📄 Wettekst
16 OKTOBER 2003. - Besluit van de Waalse Regering betreffende het technisch reglement voor het beheer van het lokale net voor elektriciteitstransmissie in het Waalse Gewest en de toegang ertoe
De Waalse Regering, Gelet op het
decreet van 12 april 2001Relevante gevonden documenten
type
decreet
prom.
12/04/2001
pub.
01/05/2001
numac
2001027238
bron
ministerie van het waalse gewest
Decreet betreffende de organisatie van de gewestelijke elektriciteitsmarkt
sluiten betreffende de organisatie van de gewestelijke elektriciteitsmarkt, inzonderheid op de artikelen 12, 3°, 13, 15, 16, §§1 en 2, en 29, 2;
Gelet op het advies van de Inspectie van Financiën, gegeven op 22 juli 2003;
Gelet op de instemming van de Minister van Begroting, gegeven op 24 juli 2003;
Gelet op de beraadslaging van de Regering over het verzoek om adviesverlening door de Raad van State binnen een termijn van minder dan één maand;
Gelet op de kennisgeving aan de Europese Commissie op 14 augustus 2003, nr. 2003/0302/B-N20E;
Gelet op het advies 35.815/2/V van de Raad van State, gegeven op 25 augustus 2003 overeenkomstig artikel 84, eerste lid, 1°, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State;
Op de voordracht van de Minister van Vervoer, Mobiliteit en Energie;
Na beraadslaging, Besluit : TITEL I. - Algemene bepalingen HOOFDSTUK I - Definities en toepassingsgebied Artikel 1.§ 1. Dit technisch reglement voor het beheer van en de toegang tot het lokale net voor elektriciteitstransmissie in het Waalse Gewest, hierna dit reglement genoemd, wordt vastgesteld krachtens artikel 13 van het
decreet van 12 april 2001Relevante gevonden documenten
type
decreet
prom.
12/04/2001
pub.
01/05/2001
numac
2001027238
bron
ministerie van het waalse gewest
Decreet betreffende de organisatie van de gewestelijke elektriciteitsmarkt
sluiten betreffende de organisatie van de gewestelijke elektriciteitsmarkt. § 2. De definities in artikel 2 van het
decreet van 12 april 2001Relevante gevonden documenten
type
decreet
prom.
12/04/2001
pub.
01/05/2001
numac
2001027238
bron
ministerie van het waalse gewest
Decreet betreffende de organisatie van de gewestelijke elektriciteitsmarkt
sluiten betreffende de organisatie van de gewestelijke elektriciteitsmarkt gelden voor dit reglement.
Voor de toepassing van dit reglement dient te worden verstaan onder : 1. toegang : het recht om op één of meerdere toegangspunten energie te injecteren of af te nemen;2. belasting : een op het lokale transmissienet aangesloten installatie van een gebruiker van het lokale transmissienet die actief of reactief elektrisch vermogen verbruikt;3. heropbouwcode : operationele code voor de heropbouw van het elektrische systeem na een gehele of gedeeltelijke instorting zoals omschreven in het technische transmissiereglement;4. beschermingscode : operationele code voor de vrijwaring van de veiligheid, de betrouwbaarheid en de doeltreffendheid van het elektrisch systeem onder de uitzonderlijke exploitatievoorwaarden zoals omschreven in het technisch transmissiereglement;5. warmtekrachtkoppeling : gecombineerde productie van elektriciteit en warmte;6. telling : opname via een meetinrichting en per tijdsperiode van de hoeveelheid actieve of reactieve energie die in het net geïnjecteerd of van het net afgenomen wordt;7. toegangscontract : een contract tussen de beheerder van het lokale transmissienet en een persoon, « toegangsgerechtigde » genaamd, gesloten overeenkomstig Titel 4 van dit reglement, houdende meer bepaald de bijzondere voorwaarden in verband met de toegang tot het lokale transmissienet;8. contract voor de coördinatie van de inschakeling van de productie-eenheden : een contract dat gesloten wordt tussen de transmissienetbeheerder en een evenwichtsverantwoordelijke voor één of meerdere injectiepunten dat in het bijzonder de voorwaarden bevat in verband met de coördinatie van de inschakeling van de productie-eenheden;9. aansluitingscontract : een contract dat overeenkomstig Titel 3 van dit reglement gesloten wordt tussen een lokaal transmissienetgebruiker en de beheerder van het lokale transmissienet en dat de wederzijdse rechten, verplichtingen en aansprakelijkheden regelt in verband met een bepaalde aansluiting, evenals de voor de aansluiting van de installaties van een lokaal transmissienetgebruiker relevante technische bepalingen;10. belastingscurve : gemeten reeks gegevens betreffende de afname of de injectie van energie op een toegangspunt per elementaire periode;11. decreet : het
decreet van 12 april 2001Relevante gevonden documenten
type
decreet
prom.
12/04/2001
pub.
01/05/2001
numac
2001027238
bron
ministerie van het waalse gewest
Decreet betreffende de organisatie van de gewestelijke elektriciteitsmarkt
sluiten betreffende de organisatie van de gewestelijke elektriciteitsmarkt;12. toegangsgerechtigde : de partij die een toegangscontract gesloten heeft met de beheerder van het lokale transmissienet;13. meetgegeven : een gegeven dat door meting aan de hand van een meetinrichting verkregen is;14. EAN-GSRN : European Article Number/Global Service Related Number (uniek numeriek veld van 18 posities voor de eenduidige identificatie van een toegangspunt);15. EDIEL : Electronic Data Interchange for the Electric Industry (maakt deel uit van de internationale UN/EDIFACT-standaard voor elektronisch dataverkeer tussen beheerders en gebruikers van elektriciteitsnetten);16. actieve energie : de integraal van het actieve vermogen gedurende een bepaalde tijdsperiode;17. reactieve energie : de integraal van het reactieve vermogen gedurende een bepaalde tijdsperiode;18. meetinrichting : een elektrische uitrusting voor het verrichten van de tellingen en de metingen op een bepaald meetpunt;daarin zijn onder meer inbegrepen de tellers, de meetapparaten, de meettransformatoren, de telecommunicatie-uitrustingen en de overeenstemmende beveiligingen; 19. significante fout : een fout op een meetwaarde groter dan de totale nauwkeurigheid van de meetinrichting die deze meetwaarde bepaalt en die het industrieel proces of de facturatie verbonden met deze meetwaarde nadelig kan beïnvloeden;20. frequentie : het aantal cycli per seconde van de fundamentele component in de spanning, uitgedrukt in Hertz (Hz);21. distributienetbeheerder : de distributienetbeheerder(s) aangewezen overeenkomstig artikel 10 van het decreet;22. lokaal transmissienetbeheerder : de persoon aangewezen overeenkomstig de bepalingen van hoofdstuk II van het decreet;23. transmissienetbeheerder : de persoon aangewezen overeenkomstig artikel 10 van de wet;24. eilandbedrijf : situatie waarbij een productie-eenheid na plotse uitschakeling van het net het elektriciteitssysteem geheel of gedeeltelijk verder kan voeden.In dat geval moeten minstens de ondersteunende diensten van de betrokken productie-eenheid gevoed worden om beschikbaar te zijn voor de heropbouw van het net; 25. injectie : het leveren van vermogen aan het plaatselijk transmissienet;26. installatie van een gebruiker van het lokale transmissienet : een installatie van een gebruiker van het lokale transmissienet dat via een aansluiting elektrisch aangesloten is op het lokale transmissienet zonder er deel van uit te maken;27. installatie die functioneel deel uitmaakt van het lokale transmissienet : een installatie waarop een gebruiker van het lokale transmissienet het eigendoms- of genotsrecht geniet, maar die de functie heeft van een installatie voor het lokale transmissienet, waarbij laatstgenoemd begrip nauwkeurig omschreven wordt in het aansluitingscontract of de daarbij gevoegde overeenkomst;28. koppelpunt : het elektrisch contact tussen twee netten;29. railstel : het driefasig geheel van drie metalen rails of geleiders die voor elk der drie fasen afzonderlijk een gemeenschappelijk spanningspunt vormen en waarop de verschillende installaties (instrumenten, lijnen, kabels) aangesloten zijn teneinde onderling verbonden te worden;30. D-dag : een kalenderdag;31. D-1-dag : de kalenderdag vóór de D-dag;32. werkdag : elke dag van de week, de zaterdag, de zondag en de wettelijke feestdagen uitgezonderd;33. wet : de
wet van 29 april 1999Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
29/04/1999
pub.
11/05/1999
numac
1999011160
bron
ministerie van economische zaken
Wet betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt
sluiten betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt;34. meting : de opname aan de hand van een meetinrichting van een fysieke grootheid op een bepaald tijdstip;35. actieve verliezen : het verbruik van actief vermogen door het lokale transmissienet zelf, veroorzaakt door het gebruik ervan;36. aanpassingsplan : het plan dat de transformaties gebonden aan de structuur van het lokale transmissienet in het vooruitzicht stelt, opgesteld overeenkomstig artikel 15 van het decreet;37. afschakelplan : het plan dat het voorwerp uitmaakt van een federaal ministerieel besluit en waarin de onderbrekingen, de verminderingen en de prioriteiten aangegeven worden die de transmissienetbeheerder dient op te leggen wanneer het net in gevaar is;38. toegangspunt : een afname- of injectiepunt;39. meetpunt : de fysieke plaats en het spanningsniveau van het punt waar de meetinrichting met een punt van het elektrisch systeem verbonden is;40. afnamepunt : de fysieke plaats en het spanningsniveau van het punt waar vermogen vanuit het net wordt afgenomen;41. aansluitingspunt : de fysieke plaats en het spanningsniveau van het punt waar de aansluiting is verbonden met het distributienet en waar aangesloten of afgeschakeld kan worden;42. injectiepunt : de fysieke plaats en het spanningsniveau van het punt waar vermogen in het net geïnjecteerd kan worden;43. koppelpunt : de fysieke plaats en het spanningsniveau waar elektrisch contact bestaat tussen twee netten;44. interfacepunt : de fysieke plaats en het spanningsniveau van het punt waar de installaties van een netgebruiker verbonden zijn met de aansluiting.Dit punt bevindt zich op de site van de netgebruiker en in ieder geval na het eerste aansluitingsveld vanaf het net aan de zijde van de gebruiker; 45. afname : het afnemen van vermogen vanuit het lokale transmissienet;46. toegangsprogramma : de voor de dag D per tijdsperiodes aangegeven grootheden van het voorziene vermogen dat op een gegeven toegangspunt afgenomen of geïnjecteerd wordt;47. actief vermogen : het gedeelte van het elektrisch vermogen dat kan worden omgezet naar andere vormen van vermogen zoals mechanisch of thermisch. Voor een driefasig systeem is diens waarde gelijk aan V3.U.I.cos phi waarbij U en I de effectieve waarden van de fundamentele componenten van de samengestelde spanning (tussen fasen) en van de stroom zijn en waarbij phi het faseverschil tussen de fundamentele componenten van die spanning en van die stroom zijn; het actieve vermogen wordt in Watt en veelvouden ervan uitgedrukt. In het geval waarin de eenvoudige spanning (tussen fase en neutraal) gebruikt wordt, wordt de formule 3.U.I.cos phi; 48. schijnbaar vermogen : voor een driefasig systeem, de hoeveelheid gelijk aan V3.U.I., waarbij U en I de effectieve waarden van de fundamentele componenten van de samengestelde spanning en van de stroom zijn. In het geval waarin de eenvoudige spanning gebruikt wordt, wordt de formule 3.U.I.; het schijnbaar vermogen wordt in VA en veelvouden ervan uitgedrukt; 49. aansluitingsvermogen : het maximaal vermogen, bepaald in het aansluitingscontract en uitgedrukt in voltampère (VA) of veelvouden ervan, waarover de gebruiker van het lokale transmissienet kan beschikken door zijn aansluiting;50. kwartiervermogen : het gemiddeld afgenomen of geïnjecteerd vermogen over een periode van een kwartier, uitgedrukt in Watts (W) in geval van actief vermogen, in vars (Var) in geval van reactief vermogen, en in voltampère (VA) in geval van schijnbaar vermogen, of in veelvouden ervan; 51. reactief vermogen : voor een driefasig systeem, de hoeveelheid gelijk aan V3.U.I.sin phi, waarbij U en I de effectieve waarden zijn van de fundamentale componenten van de samengestelde spanning en van de stroom en waarbij phi het faseverschil tussen de fundamentele componenten van die spanning en die stroom vertegenwoordigen; het reactief vermogen wordt uitgedrukt in Var of in één van de veelvouden ervan. In het geval waarin eenvoudige spanning gebruikt wordt, wordt de formule 3.U.I.sin phi; 52. ondergeschreven vermogen : het maximale actieve injectie- of afnamekwartiervermogen, bepaald in een toegangscontract en met betrekking tot een toegangspunt en een gegeven periode;53. kwaliteit van de elektriciteit : het geheel van de karakteristieken van elektriciteit die een invloed kunnen hebben op het lokale transmissienet, de aansluitingen en de installaties van een gebruiker van het lokale transmissienet, en met inbegrip van meer bepaald de continuïteit van de spanning en de elektrische kenmerken van die spanning, namelijk frequentie, amplitude, golfvorm en symmetrie;54. aansluiting : het geheel van aansluitingen dat nodig is om de installaties van de gebruiker van het lokale transmissienet met het lokale transmissienet te verbinden, inclusief het eerste aansluitingsveld en in het algemeen de meetinrichtingen;55. toegangsregister : het register dat door de beheerder van het lokale transmissienet bijgehouden wordt en waarin meer bepaald per toegangspunt de evenwichtsverantwoordelijke(n) en de leverancier(s) aangegeven worden 56.tellingenregister : het register dat door de beheerder van het lokale transmissienet bijgehouden wordt overeenkomstig artikel 195 van dit reglement; 57. register van de toegangsverantwoordelijken : het register dat door de beheerder van het transmissienet bijgehouden wordt overeenkomstig het technisch transmissiesreglement;58. technisch distributiereglement : het technisch reglement voor het beheer van de elektriciteitsdistributienetten in het Waalse Gewest en de toegang ertoe, bepaald in artikel 13 van het decreet;59. technisch transmissiereglement : het
koninklijk besluit van 19 december 2002Relevante gevonden documenten
type
koninklijk besluit
prom.
19/12/2002
pub.
28/12/2002
numac
2002011518
bron
ministerie van economische zaken
Koninklijk besluit houdende een technisch reglement voor het beheer van het transmissienet van elektriciteit en de toegang ertoe
sluiten houdende een technisch reglement voor het beheer van het transmissienet van elektriciteit en de toegang ertoe;60. transmissienet : het geheel der installaties die dienen tot de transmissie van de elektriciteit met een spanning hoger dan 70 kV, opgesteld op het Belgisch grondgebied, zoals bepaald in artikel 2, 7°, van de wet;61. evenwichtsverantwoordelijke : een natuurlijke of rechtspersoon die verantwoordelijk is voor het evenwicht, op kwartierbasis, van een geheel van injecties of afnames binnen de Belgische regelzone, en die hiertoe geregistreerd is in het register van de toegangsverantwoordelijken;62. AREI : het algemeen reglement op de elektrische installaties, goedgekeurd bij het koninklijk besluit van 10 maart 1981waarbij het Algemeen Reglement op de elektrische installaties voor de huishoudelijke installaties en sommige lijnen van transport en verdeling van elektrische energie bindend wordt verklaard;63. ARAB : het algemeen reglement op de arbeidsbescherming, goedgekeurd bij de besluiten van Regent van 11 februari 1946 en 27 september 1947;64. ondersteunende diensten : betreffende het lokale transmissienet, alle volgende diensten : a) de primaire regeling van de frequentie;b) de secundaire regeling van het evenwicht in de Belgische regelzone;c) de black-startdienst;d) de compensatie van het kwartieronevenwicht;e) de tertiaire reserve;f) de regeling van de spanning en van het reactieve vermogen;g) het congestiebeheer;65. meervoudige incidentsituatie : de incidentsituatie, namelijk de fysieke toestand van het elektrisch systeem die, vertrekkend van een referentietoestand en na het verdwijnen van de overgangsverschijnselen, ontstaat uit het gelijktijdige verlies van minstens twee componenten van het elektrisch systeem, uitgezonderd het gelijktijdige verlies van een eenheid/van een productiegeheel en van een component van het lokale transmissienet;66. meetsysteem : het geheel van de meetinrichtingen bestemd voor de tellingen en metingen op een bepaald meetpunt;67. elektrisch systeem : het geheel van de uitrustingen dat alle gekoppelde netten, alle aansluitingsinstallaties en alle installaties van de netgebruikers aangesloten op deze netten omvat;68. productie-eenheid : een fysieke eenheid die minstens één elektrische generator omvat;69. gedecentraliseerde productie-eenheid : productie-eenheid waarvan de inschakeling niet op gecentraliseerde wijze gecoördineerd is;70. lokale productie-eenheid : productie-eenheid waarvan het injectiepunt identiek is aan het afnamepunt van één of meer belastingen;71. gebruiker van het lokale transmissienet : een eindafnemer of een producent waarvan de installaties aangesloten zijn op het lokale transmissienet. HOOFDSTUK II - Algemene werkingsbeginselen Afdeling 1. - Basisbeginselen
Art. 2.De beheerder van het lokale transmissienet voert de taken en verplichtingen uit die hij dient uit te voeren krachtens het decreet en diens uitvoeringsbepalingen teneinde de lokale elektriciteitstransmissie tussen de verschillende gebruikers van het lokale transmissienet te garanderen en het behoud van de veiligheid, de betrouwbaarheid en de efficiëntie van het net te bewaken, te handhaven dan wel te herstellen.
Daartoe bepaalt de beheerder van het lokale transmissienet vooraf de noodzakelijke en aangepaste middelen voor de zorgvuldige uitvoering van diens opdrachten en zet alle redelijke middelen in om dat doel te bereiken.
Die noodzakelijke en aangepaste middelen zullen voor het eerste bepaald worden op het ogenblik waarop het aanpassingsplan bedoeld in artikel 15 van het decreet voor het eerst wordt vastgesteld. Zij worden dan opnieuw onderzocht en eventueel bijgesteld bij elke opeenvolgende herziening van het aanpassingsplan.
Bij de uitvoering van diens taken zet de beheerder van het lokale transmissienet alle adequate middelen in die de netgebruikers van hem mogen verwachten en die, rekening houdend met de bijzondere toestand, redelijk verkregen kunnen worden. Art. 3.§ 1. De beheerder van het lokale transmissienet ondersteunt de beheerder van het transmissienet en zorgt voor de coördinatie met laatstgenoemde om het technische beheer van de elektriciteitsstromen op het lokale transmissienet te organiseren en om een permanent evenwicht tussen de vraag naar en het aanbod van elektriciteit te bewaken, te handhaven dan wel te herstellen. Hij ondersteunt eveneens de beheerder van het transmissienet voor de handhaving of het herstel van het globale evenwicht van de regelzone, indien dat in gevaar zou zijn gebracht door het eventuele individuele onevenwicht tussen de verschillende evenwichtsverantwoordelijken. § 2. De beheerder van het lokale transmissienet verzorgt de dienst van aansluiting op het lokale transmissienet en toegang ertoe teneinde de transmissie mogelijk te maken tussen onder meer productie-installaties, distributienetten, uitrustingen van direct aangesloten afnemers en het distributienet. § 3. Hij neemt het beheer van het elektrische systeem waar, met name : a) het commerciële beheer van de contracten in verband met de toegang tot het lokale transmissienet en met de ondersteunende diensten, namelijk het beheer van de toegangsaanvragen, de toegangscontracten en de aankoop, evenals het beheer van de aankoop, de prestatie van de ondersteunende diensten waarbij hij de door de beheerder van het transmissienet gegeven richtlijnen naleeft;b) de deelname voor de lokale aspecten aan de programmering van de energie-uitwisselingen, meer bepaald de voorbereiding van het exploitatieprogramma en de voorbereiding van het programma dat ingeschakeld kan worden ten gevolge van een incident;c) het besturen van het lokale transmissienet en het bewaken van de energie-uitwisselingen, hoofdzakelijk gericht op de exploitatie in reële tijd van het lokale transmissienet, die bestaat uit : - het uitvoeren voor het lokale gedeelte van de exploitatieprogramma's die aanvaard zijn bij de programmering van de energie-uitwisselingen; - het bewaken, handhaven dan wel herstellen van de veiligheid, betrouwbaarheid en efficiëntie van het lokale transmissienet; - het coördineren en het uitvoeren of laten uitvoeren van de schakelingen in het lokale transmissienet die noodzakelijk zijn bij werken aan de installaties; d) het verzamelen door de beheerder van het lokale transmissienet en de behandeling van de nodige metingen en tellingen voor zijn eigen taken, wat het beheer van de uitrustingen en procédés inzake meting en telling omvat, alsook het verwerven, valideren en behandelen van de meet- en telgegevens;e) de controle op de kwaliteit van de bevoorrading en op de stabiliteit van het lokale transmissienet, die bestaat uit : - het verzamelen van gegevens met betrekking tot de kwaliteit van de bevoorrading en de stabiliteit van het lokale transmissienet; - het opvolgen van de kwaliteit van de bevoorrading en de stabiliteit van het lokale transmissienet. § 4. a) De infrastructuren van het lokale transmissienet zijn conform de vigerende wetten, reglementen en normen en meer bepaald conform het AREI. b) Zijn zijn opgevat om de elektrische energie in alle veiligheid naar de verschillende afnamepunten te vervoeren en de verdeling van de energie die naar de injectiepunten wordt gebracht, te verzorgen.De beheerder van het lokale transmissienet past het lokale transmissienet aan de normaal te voorziene stromen aan. Hij waakt over de naleving van de regels van goed vakmanschap inzake veiligheid, en meer bepaald over de veiligheidsafstanden tussen diens installaties en de personen of de goeden van derden; daartoe licht hij, zodra hij kennis heeft van enig risico, de derden in over de voorschriften voortvloeiende uit de vigerende reglementen en normen en meer bepaald het AREI. c) De beschermingssystemen van de uitrustingen van het lokale transmissienet zijn opgevat en geregeld om doeltreffend en selectief de defecten en overbelastingen uit te schakelen.Er wordt in selectieve beschermingen van het tweede niveau voorzien om de niet-werking van de normale beschermingen te verhelpen. Art. 4.§ 1. De beheerder van het lokale transmissienet waakt, na gezamenlijk overleg met de beheerders van het distributienet en van het transmissienet over de kwaliteit en de betrouwbaarheid van de levering met een aangepast systeem. Dit systeem maakt het mogelijk om ten minste volgende kwaliteitsaanduidingen te bepalen : a) de frequentie van de onderbrekingen;b) de gemiddelde duur van de onderbrekingen;c) de jaarlijkse duur van de onderbrekingen. De beheerder van het lokale transmissienet bepaalt de bijkomende kwaliteitsaspecten die dienen te worden gecontroleerd. § 2. De beheerder van het lokale transmissienet richt jaarlijks vóór 31 maart het verslag bepaald bij artikel 24 van het besluit van de Waalse Regering van 21 maart 2002 betreffende de netbeheerders aan de CWaPE, waarin hij de kwaliteit van zijn prestaties gedurende het afgelopen kalenderjaar omschrijft. In dat verslag worden minstens omschreven : 1° de frequentie en de gemiddelde duur van de onderbrekingen in de toegang tot het lokale transmissienet, evenals de totale jaarlijkse duur van de onderbeking, gedurende het aangegeven kalenderjaar;2° de naleving van de kwaliteitscriteria in verband met de golfvorm van de spanning zoals omschreven in de hoofdstukken 2 en 3 van de NBN EN 50160-norm;3° de kwaliteit van de geleverde prestaties en, in voorkomend geval, de tekortkomingen inzake de verplichtingen voortvloeiend uit dit reglement en de redenen daarvoor. § 3. De CWaPE kan een model van verslag vaststellen. Art. 5.De operationele regels inzake het beheer van de elektriciteitsstromen waaraan de beheerder van het lokale transmissienet onderworpen is en die hij in werking stelt krachtens dit reglement, vervangen het geheel van toepasselijke regels in voornoemde materie op het moment van de inwerkingtreding van dit reglement, toeziende op het behoud van de veiligheid, de betrouwbaarheid en de efficiëntie van het lokale transmissienet alsook de afwezigheid van discriminatie tussen de netgebruikers te waarborgen. Art. 6.De algemene voorwaarden van de contracten die krachtens dit reglement gesloten worden, evenals elke wijziging die erin wordt aangebracht, worden onverwijld en in elk geval twee maanden vóór inwerkingtreding aan de CWaPE overgemaakt. De procedures en de formulieren die vastgesteld zijn door de beheerder van het lokale transmissienet, evenals hun wijzigingen, volgen dezelfde procedures. Art. 7.De taken en verplichtingen van de beheerder van het lokale transmissienet kunnen beïnvloed worden in geval van noodsituaties, zoals bepaald in afdeling IV van deze titel. Art. 8.De beheerder van het lokale transmissienet onthoudt zich van elke discriminatie tussen gebruikers van het lokale transmissienet, leveranciers, evenwichtsverantwoordelijken, leveranciers van ondersteunende diensten of tussen elk andere persoon die op een of andere manier met het lokale transmissienet verbonden is in het kader van zijn taken en verplichtingen of uitgevoerde diensten. Art. 9.§ 1. De beheerder van het lokale transmissienet voert de taken en verplichtingen uit met betrekking tot de goederen, uitrustingen of installaties, waarvan hij eigenaar is, of, indien hij er geen eigenaar van is, waarvan hij het genot of een effectieve controle heeft in instemming met de eigenaar, en de goederen, uitrustingen of installaties tot dewelke hij toegang heeft overeenkomstig de bepalingen van dit reglement en de krachtens dit reglement gesloten contracten. § 2. De beheerder van het lokale transmissienet kan bepaalde taken in aanbesteding geven indien ze de veiligheid en de betrouwbaarheid van het net niet rechtstreeks in gevaar brengen. Hij blijft er volledig en rechtstreeks aansprakelijk voor. Afdeling 2. - Inlichtingen
Art. 10.Bij afwezigheid van uitdrukkelijke bepaling daaromtrent, zetten de beheerder van het lokale transmissienet, de gebruikers van het lokale transmissienet, de leveranciers en andere betrokken partijen zich in om zo spoedig mogelijk de noodzakelijke informatie overeenkomstig dit reglement mee te delen. Art. 11.De mededeling aan derden van vertrouwelijke of commercieel gevoelige informatie, die als dusdanig door de afzender ervan geïdentificeerd wordt, is niet toegelaten, behoudens andersluidende bepaling in dit reglement of behoudens wanneer minstens één der volgende voorwaarden nageleefd wordt : 1° door de beheerder van het lokale transmissienet en/of door de betrokken gebruikers van het lokale transmissienet en/of door de evenwichtsverantwoordelijken en/of door het respectievelijke personeel en/of door de leveranciers indien de mededeling aan derden vereist is in het kader van een gerechtelijke procedure of door de overheid opgelegd wordt;2° in het geval van een voorafgaand schriftelijk akkoord van diegene van wie de vertrouwelijke of commercieel gevoelige informatie uitgaat;3° wat betreft de beheerder van het lokale transmissienet, in overleg met beheerders van andere netten of in het kader van contracten en/of regels met de buitenlandse netbeheerders;4° indien deze informatie gemakkelijk en gewoonlijk toegankelijk of voor het publiek beschikbaar is;5° wanneer de mededeling door de netbeheerder onmisbaar is om technische of veiligheidsredenen.De bestemmeling van deze informatie is ertoe gehouden de vertrouwelijkheid van deze informatie te verzekeren.
Indien de mededeling aan derden verricht wordt op grond van de situaties bedoeld in 2°, 3° en 5° moet de bestemmeling van de informatie onverminderd de geldende wettelijke of regelgevende bepalingen zich ertoe verbinden die informatie dezelfde vertrouwelijkheidsgraad te verlenen als die, welke door de beheerder van het lokale transmissienet verleend wordt. Art. 12.Wanneer een partij overeenkomstig dit reglement of de krachtens dit besluit gesloten contracten, informatie dient te geven aan een andere partij, neemt zij de nodige maatregelen om de bestemmeling te waarborgen dat haar inhoud behoorlijk is nagekeken. Afdeling 3. - Toegang van de personen tot de installaties
Onderafdeling 1 - Voorschriften in verband met de veiligheid van de personen Art. 13.De Belgische wets- en regelgevende bepalingen inzake veiligheid van personen en goederen, met inbegrip van de normatieve regels zoals onder meer het « ARAB » en het « AREI », evenals de « NBN EN 20110-1 »- en de « NBN EN 50110-2 »-norm, gelden voor elke persoon die op het lokale transmissienet actief is, met inbegrip van de beheerder van het lokale transmissienet, de gebruiker van het lokale transmissienet en hun respectievelijke personeel.
Onderafdeling 2 - Toegang van de personen tot de installaties die beheerd worden door de beheerder van het lokale transmissienet Art. 14.§ 1. De toegang tot elk roerend of onroerend goed waarvoor de beheerder van het lokale transmissienet het eigendoms- of genotsrecht heeft, gebeurt te allen tijde overeenkomstig de toegangs- en veiligheidsprocedures van de beheerder van het lokale transmissienet en mits voorafgaandelijke uitdrukkelijke instemming van laatstgenoemde. § 2. De beheerder van het lokale transmissienet heeft het recht om toegang te hebben tot alle installaties waarop hij het eigendoms- of genotsrecht heeft en die zich op de site van de gebruiker van het lokale transmissienet bevinden. De gebruiker van het lokale transmissienet waakt erover dat de beheerder van het lokale transmissienet een permanente toegang heeft of treft alle noodzakelijke maatregelen om hem onmiddellijk en te allen tijde die toegang te verschaffen. § 3. Als de toegang tot een roerend of onroerend goed van de beheerder van het lokale transmissienet ondergeschikt is aan specifieke toegangsprocedures en aan veiligheidsvoorschriften die bij de gebruiker van het lokale transmissienet gelden, dient laatstgenoemde er de beheerder van het lokale transmissienet van vooraf en schriftelijk op de hoogte te stellen. Bij ontstentenis volgt de beheerder van het lokale transmissienet zijn eigen veiligheidsvoorschriften.
Onderafdeling 3 - Toegang van de personen tot de installaties van de gebruiker van het lokale transmissienet of de installaties die functioneel deel uitmaken van het lokale transmissienet Art. 15.§ 1. Indien de beheerder van het lokale transmissienet van mening is dat bepaalde installaties van de gebruiker van het lokale transmissienet functioneel deel uitmaken van het lokale transmissienet of een niet te verwaarlozen invloed hebben op de werking van het lokale transmissienet, op de aansluiting(en) of op installatie(s) van een of meer andere gebruikers van het lokale transmissienet, maakt hij daar melding van en verantwoordt dat tegenover de gebruiker van het lokale transmissienet en tegenover de CWaPE. Mits gunstig advies van de CWaPE wordt er over een schriftelijke overeenkomst onderhandeld die gesloten wordt tussen de beheerder van het lokale transmissienet en de gebruiker van het lokale transmissienet waarin de lijst vermeld wordt van betrokken installaties, evenals de aansprakelijkheden inzake leiding over, beheer en onderhoud van die installaties.
Die overeenkomst garandeert tegenover de gebruiker van het lokale transmissienet dat alle voorgaande verbintenissen worden nageleefd, met inbegrip van het behoud van de bestaande capaciteit van de aansluiting behoudens schriftelijke instemming van de gebruiker van het lokale transmissienet en mits gepaste vergoeding van laatstgenoemde. Daarin worden eveneens de financiële modaliteiten omschreven voor de overname door de beheerder van het lokale transmissienet van alle kosten die ontstaan uit die wijziging van het statuut van de aansluitingsuitrustingen, met inbegrip van de schadeloosstelling van de eigenaar van de installaties. Die overeenkomst vormt een addendum bij het aansluitingscontract.
Voor de nieuwe aansluitingen wordt die overeenkomst bij het aansluitingscontract gevoegd. § 2. De beheerder van het lokale transmissienet heeft het recht om toegang te hebben tot de installaties van de gebruiker van het lokale transmissienet om er inspecties of, in aanwezigheid van een vertegenwoordiger van de gebruiker die niet mag weigeren, tests te ondernemen of te organiseren met het oog op de controle op de naleving van dit technisch reglement. Bovendien dient de beheerder van het lokale transmissienet, als die installaties functioneel deel uitmaken van het lokale transmissienet, er toegang toe hebben om de interventies zoals bepaald bij de overeenkomst bedoeld in § 1 te verrichten. De gebruiker van het lokale transmissienet waakt erover de beheerder van het lokale transmissienet een permanente toegang te verschaffen of treft de maatregelen om die toegang onmiddellijk en te allen tijde te verschaffen. § 3. In de omstandigheden bedoeld in § 2 is de beheerder van het lokale transmissienet ertoe verplicht de voorschriften na te leven in verband met de veiligheid van de personen en de goederen die voor de gebruiker van het lokale transmissienet gelden. Daartoe en vóór uitvoering van bedoelde inspecties of tests is de gebruiker van het lokale transmissienet ertoe verplicht de beheerder van lokale transmissienet in te lichten over de geldende voorschriften en er hem afschrift van te verstrekken. § 4. Bij gebreke van de informatie bedoeld in § 3 past de beheerder van het lokale transmissienet, indien hij een inspectie of tests verricht op de installaties van een gebruiker van het lokale transmissienet, zijn eigen regels toe inzake de veiligheid van personen en goederen. § 5. Wanneer de veiligheid of de technische betrouwbaarheid van het lokale transmissienet het vereisen, heeft de beheerder van het lokale transmissienet het recht om de gebruiker van het lokale transmissienet in gebreke te stellen om binnen de termijn zoals vastgelegd in de schriftelijke kennisgeving van ingebrekestelling, de noodzakelijke aanpassingen te verrichten zoals aangegeven in de ingebrekestelling.
Indien die werkzaamheden niet binnen de termijn zoals vastgelegd in de ingebrekestelling niet uitgevoerd worden door de gebruiker van het lokale transmissienet of in geval van uiterste spoedeisendheid, heeft de beheerder van het lokale transmissienet het recht om de strikt noodzakelijke werken uit te voeren voor de veiligheid en de betrouwbaarheid van het lokale transmissienet. De kosten voor de in dit artikel omschreven werken zijn ten laste van de beheerder van het lokale transmissienet, behalve indien hij bewijst dat ze toe te schrijven zijn aan tekortkomingen vanwege de gebruiker.
In voorkomend geval gelden de §§ 2 tot en met 4 van dit artikel. Afdeling 4. - Noodsituaties en overmacht
Onderafdeling 1 - Definitie van de begrippen noodsituatie en overmacht Art. 16.§ 1. In dit reglement worden als noodsituaties beschouwd : a) de situaties die uit overmacht voortvloeien en waarin uitzonderlijke en tijdelijke maatregelen getroffen dienen te worden om het hoofd te bieden aan de gevolgen van de overmacht om de veilige en betrouwbare werking van het lokale transmissienet te handhaven of te herstellen, gedurende de tijd die strikt noodzakelijk is om het lokale transmissienet opnieuw in overeenstemming te brengen met de ongeschonden gebleven installatie : b) de situaties die voortvloeien uit een gebeurtenis die, hoewel hij niet als overmacht verstaan kan worden volgens de huidige stand van rechtspraak en rechtsleer, volgens de evaluatie door de beheerder van het lokale transmissienet of de gebruiker van het lokale transmissienet een dringende en georiënteerde interventie van de beheerder van het lokale transmissienet vereist om de veilige en betrouwbare werking van het lokale transmissienet te handhaven of te herstellen of om andere schade te voorkomen.De beheerder van het lokale transmissienet verantwoordt die interventie achteraf bij de betrokken gebruikers en de CWaPE. § 2. Volgende situaties worden, voor zover ze onvermijdelijk en onvoorspelbaar zijn, worden als gevallen van overmacht beschouwd voor de beheerder van het lokale transmissienet ten einde van dit reglement : 1° de natuurramp voortvloeiende uit aardbevingen, overstromingen, stormen, windhozen of andere uitzonderlijke klimaatomstandigheden;2° een kern- of chemische ontploffing en de gevolgen ervan;3° de plotse onbeschikbaarheid van de installaties om andere redenen dan de ouderdom, het gebrekkige onderhoud of de kwalificatie van de operatoren;met inbegrip van een instorting van het informaticasysteem al dan niet veroorzaakt door een virus, terwijl alle preventiemaatregelen waren getroffen rekening houdend met de techniek; 4° de technische, tijdelijke of permanente onmogelijkheid voor het lokale transmissienet om elektriciteit te vervoeren wegens storingen binnen de regelzone veroorzaakt door elektriciteitsstromen die voortvloeien uit energie-uitwisselingen in een andere regelzone of tussen twee of meerdere regelzones en waarvan de identiteit van de marktdeelnemers die betrokken zijn bij die energie-uitwisselingen niet gekend is door de beheerder van het lokale transmissienet en die redelijkerwijs niet gekend kan zijn;5° de onmogelijkheid om op het lokale transmissienet of op de installaties die er functioneel deel van uitmaken, actief te zijn wegens een collectief conflict en die aanleiding geeft tot een eenzijdige maatregel van de werknemers (of van een groep werknemers) of elk ander sociaal conflict;6° de brand, de ontploffing, de sabotage, de terreurdaad, de akte van vandalisme, de schade veroorzaakt door misdaden, de dwang van criminele aard en de bedreigingen van dezelfde aard;7° de al dan niet verklaarde oorlog, de oorlogsdreiging, de invasie, het gewapend conflict, het embargo, de omwenteling, de opstand;8° de maatregel van hogerhand waaronder meer bepaald de situaties waarin de bevoegde overheid de spoedeisendheid inroept en uitzonderlijke en tijdelijke maatregelen oplegt aan de beheerders van het lokale transmissienet of aan de gebruikers van het lokale transmissienet om de veilige en betrouwbare werking van het lokale transmissienet te handhaven of te herstellen. Onderafdeling 2 - Interventie van de beheerder van het lokale transmissienet Art. 17.§ 1. De beheerder van het lokale transmissienet is gemachtigd om alle acties te verrichten die hij noodzakelijk acht om de gevolgen van een noodsituatie waaraan hij of zijn net het hoofd moet bieden en of die ingeroepen wordt door een gebruiker van het lokale transmissienet, een leverancier, een toegangsgerechtigde, een evenwichtsverantwoordelijke, een andere netbeheerder of elke andere persoon op de veiligheid, de betrouwbaarheid of de doeltreffendheid van het lokale transmissienet te verhelpen. De wijze waarop hij die acties doorvoert worden aangegeven in de algemene voorwaarden van de contracten die hij krachtens dit reglement of in overeenstemming ermee sluit.
De beheerder van het lokale transmissienet neemt alle preventieve acties die noodzakelijk zijn om de schadelijke gevolgen van de aangekondigde of onvoorspelbare uitzonderlijke gebeurtenissen te beperken. § 2. De acties die de beheerder van het lokale transmissienet neemt in het kader van § 1 verbinden alle betrokken personen. § 3. De §§ 1 en 2 gelden eveneens indien de noodsituatie zich nog niet heeft voorgedaan en de beheerder van het lokale transmissienet van mening is dat hij zich redelijkerwijs zou kunnen voordoen. § 4. Indien de noodsituatie en de meervoudige incidentsituaties bedoeld in artikel 181 eveneens betrekking hebben op het transmissienet, hebben de bepalingen van het technisch transmissiereglement voorrang op die van dit reglement.
Onderafdeling 3 - Opschorting van de verplichtingen Art. 18.§ 1. De uitvoering van de verplichtingen waarvoor de noodsituatie wordt ingeroepen en de verplichtingen die aanleiding geven tot een interventie van de beheerder van het lokaal transmissienet krachtens artikel 17, wordt tijdelijk opgeschort voor de duur van het beheer van de gebeurtenis die aanleiding geeft tot die noodsituatie. § 2. De verplichtingen met financieel karakter die zijn aangegaan vóór de noodsituatie dienen te worden nageleefd. Art. 19.§ 1. De beheerder van het lokale transmissienet, de gebruiker van dat net, de toegangsgerechtigde, de leverancier, de evenwichtsverantwoordelijke, een andere netbeheerder of elke andere belanghebbende persoon die de noodsituatie ingeroepen heeft die aanleiding geeft tot een interventie van de beheerder van het lokale transmissienet (waarbij die persoon in het kader van dit artikel « in gebreke blijvende partij » genoemd wordt) stelt niettemin alles in het werk om : 1° om de gevolgen van de niet-uitvoering van zijn verplichtingen zo miniem mogelijk te houden;2° om zijn verplichtingen onverwijld uit te voeren. § 2. De in gebreke blijvende partij deelt zo spoedig mogelijk en via elk beschikbaar middel aan zijn mede-ondertekenende partij en, in voorkomend geval, aan iedere betrokken persoon, de redenen mee waarom hij zijn verplichtingen niet of slechts gedeeltelijk kan nakomen, evenals de redelijkerwijs voorspelbare duur van de niet-uitvoering ervan. Afdeling 5. - Formaliteiten
Onderafdeling 1 - Kennisgevingen, mededelingen en termijnen Art. 20.§ 1. Elke kennisgeving of mededeling ter uitvoering van dit reglement dient schriftelijk te geschieden overeenkomstig de vormen en voorwaarden bepaald bij artikel 2281 van het Burgerlijk Wetboek. § 2. De kennisgeving of mededeling is vervuld onmiddellijk na ontvangst ervan in de vormen bedoeld in de eerste paragraaf. § 3. In geval van spoedeisendheid kunnen inlichtingen enkel mondeling uitgewisseld worden. In alle gevallen dienen dergelijke inlichtingen zo spoedig mogelijk bevestigd te worden overeenkomstig § 1 van dit artikel. Art. 21.§ 1. In afwijking van artikel 20 worden de commerciële en technische inlichtingen die tussen de verschillende betrokken partijen uitgewisseld worden, op elektronische wijze medegedeeld (waardoor de validering van een zending door uitgave van een ontvangstbewijs mogelijk wordt) volgens een communicatieprotocol conform de EDIEL-standaard en aangegeven in een Message Implementation Guide (MIG). Deze MIG wordt na onderlinge overeenstemming overeengekomen tussen alle netbeheerders, die de CWaPE erover inlichten. Bij gebreke van overeenstemming kan de CWaPE een MIG opleggen. § 2. Het protocol bedoeld in § 1 geldt niet verplicht voor de informatie-uitwisselingen tussen : - de beheerder van het lokale transmissienet en de beheerder van het transmissienet; - de beheerder van het lokale transmissienet en een eindafnemer, als laatstgenoemde een ander protocol verkiest en daarover een overeenkomst heeft bereikt met de beheerder van het lokale transmissienet in diens toegangscontract, of in een addendum daarbij; - tussen de beheerder van het lokale transmissienet en een distributienetbeheerder als er uitdrukkelijk onderlinge overeenstemming is bereikt over een ander protocol, met mededeling aan de CWaPE. Art. 22.De neerleggingen, mededelingen of kennisgevingen bedoeld in de artikelen 20 en 21 worden geldig verricht op het laatst daartoe door de geadresseerde opgegeven adres. Art. 23.De termijnen vermeld in dit reglement lopen van middernacht tot middernacht. Zij lopen vanaf de werkdag volgend op de ontvangst van de kennisgeving. Bij gebreke van kennisgeving gaan de termijnen in op de werkdag volgend op de dag waarop van de handeling of van de gebeurtenis die er aanleiding toe is kennis wordt genomen. Art. 24.In de termijnen is de vervaldag inbegrepen.
Onderafdeling 2 - Houden van de registers en bekendmaking Art. 25.§ 1. De beheerder van het lokale transmissienet bepaalt de informatiedrager die hij gebruikt voor het houden van de registers bepaald bij dit reglement en licht de CWaPE daarover in. § 2. Als de registers op een elektronische informatiedrager bijgehouden worden, treft de beheerder van het lokale transmissienet alle nodige maatregelen om minstens één niet gewijzigde copie op een identieke informatiedrager veilig te bewaren. § 3. De beheerder van het lokale transmissienet verzorgt de bekendmaking van de registers bepaald bij dit reglement volgens de gebruikelijke modaliteiten en de ter zake geldende wetgeving. Art. 26.§ 1. De beheerder van het lokale transmissienet is ertoe verplicht aan elke belanghebbende persoon die er schriftelijk om verzoekt, een afschrift over te maken van het model van de algemene voorwaarden, typecontracten en formulieren bepaald krachtens dit reglement. § 2. Onverminderd de niet-bekendmaking van de vertrouwelijke of commercieel gevoelige gegevens en inlichtingen waar hij krachtens dit reglement kennis van heeft, waakt de beheerder van het lokale transmissienet erover de voor de marktdeelnemers redelijkerwijs noodzakelijke inlichtingen, waaronder de algemene voorwaarden, tarieven, formulieren en procedures, op een via internet toegankelijke server bekend te maken.
TITEL II. - Planificatiegegevens van het lokale transmissienet HOOFDSTUK I - Gegevens met het oog op de vaststelling van een aanpassingsplan Art. 27.In het kader van de operationele regels voor het technisch beheer van de elektriciteitsstromen komt de beheerder van het lokale transmissienet de praktische overlegmodaliteiten met de CWaPE overeen met het oog op de vaststelling van een plan voor de aanpassing van zijn net op grond van de inlichtingen zoals omschreven in deze Titel.
Het plan voor de aanpassing van het lokale transmissienet wordt vastgesteld naast het ontwikkelingsplan bepaald bij artikel 13 van de wet. Art. 28.§ 1. De vaststelling van een plan voor de aanpassing van het lokale transmissienet met het oog op de verbetering van het beheer van de elektriciteitsstromen die het net doorlopen en op het verhelpen van de problemen die de veiligheid en de continuïteit van de levering van elektrische energie bedreigen, bestaat uit de volgende fasen : - een gedetailleerde raming van de behoeften inzake capaciteit van de lokale transmissie; - de analyse van de middelen die nodig zijn om aan die behoeften te voldoen; - de vergelijking van de noodzakelijke middelen met de bestaande middelen; - de opsomming van de werken en investeringen die noodzakelijk zijn om het lokale transmissienet aan te passen met het oog op het verhelpen van de ontdekte problemen; - de vaststelling van een verwezenlijkingsplanning. § 2. Daartoe worden volgende acties ondernomen : 1° de beheerder van het lokale transmissienet maakt tegen 15 oktober de inlichtingen bedoeld in § 1 aan de CWaPE over (of verantwoordt dat het laatst door de Waalse Regering goedgekeurde plan geen enkele aanpassing behoeft);2° de beheerder van het lokale transmissienet komt met de CWaPE een datum overeen voor de overlegging van zijn plan tijdens de maand november;3° de CWaPE behandelt vervolgens het plan en kan de beheerder van het lokale transmissienet erom verzoeken hem de inlichtingen en verantwoordingen te verstrekken die hij nodig acht.De CWaPE licht hem over zijn advies in, uiterlijk eind december; 4° de beheerder van het lokale transmissienet past zijn plan eventueel aan en maakt tegen eind januari de uiteindelijke versie aan de CWaPE over in twee exemplaren;5° de CWaPE maakt onverwijld één van de exemplaren, samen met diens eventuele commentaar, aan de minister over;6° na goedkeuring door de Waalse Regering wordt het plan in werking gesteld. HOOFDSTUK II - Planificatiegegevens en wijze van overmaking Afdeling 1. - Basisbeginselen
Art. 29.§ 1. De gebruiker van het lokale transmissienet maakt aan de beheerder van dat net de planificatiegegevens over overeenkomstig dit Hoofdstuk. § 2. De mededeling van de planificatiegegevens aan de beheerder van het lokale transmissienet wordt onder de vorm bepaald bij Titel VII van dit reglement verricht. Afdeling 2. - Jaarlijkse kennisgevingsverplichting aangaande de
planificatiegegevens Art. 30.De gebruiker van het lokale transmissienet maakt aan de beheerder van dat net de beschikbare planificatiegegevens over met betrekking tot de zeven jaar volgend op het lopende jaar. Art. 31.De kalender voor de kennisgeving van de gegevens bedoeld bij dit Hoofdstuk is dezelfde als de kalender voor de ontwikkeling van het transmissienet. Art. 32.De mede te delen planificatiegegevens houden de gegevens bedoeld in Titel VII van dit reglement in. Art. 33.De gebruiker van het lokale transmissienet kan, in voorkomend geval, de beheerder ervan alle andere nuttige informatie mededelen die niet vermeld is in de planificatiegegevens bedoeld in Titel VII van dit reglement. Art. 34.§ 1. De beheerder van het lokale transmissienet kan middels motivering van de gebruiker van het lokale transmissienet of van elke andere betrokken partij aanvullende gegevens krijgen die niet vermeld zijn in Titel VII van dit reglement en diens bijlage 3 en die hij nodig acht voor het nakomen van zijn verplichtingen en motiveert zijn verzoek. § 2. Na raadpleging van de gebruiker van het lokale transmissienet deelt de beheerder van het lokale transmissienet de redelijke termijn mee waarin die bijkomende gegevens hem door de gebruiker van het lokale transmissienet medegedeeld zullen worden. Art. 35.§ 1. Indien de mededeling van de planificatiegegevens onvolledig, onnauwkeurig, foutief of duidelijk onredelijk is, maakt de gebruiker van het betrokken net op verzoek van de beheerder van het lokale transmissienet elke correctie of elk aanvullend verzocht gegeven over. § 2. Na raadpleging van de gebruiker van het lokale transmissienet deelt de beheerder van het lokale transmissienet de redelijke termijn mee waarin die gegevens door de gebruiker van het lokale transmissienet hem medegedeeld zullen worden. Art. 36.De gebruiker van het lokale transmissienet die niet in staat is om de verzochte gegevens mede te delen overeenkomstig de artikelen 31 en 34 licht de beheerder van het lokale tranmissienet daarover in en motiveert de redenen voor die onvolledige mededeling. Art. 37.In de jaarlijkse mededeling van de planificatiegegevens wordt van hun respectievelijke inwerkingtredingsdatum melding gemaakt. Afdeling 3. - Verplichting tot mededeling van de planificatiegegevens
in geval van ingebruikname of buitengebruikstelling van een productie-eenheid Art. 38.De gebruiker van het lokale transmissienet die een productie-eenheid die is aangesloten op het lokale transmissienet in gebruik wil nemen of buiten gebruik wil stellen, deelt de beheerder van het lokale transmissienet uiterlijk twaalf maanden vóór daadwerkelijke verwezenlijking van die ingebruikname of buitengebruikstelling de planificatiegegevens mee zoals gespecifieerd in artikel 243. Art. 39.De mededeling van de gegevens bedoeld in artikel 38 loopt niet vooruit noch op de instemming, noch op de weigering van de beheerder van het lokale transmissienet, noch op de beslissing van de gebruiker van het lokale transmissienet wat zijn bedoeling waarvan sprake in artikel 38 betreft. Art. 40.De mededeling van de planificatiegegevens in geval van ingebruikname, buitengebruikstelling of wijziging geeft de respectievelijke inwerkingsdatum aan.
TITEL III. - Aansluiting op het lokale transmissienet HOOFDSTUK I - Technische aansluitingsvoorschriften Afdeling 1. - Algemene bepalingen
Art. 41.Titel III geldt : 1° voor alle aansluitingsinstallaties en voor de meetsystemen voor het gedeelte dat niet in titel V gedekt zou worden;2° voor alle installaties van de gebruiker van het lokale transmissienet die de veiligheid, de betrouwbaarheid of de doeltreffendheid van het lokale transmissienet of van de installaties van een andere gebruiker van het lokale transmissienet of de kwaliteit van de spanning zou kunnen beïnvloeden;3° voor de installaties die door een rechstreekse lijn aangesloten zijn en voor de installaties die deel uitmaken van een rechtstreekse lijn;4° voor alle koppelingen met de andere netten. Art. 42.De aansluiting wordt via de aansluitingspunten op het lokale transmissienet gekoppeld. De aansluiting wordt door de de beheerder van het lokale transmissienet verricht. Art. 43.§ 1. De aansluitingen worden beheerd door de beheerder van het lokale transmissienet overeenkomstig artikel 9 van dit reglement. § 2. Onverminderd voor de beheerder van het lokale transmissienet om elke aansluitingsinstallatie of aansluiting te mogen verrichten krachtens zijn aanwijzing als beheerder van het lokale transmissienet overeenkomstig het decreet, wordt elke aanvraag voor een nieuwe aansluiting of voor een nieuwe aansluitingsinstallatie bij de beheerder van het lokale transmissienet ingediend door elke kandidaat-gebruiker van het lokale transmissienet die een document als bewijsstuk kan voorleggen waaruit blijkt dat hij in eigendom of in genot over alle rechten beschikt of zal beschikken met betrekking tot het beheer, het gebruik, de versterking of de afstand van die installaties. § 3. Indien aansluitingsinstallaties eigendom zijn van de gebruiker van het lokale transmissienet, is laatstgenoemde ertoe verplicht alle bepalingen van dit reglement en van de krachtens dit regelement gesloten contracten met betrekking tot diens aansluitingsinstallatie na te leven en te doen naleven. § 4. In afwijking van de §§ 1 tot en met 3 en enkel als de overeenkomst bedoeld in artikel 15, § 1, daar uitdrukkelijk in voorziet, is de beheerder van het lokale transmissienet, of een door hem gemachtigd persoon als enige bevoegd om een interventie of een schakeling op een installatie te verrichten die functioneel deel uitmaakt van het lokale transmissienet. De kosten voor bedoelde interventies en schakelingen worden overgenomen door de gebruiker van het lokale transmissienet indien zij op diens verzoek worden verricht en indien zij hun oorsprong vinden in zijn eigen installaties. Art. 44.De procedures voor de exploitatie en het onderhoud van de installaties van de gebruiker van het lokale transmissienet die functioneel deel uitmaken van het lokale transmissienet of van invloed zijn op de veiligheid, de betrouwbaarheid en de doeltreffendheid van het lokale transmissienet of op installaties van de andere gebruikers van het lokale transmissienet worden bepaald naar gelang van de overeenkomst bedoeld in artikel 15, § 1. Afdeling 2. - Voorschriften geldend voor elke aansluiting
Onderafdeling 1 - Normen Art. 45.§ 1. De aansluitingsinstallaties en de installaties van de gebruikers van het lokale transmissienet zijn conform de normen en reglementen geldend voor elektrische installaties. § 2. De beheerder van het lokale transmissienet en de gebruiker van betrokken net komen in het aansluitingscontract op transparente en niet-discriminerende wijze overeen over de normen, de technische verslagen en de andere geldende referentieregels. Art. 46.§ 1. Het toegelaten niveau van de storingen die op het lokale transmissienet ontstaan door toedoen van de aansluitingsinstallaties en van de installaties van de gebruikers van het lokale transmissienet wordt bepaald door de algemeen geldende normen in de sectoren die op Europees niveau vergelijkbaar zijn en meer bepaald de technische verslagen CEI 61000-3-6 en CEI 61000-3-7. § 2. De gebruiker van het lokale transmissienet zet alle adequate middelen in om te voorkomen dat de installaties die hij beheert op het lokale transmissienet storingsverschijnselen veroorzaken die de grenzen bedoeld in § 1 en, in voorkomend geval, in het aansluitingscontract overschrijden. Art. 47.De beheerder van het lokale transmissienet verstrekt de gebruiker een spanning op het aansluitingspunt die minstens voldoet aan de norm EN 50160. De norm EN 50160 geldt als referentie voor alle andere spanningsniveaus bedoeld in dit reglement. Art. 48.De wijzigingen in een norm bedoeld bij deze Afdeling gelden voor de aansluitingsinstallaties en voor de bestaande installaties van de gebruikers van het lokale transmissienet voor zover de norm of een wettelijke verplichting daarin voorziet en geen aanpassing vereisen in de krachtens dit reglement gesloten contracten.
Onderafdeling 2. - Algemene technische voorschriften voor de aansluiting van de installaties van de gebruiker Art. 49.De verplichte algemene technische minimumkenmerken van een aansluitingsinstallatie en van een installatie van een gebruiker van het lokale transmissienet zijn vermeld in bijlage 1 van dit reglement. Art. 50.§ 1. De aansluitingsvelden van de aansluitingsinstallaties zijn uitgerust met beveiligingen, teneinde selectief een fout uit te schakelen binnen een maximum toegelaten tijdsinterval (waarin begrepen de tijd voor de werking van de vermogenschakelaar en het doven van de boog) zoals vermeld in bijlage 2 van dit reglement. § 2. De beveiligingen bedoeld in § 1 worden door de beheerder van het lokale transmissienet gepreciseerd in het aansluitingscontract. In dat contract wordt aangegeven of de beveiligingen als beveiligingen van het tweede niveau kunnen dienen voor de gebruiker van het lokale transmissienet. Art. 51.§ 1. De beheerder van het lokale transmissienet en de gebruiker van het betrokken net bepalen in het aansluitingscontract voor wat betreft de aspecten die niet geregeld worden in dit reglement, de technische minimumeisen en regelparameters die tot uitvoering moeten gebracht worden met betrekking tot de aansluiting op het net, waarvan onder meer : 1° het eendraadsschema met inbegrip van het eerste aansluitingsveld vanaf het lokale transmissienet, de structuur van de post waarvan dit veld deel uitmaakt en de railstellen van deze post;2° de technisch-functionele minimumkenmerken van de aansluitingsinstallaties.Die vereisten houden onder meer rekening met de plaatselijke bijzondere kenmerken van het net. § 2. De beheerder van het lokale transmissienet en de gebruiker van het betrokken net bepalen, op niet discriminerende en transparante wijze in het aansluitingscontract en op het eendraadsschema, onder meer : 1° het aansluitingspunt;2° het punt van interface tussen de aansluiting en de installaties van de gebruiker van het net;3° het injectie- en/of afnamepunt;4° het meetpunt. § 3. De technische minimumeisen, de regelparameters en andere bepalingen bedoeld in §§ 1 en 2 worden opgenomen in het aansluitingscontract bedoeld in artikel 112. § 4. Elektrische installaties die door afzonderlijke aansluitingen gevoed worden, mogen nooit met elkaar worden verbonden, behoudens voorafgandelijke toelating van de beheerder van het lokale transmissienet of uitdrukkelijke overeenkomst in het aansluitingscontract met duidelijke vermelding van de modaliteiten. Art. 52.§ 1. De netbeheerder bepaalt de technisch-functionele minimumvereisten die aangewend dienen te worden voor de installaties van de netgebruiker, ten einde de veiligheid, de betrouwbaarheid en de efficiëntie van het net te waarborgen. Deze functionele minimumvereisten hebben betrekking op : 1° de effecten teweeggebracht door de installaties van de gebruiker van het lokale transmissienet ter hoogte van het punt van interface in termen van : a) de maximale eenfasige en driefasige kortsluitvermogens die de installaties van de gebruiker van het lokale transmissienet kunnen injecteren in het lokale transmissienet;b) de maximale foutafschakeltijd door de hoofd- en reservebeveiligingen;c) de nulpuntschakeling van de installaties van de gebruiker van het lokale transmissienet (aarding, aardingsimpedanties, wikkelingschakelschema van de transformatoren);d) de maximaal toegelaten niveaus van storingsemissies geïnjecteerd in het lokale transmissienet door de installaties van de gebruiker van het lokale transmissienet;2° de technische karakteristieken van de installaties van de gebruiker van het lokale transmissienet aangesloten op het spanningsniveau van het punt van interface of, bij ontbreken van dergelijke installaties bijvoorbeeld in geval de installaties van de de gebruiker van het lokale transmissienet beginnen met een spanningstransformatie, de technische karakteristieken van de installaties van de netgebruiker aangesloten op het …
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.