📄 Wettekst
21 APRIL 2007. - Wet houdende instemming met de Akte van herziening van het Verdrag inzake de verlening van Europese octrooien (Verdrag inzake het Europees octrooi) van 5 oktober 1973, laatst gewijzigd op 17 december 1991, gedaan te München op 29 november 2000 (1)
ALBERT II, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
De Kamers hebben aangenomen en Wij bekrachtigen hetgeen volgt : Artikel 1.Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 77 van de Grondwet. Art. 2.De Akte van herziening van het Verdrag inzake de verlening van Europese octrooien (Verdrag inzake het Europees octrooi) van 5 oktober 1973, laatst gewijzigd op 17 december 1991, gedaan te München op 29 november 2000, zal volkomen gevolg hebben.
Het Protocol inzake de rechterlijke bevoegdheid en de erkenning van beslissingen inzake het recht tot verkrijging van het Europees octrooi en het Protocol inzake voorrechten en immuniteiten van de Europese octrooiorganisatie, gehecht aan het Verdrag inzake de verlening van Europese octrooien van 5 oktober 1973 en goedgekeurd door de wet van 8 juli 1977, blijven volkomen gevolg hebben.
Kondigen deze wet af, bevelen dat zij met 's Lands zegel zal worden bekleed en door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.
Gegeven te Brussel, 21 april 2007.
ALBERT Van Koningswege : De Minister van Buitenlandse Zaken, K. DE GUCHT De Minister van Economie, M. VERWILGHEN Met 's Lands zegel gezegeld : De Minister van Justitie, Mevr. L. ONKELINX _______ Nota's (1) Zitting 2006-2007. Senaat.
Documenten. - Ontwerp van wet ingediend op 14 november 2006, nr. 3-1909/1. - Verslag, nr. 3-1909/2.
Parlementaire Handelingen. - Bespreking en stemming. Vergadering van 8 februari 2007.
Kamer van volksvertegenwoordigers.
Documenten. - Tekst overgezonden door de Senaat, nr. 51-2907/1. Tekst aangenomen in plenaire vergadering en aan de Koning ter bekrachtiging voorgelegd, nr. 51-2907/2.
Parlementaire Handelingen. - Bespreking en stemming. Vergadering van 1 maart 2007.
Akte van herziening van het Verdrag inzake de verlening van Europese octrooien (Verdrag inzake het Europees octrooi) van 5 oktober 1973, laatst gewijzigd op 17 december 1991 PREAMBULE De verdragsluitende staten die partij zijn bij het europees octrooiverdrag Overwegende dat de samenwerking tussen de landen van Europa op basis van het Europees octrooiverdrag en de daarbij vastgestelde eenvormige procedure voor het verlenen van octrooien een wezenlijke bijdrage vormt bij de juridische en economische integratie van Europa, Geleid door de wens de innovatie en economische groei in Europa nog doeltreffender te bevorderen door de fundamenten te leggen voor de verdere ontwikkeling van het Europese octrooistelsel, Geleid door het verlangen om in het licht van de groeiende internationalisatie in octrooiaangelegenheden, het Europese Octrooiverdrag aan te passen aan de technologische en juridische ontwikkelingen die zich hebben voorgedaan sinds het werd gesloten, zijn het volgende overeengekomen : Wijziging van het Europese Octrooiverdrag Artikel 1 Het Europese Octrooiverdrag wordt als volgt gewijzigd : 1. Het volgende nieuwe artikel 4bis wordt ingevoegd na artikel 4 : Conferentie van ministers van de Verdragsluitende Staten Artikel 4bis Een conferentie van ministers van de Verdragsluitende Staten die bevoegd zijn voor octrooiaangelegenheden komt ten minste een maal om de vijf jaar samen om kwesties inzake de Organisatie en het Europese octrooistelsel te bespreken.2. Artikel 11 wordt als volgt gewijzigd : Benoeming van hoger personeel Artikel 11 (1) De voorzitter van het Europees Octrooibureau wordt benoemd door de Raad van Bestuur.(2) De ondervoorzitters worden door de Raad van Bestuur benoemd nadat de voorzitter van het Europees Octrooibureau is geraadpleegd.(3) De leden van de kamers van beroep en van de Grote Kamer van beroep, met inbegrip van hun voorzitters, worden benoemd door de Raad van Bestuur op voorstel van de voorzitter van het Europees Octrooibureau.Zij kunnen worden herbenoemd door de Raad van Bestuur nadat de voorzitter van het Europees Octrooibureau is geraadpleegd. (4) De Raad van Bestuur oefent het tuchtrecht uit over de in het eerste tot en met het derde lid bedoelde beambten.(5) Na raadpleging van de voorzitter van het Europees Octrooibureau kan de Raad van Bestuur ook juristen van de nationale gerechtelijke instanties of semi-rechterlijke autoriteiten van de Verdragsluitende Staten benoemen als lid van de Grote Kamer van beroep, die hun gerechtelijke activiteiten op nationaal niveau kunnen blijven voortzetten.Zij worden benoemd voor een termijn van drie jaar en kunnen worden herbenoemd. 3. Artikel 14 wordt als volgt gewijzigd : Talen van het Europees Octrooibureau, Europese octrooiaanvragen en andere stukken Artikel 14 (1) De officiële talen van het Europees Octrooibureau zijn het Duits, Engels en Frans.(2) Een Europese octrooiaanvraag moet worden ingediend in een van de officiële talen of, indien zij in een andere taal wordt ingediend, vertaald worden in een van de officiële talen in overeenstemming met het Uitvoeringsreglement.Tijdens de hele duur van de procedure voor het Europees Octrooibureau kan deze vertaling in overeenstemming worden gebracht met de aanvraag zoals die is ingediend. Indien de vereiste vertaling niet binnen de gestelde termijn is ingediend, wordt de aanvraag geacht te zijn ingetrokken. (3) De officiële taal van het Europees Octrooibureau waarin de Europese octrooiaanvraag is ingediend of waarin deze is vertaald moet als proceduretaal worden gebruikt in alle procedures voor het Europees octrooibureau, tenzij het Uitvoeringsreglement anders bepaalt.(4) Natuurlijke personen of rechtspersonen die hun woonplaats of hun zetel hebben in een Verdragsluitende Staat, die als officiële taal een andere taal heeft dan het Duits, Engels of Frans, en onderdanen van die Staat, die hun woonplaats in het buitenland hebben, kunnen stukken waarvan indiening aan een termijn is gebonden, in een officiële taal van die Staat indienen.Een vertaling in een officiële taal van het Europees Octrooibureau moet evenwel worden voorgelegd in overeenstemming met het Uitvoeringsreglement. Indien een stuk, dat geen deel uitmaakt van de tot de Europese octrooiaanvraag behorende stukken, niet is ingediend in de voorschreven taal, of indien een vereiste vertaling niet binnen de gestelde termijn is ingediend, wordt het stuk geacht niet te zijn ingediend. (5) De Europese octrooiaanvragen worden gepubliceerd in de proceduretaal.(6) De Europese octrooischriften worden gepubliceerd in de proceduretaal en bevatten een vertaling van de conclusies in de beide andere officiële talen van het Europees Octrooibureau.(7) In de drie officiële talen van het Europees Octrooibureau worden gepubliceerd : a) het Europees Octrooiblad;b) het Publicatieblad van het Europees Octrooibureau.(8) Inschrijvingen in het Europees Octrooiregister geschieden in de drie officiële talen van het Europees Octrooibureau.In geval van twijfel geeft de inschrijving in de proceduretaal de doorslag. 4. Artikel 16 wordt als volgt gewijzigd : Aanvraagafdeling Artikel 16 De Aanvraagafdeling is bevoegd voor het onderzoek van de Europese octrooiaanvragen bij de indiening en voor het onderzoek op vormgebreken.5. Artikel 17 wordt als volgt gewijzigd : Afdelingen voor het nieuwheidsonderzoek Artikel 17 De afdelingen voor het nieuwheidsonderzoek zijn bevoegd voor het opstellen van de verslagen van het Europese nieuwheidsonderzoek.6. Artikel 18 wordt als volgt gewijzigd : Onderzoeksafdelingen Artikel 18 (1) De onderzoeksafdelingen zijn bevoegd voor het onderzoeken van de Europese octrooiaanvragen.(2) Een onderzoekafdeling is samengesteld uit drie technische onderzoekers.Het onderzoek van de Europese octrooiaanvraag wordt echter in het algemeen opgedragen aan een van de onderzoekers van de afdeling. De mondelinge procedure behoort tot de bevoegdheid van de onderzoeksafdeling zelf. Indien de onderzoeksafdeling meent dat de aard van de beslissing zulks vereist, wordt zij aangevuld met een rechtsgeleerde onderzoeker. Bij staking van stemmen is de stem van de voorzitter van de onderzoeksafdeling doorslaggevend. 7. Artikel 21 wordt als volgt gewijzigd : Kamers van beroep Artikel 21 (1) De kamers van beroep zijn bevoegd het beroep te onderzoeken dat tegen de beslissingen van de aanvraagafdeling, de onderzoeksafdelingen, de oppositieafdelingen en de juridische afdeling is ingesteld.(2) In geval van beroep tegen een beslissing van de aanvraagafdeling of van de juridische afdeling is de kamer van beroep samengesteld uit drie rechtsgeleerde leden.(3) In geval van beroep tegen een beslissing van een onderzoeksafdeling, bestaat de kamer van beroep uit : a) twee technische leden en een rechtsgeleerd lid, wanneer de beslissing betrekking heeft op de afwijzing van een Europese octrooiaanvraag of op de verlening, beperking of herroeping van een Europees octrooi en wanneer deze beslissing genomen is door een onderzoeksafdeling samengesteld uit minder dan vier leden;b) drie technische en twee rechtsgeleerde leden, wanneer de beslissing is genomen door een onderzoeksafdeling samengesteld uit vier leden of indien de kamer van beroep meent dat de aard van het beroep dit vereist;c) drie rechtsgeleerde leden in alle andere gevallen.(4) In geval van beroep ingesteld tegen een beslissing van een oppositieafdeling is de kamer van beroep samengesteld uit : a) twee technische leden en een rechtsgeleerd lid wanneer de beslissing is genomen door een oppositieafdeling samengesteld uit drie leden;b) drie technische en twee rechtsgeleerde leden, wanneer de beslissing is genomen door een oppositieafdeling samengesteld uit vier leden of indien de kamer van beroep meent dat de aard van het beroep dit vereist.8. Artikel 22 wordt als volgt gewijzigd : Grote Kamer van beroep Artikel 22 (1) De Grote Kamer van beroep is bevoegd voor : a) het beslissen over rechtsvragen die haar worden voorgelegd door de kamers van beroep;b) het verlenen van adviezen over rechtsvragen die haar door de voorzitter van het Europees Octrooibureau worden voorgelegd overeenkomstig artikel 112;c) het beslissen over verzoeken tot herziening van beslissingen van de kamers van beroep ingevolge artikel 112bis .(2) In de procedures voorzien in het eerste lid, a) en b), is de Grote Kamer van beroep samengesteld uit vijf rechtsgeleerde en twee technische leden.In de procedures voorzien in het eerste lid, c), is de Grote Kamer van beroep samengesteld uit drie of vijf leden zoals vastgelegd in het Uitvoeringsreglement. In alle procedures wordt het voorzitterschap waargenomen door een rechtsgeleerd lid. 9. Artikel 23 wordt als volgt gewijzigd : Onafhankelijkheid van de leden van de kamers Artikel 23 (1) De leden van de Grote Kamer van beroep en van de kamers van beroep worden voor een periode van vijf jaar benoemd;zij kunnen tijdens deze periode niet uit hun functie worden ontheven, tenzij daarvoor ernstige redenen bestaan en de Raad van Bestuur, op verzoek van de Grote Kamer van beroep, daartoe beslist. Niettegenstaande de bepalingen van de eerste zin, eindigt het mandaat van leden van de kamers van beroep indien zij aftreden of met pensioen gaan overeenkomstig het ambtenarenreglement van het Europees Octrooibureau. (2) De leden van de kamers mogen geen lid zijn van de aanvraagafdeling, de onderzoeksafdelingen, de oppositieafdelingen of de juridische afdeling.(3) De leden van de kamers zijn bij hun beslissingen aan geen enkele instructie gebonden en dienen zich uitsluitend naar de bepalingen van dit Verdrag te voegen (4) De Reglementen voor de procesvoering van de kamers van beroep en van de Grote Kamer van beroep worden vastgesteld overeenkomstig het Uitvoeringsreglement.Zij zijn onderworpen aan de goedkeuring van de Raad van Bestuur. 10. Artikel 33 wordt als volgt gewijzigd : Bevoegdheden van de Raad van Bestuur in bepaalde gevallen Artikel 33 (1) De Raad van Bestuur is bevoegd tot wijziging van : a) de bepalingen van dit verdrag in de mate dat ze de duur van een termijn vaststellen;b) de bepalingen van het tweede tot en met het achtste deel evenals van het tiende deel van dit Verdrag teneinde de conformiteit met een internationaal verdrag inzake octrooien of EG-wetgeving inzake octrooien te verzekeren;c) de bepalingen van het Uitvoeringsreglement.(2) De Raad van Bestuur is overeenkomstig dit Verdrag bevoegd tot vaststelling of wijziging van : a) het Financieel Reglement;b) het Ambtenarenreglement en de arbeidsvoorwaarden voor ander personeel van het Europees Octrooibureau, hun loonschaal alsmede de aard en toewijzingsbepalingen van bijkomende voordelen;c) het Pensioenreglement en iedere verhoging van de bestaande pensioenen overeenkomstig de loonsverhogingen;d) het Reglement betreffende de verschuldigde taksen;e) zijn Reglement van Orde.(3) Niettegenstaande de bepalingen van artikel 18, tweede lid, is de Raad van Bestuur bevoegd om op grond van zijn ervaring te beslissen dat in bepaalde gevallen de onderzoeksafdelingen zijn samengesteld uit slechts één technisch onderzoeker.Deze beslissing kan herroepen worden. (4) De Raad van Bestuur is bevoegd om de voorzitter van het Europees Octrooibureau te machtigen om in naam van de Europese Octrooiorganisatie te onderhandelen en, onder voorbehoud van goedkeuring overeenkomsten te sluiten met Staten of intergouvernementele organisaties, als ook met documentatiecentra die in het leven zijn geroepen uit hoofde van met deze organisaties gesloten overeenkomsten.(5) De Raad van Bestuur kan geen besluit nemen uit hoofde van het eerste lid, b) : - over een internationaal verdrag voordat het in werking is getreden; - over een wetgevende akte van de Europese Gemeenschap voordat het in werking is getreden, of wanneer deze akte voorziet in een omzettingstermijn, voordat deze termijn is verstreken. 11. Artikel 35 wordt als volgt gewijzigd : Wijze van stemmen Artikel 35 (1) Onder voorbehoud van de bepalingen in het tweede en derde lid, neemt de Raad van Bestuur beslissingen met een gewone meerderheid van stemmen uitgebracht door de vertegenwoordigde Verdragsluitende Staten.(2) Een meerderheid van drievierden van de stemmen van de vertegenwoordigde Verdragsluitende Staten is vereist voor de beslissingen die de Raad van Bestuur bevoegd is te nemen krachtens artikel 7, artikel 11, eerste lid, artikel 33, eerste lid, a) en c), en het tweede tot en met het vierde lid, artikel 39, eerste lid, artikel 40, tweede en vierde lid, artikel 46, artikel 134bis , artikel 149bis , tweede lid, artikel 152, artikel 153, zevende lid, artikel 166 en artikel 172.(3) Eenparigheid van stemmen van de Verdragsluitende Staten is vereist voor de beslissingen die de Raad van Bestuur bevoegd is te nemen krachtens artikel 33, eerste lid, b).De Raad van Bestuur neemt deze beslissingen alleen wanneer alle Verdragsluitende Staten vertegenwoordigd zijn. Een beslissing genomen op grond van artikel 33, eerste lid, b), heeft geen gevolg indien een Verdragsluitende Staat binnen twaalf maanden na de beslissing verklaart dat hij niet wenst te worden gebonden door die beslissing. (4) De onthouding geldt niet als stem.12. Artikel 37 wordt als volgt gewijzigd : Financiering van de begroting Artikel 37 De begroting van de Organisatie wordt gefinancierd : a) uit de eigen middelen van de Organisatie;b) uit de betalingen door de Verdragsluitende Staten op basis van de in die Staten geheven instandhoudingstaksen voor Europese octrooien;c) zo nodig uit uitzonderlijke financiële bijdragen van de Verdragsluitende Staten;d) in voorkomend geval uit de ontvangsten voorzien in artikel 146;e) in voorkomend geval, en uitsluitend voor de onroerende goederen, door leningen bij derden met gronden of gebouwen als zekerheid;f) in voorkomend geval, door fondsen van derden voor specifieke projecten.13. Artikel 38 wordt als volgt gewijzigd : Eigen middelen van de Organisatie Artikel 38 De eigen middelen van de Organisatie worden omvatten : a) alle inkomsten uit taksen en andere middelen evenals de reserves van de Organisatie;b) de middelen van het reservefonds voor pensioenendienen te worden beschouwd als een bijzonder vermogensbestanddeel van de Organisatie ter ondersteuning van het pensioenstelsel door oprichten van passende reserves.14. Artikel 42 wordt als volgt gewijzigd : Begroting Artikel 42 (1) De begroting van de Organisatie dient in evenwicht te zijn.De begroting zal worden opgesteld overeenkomstig de algemeen aanvaarde boekhoudkundige beginselen zoals vastgelegd in het Financieel Reglement. Indien nodig kunnen begrotingswijzigingen of aanvullende begrotingen worden opgesteld. (2) De begroting wordt opgesteld in de rekeneenheid die in het Financieel Reglement is vastgesteld.15. Artikel 50 wordt als volgt gewijzigd : Financieel Reglement Artikel 50 Het Financieel Reglement stelt met name vast : a) de wijze waarop de begroting moet worden opgesteld en ten uitvoer gelegd, alsmede de wijze waarop rekening en verantwoording moet worden afgelegd;b) de wijze waarop de stortingen en de bijdragen bedoeld in artikel 37 en de voorschotten bedoeld in artikel 41 door de Verdragsluitende Staten aan de Organisatie ter beschikking moeten worden gesteld;c) De regels en de organisatie van de controle en de verantwoordelijkheid van de bestuurders en van de rekenplichtigen;d) de rentevoet bedoeld in de artikelen 39, 40 en 47;e) de wijze waarop de krachtens artikel 146 te betalen bijdragen berekend dienen te worden;f) de samenstelling en de taken van een Commissie voor de begroting en de financiën, die door de Raad van Bestuur dient te worden ingesteld;g) de algemeen aanvaarde boekhoudkundige beginselen waarop de begroting en de financiële jaarverslagen worden gebaseerd.16. Artikel 51 wordt als volgt gewijzigd : Taksen Artikel 51 (1) Het Europees Octrooibureau kan taksen heffen voor elke officiële taak of procedure die wordt uitgevoerd uit hoofde van dit Verdrag.(2) De betalingstermijnen van andere taksen dan deze die zijn vastgesteld door dit Verdrag worden vastgesteld in het Uitvoeringsreglement.(3) Wanneer het Uitvoeringsreglement de betaling van een taks voorschrijft, worden daarin ook de juridische consequenties vastgesteld van niet betaling van de taks binnen de gestelde termijn.(4) Het reglement betreffende de taksen stelt met name de bedragen van de taksen vast en de wijze waarop deze moeten worden geïnd.17. Artikel 52 wordt als volgt gewijzigd : Octrooieerbare uitvindingen Artikel 52 (1) Europese octrooien worden verleend voor iedere uitvinding, op alle gebieden van de technologie, mits zij nieuw is, op uitvinderswerkzaamheid berust en vatbaar is voor toepassing op het gebied van de nijverheid.(2) In de zin van het eerste lid worden met name niet als uitvindingen beschouwd : a) ontdekkingen, alsmede natuurwetenschappelijke theorieën en wiskundige methoden;b) esthetische vormgevingen;c) stelsels, regels en methoden voor het verrichten van geestelijke arbeid, voor het spelen of voor de bedrijfsvoering, alsmede computerprogramma's;d) presentatie van gegevens.(3) Het tweede lid sluit de octrooieerbaarheid van de aldaar genoemde onderwerpen of werkzaamheden alleen dan uit voor zover de Europese octrooiaanvraag of het Europees octrooi betrekking heeft op een van die onderwerpen of werkzaamheden als zodanig.18. Artikel 53 wordt als volgt gewijzigd : Uitzonderingen op de octrooieerbaarheid Artikel 53 Europese octrooien worden niet verleend voor : a) uitvindingen waarvan de commerciële exploitatie strijdig zou zijn met de openbare orde of met de goede zeden, met dien verstande dat niet als strijdig in deze zin zal worden beschouwd het enkele feit dat de exploitatie van de uitvindingen in bepaalde of alle Verdragsluitende Staten door een wettelijke of reglementaire bepaling is verboden;b) planten- of dierenrassen of werkwijzen van wezenlijk biologische aard voor de voortbrenging van planten of dieren;deze bepaling is niet van toepassing op microbiologische werkwijzen en hierdoor verkregen voortbrengselen; c) methoden van behandeling van het menselijk of dierlijk lichaam door chirurgische ingrepen of geneeskundige behandelingen en diagnosemethoden die worden toegepast op het menselijk of dierlijk lichaam;deze bepaling is niet van toepassing op voortbrengselen, met name stoffen en mengsels voor de toepassing van één van deze methoden. 19. Artikel 54 wordt als volgt gewijzigd : Nieuwheid Artikel 54 (1) Een uitvinding wordt als nieuw beschouwd indien zij geen deel uitmaakt van de stand van de techniek.(2) De stand van de techniek wordt gevormd door al hetgeen vóór de datum van indiening van de Europese octrooiaanvraag openbaar toegankelijk is gemaakt door een schriftelijke of mondelinge beschrijving, door gebruik of op enige andere wijze.(3) Als behorend tot de stand van de techniek wordt tevens aangemerkt de inhoud van Europese octrooiaanvragen zoals die zijn ingediend, waarvan de datum van indiening gelegen is vóór de in het tweede lid genoemde datum en die eerst op of na die datum zijn gepubliceerd.(4) Het tweede en derde lid sluiten de octrooieerbaarheid niet uit van stoffen of mengsels voor zover zij bestemd zijn voor de toepassing van de in artikel 53, c) bedoelde methoden, mits dat gebruikdaarvan voor een dergelijke methode niet tot de stand van de techniek behoort.(5) Het tweede en derde lid sluiten voorts de octrooieerbaarheid niet uit van een stof of mengsel als bedoeld in het vierde lid voor een specifieke gebruik in een methode bedoeld in artikel 53, c), mits dat gebruik niet tot de stand van de techniek behoort.20. Artikel 60 wordt als volgt gewijzigd : Recht op een Europees octrooi Artikel 60 (1) Het recht op een Europees octrooi komt toe aan de uitvinder of diens rechtverkrijgende.Indien de uitvinder werknemer is, wordt het recht op een Europees octrooi bepaald overeenkomstig het recht van de Staat waarin de werknemer overwegend werkzaam is; indien niet kan worden vastgesteld in welke Staat de werknemer overwegend werkzaam is, is het recht van toepassing van de Staat op het grondgebied waar het bedrijf van de werkgever, waaraan de werknemer verbonden is, zich bevindt. (2) Indien verscheidene personen de uitvinding onafhankelijk van elkaar hebben gedaan, heeft degene wiens octrooiaanvraag de oudste datum van indiening heeft, recht op het Europees octrooi, mits deze eerste aanvraag is gepubliceerd.(3) Bij de procedure voor het Europees Octrooibureau wordt de aanvrager geacht gerechtigd te zijn het recht op het Europees octrooi te doen gelden.21. Artikel 61 wordt als volgt gewijzigd : Europese octrooiaanvraag door niet-gerechtigde personen Artikel 61 (1) Indien bij een in kracht van gewijsde gegane beslissing het recht op de verlening van het Europees octrooi is toegewezen aan een persoon die niet de aanvrager is, kan deze persoon, in overeenstemming met het Uitvoeringsreglement : a) de procedure met betrekking tot de Europese octrooiaanvraag, in de plaats van de aanvrager als zijn eigen aanvraag voortzetten b) voor dezelfde uitvinding een nieuwe Europese octrooiaanvraag indienen;of c) verzoeken dat de Europese octrooiaanvraag wordt afgewezen.(2) Op een nieuwe Europese octrooiaanvraag, ingediend op grond van het eerste lid, b), is artikel 76, eerste lid, overeenkomstig van toepassing.22. Artikel 65 wordt als volgt gewijzigd : Vertaling van het Europees octrooi Artikel 65 (1) Elke Verdragsluitende Staat kan voorschrijven dat, indien het Europees octrooi zoals verleend, voortgezet in gewijzigde vorm, of beperkt door het Europees Octrooibureau niet is opgesteld in een van zijn officiële talen, de houder van het octrooi aan zijn centrale dienst voor de industriële eigendom een vertaling van het octrooi, zoals verleend, gewijzigd of beperkt, moet verstrekken in een van zijn officiële talen naar zijn keuze, of, voor zover de betrokken Staat het gebruik van een bepaalde officiële taal verplicht heeft gesteld, in die taal.De vertaling moet worden voorgelegd binnen een termijn van drie maanden vanaf de datum waarop de vermelding van de verlening, van de voortzetting in gewijzigde vorm of van de beperking van het Europees octrooi in het Europees Octrooiblad gepubliceerd wordt, tenzij de betrokken Staat een langere termijn voorschrijft. (2) Elke Verdragsluitende Staat die maatregelen heeft genomen krachtens het eerste lid, kan bepalen dat de houder van het octrooi binnen de door die Staat vast te stellen termijn de kosten van de publicatie van de vertaling geheel of gedeeltelijk betaalt.(3) Elke Verdragsluitende Staat kan bepalen dat, indien de krachtens het eerste en tweede lid gegeven maatregelen niet worden nagekomen, het Europees octrooi in die Staat geacht wordt van de aanvang af geen rechtsgevolgen te hebben gehad.23. Artikel 67 wordt als volgt gewijzigd : Rechten voortvloeiende uit de Europese octrooiaanvraag na publicatie Artikel 67 (1) De Europese octrooiaanvraag waarborgt, vanaf de datum van publicatie, de aanvrager voorlopig de bescherming bedoeld in artikel 64, in de Verdragsluitende Staten, die in de aanvraag zijn aangewezen.(2) Elke Verdragsluitende Staat kan bepalen dat de Europese octrooiaanvraag niet de in artikel 64 bedoelde bescherming waarborgt. De uit de publicatie van een Europese octrooiaanvraag voortvloeiende bescherming mag echter niet minder zijn dan de bescherming die de wetgeving van de desbetreffende Staat toekent aan de verplichte publicatie van de nog niet onderzochte nationale octrooiaanvragen. In ieder geval dient elke verdragssluitende Staat er ten minste op toe te zien dat de aanvrager vanaf de publicatie van een Europese octrooiaanvraag een gezien de omstandigheden redelijke vergoeding kan eisen van iedereen die in die verdragssluitende Staat de desbetreffende uitvinding heeft geëxploiteerd, onder omstandigheden op grond waarvan hij volgens het nationale recht aansprakelijk zou zijn indien het inbreuk op het nationale octrooi zou hebben betroffen. (3) Elke Verdragsluitende Staat, die de proceduretaal niet als officiële taal heeft, kan bepalen dat de in het eerste en tweede lid bedoelde voorlopige bescherming eerst effectief is op de datum waarop een vertaling van de conclusies, hetzij in een van de officiële talen van die Staat naar keuze van de aanvrager, hetzij, voor zover de desbetreffende Staat het gebruik van een bepaalde officiële taal heeft verplicht gesteld, in die taal : a) openbaar toegankelijk is gemaakt op de door de nationale wetgeving voorgeschreven wijze, of b) is verstrekt aan de persoon die in deze Staat de desbetreffende uitvinding exploiteert.(4) De Europese octrooiaanvraag wordt geacht van de aanvang af niet de in het eerste en tweede lid bedoelde rechtsgevolgen te hebben gehad, indien zij is ingetrokken of geacht wordt te zijn ingetrokken of is afgewezen bij een in kracht van gewijsde gegane beslissing.Hetzelfde geldt voor de rechtsgevolgen van de Europese octrooiaanvraag in een Verdragsluitende Staat waarvan de aanwijzing is ingetrokken of geacht wordt te zijn ingetrokken. 24. Artikel 68 wordt als volgt gewijzigd : Rechtsgevolgen van de herroeping of beperking van het Europees octrooi Artikel 68 De Europese octrooiaanvraag alsmede het daarop verleende octrooi worden geacht van bij aanvang af niet de in de artikelen 64 en 67 bedoelde rechtsgevolgen te hebben gehad in de mate dat het octrooi is herroepen of beperkt tijdens een oppositie-, beperkings- of nietigheidsprocedure.25. Artikel 69 wordt als volgt gewijzigd : Beschermingsomvang Artikel 69 (1) De beschermingsomvang van het Europees octrooi of van de Europese octrooiaanvraag wordt bepaald door de conclusies.Niettemin dienen de beschrijving en de tekeningen tot uitleg van de conclusies. (2) Voor de periode tot voor de verlening van het Europees octrooi wordt de beschermingsomvang van de Europese octrooiaanvraag bepaald door de conclusies die zijn vervat in de aanvraag zoals gepubliceerd. Het Europees octrooi, zoals verleend of gewijzigd tijdens de oppositie-, beperkings- of nietigheidsprocedure, bepaalt echter met terugwerkende kracht de beschermingsomvang die voortvloeit uit de Europese octrooiaanvraag, voor zover deze daarbij niet wordt uitgebreid. 26. Artikel 70 wordt als volgt gewijzigd : Authentieke tekst van de Europese octrooiaanvraag of van het Europees octrooi Artikel 70 (1) De tekst van de Europese octrooiaanvraag of van het Europees octrooi in de proceduretaal is de authentieke tekst in alle procedures voor het Europees Octrooibureau en in alle Verdragsluitende Staten.(2) Indien de Europese octrooiaanvraag echter is ingediend in een taal die geen officiële taal is van het Europees Octrooibureau, is die tekst de aanvraag zoals ingediend in de zin van dit Verdrag.(3) Elke Verdragsluitende Staat kan bepalen dat een in dit Verdrag voorgeschreven vertaling in een officiële taal van die Staat aldaar als authentieke tekst zal gelden, behalve in geval van nietigheidsprocedures, indien de beschermingsomvang van de Europese octrooiaanvraag of het Europees octrooi in de vertaling beperkter is dan de bescherming die wordt geboden door die aanvraag of door dat octrooi in de proceduretaal.(4) Elke Verdragsluitende Staat die met toepassing van het derde lid een voorschrift vaststelt, a) moet de aanvrager of de houder van het octrooi toestaan een herziene vertaling van de Europese octrooiaanvraag of van het Europees octrooi in te dienen.Deze herziene vertaling heeft geen rechtskracht zolang de door de Verdragsluitende Staat krachtens artikel 65, tweede lid, en artikel 67, derde lid, vastgestelde voorwaarden niet vervuld zijn; b) kan bepalen dat iemand die in die Staat te goeder trouw is begonnen met het exploiteren van een uitvinding of hiertoe daadwerkelijke en wezenlijke voorbereidingen heeft getroffen, zonder dat die exploitatie een inbreuk vormt op de aanvraag of op het octrooi in de oorspronkelijke vertaling, met deze exploitatie in of voor zijn bedrijf kosteloos mag doorgaan nadat de herziene vertaling van kracht is geworden.27. Artikel 75 wordt als volgt gewijzigd : Indiening van een Europese octrooiaanvraag Artikel 75 (1) De Europese octrooiaanvraag kan worden ingediend : a) bij het Europees Octrooibureau;of b) indien de wetgeving van een Verdragsluitende Staat dit toestaat, en onder voorbehoud van artikel 76, eerste lid, bij de centrale dienst voor de industriële eigendom of bij een andere bevoegde instantie van die Staat.Een op zodanige wijze ingediende aanvraag heeft dezelfde rechtsgevolgen als wanneer zij op dezelfde datum was ingediend bij het Europees Octrooibureau. (2) Het eerste lid verhindert de toepassing niet van wettelijke of reglementaire bepalingen die in een Verdragsluitende Staat : a) gelden voor uitvindingen welke, ingevolge hun voorwerp, niet zonder voorafgaande toestemming van de bevoegde instanties van de betrokken Staat aan het buitenland mogen worden meegedeeld, of b) voorschrijven dat elke octrooiaanvraag eerst ingediend moet worden bij een nationale instantie, dan wel de rechtstreekse indiening bij een andere instantie afhankelijk stellen van een voorafgaande toestemming.28. Artikel 76 wordt als volgt gewijzigd : Afgesplitste Europese aanvragen Artikel 76 (1) Een afgesplitste Europese octrooiaanvraag moet rechtstreeks bij het Europees Octrooibureau worden ingediend in overeenstemming met het Uitvoeringsreglement.Zij kan alleen worden ingediend voor onderwerpen die door de inhoud van de oorspronkelijke aanvraag zoals die is ingediend worden gedekt; voor zover aan deze eis wordt voldaan, wordt de afgesplitste aanvraag geacht te zijn ingediend op de datum van indiening van de oorspronkelijke aanvraag en geniet zij het recht van voorrang daarvan. (2) Alle Verdragsluitende Staten die in de oorspronkelijke aanvraag ten tijde van de indiening van de afgesplitste Europese aanvraag zijn aangewezen, worden geacht te zijn aangewezen in de afgesplitste aanvraag.29. Artikel 77 wordt als volgt gewijzigd : Doorzending van Europese octrooiaanvragen Artikel 77 (1) De centrale dienst voor de industriële eigendom van een Verdragsluitende Staat zendt de Europese octrooiaanvragen die bij de dienst of bij een andere bevoegde instantie van die Staat zijn ingediend, door aan het Europees Octrooibureau in overeenstemming met het Uitvoeringsreglement.(2) Een Europese octrooiaanvraag waarvan het onderwerp onder geheimhouding valt, wordt niet aan het Europees Octrooibureau doorgezonden.(3) Een Europese octrooiaanvraag die niet tijdig is doorgezonden aan het Europees Octrooibureau wordt geacht te zijn ingetrokken.30. Artikel 78 wordt als volgt gewijzigd : Voorschriften waaraan de Europese Octrooiaanvraag moet voldoen Artikel 78 (1) De Europese octrooiaanvraag moet bevatten : a) een verzoek tot verlening van een Europees octrooi;b) een beschrijving van de uitvinding;c) een of meer conclusies;d) de tekeningen waarnaar de beschrijving of de conclusies verwijzen;e) een uittreksel, en voldoen aan de voorwaarden die zijn vastgesteld in het Uitvoeringsreglement.(2) Elke Europese octrooiaanvraag geeft aanleiding tot de betaling van de indieningstaks en de taks voor het nieuwheidsonderzoek.Wanneer de indieningstaks of de taks voor het nieuwheidsonderzoek niet tijdig wordt betaald, wordt de aanvraag geacht te zijn ingetrokken. 31. Artikel 79 wordt als volgt gewijzigd : Aanwijzing van de Verdragsluitende Staten Artikel 79 (1) Alle Verdragsluitende Staten die partij zijn bij dit Verdrag op het tijdstip waarop een Europese octrooiaanvraag wordt ingediend worden geacht te zijn aangewezen in het verzoek tot verlening van het Europees octrooi.(2) De aanwijzing van een Verdragsluitende Staat kan aanleiding geven tot de betaling van een aanwijzingstaks.(3) De aanwijzing van een Verdragsluitende Staat kan te allen tijde tot aan de verlening van het Europees octrooi worden ingetrokken.32. Artikel 80 wordt als volgt gewijzigd : Datum van indiening Artikel 80 De datum van indiening van de Europese octrooiaanvraag is de datum waarop aan de in het Uitvoeringsreglement vastgestelde vereisten is voldaan.33. Artikel 86 wordt als volgt gewijzigd : Jaartaksen voor de Europese octrooiaanvraag Artikel 86 (1) Voor de Europese octrooiaanvraag moeten, overeenkomstig het Uitvoeringsreglement, jaartaksen worden betaald aan het Europees Octrooibureau.Deze taksen moeten jaarlijks worden betaald vanaf het derde jaar, te rekenen vanaf de datum waarop de aanvraag is ingediend.
Indien een jaartaks niet binnen de gestelde termijn is betaald, wordt de aanvraag geacht te zijn ingetrokken. (2) De jaartaks moet niet meer worden betaald na betaling van de taks die moet worden betaald voor het jaar waarin de vermelding van de verlening van het Europees octrooi is gepubliceerd.34. Artikel 87 wordt als volgt gewijzigd : Recht van voorrang Artikel 87 (1) Degene die op regelmatige wijze in of voor a) een Staat die partij is bij het Verdrag van Parijs tot bescherming van de industriële eigendom of b) een lid van de Wereldhandelsorganisatie, een aanvraag heeft ingediend voor een octrooi van uitvinding, een gebruiksmodel of een gebruikscertificaat, of zijn rechtverkrijgende, geniet voor het indienen van een Europese octrooiaanvraag voor dezelfde uitvinding een recht van voorrang gedurende een termijn van twaalf maanden na de datum van indiening van de eerste aanvraag.(2) Elke aanvraag die de waarde heeft van een regelmatige nationale aanvraag, overeenkomstig de nationale wetgeving van de Staat waarin de aanvraag is ingediend dan wel overeenkomstig bilaterale of multilaterale overeenkomsten, met inbegrip van dit Verdrag, wordt erkend het recht van voorrang te doen ontstaan.(3) Onder regelmatige nationale aanvraag moet worden verstaan iedere aanvraag waarvan de datum van indiening kan worden vastgesteld, ongeacht het verdere lot van die aanvraag.(4) Een latere aanvraag die betrekking heeft op hetzelfde onderwerp als een eerste eerdere aanvraag en die is ingediend in of voor dezelfde Staat, wordt als eerste aanvraag, waarvan de datum van indiening het begintijdstip van de termijn van voorrang is, beschouwd mits de eerdere aanvraag op de datum van indiening van de latere aanvraag is ingetrokken, prijsgegeven of afgewezen, zonder voor het publiek ter inzage te hebben gelegen en zonder rechten te hebben laten bestaan, en mits zij nog niet als grondslag heeft gediend voor het beroep op het recht van voorrang.De eerdere aanvraag kan dan niet meer als grondslag dienen voor het beroep op het recht van voorrang. (5) Indien de eerste aanvraag is ingediend bij een instantie voor de industriële eigendom die niet gebonden is door het Verdrag van Parijs tot bescherming van de industriële eigendom of door het Verdrag tot oprichting van de Wereldhandelsorganisatie, zijn het eerste tot en met het vierde lid van toepassing, wanneer die instantie, volgens een mededeling van de voorzitter van het Europees Octrooibureau, erkent dat een eerste indiening gedaan bij het Europees Octrooibureau een recht van voorrang doet ontstaan onder de voorwaarden en met vergelijkbare rechtsgevolgen als die welke zijn bedoeld in het Verdrag van Parijs.35. Artikel 88 wordt als volgt gewijzigd : Beroep op voorrang Artikel 88 (1) De aanvrager die zich wil beroepen op de voorrang van een eerdere indiening, moet een verklaring van voorrang en andere eventueel vereiste stukken indienen in overeenstemming met het Uitvoeringsreglement.(2) Voor een Europese octrooiaanvraag kan op meer dan een recht van voorrang een beroep worden gedaan, zelfs indien de rechten van voorrang uit verschillende staten afkomstig zijn.Ook kan voor eenzelfde conclusie op meer dan een recht van voorrang een beroep worden gedaan. Indien op meer dan een recht van voorrang een beroep wordt gedaan, worden de termijnen, die beginnen op de voorrangsdatum, berekend vanaf de vroegste voorrangsdatum. (3) Indien voor de Europese octrooiaanvraag op één of meer rechten van voorrang een beroep wordt gedaan, geldt het recht van voorrang alleen voor die elementen van de Europese octrooiaanvraag, die zijn vervat in de aanvraag of aanvragen, waarop het beroep op het recht van voorrang steunt.(4) Indien bepaalde elementen van de uitvinding waarvoor een beroep op het recht van voorrang is gedaan, niet voorkomen in de conclusies welke staan vermeld in de eerdere aanvraag, kan voorrang worden erkend indien uit de gezamenlijke stukken van de eerdere aanvraag deze elementen duidelijk blijken.36. Artikel 90 wordt als volgt gewijzigd : Onderzoek bij de indiening en onderzoek op vormgebreken Artikel 90 (1) Het Europees Octrooibureau onderzoekt, in overeenstemming met het Uitvoeringsreglement, of de aanvraag voldoet aan de vereisten voor de toekenning van een datum van indiening.(2) Indien een datum van indiening niet kan worden toegekend na het onderzoek uit hoofde van het eerste lid, wordt de aanvraag niet als een Europese octrooiaanvraag behandeld.(3) Indien een datum van indiening is toegekend aan de Europese octrooiaanvraag, onderzoekt het Europees Octrooibureau, in overeenstemming met het Uitvoeringsreglement, of voldaan is aan de vereisten van de artikelen 14, 78 en 81 en, indien van toepassing, van artikel 88, eerste lid, en van artikel 133, tweede lid, alsmede aan andere vereisten vastgesteld in het Uitvoeringsreglement.(4) Wanneer het Europees Octrooibureau bij de uitvoering van het onderzoek uit hoofde van het eerste of derde lid vaststelt dat er gebreken zijn die kunnen worden herstel, stelt het de aanvrager in de gelegenheid deze te herstellen.(5) Indien een gebrek dat is vastgesteld bij het onderzoek uit hoofde van het derde lid niet wordt hersteld, wordt de Europese octrooiaanvraag geweigerd.Wanneer het gebrek het recht van voorrang betreft, vervalt dit recht voor de aanvraag. 37. Artikel 91 wordt doorgehaald.38. Artikel 92 wordt als volgt gewijzigd : Opstelling van het verslag van het Europese nieuwheidsonderzoek Artikel 92 In overeenstemming met het Uitvoeringsreglement stelt het Europees Octrooibureau een verslag van het Europese nieuwheidsonderzoek op betreffende de Europese octrooiaanvraag op grond van de conclusies en publiceert het, waarbij naar behoren rekening wordt gehouden met de beschrijving en met de bestaande tekeningen.39. Artikel 93 wordt als volgt gewijzigd : Publicatie van de Europese octrooiaanvraag Artikel 93 1.Het Europees Octrooibureau publiceert de Europese octrooiaanvraag zo spoedig mogelijk a) na het verstrijken van een termijn van achttien maanden na de datum van indiening of, indien een beroep op een recht van voorrang is gedaan, na die voorrangsdatum;of b) op verzoek van de aanvrager voor het verstrijken van die termijn.(2) De Europese octrooiaanvraag en het Europese octrooischrift worden gelijktijdig gepubliceerd, indien de beslissing tot verlening van het octrooi van kracht is geworden voor het verstrijken van de termijn bedoeld in het eerste lid, a).40. Artikel 94 wordt als volgt gewijzigd : Onderzoek van de Europese octrooiaanvraag Artikel 94 (1) In overeenstemming met het Uitvoeringsreglement onderzoekt het Europees Octrooibureau op verzoek of de Europese octrooiaanvraag en de uitvinding waarop zij betrekking heeft voldoen aan de voorwaarden van dit Verdrag.Het verzoek wordt eerst geacht te zijn ingediend na betaling van de taks voor het onderzoek. (2) Indien het verzoek om onderzoek niet is gedaan binnen de gestelde termijn, wordt de aanvraag geacht te zijn ingetrokken.(3) Indien bij het onderzoek blijkt dat de aanvraag of de uitvinding waarop zij betrekking heeft niet voldoet aan de vereisten van dit Verdrag, verzoekt de onderzoeksafdeling de aanvrager, zo dikwijls als nodig zijn opmerkingen mee te delen en, overeenkomstig de bepalingen van artikel 123, eerste lid de aanvraag aan te passen.(4) Indien de aanvrager niet tijdig gevolg geeft aan een betekening van de onderzoeksafdeling, wordt de aanvraag geacht te zijn ingetrokken.41. De artikelen 95 en 96 worden doorgehaald.42. Artikel 97 wordt als volgt gewijzigd : Verlening van het octrooi of afwijzing van de aanvraag Artikel 97 (1) Indien de onderzoeksafdeling van oordeel is dat de Europese octrooiaanvraag en de uitvinding waarop zij betrekking heeft voldoen aan de voorwaarden van dit Verdrag, besluit zij tot verlening van het Europees octrooi, mits aan de vereisten vastgesteld in het Uitvoeringsreglement wordt voldaan.(2) Indien de onderzoeksafdeling van oordeel is dat de Europese octrooiaanvraag of de uitvinding waarop zij betrekking heeft niet voldoen aan de voorwaarden van dit Verdrag, wijst zij de aanvraag af, tenzij in dit Verdrag hiervoor andere rechtsgevolgen zijn voorzien.(3) De beslissing tot verlening van het Europees octrooi wordt van kracht op de dag waarop de vermelding van de verlening wordt gepubliceerd in het Europees Octrooiblad.43. Artikel 98 wordt als volgt gewijzigd : Publicatie van het Europees octrooischrift Artikel 98 Het Europees Octrooibureau publiceert het Europees octrooischrift zo spoedig mogelijk nadat de vermelding van de verlening van het Europese octrooi is gepubliceerd in het Europees Octrooiblad.44. De titel van het Vijfde Deel wordt als volgt gewijzigd : VIJFDE DEEL OPPOSITIE- EN BEPERKINGSPROCEDURE 45.Artikel 99 wordt als volgt gewijzigd : Oppositie Artikel 99 (1) Binnen negen maanden na de dag waarop de vermelding van de verlening van het Europees octrooi is gepubliceerd in het Europees Octrooiblad, kan iedereen bij het Europees Octrooibureau oppositie instellen tegen dat octrooi, in overeenstemming met het Uitvoeringsreglement.De oppositie wordt slechts geacht te zijn ingesteld na betaling van de oppositietaks. (2) De oppositie tegen het Europees octrooi treft dit octrooi in alle Verdragsluitende Staten waarin het rechtsgevolgen heeft.(3) De opposanten zijn, evenals de octrooihouder, partij in de oppositieprocedure.(4) Indien iemand bewijst dat hij in plaats van de vorige octrooihouder, krachtens een in kracht van gewijsde gegane rechterlijke uitspraak, in een Verdragsluitende Staat is ingeschreven in het octrooiregister, treedt hij, op zijn verzoek, voor deze Staat in de plaats van de vorige octrooihouder.In afwijking van artikel 118 worden de vorige octrooihouder en de persoon die aldus zijn rechten heeft doen gelden, niet beschouwd als medehouders, tenzij beiden hierom verzoeken. 46. Artikel 101 wordt als volgt gewijzigd : Onderzoek van het bezwaar Herroeping of instandhouding van het Europees octrooi Artikel 101 (1) Indien de oppositie ontvankelijk is, onderzoekt de oppositieafdeling, overeenkomstig met het Uitvoeringsreglement, of ten minste een van de in artikel 100 genoemde gronden voor oppositie zich tegen het in stand houden van het Europees octrooi verzet.Tijdens dit onderzoek verzoekt de oppositieafdeling de partijen zo dikwijls als nodig hun opmerkingen over de kennisgevingen die hen werden toegezonden en over de mededelingen van andere partijen, over te maken. (2) Indien de oppositieafdeling van oordeel is dat ten minste een van de gronden voor oppositie zich verzet tegen de instandhouding van het Europees octrooi, herroept zij het octrooi.Anders wijst zij de oppositie af. (3) Indien de oppositieafdeling van oordeel is dat, gelet op de wijzigingen die de octrooihouder tijdens de oppositieprocedure heeft aangebracht, het octrooi en uitvinding waarop het octrooi betrekking heeft a) voldoen aan de voorwaarden van dit Verdrag, besluit zij het octrooi in de gewijzigde vorm in stand te houden, mits voldaan wordt aan de voorwaarden als vastgesteld in het Uitvoeringsreglement;b) niet voldoen aan de voorwaarden van dit Verdrag, herroept zij het octrooi.47. Artikel 102 wordt doorgehaald.48. Artikel 103 wordt als volgt gewijzigd : Publicatie van een nieuw Europees octrooischrift Artikel 103 Indien het Europees octrooi in stand wordt gehouden zoals gewijzigd ingevolge artikel 101, derde lid, a), publiceert het Europees Octrooibureau zo spoedig mogelijk na de vermelding van de beslissing inzake de oppositie in het Europees Octrooiblad, een nieuw Europees octrooischrift.49. Artikel 104 wordt als volgt gewijzigd : Kosten Artikel 104 (1) Elke bij de oppositieprocedure betrokken partij draagt de door haar gemaakte kosten, behalve indien de oppositieafdeling om billijkheidsredenen in overeenstemming met het Uitvoeringsreglement besluit tot een andere verdeling van de kosten.(2) De procedure voor het vaststellen van de kosten wordt vastgesteld in het Uitvoeringsreglement.(3) Elke eindbeslissing van het Europees Octrooibureau waarbij het bedrag van de kosten wordt vastgesteld, wordt voor de tenuitvoerlegging hiervan in de Verdragsluitende Staten beschouwd als een in kracht van gewijsde gegane beslissing van een civielrechtelijke instantie van de Staat op het grondgebied waarvan de tenuitvoerlegging dient te geschieden.Een dergelijke beslissing kan alleen worden getoetst op haar authenticiteit. 50. Artikel 105 wordt als volgt gewijzigd : Tussenkomst van de vermeende inbreukmaker Artikel 105 (1) Elke derde kan, in overeenstemming met het Uitvoeringsreglement, na het verstrijken van de termijn van oppositie tussenkomen in de oppositieprocedure, mits hij aantoont dat a) tegen hem een rechtsvordering is ingesteld wegens inbreuk op hetzelfde octrooi, of b) de derde naar aanleiding van een verzoek van de houder van het octrooi om de vermeende inbreuk te staken, een vordering heeft ingesteld om in rechte te doen vaststellen dat hij geen inbreuk maakt op het octrooi.(2) Een ontvankelijke tussenkomst wordt behandeld als een oppositie.51. De volgende nieuwe artikelen 105bis, 105ter en 105quater worden ingevoegd na artikel 105 : Verzoek om beperking of herroeping Artikel 105bis (1) Op verzoek van de houder kan het Europees octrooi worden herroepen of beperkt door wijziging van de conclusies.Het verzoek wordt ingediend bij het Europees Octrooibureau in overeenstemming met het Uitvoeringsreglement. Het wordt geacht eerst te zijn ingediend nadat de beperkings- of herroepingstaks is betaald. (2) Het verzoek kan niet worden ingediend zolang een oppositieprocedure ten aanzien van het Europees octrooi hangende is. Beperking of herroeping van het Europees octrooi Artikel 105ter (1) Het Europees Octrooibureau onderzoekt of voldaan is aan de vereisten vastgesteld in het Uitvoeringsreglement voor het beperken of herroepen van het Europees octrooi.(2) Indien het Europees Octrooibureau van mening is dat het verzoek om beperking of herroeping van het Europees octrooi voldoet aan deze vereisten, besluit het het Europees octrooi te beperken of te herroepen in overeenstemming met het Uitvoeringsreglement.Anders wordt het verzoek afgewezen. (3) De beslissing tot beperking of herroeping van het Europees octrooi heeft rechtsgevolgen voor het Europees octrooi in alle Verdragsluitende Staten waarvoor het werd verleend.De beslissing wordt van kracht op de datum waarop zij wordt vermeld in het Europees Octrooiblad.
Publicatie van het gewijzigde Europees octrooischrift Artikel 105quater Indien het Europees octrooi wordt beperkt ingevolge artikel 105ter, tweede lid, publiceert het Europees Octrooibureau het gewijzigde Europees octrooischrift zo spoedig mogelijk nadat de vermelding van de beperking in het Europees Octrooiblad is gepubliceerd. 52. Artikel 106 wordt als volgt gewijzigd : Beslissingen waartegen beroep kan worden ingesteld Artikel 106 (1) Tegen de beslissingen van de aanvraagafdeling, de onderzoeksafdelingen, de oppositieafdelingen en de juridische afdeling kan beroep worden ingesteld.Het beroep heeft schorsende werking. (2) Tegen een beslissing, waarbij een procedure ten aanzien van een van de partijen niet wordt afgesloten, kan slechts beroep worden ingesteld tegelijk met de eindbeslissing, tenzij de beslissing een afzonderlijk beroep mogelijk maakt.(3) Het recht een beroep in te stellen tegen beslissingen inzake de verdeling of vaststelling van kosten in oppositieprocedures, kan worden beperkt in het Uitvoeringsreglement.53. Artikel 108 wordt als volgt gewijzigd : Termijn en vorm Artikel 108 Een beroep dient te worden ingesteld in overeenstemming met het Uitvoeringsreglement bij het Europees Octrooibureau binnen een termijn van twee maanden na de betekening van de beslissing.Het beroep wordt eerst geacht te zijn ingesteld nadat de taks voor het beroep is betaald. Een uiteenzetting van de gronden van het beroep moet worden ingediend in overeenstemming met het Uitvoeringsreglement binnen een termijn van vier maanden na de betekening van de beslissing. 54. Artikel 110 wordt als volgt gewijzigd : Onderzoek van het beroep Artikel 110 Indien het beroep ontvankelijk is, onderzoekt de kamer van beroep of het beroep gegrond is.Het onderzoek van het beroep vindt plaats in overeenstemming met het Uitvoeringsreglement. 55. Het volgende nieuwe artikel 112bis wordt ingevoegd na artikel 112 : Verzoek tot herziening door de Grote Kamer van beroep Artikel 112bis (1) Elke partij bij een beroepsprocedure wiens vordering niet werd toegewezen door de beslissing van de kamer van beroep kan een verzoek indienen tot herziening van de beslissing door de Grote Kamer van beroep.(2) Het verzoek kan alleen worden ingediend om een van volgende redenen : a) een lid van de kamer van beroep nam in strijd met artikel 24, eerste lid, of ondanks het feit dat hij was uitgesloten uit hoofde van een beslissing ingevolge artikel 24, vierde lid, deel aan de beslissing;b) een persoon die niet de hoedanigheid bezat van lid van de kamer van beroep, heeft aan de beslissing deelgenomen;c) de beroepsprocedure is aangetast door een fundamentele inbreuk op artikel 113;d) de beroepsprocedure is aangetast door een andere fundamentele procedurele tekortkoming als omschreven in het Uitvoeringsreglement; of e) een strafbaar feit, vastgesteld overeenkomstig de voorwaarden neergelegd in het Uitvoeringsreglement, heeft invloed gehad op de beslissing.(3) Het verzoek om herziening heeft geen schorsende werking.(4) Het verzoek om herziening moet worden ingediend en gemotiveerd in overeenstemming met het Uitvoeringsreglement.Indien het verzoek gebaseerd is op het tweede lid, a) tot en met d), dient het binnen een termijn van twee maanden na de betekening van de beslissing van de kamer van beroep te worden ingediend. Indien het verzoek is gebaseerd op het tweede lid, e), dient het binnen een termijn van twee maanden na de datum waarop het strafbare feit is vastgesteld te worden ingediend, maar in geen geval meer dan vijf jaar na de betekening van de beslissing van de kamer van beroep. Het verzoek wordt eerst geacht te zijn ingediend nadat de voorgeschreven taks is betaald. (5) De Grote Kamer van beroep onderzoekt het verzoek tot herziening in overeenstemming met het Uitvoeringsreglement.Indien het verzoek gegrond is, vernietigt de Grote Kamer van beroep de beslissing die het voorwerp is van herziening en heropent ze de procedure bij de kamers van beroep in overeenstemming met het Uitvoeringsreglement. (6) Iedereen die in een aangewezen Verdragsluitende Staat te goeder trouw gebruik heeft gemaakt van, of daadwerkelijke en wezenlijke voorbereidingen heeft getroffen voor exploitatie van een uitvinding die het voorwerp is van een gepubliceerde Europese octrooiaanvraag of een Europees octrooi in de periode tussen de beslissing van de kamer van beroep die herzien wordt en de publicatie van de vermelding van de beslissing van de Grote Kamer van beroep inzake het verzoek mag deze exploitatie, in zijn bedrijf of voor de behoeften van zijn bedrijf, kosteloos voortzetten.56. Artikel 115 wordt als volgt gewijzigd : Opmerkingen van derden Artikel 115 Bij procedures voor het Europees Octrooibureau kunnen derden, na publicatie van de Europese octrooiaanvraag, in overeenstemming met het Uitvoeringsreglement opmerkingen maken over de octrooieerbaarheid van de uitvinding waarop de aanvraag of het octrooi betrekking heeft. Derden worden geen partij bij de procedure. 57. Artikel 117 wordt als volgt gewijzigd : Bewijsmiddelen en onderzoek Artikel 117 (1) Bij procedures voor het Europees Octrooibureau kunnen met name de volgende onderzoeksmaatregelen worden getroffen : a) verhoor van partijen;b) inlichtingen;c) voorleggen van documenten;d) verhoor van getuigen;e) deskundigenonderzoek;f) afstapping ter plaatse;g) onder ede afgelegde schriftelijke verklaringen.(2) De procedure voor de bewijsvoering wordt vastgesteld in het Uitvoeringsreglement.58. Artikel 119 wordt als volgt gewijzigd : Betekening Artikel 119 Het Europees Octrooibureau betekent ambtshalve beslissingen, oproepen, kennisgevingen en mededelingen, in overeenstemming met het Uitvoeringsreglement.De betekeningen kunnen, wanneer buitengewone omstandigheden dit vereisen, gedaan worden door tussenkomst van de centrale diensten voor de industriële eigendom van de Verdragsluitende Staten. 59. Artikel 120 wordt als volgt gewijzigd : Termijnen Artikel 120 Het Uitvoeringsreglement bepaalt : a) de termijnen die in acht moeten worden genomen bij procedures voor het Europees Octrooibureau en die niet door dit Verdrag worden vastgesteld;b) de wijze waarop de termijnen berekend worden alsmede de voorwaarden waaronder zij kunnen worden verlengd;c) de minimale en maximale duur van de termijnen die worden vastgesteld door het Europees Octrooibureau.60. Artikel 121 wordt als volgt gewijzigd : Verdere behandeling Van de Europese octrooiaanvraag Artikel 121 (1) Wanneer een aanvrager ten aanzien van het Europees Octrooibureau verzuimt een termijn in acht te nemen, kan hij verzoeken om verdere behandeling van de Europese octrooiaanvraag.(2) Het Europees Octrooibureau willigt het verzoek in, mits voldaan wordt aan de vereisten die zijn vastgesteld in het Uitvoeringsreglement.Anders wordt het verzoek afgewezen. (3) Indien het verzoek wordt ingewilligd, worden de rechtsgevolgen van het verzuim, wat betreft de inachtneming van de termijn, geacht niet te zijn ingetreden.(4) Verdere behandeling is uitgesloten in geval van de termijnen genoemd in artikel 87, eerste lid, artikel 108 en artikel 112bis , vierde lid, evenals de termijnen voor het verzoek tot verdere behandeling of tot herstel in de vorige toestand.Het Uitvoeringsreglement kan andere termijnen van verdere behandeling uitsluiten. 61. Artikel 122 wordt als volgt gewijzigd : Herstel in de vorige toestand Artikel 122 (1) Een aanvrager of houder van een Europees octrooi die, ondanks het betrachten van alle in de geven omstandigheden geboden zorgvuldigheid, niet in staat is geweest ten aanzien van het Europees Octrooibureau een termijn in acht te nemen, wordt op verzoek in zijn rechten hersteld indien het niet-naleven van deze termijn rechtstreeks tot gevolg heeft dat de Europese octrooiaanvraag of het verzoek wordt afgewezen, dat de Europese octrooiaanvraag wordt geacht te zijn ingetrokken, dat het Europees octrooi wordt herroepen of dat een ander recht of rechtsmiddel verloren gaat.(2) Het Europees Octrooibureau willigt het verzoek in, mits voldaan wordt aan de voorwaarden van het eerste lid en aan de vereisten die zijn vastgesteld in het Uitvoeringsreglement.Anders wordt het verzoek afgewezen. (3) Indien het verzoek wordt ingewilligd, worden de rechtsgevolgen van het verzuim wat betreft de inachtneming van de termijn geacht niet te zijn ingetreden.(4) Herstel in de vorige toestand is uitgesloten ten aanzien van de indieningstermijn voor het verzoek tot herstel in de vorige toestand. Het Uitvoeringsreglement kan andere termijnen van herstel in de vorige toestand uitsluiten. (5) Een persoon die in een aangewezen Verdragsluitende Staat te goeder trouw gebruik heeft gemaakt van of daadwerkelijke en wezenlijke voorbereidingen heeft getroffen voor exploitatie van een uitvinding die het voorwerp is van een gepubliceerde Europese octrooiaanvraag of van een Europees octrooi in de periode tussen het verlies van de rechten bedoeld in het eerste lid en de publicatie van de vermelding van het herstel in de vorige toestand mag met deze exploitatie, in zijn bedrijf of voor de behoeften van dit bedrijf, kosteloos doorgaan.(6) Dit artikel heeft geen invloed op het recht van de verdragsluitende staat om het herstel in de vorige toestand toe te kennen, met toepassing van de termijnen voorzien door het verdrag die dienen in acht genomen te worden ten aanzien van de autoriteiten van die staat.62. Artikel 123 wordt als volgt gewijzigd : Wijzigingen Artikel 123 (1) Een Europese octrooiaanvraag of Europees octrooi kan worden gewijzigd tijdens een procedure voor het Europees Octrooibureau in overeenstemming met het Uitvoeringsreglement.In elk geval kan de aanvrager ten minste eenmaal de aanvraag op eigen initiatief wijzigen. (2) Een Europese octrooiaanvraag of Europees octrooi kan niet zodanig gewijzigd worden dat het onderwerp niet meer gedekt wordt door de inhoud van de aanvraag zoals die is ingediend.(3) Een Europees octrooi kan niet zodanig worden gewijzigd dat de beschermingsomvang wordt uitgebreid.63. Artikel 124 wordt als volgt gewijzigd : Inlichtingen over de stand van de techniek Artikel 124 (1) Het Europees Octrooibureau kan, in overeenstemming met het Uitvoeringsreglement, de aanvrager verzoeken inlichtingen te verstrekken over de stand van de techniek die gehanteerd is bij een nationale of regionale octrooiprocedure, en die een uitvinding betreft waarop de Europese octrooiaanvraag betrekking heeft.(2) Indien de aanvrager niet tijdig gevolg geeft aan een verzoek uit hoofde van het eerste lid, wordt de Europese octrooiaanvraag geacht te zijn ingetrokken.64. Artikel 126 wordt doorgehaald.65. Artikel 127 wordt als volgt gewijzigd : Europees Octrooiregister Artikel 127 Het Europees Octrooibureau houdt een Europees Octrooiregister bij waarin de in het Uitvoeringsreglement vermelde gegevens worden opgenomen.Geen enkele inschrijving mag in het Europees Octrooiregister worden gedaan voordat de Europese octrooiaanvraag is gepubliceerd. Het Europees Octrooiregister ligt ter inzage van het publiek. 66. Artikel 128 wordt als volgt gewijzigd : Inzage ten behoeve van het publiek Artikel 128 (1) De dossiers die betrekking hebben op Europese octrooiaanvragen die nog niet zijn gepubliceerd, kunnen alleen met toestemming van de aanvrager worden ingezien.(2) Degene die bewijst dat de aanvrager …
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.