Besluit van de Waalse Regering houdende uitvoering van het decreet van 21 november 2022 betreffende de coaching- en oplossingsgerichte begeleiding van
Kort samengevat
Dit besluit van de Waalse Regering regelt de uitvoering van het decreet van 21 november 2022 betreffende de coaching- en oplossingsgerichte begeleiding van werkzoekenden. Het is een aanvulling op bestaande wetgeving over werkgelegenheid en beroepsopleiding in Wallonië.
Wat het regelt
- De uitvoering van het decreet van 21 november 2022 over de begeleiding van werkzoekenden.
- De toepassing van het decreet van 6 mei 1999 betreffende de "Office wallon de la formation professionnelle et de l'Emploi".
- De toepassing van het decreet van 4 april 2019 betreffende de individuele beroepsopleiding.
- De toepassing van het koninklijk besluit van 25 november 1991 houdende de werkloosheidsreglementering.
Wie het aanbelangt
- Werkzoekenden in Wallonië die coaching en oplossingsgerichte begeleiding ontvangen.
- De "Office wallon de la formation professionnelle et de l'Emploi" (Forem).
Kernpunten
- Het besluit is een uitvoeringsbesluit van het decreet van 21 november 2022.
- Het besluit regelt gedeeltelijk een aangelegenheid bedoeld in artikel 127, § 1, van de Grondwet.
- Het verwijst naar diverse eerdere decreten en besluiten die de basis vormen voor dit besluit.
- Het is opgesteld na adviezen van onder andere de Inspecteur van Financiën, de Minister van Begroting, de "Conseil économique et social de Wallonie", het beheerscomité van de Forem en de Gegevensbeschermingsautoriteit.
Wettekst
wet prom. 15/01/1990 pub. 08/07/2010 numac 2010000396 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet houdende oprichting en organisatie van een Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid. - Officieu
Art. 4
.De gebruiker kan zich inschrijven als werkzoekende, hetzij online, via de website van FOREm, hetzij telefonisch, via een contactcentrum van FOREm, hetzij persoonlijk, door naar een vestiging van FOREm die in open dienst toegankelijk is te gaan. Voor de toepassing van het eerste lid wordt de inschrijving van de werkzoekende, wanneer hij zich telefonisch inschrijft, gevalideerd zodra zijn identiteit is geauthentiseerd volgens de middelen bedoeld in artikel 4, § 2, tweede lid, van het decreet van 12 november 2021Relevante gevonden documenten type wet prom. 15/01/1990 pub. 08/07/2010 numac 2010000396 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet houdende oprichting en organisatie van een Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten0 en op voorwaarde dat deze authenticatie plaatsvindt binnen 15 dagen na de datum van het telefonisch contact. De datum die in aanmerking wordt genomen voor de telefonische inschrijving van de werkzoekende is die van de dag van het telefonisch contact waarmee de werkzoekende zijn inschrijving heeft gedaan. Art. 5.De coaching- en oplossingsgerichte begeleiding wordt door FOREm in gang gezet zodra de werkzoekende zich inschrijft. Op basis van de gegevens bedoeld in artikel 4/1, § 1, eerste lid, 2°, 4°, 6°, 7° tot 12°, 14° en 17° tot 19°, van het decreet van 6 mei 1999Relevante gevonden documenten type decreet prom. 06/05/1999 pub. 08/07/1999 numac 1999027535 bron ministerie van het waalse gewest Decreet betreffende de "Office wallon de la formation professionnelle et de l'emploi"
- Bij de inschrijving van de werkzoekende deelt FOREm hem via een aan zijn situatie en eventuele moeilijkheden aangepast communicatiekanaal schriftelijk al zijn rechten en plichten mee in het kader van de coaching- en oplossingsgerichte begeleiding, waaronder met name geïnformeerde en volledige informatie over zijn rechten en plichten wanneer hij aan de controle op de passieve, actieve of aangepaste beschikbaarheid wordt onderworpen. §
- In overeenstemming met de bepalingen van artikel 4 van het decreet van 27 maart 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom. 27/03/2014 pub. 15/04/2014 numac 2014202321 bron waalse overheidsdienst Decreet betreffende de communicaties via elektronische weg tussen de gebruikers en de Waalse openbare overheden type decreet prom. 27/03/2014 pub. 15/04/2014 numac 2014202320 bron waalse overheidsdienst Decreet betreffende de communicaties via elektronische weg tussen de gebruikers en de Waalse openbare overheden, voor de aangelegenheden bedoeld in artikel 138 van de Grondwet sluiten betreffende de communicaties via elektronische weg tussen de gebruikers en de Waalse openbare overheden, verzamelt FOREm, wanneer hij voornemens is uitsluitend langs elektronische weg te communiceren, voorafgaand aan elke uitwisseling, de geïnformeerde en uitdrukkelijke toestemming van de werkzoekende om gedurende zijn hele loopbaan uitsluitend langs elektronische weg communicatie van FOREm te ontvangen. FOREm informeert de werkzoekende dat hij te allen tijde, op eenvoudig verzoek, zijn toestemming om uitsluitend langs elektronische weg mededelingen te ontvangen, kan intrekken. Lid 1 is niet van toepassing op mededelingen waarvoor dit besluit vereist dat zij per aangetekende post worden verzonden. In afwijking van lid 3 kunnen de in lid 1 bedoelde mededelingen, wanneer de werkzoekende overeenkomstig lid 1 heeft ingestemd met communicatie uitsluitend langs elektronische weg, hem per aangetekende elektronische post worden toegezonden. Onderafdeling
- - Mate van robuustheid van de beroepspositionering Art. 7.FOREm analyseert de kwaliteit van de beroepspositionering van de werkzoekende en bepaalt voor elk beroep waarop de werkzoekende wordt gepositioneerd de mate van robuustheid van de beroepspositionering. Art. 8.De analyse van de beroepspositionering van de werkzoekende en de mate van robuustheid ervan wordt gedurende het begeleidingsproces, in overleg tussen de werkzoekende en zijn referentieadviseur, verfijnd en aangepast naargelang de evolutie van het beroepsproject van de werkzoekende en de acties die in het kader van zijn begeleidingstraject worden uitgevoerd. FOREm kan de robuustheid van de beroepspositionering controleren door gebruik te maken van zijn instrumenten voor de identificatie van de opgegeven vaardigheden van de werkzoekende. Onder instrument voor de identificatie van vaardigheden verstaan wij de tests en evaluatiemethoden die FOREm heeft ontwikkeld om na te gaan of de vaardigheden van de werkzoekende overeenstemmen met de vaardigheden die worden verwacht of nodig zijn voor de uitoefening van het beroep waarop hij is gepositioneerd. Wanneer na de in lid 2 bedoelde verificaties de positionering van de werkzoekende onzeker of onbewezen is, wordt de werkzoekende in het kader van zijn coaching- en oplossingsgerichte begeleiding beroepskeuzevoorlichting of opleidingsacties voorgesteld. Art. 9.Wanneer de werkzoekende zich bij inschrijving niet op ten minste één beroep positioneert, stelt FOREm een beroepsoriëntatieactie voor. Art. 10.Uiterlijk binnen vier maanden na de datum van inschrijving van de werkzoekende zorgt FOREm er in het kader van het begeleidingsporces voor dat de werkzoekende op ten minste één beroep wordt gepositioneerd: 1° waarvoor hij over de nodige of verwachte vaardigheden, diploma's of kwalificaties beschikt voor de uitoefening van het betrokken beroep ;2° of waarvoor in het kader van het begeleidingsprogramma acties zijn gepland om de werkzoekende in staat te stellen te beschikken over de vaardigheden, diploma's of kwalificaties die nodig zijn of verwacht worden voor de uitoefening van het betrokken beroep. Lid 1 is niet van toepassing: 1° voor de werkzoekende die zeer ver van de arbeidsmarkt staat en geconfronteerd wordt met belangrijke obstakels die verder gaan dan de strikt professionele obstakels, op voorwaarde dat FOREm ervoor zorgt dat in het kader van het begeleidingstraject acties worden uitgevoerd om deze belangrijke obstakels voor de integratie van de werkzoekende weg te werken;2° voor de werkzoekende die niet binnen de in het eerste lid bedoelde termijn op een beroep wordt gepositioneerd, op voorwaarde dat FOREm ervoor zorgt dat in het kader van het begeleidingsprogramma acties worden ondernomen om de werkzoekende op ten minste één beroep te positioneren. Na afloop van de in lid 2 bedoelde acties die zijn uitgevoerd om de belemmeringen voor de integratie van de werkzoekende weg te nemen of om hem in ten minste één beroep te positioneren, zorgt FOREm ervoor dat de werkzoekende in ten minste één beroep wordt gepositioneerd dat voldoet aan de voorwaarden, bedoeld in 1° of 2° van lid
- Onderafdeling
- - Mate van digitale autonomie Art. 11.Zodra de werkzoekende zich inschrijft, en op elk ander relevant moment in de begeleiding, beoordeelt FOREm de digitale autonomie van de werkzoekende. Al als digitaal autonoom beschouwd wordt, de werkzoekende die : 1° directe, stabiele en goede toegang heeft tot een internetaansluiting en tot adequate computerhulpmiddelen en -apparatuur voor zijn zoektocht naar werk en integratie in de arbeidsmarkt;2° beschikt over de basiskennis en voldoende digitale vaardigheden om de door FOREm ter beschikking gestelde digitale instrumenten adequaat te gebruiken met het oog op zijn zoektocht naar werk en integratie in de arbeidsmarkt. Het door FOREm voorgestelde begeleidingproces is aangepast aan de mate van digitale autonomie van de werkzoekende. Art. 12.FOREm kan de digitale vaardigheden van de werkzoekende verifiëren met behulp van instrumenten voor de identificatie van digitale vaardigheden. Wanneer de digitale vaardigheden van de werkzoekende onvoldoende zijn, kan FOREm, onder voorbehoud van andere prioritair geachte acties, de werkzoekende opleidingsacties aanbieden om hem de nodige digitale vaardigheden bij te brengen, zodat hij de door FOREm ter beschikking gestelde digitale instrumenten voor het zoeken naar werk kan gebruiken en zijn kansen op integratie op de arbeidsmarkt worden bevorderd. Onderafdeling
- - Mate van nabijheid tot de arbeidsmarkt Art. 13.Zodra de werkzoekende zich inschrijft, beoordeelt FOREm zijn mate van nabijheid tot de arbeidsmarkt. De mate wordt vastgesteld op basis van een door FOREm ontwikkeld evolutiemodel en houdt rekening met alle elementen van het enig dossier van de werkzoekende die van invloed kunnen zijn op zijn kansen op duurzame integratie op de arbeidsmarkt. De evaluatie van de mate van nabijheid tot de arbeidsmarkt omvat met name de mogelijkheden die de arbeidsmarkt biedt voor de beroepen waarop de werkzoekende wordt gepositioneerd. Na de evaluatie van de in lid 1 bedoelde mate van nabijheid tot de arbeidsmarkt bepaalt FOREm onder de volgende categorieën tot welke de werkzoekende wordt geacht te behoren: 1° werkzoekende zeer dicht bij de arbeidsmarkt: hij heeft een grote kans om op korte termijn duurzaam in de arbeidsmarkt te worden geïntegreerd;2° werkzoekende dicht bij de arbeidsmarkt: hij heeft een goede kans om op korte termijn duurzaam in de arbeidsmarkt te integreren, maar zijn kansen op integratie zouden kunnen worden vergroot als kleine belemmeringen voor duurzame integratie in de markt worden weggenomen;3° werkzoekende ver van de arbeidsmarkt: hij heeft weinig kans om op korte termijn duurzaam in de arbeidsmarkt te integreren wegens grote belemmeringen wat betreft de vaardigheden die nodig zijn of verwacht worden voor de beroepen waarop hij wordt gepositioneerd;4° werkzoekende met een zeer grote afstand tot de arbeidsmarkt: hij heeft een zeer geringe kans om op korte termijn duurzaam in de arbeidsmarkt te integreren wegens belangrijke belemmeringen die verder gaan dan de strikt professionele belemmeringen en die zijn duurzame integratie in de arbeidsmarkt beïnvloeden. Art. 14.Het door FOREm voorgestelde en met de werkzoekende overeengekomen begeleidingsproces wordt aangepast aan de mate van nabijheid tot de arbeidsmarkt en aan de ontwikkeling van deze mate van nabijheid tijdens de begeleiding. Onderafdeling 5.- Toewijzing Art. 15.§
- Zo spoedig mogelijk na de inschrijving van de werkzoekende wijst FOREm de werkzoekende toe aan de meest aan zijn profiel en behoeften aangepaste begeleidingsmodaliteit, onder de volgende modaliteiten: 1° een digitale begeleiding op afstand, overeenkomstig de artikelen 20 en 21;2° een e-advies begeleiding op afstand, overeenkomstig de artikelen 22 en 23;3° een face-to-face begeleiding door een sectorale referentieadviseur, overeenkomstig de artikelen 24 en 25;4° een face-to-face begeleiding door een referentieadviseur in de socioprofessionele begeleiding, overeenkomstig de artikelen 26 en
- De toewijzing van de werkzoekende aan een begeleidingsmodaliteit, bedoeld in het eerste lid, vindt met name plaats op basis van de mate van robuustheid van de beroepspositionering of, in voorkomend geval, het ontbreken van beroepspositionering van de werkzoekende, zijn mate van digitale autonomie en zijn mate van nabijheid tot de arbeidsmarkt. §
- Voor de toepassing van lid 1: 1° wordt alleen de digitaal autonome werkzoekende die dicht of zeer dicht bij de arbeidsmarkt staat, toegewezen aan digitale begeleiding op afstand of e-advies;2° wordt de werkzoekende met een grote afstand tot de arbeidsmarkt toegewezen aan een face-to-face begeleiding door een referentieadviseur;3° wordt de werkzoekende met een grote afstand tot de arbeidsmarkt toegewezen aan een face-to-face begeleiding door een referentieadviseur in de socioprofessionele begeleiding;4° kan de in artikel 2, 13°, b) bedoelde jonge werkzoekende die verplicht is ingeschreven, niet worden toegewezen aan digitale begeleiding op afstand. In afwijking van het eerste lid, 1°, kan een werkzoekende wiens digitale vaardigheden voldoende zijn om te profiteren van begeleiding op afstand en die door intensieve remediëring kunnen worden verworven, worden toegewezen aan een e-advies-begeleiding op afstand, op voorwaarde dat deze begint binnen maximaal twee maanden na de datum van toewijzing. Art. 16.Overeenkomstig artikel 11 van het decreet van 12 november 2021Relevante gevonden documenten type wet prom. 15/01/1990 pub. 08/07/2010 numac 2010000396 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet houdende oprichting en organisatie van een Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten0 informeert FOREm de werkzoekende over de begeleidingsmodaliteit waaraan hij wordt toegewezen, over de verschillende begeleidingsmodaliteiten van de coaching- en de oplossingsgerichte begeleiding, over de gegevens die in het kader van het toewijzingsproces worden gebruikt en over het resultaat van de toewijzing. FOREm informeert de werkzoekende dat hij de mogelijkheid heeft om te allen tijde face-to-face begeleiding aan te vragen. Afdeling
- - Begeleidingsmodaliteiten Onderafdeling
- -
Art. 17.§ 1.
Op elk moment van het begeleidingstraject kan FOREm, afhankelijk van zijn interacties met de werkzoekende, de evolutie van zijn begeleidingstraject of de evolutie van zijn behoeften, op eigen initiatief de begeleidingsmodaliteit waaraan de werkzoekende is toegewezen, herzien, onverminderd de bepalingen van deze onderafdeling. In geval van wijziging van de in lid 1 bedoelde opdracht zal FOREm de werkzoekende informeren volgens dezelfde modaliteiten als bedoeld in artikel
- De werkzoekende die face-to-face begeleiding krijgt, kan wordt overgeschakeld naar een begeleiding op afstand. Lid 3 is niet van toepassing wanneer het overstappen van face-tot-face begeleiding naar begeleiding op afstand plaatsvindt vóór het in artikel 28 bedoelde evaluatiegesprek. §
- Wanneer de werkzoekende van een begeleiding op afstand naar een face-to-face begeleiding wordt overgeschakeld, start FOREm de begeleiding van de werkzoekende opnieuw volgens de modaliteiten van de face-tot-face begeleiding door een sectorale referentieadviseur of een referentieadviseur in de socioprofessionele begeleiding. Art. 18.FOREm biedt face-to-face begeleiding aan elke werkzoekende die daarom vraagt. Art. 19.§
- Het begeleidingsproces van de werkzoekende wordt als afgesloten beschouwd wanneer de werkzoekende zich in een van de volgende situaties bevindt: 1° hij is niet langer een niet-werkende werkzoekende, in de zin van artikel 2, eerste lid, 8°, van het decreet van 12 november 2021Relevante gevonden documenten type wet prom. 15/01/1990 pub. 08/07/2010 numac 2010000396 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet houdende oprichting en organisatie van een Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten0, gedurende een periode gelijk aan of langer dan 3 opeenvolgende maanden 2° hij is gedurende een periode van 3 of meer opeenvolgende maanden niet meer als werkzoekende bij FOREm is ingeschreven. In de in lid 1 bedoelde situaties wordt in geval van latere herinschrijving van de werkzoekende een nieuw begeleidingstraject gestart, overeenkomstig punt
- §
- Wanneer een periode van opschorting, als bedoeld in artikel 31, lid 2, van het begeleidingsproces voor een werkzoekende eindigt, wordt het begeleidingsproces, onverminderd lid 1, voortgezet volgens dezelfde regelingen als die welke golden op het ogenblik van de opschorting van de begeleiding. Onderafdeling
- - Digitale begeleiding op afstand Art. 20.§
- Digitale begeleiding op afstand, die is zelfsturende begeleiding op afstand, is gericht op de digitaal autonome werkzoekende die dicht of zeer dicht bij de arbeidsmarkt staat. De digitale begeleiding op afstand wordt uitgevoerd door middel van advies en generieke acties die aan de werkzoekende worden aangeboden via zijn persoonlijke ruimte, waaronder het aanbieden van digitale hulpmiddelen voor het zoeken naar werk. §
- Binnen twee maanden na de inschrijving als werkzoekende ziet FOREm toe op de correcte uitvoering van de digitale begeleiding op afstand, met inbegrip van de voltooiing van de aan de werkzoekende voorgestelde generieke acties en zijn autonome stappen van actief zoeken naar werk. Als FOREm na een rechtstreeks contact met de werkzoekende vaststelt dat de digitale begeleiding op afstand voor hem niet geschikt is, wordt hij overgeschakeld naar een e-advies-begeleiding op afstand of naar een face-to-face-begeleiding. Art. 21.§
- De werkzoekende ontvangt gedurende maximaal vier maanden vanaf de datum van inschrijving als werkzoekende digitale begeleiding op afstand. Na de in lid 1 bedoelde periode wordt de werkzoekende overgeschakeld naar een begeleiding op afstand met ondersteuning van een e-adviseur of, wanneer FOREm vaststelt dat de begeleiding op afstand niet geschikt is voor de werkzoekende, naar een face-to-face begeleiding. §
- In afwijking van § 1 en artikel 20, § 2, kunnen de daarin genoemde termijnen door FOREm worden verlengd: 1° wanneer de werkzoekende in het kader van zijn begeleiding een handeling verricht waarvoor hij krachtens de artikelen 91 tot en met 94 van het koninklijk besluit van 25 november 1991Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 06/11/2020 numac 2020015855 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel V type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 05/11/2018 numac 2018014576 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel I type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 14/12/2020 numac 2020043849 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel VI type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 04/11/2021 numac 2021033562 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel VIII type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 24/05/2019 numac 2019012364 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel II type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 25/01/2022 numac 2021022765 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel IX type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 01/10/2021 numac 2021033177 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheids-reglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel VII sluiten is vrijgesteld van beschikbaarheid op de arbeidsmarkt, voor een maximale duur die gelijk is aan de duur van de vrijstelling van beschikbaarheid die de werkzoekende geniet;2° wanneer de werkzoekende niet langer onbezet is in de zin van artikel 2, eerste lid, 8°, van het decreet van 12 november 2021Relevante gevonden documenten type wet prom. 15/01/1990 pub. 08/07/2010 numac 2010000396 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet houdende oprichting en organisatie van een Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten0, gedurende een periode gelijk aan of langer dan 28 opeenvolgende dagen, gedurende een maximale periode gelijk aan de periode waarin hij niet langer een niet-werkende werkzoekende is;3° met periodes bedoeld in artikel 31, § 2, eerste lid, 1°, 4°, 5°, 6°, 7° en 8°. Onderafdeling
- - E-advies-begeleiding Art. 22.§
- E-advies-begeleiding op afstand is bedoeld voor elke werkzoekende die dicht of zeer dicht bij de arbeidsmarkt staat en digitaal autonoom is of wiens digitale vaardigheden voldoende kunnen worden verworven door intensieve remediëring, mits deze begint binnen maximaal twee maanden na de datum van toewijzing. De in lid bedoelde begeleiding wordt uitgevoerd door middel van advies en generieke acties die aan de werkzoekende worden aangeboden via zijn persoonlijke ruimte, waaronder het aanbieden van digitale hulpmiddelen voor het zoeken naar werk. §
- Uiterlijk binnen vier maanden na de toewijzing van de werkzoekende in het kader van het e-advies voert FOREm een evaluatiegesprek op afstand waarin het de behoeften van de werkzoekende analyseert, met name rekening houdend met de verwezenlijking van de in lid 1, tweede alinea, bedoelde generieke acties en zijn autonome stappen om actief naar werk te zoeken. In afwijking van lid 1 wordt de termijn van vier maanden teruggebracht tot twee maanden wanneer de werkzoekende na digitale begeleiding op afstand overgeschakeld naar een e-advies-begeleiding op afstand. Onverminderd paragraaf 4 stelt de e-adviseur in overleg met de werkzoekende een overeengekomen stappenplan op voor zijn integratie op de arbeidsmarkt. Het overeengekomen stappenplan omvat autonome stappen voor het actief zoeken naar werk. §
- Onverminderd paragraaf 4 wordt tussen het evaluatiegesprek op afstand en het verstrijken van de maximale duur van de begeleiding op afstand met ondersteuning van een e-adviseur, zoals bepaald in artikel 23, door FOREm ten minste één follow-upgesprek op afstand tussen de werkzoekende en een e-adviseur georganiseerd. §
- Tijdens zijn e-advies-begeleiding op afstand met ondersteuning van een e-adviseur wordt de werkzoekende door FOREm overgeschakeld naar een face-to-face begeleiding, in de volgende gevallen: 1° indien FOREm tijdens een gesprek, bedoeld in het tweede en derde lid, vaststelt dat de werkzoekende niet beschikt over een voldoende mate van digitale autonomie, in de zin van artikel 11, om de in het kader van een begeleiding op afstand omschreven en uitgevoerde acties te ondernemen;2° indien FOREm er na minstens twee pogingen niet in slaagt de aan een begeleiding op afstand toegewezen werkzoekende te bereiken tijdens het evaluatiegesprek of het follow-upgesprek op afstand;3° indien FOREm op basis van de informatie waarover hij in het kader van de begeleiding beschikt, niet kan garanderen dat de werkzoekende het in het kader van zijn e-advies-begeleiding op afstand overeengekomen stappenplan heeft uitgevoerd. Art. 23.§
- De werkzoekende geniet e-advies-begeleiding op afstand gedurende een periode van maximaal acht maanden vanaf de datum van toewijzing aan deze begeleidingsmodaliteit . In afwijking van lid 1 wordt de termijn van acht maanden teruggebracht tot zes maanden wanneer de werkzoekende na digitale begeleiding op afstand overgeschakeld aan een e-advies-begeleiding. Na de in lid 1 of 2 bedoelde termijn wordt de werkzoekende overgeschakeld naar een face-to-face begeleiding. §
- In afwijking van § 1 en artikel 22, § 2, kunnen de daarin genoemde termijnen door FOREm worden verlengd: 1° wanneer de werkzoekende in het kader van zijn begeleiding een handeling verricht waarvoor hij krachtens de artikelen 91 tot en met 94 van het koninklijk besluit van 25 november 1991Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 06/11/2020 numac 2020015855 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel V type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 05/11/2018 numac 2018014576 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel I type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 14/12/2020 numac 2020043849 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel VI type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 04/11/2021 numac 2021033562 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel VIII type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 24/05/2019 numac 2019012364 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel II type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 25/01/2022 numac 2021022765 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel IX type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 01/10/2021 numac 2021033177 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheids-reglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel VII sluiten is vrijgesteld van beschikbaarheid op de arbeidsmarkt, voor een maximale duur die gelijk is aan de duur van de vrijstelling van beschikbaarheid die de werkzoekende geniet;2° wanneer de werkzoekende niet langer onbezet is in de zin van artikel 2, eerste lid, 8°, van het decreet van 12 november 2021Relevante gevonden documenten type wet prom. 15/01/1990 pub. 08/07/2010 numac 2010000396 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet houdende oprichting en organisatie van een Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten0, gedurende een periode gelijk aan of langer dan 28 opeenvolgende dagen, gedurende een maximale periode gelijk aan de periode waarin hij niet langer een niet-werkende werkzoekende is;3° met periodes bedoeld in artikel 31, § 2, eerste lid, 1°, 4°, 5°, 6°, 7° en 8°. Onderafdeling
- Face-to-face begeleiding door een sectorale referentieadviseur Art. 24.De face-to-face begeleiding door een sectorale referentieadviseur is gericht op: 1° de werkzoekende die ver van de arbeidsmarkt staat;2° de werkzoekende die op zijn verzoek of op initiatief van FOREm van een begeleiding op afstand naar een persoonlijke begeleiding wordt overgeschakeld;3° een werkzoekende die zeer dicht of dicht bij een baan staat en die niet numeriek zelfstandig is;4° een werkzoekende die na zes of acht maanden e-advies op afstand zeer dicht bij een baan staat, overeenkomstig artikel 23, § 1, eerste en tweede lid. De werkzoekende die aan een sectorale begeleiding wordt toegewezen, wordt begeleid door een referentieadviseur die ondersteunende diensten verleent met het oog op zijn integratie en die zorgt voor de follow-up en de coördinatie van zijn volledige begeleidingstraject, waarbij een multidisciplinair team van begeleiders en opleiders kan optreden. Art. 25.De face-to-face begeleiding door een sectorale referentieadviseur heeft tot doel tegemoet te komen aan de behoeften van de werkzoekende, met name op het gebied van : 1° herhalingstraining om kwalificerende opleidingen te integreren of een functie te integreren ;2° opleiding : 3° hulp bij het bevestigen van een beroepsproject door middel van een beroepspositionering die rekening houdt met geobjectiveerde vaardigheden;4° professionele heroriëntatie op dezelfde sector;5° hulp bij het vinden van een baan, door het vaststellen van doelstellingen en middelen om hen dichter bij de arbeidsmarkt te brengen;6° validering en certificering van vaardigheden en kwalificaties. Onderafdeling
- - Face-to-face begeleiding door een referentieadviseur in de socio-professionele begeleiding Art. 26.De face-to-face begeleiding door een referentieadviseur in de socio-professionele begeleiding is gericht op werkzoekenden met een zeer grote afstand tot de arbeidsmarkt, die door FOREm aan deze begeleidingsmodaliteit zijn toegewezen of naar deze overgeschakeld. De werkzoekende die aan een face-to-face socio-professionele begeleiding wordt toegewezen, wordt begeleid door een referentieadviseur die de werkzoekende ondersteunt en begeleidt met het oog op zijn integratie en die zorgt voor de follow-up en de coördinatie van het hele begeleidingstraject waarin maatschappelijk werkers, psychologen en opleiders kunnen interveniëren. Art. 27.§
- De face-to-face begeleiding door een referentieadviseur in de socio-professionele begeleiding heeft tot doel een antwoord te bieden op de belangrijkste belemmeringen die de werkzoekende ondervindt met het oog op zijn integratie op de arbeidsmarkt en die verder gaan dan belemmeringen van strikt professionele aard. De in lid 1 bedoelde steun wordt uitgevoerd door middel van een specifiek dienstenaanbod voor werkzoekenden die zeer ver van de arbeidsmarkt af staan en is gebaseerd op acties in verband met : 1° de gezondheid van de werkzoekende, met name de vaststelling van de geschiktheid of ongeschiktheid voor de uitoefening van een beroep of een opleiding, oriëntatie of het zoeken naar werk door het ondergaan van een medisch onderzoek;2° zijn sociale situatie, met name acties gericht op het doorbreken van sociaal isolement, het werken aan gezinsproblemen of verslaving, schuldbemiddeling, het vinden van huisvesting vóór uitzetting of voor daklozen, administratieve en juridische bijstand;3° zijn professionele integratie, met name professionele re-mobilisatie, beroeps- en kwalificatieopleiding, herintegratie door werk, werkervaring, validatie van vaardigheden. §
- Bij de uitvoering van de in lid 1 bedoelde begeleiding steunt FOREm op het dienstenaanbod van derden die gespecialiseerd zijn in de antwoorden op de belemmeringen voor de professionele integratie van de werkzoekende en in de eerste plaats op het dienstenaanbod van de begeleidingspartners. Afdeling
- - Evaluatiegesprek en follow-upgesprek Art. 28.§
- Zodra de werkzoekende aan een face-tot-face begeleiding wordt toegewezen, organiseert FOREm een eerste face-tot-face evaluatiegesprek, uiterlijk binnen vier maanden na de datum van toewijzing. In afwijking van lid 1 wordt het in lid 1 bedoelde evaluatiegesprek uiterlijk binnen twee maanden na de datum van het overstappen georganiseerd wanneer de werkzoekende, na te zijn toegewezen aan begeleiding op afstand, overgeschakeld naar een face-tot-face begeleiding. §
- Tijdens het eerste face-to-face evaluatiegesprek zullen de werkzoekende en zijn referentieadviseur: 1° een evaluatie maken van de beroepssituatie van de werkzoekende, met name om zijn sterke en zwakke punten te bepalen met het oog op zijn duurzame integratie op de arbeidsmarkt;2° de behoeften van de werkzoekende en de te verstrekken antwoorden met het oog op zijn duurzame integratie op de arbeidsmarkt vaststellen;3° het beroepsproject van de werkzoekende en de opeenvolgende fasen ervan opbouwen en de behoeften van de werkzoekende en de te verstrekken antwoorden met het oog op zijn duurzame integratie op de arbeidsmarkt vaststellen;4° in overleg een actieplan opstellen ter bevordering van de socio-professionele integratie van de werkzoekende, overeenkomstig de artikelen 34 en
- Wanneer de werkzoekende begeleiding op afstand heeft gekregen, worden de uitgevoerde acties en de op afstand gevoerde gesprekken gekapitaliseerd tijdens het eerste face-tot-face evaluatiegesprek. Art. 29.§
- Vanaf het in artikel 28 bedoelde evaluatiegesprek wordt de werkzoekende regelmatig face-to-face begeleid door FOREm door middel van follow-upgesprekken tussen de referentieadviseur en de werkzoekende. §
- Tijdens elk follow-upgesprek zal de referentieadviseur : 1° met de werkzoekende de evolutie van zijn begeleidingstraject en zijn vooruitgang met betrekking tot zijn sterke en zwakke punten analyseren;2° de werkzoekende ondersteunen en mobiliseren bij de uitvoering en de geleidelijke evolutie van zijn begeleidingstraject;3° de uitvoering van het begeleidingstraject en het actieplan evalueren en met de werkzoekende de moeilijkheden die hij eventueel ondervindt, identificeren;4° met de werkzoekende de analyse van zijn behoeften en de te verstrekken antwoorden in het kader van zijn begeleidingstraject bijwerken;5° in overleg met de werkzoekende zijn actieplan bevestigen, aanpassen of actualiseren, overeenkomstig de artikelen 34 en 35 § 3.De referentieadviseur baseert zich gedurende het gehele begeleidingstraject van de werkzoekende op: 1° de uitwisselingen met de werkzoekende tijdens de gesprekken en over de door deze verstrekte informatie, met inbegrip van zijn autonome stappen om actief naar werk te zoeken;2° de volgende informatie met betrekking tot het begeleidingstraject van de werkzoekende met het oog op zijn integratie in de arbeidsmarkt, waarover FOREm beschikt sinds de inschrijving van de werkzoekende: a) de gegevens betreffende de verwezenlijking door de werkzoekende van zijn actieplan en, voor werkzoekenden die het statuut hebben van niet-toeleidbaar, in de zin van artikel 27, 19°, van het koninklijk besluit van 25 november 1991Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 06/11/2020 numac 2020015855 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel V type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 05/11/2018 numac 2018014576 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel I type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 14/12/2020 numac 2020043849 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel VI type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 04/11/2021 numac 2021033562 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel VIII type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 24/05/2019 numac 2019012364 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel II type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 25/01/2022 numac 2021022765 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel IX type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 01/10/2021 numac 2021033177 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheids-reglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel VII sluiten of die een specifiek begeleidingstraject genieten, de gegevens betreffende de voortgang van de samenwerking van de werkzoekende met zijn sociaal assistent;b) de noodzakelijke en relevante gegevens betreffende het begeleidingstraject van de werkzoekende die via de kruispuntbank van de sociale zekerheid beschikbaar zijn bij de socialezekerheidsinstellingen die de authenticiteit van deze gegevens waarborgen, in uitvoering van de wet van 15 januari 1990Relevante gevonden documenten type wet prom. 15/01/1990 pub. 08/07/2010 numac 2010000396 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet houdende oprichting en organisatie van een Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten houdende oprichting en organisatie van een Kruispuntbank van de sociale zekerheid;c) de door FOREm gecentraliseerde gegevens onder de categorieën van gegevens bedoeld in artikel 4/1, eerste lid, § 1, 6° tot en met 14° en 17° tot en met 19° van het decreet van 6 mei 1999Relevante gevonden documenten type decreet prom. 06/05/1999 pub. 08/07/1999 numac 1999027535 bron ministerie van het waalse gewest Decreet betreffende de "Office wallon de la formation professionnelle et de l'emploi"
- Bij elk gesprek voert de referentieadviseur een formatieve evaluatie van de werkzoekende uit. Onder formatieve evaluatie wordt verstaan de evaluatie die plaatsvindt tijdens het begeleidingstraject van de werkzoekende en die tot doel heeft: 1° samen met de werkzoekende de belemmeringen en obstakels, van welke aard ook, voor de duurzame integratie van de werkzoekende en hun oorsprong te identificeren;2° samen met de werkzoekende de evolutie van zijn nabijheid tot de arbeidsmarkt en zijn begeleidingstraject te meten met het oog op zijn duurzame integratie op de arbeidsmarkt;3° in overleg met de werkzoekende, mogelijke oplossingen en acties voor te stellen en uit te voeren om de moeilijkheden die hij ondervindt te verhelpen met het oog op zijn duurzame integratie op de arbeidsmarkt Wanneer de werkzoekende een verplicht ingeschreven werkzoekende is, zoals bedoeld in artikel 2, 13°, omvat de in het eerste lid bedoelde evaluatie, de evaluatie van zijn actieve beschikbaarheidsverplichtingen, overeenkomstig afdeling
- Bij elk vervolggesprek stelt de referentiesadviseur, wanneer de werkzoekende een in artikel 2, 13° bedoelde verplicht ingeschreven werkzoekende is, een gespreksverslag op, overeenkomstig artikel
- Art. 30.Aan het einde van het in artikel 28 bedoelde evaluatiegesprek of van elk follow-upgesprek als bedoeld in artikel 29, wordt de werkzoekende meegedeeld dat hij zal worden uitgenodigd voor een nieuw follow-upgesprek waarin de referentieadviseur een formatieve evaluatie maakt van het begeleidingstraject van de werkzoekende en de uitvoering van het tijdens het vorige gesprek opgestelde actieplan. Art. 31.§
- De follow-upgesprekken worden door FOREm georganiseerd binnen een periode van ten minste drie tot zes maanden na het in artikel 28 bedoelde evaluatiegesprek of na het laatste follow-upgesprek als bedoeld in artikel
- In afwijking van het eerste lid en van artikel 28, § 1, kunnen de daarin genoemde termijnen door FOREm worden verlengd: 1° wanneer de werkzoekende in het kader van zijn begeleiding een handeling verricht waarvoor hij krachtens de artikelen 91 tot en met 94 van het koninklijk besluit van 25 november 1991Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 06/11/2020 numac 2020015855 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel V type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 05/11/2018 numac 2018014576 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel I type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 14/12/2020 numac 2020043849 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel VI type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 04/11/2021 numac 2021033562 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel VIII type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 24/05/2019 numac 2019012364 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel II type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 25/01/2022 numac 2021022765 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel IX type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 01/10/2021 numac 2021033177 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheids-reglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel VII sluiten is vrijgesteld van beschikbaarheid op de arbeidsmarkt, voor een maximale duur die gelijk is aan de duur van de vrijstelling van beschikbaarheid die de werkzoekende geniet;2° wanneer de werkzoekende niet langer onbezet is in de zin van artikel 2, eerste lid, 8°, van het decreet van 12 november 2021Relevante gevonden documenten type wet prom. 15/01/1990 pub. 08/07/2010 numac 2010000396 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet houdende oprichting en organisatie van een Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten0, gedurende een periode gelijk aan of langer dan 28 opeenvolgende dagen, gedurende een maximale periode gelijk aan de periode waarin hij niet langer een niet-werkende werkzoekende is;3° met periodes waarin de begeleiding wordt geschorst, zoals bedoeld in §
- §
- De begeleiding van de werkzoekende, bedoeld in artikel 2, 13°, kan worden geschorst gedurende de volgende periodes: 1° de periode waarin de werkzoekende niet als zodanig bij FOREm is ingeschreven;2° de periode waarin de procedure voor de controle op de actieve beschikbaarheid van de verplicht ingeschreven werkzoekende die een specifiek begeleidingstraject volgt, wordt opgeschort overeenkomstig de artikelen 36/3, § 1, of 58/3, § 3, van het koninklijk besluit van 25 november 1991Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 06/11/2020 numac 2020015855 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel V type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 05/11/2018 numac 2018014576 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel I type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 14/12/2020 numac 2020043849 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel VI type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 04/11/2021 numac 2021033562 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel VIII type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 24/05/2019 numac 2019012364 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel II type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 25/01/2022 numac 2021022765 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel IX type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 01/10/2021 numac 2021033177 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheids-reglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel VII sluiten;3° de periode gedurende welke de procedure van controle op actieve beschikbaarheid niet van toepassing is op een verplicht ingeschreven werkzoekende die erkend wordt als zonder verdienvermogen, bedoeld in artikel 36/2, tweede lid, of artikel 58/2, vierde lid, van het decreet van 25 november 1991;4° de periode waarin de procedure voor de controle op de actieve beschikbaarheid niet van toepassing is op de verplicht ingeschreven werkzoekende die zwanger is of pas bevallen is overeenkomstig artikel 58/3, § 7, van het decreet van 25 november 1991 gedurende de periode van drie maanden vóór de vermoedelijke of werkelijke bevallingsdatum en gedurende de 4 maanden die volgen op de werkelijke bevallingsdatum;5° de periode gedurende welke de procedure van controle op actieve beschikbaarheid niet van toepassing is op de verplicht ingeschreven werkzoekende bedoeld in artikel 2, 13°, b), die zwanger is of pas bevallen is tijdens de periodes van moederschapsbescherming bedoeld in artikel 39 van de Arbeids wet van 16 maart 1971Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/03/1971 pub. 28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten;6° de periode gedurende welke de verplicht ingeschreven werkzoekende geniet van een vrijstelling van beschikbaarheid verleend door de Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening, ingesteld bij artikel 7 van het besluitwet van 28 december 1944Relevante gevonden documenten type wet prom. 15/01/1990 pub. 08/07/2010 numac 2010000396 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet houdende oprichting en organisatie van een Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten4 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders, in het kader van zijn vaardigheden;7° de periode gedurende welke de in artikel 2, 13°, b) bedoelde verplicht ingeschreven werkzoekende een voltijdse studie volgt die zijn stage voor inschakeling in het arbeidsproces ongeldig maakt voordat hij in aanmerking komt voor een inschakelingsuitkering;8° de periode gedurende welke de verplicht ingeschreven werkzoekende meer dan een maand arbeidsongeschikt is in de zin van de wetgeving betreffende de verplichte verzekering tegen ziekte of invaliditeit;9° de periode waarin de procedure voor de controle op de actieve beschikbaarheid wordt opgeschort overeenkomstig artikel 58/3, § 6, van het koninklijk besluit van 25 november 1991Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 06/11/2020 numac 2020015855 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel V type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 05/11/2018 numac 2018014576 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel I type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 14/12/2020 numac 2020043849 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel VI type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 04/11/2021 numac 2021033562 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel VIII type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 24/05/2019 numac 2019012364 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel II type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 25/01/2022 numac 2021022765 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel IX type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 01/10/2021 numac 2021033177 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheids-reglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel VII sluiten;10° de periode gedurende welke de procedure voor het nagaan van de actieve beschikbaarheid van een werkzoekende die als niet-toeleidbaar is erkend in de zin van artikel 27, 19°, van het koninklijk besluit van 25 november 1991Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 06/11/2020 numac 2020015855 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel V type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 05/11/2018 numac 2018014576 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel I type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 14/12/2020 numac 2020043849 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel VI type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 04/11/2021 numac 2021033562 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel VIII type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 24/05/2019 numac 2019012364 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel II type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 25/01/2022 numac 2021022765 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel IX type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 01/10/2021 numac 2021033177 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheids-reglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel VII sluiten wordt opgeschort krachtens artikel 58/3, § 4bis, van hetzelfde koninklijk besluit. De werkzoekende die geconfronteerd wordt met een situatie waarin zijn begeleiding wordt geschorst, kan verzoeken zijn begeleiding niet op te schorten. In dat geval worden de modaliteiten en de frequentie van de begeleiding voor de betrokken periode overeengekomen tussen de werkzoekende en zijn referentieadviseur. §
- In afwijking van paragraaf 1, eerste lid, en artikel 28, § 1, zijn de daarin bedoelde termijnen niet van toepassing op: 1° de verplicht ingeschreven werkzoekenden die onderworpen is aan een verplichting van aangepaste beschikbaarheid;2° de verplicht ingeschreven werkzoekende, bedoeld in artikel 2, 13°, die geniet van een aangepaste begeleiding in de zin van de artikelen 36/3, § 2, of 58/3, § 4, van het koninklijk besluit van 25 november 1991Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 06/11/2020 numac 2020015855 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel V type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 05/11/2018 numac 2018014576 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel I type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 14/12/2020 numac 2020043849 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel VI type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 04/11/2021 numac 2021033562 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel VIII type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 24/05/2019 numac 2019012364 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel II type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 25/01/2022 numac 2021022765 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel IX type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 01/10/2021 numac 2021033177 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheids-reglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel VII sluiten gedurende de periode waarin de procedure van toezicht op de actieve beschikbaarheid niet op hem van toepassing is. In de in lid 1 bedoelde gevallen: 1° wordt de frequentie van de gesprekken aangepast volgens de modaliteiten die tussen de referentieadviseur en de werkzoekende zijn overeengekomen, met inachtneming van de verplichtingen van FOREm om de werkzoekende begeleiding te bieden als bedoeld in het eerste lid, 1° of 2° ;2° wordt de inhoud van de gesprekken, bedoeld in de artikelen 28, § 2, en 29, §§ 2 en 4, aangepast aan de situatie van de personen, bedoeld in het eerste lid, 1° of 2°. Art. 32.§
- Gedurende de gehele face-tot-face begeleiding is de werkzoekende, behoudens geldige reden, verplicht het evaluatiegesprek en de follow-upgesprekken waarvoor hij door FOREm wordt opgeroepen, bij te wonen op de datum, het tijdstip en de plaats die in de oproeping zijn vastgesteld. In de uitnodiging voor het gesprek wordt de in artikel 2, 13°, bedoelde verplicht ingeschreven werkzoekende door FOREm geïnformeerd over de redenen van zijn afwezigheid en over de gevolgen van zijn afwezigheid zonder geldige reden. §
- De werkzoekende wordt per gewone post uitgenodigd voor het in artikel 28 bedoelde evaluatiegesprek of voor de in artikel 29 bedoelde follow-upgesprekken. Het in lid 1 bedoelde gesprek vindt ten vroegste plaats op de zevende dag na de verzending van de oproeping. Lid 2 is niet van toepassing wanneer de datum van het gesprek met de werkzoekende is overeengekomen. In geval van afwezigheid van de werkzoekende bij het in lid 1 bedoelde evaluatiegesprek of het follow-upgesprek, gerechtvaardigd uiterlijk binnen vijf werkdagen na het gesprek waaraan de werkzoekende niet heeft deelgenomen, door een door FOREm aanvaarde geldige reden, wordt de werkzoekende door FOREm overeenkomstig lid 1 opnieuw opgeroepen. In geval van afwezigheid van de werkzoekende bij het in lid 1 bedoelde evaluatiegesprek of het follow-upgesprek, niet-gerechtvaardigd uiterlijk binnen vijf werkdagen na het gesprek waaraan de werkzoekende niet heeft deelgenomen, door een door FOREm aanvaarde geldige reden, wordt de werkzoekende door FOREm per aangetekende brief opnieuw opgeroepen. Het gesprek vindt ten vroegste plaats op de eenentwintigste dag na de aangetekende verzending van de oproeping. FOREm kan afwijken van de toepassing van de in lid 5 bedoelde aangetekende brief, wanneer de werkzoekende geen verplicht ingeschreven werkzoekende is, zoals bedoeld in artikel 2, 13°. Onverminderd paragraaf 3 wordt na een oproeping bij aangetekende brief, als bedoeld in lid 5, ongeacht de aan- of afwezigheid, met of zonder geldige reden, van de werkzoekende bij het gesprek waarvoor hij bij aangetekende brief is opgeroepen, de volgende oproeping van de werkzoekende verzonden, overeenkomstig lid
- §
- In afwijking van paragraaf 2, zevende lid, wordt de werkzoekende, indien hij overeenkomstig paragraaf 2 tweemaal per aangetekende brief is opgeroepen, systematisch per aangetekende brief opgeroepen voor de volgende gesprekken, die ten vroegste plaatsvinden op de eenentwintigste dag na de verzending van de oproeping, totdat de referentieadviseur van oordeel is dat opnieuw gebruik kan worden gemaakt van een terugzending van de oproeping per gewone brief, voorafgaand aan de aangetekende brief. §
- Wanneer de werkzoekende afwezig is bij het in artikel 28 bedoelde evaluatiegesprek of bij het in artikel 29 bedoelde follow-upgesprek, wordt hij overeenkomstig de paragrafen 2 en 3 zo spoedig mogelijk door FOREm opgeroepen voor een gesprek dat uiterlijk twee maanden na de datum van het gesprek tijdens hetwelk de werkzoekende afwezig was, plaatsvindt. §
- Wanneer de werkzoekende zijn gsm-nummer heeft meegedeeld, zendt FOREm, naast de in de paragrafen 1 tot 4 bedoelde oproeping, naar dit nummer een bericht met de informatie uit de per gewone of aangetekende brief verzonden oproeping. Art. 33.Voor de toepassing van artikel 32 wordt onder geldige reden verstaan: de afwezigheid van de werkzoekende, die voortvloeit uit omstandigheden buiten zijn wil, zonder dat er sprake hoeft te zijn van dwingende redenen, mits deze worden gestaafd door geloofwaardige en controleerbare documenten waarmee de aangevoerde geldige reden kan worden aangetoond, volgens de door FOREm vastgestelde modaliteiten. In de loop van de face-to-face begeleiding kan de werkzoekende eenmalig, zonder het bewijs van een geldige reden te moeten leveren, zijn afwezigheid rechtvaardigen bij een evaluatie- of follow-upgesprek waarvoor hij door FOREm wordt opgeroepen. Afdeling
- - Actieplan Art. 34.Tijdens het evaluatiegesprek en elk follow-upgesprek stelt de referentieadviseur een actieplan op in overleg met de werkzoekende, die nauw wordt betrokken bij de opstelling en de uitwerking ervan, teneinde zijn duurzame integratie op de arbeidsmarkt te bevorderen. Het in lid 1 bedoelde actieplan is progressief en aangepast aan de situatie van de werkzoekende en aan zijn ontwikkeling tijdens de begeleiding. Het houdt rekening met : 1° de uitwisselingen tussen de referentieadviseur en de werkzoekende tijdens het evaluatiegesprek bedoeld in artikel 28, de follow-upgesprekken bedoeld in artikel 29 en de coaching- en begeleidingsgesprekken bedoeld in artikel 36 ;2° de acties van de werkzoekende in het kader van zijn begeleiding en de evolutie van zijn begeleidingstraject;3° de beroepsaspiraties van de werkzoekende, zijn beroepspositionering en zijn mate van robuustheid voor de beroepen waarop hij wordt gepositioneerd;4° de realiteit van de arbeidsmarkt omvat met name de mogelijkheden die de arbeidsmarkt biedt voor de beroepen waarop de werkzoekende is gepositioneerd;5° 5° de numerieke autonomie van de werkzoekende;6° de mate van nabijheid tot de arbeidsmarkt van de werkzoekende;7° de capaciteiten van de werkzoekende om de haalbaarheid van het actieplan te verzekeren, rekening houdend met de persoonlijke situatie van de werkzoekende, zijn profiel, de geschiktheden of ongeschiktheden waarvoor FOREm een medisch advies heeft en de beschikbare diensten. Wanneer de werkzoekende een in artikel 2, 13°, bedoelde verplicht ingeschreven werkzoekende is, wordt het actieplan opgesteld rekening houdend met zijn verplichtingen inzake actieve beschikbaarheid. Het omvat de autonome stappen van het actief zoeken naar werk. Wanneer de werkzoekende ver of zeer ver van de arbeidsmarkt staat, geeft FOREm in het actieplan prioriteit aan acties die de grootste belemmeringen voor de werkzoekende kunnen wegnemen en die de kans op duurzame integratie van de werkzoekende op de arbeidsmarkt aanzienlijk verkleinen. Art. 35.§
- Wanneer de werkzoekende een in artikel 2, 13°, bedoelde verplicht ingeschreven werkzoekende is, legt de referentieadviseur na afloop van het evaluatiegesprek, bedoeld in artikel 28, of elk follow-upgesprek, bedoeld in artikel 29, het overeenkomstig artikel 34 opgestelde actieplan ter ondertekening aan de werkzoekende voor. De verplicht ingeschreven werkzoekende, bedoeld in artikel 2, 13°, kan vóór de ondertekening van het actieplan zijn opmerkingen over de inhoud van het actieplan schriftelijk kenbaar maken in het desbetreffende onderdeel van het actieplan. Indien de in artikel 2, 13°, bedoelde verplicht ingeschreven werkzoekende moeilijkheden heeft om zijn opmerkingen op te schrijven, kan de referentieadviseur ze voor hem overschrijven in het daartoe bestemde deel van het actieplan. Door ondertekening van het actieplan erkent de verplicht ingeschreven werkzoekende, bedoeld in artikel 2, 13°, de ontvangst van de inhoud ervan. Het actieplan wordt in tweevoud opgesteld, gedateerd en ondertekend door de in artikel 2, 13°, verplicht ingeschreven werkzoekende. Na afloop van het gesprek wordt één exemplaar toegezonden aan de verplicht ingeschreven werkzoekende bedoeld in artikel 2, 13°. Het andere exemplaar wordt bewaard door FOREm en wordt gekapitaliseerd in het unieke dossier van de in artikel 2, 13°, bedoelde verplicht ingeschreven werkzoekende. §
- Indien de in artikel 2, 13°, bedoelde verplicht ingeschreven werkzoekende, weigert het actieplan voor ontvangst te ondertekenen, registreert de referentieadviseur het ontbreken van een handtekening op het actieplan en vermeldt hij in voorkomend geval de reden die de verplicht ingeschreven werkzoekende, bedoeld in artikel 2, 13°, daarvoor opgeeft. De referentieadviseur deelt de verplicht ingeschreven werkzoekende mee dat het actieplan dat hij weigert te ondertekenen voor ontvangstbevestiging hem per aangetekende post zal worden toegezonden en dat de referentieadviseur bij het volgende follow-upgesprek zal toezien op de uitvoering van de acties waarin het per aangetekende post toegezonden actieplan voorziet. §
- Wanneer de verplicht ingeschreven werkzoekende, bedoeld in artikel 2, 13°, weigert mee te werken aan de voorgestelde begeleiding, stelt FOREm hem voor een document te ondertekenen waarmee hij met kennis van zaken verklaart dat hij niet door FOREm wenst te worden begeleid. FOREm informeert de in artikel 2, 13°, bedoelde verplicht ingeschreven werkzoekende, over de gevolgen van de ondertekening van het document met betrekking tot zijn verplichtingen inzake beschikbaarheid op de arbeidsmarkt. Wanneer de in artikel 2, 13°, bedoelde verplicht ingeschreven werkzoekende, het document, bedoeld in het eerste lid, ondertekent, eindigt de begeleiding van de werkzoekende tot de werkzoekende het initiatief neemt om een nieuwe begeleiding bij FOREm aan te vragen. Wanneer de in artikel 2, 13°, bedoelde verplicht ingeschreven werkzoekende, weigert het document, bedoeld in het eerste lid, te ondertekenen en daarbij zijn weigering om mee te werken aan de uitwerking van zijn begeleidingstraject handhaaft, wordt het actieplan, zonder overleg, uitgewerkt door de referentieadviseur. Het actieplan, bedoeld in het vierde lid, wordt overeenkomstig het eerste lid ter ondertekening voorgelegd aan de verplicht ingeschreven werkzoekende, bedoeld in artikel 2, 13°. Indien de werkzoekende weigert het in het vierde lid bedoelde actieplan te ondertekenen, wordt het overeenkomstig paragraaf 2, tweede lid, toegezonden aan de in artikel 2, 13°, bedoelde verplicht ingeschreven werkzoekende. Afdeling
- - Coaching- en ondersteuningsgesprek Art. 36.Coaching- en ondersteuningsgesprekken kunnen te allen tijde door FOREm worden georganiseerd, op eigen initiatief of op initiatief van de werkzoekende. Coaching- en ondersteuningsgesprekken hebben tot doel : 1° het begeleidingsproces goed te laten verlopen, de werkzoekende te ondersteunen en te mobiliseren in zijn begeleidingsproces en in de realisatie van zijn actieplan;2° de werkzoekende te adviseren bij de uitvoering van zijn begeleiding, met name wat betreft de moeilijkheden die hij ondervindt bij de uitvoering van zijn actieplan;3° specifieke individuele of groepsondersteuning te verstrekken, met name op het gebied van het zoeken naar werk, zoals het schrijven van een curriculum vitae, het verstrekken van informatie over banen en het voorbereiden van sollicitatiegesprekken. Coaching- en begeleidingsgesprekken kunnen digitaal, telefonisch of persoonlijk plaatsvinden, volgens de door FOREm bepaalde modaliteiten, afhankelijk van de digitale autonomie van de werkzoekende. Art. 37.Tussen het evaluatiegesprek en het follow-upgesprek en tussen elk follow-upgesprek wordt door de referentieadviseur van de werkzoekende ten minste één coaching- en begeleidingsgesprek georganiseerd. Binnen de perken van de beschikbare personele middelen organiseert FOREm regelmatiger begeleidings- en follow-upgesprekken voor werkzoekenden die ver van de arbeidsmarkt af staan en in het bijzonder voor werkzoekenden die zeer ver van de arbeidsmarkt af staan. Afdeling
- - Vrijstellingen. Art. 38.FOREm beoordeelt de relevantie van het opleidings-, studie- of stageproject van de werkzoekende die in het kader van zijn begeleiding een vrijstelling vraagt van de toepassing van de artikelen 51, § 1, tweede lid, 3° tot 6°, 56 en 58 van het koninklijk besluit van 25 november 1991Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 06/11/2020 numac 2020015855 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel V type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 05/11/2018 numac 2018014576 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel I type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 14/12/2020 numac 2020043849 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel VI type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 04/11/2021 numac 2021033562 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel VIII type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 24/05/2019 numac 2019012364 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel II type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 25/01/2022 numac 2021022765 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel IX type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 01/10/2021 numac 2021033177 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheids-reglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel VII sluiten. Art. 39.De evaluatie van de relevantie van het opleidings-, studie- of stageproject, bedoeld in artikel 38, vindt plaats aan de hand van de volgende analysecriteria: 1° de beroepsaspiraties van de werkzoekende en de perceptie van het beroep waarop de hervatting van studies, opleiding of stage gericht is;2° de door FOREm geobjectiveerde vaardigheden en competenties van de werkzoekende;3° de eerder door de werkzoekende behaalde diploma's en getuigschriften van studies, opleidingen of werkervaring;4° eerdere beroepservaringen;5° de mogelijkheden tot duurzame integratie op de arbeidsmarkt in verband met het project van hervatting van studie, opleiding of stage. Studies, opleidingen of stages die leiden tot een tekort aan banen of een kritische functie en alternerende opleidingen worden voor de toepassing van het eerste lid, 5°, geacht mogelijkheden te bieden voor duurzame integratie op de arbeidsmarkt. Art. 40.Wanneer FOREm besluit dat de opleiding, de studie of het stageproject relevant is in het kader van coaching en oplossingsgerichte begeleiding, wordt geacht dat onweerlegbaar is voldaan aan de voorwaarden voor het verlenen van vrijstellingen van beschikbaarheid die bedoeld zijn in: - artikel 92, § 1, tweede lid, van het besluit van 25 november 1991; - artikel 93, § 1, eerste lid, 1°, 4°, 5° en 6° van hetzelfde decreet, op voorwaarde dat de studies worden georganiseerd, gesubsidieerd of erkend door een gemeenschap; - artikel 94, § 4, tweede lid, 3°, van hetzelfde besluit; - artikel 94, § 6, tweede lid, 1°, van hetzelfde besluit. Afdeling
- - Evaluatie van de actieve beschikbaarheid van de verplicht ingeschreven werkzoekende Onderafdeling
- -
Art. 41.§ 1.
Wanneer de werkzoekende een verplicht ingeschreven werkzoekende is, zoals bedoeld in artikel 2, 13°, beoordeelt de referentieadviseur in het kader van de formatieve evaluatie, bedoeld in artikel 29, § 4, bij elk follow-upgesprek, bedoeld in artikel 29, de naleving van zijn actieve beschikbaarheidsverplichtingen. §
- De in paragraaf 1 bedoelde evaluatie wordt uitgevoerd door FOREm, op basis van de gegevens bedoeld in artikel 29, § 3, op basis van de analyse van de vervulling door de in artikel 2, 13°, bedoelde verplicht ingeschreven werkzoekende, van zijn actieplan. Indien de referentieadviseur vaststelt dat de in artikel 2, 13°, bedoelde verplicht ingeschreven werkzoekende alle acties zoals opgenomen in het actieplan heeft voltooid, is het resultaat van de evaluatie van de werkzoekende, bedoeld in het eerste lid, positief. Wanneer de werkzoekende niet alle acties, zoals voorzien in het actieplan, heeft voltooid, beoordeelt de referentieadviseur de naleving van de actieve beschikbaarheidsverplichtingen van de werkzoekende door rekening te houden met : 1° de uitgevoerde acties, zoals voorzien in het actieplan van de werkzoekende, in voorkomend geval rekening houdend met de door de referentieadviseur als prioritair aangemerkte acties met het oog op de duurzame integratie van de werkzoekende op de arbeidsmarkt ;2° de door de werkzoekende buiten zijn actieplan ondernomen relevante stappen, met inbegrip van zijn autonome stappen om werk te zoeken, met het oog op zijn duurzame integratie op de arbeidsmarkt. Art. 42.§
- Het resultaat van de formatieve evaluatie van de actieve beschikbaarheid, bedoeld in artikel 41, wordt door de referentieadviseur vastgesteld en tijdens het follow-upgesprek aan de verplicht ingeschreven werkzoekende, bedoeld in artikel 2, 13°, meegedeeld. Het wordt overeenkomstig artikel 43 in het verslag van het onderhoud opgenomen. §
- Indien het resultaat van de formatieve evaluatie van de actieve beschikbaarheid van de verplicht ingeschreven werkzoekende, bedoeld in artikel 2, 13°, a), positief is, worden zijn actieve beschikbaarheidsverplichtingen automatisch geacht te zijn vervuld. Wanneer de werkzoekende een jonge verplicht ingeschreven werkzoekende is, bedoeld in artikel 2, 13°, b), neemt het positieve resultaat van de formatieve evaluatie van zijn actieve beschikbaarheid de vorm aan van een gunstig advies van de referentieadviseur over de naleving door de verplicht ingeschreven werkzoekende, bedoeld in artikel 2, 13°, b), van zijn actieve beschikbaarheidsverplichtingen. Het gunstige advies wordt meegedeeld aan de controledienst. §
- Wanneer de referentieadviseur op basis van de begeleiding, overeenkomstig artikel 41, niet zonder meer kan oordelen dat de verplicht ingeschreven werkzoekende, bedoeld in artikel 2, 13°, voldoet aan zijn verplichtingen inzake actieve beschikbaarheid, verandert de formatieve evaluatie van zijn actieve beschikbaarheid van een niet-geformaliseerde formatieve evaluatie in een geformaliseerde formatieve evaluatie, overeenkomstig de artikelen 45 tot en met
- Art. 43.Bij elk follow-upgesprek stelt de referentieadviseur een gespreksverslag op over de formatieve evaluatie van de actieve beschikbaarheid van de verplicht ingeschreven werkzoekende, bedoeld in artikel 2, 13°. De referentieadviseur vermeldt in het in het eerste lid bedoelde gespreksverslag zijn bevindingen over de in de artikelen 41, 45, § 2 of 47, § 2, bedoelde evaluatie in het bijzonder met betrekking tot de uitvoering van het actieplan van de verplicht ingeschreven werkzoekende, bedoeld in artikel 2, 13°. Het gespreksverslag vermeldt het resultaat van de in het eerste lid bedoelde evaluatie, en informeert de verplicht ingeschreven werkzoekende, bedoeld in artikel 2, 13°, over de gevolgen van dit resultaat voor het proces van formatieve evaluatie van de naleving van zijn verplichtingen inzake actieve beschikbaarheid. De in artikel 2, 13°, bedoelde verplicht ingeschreven werkzoekende wordt er in het gespreksverslag tevens schriftelijk op gewezen dat hij zich moet blijven inspannen om aan zijn actieve beschikbaarheidsverplichtingen te voldoen en dat deze in een later follow-upgesprek zullen worden beoordeeld. Het in het eerste lid bedoelde gespreksverslag wordt na afloop van het gesprek aan de in artikel 2, 13°, bedoelde verplicht ingeschreven werkzoekende overhandigd en voor ontvangst ondertekend. Indien hij weigert het gespreksverslag te ondertekenen, zendt de referentieadviseur het hem per aangetekende post toe. Art. 44.FOREm stelt de uitbetalingsinstelling, bedoeld in artikel 17 van het koninklijk besluit van 25 november 1991Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 06/11/2020 numac 2020015855 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel V type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 05/11/2018 numac 2018014576 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel I type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 14/12/2020 numac 2020043849 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel VI type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 04/11/2021 numac 2021033562 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel VIII type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 24/05/2019 numac 2019012364 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel II type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 25/01/2022 numac 2021022765 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel IX type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 01/10/2021 numac 2021033177 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheids-reglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel VII sluiten, of de Hulpkas voor werkloosheidsuitkeringen, bedoeld in artikel 18 van hetzelfde koninklijk besluit, waarbij de in artikel 2, 13°, bedoelde verplicht ingeschreven werkzoekende, in voorkomend geval is aangesloten, in kennis van het overstappen van deze laatste naar een geformaliseerde formatieve evaluatie, alsook van zijn al dan niet voortzetting in een geformaliseerde formatieve evaluatie. De in lid 1 bedoelde uitwisseling van gegevens vindt plaats overeenkomstig de wet van 15 januari 1990Relevante gevonden documenten type wet prom. 15/01/1990 pub. 08/07/2010 numac 2010000396 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet houdende oprichting en organisatie van een Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten houdende oprichting en organisatie van een Kruispuntbank van de sociale zekerheid. Onderafdeling
- Geformaliseerde formatieve evaluatie Art. 45.§
- Bij het follow-upgesprek, bedoeld in artikel 41, waarbij de referentieadviseur op basis van de begeleiding, overeenkomstig artikel 41, § 2, niet zonder meer kan oordelen dat de verplicht ingeschreven werkzoekende, bedoeld in artikel 2, 13°, voldoet aan zijn in artikel 42, § 3, bedoelde actieve beschikbaarheidsverplichtingen, stelt de referentieadviseur een formeel actieplan op, volgens dezelfde voorwaarden als die welke gelden voor het actieplan, overeenkomstig de artikelen 34 en
- §
- Bij het follow-upgesprek volgend op het follow-upgesprek waarin de verplicht ingeschreven werkzoekende bedoeld in artikel 2, 13°, overgaat naar een geformaliseerde formatieve evaluatie, beoordeelt de referentieadviseur opnieuw de actieve beschikbaarheid van de in artikel 2, 13°, bedoelde verplicht ingeschreven werkzoekende. In afwijking van artikel 31 wordt het in lid 1 bedoelde follow-upgesprek georganiseerd binnen minimaal drie en maximaal vier maanden na het in lid 1 bedoelde follow-upgesprek. De in lid 1 bedoelde evaluatie wordt uitgevoerd door FOREm, op basis van de informatie bedoeld in artikel 29, § 3, op basis van de analyse van de vervulling door de verplicht ingeschreven werkzoekende, bedoeld in artikel 2, 13°, van zijn formeel actieplan, volgens dezelfde modaliteiten als die bedoeld in artikel 41, § 2, tweede en derde lid. Art. 46.§
- Het resultaat van de in artikel 45, lid 2, bedoelde evaluatie wordt vastgesteld door de referentieadviseur en opgenomen in het in artikel 43 bedoelde gespreksverslag. §
- Indien het resultaat van de in artikel 45, lid 2, bedoelde evaluatie positief is, worden de in artikel 2, lid 13, bedoelde verplichtingen inzake de actieve beschikbaarheid van de verplicht ingeschreven werkzoekende automatisch geacht te zijn vervuld. Het proces van formatieve evaluatie van de actieve beschikbaarheid van de verplicht ingeschreven werkzoekende, bedoeld in artikel 2, 13°, wordt voortgezet overeenkomstig artikel 41 in het kader van een niet-geformaliseerde formatieve evaluatie. De referentieadviseur en de verplicht ingeschreven werkzoekende bedoeld in artikel 2, 13°, stellen tijdens het follow-upgesprek bedoeld in artikel 45, § 2, een actieplan op overeenkomstig de artikelen 34 en
- Wanneer de in het eerste lid bedoelde werkzoekende een in artikel 2, 13°, b), bedoelde verplicht ingeschreven werkzoekende is, neemt het positieve resultaat, bedoeld in het eerste lid, de vorm aan van een gunstig advies van de referentieadviseur over de vraag of de in artikel 2, 13°, b), bedoelde verplicht ingeschreven werkzoekende, aan zijn actieve beschikbaarheidsverplichtingen heeft voldaan. Het gunstige advies wordt meegedeeld aan de controledienst. §
- Wanneer de referentieadviseur na de in artikel 45, § 2, bedoelde evaluatie niet zonder meer kan oordelen dat de verplicht ingeschreven werkzoekende, bedoeld in artikel 2, 13°, voldoet aan zijn verplichtingen inzake actieve beschikbaarheid, wordt de evaluatie van de actieve beschikbaarheid van de werkzoekende voortgezet in het kader van een geformaliseerde formatieve evaluatie, overeenkomstig de artikelen 47 en
- In afwijking van het eerste lid wordt de evaluatie van de actieve beschikbaarheid van de werkzoekende, wanneer hij een verplicht ingeschreven werkzoekende is, zoals bedoeld in artikel 2, 13°, b), voortgezet in het kader van een geformaliseerde formatieve evaluatie, overeenkomstig artikel 45 en dit artikel. Art. 47.§
- Tijdens het follow-upgesprek, bedoeld in artikel 45, § 2, waarin de referentieadviseur op basis van de begeleiding, overeenkomstig artikel 41, § 2, niet zonder meer kan oordelen dat de in artikel 2, 13°, a), bedoelde verplicht ingeschreven werkzoekende voldoet aan zijn verplichtingen inzake actieve beschikbaarheid, bedoeld in artikel 46, § 3, eerste lid, stelt de referentieadviseur een formeel eindactieplan op, volgens dezelfde modaliteiten als die welke gelden voor het actieplan, overeenkomstig de artikelen 34 en 35 . §
- Tijdens het follow-upgesprek volgend op het in § 1 bedoelde follow-upgesprek beoordeelt de referentieadviseur opnieuw de actieve beschikbaarheid van de in artikel 2, 13°, a), bedoelde verplicht ingeschreven werkzoekende. In afwijking van artikel 31 wordt het in lid 1 bedoelde follow-upgesprek georganiseerd binnen minimaal drie en maximaal vier maanden na het in lid 1 bedoelde follow-upgesprek. De in lid 1 bedoelde evaluatie wordt uitgevoerd door FOREm, op basis van de informatie bedoeld in artikel 29, § 3, op grond van de analyse van de vervulling door de verplicht ingeschreven werkzoekende, bedoeld in artikel 2, 13°, a), van zijn formeel actieplan, volgens dezelfde modaliteiten als die bedoeld in artikel 41, § 2, tweede en derde lid. Art. 48.§
- Het resultaat van de in artikel 47, § 2, bedoelde evaluatie wordt door de referentieadviseur meegedeeld aan de in artikel 2, punt 13, onder a), bedoelde verplicht ingeschreven werkzoekende en opgenomen in het in artikel 43 bedoelde gespreksverslag. §
- Wanneer het resultaat van de in artikel 47, lid 2, bedoelde evaluatie positief is, wordt automatisch aangenomen dat aan de in artikel 2, 13°, onder a), bedoelde actieve beschikbaarheidsverplichtingen van de verplicht ingeschreven werkzoekende is voldaan. De evaluatie van de actieve beschikbaarheid van de in artikel 2, 13° a), bedoelde verplicht ingeschreven werkzoekende wordt voortgezet overeenkomstig artikel 41 in het kader van een niet-geformaliseerde formatieve evaluatie.. De referentieadviseur en de verplicht ingeschreven werkzoekende bedoeld in artikel 2, 13°, a) stellen tijdens het follow-upgesprek bedoeld in artikel 47, § 2, een actieplan op overeenkomstig de artikelen 34 en
- §
- Wanneer de referentieadviseur na de in artikel 45, § 2, bedoelde evaluatie niet zonder meer kan oordelen dat de verplicht ingeschreven werkzoekende, bedoeld in artikel 2, 13°, a), voldoet aan zijn verplichtingen inzake actieve beschikbaarheid overeenkomstig het eerste lid, wordt het dossier van de in artikel 2, 13°, a) bedoelde verplicht ingeschreven werkzoekende naar de controledienst gestuurd. Onderafdeling
- - Verzoek om wijziging van het formeel eindactieplan Art. 49.§
- Wanneer een formeel eindactieplan is opgesteld, kan de in artikel 2, 13°, a), bedoelde verplicht ingeschreven werkzoekende binnen vijftien dagen na het opvolgingsgesprek waarin het formeel eindactieplan is overeengekomen, een verzoek tot wijziging van zijn formeel eindactieplan indienen. Het verzoek tot wijziging wordt door de verplicht ingeschreven werkzoekende, bedoeld in artikel 2, 13°, a), schriftelijk ingediend bij zijn referentieadviseur. In afwijking van lid 2 kan de in artikel 2, 13° a), bedoelde verplicht ingeschreven werkzoekende die moeilijkheden ondervindt met de schriftelijke procedure voor het aanvragen van wijzigingen in het formeel eindactieplan, zijn wijzigingsverzoek binnen de in lid 1 bedoelde termijn mondeling aan zijn referentieadviseur meedelen. §
- Bij de aanvraag van een wijziging als bedoeld in het eerste lid, geeft de verplicht ingeschreven werkzoekende, bedoeld in artikel 2, 13°, a), de redenen aan waarom hij meent dat alle of een deel van de acties waarvoor een wijziging wordt gevraagd, niet aangepast zijn aan zijn situatie of relevantie missen in het kader van zijn begeleidings- en oplossingsgericht begeleidingstraject. §
- Wanneer het verzoek niet binnen de in paragraaf 1 bedoelde termijn wordt ingediend, wordt het verzoek niet-ontvankelijk verklaard. Art. 50.Wanneer het verzoek binnen de in artikel 49, lid 1, bedoelde termijn wordt ingediend, gaat de adviseur na of de door de verplicht ingeschreven werkzoekende aangevoerde elementen als bedoeld in artikel 2, punt 13, onder a), een wijziging van zijn formeel eindactieplan rechtvaardigen. In het geval van een verzoek uit hoofde van artikel 49 wordt de periode tussen de in artikel 47 bedoelde opvolgingsgesprekken onderbroken tot de kennisgeving van de beslissing over de wijziging van het formeel eindactieplan. In geval van overeenstemming deelt de referentieadviseur de in artikel 2, 13°, a), bedoelde verplicht ingeschreven werkzoekende binnen zeven dagen na ontvangst van het verzoek tot wijziging per aangetekend schrijven zijn positieve beslissing mee, alsmede het gewijzigde formele eindactieplan, waarbij hij hem meedeelt dat dit laatste tijdens het volgende vervolggesprek zal worden opgevolgd. Indien de referentieadviseur het er niet mee eens is, richt hij het verzoek tot wijziging binnen 15 dagen na ontvangst aan de adjunct-directeur-generaal van de territoriale directie van het rechtsgebied waar de referentieadviseur zijn functie uitoefent of aan zijn afgevaardigde. Binnen dezelfde termijn als bepaald in het vierde lid, brengt de referentieadviseur de in artikel 2, 13°, a), bedoelde verplicht ingeschreven werkzoekende per aangetekend schrijven op de hoogte van de toezending van zijn aanvraag aan de adjunct-directeur-generaal van de territoriale directie of zijn afgevaardigde. De in lid 5 bedoelde mededeling bevat ten minste de volgende informatie: 1° de redenen waarom de referentieadviseur het niet eens is met het verzoek tot wijziging van het formeel eindactieplan;2° de mogelijkheid voor de verplicht ingeschreven werkzoekende bedoeld in artikel 2, 13°, a) om gehoord te worden door de adjunct-directeur-generaal van de territoriale directie of zijn afgevaardigde alvorens deze beslist over het verzoek tot wijziging;3° de modaliteiten volgens welke hij de "FOREm" in kennis moet stellen van zijn wens om door de adjunct-directeur-generaal van de territoriale directie of zijn afgevaardigde te worden gehoord. Art. 51.§
- In het geval bedoeld in artikel 50, vierde lid, analyseert de adjunct-directeur-generaal van de territoriale directie of zijn afgevaardigde het verzoek tot wijziging op basis van het schriftelijke dossier dat de verplicht ingeschreven werkzoekende, bedoeld in artikel 2, 13°, a), aan de referentieadviseur heeft toegezonden. Binnen 14 dagen na de toezending van het verzoek tot wijziging bedoeld in artikel 50, vierde lid, neemt de adjunct-directeur-generaal van de territoriale directie of zijn afgevaardigde een beslissing en deelt hij deze per aangetekende brief mee aan de verplicht ingeschreven werkzoekende bedoeld in artikel 2, 13°, a). §
- In afwijking van paragraaf 1 kan de in artikel 2, 13°, a), bedoelde verplicht ingeschreven werkzoekende binnen 7 dagen na de mededeling bedoeld in artikel 50, vijfde lid, verzoeken te worden gehoord door de adjunct-directeur-generaal van de territoriale directie of zijn afgevaardigde. In dat geval wordt de in artikel 2, 13°, a) bedoelde verplicht ingeschreven werkzoekende per aangetekende brief opgeroepen voor een onderhoud met de adjunct-directeur-generaal van de territoriale directie of zijn afgevaardigde, dat ten vroegste op de vijftiende dag na de verzending van de