 109 van hetzelfde Wetboek, gewijzigd bij de wetten van 19 juli 1985 en 22 december 1998, wordt vervangen als volgt : « Art. 109.De eerste voorzitter is belast met de algemene leiding en de organisatie van het hof.
Hij kan een of meer kamervoorzitters aanwijzen om hem bij te staan.
Hij verdeelt de zaken overeenkomstig het bijzonder reglement van het hof. Wanneer de behoeften van de dienst het rechtvaardigen kan hij een deel van de zaken die aan een kamer zijn toegewezen, onder de andere kamers van het hof verdelen. Ingeval van moeilijkheden in verband met de verdeling van de zaken onder de kamers van eenzelfde hof van beroep is artikel 88, § 2, van toepassing. ». Art. 4.In artikel 143bis, § 8, tweede lid, van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 4 maart 1997 en gewijzigd bij de
wet van 21 juni 2001Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
21/06/2001
pub.
20/07/2001
numac
2001009458
bron
ministerie van justitie
Wet tot wijziging van verscheidene bepalingen inzake het federaal parket
type
wet
prom.
21/06/2001
pub.
05/07/2001
numac
2001003328
bron
ministerie van financien
Wet tot wijziging van de gevolgen voor de inkomstenbelastingen van schenkingen aan de Staat en tot wijziging van de regeling voor de aangifte van kunstwerken ter betaling van successierechten
sluiten, vervallen de woorden « Het secretariaat wordt onder zijn gezag geleid door een directeur die deelneemt aan alle vergaderingen van het college. Deze deelt de agenda en de verslagen van de vergaderingen van het college van procureurs-generaal mee aan de minister van Justitie, aan de leden van het college, aan de procureurs des Konings, aan de arbeidsauditeurs, aan de federale procureur, aan de adviseur-generaal voor het strafrechtelijk beleid en aan de secretaris-generaal van het ministerie van Justitie. » Art. 5.Artikel 143ter, van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 4 maart 1997, wordt vervangen als volgt : « Art. 143ter.Ten behoeve van het college van procureurs-generaal bedoeld in artikel 143bis, de raad van procureurs des Konings, bedoeld in artikel 150bis en de raad van arbeidsauditeurs, bedoeld in artikel 152bis, wordt een gemeenschappelijke steundienst opgericht.
Deze steundienst staat onder het gezag van de procureur-generaal die het voorzitterschap bekleedt van het college van procureurs-generaal.
Hij is belast met het verlenen van ondersteuning in diverse domeinen waaronder juridische en administratieve bijstand, informaticabeheer, gebouwen en materiële uitrusting.
Hij staat in voor de mededeling van de agenda en de verslagen van de vergaderingen van het college en de raden bedoeld in het eerste lid, aan de minister van Justitie, aan de leden, aan de federale procureur en de mededeling van de agenda en de verslagen van de vergaderingen van het college van procureurs-generaal aan de voorzitter van het directiecomité van de federale overheidsdienst Justitie en aan de adviseur-generaal voor het strafrechtelijk beleid.
Op de personeelsleden van de gemeenschappelijke steundienst is hetzelfde statuut van toepassing als op de personeelsleden bedoeld in hoofdstuk V, van deel II, boek I, titel III. De Koning bepaalt, op advies van de procureur-generaal die het voorzitterschap bekleedt van het college van procureurs-generaal, de nadere modaliteiten inzake de werking en de organisatie van de steundienst en het aantal betrekkingen. » Art. 6.Een artikel 143quater, wordt in hetzelfde Wetboek ingevoegd, luidende : « Art. 143quater.De minister van Justitie legt de richtlijnen van het strafrechtelijk beleid vast, inclusief die van het opsporings- en vervolgingsbeleid, nadat hij het advies van het college van procureurs-generaal heeft ingewonnen.
Deze richtlijnen zijn bindend voor alle leden van het openbaar ministerie.
De procureurs-generaal bij de hoven van beroep staan in voor de tenuitvoerlegging van deze richtlijnen binnen hun rechtsgebied. » Art. 7.In artikel 150bis van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de
wet van 22 december 1998Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
02/02/1999
numac
1999009006
bron
ministerie van justitie
Wet tot wijziging van sommige bepalingen van deel II van het Gerechtelijk Wetboek met betrekking tot de Hoge Raad voor de Justitie, de benoeming en aanwijzing van magistraten en tot invoering van een evaluatiesysteem
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
10/02/1999
numac
1999009059
bron
ministerie van justitie
Wet betreffende de verticale integratie van het openbaar ministerie, het federaal parket en de raad van de procureurs des Konings
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
15/01/1999
numac
1998003665
bron
ministerie van financien
Wet houdende fiscale en andere bepalingen
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
06/03/1999
numac
1999009060
bron
ministerie van justitie
Wet tot wijziging van het Wetboek van de Belgische nationaliteit wat de naturalisatieprocedure betreft
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
15/01/1999
numac
1999003011
bron
ministerie van financien
Wet tot wijziging van de wet van 28 december 1983 betreffende het verstrekken van sterke drank en betreffende het vergunningsrecht
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
31/12/1998
numac
1998003593
bron
ministerie van financien
Wet houdende de Rijksmiddelenbegroting voor het begrotingsjaar 1999
sluiten, wordt het laatste lid opgeheven. Art. 8.In artikel 152bis van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de
wet van 12 april 2004Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
12/04/2004
pub.
17/06/2004
numac
2004015082
bron
federale overheidsdienst buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
Wet houdende instemming met het Verdrag tussen de Regering van het Koninkrijk België en de Regering van de Republiek Slovenië inzake politiesamenwerking, ondertekend te Brussel op 22 januari 2001 (2)
type
wet
prom.
12/04/2004
pub.
30/04/2004
numac
2004009313
bron
federale overheidsdienst justitie
Wet tot wijziging van de wet van 2 juni 1998 houdende oprichting van een Informatie- en adviescentrum inzake schadelijke sektarische organisaties en van een Administratieve coördinatiecel inzake de strijd tegen schadelijke sektarische organisaties
type
wet
prom.
12/04/2004
pub.
07/05/2004
numac
2004009321
bron
federale overheidsdienst justitie
Wet houdende verticale integratie van het openbaar ministerie
type
wet
prom.
12/04/2004
pub.
13/05/2004
numac
2004009317
bron
federale overheidsdienst justitie
Wet tot herinvoering in de wet van 24 februari 1921 betreffende het verhandelen van giftstoffen, slaapmiddelen, psychotrope stoffen, ontsmettingsstoffen en antiseptica en van de stoffen die kunnen gebruikt worden voor de illegale vervaardiging van verdovende middelen en psychotrope stoffen van de bevoegdheid van officieren van gerechtelijke politie om 's nachts alle plaatsen te betreden en te doorzoeken zonder voorafgaande toelating van de politierechtbank
sluiten, wordt het laatste lid opgeheven. Art. 9.In hetzelfde Wetboek worden opgeheven : 1° Het opschrift van titel II ter van boek I, deel II, ingevoegd bij de
wet van 24 maart 1999Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
24/03/1999
pub.
07/04/1999
numac
1999009354
bron
ministerie van justitie
Wet met betrekking tot de parketjuristen en de referendarissen en tot aanvulling en wijziging van sommige bepalingen van het Gerechtelijk Wetboek en van de wet tot wijziging van sommige bepalingen van deel II van het Gerechtelijk Wetboek met betrekking tot de Hoge Raad voor de Justitie, de benoeming en aanwijzing van magistraten en tot invoering van een evaluatiesysteem van magistraten
type
wet
prom.
24/03/1999
pub.
08/05/1999
numac
1999000340
bron
ministerie van binnenlandse zaken
Wet tot regeling van de betrekkingen tussen de overheid en de vakverenigingen van het personeel van de politiediensten
sluiten;2° artikel 156ter, ingevoegd bij de
wet van 24 maart 1999Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
24/03/1999
pub.
07/04/1999
numac
1999009354
bron
ministerie van justitie
Wet met betrekking tot de parketjuristen en de referendarissen en tot aanvulling en wijziging van sommige bepalingen van het Gerechtelijk Wetboek en van de wet tot wijziging van sommige bepalingen van deel II van het Gerechtelijk Wetboek met betrekking tot de Hoge Raad voor de Justitie, de benoeming en aanwijzing van magistraten en tot invoering van een evaluatiesysteem van magistraten
type
wet
prom.
24/03/1999
pub.
08/05/1999
numac
1999000340
bron
ministerie van binnenlandse zaken
Wet tot regeling van de betrekkingen tussen de overheid en de vakverenigingen van het personeel van de politiediensten
sluiten. Art. 10.Het opschrift van titel III van boek I, deel II van hetzelfde Wetboek wordt vervangen als volgt : « TITEL III. - GERECHTSPERSONEEL ». Art. 11.In deel II, boek I, titel III van hetzelfde Wetboek wordt een hoofdstuk I ingevoegd, dat de artikelen 157 tot 161 omvat, luidende : « Hoofdstuk I. - Algemene bepalingen ». Art. 12.Artikel 157 van hetzelfde Wetboek, vervangen bij de
wet van 17 februari 1997Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
17/02/1997
pub.
11/09/1997
numac
1997009532
bron
ministerie van justitie
Wet tot wijziging van de artikelen 30 en 34 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen, inzake de hulp aan de slachtoffers van opzettelijke gewelddaden
type
wet
prom.
17/02/1997
pub.
11/08/1998
numac
1998015084
bron
ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
Wet houdende instemming met het Akkoord, gesloten door wisseling van brieven, gedagtekend te Brussel op 9 februari en 13 februari 1995, tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk België, betreffende het statuut van de Belgische verbindingsambtenaren bij de te Den Haag gevestigde Europol Drugs Eenheid
sluiten, gewijzigd bij de wet van 3 mei 2003, wordt vervangen als volgt : « Art. 157.Aan ieder hof of rechtbank is een griffie verbonden.
De griffies zijn open op de dagen en uren bij koninklijk besluit bepaald.
Aan ieder parket is een secretariaat verbonden. » Art. 13.Artikel 158 van hetzelfde Wetboek, gewijzigd bij de wetten van 17 februari 1997 en 3 mei 2003, wordt vervangen als volgt : « Art. 158.§ 1. De Koning kan in een hof, een rechtbank of een parket, op een gemotiveerd verzoek van de korpschef, een steundienst oprichten.
Deze steundienst is belast met het verlenen van advies aan en ondersteuning van de korpschefs in diverse domeinen, waaronder juridische bijstand, personeelsbeleid, gebouwen en materiële uitrusting, administratief beheer, alsmede informaticabeheer.
De personeelsleden van de steundienst staan onder gezag en toezicht van de korpschef van het hof, de rechtbank of het parket waaraan de steundienst is verbonden.
De Koning bepaalt, naar gelang van het geval, op advies van de korpschef van het hof, de rechtbank of het parket waar een steundienst wordt ingericht, de nadere regels inzake de werking en de organisatie van de steundienst en het aantal betrekkingen. § 2. Ingeval, overeenkomstig § 1, geen steundienst is opgericht, kan de korpschef in deze hoven, rechtbanken en parketten, een kabinetssecretariaat oprichten dat onder zijn gezag en toezicht staat.
Hij kan een kabinetssecretaris kiezen uit het gerechtspersoneel van, naar gelang van het geval, de griffies of de parketsecretariaten. » Art. 14.Artikel 159 van hetzelfde Wetboek, opgeheven bij de wet van 11 juli 1994, wordt hersteld in de volgende lezing : « Art. 159.De hiërarchische structuur van de griffie, het parketsecretariaat en in voorkomend geval de steundienst wordt in vier niveaus ingedeeld, namelijk niveau A, dat het hoger niveau is, en de niveaus B, C en D. Het niveau wordt bepaald volgens de kwalificatie van de opleiding en de geschiktheid waarvan blijk moet worden gegeven om een betrekking te bekleden. » Art. 15.Art. 160 van hetzelfde Wetboek, gewijzigd bij de wetten van 15 juli 1970 en 17 februari 1997, wordt vervangen als volgt : « Art. 160.§ 1. Niveau A bevat vijf klassen, genummerd van A1 tot A5 die de hoogste is.
Een klasse groepeert de functies van vergelijkbare complexiteit, technische expertise en verantwoordelijkheden.
De functie wijst het geheel van taken en verantwoordelijkheden aan die een personeelslid op zich dient te nemen.
De type-functies zijn de functies die de meest representatieve zijn van het geheel van de functies voorkomend in de hoven en rechtbanken.
De type-functies worden vastgesteld door de Koning, naar gelang van het geval op advies van het college van procureurs-generaal of op eensluidend advies van de eerste voorzitters van de hoven van beroep en de arbeidshoven. § 2. Het niveau A is onderverdeeld in vakrichtingen die worden vastgesteld door de Koning, naar gelang van het geval, op advies van het college van procureurs-generaal of op eensluidend advies van de eerste voorzitters van de hoven van beroep en de arbeidshoven.
Onder vakrichting moet worden verstaan een groep van functies die tot een gelijkaardig expertisedomein behoren.
Elke vakrichting kan vijf vakklassen bevatten. De eerste vakklasse kan klasse A1 of klasse A2 zijn.
Onder vakklasse moet worden verstaan een klasse binnen een vakrichting. § 3. De type-functies maken het voorwerp uit van een weging, op basis van een wegingsmatrix, uitgevoerd overeenkomstig de bepalingen van het koninklijk besluit van 7 augustus 1939 betreffende de evaluatie en de loopbaan van het rijkspersoneel.
De weging van de functies wordt uitgevoerd door een wegingscomité, opgericht door de minister van Justitie en met de medewerking van een uitgebreid wegingscomité opgericht door en bij dezelfde minister.
Elk comité stelt een huishoudelijk reglement op en legt het ter goedkeuring voor aan de minister van Justitie. § 4. Het wegingscomité is, paritair per taalrol voor de vertegenwoordigers in het 1°, 2° en 3° bedoeld, samengesteld uit : 1° de voorzitter en de ondervoorzitter van de Commissie voor de Modernisering van de Rechterlijke Orde of hun vertegenwoordiger;2° vier vertegenwoordigers van het gerechtspersoneel van niveau A, aangewezen door de minister van Justitie, waarvan twee op voorstel van het college van procureurs-generaal en twee op eensluidend voorstel van de eerste voorzitters van de hoven van beroep en de arbeidshoven;3° twee vertegenwoordigers van niveau A van de federale overheidsdienst Justitie, aangewezen door de minister van Justitie, een vertegenwoordiger van niveau A van de federale overheidsdienst Personeel en Organisatie, aangewezen door de minister die de ambtenarenzaken onder zijn bevoegdheid heeft en een vertegenwoordiger van niveau A van de federale Overheidsdienst Budget en Beheerscontrole, aangewezen door de minister die de begroting onder zijn bevoegdheid heeft;4° een externe deskundige aangewezen door de minister van Justitie. De plaatsvervangende leden worden op dezelfde manier aangewezen als de vaste leden. Om aangewezen te worden moeten de vaste en de plaatsvervangende leden vooraf een opleiding tot de wegingsmethode met vrucht hebben gevolgd.
De voorzitter van het wegingscomité wordt onder de leden aangewezen door de minister van Justitie. § 5. Het uitgebreid wegingscomité is paritair per taalrol voor de vertegenwoordigers in het 1° en het 2° bedoeld, samengesteld uit : 1° een magistraat van de zetel, aangewezen op eensluidend voorstel van de eerste voorzitters van de hoven van beroep en de arbeidshoven en een magistraat van het parket, aangewezen op voorstel van het college van procureurs-generaal;2° vertegenwoordigers van het gerechtspersoneel van niveau A, aangewezen : a) op voorstel van de eerste voorzitter van het Hof van Cassatie : -één van het Hof van Cassatie;b) op eensluidend voorstel van de eerste voorzitters van de hoven van beroep en de arbeidshoven : - één van een hof van beroep; - één van een arbeidshof; - één van een rechtbank van eerste aanleg; - één van een rechtbank van koophandel; - één van een arbeidsrechtbank; - één van een politierechtbank; - één van een vredegerecht; c) op voorstel van de procureur-generaal bij het Hof van Cassatie : - één van het parket bij het Hof van Cassatie;d) op voorstel van het college van procureurs-generaal : - één van het parket-generaal of het federaal parket; - één van het parket bij de rechtbank van eerste aanleg; - één van het arbeidsauditoraat; 3° één vertegenwoordiger per representatieve vakorganisatie in de zin van artikel 7 van de
wet van 19 december 1974Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
06/05/1997
pub.
25/06/1997
numac
1997009448
bron
ministerie van justitie
Wet strekkende tot de bespoediging van de procedure voor het Hof van Cassatie
sluiten7 tot regeling van de betrekkingen tussen de overheid en de vakbonden van haar personeel en één vertegenwoordiger per representatieve vakorganisatie in de zin van artikel 10 van 25 april 2007 van de wet tot regeling van de betrekkingen tussen de overheid en de vakorganisaties van de griffiers van de rechterlijke orde, referendarissen bij het Hof van Cassatie en de referendarissen en de parketjuristen bij de hoven en rechtbanken. Het uitgebreid wegingscomité wordt voorgezeten door de magistraat van de zetel of indien die er niet is, door de magistraat van het parket bedoeld in § 5, 1° .
De hoedanigheid van lid van het uitgebreid wegingscomité is onverenigbaar met deze van lid van het wegingscomité bedoeld in § 3.
Alle leden van het uitgebreid wegingscomité genieten een opleiding om inzicht te krijgen in de wegingsmethode. § 6. Het wegingscomité maakt een voorstel van classificatie van de functies op en onderwerpt dit aan het uitgebreid wegingscomité dat zijn advies uitbrengt binnen een termijn van dertig werkdagen. Wanneer deze termijn wordt overschreden, wordt het advies geacht gunstig te zijn.
Het wegingscomité ontvangt het advies van het uitgebreid wegingscomité en deelt aan de minister van Justitie een voorstel mee, aangenomen bij meerderheid over de classificatie van elke functie.
Gedurende het gehele wegingsproces wordt de representatieve vakorganisaties inzicht verschaft in het gehanteerde wegingssysteem en transparantie gewaarborgd bij de classificatie van de functies. § 7. De andere functies dan deze bedoeld in § 1 worden door het wegingscomité geclassificeerd op basis van een vakklassematrix. Het wegingscomité deelt aan de minister van Justitie een voorstel mee, aangenomen bij meerderheid over de classificatie van elke functie.
Een vakklassematrix is het geheel van competenties, zoals vermeld in artikel 20ter, § 1, van het koninklijk besluit van 7 augustus 1939 betreffende de evaluatie en de loopbaan van het rijkspersoneel, gemeenschappelijk aan de type-functies van een vakklasse. § 8. Elke functie ingedeeld in niveau A, wordt door de Koning in een vakklasse ingedeeld.
Het gerechtspersoneel van niveau A wordt door de Koning in een vakklasse benoemd. » Art. 16.Artikel 161 van hetzelfde Wetboek, vervangen door de wetten van 17 februari 1997 en 22 mei 2006, wordt vervangen als volgt : « Art. 161.In de niveaus B, C en D wordt het gerechtspersoneel in graden benoemd. Met uitzondering van de griffiers en secretarissen wordt het gerechtspersoneel benoemd door de minister van Justitie. De griffiers en secretarissen worden door de Koning benoemd.
De graad is de titel die het personeelslid machtigt tot het bekleden van een van de betrekkingen welke met die graad overeenstemmen.
Zij worden op basis van de inhoud van hun functie gerangschikt in een functiefamilie, die door de Koning wordt vastgesteld, naar gelang van het geval, op advies van het college van procureurs-generaal of op eensluidend advies van de eerste voorzitters van de hoven van beroep.
Een functiefamilie is een groep functies die gelijkenissen vertoont, zowel op het gebied van de te verrichten taken als op het gebied van de verantwoordelijkheden die opgenomen moeten worden, de te ontwikkelen generieke gedragsgerichte competenties en de gedragsindicatoren die ze ondersteunen.
Naar gelang van het geval, op vraag van het college van procureurs-generaal of van de eerste voorzitters van de hoven van beroep of van de arbeidshoven, kan de minister van Justitie aan de wegingscomités, bedoeld in artikel 160, § 3, de opdracht geven een type-functie van het niveau B te wegen. » Art. 17.In deel II, boek I, titel III van hetzelfde Wetboek wordt een hoofdstuk II ingevoegd, dat artikel 162 omvat, luidende : « Hoofdstuk II. - Referendarissen en parketjuristen bij de hoven van beroep, de arbeidshoven, en de rechtbanken ». Art. 18.Artikel 162, vervangen bij de
wet van 17 februari 1997Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
17/02/1997
pub.
11/09/1997
numac
1997009532
bron
ministerie van justitie
Wet tot wijziging van de artikelen 30 en 34 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen, inzake de hulp aan de slachtoffers van opzettelijke gewelddaden
type
wet
prom.
17/02/1997
pub.
11/08/1998
numac
1998015084
bron
ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
Wet houdende instemming met het Akkoord, gesloten door wisseling van brieven, gedagtekend te Brussel op 9 februari en 13 februari 1995, tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk België, betreffende het statuut van de Belgische verbindingsambtenaren bij de te Den Haag gevestigde Europol Drugs Eenheid
sluiten en gewijzigd bij de wet van 15 juni 2001, wordt vervangen als volgt : « Art. 162.- § 1. Er kunnen personeelsleden worden benoemd in niveau A die de titel dragen van referendaris of parketjurist.
De referendarissen staan de magistraten van de hoven van beroep, de arbeidshoven en de rechtbanken bij. De parketjuristen staan de magistraten van het openbaar ministerie bij. § 2. Zij bereiden het werk van de magistraten op juridisch vlak voor, onder hun gezag en volgens hun aanwijzingen, met uitsluiting van de aan de griffiers of aan de secretarissen overeenkomstig dit wetboek opgedragen taken.
Zij staan onder gezag en toezicht van de korpschef van het hof, de rechtbank of het parket waaraan zij zijn toegewezen. De korpschef staat in voor de toewijzing van hun opdrachten. § 3. Zij worden door de Koning benoemd per rechtsgebied van een hof van beroep. Zij worden door de minister van Justitie aangewezen om hun ambt, volgens de behoeften van de dienst, uit te oefenen binnen dit rechtsgebied. Die aanwijzing kan ofwel plaatsvinden bij het hof van beroep, het arbeidshof of het parket-generaal, ofwel bij een rechtbank of een parket uit het rechtsgebied van dat hof van beroep.
Hun aantal wordt bepaald volgens de behoeften van de dienst. Deze behoeften moeten blijken uit een gemotiveerd verslag opgesteld door de korpschef ter attentie van de minister van Justitie. De minister wint over de behoeften van de dienst ook het gemotiveerd advies in van de eerste voorzitter en van de procureur-generaal. Hun aantal per rechtsgebied kan echter niet meer bedragen dan 35% van het totaal aantal magistraten van de zetel van het hof van beroep, de zetel van de rechtbanken van eerste aanleg en de parketten van de procureur des Konings in dat rechtsgebied van het hof van beroep, zoals vastgesteld in de wet bedoeld in artikel 186, vierde lid, onverminderd artikel 287sexies en dit binnen de budgettaire middelen. » Art. 19.In deel II, boek I, titel III van hetzelfde Wetboek, wordt een Hoofdstuk III ingevoegd, dat de artikelen 163 tot 171 omvat, met als opschrift : « Hoofdstuk III. - Leden van de griffie ». Art. 20.Artikel 163, van hetzelfde Wetboek gewijzigd bij de
wet van 17 februari 1997Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
17/02/1997
pub.
11/09/1997
numac
1997009532
bron
ministerie van justitie
Wet tot wijziging van de artikelen 30 en 34 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen, inzake de hulp aan de slachtoffers van opzettelijke gewelddaden
type
wet
prom.
17/02/1997
pub.
11/08/1998
numac
1998015084
bron
ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
Wet houdende instemming met het Akkoord, gesloten door wisseling van brieven, gedagtekend te Brussel op 9 februari en 13 februari 1995, tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk België, betreffende het statuut van de Belgische verbindingsambtenaren bij de te Den Haag gevestigde Europol Drugs Eenheid
sluiten, wordt vervangen als volgt : « Art. 163.Aan de griffie zijn leden verbonden die kunnen worden benoemd in twee niveaus, namelijk de niveaus A of B. De leden van de griffie die benoemd worden in het niveau A dragen de titel van hoofdgriffier of griffier-hoofd van dienst.
De leden van de griffie die worden benoemd in het niveau B dragen de graad van griffier. » Art. 21.Artikel 164, van hetzelfde Wetboek vervangen door de wetten van 17 februari 1997 en 22 mei 2006, wordt vervangen als volgt : « Art. 164.Er is een hoofdgriffier in elke griffie.
Onverminderd de taken en bijstand bedoeld in artikel 168, is de hoofdgriffier belast met de leiding van de griffie en staat daarbij onder gezag en toezicht van de korpschef, bedoeld in artikel 58bis, 2°, de oudst benoemde politierechter of de vrederechter, waarmede hij regelmatig overleg pleegt. Hij verdeelt de taken onder de leden en het personeel van de griffie en wijst de griffiers aan die de magistraten bijstaan. » Art. 22.Artikel 165 van hetzelfde Wetboek, vervangen bij de
wet van 17 februari 1997Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
17/02/1997
pub.
11/09/1997
numac
1997009532
bron
ministerie van justitie
Wet tot wijziging van de artikelen 30 en 34 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen, inzake de hulp aan de slachtoffers van opzettelijke gewelddaden
type
wet
prom.
17/02/1997
pub.
11/08/1998
numac
1998015084
bron
ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
Wet houdende instemming met het Akkoord, gesloten door wisseling van brieven, gedagtekend te Brussel op 9 februari en 13 februari 1995, tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk België, betreffende het statuut van de Belgische verbindingsambtenaren bij de te Den Haag gevestigde Europol Drugs Eenheid
sluiten, wordt vervangen als volgt : « Art. 165.De hoofdgriffier staat in voor de voorwerpen onder zijn bewaring of bewaking en is tegenover partijen verantwoordelijk voor de overgelegde stukken. » Art. 23.Artikel 166 van hetzelfde Wetboek, vervangen bij de wet van 23 september 1985, wordt vervangen als volgt : « Art. 166.De hoofdgriffier wordt bijgestaan door griffiers-hoofden van dienst en griffiers. » Art. 24.Art. 167 van hetzelfde wetboek, gewijzigd bij de wetten van 15 juli 1970 en 17 februari 1997, wordt vervangen als volgt : « Art. 167.Onverminderd de taken en bijstand bedoeld in artikel 168 neemt de griffier-hoofd van dienst, onder het gezag en toezicht van de hoofdgriffier, deel aan de leiding van de griffie. » Art. 25.Artikel 168, vervangen bij de
wet van 17 februari 1997Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
17/02/1997
pub.
11/09/1997
numac
1997009532
bron
ministerie van justitie
Wet tot wijziging van de artikelen 30 en 34 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen, inzake de hulp aan de slachtoffers van opzettelijke gewelddaden
type
wet
prom.
17/02/1997
pub.
11/08/1998
numac
1998015084
bron
ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
Wet houdende instemming met het Akkoord, gesloten door wisseling van brieven, gedagtekend te Brussel op 9 februari en 13 februari 1995, tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk België, betreffende het statuut van de Belgische verbindingsambtenaren bij de te Den Haag gevestigde Europol Drugs Eenheid
sluiten, wordt vervangen als volgt : « Art. 168.De griffier oefent een gerechtelijke functie uit. Hij vervult de griffietaken en staat de magistraat bij als griffier in alle verrichtingen van diens ambt.
Op deze regel wordt slechts een uitzondering gemaakt wanneer om dringende redenen zijn aanwezigheid niet kon worden gevorderd.
Tot de taken van de griffier behoren : 1° hij stelt de griffie voor het publiek toegankelijk;2° hij voert de boekhouding van de griffie;3° hij verlijdt de akten waarmee hij belast is, bewaart de minuten, registers en alle akten van het gerecht waarbij hij is aangesteld en geeft daarvan uitgiften, uittreksels of afschriften af;4° hij bewaart de rechtsdocumentatie inzake wetgeving, rechtspraak en rechtsleer ten behoeve van de rechters;5° hij maakt de tabellen, statistieken en andere documenten op, waarmee hij bij wet of besluit belast is;hij houdt de registers en repertoria bij; 6° hij zorgt voor de bewaring van de waarden, documenten en voorwerpen die krachtens de wet ter griffie zijn neergelegd;7° hij neemt de passende maatregelen om alle archiefbescheiden die hij onder zijn beheer heeft in goede staat te bewaren, om ze te ordenen en te inventariseren, ongeacht hun vorm, structuur en inhoud. De griffier verleent bijstand aan de magistraat : 1° hij bereidt de taken van de magistraat voor;2° hij is aanwezig op de terechtzitting;3° hij notuleert het verloop van de rechtszaken en de uitspraken;4° hij geeft akte van de verschillende formaliteiten waarvan de vervulling moet worden vastgesteld en verleent er authenticiteit aan;5° hij stelt de dossiers van de rechtspleging op en ziet, in het kader van zijn bevoegdheid, toe op de naleving van de geldende regelgeving. De Koning stelt nadere regels voor de toepassing van dit artikel. Voor de toepassing van het derde lid, 7°, wordt het advies van de Algemeen Rijksarchivaris ingewonnen. » Art. 26.Artikel 169 van hetzelfde Wetboek, vervangen bij de
wet van 17 februari 1997Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
17/02/1997
pub.
11/09/1997
numac
1997009532
bron
ministerie van justitie
Wet tot wijziging van de artikelen 30 en 34 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen, inzake de hulp aan de slachtoffers van opzettelijke gewelddaden
type
wet
prom.
17/02/1997
pub.
11/08/1998
numac
1998015084
bron
ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
Wet houdende instemming met het Akkoord, gesloten door wisseling van brieven, gedagtekend te Brussel op 9 februari en 13 februari 1995, tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk België, betreffende het statuut van de Belgische verbindingsambtenaren bij de te Den Haag gevestigde Europol Drugs Eenheid
sluiten, wordt vervangen als volgt : « Art. 169.De griffier houdt een repertorium van de akten van de magistraat en een repertorium van de griffieakten overeenkomstig de verordeningen die de Koning vaststelt. » Art. 27.Artikel 170 van hetzelfde Wetboek, vervangen bij de
wet van 17 februari 1997Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
17/02/1997
pub.
11/09/1997
numac
1997009532
bron
ministerie van justitie
Wet tot wijziging van de artikelen 30 en 34 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen, inzake de hulp aan de slachtoffers van opzettelijke gewelddaden
type
wet
prom.
17/02/1997
pub.
11/08/1998
numac
1998015084
bron
ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
Wet houdende instemming met het Akkoord, gesloten door wisseling van brieven, gedagtekend te Brussel op 9 februari en 13 februari 1995, tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk België, betreffende het statuut van de Belgische verbindingsambtenaren bij de te Den Haag gevestigde Europol Drugs Eenheid
sluiten, wordt vervangen als volgt : « Art. 170.De hoofdgriffier van de rechtbank van eerste aanleg of de door hem aangewezen griffier verricht de dienst in de arrondissementsrechtbank. » Art. 28.Artikel 171, vervangen bij de
wet van 17 februari 1997Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
17/02/1997
pub.
11/09/1997
numac
1997009532
bron
ministerie van justitie
Wet tot wijziging van de artikelen 30 en 34 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen, inzake de hulp aan de slachtoffers van opzettelijke gewelddaden
type
wet
prom.
17/02/1997
pub.
11/08/1998
numac
1998015084
bron
ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
Wet houdende instemming met het Akkoord, gesloten door wisseling van brieven, gedagtekend te Brussel op 9 februari en 13 februari 1995, tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk België, betreffende het statuut van de Belgische verbindingsambtenaren bij de te Den Haag gevestigde Europol Drugs Eenheid
sluiten, wordt vervangen als volgt : « Artikel 171.De functie van griffier van het hof van assisen wordt uitgeoefend door een griffier van de rechtbank van eerste aanleg in wier zetel de assisen worden gehouden. Hij wordt aangewezen door de hoofdgriffier.
Wanneer de rechtspleging voor het hof van assisen van de provincie Luik in het Duits wordt gevoerd, wordt het ambt van griffier uitgeoefend door de hoofdgriffier van de rechtbank van eerste aanleg te Eupen of door een door hem aangewezen griffier. » Art. 29.In deel II, boek I, titel III van hetzelfde Wetboek wordt een Hoofdstuk IV ingevoegd, dat de artikelen 172 tot 176 omvat, met als opschrift : « Hoofdstuk IV. - Leden van het parketsecretariaat ». Art. 30.Artikel 172 van hetzelfde Wetboek, vervangen bij de
wet van 17 februari 1997Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
17/02/1997
pub.
11/09/1997
numac
1997009532
bron
ministerie van justitie
Wet tot wijziging van de artikelen 30 en 34 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen, inzake de hulp aan de slachtoffers van opzettelijke gewelddaden
type
wet
prom.
17/02/1997
pub.
11/08/1998
numac
1998015084
bron
ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
Wet houdende instemming met het Akkoord, gesloten door wisseling van brieven, gedagtekend te Brussel op 9 februari en 13 februari 1995, tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk België, betreffende het statuut van de Belgische verbindingsambtenaren bij de te Den Haag gevestigde Europol Drugs Eenheid
sluiten, wordt vervangen als volgt : « Art. 172.Aan het parketsecretariaat zijn leden verbonden die kunnen worden benoemd in twee niveaus, namelijk de niveaus A of B. De leden van het parketsecretariaat die worden benoemd in niveau A dragen de titel van hoofdsecretaris of secretaris-hoofd van dienst.
De leden van het parketsecretariaat die worden benoemd in niveau B dragen de graad van secretaris.
De Koning bepaalt het aantal betrekkingen. » Art. 31.Artikel 173, van hetzelfde Wetboek, vervangen bij de
wet van 23 mei 2003Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
23/05/2003
pub.
12/06/2003
numac
2003009477
bron
federale overheidsdienst justitie
Wet tot wijziging van de artikelen 173, 182 en 185 van het Gerechtelijk Wetboek
sluiten, wordt vervangen als volgt : « Artikel 173.Onverminderd de taken en de bijstand bedoeld in artikel 176, is de hoofdsecretaris van het parket belast met de leiding van de administratieve diensten en staat daarbij onder gezag en toezicht van de procureur-generaal, van de federale procureur, van de procureur des Konings of van de arbeidsauditeur. Hij verdeelt de administratieve taken onder de leden en het personeel van het secretariaat. » Art. 32.Artikel 174 van hetzelfde Wetboek wordt vervangen als volgt : « Art. 174.De hoofdsecretaris kan worden bijgestaan door secretarissen-hoofden van dienst en secretarissen. » Art. 33.Artikel 175 van hetzelfde Wetboek, gewijzigd bij de
wet van 17 februari 1997Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
17/02/1997
pub.
11/09/1997
numac
1997009532
bron
ministerie van justitie
Wet tot wijziging van de artikelen 30 en 34 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen, inzake de hulp aan de slachtoffers van opzettelijke gewelddaden
type
wet
prom.
17/02/1997
pub.
11/08/1998
numac
1998015084
bron
ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
Wet houdende instemming met het Akkoord, gesloten door wisseling van brieven, gedagtekend te Brussel op 9 februari en 13 februari 1995, tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk België, betreffende het statuut van de Belgische verbindingsambtenaren bij de te Den Haag gevestigde Europol Drugs Eenheid
sluiten, wordt vervangen als volgt : « Art. 175.Onverminderd de taken en bijstand bedoeld in artikel 176, neemt de secretaris-hoofd van dienst, onder het gezag en toezicht van de hoofdsecretaris, deel aan de leiding van het parketsecretariaat. » Art. 34.Artikel 176 van hetzelfde Wetboek wordt vervangen als volgt : « Art. 176.- De secretaris staat de procureur-generaal, de federale procureur, de procureur des Konings of de arbeidsauditeur bij. Hij ondertekent de documenten die eigen zijn aan zijn functie en die welke hij in opdracht van het hoofd van het parket moet ondertekenen. Hij verleent bijstand aan de magistraten voor documentatie- en opzoekingswerk, voor het samenstellen van de dossiers en voor alle taken, met uitzondering van die welke uitdrukkelijk aan de magistraten zijn voorbehouden.
De secretaris bewaart alle archiefbescheiden die door het parket worden ontvangen of opgemaakt. Hij neemt de passende maatregelen om alle archiefbescheiden die hij onder zijn beheer heeft in goede staat te bewaren, om ze te ordenen en te inventariseren, ongeacht hun vorm, structuur en inhoud. De Koning stelt, na advies van de Algemeen Rijksarchivaris, nadere regels voor de toepassing van dit lid. » Art. 35.In deel II, boek I, van hetzelfde Wetboek wordt het opschrift van titel IV, vervangen bij de
wet van 10 juni 2006Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
06/05/1997
pub.
25/06/1997
numac
1997009448
bron
ministerie van justitie
Wet strekkende tot de bespoediging van de procedure voor het Hof van Cassatie
sluiten2, opgeheven. Art. 36.In deel II, boek I, titel III van hetzelfde Wetboek wordt een hoofdstuk V ingevoegd, dat de artikelen 177 en 178 omvat, luidende : « Hoofdstuk V. - Personeel verbonden aan een griffie, een parketsecretariaat of een steundienst ». Art. 37.Artikel 177 van hetzelfde Wetboek, vervangen bij de
wet van 10 juni 2006Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
06/05/1997
pub.
25/06/1997
numac
1997009448
bron
ministerie van justitie
Wet strekkende tot de bespoediging van de procedure voor het Hof van Cassatie
sluiten2, wordt vervangen als volgt : « Art. 177.§ 1. Aan de griffies, de parketsecretariaten en in voorkomend geval de steundiensten, zijn personeelsleden verbonden die door de Koning worden benoemd in een vakklasse van het niveau A. Onverminderd de artikelen 162, 163, tweede lid, en 172, tweede lid, dragen de personeelsleden benoemd in : 1° de klas A1 of A2 de titel van attaché;2° in de klasse A3 de titel van adviseur;3° in de klasse A4 of A5 de titel van adviseur-generaal. Een bijkomende titel kan door de Koning worden toegevoegd bij de titulatuur bedoeld in het tweede lid.
De Koning bepaalt het aantal betrekkingen. § 2. Onverminderd de artikelen 163, derde lid en 172, derde lid, zijn aan de griffies, de parketsecretariaten en, in voorkomend geval, aan de steundiensten personeelsleden verbonden die door de minister van Justitie worden benoemd in het niveau B, C en D. Niveau B omvat de graden van deskundige, administratief deskundige en ICT deskundige.
Niveau C omvat de graad van assistent.
Niveau D omvat de graad van medewerker.
De Koning bepaalt de nadere regels van het statuut van deze personeelsleden, hun wedde en het aantal betrekkingen. » Art. 38.Artikel 178 van hetzelfde Wetboek, gewijzigd bij de wetten van 17 februari 1978, 17 februari 1997, 20 mei 1997 en vervangen bij de
wet van 10 juni 2006Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
06/05/1997
pub.
25/06/1997
numac
1997009448
bron
ministerie van justitie
Wet strekkende tot de bespoediging van de procedure voor het Hof van Cassatie
sluiten2, wordt vervangen als volgt : « Art. 178.Om bijzondere redenen kan de minister van Justitie of de overheid aan wie hij die bevoegdheid overdraagt, personeel aanwerven op grond van een arbeidsovereenkomst, teneinde de continuïteit van de diensten te verzekeren. In aanmerking voor deze aanwervingen komen alleen de geslaagden van een vergelijkend examen of een examen voor desbetreffende functie, of bij ontstentenis, de kandidaten die geslaagd zijn voor een specifieke selectie op grond van een functieprofiel, georganiseerd door de minister van Justitie of door een dienst van de Staat. Om bij arbeidsovereenkomst in dienst te worden genomen, moeten de betrokkenen een gedrag hebben dat in overeenstemming is met de eisen van de beoogde betrekking en de burgerlijke en politieke rechten genieten. » Art. 39.In hetzelfde Wetboek worden opgeheven : 1° Het opschrift « Griffiepersoneel » van hoofdstuk I, van titel IV van deel II, boek I;2° Het opschrift « Personeel van de griffies en de parketsecretariaten » van titel IVbis van deel II, boek I, ingevoegd bij de
wet van 10 juni 2006Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
06/05/1997
pub.
25/06/1997
numac
1997009448
bron
ministerie van justitie
Wet strekkende tot de bespoediging van de procedure voor het Hof van Cassatie
sluiten2;3° Artikel 179 van hetzelfde Wetboek, gewijzigd bij de wetten van 17 februari 1978, 17 februari 1997, 20 mei 1997 en vervangen bij de
wet van 10 juni 2006Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
06/05/1997
pub.
25/06/1997
numac
1997009448
bron
ministerie van justitie
Wet strekkende tot de bespoediging van de procedure voor het Hof van Cassatie
sluiten2.4° Artikel 180 van hetzelfde Wetboek, gewijzigd bij de wetten van 17 februari 1978, 17 februari 1997, 20 mei 1997 en vervangen bij de
wet van 10 juni 2006Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
06/05/1997
pub.
25/06/1997
numac
1997009448
bron
ministerie van justitie
Wet strekkende tot de bespoediging van de procedure voor het Hof van Cassatie
sluiten2.5° Het opschrift « Personeel van de parketten » van hoofdstuk II, van titel IV, van deel II, boek I.» Art. 40.In artikel 186, vijfde lid, van hetzelfde Wetboek, worden de woorden « Een bijzondere wet stelt de personeelsformatie van hoven en rechtbanken vast. », vervangen door de woorden « Een wet stelt de personeelsformatie van de magistraten en de leden van de griffie vast. » Art. 41.Het opschrift van titel VI van boek I, deel II van hetzelfde Wetboek wordt vervangen als volgt : « TITEL VI. - BENOEMINGSVOORWAARDEN EN LOOPBAAN VAN MAGISTRATEN EN HET GERECHTSPERSONEEL ». Art. 42.Worden opgeheven in hetzelfde Wetboek : 1° hoofdstuk IIbis van titel VI, boek I, deel II van hetzelfde Wetboek, dat de artikelen 206bis en 206ter omvat, ingevoegd bij de
wet van 24 maart 1999Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
24/03/1999
pub.
07/04/1999
numac
1999009354
bron
ministerie van justitie
Wet met betrekking tot de parketjuristen en de referendarissen en tot aanvulling en wijziging van sommige bepalingen van het Gerechtelijk Wetboek en van de wet tot wijziging van sommige bepalingen van deel II van het Gerechtelijk Wetboek met betrekking tot de Hoge Raad voor de Justitie, de benoeming en aanwijzing van magistraten en tot invoering van een evaluatiesysteem van magistraten
type
wet
prom.
24/03/1999
pub.
08/05/1999
numac
1999000340
bron
ministerie van binnenlandse zaken
Wet tot regeling van de betrekkingen tussen de overheid en de vakverenigingen van het personeel van de politiediensten
sluiten;2° artikel 206bis, ingevoegd bij de
wet van 24 maart 1999Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
24/03/1999
pub.
07/04/1999
numac
1999009354
bron
ministerie van justitie
Wet met betrekking tot de parketjuristen en de referendarissen en tot aanvulling en wijziging van sommige bepalingen van het Gerechtelijk Wetboek en van de wet tot wijziging van sommige bepalingen van deel II van het Gerechtelijk Wetboek met betrekking tot de Hoge Raad voor de Justitie, de benoeming en aanwijzing van magistraten en tot invoering van een evaluatiesysteem van magistraten
type
wet
prom.
24/03/1999
pub.
08/05/1999
numac
1999000340
bron
ministerie van binnenlandse zaken
Wet tot regeling van de betrekkingen tussen de overheid en de vakverenigingen van het personeel van de politiediensten
sluiten;3° artikel 206ter, ingevoegd bij de
wet van 24 maart 1999Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
24/03/1999
pub.
07/04/1999
numac
1999009354
bron
ministerie van justitie
Wet met betrekking tot de parketjuristen en de referendarissen en tot aanvulling en wijziging van sommige bepalingen van het Gerechtelijk Wetboek en van de wet tot wijziging van sommige bepalingen van deel II van het Gerechtelijk Wetboek met betrekking tot de Hoge Raad voor de Justitie, de benoeming en aanwijzing van magistraten en tot invoering van een evaluatiesysteem van magistraten
type
wet
prom.
24/03/1999
pub.
08/05/1999
numac
1999000340
bron
ministerie van binnenlandse zaken
Wet tot regeling van de betrekkingen tussen de overheid en de vakverenigingen van het personeel van de politiediensten
sluiten en gewijzigd bij de wet van 22 december 2003. Art. 43.Aan artikel 259octies van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de
wet van 22 december 1998Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
02/02/1999
numac
1999009006
bron
ministerie van justitie
Wet tot wijziging van sommige bepalingen van deel II van het Gerechtelijk Wetboek met betrekking tot de Hoge Raad voor de Justitie, de benoeming en aanwijzing van magistraten en tot invoering van een evaluatiesysteem
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
10/02/1999
numac
1999009059
bron
ministerie van justitie
Wet betreffende de verticale integratie van het openbaar ministerie, het federaal parket en de raad van de procureurs des Konings
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
15/01/1999
numac
1998003665
bron
ministerie van financien
Wet houdende fiscale en andere bepalingen
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
06/03/1999
numac
1999009060
bron
ministerie van justitie
Wet tot wijziging van het Wetboek van de Belgische nationaliteit wat de naturalisatieprocedure betreft
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
15/01/1999
numac
1999003011
bron
ministerie van financien
Wet tot wijziging van de wet van 28 december 1983 betreffende het verstrekken van sterke drank en betreffende het vergunningsrecht
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
31/12/1998
numac
1998003593
bron
ministerie van financien
Wet houdende de Rijksmiddelenbegroting voor het begrotingsjaar 1999
sluiten en gewijzigd bij de
wet van 24 maart 1999Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
24/03/1999
pub.
07/04/1999
numac
1999009354
bron
ministerie van justitie
Wet met betrekking tot de parketjuristen en de referendarissen en tot aanvulling en wijziging van sommige bepalingen van het Gerechtelijk Wetboek en van de wet tot wijziging van sommige bepalingen van deel II van het Gerechtelijk Wetboek met betrekking tot de Hoge Raad voor de Justitie, de benoeming en aanwijzing van magistraten en tot invoering van een evaluatiesysteem van magistraten
type
wet
prom.
24/03/1999
pub.
08/05/1999
numac
1999000340
bron
ministerie van binnenlandse zaken
Wet tot regeling van de betrekkingen tussen de overheid en de vakverenigingen van het personeel van de politiediensten
sluiten, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° § 2, tweede lid, wordt vervangen als volgt : « De parketjuristen die ten minste drie jaar graadanciënniteit hebben, zijn vrijgesteld van het in het voormelde lid bepaalde eerste stadium. De referendarissen die ten minste drie jaar graadanciënniteit hebben, zijn vrijgesteld van het in het voorgaande lid bedoelde derde stadium. » 2° § 3, derde lid, wordt vervangen als volgt : « De parketjuristen die ten minste drie jaar graadanciënniteit hebben, zijn vrijgesteld van het in het voorgaande lid bedoelde eerste stadium.» Art. 44.Het opschrift van hoofdstuk VI, titel VI, van boek I, deel II van hetzelfde Wetboek wordt vervangen als volgt : « Hoofdstuk VI. - Gerechtspersoneel ». Art. 45.In hoofdstuk VI, titel VI van boek I, deel II van hetzelfde Wetboek, wordt een afdeling I, ingevoegd die de artikelen 260 tot 272 omvat, waarvan het opschrift luidt als volgt : « Afdeling I. - Selectie- en benoemingsvoorwaarden ». Art. 46.In afdeling I van hoofdstuk VI, titel VI van boek I, deel II van hetzelfde Wetboek, wordt een onderafdeling I ingevoegd, dat artikel 260 omvat, luidende : « Onderafdeling I. - Attachés in de dienst voor documentatie en overeenstemming der teksten bij het Hof van Cassatie ». Art. 47.Artikel 260 van hetzelfde Wetboek, gewijzigd bij de
wet van 17 februari 1997Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
17/02/1997
pub.
11/09/1997
numac
1997009532
bron
ministerie van justitie
Wet tot wijziging van de artikelen 30 en 34 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen, inzake de hulp aan de slachtoffers van opzettelijke gewelddaden
type
wet
prom.
17/02/1997
pub.
11/08/1998
numac
1998015084
bron
ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
Wet houdende instemming met het Akkoord, gesloten door wisseling van brieven, gedagtekend te Brussel op 9 februari en 13 februari 1995, tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk België, betreffende het statuut van de Belgische verbindingsambtenaren bij de te Den Haag gevestigde Europol Drugs Eenheid
sluiten, wordt vervangen als volgt : « Art. 260.Om te worden benoemd in een vakklasse van het niveau A, met de titel van attaché in de dienst voor documentatie en overeenstemming der teksten bij het Hof van Cassatie moet de kandidaat hetzij doctor, licentiaat of master in de rechten zijn, hetzij licentiaat of master in de Romaanse of Germaanse filologie, hetzij licentiaat vertaler.
De kandidaten worden met het oog op hun benoeming gerangschikt op grond van een vergelijkend examen. Het Hof van Cassatie stelt de examenmaterie vast, bepaalt de voorwaarden van het vergelijkend examen en stelt de examencommissie aan. De geslaagden behouden gedurende drie jaar te rekenen vanaf de datum van het proces-verbaal van het vergelijkend examen het voordeel van hun uitslag.
Iedere examencommissie bestaat uit een lid van het Hof dat door de eerste voorzitter van het Hof van Cassatie is aangewezen, uit een magistraat van het parket aangewezen door de procureur-generaal bij dit Hof, uit een advocaat bij het Hof van Cassatie aangewezen door de stafhouder, uit een attaché in de dienst voor documentatie en overeenstemming der teksten en uit een buiten de instelling staande persoon, deze laatste twee in onderling overleg aangewezen door de eerste voorzitter en de procureur-generaal.
De uitkeringen en vergoedingen aan de leden en aan de secretaris van de examencommissie worden door de Koning vastgesteld. » Art. 48.In afdeling I van hoofdstuk VI, titel VI, van boek I, deel II van hetzelfde Wetboek, wordt een onderafdeling II ingevoegd, dat artikel 261 omvat, luidende : « Onderafdeling II. - Referendarissen en parketjuristen bij de hoven van beroep, de arbeidshoven en de rechtbanken ». Art. 49.Artikel 261 van hetzelfde Wetboek, vervangen bij de
Wet van 17 februari 1997Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
17/02/1997
pub.
11/09/1997
numac
1997009532
bron
ministerie van justitie
Wet tot wijziging van de artikelen 30 en 34 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen, inzake de hulp aan de slachtoffers van opzettelijke gewelddaden
type
wet
prom.
17/02/1997
pub.
11/08/1998
numac
1998015084
bron
ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
Wet houdende instemming met het Akkoord, gesloten door wisseling van brieven, gedagtekend te Brussel op 9 februari en 13 februari 1995, tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk België, betreffende het statuut van de Belgische verbindingsambtenaren bij de te Den Haag gevestigde Europol Drugs Eenheid
sluiten en gewijzigd bij de wet van 13 maart 2001, wordt vervangen als volgt : « Art. 261.Om te worden benoemd in een vakklasse van het niveau A, met als titel referendaris bij het hof van beroep, bij het arbeidshof en bij de rechtbanken, of parketjurist bij de parketten bij die hoven en die rechtbanken, moet de kandidaat : 1° doctor, licentiaat of master in de rechten zijn;2° geslaagd zijn voor een vergelijkende selectie voor het desbetreffende ambt, georganiseerd door Selor - het Selectiebureau voor de federale overheid. De benoeming wordt eerst vast na het verloop van een periode van voorlopige benoeming die moet toelaten om de geschiktheid van de kandidaat voor het ambt te kunnen beoordelen.
Tijdens deze periode kan de Koning, in geval van beroepsongeschiktheid of wegens een zware fout, aan het voorlopig uitgeoefende ambt een einde maken uitsluitend op voorstel van, naar gelang van het geval, de eerste voorzitter van het hof van beroep of het arbeidshof, de procureur-generaal bij het hof van beroep of de federale procureur en na voorafgaand advies van de korpschef van het hof, de rechtbank of het parket waarvoor de kandidaat is aangewezen.
De termijn en het statuut die van toepassing zijn op de voorlopig benoemde personeelsleden van het niveau B en C bedoeld in artikel 177, worden in dezelfde mate en onder dezelfde voorwaarden toegepast op de voorlopig benoemde parketjuristen en de referendarissen. » Art. 50.In afdeling I van hoofdstuk VI, titel VI, van boek I, deel II van hetzelfde Wetboek, wordt een onderafdeling III ingevoegd, die de artikelen 263 tot 265 omvat, luidende : « Onderafdeling III. - Leden van de griffie ». Art. 51.Artikel 262 van hetzelfde Wetboek, gewijzigd bij de
wet van 17 februari 1997Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
17/02/1997
pub.
11/09/1997
numac
1997009532
bron
ministerie van justitie
Wet tot wijziging van de artikelen 30 en 34 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen, inzake de hulp aan de slachtoffers van opzettelijke gewelddaden
type
wet
prom.
17/02/1997
pub.
11/08/1998
numac
1998015084
bron
ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
Wet houdende instemming met het Akkoord, gesloten door wisseling van brieven, gedagtekend te Brussel op 9 februari en 13 februari 1995, tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk België, betreffende het statuut van de Belgische verbindingsambtenaren bij de te Den Haag gevestigde Europol Drugs Eenheid
sluiten, wordt vervangen als volgt : « Art. 262.§ 1. Om door middel van werving te worden benoemd in een vakklasse van het niveau A, met de titel van hoofdgriffier, moet de kandidaat : 1° houder zijn van een diploma of een getuigschrift in aanmerking komend voor de toelating tot een ambt van het niveau A bij de Rijksbesturen;2° geslaagd zijn voor een vergelijkende selectie voor het desbetreffende ambt, georganiseerd door Selor - het Selectiebureau voor de federale overheid. De benoeming van een hoofdgriffier wordt eerst vast na het verloop van een periode van voorlopige benoeming die moet toelaten om de geschiktheid van de kandidaat voor het ambt te kunnen beoordelen.
Tijdens deze periode kan de Koning, in geval van beroepsongeschiktheid of wegens zware fout, aan het voorlopig uitgeoefende ambt een einde maken op voorstel van de korpschef bedoeld in artikel 58bis, 2°, de oudst benoemde politierechter of de vrederechter die het hem rechtstreeks overzendt.
De termijn en het statuut die van toepassing zijn op de voorlopig benoemde personeelsleden van het niveau B en C bedoeld in artikel 177 worden in dezelfde mate en onder dezelfde voorwaarden toegepast op de voorlopig benoemde hoofdgriffiers. § 2. Om door middel van bevordering te worden benoemd in een vakklasse van het niveau A, met de titel van hoofdgriffier, moet de kandidaat : 1° vast benoemd zijn en beschikken over, naar gelang van het geval, een klassenanciënniteit of graadanciënniteit van ten minste 5 jaar in het ambt van referendaris, griffier-hoofd van dienst of griffier als deze beschikt over een diploma of getuigschrift bedoeld in § 1, eerste lid, 1°, of 10 jaar in het ambt van griffier;2° geslaagd zijn voor een vergelijkende selectie voor het desbetreffende ambt, georganiseerd door Selor - het Selectiebureau voor de federale overheid. De vergelijkende selectie bestaat uit een onderhoud uitgaande van een praktijkgeval dat verband houdt met de functie.
Tot de vergelijkende selecties worden toegelaten de kandidaten die houder zijn van : 1° hetzij een diploma of een getuigschrift in aanmerking komend voor de toelating tot een ambt van het niveau A bij de Rijksbesturen;2° hetzij houder zijn van volgende brevetten : a) een brevet waaruit blijkt dat zij geslaagd zijn voor het gedeelte over de algemene vorming met het oog op de deelname aan een vergelijkende selectie voor overgang naar niveau A.De kandidaat die in het bezit is van dit brevet mag deelnemen aan de gedeelten over bepaalde vakken; b) vier brevetten waaruit blijkt dat zij geslaagd zijn voor de gedeelten over de vakke …
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.