Wet houdende instemming met het Samenwerkingsakkoord van 27 september 2021 strekkende tot wijziging van het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021 tuss
Kort samengevat
Deze wet stemt in met een samenwerkingsakkoord dat materiële vergissingen corrigeert en het toepassingsgebied van het COVID Safe Ticket uitbreidt. Het gaat over de verwerking van gegevens met betrekking tot digitale EU-COVID-certificaten, COVID Safe Tickets en PLF.
Wat het reguleert
- De verwerking van gegevens voor het digitaal EU-COVID-certificaat.
- De verwerking van gegevens voor het COVID Safe Ticket.
- De verwerking van gegevens voor het PLF (Passenger Locator Form).
- De verwerking van persoonsgegevens van in het buitenland wonende of verblijvende werknemers en zelfstandigen die activiteiten uitvoeren in België.
Wie het betreft
- De Federale Staat, de Vlaamse Gemeenschap, de Franse Gemeenschap, de Duitstalige Gemeenschap, de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie, het Waalse Gewest en de Franse Gemeenschapscommissie.
- Burgers die gebruik maken van het digitaal EU-COVID-certificaat of het COVID Safe Ticket.
Kernpunten
- De wet corrigeert materiële vergissingen in het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021, met name in artikel 16 en artikel 33.
- De term "verwerkingsovereenkomst" in artikel 16, § 2 wordt gewijzigd naar "verwerkersovereenkomst".
- De inwerkingtreding van bepaalde artikelen met betrekking tot het digitaal EU-COVID-certificaat is vastgesteld op 16 juni 2021.
- Het gebruik van het COVID Safe Ticket wordt uitgebreid voor een periode langer dan 30 september 2021.
Wettekst
1 OKTOBER 2021. - Wet houdende instemming met het Samenwerkingsakkoord van 27 september 2021Relevante gevonden documenten type samenwerkingsakkoord prom. 27/09/2021 pub. 01/10/2021 numac 2021033376 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Uitvoerend samenwerkingsakkoord tussen de Federale Staat, de Vlaamse Gemeenschap, de Franse Gemeenschap, de Duitstalige Gemeenschap, de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie, het Waalse Gewest en de Franse Gemeenschapscommissie betreffende de verwerking van gegevens met betrekking tot het digitaal EU-COVID-certificaat, het COVID Safe Ticket, het PLF en de verwerking van persoonsgegevens van in het buitenland wonende of verblijvende werknemers en zelfstandigen die activiteiten uitvoeren in België sluiten strekkende tot wijziging van het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021 tussen de Federale Staat, de Vlaamse Gemeenschap, de Franse Gemeenschap, de Duitstalige Gemeenschap, de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie, het Waalse Gewest en de Franse Gemeenschapscommissie betreffende de verwerking van gegevens met betrekking tot het digitaal EU-COVID-certificaat, het COVID Safe Ticket, het PLF en de verwerking van persoonsgegevens van in het buitenland wonende of verblijvende werknemers en zelfstandigen die activiteiten uitvoeren in België
- be)Stukken. - 55K2212 Integraal Verslag : 30 september 2021. 27 SEPTEMBER 2021. - Samenwerkingsakkoord strekkende tot wijziging van het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021 tussen de Federale Staat, de Vlaamse Gemeenschap, de Franse Gemeenschap, de Duitstalige Gemeenschap, de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie, het Waalse Gewest en de Franse Gemeenschapscommissie betreffende de verwerking van gegevens met betrekking tot het digitaal EU-COVID-certificaat, het COVID Safe Ticket, het PLF en de verwerking van persoonsgegevens van in het buitenland wonende of verblijvende werknemers en zelfstandigen die activiteiten uitvoeren in België ALGEMENE TOELICHTING Op 14 juli 2021 werd een samenwerkingsakkoord tussen de Federale Staat, de Vlaamse Gemeenschap, de Franse Gemeenschap, de Duitstalige Gemeenschap, de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie, het Waalse Gewest en de Franse Gemeenschapscommissie betreffende de verwerking van gegevens met betrekking tot het digitaal EU-COVID-certificaat, het COVID Safe Ticket, het PLF en de verwerking van persoonsgegevens van in het buitenland wonende of verblijvende werknemers en zelfstandigen die activiteiten uitvoeren in België gesloten. Rechtzetting van de materiële vergissingen In voornoemd samenwerkingsakkoord, was echter sprake van een aantal materiële vergissingen. Zo wordt in de Nederlandstalige versie van artikel 16, § 2 van het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021 verkeerdelijk de term "verwerkingsovereenkomst" gehanteerd, terwijl in § 1 van datzelfde artikel de correcte, door de Gegevensbeschermingsautoriteit gehanteerde term "verwerkersovereenkomst" wordt gebruikt. De verkeerdelijk gebruikte term "verwerkingsovereenkomst" moet derhalve veranderd worden in `verwerkersovereenkomst' in artikel 16, § 2 in fine. In de Franstalige versie van datzelfde artikel 16 is een foutieve vertaling van de term "accord de sous-traitance" opgenomen. De term "contrat de sous-traitance" moet dan ook worden vervangen door de correcte term, zijnde "accord de sous-traitance, en dit zowel voor artikel 16, § 1 als artikel 16, § 2 van het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021. In de Duitstalige versie van datzelfde artikel 16 is een foutieve vertaling van de term "Datenverarbeitungsvertrag" opgenomen. De term "Verarbeitungsvertrag" moet dan ook vervangen worden door de correcte term, zijnde "Datenverarbeitungsvertrag", en dit zowel in artikel 16, § 1 als artikel 16, § 2 van het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021. In de artikelsgewijze toelichting van artikel 16 van het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021 wordt foutief melding gemaakt van een protocolakkoord om passende technische en organisatorische maatregelen verder uit te werken. Uiteraard dient de artikelsgewijze toelichting de inhoud van artikel 16 te volgen en moet de term "protocolakkoord" in de Nederlandstalige versie worden vervangen door "verwerkersovereenkomst", moet de term "protocole d'accord" in de Franstalige versie worden vervangen door "accord de sous-traitance" en moet de term "vereinbarungsprotokoll" in de Duitstalige versie worden vervangen door "Datenverarbeitungsvertrag", zoals gestipuleerd in artikel 16. Daarnaast bevat artikel 33 van voornoemd samenwerkingsakkoord een aantal materiële vergissingen inzake de inwerkingtreding en buitenwerkingtreding van een aantal bepalingen van voornoemd samenwerkingsakkoord. Allereerst wordt in artikel 33, § 1, 2° bepaald dat artikel 1 in werking treedt op 16 juni 2021. Deze bepaling is correct wat betreft artikel 1, § 1, maar wat betreft de definities opgenomen in artikel 1, § 2 moet hierbij worden vermeld dat deze definities tevens opgenomen zijn in de Verordening digitaal EU-COVID-certificaat en Verordening digitaal EU-COVID-certificaat voor onderdanen derde landen, die beiden in werking treden op 1 juli 2021. Teneinde geen inbreuk te maken op het overschrijfverbod, kan deze paragraaf dus enkel uitwerking hebben tot en met 30 juni 2021. Artikel 1, § 2 zal dan ook worden opgenomen in de opsomming van artikel 33, § 1, 1° van voornoemd samenwerkingsakkoord. Tegelijkertijd zal artikel 33, § 1, 2° verduidelijken dat het in dat geval enkel artikel 1, § 1 betreft. Tevens wordt in § 2, foutief gesteld dat enkel artikel 33, § 1, 1° een uitzondering vormt op de inwerkingtreding van de bepalingen van Titel I tot en met VII op de datum van bekendmaking in het Belgisch Staatsblad van de laatste wetgevende handeling tot instemming met het samenwerkingsakkoord. Echter, artikel 33, § 2, 2° vormt eveneens een uitzondering op dit principe. Als gevolg van de materiële vergissing zou men in strijd met voorgaande kunnen stellen dat uit artikel 33, § 2, zou kunnen worden afgeleid dat de artikelen genoemd in artikel 33, § 1, 2° pas in werking treden op de datum van bekendmaking in het Belgisch Staatsblad van de laatste wetgevende handeling tot instemming met het samenwerkingsakkoord. Dat dit geenszins het geval is, blijkt duidelijk uit de tekst van het samenwerkingsakkoord. Immers, in artikel 33, § 2, 2° wordt uitdrukkelijk gesteld dat de bepalingen van Titel I tot en met Titel VII van het samenwerkingsakkoord uitwerking hebben van 16 juni 2021, voor wat betreft artikel 1, § 1, artikelen 2 tot en met 8, artikel 10, § 4, artikel 11, artikel 14, § 2 tot en met § 5, artikelen 15 tot en met 17.Hieruit kan duidelijk worden afgeleid dat het de bedoeling was van de opstellers van het samenwerkingsakkoord om de artikelen genoemd in artikel 33, § 1, 2° in werking te laten treden vanaf 16 juni 2021. De ratio legis van deze bepaling is dat het de bedoeling is geweest van de opstellers van voornoemd samenwerkingsakkoord om het mogelijk te maken het digitaal EU-COVID-certificaat reeds vanaf 16 juni 2021 ter beschikking te stellen aan Belgische burgers. Tegelijkertijd, blijkt duidelijk uit de algemene toelichting van voornoemd samenwerkingsakkoord dat er geen andere bedoeling kan zijn geweest dan de inwerkingtreding van de artikelen genoemd in artikel 33, § 1, 2° vanaf 16 juni 2021, vermits het volgende wordt gesteld: "Deze verordeningen treden echter pas op 1 juli in werking. Gelet op de urgentie om het vrij verkeer van personen binnen de lidstaten ten volle te faciliteren, heeft België ervoor gekozen om het digitaal EU-COVID-certificaat vanaf 16 juni 2021 reeds beschikbaar te stellen aan haar burgers." In die zin, werd het volgende eveneens bepaald in de algemene toelichting van voornoemd samenwerkingsakkoord: "De COVIDSafe-applicatie wordt vanaf 16 juni 2021 ter beschikking gesteld aan de burgers en kan vanaf 1 juli 2021 gebruikt worden voor het reizen binnen de Europese Unie." Ook in artikel 2, § 1, 2°, artikel 7, § 1, artikel 8, § 1, en artikel 9, § 4, van voornoemd samenwerkingsakkoord wordt uitdrukkelijk verwezen naar de opmaak en afgifte van het digitaal EU-COVID-certificaat vanaf 16 juni 2021. Uit het voorgaande volgt duidelijk dat het de bedoeling was van de opstellers van het samenwerkingsakkoord om de bepalingen inzake het digitaal EU-COVID-certificaat, de onderliggende gegevensstromen en de COVIDSafe en COVIDScan applicaties ter beschikking te stellen vanaf 16 juni 2021 en dus de desbetreffende bepalingen, zoals opgesomd in artikel 33, § 1, 1° en 2° van voornoemd samenwerkingsakkoord inwerking te laten treden op 16 juni 2021. Meer in het bijzonder blijkt uit het voorgaande dat het de bedoeling was van de opstellers van voornoemd samenwerkingsakkoord om eveneens voor de artikelen bedoeld in artikel 33, § 1, 2° een uitzondering te voorzien op de inwerkingtreding op de datum van bekendmaking in het Belgisch Staatsblad van de laatste wetgevende handeling tot instemming met het samenwerkingsakkoord. Omwille van deze reden en teneinde enige mogelijke tegenstrijdigheid weg te nemen, dient de materiële vergissing in artikel 33, § 2, van voornoemd samenwerkingsakkoord dan ook middels huidig samenwerkingsakkoord te worden rechtgezet. Daarnaast is er sprake van een materiële vergissing in artikel 33, § 3, van voornoemd samenwerkingsakkoord. In deze bepaling wordt foutief gesteld dat enkel de artikelen bedoeld in artikel 33, § 1, 1° een uitzondering vormen op de algemene regel dat de bepalingen van Titel I tot en met VII buitenwerking treden op de datum van buitenwerkingtreding van de Verordening digitaal EU-COVID-certificaat en Verordening digitaal EU-COVID-certificaat voor onderdanen derde landen. Dit lijkt echter tegenstrijdig met artikel 33, § 1, 3°, waarin uitdrukkelijk wordt bepaald dat de artikelen 12 en 13 slechts van toepassing zijn van de inwerkingtreding van het samenwerkingsakkoord tot en met 30 september 2021. Artikel 12 en 13 betreffen de uitwerking van het COVID Safe Ticket. De ratio legis van voornoemd samenwerkingsakkoord is dan ook dat de bepalingen inzake het COVID Safe Ticket slechts van toepassing zijn tot en met 30 september 2021 en hierna er geen COVID Safe Ticket meer gegenereerd mag worden. Aldus vormen de artikelen 12 en 13 eveneens een uitzondering op de algemene regel van artikel 33, § 3. Dit blijkt eveneens duidelijk uit artikel 14, § 3 van voornoemd samenwerkingsakkoord, dat stelt dat de verwerking, met name de uitlezing, van de persoonsgegevens in functie van het genereren van het COVID Safe Ticket in elk geval maar mag gebeuren tot en met 31 oktober 2021. Op basis hiervan is het duidelijk dat er sprake is van een materiële vergissing in artikel 33, § 3, en dient dit artikel te worden gewijzigd zodanig dat eveneens voor wat betreft de bepalingen opgesomd in artikel 33, § 1, 3° van voornoemd samenwerkingsakkoord een uitzondering wordt voorzien op de algemene regel dat de bepalingen van Titel I tot en met VII van voornoemd samenwerkingsakkoord buitenwerking treden op de datum van buitenwerkingtreding van de Verordening digitaal EU-COVID-certificaat en Verordening digitaal EU-COVID-certificaat voor onderdanen derde landen. Uitbreiding materieel toepassingsgebied van de artikelen die het wettelijk kader rond het COVID Safe Ticket uiteenzetten en uitbreiding ervan in de tijd In het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021 werd het gebruik van het COVID Safe Ticket ingevoerd voor massa-evenementen en proef- en pilootprojecten en werd tevens bepaald dat deze maatregel maar van toepassing was tot en met 30 september 2021. Gezien enerzijds de epidemiologische situatie in België nog altijd precair blijft en de besmettingen met het coronavirus COVID-19 in sommige delen van het land opnieuw in stijgende lijn zijn en gezien anderzijds het feit dat een heropflakkering van het virus nooit uit te sluiten valt, kan het COVID Safe Ticket op dat ogenblik een nuttig instrument zijn om te vermijden dat een hele reeks activiteiten opnieuw moet worden beperkt of sectoren dienen te worden gesloten. Inderdaad, het COVID Safe Ticket is een belangrijk instrument gebleken en is dat nog altijd voor de economische en sociale heropstart van de maatschappij. Het alternatief dat onze maatschappij weer zou dienen af te glijden in een nieuwe lockdown dient zoveel als mogelijk te worden vermeden. Het gebruik van het COVID Safe Ticket heeft dan ook als doel om uit de crisis te raken en sluitingen zoveel als mogelijk te vermijden. Daarom wordt het noodzakelijk geacht om voor een periode langer dan 30 september 2021 het gebruik van het COVID Safe Ticket toe te staan. In die zin wordt de toepasselijkheid van de artikelen die betrekking hebben op het wettelijk kader rond het COVID Safe Ticket of dit wettelijk kader uiteenzetten verlengd van 30 september 2021 tot en met 31 oktober 2021. Tijdens de zomer en in september 2021 werd in Brussel een zorgwekkende stijging gezien van het aantal besmettingen en ziekenhuisopnames. Hierbij viel tevens op dat een groot aantal personen hiervan niet gevaccineerd zijn. In die zin en met tevens het zicht op het einde van de federale fase, zijn de gefedereerde entiteiten vragende partij om het COVID Safe Ticket ook te gebruiken in of op plaatsen waar de transmissie en/of superverspreiding het meest waarschijnlijk is, zoals aangeduid in de rapporten van de GEMS van 18 en 31 augustus 2021, waarbij een cascade van sectoren werd uiteengezet waarbij deze sectoren werden gedefinieerd van hoog naar laag risico op verspreiding van het coronavirus COVID-19. Dit omvat plaatsen waar de basisregels (optimale ventilatie, afstand, maskers, beperkte contacten) niet volledig kunnen of zullen worden nageleefd door de aard van de omgeving/activiteit: nachtleven, massa-evenementen, proef-en pilootprojecten, horeca, sport- en fitnesscentra), maar ook voorzieningen die behoren tot de culturele, feestelijke en recreatieve sector. Op vraag van de gefedereerde entiteiten wordt het dan ook tevens mogelijk gemaakt om - indien epidemiologische omstandigheden het rechtvaardigen binnen het grondgebied van de respectieve gefedereerde entiteiten - de artikelen die betrekking hebben op het wettelijk kader rond het COVID Safe Ticket of dit wettelijk kader uiteenzetten, toepasselijk te maken vanaf 1 november 2021 voor zover een gefedereerde entiteit deze mogelijkheid inschrijft in een decreet of een ordonnantie voor een bepaalde tijd, waarbij het ten sterkste aanbevolen is deze te beperken tot maximaal 3 maanden. Zoals hierboven aangehaald kan een opflakkering van het virus nooit worden uitgesloten, derhalve is het wenselijk om de artikelen die betrekking hebben op het wettelijk kader rond het COVID Safe Ticket of dit wettelijk kader uiteenzetten toepasselijk te maken van zodra een epidemische noodsituatie overeenkomstig de wet van 14 augustus 2021Relevante gevonden documenten type wet prom. 14/08/2021 pub. 20/08/2021 numac 2021021663 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie sluiten betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie wordt afgekondigd. In die zin wordt dan ook bevestigd dat de artikelen die betrekking hebben op het wettelijk kader rond het COVID Safe Ticket of dit wettelijk kader uiteenzetten inwerking blijven tot en met 30 juni 2022 en dit in lijn met de artikelen die de opmaak en afgifte van het digitaal EU-COVID-certificaat regelen. De artikelen die betrekking hebben op het COVID Safe Ticket werden in die zin dan ook aangepast om die verlenging toepassing te laten vinden. Heden dient alles in werking gesteld te worden om de zware socio-economische gevolgen van de coronavirus COVID-19-pandemie te verhelpen en dit voor alle sectoren, zodat een verdere sluiting van bepaalde sectoren die gekenmerkt worden door een groot risico op verspreiding van het coronavirus COVID-19, zoveel als mogelijk kan vermeden worden. Het COVID Safe Ticket werd immers gecreëerd enerzijds met het oog op het verminderen van de verspreiding van het coronavirus COVID-19 en het zoveel als mogelijk vermijden van een verdere verzadiging van het ziekenhuiswezen, en anderzijds met het oog op de heropleving van de economie maar ook om de bevolking in staat te stellen hun vroegere sociale leven terug aan te vatten. Voor bepaalde sectoren die een groot risico vormen op de verspreiding van het coronavirus COVID-19, is het kunnen gebruiken van het COVID Safe Ticket dan ook essentieel. Zo is het duidelijk dat er verschillende mogelijkheden zijn om toegang te krijgen tot COVID Safe Ticket. Daarnaast, is de toegang tot zowel vaccinaties als erkende NAAT- of snelle antigeentesten voldoende algemeen en laagdrempelig, zowel vanuit financieel als vanuit organisatorisch oogpunt. Bovendien wordt de toepassing van het COVID Safe Ticket steeds beperkt enerzijds in de tijd en anderzijds tot omgevingen waar er een verhoogd risico op transmissie bestaat, zodat de diensten en activiteiten die van belang zijn voor de bevolking niet geraakt worden. Onder die omstandigheden blijft de interferentie met het privéleven van alle betrokkenen beperkt tot wat noodzakelijk is om de viruscirculatie in een risico-omgeving te beperken. In die zin zullen evenementen die plaatsvinden in een (intieme) privésfeer en/of die niet publiek toegankelijk zijn, niet als een massa-evenement kunnen worden gekwalificeerd. In die zin vraagt het ook aanbeveling om de notie van massa-evenementen nader te specifiëren als zijnde een evenement van een zekere omvang met een bepaald aantal bezoekers dat wordt georganiseerd overeenkomstig de bijzondere modaliteiten betreffende hun organisatie en de te nemen veiligheidsmaatregelen zoals desgevallend bepaald in (
- i)het ministerieel besluit van 28 oktober 2020Relevante gevonden documenten type ministerieel besluit prom. 28/10/2020 pub. 28/10/2020 numac 2020010455 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Ministerieel besluit houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken sluiten houdende de maatregelen van bestuurlijke politie om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken; (
- ii)desgevallend een daaropvolgend ministerieel besluit, (iii) een besluit overeenkomstig artikel 4, § 1 van de wet van 14 augustus 2021Relevante gevonden documenten type wet prom. 14/08/2021 pub. 20/08/2021 numac 2021021663 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie sluiten betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie of (
- iv)een uitvoerend samenwerkingsakkoord zoals bedoeld bij artikel 92bis, § 1, derde lid, van de bijzondere wet van 8 augustus 1980Relevante gevonden documenten type wet prom. 08/08/1980 pub. 11/12/2007 numac 2007000980 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Bijzondere wet tot hervorming der instellingen. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten tot hervorming der instellingen of overeenkomstig artikel 13bis, § 2, en waarbij de toegang zal worden geregeld op grond van een COVID Safe Ticket of, desgevallend, op grond van bijkomende maatregelen. Hierbij geldt dat een massa-evenement een evenement is dat publiek toegankelijk is en niet in een (intieme) privésfeer. Daarenboven verdient het ook aanbeveling dat een evenement waar minder dan 50 bezoekers gelijktijdig aanwezig zijn of worden verwacht, niet als een massa-evenement kan worden gekwalificeerd. Materieel toepassingsgebied Naast de verlenging van de toepasselijkheid en het gebruik van het COVID Safe Ticket voor proef- en pilootprojecten en massa-evenementen, is er uit de recente adviezen van de GEMS van 18 augustus en 31 augustus 2021 (hetgeen op vraag van het COVID-commissariaat werd gevraagd), gebleken dat er voldoende epidemiologische redenen voorhanden zijn om het toepassingsgebied van het gebruik van het COVID Safe Ticket uit te breiden tot andere sectoren dan enkel de massa-evenementen en proef- en pilootprojecten. In deze GEMS-rapporten werd immers een cascade van sectoren opgesteld, waarin deze sectoren werden gedefinieerd van hoog naar laag risico op verspreiding van het coronavirus COVID-19. De sectoren die in dit samenwerkingsakkoord worden opgenomen waarbij men het gebruik van het COVID Safe Ticket al dan niet verplicht kan opleggen, zijn dan ook de sectoren waar de huidige gezondheids- en veiligheidsmaatregelen moeilijk kunnen worden gehandhaafd, maar er tegelijk een groot risico op verdere verspreiding van het coronavirus COVID-19 aanwezig is, en waar vaak het alternatief een algehele sluiting van deze sectoren zou zijn daar waar de epidemiologische omstandigheden van die aard zijn dat bijkomende maatregelen kunnen worden gerechtvaardigd. De economische rechten van de ondernemers in deze sectoren, worden dan ook gevrijwaard door het gebruik van het COVID Safe Ticket. Deze sectoren werden in de adviezen van de GEMS als aangewezen voor het gebruik van het COVID Safe Ticket aangeduid. Hier tegenover staan de sectoren waarbij de geldende veiligheids- en gezondheidsmaatregeen relatief eenvoudig kunnen worden afgedwongen, waardoor het gebruik van een COVID Safe Ticket in deze sectoren niet geoorloofd of verantwoord lijkt. Uitsluitend op verzoek van de gefedereerde entiteiten die de epidemiologische omstandigheden moeten rechtvaardigen, en met inachtneming en rechtvaardiging van het proportionaliteitsbeginsel, werd een dergelijke uitbreiding van het toepassingsgebied overeenkomstig de sectoren (die in de adviezen van de GEMS als aangewezen worden aangeduid voor het gebruik van het COVID Safe Ticket) dan ook ingeschreven in het samenwerkingsakkoord, om de mogelijkheid te bieden om over te gaan tot een dergelijke uitbreiding binnen de bevoegdheden van de gefedereerde entiteiten die zulks wensen. Dit gebeurt echter met eerbiediging voor het recht op bescherming van het privéleven. Het is niet de bedoeling om het gebruik van het COVID Safe Ticket een te substantiële inmenging in het privéleven van personen te laten uitmaken. Zo kan het COVID Safe Ticket nog altijd niet worden toegepast in de privésfeer en worden (onder andere) essentiële diensten zoals o.m. openbaar vervoer, overheidsdiensten, onderwijsactiviteiten (zoals kleuter, lagere - en - middelbare scholen, universiteiten en hogescholen, kunstacademies, balletscholen,...) en winkels en winkelcentra niet opgenomen in de lijst van sectoren waar een dergelijke uitbreiding wordt voorzien. Het is ook niet de bedoeling om het COVID Safe Ticket verplicht te maken op de werkplaats. Zodoende is het gebruik van het COVID Safe Ticket bewust niet van toepassing verklaard op werknemers, medewerkers, organisatoren, uitbaters of personeel van aangelegenheden en voorzieningen waarvoor het gebruik van het COVID Safe Ticket kan worden ingezet, doch slechts op haar bezoekers. Dit verschil in behandeling is te verantwoorden aangezien de werknemers, medewerkers, personeelsleden, organisatoren of uitbaters van de desbetreffende voorziening eenvoudig kunnen worden gecontroleerd op de naleving van de geldende sanitaire regels terwijl dit op heden niet het geval is voor de bezoekers. Bovendien zijn de omstandigheden van werknemers, medewerkers, personeelsleden, organisatoren of uitbaters van desbetreffende voorzieningen en activiteiten en die van de bezoekers van deze voorzieningen en activiteiten, dermate anders, dat een andere behandeling rechtmatig is en in overeenstemming met de interpretatie die aan de artikelen 10 en 11 van de Grondwet wordt gegeven. De werknemers, medewerkers, personeelsleden, organisatoren of uitbaters van de aangelegenheden en voorzieningen komen er arbeid verrichten of diensten leveren en dienen zich in die context op regelmatige en frequente basis aan te bieden op de voorziening of activiteit, terwijl de bezoekers zich aanbieden op een meer vrijwillige basis aan de voorziening of activiteit.Wat meer is, indien men het gebruik van het COVID Safe Ticket zou toelaten of verplichten ten aanzien van werknemers, medewerkers, personeelsleden, organisatoren of uitbaters van aangelegenheden en voorzieningen waarvoor het gebruik van het COVID Safe Ticket kan worden ingezet, zou dit een impliciete vaccinatieplicht van deze personen inhouden. Dit zou eveneens een veelvuldige verwerking van persoonsgegevens inhouden die niet langer lijkt te voldoen aan het principe van de dataminimalisatie. Voorts wordt deze uitbreiding van het materieel toepassingsgebied naar bijkomende, limitatief opgesomde sectoren (zie hieronder), waar de kans op een verdere verspreiding van het coronavirus COVID-19 het grootst is niet de facto ingevoerd. Het concrete gebruik van het COVID Safe Ticket kan in deze sectoren pas mogelijk of verplicht worden gemaakt wanneer een gefedereerde entiteit hiertoe een decreet of ordonnantie uitvaardigt, voor zover er epidemiologische omstandigheden zijn die dergelijk gebruik rechtvaardigen mits de voorafgaande consultatie van de RAG, die een niet-bindend advies dient te bezorgen binnen de 5 werkdagen en voor zover dit gebruik beperkt is in de tijd (waarbij het ten sterkste aanbevolen is deze te beperken tot maximaal 3 maanden). In geval van hoogdringendheid, dat door de gefedereerde entiteit zal dienen te worden gemotiveerd, kan de RAG haar advies reeds voorlopig (bijv. telefonisch) doorgeven, op voorwaarde dat dit advies binnen de hogervermelde termijn van 5 werkdagen schriftelijk wordt bevestigd. Gezien de soortgelijke activiteit en de risico's van een grotere verdere verspreiding van het coronavirus COVID-19, worden de dancings en discotheken vanaf 1 oktober aan dezelfde maatregelen onderworpen als de massa-evenementen en proef- en pilootprojecten, behalve in de periode van 1 oktober tot en met 31 oktober 2021 voor wat betreft het aantal bezoekers en de verplichte of facultatieve mogelijkheid het CST voor dergelijke evenementen te gebruiken. Inderdaad, de toegang tot de dancings en discotheken wordt vanaf 1 oktober tot en met 31 oktober vooreerst georganiseerd met verplicht gebruik van het COVID Safe Ticket. In de sector van het nachtleven, zijnde de discotheken en dancings, waren er immers de voorbije maanden verschillende voorbeelden uit andere Europese landen waaruit bleek dat deze sector de oorzaak kan zijn van wijdverspreide besmettingen met het coronavirus COVID-19. Derhalve werd het nodig geacht om in de periode van 1 oktober tot en met 31 oktober 2021 het gebruik van het COVID Safe Ticket in de discotheken en dancings te verplichten, dit ongeacht het aantal (al dan niet verwachte) bezoekers en aard van het evenement. Vanaf 1 november 2021 komt het aan de gefedereerde entiteiten toe de modaliteiten van het gebruik van het COVID Safe Ticket om de toegang tot discotheken en dancings te regelen en te bepalen. De bijkomende sectoren zijn de sectoren, die zijn geïnventariseerd door een of meer gefedereerde entiteit(en): de horeca, de sport- en fitnessclubs, de handelsbeurzen en congressen, de voorzieningen die behoren tot de culturele, feestelijke en recreatieve sector en de voorzieningen voor residentiële opvang van kwetsbare personen. Op basis van de analyse van de gefedereerde entiteiten (of de GEMS) werden deze sectoren geïdentificeerd omdat deze sectoren te maken krijgen enerzijds een verhoogde kans hebben op de verspreiding van het COVID-19 coronavirus en een hoger risico op superverspreiding, en anderzijds met personen die het meest kwetsbaar zijn voor het coronavirus COVID-19. Voor gefedereerde entiteiten die het COVID Safe Ticket wensen uit te breiden, nopen deze risicofactoren dan ook tot een bijkomende zekerheid in de vorm van het inzetten en gebruik van het COVID Safe Ticket wanneer uitsluitend de gefedereerde entiteiten dit nodig achten in het licht van de epidemiologische omstandigheden op hun grondgebied, en dit met respect voor en justificatie van het principe van de proportionaliteit. Het COVID Safe Ticket kan dan ook worden gebruikt om bezoekers in veel veiligere omstandigheden en met veel minder risico toegang te verlenen tot de voorzieningen en aangelegenheden binnen deze sectoren alwaar het volgen van de normale COVID-maatregelen niet altijd mogelijk blijkt en/of controleerbaar en afdwingbaar. In de horecasector, meer bepaald de café's en restaurants, zijn enkele duidelijke risicofactoren aanwezig die het gebruik van het COVID Safe Ticket verantwoorden volgens de rapporten van de GEMS van 18 en 31 augustus 2021, zoals de langere aanwezigheid van personen in dezelfde ruimte, waarbij vaak geen voldoende ventalitie voorhanden is. Bijkomend zijn sommige restaurants en café's eerder dicht gelieerd aan het nachtleven, waardoor daar eveneens aanzienlijke risico's voor verspreiding van het coronavirus COVID-19 aanwezig zijn. Bij aangelegenheden in de culturele, recreatieve en feestelijke sfeer, bevinden zich eveneens dergelijke risicofactoren. Bij sport- en fitnessclubs zijn er sinds de uitbraak van de COVID-19 pandemie vaak clusters van besmettingen vastgesteld veroorzaakt door het dichte contact van personen met elkaar en het vele verplaatsen in eenzelfde ruimte. Hotels en slaapgelegenheden worden hier niet onder begrepen daar voornoemd risico veel minder aanwezig is en mits inachtname van andere maatregelen van bestuurlijke politie, kan worden verminderd. Voor wat betreft horeca-activiteiten in hotel-en slaapgelegenheden: deze vallen onder het toepassingsgebied van de uitbreiding naar deze sector. Ook in de sector van de beurzen en congressen, zijn er bijkomende risico's. Zo hebben zij meestal een grote concentratie van bezoekers die zich vaak voortbewegen doorheen de ruimtes en is er geen sprake van zogenaamde contactbubbels, die de kans op superverspreiding zouden beperken. Het invoeren van het COVID Safe Ticket voor de bezoekers van voorzieningen die residentieel kwetsbare personen opvangen, is dan weer ingegeven vanuit de vaststelling dat, zelfs wanneer zij volledig gevaccineerd zijn, deze personen nog altijd een grotere kans hebben om door een coronavirus COVID-19-besmetting zwaar ziek te worden of te overlijden. Hierdoor zijn extra voorzorgsmaatregelen ten aanzien van deze groepen noodzakelijk. Het COVID Safe Ticket zorgt ervoor dat de personen die deze sectoren bezoeken, minder kans lopen om besmet te worden alsook het risico op besmetting voor patiënten of residenten met het coronavirus COVID-19 aanzienlijk verlagen. Door het gebruik van het COVID Safe Ticket wordt tevens de circulatie van het coronavirus COVID-19 verder beperkt alsook het enorme risico op doorbraakinfecties. Hierdoor wordt de verzadiging van de zorginstellingen tegengegaan, en bijkomend wordt ervoor gezorgd dat een nieuwe sluiting van de voorzieningen en activiteiten in deze risicovolle sectoren, zoveel als mogelijk wordt vermeden. Het gebruik van het COVID Safe Ticket in deze voorzieningen breidt zich echter niet uit naar personen die (
- i)zich aanbieden om zorg te krijgen of bij wijze van algemene consultatie (bijv. patiënten of zorgbehoevenden) of (
- ii)deel nemen aan of in de zorgverlening (bv. huisarts, kinesist, vrijwilliger, mantelzorger, ...) en vanuit die optiek bekend zijn bij de directie of organisatie van deze voorzieningen. Verder kan het COVID Safe Ticket ook niet worden opgelegd aan personen die omwille van een noodzakelijkheid vanuit dienstverlening of zorg toegang tot de voorziening moeten verkrijgen en voor zover deze personen bij de voorziening gekend zijn (men kan hier denken aan de situatie waarbij een dochter naar het woonzorgcentrum wordt geroepen om haar stervende ouder bij te staan). Aan deze categorieën van personen waarop het gebruik van het COVID Safe Ticket niet van toepassing is in deze voorzieningen, kunnen wel bijkomende sanitaire maatregelen worden opgelegd. Met bezoekers in de verschillende sectoren, wordt tevens bedoeld: de personen die een voorziening of activiteit vermeld in artikel 1, § 1, 21° van dit samenwerkingsakkoord, massa-evenement of proef- en pilootproject of dancings en discotheken willen betreden, alsook de personen die hen eventueel begeleiden (met uitzondering van de categorieën van personen die in de vorige paragraaf werden opgelijst). Zoals hierboven aangehaald is het immers niet de bedoeling dat medewerkers, personeelsleden en organisatoren als bezoekers beschouwd worden en een COVID Safe Ticket moeten laten inlezen, aangezien dit, zoals hierboven reeds werd gepreciseerd, precies tot een verdoken vaccinatieplicht zou leiden die een ongelijkheid in behandeling zou teweeg brengen en discriminatie tot gevolg zou hebben. Tevens, zal het gebruik van het COVID Safe Ticket voor wat betreft de uitbreiding van het toepassingsgebied, met name door het gebruik ervan mogelijk te maken in voorzieningen van horeca-activiteiten, sport- en fitnesscentra, handelsbeurzen en congressen en voorzieningen die behoren tot de culturele, feestelijke en recreatieve sector, niet mogen worden toegepast voor jongeren onder de 16 jaar. Het toepassen van het COVID Safe Ticket voor jongeren onder de 16, wordt binnen deze sectoren niet noodzakelijk en proportioneel geacht. Tot op heden is de vaccinatiestrategie, met de prioritaire groepen, nog steeds lopende. Dit zorgt ervoor dat vandaag, zijnde einde van de zomer - vroege najaar van 2021 jongeren tussen de 12 en de 18 jaar volop worden gevaccineerd. Ondertussen, op basis van de cijfers voorhanden, is het een feit dat jongeren zich alsmaar meer laten vaccineren en dat de vaccinatiegraad voor deze doelgroep alsmaar hoger komt te liggen. Daarnaast kan niet worden ontkend, dat deze jongeren zich tijdens de huidige pandemie door de gevolgen van de crisis niet optimaal hebben kunnen ontplooien, meer bepaald hebben zij op beperkte wijze, vaak via afstandsonderwijs, onderwijs kunnen volgen en hebben zij amper of geen buitenschoolse en sociale activiteiten mogen bijwonen, laat staan eraan deelnemen. Voor de verdere ontplooiing van deze jongeren is het van fundamenteel belang dat deze alle mogelijkheden krijgen om (terug) te kunnen deelnemen aan recreatieve, sportieve, culturele en andere activiteiten die niet enkel zeer waardevol maar fundamenteel zijn voor hun verdere ontplooiing. Bovendien, kunnen jongeren onder de 16 jaar niet zelf de eindkeuze maken om al dan niet gevaccineerd te worden. Bijgevolg zou het vereisen van een test- of herstelcertificaat van de niet-gevaccineerde jongeren kunnen leiden tot uitsluiting buiten hun eigen keuze. Omwille van deze reden kan het vereisen van een COVID Safe Ticket voor jongeren onder de 16 jaar in deze context dan ook niet worden gerechtvaardigd. Verder wordt wel voorzien in een uitzondering wat betreft de toegang tot residentiële voorzieningen voor de opvang van kwetsbare personen, waar de leeftijdsgrens op 12 jaar wordt gelegd. Deze uitzondering is echter verantwoord vanuit de noodzaak om de gezondheid van kwetsbare personen te beschermen, hetgeen in deze gevallen dient te primeren op het recht op zelfontplooing voor jongeren. Immers, het risico op doorbraakinfecties is in dergelijke voorzieningen, zoals ziekenhuizen, woonzorgcentra en residentiële voorzieningen voor kwetsbare personen, fundamenteel hoger dan in of voor andere aangelegenheden of voorzieningen waar het COVID Safe Ticket kan worden ingezet, nu dergelijke zorginstellingen per definitie meer zieke, kwetsbare en/of fragiele personen opvangen dan in de andere sectoren waar het COVID Safe Ticket kan worden ingezet. Omwille van deze reden kan bij uitbreiding van het toepassingsgebied naar voorzieningen voor residentiële opvang van kwetsbare personen, het COVID Safe Ticket wel worden gevraagd aan kinderen vanaf 12 jaar. Bij massa-evenementen, proef- en pilootprojecten en dancings en discotheken kan conform de geldende bepalingen het COVID Safe Ticket eveneens worden toegepast voor kinderen vanaf 12 jaar. Met dit nieuwe mechanisme van het toepasbaar maken van het COVID Safe Ticket op initiatief van één of meer gefedereerde entiteit(en), beoogt men op deze manier een evenwicht te vinden tussen het faciliteren van het verder beheersen van het epidemiologisch verloop van de coronavirus COVID-19 crisis en de bescherming van de grondrechten van personen. Voor wat betreft het personeel dat in deze sectoren kan worden ingezet bij de toegang van de in de limitatieve lijst opgenomen aangelegenheden en voorzieningen, dient duidelijk te worden voorzien dat dit enkel maar kan ten aanzien van een beperkt aantal personeelsleden of medewerkers (zoals bijv. een zaalverantwoordelijke) en dat de uitbater, directie of organisator steeds verplicht zal zijn een lijst van alle personen die het COVID Safe Ticket kunnen controleren bij te houden. Het personeel dat in het kader van de controle op het COVID Safe Ticket ingezet wordt, dient zich te beperken tot de loutere controle en verificatie van het digitaal EU-COVID-certificaat of het door de houder gegenereerde COVID Safe Ticket alsook het identiteitsbewijs. Het betreft hier dus geen toegangscontrole in de zin van de Wet Private Veiligheid. Daar waar de COVID Safe Ticket-controle gecombineerd wordt met bijkomend toezicht en controle op de aanwezigen kunnen enkel personen ingezet worden dewelke bepaald zijn in de Wet van 2 oktober 2017Relevante gevonden documenten type wet prom. 02/10/2017 pub. 31/10/2017 numac 2017031388 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot regeling van de private en bijzondere veiligheid type wet prom. 02/10/2017 pub. 18/12/2017 numac 2017031910 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot regeling van de private en bijzondere veiligheid. - Duitse vertaling sluiten tot regeling van de private en bijzondere veiligheid. De persoonsgegevens die worden verwerkt door het inlezen van het COVID Safe Ticket, kunnen niet opgeslagen of uitgewisseld worden. De streepjescode op het digitaal EU-COVID-certificaat, wordt ingelezen door de COVIDScan-applicatie en op basis hiervan worden de daarin vervatte gegevens door het COVID Safe Ticket gevisualiseerd. De ingelezen persoonsgegevens worden niet bewaard in een bestand en de gegevens in het cachegeheugen worden gewist van zodra er een nieuwe streepjescode wordt gescand of wanneer de COVIDScan-applicatie wordt gedesactiveerd. De persoonsgegevens worden evenmin uitgewisseld met een externe toepassing. Bijgevolg is het niet mogelijk om op basis van de COVIDScan-applicatie aan tracing te doen of op een onrechtmatige manier een registratie van de bezoekers te bewerkstelligen, wat uiteraard in elk geval verboden is. In die zin is het dan ook niet toegestaan om bij de inlezing van het COVID Safe Ticket enige directe of indirecte bewaring van persoonsgegevens te bewerkstellingen, andere dan uitdrukkelijk in dit samenwerkingsakkoord voorzien. Het mag duidelijk zijn dat deze aanpassing betreffende het gebruik van het COVID Safe Ticket kadert in een bredere aanpak op het vlak van preventieve geneeskunde en gezondheidspreventie: men vermindert door middel van het COVID Safe Ticket het risico op virusoverdracht tussen personen wanneer zij zich in omstandigheden bevinden die een verhoogd risico inhouden voor de mogelijke overdracht van COVID-19, zoals een hoog niveau van viruscirculatie of een ontoereikend niveau van vaccinatie in deze regio of gemeenschap, het plaatsvinden van samenkomsten van gevaccineerde met niet-gevaccineerde personen of de aanwezigheid van andere risicofactoren die het risico op virusverspreiding zoals door aerosolen, verhogen. Aangezien de gefedereerde entiteiten bevoegd zijn voor deze preventieve gezondheidszorg, zijn zij de bevoegde overheid die over de opportuniteit van deze maatregelen kunnen beslissen. Het gebruik van het COVID Safe Ticket voor bezoekers van de voorzieningen en aangelegenheden bepaald in dit samenwerkingsakkoord, kadert in de bevoegdheid van de preventieve gezondheidszorg, aangezien dit enkel een regelgeving betreft omtrent de bezoekers van deze voorzieningen en aangelegenheden en derhalve niet de inrichting en organisatie van deze voorzieningen en aangelegenheden zelf wenst te regelen, gelet op de adviezen van 18 en 31 augustus van de GEMS, waarin aangegeven staat dat het gebruik van het COVID Safe Ticket in deze voorzieningen en aangelegenheden aanbevolen wordt om de coronavirus COVID-19 pandemie onder controle te krijgen. De noodzaak en proportionaliteit van diversifiëring van het gebruik van het COVID Safe Ticket Ook kan worden vastgesteld dat er sinds de vaccinatiecampagne lopende is, sprake is van verschillende lokale epidemiologische omstandigheden tussen de verschillende gefedereerde entiteiten. Bijvoorbeeld een lagere vaccinatiegraad of relatief hoger aantal ziekenhuisopnames binnen een bepaalde deelstaat. Deze epidemiologische verschillen kunnen vereisen of toelaten dat er zich voor een bepaalde gemeenschap of regio een uitbreiding van het inzetten en het gebruik van het COVID Safe Ticket opdringt, daar waar voor andere gemeenschappen en regio's een dergelijke noodzaak niet bestaat of niet kan worden gerechtvaardigd aan de hand van epidemiologische omstandigheden. In het eerste geval dient het voor een gefedereerde entiteit, in het kader van haar autonomie dan ook mogelijk te zijn om voor wat betreft diens grondgebied een uitbreiding van de maatregelen te kunnen activeren en vervolgens toepassen, voor zover epidemiologische omstandigheden dit rechtvaardigen en na evaluatie van de RAG van deze omstandigheden. Deze gediversifieerde toepassing van het COVID Safe Ticket zorgt eveneens voor een proportionele toepassing van dit instrument. Enkel wanneer de epidemiologische toestand het rechtvaardigt en na evaluatie van de RAG van deze omstandigheden, kan een regio of gemeenschap dan immers deze maatregelen in werking stellen. Na 31 oktober 2021 geldt als het uitgangspunt zelfs dat het COVID Safe Ticket niet meer toepasbaar/toepasselijk is en dus niet meer zal kunnen worden gebruikt, tenzij er een dergelijk verontrustende epidemiologische toestand aanwezig is in een bepaalde regio of gemeenschap en de RAG dit mee onderschrijft. Zo blijft het gebruik beperkt tot waar en wanneer het absoluut noodzakelijk is. Zo wordt een diversifiëring op basis van objectieve wetenschappelijke parameters mogelijk, door bijvoorbeeld de vaccinatiegraad, het aantal ziekenhuisopnames en/of het reproductiegetal te analyseren per regio of gemeenschap. Een regio of gemeenschap zal dan zelf op basis van de epidemiologische toestand, met respect voor en justificatie van het principe van de proportionaliteit, kunnen beslissen of het gebruik van het COVID Safe Ticket verplicht is of niet en wat het toepassingsgebied van het COVID Safe Ticket zal zijn binnen het kader dat in het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021 wordt bepaald. In diezelfde zin, op verzoek van de gefedereerde entiteit(en), dient aan de bevoegde gouverneurs en burgemeester de mogelijkheid te worden geboden om voor de massa-evenementen, de proef-en pilootprojecten en de dancings en discotheken strengere maatregelen te nemen met name voor wat betreft (
- i)het aantal bezoekers of (
- ii)het verplicht maken voor een welbepaald massa-evenement, proef-en pilootproject of dancing en discotheek binnen de aan hen toegekende bevoegdheid indien er epidemiologische omstandigheden op het grondgebied van de provincie of de gemeente zijn die dergelijke maatregelen rechtvaardigen en na evaluatie van deze omstandigheden door de RAG. In geen geval kan een burgemeester of gouverneur het gebruik van het COVID Safe Ticket mogelijk maken of verplichten of enige verstrengde maatregelen nemen met betrekking tot het gebruik van het COVID Safe Ticket in de bijkomende, hierboven opgelijste sectoren. Bovendien dienen deze maatregelen te worden beperkt in de tijd, waarbij het ten sterkste wordt aanbevolen deze niet langer dan 30 dagen te laten duren. Daarenboven: - indien de burgemeesters en gouverneurs de hierboven beschreven mogelijkheid willen uitoefenen om bepaalde verstrengende maatregelen te nemen voor het gebruik van het COVID Safe Ticket in het kader van massa-evenement of proef-of pilootproject voor het grondgebied waarvoor zij bevoegd zijn, zullen zij dit tot en met 31 oktober 2021 enkel kunnen voor zover: o er epidemiologische omstandigheden zijn die dergelijke maatregelen rechtvaardigen en na evaluatie door de RAG van deze omstandigheden; o zij dergelijke maatregelen hebben afgestemd met de bevoegde ministers op het federale niveau en hiervoor instemming hebben verkregen. - Indien de burgemeesters en gouverneurs vanaf 1 november 2021 dergelijke maatregelen willen nemen, zullen zij dit enkel kunnen voor zover: o er epidemiologische omstandigheden op hun grondgebied zijn die dergelijke maatregelen rechtvaardigen en na evaluatie door de RAG van deze omstandigheden; o de gefedereerde entiteit binnen het grondgebied waarvoor de desbetreffende burgemeester of gouverneur bevoegd is, het gebruik van het COVID Safe Ticket van toepassing heeft gemaakt en heeft ingeschreven in een decreet of ordonnantie; o zij dergelijke maatregelen hebben afgestemd met de bevoegde ministers van de gefedereerde entiteit waaronder zij vallen; en o zij hiervoor instemming hebben verkregen van de bevoegde ministers van die gefedereerde entiteit. Deze uitbreiding van het toepassingsgebied van het COVID Safe Ticket geeft aan de gefedereerde entiteiten en de burgemeesters of gouverneurs de mogelijkheid het COVID Safe Ticket in te zetten in bepaalde omstandigheden en voor een bepaalde duur, in overeenstemming met hun respectievelijke bevoegdheden. Doch hierbij mag men niet uit het oog verliezen dat op basis van hun respectievelijke bevoegdheden deze uitbreiding van het toepassingsgebied echter beperkt is. ? De gefedereerde entiteiten kunnen het al dan niet verplichte karakter voor het gebruik van het COVID Safe Ticket voor evenementen die onder de definitie van massa-evenement vallen vaststellen en dit voor de regio of gemeenschap waarvoor zij bevoegd zijn. Concreet kunnen zij bijvoorbeeld de aantallen bezoekers verlagen voor massa-evenementen. Desalniettemin zullen deze aantallen steeds moeten bestaan uit een zekere omvang met een bepaald aantal bezoekers, waarbij het aanbeveling verdient dat een evenement waar minder dan 50 bezoekers gelijktijdig aanwezig zijn of worden verwacht, niet als een massa-evenement kan worden gekwalificeerd. ? In het kader van het uitgebreide toepassingsgebied van het gebruik van het COVID Safe Ticket, hebben zij de mogelijkheid, voor zover de epidemiologische omstandigheden dit toelaten, om te beslissen dat het COVID Safe Ticket eveneens gebruikt kan worden voor één of meerdere van de sectoren die limitatief aangemerkt werden in dit samenwerkingsakkoord en ? kunnen zij het gebruik van het COVID Safe Ticket voor één of meerdere van de voornoemde sectoren verplicht maken, indien dit op grond van de epidemiologische omstandigheden kan worden verantwoord. ? Verder voorziet het samenwerkingsakkoord in de mogelijkheid om de uitvoeringsmodaliteiten in het geldende ministerieel besluit van 28 oktober 2020Relevante gevonden documenten type ministerieel besluit prom. 28/10/2020 pub. 28/10/2020 numac 2020010455 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Ministerieel besluit houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken sluiten door de burgemeesters en gouverneurs te laten verstrengen voor wat betreft de uitvoeringsmodaliteiten van massa-evenementen of proef- en pilootprojecten respectievelijk met betrekking tot o
- i)het minimum aantal bezoekers waarvoor het massa-evenement of proef of pilootproject kan worden georganiseerd en o
- ii)het al dan niet verplichte karakter van het gebruik van het COVID Safe Ticket voor een bepaald of specifiek type van evenement die onder de definitie van massa-evenement of proef- of pilootproject valt. De uitbreiding - op vraag van de gefedereerde entiteiten - van de bevoegdheid om maatregelen te nemen voor de gefedereerde entiteiten en burgemeesters of gouverneurs, wordt voorzien in dit samenwerkingsakkoord. De voorwaarden om een geldig COVID Safe Ticket te genereren dat de toegang verschaft tot massa-evenementen, proef- en pilootprojecten of dancings en discotheken, wordt echter nog steeds bepaald in een uitvoerend samenwerkingsakkoord. Wanneer een gefedereerde entiteit, een burgemeester of een gouverneur beslist, conform diens bevoegdheden, om een specifiekere toepassing van het COVID Safe Ticket in te voeren, gebeurt dit op exclusief initatief van de gefedereerde entiteit, en via de eigen regelgeving van deze gefedereerde entiteit, burgemeester of gouverneur, doch in lijn met de principes van de Verordening digitaal EU-COVID-certificaat, de Verordening digitaal EU-COVID-certificaat voor onderdanen derde landen en dit Samenwerkingsakkoord. De uitbreiding in de tijd A. Periode van 1 oktober 2021 tot en met 31 oktober 2021 De mogelijkheid tot uitbreiding van het toepassingsgebied van het gebruik van het COVID Safe Ticket en tot mogelijke verstrenging van de modaliteiten van het COVID Safe Ticket, zoals het verlagen van de aantallen bezoekers voor massa-evenementen en proef- en pilootprojecten of het gebruik van het COVID Safe Ticket verplicht maken voor bepaalde evenementen en sectoren, is mogelijk vanaf 1 oktober tot en met 31 oktober 2021 voor zover de epidemiologische omstandigheden dit rechtvaardigen, met respect voor en justificatie van het principe van de proportionaliteit en na evaluatie van deze omstandigheden door de RAG. Het gebruik van het COVID Safe Ticket voor dit uitgebreid toepassingsgebied bestaat niet de facto maar zal steeds dienen te worden voorzien in een decreet of ordonnantie van deze gefedereerde entiteit op basis van diens bevoegdheid inzake gezondheidspreventie. B. Periode na 31 oktober 2021 Mogelijkheid 1: gebruik van het COVID Safe Ticket door gefedereerde entiteit In de periode na 31 oktober 2021, zal het COVID Safe Ticket niet langer geldig kunnen worden gebruikt en is het dus niet langer van toepassing, niettegenstaande het feit dat de artikelen die betrekking hebben op het wettelijk kader rond het COVID Safe Ticket of dit wettelijk kader uiteenzetten in dit samenwerkingsakkoord nog altijd in werking zullen blijven tot 30 juni 2022. Dit teneinde in te gaan op de vraag van de gefedereerde entiteiten en deze entiteiten de mogelijkheid te bieden om het COVID Safe Ticket na 31 oktober 2021 te gebruiken (of zelfs te verplichten) voor massa-evenementen, proef-en pilootprojecten, de toegang tot dancings en discotheken en voor de bijkomende limitatieve lijst van sectoren (zoals hierboven opgelijst) wanneer zij geconfronteerd worden met ongunstige epidemiologische omstandigheden binnen hun regio of gemeenschap, mits de voorafgaande consultatie van de RAG, die een niet-bindend advies zal verlenen binnen de 5 werkdagen. Waar nodig krachtens of in het licht van de sector waar het COVID Safe Ticket zal worden gebruikt, moet de gefedereerde entiteit de bevoegdheidsverdeling nagaan en hiervoor de nodige wetgevende intitiatieven nemen. Het is geenszins de bedoeling om de bevoegdheidsverdeling tussen de gefedereerde entiteiten zoals bepaald in de bijzondere wet van 8 augustus 1980Relevante gevonden documenten type wet prom. 08/08/1980 pub. 11/12/2007 numac 2007000980 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Bijzondere wet tot hervorming der instellingen. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten tot hervorming der instellingen, te bepalen in dit samenwerkingsakkoord. Deze uitbreiding kan zowel materieel als territoriaal zijn en bestaan uit het gebruik en het al dan niet verplicht maken van het COVID Safe Ticket binnen een welbepaald toepassingsgebied, zijnde enerzijds de massa-evenementen, de proef- en pilootprojecten en toegang tot de dancings en discotheken, en anderzijds de sectoren die limitatief opgesomd worden in dit samenwerkingsakkoord. De gefedereerde entiteit kan het gebruik van het COVID Safe Ticket op haar grondgebied optioneel of verplicht maken voor hoger beschreven sectoren, en dit naarmate het onmogelijk wordt om te controleren of de geldende COVID maatregelen gerespecteerd kunnen worden. Dit zal dienen te zijn beperkt tot omgevingen waar een verhoogd risico op transmissie bestaat. Het doel ligt hem erin dat de desbetreffende diensten en activiteiten niet economisch geraakt worden. Wel zal dit verder gebruik van het COVID Safe Ticket vanaf 1 november 2021 dienen te worden beperkt in de tijd, waarbij het ten sterkste wordt aanbevolen deze maatregelen niet langer dan 3 maanden in te voeren en te behouden. Mogelijkheid 2: Beëindiging federale fase, zonder dat de epidemische noodsituatie op grond van de wet van 14 augustus 2021Relevante gevonden documenten type wet prom. 14/08/2021 pub. 20/08/2021 numac 2021021663 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie sluiten wordt afgekondigd. In het geval dat de federale fase van het nationaal plan overeenkomstig het ministerieel besluit van 13 maart 2020Relevante gevonden documenten type ministerieel besluit prom. 13/03/2020 pub. 13/03/2020 numac 2020030302 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Ministerieel besluit houdende de afkondiging van de federale fase betreffende de coördinatie en het beheer van de crisis coronavirus COVID-19 type ministerieel besluit prom. 13/03/2020 pub. 19/03/2020 numac 2020040667 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Ministerieel besluit houdende de afkondiging van de federale fase betreffende de coördinatie en het beheer van de crisis coronavirus COVID-19. - Duitse vertaling sluiten houdende de afkondiging van de federale fase betreffende de coördinatie en het beheer van de crisis coronavirus COVID-19 volledig wordt beëindigd en de voorwaarden van de wet van 14 augustus 2021Relevante gevonden documenten type wet prom. 14/08/2021 pub. 20/08/2021 numac 2021021663 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie sluiten betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie niet zijn vervuld en er dus geen toepassing wordt gemaakt van deze wet van 14 augustus 2021Relevante gevonden documenten type wet prom. 14/08/2021 pub. 20/08/2021 numac 2021021663 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie sluiten, dient een gefedereerde entiteit voor zover deze middels een decreet of ordonnantie het gebruik van het COVID Safe Ticket heeft voorzien, na te gaan (en desgevallend te voorzien) of op grond van voornoemd decreet of ordonnantie de bevoegde gouverneur of bevoegde burgemeester de nodige uitvoeringsmodaliteiten inzake handhaving kan nemen teneinde het gebruik van het COVID Safe Ticket te kunnen handhaven. Deze maatregelen van bestuurlijke politie gelden enkel met betrekking tot het COVID Safe Ticket en kunnen van kracht zijn tot de duurtijd die voorzien is door de bevoegde gefedereerde entiteit in het respectievelijke decreet of ordonnantie met betrekking tot de het voorzien van het gebruik van het COVID Safe Ticket door deze gefedereerde entiteit en voor zover de voorwaarden van de wet van 14 augustus 2021Relevante gevonden documenten type wet prom. 14/08/2021 pub. 20/08/2021 numac 2021021663 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie sluiten betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie niet zijn vervuld en dus geen toepassing wordt gemaakt van deze wet. De aantallen bezoekers voor massa-evenementen en dancings en discotheken zal in dergelijke situatie worden bepaald in een uitvoerend samenwerkingsakkoord. Mogelijkheid 3: De epidemische noodsituatie op grond van de wet van 14 augustus 2021Relevante gevonden documenten type wet prom. 14/08/2021 pub. 20/08/2021 numac 2021021663 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie sluiten wordt conform deze wet afgekondigd Indien de wet van 14 augustus 2021Relevante gevonden documenten type wet prom. 14/08/2021 pub. 20/08/2021 numac 2021021663 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie sluiten betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie wordt toegepast, zullen de artikelen die betrekking hebben op het gebruik van het COVID Safe Ticket middels een gedifferentieerde aanpak en voor de bijkomende sectoren (met name artikelen 2bis, §§ 1 en 2, 13bis en 13ter van dit Samenwerkingakkoord), niet langer van toepassing zijn en worden opgeschort. Teneinde een aanpak te kunnen voorzien die aangepast is aan de epidemiologische situatie van dat moment, zal worden geëvalueerd of het gebruik van het COVID Safe Ticket opnieuw van toepassing moet worden voor het (al dan niet) gehele grondgebied. Voor zover nodig dient hierbij wel te worden gepreciseerd dat dit maar kan voor een periode die loopt tot 30 juni 2022. In die zin zal het samenwerkingsakkoord in de volgende bepalingen voorzien: wanneer de epidemische noodsituatie wordt afgekondigd en aldus besloten wordt dat een gecoördineerde aanpak van de gezondheidscrisis op federaal niveau vereist is en derhalve een gediferentieerd gebruik van het COVID Safe Ticket niet langer aangewezen is, zullen de maatregelen genomen door de gefedereerde entiteiten afzonderlijk met betrekking tot het gebruik van het COVID Safe Ticket buiten werking treden of worden opgeschort. De gefedereerde entiteiten zullen bijgevolg niet langer middels een decreet of ordonnantie tot een ander gebruik van het COVID Safe Ticket kunnen beslissen, aangezien deze decreten en ordonnanties van zodra de epidemische noodsituatie wordt aangekondigd niet langer kunnen worden toegepast en/of zullen worden opgeschort. Het verder gebruik van het COVID Safe Ticket tijdens de epidemische noodsituatie dient dan voor de partijen van het samenwerkingsakkoord te worden voorzien: - Middels een aanvullend wetgevend samenwerkingsakkoord indien de partijen bij het samenwerkingsakkoord het gebruik van het COVID Safe Ticket willen gebruiken voor de bijkomende sectoren waar het COVID Safe Ticket kan worden ingezet; of - Middels een besluit zoals voorzien in de wet van 14 augustus 2021Relevante gevonden documenten type wet prom. 14/08/2021 pub. 20/08/2021 numac 2021021663 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie sluiten betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie of middels een uitvoerend samenwerkingsakkoord voor wat betreft het gebruik van het COVID Safe Ticket voor de massa-evenementen, de proef-en pilootprojecten en de dancings en discotheken. Indien men de epidemische noodsituatie beëindigt, worden de artikelen die betrekking hebben op het wettelijk kader rond het COVID Safe Ticket of dit wettelijk kader uiteenzetten, opnieuw toepasselijk, tenzij de partijen bij dit samenwerkingsakkoord hier uitdrukkelijk anders over beslissen middels een nieuw samenwerkingsakkoord." ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING Artikel 1.Artikel 1 bevat de wijzigingen die dienen te worden gemaakt aan de Nederlandstalige versie, de Franstalige versie en de Duitstalige versie van de artikelsgewijze toelichting van artikel 16 van het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021 (paragraaf 1), aan de Nederlandstalige versie van artikel 16, § 2 van het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021 (paragraaf 2), aan de Franstalige versie van artikel 16 van het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021 (paragrafen 3 en 4) en aan de Duitstalige versie van artikel 16 van het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021 (paragrafen 5 en 6). Artikel 2.Artikel 2 bevat de wijzigingen die dienen te worden gemaakt aan artikel 1, § 1, 4° en 11° van het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021. Artikel 3.Artikel 3 bevat de leden die dienen te worden toegevoegd aan artikel 1, § 1 van het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021 met betrekking tot de uitbreiding van het toepassingsgebied van het COVID Safe Ticket. Wanneer er sprake is van sport- en fitnessclubs, worden hiermee de sportactiviteiten van een dergelijke club bedoeld, en geenszins de beheersactiviteiten. Er wordt een definitie van "bezoekers" toegevoegd, zijnde de personen die een van de voorzieningen en activiteiten aandoen waar het inlezen van een COVID Safe Ticket aan hen kan worden gevraagd. Dit behelst zowel de personen die de voorziening of activiteit bezoeken, als de personen die hen vergezellen. Zo kan bijvoorbeeld eveneens het inlezen van een COVID Safe Ticket worden gevraagd van de begeleiders van jongeren die een sport- of fitnessclub bezoeken. Onder bezoekers kan, zoals hoger bepaald, niet worden begrepen de organisator, de uitbater, de directieleden, personeel, zelfstandige of vrijwillige medewerkers of enige personen die (
- i)zich aanbieden om zorg te krijgen; (
- ii)deel nemen aan of in de zorgverlening en vanuit deze optiek bekend zijn bij de directie of organisatie van deze voorzieningen of (iii) die omwille van een noodzakelijkheid vanuit dienstverlening of zorg toegang tot de voorziening moeten verkrijgen en voor zover deze personen bij de voorziening gekend zijn. Artikel 4.Artikel 4 bevat het artikel 2bis dat dient te worden ingevoegd in het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021 met betrekking tot het temporeel toepassingsgebied van het COVID Safe Ticket. Van zodra een epidemische noodsituatie wordt afgekondigd overeenkomstig artikel 3, § 1 van de wet van 14 augustus 2021Relevante gevonden documenten type wet prom. 14/08/2021 pub. 20/08/2021 numac 2021021663 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie sluiten betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie, vinden de artikelen 2bis, §§ 1 en 2, 13bis en 13ter geen toepassing meer. De decreten en ordonnanties die op basis van deze artikelen 2bis, §§ 1 en 2, 13bis en 13ter zijn uitgevaardigd door de gefedereerde entiteiten, hebben niet langer uitwerking of worden opgeschort van zodra de epidemische noodsituatie wordt afgekondigd overeenkomstig artikel 3, § 1 van de wet van 14 augustus 2021Relevante gevonden documenten type wet prom. 14/08/2021 pub. 20/08/2021 numac 2021021663 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie sluiten betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie. Dit artikel bepaalt verder dat in dergelijk geval en indien de partijen bij dit samenwerkingsakkoord gebruik wensen te maken van het COVID Safe Ticket voor de aangelegenheden en voorzieningen waarvoor het gebruik van het COVID Safe Ticket kan worden ingezet (zijnde de aanvullende sectoren), deze partijen de modaliteiten rond dit gebruik verder nauwkeurig uiteen dienen te zetten in een aanvullend wetgevend samenwerkingsakkoord en desgevallend in een uitvoerend samenwerkingsakkoord en mits het gebruik van het COVID Safe Ticket op grond van epidemiologische omstandigheden kan worden gerechtvaardigd per afzonderlijke groep van aangelegenheid of voorziening zoals opgelijst in artikel 1, § 1, 21° van dit samenwerkingsakkoord. De concrete uitvoeringsmodaliteiten rond het gebruik van het COVID Safe Ticket voor bezoekers van massa-evenementen, proef-en pilootprojecten en dancings en discotheken zal middels een besluit overeenkomstig artikel 4, § 1 van de wet van 14 augustus 2021Relevante gevonden documenten type wet prom. 14/08/2021 pub. 20/08/2021 numac 2021021663 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie sluiten betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie of desgevallend in een uitvoerend samenwerkingsakkoord verder dienen te worden bepaald. Dit artikel stelt tevens dat het aangenomen aanvullend samenwerkingsakkoord, het aangenomen besluit of het aangenomen uitvoerend samenwerkingsakkoord dient te voorzien in een maximale geldigheidsduur. Tot slot stelt dit artikel voorop dat - wanneer de epidemische noodsituatie die is afgekondigd overeenkomstig artikel 3, § 1 van de wet van 14 augustus 2021Relevante gevonden documenten type wet prom. 14/08/2021 pub. 20/08/2021 numac 2021021663 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie sluiten betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie, terug wordt beëindigd - de artikelen 2bis, §§ 1 en 2, 13bis en 13ter opnieuw toepasselijk worden, tenzij de partijen bij dit samenwerkingsakkoord hier uitdrukkelijk anders over beslissen." Artikel 5.Artikel 5 bevat de wijzigingen die dienen te worden gemaakt aan artikel 12 van het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021 met betrekking tot het gebruik van het COVID Safe Ticket. Hierin wordt bepaald dat de gefedereerde entiteiten het gebruik van het COVID Safe Ticket facultatief of verplicht kunnen invoeren, overeenkomstig de modaliteiten die in dit samenwerkingsakkoord worden bepaald. De beslissing om het gebruik van het COVID Safe Ticket facultatief of verplicht te maken, is een beslissing die valt onder de autonomie van de gefedereerde entiteit, dewelke zij voldoende moet motiveren. Artikel 6.Artikel 6 bevat de wijzigingen die dienen te worden gemaakt aan artikel 13 van het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021 met betrekking tot het gebruik van het COVID Safe Ticket. Artikel 7.Artikel 7 bevat het artikel 13bis dat dient te worden ingevoegd in Titel IV. COVID Safe Ticket van het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021 met betrekking tot het toepassingsgebied van het COVID Safe Ticket. Artikel 8.Artikel 8 bevat het artikel 13ter dat dient te worden ingevoegd in Titel IV. COVID Safe Ticket van het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021 met betrekking tot de mogelijkheid tot activatie van het COVID Safe Ticket. Artikel 9.Artikel 9 voegt artikel 13quater in Titel IV. COVID Safe Ticket van het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021 met betrekking tot de situatie wanneer de federale fase wordt beëindigd en de epidemische noodsituatie zoals bepaald in en overeenkomstig de wet van 14 augustus 2021Relevante gevonden documenten type wet prom. 14/08/2021 pub. 20/08/2021 numac 2021021663 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie sluiten nog niet werd of zou zijn afgekondigd. Artikel 10.Artikel 10 bevat de wijzigingen die dienen te worden gemaakt aan artikel 14, § 3 van het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021 met betrekking tot de uitwerking van het COVID Safe Ticket. Artikel 11.Artikel 11 bevat de wijzigingen die dienen te worden gemaakt aan artikel 33, § 1 van het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021 met betrekking tot het temporele toepassingsgebied van het COVID Safe Ticket. Artikel 12.Artikel 12 bevat de wijzigingen die dienen te worden gemaakt aan artikel 33, § 2 van het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021 met betrekking tot het temporele toepassingsgebied van het COVID Safe Ticket. Artikel 13.Artikel 13 bevat de wijzigingen die dienen te worden gemaakt aan artikel 33, § 3 van het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021 met betrekking tot het temporele toepassingsgebied van het COVID Safe Ticket. Artikel 14.Artikel 14 voegt een artikel 33bis in Titel X. Slotbepalingen van het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021 met betrekking tot de activatie of heractivatie van het COVID Safe Ticket. Samenwerkingsakkoord strekkende tot wijziging van het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021 tussen de Federale Staat, de Vlaamse Gemeenschap, de Franse Gemeenschap, de Duitstalige Gemeenschap, de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie, het Waalse Gewest en de Franse Gemeenschapscommissie betreffende de verwerking van gegevens met betrekking tot het digitaal EU-COVID-certificaat, het COVID Safe Ticket, het PLF en de verwerking van persoonsgegevens van in het buitenland wonende of verblijvende werknemers en zelfstandigen die activiteiten uitvoeren in België Gelet op de bijzondere wet van 8 augustus 1980Relevante gevonden documenten type wet prom. 08/08/1980 pub. 11/12/2007 numac 2007000980 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Bijzondere wet tot hervorming der instellingen. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten tot hervorming der instellingen, artikelen 5, § 1, I, 87, § 1, en 92bis; Gelet op het samenwerkingsakkoord van 14.07.2021 tussen de Federale Staat, de Vlaamse Gemeenschap, de Franse Gemeenschap, de Duitstalige Gemeenschap, de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie, het Waalse Gewest en de Franse Gemeenschapscommissie betreffende de verwerking van gegevens met betrekking tot het digitaal EU-COVID-certificaat, het COVID Safe Ticket, het PLF, de verwerking van persoonsgegevens van in het buitenland wonende of verblijvende werknemers en zelfstandigen die activiteiten uitvoeren in België; TUSSEN De Federale Staat, vertegenwoordigd door de Federale Regering, in de persoon van Alexander De Croo, Eerste minister, Frank Vandenbroucke, Vice-eerste Minister en Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, Sophie Wilmès, Vice-eerste Minister en Minister van Buitenlandse Zaken, Europese Zaken en Buitenlandse Handel, en van de Federale Culturele Instellingen, Annelies Verlinden, Minister van Binnenlandse Zaken, Institutionele Hervormingen en Democratische Vernieuwing, Sammy Mahdi, Staatssecretaris voor Asiel en Migratie en Mathieu Michel, Staatssecretaris voor Digitalisering; De Vlaamse Gemeenschap, vertegenwoordigd door de Vlaamse Regering, in de persoon van Jan Jambon, Minister-President van de Vlaamse Regering en Vlaams Minister van Buitenlandse Zaken, Cultuur, Digitalisering en Facilitair Management, en Wouter Beke, Vlaams Minister van Welzijn, Volksgezondheid, Gezin en Armoedebestrijding; De Franse Gemeenschap, vertegenwoordigd door zijn regering, in de persoon van Pierre-Yves Jeholet, Minister-President en Bénédicte Linard, Vice-President en Minister van Kind, Gezondheid, Cultuur, Media en Vrouwenrechten en Valérie Glatigny, minister voor Hoger Onderwijs, Onderwijs voor Sociale Promotie, Wetenschappelijk Onderzoek, Universitaire Ziekenhuizen, Jeugdzorg, Justitiehuizen, Jeugd, Sport en de Promotie van Brussel; Het Waalse Gewest, vertegenwoordigd door zijn regering, in de persoon van Elio Di Rupo, Minister-President van de Waalse Regering en Christie Morreale, Vice-Minister-President van de Waalse Regering en Minister van Werk, Vorming, Gezondheid, Sociale Actie, Gelijke Kansen en Vrouwenrechten; De Duitstalige Gemeenschap, vertegenwoordigd door zijn regering in de persoon van Oliver Paasch, Minister-President en Minister van Lokale Besturen en Financiën en Antonios Antoniadis, Vice-Minister-President en Minister van Gezondheid en Sociale Aangelegenheden, Ruimtelijke Ordening en Huisvesting; De Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie, vertegenwoordigd door het Verenigd College in de persoon van Rudi Vervoort, Voorzitter van het Verenigd College en Alain Maron en Elke Van Den Brandt, leden belast met Gezondheid en Welzijn; De Franse Gemeenschapscommissie, vertegenwoordigd door zijn College in de persoon van Barbara Trachte, Minister-President belast met de promotie van de gezondheid en Alain Maron Minister belast met Maatschappelijk welzijn en Gezondheid; WORDT HET VOLGENDE OVEREENGEKOMEN: Artikel 1.§ 1. In de artikelsgewijze bespreking van artikel 16 van het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021 dient in de Nederlandstalige versie elke verwijzing naar "protocolakkoord" te worden vervangen door de term "verwerkersovereenkomst", in de Franstalige versie elke verwijzing naar "protocole d'accord" te worden vervangen door "accord de sous-traitance" en moet in de Duitstalige versie elke verwijzing naar "Vereinbarungsprotokoll" te worden vervangen door "Datenverarbeitungsvertrag". § 2. De Nederlandstalige versie van artikel 16, § 2 van het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021 wordt als volgt gewijzigd: " § 2. De bevoegde gefedereerde entiteiten of de door de bevoegde gefedereerde entiteiten aangeduide agentschappen en Sciensano zullen, wat betreft het COVID Safe Ticket, voldoen aan de principes van gegevensbescherming door ontwerp en door standaardinstellingen overeenkomstig artikel 25 van de Algemene Verordening Gegevensbescherming. Deze principes zullen nader worden uitgewerkt door middel van een verwerkersovereenkomst." § 3. De Franstalige versie van artikel 16, § 1 van het samenwerkingsakkoord van 14 juni 2021 wordt als volgt gewijzigd: " § 1. En ce qui concerne l'établissement et la délivrance des certificats visés à l'article 9, les entités fédérées compétentes ou les agences désignées par les entités fédérées compétentes et Sciensano prennent les mesures techniques et opérationnelles adéquates conformément à l'article 32 du règlement général sur la protection des données afin de garantir un niveau de protection adapté aux risques. Ces mesures sont définies plus avant au moyen d'un accord de sous-traitance. » § 4. De Franstalige versie van artikel 16, § 2 van het samenwerkingsakkoord van 14 juni 2021 wordt als volgt gewijzigd: « § 2. En ce qui concerne le COVID Safe Ticket, les entités fédérées compétentes ou les agences désignées par les entités fédérées compétentes et Sciensano respectent les principes de protection de données dès la conception et par défaut conformément à l'article 25 du règlement général sur la protection des données. Ces principes seront élaborés plus avant au moyen d'un accord de sous-traitance. » § 5. De Duitstalige versie van artikel 16, § 1 van het samenwerkingsakkoord van 14 juni 2021 wordt als volgt gewijzigd: " § 1 - Was die Erstellung und Ausstellung der in Artikel 9 erwähnten Zertifikate betrifft, treffen die zuständigen föderierten Teilgebiete oder die von den zuständigen föderierten Teilgebieten bestimmten Agenturen und Sciensano geeignete technische und organisatorische Maßnahmen gemäß Artikel 32 der Datenschutz-Grundverordnung, um ein den Risiken angemessenes Schutzniveau zu gewährleisten. Diese Maßnahmen werden durch einen Datenverarbeitungsvertrag genau festgelegt." § 6. De Duitstalige versie van artikel 16, § 2 van het samenwerkingsakkoord van 14 juni 2021 wordt als volgt gewijzigd: " § 2 - Was das COVID Safe Ticket betrifft, erfüllen die zuständigen föderierten Teilgebiete oder die von den zuständigen Teilgebieten bestimmten Agenturen und Sciensano Datenschutzgrundsätze durch Technikgestaltung und durch Voreinstellungen gemäß Artikel 25 der Datenschutz-Grundverordnung. Diese Grundsätze werden in einem Datenverarbeitungsvertrag weiter ausgearbeitet." Artikel 2.§ 1. Artikel 1, § 1, 4° van het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021 wordt als volgt gewijzigd: "4° COVID Safe Ticket: het resultaat van de lezing van het digitaal EU-COVID certificaat middels de applicatie bedoeld in artikel 17 teneinde de toegang tot een proef- en pilootproject, massa-evenement, dancings en discotheken of aangelegenheden en voorzieningen waarvoor het gebruik van het COVID Safe Ticket kan worden ingezet in de context van de coronavirus COVID-19-pandemie te regelen;" § 2. Artikel 1, § 1, 11° van het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021 wordt als volgt gewijzigd: "11° ]massa-evenement: een evenement van een zekere omvang met een bepaald aantal bezoekers dat plaatsvindt overeenkomstig de bijzondere modaliteiten betreffende hun organisatie en de te nemen veiligheidsmaatregelen zoals desgevallend bepaald in (
- i)het ministerieel besluit van 28 oktober 2020Relevante gevonden documenten type ministerieel besluit prom. 28/10/2020 pub. 28/10/2020 numac 2020010455 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Ministerieel besluit houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken sluiten houdende de maatregelen van bestuurlijke politie om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken; (
- ii)desgevallend een daaropvolgend ministerieel besluit, (iii) een besluit overeenkomstig artikel 4, § 1 van de wet van 14 augustus 2021Relevante gevonden documenten type wet prom. 14/08/2021 pub. 20/08/2021 numac 2021021663 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie sluiten betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie of (
- iv)een uitvoerend samenwerkingsakkoord zoals bedoeld bij artikel 92bis, § 1, derde lid, van de bijzondere wet van 8 augustus 1980Relevante gevonden documenten type wet prom. 08/08/1980 pub. 11/12/2007 numac 2007000980 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Bijzondere wet tot hervorming der instellingen. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten tot hervorming der instellingen of overeenkomstig artikel 13bis, § 2, en waarbij de toegang zal worden geregeld op grond van een COVID Safe Ticket of op grond van bijkomende maatregelen;" Artikel 3.§ 1. In artikel 1, § 1 van het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021 wordt het volgende lid ingevoegd: "21° aangelegenheden en voorzieningen waarvoor het gebruik van het COVID Safe Ticket kan worden ingezet: dit betreft een limitatieve opsomming van aangelegenheden en voorzieningen waarbij het mogelijk is om gebruik te maken van het COVID Safe Ticket om de toegang tot deze aangelegenheid of voorzieningen te regelen. Deze aangelegenheden of voorzieningen zijn de volgende: 1° Voorzieningen van horeca-activiteiten: elke voor het publiek toegankelijke plaats of lokaal, ongeacht de toegangsvoorwaarden, waar de belangrijkste en permanente activiteit bestaat uit het voorbereiden en/of aanbieden van maaltijden en/of dranken voor consumptie, al dan niet ter plaatse, en dit zelfs kosteloos, met name eet-en drinkgelegenheden;2° Sport- en fitnesscentra: alle entiteiten die bij overeenkomst of krachtens haar statuten hoofdzakelijk tot doel heeft sportmanifestaties te organiseren of sport of fitnessactiviteiten, met uitzondering van de beheersactiviteiten van deze sport- of fitnesscentra;3° Handelsbeurzen en congressen: tentoonstellingen of samenkomsten die georganiseerd wordt zodat bedrijven of organisaties meestal uit een specifieke industrie hun nieuwe producten en diensten kunnen tentoonstellen en demonstreren en/of een grootschalige bijeenkomst rond een bepaald thema, waar bijvoorbeeld leden van een bepaalde organisatie of sector aan deelnemen;4° Voorzieningen die behoren tot de culturele, feestelijke en recreatieve sector: deze inrichtingen worden nader gedefinieerd in een uitvoerend samenwerkingsakkoord zoals bedoeld bij artikel 92bis, § 1, derde lid, van de bijzondere wet van 8 augustus 1980Relevante gevonden documenten type wet prom. 08/08/1980 pub. 11/12/2007 numac 2007000980 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Bijzondere wet tot hervorming der instellingen. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten tot hervorming der instellingen; 5° voorzieningen voor residentiële opvang van kwetsbare personen: de ziekenhuizen, woonzorgcentra, revalidatieziekenhuizen en -centra, centrum voor kinderzorg en gezinsondersteuning (CKG), voorzieningen voor personen met een handicap, psychiatrische voorzieningen of voorzieningen voor mensen met een psychische aandoening;" § 2. In artikel 1, § 1 van het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021 wordt het volgende lid ingevoegd: "22° bezoekers: zijnde bezoekers van massa-evenementen en proef- en pilootprojecten, bezoekers van voorzieningen van horeca activiteiten, bezoekers van dancings en discotheken, bezoekers van sport en fitnessclubs, bezoekers en standhouders van congressen en handelsbeurzen, bezoekers van voorzieningen die behoren tot de culturele, feestelijke en recreatieve sector of bezoekers van voorzieningen voor residentiële opvang van kwetsbare personen en de personen die deze bezoekers begeleiden in de voorziening of bij de activiteit. Onder bezoekers kan niet worden begrepen de organisator, de uitbater, de directieleden, personeel, zelfstandige of vrijwillige medewerkers of enige personen die (
- i)zich aanbieden om zorg te krijgen; (
- ii)deel nemen aan of in de zorgverlening en vanuit die optiek bekend zijn bij de directie of organisatie van deze voorzieningen of (iii) die omwille van een noodzakelijkheid vanuit dienstverlening of zorg toegang tot de voorziening moeten verkrijgen en voor zover deze personen bij de voorziening gekend zijn ." § 3. In artikel 1, § 1 van het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021 wordt het volgende lid ingevoegd: "23° dancings en discotheken: een uitgaansgelegenheid die bestaat uit een of meerdere zalen waar hoofdzakelijk gedanst wordt op muziek." § 4. In artikel 1, § 1 van het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021 wordt het volgende lid ingevoegd: "24° uitbater: de natuurlijke persoon of rechtspersoon die verantwoordelijk is en instaat voor de organisatie en de inrichting van de aangelegenheden en voorzieningen waarvoor het gebruik van het COVID Safe Ticket kan worden ingezet." Artikel 4.§ 1. In Titel I. Algemeen van het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021, wordt een artikel 2bis ingevoegd, luidende: "Art. 2bis.§ 1. Zolang er geen epidemische noodsituatie wordt afgekondigd overeenkomstig artikel 3, § 1 van de wet van 14 augustus 2021Relevante gevonden documenten type wet prom. 14/08/2021 pub. 20/08/2021 numac 2021021663 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie sluiten betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie, dient het gebruik van het COVID Safe Ticket voor bezoekers van aangelegenheden en voorzieningen waarvoor het gebruik van het COVID Safe Ticket optioneel of verplicht kan worden ingezet van 1 oktober 2021 tot en met 31 oktober 2021 in het licht van de te rechtvaardigen epidemiologische omstandigheden, met inachtneming en onder rechtvaardiging van het proportionaliteitsbeginsel, uitdrukkelijk te worden voorzien in een decreet of ordonnantie van een gefedereerde entiteit. De bevoegde gefedereerde entiteit zal de artikelen die betrekking hebben op het wettelijk kader rond het COVID Safe Ticket of dit wettelijk kader uiteenzetten, toepasselijk dienen te maken overeenkomst artikel 13bis. § 2. Zolang er geen epidemische noodsituatie wordt afgekondigd overeenkomstig artikel 3, § 1 van de wet van 14 augustus 2021Relevante gevonden documenten type wet prom. 14/08/2021 pub. 20/08/2021 numac 2021021663 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie sluiten betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie, dient het gebruik van het COVID Safe Ticket voor bezoekers van (
- i)massa-evenementen, proef-en pilootprojecten en dancings en discotheken en (
- ii)aangelegenheden en voorzieningen waarvoor het gebruik van het COVID Safe Ticket kan worden ingezet na 31 oktober 2021 uitdrukkelijk te worden voorzien in een decreet of ordonnantie van een gefedereerde entiteit. De bevoegde gefedereerde entiteit zal de artikelen die betrekking hebben op het wettelijk kader rond het COVID Safe Ticket of dit wettelijk kader uiteenzetten, toepasselijk dienen te maken overeenkomstig artikel 13bis, waarbij een maximale geldigheidsduur van de maatregelen en modaliteiten die het decreet of de ordonnantie uitvaardigt, wordt bepaald. De artikelen die door de gefedereerde entiteit toepasselijk worden gemaakt overeenkomstig artikel 13bis, hebben als uiterste vervaldatum 30 juni 2022. § 3. Van zodra een epidemische noodsituatie wordt afgekondigd overeenkomstig artikel 3, § 1 van de wet van 14 augustus 2021Relevante gevonden documenten type wet prom. 14/08/2021 pub. 20/08/2021 numac 2021021663 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie sluiten betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie, vinden de artikelen 2bis, §§ 1 en 2, 13bis en 13ter geen toepassing meer. De decreten en ordonnanties die op basis van deze artikelen 2bis, §§ 1 en 2, 13bis en 13ter zijn uitgevaardigd door de gefedereerde entiteiten, hebben niet langer uitwerking of worden opgeschort van zodra de epidemische noodsituatie wordt afgekondigd overeenkomstig artikel 3, § 1 van de wet van 14 augustus 2021Relevante gevonden documenten type wet prom. 14/08/2021 pub. 20/08/2021 numac 2021021663 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie sluiten betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie. In geval de epidemische noodsituatie wordt afgekondigd en voor zover de partijen bij dit samenwerkingsakkoord gebruik wensen te maken van het COVID Safe Ticket : (
- i)voor de aangelegenheden en voorzieningen waarvoor het gebruik van het COVID Safe Ticket kan worden ingezet, zoals bepaald in artikel 1, § 1, 21°, dienen de partijen bij dit samenwerkingsakkoord de modaliteiten rond dit gebruik nauwkeurig uiteen te zetten in een aanvullend samenwerkingsakkoord, waarbij het gebruik van het COVID Safe Ticket op grond van epidemiologische omstandigheden kan worden gerechtvaardigd per afzonderlijke groep van aangelegenheid of voorziening zoals opgelijst in artikel 1, § 1, 21° van dit samenwerkingsakkoord;(
- ii)voor massa-evenementen, proef-en pilootprojecten en discotheken en dancings, dient men de concrete uitvoeringsmodaliteiten voor zover als nodig rond dit gebruik middels een besluit overeenkomstig artikel 4, § 1 van de wet van 14 augustus 2021Relevante gevonden documenten type wet prom. 14/08/2021 pub. 20/08/2021 numac 2021021663 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie sluiten betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie of desgevallend in een uitvoerend samenwerkingsakkoord zoals bedoeld bij artikel 92bis, § 1, derde lid, van de bijzondere wet van 8 augustus 1980Relevante gevonden documenten type wet prom. 08/08/1980 pub. 11/12/2007 numac 2007000980 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Bijzondere wet tot hervorming der instellingen. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten tot hervorming der instellingen te regelen. In ieder geval dient het aanvullend wetgevend samenwerkingsakkoord, het aangenomen besluit overeenkomstig artikel 4, § 1 van de wet van 14 augustus 2021Relevante gevonden documenten type wet prom. 14/08/2021 pub. 20/08/2021 numac 2021021663 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie sluiten betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie of het aangenomen uitvoerend samenwerkingsakkoord te voorzien in een maximale geldigheidsduur. Wanneer de epidemische noodsituatie die is afgekondigd overeenkomstig artikel 3, § 1 van de wet van 14 augustus 2021Relevante gevonden documenten type wet prom. 14/08/2021 pub. 20/08/2021 numac 2021021663 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie sluiten betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie, wordt beëindigd, worden de artikelen 2bis, §§ 1 en 2, 13bis en 13ter opnieuw toepasselijk, tenzij de partijen bij dit samenwerkingsakkoord hier uitdrukkelijk anders over beslissen." Artikel 5.Artikel 12 van het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021 wordt als volgt gewijzigd: " § 1. In afwijking van hetgeen bepaald in artikel 10 voor wat betreft de bezoekers van (
- i)massa-evenementen, proef- en pilootprojecten of dancings en discotheken of (
- ii)aangelegenheden en voorzieningen waarvoor het gebruik van het COVID Safe Ticket kan worden ingezet en voor zover voldaan is aan de voorwaarden van artikel 2bis en artikel 13bis en 13ter, beoogt de verwerking van persoonsgegevens van het digitaal EU-COVID-certificaat het lezen en, desgevallend, het genereren van het COVID Safe Ticket middels de CST-module van de COVIDScan-applicatie, teneinde het volgende te controleren en verifiëren: 1° het feit of de houder van het digitaal EU-COVID-certificaat voldoet aan de voorwaarden om toegang te verkrijgen tot een massa-evenement of proef- en pilootproject, dancings en discotheken of de aangelegenheden en voorzieningen waarvoor het gebruik van het COVID Safe Ticket kan worden ingezet;2° aan de hand van een identiteitsbewijs, de identiteit van de houder van een digitaal EU-COVID-certificaat. Het COVID Safe Ticket kan ofwel door de gebruiker gegeneerd worden op de COVIDSafe-applicatie, ofwel op de COVIDScan-applicatie door het digitaal EU-COVID-certificaat te lezen. § 2. De organisatoren, directies en uitbaters van aangelegenheden en voorzieningen waar de mogelijkheid wordt voorzien om gebruik te maken van het COVID Safe Ticket voor bezoekers, bij hoofde van de personen bedoeld in artikel 13, § 3 van dit samenwerkingsakkoord, kunnen ofwel (
- i)het digitaal EU-COVID-certificaat in digitale vorm of op papier ofwel (
- ii)het door de gebruiker gegenereerde COVID Safe Ticket op de COVIDSafe-applicatie inlezen.Het COVID Safe Ticket mag enkel worden gebruikt en ingelezen wanneer er hiervoor een wettelijke grond bestaat. Voornoemde organisatoren en uitbaters zijn niet verplicht het digitaal EU-COVID-certificaat in te lezen, tenzij: 1° enerzijds de omvang van het massa-evenement en van het proef- pilootproject en anderzijds aard van de inrichting (i.e. een dancing of discotheek) aanleiding geeft tot het verplicht gebruik van het COVID Safe Ticket in overeenstemming met het ministerieel besluit van 28 oktober 2020Relevante gevonden documenten type ministerieel besluit prom. 28/10/2020 pub. 28/10/2020 numac 2020010455 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Ministerieel besluit houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken sluiten houdende de maatregelen van bestuurlijke politie om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken of desgevallend een (daar)opvolgend ministerieel besluit, een besluit overeenkomstig artikel 4, § 1 van de wet van 14 augustus 2021Relevante gevonden documenten type wet prom. 14/08/2021 pub. 20/08/2021 numac 2021021663 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie sluiten betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie of een uitvoerend samenwerkingsakkoord zoals bedoeld bij artikel 92bis, § 1, derde lid, van de bijzondere wet van 8 augustus 1980Relevante gevonden documenten type wet prom. 08/08/1980 pub. 11/12/2007 numac 2007000980 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Bijzondere wet tot hervorming der instellingen. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten tot hervorming der instellingen of overeenkomstig artikel 13bis, § 2; 2° anders bepaald in een decreet of een ordonnantie van een gefedereerde entiteit op grond van artikel 2bis §§ 1 en 2, artikel 13bis en artikel 13 ter;3° op grond van artikel 2bis, § 3, indien een epidemische noodsituatie wordt afgekondigd overeenkomstig artikel 3, § 1 van de wet van 14 augustus 2021Relevante gevonden documenten type wet prom. 14/08/2021 pub. 20/08/2021 numac 2021021663 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie sluiten betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie ; Het lezen en, desgevallend, het generen van het COVID Safe Ticket middels de COVIDScan-applicatie dient voor de verwerkingsdoeleinden bepaald in artikel 12 en 13 van dit samenwerkingsakkoord verplicht te gebeuren middels de CST-module van deze applicatie. Indien het resultaat van de lezing in § 1 negatief is of de identiteit van de houder niet kan worden geverifieerd of bevestigd, dient men de houder de toegang tot het massa-evenement, proef- en pilootproject, dancing of discotheek of aangelegenheden en voorzieningen waarvoor het gebruik van het COVID Safe Ticket kan worden ingezet te weigeren, tenzij de houder bijkomende maatregelen ondergaat zoals bepaald in een uitvoerend samenwerkingsakkoord zoals bedoeld bij artikel 92bis, § 1, derde lid, van de bijzondere wet van 8 augustus 1980Relevante gevonden documenten type wet prom. 08/08/1980 pub. 11/12/2007 numac 2007000980 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Bijzondere wet tot hervorming der instellingen. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten tot hervorming der instellingen. § 3. Met uitzondering van hetgeen bepaald in artikel 10 van dit samenwerkingsakkoord, worden de categorieën van persoonsgegevens in de certificaten, zoals bepaald in artikel 1, § 1, 5°, 6° en 7° en § 2, 2° van dit samenwerkingsakkoord, uitsluitend verwerkt met het oog op het regelen van de toegang voor bezoekers tot proef -en pilootprojecten, massa-evenementen, dancings en discotheken of aangelegenheden en voorzieningen waarvoor het gebruik van het COVID Safe Ticket kan worden ingezet en de verificatie van de op het COVID Safe Ticket getoonde gegevens. De gegevens worden maar verwerkt voor zover het gebruik van het COVID Safe Ticket actief wordt toegepast ofwel op grond van dit samenwerkingsakkoord ofwel op grond van een decreet of ordonnantie. § 4. De verwerking waarbij het digitaal EU-COVID-certificaat of het door de houder gegenereerde COVID Safe Ticket wordt gelezen teneinde de toegang tot massa-evenementen, proef- en pilootprojecten, dancings en discotheken of aangelegenheden en voorzieningen voor residentiële opvang van kwetsbare personen te regelen, is maar rechtmatig voor houders van een digitaal EU-COVID-certificaat met de leeftijd van 12 en ouder, zonder dat hierdoor de toegang tot het massa-evenement, proef-en pilootproject, dancings en discotheken of voorzieningen voor residentiële opvang van kwetsbare personen kan worden ontzegd aan personen onder de 12 jaar." § 5. Met uitsluiting van voorzieningen voor residentiële opvang van kwetsbare personen, is de verwerking waarbij het digitaal EU-COVID-certificaat of het door de houder gegenereerde COVID Safe Ticket wordt gelezen teneinde de toegang tot aangelegenheden en voorzieningen waarvoor het gebruik van het COVID Safe Ticket kan worden ingezet te regelen, maar rechtmatig voor houders van een digitaal EU-COVID-certificaat met de leeftijd van 16 en ouder, zonder dat hierdoor de toegang tot de aangelegenheden en voorzieningen waarvoor het gebruik van het COVID Safe Ticket kan worden ingezet kan worden ontzegd aan personen onder de 16 jaar." Artikel 6.De paragrafen §§ 2, 3, 5 en 6 van artikel 13 van het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021 worden als volgt gewijzigd: " § 2. Het COVID Safe Ticket bevat en geeft slechts volgende gegevens weer: 1° de aanduiding of de houder, in zijn hoedanigheid van bezoeker van een massa-evenement, een proef- en pilootproject, een dancing of discotheek of aangelegenheden en voorzieningen waarvoor het gebruik van het COVID Safe Ticket kan worden ingezet, de toegang tot het massa-evenement, proef- en pilootproject, dancing of discotheek of de aangelegenheden en voorzieningen waarvoor het gebruik van het COVID Safe Ticket kan worden ingezet mag worden toegestaan of dient te worden geweigerd;2° identiteitsgegevens van de houder, namelijk de naam en voornaam;3° de geldigheidsduur van het COVID Safe Ticket. § 3. Voor de in artikel 12 bepaalde doeleinden, mag het digitaal EU-COVID-certificaat of het door de houder gegenereerde COVID Safe Ticket uitsluitend worden gelezen door middel van de CST-module van het COVIDScan-applicatie zoals bedoeld in artikel 17 en mag het identiteitsbewijs worden gevraagd tot nazicht overeenkomstig artikel 12, § 1 en dit door de volgende personen: 1° de personen die instaan voor de toegangscontrole van het massa-evenement;2° de personen die instaan voor de toegangscontrole van het proef- en pilootproject;3° de personen die instaan voor de toegangscontrole van de dancing of discotheek;4° de personen die instaan voor de toegangscontrole van de congressen of handelsbeurzen en de personen die instaan voor de toegangscontrole van inrichtingen die behoren tot de culturele, feestelijke en recreatieve sector;5° bij gebreke aan de personen zoals vermeld in 4° de uitbater en directies van aangelegenheden en voorzieningen waarvoor het gebruik van het COVID Safe Ticket kan worden ingezet en diens personeel voor zover deze op limitatieve wijze worden ingezet en belast met de controle van het COVID Safe Ticket;6° het personeel van een bewakingsonderneming of interne bewakingsdienst zoals bedoeld in de wet van 2 oktober 2017Relevante gevonden documenten type wet prom. 02/10/2017 pub. 31/10/2017 numac 2017031388 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot regeling van de private en bijzondere veiligheid type wet prom. 02/10/2017 pub. 18/12/2017 numac 2017031910 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot regeling van de private en bijzondere veiligheid. - Duitse vertaling sluiten tot regeling van de private en bijzondere veiligheid. § 5. De voorwaarden waaronder toegang tot een massa-evenement, proef- en pilootproject, dancing of discotheek of aangelegenheden en voorzieningen waarvoor het gebruik van het COVID Safe Ticket kan worden ingezet, kan worden verkregen op basis van een digitaal EU-COVID-certificaat of op basis van andere maatregelen, op voorwaarde dat deze kunnen worden verantwoord in het kader van het algemeen belang op het gebied van de volksgezondheid en de bestrijding van de COVID-19 pandemie, met respect voor en justificatie van het principe van de proportionaliteit worden vastgelegd in een uitvoerend samenwerkingsakkoord zoals bedoeld bij artikel 92bis, § 1, derde lid, van de bijzondere wet van 8 augustus 1980Relevante gevonden documenten type wet prom. 08/08/1980 pub. 11/12/2007 numac 2007000980 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Bijzondere wet tot hervorming der instellingen. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten tot hervorming der instellingen of enig ander uitvoerend wettelijk instrument. § 6. Het is de personen bedoeld in artikel 13, § 3 uitdrukkelijk verboden het digitaal EU-COVID-certificaat of het door de houder gegeneerde COVID Safe Ticket teneinde het COVID Safe Ticket te lezen en desgevallend te genereren met een andere applicatie of module dan de CST module van de COVIDScan-applicatie. De organisatoren, directies en uitbaters zullen een lijst aanleggen van de personen bedoeld in artikel 13, § 3." Artikel 7.In Titel IV. COVID Safe Ticket van het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021, wordt een artikel 13bis ingevoegd, luidende: "Art. 13bis.§ 1. Indien de lokale epidemiologische omstandigheden dit vereisen, en met respect voor en justificatie van het principe van de proportionaliteit, wordt de mogelijkheid geboden aan de gefedereerde entiteiten om vanaf 1 oktober 2021 en dit tot en met 31 oktober 2021 en voor zover dit gebeurt binnen hun bevoegdheid van preventieve gezondheidszorg het COVID Safe Ticket te gebruiken op het gehele of een gedeelte van het grondgebied waarvoor ze bevoegd zijn. § 2. De bevoegde gefedereerde entiteit zal deze mogelijkheid enkel kunnen benutten middels zij daartoe een decreet of ordonnantie aanneemt, waarbij een maximale geldigheidsduur van de daarin opgenomen maatregelen en modaliteiten wordt bepaald en dat betrekking heeft op de artikelen die betrekking hebben op het wettelijk kader rond het COVID Safe Ticket of dit wettelijk kader uiteenzetten en voor zover het gebruik van het COVID Safe Ticket enkel kadert in een uitbreiding van het materiële, territoriale en temporele toepassingsgebied van het COVID Safe Ticket zoals voorzien in artikel 2bis, 12, 13, 13bis tot en met quater: 1° de aanduiding van de aangelegenheden en voorzieningen waarvoor het gebruik van het COVID Safe Ticket wordt ingezet, zoals bepaald in artikel 1, § 1, 21° ;2° het gebruik van het COVID Safe Ticket optioneel houden of verplichten voor bezoekers van aangelegenheden en voorzieningen waarvoor het gebruik van het COVID Safe Ticket kan worden ingezet overeenkomstig artikel 2bis en artikel 13bis, § 1, 1°.3° het gebruik van het COVID Safe Ticket voor bezoekers van massa-evenementen, proef- en pilootprojecten, ongeacht de omvang ervan, verplichten in afwijking van het geldende besluit houdende de maatregelen van bestuurlijke politie om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken of het geldende uitvoerend samenwerkingsakkoord, uitsluitend met de bedoeling strengere regels op te leggen; § 3. Indien de lokale epidemiologische omstandigheden dit vereisen, wordt aan de burgemeesters en gouverneurs, elk voor het eigen grondgebied voor de periode van 1 oktober 2021 tot en met 31 oktober 2021, binnen hun respectievelijke bevoegdheden en binnen het kader van de bepalingen betreffende het COVID Safe Ticket in dit samenwerkingsakkoord, op basis van de hen toegekende autonome bevoegdheden op grond van de artikelen 134 en 135 van de Nieuwe Gemeentewet en artikel 11 van de Wet op het politieambt, de mogelijkheid geboden strengere bijzondere modaliteiten betreffende de organisatie en de te nemen veiligheidsmaatregelen enkel met betrekking tot massa-evenementen en proef-en pilootprojecten vast te stellen dan hetgeen bepaald in het besluit bedoeld in artikel 1, § 1, 11°. De maatregelen die door burgemeester of gouverneur kunnen worden genomen betreffen hier enkel voor wat betreft de massa-evenementen en de proef-en pilootprojecten (
- i)de vermindering van de minimumgrens van aantal bezoekers voor een massa-evenement of proef-en pilootproject of (
- ii)het verplicht maken van het COVID Safe Ticket voor een welbepaald massa-evenement of proef-en pilootproject. Daartoe kunnen de burgemeesters en gouverneurs pas overgaan, na overleg met en het verkrijgen van de instemming van de bevoegde federale minister, zowel op basis van de preventieve gezondheidszorg als de minister die eveneens bevoegd is in functie van de beoogde maatregelen en modaliteiten die worden beoogd. Dit overleg en instemming van de federale entiteit doen geen afbreuk aan de bevoegdheden die de burgemeesters en gouverneurs kunnen uitoefenen op grond van de artikelen 134 en 135 van de Nieuwe Gemeentewet en artikel 11 van de Wet op het politieambt." § 4. De maatregelen en bijzondere modaliteiten die conform de §§ 1 tot en met 3 van dit artikel worden vastgesteld, mogen niet van die aard zijn dat zij in strijd zijn met de Verordening digitaal EU-COVID-certificaat en de Verordening digitaal EU-COVID-certificaat voor onderdanen derde landen en dienen in overeenstemming te zijn met het of meerdere geldende uitvoerende samenwerkingsakkoorden. § 5. De lokale epidemiologische omstandigheden zoals bedoeld in §§ 1 tot en met 3 zullen voorafgaand worden geëvalueerd door de Risk Assessment Group (RAG) zoals bedoeld in artikel 7, § 1, van het protocolakkoord van 5 november 2018 tussen de Federale Overheid en de overheden bedoeld in artikelen 128, 130 en 135 van de Grondwet, tot vaststelling van de generische structuren voor het sectoraal gezondheidsbeheer van crisissen voor de volksgezondheid en hun werkwijze voor de toepassing van het Internationaal Gezondheidsreglement
- Indien een gefedereerde entiteit overeenkomstig § 2 beslist tot aanduiding of activatie van aangelegenheden en voorzieningen waarvoor de mogelijkheid of verplichting wordt voorzien om gebruik te maken van het COVID Safe Ticket, dient er een consultatie plaats te vinden tussen de respectievelijke bevoegde entiteit inzake preventieve gezondheidszorg en de respectievelijke bevoegde entiteiten inzake de betrokken sector of sectoren. Op basis van deze consultatie zullen de nodige afspraken worden gemaakt en desgevallend de nodige voorzieningen getroffen in het decreet of ordonnantie." Artikel 8.In Titel IV. COVID Safe Ticket van het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021, wordt een artikel 13ter ingevoegd, luidende: "Art. 13ter.§
- Indien de lokale epidemiologische omstandigheden dit vereisen, wordt de mogelijkheid geboden aan de gefedereerde entiteiten om ook na 31 oktober 2021, voor zover dit gebeurt overeenkomstig artikel 2bis en voor zover dit gebeurt binnen hun respectievelijke bevoegdheden het COVID Safe Ticket te gebruiken op het gehele of een gedeelte van het grondgebied waarvoor ze bevoegd zijn. §
- De bevoegde gefedereerde entiteit zal deze mogelijkheid enkel kunnen benutten conform de modaliteiten zoals bepaald in artikel 13bis, § 2, § 4, § 5, et §
- De gefedereerde entiteiten zullen binnen deze modaliteiten tevens het gebruik van het COVID Safe Ticket voor de toegang tot discotheken en dancings kunnen bepalen." §
- Indien de lokale epidemiologische omstandigheden dit vereisen en voor zover het gebruik van het COVID Safe Ticket werd voorzien door de bevoegde gefedereerde entiteit onder wie de burgemeester of gouverneur ressorteert, wordt vanaf 1 november 2021 aan de burgemeesters en gouverneurs, elk voor het eigen grondgebied, binnen hun respectievelijke bevoegdheden en binnen het kader van de bepalingen betreffende het COVID Safe Ticket in dit samenwerkingsakkoord, op basis van de hen toegekende bevoegdheden op grond van de artikelen 134 en 135 van de Nieuwe Gemeentewet en artikel 11 van de Wet op het politieambt, de mogelijkheid geboden strengere bijzondere modaliteiten betreffende de organisatie en de te nemen veiligheidsmaatregelen enkel met betrekking tot massa-evenementen, proef-en pilootprojecten en - voor zover van toepassing - dancings en discotheken vast te stellen dan hetgeen bepaald in het besluit bedoeld in artikel 1, § 1, 11°. Dit voor een maximale periode van 30 dagen, dewelke kan worden verlengd met meerdere perioden van 30 dagen, voor zolang de epidemiologische omstandigheden dit rechtvaardigen. Het betreft hier enkel de aanpassing van de minimumgrens van aantal bezoekers voor een massa-evenement, proef-en pilootproject of - voor zover van toepassing - dancing en discotheek of het verplicht maken van het gebruik van het COVID Safe Ticket voor een welbepaald massa-evenement of proef-en pilootproject of - voor zover van toepassing voor discotheken en dancings. Daartoe kunnen de burgemeesters en gouverneurs pas overgaan, na overleg met en het verkrijgen van de instemming van de bevoegde gefedereerde entiteit(en) onder wie de burgemeester of gouverneur ressorteert in functie van de beoogde modaliteit op basis van de preventieve gezondheidszorg, maar tevens met de gefedereerde entiteit bevoegd in functie van de beoogde maatregelen en bijzondere modaliteiten die worden beoogd. Dit overleg en deze instemming van de federale entiteit doen geen afbreuk aan de autonome bevoegdheden die de burgemeesters en gouverneurs kunnen uitoefenen op grond van de artikelen 134 en 135 van de Nieuwe Gemeentewet en artikel 11 van de Wet op het politieambt." §
- De bevoegde burgemeester of gouverneurs zal de mogelijkheid zoals bepaald in § 3 enkel kunnen benutten conform de modaliteiten zoals bepaald in artikel 13bis, § 4 en § 5." Artikel 9.In Titel IV. COVID Safe Ticket van het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021, wordt een artikel 13quater ingevoegd, luidende: "Art. 13quater.§
- Wanneer de lokale epidemiologische omstandigheden het vereisen en in het geval dat de federale fase van het nationaal plan overeenkomstig het ministerieel besluit van 13 maart 2020Relevante gevonden documenten type ministerieel besluit prom. 13/03/2020 pub. 13/03/2020 numac 2020030302 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Ministerieel besluit houdende de afkondiging van de federale fase betreffende de coördinatie en het beheer van de crisis coronavirus COVID-19 type ministerieel besluit prom. 13/03/2020 pub. 19/03/2020 numac 2020040667 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Ministerieel besluit houdende de afkondiging van de federale fase betreffende de coördinatie en het beheer van de crisis coronavirus COVID-
- - Duitse vertaling sluiten houdende de afkondiging van de federale fase betreffende de coördinatie en het beheer van de crisis coronavirus COVID-19 volledig wordt beëindigd en er geen epidemische noodsituatie werd afgekondigd overeenkomstig artikel 3, § 1 van de wet van 14 augustus 2021Relevante gevonden documenten type wet prom. 14/08/2021 pub. 20/08/2021 numac 2021021663 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie sluiten betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie, dient de bevoegde gefedereerde entiteit voor zover deze middels een decreet of ordonnantie gebruik heeft gemaakt van de mogelijkheid om het gebruik van het COVID Safe Ticket na 31 oktober 2021 toe te passen, na te gaan en desgevallend te voorzien of op grond van voornoemd decreet of ordonnantie de bevoegde gouverneur of bevoegde burgemeester de nodige uitvoeringsmodaliteiten inzake handhaving kan nemen teneinde het gebruik van het COVID Safe Ticket te kunnen handhaven. §
- Het aantal of de respectievelijke aantallen bezoekers voor massa-evenementen, proef-en pilootprojecten en dancings en discotheken zal bij gebrek aan een geldend besluit worden bepaald in een uitvoerend samenwerkingsakkoord. Artikel 10.Artikel 14, § 3 van het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021 wordt als volgt gewijzigd: " §
- De uitlezing van de gegevens zoals bepaald in artikelen 12 en 13 van dit samenwerkingsakkoord mogen maar uitgevoerd worden tot en met 31 oktober 2021, tenzij de artikelen 12 en 13 overeenkomstig artikel 2bis en 13ter worden geactiveerd voor 30 juni 2022." Artikel 11.§
- Artikel 33, § 1, 1° van het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021 wordt als volgt gewijzigd: "1° van 16 juni tot en met 30 juni 2021 voor wat betreft artikelen 1, § 2, artikel 3, artikel 9, artikelen 10, § 1 tot en met § 3 en artikel 14, § 1;" §
- Artikel 33, § 1, 2° van het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021 wordt als volgt gewijzigd: "2° van 16 juni 2021 voor wat betreft artikel 1, § 1, artikelen 2 tot en met 8, artikel 10, § 4, artikel 11, artikel 14, § 2 tot en met § 5, artikelen 15 tot en met 17;" §
- Artikel 33, § 1, 3° van het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021 wordt als volgt gewijzigd: "3° van de inwerkingtreding van dit samenwerkingsakkoord tot 31 oktober 2021, de artikelen 12 en 13, tenzij de artikelen 12 en 13 overeenkomstig artikel 2bis en 13ter worden geactiveerd voor 30 juni 2022.". Artikel 12.Artikel 33, § 2, van het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021 wordt als volgt gewijzigd: " §
- Behoudens uitdrukkelijk anders bepaald in § 1, 1° en 2°, treden de bepalingen van Titel I tot en met VII in werking op de datum van bekendmaking in het Belgisch Staatsblad van de laatste wetgevende handeling tot instemming met het samenwerkingsakkoord." Artikel 13.Artikel 33, § 3 van het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021 wordt als volgt gewijzigd: " §
- Behoudens uitdrukkelijk anders bepaald in § 1, 1°, treden de bepalingen van Titel I tot en met VII buiten werking op de datum van de buitenwerkingtreding van de Verordening digitaal EU-COVID-certificaat en Verordening digitaal EU-COVID-certificaat voor onderdanen derde landen." Artikel 14.In Titel X. Slotbepalingen van het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021, wordt een artikel 33bis ingevoegd, luidende: "Art. 33bis.Indien voor 30 juni 2022 een epidemische noodsituatie wordt afgekondigd, overeenkomstig artikel 3, § 1 van de wet van 14 augustus 2021Relevante gevonden documenten type wet prom. 14/08/2021 pub. 20/08/2021 numac 2021021663 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie sluiten betreffende de maatregelen van bestuurlijke politie tijdens een epidemische noodsituatie, kunnen de artikelen 12 en 13 opnieuw worden toegepast voor de duur van de epidemische noodsituatie, mits deze 30 juni 2022 niet overschrijdt." Gedaan te Brussel, op 27 september 2021 in één origineel exemplaar. De Eerste Minister, A. DE CROO De vice-Eersteminister en Minister van Buitenlandse Zaken, Europese Zaken en Buitenlandse Handel, en van de Federale Culturele Instellingen, S. WILMES De Vice-Eersteminister en Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, F. VANDENBROUCKE De Minister van Binnenlandse Zaken, Institutionele Hervormingen en Democratische Vernieuwing, A. VERLINDEN De Staatssecretaris voor Asiel en Migratie, S. MAHDI De Staatssecretaris voor Digitalisering, M. MICHEL De Minister-President van de Vlaamse Regering en Vlaams Minister van Buitenlandse Zaken, Cultuur, Digitalisatie en Facilitair Management, J. JAMBON De Vlaams Minister van Welzijn, Volksgezondheid, Gezin en Armoedebestrijding, W. BEKE De Minister-President van de Franse Gemeenschap, P.-Y. JEHOLET De Vice-President en Minister van Kind, Gezondheid, Cultuur, Media en Vrouwenrechten, B. LINARD De Minister voor Hoger Onderwijs, Onderwijs voor Sociale Promotie, Wetenschappelijk Onderzoek, Universitaire Ziekenhuizen, Jeugdzorg, Justitiehuizen, Jeugd, Sport en de Promotie van Brussel, V. GLATIGNY De Minister-President van de Waalse Regering, E. DI RUPO De Vice-Minister-President en Minister van Werk, Vorming, Gezondheid, Sociale Actie, Gelijke Kansen en Vrouwenrechten van de Waalse Regering, C. MORREALE De Minister-President en Minister van Lokale Besturen en Financiën van de Duitstalige Gemeenschap, O. PAASCH De Vice-Minister-President en Minister van Gezondheid en Sociale Aangelegenheden, Ruimtelijke Ordening en Huisvesting van de Regering van de Duitstalige Gemeenschap, A. ANTONIADIS De Voorzitter van het Verenigd College van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie, R. VERVOORT Het lid van het Verenigd College van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie, belast met Gezondheid en Welzijn, A. MARON Het lid van het Verenigd College van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie, belast met Gezondheid en Welzijn, E. VAN DEN BRANDT De Minister-President belast met de promotie van de gezondheid, B. TRACHTE De Minister, lid van het College belast met Maatschappelijk welzijn en Gezondheid, A. MARON
- SEPTEMBER 2021 - Zusammenarbeitsabkommen zur Änderung des Zusammenarbeitsabkommens vom 14.Juli 2021 zwischen dem Föderalstaat, der Flämischen Gemeinschaft, der Französischen Gemeinschaft, der Deutschsprachigen Gemeinschaft, der Gemeinsamen Gemeinschaftskommission, der Wallonischen Region und der Französischen Gemeinschaftskommission über die Verarbeitung von Daten im Zusammenhang mit dem digitalen EU-COVID-Zertifikat, dem COVID Safe Ticket, dem PLF und der Verarbeitung personenbezogener Daten von Lohnempfängern und Selbständigen, die im Ausland leben oder wohnen und in Belgien Tätigkeiten ausüben ALLGEMEINE ERLÄUTERUNGEN Am
- Juli 2021 wurde ein Zusammenarbeitsabkommen zwischen dem Föderalstaat, der Flämischen Gemeinschaft, der Französischen Gemeinschaft, der Deutschsprachigen Gemeinschaft, der Gemeinsamen Gemeinschaftskommission, der Wallonischen Region und der Französischen Gemeinschaftskommission über die Verarbeitung von Daten im Zusammenhang mit dem digitalen EU-COVID-Zertifikat, dem COVID Safe Ticket, dem PLF und der Verarbeitung personenbezogener Daten von Lohnempfängern und Selbständigen, die im Ausland leben oder wohnen und in Belgien Tätigkeiten ausüben, geschlossen. Berichtigung von materiellen Fehlern Dieses Zusammenarbeitsabkommen enthielt jedoch eine Reihe von materiellen Fehlern. So wird beispielsweise in der niederländischen Fassung von Artikel 16 § 2 des Zusammenarbeitsabkommens vom
- Juli 2021 fälschlicherweise der Begriff "verwerkingsovereenkomst" verwendet, während in § 1 desselben Artikels der korrekte, von der Datenschutzbehörde verwendete Begriff "verwerkersovereenkomst" lautet. Der fälschlicherweise verwendete Begriff "verwerkingsovereenkomst" sollte daher in Artikel 16 § 2 in "verwerkersovereenkomst" geändert werden. Die franzö