Sources officiellesejustice.just.fgov.be · EUR-Lex
Europaius

Wet tot oprichting van het informatieveiligheidscomité en tot wijziging van diverse wetten betreffende de uitvoering van verordening 2016/679 van 27 a

Kort samengevat

Deze wet richt het informatieveiligheidscomité op en wijzigt diverse andere wetten om de Europese verordening 2016/679 (GDPR) over de bescherming van persoonsgegevens uit te voeren. Het hoofddoel is het waarborgen van de bescherming van natuurlijke personen bij de verwerking van hun persoonsgegevens.

Wat het regelt

  • De oprichting en samenstelling van het informatieveiligheidscomité.
  • De voorwaarden voor benoeming en het mandaat van de leden van dit comité.
  • De onafhankelijkheid en vertrouwelijkheidsplicht van de leden van het comité.
  • De wijziging van definities in de wet betreffende de Kruispuntbank van de sociale zekerheid, zoals "sociale gegevens van persoonlijke aard die de gezondheid betreffen" en de verwijzing naar het informatieveiligheidscomité.

Wie het aanbelangt

  • Natuurlijke personen wiens persoonsgegevens worden verwerkt, in het bijzonder in de context van sociale zekerheid en gezondheid.
  • Leden van het nieuw opgerichte informatieveiligheidscomité en de instellingen waarmee zij samenwerken of toezicht op houden.

Kernpunten

  • Het informatieveiligheidscomité wordt opgericht als een onafhankelijk orgaan, samengesteld uit acht werkende leden (vier Nederlandstalig, vier Franstalig), aangewezen door de Kamer van volksvertegenwoordigers.
  • Leden worden benoemd voor een hernieuwbare termijn van zes jaar en moeten onafhankelijk zijn van ministers en overheidsdiensten.
  • Leden van het comité ontvangen een presentiegeld van 250 euro per vergadering (gekoppeld aan de consumptieprijsindex) en vergoedingen voor reis- en verblijfskosten.
  • Het comité bestaat uit een kamer sociale zekerheid en gezondheid en een kamer federale overheid, met gespecialiseerde deskundigen voor elk domein.
Wettekst
Wettekst

Wet tot oprichting van het informatieveiligheidscomité en tot wijziging van diverse wetten betreffende de uitvoering van verordening (EU) 2016/679 van 27 april 2016 van het Europees Parlement en de Ra

§ 1

, eerste lid, heeft geen betrekking op gegevens die los staan van het voorwerp van het onderzoek dat of van de controle die de weigering of beperking van informatie rechtvaardigt. §

  1. Bij ontvangst van een verzoek betreffende het meedelen van de te verstrekken informatie bedoeld in § 2, derde lid, bevestigt de functionaris voor gegevensbescherming van de verwerkingsverantwoordelijke de ontvangst hiervan. De functionaris voor gegevensbescherming van de verwerkingsverantwoordelijke informeert de betrokkene schriftelijk, onverwijld, en in ieder geval binnen één maand na de ontvangst van het verzoek, over iedere weigering of beperking van informatie, alsook over de redenen voor deze weigering of beperking. Die informatie over de weigering of beperking kan achterwege worden gelaten wanneer de verstrekking daarvan één van de doelstellingen genoemd in § 1, tweede lid, zou ondermijnen. Afhankelijk van de complexiteit van de verzoeken en van het aantal verzoeken kan die termijn indien nodig met nog eens twee maanden worden verlengd. De verwerkingsverantwoordelijke stelt de betrokkene binnen één maand na ontvangst van het verzoek in kennis van deze verlenging en van de redenen van het uitstel. De functionaris voor gegevensbescherming van de verwerkingsverantwoordelijke licht de betrokkene in over de mogelijkheid om klacht in te dienen bij de Gegevensbeschermingsautoriteit en om een beroep in rechte in te stellen. De functionaris voor gegevensbescherming van de verwerkingsverantwoordelijke vermeldt de feitelijke of juridische redenen waarop zijn beslissing steunt. Deze inlichtingen worden ter beschikking gesteld van de Gegevensbeschermingsautoriteit. Wanneer één van de voormelde inspectiediensten gebruik heeft gemaakt van de uitzondering bepaald bij § 1, eerste lid, en met uitzondering van de situaties bedoeld in het zesde en zevende lid van paragraaf 3, wordt de uitzonderingsregel onmiddellijk opgeheven na de afsluiting van de controle of van het onderzoek. De functionaris voor gegevensbescherming van de verwerkingsverantwoordelijke brengt de betrokkene hiervan onverwijld op de hoogte. Wanneer een dossier wordt overgemaakt aan de gerechtelijke overheid, worden de rechten van de betrokkene pas hersteld na machtiging door de gerechtelijke overheid of nadat de gerechtelijke fase is beëindigd en, in voorkomend geval, nadat de bevoegde dienst voor administratieve geldboeten een beslissing heeft genomen. Evenwel mogen inlichtingen die werden ingewonnen tijdens de uitoefening van plichten voorgeschreven door de rechterlijke overheid slechts worden meegedeeld mits uitdrukkelijke machtiging van deze laatste. Wanneer een dossier wordt overgemaakt aan de administratie waarvan de inspectiedienst afhangt, of aan de bevoegde instelling om over de bevindingen van het onderzoek te beslissen, worden de rechten van de betrokkene pas hersteld nadat de bevoegde administratie of instelling heeft beslist over het resultaat van het onderzoek.". Art. 62.In hoofdstuk 5/1 van hetzelfde wetboek, ingevoegd bij artikel 59, wordt een afdeling 2 ingevoegd, luidende: "Het recht op inzage van persoonsgegevens". Art. 63.In afdeling 2 van hoofdstuk 5/1 van hetzelfde wetboek, ingevoegd bij artikel 62, wordt een artikel 100/15 ingevoegd, luidende: "Art. 100/15.§
  2. In afwijking van artikel 15 van verordening (EU) 2016/679 van 27 april 2016 van het Europees Parlement en de Raad betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van richtlijn 95/46/EG (algemene verordening gegevensbescherming), om de doelstellingen van algemeen belang van de sociale zekerheid te waarborgen, kan het recht op inzage van de hem betreffende persoonsgegevens geheel of gedeeltelijk worden uitgesteld en beperkt voor wat betreft verwerkingen van persoonsgegevens waarvan hetzij de sociale inspectiediensten bedoeld in het Sociaal Strafwetboek en in het koninklijk besluit van 1 juli 2011Relevante gevonden documenten type wet prom. 02/08/2002 pub. 04/09/2002 numac 2002003392 bron ministerie van financien Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten type wet prom. 02/08/2002 pub. 22/08/2002 numac 2002009786 bron federale overheidsdienst justitie Wet houdende wijziging van het Wetboek van vennootschappen alsook van de wet van 2 maart 1989 op de openbaarmaking van belangrijke deelnemingen in ter beurze genoteerde vennootschappen en tot reglementering van de openbare overnameaanbiedingen type wet prom. 02/08/2002 pub. 25/12/2002 numac 2002015152 bron federale overheidsdienst buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende instemming met het Gezamenlijk Verdrag inzake de veiligheid van het beheer van bestraalde splijtstof en inzake de veiligheid van het beheer van radioactief afval, gedaan te Wenen op 5 september 1997 sluiten2 tot uitvoering van de artikelen 16, 13°, 17, 20, 63, 70 en 88 van het Sociaal Strafwetboek en tot bepaling van de datum van inwerkingtreding van de wet van 2 juni 2010 houdende bepalingen van het sociaal strafrecht, hetzij de Directie van de administratieve geldboeten van de Afdeling van de juridische studiën, de documentatie en de geschillen van de Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg, hetzij de Dienst administratieve geldboeten of de Directie eerlijke concurrentie van het Rijksinstituut voor sociale verzekeringen der zelfstandigen, hetzij de inspectiedienst voor de controle van de sociale verzekeringsfondsen voor zelfstandigen, hetzij de Dienst voor administratieve controle of de Dienst voor geneeskundige evaluatie en controle van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekeringen, hetzij de Sociale Inlichtingen- en Opsporingsdienst de verwerkingsverantwoordelijke zijn. De in het eerste lid bedoelde verwerkingen zijn deze die de voorbereiding, de organisatie, het beheer en de opvolging van de door de in het eerste lid bedoelde diensten gevoerde onderzoeken, met inbegrip van de procedures voor de eventuele toepassing van een administratieve geldboete of administratieve sanctie door de bevoegde diensten, tot doel hebben. Onverminderd de bewaring noodzakelijk voor de verwerking met het oog op archivering in het algemeen belang, wetenschappelijk of historisch onderzoek of statistische doeleinden bedoeld in artikel 89 van verordening (EU) 2016/679 van 27 april 2016 van het Europees Parlement en de Raad betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van richtlijn 95/46/EG (algemene verordening gegevensbescherming), worden de persoonsgegevens die voortkomen uit de in het eerste lid bedoelde afwijking niet langer bewaard dan noodzakelijk voor de doeleinden waarvoor zij worden verwerkt, met een maximale bewaartermijn die één jaar na de definitieve beëindiging van de rechterlijke, administratieve en buitengerechtelijke procedures en beroepen die voortvloeien uit de beperking van de rechten van de betrokkene bedoeld in het eerste lid niet mag overschrijden. §
  3. Deze afwijkingen gelden gedurende de periode waarin de betrokkene het voorwerp uitmaakt van een controle of een onderzoek of de daarmee verband houdende voorbereidende werkzaamheden uitgevoerd door de voormelde inspectiediensten in het kader van de uitvoering van hun wettelijke opdrachten, alsook gedurende de periode waarin de Directie van de administratieve geldboeten van de Afdeling van de juridische studiën, de documentatie en de geschillen van de Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg, de Dienst administratieve geldboeten of de Directie eerlijke concurrentie van het Rijksinstituut voor sociale verzekeringen der zelfstandigen, de inspectiedienst voor de controle van de sociale verzekeringsfondsen voor zelfstandigen, hetzij de Dienst voor administratieve controle of de Dienst voor geneeskundige evaluatie en controle van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekeringen, hetzij de Sociale Inlichtingen- en Opsporingsdienst de stukken afkomstig van de sociale inspectiediensten behandelt om de vervolgingen hieromtrent in te stellen. Deze afwijkingen gelden voor zover de toepassing van dit recht nadelig zou zijn voor de controle, het onderzoek of de voorbereidende werkzaamheden of het geheim van het strafonderzoek of de veiligheid van personen dreigt te schenden. De duur van de voorbereidende werkzaamheden, bedoeld in § 2, tweede lid, gedurende dewelke artikel 15 van de algemene verordening gegevensbescherming niet van toepassing is, mag niet meer bedragen dan één jaar vanaf de ontvangst van het verzoek dat is ingediend met toepassing van artikel 15.

§ 1

, eerste lid, heeft geen betrekking op de gegevens die los staan van het voorwerp van het onderzoek dat of van de controle die de weigering of beperking van inzage rechtvaardigt. §

  1. Bij ontvangst van een verzoek tot inzage bevestigt de functionaris voor de gegevensbescherming van de verwerkingsverantwoordelijke de ontvangst hiervan. De functionaris voor gegevensbescherming van de verwerkingsverantwoordelijke informeert de betrokkene schriftelijk, onverwijld, en in ieder geval binnen één maand na de ontvangst van het verzoek, over iedere weigering of beperking van zijn recht op inzage van de hem betreffende gegevens alsook van de redenen voor deze weigering of beperking. Die informatie over de weigering of beperking kan achterwege worden gelaten wanneer de verstrekking daarvan één van de doelstellingen genoemd in § 1, tweede lid, zou ondermijnen. Afhankelijk van de complexiteit van de verzoeken en van het aantal verzoeken kan die termijn indien nodig met nog eens twee maanden worden verlengd. De verwerkingsverantwoordelijke stelt de betrokkene binnen één maand na ontvangst van het verzoek in kennis van deze verlenging en van de redenen van het uitstel. De functionaris voor gegevensbescherming van de verwerkingsverantwoordelijke licht de betrokkene in over de mogelijkheid om klacht in te dienen bij de Gegevensbeschermingsautoriteit en om een beroep in rechte in te stellen. De functionaris voor gegevensbescherming van de verwerkingsverantwoordelijke vermeldt de feitelijke of juridische redenen waarop zijn beslissing steunt. Deze inlichtingen worden ter beschikking gesteld van de Gegevensbeschermingsautoriteit. Wanneer één van de voormelde inspectiediensten gebruik heeft gemaakt van de uitzondering bepaald bij § 1, eerste lid, en met uitzondering van de situaties bedoeld in het zesde en zevende lid van paragraaf 3, wordt de uitzonderingsregel onmiddellijk opgeheven na de afsluiting van de controle of van het onderzoek. De functionaris voor gegevensbescherming van de verwerkingsverantwoordelijke brengt de betrokkene hiervan onverwijld op de hoogte. Wanneer een dossier wordt overgemaakt aan de gerechtelijke overheid, worden de rechten van de betrokkene pas hersteld na machtiging door de gerechtelijke overheid of nadat de gerechtelijke fase is beëindigd en, in voorkomend geval, nadat de bevoegde dienst voor administratieve geldboeten een beslissing heeft genomen. Evenwel mogen inlichtingen die werden ingewonnen tijdens de uitoefening van plichten voorgeschreven door de rechterlijke overheid slechts worden meegedeeld mits uitdrukkelijke machtiging van deze laatste. Wanneer een dossier wordt overgemaakt aan de administratie waarvan de inspectiedienst afhangt, of aan de bevoegde instelling om over de bevindingen van het onderzoek te beslissen, worden de rechten van de betrokkene pas hersteld nadat de bevoegde administratie of instelling heeft beslist over het resultaat van het onderzoek.". Art. 64.In hoofdstuk 5/1 van hetzelfde wetboek, ingevoegd bij artikel 59, wordt een afdeling 3 ingevoegd, luidende: "Het recht op rectificatie". Art. 65.In afdeling 3 van hoofdstuk 5/1 van hetzelfde wetboek, ingevoegd bij artikel 64, wordt een artikel 100/16 ingevoegd, luidende: "Art. 100/16.§
  2. In afwijking van artikel 16 van verordening (EU) 2016/679 van 27 april 2016 van het Europees Parlement en de Raad betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van richtlijn 95/46/EG (algemene verordening gegevensbescherming), om de doelstellingen van algemeen belang van de sociale zekerheid te waarborgen, kan het recht op rectificatie worden uitgesteld, beperkt of uitgesloten voor wat betreft verwerkingen van persoonsgegevens waarvan hetzij de sociale inspectiediensten bedoeld in het Sociaal Strafwetboek en in het koninklijk besluit van 1 juli 2011Relevante gevonden documenten type wet prom. 02/08/2002 pub. 04/09/2002 numac 2002003392 bron ministerie van financien Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten type wet prom. 02/08/2002 pub. 22/08/2002 numac 2002009786 bron federale overheidsdienst justitie Wet houdende wijziging van het Wetboek van vennootschappen alsook van de wet van 2 maart 1989 op de openbaarmaking van belangrijke deelnemingen in ter beurze genoteerde vennootschappen en tot reglementering van de openbare overnameaanbiedingen type wet prom. 02/08/2002 pub. 25/12/2002 numac 2002015152 bron federale overheidsdienst buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende instemming met het Gezamenlijk Verdrag inzake de veiligheid van het beheer van bestraalde splijtstof en inzake de veiligheid van het beheer van radioactief afval, gedaan te Wenen op 5 september 1997 sluiten2 tot uitvoering van de artikelen 16, 13°, 17, 20, 63, 70 en 88 van het Sociaal Strafwetboek en tot bepaling van de datum van inwerkingtreding van de wet van 2 juni 2010 houdende bepalingen van het sociaal strafrecht, hetzij de Directie van de administratieve geldboeten van de Afdeling van de juridische studiën, de documentatie en de geschillen van de Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg, hetzij de Dienst administratieve geldboeten of de Directie eerlijke concurrentie van het Rijksinstituut voor sociale verzekeringen der zelfstandigen, hetzij de inspectiedienst voor de controle van de sociale verzekeringsfondsen voor zelfstandigen, hetzij de Dienst voor administratieve controle of de Dienst voor geneeskundige evaluatie en controle van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekeringen, hetzij de Sociale Inlichtingen- en Opsporingsdienst de verwerkingsverantwoordelijke zijn. De in het eerste lid bedoelde verwerkingen zijn deze die de voorbereiding, de organisatie, het beheer en de opvolging van de door de in het eerste lid bedoelde diensten gevoerde onderzoeken, met inbegrip van de procedures voor de eventuele toepassing van een administratieve geldboete of administratieve sanctie door de bevoegde diensten, tot doel hebben. Onverminderd de bewaring noodzakelijk voor de verwerking met het oog op archivering in het algemeen belang, wetenschappelijk of historisch onderzoek of statistische doeleinden bedoeld in artikel 89 van verordening (EU) 2016/679 van 27 april 2016 van het Europees Parlement en de Raad betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van richtlijn 95/46/EG (algemene verordening gegevensbescherming), worden de persoonsgegevens die voortkomen uit de in het eerste lid bedoelde afwijking niet langer bewaard dan noodzakelijk voor de doeleinden waarvoor zij worden verwerkt, met een maximale bewaartermijn die één jaar na de definitieve beëindiging van de rechterlijke, administratieve en buitengerechtelijke procedures en beroepen die voortvloeien uit de beperking van de rechten van de betrokkene bedoeld in het eerste lid niet mag overschrijden. §
  3. Deze afwijking geldt gedurende de periode waarin de betrokkene het voorwerp uitmaakt van een controle of een onderzoek of de daarmee verband houdende voorbereidende werkzaamheden uitgevoerd door de voormelde inspectiediensten in het kader van de uitvoering van hun wettelijke opdrachten alsook gedurende de periode waarin de Directie van de administratieve geldboeten van de Afdeling van de juridische studiën, de documentatie en de geschillen van de Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg, de Dienst administratieve geldboeten of de Directie eerlijke concurrentie van het Rijksinstituut voor sociale verzekeringen der zelfstandigen, de inspectiedienst voor de controle van de sociale verzekeringsfondsen voor zelfstandigen, hetzij de Dienst voor administratieve controle of de Dienst voor geneeskundige evaluatie en controle van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekeringen, hetzij de Sociale Inlichtingen- en Opsporingsdienst de stukken afkomstig van de sociale inspectiediensten behandelt om de vervolgingen hieromtrent in te stellen. Deze afwijking geldt voor zover de toepassing van dit recht nadelig zou zijn voor de controle, het onderzoek, de voorbereidende werkzaamheden of het geheim van het strafonderzoek of de veiligheid van personen dreigt te schenden. De duur van de voorbereidende werkzaamheden, bedoeld in paragraaf 2, tweede lid, gedurende dewelke artikel 16 van de algemene verordening gegevensbescherming niet van toepassing is, mag niet meer bedragen dan één jaar vanaf de ontvangst van het verzoek dat is ingediend met toepassing van dit artikel 16.

§ 1

, eerste lid, heeft geen betrekking op de gegevens die losstaan van het doel van het onderzoek dat of van de controle die de weigering of beperking van rectificatie rechtvaardigt. §

  1. Bij ontvangst van een verzoek tot rectificatie bevestigt de functionaris voor de gegevensbescherming van de verwerkingsverantwoordelijke de ontvangst hiervan. De functionaris voor gegevensbescherming van de verwerkingsverantwoordelijke informeert de betrokkene schriftelijk, onverwijld, en in ieder geval binnen één maand na de ontvangst van het verzoek, over iedere weigering of beperking van zijn recht op rectificatie alsook van de redenen voor deze weigering of beperking. Die informatie over de weigering of beperking kan achterwege worden gelaten wanneer de verstrekking daarvan één van de doelstellingen genoemd in § 1, tweede lid, zou ondermijnen. Afhankelijk van de complexiteit van de verzoeken en van het aantal verzoeken kan die termijn indien nodig met nog eens twee maanden worden verlengd. De verwerkingsverantwoordelijke stelt de betrokkene binnen één maand na ontvangst van het verzoek in kennis van deze verlenging en van de redenen voor het uitstel. De functionaris voor gegevensbescherming van de verwerkingsverantwoordelijke licht de betrokkene in over de mogelijkheid om klacht in te dienen bij de Gegevensbeschermingsautoriteit en om een beroep in rechte in te stellen. De functionaris voor gegevensbescherming van de verwerkingsverantwoordelijke vermeldt de feitelijke of juridische redenen waarop zijn beslissing steunt. Deze inlichtingen worden ter beschikking gesteld van de Gegevensbeschermingsautoriteit. Wanneer één van de voormelde inspectiediensten gebruik heeft gemaakt van de uitzondering bepaald bij § 1, eerste lid, en met uitzondering van de situaties bedoeld in het zesde en zevende lid van paragraaf 3, wordt de uitzonderingsregel onmiddellijk opgeheven na de afsluiting van de controle of van het onderzoek. De functionaris voor gegevensbescherming van de verwerkingsverantwoordelijke brengt de betrokkene hiervan onverwijld op de hoogte. Wanneer een dossier wordt overgemaakt aan de gerechtelijke overheid, worden de rechten van de betrokkene pas hersteld na machtiging door de gerechtelijke overheid of nadat de gerechtelijke fase is beëindigd en, in voorkomend geval, nadat de bevoegde dienst voor administratieve geldboeten een beslissing heeft genomen. Evenwel mogen inlichtingen die werden ingewonnen tijdens de uitoefening van plichten voorgeschreven door de rechterlijke overheid slechts worden meegedeeld mits uitdrukkelijke machtiging van deze laatste. Wanneer een dossier wordt overgemaakt aan de administratie waarvan de inspectiedienst afhangt, of aan de bevoegde instelling om over de bevindingen van het onderzoek te beslissen, worden de rechten van de betrokkene pas hersteld nadat de bevoegde administratie of instelling heeft beslist over het resultaat van het onderzoek.". Art. 66.In hoofdstuk 5/1 van hetzelfde wetboek, ingevoegd bij artikel 59, wordt een afdeling 4 ingevoegd, luidende: "Het recht op beperking van de verwerking". Art. 67.In afdeling 4 van hoofdstuk 5/1 van hetzelfde wetboek, ingevoegd bij artikel 66, wordt een artikel 100/17 ingevoegd, luidende: "Art. 100/17.§
  2. In afwijking van artikel 18 van verordening (EU) 2016/679 van 27 april 2016 van het Europees Parlement en de Raad betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van richtlijn 95/46/EG (algemene verordening gegevensbescherming), om de doelstellingen van algemeen belang van de sociale zekerheid te waarborgen, kan het recht op beperking van de verwerking worden uitgesteld, beperkt of uitgesloten, voor wat betreft verwerkingen van persoonsgegevens waarvan hetzij de sociale inspectiediensten bedoeld in het Sociaal Strafwetboek en in het koninklijk besluit van 1 juli 2011Relevante gevonden documenten type wet prom. 02/08/2002 pub. 04/09/2002 numac 2002003392 bron ministerie van financien Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten type wet prom. 02/08/2002 pub. 22/08/2002 numac 2002009786 bron federale overheidsdienst justitie Wet houdende wijziging van het Wetboek van vennootschappen alsook van de wet van 2 maart 1989 op de openbaarmaking van belangrijke deelnemingen in ter beurze genoteerde vennootschappen en tot reglementering van de openbare overnameaanbiedingen type wet prom. 02/08/2002 pub. 25/12/2002 numac 2002015152 bron federale overheidsdienst buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende instemming met het Gezamenlijk Verdrag inzake de veiligheid van het beheer van bestraalde splijtstof en inzake de veiligheid van het beheer van radioactief afval, gedaan te Wenen op 5 september 1997 sluiten2 tot uitvoering van de artikelen 16, 13°, 17, 20, 63, 70 en 88 van het Sociaal Strafwetboek en tot bepaling van de datum van inwerkingtreding van de wet van 2 juni 2010 houdende bepalingen van het sociaal strafrecht, hetzij de Directie van de administratieve geldboeten van de Afdeling van de juridische studiën, de documentatie en de geschillen van de Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg, hetzij de Dienst administratieve geldboeten of de Directie eerlijke concurrentie van het Rijksinstituut voor sociale verzekeringen der zelfstandigen, hetzij de inspectiedienst voor de controle van de sociale verzekeringsfondsen voor zelfstandigen, hetzij de Dienst voor administratieve controle of de Dienst voor geneeskundige evaluatie en controle van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekeringen, hetzij de Sociale Inlichtingen- en Opsporingsdienst de verwerkingsverantwoordelijke zijn. De in het eerste lid bedoelde verwerkingen zijn deze die de voorbereiding, de organisatie, het beheer en de opvolging van de door de in het eerste lid bedoelde diensten gevoerde onderzoeken, met inbegrip van de procedures voor de eventuele toepassing van een administratieve geldboete of administratieve sanctie door de bevoegde diensten, tot doel hebben. Onverminderd de bewaring noodzakelijk voor de verwerking met het oog op archivering in het algemeen belang, wetenschappelijk of historisch onderzoek of statistische doeleinden bedoeld in artikel 89 van verordening (EU) 2016/679 van 27 april 2016 van het Europees Parlement en de Raad betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van richtlijn 95/46/EG (algemene verordening gegevensbescherming), worden de persoonsgegeven die voortkomen uit de in het eerste lid bedoelde afwijking niet langer bewaard dan noodzakelijk voor de doeleinden waarvoor zij worden verwerkt, met een maximale bewaartermijn die één jaar na de definitieve beëindiging van de rechterlijke, administratieve en buitengerechtelijke procedures en beroepen die voortvloeien uit de beperking van de rechten van de betrokkene bedoeld in het eerste lid niet mag overschrijden. §
  3. Deze afwijking geldt gedurende de periode waarin de betrokkene het voorwerp uitmaakt van een controle of een onderzoek of de daarmee verband houdende voorbereidende werkzaamheden uitgevoerd door de voormelde inspectiediensten in het kader van de uitvoering van hun wettelijke opdrachten alsook gedurende de periode waarin de Directie van de administratieve geldboeten van de Afdeling van de juridische studiën, de documentatie en de geschillen van de Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg, de Dienst administratieve geldboeten of de Directie eerlijke concurrentie van het Rijksinstituut voor sociale verzekeringen der zelfstandigen, de inspectiedienst voor de controle van de sociale verzekeringsfondsen voor zelfstandigen, hetzij de Dienst voor administratieve controle of de Dienst voor geneeskundige evaluatie en controle van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekeringen, hetzij de Sociale Inlichtingen- en Opsporingsdienst de stukken afkomstig van de sociale inspectiediensten behandelt om de vervolgingen hieromtrent in te stellen. Deze afwijking geldt voor zover de toepassing van dit recht nadelig zou zijn voor de controle, het onderzoek of de voorbereidende werkzaamheden of het geheim van het strafonderzoek of de veiligheid van personen dreigt te schenden. De duur van de voorbereidende werkzaamheden, bedoeld in § 2, tweede lid, gedurende dewelke artikel 18 van de algemene verordening gegevensbescherming niet van toepassing is, mag niet meer bedragen dan één jaar vanaf de ontvangst van het verzoek dat is ingediend in toepassing van dit artikel 18.

§ 1

, eerste lid, heeft geen betrekking op de gegevens die losstaan van het voorwerp van het onderzoek dat of van de controle die de weigering van de beperking van de verwerking rechtvaardigt. § 3. Bij ontvangst van een verzoek tot beperking van de verwerking bevestigt de functionaris voor de gegevensbescherming van de verwerkingsverantwoordelijke de ontvangst hiervan. De functionaris voor gegevensbescherming van de verwerkingsverantwoordelijke informeert de betrokkene schriftelijk, onverwijld, en in ieder geval binnen één maand na de ontvangst van het verzoek, over iedere weigering of beperking van zijn recht op beperking van de verwerking van de hem betreffende persoonsgegevens alsook van de redenen voor deze weigering of beperking. Die informatie over de weigering of beperking kan achterwege worden gelaten wanneer de verstrekking daarvan één van de doelstellingen genoemd in § 1, tweede lid, zou ondermijnen. Afhankelijk van de complexiteit van de verzoeken en van het aantal verzoeken kan die termijn indien nodig met nog eens twee maanden worden verlengd. De verwerkingsverantwoordelijke stelt de betrokkene binnen één maand na ontvangst van het verzoek in kennis van deze verlenging en van de redenen voor het uitstel. De functionaris voor gegevensbescherming van de verwerkingsverantwoordelijke licht de betrokkene in over de mogelijkheid om klacht in te dienen bij de Gegevensbeschermingsautoriteit en om een beroep in rechte in te stellen. De functionaris voor gegevensbescherming van de verwerkingsverantwoordelijke vermeldt de feitelijke of juridische redenen waarop zijn beslissing steunt. Deze inlichtingen worden ter beschikking gesteld van de Gegevensbeschermingsautoriteit. Wanneer één van de voormelde inspectiediensten gebruik heeft gemaakt van de uitzondering bepaald bij § 1, eerste lid, en met uitzondering van de situaties bedoeld in het zesde en zevende lid van paragraaf 3, wordt de uitzonderingsregel onmiddellijk opgeheven na de afsluiting van de controle of van het onderzoek. De functionaris voor gegevensbescherming van de verwerkingsverantwoordelijke brengt de betrokkene hiervan onverwijld op de hoogte. Wanneer een dossier wordt overgemaakt aan de gerechtelijke overheid, worden de rechten van de betrokkene pas hersteld na machtiging door de gerechtelijke overheid of nadat de gerechtelijke fase is beëindigd en, in voorkomend geval, nadat de bevoegde dienst voor administratieve geldboeten een beslissing heeft genomen. Evenwel mogen inlichtingen die werden ingewonnen tijdens de uitoefening van plichten voorgeschreven door de rechterlijke overheid slechts worden meegedeeld mits uitdrukkelijke machtiging van deze laatste. Wanneer een dossier wordt overgemaakt aan de administratie waarvan de inspectiedienst afhangt, of aan de bevoegde instelling om over de bevindingen van het onderzoek te beslissen, worden de rechten pas hersteld nadat de bevoegde administratie of instelling heeft beslist over het resultaat van het onderzoek.". Art. 68.In artikel 213 van hetzelfde wetboek worden de volgende wijzigingen aangebracht:

  1. a)in 1°, a), en in 2°, b), worden de woorden "het sectoraal comité van de sociale zekerheid en van de gezondheid" telkens vervangen door de woorden "de kamer sociale zekerheid en gezondheid van het informatieveiligheidscomité";
  2. b)in 2°, a), worden de woorden "of zich niet onderwerpen aan het toezicht van de afdeling sociale zekerheid van het sectoraal comité van de sociale zekerheid en van de gezondheid" opgeheven;
  3. c)in 2°, b), worden de woorden "artikel 15, § 2, van de voormelde wet" vervangen door de woorden "artikel 46, § 1, 6°, van de voormelde wet";
  4. d)in 2°, b), worden de woorden "in de zin van de wet van 8 december 1992 tot bescherming van de persoonlijke levenssfeer ten opzichte van de verwerking van persoonsgegevens," opgeheven. Art. 69.In artikel 215 van hetzelfde wetboek worden de bepalingen onder § 2, 1°, en § 3, 1°, opgeheven. HOOFDSTUK 8. - Wijzigingen van de wet van 3 augustus 2012Relevante gevonden documenten type wet prom. 12/08/2000 pub. 31/08/2000 numac 2000003530 bron diensten van de eerste minister en ministerie van financien Wet houdende sociale, budgettaire en andere bepalingen sluiten2 houdende bepalingen betreffende de verwerking van persoonsgegevens door de Federale Overheidsdienst Financiën in het kader van zijn opdrachten Art. 70.In artikel 4 van de wet van 3 augustus 2012Relevante gevonden documenten type wet prom. 12/08/2000 pub. 31/08/2000 numac 2000003530 bron diensten van de eerste minister en ministerie van financien Wet houdende sociale, budgettaire en andere bepalingen sluiten2 houdende bepalingen betreffende de verwerking van persoonsgegevens door de Federale Overheidsdienst Financiën in het kader van zijn opdrachten worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° het eerste lid wordt vervangen als volgt; "De administraties en, of diensten van de Federale Overheidsdienst Financiën wisselen persoonsgegevens uit op basis van een toelating van de Voorzitter van het Directiecomité."; 2° in het tweede lid worden de woorden "Deze instantie" vervangen door de woorden "De Voorzitter van het Directiecomité"; 3° in het derde lid wordt het woord "Zij" vervangen door het woord "Hij" en worden de woorden "na advies van het Sectoraal Comité voor de Federale Overheid" vervangen door de woorden "na advies van de Functionaris voor gegevensbescherming.". 4° het vierde lid wordt vervangen als volgt: "De voorzitter van het Directiecomité kan vooraf het advies vragen aan de bevoegde kamer van het Informatieveiligheidscomité.". Art. 71.In artikel 5 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° paragraaf 1 wordt vervangen als volgt: " § 1.Onverminderd de verwerking van persoonsgegevens met het oog op archivering in het algemeen belang, wetenschappelijk of historisch onderzoek of statistische doeleinden bedoeld in artikel 89 van Verordening (EU) 2016/679 van 27 april 2016 van het Europees Parlement en de Raad betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verban

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.