📄 Wettekst
27 JUNI 2018. - Koninklijk besluit tot wijziging van het
koninklijk besluit van 11 juli 2003Relevante gevonden documenten
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
27/01/2004
numac
2003000892
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Koninklijk besluit tot vaststelling van de werking van het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
05/09/2003
numac
2003022843
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 8 april 1976 houdende regeling van de gezinsbijslag ten voordele van de zelfstandigen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
15/10/2003
numac
2003022837
bron
federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 25 april 2002 betreffende de vaststelling en de vereffening van het budget van financiële middelen van de ziekenhuizen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
13/10/2003
numac
2003003454
bron
ministerie van verkeer en infrastructuur
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 4 mei 1998 tot vaststelling van de regels voor de toepassing van het koninklijk besluit van 3 april 1997 houdende maatregelen betreffende de overdracht van sommige personeelsleden van Belgacom aan de federale overheid met toepassing van artikel 3, § 1, 6°, van de wet van 26 juli 1996 betreffende het realiseren van de budgettaire voorwaarden van de deelname van België aan de Europese Economische en Monetaire Unie
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
27/08/2003
numac
2003022818
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 5 oktober 1999 tot uitvoering van artikel 51, § 4, van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994, houdende bepaling wat onder beduidende overschrijding of risico op beduidende overschrijding van de partiële begrotingsdoelstelling moet worden verstaan
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
16/10/2003
numac
2003022922
bron
federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 16 maart 1999 houdende benoeming van de leden van de Commissie van beroep bedoeld bij artikel 4, § 3, 4°, van het koninklijk besluit nr. 78 van 10 november 1967 betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
26/08/2003
numac
2003014201
bron
federale overheidsdienst mobiliteit en vervoer
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 14 februari 2001 tot vaststelling van de vergoedingen waaraan het gebruik van openbare diensten betreffende de luchtvaart is onderworpen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
20/08/2003
numac
2003022608
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 24 oktober 2002 tot vaststelling van de procedures, termijnen en voorwaarden waaronder de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen tegemoetkomt in de kosten van de verstrekkingen bedoeld in artikel 34, eerste lid, 20°, van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
27/01/2004
numac
2003000891
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Koninklijk besluit tot regeling van de werking van en de rechtspleging voor het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
27/01/2004
numac
2003000890
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Koninklijk besluit houdende vaststelling van bepaalde elementen van de procedure die dienen gevolgd te worden door de dienst van de Dienst Vreemdelingenzaken die belast is met het onderzoek van de asielaanvragen op basis van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
21/08/2003
numac
2003011427
bron
federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 9 augustus 2002 waarbij de schade veroorzaakt aan bepaalde teelten door de overvloedige regenval van oktober en november 2000 op het grondgebied van verscheidene gemeenten als een landbouwramp wordt beschouwd, waarbij de geografische omvang van deze ramp afgebakend wordt en waarbij de schadeloosstelling van de schade wordt vastgesteld
sluiten tot regeling van de werking van en de rechtspleging voor het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen
VERSLAG AAN DE KONING Sire, Dit ontwerp van koninklijk besluit heeft tot doel een aantal belangrijke en dringende wijzigingen aan te brengen aan het
koninklijk besluit van 11 juli 2003Relevante gevonden documenten
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
27/01/2004
numac
2003000892
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Koninklijk besluit tot vaststelling van de werking van het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
05/09/2003
numac
2003022843
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 8 april 1976 houdende regeling van de gezinsbijslag ten voordele van de zelfstandigen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
15/10/2003
numac
2003022837
bron
federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 25 april 2002 betreffende de vaststelling en de vereffening van het budget van financiële middelen van de ziekenhuizen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
13/10/2003
numac
2003003454
bron
ministerie van verkeer en infrastructuur
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 4 mei 1998 tot vaststelling van de regels voor de toepassing van het koninklijk besluit van 3 april 1997 houdende maatregelen betreffende de overdracht van sommige personeelsleden van Belgacom aan de federale overheid met toepassing van artikel 3, § 1, 6°, van de wet van 26 juli 1996 betreffende het realiseren van de budgettaire voorwaarden van de deelname van België aan de Europese Economische en Monetaire Unie
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
27/08/2003
numac
2003022818
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 5 oktober 1999 tot uitvoering van artikel 51, § 4, van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994, houdende bepaling wat onder beduidende overschrijding of risico op beduidende overschrijding van de partiële begrotingsdoelstelling moet worden verstaan
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
16/10/2003
numac
2003022922
bron
federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 16 maart 1999 houdende benoeming van de leden van de Commissie van beroep bedoeld bij artikel 4, § 3, 4°, van het koninklijk besluit nr. 78 van 10 november 1967 betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
26/08/2003
numac
2003014201
bron
federale overheidsdienst mobiliteit en vervoer
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 14 februari 2001 tot vaststelling van de vergoedingen waaraan het gebruik van openbare diensten betreffende de luchtvaart is onderworpen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
20/08/2003
numac
2003022608
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 24 oktober 2002 tot vaststelling van de procedures, termijnen en voorwaarden waaronder de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen tegemoetkomt in de kosten van de verstrekkingen bedoeld in artikel 34, eerste lid, 20°, van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
27/01/2004
numac
2003000891
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Koninklijk besluit tot regeling van de werking van en de rechtspleging voor het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
27/01/2004
numac
2003000890
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Koninklijk besluit houdende vaststelling van bepaalde elementen van de procedure die dienen gevolgd te worden door de dienst van de Dienst Vreemdelingenzaken die belast is met het onderzoek van de asielaanvragen op basis van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
21/08/2003
numac
2003011427
bron
federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 9 augustus 2002 waarbij de schade veroorzaakt aan bepaalde teelten door de overvloedige regenval van oktober en november 2000 op het grondgebied van verscheidene gemeenten als een landbouwramp wordt beschouwd, waarbij de geografische omvang van deze ramp afgebakend wordt en waarbij de schadeloosstelling van de schade wordt vastgesteld
sluiten tot regeling van de werking van en de rechtspleging voor het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen, en dit om de efficiënte werking van het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen niet in het gedrang te brengen.
Deze wijzigingen zijn het gevolg van de
wet van 21 november 2017Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
21/11/2017
pub.
12/03/2018
numac
2017032079
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet tot wijziging van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van de wet van 12 januari 2007 betreffende de opvang van asielzoekers en van bepaalde andere categorieën van vreemdelingen
sluiten tot wijziging van de
wet van 15 december 1980Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
15/12/1980
pub.
12/04/2012
numac
2012000231
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen
type
wet
prom.
15/12/1980
pub.
20/12/2007
numac
2007000992
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen
sluiten betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van de wet van 12 januari 2007 betreffende de opvang van asielzoekers en van bepaalde andere categorieën van vreemdelingen, die de richtlijn 2013/32/EU van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2013 betreffende gemeenschappelijke procedures voor de toekenning en intrekking van de internationale bescherming (herschikking) gedeeltelijk omzet.
Het is noodzakelijk om voormeld koninklijk besluit zo spoedig mogelijk in overeenstemming te brengen met de wetswijzigingen.
Samengevat betreffen het hoofdzakelijk wijzigingen met betrekking tot de oproepingstermijnen en de organisatie van het persoonlijk onderhoud.
Voorafgaande opmerking: in voorliggend ontwerp wordt de nieuwe terminologie van de richtlijn 2013/32/EU van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2013 betreffende gemeenschappelijke procedures voor de toekenning en intrekking van de internationale bescherming (herschikking) (bijvoorbeeld verzoek(er) om internationale bescherming) niet systematisch overgenomen. Zo maken om redenen van efficiëntie en coherentie bepaalde gewijzigde artikelen nog gebruik van de oude terminologie. Dit kan herbekeken worden in het kader van een eventuele codificatie van de Vreemdelingenwet.
ARTIKELSGEWIJZE COMMENTAAR Artikel 1 Artikel 1 van het
koninklijk besluit van 11 juli 2003Relevante gevonden documenten
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
27/01/2004
numac
2003000892
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Koninklijk besluit tot vaststelling van de werking van het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
05/09/2003
numac
2003022843
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 8 april 1976 houdende regeling van de gezinsbijslag ten voordele van de zelfstandigen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
15/10/2003
numac
2003022837
bron
federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 25 april 2002 betreffende de vaststelling en de vereffening van het budget van financiële middelen van de ziekenhuizen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
13/10/2003
numac
2003003454
bron
ministerie van verkeer en infrastructuur
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 4 mei 1998 tot vaststelling van de regels voor de toepassing van het koninklijk besluit van 3 april 1997 houdende maatregelen betreffende de overdracht van sommige personeelsleden van Belgacom aan de federale overheid met toepassing van artikel 3, § 1, 6°, van de wet van 26 juli 1996 betreffende het realiseren van de budgettaire voorwaarden van de deelname van België aan de Europese Economische en Monetaire Unie
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
27/08/2003
numac
2003022818
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 5 oktober 1999 tot uitvoering van artikel 51, § 4, van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994, houdende bepaling wat onder beduidende overschrijding of risico op beduidende overschrijding van de partiële begrotingsdoelstelling moet worden verstaan
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
16/10/2003
numac
2003022922
bron
federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 16 maart 1999 houdende benoeming van de leden van de Commissie van beroep bedoeld bij artikel 4, § 3, 4°, van het koninklijk besluit nr. 78 van 10 november 1967 betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
26/08/2003
numac
2003014201
bron
federale overheidsdienst mobiliteit en vervoer
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 14 februari 2001 tot vaststelling van de vergoedingen waaraan het gebruik van openbare diensten betreffende de luchtvaart is onderworpen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
20/08/2003
numac
2003022608
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 24 oktober 2002 tot vaststelling van de procedures, termijnen en voorwaarden waaronder de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen tegemoetkomt in de kosten van de verstrekkingen bedoeld in artikel 34, eerste lid, 20°, van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
27/01/2004
numac
2003000891
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Koninklijk besluit tot regeling van de werking van en de rechtspleging voor het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
27/01/2004
numac
2003000890
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Koninklijk besluit houdende vaststelling van bepaalde elementen van de procedure die dienen gevolgd te worden door de dienst van de Dienst Vreemdelingenzaken die belast is met het onderzoek van de asielaanvragen op basis van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
21/08/2003
numac
2003011427
bron
federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 9 augustus 2002 waarbij de schade veroorzaakt aan bepaalde teelten door de overvloedige regenval van oktober en november 2000 op het grondgebied van verscheidene gemeenten als een landbouwramp wordt beschouwd, waarbij de geografische omvang van deze ramp afgebakend wordt en waarbij de schadeloosstelling van de schade wordt vastgesteld
sluiten tot regeling van de werking van en de rechtspleging voor het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en Staatlozen wordt, zoals de Raad van State in haar advies suggereert, vervangen, zodat het duidelijk is dat dit besluit strekt tot de gedeeltelijke omzetting van de richtlijnen 2011/95/EU en 2013/32/EU en de bepalingen dan ook moeten geïnterpreteerd worden in het licht van deze richtlijnen.
Artikel 2 Artikel 2 bevat drie wijzigingen aan artikel 1/1 van hetzelfde koninklijk besluit.
Vooreerst wordt de definitie van vertrouwenspersoon aangepast, zodat het duidelijk wordt dat enkel personen die beroepshalve gespecialiseerd zijn in vreemdelingenrecht of in de bijstand aan personen kunnen optreden als vertrouwenspersoon. Voorbeelden van mogelijke vertrouwenspersonen zijn sociaal assistenten, vertegenwoordigers van ngo's die actief zijn op het vlak van asiel, leerkrachten, priesters, imams, psychologen en psychiaters. Daar het vereist is dat een vertrouwenspersoon beroepshalve gespecialiseerd dient te zijn in de bijstand aan personen of vreemdelingenrecht, wordt voor de goede orde verduidelijkt dat vrijwilligers van een organisatie die gericht is op bijstand aan personen of op asiel derhalve niet kunnen gemachtigd worden om de asielzoeker bij te staan tijdens de behandeling van zijn aanvraag.
Asielzoekers voldoen in principe ook niet aan de definitie (beroepshalve gespecialiseerd zijn in bijstand aan personen of vreemdelingenrecht) en bovendien kan in hun geval sprake zijn van belangenvermenging. Bloedverwanten van de asielzoekers tot en met de derde graad kunnen evenmin optreden als vertrouwenspersoon. Deze beperking heeft vooreerst tot doel te verhinderen dat de ouders van begeleide minderjarige asielzoekers artikel 57/1, § 3, tweede lid van de wet zouden omzeilen door het gehoor van hun minderjarige kinderen bij te wonen in de hoedanigheid van vertrouwenspersoon, ook al wordt er vereist dat een vertrouwenspersoon beroepshalve gespecialiseerd dient te zijn in de bijstand aan personen of vreemdelingenrecht. Het uitsluiten van bloedverwanten tot en met de derde graad garandeert bovendien niet alleen de onafhankelijkheid van de vertrouwenspersoon die de asielzoeker bijstaat, maar draagt er ook toe bij dat de asielzoeker niet gehinderd wordt in het afleggen van zijn verklaringen. De aanwezigheid van een bloedverwant van de asielzoeker zou het gehoor kunnen bemoeilijken of de asielzoeker zelfs kunnen intimideren, zeker in het geval de asielzoeker tegenstrijdige belangen heeft met de bloedverwant die wenst op te treden als vertrouwenspersoon.
Bovendien wordt er voorzien dat de asielzoeker niet kan worden bijgestaan door een persoon die strafrechtelijk veroordeeld werd voor feiten op de persoon of met behulp van de persoon van een minderjarige. Het is immers niet aangewezen dat personen die veroordeeld zijn voor feiten waar minderjarigen bij betrokken waren in een vertrouwens- of een gezagsrelatie tegenover een asielzoeker geplaatst wordt, en meer in het bijzonder ten aanzien van een minderjarige.
De ambtenaar van het Commissariaat-generaal moet de aanstelling van een vertrouwenspersoon die niet voldoet aan de definitie vervat in artikel 1/1, onder 6° van onderhavig koninklijk besluit weigeren. In voorkomend geval zal de ambtenaar van het Commissariaat-generaal de persoon die wenst op te treden als vertrouwenspersoon bevragen teneinde zich hiervan te vergewissen. Bij ernstige twijfels kan de Commissaris-generaal of zijn gemachtigde de betrokkene verzoeken aan de hand van documenten aan te tonen dat hij voldoet aan de voorwaarden om te kunnen optreden als vertrouwenspersoon. Indien de betrokken persoon dit niet kan aantonen voor de aanvang van het gehoor, kan hem de mogelijkheid ontzegd worden het gehoor van de asielzoeker bij te wonen en op te treden als vertrouwenspersoon.
In het oorspronkelijke ontwerp was voorzien dat de ambtenaar de aanwezigheid van voormelde personen toch kon aanvaarden, indien dit noodzakelijk werd bevonden om tot een adequaat onderzoek van de aanvraag over te gaan. De Raad van State achtte het echter in haar advies niet duidelijk of het enkel ging om het aanvaarden van de aanwezigheid van deze personen tijdens het gehoor of ook om hun aanstelling als vertrouwenspersoon. Dit wordt nu apart geregeld in de artikelen 9 en 10 van voorliggend ontwerpbesluit. Deze artikelen gaan specifiek over de omstandigheden van het gehoor en over wie mag/moet aanwezig zijn. Er kan dan ook naar de uiteenzetting onder deze artikelen worden verwezen voor meer toelichting.
Artikel 1, 2° voorziet verder in de vervanging van de bepaling onder 8° door de definitie van "de Voogdijwet", zodat dit verder verkort kan worden weergegeven.Zo wordt voorkomen dat de tekst te zwaar wordt en daardoor minder vlot gelezen wordt.
Artikel 1, 3° voegt de definitie van niet-begeleide minderjarige in onder de nieuwe bepaling 9° van artikel 1/1. Deze definitie bestond al onder de vroegere bepaling 8°, maar voorziet nu in een preciezer aanduiden van de toepasselijke artikelen van de Voogdijwet en het verkort weergeven van Titel XIII, Hoofdstuk VI van de Programmawet (I) (art. 479) van 24 december 2002 met opschrift "Voogdij over niet-begeleide minderjarige vreemdelingen", zoals bepaald in het gewijzigde punt 8°.
Artikel 3 Artikel 3 voorziet in de opheffing van de paragrafen 1 en 3 van artikel 4 van het
koninklijk besluit van 11 juli 2003Relevante gevonden documenten
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
27/01/2004
numac
2003000892
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Koninklijk besluit tot vaststelling van de werking van het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
05/09/2003
numac
2003022843
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 8 april 1976 houdende regeling van de gezinsbijslag ten voordele van de zelfstandigen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
15/10/2003
numac
2003022837
bron
federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 25 april 2002 betreffende de vaststelling en de vereffening van het budget van financiële middelen van de ziekenhuizen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
13/10/2003
numac
2003003454
bron
ministerie van verkeer en infrastructuur
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 4 mei 1998 tot vaststelling van de regels voor de toepassing van het koninklijk besluit van 3 april 1997 houdende maatregelen betreffende de overdracht van sommige personeelsleden van Belgacom aan de federale overheid met toepassing van artikel 3, § 1, 6°, van de wet van 26 juli 1996 betreffende het realiseren van de budgettaire voorwaarden van de deelname van België aan de Europese Economische en Monetaire Unie
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
27/08/2003
numac
2003022818
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 5 oktober 1999 tot uitvoering van artikel 51, § 4, van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994, houdende bepaling wat onder beduidende overschrijding of risico op beduidende overschrijding van de partiële begrotingsdoelstelling moet worden verstaan
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
16/10/2003
numac
2003022922
bron
federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 16 maart 1999 houdende benoeming van de leden van de Commissie van beroep bedoeld bij artikel 4, § 3, 4°, van het koninklijk besluit nr. 78 van 10 november 1967 betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
26/08/2003
numac
2003014201
bron
federale overheidsdienst mobiliteit en vervoer
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 14 februari 2001 tot vaststelling van de vergoedingen waaraan het gebruik van openbare diensten betreffende de luchtvaart is onderworpen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
20/08/2003
numac
2003022608
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 24 oktober 2002 tot vaststelling van de procedures, termijnen en voorwaarden waaronder de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen tegemoetkomt in de kosten van de verstrekkingen bedoeld in artikel 34, eerste lid, 20°, van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
27/01/2004
numac
2003000891
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Koninklijk besluit tot regeling van de werking van en de rechtspleging voor het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
27/01/2004
numac
2003000890
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Koninklijk besluit houdende vaststelling van bepaalde elementen van de procedure die dienen gevolgd te worden door de dienst van de Dienst Vreemdelingenzaken die belast is met het onderzoek van de asielaanvragen op basis van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
21/08/2003
numac
2003011427
bron
federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 9 augustus 2002 waarbij de schade veroorzaakt aan bepaalde teelten door de overvloedige regenval van oktober en november 2000 op het grondgebied van verscheidene gemeenten als een landbouwramp wordt beschouwd, waarbij de geografische omvang van deze ramp afgebakend wordt en waarbij de schadeloosstelling van de schade wordt vastgesteld
sluiten. Deze paragrafen zijn overbodig geworden omdat de kwestie van de beoordeling van het verzoek om internationale bescherming door de met het onderzoek belaste instanties geregeld wordt door artikel 48/6, § 5 van de wet.
Artikel 4 Artikel 5 van hetzelfde besluit wordt gewijzigd zodat er niet langer verwezen wordt naar de artikelen 52, 57/6/3 en 57/10 van de wet, aangezien deze artikelen opgeheven werden door de artikelen 30, 43 en 51 van de wet van 21 november 2007 tot wijziging van de
wet van 15 december 1980Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
15/12/1980
pub.
12/04/2012
numac
2012000231
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen
type
wet
prom.
15/12/1980
pub.
20/12/2007
numac
2007000992
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen
sluiten betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van de wet van 12 januari 2017 betreffende de opvang van de asielzoekers en van bepaalde andere categorieën van vreemdelingen.
Verder wordt het artikel aangepast zodat het in overeenstemming is met het artikel 57/6 van de wet dat een overzicht bevat van de verschillende bevoegdheden van de Commissaris-generaal, met artikel 57/6/4 van de wet dat de bevoegdheid van de Commissaris-generaal met betrekking tot de verzoeken om internationale bescherming ingediend aan de grens of in een transitzone regelt en met artikel 57/6/5 van de wet dat betrekking heeft op de beëindiging van de behandeling van het verzoek om internationale bescherming.
Artikel 5 De wetgever heeft er voor gekozen om de regel dat elke verzoeker minstens eenmaal de kans krijgt de inhoud van zijn verzoek om internationale bescherming toe te lichten, op te nemen in artikel 57/5ter, § 1, eerste lid van de wet. De uitzonderingen op de verplichting om een gehoor te organiseren worden opgesomd in artikel 57/5ter, § 2, 1° tot 3° van dezelfde wet. Bijgevolg wordt artikel 6 van het koninklijk besluit opgeheven.
Artikel 6 Artikel 6 voorziet in een vervanging van artikel 7 van het
koninklijk besluit van 11 juli 2003Relevante gevonden documenten
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
27/01/2004
numac
2003000892
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Koninklijk besluit tot vaststelling van de werking van het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
05/09/2003
numac
2003022843
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 8 april 1976 houdende regeling van de gezinsbijslag ten voordele van de zelfstandigen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
15/10/2003
numac
2003022837
bron
federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 25 april 2002 betreffende de vaststelling en de vereffening van het budget van financiële middelen van de ziekenhuizen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
13/10/2003
numac
2003003454
bron
ministerie van verkeer en infrastructuur
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 4 mei 1998 tot vaststelling van de regels voor de toepassing van het koninklijk besluit van 3 april 1997 houdende maatregelen betreffende de overdracht van sommige personeelsleden van Belgacom aan de federale overheid met toepassing van artikel 3, § 1, 6°, van de wet van 26 juli 1996 betreffende het realiseren van de budgettaire voorwaarden van de deelname van België aan de Europese Economische en Monetaire Unie
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
27/08/2003
numac
2003022818
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 5 oktober 1999 tot uitvoering van artikel 51, § 4, van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994, houdende bepaling wat onder beduidende overschrijding of risico op beduidende overschrijding van de partiële begrotingsdoelstelling moet worden verstaan
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
16/10/2003
numac
2003022922
bron
federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 16 maart 1999 houdende benoeming van de leden van de Commissie van beroep bedoeld bij artikel 4, § 3, 4°, van het koninklijk besluit nr. 78 van 10 november 1967 betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
26/08/2003
numac
2003014201
bron
federale overheidsdienst mobiliteit en vervoer
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 14 februari 2001 tot vaststelling van de vergoedingen waaraan het gebruik van openbare diensten betreffende de luchtvaart is onderworpen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
20/08/2003
numac
2003022608
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 24 oktober 2002 tot vaststelling van de procedures, termijnen en voorwaarden waaronder de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen tegemoetkomt in de kosten van de verstrekkingen bedoeld in artikel 34, eerste lid, 20°, van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
27/01/2004
numac
2003000891
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Koninklijk besluit tot regeling van de werking van en de rechtspleging voor het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
27/01/2004
numac
2003000890
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Koninklijk besluit houdende vaststelling van bepaalde elementen van de procedure die dienen gevolgd te worden door de dienst van de Dienst Vreemdelingenzaken die belast is met het onderzoek van de asielaanvragen op basis van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
21/08/2003
numac
2003011427
bron
federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 9 augustus 2002 waarbij de schade veroorzaakt aan bepaalde teelten door de overvloedige regenval van oktober en november 2000 op het grondgebied van verscheidene gemeenten als een landbouwramp wordt beschouwd, waarbij de geografische omvang van deze ramp afgebakend wordt en waarbij de schadeloosstelling van de schade wordt vastgesteld
sluiten. Dit artikel herhaalt en vervolledigt de verschillende wijzen waarop kan opgeroepen worden voor een persoonlijk onderhoud conform artikel 51/2 van de wet.
Artikel 7, § 1 voorziet dat de Commissaris-generaal of zijn gemachtigde een kopie van de oproeping voor een persoonlijk onderhoud ter informatie naar het adres van de effectieve woonplaats van de verzoeker om internationale bescherming kan sturen indien hij daarover werd ingelicht. Dit betekent wanneer uit de stukken vervat in het administratieve dossier kan afgeleid worden dat het adres van de effectieve woonplaats van de verzoeker verschilt van het voordien door hem meegedeelde adres van de gekozen woonplaats. Deze handelswijze heeft slechts nut wanneer het adres van de effectieve woonplaats van recentere datum is dan het adres van de gekozen woonplaats. Er is geen sanctie voorzien indien de Commissaris-generaal of zijn gemachtigde geen kopie van de oproeping heeft verstuurd naar de effectieve woonplaats van de verzoeker.
Een kopie van de oproeping wordt ook per fax, per gewone post of per e-mail verstuurd naar de advocaat van de verzoeker. Er wordt verduidelijkt dat deze oproeping louter ter informatie meegedeeld wordt aan de advocaat. Het is immers aan de verzoeker om zijn advocaat in te lichten over de stand van zijn procedure. In de oproepingsbrief die door de Commissaris-generaal aan de verzoeker verstuurd wordt, staat uitdrukkelijk aangegeven dat hij zich op de dag van zijn persoonlijk onderhoud kan laten bijstaan door zijn advocaat. De verzoeker is vrij te beslissen of hij al dan niet wil worden bijgestaan door een advocaat tijdens zijn persoonlijk onderhoud.
Indien hij gedurende het persoonlijk onderhoud de bijstand van een advocaat wenst, is het zijn taak om op diligente en alerte wijze zijn verdediging te organiseren, en kan er in redelijkheid worden verwacht dat hij dan zijn advocaat zelf op de hoogte brengt dat het persoonlijk onderhoud zal plaatsvinden. Daar de kopie van de oproeping die aan de advocaat wordt overgemaakt slechts een informatieve waarde heeft, is er geen sanctie voorzien indien de Commissaris-generaal geen kopie van de oproeping heeft verstuurd naar de advocaat.
Artikel 6 voorziet verder in een technische aanpassing van artikel 7, § 2, in die zin dat de verwijzing naar paragrafen 1 en 2 geschrapt wordt. De verwijzing in de tweede paragraaf van artikel 7 naar de tweede paragraaf in hetzelfde artikel is logischerwijze niet correct.
De verwijzing naar paragraaf 1 is niet nuttig, aangezien de wijze waarop kennis wordt gegeven van de oproeping tot het gehoor reeds voorgeschreven is door artikel 51/2, zesde lid van de wet. Bovendien is de eerste paragraaf op een zodanige wijze geformuleerd dat het van toepassing is telkens een verzoeker opgeroepen wordt voor een persoonlijk onderhoud en dit ongeacht de leeftijd van de verzoeker.
Verder wordt verduidelijkt dat de oproeping voor het persoonlijk onderhoud van een minderjarige verzoeker verstuurd wordt naar de gekozen woonplaats van de ouder(s) en een kopie van de oproeping per gewone post zowel naar de effectieve woonplaats van de minderjarige als, in voorkomend geval, naar de dienst Voogdij.
Het wordt mogelijk dat een begeleide minderjarige verzoeker opgeroepen wordt voor een persoonlijk onderhoud zonder dat de persoon die conform de nationale wet of de Belgische wet werd aangewezen als voogd, of de persoon die het ouderlijk gezag op hem uitoefent hiervan op de hoogte wordt gesteld. Begeleide minderjarige vreemdelingen kunnen overeenkomstig artikel 57/1, § 2 van de wet zelf of via hun ouder(s) of voogd een verzoek om internationale bescherming in eigen naam indienen. De beweegredenen van ouders of voogden en kinderen om een verzoek om internationale bescherming te doen komen vaak overeen, maar kunnen ook van elkaar verschillen en zelfs conflicterend zijn. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn voor daden van vervolging van kindspecifieke aard zoals gedwongen huwelijk, kindsoldaten, vrouwelijke genitale verminking, enz. Artikel 57/1, § 2 van de wet voorziet bijgevolg in de mogelijkheid voor de begeleide minderjarige om autonoom een verzoek om internationale bescherming in te dienen. In voorkomend geval is het niet aangewezen dat de ouder(s) of de voogd op de hoogte worden gesteld van het feit dat de begeleide minderjarige verzoeker in eigen naam een verzoek heeft ingediend. In dit opzicht en in het belang van de begeleide minderjarige vreemdeling is het verantwoord dat hij, wanneer hij daar uitdrukkelijk om verzoekt, opgeroepen wordt voor een persoonlijk onderhoud zonder dat de persoon die het ouderlijk gezag of de voogdij uitoefent hierover wordt ingelicht. Artikel 7, § 3 van het besluit voorziet daarom dat de oproeping voor een persoonlijk onderhoud rechtsgeldig kan verstuurd worden naar de gekozen woonplaats die door de begeleide minderjarige verzoeker werd opgegeven. Er moet geen kopie van deze oproeping verstuurd worden naar de voogd of de persoon die het ouderlijk gezag over hem uitoefent.
Deze regeling geldt eveneens voor het versturen van de beslissing, zoals bepaald in artikel 24 van onderhavig besluit dat verwijst naar artikel 7.
Artikel 7, § 4 van hetzelfde besluit wordt vervangen. Het artikel wordt zodanig aangepast dat het persoonlijk onderhoud minstens acht kalenderdagen na de datum van kennisgeving van de oproeping voor het persoonlijk onderhoud kan plaatsvinden. Het onderscheid tussen werkdagen en kalenderdagen, naargelang de wijze waarop de verzoeker wordt opgeroepen, wordt opgeheven omdat er in het licht van het gelijkheidsbeginsel geen reden is om in geval de verzoeker wordt opgeroepen voor een eerste persoonlijk onderhoud door een kennisgeving aan de persoon zelf een kortere oproepingstermijn te voorzien dan indien hij zou opgeroepen worden bij een ter post aangetekende zending of per drager tegen ontvangstbewijs. Het herleiden van de oproepingstermijn naar een termijn van kalenderdagen in plaats van werkdagen heeft als voordeel dat alle dagen zonder onderscheid in deze termijn gerekend worden. Dit maakt het voor de verzoeker en de personen die hem bijstaan tijdens de behandeling van zijn verzoek eenvoudiger om te controleren of de door de Koning opgelegde oproepingstermijn gerespecteerd wordt.
De termijn tussen de kennisgeving van de oproepingsbrief en de datum van het persoonlijk onderhoud is voorzien om de verzoeker toe te laten zich voor te bereiden op het persoonlijk onderhoud en de nodige regelingen te treffen om zich naar Brussel te begeven. Een termijn van acht kalenderdagen volstaat om elke individuele verzoeker de kans te geven beroep te doen op de hem toegekende rechten en te voldoen aan de plichten die op zijn schouders rusten.
Het koninklijk besluit wordt gewijzigd opdat een kortere oproepingstermijn mogelijk is voor de verzoeken om internationale bescherming waarvoor de wetgever een bijzondere procedure heeft uitgewerkt. Het betreffen de verzoeken waarbij de Commissaris-generaal overeenkomstig de artikelen 57/6, § 3 en 57/6/1 van de wet kan beslissen om het verzoek om internationale bescherming niet-ontvankelijk te verklaren of te behandelen volgens een versnelde procedure, en waarvan de wetgever verwacht dat deze verzoeken versneld en/of binnen een zeer korte termijn van, naargelang het geval, tien tot vijftien werkdagen worden behandeld. De oproepingstermijn voor deze categorieën van verzoeken om internationale bescherming wordt herleid tot een minimumtermijn van twee kalenderdagen.
Volledigheidshalve wordt opgemerkt dat er reeds een verkorte oproepingstermijn van 48 en 24 uur bestond voor bepaalde categorieën van verzoekers om internationale bescherming. Ten einde de procedure te vereenvoudigen wordt deze termijn omgezet naar een termijn van kalenderdagen.
Hoewel sommige situaties, die kunnen leiden tot een beslissing van niet-ontvankelijkheid of tot een behandeling van het verzoek volgens een versnelde procedure, gekend zijn door de Commissaris-generaal vanaf het begin van het onderzoek (bv. de verzoeker is afkomstig uit een veilig land van herkomst, de verzoeker dient een volgend verzoek in dat ontvankelijk wordt verklaard, de verzoeker weigerde zijn vingerafdrukken te laten nemen), worden deze situaties na het persoonlijk onderhoud en na gedegen onderzoek niet steeds weerhouden als een motief voor een beslissing van niet-ontvankelijkheid of binnen de versnelde procedure. Het administratief dossier kan bijvoorbeeld duidelijke aanwijzingen bevatten dat de verzoeker zich in een situatie voorzien in de artikelen 57/6, § 3 of 57/6/1, § 1 van de wet bevindt en bijgevolg aanleiding geven tot een verkorte oproepingstermijn, maar dit zegt niets over de uiteindelijke beslissing die er zal worden genomen ten aanzien van de verzoeker. Zo zal het gegeven dat de verzoeker tegengehouden wordt aan de grens omdat hij niet in het bezit is van een geldig paspoort of van een daarmee gelijkgestelde reistitel aanleiding kunnen geven tot een toepassing van de versnelde procedure via een verkorte oproepingstermijn op basis van artikel 57/6/1, § 1, c) of d) van de wet, maar kan de uiteindelijke beslissing gebaseerd zijn op totaal andere motieven (bv.erkenning van de vluchtelingenstatus). Ook voor een verzoeker die onrechtmachtig op het grondgebied verblijft, vervolgens wordt vastgehouden in een gesloten centrum en een verzoek om internationale bescherming indient, zal bijvoorbeeld op basis van het dossier een verkorte oproepingstermijn kunnen worden gehanteerd omdat hij zonder gegronde reden niet zo snel mogelijk een verzoek om internationale bescherming heeft ingediend (artikel 57/6/1, § 1, h) van de wet), terwijl de uiteindelijke beslissing niet automatisch op dezelfde gronden is gebaseerd.
Aangezien het dus niet mogelijk is om reeds vóór het versturen van de oproeping voor het persoonlijk onderhoud vast te stellen welke beslissing er ten aanzien van een bepaalde verzoeker zal worden genomen, maar de wetgever wel verwacht dat bepaalde verzoeken versneld en/of binnen een zeer korte termijn beslist worden, kan een verkorte oproepingstermijn gehanteerd worden voor elke verzoeker waarbij op basis van de gegevens vervat in het administratief dossier duidelijk blijkt dat hij zich in een situatie zoals bedoeld in artikel 57/6, § 3 of artikel 57/6/1, § 1 van de wet bevindt.
In het geval de verzoeker zich bevindt in een welbepaalde plaats zoals bedoeld in de artikelen 74/8 en 74/9 van de wet of het voorwerp uitmaakt van een veiligheidsmaatregel zoals bedoeld in artikel 68 van de wet, moet de beslissing tot al dan niet-ontvankelijkheid van een volgend verzoek om internationale bescherming in de zin van artikel 57/6/2 van de wet getroffen worden binnen de twee werkdagen na ontvangst van het verzoek om internationale bescherming dat door de minister of zijn gemachtigde werd overgezonden. Het is dan ook redelijk verantwoord om de oproepingstermijn - ingeval er een persoonlijk onderhoud zou worden georganiseerd - bijkomend te versnellen. Dit is conform artikel 41.2 a) van de richtlijn 2013/32/EU dat toelaat om in deze situatie verkorte termijnen te hanteren.
Er wordt een nieuwe paragraaf 7 toegevoegd aan artikel 7 van hetzelfde besluit. Hierin wordt gesteld dat als de verzoeker wordt opgeroepen door een kennisgeving aan de persoon zelf voor een volgend persoonlijk onderhoud, dit persoonlijk onderhoud twee dagen na de kennisgeving aan de persoon zelf kan plaatsvinden. Het betreft immers een voortzetting van het gehoor waarvoor reeds conform de paragrafen 4 t.e.m. 6 een oproeping voor een persoonlijk onderhoud verstuurd werd. In voorkomend geval kan er redelijkerwijs verondersteld worden dat de verzoeker zich al heeft kunnen voorbereiden op zijn gehoor, zodat het niet meer vereist is dat de verzoeker bijkomende voorbereidingstijd nodig heeft.
Het persoonlijk onderhoud kan daarom op zeer korte termijn verder gezet worden.
De toestemming van de advocaat is niet vereist. De advocaat levert de juridische bijstand aan de verzoeker, maar zijn afwezigheid belet, overeenkomstig artikel 19 van onderhavig koninklijk besluit, de Commissaris-generaal niet de verzoeker persoonlijk te horen. Indien de advocaat niet aanwezig kan zijn op het ogenblik dat het persoonlijk onderhoud wordt voortgezet, kan er van uitgegaan worden dat deze advocaat er voor zorgt dat de juridische bijstand van zijn cliënt gewaarborgd is door te voorzien in een confrater die hem vervangt.
Artikel 7 De wijziging aan artikel 9, § 1 van het
koninklijk besluit van 11 juli 2003Relevante gevonden documenten
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
27/01/2004
numac
2003000892
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Koninklijk besluit tot vaststelling van de werking van het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
05/09/2003
numac
2003022843
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 8 april 1976 houdende regeling van de gezinsbijslag ten voordele van de zelfstandigen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
15/10/2003
numac
2003022837
bron
federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 25 april 2002 betreffende de vaststelling en de vereffening van het budget van financiële middelen van de ziekenhuizen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
13/10/2003
numac
2003003454
bron
ministerie van verkeer en infrastructuur
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 4 mei 1998 tot vaststelling van de regels voor de toepassing van het koninklijk besluit van 3 april 1997 houdende maatregelen betreffende de overdracht van sommige personeelsleden van Belgacom aan de federale overheid met toepassing van artikel 3, § 1, 6°, van de wet van 26 juli 1996 betreffende het realiseren van de budgettaire voorwaarden van de deelname van België aan de Europese Economische en Monetaire Unie
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
27/08/2003
numac
2003022818
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 5 oktober 1999 tot uitvoering van artikel 51, § 4, van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994, houdende bepaling wat onder beduidende overschrijding of risico op beduidende overschrijding van de partiële begrotingsdoelstelling moet worden verstaan
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
16/10/2003
numac
2003022922
bron
federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 16 maart 1999 houdende benoeming van de leden van de Commissie van beroep bedoeld bij artikel 4, § 3, 4°, van het koninklijk besluit nr. 78 van 10 november 1967 betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
26/08/2003
numac
2003014201
bron
federale overheidsdienst mobiliteit en vervoer
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 14 februari 2001 tot vaststelling van de vergoedingen waaraan het gebruik van openbare diensten betreffende de luchtvaart is onderworpen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
20/08/2003
numac
2003022608
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 24 oktober 2002 tot vaststelling van de procedures, termijnen en voorwaarden waaronder de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen tegemoetkomt in de kosten van de verstrekkingen bedoeld in artikel 34, eerste lid, 20°, van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
27/01/2004
numac
2003000891
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Koninklijk besluit tot regeling van de werking van en de rechtspleging voor het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
27/01/2004
numac
2003000890
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Koninklijk besluit houdende vaststelling van bepaalde elementen van de procedure die dienen gevolgd te worden door de dienst van de Dienst Vreemdelingenzaken die belast is met het onderzoek van de asielaanvragen op basis van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
21/08/2003
numac
2003011427
bron
federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 9 augustus 2002 waarbij de schade veroorzaakt aan bepaalde teelten door de overvloedige regenval van oktober en november 2000 op het grondgebied van verscheidene gemeenten als een landbouwramp wordt beschouwd, waarbij de geografische omvang van deze ramp afgebakend wordt en waarbij de schadeloosstelling van de schade wordt vastgesteld
sluiten is het gevolg van de wijziging aan artikel 18 van hetzelfde besluit. Dit artikel bevat voortaan drie verschillende termijnen voor het schriftelijk meedelen van de reden voor de afwezigheid op de datum van het gehoor. In de oproepingsbrief zal de concreet toepasselijke termijn weergegeven worden.
Artikel 8 Artikel 11 voorziet in de mogelijkheid dat de Commissaris-generaal na het verlopen van een redelijke termijn aan de asielzoekers die nog geen beslissing hebben gekregen schriftelijk verzoekt of deze nog interesse hebben in het verderzetten van hun asielprocedure. Het niet antwoorden op dit specifiek verzoek om inlichtingen binnen de maand nadat deze werd verstuurd kan worden gesanctioneerd. Meer bepaald zal de Commissaris-generaal overeenkomstig artikel 57/6/5, § 1, 2° van de wet een beslissing tot beëindiging nemen. De sanctie voorzien in artikel 11 van het
koninklijk besluit van 11 juli 2003Relevante gevonden documenten
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
27/01/2004
numac
2003000892
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Koninklijk besluit tot vaststelling van de werking van het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
05/09/2003
numac
2003022843
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 8 april 1976 houdende regeling van de gezinsbijslag ten voordele van de zelfstandigen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
15/10/2003
numac
2003022837
bron
federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 25 april 2002 betreffende de vaststelling en de vereffening van het budget van financiële middelen van de ziekenhuizen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
13/10/2003
numac
2003003454
bron
ministerie van verkeer en infrastructuur
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 4 mei 1998 tot vaststelling van de regels voor de toepassing van het koninklijk besluit van 3 april 1997 houdende maatregelen betreffende de overdracht van sommige personeelsleden van Belgacom aan de federale overheid met toepassing van artikel 3, § 1, 6°, van de wet van 26 juli 1996 betreffende het realiseren van de budgettaire voorwaarden van de deelname van België aan de Europese Economische en Monetaire Unie
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
27/08/2003
numac
2003022818
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 5 oktober 1999 tot uitvoering van artikel 51, § 4, van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994, houdende bepaling wat onder beduidende overschrijding of risico op beduidende overschrijding van de partiële begrotingsdoelstelling moet worden verstaan
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
16/10/2003
numac
2003022922
bron
federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 16 maart 1999 houdende benoeming van de leden van de Commissie van beroep bedoeld bij artikel 4, § 3, 4°, van het koninklijk besluit nr. 78 van 10 november 1967 betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
26/08/2003
numac
2003014201
bron
federale overheidsdienst mobiliteit en vervoer
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 14 februari 2001 tot vaststelling van de vergoedingen waaraan het gebruik van openbare diensten betreffende de luchtvaart is onderworpen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
20/08/2003
numac
2003022608
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 24 oktober 2002 tot vaststelling van de procedures, termijnen en voorwaarden waaronder de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen tegemoetkomt in de kosten van de verstrekkingen bedoeld in artikel 34, eerste lid, 20°, van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
27/01/2004
numac
2003000891
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Koninklijk besluit tot regeling van de werking van en de rechtspleging voor het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
27/01/2004
numac
2003000890
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Koninklijk besluit houdende vaststelling van bepaalde elementen van de procedure die dienen gevolgd te worden door de dienst van de Dienst Vreemdelingenzaken die belast is met het onderzoek van de asielaanvragen op basis van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen
type
koninklijk besluit
prom.
11/07/2003
pub.
21/08/2003
numac
2003011427
bron
federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 9 augustus 2002 waarbij de schade veroorzaakt aan bepaalde teelten door de overvloedige regenval van oktober en november 2000 op het grondgebied van verscheidene gemeenten als een landbouwramp wordt beschouwd, waarbij de geografische omvang van deze ramp afgebakend wordt en waarbij de schadeloosstelling van de schade wordt vastgesteld
sluiten is dezelfde als deze opgelegd door artikel 10 van hetzelfde besluit. Laatstgenoemd artikel voorziet eveneens in de mogelijkheid om een specifiek verzoek om inlichtingen te versturen. Daar kan ook een verzoek om actualisatie in de zin van artikel 11 onder vallen. Bijgevolg dient vastgesteld te worden dat artikel 11 een overtollige bepaling is. Het artikel dient bijgevolg opgeheven te worden.
Artikel 9 In het oorspronkelijke ontwerp werd in de aanpassing van de definitie van "vertrouwenspersoon" (artikel 1/1, 6° ) voorzien dat de ambtenaar de aanwezigheid van bepaalde personen die uitgesloten waren van de definitie van vertrouwenspersoon toch kon aanvaarden, indien dit noodzakelijk werd bevonden om tot een adequaat onderzoek van de aanvraag over te gaan. De Raad van State achtte het echter in haar advies niet duidelijk of het enkel ging om het aanvaarden van de aanwezigheid van deze personen tijdens het gehoor of ook om hun aanstelling als vertrouwenspersoon. Om deze reden wordt artikel 13/1 aangepast dat de omstandigheden van het gehoor betreft.
Het derde lid wordt vervangen, zodat het duidelijk is dat -buiten de in het tweede lid vermelde personen- de aanwezigheid tijdens het gehoor van andere personen kan worden aanvaard door de ambtenaar, wanneer dit noodzakelijk lijkt om tot een adequaat onderzoek van de aanvraag over te gaan. Het gaat hier vooral om familieleden of andere personen die niet voldoen aan de definitie van vertrouwenspersoon (zoals bijvoorbeeld een vrijwilliger van een vzw gericht op vreemdelingenrecht). Het gaat hier enkel om het aanvaarden van de aanwezigheid tijdens het gehoor, niet om de aanstelling tot vertrouwenspersoon, gezien zij niet voldoen aan de wettelijke voorwaarden. Deze personen komen niet tussen tijdens het gehoor, maar kunnen wel op het einde van het gehoor opmerkingen maken binnen het kader dat wordt bepaald door de ambtenaar die het gehoor afneemt.
Artikel 10 Artikel 14 be …
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.