📄 Wettekst
10 JULI 2012. - Wet houdende diverse bepalingen inzake elektronische communicatie (1)
ALBERT II, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
De Kamers hebben aangenomen en Wij bekrachtigen hetgeen volgt : HOOFDSTUK 1. - Voorwerp Artikel 1.Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 78 van de Grondwet.
Deze wet vormt de omzetting in Belgisch recht van : 1° Richtlijn 2009/136/EG van het Europees Parlement en de Raad van 25 november 2009 tot wijziging van Richtlijn 2002/22/EG inzake de universele dienst en gebruikersrechten met betrekking tot elektronische- communicatienetwerken en -diensten, Richtlijn 2002/58/EG betreffende de verwerking van persoonsgegevens en de bescherming van de persoonlijke levenssfeer in de sector elektronische communicatie en Verordening (EG) nr.2006/2004 betreffende samenwerking tussen de nationale instanties die verantwoordelijk zijn voor handhaving van de wetgeving inzake consumentenbescherming (Publicatieblad 18 december 2009, L 337/11); 2° Richtlijn 2009/140/EG van het Europees Parlement en de Raad van 25 november 2009 tot wijziging van Richtlijn 2002/21/EG inzake een gemeenschappelijk regelgevingskader voor elektronische-communicatienetwerken en -diensten, Richtlijn 2002/19/EG inzake de toegang tot en interconnectie van elektronische-communicatienetwerken en bijbehorende faciliteiten, en Richtlijn 2002/20/EG betreffende de machtiging voor elektronische-communicatienetwerken en -diensten (Publicatieblad 18 december 2009, L 337/37). HOOFDSTUK 2. - Wijzigingen van de
wet van 17 januari 2003Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
17/01/2003
pub.
24/01/2003
numac
2003014010
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet betreffende de rechtsmiddelen en de geschillenbehandeling naar aanleiding van de wet van 17 januari 2003 met betrekking tot het statuut van de regulator van de Belgische post- en telecommunicatiesector
type
wet
prom.
17/01/2003
pub.
24/01/2003
numac
2003014009
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet met betrekking tot het statuut van de regulator van de Belgische post- en telecommunicatiesector
sluiten met betrekking tot het statuut van de regulator van de Belgische post- en telecommunicatiesector Art. 2.In de
wet van 17 januari 2003Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
17/01/2003
pub.
24/01/2003
numac
2003014010
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet betreffende de rechtsmiddelen en de geschillenbehandeling naar aanleiding van de wet van 17 januari 2003 met betrekking tot het statuut van de regulator van de Belgische post- en telecommunicatiesector
type
wet
prom.
17/01/2003
pub.
24/01/2003
numac
2003014009
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet met betrekking tot het statuut van de regulator van de Belgische post- en telecommunicatiesector
sluiten met betrekking tot het statuut van de regulator van de Belgische post- en telecommunicatiesector wordt een artikel 1/1 ingevoegd, luidende : « Art. 1/1.Hoofdstukken III en V voorzien in een gedeeltelijke omzetting van Richtlijn 2009/136/EG van het Europees Parlement en de Raad van 25 november 2009 tot wijziging van Richtlijn 2002/22/EG inzake de universele dienst en gebruikersrechten met betrekking tot elektronische-communicatienetwerken en -diensten, Richtlijn 2002/58/EG betreffende de verwerking van persoonsgegevens en de bescherming van de persoonlijke levenssfeer in de sector elektronische communicatie en Verordening (EG) nr. 2006/2004 betreffende samenwerking tussen de nationale instanties die verantwoordelijk zijn voor handhaving van de wetgeving inzake consumentenbescherming en van Richtlijn 2009/140/EG van het Europees Parlement en de Raad van 25 november 2009 tot wijziging van Richtlijn 2002/21/EG inzake een gemeenschappelijk regelgevingskader voor elektronische-communicatienetwerken en -diensten, Richtlijn 2002/19/EG inzake de toegang tot en interconnectie van elektronische-communicatienetwerken en bijbehorende faciliteiten, en Richtlijn 2002/20/EG betreffende de machtiging voor elektronische-communicatienetwerken en -diensten. ». Art. 3.In artikel 14 van dezelfde wet, vervangen bij de
wet van 20 juli 2005Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
20/07/2005
pub.
29/07/2005
numac
2005021101
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet houdende diverse bepalingen
sluiten en gewijzigd bij de wetten van 16 maart 2007, 18 mei 2009, 13 december 2010 en 31 mei 2011, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in paragraaf 1 wordt de bepaling onder 1° aangevuld met de woorden « of van de Kamer van volksvertegenwoordigers »;2° in paragraaf 2 worden de volgende wijzigingen aangebracht : a) de bepaling onder 1° wordt aangevuld met de woorden « ;het moet dergelijke openbare raadplegingen organiseren zodat het rekening houdt met de standpunten van de eindgebruikers, consumenten (met inbegrip van met name consumenten met een handicap), fabrikanten en ondernemingen die elektronische-communicatienetwerken en/of -diensten aanbieden over aangelegenheden die verband houden met alle eindgebruikers- en consumentenrechten met betrekking tot openbare elektronische-communicatiediensten, met name wanneer zij een belangrijke invloed hebben op de markt; deze raadplegingen waarborgen dat bij de besluitvorming van het Instituut inzake vraagstukken die verband houden met de rechten van eindgebruikers en consumenten wat openbare elektronische-communicatiediensten betreft het op passende wijze rekening houdt met de belangen van de consumenten op het gebied van elektronische communicatie »; b) de bepaling onder 3°, a) wordt aangevuld met de woorden « , ENISA, het Bureau en aan BEREC »;c) in de bepaling onder 3° wordt een bepaling onder g) ingevoegd, luidende : « g) de openbare diensten die bevoegd zijn op het stuk van openbare veiligheid, of civiele veiligheid en bescherming, of civiele verdediging, of crisisplanning, of veiligheid of bescherming van het economische en wetenschappelijke potentieel van het land;»; 3° paragraaf 3 wordt aangevuld met de woorden « , voor zover deze mededeling noodzakelijk is voor de uitvoering van de opdrachten van deze autoriteiten ». Art. 4.In artikel 15 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in paragraaf 1 worden de woorden « waarvan de Koning bij een in de Ministerraad overlegd besluit de lijst bepaalt en » vervangen door de woorden « uitgezonderd de besluiten betreffende marktregulering ex ante en geschillen tussen operatoren »;2° in paragraaf 2 worden de woorden « stelt de Koning de nadere regels vast voor de in dit artikel beschreven procedures » vervangen door de woorden « kan de Koning in andere uitzonderingen voorzien »;3° paragraaf 3 wordt opgeheven. Art. 5.In artikel 16, eerste lid, van dezelfde wet, wordt een zin ingevoegd tussen de eerste zin die eindigt met de woorden « bevoegdheden van het Instituut » en de tweede zin die aanvangt met de woorden « Hij vertegenwoordigt », luidende : « Hij oefent zijn bevoegdheden uit op een onpartijdige en transparante manier en op het gepaste moment. ». Art. 6.In artikel 17 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wetten van 18 mei 2009 30, december 2009 en 31 mei 2011, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in paragraaf 2 wordt het derde lid vervangen als volgt : « De leden van de Raad worden benoemd in de hoedanigheid van lid of van voorzitter voor een termijn van zes jaar.Deze termijn kan hernieuwd worden met zes jaar zolang er geen drie opeenvolgende mandaten worden uitgeoefend, ongeacht hun aard »; 2° paragraaf 5 wordt aangevuld met een lid, luidende : « Het afzettingsbesluit wordt bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad.». Art. 7.In artikel 20 van dezelfde wet, gewijzigd bij de
wet van 18 mei 2009Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
18/05/2009
pub.
04/06/2009
numac
2009011237
bron
federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie
Wet houdende diverse bepalingen inzake elektronische communicatie
sluiten, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in paragraaf 1 worden de volgende wijzigingen aangebracht : a) aan het begin van de eerste zin worden de woorden « In geval van hoogdringendheid, wanneer het risico op een moeilijk te herstellen, ernstig nadeel bestaat, neemt de Raad onmiddellijk » vervangen door de woorden « Bij schending van de artikelen 9, 11, 18, 51, 55, 56 of 64 van de
wet van 13 juni 2005Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
13/06/2005
pub.
20/07/2016
numac
2016000435
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet betreffende de elektronische communicatie
type
wet
prom.
13/06/2005
pub.
20/06/2005
numac
2005011238
bron
federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie
Wet betreffende de elektronische communicatie
sluiten betreffende de elektronische communicatie of de bijbehorende uitvoeringsmaatregelen, die een onmiddellijke en ernstige dreiging inhoudt voor de openbare orde, de openbare veiligheid of de volksgezondheid of die ernstige economische of operationele problemen met zich kan brengen voor andere aanbieders of gebruikers van elektronische-communicatienetwerken of -diensten, of andere gebruikers van het radiospectrum, kan de Raad »;b) op het einde van de eerste zin, wordt het woord « aannemen » ingevoegd tussen de woorden « voorlopige maatregelen » en de woorden « en bepaalt »;c) op het einde van de eerste zin, worden de woorden « twee maanden » vervangen door de woorden « drie maanden, verlengbaar met een nieuwe termijn van maximaal drie maanden indien de uitvoeringsprocedures nog niet voltooid zijn »;d) een zin wordt ingevoegd tussen de eerste zin die eindigt met de woorden « drie maanden mag overschrijden.» en de tweede zin die aanvangt met de woorden « De totale termijn », luidende : « Hij mag deze maatregelen nemen zelfs indien zij een impact hebben op de contractuele relaties van betrokken partijen. »; e) de voormalige tweede zin die de derde zin wordt, wordt opgeheven;f) de paragraaf wordt aangevuld met twee leden die als volgt luiden : « De betrokkene kan binnen drie werkdagen vragen om gehoord te worden om zijn standpunt uiteen te zetten en oplossingen voor te stellen. De Raad kan vervolgens, indien nodig, de voorlopige maatregelen opheffen, aanpassen of bekrachtigen. »; 2° in paragraaf 2, op het einde van de eerste zin, wordt het woord « Voorzitter » vervangen door het woord « voorzitter ». Art. 8.In artikel 21 van dezelfde wet, vervangen bij de
wet van 18 mei 2009Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
18/05/2009
pub.
04/06/2009
numac
2009011237
bron
federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie
Wet houdende diverse bepalingen inzake elektronische communicatie
sluiten en gewijzigd bij de wet van 13 december 2010, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° paragraaf 1 wordt vervangen als volgt : « § 1.Indien de Raad over een reeks aanwijzingen beschikt die zouden kunnen wijzen op een overtreding van de wetgeving of reglementering waarvan de naleving door het Instituut wordt gecontroleerd of van de besluiten van het Instituut genomen ter uitvoering van die wetgeving of reglementering, deelt hij zijn grieven mee aan de betrokkene, alsook de beoogde maatregelen bedoeld in paragraaf 5 die toegepast zullen worden, indien de overtreding bevestigd wordt. »; 2° in paragraaf 2 worden de woorden « de overtreder » vervangen door de woorden « de betrokkene »;3° in paragraaf 3 worden de woorden « De overtreder » vervangen door de woorden « De betrokkene »;4° in paragraaf 4 worden de woorden « de overtreder » vervangen door de woorden « de betrokkene »;5° de paragrafen 5 en 6 worden vervangen als volgt en aangevuld met een paragraaf 7 : « § 5.Indien de Raad een overtreding constateert, beveelt hij de stopzetting ervan, hetzij onmiddellijk, hetzij binnen de redelijke termijn die hij bepaalt.
Het bevel tot stopzetting kan gepaard gaan met één of meerdere van de volgende maatregelen : 1° voorschriften in verband met de manier waarop de overtreding ongedaan moet worden gemaakt; 2° de betaling binnen de termijn bepaald door de Raad van een administratieve boete die aan de Schatkist toekomt ten bedrage van maximaal 5 % van de omzet van de overtreder gedurende het jongste volledige boekjaar in de sector voor elektronische communicatie of voor postdiensten in België of, indien de overtreder geen activiteiten ontwikkelt waarmee een omzet wordt behaald, ten bedrage van maximaal 5.000 euro; 3° het bevel om de levering van een dienst of dienstenpakket die bij voortzetting zou leiden tot een aanzienlijke verstoring van de mededinging, te staken of op te schorten zolang de toegangsverplichtingen die na een marktanalyse uitgevoerd overeenkomstig de
wet van 13 juni 2005Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
13/06/2005
pub.
20/07/2016
numac
2016000435
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet betreffende de elektronische communicatie
type
wet
prom.
13/06/2005
pub.
20/06/2005
numac
2005011238
bron
federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie
Wet betreffende de elektronische communicatie
sluiten betreffende de elektronische communicatie zijn opgelegd, niet worden nageleefd op de wijze bepaald door de Raad. Bij gebrek aan gegevens over de in het tweede lid, 2°, bedoelde omzet, kan het Instituut een omzet bepalen op basis van gegevens verkregen van derden of op basis van de omzet van een vergelijkbare persoon. § 6. Indien de overeenkomstig paragraaf 5 genomen maatregelen niet hebben geleid tot de stopzetting van de overtreding, kan de Raad, na het volgen van de procedure bepaald in de paragrafen 1 tot 5, een administratieve boete opleggen waarvan het bedrag of het percentage maximaal het dubbele is van het bedrag of het percentage vermeld in paragraaf 5, tweede lid, 2°. § 7. Indien de maatregelen die overeenkomstig paragraaf 5 worden genomen, de overtreding niet hebben kunnen verhelpen en als het gaat om een ernstige of herhaalde overtreding kan de Raad bovendien : 1° de toegekende gebruiksrechten, waarvan de voorwaarden niet nageleefd werden, opschorten of intrekken of 2° de volledige of gedeeltelijke opschorting bevelen van de exploitatie van het netwerk of van de levering van de betrokken dienst, alsook van het te koop aanbieden of het gebruik van alle betreffende diensten of producten.»; 6° het artikel wordt aangevuld met een paragraaf 8, luidende : « § 8.Ieder besluit dat overeenkomstig dit artikel wordt genomen wordt onverwijld per aangetekende brief aan de betrokkene en aan de minister meegedeeld en bekendgemaakt op de website van het Instituut.
Het besluit vermeldt de redelijke termijn waarbinnen de betrokkene aan de opgelegde maatregel of maatregelen dient te voldoen. ». Art. 9.Artikel 21/1 van dezelfde wet, ingevoegd bij de
wet van 18 mei 2009Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
18/05/2009
pub.
04/06/2009
numac
2009011237
bron
federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie
Wet houdende diverse bepalingen inzake elektronische communicatie
sluiten, wordt opgeheven. Art. 10.In artikel 23, § 3, van dezelfde wet, aangevuld door de
wet van 18 mei 2009Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
18/05/2009
pub.
04/06/2009
numac
2009011237
bron
federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie
Wet houdende diverse bepalingen inzake elektronische communicatie
sluiten, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in de Franse tekst wordt het eerste lid aangevuld met de woorden « relative à la publicité de l'administration »;2° een lid wordt ingevoegd tussen het eerste en het tweede lid, luidende : « Wanneer een onderneming een document overhandigt dat door haar als vertrouwelijk beschouwde gegevens bevat, overhandigt zij tegelijkertijd een niet-vertrouwelijke versie van dit document aan het Instituut.». Art. 11.In artikel 34 van dezelfde wet, vervangen bij de
wet van 31 mei 2011Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
31/05/2011
pub.
21/06/2011
numac
2011011220
bron
federale overheidsdienst justitie en federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie
Wet houdende diverse bepalingen inzake telecommunicatie
sluiten, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° het eerste lid wordt vervangen als volgt : « De minister bevoegd voor reglementering van elektronische communicatie en de minister bevoegd voor reglementering van postdiensten kunnen, elk voor wat hun domein betreft, aan de Raad hun prioritaire beleids- doelstellingen meedelen voor die sectoren.»; 2° een lid wordt ingevoegd tussen het eerste en het tweede lid, luidende : « De Raad stelt binnen twaalf weken na de indiensttreding van zijn leden, en om de drie jaar, een strategisch driejarenplan op.De Raad legt het ontwerp van strategisch plan ter goedkeuring voor aan de Ministerraad met uitzondering van de aspecten betreffende marktregulering ex ante en geschillen tussen operatoren waarvan de Ministerraad enkel akte neemt. Alle leden die de Raad uitmaken, stellen het aldus goedgekeurde strategisch plan voor aan de Kamer van volksvertegenwoordigers. »; Art. 12.In artikel 35 van dezelfde wet, wordt paragraaf 1 aangevuld met de woorden « en openbaar gemaakt door het Instituut ». HOOFDSTUK 3. - Wijzigingen van de
wet van 13 juni 2005Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
13/06/2005
pub.
20/07/2016
numac
2016000435
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet betreffende de elektronische communicatie
type
wet
prom.
13/06/2005
pub.
20/06/2005
numac
2005011238
bron
federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie
Wet betreffende de elektronische communicatie
sluiten betreffende de elektronische communicatie Art. 13.Artikel 1 van de
wet van 13 juni 2005Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
13/06/2005
pub.
20/07/2016
numac
2016000435
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet betreffende de elektronische communicatie
type
wet
prom.
13/06/2005
pub.
20/06/2005
numac
2005011238
bron
federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie
Wet betreffende de elektronische communicatie
sluiten betreffende de elektronische communicatie wordt aangevuld met een lid, luidende : « Deze wet voorziet in een gedeeltelijke omzetting van Richtlijn 2009/136/EG van het Europees Parlement en de Raad van 25 november 2009 tot wijziging van Richtlijn 2002/22/EG inzake de universele dienst en gebruikersrechten met betrekking tot elektronische-communicatienetwerken en -diensten, Richtlijn 2002/58/EG betreffende de verwerking van persoonsgegevens en de bescherming van de persoonlijke levenssfeer in de sector elektronische communicatie en Verordening (EG) nr. 2006/2004 betreffende samenwerking tussen de nationale instanties die verantwoordelijk zijn voor handhaving van de wetgeving inzake consumentenbescherming en van Richtlijn 2009/140/EG van het Europees Parlement en de Raad van 25 november 2009 tot wijziging van Richtlijn 2002/21/EG inzake een gemeenschappelijk regelgevingskader voor elektronische-communicatienetwerken en -diensten, Richtlijn 2002/19/EG inzake de toegang tot en interconnectie van elektronische-communicatienetwerken en bijbehorende faciliteiten, en Richtlijn 2002/20/EG betreffende de machtiging voor elektronische-communicatienetwerken en -diensten. ». Art. 14.In artikel 2 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wetten van 20 juli 2006, 25 april 2007 en 18 mei 2009, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in de bepaling onder 3° worden de volgende wijzigingen aangebracht : a) de woorden « actieve of passieve » worden opgeheven;b) de woorden « , waaronder netwerkelementen die niet actief zijn, » worden ingevoegd tussen de woorden « andere middelen » en de woorden « die het mogelijk »;c) de woorden « waaronder satellietnetwerken, vaste (circuit- en pakketgeschakelde, met inbegrip van internet) en mobiele terrestrische netwerken, elektriciteitsnetten » worden ingevoegd tussen de woorden « elektromagnetische middelen » en de woorden « , voorzover zij »;2° in de bepaling onder 7° worden de woorden « of door een elektronische-communicatiedienst » ingevoegd tussen de woorden « een elektronische-communicatienetwerk » en de woorden « waarmee de geografische positie »;3° in de bepaling onder 10° worden de volgende wijzigingen aangebracht : a) de woorden « toegankelijk te maken voor het publiek » worden opgeheven;b) de woorden « voor het publiek beschikbare » worden ingevoegd tussen de woorden « hoofdzakelijk wordt gebruikt om » en de woorden « elektronische-communicatiediensten »;c) de zin wordt aangevuld met de woorden « aan te bieden ter ondersteuning van de overdracht van informatie tussen netwerkaansluitpunten »;4° in de bepaling onder 15° worden de woorden « die houder is van een nummer dat toegekend is door een operator voor de levering van elektronische-communicatiediensten en » opgeheven;5° in de bepaling onder 16° worden de volgende wijzigingen aangebracht : a) in de Franse tekst worden de woorden « réseaux de communications électroniques public » vervangen door de woorden « réseau public de communications électroniques »;b) de zin wordt aangevuld met de woorden « dat met een abonneenummer of -naam kan zijn verbonden »;6° in de bepaling onder 17° worden de volgende wijzigingen aangebracht : a) de woorden « behorende faciliteiten » worden vervangen door de woorden « bijbehorende, fysieke infrastructuren en andere faciliteiten of elementen »;b) de zin wordt aangevuld met de woorden « of het potentieel hiertoe bezitten en onder meer gebouwen of toegangen tot gebouwen, bekabeling van gebouwen, antennes, torens en andere onder-steunende constructies, kabelgoten, kabelbuizen, masten, mangaten en straatkasten omvatten »;7° een bepaling onder 17/1° wordt ingevoegd, luidende : « 17/1° « bijbehorende diensten » : de bij een elektronische-communicatienetwerk en/of een elektronische-communicatiedienst behorende diensten die het aanbieden van diensten via dat netwerk en/of die dienst mogelijk maken en/of ondersteunen of het potentieel hiertoe bezitten en onder meer nummervertaalsystemen of systemen met soortgelijke functies en voorwaardelijke-toegangssystemen alsmede andere diensten zoals identiteit-, locatie- en presentie-informatiediensten omvatten (met uitzondering van de diensten en systemen die uitsluitend voor radio-omroep en televisie worden gebruikt);»; 8° de bepaling onder 18° wordt vervangen als volgt : « 18° « toegang » : het beschikbaar stellen aan een operator van faciliteiten en/of diensten onder uitdrukkelijke voorwaarden, hetzij op exclusieve hetzij op niet-exclusieve basis, met het oog op het aanbieden van elektronische-communicatiediensten ook als ze gebruikt worden voor het aanbieden van diensten voor de informatiemaatschappij. Deze term bestrijkt onder meer toegang tot netwerkelementen en verwante faciliteiten waarbij eventueel apparatuur kan worden verbonden met vaste of niet-vaste middelen (dit houdt met name toegang in tot het aansluitnet en tot faciliteiten en diensten die noodzakelijk zijn om diensten te kunnen aanbieden via het aansluitnet); toegang tot materiële infrastructuur waaronder gebouwen, kabelgoten en masten; toegang tot relevante programmatuursystemen waaronder operationele ondersteuningssystemen; toegang tot informatiesystemen of databases voor reservering, levering, bestelling, onderhouds- en herstelverzoeken en facturering; toegang tot nummervertaling of systemen met vergelijkbare functionaliteit; toegang tot vaste en mobiele netwerken, met name voor roaming; toegang tot virtuele netwerkdiensten; »; 9° de bepaling onder 21° wordt opgeheven;10° in de bepaling onder 22° worden de volgende wijzigingen aangebracht : a) de woorden « rechtstreeks of onrechtstreeks » worden ingevoegd tussen de woorden « beschikbaar is voor » en de woorden « uitgaande en »;b) het woord « nummerplan » wordt vervangen door het woord « telefoonnummerplan »;c) de woorden « en die eventueel een of meer van de volgende diensten kan omvatten : bijstand door een telefonist, telefooninlichtingendiensten of telefoongidsen, verstrekking van openbare telefoons, verlening van diensten tegen bijzondere voorwaarden, beschikbaarstelling van speciale faciliteiten voor klanten met een handicap of bijzondere sociale behoeften, en/of verlening van niet-geografische diensten;» worden opgeheven; 11° een bepaling onder 22/1° wordt ingevoegd, luidende : « 22/1° « oproep » : door middel van een openbaar beschikbare elektronische-communicatiedienst tot stand gebrachte verbinding die tweewegspraak-communicatie mogelijk maakt;»; 12° in de bepaling onder 23° worden de volgende wijzigingen aangebracht : a) de woorden « met de hoofdverdeler » worden vervangen door de woorden « met een verdeler »;b) de woorden « openbare telefoonnetwerk op een vaste locatie » worden vervangen door de woorden « vaste openbare elektronische-communicatienetwerk »;13° de bepaling onder 24° wordt vervangen als volgt : « 24° « subnetwerk » : gedeelte van een aansluitnetwerk dat het netwerkaansluitpunt verbindt met een concentratiepunt of een ander bepaald tussenliggend aansluitpunt gelegen in het vaste openbare elektronische-communicatienetwerk;»; 14° in de bepaling onder 25° worden de volgende wijzigingen aangebracht : a) de woorden « partieel aansluitnetwerk van een operator » worden vervangen door de woorden « subnetwerk van een operator met een sterke machtspositie op een relevante markt »;b) de woorden « het volledige frequentiespectrum » worden vervangen door de woorden « de volledige capaciteit van netwerkinfrastructuur »;15° in de bepaling onder 26° worden de woorden « digitale transmissiecapaciteit (bitsnelheid) » vervangen door de woorden « transportcapaciteit met de bijbehorende schakeling »;16° in de bepaling onder 27° worden de volgende wijzigingen aangebracht : a) de woorden « partieel aansluitnetwerk van een operator » worden vervangen door de woorden « subnetwerk van een operator met een sterke machtspositie op een relevante markt »;b) de woorden « het buiten de spraakband liggende deel van het frequentiespectrum » worden vervangen door de woorden « een gespecificeerd deel van de capaciteit van de netwerkinfrastructuur, zoals een deel van de frequentie of iets gelijkwaardigs »;17° een bepaling onder 29/1° wordt ingevoegd, luidende : « 29/1° « kabelgoot » : omhulsel dat dient om glasvezel-, telefoon- en/of coaxkabels en/of netwerkfaciliteiten te laten passeren en te beschermen;»; 18° een bepaling onder 33/1° wordt ingevoegd, luidende : « 33/1° « spectrumtoewijzing » : de aanwijzing van een specifieke frequentieband voor gebruik door een of meer soorten radiocommunicatiediensten, waar passend onder duidelijk omschreven voorwaarden;»; 19° in de bepaling onder 39° worden de volgende wijzigingen aangebracht : a)de woorden « doet achteruitgaan » worden vervangen door het woord « verslechtert »;b) in de Franse tekst wordt het woord « utilisé » vervangen door het woord « opérant »;20° in de bepaling onder 46° wordt het woord « nummerplan » vervangen door het woord « telefoonnummerplan »;21° in de bepaling onder 47° wordt het woord « nummerplan » vervangen door het woord « telefoonnummerplan »;22° in de bepaling onder 48° worden de volgende wijzigingen aangebracht : a) de woorden « van een voor het publiek beschikbare dienst » worden opgeheven;b) het woord « nummer » wordt vervangen door de woorden « nationale telefoonnummer »;c) de woorden « die de dienst levert, » worden ingevoegd tussen de woorden « ongeacht de operator » en de woorden « binnen een welbepaald »;23° een bepaling onder 48/1° wordt ingevoegd, luidende : « 48/1° « Internetdomeinnaamregistreerbureau » : een entiteit die een register van domeinnamen bijhoudt en die een systeem uitbaat zodat deze domeinnamen kunnen worden gebruikt om toegang te krijgen tot Internet- protocol-adressen of andere informatie via het Internet;»; 24° een bepaling onder 48/2° wordt ingevoegd, luidende : « 48/2° « universele dienst » : het minimumpakket van diensten als gedefinieerd in artikel 68 van een bepaalde kwaliteit dat voor alle gebruikers, ongeacht hun geografische locatie, beschikbaar is voor een in het licht van specifieke nationale omstandigheden betaalbare prijs; »; 25° het artikel wordt aangevuld met de bepaling onder 68°, luidende : « 68° « inbreuk in verband met persoonsgegevens » : een inbreuk op de beveiliging die resulteert in een accidentele of onwettige vernietiging, verlies, wijziging, niet-geautoriseerde vrijgave van of toegang tot persoonsgegevens die zijn verstuurd, opgeslagen of anderszins verwerkt in verband met de levering van een openbare elektronische-communicatiedienst in de Gemeenschap;»; 26° het artikel wordt aangevuld met de bepaling onder 69°, luidende : « 69° « ENISA » : Europees Agentschap voor netwerk- en informatiebeveiliging opgericht door Verordening (EG) nr.460/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 10 maart 2004 tot oprichting van het Europees Agentschap voor netwerk- en informatiebeveiliging; »; 27° het artikel wordt aangevuld met de bepaling onder 70°, luidende : « 70° « BEREC » : Orgaan van Europese regelgevende instanties voor elektronische communicatie opgericht door Verordening (EG) nr. 1211/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 25 november 2009 tot oprichting van het Orgaan van Europese regelgevende instanties voor elektronische communicatie (BEREC) en het Bureau; »; 28° het artikel wordt aangevuld met de bepaling onder 71°, luidende : « 71° « Bureau » : Bureau van BEREC opgericht door artikel 6 van Verordening (EG) nr.1211/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 25 november 2009 tot oprichting van het Orgaan van Europese regelgevende instanties voor elektronische communicatie (BEREC) en het Bureau; »; 29° het artikel wordt aangevuld met de bepaling onder 72°, luidende : « 72° « Prioritair gebruiker » : gebruiker van elektronische-communicatiediensten of -netwerken die door de taken die hij uitoefent of zijn activiteiten een door de overheden erkende belangrijke maatschappelijke functie heeft en die door een gebrek aan toegang tot elektronische-communicatiediensten of -netwerken niet meer in staat is zijn taken of activiteiten adequaat uit te voeren wat tot een toestand kan leiden die de openbare veiligheid, of de civiele veiligheid en de civiele bescherming, of de civiele verdediging, of de crisisplanning, of de veiligheid of de bescherming van het economische en wetenschappelijke potentieel van het land, kan schaden;». 30° het artikel wordt aangevuld met een bepaling onder 73°, luidende : « 73° « M2M » : een communicatietechnologie waarbij de gegevens automatisch worden overgezonden tussen de apparatuur en de toepassingen, al dan niet met weinig menselijke interactie.» Art. 15.In titel I, hoofdstuk I van dezelfde wet wordt een artikel 4/1 ingevoegd, luidende : « Art. 4/1.§ 1. De operatoren verlenen voorrang voor toegang, in de opgegeven volgorde, tot hun netwerken en diensten aan : 1° de nooddiensten;2° de prioritaire gebruikers waarvan de lijst na advies van het Instituut door de Koning wordt bepaald. De Koning bepaalt de voorrang van toegang tussen de prioritaire gebruikers, in voorkomend geval per groep van gebruikers.
De Koning bepaalt de termijn waarbinnen de operatoren de overeenkomstig dit artikel genomen maatregelen ten uitvoer moeten brengen. § 2. De Koning bepaalt de elektronische-communicatiediensten die de operatoren bij voorrang leveren in geval van verzadiging of overbelasting van hun netwerken. Te dien einde kan de Koning de door de operatoren te volgen regels of de uit te voeren maatregelen, of beide, opleggen. ». Art. 16.In artikel 6 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in de bepaling onder 1° worden de woorden « , inbegrepen personen met een handicap, bejaarden en personen die specifieke sociale noden hebben, » ingevoegd tussen het woord « gebruikers » en het woord « maximaal »;2° de bepaling onder 3° wordt opgeheven. Art. 17.In artikel 7 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° de bepaling onder 3° wordt opgeheven;2° in de bepaling onder 4° worden de woorden « en BEREC » ingevoegd tussen de woorden « de Europese Commissie » en de woorden « op transparante wijze »;3° een bepaling onder 5° wordt ingevoegd, luidende : « 5° het ondersteunt de harmonisatie van specifieke nummers of nummerreeksen binnen de Gemeenschap wanneer dat de werking van de interne markt en de ontwikkeling van de pan-Europese diensten bevordert.». Art. 18.In artikel 8 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in de bepaling onder 5° worden de volgende wijzigingen aangebracht : a) het woord « gehandicapte » wordt opgeheven;b) de zin wordt aangevuld met de woorden « met een handicap, bejaarde eindgebruikers en eindgebruikers met speciale sociale behoeften, met name om deze gebruikers toegang te verlenen tot de diensten bedoeld in artikel 74 »;2° in de bepaling onder 6° wordt de zin aangevuld met de woorden « en de veiligheid van de openbare elektronische-communicatiediensten;»; 3° een bepaling onder 7° wordt ingevoegd, luidende : « 7° het bevordert het vermogen van de eindgebruikers om toegang te krijgen tot informatie en deze te verspreiden of om gebruik te maken van toepassingen en diensten van hun keuze.». Art. 19.In titel I, hoofdstuk II van dezelfde wet wordt een artikel 8/1 ingevoegd, luidende : « Art. 8/1.§ 1. Bij de uitvoering van de taken die krachtens deze wet op het Instituut rusten, ziet het Instituut erop toe dat objectieve, transparante, niet-discriminerende en proportionele regelgevingsbeginselen worden toegepast, onder meer op de volgende wijze : a) het bevordert de voorspelbaarheid van de regelgeving door te zorgen voor een consistente aanpak in de regelgeving tijdens geschikte herzieningsperioden;b) het waarborgt dat er bij gelijke omstandigheden geen discriminatie plaatsvindt bij de behandeling van ondernemingen die elektronische-communicatienetwerken en -diensten leveren;c) het beschermt de concurrentie in het belang van de consument, en bevordert waar nodig een op infrastructuur gebaseerde concurrentie;d) het bevordert efficiënte investeringen en innovatie in nieuwe en betere infrastructuur, onder meer door te zorgen dat er in de toegangsver-plichtingen voldoende rekening wordt gehouden met het door de investering genomen risico en door verschillende samenwerkingsafspraken tussen investeerders en partijen die toegang willen hebben, toe te staan om het investeringsrisico te spreiden, waarbij ervoor wordt gezorgd dat de concurrentie op de markt en het non-discriminatiebeginsel worden gevrijwaard;e) het houdt naar behoren rekening met de uiteenlopende omstandigheden wat betreft concurrentie en consumenten in de verschillende geografische gebieden;f) het legt regelgevende verplichtingen ex ante uitsluitend daar op waar geen effectieve en duurzame concurrentie is en het verlicht de verplichtingen of heft deze op zodra er wel aan die voorwaarde is voldaan. § 2. Bij de uitvoering van de taken die krachtens deze wet op het Instituut rusten, houdt het Instituut zoveel mogelijk rekening met de aanbevelingen die de Europese Commissie formuleert overeenkomstig artikel 19 van Richtlijn 2002/21/EG van het Europees Parlement en de Raad van 7 maart 2002 inzake een gemeenschappelijk regelgevingskader voor elektronische-communicatienetwerken en -diensten. Wanneer het Instituut besluit om een van deze aanbevelingen niet op te volgen, brengt het de Europese Commissie daarvan op de hoogte met vermelding van de motivering van zijn standpunt. ». Art. 20.In artikel 9, § 5, van dezelfde wet, gewijzigd bij de wetten van 20 juli 2006 en 25 april 2007, worden de woorden « of diensten » ingevoegd tussen de woorden « van elektronische communicatienetwerken » en de woorden « die het openbaar domein ». Art. 21.In artikel 11 van dezelfde wet, gewijzigd bij de
wet van 25 april 2007Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
08/05/2007
numac
2007201376
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet houdende diverse bepalingen (1)
sluiten, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° paragraaf 1 worden de woorden « Onverminderd de bevoegdheden van de Ethische Commissie voor de telecommunicatie, » ingevoegd tussen de woorden « Overeenkomstig de nadere regels vastgesteld door de Koning na advies van het Instituut is het Instituut » en de woorden « belast met »;2° in paragraaf 7 wordt vervangen als volgt : « § 7.De operatoren aan wie telefoonnummers uit het nationale nummerplan werden toegewezen, bieden de faciliteit nummeroverdraagbaarheid aan.
De Koning bepaalt na, advies van het Instituut : 1° de nadere regels inzake nummeroverdraagbaarheid, waaronder de verdeling van de taken tussen de bij de overdracht betrokken partijen waarbij de uitvoeringstermijn voor activering van de nummeroverdracht niet langer mag zijn dan één werkdag;deze termijn kan geïntegreerd worden in ruimere voorschriften in verband met het totaalproces voor het overdragen van nummers, die rekening houden met de wettelijke bepalingen inzake contracten, de technische haalbaarheid en de gewaarborgde continuïteit van de dienst voor de abonnee die zijn nummer wenst over te dragen, zonder dat de dienst geleverd aan de abonnee tijdens het overdrachtsproces langer dan één werkdag wordt onderbroken; 2° de verplichtingen van de operatoren om informatie te verschaffen aan de eindgebruikers over de nummeroverdraagbaarheid;3° de methode voor de vaststelling van de kosten voor de toepassing van deze faciliteit en de verdeling van die kosten tussen de betrokken partijen;deze methodes en kostenverdelingsregels mogen niet leiden tot tarieven voor de abonnees in verband met de nummeroverdraagbaarheid die de concurrentie zouden kunnen verstoren of die de verandering van operator ontmoedigen; de prijsstelling tussen operatoren met betrekking tot het aanbieden van nummeroverdraagbaarheid is bovendien op de kosten gebaseerd; 4° de vergoedingen die aan de abonnees toekomen in geval van vertraging bij de uitvoering van de overdracht.». Art. 22.In artikel 12 van dezelfde wet wordt het getal « 24 » vervangen door het getal « 24/1 ». Art. 23.In artikel 13 van dezelfde wet wordt het tweede lid vervangen als volgt : « Het Instituut werkt samen met de Gemeenschappen, met de bevoegde instanties bij de overige lidstaten en met de Europese Commissie bij de strategische planning, coördinatie en harmonisatie van het gebruik van het radiospectrum. Daartoe wordt rekening gehouden met economische, veiligheids-, gezondheids-, maatschappelijke, vrijemeningsuitings-, culturele, wetenschappelijke, sociale en technische aspecten van het beleid van de Europese Unie, alsmede met de uiteenlopende belangen van de kringen van radiospectrumgebruikers met het oog op de optimalisatie van het gebruik van het radiospectrum en het vermijden van schadelijke storing. Het Instituut beoogt hierbij het bevorderen van de coördinatie van de radiospectrumbeleidsaanpak in de Europese Gemeenschap en, in voorkomend geval, de harmonisatie van de voorwaarden inzake beschikbaarheid en efficiënt en daadwerkelijk gebruik van het radiospectrum met het oog op : 1° het tot stand brengen en het functioneren van de interne markt op het gebied van elektronische communicatie;2° het creëren van voordelen voor de consumenten, zoals schaalvoordelen en interoperabiliteit van diensten. Het Instituut draagt er zorg voor dat de spectrumtoewijzing gebaseerd is op objectieve, transparante, niet-discriminerende en proportionele criteria.
Bij het beheer, de toewijzing en de coördinatie van radiofrequenties houdt het Instituut rekening met de desbetreffende internationale akkoorden, met inbegrip van de radioregelgeving van de ITU. Het mag tevens overwegingen van openbaar belang in aanmerking nemen. ». Art. 24.In artikel 18 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in paragraaf 1 worden de volgende wijzigingen aangebracht : a) in de bepaling onder 1° worden de woorden « , het netwerk » opgeheven;b) in de bepaling onder 1° worden de woorden « het exclusieve gebruik van een radiofrequentie voor de doorgifte van specifieke inhoud of specifieke diensten » vervangen door de woorden « de dekkingsvereisten en kwaliteitseisen »;c) een bepaling onder 9° wordt ingevoegd, luidende : « 9° specifieke verplichtingen voor experimenteel gebruik van radiofrequenties.»; 2° de paragrafen 1/1 tot 1/5 worden ingevoegd, luidende : « § 1/1.Alle soorten voor elektronische-communicatiediensten gebruikte technologie kunnen worden gebruikt op de radiofrequentiebanden die geheel of gedeeltelijk gebruikt worden voor elektronische-communicatiediensten die aan het publiek worden aangeboden.
De Koning kan op advies van het Instituut evenwel proportionele en niet-discriminerende beperkingen opleggen met betrekking tot de soorten voor elektronische-communicatiediensten gebruikte draadloze technologie, indien dat nodig is om : 1° schadelijke storing te vermijden;2° de technische kwaliteit van de dienst te garanderen;3° te zorgen voor zoveel mogelijk gedeeld gebruik van de radiofrequenties;4° een efficiënt spectrumgebruik te waarborgen;of 5° een doelstelling van algemeen belang te verwezenlijken. § 1/2. Alle soorten elektronische-communicatie-diensten kunnen worden aangeboden op de radiofrequentiebanden die geheel of gedeeltelijk gebruikt worden voor elektronische-communicatiediensten die aan het publiek worden aangeboden.
De Koning kan op advies van het Instituut evenwel proportionele en niet-discriminerende beperkingen opleggen met betrekking tot de soorten elektronische-communicatiediensten die worden aangeboden, ook, waar nodig, om te voldoen aan vereisten van de radioregelgeving van de ITU. Maatregelen die vereisen dat een elektronische-communicatiedienst in een specifieke radiofrequentieband wordt aangeboden, worden gerechtvaardigd door de verwezenlijking van een doelstelling van algemeen belang zoals, maar niet beperkt tot : 1° de veiligheid van het menselijk leven;2° het bevorderen van de sociale, regionale of territoriale samenhang;3° het vermijden van een ondoelmatig gebruik van radiofrequenties. Een maatregel die het verlenen van iedere andere elektronische-communicatiedienst in een specifieke frequentieband verbiedt, mag alleen worden opgelegd wanneer hij gerechtvaardigd is op grond van de noodzaak de veiligheid van het menselijk leven te beschermen of, uitzonderlijk, voor de verwezenlijking van andere doelstellingen van algemeen belang zoals het bevorderen van de sociale, regionale of territoriale samenhang en het vermijden van een ondoelmatig gebruik van radiofrequenties. § 1/3. Het Instituut heronderzoekt geregeld de noodzaak van de maatregelen vermeld in de paragrafen 1/1 en 1/2, en maakt de resultaten van dit onderzoek bekend. § 1/4. Tot 24 mei 2016 kunnen houders van rechten op het gebruik van radiofrequenties die toegekend zijn vóór 25 mei 2011 en die voor een periode van ten minste vijf jaar na 25 mei 2011 geldig zullen blijven, een aanvraag indienen bij het Instituut tot heronderzoek van de beperkingen die door de Koning zijn opgelegd, op basis van paragrafen 1/1 en 1/2.
Alvorens het Instituut een besluit neemt, stelt het de houder van het recht in kennis van de hernieuwde toetsing van de beperkingen en van de bevindingen aangaande de omvang van dit recht. Hierbij wordt de houder een termijn van een maand toegekend om zijn verzoek in te trekken. Wanneer de houder zijn verzoek intrekt, blijft het recht ongewijzigd tot de vervaldatum of uiterlijk tot de in het eerste lid genoemde datum, waarbij de eerstvolgende datum wordt gekozen.
Na de datum zoals bedoeld in het eerste lid neemt het Instituut alle passende maatregelen om ervoor te zorgen dat alle resterende gebruiksrechten en spectrumtoewijzingen voor elektronische-communicatiediensten die op de dag van de inwerkingtreding van deze wet bestonden, voldoen aan de paragrafen 1/1 en 1/2. § 1/5. Ten behoeve van paragraaf 1/4 genomen maatregelen zijn niet als verlening van nieuwe gebruiksrechten aan te merken. »; 3° paragraaf 2 wordt aangevuld met de woorden « , gelet op het nagestreefde doel, naar behoren rekening houdend met het feit dat een passende periode voor de afschrijving van investeringen nodig is ». Art. 25.In artikel 19 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° de bestaande tekst zal paragraaf 1 vormen;2° in paragraaf 1 worden de volgende wijzigingen aangebracht : a) in het eerste lid worden de woorden « of te verhuren » ingevoegd tussen de woorden « over te dragen » en de woorden « voor radiofrequenties »;b) in het eerste lid, wordt de tweede zin, die aanvangt met de woorden « Het Instituut stemt » en eindigt met de woorden « van het radiofrequentiespectrum.», vervangen als volgt : « Het Instituut stemt met de overdracht of verhuur in indien zij in overeenstemming is met de vereisten van een daadwerkelijk en efficiënt beheer van het radiofrequentiespectrum. »; c) een lid wordt ingevoegd tussen het eerste en het tweede lid, luidende : « Het Instituut kan de overdracht of verhuur echter weigeren indien het betrokken gebruiksrecht oorspronkelijk zonder kosten is verkregen door de operator.»; d) het vroegere tweede lid, dat het derde lid wordt, wordt vervangen als volgt : « Behoudens een andersluidend besluit van het Instituut, leidt de overdracht of de verhuur van een frequentie waarvan het gebruik is geharmoniseerd, in geen geval tot een verandering van het gebruik van die radiofrequentie of de voorwaarden van dit gebruik.»; e) in het vroegere derde lid, dat het vierde lid wordt, worden de woorden « of de verhuur » ingevoegd tussen de woorden « de overdracht » en de woorden « van gebruiksrechten »;f) de paragraaf wordt aangevuld met een lid, luidende : « Het Instituut waakt erover zowel de informatie die het ontvangen heeft overeenkomstig het eerste lid als de beslissingen genomen overeenkomstig deze paragraaf openbaar te maken.»; 3° het artikel wordt aangevuld met een paragraaf 2, luidende : « § 2.Wanneer individuele rechten om radiofrequenties te mogen gebruiken worden verleend voor een periode van tien jaar of meer en zulke rechten niet kunnen worden overgedragen of verhuurd tussen operatoren zorgt het Instituut ervoor dat de criteria om individuele gebruiksrechten te verlenen van toepassing blijven en in acht worden genomen voor de duur van de vergunning, met name op gerechtvaardigd verzoek van de houder van het recht. Wanneer deze criteria niet langer van toepassing zijn, stelt de Koning, overeenkomstig artikel 18, § 1, het gebruiksrecht vast, mits dit vooraf wordt aangemeld en na een redelijke periode, of kan het recht overeenkomstig paragraaf 1 worden overgedragen of verhuurd tussen operatoren. ». Art. 26.In dezelfde wet wordt een artikel 19/1 ingevoegd, luidende : « Art. 19/1.Het Instituut legt de regels vast om het hamsteren van spectrum te voorkomen, met name door strikte termijnen te bepalen waarbinnen de gebruiksrechten door de houder van de rechten daadwerkelijk moeten worden geëxploiteerd. Daartoe kan het Instituut alle passende maatregelen opleggen, met inbegrip van een vermindering, intrekking of gedwongen verkoop van een recht om radiofrequenties te mogen gebruiken. ». Art. 27.In artikel 20, § 2, van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° de woorden « of waarbij de duur van bestaande rechten wordt verlengd op een andere wijze dan in overeenstemming met de in dergelijke rechten gespecificeerde voorwaarden, » worden ingevoegd tussen de woorden « publiek worden aangeboden » en de woorden « zorgt het Instituut »;2° in de bepaling onder 2° worden de woorden « of het verlengen van gebruiksrechten » ingevoegd tussen de woorden « van gebruiksrechten » en de woorden « met opgave van ». Art. 28.In titel II, hoofdstuk II, afdeling 2, onderafdeling 2 van dezelfde wet wordt een artikel 24/1 ingevoegd, luidende : « Art. 24/1.Het Instituut beperkt gebruiksrechten voor radiofrequenties niet of trekt ze niet in vóór het verstrijken van de periode waarvoor zij verleend zijn, behalve in met redenen omklede gevallen. ». Art. 29.In dezelfde wet wordt het opschrift van hoofdstuk 3 van titel 2 vervangen als volgt : « HOOFDSTUK III. - Het gedeeld gebruik van sites, infrastructuur en andere netwerkelementen ». Art. 30.In artikel 25, § 1, van dezelfde wet worden de woorden « De operator stelt » vervangen door de woorden « Teneinde het milieu, de volksgezondheid, en de openbare veiligheid te beschermen of om stedenbouwkundige of planologische redenen stelt de operator ». Art. 31.In artikel 27, § 1, van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° de woorden « bij het Instituut » invoegen tussen de woorden « Er wordt » en de woorden « een databank »;2° het woord « maximaal » invoegen tussen de woorden « met het oog op het » en de woorden « gedeeld gebruik ». Art. 32.In dezelfde wet wordt het opschrift van afdeling 2 van hoofdstuk 3 van titel 2 vervangen als volgt : « Afdeling 2. - Het gedeeld gebruik van andere sites, infrastructuur en andere netwerkelementen ». Art. 33.In artikel 28 van dezelfde wet worden de woorden « andere sites dan die vermeld in Afdeling 1 » vervangen door de woorden : « 1° andere sites dan die vermeld in Afdeling 1, met name van gebouwen die geen antennesites zijn in de zin van Afdeling 1, evenals van hun toegang, bekabeling, ondersteuningsgebouwen, kabelgoten, leidingen, mangaten en straatkasten; 2° bekabeling in gebouwen of tot aan het eerste punt van samenkomst of distributie indien dit zich buiten het gebouw bevindt en indien dit gerechtvaardigd is wegens het feit dat duplicatie van dergelijke infrastructuur economisch inefficiënt of fysiek onuitvoerbaar zou zijn.». Art. 34.In artikel 51 van dezelfde wet, gewijzigd bij de
wet van 18 mei 2009Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
18/05/2009
pub.
04/06/2009
numac
2009011237
bron
federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie
Wet houdende diverse bepalingen inzake elektronische communicatie
sluiten, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in paragraaf 1 worden de volgende wijzigingen aangebracht : a) de woorden « Indien tijdens onderhandelingen met betrekking tot toegang er geen overeenstemming kan worden bereikt tussen de partijen, kan het Instituut » worden vervangen door de woorden « Het Instituut kan »;b) de woorden « en, waar nodig, ter waarborging, » worden ingevoegd tussen de woorden « ingrijpen ter bevordering » en de woorden « van een passende toegang »;c) de woorden « of interoperabiliteit van diensten » worden ingevoegd tussen de woorden « van een passende toegang » en de woorden « overeenkomstig het »;d) de paragraaf wordt aangevuld met een lid, luidende : « Wanneer het Instituut overeenkomstig het eerste lid ingrijpt, kan het onder meer : 1° termijnen opleggen waarbinnen onderhandelingen inzake toegang of het realiseren van interoperabiliteit van diensten afgerond moeten worden;2° de richtinggevende principes inzake toegang of interoperabiliteit van diensten bepalen, waarover overeenstemming moet worden bereikt;3° indien er geen overeenstemming kan worden bereikt tussen de partijen, de voorwaarden inzake de te verstrekken toegang of te realiseren interoperabiliteit bepalen, die het passend acht.»; 2° in paragraaf 2, eerste zin, worden de woorden « of interoperabiliteit van diensten » ingevoegd tussen de woorden « eind-tot-eindverbindingen » en de woorden « te verzekeren »;3° het artikel wordt aangevuld met de paragrafen 3 tot 5, luidende : « § 3.Het Instituut kan steeds en op eigen initiatief aan operatoren verplichtingen opleggen om nummers van het nationale nummerplan en de eventueel op die nummers aangeboden diensten toegankelijk te maken voor eindgebruikers. § 4. Voor zover technisch en economisch haalbaar en tenzij een opgeroepen abonnee om commerciële redenen heeft besloten de toegang van oproepende gebruikers die zich in specifieke geografische gebieden bevinden, te beperken, kan het Instituut steeds en op eigen initiatief aan operatoren verplichtingen opleggen om : 1° diensten die gebruik maken van niet-geografische nummers binnen de Europese Gemeenschap toegankelijk te maken voor eindgebruikers;2° telefooninlichtingendiensten uit andere lidstaten toegankelijk te maken voor eindgebruikers;3° alle in de Europese Gemeenschap toegekende nummers toegankelijk te maken, ongeacht de door de houder van dat nummer gebruikte technologie en apparatuur, met inbegrip van nummers uit de nationale nummerplannen van de lidstaten, nummers van de Europese Telefoonnummeringsruimte en internationale universele gratis nummers. § 5. Het Instituut kan steeds en op eigen initiatief doch geval per geval eisen dat operatoren de toegang tot nummers en diensten blokkeren wanneer dit gerechtvaardigd is om redenen van fraude of misbruik, en dat operatoren in die gevallen de overeenkomstige inkomsten uit interconnectie of andere diensten inhouden. ». Art. 35.In artikel 52 van dezelfde wet, gewijzigd bij de
wet van 18 mei 2009Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
18/05/2009
pub.
04/06/2009
numac
2009011237
bron
federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie
Wet houdende diverse bepalingen inzake elektronische communicatie
sluiten, worden de woorden « verplichtingen inzake interconnectie oplegt, kan het daarbij de voorwaarden inzake de te verstrekken interconnectie bepalen die het passend acht » vervangen door de woorden « vaststelt dat de in het eerste lid bedoelde verplichting niet nagekomen is, kan het, onverminderd de toepassing van artikel 20 of 21 van de
wet van 17 januari 2003Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
17/01/2003
pub.
24/01/2003
numac
2003014010
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet betreffende de rechtsmiddelen en de geschillenbehandeling naar aanleiding van de wet van 17 januari 2003 met betrekking tot het statuut van de regulator van de Belgische post- en telecommunicatiesector
type
wet
prom.
17/01/2003
pub.
24/01/2003
numac
2003014009
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet met betrekking tot het statuut van de regulator van de Belgische post- en telecommunicatiesector
sluiten met betrekking tot het statuut van de regulator van de Belgische post- en telecommunicatiesector, de redelijke voorwaarden inzake interconnectie voorschrijven die het passend acht, waarover partijen te goeder trouw moeten onderhandelen ». Art. 36.In artikel 55 van dezelfde wet, gewijzigd bij de
wet van 18 mei 2009Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
18/05/2009
pub.
04/06/2009
numac
2009011237
bron
federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie
Wet houdende diverse bepalingen inzake elektronische communicatie
sluiten, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in paragraaf 1 worden de volgende wijzigingen aangebracht : a) de woorden « minstens zo spoedig mogelijk na de aanneming van de Aanbeveling of een bijwerking daarvan » worden opgeheven;b) de woorden « van die relevante markten » worden vervangen door de woorden « van de relevante markten, rekening houdend met de markten opgelijst in de Aanbeveling »;c) een zin wordt ingevoegd tussen de eerste zin die eindigt met de woorden « daadwerkelijk concurrentieel zijn.» en de tweede zin die aanvangt met de woorden « De informatie uitwisseling », luidende : « Het houdt daarbij zoveel mogelijk rekening met de door de Europese Commissie gepubliceerde richtsnoeren. »; d) de paragraaf wordt aangevuld met twee leden, luidende : « Het Instituut voert deze marktanalyse uit overeenkomstig de artikelen 140 tot 143/1 : a) binnen drie jaar volgend op de aanneming van een voorafgaand besluit van het Instituut betreffende die markt.Die termijn kan evenwel uitzonderlijk worden verlengd met maximaal drie bijkomende jaren wanneer het Instituut aan de Europese Commissie een met redenen omkleed voorstel tot verlenging heeft gedaan en zij geen bezwaar heeft gemaakt in de maand die volgt op deze kennisgeving; b) binnen twee jaar volgend op de aanneming door de Europese Commissie van een herziene aanbeveling inzake relevante markten, voor markten die nog niet werden genotificeerd aan de Europese Commissie. Wanneer het Instituut zijn marktanalyse niet binnen de in het tweede lid vastgestelde termijn heeft uitgevoerd, kan het aan BEREC assistentie vragen om de analyse van de relevante markt af te werken en specifieke verplichtingen op te leggen. In dit geval raadpleegt het Instituut de Europese Commissie, BEREC en de nationale regelgevende instanties van de lidstaten binnen de zes maanden, conform artikel 141. »;2° in paragraaf 2 wordt het getal « 65 » vervangen door het getal « 65/1 »;3° in paragraaf 3 worden de volgende wijzigingen aangebracht : a) de woorden « afzonderlijk of gezamenlijk met één of meer andere operatoren » worden ingevoegd tussen de woorden « op die markt » en de woorden « over een sterke machtspositie »;b) de woorden « legt hem » worden vervangen door de woorden « beslist het tot de oplegging, handhaving of wijziging »;c) het getal « 65 » wordt vervangen door het getal « 65/1 »;d) de woorden « diegene op » worden opgeheven;e) het derde en het vierde lid worden vervangen als volgt : « Als een operator wordt geacht een sterke machtspositie op een relevante markt (de eerste markt) te hebben, kan hij ook worden geacht een sterke machtspositie op een nauw verwante markt (de tweede markt) te hebben.Dit kan het geval zijn als de koppelingen tussen beide markten van die aard zijn dat zij de operator met een sterke machtspositie in staat stellen om de machtspositie die hij heeft op de eerste markt op de tweede markt te gebruiken zodat zijn machtpositie op de markt wordt vergroot.
In dat geval beslist het Instituut, onverminderd de toepassing van het eerste lid, tot de oplegging, handhaving of wijziging op de tweede markt van de verplichtingen als beschreven in de artikelen 58 tot 60 en 62 en wanneer die verplichtingen ontoereikend blijken, verplichtingen zoals bedoeld in artikel 64, die het gepast acht om dit hefboomeffect te voorkomen. »; f) in het vijfde lid worden de woorden « in het Belgisch Staatsblad en » opgeheven;4° in de paragrafen 4 en 4/1 worden de woorden « geldt het stilzwijgen van de Raad voor de Mededinging als goedkeuring van de voormelde ontwerpbeslissing » telkens vervangen door de woorden « is geen advies van de Raad voor de Mededinging meer vereist »;5° paragraaf 5 wordt vervangen als volgt : « In het geval van transnationale markten die worden omschreven in een beschikking van de Europese Commissie, analyseert het Instituut deze markten, samen met de nationale regelgevende instanties van andere betrokken lidstaten, waarbij zoveel mogelijk rekening wordt gehouden met de richtsnoeren.Het Instituut spreekt zich samen met diezelfde instanties, op gecoördineerde wijze uit over het opleggen, handhaven, wijzigen of opheffen van wettelijke sectorverplichtingen zoals bedoeld in paragraaf 3. ». Art. 37.In artikel 56 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wetten van 18 mei 2009 en van 31 mei 2011, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in paragraaf 1 worden de volgende wijzigingen aangebracht : a) de woorden « Onverminderd de noodzaak » worden vervangen door de woorden « Het Instituut legt geen van de in de artikelen 58 tot 62 vermelde verplichtingen op aan de operatoren die niet aangewezen zijn als beschikkende over een sterke machtspositie op een relevante markt, onverminderd de noodzaak »;b) in de Franse tekst in de bepaling onder 3° worden de woorden « de numérotation » ingevoegd tussen de woorden « à l'espace » en de woorden « téléphonique européen »;c) de bepaling onder 5° wordt vervangen als volgt : « 5° de …
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.