wet van 24 december 1993 betreffende de overheidsopdrachten en sommige opdrachten voor aanneming van werken, leveringen en diensten en van sommige koninklijke besluiten tot uitvoering van deze wet VER
§§ 2en 3 ?
- art. 42, 3, richtl. 2004/18/EG ? art. 47 - §§ 1 en 2 - § 3 ? - art. 42 en bijlage X richtl. 2004/18/EG ? art. 48 ? - ? art. 49 ? - ? art. 50 ? - ? art. 51 ? - ? art. 52 ? - ? art. 53 ? - ? art. 54 ? art. 23, 8, tweede zin, richtl. 2004/18/EG ? art. 55 ? art. 27 richtl. 2004/18/EG ? art. 56 ? - ? art. 57 ? - ? art. 58 ? - ? art. 59 ? - ? art. 60 ? art. 55, 1, richtl. 2004/18/EG ? art. 61 ? - ? art. 62 ? - ? art. 63 ? art. 31, 1, c, laatste zin, richtl. 2004/18/EG ? art. 64 ? - ? art. 65 ? art. 30, 2 tot 4, richtl. 2004/18/EG ? art. 66 ? art. 46, eerste lid, en bijlage IX richtl. 2004/18/EG ? art. 67 ? art. 52, 1, en 49, 3, 4 en 5, richtl. 2004/17/EG ? art. 68 ? art. 45, 1, en 48, 6, b en c, richtl. 2004/17/EG ? art. 69 ? art. 45, 1, richtl. 2004/17/EG ? art. 70 ? art. 52, 1, richtl. 2004/17/EG ? art. 71 - §
§ 2? - art.
54, 4, tweede lid, richtl. 2004/17/EG ? art. 72 ? - ? art. 73 ? - ? art. 74 ? art. 52, 1, en 49, 3, 4 en 5, richtl. 2004/17/EG ? art. 75 ? art. 45, 1, en 48, 6, b en c, richtl. 2004/17/EG ? art. 76 ? art. 45, 1, richtl. 2004/17/EG ? art. 77 ? art. 52, 1, richtl. 2004/17/EG ? art. 78 ? art. 54, tweede lid, richtl. 2004/17/EG ? art. 79 ? - ? art. 80 ? - ? art. 81 ? art. 17, 10, a en b, en 1, richtl. 2004/17/EG ? art. 82 ? art. 52, 1, en 49, 3, 4 en 5, richtl. 2004/17/EG ? art. 83 ? art. 45, 1, en 48, 6, b en c, richtl. 2004/17/EG ? art. 84 ? art. 45, 1, richtl. 2004/17/EG ? art. 85 ? art. 52, 1, richtl. 2004/17/EG ? art. 86 ? - ? art. 87 ? - ? art. 88 ? - ? art. 89 ? - ? art. 90 ? - ? art. 91 ? art. 66, 1, en 65, 2, richtl. 2004/17/EG ? art. 92 ? art. 61 richtl. 2004/17/EG ? art. 93 ? - ? art. 94 - §
§§ 2en 3 ?
- art. 48, 3, richtl. 2004/17/EG ? art. 95 - §§ 1 en 2 - § 3 ? - art. 48 en bijlage XXIV richtl. 2004/17/EG ? art. 96 ? - ? art. 97 ? - ? art. 98 ? - ? art. 99 ? - ? art. 100 ? - ? art. 101 ? art. 36, 2, richtl. 2004/17/EG ? art. 102 ? art. 34, 8, laatste zin, richtl. 2004/17/EG ? art. 103 ? art. 39 richtl. 2004/17/EG ? art. 104 ? - ? art. 105 ? - ? art. 106 ? - ? art. 107 ? - ? art. 108 ? art. 57, 1, richtl. 2004/17/EG ? art. 109 ? - ? art. 110 ? - ? art. 111 ? - ? art. 112 ? - ? art. 113 ? art. 50 richtl. 2004/17/EG ? art. 114 ? - ? art. 115 ? art. 17, 1 en 10, a en c, richtl. 2004/17/EG ? art. 116 ? art. 45, § 3, a en c, richtl. 2004/17/EG ? art. 117 ? art. 49, 3, 4 en 5 en 45, 3, b en c, richtl. 2004/17/EG ? art. 118 ? art. 45, 1, en 48, 6, b en c, richtl. 2004/17/EG ? art. 119 ? art. 52, 1, richtl. 2004/17/EG ? art. 120 ? - ? art. 121 ? art. 57, 1, richtl. 2004/17/EG ? art. 122 ? art. 65, 2, en 66, 1, richtl. 2004/17/EG ? art. 123 ? art. 61 richtl. 2004/17/EG ? art.124 ? - ? art. 125 - §
§§ 2en 3 ?
- art. 48, 3, richtl. 2004/17/EG en bijlage XXIV richtl. 2004/17/EG ? art. 126 - §§ 1 en 2 - § 3 ? - art. 48 en bijlage XXIV richtl. 2004/17/EG ? art. 127 ? - ? art. 128 ? - ? art. 129 ? art. 39 richtl. 2004/17/EG ? art. 130 ? art. 50 richtl. 2004/17/EG ? art. 131 ? - ? art. 132 ? - ADVIES 47.059/1/V VAN 18 AUGUSTUS 2009 VAN DE AFDELING WETGEVING VAN DE RAAD VAN STATE De Raad van State, afdeling Wetgeving, eerste vakantiekamer, op 22 juli 2009 door de Eerste Minister verzocht hem, binnen een termijn van dertig dagen, verlengd met twintig dagen, van advies te dienen over een ontwerp van koninklijk besluit « tot wijziging van de wet van 24 december 1993 betreffende de overheidsopdrachten en sommige opdrachten voor aanneming van werken, leveringen en diensten en van sommige koninklijke besluiten tot uitvoering van deze wet », heeft het volgende advies gegeven : Met toepassing van artikel 84, § 3, eerste lid, van de wetten van de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, heeft de afdeling Wetgeving zich toegespitst op het onderzoek van de bevoegdheid van de steller van de handeling, van de rechtsgrond, alsmede van de vraag of aan de te vervullen vormvereisten is voldaan. STREKKING EN RECHTSGROND VAN HET ONTWERP 1. Het om advies voorgelegde ontwerp van koninklijk besluit strekt ertoe diverse wijzigingen aan te brengen in, eensdeels, de wet van 24 december 1993 betreffende de overheidsopdrachten en sommige opdrachten voor aanneming van werken, leveringen en diensten en, anderdeels, bepaalde van de ter uitvoering van die wet tot stand gekomen koninklijke besluiten, met name van het koninklijk besluit van 8 januari 1996Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/2001 pub. 29/09/2001 numac 2001011298 bron ministerie van economische zaken Wet houdende vaststelling van bepaalde regels in verband met het juridisch kader voor elektronische handtekeningen en certificatiediensten sluiten5 betreffende de overheidsopdrachten voor aanneming van werken, leveringen en diensten en de concessies voor openbare werken, van het koninklijk besluit van 10 januari 1996 betreffende de overheidsopdrachten voor aanneming van werken, leveringen en diensten in de sectoren water, energie, vervoer en postdiensten en het koninklijk besluit van 18 juni 1996 betreffende de mededinging in het raam van de Europese Gemeenschap van sommige opdrachten voor aanneming van werken, leveringen en diensten in de sectoren water, energie, vervoer en postdiensten. Aan de ontworpen wijzigingen ligt vooreerst de bedoeling ten grondslag om, in afwachting dat de wetten van 15
(1)en 16 juni 2006
(2)in werking treden, door middel van een aanpassing van de heden nog van toepassing zijnde regelgeving, de dwingende bepalingen van Richtlijnen 2004/17/EG
(3)en 2004/18/EG
(4)in het interne recht om te zetten
(5)en op die wijze tegemoet te komen aan de arresten, beide van 23 april 2009, van het Hof van Justitie C-287-07 (betreffende Richtlijn 2004/17/EG) en C-292/07 (betreffende Richtlijn 2004/18/EG), waarbij het Hof oordeelde dat een aantal bepalingen van de betrokken richtlijnen ofwel niet, ofwel onvolledig of incorrect, werden omgezet in het interne recht. De ontworpen regeling is zodoende tijdelijk van aard, in die zin dat de definitieve omzetting van de voornoemde richtlijnen zal gebeuren door en ter uitvoering van de wetten van 15 en 16 juni 2006, van zodra die wetten in werking zullen zijn getreden en in de noodzakelijke uitvoeringsbesluiten ervan zal zijn voorzien. Het ontwerp strekt er ook toe de toepassing van een aantal bepalingen van de uitvoeringsbesluiten uit te breiden tot de opdrachten beneden de Europese bekendmakingsdrempels; voorts worden, buiten de problematiek van de omzetting van de richtlijnbepalingen, enkele bepalingen ontworpen betreffende een ontvangen « besmet » elektronisch document en wordt aan de structuur van de uitvoeringsbesluiten gesleuteld. 2.
- De ontworpen regeling, die zowel de zogenaamde « klassieke sectoren » als de « nutssectoren » betreft, vindt, wat de omzetting van voornoemde richtlijnen betreft in de wet van 24 december 1993 en in haar uitvoeringsbesluiten, rechtsgrond in de artikelen 43, § 1, eerste lid, en 65, eerste lid, van de wet van 24 december
- Artikel 43, § 1, luidt : « De Koning kan, voor de overheidsopdrachten en de concessies van openbare werken onderworpen aan dit boek, elke maatregel, met inbegrip van de opheffing, aanvulling, wijziging of vervanging van wetsbepalingen, nemen die nodig is om de omzetting te verzekeren van de verplichtingen die voortvloeien uit het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap en de internationale maatregelen die krachtens dit verdrag genomen werden. Deze maatregelen zullen het voorwerp uitmaken van een verslag dat zal voorgelegd worden aan de wetgevende Kamers in de loop van de zitting indien zij vergaderen, zo niet bij de aanvang van hun eerstvolgende zitting ». Artikel 65 luidt : « De Koning kan de maatregelen nemen, met inbegrip van de opheffing, aanvulling, wijziging of vervanging van wetsbepalingen, die nodig zijn om de omzetting te verzekeren van de verplichte bepalingen die voortvloeien uit het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap en de internationale maatregelen die genomen werden krachtens dit verdrag en die, enerzijds, de opdrachten voor aanneming van werken en leveringen betreffen bedoeld in dit boek, en anderzijds, de opdrachten voor aanneming van diensten die zullen onderworpen worden aan de voornoemde verplichte bepalingen. De maatregelen zullen het voorwerp uitmaken van een verslag dat zal voorgelegd worden aan de wetgevende Kamers in de loop van de zitting indien zij vergaderen, zo niet bij de aanvang van hun eerstvolgende zitting ». Een grondwetsconforme lezing van voornoemde wetsbepalingen leidt tot de vaststelling dat de Koning op grond van die bepalingen slechts gemachtigd is om maatregelen te nemen die betrekking hebben op aangelegenheden waarin er in hoofde van de Koning geen of bijna geen beleidskeuze is, die met andere woorden slechts de omzetting zijn van internationaalrechtelijke « verplichte bepalingen » of « verplichtingen », in de zin van voornoemde wetsbepalingen. Er anders over oordelen heeft immers tot gevolg dat aan die machtigingen een dermate verregaande draagwijdte moet worden toebedeeld dat zij niet in overeenstemming kunnen worden geacht met de grondwettelijke beginselen die de verhouding regelen tussen de wetgevende en de uitvoerende macht. Een dergelijke ruime machtiging zou enkel aanvaardbaar kunnen worden geacht indien zij betrekking heeft op aangelegenheden die ze uitdrukkelijk, nauwkeurig en limitatief opsomt, en er zodanige uitzonderlijke omstandigheden bestaan dat de wetgever zich in de onmogelijkheid bevindt om zelf de voorgenomen omzettingen tot stand te brengen, omdat de inachtneming van de parlementaire procedure hem niet in staat zou stellen om met de vereiste spoed te handelen om zulk een doelstelling van algemeen belang te verwezenlijken. In het voorliggende geval voldoen de aan de Koning verleende machtigingen echter niet aan die voorwaarden, zodat zij in voornoemde beperkte zin moeten worden gelezen. De ontworpen wijzigingen die door de artikelen 2 tot 7 van het ontwerp worden aangebracht aan de wet van 24 december 1993, lijken geen hiervoor bedoelde beleidskeuze te omvatten. 2.
- De ontworpen wijzigingen aan de bijlagen 1 en 2 van de wet van 24 december 1993 (artikelen 8 en 9 van het ontwerp) vinden rechtsgrond in de artikelen 5 en 27 van deze wet die specifieke delegaties aan de Koning bevatten. 2.
- Voor zover de ontworpen regeling niet de omzetting van de voornoemde richtlijnen betreft, vindt zij rechtsgrond : -wat de wijzigingen van het voornoemde koninklijk besluit van 8 januari 1996Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/2001 pub. 29/09/2001 numac 2001011298 bron ministerie van economische zaken Wet houdende vaststelling van bepaalde regels in verband met het juridisch kader voor elektronische handtekeningen en certificatiediensten sluiten5 betreft, in artikel 1, § 1, tweede lid, van de wet van 24 december 1993 dat de Koning opdraagt om de inrichting vast te leggen van de in artikel 1, eerste lid, van de wet bedoelde gunningsprocedures, evenals de algemene uitvoeringsregels voor de overheidsopdrachten; - wat de wijzigingen van het voornoemde koninklijk besluit van 10 januari 1996 betreft, in artikel 2, tweede lid, van de wet van 24 december 1993 dat de Koning opdraagt om de inrichting vast te leggen van de in artikel 2, eerste lid, van de wet bedoelde gunningsprocedures voor de nutssectoren; - wat de wijzigingen van het voornoemde koninklijk besluit van 18 juni 1996 betreft, in artikel 59, § 1, van de wet van 24 december 1993, dat bepaalt dat de opdrachten, naar keuze van de aanbestedende dienst, worden gegund bij openbare of beperkte procedure of bij een onderhandelingsprocedure met naleving van de mededingingsvoorschriften vastgelegd door de Koning. ALGEMENE OPMERKINGEN
- Rekening houdend met de omvang en de complexiteit van de hem om advies voorgelegde ontwerptekst heeft de Raad van State, afdeling Wetgeving, zich hoofdzakelijk toegespitst op de vraag of met de ontworpen regeling Richtlijnen 2004/17/EG en 2004/18/EG naar behoren zijn omgezet in de interne rechtsorde. De betrokken vraag valt niet makkelijk en met zekerheid te beantwoorden. Er is immers niet enkel de ingewikkeldheid van de voornoemde Europeesrechtelijke teksten, maar ook het gegeven dat de omzetting van de betrokken richtlijnen in het interne recht over diverse normatieve teksten, van uiteenlopende juridische waarde, wordt gespreid en reeds eerder gedeeltelijk en blijkbaar onvolkomen gebeurde
(6). Daar komt nog bij dat de omzetting van de richtlijnen in de ontworpen regeling wordt geënt op het bestaande wettelijke en reglementaire kader dat evenwel zal worden vervangen door de regelgeving die is vervat in de wetten van 15 en 16 juni 2006 en in de nog tot stand te brengen uitvoeringsbesluiten daarvan, eenmaal die regelgeving in werking zal zijn getreden. 4.
- Het verdient aanbeveling dat naast het verslag aan de Koning, de concordantietabel die aan de Raad van State, afdeling Wetgeving, werd bezorgd en waaruit blijkt welke bepalingen van het ontwerp beogen welke bepalingen van Richtlijnen 2004/17/EG en 2004/18/EG in het interne recht om te zetten, mee zou worden bekendgemaakt. 4.
- Bij vergelijking tussen de voornoemde arresten van het Hof van Justitie en de concordantietabel valt op dat bepaalde richtlijnbepalingen waarvan het Hof oordeelde dat ze niet of onvolkomen waren omgezet in de interne rechtsorde, niet voorkomen op de tabel; zo kan bij wijze van voorbeeld gewezen worden op artikel 44, lid 4, en artikel 72, van Richtlijn 2004/18/EG en op artikel 49, leden 4 en 5, van Richtlijn 2004/17/EG. Voor zover deze bepalingen in het ontwerp omgezet zijn, dient de concordantietabel aangepast te worden.
- Er dient opgemerkt te worden dat bij de adviesaanvraag de bijlagen waarvan sprake in het ontwerp (artikelen 8, 9, 17, 27, 35, 63, 68, 76, 84, 111 en 127 van het ontwerp), ontbraken en dat deze op vraag van de auditeur-verslaggever werden bijgebracht. BIJZONDERE OPMERKINGEN Aanhef
- Het eerste lid van de aanhef dient te worden aangepast gelet op hetgeen werd opgemerkt sub 2 omtrent de rechtsgrond voor het ontworpen besluit. Artikelen 2, 4 en 6
- In artikel 41, lid 2, eerste alinea, tweede streepje, van Richtlijn 2004/18/EG en artikel 49, lid 2, eerste alinea, tweede streepje, van Richtlijn 2004/17/EG
(7)wordt een andere terminologie gehanteerd dan in de ontworpen bepalingen van de artikelen 2, 4 en 6 van het ontwerp; zo vermelden de richtlijnbepalingen « werken, leveringen of diensten » terwijl de ontworpen bepalingen het woord « oplossingen » vermelden; op het eerste gezicht lijken de richtlijnbepalingen ruimer geformuleerd dan de ontworpen bepalingen. Artikel 5, 1°
- Door de ontworpen bepaling die de wettelijke regeling inzake de nutssectoren betreft, wordt een aanvulling gegeven aan de definitie van opdracht van leveringen;bijkomend mag dergelijke overeenkomst plaatsings- of installatiewerkzaamheden bevatten. Artikel 1, lid 2, c), van Richtlijn 2004/17/EG hanteert als terminologie dat de opdracht ook in bijkomende orde om de werkzaamheden voor het aanbrengen en installeren van de geleverde producten kan gaan. In artikel 5, tweede lid, van de wet van 24 december 1993 dat de klassieke sectoren betreft, wordt gesteld dat die overeenkomst bijkomend werken van aanleg en plaatsing mag bevatten. Het lijkt aangewezen in de Nederlandse tekst een meer eenvormige terminologie te hanteren, temeer het definities betreft. Artikel 14, 1°, 24, 1° en 33, 1°
- In de ontworpen bepalingen wordt de term « geselecteerden » of « kandidaten » vermeld.In artikel 44, lid 3, tweede alinea, van Richtlijn 2004/18/EG en in de artikelen 16, vijfde lid, 42, vijfde lid, en 68, vijfde lid, van het koninklijk besluit van 8 januari 1996Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/2001 pub. 29/09/2001 numac 2001011298 bron ministerie van economische zaken Wet houdende vaststelling van bepaalde regels in verband met het juridisch kader voor elektronische handtekeningen en certificatiediensten sluiten5 die door de ontworpen bepalingen worden aangevuld, wordt de term « (uitgenodigde) gegadigden » gebruikt. Het verdient aanbeveling om nauwer aan te sluiten bij de terminologie van de richtlijn en de tekst van de te wijzigen artikelen.
- Op te merken valt ook dat artikel 44, lid 4, van richtlijn 2004/18/EG in de ontworpen bepalingen onvolkomen omgezet lijkt. Artikel 24
- Artikel 24 beoogt artikel 42, § 1, van het koninklijk besluit van 8 januari 1996Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/2001 pub. 29/09/2001 numac 2001011298 bron ministerie van economische zaken Wet houdende vaststelling van bepaalde regels in verband met het juridisch kader voor elektronische handtekeningen en certificatiediensten sluiten5 te wijzigen.Op te merken valt dat dit artikel 42 niet onderverdeeld is in paragrafen. Artikel 26
- Er is een discordantie tussen de Nederlandse en de Franse tekst waarbij volgens de gemachtigde de Nederlandse tekst correct is. Artikel 29, 1°
- Krachtens artikel 29 van het ontwerp worden de bepalingen van artikel 54, eerste lid, 1° en 3°, van het koninklijk besluit van 8 januari 1996Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/2001 pub. 29/09/2001 numac 2001011298 bron ministerie van economische zaken Wet houdende vaststelling van bepaalde regels in verband met het juridisch kader voor elektronische handtekeningen en certificatiediensten sluiten5 in de Nederlandse tekst aangevuld met de woorden « en alle andere vormen van vergoeding ». In artikel 9, lid 8, a), i) en iii), van Richtlijn 2004/18/EG worden daarentegen naargelang het geval de woorden « en andere vormen van beloning » en « en andere wijzen van bezoldiging » gehanteerd. Het verdient aanbeveling om nauwer aan te sluiten bij de terminologie van de richtlijn. Artikel 40, 2°
- In de ontworpen bepaling wordt in de Nederlandse tekst de term « kandidaten » vermeld;in artikel 72 van Richtlijn 2004/18/EG wordt de term « gegadigden » gebruikt. Het verdient aanbeveling om nauwer aan te sluiten bij de terminologie van de richtlijn. Artikel 51
- De Nederlandse tekst van ontworpen bepaling lijkt niet volledig in overeenstemming met artikel 23, lid 8, van Richtlijn 2004/18/EG. Het verdient aanbeveling nauwer aan te sluiten bij de terminologie van deze richtlijnbepaling; in de richtlijnbepaling worden de woorden « of gelijkwaardig » vermeld terwijl in de ontworpen bepaling de woorden « of daarmee overeenstemmend » worden vermeld. Artikel 52
- Met het ontworpen artikel 86bis wordt beoogd artikel 27 van Richtlijn 2004/18/EG om te zetten. Er lijkt een wezenlijk verschil tussen het ontworpen artikel 86bis, tweede lid, (het woord « vermelding ») en artikel 27, lid 2, van de richtlijn (het woord « informatie »). Voorts verdient het aanbeveling nauwer aan te sluiten bij de terminologie van de richtlijn. Artikel 57
- Opgemerkt dient te worden dat het de Raad van State niet duidelijk is in hoeverre artikel 55, lid 2 en lid 3, van Richtlijn 2004/18/EG, omgezet werd in het interne recht en deze bepaling dan ook niet het voorwerp dient uit te maken van het ontworpen artikel 110, §
- Artikel 64
- In de Nederlandse tekst van het ontworpen artikel 7, § 2, 1°, van het koninklijk besluit van 10 januari 1996 gebruike men bij voorkeur het woord « bewijzen » in plaats van « motiveringen » zoals in artikel 52, lid 1, b), van Richtlijn 2004/17/EG bepaald.
- In het ontworpen artikel 7, § 2, 3°, van het koninklijk besluit van 10 januari 1996 schrijve men in fine en dit in overeenstemming met artikel 49, lid 3, van Richtlijn 2004/17/EG : « ... de datum waarop zijn verzoek zal worden aanvaard dan wel afgewezen. »
- Opgemerkt dient te worden dat artikel 49, leden 4 en 5, van Richtlijn 2004/17/EG niet lijkt omgezet te zijn.De gemachtigde bevestigt dit. Artikel 65
- De laatste zin van artikel 48, lid 6, c), van Richtlijn 2004/17/EG wordt in het ontworpen artikel 8, vijfde lid, van het koninklijk besluit van 10 januari 1996 niet omgezet.
- De verwijzing in het ontworpen artikel 8, vijfde lid, van het koninklijk besluit van 10 januari 1996 naar artikel 61ter, § 1, van dit koninklijk besluit is onjuist. Artikel 67
- Op te merken valt dat artikel 16, § 2, van het koninklijk besluit van 10 januari 1996 drie leden telt zodat de ontworpen invoeging van een lid tussen het derde en vierde lid onjuist is.
- In de Nederlandse tekst van het ontworpen lid gebruike men bij voorkeur het woord « bewijzen » in plaats van « motiveringen » zoals in artikel 52, lid 1, b), van Richtlijn 2004/17/EG bepaald. Artikel 68
- Luidens de inleidende zin van artikel 68 van het ontwerp wordt artikel 17, § 2, van het koninklijk besluit van 10 januari 1996 met een lid aangevuld.Luidens artikel 68, 1°, wordt echter artikel 17, § 1, gewijzigd. De stellers van het ontwerp dienen de inleidende zin wetgevingstechnisch te herzien. Artikel 71
- In de inleidende zin van artikel 71 van het ontwerp vervange men « artikel 29, § 2, 1°, » door « artikel 29, § 2, » en in de Nederlandse tekst bovendien het woord « bepalingen » door « wijzigingen ».
- In de Nederlandse tekst van het ontworpen artikel 29, § 2, 1°, van het koninklijk besluit van 10 januari 1996 gebruike men bij voorkeur het woord « bewijzen » in plaats van « motiveringen » zoals in artikel 52, lid 1, b), van Richtlijn 2004/17/EG bepaald. Artikel 74
- In de Nederlandse tekst van het ontworpen artikel 38, § 2, 1°, van het koninklijk besluit van 10 januari 1996 gebruike men bij voorkeur het woord « bewijzen » in plaats van « motiveringen » zoals in artikel 52, lid 1, b), van Richtlijn 2004/17/EG bepaald. Artikel 78, 1°
- In artikel 78, 1°, van het ontwerp dient « het eerste lid » vervangen te worden door « het tweede lid ». Artikel 79
- In de Nederlandse tekst van het ontworpen artikel 50, § 2, 1°, van het koninklijk besluit van 10 januari 1996 gebruike men bij voorkeur het woord « bewijzen » in plaats van « motiveringen » zoals in artikel 52, lid 1, b), van Richtlijn 2004/17/EG bepaald. Artikel 82
- In de Nederlandse tekst van het ontworpen artikel 59, § 2, nieuw lid, van het koninklijk besluit van 10 januari 1996 gebruike men bij voorkeur het woord « bewijzen » in plaats van « motiveringen » zoals in artikel 52, lid 1, b), van Richtlijn 2004/17/EG bepaald.
- Op te merken valt dat artikel 59, § 2, van het koninklijk besluit van 10 januari 1996 drie leden telt zodat de invoeging van het ontworpen nieuw lid tussen het derde en vierde lid onjuist is. Artikel 99
- Het verdient aanbeveling nauwer aan te sluiten bij de terminologie van artikel 34, lid 8, van Richtlijn 2004/17/EG;in de richtlijnbepaling worden de woorden « of gelijkwaardig » vermeld terwijl in de Nederlandse tekst van ontworpen bepaling de woorden « of daarmee overeenstemmend » worden vermeld. Artikel 100
- Met het ontworpen artikel 76bis van het koninklijk besluit van 10 januari 1996 wordt beoogd artikel 39 van Richtlijn 2004/17/EG om te zetten. Er lijkt een wezenlijk verschil tussen de beide teksten wat het ontworpen artikel, tweede lid (het woord « vermelding ») en artikel 39, lid 2 (het woord « informatie ») betreft. Het verdient aanbeveling nauwer aan te sluiten bij de terminologie van de richtlijn. Artikel 105
- Opgemerkt dient te worden dat het de Raad van State niet duidelijk is in hoeverre artikel 57, lid 2 en lid 3, van Richtlijn 2004/17/EG, omgezet werd in het interne recht en deze bepaling dan ook niet het voorwerp dient uit te maken van het ontworpen artikel 98, §
- Artikel 113
- In het ontworpen artikel 10, § 3, 3°, van het koninklijk besluit van 18 juni 1996 schrijve men in fine en dit in overeenstemming met artikel 49, lid 3, tweede alinea, van Richtlijn 2004/17/EG : « ... over de datum waarop zijn verzoek zal worden aanvaard dan wel afgewezen. »
- In de Nederlandse tekst van de ontworpen paragraaf 4 vervange men het woord « nagelegd » door « nageleefd ». Artikel 114 38 In de Nederlandse tekst van het ontworpen artikel 11, § 3, tweede zin, van het koninklijk besluit van 18 juni 1996 is in fine een gedeelte weggevallen.
- De laatste zin van artikel 48, lid 6, c), van Richtlijn 2004/17/EG werd in het ontworpen artikel 11, § 3, niet omgezet. Artikel 115
- In het ontworpen artikel 13, nieuw lid, van het koninklijk besluit van 18 juni 1996 gebruike men bij voorkeur het woord « bewijzen » in plaats van « motiveringen » zoals in artikel 52, lid 1, b), van Richtlijn 2004/17/EG bepaald.
- Op te merken valt dat artikel 13 slechts drie leden telt zodat de invoeging van het ontworpen nieuw lid tussen het derde en vierde lid onjuist is. Artikel 117
- Opgemerkt dient te worden dat het de Raad van State niet duidelijk is in hoeverre artikel 57, lid 2 en lid 3, van Richtlijn 2004/17/EG, omgezet werd in het interne recht en deze bepaling dan ook niet het voorwerp dient uit te maken van artikel 16 van het koninklijk besluit van 18 juni 1996.
- Luidens artikel 117 van het ontwerp wordt artikel 16 van het koninklijk besluit van 18 juni 1996 met een lid aangevuld;op te merken valt dat artikel 16 onderverdeeld is in paragrafen. Artikel 128
- Artikel 128 van het ontwerp dient aangevuld te worden met de datum van inwerkingtreding. De kamer was samengesteld uit : de heren : J. VAN NIEUWENHOVE, staatsraad, voorzitter; B. THYS, P. BARRA, staatsraden; M. TISON, assessor van de afdeling Wetgeving; Mevr. A. BECKERS, griffier. Het verslag werd uitgebracht door de H. P. DEPUYDT, eerste auditeurafdelingshoofd. De Griffier, A. BECKERS. De Voorzitter, J. VAN NIEUWENHOVE. _______ Nota's
(1)Wet van 15 juni 2006Relevante gevonden documenten type wet prom. 15/06/2006 pub. 15/02/2007 numac 2006021341 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet overheidsopdrachten en bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten type wet prom. 15/06/2006 pub. 05/02/2008 numac 2008000051 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet overheidsopdrachten en bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten. - Duitse vertaling sluiten [inzake] overheidsopdrachten en bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten.
(2)Wet van 16 juni 2006Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/06/2006 pub. 15/02/2007 numac 2006021342 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet betreffende de gunning, informatie aan kandidaten en inschrijvers en wachttermijn inzake overheidsopdrachten en bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten type wet prom. 16/06/2006 pub. 18/02/2008 numac 2008000093 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de gunning, informatie aan kandidaten en inschrijvers en wachttermijn inzake overheidsopdrachten en bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten. - Duitse vertaling sluiten betreffende de gunning, informatie aan kandidaten en inschrijvers en wachttermijn inzake overheidsopdrachten en bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten.
(3)Richtlijn 2004/17/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 31 maart 2004 houdende coördinatie van de procedures voor het plaatsen van opdrachten in de sectoren water- en energievoorziening, vervoer en postdiensten.
(4)Richtlijn 2004/18/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 31 maart 2004 betreffende de coördinatie van de procedures voor het plaatsen van overheidsopdrachten voor werken, leveringen en diensten.
(5)De omzetting van de beide voornoemde richtlijnen diende tegen uiterlijk 31 januari 2006 te zijn gerealiseerd.
(6)Koninklijk besluit van 23 november 2007Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/2001 pub. 29/09/2001 numac 2001011298 bron ministerie van economische zaken Wet houdende vaststelling van bepaalde regels in verband met het juridisch kader voor elektronische handtekeningen en certificatiediensten sluiten3 tot wijziging van de wet van 24 december 1993 betreffende de overheidsopdrachten en sommige opdrachten voor aanneming van werken, leveringen en diensten en van sommige koninklijke besluiten tot uitvoering van deze wet en de voornoemde arresten van het Hof van Justitie.
(7)Op te merken valt dat in de Nederlandse tekst van dit artikel 49, lid 2, eerste alinea, tweede streepje, de interne verwijzing naar artikel 23, leden 4 en 5 niet correct is;artikel 23 dient artikel 34 te zijn. 29 SEPTEMBER
- - Koninklijk besluit tot wijziging van de wet van 24 december 1993 betreffende de overheidsopdrachten en sommige opdrachten voor aanneming van werken, leveringen en diensten en van sommige koninklijke besluiten tot uitvoering van deze wet ALBERT II, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. Gelet op de wet van 24 december 1993 betreffende de overheidsopdrachten en sommige opdrachten voor aanneming van werken, leveringen en diensten, de artikelen 1, § 1, tweede lid, 2, tweede lid, 5, 27, 43, § 1, eerste lid, 59, § 1, en 65, eerste lid; Gelet op het koninklijk besluit van 8 januari 1996Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/2001 pub. 29/09/2001 numac 2001011298 bron ministerie van economische zaken Wet houdende vaststelling van bepaalde regels in verband met het juridisch kader voor elektronische handtekeningen en certificatiediensten sluiten5 betreffende de overheidsopdrachten voor aanneming van werken, leveringen en diensten en de concessies voor openbare werken, de artikelen 2, 6, 7, 9, 15, 16, 17, 19, 20, 20bis, 20ter, 28, 32, 33, 35, 41, 42, 43, 45, 46, 46bis, 54, 58, 59, 61, 67, 68, 69, 72, 73, 73bis, 73ter, 75, 76, 81ter, 81quater, 81quinquies, 82, 83, 83bis, 84, 85, 104, 105, 106, 108, 110, 111, 117, 120bis en 122; Gelet op het koninklijk besluit van 10 januari 1996 betreffende de overheidsopdrachten voor aanneming van werken, leveringen en diensten in de sectoren water, energie, vervoer en postdiensten, de artikelen 7, 8, 15, 16, 17, 17quinquies, 17sexies, 29, 30, 37, 38, 39, 39ter, 39quinquies, 44, 50, 51, 58, 59, 60, 60ter, 61, 61bis, 61ter, 62, 63, 66ter, 66quater, 66quinquies, 67, 67bis, 68bis, 70, 71, 92, 93, 94, 96, 98, 99, 105, 110, 110bis en 122; Gelet op het koninklijk besluit van 18 juni 1996 betreffende de mededinging in het raam van de Europese Gemeenschap van sommige opdrachten voor aanneming van werken, leveringen en diensten in de sectoren water, energie, vervoer en postdiensten, de artikelen 3, 8, 10, 11, 13, 15, 16, 17, 18, 19ter, 19quater, 19quinquies en 33; Gelet op het advies van de Commissie voor de overheidsopdrachten, gegeven op 29 juni 2009; Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 9 juli 2009; Gelet op het advies nr. 47.059/1/V van de Raad van State, gegeven op 18 augustus 2009, met toepassing van artikel 84, § 1er, eerste lid, 1°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Op de voordracht van de Eerste Minister en op het advies van de in Raad vergaderde Ministers, Hebben Wij besloten en besluiten Wij : HOOFDSTUK
- - Algemene bepalingen Artikel 1.Dit besluit voorziet met name in de omzetting van sommige bepalingen van de Richtlijn 2004/17/EG van 31 maart 2004 houdende coördinatie van de procedure voor het plaatsen van opdrachten in de sectoren water- en energievoorziening, vervoer en postdiensten en van Richtlijn 2004/18/EG van 31 maart 2004 betreffende de coördinatie van de procedures voor het plaatsen van overheidsopdrachten voor werken, leveringen en diensten. HOOFDSTUK
- - Wijzigingen aan de wet van 24 december 1993 betreffende de overheidsopdrachten en sommige opdrachten voor aanneming van werken, leveringen en diensten Art. 2.In artikel 21bis, § 2, eerste lid, van de wet van 24 december 1993 betreffende de overheidsopdrachten en sommige opdrachten voor aanneming van werken, leveringen en diensten, ingevoegd bij de wet van 9 juli 2004 en gewijzigd door de wet van 8 juni 2008Relevante gevonden documenten type wet prom. 08/06/2008 pub. 16/06/2008 numac 2008202047 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen
(1)type wet prom. 08/06/2008 pub. 16/06/2008 numac 2008202046 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen
(1)sluiten, wordt de bepaling onder 2° aangevuld als volgt : « deze motieven hebben in voorkomend geval betrekking op de beslissing dat de voorgestelde oplossingen voor de werken, leveringen of diensten niet gelijkwaardig zijn aan de technische specificaties of dat ze niet voldoen aan de vastgestelde prestatie- of functionele eisen; ». Art. 3.In artikel 41bis van dezelfde wet, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 10 januari 1996 en gewijzigd door het koninklijk besluit van 23 november 2007Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/2001 pub. 29/09/2001 numac 2001011298 bron ministerie van economische zaken Wet houdende vaststelling van bepaalde regels in verband met het juridisch kader voor elektronische handtekeningen en certificatiediensten sluiten3, wordt het vierde streepje aangevuld als volgt : « Voor de keuze van de partijen betrokken bij een raamovereenkomst en de gunning van de op deze raamovereenkomst gebaseerde opdrachten moeten dezelfde gunningscriteria worden gebruikt. De raamovereenkomst mag niet worden misbruikt om de mededinging te verhinderen, te beperken of te vervalsen. ». Art. 4.In artikel 41sexies, § 2, eerste lid, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 8 juni 2008Relevante gevonden documenten type wet prom. 08/06/2008 pub. 16/06/2008 numac 2008202047 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen
(1)type wet prom. 08/06/2008 pub. 16/06/2008 numac 2008202046 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen
(1)sluiten, wordt de bepaling onder 2° aangevuld als volgt : « deze motieven hebben in voorkomend geval betrekking op de beslissing dat de voorgestelde oplossingen voor de werken, leveringen of diensten niet gelijkwaardig zijn aan de technische specificaties of dat ze niet voldoen aan de vastgestelde prestatie- of functionele eisen; ». Art. 5.In artikel 48 van dezelfde wet, gewijzigd door de koninklijke besluiten van 18 juni 1996 en van 23 november 2007, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° het tweede streepje wordt aangevuld als volgt : « deze overeenkomst mag bijkomend plaatsings- of installatiewerkzaamheden bevatten ».»; 2° het vijfde streepje wordt aangevuld als volgt : « voor de keuze van de partijen betrokken bij een raamovereenkomst en de gunning van de op deze raamovereenkomst gebaseerde opdrachten moeten dezelfde gunningscriteria worden gebruikt.De raamovereenkomst mag niet worden misbruikt om de mededinging te verhinderen, te beperken of te vervalsen; ». Art. 6.In artikel 62bis, § 2, eerste lid, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 8 juni 2008Relevante gevonden documenten type wet prom. 08/06/2008 pub. 16/06/2008 numac 2008202047 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen
(1)type wet prom. 08/06/2008 pub. 16/06/2008 numac 2008202046 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen
(1)sluiten, wordt de bepaling onder 2° aangevuld als volgt : « deze motieven hebben, in voorkomend geval, betrekking op de beslissing dat de voorgestelde oplossingen voor de werken, leveringen of diensten niet gelijkwaardig zijn aan de technische specificaties of dat ze niet voldoen aan de vastgestelde prestatie- of functionele eisen; ». Art. 7.In dezelfde wet wordt artikel 63bis, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 23 november 2007Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/2001 pub. 29/09/2001 numac 2001011298 bron ministerie van economische zaken Wet houdende vaststelling van bepaalde regels in verband met het juridisch kader voor elektronische handtekeningen en certificatiediensten sluiten3, vernummerd tot artikel 65bis dat in Boek III wordt ingevoegd. Art. 8.In dezelfde wet wordt bijlage 1 vervangen door bijlage 1 van dit besluit. Art. 9.In dezelfde wet wordt bijlage 2, gewijzigd door het koninklijk besluit van 23 november 2007Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/2001 pub. 29/09/2001 numac 2001011298 bron ministerie van economische zaken Wet houdende vaststelling van bepaalde regels in verband met het juridisch kader voor elektronische handtekeningen en certificatiediensten sluiten3, vervangen door bijlage 2 van dit besluit. HOOFDSTUK 3. - Wijzigingen aan het koninklijk besluit van 8 januari 1996Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/2001 pub. 29/09/2001 numac 2001011298 bron ministerie van economische zaken Wet houdende vaststelling van bepaalde regels in verband met het juridisch kader voor elektronische handtekeningen en certificatiediensten sluiten5 betreffende de overheidsopdrachten voor aanneming van werken, leveringen en diensten en de concessies voor openbare werken Art. 10.In artikel 2 van het koninklijk besluit van 8 januari 1996Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/2001 pub. 29/09/2001 numac 2001011298 bron ministerie van economische zaken Wet houdende vaststelling van bepaalde regels in verband met het juridisch kader voor elektronische handtekeningen en certificatiediensten sluiten5 betreffende de overheidsopdrachten voor aanneming van werken, leveringen en diensten en de concessies voor openbare werken, gewijzigd door het koninklijk besluit van 25 maart 1999Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 25/03/1999 pub. 09/04/1999 numac 1999021130 bron diensten van de eerste minister Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 8 januari 1996 betreffende de overheidsopdrachten voor aanneming van werken, leveringen en diensten en de concessies voor openbare werken type koninklijk besluit prom. 25/03/1999 pub. 28/04/1999 numac 1999021136 bron diensten van de eerste minister Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 10 januari 1996 betreffende de overheidsopdrachten voor aanneming van werken, leveringen en diensten in de sectoren water, energie, vervoer en telecommunicatie type koninklijk besluit prom. 25/03/1999 pub. 03/04/1999 numac 1999012200 bron ministerie van tewerkstelling en arbeid Koninklijk besluit tot wijziging van artikel 45 van het koninklijk besluit van 25 november 1991 houdende de werkloosheidsreglementering sluiten en door het ministerieel besluit 24 december 2001, wordt tussen het eerste en het tweede lid een lid ingevoegd, luidende : « Bij de berekening van het geraamde bedrag wordt rekening gehouden met de eventuele opties en eventuele verlengingen van de opdracht. ». Art. 11.In artikel 6, § 3, van hetzelfde besluit wordt het tweede lid vervangen als volgt : « Wanneer de aanvragen tot deelneming worden ingediend per telefax of via een elektronisch middel dat niet in overeenstemming is met artikel 81quater, § 1, kan de aanbestedende overheid met het oog op een juridisch bewijs verzoeken dat deze aanvragen schriftelijk worden bevestigd. In dat geval worden dit verzoek, alsook de termijn binnen dewelke de bevestiging moet gebeuren, vermeld in de aankondiging van opdracht. Wanneer de aanvragen tot deelneming per telefoon worden ingediend, worden deze schriftelijk bevestigd vóór het verstrijken van de termijn bepaald voor hun ontvangst. ». Art. 12.In artikel 7 van hetzelfde besluit wordt vooraan in het eerste lid de volgende zin ingevoegd : « Bij de vaststelling van de termijnen voor de ontvangst van de aanvragen tot deelneming en offertes, houdt de aanbestedende overheid inzonderheid rekening met de complexiteit van de opdracht en met de nodige voorbereidingstijd van de offertes. ». Art. 13.Artikel 9, eerste lid, van hetzelfde besluit wordt aangevuld met de bepaling onder 6°, luidende : « 6° de redenen voor de afwijzing van abnormaal laag bevonden offertes. ». Art. 14.In artikel 15 van hetzelfde besluit wordt vooraan in het eerste lid de volgende zin ingevoegd : « Bij de vaststelling van de termijnen voor de ontvangst van de aanvragen tot deelneming en offertes, houdt de aanbestedende overheid inzonderheid rekening met de complexiteit van de opdracht en met de nodige voorbereidingstijd van de offertes. ». Art. 15.In artikel 16 van hetzelfde besluit, gewijzigd door het koninklijk besluit van 25 maart 1999Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 25/03/1999 pub. 09/04/1999 numac 1999021130 bron diensten van de eerste minister Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 8 januari 1996 betreffende de overheidsopdrachten voor aanneming van werken, leveringen en diensten en de concessies voor openbare werken type koninklijk besluit prom. 25/03/1999 pub. 28/04/1999 numac 1999021136 bron diensten van de eerste minister Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 10 januari 1996 betreffende de overheidsopdrachten voor aanneming van werken, leveringen en diensten in de sectoren water, energie, vervoer en telecommunicatie type koninklijk besluit prom. 25/03/1999 pub. 03/04/1999 numac 1999012200 bron ministerie van tewerkstelling en arbeid Koninklijk besluit tot wijziging van artikel 45 van het koninklijk besluit van 25 november 1991 houdende de werkloosheidsreglementering sluiten, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° het vijfde lid wordt aangevuld met de volgende zin : « Het aantal gegadigden moet in elk geval voldoende zijn om een daadwerkelijke mededinging te waarborgen.»; 2° tussen het zesde en het zevende lid wordt een lid ingevoegd, luidende : « De in de artikelen 18 en 19 bedoelde inlichtingen en minimumeisen inzake draagkracht en bekwaamheid moeten verband houden met en in verhouding staan tot het voorwerp van de opdracht.». Art. 16.In artikel 17, § 1, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 23 november 2007Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/2001 pub. 29/09/2001 numac 2001011298 bron ministerie van economische zaken Wet houdende vaststelling van bepaalde regels in verband met het juridisch kader voor elektronische handtekeningen en certificatiediensten sluiten3, worden de woorden « Wanneer het geraamde bedrag van de opdracht gelijk is aan of hoger is dan het bedrag bepaald in artikel 1, § 3, wordt » vervangen door het woord « Wordt ». Art. 17.In artikel 19, laatste lid, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 23 november 2007Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/2001 pub. 29/09/2001 numac 2001011298 bron ministerie van economische zaken Wet houdende vaststelling van bepaalde regels in verband met het juridisch kader voor elektronische handtekeningen en certificatiediensten sluiten3, worden de woorden « Wanneer het geraamde bedrag van de opdracht gelijk is aan of hoger is dan het bedrag bepaald in artikel 1, § 3, kan de bekwaamheid van de aannemer bovendien » vervangen door de woorden « De bekwaamheid van de aannemer kan bovendien ». Art. 18.Artikel 20, § 2, van hetzelfde besluit wordt aangevuld met een lid, luidende : « De bedoelde beroepsregisters, verklaringen of attesten voor elke lidstaat zijn vermeld in bijlage 10 van dit besluit. ». Art. 19.In artikel 20bis van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 23 november 2007Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/2001 pub. 29/09/2001 numac 2001011298 bron ministerie van economische zaken Wet houdende vaststelling van bepaalde regels in verband met het juridisch kader voor elektronische handtekeningen en certificatiediensten sluiten3, worden de woorden « Wanneer het geraamde bedrag van de opdracht gelijk is aan of hoger is dan het bedrag bepaald in artikel 1, § 3, en » vervangen door het woord « Wanneer ». Art. 20.In artikel 20ter van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 23 november 2007Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/2001 pub. 29/09/2001 numac 2001011298 bron ministerie van economische zaken Wet houdende vaststelling van bepaalde regels in verband met het juridisch kader voor elektronische handtekeningen en certificatiediensten sluiten3, worden de woorden « Wanneer het geraamde bedrag van de opdracht gelijk is aan of hoger is dan het bedrag bepaald in artikel 1, § 3, en » vervangen door het woord « Wanneer ». Art. 21.In artikel 28 van hetzelfde besluit wordt tussen het tweede en het derde lid een lid ingevoegd, luidende : « Bij de berekening van het geraamde bedrag wordt rekening gehouden met de eventuele opties en eventuele verlengingen van de opdracht. ». Art. 22.In artikel 32, § 3, van hetzelfde besluit wordt het tweede lid vervangen als volgt : « Wanneer de aanvragen tot deelneming worden ingediend per telefax of via een elektronisch middel dat niet in overeenstemming is met artikel 81quater, § 1, kan de aanbestedende overheid met het oog op een juridisch bewijs verzoeken dat deze aanvragen schriftelijk worden bevestigd. In dat geval worden dit verzoek, alsook de termijn binnen dewelke de bevestiging moet gebeuren, vermeld in de aankondiging van opdracht. Wanneer de aanvragen tot deelneming per telefoon worden ingediend, worden deze schriftelijk bevestigd vóór het verstrijken van de termijn bepaald voor hun ontvangst. ». Art. 23.In artikel 33 van hetzelfde besluit wordt vooraan in het eerste lid de volgende zin ingevoegd : « Bij de vaststelling van de termijnen voor de ontvangst van de aanvragen tot deelneming en offertes, houdt de aanbestedende overheid inzonderheid rekening met de complexiteit van de opdracht en met de nodige voorbereidingstijd van de offertes. ». Art. 24.Artikel 35, eerste lid, van hetzelfde besluit wordt aangevuld met de bepaling onder 6°, luidende : « 6° de redenen voor de afwijzing van abnormaal laag bevonden offertes. ». Art. 25.In artikel 41 van hetzelfde besluit wordt vooraan in het eerste lid de volgende zin ingevoegd : « Bij de vaststelling van de termijnen voor de ontvangst van de aanvragen tot deelneming en offertes, houdt de aanbestedende overheid inzonderheid rekening met de complexiteit van de opdracht en met de nodige voorbereidingstijd van de offertes. ». Art. 26.In artikel 42 van hetzelfde besluit, gewijzigd door het koninklijk besluit van 25 maart 1999Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 25/03/1999 pub. 09/04/1999 numac 1999021130 bron diensten van de eerste minister Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 8 januari 1996 betreffende de overheidsopdrachten voor aanneming van werken, leveringen en diensten en de concessies voor openbare werken type koninklijk besluit prom. 25/03/1999 pub. 28/04/1999 numac 1999021136 bron diensten van de eerste minister Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 10 januari 1996 betreffende de overheidsopdrachten voor aanneming van werken, leveringen en diensten in de sectoren water, energie, vervoer en telecommunicatie type koninklijk besluit prom. 25/03/1999 pub. 03/04/1999 numac 1999012200 bron ministerie van tewerkstelling en arbeid Koninklijk besluit tot wijziging van artikel 45 van het koninklijk besluit van 25 november 1991 houdende de werkloosheidsreglementering sluiten, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° het vijfde lid wordt aangevuld met de volgende zin : « Het aantal geselecteerden moet in elk geval voldoende zijn om een daadwerkelijke mededinging te waarborgen.»; 2° tussen het zesde en het zevende lid wordt een lid ingevoegd, luidende : « De in de artikelen 44 en 45 bedoelde inlichtingen en minimumeisen inzake draagkracht en bekwaamheid moeten verband houden met en in verhouding staan tot het voorwerp van de opdracht.». Art. 27.In artikel 43, § 1, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 23 november 2007Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/2001 pub. 29/09/2001 numac 2001011298 bron ministerie van economische zaken Wet houdende vaststelling van bepaalde regels in verband met het juridisch kader voor elektronische handtekeningen en certificatiediensten sluiten3, worden de woorden « Wanneer het geraamde bedrag van de opdracht gelijk is aan of hoger is dan het bedrag bepaald in artikel 27, § 2, wordt » vervangen door het woord « Wordt ». Art. 28.In artikel 45, laatste lid, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 23 november 2007Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/2001 pub. 29/09/2001 numac 2001011298 bron ministerie van economische zaken Wet houdende vaststelling van bepaalde regels in verband met het juridisch kader voor elektronische handtekeningen en certificatiediensten sluiten3, worden de woorden « Wanneer het geraamde bedrag van de opdracht gelijk is aan of hoger is dan het bedrag bepaald in artikel 27, § 2, kan, in geval van leveringen waarvoor plaatsings- of installatiewerkzaamheden nodig zijn, de bekwaamheid » vervangen door de woorden « In geval van leveringen waarvoor plaatsings- of installatiewerkzaamheden nodig zijn, kan de bekwaamheid ». Art. 29.Artikel 46, § 2, van hetzelfde besluit wordt aangevuld met een lid, luidende : « De bedoelde beroeps- of handelsregisters, verklaringen of attesten voor elke lidstaat zijn vermeld in bijlage 10 van dit besluit. ». Art. 30.In artikel 46bis van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 23 november 2007Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/2001 pub. 29/09/2001 numac 2001011298 bron ministerie van economische zaken Wet houdende vaststelling van bepaalde regels in verband met het juridisch kader voor elektronische handtekeningen en certificatiediensten sluiten3, worden de woorden « Wanneer het geraamde bedrag van de opdracht gelijk is aan of hoger is dan het bedrag bepaald in artikel 27, § 2, en » vervangen door het woord « Wanneer ». Art. 31.In artikel 54 van hetzelfde besluit, gewijzigd door het koninklijk besluit van 25 maart 1999Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 25/03/1999 pub. 09/04/1999 numac 1999021130 bron diensten van de eerste minister Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 8 januari 1996 betreffende de overheidsopdrachten voor aanneming van werken, leveringen en diensten en de concessies voor openbare werken type koninklijk besluit prom. 25/03/1999 pub. 28/04/1999 numac 1999021136 bron diensten van de eerste minister Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 10 januari 1996 betreffende de overheidsopdrachten voor aanneming van werken, leveringen en diensten in de sectoren water, energie, vervoer en telecommunicatie type koninklijk besluit prom. 25/03/1999 pub. 03/04/1999 numac 1999012200 bron ministerie van tewerkstelling en arbeid Koninklijk besluit tot wijziging van artikel 45 van het koninklijk besluit van 25 november 1991 houdende de werkloosheidsreglementering sluiten, het ministerieel besluit van 4 december 2001 en het koninklijk besluit van 31 juli 2008Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/2001 pub. 29/09/2001 numac 2001011298 bron ministerie van economische zaken Wet houdende vaststelling van bepaalde regels in verband met het juridisch kader voor elektronische handtekeningen en certificatiediensten sluiten4, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in het tweede lid worden de volgende wijzigingen aangebracht : a) de bepaling onder 1° wordt vervangen als volgt : « 1° voor de verzekeringsdiensten, de te betalen premie en alle andere vormen van vergoeding;»; b) de bepaling onder 3° wordt vervangen als volgt : « 3° voor de diensten die betrekking hebben op ontwerpen, het te betalen honorarium of het commissieloon en alle andere vormen van vergoeding.». 2° het zevende lid wordt vervangen als volgt : « Bij de berekening van het geraamde bedrag wordt rekening gehouden met de eventuele opties en eventuele verlengingen van de opdracht.In geval van een prijsvraag voor ontwerpen wordt ook rekening gehouden met de premies en betalingen aan de deelnemers. ». Art. 32.In artikel 58, § 3, van hetzelfde besluit wordt het tweede lid vervangen als volgt : « Wanneer de aanvragen tot deelneming worden ingediend per telefax of via een elektronisch middel dat niet in overeenstemming is met artikel 81quater, § 1, kan de aanbestedende overheid met het oog op een juridisch bewijs verzoeken dat deze aanvragen schriftelijk worden bevestigd. In dat geval worden dit verzoek, alsook de termijn binnen dewelke de bevestiging moet gebeuren, vermeld in de aankondiging van opdracht. Wanneer de aanvragen tot deelneming per telefoon worden ingediend, worden deze schriftelijk bevestigd vóór het verstrijken van de termijn bepaald voor hun ontvangst. ». Art. 33.In artikel 59 van hetzelfde besluit wordt vooraan in het eerste lid de volgende zin ingevoegd : « Bij de vaststelling van de termijnen voor de ontvangst van de aanvragen tot deelneming en offertes, houdt de aanbestedende overheid inzonderheid rekening met de complexiteit van de opdracht en met de nodige voorbereidingstijd van de offertes. ». Art. 34.Artikel 61, eerste lid, van hetzelfde besluit wordt aangevuld met de bepaling onder 6°, luidende : « 6° de redenen voor de afwijzing van abnormaal laag bevonden offertes. ». Art. 35.In artikel 67 van hetzelfde besluit wordt vooraan in het eerste lid de volgende zin ingevoegd : « Bij de vaststelling van de termijnen voor de ontvangst van de aanvragen tot deelneming en offertes, houdt de aanbestedende overheid inzonderheid rekening met de complexiteit van de opdracht en met de nodige voorbereidingstijd van de offertes. ». Art. 36.In artikel 68 van hetzelfde besluit, gewijzigd door de koninklijke besluiten van 25 maart 1999 en 20 juli 2005, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° het vijfde lid wordt aangevuld met de volgende zin : « Het aantal kandidaten dat een offerte mag indienen, moet in elk geval voldoende zijn om een daadwerkelijke mededinging te waarborgen. »; 2° tussen het zevende en het achtste lid wordt een lid ingevoegd, luidende : « De in de artikelen 70 en 71 bedoelde inlichtingen en minimumeisen inzake draagkracht en bekwaamheid moeten verband houden met en in verhouding staan tot het voorwerp van de opdracht.». Art. 37.In artikel 69, § 1, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 23 november 2007Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/2001 pub. 29/09/2001 numac 2001011298 bron ministerie van economische zaken Wet houdende vaststelling van bepaalde regels in verband met het juridisch kader voor elektronische handtekeningen en certificatiediensten sluiten3, worden de woorden « Wanneer het geraamde bedrag van de opdracht gelijk is aan of hoger is dan het bedrag bepaald in artikel 53, § 3, wordt » vervangen door het woord « Wordt ». Art. 38.In artikel 72, § 2, van hetzelfde besluit wordt een tweede lid ingevoegd, luidende : « De bedoelde beroeps- of handelsregisters, verklaringen of attesten voor elke lidstaat zijn vermeld in bijlage 10 van dit besluit. ». Art. 39.Artikel 73 van hetzelfde besluit wordt opgeheven. Art. 40.In artikel 73bis van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 23 november 2007Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/2001 pub. 29/09/2001 numac 2001011298 bron ministerie van economische zaken Wet houdende vaststelling van bepaalde regels in verband met het juridisch kader voor elektronische handtekeningen en certificatiediensten sluiten3, worden de woorden « Wanneer het geraamde bedrag van de opdracht gelijk is aan of hoger is dan het bedrag bepaald in artikel 53, § 3, en » vervangen door het woord « Wanneer ». Art. 41.In artikel 73ter van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 23 november 2007Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/2001 pub. 29/09/2001 numac 2001011298 bron ministerie van economische zaken Wet houdende vaststelling van bepaalde regels in verband met het juridisch kader voor elektronische handtekeningen en certificatiediensten sluiten3, worden de woorden « Wanneer het geraamde bedrag van de opdracht gelijk is aan of hoger is dan het bedrag bepaald in artikel 53, § 3, en » vervangen door het woord « Wanneer ». Art. 42.In titel III, hoofdstuk III, van hetzelfde besluit wordt een artikel 74bis ingevoegd, luidende : « Art. 74bis.Dit hoofdstuk is niet van toepassing op de prijsvragen voor ontwerpen die door de aanbestedende overheden worden georganiseerd met het oog op de uitoefening van haar activiteiten in de sectoren water, energie, vervoer en postdiensten. ». Art. 43.In artikel 75 van hetzelfde besluit, gewijzigd door het koninklijk besluit van 23 november 2007Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/2001 pub. 29/09/2001 numac 2001011298 bron ministerie van economische zaken Wet houdende vaststelling van bepaalde regels in verband met het juridisch kader voor elektronische handtekeningen en certificatiediensten sluiten3, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° paragraaf 1 wordt aangevuld met het volgende lid : « Het bestek bepaalt of de jury een beslissings- of adviesbevoegdheid heeft.In alle gevallen is de jury autonoom bij het uitspreken van haar beslissingen of adviezen. »; 2° in paragraaf 2 wordt de bepaling onder 4° aangevuld met de volgende zin : « deze criteria moeten duidelijk en niet-discriminerend zijn.In elk geval moet het aantal kandidaten dat wordt uitgenodigd om deel te nemen aan de prijsvraag voldoende zijn om een daadwerkelijke mededinging te waarborgen; ». Art. 44.In artikel 76, § 2, van hetzelfde besluit, gewijzigd door het koninklijk besluit van 25 maart 1999Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 25/03/1999 pub. 09/04/1999 numac 1999021130 bron diensten van de eerste minister Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 8 januari 1996 betreffende de overheidsopdrachten voor aanneming van werken, leveringen en diensten en de concessies voor openbare werken type koninklijk besluit prom. 25/03/1999 pub. 28/04/1999 numac 1999021136 bron diensten van de eerste minister Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 10 januari 1996 betreffende de overheidsopdrachten voor aanneming van werken, leveringen en diensten in de sectoren water, energie, vervoer en telecommunicatie type koninklijk besluit prom. 25/03/1999 pub. 03/04/1999 numac 1999012200 bron ministerie van tewerkstelling en arbeid Koninklijk besluit tot wijziging van artikel 45 van het koninklijk besluit van 25 november 1991 houdende de werkloosheidsreglementering sluiten, wordt het eerste lid vervangen door de volgende leden : « Een aankondiging van prijsvraag voor ontwerpen wordt in het Officieel Publicatieblad van de Europese Unie bekendgemaakt in de volgende gevallen : 1° wanneer de prijsvraag voor ontwerpen georganiseerd wordt in het kader van de gunningsprocedure van een overheidsopdracht voor diensten waarvan het geraamde bedrag, met inbegrip van het totale bedrag van de premies en de betalingen aan de deelnemers, gelijk is aan of hoger is dan het bedrag bepaald in artikel 53 van dit besluit;2° in alle gevallen van prijsvragen waarvoor het totale bedrag van de premies en de betalingen aan de deelnemers gelijk is aan of hoger is dan het bedrag bepaald in artikel 53 van dit besluit.Het geraamde bedrag van de overheidsopdracht die achteraf kan worden gegund, wordt ook in aanmerking genomen, tenzij de aanbestedende overheid de gunning van deze opdracht heeft uitgesloten in de aankondiging van prijsvraag. De aanbestedende overheid moet de datum van verzending kunnen bewijzen. ». Art. 45.Het opschrift van titel IIIbis van hetzelfde bes