← België

Wet houdende instemming met de volgende internationale akten : 1° het Zesde Protocol ter aanvulling van de Stichtingsakte van de Wereldpostvereniging,

Kort samengevat

Deze wet bekrachtigt vier internationale akten die in Peking zijn opgesteld op 15 september 1999, met als doel deze akten volledig van kracht te laten zijn in België. Het gaat hierbij om regels en overeenkomsten die de organisatie en werking van de Wereldpostvereniging en internationale postdiensten betreffen.

Wat het regelt

Wie het aanbelangt

Kernpunten

📄 Wettekst
21 SEPTEMBER 2004. - Wet houdende instemming met de volgende internationale akten : 1° het Zesde Protocol ter aanvulling van de Stichtingsakte van de Wereldpostvereniging, 2° het Algemeen Reglement van de Wereldpostvereniging, 3° de Wereldpostconventie en het Slotprotocol en 4° de Overeenkomst betreffende de uitbetalingsdiensten van De Post, gedaan te Peking op 15 september 1999 (1) (2) ALBERT II, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. De Kamers hebben aangenomen en Wij bekrachtigen hetgeen volgt : Artikel 1.Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 77 van de Grondwet. Art. 2.De volgende internationale akten : 1° het Zesde Protocol ter aanvulling van de Stichtingsakte van de Wereldpostvereniging, 2° het Algemeen Reglement van de Wereldpostvereniging, 3° de Wereldpostconventie en het Slotprotocol, en 4° de Overeenkomst betreffende de uitbetalingsdiensten van De Post, gedaan te Peking op 15 september 1999, zullen volkomen gevolg hebben. Kondigen deze wet af, bevelen dat zij met 's Lands zegel zal worden bekleed en door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt. Gegeven te Brussel, 21 september 2004. ALBERT Van Koningswege : De Minister van Overheidsbedrijven, J. VANDE LANOTTE De Minister van Buitenlandse Zaken, K. DE GUCHT Met 's Lands zegel gezegeld : De Minister van Justitie, Mevr. L. ONKELINX _______ Nota (1) Zitting 2003-2004. Senaat Parlementaire documenten. - Ontwerp van wet ingediend op 8 april 2004, nr. 3-627/1. - Verslag, nr. 3-627/2. Parlementaire Handelingen. - Bespreking en stemming. Vergadering van 27 mei 2004. Kamer van volksvertegenwoordigers. Parlementaire documenten. - Ontwerp overgezonden door de Senaat, nr. 51-1181/1. - Tekst aangenomen in plenaire vergadering en aan de Koning ter bekrachtiging voorgelegd, nr. 51-1181/2. Parlementaire Handelingen. - Bespreking en stemming. Vergadering van 24 juni 2004. (2) De neerlegging van het ratificatieinstrument van belgië werd geregistreerd op 12 oktober 2004. Zesde Protocol ter aanvulling van de Stichtingsakte van de Wereldpostvereniging Gelet op artikel 30, paragraaf 2, van de op 10 juli 1964 te Wenen afgesloten Stichtingsakte van de Wereldpostvereniging, hebben de gevolmachtigden van de regeringen van de lid-Staten van de Wereldpostvereniging, in Congres bijeen te Peking onder voorbehoud van ratificatie, de volgende wijzigingen in de genoemde Stichtingsakte aangenomen. Artikel I (Artikel 22 gewijzigd) Akten van de Vereniging 1. De Stichtingsakte is de basisakte van de Vereniging.Die bevat de regels betreffende de organisatie van de Vereniging. 2. Het Algemeen Reglement bevat de bepalingen voor de toepassing van de Stichtingsakte en voor de werking van de Vereniging.Het Reglement is voor alle lidstaten verplicht. 3. De Wereldpostconventie, het Reglement van de brievenpost en het Reglement betreffende de postpakketten bevatten de gemeenschappelijke regels die van toepassing zijn op de internationale postdienst, alsook de bepalingen betreffende de brievenpost- en postpakkettendiensten. Die akten zijn voor alle lidstaten verplicht. 4. De Overeenkomsten van de Vereniging en de Reglementen ervan regelen de andere diensten dan die van de brievenpost en van de postpakketten tussen de lid-Staten die daarbij partij zijn.Zij zijn enkel voor die landen verplicht. 5. De Reglementen die de uitvoeringsmaatregelen bevatten die nodig zijn voor de tenuitvoerlegging van de Conventie en van de Overeenkomsten worden door de Raad voor Postexploitatie vastgesteld, rekening houdende met de beslissingen van het Congres.6. De eventuele Slotprotocollen die worden gevoegd bij de Akten van de Vereniging, bedoeld in de paragrafen 3, 4 en 5, bevatten het voorbehoud bij die Akten. Artikel II (Artikel 25 gewijzigd) Ondertekening, waarmerking, bekrachtiging en andere wijzen van goedkeuring van de Akten van de Vereniging 1. De Akten van de Vereniging die uit het Congres voortvloeien, worden ondertekend door de gevolmachtigden van de lid-Staten.2. De Reglementen worden gelegaliseerd door de Voorzitter en de Secretaris-generaal van de Raad voor Postexploitatie.3. De Stichtingsakte wordt zo snel mogelijk door de ondertekenende landen bekrachtigd.4. De goedkeuring van de Akten van de Vereniging, behalve de Stichtingsakte, wordt geregeld door de grondwettelijke regels van elk ondertekenend land.5. Wanneer een land de Stichtingsakte niet bekrachtigt of de overige Akten die het ondertekend heeft, niet goedkeurt, zijn de Stichtingsakte en de overige Akten niet minder geldig voor de landen die ze hebben bekrachtigd of goedgekeurd. Artikel III (Artikel 29 gewijzigd) Voorlegging van voorstellen 1. Het postbestuur van een lid-Staat heeft het recht om hetzij op het Congres, hetzij tussen twee Congressen in, voorstellen te doen over de Akten van de Vereniging waaraan zijn land deelneemt.2. Voorstellen in verband met de Stichtingsakte en het Algemeen Reglement mogen echter alleen aan het Congres worden gedaan.3. Bovendien worden voorstellen over de Reglementen rechtstreeks voorgelegd aan de Raad voor Postexploitatie, maar het Internationaal Bureau moet die vooraf aan alle postbesturen van de lid-Staten doorsturen. Artikel IV. - Toetreding tot het aanvullend Protocol en tot de overige Akten van de Vereniging 1. De lid-Staten die dit Protocol niet hebben ondertekend, kunnen te allen tijde ertoe toetreden.2. De lid-Staten die partij zijn bij de Akten die door het Congres verlengd zijn maar die ze niet ondertekend hebben, moeten zo snel mogelijk ertoe toetreden.3. De toetredingsoorkonden in verband met de in de paragrafen 1 en 2 bedoelde gevallen, moeten aan de Directeur-generaal van het Internationaal Bureau worden toegestuurd.Hij meldt deze neerlegging aan de regeringen van de lid-Staten. Artikel V Tenuitvoerlegging en duur van het aanvullend Protocol bij de Stichtingsakte van de Wereldpostvereniging Dit aanvullend Protocol zal in werking treden op 1 januari 2001 en voor onbepaalde tijd van kracht blijven. Ter staving hiervan hebben de gevolmachtigden van de regeringen van de lid-Staten dit aanvullend Protocol opgesteld, dat dezelfde rechtskracht en dezelfde waarde heeft als waren de bepalingen ervan in de tekst zelf van de Stichtingsakte opgenomen, en ze hebben het in één exemplaar ondertekend dat neergelegd wordt bij de Directeur-generaal van het Internationaal Bureau. Een afschrift hiervan zal door de regering van de lidstaat waar het Congres zetelt aan elke partij worden toegezonden. Gedaan te Peking op 15 september 1999. Dit Protocol is door de volgende Staten ondertekend : Albanië, Algerije, Amerika (Verenigde Staten), Angola, Argentinië, Armenië, Australië, Bahama's, Bahrein, Bangladesh, Barbados, Belarus, België, Belize, Benin, Bhutan, Bolivia, Botswana, Brazilië, Bulgarije (Rep.), Burkina Faso, Burundi, Cambodja, Canada, Centrafrika, Chili, China (Volksrep.), Colombia, Congo (Dem. Rep.), Costa Rica, Cuba, Cyprus, De Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië, Denemarken, Djibouti, Dominicaanse Republiek, Duitsland, Ecuador, Egypte, Equatoriaal-Guinea, Eritrea, Estland, Ethiopië, Fiji, Filipijnen, Finland, Frankrijk, Gabon, Ghana, Grenada, Griekenland, Groot-Brittannië, Guinee, Guyana, Honduras (Rep.), Hongarije (Rep.), Ierland, IJsland, India, Indonesië, Iran (Isl. Rep.), Israël, Italië, Ivoorkust (Rep.), Japan, Jordanië, Kaapverdië, Kameroen, Kazachstan, Kenia, Kirgizstan, Koeweit, Kongo (Rep.), Korea (Rep.), Kroatië, Lesotho, Letland, Libanon, Liberia, Liechtenstein, Luxemburg, Madagaskar, Malawi, Malediven, Maleisië, Mali, Malta, Marokko, Mauritanië, Mauritius, Mexico, Monaco, Mongolië, Mozambique, Myanmar, Nauru, Nederland, Nederlandse Antillen en Aruba, Nepal, Nieuw-Zeeland, Nigeria, Noorwegen, Oeganda, Oekraïne, Oezbekistan, Oman, Oostenrijk, Overzeese gebieden (Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland), Pakistan, Panama (Rep.), Papoea-Nieuw-Guinea, Paraguay, Peru, Polen (Rep.), Portugal, Qatar, Roemenië, Russische federatie, Rwanda, Saint Lucia, Saint Vincent en de Grenadines, Salomonseilanden, San Marino, Saoedi-Arabië, Senegal, Seychellen, Sierra Leone, Singapore, Slowakije, Soedan, Spanje, Sri Lanka, Suriname, Swaziland, Syrië (Arabische Rep.), Tadzjikistan, Tanzania (Verenigde Rep.), Thailand, Togo, Tonga, Tsjaad, Tsjechië (Rep.), Tunesië, Turkije, Turkmenistan, uruguay, Vanuatu, Vaticaanstad, Venezuela, Verenigde Arabische Emiraten, Vietnam, West-Samoa, Jemen, Zambia, Zimbabwe, Zuid-Afrika, Zweden, Zwitserland. Algemeen reglement van de wereldpostvereniging (WPV) INHOUDSOPGAVE HOOFDSTUK I. - Werking van de organen van de Vereniging Artikelen 101. Organisatie en bijeenkomst van de Congressen en de buitengewone Congressen 102.Samenstelling, werking en bijeenkomsten van de Administratieve Raad 103. Documentatie over de werkzaamheden van de Administratieve Raad 104.Samenstelling, werking en bijeenkomsten van de Raad voor Postexploitatie 105. Documentatie over de werkzaamheden van de Raad voor Postexploitatie 106.Huishoudelijk reglement van de Congressen 107. Werktalen van het Internationaal Bureau 108.Talen gebruikt voor de documentatie, de beraadslagingen en de dienstbriefwisseling HOOFDSTUK II. - Het Internationaal Bureau 10 9. Verkiezing van de Directeur-generaal en de Vice-directeur-generaal van het Internationaal Bureau 110.Functie van de Directeur-generaal 111. Functie van de Vice-directeur-generaal 112.Secretariaat van de organen van de Vereniging 113. Lijst van de lid-Staten 114.Inlichtingen. Adviezen. Verzoeken om interpretatie en wijziging van de Akten. Onderzoeken. Tussenkomst in de vereffening van de rekeningen. 115. Technische samenwerking 116.Formulieren geleverd door het Internationaal Bureau 117. Akten van de Beperkte Verenigingen en bijzondere overeenkomsten 118.Tijdschrift van de Vereniging 119. Jaarverslag over de werkzaamheden van de Vereniging HOOFDSTUK III.- Procedure voor het indienen en het onderzoeken van voorstellen 12 0. Procedure van voorlegging van de voorstellen aan het Congres 121.Procedure van voorlegging van de voorstellen tussen twee Congressen in 122. Onderzoek van de voorstellen tussen twee Congressen in 123.Kennisgeving van de beslissingen die werden genomen tussen twee Congressen in 124. Inwerkingtreding van de Reglementen en van de overige beslissingen die tussen twee Congressen in worden aangenomen HOOFDSTUK IV.- Financiën 12 5. Vaststelling en regeling van de uitgaven van de Vereniging 126.Automatische sancties 127. Bijdrageklassen 128.Betaling van de benodigdheden van het Internationaal Bureau HOOFDSTUK V. - Arbitrage 12 9. Arbitrageprocedure HOOFDSTUK VI.- Slotbepalingen 13 0. Goedkeuringsvoorwaarden inzake de voorstellen betreffende het Algemeen Reglement 131.Voorstellen betreffende de Akkoorden met de Organisatie van de Verenigde Naties 132. Tenuitvoerlegging en duur van het Algemeen Reglement Algemeen reglement van de wereldpostvereniging De ondergetekenden, gevolmachtigden van de Regeringen van de lid-Staten van de Vereniging hebben, gelet op artikel 22, paragraaf 2 van de Stichtingsakte van de Wereldpostvereniging die op 10 juli 1964 te Wenen werd afgesloten, in gemeenschappelijk overleg en onder voorbehoud van artikel 25, paragraaf 4 van de genoemde Stichtingsakte in dit Algemeen Reglement de volgende bepalingen vastgesteld die de toepassing van de Stichtingsakte en de werking van de Vereniging waarborgen. HOOFDSTUK I. - Werking van de organen van de vereniging Artikel 101 Organisatie en bijeenkomst van de Congressen en de buitengewone Congressen 1. De vertegenwoordigers van de lid-Staten komen in Congres bijeen, uiterlijk vijf jaar na de datum van de tenuitvoerlegging van de Akten van het vorige Congres.2. Elke lid-Staat laat zich op het Congres vertegenwoordigen door één of meerdere gevolmachtigden, die hiervoor van hun regering de nodige volmachten hebben gekregen.Een lid-Staat mag zich, indien nodig, laten vertegenwoordigen door de afvaardiging van een andere lid-Staat. Een afvaardiging mag evenwel slechts één andere lidstaat dan de zijne vertegenwoordigen. 3. Tijdens de beraadslagingen beschikt iedere lidstaat over één stem, onder voorbehoud van de sancties waarvan sprake in artikel 126.4. In principe duidt ieder Congres het land aan waar het volgende Congres zal plaatsvinden.Indien deze aanduiding niet uitvoerbaar blijkt, is de Administratieve Raad gemachtigd om het land aan te duiden waar de zittingen van het Congres zullen plaatsvinden, dit na afspraak met dit land. 5. Na overleg met het Internationaal Bureau legt de uitnodigende regering de definitieve datum en de juiste plaats van het Congres vast.In principe stuurt de uitnodigende regering één jaar vóór deze datum een uitnodiging aan de regering van elke lid-Staat. Deze uitnodiging kan worden verzonden, hetzij rechtstreeks, hetzij via een andere regering, hetzij via de Directeur-generaal van het Internationaal Bureau. 6. Wanneer een Congres moet worden bijeengeroepen zonder dat er een uitnodigende regering is, treft het Internationaal Bureau, met instemming van de Administratieve Raad en na overleg met de regering van de Zwitserse Bondsstaat, de nodige schikkingen om het Congres bijeen te roepen en het te organiseren in het land waar de Vereniging zetelt.In dit geval oefent het Internationaal Bureau de functie uit van uitnodigende regering. 7. De plaats van bijeenkomst van een buitengewoon Congres wordt na overleg met het Internationaal Bureau bepaald door de lid-Staten die het initiatief tot dit Congres hebben genomen.8. De paragrafen 2 tot 6 zijn naar analogie toepasselijk op de buitengewone Congressen. Artikel 102 Samenstelling, werking en bijeenkomsten van de Administratieve Raad 1. De Administratieve Raad is samengesteld uit eenenveertig leden die hun functie uitoefenen gedurende de periode tussen twee opeenvolgende Congressen.2. Het voorzitterschap komt van rechtswege toe aan het gastland van het Congres.Indien dit land zich terugtrekt, wordt het van rechtswege lid en hierdoor beschikt de geografische groep waartoe het behoort over een bijkomende zetel waarop de beperkingen van paragraaf 3 niet van toepassing zijn. In dit geval kiest de Administratieve Raad voor het voorzitterschap één van de leden die tot de geografische groep van het gastland behoren. 3. De veertig andere leden van de Administratieve Raad worden door het Congres verkozen op basis van een rechtvaardige geografische verdeling.Ten minste de helft van de leden wordt vervangen ter gelegenheid van ieder Congres; geen enkele lid-Staat mag achtereenvolgens door drie Congressen gekozen worden. 4. Elk lid van de Administratieve Raad duidt zijn vertegenwoordiger aan die bevoegd moet zijn op postaal gebied.5. De functie van lid van de Administratieve Raad is onbezoldigd.De werkingskosten van die Raad zijn ten laste van de Vereniging. 6. De Administratieve Raad heeft de volgende bevoegdheden : 6.1. toezicht houden op alle werkzaamheden van de Vereniging tussen twee Congressen in; daarbij houdt hij rekening met de beslissingen van het Congres, onderzoekt hij het beleid regeringen betreffende de postdiensten en houdt hij rekening met het internationale reglementaire beleid zoals in verband met de handel in diensten en de concurrentie; 6.2. binnen het kader van zijn bevoegdheden, elke handeling onderzoeken en goedkeuren die nodig geacht wordt om de internationale postdienst te moderniseren en om de kwaliteit ervan te vrijwaren en te verhogen; 6.3. alle vormen van postale technische bijstand stimuleren, coördineren en controleren binnen het kader van de internationale technische samenwerking; 6.4. het budget en de jaarrekening van de Vereniging onderzoeken en goedkeuren; 6.5. indien de omstandigheden het vereisen, overeenkomstig artikel 125, de paragrafen 3, 4 en 5, toestaan dat het plafond voor de uitgaven overschreden wordt; 6.6. het Financieel Reglement van de WPV vastleggen; 6.7. de regels vastleggen die op het Reservefonds van toepassing zijn; 6.8. de regels vastleggen die op het Speciaal Fonds van toepassing zijn; 6.9. de regels vastleggen die op het Fonds voor bijzondere werkzaamheden van toepassing zijn; 6.10. de regels vastleggen die op het Vrijwillig Fonds van toepassing zijn; 6.11. controle uitoefenen op de activiteiten van het Internationaal Bureau; 6.12. indien gevraagd, de keuze van een lagere bijdrageklasse toestaan, overeenkomstig de voorwaarden bepaald in artikel 127, paragraaf 6; 6.13. indien een land dat vraagt, de verandering van geografische groep toestaan, rekening houdende met de adviezen vanwege de landen die lid zijn van de betreffende geografische groepen; 6.14. het statuut van het personeel en de dienstvoorwaarden van de verkozen ambtenaren vastleggen; 6.15. arbeidsplaatsen bij het Internationaal Bureau scheppen of afschaffen, rekening houdende met de beperkingen die verbonden zijn aan het vastgestelde uitgavenplafond; 6.16. het reglement van het Sociaal Fonds vastleggen; 6.17. de jaarverslagen opgesteld door het Internationaal Bureau over de werkzaamheden van de Vereniging en over het financiële beheer goedkeuren en indien nodig hierover commentaar uitbrengen; 6.18. beslissen over de contacten die met de Postbesturen moeten worden opgenomen om zijn functie te kunnen uitoefenen; 6.19. na raadpleging van de Raad voor Postexploitatie beslissen over de contacten die opgenomen moeten worden met de organisaties die niet van rechtswege waarnemer zijn, de verslagen van het Internationaal Bureau over de betrekkingen van de WPV met de andere internationale instellingen onderzoeken en goedkeuren, de beslissingen treffen die hij gepast acht voor het onderhouden van deze betrekkingen en het gevolg dat eraan moet worden gegeven; te gelegener tijd de intergouvernementele en niet-gouvernementele internationale instellingen aanduiden die uitgenodigd moeten worden om zich op een Congres te laten vertegenwoordigen en de Directeur-generaal van het Internationaal Bureau belasten met het verzenden van de nodige uitnodigingen; 6.20. wanneer hij het nodig acht, de principes vastleggen waarmee de Raad voor Postexploitatie rekening dient te houden wanneer hij de vragen bestudeert die een belangrijke financiële weerslag hebben (taksen, eindrechten, doorvoerrechten, basistaksen voor het luchtvervoer van de briefwisseling en het in het buitenland afgeven van brievenpostzendingen), van nabij de studie over deze vragen volgen, de voorstellen van de Raad voor Postexploitatie met betrekking tot dezelfde onderwerpen onderzoeken en goedkeuren, om de overeenkomst met voorgaande principes te garanderen; 6.21. op verzoek van het Congres, van de Raad voor Postexploitatie of van de Postbesturen, problemen van administratieve, wetgevende en rechtskundige aard onderzoeken die van belang zijn voor de Vereniging of de internationale postdienst; het behoort tot de bevoegdheid van de Administratieve Raad om in de bovenvermelde domeinen te beslissen of het al dan niet opportuun is om de door de Postbesturen aangevraagde studies in de periode tussen twee Congressen in aan te vatten; 6.22. voorstellen formuleren die overeenkomstig artikel 122 ter goedkeuring voorgelegd zullen worden hetzij aan het Congres, hetzij aan de Postbesturen; 6.23. binnen zijn bevoegdheid, de aanbevelingen van de Raad voor Postexploitatie goedkeuren betreffende het eventuele aannemen van een reglementering of een nieuwe werkwijze, in afwachting dat het Congres daarover een beslissing neemt; 6.24. het jaarverslag, opgesteld door de Raad voor Postexploitatie, en de eventuele voorstellen ervan onderzoeken; 6.25. studieonderwerpen voor onderzoek voorleggen aan de Raad voor Postexploitatie, overeenkomstig artikel 104, paragraaf 9.16; 6.26. het land aanduiden waar het volgende Congres zal zetelen in het geval waarvan sprake in artikel 101, paragraaf 4; 6.27. te gelegener tijd en na raadpleging van de Raad voor Postexploitatie, het aantal Commissies bepalen die nodig zijn om de werkzaamheden van het Congres tot een goed einde te brengen en de bevoegdheden ervan vastleggen; 6.28. na raadpleging van de Raad voor Postexploitatie en onder voorbehoud van de goedkeuring door het Congres, de lid-Staten aanduiden die : - het vice-voorzitterschap van het Congres alsook het voorzitterschap en het vice-voorzitterschap van de Commissies kunnen waarnemen, waarbij er zoveel mogelijk rekening wordt gehouden met de rechtvaardige geografische verdeling van de lid-Staten; - deel kunnen uitmaken van de Beperkte Commissies van het Congres; 6.29. het aan het Congres voor te leggen ontwerp van strategisch plan, uitgewerkt door de Raad voor Postexploitatie met de hulp van het Internationaal Bureau onderzoeken en goedkeuren; de jaarlijkse herzieningen van het door het Congres vastgelegde plan onderzoeken en goedkeuren op basis van de aanbevelingen van de Raad voor Postexploitatie en met de Raad voor Postexploitatie samenwerken aan de uitwerking en de jaarlijkse bijwerking van het plan. 7. Bij zijn eerste vergadering, die door de Voorzitter van het Congres wordt bijeengeroepen, kiest de Administratieve Raad onder zijn leden vier Vice-voorzitters en legt hij zijn Huishoudelijk Reglement vast.8. In principe komt de Administratieve Raad, na bijeenroeping door zijn Voorzitter, eenmaal per jaar bijeen ten zetel van de Vereniging.9. De Voorzitter, de Vice-voorzitters, de Voorzitters van de Commissies van de Administratieve Raad en de Voorzitter van de Groep Strategische Planning vormen het Beheerscomité.Dit Comité bereidt de werkzaamheden voor van elke zitting van de Administratieve Raad, en leidt ze. Het keurt namens de Administratieve Raad het jaarverslag goed dat het Internationaal Bureau heeft opgesteld over de werkzaamheden van de Vereniging en neemt al de overige taken op zich die de Administratieve Raad beslist eraan toe te vertrouwen, of waarvan gedurende de strategische planning de noodzakelijkheid blijkt. 10. De vertegenwoordiger van ieder lid van de Administratieve Raad die deelneemt aan de zittingen van dit orgaan, met uitzondering van de vergaderingen die tijdens het Congres hebben plaatsgehad, heeft recht op een terugbetaling hetzij van de prijs van een vliegtuigbiljet heen en terug in economyclass of van een treinkaartje eerste klas, hetzij van de prijs van de reis met een ander vervoermiddel, op voorwaarde dat dit bedrag de prijs van een vliegtuigbiljet heen en terug in economyclass niet overschrijdt.Hetzelfde recht wordt verleend aan de vertegenwoordiger van elk lid van zijn Commissies, van zijn Werkgroepen of van zijn andere organen indien deze buiten het Congres en de zittingen van de Raad bijeenkomen. 11. De voorzitter van de Raad voor Postexploitatie vertegenwoordigt die Raad op de zittingen van de Administratieve Raad waar de agenda punten bevat die betrekking hebben op het orgaan dat hij leidt.12. Teneinde een doelmatige samenhang tussen de werkzaamheden van de twee organen te garanderen, mag de Raad voor Postexploitatie vertegenwoordigers aanduiden om de vergaderingen van de Administratieve Raad als waarnemer bij te wonen.13. Het Postbestuur van het land waar de Administratieve Raad bijeenkomt wordt uitgenodigd om in de hoedanigheid van waarnemer aan de vergaderingen deel te nemen, indien dit land geen lid is van de Administratieve Raad.14. De Administratieve Raad mag elke internationale instelling, elke vertegenwoordiger van een vereniging of een onderneming, of elke bevoegde persoon die hij bij zijn werkzaamheden wil betrekken, uitnodigen om zonder stemrecht aan zijn vergaderingen deel te nemen. Hij kan tevens onder dezelfde voorwaarden één of meer Postbesturen van de lid-Staten uitnodigen die betrokken zijn bij de punten die op de agenda staan. 15. De leden van de Administratieve Raad nemen daadwerkelijk deel aan de werkzaamheden ervan.De lidstaten die niet tot de Administratieve Raad behoren, kunnen op hun verzoek meewerken aan de aangevatte studies indien ze de voorwaarden naleven die de Raad kan vastleggen om zijn werkzaamheden rendabel en doeltreffend te laten verlopen. Indien hun kennis of hun ondervinding dit rechtvaardigt kunnen ze tevens worden verzocht om Werkgroepen voor te zitten. De deelname van de lidstaten die niet tot de Administratieve Raad behoren vormt geen bijkomende kosten voor de Vereniging. Artikel 103 Documentatie over de werkzaamheden van de Administratieve Raad 1. Na iedere zitting brengt de Administratieve Raad de lidstaten van de Vereniging en de Beperkte Verenigingen op de hoogte van zijn werkzaamheden door hen met name een beknopt verslag, alsmede zijn resoluties en zijn beslissingen toe te zenden.2. De Administratieve Raad brengt aan het Congres verslag uit over al zijn werkzaamheden en zendt dit verslag ten minste twee maanden vóór de opening van het Congres toe aan de Postbesturen. Artikel 104 Samenstelling, werking en bijeenkomsten van de Raad voor Postexploitatie 1. De Raad voor Postexploitatie is samengesteld uit veertig leden die hun functies uitoefenen gedurende de periode tussen twee opeenvolgende Congressen in.2. De leden van de Raad voor Postexploitatie worden gekozen door het Congres, op basis van een welbepaalde geografische verdeling. Vierentwintig zetels worden voorbehouden aan de ontwikkelingslanden en zestien zetels aan de ontwikkelde landen. Ten minste een derde van de leden wordt tijdens elk Congres vervangen. 3. De vertegenwoordiger van ieder van de leden van de Raad voor Postexploitatie wordt aangeduid door het Postbestuur van zijn land. Deze vertegenwoordiger moet een bevoegd ambtenaar van het Postbestuur zijn. 4. De werkingskosten van de Raad voor Postexploitatie zijn ten laste van de Vereniging.Zijn leden ontvangen geen enkele vergoeding. De reis- en verblijfkosten van de vertegenwoordigers van de postbesturen die aan de Raad voor Postexploitatie deelnemen zijn ten laste van deze Besturen. Nochtans heeft de vertegenwoordiger van elk land dat volgens de lijsten van de Organisatie van de Verenigde Naties als minder begunstigd beschouwd wordt, recht op terugbetaling van een vliegtuigbiljet heen en terug in economyclass of van een treinkaartje eerste klas, ofwel van de kosten van een reis met een ander vervoermiddel, op voorwaarde dat dit bedrag de prijs van een vliegtuigbiljet heen en terug in economy class niet overschrijdt. Dit geldt echter niet voor de vergaderingen die plaatshebben tijdens het Congres. 5. Bij zijn eerste vergadering die door de Voorzitter van het Congres wordt bijeengeroepen en geopend, kiest de Raad voor Postexploitatie onder zijn leden een Voorzitter, een Vice-voorzitter, de Voorzitters van de Commissies en de Voorzitter van de Groep Strategische Planning.6. De Raad voor Postexploitatie legt zijn Huishoudelijk Reglement vast.7. In principe komt de Raad voor Postexploitatie jaarlijks bijeen ten zetel van de Vereniging.De datum en de plaats van de vergadering worden met de instemming van de Voorzitter van de Administratieve Raad en de Directeur-generaal van het Internationaal Bureau door de Voorzitter bepaald. 8. De Voorzitter, de Vice-voorzitter, de Voorzitters van de Commissies van de Raad voor Postexploitatie en de Voorzitter van de Groep Strategische Planning vormen het Beheerscomité.Dit Comité bereidt de werkzaamheden voor van iedere zitting van de Raad voor Postexploitatie, het leidt deze en neemt alle taken op zich die deze laatste beslist hem toe te vertrouwen, of waarvan gedurende het verloop van de strategische planning de noodzakelijkheid blijkt. 9. De Raad voor Postexploitatie heeft de volgende bevoegdheden : 9.1. de studie leiden van de voornaamste exploitatie-, commerciële, technische en economische problemen, alsook inzake technische samenwerking die de Postbesturen van alle lid-Staten van de Vereniging aanbelangen, in het bijzonder de kwesties die een belangrijke financiële weerslag hebben (taksen, eindrechten, doorvoerrechten, basistaksen voor luchtvervoer van brieven, het aandeel in de postcolli en de afgifte van brievenpostzendingen in het buitenland), het uitwerken van informatie en adviezen in dit verband en de terzake te nemen maatregelen aanbevelen; 9.2. binnen de zes maanden na het afsluiten van het Congres, de Reglementen van de Vereniging herzien, tenzij het Congres daar anders over beslist. In hoogdringende gevallen kan de Raad voor Postexploitatie tijdens andere zittingen eveneens de voornoemde Reglementen wijzigen; in beide gevallen moet de Raad voor Postexploitatie de richtlijnen van de Administratieve Raad volgen, voor wat het beleid en de grondbeginselen betreft; 9.3. de praktische maatregelen voor de ontwikkeling en de verbetering van de internationale postdiensten coördineren; 9.4. onder voorbehoud van de goedkeuring door de Administratieve Raad in het kader van zijn bevoegdheden, elke nodig geachte handeling ondernemen om de kwaliteit van de internationale postdienst te vrijwaren, te verhogen en deze dienst te moderniseren; 9.5. voorstellen formuleren die overeenkomstig artikel 122 ter goedkeuring aan het Congres of aan de Postbesturen zullen worden voorgelegd; de goedkeuring van de Administratieve Raad is vereist wanneer de voorstellen betrekking hebben op kwesties die onder zijn bevoegdheid vallen; 9.6. op verzoek van het Postbestuur van een lidstaat, elk voorstel onderzoeken dat dit Postbestuur overeenkomstig artikel 121 aan het Internationaal Bureau bezorgt, de commentaar erop voorbereiden en het Bureau opdragen om die aan voornoemd voorstel te hechten alvorens het ter goedkeuring aan de Postbesturen van de lidstaten voor te leggen; 9.7. indien nodig, en eventueel na goedkeuring door de Administratieve Raad en na raadpleging van alle Postbesturen, de invoering van een reglementering of van een nieuwe werkwijze aanbevelen, in afwachting dat het Congres terzake een beslissing treft; 9.8. normen inzake techniek, exploitatie en andere gebieden onder zijn bevoegdheid waarvoor een eenvormige werkwijze noodzakelijk is, uitwerken en in de vorm van aanbevelingen aan de Postbesturen voorleggen; tevens wijzigt hij, indien nodig, de door hem reeds vastgelegde normen; 9.9. in overleg met de Administratieve Raad en met de goedkeuring ervan, het ontwerp van strategisch plan van de WPV onderzoeken dat is uitgewerkt door het Internationaal Bureau en dat aan het Congres moet worden voorgelegd; elk jaar het door het Congres goedgekeurde plan herzien, met de hulp van de Groep Strategische Planning en van het Internationaal Bureau en met de goedkeuring van de Administratieve Raad; 9.10. het door het Internationaal Bureau jaarlijks opgesteld rapport goedkeuren over de werkzaamheden van de Vereniging die betrekking hebben op de verantwoordelijkheden en de functies van de Raad voor Postexploitatie; 9.11. beslissen of er met de Postbesturen contact moet worden opgenomen om zijn functies te vervullen; 9.12. problemen onderzoeken inzake onderricht en beroepsopleiding die de nieuwe landen en de ontwikkelingslanden aanbelangen; 9.13. de nodige maatregelen treffen met het oog op de studie en de uitwisseling van de ervaringen en de geboekte vooruitgang van sommige landen op het gebied van de techniek, de exploitatie, de economie en de beroepsopleiding die de postdiensten aanbelangen; 9.14. de huidige situatie en de noden van de postdiensten van de nieuwe en de ontwikkelingslanden bestuderen en gepaste aanbevelingen uitwerken over de wijze waarop en de middelen waarmee de postdiensten in deze landen kunnen worden verbeterd; 9.15. na afspraak met de Administratieve Raad, de geschikte maatregelen treffen op het vlak van de technische samenwerking met alle lidstaten van de Vereniging, voornamelijk met de nieuwe landen en de ontwikkelingslanden; 9.16. alle andere kwesties onderzoeken die door een lid van de Raad voor Postexploitatie, door de Administratieve Raad, of door een Postbestuur van een lidstaat worden voorgelegd. 10. De leden van de Raad voor Postexploitatie nemen effectief aan zijn werkzaamheden deel.De Postbesturen van de lidstaten die niet tot de Raad voor Postexploitatie behoren, kunnen op hun eigen verzoek samenwerken aan de aangevatte studies, waarbij ze de voorwaarden naleven die de Raad kan stellen om het rendement en de doeltreffendheid van zijn werkzaamheden te waarborgen. Zij kunnen ook worden uitgenodigd om Werkgroepen voor te zitten indien hun kennis of hun ervaring dit rechtvaardigt. 11. Op basis van het strategisch plan van de WPV dat door het Congres is aangenomen en in het bijzonder op grond van het deel over de strategieën van de vaste instellingen van de Vereniging, stelt de Raad voor Postexploitatie bij zijn zitting die op het Congres volgt een basiswerkprogramma op dat een zeker aantal taktieken bevat die erop gericht zijn de strategieën uit te voeren.Dit basisprogramma, dat een beperkt aantal werkzaamheden bevat over actuele onderwerpen en onderwerpen van algemeen belang, wordt elk jaar herzien naar gelang van de werkelijke toestand en van de nieuwe prioriteiten, alsook van de wijzigingen die in het strategisch plan zijn aangebracht. 12. Teneinde een doelmatige samenhang tussen de werkzaamheden van de twee organen te garanderen, kan de Administratieve Raad vertegenwoordigers aanduiden om als waarnemer de vergaderingen van de Raad voor Postexploitatie bij te wonen. 13. De Raad voor Postexploitatie kan zonder stemrecht op zijn vergaderingen uitnodigen : 13.1. elke internationale instelling of iedere geschikte persoon die hij bij de werkzaamheden wenst te betrekken; 13.2. Postbesturen van lidstaten die niet tot de Raad voor Postexploitatie behoren; 13.3. elke vereniging of onderneming die hij wenst te raadplegen over kwesties betreffende zijn werkzaamheden. Artikel 105 Documentatie over de werkzaamheden van de Raad voor Postexploitatie 1. Na iedere zitting informeert de Raad voor Postexploitatie de Postbesturen van de lid-Staten en de Beperkte Verenigingen over zijn werkzaamheden door hen een beknopt verslag, alsmede zijn resoluties en beslissingen, toe te sturen.2. De Raad voor Postexploitatie stelt ten behoeve van de Administratieve Raad een jaarverslag over zijn werkzaamheden op.3. De Raad voor Postexploitatie stelt ten behoeve van het Congres een verslag op over al zijn werkzaamheden en verzendt dit, ten minste twee maanden vóór de opening van het Congres, aan de Postbesturen van de lidstaten. Artikel 106 Huishoudelijk Reglement van de Congressen 1. Voor het organiseren van zijn werkzaamheden en het leiden van de beraadslagingen past het Congres het Huishoudelijk Reglement van de Congressen toe.2. Ieder Congres kan dit Reglement wijzigen, overeenkomstig de voorwaarden die in het Huishoudelijk Reglement zelf zijn vastgelegd. Artikel 107 Werktalen van het Internationaal Bureau De werktalen van het Internationaal Bureau zijn het Frans en het Engels. Artikel 108 Talen gebruikt voor de documentatie, de beraadslagingen en de dienstbriefwisseling 1. Voor de documentatie van de Vereniging worden het Frans, het Engels, het Arabisch en het Spaans gebruikt.Ook het Duits, het Chinees, het Portugees en het Russisch worden gebruikt, op voorwaarde dat dit gebruik beperkt wordt tot de belangrijkste basisdocumentatie. Andere talen worden eveneens gebruikt, op voorwaarde dat de lidstaten die hierom verzoeken zelf alle kosten dragen. 2. De lidstaat of lidstaten die een andere taal dan de officiële hebben gevraagd, vormen een taalgroep.3. De documentatie wordt door het Internationaal Bureau gepubliceerd in de officiële taal en in de talen van de gevormde taalgroepen, hetzij rechtstreeks, hetzij via de gewestelijke kantoren van deze groepen, overeenkomstig de met het Internationaal Bureau overeengekomen regels.De publicatie in de verschillende talen geschiedt op dezelfde manier. 4. De rechtstreeks door het Internationaal Bureau gepubliceerde documentatie wordt in de mate van het mogelijke, gelijktijdig in de verschillende talen verspreid.5. De briefwisseling tussen de Postbesturen en het Internationaal Bureau, en tussen dit laatste en derden, kan geschieden in elke taal waarvoor het Internationaal Bureau over een vertaaldienst beschikt.6. De kosten voor de vertaling naar eender welke taal, met inbegrip van die welke voortvloeien uit de toepassing van paragraaf 5, worden gedragen door de taalgroep die om deze taal heeft verzocht.De lidstaten die de officiële taal gebruiken betalen voor de vertaling van de niet-officiële documenten een vaste bijdrage waarvan het bedrag per bijdrage-eenheid gelijk is aan het bedrag dat wordt gedragen door de lidstaten die gebruik maken van de andere werktaal van het Internationaal Bureau. Alle andere kosten voor de levering van documenten worden door de Vereniging gedragen. Het plafond van de door de Vereniging te dragen kosten voor het opstellen van de documenten in het Duits, Chinees, Portugees en Russisch wordt bepaald door een resolutie van het Congres. 7. De door een taalgroep te dragen kosten worden onder de leden van die groep verdeeld in verhouding tot hun bijdrage in de uitgaven van de Vereniging.Die kosten kunnen volgens een andere verdeelsleutel onder de leden van de taalgroep worden verdeeld, op voorwaarde dat de betrokkenen hierover overeenstemming bereiken en hun beslissing via hun woordvoerder aan het Internationaal Bureau kenbaar maken. 8. Het Internationaal Bureau geeft na een maximumtermijn van twee jaar gevolg aan elke wijziging van de taalkeuze die door een lid-Staat wordt gevraagd.9. Voor de beraadslagingen van de bijeenkomsten van de organen van de Vereniging, worden het Frans, Engels, Spaans en Russisch aanvaard, mits er een tolksysteem is met of zonder elektronische uitrusting, waarvan de keuze na overleg met de Directeur-generaal van het Internationaal Bureau en de betrokken lid-Staten wordt overgelaten aan de organisatoren van de bijeenkomst.10. Voor de in paragraaf 9 aangeduide beraadslagingen en vergaderingen zijn ook andere talen toegelaten.11. De afvaardigingen die andere talen gebruiken, zorgen voor de simultaanvertaling in één van de talen vermeld in paragraaf 9, hetzij door middel van het in dezelfde paragraaf vermelde systeem indien de nodige technische wijzigingen kunnen worden aangebracht, hetzij door privé-tolken.12. De kosten van de tolkdiensten worden verdeeld onder de lidstaten die dezelfde taal gebruiken, in verhouding tot hun bijdrage in de uitgaven van de Vereniging.De kosten voor de installatie en het onderhoud van de technische uitrusting worden evenwel door de Vereniging gedragen. 13. De Postbesturen kunnen overeenkomen welke taal voor de briefwisseling in hun wederzijdse betrekkingen moet worden gebruikt. Bij gebrek aan zulke overeenkomst dient de Franse taal te worden gebruikt. HOOFDSTUK II. - Internationaal Bureau Artikel 109 Verkiezing van de Directeur-generaal en van de Vice-directeur-generaal van het Internationaal Bureau 1. De Directeur-generaal en de Vice-directeur-generaal van het Internationaal Bureau worden door het Congres verkozen voor de periode tussen twee opeenvolgende Congressen in.De minimumduur van hun mandaat bedraagt vijf jaar. Hun mandaat kan slechts eenmaal worden verlengd. Behoudens een andere beslissing van het Congres, is de datum van hun ambtsaanvaarding vastgesteld op 1 januari van het jaar dat op het Congres volgt. 2. Ten minste zeven maanden vóór de opening van het Congres zendt de Directeur-generaal van het Internationaal Bureau een nota aan de regeringen van de lidstaten waarin hij hen uitnodigt om de eventuele kandidaturen voor de betrekking van Directeur-generaal en van Vice-directeur-generaal voor te dragen en tezelfdertijd aan te duiden of de Directeur-generaal of de Vice-directeur-generaal hun aanvankelijk mandaat eventueel wensen te verlengen.De kandidaturen, vergezeld van een curriculum vitae, moeten ten minste twee maanden vóór de opening van het Congres bij het Internationaal Bureau toekomen. De kandidaten moeten onderdaan zijn van de lidstaten die hen voordragen. Het Internationaal Bureau stelt de documentatie op die nodig is voor het Congres. De verkiezing van de Directeur-generaal en die van de Vice-directeur-generaal hebben plaats bij geheime stemming, waarbij de eerste betrekking heeft op het ambt van Directeur-generaal. 3. Indien het ambt van Directeur-generaal vacant is, neemt de Vice-directeur-generaal de functie van Directeur-generaal waar tot het mandaat van deze laatste ten einde is;hij is verkiesbaar voor dit ambt en wordt ambtshalve als kandidaat aanvaard, onder voorbehoud dat zijn oorspronkelijk mandaat als Vice-directeur-generaal niet reeds eenmaal verlengd werd door het vorige Congres en hij zijn belangstelling uitspreekt om als kandidaat voor het ambt van Directeur-generaal te worden beschouwd. 4. Indien de ambten van Directeur-generaal en Vice-directeur-generaal gelijktijdig vacant zijn, kiest de Administratieve Raad, op basis van de na een oproep ontvangen kandidaturen, een Vice-directeur-generaal voor de periode tot het volgende Congres.Voor de voordracht van de kandidaturen is naar analogie paragraaf 2 van toepassing. 5. Indien het ambt van Vice-directeur-generaal vacant is, gelast de Administratieve Raad, op voorstel van de Directeur-generaal, één van de Onderdirecteurs-generaal bij het Internationaal Bureau om tot aan het volgende Congres de functie van Vice-directeur-generaal waar te nemen. Artikel 110 Functie van de Directeur-generaal 1. De Directeur-generaal organiseert, beheert en leidt het Internationaal Bureau waarvan hij de wettelijke vertegenwoordiger is. Hij is bevoegd om de ambten van de graden G 1 tot D 2 in te delen en ambtenaren tot deze graden te benoemen of te bevorderen. Voor de benoemingen tot de graden P 1 tot D 2 dient hij de beroepsbekwaamheid in aanmerking te nemen van de kandidaten die aanbevolen zijn door de Postbesturen van de lidstaten waarvan ze de nationaliteit hebben, of waar zij hun beroep uitoefenen, rekening houdend met een rechtvaardige geografische verdeling over de continenten en met de talen. De betrekkingen van Onderdirecteur-generaal moeten in de mate van het mogelijke worden voorbehouden aan de kandidaten die afkomstig zijn uit verschillende regio's en andere regio's dan die van de Directeur-generaal en de Vice-directeur-generaal, waarbij vooral aan de efficiëntie van het Internationaal Bureau wordt gedacht. Wanneer voor een ambt bijzondere kwalificaties vereist zijn, mag de Directeur-generaal een beroep doen op externe deskundigen. Bij de benoeming van een nieuwe ambtenaar houdt hij er tevens rekening mee dat de personen die de ambten van de graden D 2, D 1 en P 5 bekleden, in principe onderdaan dienen te zijn van de verschillende lidstaten van de Vereniging. Bij de bevordering van een ambtenaar van het Internationaal Bureau tot de graden D 2, D 1 en P 5, is hij niet gehouden aan de toepassing van hetzelfde principe. Bovendien komen tijdens de aanwervingsprocedure de eisen inzake een rechtvaardige geografische verdeling en de talen na de verdienste. De Directeur-generaal licht de Administratieve Raad eenmaal per jaar in over de benoemingen en de bevorderingen tot de graden P 4 tot D 2. 2. De Directeur-generaal heeft de volgende bevoegdheden : 2.1. de functies waarnemen van bewaarder van de Akten van de Vereniging en van tussenpersoon in de toetredings- en toelatingsprocedure van de Vereniging, alsmede van haar uittredingsprocedure; 2.2. alle regeringen van de lidstaten op de hoogte brengen van de beslissingen die het Congres genomen heeft; 2.3. aan alle postbesturen de door de Raad voor Postexploitatie aangenomen of herziene Reglementen meedelen; 2.4. op het laagst mogelijke niveau dat met de behoeften van de Vereniging verenigbaar is, het ontwerp van het jaarlijks budget van de Vereniging voorbereiden en dit te gelegener tijd voor onderzoek aan de Administratieve Raad voorleggen; na goedkeuring door de Administratieve Raad het budget meedelen aan de lid-Staten van de Vereniging en het vervolgens uitvoeren; 2.5. de specifieke werkzaamheden uitvoeren die door de organen van de Vereniging worden gevraagd en de taken die de Akten eraan toewijzen; 2.6. de initiatieven nemen om de door de organen van de Vereniging vooropgestelde doelstellingen te bereiken, in het kader van het vastgelegde beleid en de beschikbare fondsen; 2.7. suggesties en voorstellen aan de Administratieve Raad of aan de Raad voor Postexploitatie voorleggen; 2.8. ten behoeve van de Raad voor Postexploitatie en volgens diens richtlijnen, het ontwerp van strategisch plan voorbereiden dat aan het Congres dient te worden voorgelegd alsook het ontwerp van de jaarlijkse herziening; 2.9. de Vereniging vertegenwoordigen. 2.10. als tussenpersoon optreden in de betrekkingen tussen : - de WPV en de Beperkte Verenigingen; - de WPV en de Organisatie van de Verenigde Naties; - de WPV en de internationale organisaties waarvan de activiteiten van belang zijn voor de Vereniging; - de WPV en de internationale instellingen, verenigingen of ondernemingen die de organen van de Vereniging wensen te raadplegen of bij hun werkzaamheden te betrekken; 2.11. de functie waarnemen van Secretaris-generaal van de organen van de Vereniging en uit hoofde hiervan, rekening houdend met de bijzondere bepalingen van onderhavig Reglement, waken over : - de voorbereiding en de organisatie van de werkzaamheden van de organen van de Vereniging; - de uitwerking, het maken en de verdeling van de documenten, verslagen en processen-verbaal; - de werking van het secretariaat gedurende de vergaderingen van de organen van de Vereniging. 2.12. de zittingen van de organen van de Vereniging bijwonen en zonder stemrecht deelnemen aan de beraadslagingen, met de mogelijkheid zich te laten vertegenwoordigen. Artikel 111 Functie van de Vice-directeur-generaal 1. De Vice-directeur-generaal staat de Directeur-generaal bij en is hem verantwoording schuldig.2. Bij afwezigheid of verhindering van de Directeur-generaal, oefent de Vice-directeur-generaal diens functie uit.Dit geldt eveneens wanneer het ambt van Directeur-generaal vacant is, zoals bedoeld in artikel 109, paragraaf 3. Artikel 112 Secretariaat van de organen van de Vereniging Het secretariaat van de organen van de Vereniging wordt waargenomen door het Internationaal Bureau onder de verantwoordelijkheid van de Directeur-generaal. Hij zendt alle documenten die ter gelegenheid van elke zitting worden gepubliceerd aan de Postbesturen van de leden van het orgaan, aan de Postbesturen van de landen die, zonder lid te zijn van het orgaan, meewerken aan de aangevatte studies, aan de Beperkte Verenigingen en aan de andere Postbesturen van de lid-Staten die erom verzoeken. Artikel 113 Lijst van de lid-Staten Het Internationaal Bureau stelt de lijst op van de lidstaten van de Vereniging en werkt deze bij. Het duidt hierop hun bijdrageklasse aan, hun geografische groep en hun situatie met betrekking tot de Akten van de Vereniging. Artikel 114 Inlichtingen. - Adviezen. - Verzoeken om interpretatie en wijziging van de Akten. - Onderzoeken. - Tussenkomst in de vereffening van de rekeningen 1. Het Internationaal Bureau houdt zich steeds ter beschikking van de Administratieve Raad, van de Raad voor Postexploitatie en van de Postbesturen om hen alle nuttige inlichtingen te verstrekken over de kwesties in verband met de dienst.2. Het Bureau wordt vooral belast met het verzamelen, coördineren, publiceren en verspreiden van inlichtingen van alle aard die de internationale postdienst aanbelangen;met het geven van advies over geschillen op verzoek van de betrokken partijen; met het gevolg geven aan de verzoeken om interpretatie en wijziging van de Akten van de Vereniging en, in het algemeen, met het uitvoeren van de studies en werkzaamheden inzake redactie of documentatie die de genoemde Akten eraan toekennen of waarmee het zou worden gelast in het belang van de Vereniging. 3. Het neemt eveneens deel aan de onderzoeken die door de Postbesturen gevraagd worden om de mening van de andere Postbesturen over een welbepaalde kwestie te kennen.Het resultaat van een onderzoek heeft niet het karakter van een stemming en is niet formeel bindend. 4. Het mag optreden als verrekenkantoor voor de vereffening van rekeningen van alle aard met betrekking tot de postdienst. Artikel 115 Technische samenwerking Het Internationaal Bureau is in het kader van de internationale technische samenwerking belast met de ontwikkeling van de postale technische bijstand en dit in elke vorm. Artikel 116 Formulieren geleverd door het Internationaal Bureau Het Internationaal Bureau heeft tot taak de internationale antwoordcoupons te vervaardigen en de Postbesturen die erom verzoeken tegen kostprijs ermee te bevoorraden. Artikel 117 Akten van de Beperkte Verenigingen en bijzondere overeenkomsten 1. Twee exemplaren van de Akten van de Beperkte Verenigingen en van de bijzondere overeenkomsten die overeenkomstig artikel 8 van de Stichtingsakte werden afgesloten, moeten aan het Internationaal Bureau worden toegestuurd door de bureaus van deze Verenigingen of, bij gebrek daaraan, door één van de contracterende partijen.2. Het Internationaal Bureau waakt erover dat de Akten van de Beperkte Verenigingen en de bijzondere overeenkomsten niet in voorwaarden voorzien die voor het publiek minder gunstig zijn dan die welke zijn vastgelegd in de Akten van de Vereniging, en stelt de Postbesturen in kennis van het bestaan van de Verenigingen en de bovenvermelde overeenkomsten.Krachtens deze bepaling brengt het de Administratieve Raad op de hoogte van elke vastgestelde onregelmatigheid. Artikel 118 Tijdschrift van de Vereniging Het Internationaal Bureau stelt met behulp van de documenten die tot zijn beschikking worden gesteld een tijdschrift op in het Duits, Engels, Arabisch, Chinees, Spaans, Frans en Russisch. Artikel 119 Jaarverslag over de werkzaamheden van de Vereniging Het Internationaal Bureau maakt over de activiteiten van de Vereniging een jaarverslag op dat na goedkeuring door de Administratieve Raad wordt bezorgd aan de Postbesturen, aan de Beperkte Verenigingen en aan de Organisatie van de Verenigde Naties. HOOFDSTUK III. - Procedure voor het indienen en het onderzoeken van de voorstellen Artikel 120 Procedure van voorlegging van de voorstellen aan het Congres 1. Onder voorbehoud van de uitzonderingen vermeld in de paragrafen 2 en 5, regelt de volgende procedure het indienen van de voorstellen van alle aard die door de Postbesturen van de lid-Staten aan het Congres moeten worden voorgelegd : a) voorstellen die ten minste zes maanden vóór de datum die voor het Congres is vastgelegd bij het Internationaal Bureau toekomen, worden aangenomen;b) er wordt geen enkel voorstel van redactionele aard aangenomen gedurende de periode van zes maanden die de vastgestelde datum voor het Congres voorafgaat;c) inhoudelijke voorstellen die bij het Internationaal Bureau toekomen tijdens de periode tussen zes en vier maanden vóór de voor het Congres vastgestelde datum, worden slechts aangenomen indien ze door ten minste twee Postbesturen worden gesteund;d) inhoudelijke voorstellen die bij het Internationaal Bureau toekomen tijdens de periode tussen vier en twee maanden vóór de voor het Congres vastgestelde datum, worden slechts aangenomen wanneer ze worden gesteund door ten minste acht Postbesturen;de voorstellen die later toekomen worden niet meer aangenomen. e) steunverklaringen moeten bij het Internationaal Bureau toekomen binnen dezelfde termijn als de voorstellen waarop ze betrekking hebben.2. Voorstellen betreffende de Stichtingsakte of het Algemeen Reglement moeten ten minste zes maanden vóór de opening van het Congres bij het Internationaal Bureau toekomen;diegene die na deze datum toekomen, doch vóór de opening van het Congres, kunnen slechts in overweging worden genomen indien het Congres aldus beslist bij tweederde meerderheid van de op het Congres vertegenwoordigde landen en indien de voorwaarden van paragraaf 1 worden nageleefd. 3. Ieder voorstel mag in principe slechts één doel hebben en slechts de wijzigingen bevatten die voor dit doel gerechtvaardigd zijn.4. De voorstellen van redactionele aard worden door de Postbesturen die ze indienen bovenaan voorzien van de melding « Proposition d'ordre rédactionnel » (Voorstel van redactionele aard) en ze worden door het Internationaal Bureau gepubliceerd onder een nummer gevolgd door de letter R.De voorstellen waarop deze melding niet voorkomt, maar die volgens het Internationaal Bureau slechts op de redactie betrekking hebben, worden gepubliceerd met een passende aantekening; het Internationaal Bureau maakt ten behoeve van het Congres een lijst op van deze voorstellen. 5. De in de paragrafen 1 en 4 voorgeschreven procedure is niet van toepassing op de voorstellen betreffende het Huishoudelijk Reglement van de Congressen, noch op de amendementen op reeds gedane voorstellen. Artikel 121 Procedure van voorlegging van de voorstellen tussen twee Congressen in 1. Om in aanmerking te komen, moet elk voorstel betreffende de Conventie of de Overeenkomsten, ingediend door een Postbestuur tussen twee Congressen in, door ten minste twee andere Postbesturen worden gesteund.Aan deze voorstellen wordt geen gevolg gegeven wanneer het Internationaal Bureau niet tegelijkertijd de nodige steunverklaringen ontvangt. 2. Deze voorstellen worden via het Internationaal Bureau aan de andere Postbesturen gericht.3. De voorstellen met betrekking tot de Reglementen moeten niet worden gesteund, maar worden door de Raad voor Postexploitatie slechts in aanmerking genomen indien deze instemt met de dringende noodzakelijkheid van de voorstellen. Artikel 122 Onderzoek van de voorstellen tussen twee Congressen in 1. Elk voorstel betreffende de Conventie, de Overeenkomsten en hun Slotprotocollen wordt aan de volgende procedure onderworpen : er wordt aan de Postbesturen van de lidstaten een termijn van twee maanden gelaten om het bij middel van een omzendbrief van het Internationaal Bureau ter kennis gebrachte voorstel te onderzoeken en om eventueel hun opmerkingen aan dit Bureau mee te delen.Amendementen zijn niet toegestaan. De antwoorden worden door het Internationaal Bureau verzameld en aan de Postbesturen bezorgd, met het verzoek zich voor of tegen het voorstel uit te spreken. Zij die binnen een termijn van twee maanden hun stem niet hebben meegedeeld, worden verondersteld zich te onthouden. De voornoemde termijnen gaan in vanaf de datum van de omzendbrieven van het Internationaal Bureau. 2. De voorstellen tot wijziging van de Reglementen worden behandeld door de Raad voor Postexploitatie.3. Indien het voorstel betrekking heeft op een Overeenkomst of op het Slotprotocol ervan, mogen slechts de Postbesturen van de lidstaten die tot die Overeenkomst zijn toegetreden, aan de in paragraaf 1 vermelde verrichtingen deelnemen. Artikel 123 Kennisgeving van de beslissingen die tussen twee Congressen in zijn goedgekeurd 1. De wijzigingen in de Conventie, de Overeenkomsten en de Slotprotocollen van deze Akten, worden bekrachtigd door middel van kennisgeving vanwege de Directeur-generaal van het Internationaal Bureau aan de regeringen van de lid-Staten.2. De wijzigingen die door de Raad voor Postexploitatie werden aangebracht in de Reglementen en de Slotprotocollen ervan, worden door het Internationaal Bureau ter kennis van de Postbesturen gebracht. Hetzelfde geldt voor de interpretaties bedoeld in artikel 64.3.3.2 van de Conventie en in de bepalingen van de Overeenkomsten die er betrekking op hebben. Artikel 124 Inwerkingtreding van de Reglementen en van de overige beslissingen die tussen twee Congressen in werden aangenomen 1. De Reglementen worden van kracht op dezelfde datum en hebben dezelfde duur als de uit het Congres voortvloeiende Akten.2. Onder voorbehoud van paragraaf 1, zijn de tussen twee Congressen in aangenomen beslissingen tot wijziging van de Akten van de Vereniging pas ten minste drie maanden nadat ze ter kennis werden gebracht uitvoerbaar. HOOFDSTUK IV. - Financiën Artikel 125 Vaststelling en regeling van de uitgaven van de Vereniging 1. Onder voorbehoud van de paragrafen 2 tot 6, mogen de jaarlijkse uitgaven met betrekking tot de werkzaamheden van de organen van de Vereniging, voor de jaren 2000 en volgende de hierna vermelde sommen niet overschrijden : - 36 680 816 Zwitserse frank voor het jaar 2000; - 37 000 000 Zwitserse frank voor de jaren 2001 tot 2004. De basisgrens voor het jaar 2004 is eveneens toepasselijk op de latere jaren, indien het voor 2004 geplande Congres zou worden verdaagd. 2. De uitgaven met betrekking tot de vergadering van het volgende Congres (verplaatsing van het secretariaat, vervoerskosten, kosten voor de technische inrichting voor simultaanvertaling, kosten voor het kopiëren van de documenten tijdens het Congres enz.) mogen de grens van 2 948 000 Zwitserse frank niet overschrijden. 3. De Administratieve Raad is gemachtigd om de in de paragrafen 1 en 2 vastgelegde grenzen te overschrijden om rekening te houden met de verhoging van de weddeschalen, van de pensioenbijdragen of vergoedingen, hierin begrepen de vergoedingen eigen aan de functie die door de Verenigde Naties aanvaard worden om te worden toegepast op zijn personeel dat in Genève werkt.4. De Administratieve Raad is tevens gemachtigd om elk jaar het bedrag van de uitgaven, andere dan die welke betrekking hebben op het personeel, aan te passen op basis van het Zwitserse indexcijfer van de consumptieprijzen.5. In afwijking van paragraaf 1 mag de Administratieve Raad, of in hoogdringende gevallen de Directeur-generaal, toestaan dat de vastgestelde grenzen worden overschreden om het hoofd te bieden aan belangrijke en onvoorziene herstellingen aan het gebouw van het Internationaal Bureau, evenwel zonder dat de jaarlijkse overschrijding hoger is dan 125 000 Zwitserse frank.6. Indien de in de paragrafen 1 en 2 bepaalde kredieten onvoldoende zouden blijken voor de goede werking van de Vereniging, mogen deze grenzen slechts overschreden worden met de goedkeuring van de meerderheid der lidstaten van de Vereniging.Iedere raadpleging moet een volledige uiteenzetting bevatten van de feiten die een dergelijk verzoek rechtvaardigen. 7. De landen die tot de Vereniging toetreden of die als lid van de Vereniging toegelaten werden, alsook die welke uit de Vereniging treden, dienen voor het volledige jaar waarin hun toelating of uittreding effectief wordt, hun bijdrage te betalen.8. De lidstaten betalen hun bijdragen tot de jaarlijkse uitgaven van de Vereniging vooraf, op basis van het budget dat door de Administratieve Raad werd vastgelegd.Deze bijdragen moeten uiterlijk op de eerste dag van het boekjaar, waarop het budget betrekking heeft, worden betaald. Na deze termijn brengen de verschuldigde bedragen ten voordele van de Vereniging interesten op, naar rato van 3 % per jaar gedurende de eerste zes maanden en 6 % per jaar vanaf de zevende maand. 9. Wanneer de achterstallige verplichte bijdragen, interest niet meegerekend, die een lidstaat aan de Vereniging verschuldigd is, gelijk zijn aan of hoger dan de som van de bijdragen van die lidstaat voor de twee voorgaande boekjaren, kan die lidstaat onherroepelijk zijn schuldvorderingen op andere lidstaten geheel of gedeeltelijk aan de Vereniging overdragen, volgens voorwaarden die door de Administratieve Raad worden vastgesteld.De voorwaarden inzake overdracht van schuldvorderingen moeten worden vastgesteld in een overeenkomst tussen de lidstaat, zijn schuldenaars/schuldeisers en de Vereniging. 10. Lidstaten voor wie een dergelijke overdracht om juridische of andere redenen mogelijk is, verbinden zich ertoe een plan te aanvaarden voor de aflossingen van hun achterstallige schulden.11. Behalve in uitzonderlijke omstandigheden, mag de inning van achterstallige verplichte bijdragen die aan de Vereniging verschuldigd zijn niet langer duren dan tien jaar.12. In uitzonderlijke gevallen kan de Administratieve Raad een lid-Staat geheel of gedeeltelijk van de verschuldigde interesten vrijstellen indien die lidstaat in hoofdsom de gehele achterstallige schuld heeft aangezuiverd.13. In het kader van een aflossingsplan voor zijn achterstallige schuld dat werd goedgekeurd door de Administratieve Raad, kan een lidstaat eveneens geheel of ged …

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.