Sources officiellesejustice.just.fgov.be · EUR-Lex
Europaius

Koninklijk besluit betreffende de omzetting van Brussels International Airport Company in een naamloze vennootschap van privaatrecht en betreffende de

In het kort

Dit Koninklijk Besluit gaat over de omvorming van Brussels International Airport Company (B.I.A.C.) naar een private naamloze vennootschap en de regeling van de luchthaveninstallaties. Het behandelt de juridische en organisatorische aspecten van deze omzetting.

Wat het reguleert

  • De omzetting van B.I.A.C. naar een naamloze vennootschap van privaatrecht.
  • De definitie en rol van de "economisch regulerende overheid" voor de luchthaven.
  • De individuele en collectieve arbeidsverhoudingen van het personeel van B.I.A.C.
  • De rechten van personeelsleden inzake vastheid van betrekking, bezoldiging en pensioen.

Wie het betreft

  • Brussels International Airport Company (B.I.A.C.) en haar personeelsleden.
  • De Minister of elke overheid die of controleorgaan dat de minister door of krachtens een wet zou kunnen vervangen, als "economisch regulerende overheid".

Kernpunten

  • De "economisch regulerende overheid" is de minister of een ander controleorgaan dat de minister kan vervangen.
  • De oprichting van een onafhankelijk regulerend orgaan valt onder de bevoegdheid van de wetgevende macht, niet van de Koning.
  • De rechten van personeelsleden inzake vastheid van betrekking, bezoldiging en pensioen moeten gewaarborgd blijven volgens de basisreglementeringen van het personeelsstatuut die uiterlijk op 1 februari 2002 van kracht waren.
  • Een permanente regeling van collectieve arbeidsverhoudingen kan niet worden uitgewerkt op basis van de machtiging voor een overgangsregeling tot de sociale verkiezingen in 2008.
Wettekst
Wettekst

27 MEI 2004. - Koninklijk besluit betreffende de omzetting van Brussels International Airport Company (B.I.A.C.) in een naamloze vennootschap van privaatrecht en betreffende de luchthaveninstallaties

§ 1

, tweede lid;2° de opleiding zoals omschreven in titel V van

§ 1

, tweede lid;3° onverenigbaarheden zoals omschreven in titel VI van

§ 1

, tweede lid;4° de tuchtregeling, zoals omschreven in titel VII van

§ 1

, tweede lid;5° de beoordeling zoals omschreven in titel VIII van

§ 1

, tweede lid;6° de bevorderingen met examens en vlakke loopbaan zoals omschreven in titel IX van

§ 1

, tweede lid;7° de administratieve standen, met inbegrip van de regels met betrekking tot de disponibiliteit, zoals omschreven in titel X en XI van

§ 1

, tweede lid;8° het doeltreffend inzetten van het personeel, zoals omschreven in titel XII van

§ 1

, tweede lid;9° de definitieve neerlegging van de functie, zoals omschreven in titel XIII van

§ 1

, tweede lid;10° de berekening van de anciënniteit;11° de beroepsmogelijkheden zoals omschreven in titel XIV van

§ 1tweede lid.

Onderafdeling II. - Verworven rechten Art. 11.De personeelsleden in de zin van artikel 1, 15° genieten vastheid van betrekking. Onder vastheid van betrekking wordt verstaan dat de personeelsleden in de zin van artikel 1, 15° niet uit hun functies kunnen worden ontzet tenzij om de redenen vermeld in het personeelsreglement en overeenkomstig de daarin bepaalde procedures. Art. 12.Indien, na de in artikel 2 bedoelde omzetting, de jaarlijkse bezoldiging van een lid van het personeel in de zin van artikel 1, 15° voor een jaar van effectieve prestaties niet overeenstemt met de hieronder bepaalde referentiebezoldiging, wordt aan het betrokken personeelslid de gunstigste bezoldiging betaald. Onverminderd de gunstigere bepalingen van bedoelde personeelsreglement, omvat de jaarlijkse referentiebezoldiging van een lid van het personeel in de zin van artikel 1, 15°, na de omzetting van B.I.A.C., de wedde zoals vastgesteld bij het koninklijk besluit van 27 maart 1998Relevante gevonden documenten type wet prom. 03/07/1967 pub. 24/10/2001 numac 2001000905 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet betreffende de preventie van of de schadevergoeding voor arbeidsongevallen, voor ongevallen op de weg naar en van het werk en voor beroepsziekten in de overheidssector. - Duitse vertaling type wet prom. 03/07/1967 pub. 23/03/2018 numac 2018030614 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de preventie van of de schadevergoeding voor arbeidsongevallen, voor ongevallen op de weg naar en van het werk en voor beroepsziekten in de overheidssector. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen sluiten2 tot vaststelling van de weddenschalen van de Regie der Luchtwegen, de eindejaarstoelage zoals bepaald in het koninklijk besluit van 23 oktober 1979 houdende toekenning van de eindejaarstoelage aan sommige titularissen van een ten laste van de Schatkist bezoldigd ambt en het vakantiegeld zoals bepaald in artikel 33 van het koninklijk besluit van 22 juni 1989 houdende bezoldigingsregeling van de Regie der Luchtwegen. De elementen van de jaarlijkse referentiebezoldiging worden geïndexeerd overeenkomstig de wet van 1 maart 1977Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/1998 pub. 31/07/1998 numac 1998014181 bron ministerie van verkeer en infrastructuur Wet tot bekrachtiging van het koninklijk besluit van 2 april 1998 tot hervorming van de beheersstructuren van de luchthaven Brussel-Nationaal, genomen met toepassing van de wet van 19 december 1997 tot rationalisering van het beheer van de luchthaven Brussel-Nationaal sluiten0 houdende inrichting van een stelsel waarbij sommige uitgaven in de overheidssector aan het indexcijfer van de consumptieprijzen van het Rijk worden gekoppeld. Laatst vermelde wet is eveneens van toepassing op de premies en bijslagen toegekend aan de personeelsleden in de zin van artikel 1, 15°. Art. 13.Onverminderd de gunstigere bepalingen van het personeelsreglement, behouden de personeelsleden in de zin van artikel 1, 15° de geldelijke voordelen die zijn vermeld in het koninklijk besluit van 8 november 1998Relevante gevonden documenten type wet prom. 03/07/1967 pub. 24/10/2001 numac 2001000905 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet betreffende de preventie van of de schadevergoeding voor arbeidsongevallen, voor ongevallen op de weg naar en van het werk en voor beroepsziekten in de overheidssector. - Duitse vertaling type wet prom. 03/07/1967 pub. 23/03/2018 numac 2018030614 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de preventie van of de schadevergoeding voor arbeidsongevallen, voor ongevallen op de weg naar en van het werk en voor beroepsziekten in de overheidssector. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen sluiten4 tot vaststelling van de voordelen bedoeld in artikel 25, § 1, tweede lid van het koninklijk besluit van 2 april 1998Relevante gevonden documenten type wet prom. 03/07/1967 pub. 24/10/2001 numac 2001000905 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet betreffende de preventie van of de schadevergoeding voor arbeidsongevallen, voor ongevallen op de weg naar en van het werk en voor beroepsziekten in de overheidssector. - Duitse vertaling type wet prom. 03/07/1967 pub. 23/03/2018 numac 2018030614 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de preventie van of de schadevergoeding voor arbeidsongevallen, voor ongevallen op de weg naar en van het werk en voor beroepsziekten in de overheidssector. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen sluiten3 tot hervorming van de beheersstructuren van de luchthaven Brussel - Nationaal, voorzover deze beschreven zijn in het personeelsreglement. Art. 14.De personeelsleden in de zin van artikel 1, 15° genieten ten laste van B.I.A.C. een rustpensioen krachtens het koninklijk besluit nr. 117 van 27 februari 1935 tot vaststelling van het statuut der pensioenen van het personeel der zelfstandige openbare inrichtingen en der regieën ingesteld door de Staat, gewijzigd door de wetten van 28 april 1958, 1 juli 1971, 11 juli 1975, 17 mei 1976 en 15 juli 1977, het koninklijk besluit nr. 429 van 5 augustus 1986 en het koninklijk besluit van 2 april 1998Relevante gevonden documenten type wet prom. 03/07/1967 pub. 24/10/2001 numac 2001000905 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet betreffende de preventie van of de schadevergoeding voor arbeidsongevallen, voor ongevallen op de weg naar en van het werk en voor beroepsziekten in de overheidssector. - Duitse vertaling type wet prom. 03/07/1967 pub. 23/03/2018 numac 2018030614 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de preventie van of de schadevergoeding voor arbeidsongevallen, voor ongevallen op de weg naar en van het werk en voor beroepsziekten in de overheidssector. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen sluiten

  1. De rechthebbenden van de leden van het personeel in de zin van artikel 1, 15° genieten een overlevingspensioen overeenkomstig de wet van 15 mei 1984Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/1998 pub. 31/07/1998 numac 1998014181 bron ministerie van verkeer en infrastructuur Wet tot bekrachtiging van het koninklijk besluit van 2 april 1998 tot hervorming van de beheersstructuren van de luchthaven Brussel-Nationaal, genomen met toepassing van de wet van 19 december 1997 tot rationalisering van het beheer van de luchthaven Brussel-Nationaal sluiten2 houdende maatregelen tot harmonisering in de pensioenregelingen. De bezoldiging die als basis dient voor de berekening van het rust- en overlevingspensioen is het baremiek loon zoals vastgesteld in het personeelsreglement. Onderafdeling III. - Bepaalde promoties Art. 15.§
  2. De promoties toegekend aan de personeelsleden in de zin van artikel 1, 15° op basis van het personeelsreglement, zijn het voorwerp van een sui generis contract dat de toekenning voorziet van een maandelijkse premie. Deze premie wordt inzake sociale zekerheidsbijdragen op dezelfde wijze behandeld als een baremiek loon. De premie toegekend overeenkomstig het eerste lid geeft bovendien aanleiding tot het betalen van premies met het oog op de opbouw van een aanvullend pensioen. De bijdragen die toepasselijk zijn in de private sector op de stortingen verricht door de werkgevers met het oog op het toekennen aan hun personeelsleden van extralegale voordelen inzake pensioenen, zijn verschuldigd op deze premies. §
  3. Het contract bedoeld in § 1, eerste lid kan door elk van de partijen worden beëindigd, met inachtneming van de hierna bepaalde procedures. De reserves die zijn verworven in het kader van het aanvullend pensioen, in toepassing van de in § 1 bedoelde premies, zijn definitief verworven door de personeelsleden in de zin van artikel 1, 15° die een promotie genieten zoals bedoeld in §
  4. De personeelsleden in de zin van artikel 1, 15° wier individueel contract zoals bedoeld in § 1, eerste lid, werd beëindigd, blijven de in de artikelen 11 tot en met 14 bedoelde verworven rechten genieten. §
  5. De toekenning van een promotie bedoeld in § 1 kan worden beëindigd met inachtneming van een opzeggingstermijn waarvan kennis wordt gegeven bij aangetekende brief die uitwerking heeft de 3e werkdag na de datum van verzending. De bepalingen van de wet van 3 juli 1978Relevante gevonden documenten type wet prom. 03/07/1978 pub. 03/07/2008 numac 2008000527 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten type wet prom. 03/07/1978 pub. 12/03/2009 numac 2009000158 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten sluiten betreffende de arbeidsovereenkomsten zijn bij analogie van toepassing om de opzegtermijn te berekenen alsook om de gevolgen van een schorsing van de uitvoering van het contract tijdens de opzeg te bepalen. De in aanmerking komende anciënniteit voor de berekening van de opzeggingstermijn is identiek aan deze die in aanmerking wordt genomen voor de berekening van de jaarlijkse referentiebezoldiging overeenkomstig artikel 12, tweede lid. Het niveau van de vergoeding die moet in acht genomen worden voor de berekening van de opzeggingstermijn is gelijk aan de totale wedde van het lid van het personeel in de zin van artikel 1, 15° met inbegrip van premies bedoeld in § 1 die werden verworven tijdens de twaalf maanden voorafgaand aan de beëindiging van de promotie. Indien het lid van het personeel in de zin van artikel 1, 15° een einde maakt aan het in § 1, eerste lid, bedoelde contract worden de opzeggingstermijnen herleid tot de helft zonder een termijn van drie maanden te mogen overschrijden en zulks onverminderd het recht van de partijen om een kortere termijn overeen te komen. De promotie bedoeld in § 1 kan ook worden beëindigd zonder opzeggingstermijn mits betaling van een vervangende opzeggingsvergoeding gelijk aan de premie toegekend overeenkomstig § 1, vermenigvuldigd met het aantal maanden van de opzeggingstermijn. §
  6. Het in § 1, eerste lid bedoelde contract is niet onderworpen aan de bepalingen van de wet van 3 juli 1978Relevante gevonden documenten type wet prom. 03/07/1978 pub. 03/07/2008 numac 2008000527 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten type wet prom. 03/07/1978 pub. 12/03/2009 numac 2009000158 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten sluiten betreffende de arbeidsovereenkomsten maar wel aan de bepalingen van het personeelsreglement. Afdeling III. - Overdracht van onderneming en stopzetting van activiteit voor wat betreft de personeelsleden in de zin van artikel 1, 15° Art. 16.Voor de toepassing van de artikelen 17 en 18 moet worden verstaan onder : 1° "onderneming" : de ondeelbare exploitatie - eenheid die bestaat uit alle luchthavengebonden activiteiten die uitgeoefend worden op het platform Brussel-Nationaal op het moment van de overdracht;2° "overdrager" : de vennootschap die in geval van overdracht van onderneming de hoedanigheid van werkgever ten aanzien van de personeelsleden in de zin van artikel 1, 15° van de onderneming verliest; 3° "exploitant" : de rechtspersoon die in geval van overdracht van de activiteiten van B.I.A.C. of haar rechtsopvolgers, de hoedanigheid van exploitant van de luchthaveninstallaties van de luchthaven Brussel-Nationaal verwerft en, bijgevolg, deze van werkgever ten aanzien van de personeelsleden in de zin van artikel 1, 15°. Art. 17.In geval van verandering van werkgever ten gevolge van een overdracht van onderneming, met inbegrip van de intrekking door de Koning, in uitvoering van artikel 40, van de exploitatielicentie van de luchthaven van Brussel-Nationaal waarvan B.I.A.C. of haar rechtsopvolgers houder is om ze aan een andere onderneming toe te kennen, evenals het geval waarin de onderneming wordt overgenomen als gevolg van een faillissement of gerechtelijk akkoord, wordt het behoud van de rechten van de personeelsleden in de zin van artikel 1, 15° gewaarborgd overeenkomstig hetgeen is bepaald in de artikelen 18 en
  7. Art. 18.De rechten en plichten van B.I.A.C. of haar rechtsopvolgers ten aanzien van de personeelsleden in de zin van artikel 1, 15° van de onderneming op datum van de in artikel 17 bedoelde overdracht, inzonderheid de door dit hoofdstuk bedoelde rechten en plichten, worden van rechtswege overgedragen aan de exploitant onverminderd de toepassing van artikel
  8. Art. 19.In elke omstandigheid van aard om de continuïteit van de luchthavendiensten in gevaar te brengen, met name in geval van gerechtelijk akkoord, faillissement en ontbinding met vereffening, wordt eenieder die bij de exploitatie van de luchthaven wordt betrokken, met inbegrip van de curator, gehouden om de nodige maatregelen te nemen, met inbegrip van deze die verband houden met het personeel, met het oog op het verzekeren van de continuïteit van deze diensten tot aan de intrekking van de licentie. De curator kan verzoeken dat de licentie wordt ingetrokken op grond van artikel 40 van het huidig besluit. De rechtbank van koophandel kan de stopzetting van de commerciële activiteiten slechts bevelen na de intrekking van de exploitatielicentie. De exploitant neemt de waarborg op zich van de in de artikelen 11 tot en met 14 bedoelde verworven rechten. De bepalingen van artikel 18 zijn van toepassing. Afdeling IV. - Bepalingen met betrekking tot de sociale zekerheid van de personeelsleden in de zin van artikel 1, 15° Art. 20.§
  9. De toepassing van de wet van 27 juni 1969Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/1998 pub. 31/07/1998 numac 1998014181 bron ministerie van verkeer en infrastructuur Wet tot bekrachtiging van het koninklijk besluit van 2 april 1998 tot hervorming van de beheersstructuren van de luchthaven Brussel-Nationaal, genomen met toepassing van de wet van 19 december 1997 tot rationalisering van het beheer van de luchthaven Brussel-Nationaal sluiten5 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders wordt, wat de personeelsleden in de zin van artikel 1, 15° van B.I.A.C. betreft, beperkt tot de regeling van verplichte verzekering tegen ziekte en invaliditeit, sector van de geneeskundige verzorging. §
  10. Artikel 1, eerste lid, 2° van de wet van 3 juli 1967Relevante gevonden documenten type wet prom. 03/07/1967 pub. 24/10/2001 numac 2001000905 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet betreffende de preventie van of de schadevergoeding voor arbeidsongevallen, voor ongevallen op de weg naar en van het werk en voor beroepsziekten in de overheidssector. - Duitse vertaling type wet prom. 03/07/1967 pub. 23/03/2018 numac 2018030614 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de preventie van of de schadevergoeding voor arbeidsongevallen, voor ongevallen op de weg naar en van het werk en voor beroepsziekten in de overheidssector. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen sluiten betreffende de preventie van of de schadevergoeding voor arbeidsongevallen, voor ongevallen op de weg naar en van het werk en voor beroepsziekten in de overheidssector, zoals gewijzigd door de wet van 2 augustus 2002Relevante gevonden documenten type wet prom. 02/08/2002 pub. 04/09/2002 numac 2002003392 bron ministerie van financien Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten type wet prom. 02/08/2002 pub. 14/06/2018 numac 2018012337 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten. - Officieuze coördinatie in het Duits. - Deel I type wet prom. 02/08/2002 pub. 04/09/2002 numac 2002003391 bron ministerie van financien Wet tot aanvulling, inzake de verhaalmiddelen tegen de beslissingen van de minister, de CBF, de CDV en de marktondernemingen, alsook inzake de tussenkomst van de CBF en van de CDV voor de strafgerechten, van de wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten en tot wijziging van verschillende andere wetsbepalingen sluiten, wordt, als volgt, aangevuld : "en de naamloze vennootschap van privaatrecht Brussels International Airport Company of zijn rechtsopvolgers, uitsluitend voor wat betreft de personeelsleden bedoeld bij artikel 1,15 ° van het koninklijk besluit van 27 mei 2004 betreffende de omzetting van B.I.A.C. in een naamloze vennootschap van privaatrecht en betreffende de luchthaveninstallaties." §
  11. Artikel 1 van het koninklijk besluit van 12 juni 1970Relevante gevonden documenten type wet prom. 03/07/1967 pub. 24/10/2001 numac 2001000905 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet betreffende de preventie van of de schadevergoeding voor arbeidsongevallen, voor ongevallen op de weg naar en van het werk en voor beroepsziekten in de overheidssector. - Duitse vertaling type wet prom. 03/07/1967 pub. 23/03/2018 numac 2018030614 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de preventie van of de schadevergoeding voor arbeidsongevallen, voor ongevallen op de weg naar en van het werk en voor beroepsziekten in de overheidssector. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen sluiten5 betreffende de schadevergoeding, ten gunste van de personeelsleden der instellingen van openbaar nut en de autonome overheidsbedrijven, voor arbeidsongevallen en voor ongevallen op de weg naar en van het werk wordt, als volgt, aangevuld : "alsook tot de personeelsleden bedoeld bij artikel 1, 15 ° van het koninklijk besluit van 27 mei 2004 betreffende de omzetting van B.I.A.C. in een naamloze vennootschap van privaatrecht en betreffende de luchthaveninstallaties." Het artikel 2, eerste lid, I,5°c) van hetzelfde besluit gewijzigd bij het koninklijk besluit van 12 december 2002Relevante gevonden documenten type wet prom. 03/07/1967 pub. 24/10/2001 numac 2001000905 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet betreffende de preventie van of de schadevergoeding voor arbeidsongevallen, voor ongevallen op de weg naar en van het werk en voor beroepsziekten in de overheidssector. - Duitse vertaling type wet prom. 03/07/1967 pub. 23/03/2018 numac 2018030614 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de preventie van of de schadevergoeding voor arbeidsongevallen, voor ongevallen op de weg naar en van het werk en voor beroepsziekten in de overheidssector. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen sluiten6 wordt opgeheven. Een artikel 2bis, luidend als volgt, wordt in hetzelfde besluit ingevoegd : "Dit besluit wordt eveneens toepasselijk verklaard op de personeelsleden bedoeld bij artikel 1,15° van het koninklijk besluit van 27 mei 2004 betreffende de omzetting van B.I.A.C. in een naamloze vennootschap van privaatrecht en betreffende de luchthaveninstallaties." Artikel 4 van hetzelfde besluit wordt met volgend lid aangevuld : "Wat de N.V. van privaatrecht B.I.A.C. betreft, worden de bevoegdheden vermeld in het eerste lid van dit artikel uitgeoefend door het orgaan belast met het dagelijks beheer." Artikel 8 van hetzelfde besluit wordt aangevuld met het volgende lid : "Het orgaan belast met het dagelijks beheer van de N.V. van privaatrecht B.I.A.C. stelt het formulier op waarbij het ongeval wordt aangegeven alsook het model van het erbij te voegen doktersattest." Een paragraaf 3, luidend als volgt, wordt ingevoegd in artikel 9 van hetzelfde besluit : "Voor de toepassing van dit artikel wordt de N.V. van privaatrecht B.I.A.C. beschouwd als zijnde "de instelling"." In artikel 11 van hetzelfde besluit worden de woorden " alsook de N.V. van privaatrecht B.I.A.C." ingevoegd tussen de woorden "de instellingen van openbaar nut" en de woorden "waarvan het personeel". §
  12. Artikel 3 van de samengeordende wetten betreffende de kinderbijslag voor loonarbeiders, gewijzigd bij de wetten van 22 december 1989 en 12 augustus 2000 wordt aangevuld met het volgende lid : "De naamloze vennootschap van privaatrecht Brussels International Airport Company alsook zijn rechtsopvolgers zijn eveneens aan deze wetten onderworpen voor de personeelsleden bedoeld bij artikel 1,15 ° van het koninklijk besluit van 27 mei 2004 betreffende de omzetting van B.I.A.C. in een naamloze vennootschap van privaatrecht en betreffende de luchthaveninstallaties." Artikel 18 van dezelfde wetten zoals laatst gewijzigd bij de programma wet van 2 augustus 2002Relevante gevonden documenten type wet prom. 02/08/2002 pub. 04/09/2002 numac 2002003392 bron ministerie van financien Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten type wet prom. 02/08/2002 pub. 14/06/2018 numac 2018012337 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten. - Officieuze coördinatie in het Duits. - Deel I type wet prom. 02/08/2002 pub. 04/09/2002 numac 2002003391 bron ministerie van financien Wet tot aanvulling, inzake de verhaalmiddelen tegen de beslissingen van de minister, de CBF, de CDV en de marktondernemingen, alsook inzake de tussenkomst van de CBF en van de CDV voor de strafgerechten, van de wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten en tot wijziging van verschillende andere wetsbepalingen sluiten wordt aangevuld met het volgend lid : "Onverminderd de bepalingen van artikel 101, verlenen de N.V. van privaatrecht B.I.A.C. alsook zijn rechtsopvolgers rechtstreeks de gezinsbijslagen aan hun personeelsleden bedoeld bij artikel 1,15 ° van het koninklijk besluit van 27 mei 2004 betreffende de omzetting van B.I.A.C. in een naamloze vennootschap van privaatrecht en betreffende de luchthaveninstallaties. Zij moeten zich niet aansluiten bij een compensatiekas voor de hiervoor vermelde personeelsleden. Het bedrag en de voorwaarden waaronder zij worden toegekend, zijn ten minste even gunstig als die van de bijslag toegekend door de Staat aan zijn personeelsleden." In artikel 101, derde lid van dezelfde wetten worden de volgende gen aangebracht : 1°. In het 1° zoals gewijzigd bij de programmawet van 22 december 1989Relevante gevonden documenten type wet prom. 03/07/1967 pub. 24/10/2001 numac 2001000905 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet betreffende de preventie van of de schadevergoeding voor arbeidsongevallen, voor ongevallen op de weg naar en van het werk en voor beroepsziekten in de overheidssector. - Duitse vertaling type wet prom. 03/07/1967 pub. 23/03/2018 numac 2018030614 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de preventie van of de schadevergoeding voor arbeidsongevallen, voor ongevallen op de weg naar en van het werk en voor beroepsziekten in de overheidssector. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen sluiten0, worden de woorden " B.I.A.C. voor zover het de personeelsleden bedoeld bij artikel 1,15 ° van het koninklijk besluit van 27 mei 2004 betreffende de omzetting van B.I.A.C. in een naamloze vennootschap van privaatrecht en betreffende de luchthaveninstallaties betreft" ingelast tussen de woorden "bedoeld in artikel 18," en de woorden "of een kinderbijslaginstelling"; 2° In het 2° gewijzigd door de wetten van 22 december 1989, 29 april 1996 en 24 december 2002, worden de woorden "voor zover het gaat om de personeelsleden bedoeld bij artikel 1,15 ° van het koninklijk besluit van 27 mei 2004 betreffende de omzetting van B.I.A.C. in een naamloze vennootschap van privaatrecht en betreffende de luchthaveninstallaties" ingevoegd tussen de woorden "B.I.A.C." en de woorden ", de Regie" In artikel 111 van dezelfde wetten zoals gewijzigd door de wet van 29 april 1996, worden de woorden ", B.I.A.C." ingelast tussen de woorden "Gewesten" en de woorden "of de bij artikel 3, 2°". §
  13. Het aantal dagen jaarlijks verlof waarop de personeelsleden van de N.V. van privaatrecht B.I.A.C. bedoeld bij artikel 1,15 ° van dit besluit mogen aanspraak maken wordt bepaald overeenkomstig de bepalingen van het koninklijk besluit van 1 juni 1964 betreffende sommige verloven toegestaan aan personeelsleden van de rijksbesturen en betreffende de afwezigheden wegens persoonlijke aangelegenheid, zoals dit bestond bij de afkondiging van het koninklijk besluit van 8 november 1998Relevante gevonden documenten type wet prom. 03/07/1967 pub. 24/10/2001 numac 2001000905 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet betreffende de preventie van of de schadevergoeding voor arbeidsongevallen, voor ongevallen op de weg naar en van het werk en voor beroepsziekten in de overheidssector. - Duitse vertaling type wet prom. 03/07/1967 pub. 23/03/2018 numac 2018030614 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de preventie van of de schadevergoeding voor arbeidsongevallen, voor ongevallen op de weg naar en van het werk en voor beroepsziekten in de overheidssector. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen sluiten4 tot vaststelling van de voordelen bedoeld in artikel 25, § 1, lid 2, van het koninklijk besluit van 2 april 1998Relevante gevonden documenten type wet prom. 03/07/1967 pub. 24/10/2001 numac 2001000905 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet betreffende de preventie van of de schadevergoeding voor arbeidsongevallen, voor ongevallen op de weg naar en van het werk en voor beroepsziekten in de overheidssector. - Duitse vertaling type wet prom. 03/07/1967 pub. 23/03/2018 numac 2018030614 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de preventie van of de schadevergoeding voor arbeidsongevallen, voor ongevallen op de weg naar en van het werk en voor beroepsziekten in de overheidssector. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen sluiten3 tot hervorming van de beheersstructuren van de luchthaven Brussel-Nationaal. Art. 21.Wat de personeelsleden in de zin van artikel 1, 15° betreft, is de uitbater van de luchthaven hetgeen volgt niet verschuldigd : 1° de bijdragen vastgesteld krachtens artikel 15 van de wet van 28 juni 1966 betreffende de schadeloosstelling van de werknemers die ontslagen worden bij sluiting van ondernemingen, krachtens artikel 10 van de wet van 30 juni 1967 houdende uitbreiding van de opdracht van het Fonds tot vergoeding van de in geval van sluiting van ondernemingen ontslagen werknemers, en krachtens artikel 94 van de wet van 26 juni 1992 houdende sociale en diverse bepalingen;2° de bijzondere bijdrage bedoeld in het koninklijk besluit van 27 november 1996 tot instelling van een bijzondere werkgeversbijdrage ter financiering van het stelsel van de tijdelijke werkloosheid en de anciënniteittoeslag voor oudere werklozen, in toepassing van artikel 3, § 1, 4°, van de wet van 26 juli 1996 strekkende tot realisatie van de budgettaire voorwaarden tot deelname van België aan de Europese Economische en Monetaire Unie;3° de bijdragen bedoeld in de artikelen 3 en 6 van de wet van 1 april 2003Relevante gevonden documenten type wet prom. 01/04/2003 pub. 16/05/2003 numac 2003012163 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Wet houdende uitvoering van het interprofessioneel akkoord voor de periode 2003-2004 sluiten houdende uitvoering van het interprofessioneel akkoord voor de periode 2003-
  14. Art. 22.Hoofdstuk II van de wet van 20 juli 1991 houdende sociale en diverse bepalingen is van toepassing op B.I.A.C. in het geval waarin een lid van het personeel in de zin van artikel 1, 15° uit zijn functies zou worden ontzet om een van de redenen bepaald in het personeelsreglement. Art. 23.De bedragen die B.I.A.C. stort in haar pensioenfonds dat is opgericht in toepassing van artikel 191 van de wet van 21 maart 1991Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/1998 pub. 31/07/1998 numac 1998014181 bron ministerie van verkeer en infrastructuur Wet tot bekrachtiging van het koninklijk besluit van 2 april 1998 tot hervorming van de beheersstructuren van de luchthaven Brussel-Nationaal, genomen met toepassing van de wet van 19 december 1997 tot rationalisering van het beheer van de luchthaven Brussel-Nationaal sluiten6 betreffende de hervorming van sommige economische overheidsbedrijven met het oog op de financiering van de in het eerste lid bedoelde pensioenen, worden uitgesloten uit de inninggrondslag van de bijzondere bijdrage bedoeld in artikel 38, § 3ter, van de wet van 29 juni 1981 houdende de algemene beginselen van de sociale zekerheid voor werknemers evenals de jaarlijkse belasting op de verzekeringscontracten bedoeld in de artikelen 173 en 174 van het Wetboek der met het zegel gelijkgestelde taksen. Art. 24.§
  15. De als pensioengeldende voordelen toegekend aan een gewezen lid van het contractueel personeel van B.I.A.C. in dienst op de datum van de in artikel 2 bedoelde omzetting zijn niet onderworpen aan de bepalingen van sectie 1 van hoofdstuk II van titel V van de wet van 5 augustus 1978 houdende economische en budgettaire hervormingen. Voor de toepassing van het eerste lid worden de leden van de bestuur - en directieorganen van B.I.A.C. in dienst op de datum van de omzetting van B.I.A.C. in een naamloze vennootschap van privaatrecht, gelijkgesteld met contractuele personeelsleden. Voor de toepassing van het eerste lid worden de personeelsleden in de zin van artikel 1, 15° van B.I.A.C. die na de datum van de in artikel 2 bedoelde omzetting opteren voor een contractueel stelsel, gelijkgesteld met contractuele personeelsleden. §
  16. De toepassing van de bepalingen van sectie 1 van hoofdstuk II van titel V van de wet van 5 augustus 1978 houdende economische en budgettaire hervormingen op een lid van het personeel in de zin van artikel 1, 15° van B.I.A.C. of aan zijn rechthebbenden gebeurt rekening houdend met de als pensioengeldende voordelen voortvloeiend uit de premies bepaald in artikel
  17. §
  18. De als pensioengeldende voordelen toegekend aan de rechthebbende van een in § 1 bedoelde persoon zijn evenmin onderworpen aan de bepalingen van sectie 1 van hoofdstuk II van titel V van voormelde wet van 5 augustus
  19. HOOFDSTUK IV. - Exploitatie van luchthaveninstallaties Afdeling I. - Toepassingsgebied Art. 25.Dit hoofdstuk is van toepassing op de luchthaveninstallaties van de luchthaven Brussel-Nationaal waarvan de bevoegdheid tot het regelen van de uitrusting en de exploitatie tot de federale Staat behoort, onverminderd de toepassing van de wet van 27 juni 1937Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/1998 pub. 31/07/1998 numac 1998014181 bron ministerie van verkeer en infrastructuur Wet tot bekrachtiging van het koninklijk besluit van 2 april 1998 tot hervorming van de beheersstructuren van de luchthaven Brussel-Nationaal, genomen met toepassing van de wet van 19 december 1997 tot rationalisering van het beheer van de luchthaven Brussel-Nationaal sluiten7 houdende herziening van de wet van 16 november 1919 betreffende de regeling van de luchtvaart en de bevoegdheden van het Directoraat-generaal Luchtvaart. Afdeling II. - Exploitatielicentie Art. 26.De exploitatie van elke luchthaveninstallatie is onderworpen aan de voorafgaande toekenning bij koninklijk besluit van een individuele exploitatielicentie van onbepaalde duur. Art. 27.Om een exploitatielicentie te bekomen, moet de aanvrager : 1° zijn professionele betrouwbaarheid en ervaring, zijn technische en financiële capaciteiten en de kwaliteit van zijn organisatie aantonen;2° de capaciteit hebben om te beantwoorden aan de noden van het Belgisch luchtverkeer en om op lange termijn aan de noden van de gebruikers te voldoen;3° een ontwikkelingsplan voor een periode van vijf jaar voorleggen;4° de nodige kwaliteiten voorleggen om de veiligheid van de personen te waarborgen;5° de nodige kwaliteiten voorleggen om de veiligheid en de kwaliteit van de luchthaveninstallaties te waarborgen;6° de certificatie van de luchthaveninstallaties bekomen en zijn capaciteit tot het behoud ervan aantonen;7° zich ertoe verbinden een adequate dekking te voorzien voor het risico inzake burgerlijke aansprakelijkheid als gevolg van de exploitatie van luchthaveninstallaties met inbegrip van de oorlogsrisico's en het terrorisme binnen de perken van de internationale normen en gebruiken, alsook voor het risico van brand en daarmee verband houdende gevaren met betrekking tot de luchthaveninstallaties waarvan hij eigenaar of gebruiker is;8° zich ertoe verbinden zijn onafhankelijkheid tegenover de gebruikers te waarborgen.9° zijn geschiktheid aantonen inzake het beheer van de hinder, inzonderheid de geluidshinder veroorzaakt door de exploitatie van de luchthaven, evenals van de externe kosten. Art. 28.De exploitatielicentie stelt de luchthaveninstallaties waarop zij betrekking heeft vast, evenals de technische exploitatievoorwaarden die inzonderheid betrekking kunnen hebben op de kwaliteit van de diensten, de capaciteit en de ontwikkeling van de luchthaveninstallaties en de bescherming van het milieu. De exploitatielicentie regelt eveneens de terbeschikkingstelling van lokalen aan de overheid om haar toe te laten opdrachten uit te voeren in verband met het luchtverkeer. Te dien einde kan de overheid dienstenprotocollen afsluiten met de houder van de exploitatielicentie. Art. 29.§
  20. De aanvragen tot het bekomen van een exploitatielicentie worden tot de economisch regulerende overheid gericht. De aanvraag wordt ingediend door middel van een verzoekschrift in drie exemplaren, per aangetekend schrijven. De minister stelt bij besluit de inhoud vast waaraan de aanvraag moet voldoen. De aanvrager van een exploitatielicentie duidt in zijn aanvraag de respectieve delen van zijn aanvraag aan waarvan de gegevens vertrouwelijk moeten blijven. §
  21. Zodra de economisch regulerende overheid de aanvraag bedoeld in § 1 ontvangt, stuurt zij een ontvangstbewijs naar de aanvrager en brengt, in voorkomend geval, de minister hiervan op de hoogte. De economisch regulerende overheid nodigt de aanvrager uit haar de ontbrekende stukken of de informatie die zij nuttig acht over te maken binnen een termijn van dertig werkdagen te rekenen vanaf de aanvraag. De aanvrager beschikt over een termijn van tien werkdagen vanaf de datum van ontvangst van de brief van de economisch regulerende overheid die hem inlicht over de onvolledigheid van zijn aanvraag, om de gevraagde inlichtingen, documenten of uitleg te verschaffen. Deze bijkomende gegevens worden naar de economisch regulerende overheid per aangetekend schrijven toegestuurd. Indien de aanvrager na het verstrijken van de in het vorige lid voorgeschreven termijn in gebreke blijft de gevraagde inlichtingen, documenten of uitleg te verschaffen, moet een nieuwe aanvraag worden ingediend. §
  22. In voorkomend geval, maakt de economisch regulerende overheid de minister of zijn afgevaardigde zijn voorstel tot toekenning of weigering van een exploitatielicentie over per aangetekend schrijven, alsook het volledige dossier dat daarop betrekking heeft. De exploitatielicentie wordt bij een in Ministerraad overlegd koninklijk besluit toegekend en meegedeeld aan de aanvrager binnen een termijn van zestig werkdagen te rekenen vanaf de datum van het voorstel van de economisch regulerende overheid. Dit koninklijk besluit wordt eveneens per uittreksel bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad. In voorkomend geval houdt het besluit bijzondere voorwaarden in. Indien de exploitatielicentie niet wordt toegekend, licht de economisch regulerende overheid de aanvrager hierover in per aangetekend schrijven. Afdeling III. - Verplichtingen van de houder van een exploitatielicentie, tarificatie en boekhouding Art. 30.De houder van een exploitatielicentie moet : 1° de luchthaveninstallaties onderhouden en ontwikkelen in economisch aanvaardbare omstandigheden op zodanige wijze dat de beveiliging van de personen en de veiligheid van de luchthaveninstallaties, de voortdurende certificatie van de luchthaveninstallaties, een voldoende capaciteit rekening houdend met de ontwikkeling van de vraag en de internationale rol van de luchthaven Brussel-Nationaal evenals een hoog kwaliteitsniveau worden verzekerd;2° om de vijf jaar een ontwikkelingsplan over een periode van vijf jaar opstellen;3° de gebruiksvoorwaarden van de luchthaveninstallaties opstellen en bekendmaken, zonder dat daarbij afbreuk kan worden gedaan aan de reglementaire bevoegdheid van het Directoraat-Generaal van de Luchtvaart;4° binnen twaalf maanden na de toekenning van de exploitatielicentie, na raadpleging van de gebruikers of de representatieve organisaties van de gebruikers, een charter opstellen waarin hij de kwaliteit van de diensten verbonden met de exploitatie van de luchthaveninstallaties aangeboden aan de gebruikers, waarborgt;5° binnen twaalf maanden na de toekenning van de exploitatielicentie, na raadpleging van het Directoraat-generaal Luchtvaart en de representatieve organisaties van de gebruikers, een charter opstellen coherent met het charter voor de gebruikers, waarin hij de kwaliteit van de diensten aangeboden aan de passagiers waarborgt met betrekking tot enerzijds de ontvangst, en anderzijds de beschikbaarheid en het onderhoud van de luchthaveninstallaties;6° zonder onderbreking en voor de eerste maal binnen twaalf maanden vanaf de toekenning van de exploitatielicentie, met de verstrekkers van grondafhandelingsdiensten of de organisaties die hen vertegenwoordigen, overeenkomsten sluiten betreffende het niveau van de dienstverlening en die de kwaliteit regelen van de diensten verbonden met de exploitatie van luchthaveninstallaties;7° binnen vijftien maanden na de toekenning van de exploitatielicentie, na raadpleging van de representatieve organisaties van de gebruikers, een formule voor de tariefcontrole opstellen, bestemd om de evolutie van de inkomsten die hij per verkeerseenheid voor de gereguleerde activiteiten mag innen, te beperken alsook een tariefsysteem;8° binnen twaalf maanden na de toekenning van de exploitatielicentie, een lijst aan de economisch regulerende overheid voorleggen met kwaliteitsindicatoren van de diensten aan de gebruikers, de grondexploitanten en de passagiers, en elk jaar een rapport over de efficiëntie van het luchthavenbeheer in functie van deze kwaliteitsindicatoren en in verhouding tot de referentieluchthavens;9° zonder onderbreking en voor de eerste maal binnen achttien maanden na de toekenning van de exploitatielicentie, een overeenkomst met betrekking tot het niveau van de dienstverlening aangaan met de rechtspersoon belast met de luchtverkeersleiding, die de wederzijdse samenwerking tussen de houder van een exploitatielicentie en genoemde persoon regelt, meer bepaald met betrekking tot de capaciteit van de luchthaveninstallaties, het beheer ervan, de stiptheid van de landingen en opstijgingen en de uitwisseling van inlichtingen;10° de economisch regulerende overheid inlichten over elke belangrijke wijziging die van aard is om zijn technische en financiële mogelijkheden te wijzigen;11° de economisch regulerende overheid voorafgaandelijk inlichten over elk voorstel tot overdracht van de exploitatielicentie of elk voorstel tot wijziging van de controle, fusie, splitsing of verrichting gelijkgesteld met een fusie of splitsing. Art. 31.§
  23. De economisch regulerende overheid bepaalt de nadere regels voor de bekendmaking van de gebruiksvoorwaarden, bedoeld in artikel 30, 3°, en specificeert de informatie die deze gebruiksvoorwaarden moeten bevatten. Deze informatie heeft inzonderheid betrekking op : 1° de toelatingsvoorwaarden voor de gebruikers en de grondexploitanten tot de luchthaveninstallaties;2° de stroom van passagiers, bagage, post en vracht;3° de gedragsregels die de gebruikers en grondexploitanten in acht moeten nemen in het belang van de goede werking van de luchthaveninstallaties;4° de veiligheidsmaatregelen;5° de maatregelen met het oog op de beperking van de externe kosten, in het bijzonder veroorzaakt door de geluidshinder, naar aanleiding van de exploitatie van de luchthaveninstallaties;6° de tarieven van de luchthavenvergoedingen waarvan de economisch regulerende overheid in kennis werd gesteld overeenkomstig artikel 35, § 1;7° de maatregelen die de houder van een exploitatielicentie kan nemen in geval van niet-naleving van de gebruiksvoorwaarden;8° de vergoedingen die verschuldigd zijn door derden in geval van niet-naleving van de gebruiksvoorwaarden. §
  24. De gebruiksvoorwaarden van de luchthaveninstallaties zijn tegenstelbaar aan derden vanaf de bekendmaking ervan overeenkomstig de nadere bepalingen aangenomen in uitvoering van § 1, eerste lid. Elke derde die gebruik maakt van de luchthaveninstallaties wordt geacht tot deze gebruiksvoorwaarden toe te treden. Art. 32.§
  25. De exploitatielicentie bepaalt de diensten verstrekt aan de gebruikers en de passagiers, waarvan het kwaliteitsniveau moet geregeld worden in de charters respectievelijk bedoeld in de artikelen 30, 4°, en 30, 5°. §
  26. De charters opgesteld in uitvoering van de artikelen 30, 4°, en 30, 5°, en elke wijziging van deze charters zijn onderworpen aan de goedkeuring van de economisch regulerende overheid en van de minister bevoegd voor het Directoraat-generaal Luchtvaart. §
  27. De economisch regulerende overheid en de minister bevoegd voor het Directoraat-generaal Luchtvaart kunnen, binnen de grenzen van hun respectieve bevoegdheden, wijzigingen aan deze charters eisen of weigeren deze goed te keuren indien zij : 1° een inbreuk uitmaken op de bepalingen van dit besluit of van de exploitatielicentie;2° een inbreuk uitmaken op dwingende bepalingen die voortvloeien uit internationale verdragen of uit internationale akten genomen krachtens dergelijke verdragen en die betrekking hebben op de exploitatie van luchthaveninstallaties;3° het onmogelijk maken de kwaliteitsniveaus te bereiken die de economisch regulerende overheid definieert met verwijzing naar de praktijken waargenomen op de referentieluchthavens;4° niet voldoende rekening houden met de belangen van de gebruikers of de passagiers, naargelang het geval. §
  28. De charters bedoeld in § 1 worden geacht te zijn goedgekeurd indien de economisch regulerende overheid en de minister bevoegd voor het Directoraat-generaal Luchtvaart hun beslissingen niet hebben meegedeeld binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de kennisgeving ervan. §
  29. Indien de charters bedoeld in § 1 niet worden vastgesteld of indien deze charters en alle wijzigingen aan deze charters niet worden goedgekeurd overeenkomstig de §§ 2 en 4, kunnen de economisch regulerende overheid en het Directoraat-generaal Luchtvaart, binnen hun respectievelijke bevoegdheden, de houder van een exploitatielicentie normen opleggen om te allen tijde de kwaliteit van de diensten verbonden met de exploitatie van luchthaveninstallaties die de gebruikers en/of passagiers worden aangeboden, te waarborgen. §
  30. De economisch regulerende overheid en het Directoraat-generaal Luchtvaart kunnen, binnen hun respectieve bevoegdheden, ambtshalve wijzigingen opleggen aan de charters opgesteld in uitvoering van de artikelen 30, 4°, en 30, 5°, indien deze charters niet langer beantwoorden aan de voorwaarden bedoeld in §
  31. §
  32. De kwaliteitsnormen voor de dienstverlening en de wijzigingen aan de charters vastgesteld door de economisch regulerende overheid krachtens de §§ 5 en 6 zijn onderworpen aan de goedkeuring van de minister. Zij zijn verbindend vanaf hun bekendmaking in het Belgisch Staatsblad of, indien de kennisgeving plaatsvindt vóór deze bekendmaking, vanaf kennisgeving ervan aan de belanghebbenden. Art. 33.§
  33. De exploitatielicentie bepaalt de diensten waarvan het kwaliteitsniveau het voorwerp uitmaakt van overeenkomsten met betrekking tot het niveau van de dienstverlening gesloten met de verleners van grondafhandelingsdiensten in uitvoering van artikel 30, 6°. §
  34. De overeenkomsten met betrekking tot het niveau van de dienstverlening opgesteld in uitvoering van artikel 30, 6°, en elke wijziging aan deze overeenkomsten zijn onderworpen aan de goedkeuring van de economisch regulerende overheid. §
  35. De economisch regulerende overheid kan aanpassingen aan deze overeenkomsten eisen of weigeren deze goed te keuren indien zij : 1° een inbreuk uitmaken op de bepalingen van dit besluit of van de exploitatielicentie;2° een inbreuk uitmaken op dwingende bepalingen die voortvloeien uit internationale verdragen of uit internationale akten genomen krachtens dergelijke verdragen en die betrekking hebben op de exploitatie van luchthaveninstallaties;3° het onmogelijk maken de kwaliteitsniveaus te bereiken die de economisch regulerende overheid definieert met verwijzing naar de praktijken waargenomen op de referentieluchthavens. §
  36. De overeenkomsten bedoeld in § 1 worden geacht te zijn goedgekeurd indien de economisch regulerende overheid haar beslissing niet heeft meegedeeld binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de kennisgeving ervan. §
  37. Indien de overeenkomsten bedoeld in § 1 niet worden gesloten of indien zij niet worden goedgekeurd overeenkomstig §§ 2 en 4, dan komt de economisch regulerende overheid tussen als bemiddelaar teneinde de vereiste kwaliteit van de diensten verbonden met de exploitatie van luchthaveninstallaties die de verleners van grondafhandelingsdiensten worden aangeboden, te bereiken. Art. 34.§
  38. De formule voor de tariefcontrole bedoeld in artikel 30, 7°, wordt vastgesteld teneinde : 1° de kosten te weerspiegelen;2° een billijke winstmarge als vergoeding op de geïnvesteerde kapitalen te waarborgen, inzonderheid met het oog op het waarborgen van de ontwikkeling van de luchthaveninstallaties overeenkomstig artikel 30, 1°;3° de tarieven van de luchthavenvergoedingen af te stemmen op het niveau van de tariefpraktijken van de referentieluchthavens. §
  39. De exploitatielicentie bepaalt : 1° de raadplegingprocedure van de gebruikers bedoeld in artikel 30, 7° en de verslagen en informatie die de houder van een exploitatielicentie aan de economisch regulerende overheid dient te verstrekken met het oog op de goedkeuring, overeenkomstig § 3, van de formule opgesteld in toepassing van artikel 30, 7°;2° een vijfjaarlijkse herwaardering - en herzieningsprocedure van dezelfde formule;3° een bijzondere herwaardering - en herzieningsprocedure van deze formule in geval van uitzonderlijke economische omstandigheden die zich voordoen tussen de vijfjaarlijkse herwaarderingen en herzieningen. §
  40. De formule bedoeld in artikel 30, 7°, en elke wijziging aan deze formule zijn onderworpen aan de goedkeuring van de economisch regulerende overheid. §
  41. De economisch regulerende overheid kan aanpassingen van deze formule eisen of weigeren deze goed te keuren indien zij : 1° een inbreuk uitmaakt op de bepalingen van dit besluit of van de exploitatielicentie (met inbegrip van de procedures die deze exploitatielicentie voorziet overeenkomstig § 2);2° een inbreuk uitmaakt op dwingende bepalingen die voortvloeien uit internationale verdragen of uit internationale akten genomen krachtens dergelijke verdragen en die betrekking hebben op de exploitatie van luchthaveninstallaties;3° vatbaar is om het de houder van een exploitatielicentie onmogelijk te maken de kwaliteitsniveaus te bereiken die de economisch regulerende overheid definieert met verwijzing naar de praktijken waargenomen op de referentieluchthavens;4° het onmogelijk maakt de operationele leefbaarheid van de luchthaveninstallaties op lange termijn te waarborgen. §
  42. De formule wordt geacht te zijn goedgekeurd indien de economisch regulerende overheid haar beslissing niet heeft meegedeeld binnen een termijn van twee maanden te rekenen vanaf de kennisgeving ervan. §
  43. Indien de formule bedoeld in § 1 niet overeenkomstig de §§ 3 en 5 werd vastgesteld of goedgekeurd, kan de economisch regulerende overheid de houder van een exploitatielicentie een formule voor de tariefcontrole opleggen teneinde de evolutie van de inkomsten die hij per verkeerseenheid voor de gereguleerde activiteiten mag innen, te beperken; §
  44. De formule voor de tariefcontrole en elke wijziging aan deze formule vastgesteld door de economisch regulerende overheid krachtens § 6 zijn onderworpen aan de goedkeuring van de minister. Zij zijn verbindend vanaf hun bekendmaking in het Belgisch Staatsblad of, indien hun kennisgeving aan de houder van een exploitatielicentie plaatsvindt vóór deze bekendmaking, vanaf deze kennisgeving. Art. 35.§
  45. De houder van een exploitatielicentie deelt zijn tariefsysteem, dat het coherent geheel der luchthavenvergoedingen vaststelt, alsook alle wijzigingen van dit systeem of deze vergoedingen, aan de economisch regulerende overheid mee. Het tariefsysteem en de wijzigingen van dit systeem moeten worden vastgesteld na raadpleging van de gebruikers. §
  46. Het tariefsysteem moet beantwoorden aan de volgende richtsnoeren : 1° het eerbiedigt de formule opgesteld overeenkomstig artikel 30, 7°, of artikel 34, § 6;2° het is niet-discriminatoir en transparant;3° het is op voldoende wijze opgesplitst, inzonderheid in functie van de gebruiksvoorwaarden en -modaliteiten van de luchthaveninstallaties en de verstrekte diensten;4° een minimumpercentage van de luchthavenvergoedingen moet worden geïnd op basis van een groeiformule in functie van het gewicht in ton en de geluidscategorieën van de luchtvaartuigen, en een differentiatiecoëfficiënt tussen de dag en de nacht. §
  47. De economisch regulerende overheid kan aanpassingen aan het tariefsysteem eisen, indien het vaststelt dat het niet aan § 2 voldoet. De economisch regulerende overheid beschikt te dien einde over een termijn van twee maanden te rekenen vanaf de kennisgeving ervan. §
  48. De exploitatielicentie regelt : 1° de procedure van raadpleging van de gebruikers bedoeld in § 1;2° de procedure van kennisgeving van de tarieven met toepassing van § 1;3° de verslagen en informatie die de houder van een exploitatielicentie aan de economisch regulerende overheid dient te verstrekken met het oog op de controle van zijn tariefsysteem. Art. 36.De bepalingen van de wet van 17 juli 1975Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/1998 pub. 31/07/1998 numac 1998014181 bron ministerie van verkeer en infrastructuur Wet tot bekrachtiging van het koninklijk besluit van 2 april 1998 tot hervorming van de beheersstructuren van de luchthaven Brussel-Nationaal, genomen met toepassing van de wet van 19 december 1997 tot rationalisering van het beheer van de luchthaven Brussel-Nationaal sluiten3 op de boekhouding en de jaarrekening van de ondernemingen en de uitvoeringsbesluiten ervan, alsook deze van boek IV, titels VI en VII, van het Wetboek van vennootschappen en de uitvoeringsbesluiten ervan betreffende naamloze vennootschappen, zijn van toepassing op elke houder van een exploitatielicentie, ongeacht zijn juridische vorm. De jaarrekening van een houder van een exploitatielicentie vermeldt in de bijlage alle significante operaties uitgeoefend met verbonden of geassocieerde ondernemingen tijdens het betrokken boekjaar. De economisch regulerende overheid kan, mits voorafgaande kennisgeving van zes maanden, de houder van een exploitatielicentie die naast de exploitatie van luchthaveninstallaties andere activiteiten uitoefent, opleggen om vanaf het volgende boekjaar in zijn interne boekhouding afzonderlijke rekeningen te houden voor zover dit nodig is voor de uitoefening van de opdrachten van de economisch regulerende overheid. De economisch regulerende overheid kan voorschrijven dat de houder van een exploitatielicentie haar periodiek cijfermatige of beschrijvende informatie meedeelt betreffende zijn financiële of commerciële betrekkingen met verbonden of geassocieerde ondernemingen teneinde de economisch regulerende overheid toe te laten na te gaan of deze verslagen de belangen van de gebruikers en/of passagiers niet kunnen schaden. Elk besluit genomen krachtens de artikelen 122, 123 en 149 van het Wetboek van vennootschappen voor de exploitatie van luchthaveninstallaties en elke afwijking die aan houders van een exploitatielicentie wordt toegestaan met toepassing van de artikelen 125 en 150 van hetzelfde Wetboek, zijn onderworpen aan het voorafgaand advies van de economisch regulerende overheid. Art. 37.Bij een in Ministerraad overlegd besluit kan de Koning, op voordracht van de minister en na advies van de economisch regulerende overheid, aan elke houder van een exploitatielicentie de verplichting opleggen om de uitbreidingen of herlokalisaties te doen die noodzakelijk zijn om de operationele leefbaarheid van de luchthaveninstallaties op lange termijn te waarborgen of op billijke wijze de hinder als gevolg van de exploitatie van luchthaveninstallaties te spreiden. De uitbreidingen of herlokalisaties bedoeld in het eerste lid maken het voorwerp uit van voorafgaande studies door een onafhankelijke deskundige met internationale bekendheid in de luchthavensector en door een onafhankelijke deskundige met internationale bekendheid in de sector met betrekking tot de bescherming van het milieu, alsook van overleg met de houder van een exploitatielicentie. Afdeling IV. - Wijziging, herziening, intrekking en schorsing van een exploitatielicentie Onderafdeling I. - Wijziging van de luchthaveninstallaties Art. 38.§
  49. Wanneer de luchthaveninstallaties die het voorwerp uitmaken van een exploitatielicentie worden gewijzigd of aangepast, is een avenant aan de exploitatielicentie vooraf vereist wanneer deze wijzigingen of aanpassingen een verhoging van de aangegeven capaciteit van de luchthaveninstallaties meebrengt. §
  50. De aanvraag en de behandeling van het avenant bedoeld in § 1 gebeuren volgens de procedure bedoeld in artikel
  51. Onderafdeling II. - Herziening van een exploitatielicentie Art. 39.§
  52. Bij een in Ministerraad overlegd besluit kan de Koning, na advies van de economisch regulerende overheid of het Directoraat-generaal Luchtvaart, binnen hun respectievelijke bevoegdheden, en na overleg met de houder van een exploitatielicentie, een of meer voorwaarden van de exploitatielicentie aanpassen en bijkomende voorwaarden opleggen wanneer Hij vaststelt dat de bestaande voorwaarden ondoeltreffend zijn wegens : 1° technische evoluties op internationaal vlak in de luchtvaart- en luchthavensector;2° evoluties van de dwingende bepalingen die voortvloeien uit internationale verdragen of uit internationale akten genomen krachtens dergelijke verdragen en die verband houden met de exploitatie van luchthaveninstallaties;3° de evolutie van het luchtverkeer in België;4° uitzonderlijke economische omstandigheden die zich voordoen na de toekenning van de exploitatielicentie;5° de niet-naleving van de bepalingen van dit besluit, de exploitatielicentie of het charter bedoeld in artikel 30, 5°, die niet is verholpen door de houder van de exploitatielicentie overeenkomstig artikel
  53. §
  54. De houder van een exploitatielicentie kan de herziening vragen van een of meer voorwaarden van een exploitatielicentie volgens de procedure bepaald in artikel
  55. Onderafdeling III. - Intrekking van een exploitatielicentie Art. 40.De Koning kan de exploitatielicentie intrekken : 1° op advies van de economisch regulerende overheid, indien de houder niet begonnen is met de uitoefening van zijn activiteiten binnen twaalf maanden vanaf de toekenning van de exploitatielicentie of de uitoefening van zijn activiteiten heeft stopgezet;2° op advies van de economisch regulerende overheid, in geval van gerechtelijk akkoord, behalve in geval de minister voorafgaandelijk specifiek van het intrekkingrecht afziet;3° in geval van faillissement of ontbinding met vereffening;4° in de gevallen bepaald in de artikelen 43 en
  56. Het koninklijk besluit genomen in uitvoering van het eerste lid, 2° en 3° bepaalt : 1° de overgangsmaatregelen die van toepassing zijn in afwachting van de uitreiking van een nieuwe exploitatielicentie die betrekking heeft op alle of een deel van de luchthaveninstallaties;2° de regels van toepassing op de overdracht van goederen, rechten en verplichtingen die betrekking hebben op de exploitatie van luchthaveninstallaties. Art. 41.Wanneer de economisch regulerende overheid vaststelt dat de houder van een exploitatielicentie niet handelt in overeenstemming met de bepalingen van dit besluit of van de exploitatielicentie, of met dwingende bepalingen die voortvloeien uit internationale verdragen of uit internationale akten genomen krachtens dergelijke verdragen die betrekking hebben op de exploitatie van luchthaveninstallaties, of vaststelt dat zijn beheerstructuur of administratieve of boekhoudkundige organisatie ernstige leemten vertoont, stelt zij de houder in gebreke om de vastgestelde toestand te verhelpen binnen de door haar opgelegde termijn. Deze termijn bedraagt minstens drie maanden. De ingebrekestelling om een einde te stellen aan overtredingen van dwingende bepalingen die voortvloeien uit internationale verdragen of uit internationale akten genomen krachtens dergelijke verdragen die betrekking hebben op de exploitatie van luchthaveninstallaties, geschiedt enkel na voorafgaande vaststelling van zulke overtreding door het Directoraat-generaal Luchtvaart. Art. 42.§
  57. Wanneer de toestand na afloop van de termijn bedoeld in artikel 41 niet is verholpen, kan de Koning, op voorstel van de economisch regulerende overheid, een bijzondere commissaris aanstellen wiens schriftelijke algemene of bijzondere toestemming is vereist voor de handelingen en beslissingen van alle organen van de houder van een exploitatielicentie, inclusief de algemene vergadering, die de Koning nader bepaalt. De bijzondere commissaris mag elk voorstel dat hij nuttig acht aan alle organen van de houder van een exploitatielicentie, inclusief de algemene vergadering, ter beraadslaging voorleggen. De bezoldiging van de bijzondere commissaris wordt vastgesteld door de Koning en gedragen door de houder van een exploitatielicentie. §
  58. De leden van de bestuurs- of beleidsorganen en de personen die instaan voor het beleid, die handelingen stellen of beslissingen nemen zonder de vereiste toestemming van de bijzondere commissaris, zijn hoofdelijk aansprakelijk voor het nadeel dat hieruit voor de houder van een exploitatielicentie of voor derden voortvloeit. De handelingen en beslissingen genomen zonder de vereiste toestemming zijn nietig, tenzij de bijzondere commissaris ze bekrachtigt. Onder dezelfde voorwaarden zijn alle beslissingen van de algemene vergadering genomen zonder de vereiste toestemming van de bijzondere commissaris nietig, tenzij de bijzondere commissaris ze bekrachtigt. De Koning kan een plaatsvervangend commissaris aanstellen. Art. 43.§
  59. Indien de economisch regulerende overheid een ernstige tekortkoming aan de bepalingen van dit besluit of de exploitatielicentie vaststelt, of, zoals voorzien in artikel 41, tweede lid, aan de dwingende bepalingen die voortvloeien uit internationale verdragen of uit internationale akten genomen krachtens dergelijke verdragen en die betrekking hebben op de exploitatie van luchthaveninstallaties, die door de houder van een exploitatielicentie niet zijn verholpen binnen de termijn die hem werd toegekend krachtens artikel 41, bepaalt de Koning, bij een in Ministerraad overlegd besluit, een tweede termijn waarbinnen het vastgestelde gebrek moet zijn verholpen. Deze tweede termijn mag niet korter zijn dan drie maanden. §
  60. Indien het vastgestelde gebrek na afloop van deze termijn niet is verholpen, kan de Koning, bij een in Ministerraad overlegd besluit en op advies van de economisch regulerende overheid, de exploitatielicentie intrekken, zonder schadevergoeding, mits een opzeggingstermijn die niet korter mag zijn dan negen maanden. Het koninklijk besluit genomen in uitvoering van het eerste lid bepaalt : 1° de overgangsmaatregelen die van toepassing zijn tijdens de duur van de opzeggingsperiode en, in voorkomend geval, in afwachting van de uitreiking van een nieuwe exploitatielicentie die betrekking heeft op alle of een deel van de luchthaveninstallaties;2° de regels van toepassing op de overdracht van goederen, rechten en verplichtingen die betrekking hebben op de exploitatie van luchthaveninstallaties. Art. 44.§
  61. Bij een in Ministerraad overlegd besluit kan de Koning, op advies van de economisch regulerende overheid, mits schadevergoeding, een exploitatielicentie intrekken in geval van weigering om over te gaan tot een uitbreiding of herlokalisatie van luchthaveninstallaties krachtens artikel
  62. §
  63. De schadevergoeding bedoeld in § 1 komt overeen met een redelijke schatting van het verlies van toekomstige nettowinsten die hadden kunnen worden gerealiseerd gedurende een periode van tien jaar normale exploitatie van de luchthaveninstallaties en activiteiten die met deze exploitatie verband houden volgens de voorwaarden die gelden op het ogenblik van de intrekking van de exploitatielicentie. Deze schadevergoeding wordt berekend op basis van algemeen aanvaarde waarderingsmethodes voor een "going concern". Het bedrag van deze schadevergoeding wordt vastgesteld door een college van deskundigen dat samengesteld is uit drie leden gekozen onder de leden, die natuurlijke of rechtspersonen zijn, van het Instituut der Bedrijfsrevisoren of onder kredietinstellingen of beleggingsondernemingen met internationale bekendheid. De Staat en de houder van een exploitatielicentie stellen elk een deskundige aan binnen dertig dagen na de intrekking van de exploitatielicentie. Beide aldus aangestelde deskundigen benoemen binnen dertig dagen na hun aanstelling een derde deskundige die voornoemd college voorzit. Onderafdeling IV. - Schorsing Art. 45.Bij een in Ministerraad overlegd besluit kan de Koning een exploitatielicentie schorsen in geval van oorlog. Afdeling V. - Overdracht, controlewijziging, fusie of splitsing Art. 46.Onverminderd artikel 47 kan de exploitatielicentie slechts volledig of gedeeltelijk door de houder ervan worden overgedragen mits het voorafgaandelijk akkoord van de Koning, bij een in Ministerraad overlegd besluit. De aanvraag tot overdracht van de exploitatielicentie door de houder van een exploitatielicentie en de behandeling van de aanvraag gebeuren volgens de procedure bepaald in artikel
  64. Art. 47.§
  65. Vóór elke operatie die een wijziging met zich meebrengt van de controle, rechtstreeks of onrechtstreeks uitgeoefend op de houder van een exploitatielicentie, vóór elke fusie of splitsing van de houder van een exploitatielicentie (met inbegrip van met een fusie of splitsing geassimileerde operaties) of vóór elke overdracht van een exploitatielicentie bij wijze van inbreng of overdracht om niet of onder bezwarende titel van een algemeenheid of van een bedrijfstak door de houder van de exploitatielicentie, dient de houder van een exploitatielicentie bij de economisch regulerende overheid een verzoek in tot vernieuwing van de exploitatielicentie. De aanvraag wordt ingediend door middel van een verzoekschrift in drie exemplaren, per aangetekend schrijven. §
  66. Zodra de economisch regulerende overheid de aanvraag bedoeld in § 1 ontvangt, stuurt zij een ontvangstbewijs naar de aanvrager en brengt, in voorkomend geval, de minister hiervan op de hoogte. In voorkomend geval nodigt de economisch regulerende overheid de aanvrager uit haar de ontbrekende stukken of de informatie die zij nuttig acht over te maken binnen een termijn van dertig werkdagen vanaf de aanvraag. De aanvrager beschikt over een termijn van tien werkdagen vanaf de datum van ontvangst van de brief van de economisch regulerende overheid die hem inlicht over de onvolledigheid van zijn aanvraag, om de gevraagde inlichtingen, documenten of uitleg te verschaffen. Deze bijkomende gegevens worden de economisch regulerende overheid per aangetekend schrijven toegestuurd. Indien de aanvrager na het verstrijken van de termijn voorgeschreven in het vorige lid in gebreke blijft de gevraagde inlichtingen, documenten of uitleg te verschaffen, moet een nieuwe aanvraag worden ingediend. §
  67. De economisch regulerende overheid maakt, in voorkomend geval, de minister of zijn afgevaardigde per aangetekend schrijven een voorstel over om al dan niet over te gaan tot vernieuwing van de exploitatielicentie, alsook het volledige dossier dat daarop betrekking heeft. Bij een in Ministerraad overlegd besluit beslist de Koning om de exploitatielicentie al dan niet te vernieuwen. De houder van een exploitatielicentie wordt van dit besluit in kennis gesteld binnen een termijn van zestig werkdagen na de datum van het voorstel van de economisch regulerende overheid. Hij kan de vernieuwing aan bijzondere voorwaarden onderwerpen. Indien de Koning besluit om de exploitatielicentie te vernieuwen, wordt zij van rechtswege overgedragen tegen de bestaande voorwaarden ervan, onverminderd de bijzondere voorwaarden opgelegd door de Koning. Bij gebrek aan voorafgaande vernieuwing door de Koning, vervalt de exploitatielicentie van rechtswege in geval van de realisatie van een controlewijziging of van een fusie, splitsing of operatie die wordt geassimileerd met een fusie of splitsing bedoeld in §
  68. §
  69. De Koning kan de vernieuwing van de exploitatielicentie enkel weigeren indien de houder van de exploitatielicentie na een in § 1 bedoelde controlewijziging, niet langer beantwoordt aan de toekenningcriteria bedoeld in artikel 27, 1°, 2°, 3° en 8°, of indien de exploitant van de luchthaveninstallaties die het voorwerp uitmaken van de exploitatielicentie na een fusie, splitsing of operatie die wordt geassimileerd met een fusie of splitsing of een in § 1 bedoelde inbreng of overdracht van een algemeenheid of bedrijfstak, niet beantwoordt aan de toekenningcriteria bedoeld in artikel
  70. Afdeling VI. - Sancties Art. 48.§
  71. Worden gestraft met een gevangenisstraf van een maand tot een jaar en een geldboete van een tot vijfhonderd euro of met één van deze straffen alleen zij die inbreuk plegen op de bepalingen van artikel
  72. §
  73. De bepalingen van boek I van het Strafwetboek zijn van toepassing op de inbreuken bedoeld in §
  74. Art. 49.Onverminderd de overige in dit besluit bepaalde maatregelen en de bevoegdheden van het Directoraat-generaal Luchtvaart, kan de economisch regulerende overheid de houder van een exploitatielicentie bevelen om zich te schikken naar bepalingen vastgesteld in dit besluit, in een exploitatielicentie of in de in artikel 30, 4° en 5° bedoelde charters, binnen de termijn bepaald door de economisch regulerende overheid en die niet korter mag zijn dan drie maanden. In geval van absolute noodzakelijkheid, kan deze termijn van drie maanden door de economisch regulerende overheid worden verkort. Indien deze persoon bij het verstrijken van de termijn in gebreke blijft, kan de economisch regulerende overheid, mits de persoon werd gehoord of behoorlijk werd opgeroepen, een administratieve geldboete opleggen. De geldboete mag per kalenderdag niet lager zijn dan duizend euro noch hoger dan honderdduizend euro, noch, in totaal, twee miljoen euro of drie procent van het omzetcijfer dat de betrokken persoon heeft gerealiseerd in het kader van de exploitatie van luchthaveninstallaties tijdens het laatste afgesloten boekjaar, indien dit laatste bedrag hoger is, overschrijden. De geldboete wordt ten voordele van de Schatkist geïnd door de Administratie van de belasting over de toegevoegde waarde, der registratie en domeinen. Art. 50.Elke administratieve geldboete die aan een persoon wordt opgelegd en die definitief is geworden vooraleer de strafrechter zich definitief over dezelfde feiten of samenhangende feiten heeft uitgesproken, wordt aangerekend op het bedrag van elke strafboete die voor deze feiten ten aanzien van dezelfde persoon wordt uitgesproken. Afdeling VII. - Diverse bepalingen Art. 51.In geval van een plotselinge crisis op de markt van het luchtverkeer, kan de Koning, bij een in Ministerraad overlegd besluit, na advies van de economisch regulerende overheid, de nodige vrijwaringmaatregelen treffen, met inbegrip van tijdelijke afwijkingen van de bepalingen van dit hoofdstuk. HOOFDSTUK V. - Wijzigingsbepalingen Art. 52.In artikel 191, § 1, van de wet van21 maart 1991 betreffende de hervorming van sommige economische overheidsbedrijven worden de woorden ", met de rechtsvorm van vereniging zonder winstoogmerk," geschrapt. Art. 53.In artikel 38, § 1, van de wet van 27 juni 1937Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/1998 pub. 31/07/1998 numac 1998014181 bron ministerie van verkeer en infrastructuur Wet tot bekrachtiging van het koninklijk besluit van 2 april 1998 tot hervorming van de beheersstructuren van de luchthaven Brussel-Nationaal, genomen met toepassing van de wet van 19 december 1997 tot rationalisering van het beheer van de luchthaven Brussel-Nationaal sluiten7 houdende herziening van de wet van 16 november 1919 betreffende de regeling van de luchtvaart, vervangen door de wet van 3 mei 1999, worden de woorden "en de reglementen bedoeld in de artikelen 176bis en 194 van de wet van 21 maart 1991Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/1998 pub. 31/07/1998 numac 1998014181 bron ministerie van verkeer en infrastructuur Wet tot bekrachtiging van het kon

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.