Sources officiellesejustice.just.fgov.be · EUR-Lex
Europaius

Wet houdende diverse bepalingen inzake economie

Kort samengevat

Deze wet regelt diverse economische bepalingen, voornamelijk gericht op het aanpassen van regels rond de neerlegging van jaarrekeningen van vennootschappen en de werking van de Kruispuntbank van Ondernemingen. Het introduceert boetes voor laattijdige neerlegging van jaarrekeningen en wijzigt de toegang tot en uitwisseling van gegevens in de Kruispuntbank van Ondernemingen.

Wat het regelt

  • De voorwaarden en kosten voor het neerleggen van stukken, zoals jaarrekeningen, bij de Nationale Bank van België.
  • Boetes voor vennootschappen die hun jaarrekening te laat neerleggen.
  • De uitwisseling van gegevens uit het rechtspersonenregister met Europese registers.
  • De toegang tot en het gebruik van gegevens in de Kruispuntbank van Ondernemingen (KBO).

Wie het aanbelangt

  • Vennootschappen die hun jaarrekening moeten neerleggen bij de Nationale Bank van België.
  • Natuurlijke personen en organisaties zonder rechtspersoonlijkheid die zich moeten inschrijven in de Kruispuntbank van Ondernemingen.

Kernpunten

  • Vennootschappen die hun jaarrekening meer dan één maand na de wettelijke termijn van zeven maanden neerleggen, dragen bij in de kosten voor opsporing en controle van ondernemingen in moeilijkheden.
  • De bijdrage voor laattijdige neerlegging bedraagt:

* €400 bij neerlegging in de negende maand na afsluiting van het boekjaar.

* €600 bij neerlegging vanaf de tiende tot de twaalfde maand.

* €1.200 bij neerlegging vanaf de dertiende maand.

  • Voor kleine vennootschappen of microvennootschappen zijn deze bedragen respectievelijk €120, €180 en €360.
  • De bedragen worden jaarlijks op 1 januari automatisch aangepast aan de consumptieprijsindex.
Wettekst
Wettekst
Obsah (10)Art. 3Art. 4Art. 15Art. 17Art. 24Art. 28Art. 29Art. 30Art. 46Art. 57

Wet houdende diverse bepalingen inzake economie (1) FILIP, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. De Kamer van volksvertegenwoordigers heeft aangenomen en Wij bek

Afdeling 1

- Wijzigingen van boek I van

Art. 3

.In artikel I.2, 16°, van

, ingevoegd bij de wet van 17 juli 2013Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 28/03/1998 numac 1998003158 bron ministerie van financien Wet tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België sluiten1 en gewijzigd bij de wet van 15 april 2018, worden de woorden "in België" ingevoegd tussen de woorden "een adres" en de woorden ", waar ten minste". Afdeling 2 - Wijzigingen van boek III van

Art. 4

.In artikel III.15 van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 17 juli 2013Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 28/03/1998 numac 1998003158 bron ministerie van financien Wet tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België sluiten1 en gewijzigd bij de wet van 15 april 2018, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° het vijfde lid wordt aangevuld met een bepaling onder 3°, luidende: "3° de gegevens ingeschreven in het rechtspersonenregister overmaken met het oog op het beschikbaar stellen aan het publiek en aan de centrale handels- en vennootschapsregisters van de lidstaten van de Europese Economische Ruimte.Deze gegevens omvatten het rijksregisternummer van de personen die gemachtigd zijn om een onderneming te besturen en te vertegenwoordigen wanneer de informatie over hen wordt overgemaakt aan de voornoemde registers."; 2° tussen het vijfde en het zesde lid wordt een lid ingevoegd, luidende: "De verspreiding als bedoeld in het vijfde lid, 3°, verloopt via het Europese systeem van gekoppelde registers als bedoeld in artikel 22 van de Richtlijn (EU) 2017/1132 van het Europees Parlement en de Raad van 14 juni 2017 aangaande bepaalde aspecten van het vennootschapsrecht."; 3° het vroegere zesde lid, dat het zevende lid wordt, wordt opgeheven. Art. 5.In artikel III.16, § 1, van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 17 juli 2013Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 28/03/1998 numac 1998003158 bron ministerie van financien Wet tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België sluiten1 en vervangen bij de wet van 15 april 2018, worden de volgende wijzigingen aangebracht:

  1. a)de bepaling onder 1° wordt vervangen als volgt: "1° elke natuurlijke persoon die zich dient in te schrijven in de hoedanigheid van inschrijvingsplichtige onderneming;";
  2. b)in de bepaling onder 3°, worden de woorden ", een vestigingseenheid" ingevoegd tussen de woorden "een zetel" en de woorden "of een bijkantoor";
  3. c)de bepaling onder 4° wordt vervangen als volgt: "4° elke organisatie zonder rechtspersoonlijkheid die zich dient in te schrijven in de hoedanigheid van inschrijvingsplichtige onderneming;";
  4. d)in de bepaling onder 6° wordt het woord "andere" opgeheven. Art. 6.In artikel III.18 van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 17 juli 2013Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 28/03/1998 numac 1998003158 bron ministerie van financien Wet tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België sluiten1 en gewijzigd bij de wet van 15 april 2018, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragraaf 2 worden de woorden "na advies van het in artikel III.44 bedoelde Toezichtcomité en" opgeheven; 2° in paragraaf 4 worden de woorden ", of van de definitieve stopzetting van de activiteit" vervangen door de woorden "naar Belgische recht of de doorhaling van de inschrijving in de Kruispuntbank van Ondernemingen". Art. 7.Artikel III.20 van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 17 juli 2013Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 28/03/1998 numac 1998003158 bron ministerie van financien Wet tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België sluiten1, waarvan de bestaande tekst paragraaf 1 zal vormen, wordt aangevuld met een paragraaf 2, luidende: " § 2. In het kader van de identificatie van de personen die bevoegd zijn om ondernemingen te besturen en te vertegenwoordigen, kunnen de centrale handels- en vennootschapsregisters van de lidstaten van de Europese Economische Ruimte het identificatienummer van het Rijksregister, ontvangen via het systeem van gekoppelde registers bedoeld in artikel III.15, zesde lid, gebruiken.". Art. 8.In artikel III.29 van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 17 juli 2013Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 28/03/1998 numac 1998003158 bron ministerie van financien Wet tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België sluiten1 en gewijzigd bij de wet van 15 april 2018, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragraaf 1 worden de woorden ", zonder voorafgaande machtiging van het Toezichtcomité, worden verleend aan de overheden, besturen, diensten of andere instanties, voor zover die gegevens noodzakelijk zijn voor de uitvoering van hun wettelijke of reglementaire opdrachten" vervangen door de woorden "worden verleend aan de overheden, besturen, diensten of andere instanties handelend in het kader van de uitoefening van hun wettelijke of reglementaire opdrachten"; 2° in paragraaf 1 wordt de bepaling onder 11° aangevuld met een bepaling onder i), luidende: "
  5. i)het Wetboek van vennootschappen en verenigingen;"; 3° in paragraaf 2 worden de woorden "en na advies van het Toezichtcomité bedoeld in de artikelen III.44" opgeheven. Art. 9.Artikel III.30 van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 17 juli 2013Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 28/03/1998 numac 1998003158 bron ministerie van financien Wet tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België sluiten1, wordt vervangen als volgt: "Art. III.30. § 1. De toegang tot de andere gegevens opgenomen in de Kruispuntbank van Ondernemingen dan die opgesomd in artikel III.29, kan worden verleend door de beheersdienst van de Kruispuntbank van Ondernemingen, mits machtiging door de minister bevoegd voor Economie, aan de overheden, besturen, diensten of andere instanties handelend in het kader van de uitoefening van hun wettelijke of reglementaire opdrachten. De minister verifieert of de doeleinden, waarvoor de machtiging wordt gevraagd, welbepaald, uitdrukkelijk omschreven en gerechtvaardigd zijn en of de gegevens toereikend, ter zake dienend en niet-buitensporig zijn ten aanzien van die doeleinden. Hij verifieert ook of de gevraagde toegang in overeenstemming is met deze titel alsook met zijn uitvoeringsbesluiten. De minister bevoegd voor Economie wint het advies in van de functionaris voor gegevensbescherming van de Federale Overheidsdienst Economie, K.M.O., Middenstand en Energie. § 2. De minister bevoegd voor Economie kan de bevoegdheid om de machtiging als bedoeld in paragraaf 1 toe te kennen delegeren aan de ambtenaar verantwoordelijk voor de beheersdienst van de Kruispuntbank van Ondernemingen. § 3. De Koning bepaalt, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, de nadere regels van de toegang als bedoeld in paragraaf 1. § 4. In afwijking van paragraaf 1, wordt de machtiging tot de toegang en/of het gebruik van het rijksregisternummer toegekend overeenkomstig de bepalingen van de artikelen 5 en 8 van de wet van 8 augustus 1983 tot regeling van een Rijksregister van de natuurlijke personen. De Koning kan, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, in afwijking van paragraaf 1, de gevallen uitbreiden waarin een machtiging van de minister bevoegd voor Economie niet vereist is.". Art. 10.In artikel III.33, eerste lid, van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 17 juli 2013Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 28/03/1998 numac 1998003158 bron ministerie van financien Wet tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België sluiten1, worden de woorden ", na advies van het Toezichtcomité," opgeheven. Art. 11.In artikel III.34 van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 17 juli 2013Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 28/03/1998 numac 1998003158 bron ministerie van financien Wet tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België sluiten1 en gewijzigd bij de wet van 15 april 2018, wordt paragraaf 3 opgeheven. Art. 12.In artikel III.42 van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 17 juli 2013Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 28/03/1998 numac 1998003158 bron ministerie van financien Wet tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België sluiten1 en laatstelijk gewijzigd bij de wet van 5 november 2023, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  6. a)in paragraaf 1, eerste lid, 2°, worden de woorden "en de organisaties zonder rechtspersoonlijkheid" ingevoegd tussen de woorden "van rechtspersonen" en de woorden "waarvan de afsluiting van de vereffening" en wordt het woord "geleden" vervangen door het woord "eerder";
  7. b)in paragraaf 1, eerste lid, 3°, worden de woorden "ten minste drie maanden na de beslissing tot sluiting van de verrichtingen van het faillissement in toepassing van de faillissements wet van 8 augustus 1997Relevante gevonden documenten type wet prom. 08/08/1997 pub. 28/10/1997 numac 1997009766 bron ministerie van justitie Faillissementswet sluiten of van boek XX van dit Wetboek" vervangen door de woorden "en organisaties zonder rechtspersoonlijkheid waarvan de sluiting van het faillissement minstens drie maanden eerder werd uitgesproken";
  8. c)paragraaf 1, eerste lid, wordt aangevuld met een bepaling onder 7°, luidende: "7° de ambtshalve doorhaling van de activiteiten, hoedanigheden, toelatingen en vestigingseenheden van buitenlandse vennootschappen die minstens drie maanden eerder werden stopgezet door de beheersdienst als gevolg van de digitaal ontvangen informatie via het Europese systeem van gekoppelde registers als bedoeld in artikel III.15, zesde lid.". Art. 13.Artikel III.44 van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 17 juli 2013Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 28/03/1998 numac 1998003158 bron ministerie van financien Wet tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België sluiten1, wordt opgeheven. Art. 14.In artikel III.49 van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 17 juli 2013Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 28/03/1998 numac 1998003158 bron ministerie van financien Wet tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België sluiten1 en vervangen bij de wet van 15 april 2018, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° paragraaf 1 wordt vervangen als volgt: " § 1.Vooraleer haar activiteiten te starten, is elke onderneming gehouden zich bij een ondernemingsloket naar keuze in te schrijven in de Kruispuntbank van Ondernemingen in de hoedanigheid van inschrijvingsplichtige onderneming. Deze inschrijving moet uitgevoerd worden voor zover de activiteiten worden uitgeoefend in of vanuit een vestigingseenheid."; 2° in paragraaf 2 wordt de bepaling onder 1° opgeheven. Afdeling 3 - Wijzigingen van boek V van

Art. 15

.In artikel V.10 van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 3 april 2013Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 28/03/1998 numac 1998003158 bron ministerie van financien Wet tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België sluiten2 en gewijzigd bij de wetten van 26 oktober 2015, 29 juni 2016 en 30 juli 2018, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragraaf 1, tweede lid, eerste streep, worden de woorden "of de registratie van het geneesmiddel of door een houder van een vergunning voor parallelinvoer of door een houder van een kennisgeving voor parallelle distributie uitgaande van het Europees Bureau voor de geneesmiddelenbeoordeling" vervangen door de woorden "of van de registratie van het geneesmiddel of door een houder van een vergunning voor parallelinvoer of door een houder van een notificatie voor parallelle distributie";2° in de Franse tekst van paragraaf 1, tweede lid, tweede streep, worden de woorden "appareils ou substances" vervangen door de woorden "appareils et substances";3° in paragraaf 2, eerste lid, worden de woorden "of registratie van het geneesmiddel of door een houder van een verwijzing voor parallelle invoer van het geneesmiddel" vervangen door de woorden "of van de registratie van het geneesmiddel of door een houder van een vergunning voor parallelinvoer of door een houder van een notificatie voor parallelle distributie". Art. 16.In artikel V.14, §§ 1 en 2, van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 3 april 2013Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 28/03/1998 numac 1998003158 bron ministerie van financien Wet tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België sluiten2, worden de woorden "van de geneesmiddelen" telkens vervangen door de woorden "of de houder van een notificatie voor parallelle distributie". Afdeling 4 - Wijzigingen van boek VI van

Art. 17

.In boek VI, titel 2, hoofdstuk 2/1, van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 15 mei 2014Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 28/03/1998 numac 1998003158 bron ministerie van financien Wet tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België sluiten9 en gewijzigd bij de wet van 17 maart 2022, wordt een artikel VI.7/5 ingevoegd, luidende: "Art. VI.7/

  1. §
  2. Overeenkomstig artikel 128, § 1, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, waarbij de euro wettig betaalmiddel wordt, en de artikelen 10 en 11 van Verordening (EG) nr. 974/98 van de Raad van 3 mei 1998 over de invoering van de euro, aanvaardt de onderneming een betaling in speciën van de consument wanneer een betaling in euro in gelijktijdige fysieke aanwezigheid van de consument en de onderneming plaatsvindt. Dit artikel is van toepassing onverminderd de bepalingen van boek III van de wet van 18 september 2017Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/03/2001 pub. 29/03/2001 numac 2001022201 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet tot instelling van een inkomensgarantie voor ouderen sluiten5 tot voorkoming van het witwassen van geld en de financiering van terrorisme en tot beperking van het gebruik van contanten. §
  3. In afwijking van paragraaf 1, mag de onderneming tijdelijk betalingen in speciën weigeren voor naar behoren gemotiveerde redenen van veiligheid. Ze deelt dit aan de consument op duidelijke, begrijpelijke en goed zichtbare wijze mee aan de ingang van haar verkoopruimte en aan de kassa. De onderneming mag de nominale waarde van de door haar aanvaarde biljetten beperken indien de nominale waarde van het aangeboden biljet niet in verhouding staat tot het door de consument verschuldigde bedrag.". Art. 18.In boek VI, titel 3, hoofdstuk 2, afdeling 1, van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 21 december 2013Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 28/03/1998 numac 1998003158 bron ministerie van financien Wet tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België sluiten0, wordt een artikel VI.45/2 ingevoegd, luidende: "Art. VI.45/
  4. §
  5. Onverminderd de overige verplichtingen die worden opgelegd door deze afdeling biedt de onderneming aan de consument, voordat de consument door een overeenkomst op afstand gebonden is, minstens twee verschillende leveringswijzen voor de goederen die hij te koop aanbiedt. Deze bepaling is enkel van toepassing op overeenkomsten waarbij de levering van de bestelde goederen op Belgisch grondgebied plaatsvindt. §
  6. Paragraaf 1 is niet van toepassing indien er objectieve redenen eigen aan de aangekochte goederen of eigen aan de plaats waar de aangekochte goederen geleverd of gebruikt zijn om slechts één leveringswijze aan te bieden. In dat geval verstrekt de onderneming objectieve informatie over de reden waarom aan de consument geen tweede leveringswijze wordt aangeboden. Paragraaf 1 is niet van toepassing indien de enige aangeboden leveringswijze bestaat in het ophalen van het bestelde goed in een vestigingseenheid van de onderneming. Paragraaf 1 is niet van toepassing op ondernemingen die minder dan drie jaar geleden zijn opgericht. De Koning kan na beraadslaging in Ministerraad de goederen of de categorieën van goederen aanwijzen waarvoor paragraaf 1 niet van toepassing is. §
  7. Vier jaar na de datum van inwerkingtreding evalueert de Federale Overheidsdienst Economie, K.M.O., Middenstand en Energie de toepassing van deze bepaling. Het verslag van deze evaluatie wordt overgemaakt aan de minister, de minister bevoegd voor Middenstand, de minister bevoegd voor Consumenten, en de minister bevoegd voor Post.". Art. 19.In boek VI, titel 3, hoofdstuk 6, van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 21 december 2013Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 28/03/1998 numac 1998003158 bron ministerie van financien Wet tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België sluiten0, wordt een artikel VI.81/1 ingevoegd, luidende: "Art. VI.81/
  8. Dit hoofdstuk is ook van toepassing op de overeenkomsten gesloten tussen een onderneming en een vereniging van mede-eigenaars bedoeld in artikel 3.86 van het Burgerlijk Wetboek van het gebouw of van een groep van gebouwen in gedwongen mede-eigendom waarvan vijfenzeventig procent of meer van haar aandelen in de gemeenschappelijke delen zijn toebedeeld aan kavels die geen professionele bestemming kunnen hebben overeenkomstig de statuten van de mede-eigendom." Art. 20.Artikel VI.86 van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 21 december 2013Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 28/03/1998 numac 1998003158 bron ministerie van financien Wet tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België sluiten0 en gewijzigd bij het koninklijk besluit van 13 december 2017, wordt aangevuld met een paragraaf 4, luidende: " §
  9. De bijzondere raadgevende commissie Onrechtmatige bedingen kan van de ondernemingen die in de sector actief zijn die het voorwerp uitmaakt van een vraag om advies, eisen dat zij haar binnen de termijn die zij vaststelt, de bedingen en voorwaarden die in tekoopaanbiedingen en in verkopen van producten voorkomen, overmaken. De betrokken ondernemingen kunnen zich bij dit verzoek niet beroepen op het bedrijfsgeheim, noch op een geheimhoudingsclausule. De leden van de bijzondere raadgevende commissie Onrechtmatige bedingen en al diegenen die aan haar werkzaamheden deelnemen, zijn gehouden tot geheimhouding voor de feiten, daden en inlichtingen waarvan zij uit hoofde van hun ambt kennis hebben.". Art. 21.In boek VI, titel 3, hoofdstuk 9, van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 21 december 2013Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 28/03/1998 numac 1998003158 bron ministerie van financien Wet tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België sluiten0, wordt een artikel VI.90/1 ingevoegd, luidende: "Art. VI.90/
  10. Dit hoofdstuk is ook van toepassing op de overeenkomsten gesloten tussen een onderneming en een vereniging van mede-eigenaars bedoeld in artikel 3.86 van het Burgerlijk Wetboek van het gebouw of van een groep van gebouwen in gedwongen mede-eigendom waarvan vijfenzeventig procent of meer van haar aandelen in de gemeenschappelijke delen zijn toebedeeld aan kavels die geen professionele bestemming kunnen hebben overeenkomstig de statuten van de mede-eigendom." Art. 22.Artikel VI.91/1 van hetzelfde wetboek, ingevoegd bij de wet van 4 april 2019Relevante gevonden documenten type wet prom. 02/08/2002 pub. 04/09/2002 numac 2002003392 bron ministerie van financien Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten sluiten2, wordt aangevuld met een paragraaf 3, luidende: " §
  11. Deze titel is ook van toepassing op de overeenkomsten gesloten tussen een onderneming en een vereniging van mede-eigenaars bedoeld in artikel 3.86 van het Burgerlijk Wetboek van het gebouw of van een groep van gebouwen in gedwongen mede-eigendom waarvan meer dan vijfentwintig procent van haar aandelen in de gemeenschappelijke delen zijn toebedeeld aan kavels die een professionele bestemming kunnen hebben overeenkomstig de statuten van de mede-eigendom.". Art. 23.In artikel VI.91/8 van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 4 april 2019Relevante gevonden documenten type wet prom. 02/08/2002 pub. 04/09/2002 numac 2002003392 bron ministerie van financien Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten sluiten2, wordt een paragraaf 1/1 ingevoegd, luidende: " § 1/
  12. De bijzondere raadgevende commissie Onrechtmatige bedingen kan de ondernemingen die actief zijn in een sector die het voorwerp uitmaakt van een vraag om advies, eisen dat zij haar, binnen de termijn die zij vaststelt, hun bedingen en contractvoorwaarden overmaken. De betrokken ondernemingen kunnen zich bij dit verzoek niet beroepen op het bedrijfsgeheim, noch op een geheimhoudingsclausule. De leden van de bijzondere raadgevende commissie Onrechtmatige bedingen en al diegenen die aan haar werkzaamheden deelnemen, zijn gehouden tot geheimhouding voor de feiten, daden en inlichtingen waarvan zij uit hoofde van hun ambt kennis hebben.". Afdeling 5 - Wijzigingen van boek VII van

Art. 24

.In artikel VII.57, § 2, van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 19 april 2014Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 28/03/1998 numac 1998003158 bron ministerie van financien Wet tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België sluiten7 en gewijzigd bij de wet van 22 december 2017, wordt tussen het eerste en het tweede lid een lid ingevoegd, luidende: "Naast consumenten, bedoeld in het eerste lid, is deze afdeling van toepassing op verenigingen van mede-eigenaars, bedoeld in artikel 3.86 van het Burgerlijk Wetboek, van een gebouw of van een groep van gebouwen in gedwongen mede-eigendom waarvan vijfenzeventig procent of meer van haar aandelen in de gemeenschappelijke delen zijn toebedeeld aan kavels die geen professionele bestemming kunnen hebben overeenkomstig de statuten van de mede-eigendom. Elke wijziging aan deze bestemming in de statuten wordt onverwijld meegedeeld aan de kredietinstelling bij wie de basisbankdienst wordt aangevraagd of verleend.". Art. 25.In artikel VII.59/4 van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 8 november 2020Relevante gevonden documenten type wet prom. 02/08/2002 pub. 04/09/2002 numac 2002003392 bron ministerie van financien Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten sluiten5 en gewijzigd bij de wetten van 25 september 2022 en 5 november 2023, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragraaf 1, eerste lid, worden de woorden "of aan wie ten minste tweemaal een aanvraag tot opening van voormelde minimale betalingsdiensten is geweigerd, en ervan in kennis werd gesteld dat haar rekeningen zullen worden opgezegd" ingevoegd tussen de woorden "een aanvraag tot opening van minimaal de betalingsdiensten bedoeld in artikel I.9, 1°, a, b of c is geweigerd" en de woorden ", heeft recht, onder de voorwaarden bepaald bij deze afdeling"; 2° in paragraaf 1 wordt tussen het tweede en het derde lid een lid ingevoegd, luidende: "Naast ondernemingen, bedoeld in het eerste lid, is deze afdeling van toepassing op verenigingen van mede-eigenaars, bedoeld in artikel 3.86 van het Burgerlijk Wetboek, van een gebouw of van een groep van gebouwen in gedwongen mede-eigendom waarvan meer dan vijfentwintig procent van haar aandelen in de gemeenschappelijke delen zijn toebedeeld aan kavels die een professionele bestemming kunnen hebben overeenkomstig de statuten van de mede-eigendom. Elke wijziging aan deze bestemming in de statuten wordt onverwijld meegedeeld aan de kredietinstelling bij wie de basisbankdienst wordt aangevraagd of verleend."; 3° paragraaf 2 wordt aangevuld met een lid, luidende: "De basisbankdienst-aanbieder aangewezen overeenkomstig paragraaf 3, vijfde lid, rekent op jaarbasis niet meer dan 420 euro aan voor het aanbieden van de basisbankdienst aan de betrokken onderneming of diplomatieke zending.Dit bedrag kan jaarlijks worden geïndexeerd. De Koning kan het bedrag, op advies van de Bank, aanpassen.". Art. 26.In artikel VII.59/5 van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 8 november 2020Relevante gevonden documenten type wet prom. 02/08/2002 pub. 04/09/2002 numac 2002003392 bron ministerie van financien Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten sluiten5 en gewijzigd bij de wet van 25 september 2022Relevante gevonden documenten type wet prom. 02/08/2002 pub. 04/09/2002 numac 2002003392 bron ministerie van financien Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten sluiten9, wordt het derde lid aangevuld met de woorden "of van het feit dat de onderneming of de diplomatieke zending ten minste tweemaal een aanvraag tot betalingsdiensten zoals bepaald in artikel VII.59/4, § 1, is geweigerd, en dat zij ervan in kennis werd gesteld dat haar rekeningen zullen worden opgezegd". Art. 27.In artikel VII.59/9, § 2, eerste lid, van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 25 september 2022Relevante gevonden documenten type wet prom. 02/08/2002 pub. 04/09/2002 numac 2002003392 bron ministerie van financien Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten sluiten9, worden de woorden "in paragraaf 1, 1° en 2° " vervangen door de woorden "in paragraaf 1, 1°, 2° en 5° ". Afdeling 6 - Wijziging van boek VIII van

Art. 28

.In artikel VIII.57 van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 29 juni 2016Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/03/2001 pub. 29/03/2001 numac 2001022201 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet tot instelling van een inkomensgarantie voor ouderen sluiten2, worden de woorden "kan de Koning" vervangen door de woorden "en Verordening (EU) 2019/1020 van het Europees Parlement en de Raad van 20 juni 2019 betreffende markttoezicht en conformiteit van producten en tot wijziging van Richtlijn 2004/42/EG en de Verordeningen (EG) nr. 765/2008 en (EU) nr. 305/2011 alsook de omzetting of toepassing van etiketteringsregels op energiegerelateerde producten zoals bedoeld in Verordening (EU) 2017/1369 van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli 2017 tot vaststelling van een kader voor energie-etikettering en tot intrekking van Richtlijn 2010/30/EU en haar gedelegeerde handelingen, kan de Koning, zonder zich te beperken tot de minimumeisen". Afdeling 7 - Wijzigingen van boek X van

Art. 29

.In artikel X.28, § 1, van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 2 april 2014Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 28/03/1998 numac 1998003158 bron ministerie van financien Wet tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België sluiten8, wordt de bepaling onder 1° vervangen als volgt: "1° Belangrijke contractuele bepalingen, voor zover ze zijn voorzien in de commerciële samenwerkings-- overeenkomst:

  1. a)de vermelding dat de commerciële samenwerkingsovereenkomst al dan niet specifiek met inachtneming van de persoon wordt gesloten;
  2. b)de duur van de commerciële samenwerkingsovereenkomst en de voorwaarden voor de hernieuwing en de opzegging alsook de financiële gevolgen ervan, in het bijzonder wat de lasten en de investeringen betreft;
  3. c)de rechtstreekse vergoeding die de persoon die het recht verkrijgt, moet betalen aan degene die het recht verleent en de berekeningswijze voor de onrechtstreekse vergoeding die de persoon die het recht verleent, ontvangt en, in voorkomend geval, de wijze van herziening in de loop van de overeenkomst en bij de hernieuwing ervan;
  4. d)de kosten bij opstart of wederkerende kosten zoals de marketing, informatica, transport, opleiding ten laste van de persoon die het recht verkrijgt en de voorwaarden tot wijziging hiervan;
  5. e)de exclusiviteit die is voorbehouden aan de persoon die het recht verleent;
  6. f)de concurrentiebedingen, hun duur, de voorwaarden en de gevolgen van het niet behalen ervan;
  7. g)de verplichtingen inzake het hanteren van maximumprijzen;
  8. h)de verplichtingen inzake minimumomzet en minimumafname en de gevolgen van het niet behalen ervan;
  9. i)de beperkingen op het gebruik van de intellectuele eigendomsrechten;
  10. j)de beperkingen op de toegang tot en de gebruiksrechten van cliënteeldata tijdens en na de overeenkomst van de persoon die het recht verkrijgt;
  11. k)de beperkingen inzake online verkoop en online promotie;
  12. l)de voorkooprechten of de aankoopoptie ten voordele van de persoon die het recht verleent en de regels voor de waardebepaling van de handelszaak bij de uitoefening van deze rechten of deze optie;
  13. m)de bedingen betreffende de relatie en de afhankelijkheid tussen de commerciële samenwerkingsovereenkomst en de huurovereenkomst of elke andere overeenkomst betreffende de exploitatievestiging;
  14. n)de redenen voor de uitdrukkelijke ontbinding van de overeenkomst alsook de financiële gevolgen ervan, in het bijzonder wat de lasten en de investeringen betreft;
  15. o)het bevoegdheidsbeding, de rechtskeuze en de proceduretaal.". Afdeling 8 - Wijzigingen van boek XI van

Art. 30

.In artikel XI.34, § 1, b), van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 19 april 2014Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 28/03/1998 numac 1998003158 bron ministerie van financien Wet tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België sluiten7 en vervangen bij de wet van 19 december 2017, wordt het woord "proefnemingen" vervangen door de woorden "handelingen voor experimentele doeleinden". Art. 31.Artikel XI.65 van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 19 april 2014Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 28/03/1998 numac 1998003158 bron ministerie van financien Wet tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België sluiten7 en gewijzigd bij de wet van 2 mei 2019, waarvan de bestaande tekst paragraaf 1 zal vormen, wordt aangevuld met een paragraaf 2, luidende: " §

  1. De Dienst stelt het register van erkende gemachtigden via elektronische weg ter beschikking van het publiek. De Koning bepaalt de voorwaarden voor beschikbaarstelling van het publiek van het register van erkende gemachtigden, alsook de vermeldingen van het register die onderworpen zijn aan de inzage ten behoeve van het publiek.". Art. 32.Artikel XI.65/1 van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 19 april 2014Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 28/03/1998 numac 1998003158 bron ministerie van financien Wet tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België sluiten7 en vernummerd bij de wet van 8 juli 2018, wordt opgeheven. Art. 33.In artikel XI.72, eerste lid, 2°, van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 19 april 2014Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 28/03/1998 numac 1998003158 bron ministerie van financien Wet tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België sluiten7 en gewijzigd bij de wet van 8 juli 2018, worden de woorden "paragraaf 2 van dit artikel" vervangen door de woorden "paragraaf 1, tweede lid, van dit artikel". Art. 34.In artikel XI.73, 1°, van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 19 april 2014Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 28/03/1998 numac 1998003158 bron ministerie van financien Wet tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België sluiten7 en vervangen bij de wet van 8 juli 2018, worden de woorden "bedoeld in artikel XI.72, eerste lid, 1° tot 3° " vervangen door de woorden "bedoeld in de artikelen XI.71 en XI.72, eerste lid, 1° tot 3° ". Art. 35.Artikel XI.97 van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 19 april 2014Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 28/03/1998 numac 1998003158 bron ministerie van financien Wet tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België sluiten7 en gewijzigd bij de wet van 2 mei 2019, wordt aangevuld met een lid, luidende: "De aanvraag voor een certificaat kan niet worden geweigerd zonder dat de aanvrager in de gelegenheid wordt gesteld binnen een door de Koning bepaalde termijn commentaar te leveren op de voorgenomen weigering.". Art. 36.In artikel XI.225, § 1, van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 19 april 2014Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 28/03/1998 numac 1998003158 bron ministerie van financien Wet tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België sluiten7 en vervangen bij de wet van 1 april 2022, worden de woorden" of in licentie heeft gegeven," ingevoegd tussen de woorden ", heeft overgedragen" en de woorden "aan een producent van een audiovisueel werk,". Art. 37.In artikel XI.227/1, § 1, van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 25 november 2018Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/03/2001 pub. 29/03/2001 numac 2001022201 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet tot instelling van een inkomensgarantie voor ouderen sluiten8, worden de woorden "of in licentie heeft gegeven," ingevoegd tussen de woorden ", heeft overgedragen" en de woorden "aan een producent van een audiovisueel werk,". Art. 38.In artikel XI.228/4, § 1, van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 19 juni 2022Relevante gevonden documenten type wet prom. 02/08/2002 pub. 04/09/2002 numac 2002003392 bron ministerie van financien Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten sluiten7, worden de woorden "of in licentie heeft gegeven" ingevoegd tussen de woorden ", heeft overgedragen" en de woorden ", behoudt hij het recht". Art. 39.In artikel XI.228/11 van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 19 juni 2022Relevante gevonden documenten type wet prom. 02/08/2002 pub. 04/09/2002 numac 2002003392 bron ministerie van financien Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten sluiten7, wordt paragraaf 1 vervangen als volgt: " §
  2. Wanneer een auteur of een uitvoerend kunstenaar van een geluids- of audiovisueel werk zijn recht om de mededeling aan het publiek, met inbegrip van de beschikbaarstelling aan het publiek, door een dienstverlener van de informatiemaatschappij bedoeld in artikel XI.228/10, toe te staan of te verbieden, heeft overgedragen of in licentie heeft gegeven aan een producent of uitgever, behoudt hij het recht op een vergoeding voor de mededeling aan het publiek door een dienstverlener van de informatiemaatschappij bedoeld in artikel XI.228/10.". Art. 40.In artikel XI.240 van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 19 april 2014Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 28/03/1998 numac 1998003158 bron ministerie van financien Wet tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België sluiten7, vervangen bij de wet van 22 december 2016 en gewijzigd bij de wet van 19 juni 2022Relevante gevonden documenten type wet prom. 02/08/2002 pub. 04/09/2002 numac 2002003392 bron ministerie van financien Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten sluiten7, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in het eerste lid worden de woorden "artikel XI.191/1, § 1, 3°, 4° en 8° " vervangen door de woorden "artikel XI.191/1, § 1, 3°, 4°, 6° en 8° "; 2° in het derde lid worden de woorden "artikel XI.217/1, 3°, 4 en 7" vervangen door de woorden "artikel XI.217/1, 3°, 4°, 5° en 7° ". Art. 41.In artikel XI.250, eerste lid, van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 19 april 2014Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 28/03/1998 numac 1998003158 bron ministerie van financien Wet tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België sluiten7 en vervangen bij de wet van 8 juni 2017, worden de woorden "niet-speculatieve" vervangen door het woord "defensieve". Art. 42.In artikel XI.272, eerste lid, van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 19 april 2014Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 28/03/1998 numac 1998003158 bron ministerie van financien Wet tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België sluiten7 en vervangen bij de wet van 8 juni 2017, worden de woorden "de lidmaatschapsvoorwaarden en" ingevoegd tussen de woorden "de voorstellen tot wijziging van de statuten," en de woorden "de tarifering-, inning- of verdelingregels". Art. 43.In boek XI, titel 10, hoofdstuk 1, van hetzelfde Wetboek wordt een artikel XI.338/1 ingevoegd, luidende: "Art. XI.338/
  3. De ministers die bevoegd zijn voor intellectuele eigendom respectievelijk justitie, worden gemachtigd een verzoek tot oprichting van een lokale afdeling in België te richten aan de voorzitter van het administratief comité overeenkomstig artikel 7

(3)van de Overeenkomst van 19 februari 2013 betreffende het eengemaakt octrooigerecht, waarmee werd ingestemd bij de wet van 27 mei
  1. Deze lokale afdeling heeft haar zetel te Brussel.". Art. 44.In hetzelfde hoofdstuk wordt een artikel XI.338/2 ingevoegd, luidende: "Art. XI.338/
  2. In toepassing van artikel 49 van de voornoemde Overeenkomst, zijn de proceduretalen van de lokale afdeling, het Nederlands, het Frans, het Duits en het Engels.". Art. 45.In hetzelfde hoofdstuk wordt een artikel XI.338/3 ingevoegd, luidende: "Art. XI.338/
  3. Personeel van het departement van de minister bevoegd voor Economie kan door de Koning deeltijds of voltijds ter beschikking gesteld worden van het Eengemaakt Octrooigerecht. De Koning bepaalt bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad de nadere regels van die terbeschikkingstelling.". Afdeling 9 - Wijzigingen van boek XV van

Art. 46

.In artikel XV.31/2/1 van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 29 september 2020Relevante gevonden documenten type wet prom. 02/08/2002 pub. 04/09/2002 numac 2002003392 bron ministerie van financien Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten sluiten4 en gewijzigd bij de wet van 5 november 2023, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in het eerste lid worden de woorden "en aan de collectieve belangen van ondernemingen" ingevoegd tussen de woorden "aan de collectieve consumentenbelangen" en de woorden "te voorkomen,";2° in het eerste lid worden de woorden "en/of ondernemingen" ingevoegd tussen de woorden "toebrengen aan consumenten" en de woorden ", en van de gegevens";3° in het tweede lid worden de woorden "die de schadelijke praktijken hanteert" ingevoegd tussen de woorden "bedoelde ambtenaren de onderneming" en de woorden "op de hoogte te brengen van de feiten";4° in het derde lid worden de woorden "vierentwintig uur" vervangen door de woorden "twee werkdagen". Art. 47.Artikel XV.60/2 van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 29 september 2020Relevante gevonden documenten type wet prom. 02/08/2002 pub. 04/09/2002 numac 2002003392 bron ministerie van financien Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten sluiten4, wordt aangevuld met een lid, luidende: "In geval van laattijdige betaling van de transactie bedoeld in artikel XV.61, § 1 en indien het openbaar ministerie overeenkomstig artikel XV.69/1 heeft afgezien van het instellen van een strafvervolging, van het voorstellen van een minnelijke schikking bedoeld in artikel 216bis van het Wetboek van strafvordering of van een bemiddeling in strafzaken bedoeld in artikel 216ter van hetzelfde Wetboek, kunnen de bevoegde ambtenaren bedoeld in artikel XV.60/4 deze laattijdige betaling nog aanvaarden en de administratieve vervolging stopzetten.". Art. 48.In artikel XV.60/7 van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 29 september 2020Relevante gevonden documenten type wet prom. 02/08/2002 pub. 04/09/2002 numac 2002003392 bron ministerie van financien Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten sluiten4, wordt een vierde lid ingevoegd, luidende: "De bevoegde ambtenaren bedoeld in artikel XV.60/4 kunnen een verlenging van de termijn bedoeld in het eerste lid, 2°, toekennen, mits de overtreder of diens raadsman hiertoe een met redenen omkleed verzoek indient.". Art. 49.Artikel XV.60/13, van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 29 september 2020Relevante gevonden documenten type wet prom. 02/08/2002 pub. 04/09/2002 numac 2002003392 bron ministerie van financien Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten sluiten4, wordt aangevuld met een lid, luidende: "Indien de overtreder verzuimd heeft de aangetekende brief bij de post af te halen binnen de vastgestelde termijn, kunnen de bevoegde ambtenaren bedoeld in artikel XV.60/4 hem ter informatie bij gewone brief een afschrift van de beslissing toezenden.". Art. 50.In artikel XV.62/2, van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 29 september 2020Relevante gevonden documenten type wet prom. 02/08/2002 pub. 04/09/2002 numac 2002003392 bron ministerie van financien Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten sluiten4, wordt het woord "definitieve" ingevoegd tussen de woorden "die volgt op een" en de woorden "administratieve beslissing tot schuldigverklaring" en tussen de woorden "tot schuldigverklaring, op een" en de woorden "administratieve beslissing tot oplegging van een administratieve geldboete". Art. 51.In artikel XV.72, van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 20 november 2013Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 28/03/1998 numac 1998003158 bron ministerie van financien Wet tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België sluiten4, worden de woorden ", een definitieve administratieve beslissing tot schuldigverklaring of een definitieve administratieve beslissing tot oplegging van een administratieve geldboete" ingevoegd tussen de woorden "kracht van gewijsde gegane veroordeling" en de woorden "wegens dezelfde inbreuk,". Art. 52.In boek XV, titel 3, hoofdstuk 2, afdeling 4, van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 21 december 2013Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 28/03/1998 numac 1998003158 bron ministerie van financien Wet tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België sluiten0, wordt een artikel XV.82/1 ingevoegd, luidende: "Art. XV.82/

  1. Met een sanctie van niveau 1 worden gestraft, zij die de bepalingen overtreden van artikel VI.7/5 betreffende de verplichting tot betaling in speciën. De sanctie kan pas opgelegd worden voor zover de feiten die een inbreuk kunnen uitmaken minstens twee maal zijn vastgesteld door de ambtenaren bedoeld in artikel XV.2 en geen gepast gevolg is gegeven aan een waarschuwing bedoeld in artikel XV.31 die wordt opgesteld bij de eerste vaststelling van de inbreuk.". Art. 53.In artikel XV.83, eerste lid, van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 21 december 2013Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 28/03/1998 numac 1998003158 bron ministerie van financien Wet tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België sluiten0 en laatstelijk gewijzigd bij de wet van 5 november 2023, worden de volgende wijzigingen aangebracht: a) een bepaling onder 10° /2 wordt ingevoegd, luidende: "10° /2 van artikel VI.86, § 4, betreffende het overmaken van bedingen en voorwaarden die in tekoopaanbiedingen en in verkopen van producten voorkomen, aan de bijzondere raadgevende commissie Onrechtmatige bedingen;"; b) een bepaling onder 11° /1 wordt ingevoegd, luidende: "11° /1 van artikel VI.91/8, § 1/1, betreffende het overmaken van bedingen en contractvoorwaarden aan de bijzondere raadgevende commissie Onrechtmatige bedingen;". Art. 54.In artikel XV.90 van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 19 april 2014Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 28/03/1998 numac 1998003158 bron ministerie van financien Wet tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België sluiten7 en laatstelijk gewijzigd bij de wet van 5 november 2023, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° een bepaling onder 12° /1 wordt ingevoegd, luidende: "12° /1 als kredietgever of kredietbemiddelaar de bepalingen van de artikelen VII.70, § 1, vierde lid, of VII.130 overtreden;"; 2° in de bepaling onder 15° worden de woorden "VII.109, § 2" vervangen door de woorden "VII.109, §§ 1 en 2"; 3° een bepaling onder 15° /1 wordt ingevoegd, luidende: "15° /1 als kredietgever de bepalingen van de artikelen VII.77, § 1 of VII.133, § 1, betreffende de grondige beoordeling van de kredietwaardigheid van de consument en de persoonlijke zekerheidsstellers overtreden;"; 4° in de bepaling onder 18° worden de woorden "VII.147/26, § 1" vervangen door de woorden "VII.147/26, §§ 1 en 2"; 5° in de bepaling onder 19° worden de woorden "VII.130" vervangen door de woorden "VII.131". Art. 55.Artikel XV.125/4/1, ingevoegd bij de wet van 25 september 2022Relevante gevonden documenten type wet prom. 02/08/2002 pub. 04/09/2002 numac 2002003392 bron ministerie van financien Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten sluiten9, wordt artikel XV.125/4/1/
  2. Art. 56.Artikel XV.125/4/2, ingevoegd bij de wet van 25 september 2022Relevante gevonden documenten type wet prom. 02/08/2002 pub. 04/09/2002 numac 2002003392 bron ministerie van financien Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten sluiten9, wordt artikel XV.125/4/2/
  3. Afdeling 10 - Wijziging van boek XVII van

Art. 57

.Artikel XVII.2 van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 26 december 2013Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 28/03/1998 numac 1998003158 bron ministerie van financien Wet tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België sluiten5 en laatstelijk gewijzigd bij de wet van 5 november 2023, wordt aangevuld met een bepaling onder 18°, luidende: "18° de niet-naleving van de bepalingen van de wet van 11 juni 2004Relevante gevonden documenten type wet prom. 11/06/2004 pub. 05/07/2004 numac 2004011261 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet tot beteugeling van bedrog met de kilometerstand van voertuigen sluiten betreffende de informatieverstrekking bij de verkoop van tweedehandsvoertuigen.". HOOFDSTUK 4 - Wijzigingen van de wet van 22 januari 1945Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/03/2001 pub. 29/03/2001 numac 2001022201 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet tot instelling van een inkomensgarantie voor ouderen sluiten0 betreffende de economische reglementering en de prijzen Art. 58.In artikel 7 van de wet van 22 januari 1945Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/03/2001 pub. 29/03/2001 numac 2001022201 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet tot instelling van een inkomensgarantie voor ouderen sluiten0 betreffende de economische reglementering en de prijzen, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 10 oktober 1967, wordt een paragraaf 2/1 ingevoegd, luidende: " § 2/1. Onverminderd de paragrafen 1 en 2, kunnen de ambtenaren bedoeld in artikel 6, § 1, eerste lid, c), de inbreuken op deze wet, de besluitwet van 14 mei 1946Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/05/2002 pub. 31/07/2002 numac 2002022559 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet betreffende het recht op maatschappelijke integratie sluiten7 houdende verscherping van de controle der prijzen en hun uitvoeringsbesluiten opsporen en vaststellen overeenkomstig de bepalingen bedoeld in boek XV, titel 1, hoofdstuk 1, van

.". Art. 59.In hoofdstuk III van dezelfde wet wordt een artikel 7ter ingevoegd, luidende: "Art. 7ter.§ 1. De inbreuken bedoeld in de artikelen 5, 8 en 9 of de uitvoeringsbesluiten ervan opgespoord en vastgesteld door de ambtenaren bedoeld in artikel 6, § 1, eerste lid, c), kunnen het voorwerp uitmaken van: 1° de toepassing van de transactieprocedure bedoeld in artikel 11bis, § 1;2° een administratieve vervolging met toepassing van de procedure bedoeld in titel 1/2 van boek XV van

;3° een strafrechtelijke vervolging. § 2. De vervolging gebeurt overeenkomstig titel 1/1 van boek XV van

.". Art. 60.In hoofdstuk III van dezelfde wet wordt een artikel 7quater ingevoegd, luidende: "Art. 7quater.Het openbaar ministerie bezorgt aan de bevoegde ambtenaren bedoeld in artikel XV.60/4 van

een kennisgeving van zijn beslissing om al dan niet strafvervolging in te stellen, of al dan niet een minnelijke schikking bedoeld in artikel 216bis van het Wetboek van strafvordering of een bemiddeling in strafzaken bedoeld in artikel 216ter van hetzelfde Wetboek voor te stellen. Wanneer het openbaar ministerie ervan afziet een strafvervolging in te stellen, of een minnelijke schikking bedoeld in artikel 216bis van het Wetboek van strafvordering of een bemiddeling in strafzaken bedoeld in artikel 216ter van hetzelfde Wetboek voor te stellen, of wanneer het openbaar ministerie geen beslissing heeft genomen binnen een termijn van drie maanden te rekenen van de dag van ontvangst van het proces-verbaal waarin de inbreuk werd vastgelegd, beslissen de bevoegde ambtenaren bedoeld in artikel XV.60/4 van

of de procedure voor de administratieve geldboete moet worden opgestart.". Art. 61.In hoofdstuk III van dezelfde wet wordt een artikel 7quinquies ingevoegd, luidende: "Art. 7quinquies.Indien het openbaar ministerie afziet van een strafvervolging in te stellen, een minnelijke schikking bedoeld in artikel 216bis van het Wetboek van strafvordering of een bemiddeling in strafzaken bedoeld in artikel 216ter van hetzelfde Wetboek voor te stellen, bezorgt het een afschrift van de procedurestukken van het aanvullend opsporingsonderzoek aan de bevoegde ambtenaren bedoeld in artikel XV.60/4 van

.". Art. 62.In artikel 8, § 1, eerste lid, van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° het woord "strafrechtelijke" wordt ingevoegd tussen de woorden "gestraft met een" en de woorden "geldboete van 100";2° het woord "frank" wordt vervangen door het woord "euro"; 3° de eerste zin wordt aangevuld met de woorden ", hetzij met een administratieve geldboete van 100 tot 100.000 euro". Art. 63.In artikel 9 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 14 februari 1948, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragraaf 1, eerste lid, worden de woorden "een strafrechtelijke" ingevoegd tussen de woorden "jaar en met" en de woorden "geldboete van 100";2° in paragraaf 1, eerste lid, wordt het woord "frank" vervangen door het woord "euro"; 3° paragraaf 1, eerste lid, wordt aangevuld met de woorden ", hetzij met een administratieve geldboete van 100 tot 100.000 euro."; 4° in paragraaf 1, derde lid, wordt het woord "frank" vervangen door het woord "euro";5° in paragraaf 5, b), wordt het woord "frank" vervangen door het woord "euro". Art. 64.In hoofdstuk III van dezelfde wet wordt een artikel 10bis ingevoegd, luidende: "Art. 10bis.De bepalingen van titel 2, hoofdstuk 1/1, van boek XV van

zijn van toepassing op de administratieve geldboetes bedoeld in deze wet. De opdeciemen bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de wet van 5 maart 1952Relevante gevonden documenten type wet prom. 01/04/1969 pub. 11/06/1998 numac 1998000217 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot instelling van een gewaarborgd inkomen voor bejaarden . - Duitse vertaling sluiten6 betreffende de opdeciemen op strafrechtelijke geldboeten zijn eveneens van toepassing op de administratieve geldboetes bedoeld in deze wet.". Art. 65.In hoofdstuk III van dezelfde wet wordt een artikel 10ter ingevoegd, luidende: "Art. 10ter.De artikelen XV.73 en XV.74 van

zijn van toepassing op de strafrechtelijke inbreuken op deze wet die worden onderzocht en vastgesteld door de ambtenaren en beambten daartoe speciaal aangesteld door de minister bevoegd voor Economie.". Art. 66.Artikel 11bis van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 30 juli 1971, wordt vervangen als volgt: "Art. 11bis.§ 1. Wanneer de in artikel 6, § 1, eerste lid, c), bedoelde ambtenaren inbreuken op de artikelen 5, 8 en 9 of de uitvoeringsbesluiten ervan vaststellen, kunnen de door de minister bevoegd voor Economie aangestelde ambtenaren een geldsom voorstellen waarvan de vrijwillige betaling door de overtreder de strafvordering doet vervallen, overeenkomstig artikel XV.61 van

. Het bedrag van de transactie mag niet hoger zijn dan het maximumbedrag van de strafrechtelijke geldboete die wegens de vastgestelde inbreuk kan worden opgelegd, verhoogd met de opdeciemen. De betalings- en inningswijzen van deze transactie worden door de Koning vastgesteld. § 2. Wanneer zij inbreuken op de artikelen 5, 8 en 9 of de uitvoeringsbesluiten ervan vaststellen, kunnen de ambtenaren en beambten daartoe speciaal aangesteld door de minister bevoegd voor Economie, een waarschuwing richten tot de overtreder waarbij die tot stopzetting van de handeling wordt aangemaand, overeenkomstig artikel XV.31 van

.". HOOFDSTUK 5 - Wijzigingen van de wet van 26 juni 1963Relevante gevonden documenten type wet prom. 01/04/1969 pub. 11/06/1998 numac 1998000217 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot instelling van een gewaarborgd inkomen voor bejaarden . - Duitse vertaling sluiten8 tot instelling van een orde van architecten Art. 67.In artikel 7 van de wet van 26 juni 1963Relevante gevonden documenten type wet prom. 01/04/1969 pub. 11/06/1998 numac 1998000217 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot instelling van een gewaarborgd inkomen voor bejaarden . - Duitse vertaling sluiten8 tot instelling van een orde van architecten, gewijzigd bij de wet van 15 februari 2006, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in het tweede lid worden de woorden "Vlaams-Brabant," ingevoegd tussen de woorden "In de provincies" en het woord "Antwerpen";2° in het derde lid worden de woorden "Waals-Brabant," ingevoegd tussen de woorden "In de provincies" en het woord "Henegouwen";3° het vierde en het vijfde lid worden opgeheven; 4° het zesde lid, dat het vierde lid wordt, wordt vervangen als volgt: "De leden natuurlijk persoon en de leden rechtspersoon die respectievelijk de hoofdzetel van hun activiteit of hun zetel gevestigd hebben in de gemeenten van de Brusselse agglomeratie ressorteren naar keuze onder de raad van de Orde van Vlaams-Brabant en Brussel-Hoofdstad of onder de raad van de Orde van Brussel-Hoofdstad en Waals-Brabant.". Art. 68.Artikel 34 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 8 juni 2008Relevante gevonden documenten type wet prom. 01/04/1969 pub. 11/06/1998 numac 1998000217 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot instelling van een gewaarborgd inkomen voor bejaarden . - Duitse vertaling sluiten3, wordt vervangen als volgt: "Art. 34.§ 1. De nationale raad van de Orde van architecten bestaat uit:

  1. a)tien gewone leden en tien plaatsvervangende leden, die zitting hebben bij verhindering van de gewone leden, door de raden van de Orde onder hun leden gekozen voor een termijn van zes jaar, naar rata van een gewoon en een plaatsvervangend lid per raad;
  2. b)twee leden voor een termijn van zes jaar door de Koning benoemd onder de gemeentelijke of provinciale architecten-ambtenaren;
  3. c)twee leden voor een termijn van zes jaar door de Koning benoemd onder de architecten-ambtenaren die niet bedoeld zijn in de bepaling onder b);
  4. d)zes leden, architecten, voor een termijn van zes jaar benoemd door de Koning onder de personeelsleden die de architectuur of de architectural engineering onderwijzen in universiteiten. De universiteiten die onder de bevoegdheid van de Franse gemeenschap vallen, stellen een lijst voor met drie leden bedoeld in het eerste lid, d), en de universiteiten die onder de bevoegdheid van de Vlaamse gemeenschap vallen stellen een lijst voor met drie leden bedoeld in het eerste lid, d). Elk van de drie leden vermeld in de twee voorstellen behoort tot een andere universiteit. Indien de verschillende universiteiten echter onvoldoende kandidaten voorstellen, kunnen de leden van het onderwijzend personeel tot dezelfde universiteit behoren. Indien nodig, zijn de regels bedoeld in het vijfde en zesde lid van toepassing om het ontbrekende lid of de ontbrekende leden voor te stellen. Indien er meer kandidaten dan het te benoemen aantal leden worden voorgesteld, stellen de betrokken universiteiten in onderling overleg een lijst met drie namen op. Zij bezorgen hun voorstel ten minste drie maanden voor het verstrijken van de opdracht van de benoemde leden aan de minister bevoegd voor Middenstand. Indien binnen de gestelde termijn geen overeenstemming over een gemeenschappelijke lijst wordt bereikt, bezorgen de betrokken universiteiten de kandidatuurstellingen en de ontvangen informatie onmiddellijk aan de minister bevoegd voor Middenstand. De Koning benoemt dan de kandidaat met de meeste beroepservaring als docent. Indien kandidaten een gelijkwaardige beroepservaring hebben, kan Hij in voorkomend geval bij zijn beslissing rekening houden met troeven zoals de ervaring in soortgelijke organen, publicaties en het aantal studenten in een faculteit. Als de kandidaten gelijkwaardig zijn op basis van een vergelijking van de titels en verdiensten, kan de Koning, in voorkomend geval, de kandidaat benoemen van het gender dat het minst vertegenwoordigd is onder de leden van de Orde. § 2. De nationale raad van de Orde van architecten wordt bijgestaan door een rechtskundig bijzitter en meerdere plaatsvervangend rechtskundig bijzitters die door de Koning worden benoemd. De rechtskundig bijzitter heeft raadgevende stem. Zij worden gekozen voor een termijn van zes jaar onder de voorzitters en de raadsheren, de magistraten, titularis of honorair, van het Hof van beroep van Brussel of onder de advocaten van de balie te Brussel, die sedert ten minste tien jaar op een tabel van de Orde van advocaten zijn ingeschreven. Ze hebben een grondige kennis van de twee landstalen. § 3. De leden van de nationale raad bedoeld in paragraaf 1, eerste lid,
  5. b)tot d), mogen niet meer dan twee keer na elkaar worden benoemd. Indien een benoemd lid zijn hoedanigheid van lid van het onderwijzend personeel of van ambtenaar verliest, wordt hij geacht ontslag te hebben genomen en wordt een nieuw lid in zijn plaats benoemd voor de rest van de periode waarvoor het lid dat hij vervangt benoemd was, op basis van een nieuw voorstel van de overheidsinstantie of de universiteit die hij vertegenwoordigde.". Art. 69.In artikel 35 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wetten van 15 februari 2006 en 24 juli 2008, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° het tweede lid wordt vervangen als volgt: "De ene is samengesteld uit de afgevaardigden van de raden van de Orde van de provincies Henegouwen, Luik, Luxemburg, Namen en van de raad van de Orde van Brussel-Hoofdstad en Waals-Brabant, uit een Franstalig lid dat door de Koning werd benoemd overeenkomstig letter b van artikel 34, § 1, eerste lid, uit een Franstalig lid dat door de Koning werd benoemd overeenkomstig letter c van artikel 34, § 1, eerste lid, en uit drie Franstalige leden die door de Koning werden benoemd overeenkomstig letter d van artikel 34, § 1, eerste lid.De voorzitters van de raden van de Orde bedoeld in huidig lid wonen de afzonderlijke beraadslagingen bij."; 2° het derde lid wordt vervangen als volgt: "De andere afdeling is samengesteld uit de afgevaardigden van de raden van de Orde van de provincies Antwerpen, Limburg, Oost-Vlaanderen, West-Vlaanderen en van de raad van de Orde van Vlaams Brabant en Brussel-Hoofdstad, uit een Nederlandstalig lid dat door de Koning werd benoemd overeenkomstig letter b van artikel 34, § 1, eerste lid, uit een Nederlandstalig lid dat door de Koning werd benoemd overeenkomstig letter c van artikel 34, § 1, eerste lid, en uit drie Nederlandstalige leden die door de Koning werden benoemd overeenkomstig letter d van artikel 34, § 1, eerste lid.De voorzitters van de raden van de Orde bedoeld in huidig lid wonen de afzonderlijke beraadslagingen bij.". HOOFDSTUK 6 - Wijzigingen van de wet van 9 juli 1971 tot regeling van de woningbouw en de verkoop van te bouwen of in aanbouw zijnde woningen Art. 70.Artikel 14 van de wet van 9 juli 1971 tot regeling van de woningbouw en de verkoop van te bouwen of in aanbouw zijnde woningen wordt vervangen als volgt: "Art. 14.Onverminderd de bevoegdheden van de politieambtenaren van de lokale en federale politie, zijn de door de minister bevoegd voor Economie aangestelde ambtenaren bevoegd om de inbreuken op deze wet en haar uitvoeringsbesluiten op te sporen en vast te stellen. De opsporing en vaststelling van de inbreuken bedoeld in deze wet, door de in het eerste lid bedoelde ambtenaren, gebeuren overeenkomstig de bepalingen van boek XV, titel 1, hoofdstuk 1, van

. De door de in het eerste lid bedoelde ambtenaren opgestelde processen-verbaal hebben bewijskracht tot bewijs van het tegendeel. Een afschrift van het proces-verbaal wordt binnen dertig dagen na vaststelling van de inbreuk aan de overtreder bij een aangetekende zending met ontvangstmelding betekend of hem overhandigd, op de wijze bedoeld in artikel XV.2, § 2, van

. In de uitoefening van hun ambt kunnen de in het eerste lid bedoelde ambtenaren de bijstand van de politiediensten vorderen.". Art. 71.In dezelfde wet wordt een artikel 14/1 ingevoegd, luidende: "Art. 14/1.Wanneer is vastgesteld dat een handeling een inbreuk op deze wet of één van haar uitvoeringsbesluiten vormt, kunnen de ambtenaren bedoeld in artikel 14, eerste lid, een waarschuwing richten tot de overtreder waarbij die tot stopzetting van deze handeling wordt aangemaand, overeenkomstig artikel XV.31 van

.". Art. 72.In dezelfde wet wordt een artikel 14/2 ingevoegd, luidende: "Art. 14/2.Wanneer de in artikel 14, eerste lid, bedoelde ambtenaren inbreuken op deze wet of haar uitvoeringsbesluiten vaststellen, kunnen de door de minister bevoegd voor Economie aangestelde ambtenaren aan de overtreders een transactie voorstellen, overeenkomstig artikel XV.61 van

. Het bedrag van de transactie mag niet hoger zijn dan het maximumbedrag van de strafrechtelijke geldboete die wegens de vastgestelde inbreuk kan worden opgelegd, verhoogd met de opdeciemen. De betalings- en inningswijzen van deze transactie worden door de Koning vastgesteld.". Art. 73.In dezelfde wet wordt een artikel 14/3 ingevoegd, luidende: "Art. 14/3.§ 1. De inbreuken op deze wet of één van haar uitvoeringsbesluiten, kunnen het voorwerp uitmaken van: 1° de toepassing van de transactieprocedure bedoeld in artikel 14/2;2° een administratieve vervolging met toepassing van de procedure bedoeld in titel 1/2 van boek XV van

;3° een strafrechtelijke vervolging. § 2. De vervolging gebeurt overeenkomstig titel 1/1 van boek XV van

.". Art. 74.In dezelfde wet wordt een artikel 14/4 ingevoegd, luidende: "Art. 14/4.Het openbaar ministerie bezorgt aan de bevoegde ambtenaren bedoeld in artikel XV.60/4 van

een kennisgeving van zijn beslissing om al dan niet strafvervolging in te stellen, of al dan niet een minnelijke schikking bedoeld in artikel 216bis van het Wetboek van strafvordering of een bemiddeling in strafzaken bedoeld in artikel 216ter van hetzelfde Wetboek voor te stellen. Wanneer het openbaar ministerie ervan afziet een strafvervolging in te stellen, of een minnelijke schikking bedoeld in artikel 216bis van het Wetboek van strafvordering of een bemiddeling in strafzaken bedoeld in artikel 216ter van hetzelfde Wetboek voor te stellen, of wanneer het openbaar ministerie geen beslissing heeft genomen binnen een termijn van drie maanden te rekenen van de dag van ontvangst van het proces-verbaal waarin de inbreuk werd vastgelegd, beslissen de bevoegde ambtenaren bedoeld in artikel XV.60/4 van

of de procedure voor de administratieve geldboete moet worden opgestart.". Art. 75.In dezelfde wet wordt een artikel 14/5 ingevoegd, luidende: "Art. 14/5.Indien het openbaar ministerie afziet van een strafvervolging in te stellen, een minnelijke schikking bedoeld in artikel 216bis van het Wetboek van strafvordering of een bemiddeling in strafzaken bedoeld in artikel 216ter van het Wetboek van strafvordering voor te stellen, bezorgt het een afschrift van de procedurestukken van het aanvullend opsporingsonderzoek aan de bevoegde ambtenaren bedoeld in artikel XV.60/4 van

.". Art. 76.In dezelfde wet wordt een artikel 14/6 ingevoegd, luidende: "Art. 14/6.Zij die de bepalingen van de artikelen 7, 8, 9 en 11 of de uitvoeringsbesluiten ervan overtreden, worden gestraft met hetzij een strafrechtelijke geldboete hetzij met een administratieve geldboete van een minimumbedrag van 26 euro tot een maximumbedrag van 10.000 euro of tot vier procent van de totale jaaromzet in het laatst afgesloten boekjaar voorgaand aan het opleggen van de strafrechtelijke of administratieve geldboete waarover gegevens beschikbaar zijn die toelaten om de jaaromzet vast te stellen, indien dit een hoger bedrag vertegenwoordigt. Zij die de bepalingen van de artikelen 10 en 12 of de uitvoeringsbesluiten ervan overtreden, worden gestraft met hetzij een strafrechtelijke geldboete hetzij met een administratieve geldboete van een minimumbedrag van 26 euro tot een maximumbedrag van 50.000 euro of tot zes procent van de totale jaaromzet in het laatst afgesloten boekjaar voorgaand aan het opleggen van de strafrechtelijke of administratieve geldboete waarover gegevens beschikbaar zijn die toelaten om de jaaromzet vast te stellen, indien dit een hoger bedrag vertegenwoordigt." Art. 77.In dezelfde wet wordt een artikel 14/7 ingevoegd, luidende: "Art. 14/7.De bepalingen van titel 2, hoofdstuk 1/1, van boek XV van

zijn van toepassing op de administratieve geldboetes bedoeld in deze wet. De opdeciemen bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de wet van 5 maart 1952Relevante gevonden documenten type wet prom. 01/04/1969 pub. 11/06/1998 numac 1998000217 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot instelling van een gewaarborgd inkomen voor bejaarden . - Duitse vertaling sluiten6 betreffende de opdeciemen op strafrechtelijke geldboeten zijn eveneens van toepassing op de administratieve geldboetes bedoeld in deze wet.". Art. 78.In dezelfde wet wordt een artikel 14/8 ingevoegd, luidende: "Art. 14/8.De artikelen XV.69, XV.72, XV.73 en XV.74 van

zijn van toepassing op de strafrechtelijke inbreuken op deze wet of haar uitvoeringsbesluiten.". HOOFDSTUK 7 - Wijzigingen van de wet van 6 juli 1976Relevante gevonden documenten type wet prom. 01/04/1969 pub. 11/06/1998 numac 1998000217 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot instelling van een gewaarborgd inkomen voor bejaarden . - Duitse vertaling sluiten5 tot beteugeling van het sluikwerk met handels- of ambachtskarakter Art. 79.In artikel 2, § 1, eerste lid, van de wet van 6 juli 1976Relevante gevonden documenten type wet prom. 01/04/1969 pub. 11/06/1998 numac 1998000217 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot instelling van een gewaarborgd inkomen voor bejaarden . - Duitse vertaling sluiten5 tot beteugeling van het sluikwerk met handels- of ambachtskarakter worden de woorden "het ambachts- of handelsregister" vervangen door de woorden "de Kruispuntbank van Ondernemingen bedoeld in artikel I.2, 1°, van

". Art. 80.In artikel 3, eerste lid, van dezelfde wet wordt de bepaling onder

  1. a)vervangen als volgt: "
  2. a)de ambtenaren van de Algemene Directie Economische Inspectie van de Federale Overheidsdienst Economie, K.M.O., Middenstand en Energie;". Art. 81.In artikel 4 van dezelfde wet, waarvan de bestaande tekst paragraaf 1 zal vormen, wordt een paragraaf 2 ingevoegd, luidende: " § 2. In afwijking van paragraaf 1, gebeuren de opsporing en de vaststelling van de inbreuken bedoeld in deze wet, door de ambtenaren bedoeld in artikel 3, eerste lid, a), overeenkomstig de bepalingen bedoeld in boek XV, titel 1, hoofdstuk 1, van

, waarbij ze zich voor de bevoegdheid bedoeld in artikel XV.3, eerste lid, 1°, van

te allen tijde toegang kunnen verschaffen of toegang kunnen laten verschaffen tot de in artikel XV.3, eerste lid, 1°, van

bedoelde plaatsen.". Art. 82.In dezelfde wet wordt een artikel 4/3 ingevoegd, luidende: "Art. 4/3.De inbreuken op deze wet of haar uitvoeringsbesluiten, kunnen het voorwerp uitmaken van: 1° de toepassing van de transactieprocedure bedoeld in artikel 4/2;2° een administratieve vervolging met toepassing van de procedure bedoeld in titel 1/2 van boek XV van

;3° een strafrechtelijke vervolging. De vervolging gebeurt overeenkomstig titel 1/1 van boek XV van

, met uitzondering van artikel XV.60/1, § 2, indien de inbreuken op deze wet zijn opgespoord en vastgesteld door de ambtenaren bedoeld in artikel 3, eerste lid, b), c) of d).". Art. 83.In dezelfde wet wordt een artikel 4/4 ingevoegd, luidende: "Art. 4/4.Het openbaar ministerie bezorgt aan de bevoegde ambtenaren bedoeld in artikel XV.60/4 van

een kennisgeving van zijn beslissing om al dan niet strafvervolging in te stellen, een minnelijke schikking bedoeld in artikel 216bis van het Wetboek van strafvordering of een bemiddeling in strafzaken bedoeld in artikel 216ter van het Wetboek van strafvordering voor te stellen. Wanneer het openbaar ministerie afziet van een strafvervolging in te stellen, een minnelijke schikking bedoeld in artikel 216bis van het Wetboek van strafvordering of een bemiddeling in strafzaken bedoeld in artikel 216ter van het Wetboek van strafvordering voor te stellen, of wanneer het openbaar ministerie geen beslissing heeft genomen binnen een termijn van drie maanden te rekenen van de dag van ontvangst van het proces-verbaal waarin de inbreuk werd vastgelegd, beslissen de bevoegde ambtenaren bedoeld in artikel XV.60/4 van

of de procedure voor de administratieve geldboete moet worden opgestart.". Art. 84.In dezelfde wet wordt een artikel 4/5 ingevoegd, luidende: "Art. 4/5.Indien het openbaar ministerie afziet van een strafvervolging in te stellen, een minnelijke schikking bedoeld in artikel 216bis van het Wetboek van strafvordering of een bemiddeling in strafzaken bedoeld in artikel 216ter van het Wetboek van strafvordering voor te stellen, bezorgt het een afschrift van de procedurestukken van het aanvullend opsporingsonderzoek aan de bevoegde ambtenaren bedoeld in artikel XV.60/4 van

.". Art. 85.Artikel 5 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt: "Art. 5.Met hetzij een gevangenisstraf van acht dagen tot één maand en met een strafrechtelijke geldboete van 26 tot 500 euro of met één van die straffen alleen, hetzij een administratieve geldboete van 26 tot 500 euro wordt gestraft, hij die sluikwerk verricht of gebruik maakt van de diensten van iemand die sluikwerk verricht.". Art. 86.Artikel 6 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt: "Art. 6.Met hetzij een gevangenisstraf van acht dagen tot één maand en met een strafrechtelijke geldboete van 100 tot 1.000 euro of met één van die straffen alleen, hetzij een administratieve geldboete van 100 tot 1.000 euro wordt gestraft, hij die het krachtens deze wet geregelde toezicht verhindert.". Art. 87.In dezelfde wet wordt een artikel 7/1 ingevoegd, luidende: "Art. 7/1.De bepalingen van titel 2, hoofdstuk 1/1, van boek XV van

zijn van toepassing op de administratieve geldboetes bedoeld in deze wet. De opdeciemen bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de wet van 5 maart 1952Relevante gevonden documenten type wet prom. 01/04/1969 pub. 11/06/1998 numac 1998000217 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot instelling van een gewaarborgd inkomen voor bejaarden . - Duitse vertaling sluiten6 betreffende de opdeciemen op strafrechtelijke geldboeten zijn eveneens van toepassing op de administratieve geldboetes bedoeld in deze wet.". Art. 88.In dezelfde wet wordt een artikel 7/2 ingevoegd, luidende: "Art. 7/2.De artikelen XV.71, XV.72, XV.73 en XV.74 van

zijn van toepassing op de strafrechtelijke inbreuken op deze wet.". HOOFDSTUK 8 - Wijzigingen van de wet van 11 augustus 1987Relevante gevonden documenten type wet prom. 01/04/1969 pub. 11/06/1998 numac 1998000217 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot instelling van een gewaarborgd inkomen voor bejaarden . - Duitse vertaling sluiten9 houdende waarborg van werken uit edele metalen Art. 89.In artikel 21 van de wet van 11 augustus 1987Relevante gevonden documenten type wet prom. 01/04/1969 pub. 11/06/1998 numac 1998000217 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot instelling van een gewaarborgd inkomen voor bejaarden . - Duitse vertaling sluiten9 houdende waarborg van werken uit edele metalen, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 13 juli 2001, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in het eerste lid worden de woorden "een administratieve of strafrechtelijke" ingevoegd tussen de woorden "gestraft met" en de woorden "geldboete van 50 EUR"; 2° tussen het tweede en derde lid wordt een lid ingevoegd, luidende: "In geval van herhaling kunnen de ambtenaren bedoeld in artikel XV.60/4, indien ze een beslissing nemen tot het opleggen van een administratieve geldboete, eveneens een verbod uitspreken om werken te waarborgen door het aanbrengen van een stempelhandtekening."; 3° in het vroegere vierde lid, dat het vijfde lid wordt, worden de woorden "of definitieve beslissing tot het opleggen van een administratieve geldboete" ingevoegd tussen de woorden "vonnis of arrest" en de woorden "waarbij het verbod". Art. 90.In artikel 22 van dezelfde wet, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 13 juli 2001, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° de woorden "hetzij een" worden ingevoegd tussen de woorden "wordt gestraft met" en de woorden "gevangenisstraf van acht"; 2° het artikel wordt aangevuld met de woorden ", hetzij een administratieve geldboete van 26 tot 2.000 EUR.". Art. 91.In artikel 25 van dezelfde wet, vervangen bij de wet van 27 juni 2021Relevante gevonden documenten type wet prom. 02/08/2002 pub. 04/09/2002 numac 2002003392 bron ministerie van financien Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten sluiten6, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragraaf 1 worden de woorden "de in artikel XV.2 van

bedoelde ambtenaren" vervangen door de woorden "de ambtenaren van de Algemene Directie Economische Inspectie van de Federale Overheidsdienst Economie, K.M.O., Middenstand en Energie"; 2° het tweede lid van paragraaf 2 vormt een nieuwe paragraaf

  1. Art. 92.In dezelfde wet wordt een artikel 25/1 ingevoegd, luidende: "Art. 25/1.§
  2. De inbreuken op deze wet of haar uitvoeringsbesluiten, kunnen het voorwerp uitmaken van: 1° de toepassing van de transactieprocedure bedoeld in artikel 25, § 3;2° een administratieve vervolging met toepassing van de procedure bedoeld in titel 1/2 van boek XV van

;3° een strafrechtelijke vervolging. § 2. De vervolging gebeurt overeenkomstig titel 1/1 van boek XV van

.". Art. 93.In dezelfde wet wordt een artikel 25/2 ingevoegd, luidende: "Art. 25/2.Het openbaar ministerie bezorgt aan de bevoegde ambtenaren bedoeld in artikel XV.60/4 van

een kennisgeving van zijn beslissing om al dan niet strafvervolging in te stellen, een minnelijke schikking bedoeld in artikel 216bis van het Wetboek van strafvordering of een bemiddeling in strafzaken bedoeld in artikel 216ter van het Wetboek van strafvordering voor te stellen. Wanneer het openbaar ministerie afziet van een strafvervolging in te stellen, een minnelijke schikking bedoeld in artikel 216bis van het Wetboek van strafvordering of een bemiddeling in strafzaken bedoeld in artikel 216ter van het Wetboek van strafvordering voor te stellen, of wanneer het openbaar ministerie geen beslissing heeft genomen binnen een termijn van drie maanden te rekenen van de dag van ontvangst van het proces-verbaal waarin de inbreuk werd vastgelegd, beslissen de bevoegde ambtenaren bedoeld in artikel XV.60/4 van

of de procedure voor de administratieve geldboete moet worden opgestart.". Art. 94.In dezelfde wet wordt een artikel 25/3 ingevoegd, luidende: "Art. 25/3.Indien het openbaar ministerie afziet van een strafvervolging in te stellen, een minnelijke schikking bedoeld in artikel 216bis van het Wetboek van strafvordering of een bemiddeling in strafzaken bedoeld in artikel 216ter van het Wetboek van strafvordering voor te stellen, bezorgt het een afschrift van de procedurestukken van het aanvullend opsporingsonderzoek aan de bevoegde ambtenaren bedoeld in artikel XV.60/4 van

.". Art. 95.In dezelfde wet wordt een artikel 25/4 ingevoegd, luidende: "Art. 25/4.De bepalingen van titel 2, hoofdstuk 1/1, van boek XV van

zijn van toepassing op de administratieve geldboetes bedoeld in deze wet. De opdeciemen bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de wet van 5 maart 1952Relevante gevonden documenten type wet prom. 01/04/1969 pub. 11/06/1998 numac 1998000217 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot instelling van een gewaarborgd inkomen voor bejaarden . - Duitse vertaling sluiten6 betreffende de opdeciemen op strafrechtelijke geldboeten zijn eveneens van toepassing op de administratieve geldboetes bedoeld in deze wet.". Art. 96.In dezelfde wet wordt een artikel 25/5 ingevoegd, luidende: "Art. 25/5.De artikelen XV.71, XV.72, XV.73 en XV.74 van

zijn van toepassing op de strafrechtelijke inbreuken op deze wet.". HOOFDSTUK 9 - Wijzigingen van de programma wet van 2 augustus 2002Relevante gevonden documenten type wet prom. 02/08/2002 pub. 04/09/2002 numac 2002003392 bron ministerie van financien Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten sluiten Art. 97.In de programma wet van 2 augustus 2002Relevante gevonden documenten type wet prom. 02/08/2002 pub. 04/09/2002 numac 2002003392 bron ministerie van financien Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten sluiten wordt een artikel 169/1 ingevoegd, luidende: "Art. 169/1.§ 1. Wanneer zij inbreuken op het in artikel 169 of de uitvoeringsbesluiten ervan omschreven toezicht vaststellen, kunnen de ambtenaren bedoeld in artikel 170, § 2, een waarschuwing richten tot de overtreder waarbij die tot stopzetting van de handeling wordt aangemaand, overeenkomstig artikel XV.31 van

. § 2. Wanneer de in artikel 170, § 2, bedoelde ambtenaren inbreuken op het in artikel 169 of de uitvoeringsbesluiten ervan omschreven toezicht vaststellen, kunnen de door de minister bevoegd voor Economie aangestelde ambtenaren een geldsom voorstellen waarvan de vrijwillige betaling door de overtreder de strafvordering doet vervallen, overeenkomstig artikel XV.61 van

. Het bedrag van de transactie mag niet hoger zijn dan het maximumbedrag van de strafrechtelijke geldboete die wegens de vastgestelde inbreuk kan worden opgelegd, verhoogd met de opdeciemen. De betalings- en inningswijzen van deze transactie worden door de Koning vastgesteld.". Art. 98.In artikel 170 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 25 april 2014Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 28/03/1998 numac 1998003158 bron ministerie van financien Wet tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België sluiten6, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° paragraaf 1 wordt vervangen als volgt: " § 1.Inbreuken op het in artikel 169 omschreven toezicht worden gestraft met hetzij een strafrechtelijke geldboete hetzij met een administratieve geldboete van 100 tot 100.000 euro."; 2° in paragraaf 2 worden de woorden "overtredingen van krachtens, deze wet uitgevaardigde bepalingen" vervangen door de woorden "inbreuken op het in artikel 169 omschreven toezicht" en worden de woorden ", overeenkomstig de bepalingen bedoeld in boek XV, titel 1, hoofdstuk 1, van

" ingevoegd na de woorden "vast te stellen";3° paragraaf 3 wordt vervangen als volgt: " § 3.De door de ambtenaren bedoeld in artikel 170, § 2, opgestelde processen-verbaal hebben bewijskracht tot bewijs van het tegendeel. Een afschrift van het proces-verbaal wordt binnen dertig dagen na vaststelling van de inbreuk aan de overtreder bij een aangetekende zending met ontvangstmelding betekend of hem overhandigd, op de wijze bedoeld in artikel XV.2, § 2, van

.". Art. 99.In titel VIII, hoofdstuk II, van dezelfde wet wordt een artikel 170/1 ingevoegd, luidende: "Art. 170/1.§ 1. De inbreuken op het in artikel 169 of de uitvoeringsbesluiten ervan omschreven toezicht opgespoord en vastgesteld door de ambtenaren bedoeld in artikel 170, § 2, kunnen het voorwerp uitmaken van: 1° de toepassing van de transactieprocedure bedoeld in artikel 169/1, § 2;2° een administratieve vervolging met toepassing van de procedure bedoeld in titel 1/2 van boek XV van

;3° een strafrechtelijke vervolging. § 2. De vervolging gebeurt overeenkomstig titel 1/1 van boek XV van

.". Art. 100.In titel VIII, hoofdstuk II, van dezelfde wet wordt een artikel 170/2 ingevoegd, luidende: "Art. 170/2.Het openbaar ministerie bezorgt aan de bevoegde ambtenaren bedoeld in artikel XV.60/4 van

een kennisgeving van zijn beslissing om al dan niet strafvervolging in te stellen, of al dan niet een minnelijke schikking bedoeld in artikel 216bis van het Wetboek van strafvordering of een bemiddeling in strafzaken bedoeld in artikel 216ter van hetzelfde Wetboek voor te stellen. Wanneer het openbaar ministerie ervan afziet een strafvervolging in te stellen, of een minnelijke schikking bedoeld in artikel 216bis van het Wetboek van strafvordering of een bemiddeling in strafzaken bedoeld in artikel 216ter van hetzelfde Wetboek voor te stellen, of wanneer het openbaar ministerie geen beslissing heeft genomen binnen een termijn van drie maanden te rekenen van de dag van ontvangst van het proces-verbaal waarin de inbreuk werd vastgelegd, beslissen de bevoegde ambtenaren bedoeld in artikel XV.60/4 van

of de procedure voor de administratieve geldboete moet worden opgestart.". Art. 101.In titel VIII, hoofdstuk II, van dezelfde wet wordt een artikel 170/3 ingevoegd, luidende: "Art. 170/3.Indien het openbaar ministerie afziet van een strafvervolging in te stellen, een minnelijke schikking bedoeld in artikel 216bis van het Wetboek van strafvordering of een bemiddeling in strafzaken bedoeld in artikel 216ter van het Wetboek van strafvordering voor te stellen, bezorgt het een afschrift van de procedurestukken van het aanvullend opsporingsonderzoek aan de bevoegde ambtenaren bedoeld in artikel XV.60/4 van

.". Art. 102.In titel VIII, hoofdstuk II, van dezelfde wet wordt een artikel 170/4 ingevoegd, luidende: "Art. 170/4.De bepalingen van titel 2, hoofdstuk 1/1, van boek XV van

zijn van toepassing op de administratieve geldboetes bedoeld in deze wet. De opdeciemen bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de wet van 5 maart 1952Relevante gevonden documenten type wet prom. 01/04/1969 pub. 11/06/1998 numac 1998000217 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot instelling van een gewaarborgd inkomen voor bejaarden . - Duitse vertaling sluiten6 betreffende de opdeciemen op strafrechtelijke geldboeten zijn eveneens van toepassing op de administratieve geldboetes bedoeld in deze wet.". Art. 103.In titel VIII, hoofdstuk II, van dezelfde wet wordt een artikel 170/5 ingevoegd, luidende: "Art. 170/5.De bepalingen van boek I van het Strafwetboek, met inbegrip van hoofdstuk VII en artikel 85, zijn van toepassing op de inbreuken op het in artikel 169 of de uitvoeringsbesluiten ervan omschreven toezicht.". Art. 104.In titel VIII, hoofdstuk II, van dezelfde wet wordt een artikel 170/6 ingevoegd, luidende: "Art. 170/6.De artikelen XV.72, XV.73 en XV.74 van

zijn van toepassing op de strafrechtelijke inbreuken op het in artikel 169 of de uitvoeringsbesluiten ervan omschreven toezicht die worden onderzocht en vastgesteld door de ambtenaren bedoeld in artikel 170, § 2.". HOOFDSTUK 10 - Wijzigingen van de wet van 11 juni 2004Relevante gevonden documenten type wet prom. 11/06/2004 pub. 05/07/2004 numac 2004011261 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet tot beteugeling van bedrog met de kilometerstand van voertuigen sluiten betreffende de informatieverstrekking bij de verkoop van tweedehandsvoertuigen Art. 105.Artikel 8 van de wet van 11 juni 2004Relevante gevonden documenten type wet prom. 11/06/2004 pub. 05/07/2004 numac 2004011261 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet tot beteugeling van bedrog met de kilometerstand van voertuigen sluiten betreffende de informatieverstrekking bij de verkoop van tweedehandsvoertuigen, gewijzigd bij de wetten van 28 november 2018 en 29 september 2020, wordt vervangen als volgt: "Art. 8.Onverminderd de toepassing van strengere straffen waarin het Strafwetboek voorziet, worden gestraft: 1° met hetzij een strafrechtelijke geldboete hetzij een administratieve geldboete van een minimumbedrag van 26 euro tot een maximumbedrag van 10.000 euro of tot 4 % van de totale jaaromzet in het laatst afgesloten boekjaar voorgaand aan het opleggen van de geldboete waarover gegevens beschikbaar zijn die toelaten om de jaaromzet vast te stellen, indien dit een hoger bedrag vertegenwoordigt, zij die de bepalingen overtreden van:

  1. a)artikel 3/1;
  2. b)artikel 5 of de uitvoeringsbesluiten ervan;
  3. c)artikel 6, § 3, of de uitvoeringsbesluiten ervan, voor wat de vaklui, de erkende instellingen voor automobielinspectie en de auto-experts betreft; 2° met hetzij een strafrechtelijke geldboete hetzij een administratieve geldboete van een minimumbedrag van 26 euro tot een maximumbedrag van 50.000 euro of tot 6 % van de totale jaaromzet in het laatst afgesloten boekjaar voorgaand aan het opleggen van de geldboete waarover gegevens beschikbaar zijn die toelaten om de jaaromzet vast te stellen, indien dit een hoger bedrag vertegenwoordigt, zij die de bepalingen overtreden van:
  4. a)artikel 3, § 1;
  5. b)artikel 6, § 3, of de uitvoeringsbesluiten ervan, voor wat de fabrikanten van nieuwe voertuigen of hun gemachtigden betreft. In geval van herhaling binnen een termijn van vijf jaar te rekenen van een in kracht van gewijsde gegane veroordeling, een definitieve administratieve beslissing tot schuldigverklaring of een definitieve administratieve beslissing tot oplegging van een administratieve geldboete wegens dezelfde inbreuk, worden de geldboeten op het dubbele van het maximum gebracht.". Art. 106.In artikel 9, § 1, tweede lid, van dezelfde wet wordt de tweede zin aangevuld met de woorden ", op de wijze bedoeld in artikel XV.2, § 2, van

.". HOOFDSTUK 11 - Wijziging van de wet van 13 juni 2005Relevante gevonden documenten type wet prom. 13/06/2005 pub. 20/06/2005 numac 2005011238 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet betreffende de elektronische communicatie sluiten betreffende de elektronische communicatie Art. 107.In artikel 22/2 van bijlage 1 van de wet van 13 juni 2005Relevante gevonden documenten type wet prom. 13/06/2005 pub. 20/06/2005 numac 2005011238 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet betreffende de elektronische communicatie sluiten betreffende de elektronische communicatie, ingevoegd bij de wet van 30 augustus 2023, worden de paragrafen 1 en 2 vervangen als volgt: " § 1. Op 1 maart 2024 wordt een sociaal tarief gecreëerd met betrekking tot de breedbandinternettoegangsdiensten op een vaste locatie, zoals beschreven in artikel 38/1. § 2. Voor de toepassing van de diensten bedoeld in paragraaf 1 wordt beschouwd als rechthebbende van het sociaal tarief, iedere persoon die kan bewijzen dat hijzelf of een andere persoon die tot hetzelfde gezin behoort een beslissing geniet tot toekenning: 1° door een openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn:

  1. a)van het leefloon toegekend krachtens de wet van 26 mei 2002Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/05/2002 pub. 31/07/2002 numac 2002022559 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet betreffende het recht op maatschappelijke integratie sluiten betreffende het recht op maatschappelijke integratie;
  2. b)van een financiële maatschappelijke dienstverlening, die geheel of gedeeltelijk door de Federale Staat ten laste wordt genomen overeenkomstig artikel 5 van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door de openbare centra voor maatschappelijk welzijn;
  3. c)van een wachtuitkering op de inkomensgarantie voor ouderen of op een uitkering voor personen met een handicap;2° door de Directie-generaal Personen met een handicap van de Federale Overheidsdienst Sociale Zekerheid:
  4. a)van de inkomensvervangende tegemoetkoming bedoeld in artikel 2, § 1, van de wet van 27 februari 1987Relevante gevonden documenten type wet prom. 27/02/1987 pub. 18/10/2004 numac 2004000528 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de tegemoetkomingen aan gehandicapten Duitse vertaling sluiten betreffende de tegemoetkomingen aan personen met een handicap;
  5. b)van de integratietegemoetkoming bedoeld in artikel 2, § 2, van de wet van 27 februari 1987Relevante gevonden documenten type wet prom. 27/02/1987 pub. 18/10/2004 numac 2004000528 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de tegemoetkomingen aan gehandicapten Duitse vertaling sluiten betreffende de tegemoetkomingen aan personen met een handicap;
  6. c)van een tegemoetkoming bedoeld in de wet van 27 juni 1969Relevante gevonden documenten type wet prom. 01/04/1969 pub. 11/06/1998 numac 1998000217 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot instelling van een gewaarborgd inkomen voor bejaarden . - Duitse vertaling sluiten7 betreffende het toekennen van tegemoetkomingen aan de minder-validen;
  7. d)van een aanvullende tegemoetkoming bedoeld in de wet van 27 juni 1969Relevante gevonden documenten type wet prom. 01/04/1969 pub. 11/06/1998 numac 1998000217 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot instelling van een gewaarborgd inkomen voor bejaarden . - Duitse vertaling sluiten7 betreffende het toekennen van tegemoetkomingen aan de minder-validen;3° door een instelling van een gewest of een gemeenschap:
  8. a)van een tegemoetkoming voor hulp aan bejaarden toegekend in overeenstemming met de artikelen 84 en 85 van het decreet van 18 mei 2018Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/05/2002 pub. 31/07/2002 numac 2002022559 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet betreffende het recht op maatschappelijke integratie sluiten5 van de Vlaamse Gemeenschap houdende de Vlaamse sociale bescherming;
  9. b)van een tegemoetkoming voor hulp aan bejaarden toegekend in overeenstemming met artikel 3 van de ordonnantie van 10 december 2020 van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest betreffende de tegemoetkoming voor hulp aan bejaarden;
  10. c)van een tegemoetkoming voor hulp aan bejaarden toegekend in overeenstemming met artikel 43/33, onder voorbehoud van artikel 43/34, van het eerste deel, boek IIIquater, van het Waalse Wetboek van Sociale Actie en Gezondheid;
  11. d)van een tegemoetkoming toegekend door de Duitstalige Gemeenschap in overeenstemming met artikel 4 van het decreet van 27 juni 2022Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/05/2002 pub. 31/07/2002 numac 2002022559 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet betreffende het recht op maatschappelijke integratie sluiten6 betreffende het zorgbudget voor ouderen;4° genomen op basis van een wet, een decreet of een ordonnantie die een erkenning verschaft van een handicap van minimaal 4 punten in pijler 1 aan een kind, in overeenstemming met de bepalingen vastgelegd krachtens:
  12. a)artikel 9 van het besluit van de Vlaamse regering van 7 december 2018Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/05/2002 pub. 31/07/2002 numac 2002022559 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet betreffende het recht op maatschappelijke integratie sluiten8 betreffende de nadere regels voor het verkrijgen van een zorgtoeslag;
  13. b)artikel 4 van het besluit van het Verenigd College van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie van 25 mei 2023 betreffende de toekenning van kinderbijslag voor kinderen met een aandoening;
  14. c)artikel 5 van het besluit van de Waalse regering van 23 mei 2019Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/05/2002 pub. 31/07/2002 numac 2002022559 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet betreffende het recht op maatschappelijke integratie sluiten9 tot bepaling van de voorwaarden voor de toekenning van de toeslag op de kinderbijslag ten gunste van een kind met een handicap ter uitvoering van artikel 16 van het decreet van 8 februari 2018 betreffende het beheer en de betaling van de gezinsbijslagen;
  15. d)artikel 14 van het besluit van de regering tot uitvoering van het decreet van de Duitstalige Gemeenschap van 23 april 2018 betreffende de gezinsbijslagen;5° door de Federale Pensioendienst:
  16. a)van het gewaarborgd inkomen voor bejaarden, bedoeld in de wet van 1 april 1969Relevante gevonden documenten type wet prom. 01/04/1969 pub. 11/06/1998 numac 1998000217 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot instelling van een gewaarborgd inkomen voor bejaarden . - Duitse vertaling sluiten tot instelling van een gewaarborgd inkomen voor bejaarden;
  17. b)van de inkomensgarantie voor ouderen, bedoeld in de wet van 22 maart 2001Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/03/2001 pub. 29/03/2001 numac 2001022201 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet tot instelling van een inkomensgarantie voor ouderen sluiten tot instelling van een inkomensgarantie voor ouderen;
  18. c)van een tegemoetkoming voor hulp van derden bedoeld in de wet van 27 juni 1969Relevante gevonden documenten type wet prom. 01/04/1969 pub. 11/06/1998 numac 1998000217 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot instelling van een gewaarborgd inkomen voor bejaarden . - Duitse vertaling sluiten7 betreffende het toekennen van tegemoetkomingen aan de minder-validen;
  19. d)van een tegemoetkoming ter aanvulling van het gewaarborgd inkomen aan bejaarden, bedoeld in de wet van 27 juni 1969Relevante gevonden documenten type wet prom. 01/04/1969 pub. 11/06/1998 numac 1998000217 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot instelling van een gewaarborgd inkomen voor bejaarden . - Duitse vertaling sluiten7 betreffende het toekennen van tegemoetkomingen aan de minder-validen. Bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad kunnen de in het eerste lid bedoelde categorieën van rechthebbenden van het in paragraaf 1 bedoelde sociaal tarief gewijzigd of aangevuld worden door de Koning. Elk besluit dat daartoe wordt genomen, wordt geacht nooit uitwerking te hebben gehad, als het niet bij wet bekrachtigd is binnen twaalf maanden na de datum van inwerkingtreding ervan.". HOOFDSTUK 12 - Wijzigingen van de kader wet van 24 september 2006Relevante gevonden documenten type wet prom. 24/09/2006 pub. 16/11/2006 numac 2006023146 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Kaderwet betreffende het voeren van de beroepstitel van een dienstverlenend intellectueel beroep en het voeren van de beroepstitel van een ambachtelijk beroep sluiten betreffende het voeren van de beroepstitel van een dienstverlenend intellectueel beroep en het voeren van de beroepstitel van een ambachtelijk beroep Art. 108.In artikel 15 van de kader wet van 24 september 2006Relevante gevonden documenten type wet prom. 24/09/2006 pub. 16/11/2006 numac 2006023146 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Kaderwet betreffende het voeren van de beroepstitel van een dienstverlenend intellectueel beroep en het voeren van de beroepstitel van een ambachtelijk beroep sluiten betreffende het voeren van de beroepstitel van een dienstverlenend intellectueel beroep en het voeren van de beroepstitel van een ambachtelijk beroep worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° de woorden "Met geldboete van" worden vervangen door de woorden "Hetzij met een strafrechtelijke geldboete van"; 2° de woorden ", hetzij met een administratieve geldboete van 200 euro tot 1.000 euro" worden ingevoegd tussen de woorden "tot 1.000 euro" en de woorden "wordt gestraft:". Art. 109.In artikel 17 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° het tweede lid wordt vervangen als volgt: "De door deze ambtenaren opgestelde processen-verbaal hebben bewijskracht tot bewijs van het tegendeel.Een afschrift van het proces-verbaal wordt binnen dertig dagen na de datum van de vaststelling van de inbreuk aan de overtreder bij een aangetekende zending met ontvangstmelding betekend of hem overhandigd, op de wijze bedoeld in artikel XV.2, § 2, van

."; 2° het artikel wordt aangevuld met een lid, luidende: "De opsporing en de vaststelling van de inbreuken bedoeld in deze wet, door de in het eerste lid bedoelde ambtenaren, gebeuren overeenkomstig de bepalingen van boek XV, titel 1, hoofdstuk 1, van

.". Art. 110.In titel IV van dezelfde wet wordt een artikel 17/1 ingevoegd, luidende: "Art. 17/1.§ 1. Wanneer zij inbreuken op deze wet of haar uitvoeringsbesluiten vaststellen, kunnen de ambtenaren bedoeld in artikel 17, eerste lid, een waarschuwing richten tot de overtreder waarbij die tot stopzetting van de handeling wordt aangemaand, overeenkomstig artikel XV.31 van

. § 2. Wanneer de in artikel 17, eerste lid, bedoelde ambtenaren inbreuken op deze wet of haar uitvoeringsbesluiten vaststellen, kunnen de door de minister bevoegd voor Middenstand aangestelde ambtenaren een geldsom voorstellen waarvan de vrijwillige betaling door de overtreder de strafvordering doet vervallen, overeenkomstig artikel XV.61 van

. Het bedrag van de transactie mag niet hoger zijn dan het maximumbedrag van de strafrechtelijke geldboete die wegens de vastgestelde inbreuk kan worden opgelegd, verhoogd met de opdeciemen. De betalings- en inningswijzen van deze transactie worden door de Koning vastgesteld.". Art. 111.In titel IV van dezelfde wet wordt een artikel 17/2 ingevoegd, luidende: "Art. 17/2.§ 1. De inbreuken op deze wet of haar uitvoeringsbesluiten opgespoord en vastgesteld door de ambtenaren bedoeld in artikel 17, eerste lid, kunnen het voorwerp uitmaken van: 1° de toepassing van de transactieprocedure bedoeld in artikel 17/1, § 2;2° een administratieve vervolging met toepassing van de procedure bedoeld in titel 1/2 van boek XV van

;3° een strafrechtelijke vervolging. § 2. De vervolging gebeurt overeenkomstig titel 1/1 van boek XV van

.". Art. 112.In titel IV van dezelfde wet wordt een artikel 17/3 ingevoegd, luidende: "Art. 17/3.Het openbaar ministerie bezorgt aan de bevoegde ambtenaren bedoeld in artikel XV.60/4 van

een kennisgeving van zijn beslissing om al dan niet strafvervolging in te stellen, of al dan niet een minnelijke schikking bedoeld in artikel 216bis van het Wetboek van strafvordering of een bemiddeling in strafzaken bedoeld in artikel 216ter van hetzelfde Wetboek voor te stellen. Wanneer het openbaar ministerie ervan afziet een strafvervolging in te stellen, of een minnelijke schikking bedoeld in artikel 216bis van het Wetboek van strafvordering of een bemiddeling in strafzaken bedoeld in artikel 216ter van hetzelfde Wetboek voor te stellen, of wanneer het openbaar ministerie geen beslissing heeft genomen binnen een termijn van drie maanden te rekenen van de dag van ontvangst van het proces-verbaal waarin de inbreuk werd vastgelegd, beslissen de bevoegde ambtenaren bedoeld in artikel XV.60/4 van

of de procedure voor de administratieve geldboete moet worden opgestart.". Art. 113.In titel IV van dezelfde wet wordt een artikel 17/4 ingevoegd, luidende: "Art. 17/4.Indien het openbaar ministerie afziet van een strafvervolging in te stellen, een minnelijke schikking bedoeld in artikel 216bis van het Wetboek van strafvordering of een bemiddeling in strafzaken bedoeld in artikel 216ter van het Wetboek van strafvordering voor te stellen, bezorgt het een afschrift van de procedurestukken van het aanvullend opsporingsonderzoek aan de bevoegde ambtenaren bedoeld in artikel XV.60/4 van

.". Art. 114.In titel IV van dezelfde wet wordt een artikel 17/5 ingevoegd, luidende: "Art. 17/5.De bepalingen van titel 2, hoofdstuk 1/1, van boek XV van

zijn van toepassing op de administratieve geldboetes bedoeld in deze wet. De opdeciemen bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de wet van 5 maart 1952Relevante gevonden documenten type wet prom. 01/04/1969 pub. 11/06/1998 numac 1998000217 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot instelling van een gewaarborgd inkomen voor bejaarden . - Duitse vertaling sluiten6 betreffende de opdeciemen op strafrechtelijke geldboeten zijn eveneens van toepassing op de administratieve geldboetes bedoeld in deze wet.". Art. 115.In titel IV van dezelfde wet wordt een artikel 17/6 ingevoegd, luidende: "Art. 17/6.De artikelen XV.71, XV.72, XV.73 en XV.74 van

zijn van toepassing op de strafrechtelijke inbreuken op deze wet.". HOOFDSTUK 13 - Wijzigingen van de wet van 10 november 2006Relevante gevonden documenten type wet prom. 01/04/1969 pub. 11/06/1998 numac 1998000217 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot instelling van een gewaarborgd inkomen voor bejaarden . - Duitse vertaling sluiten0 betreffende de openingsuren in handel, ambacht en dienstverlening Art. 116.In artikel 19 van de wet van 10 november 2006Relevante gevonden documenten type wet prom. 01/04/1969 pub. 11/06/1998 numac 1998000217 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot instelling van een gewaarborgd inkomen voor bejaarden . - Duitse vertaling sluiten0 betreffende de openingsuren in handel, ambacht en dienstverlening worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragraaf 1, eerste lid, worden de woorden "de inspecteurs en controleurs van de Algemene Directie Controle en Bemiddeling van de Federale Overheidsdienst Economie, KMO, Middenstand en Energie" vervangen door de woorden "de ambtenaren van de Algemene Directie Economische Inspectie van de Federale Overheidsdienst Economie, K.M.O., Middenstand en Energie"; 2° Een paragraaf 1/1 wordt ingevoegd, luidende: " § 1/1.De opsporing en de vaststelling van de inbreuken op de bepalingen van deze wet, met uitzondering van de bepalingen van artikel 17, derde en vierde lid, gebeuren overeenkomstig de bepalingen van boek XV, titel 1, hoofdstuk 1, van

door de ambtenaren van de Algemene Directie Economische Inspectie bedoeld in paragraaf 1.". Art. 117.In de inleidende zin van artikel 20 van dezelfde wet worden de woorden "deze agenten" vervangen door de woorden "de officieren en agenten van de federale en lokale politie". Art. 118.Artikel 21 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt: "Art. 21.Wanneer zij inbreuken op de bepalingen van deze wet, met uitzondering van de bepalingen van artikel 17, derde en vierde lid, of haar uitvoeringsbesluiten vaststellen, kunnen de ambtenaren van de Algemene Directie Economische Inspectie bedoeld in artikel 19, § 1, een waarschuwing richten tot de overtreder waarbij die tot stopzetting van de handeling wordt aangemaand, overeenkomstig artikel XV.31 van

.". Art. 119.In dezelfde wet wordt een artikel 21/1 ingevoegd, luidende: "Art. 21/1.§ 1. De inbreuken op de bepalingen van deze wet, met uitzondering van de bepalingen van artikel 17, derde en vierde lid, of haar uitvoeringsbesluiten, kunnen het voorwerp uitmaken van: 1° de toepassing van de transactieprocedure bedoeld in artikel 22, § 3;2° een administratieve vervolging met toepassing van de procedure bedoeld in titel 1/2 van boek XV van

;3° een strafrechtelijke vervolging. § 2. De vervolging gebeurt overeenkomstig titel 1/1 van boek XV van

.". Art. 120.In dezelfde wet wordt een artikel 21/2 ingevoegd, luidende: "Art. 21/2.Het openbaar ministerie bezorgt aan de bevoegde ambtenaren bedoeld in artikel XV.60/4 van

een kennisgeving van zijn beslissing om al dan niet strafvervolging in te stellen, of al dan niet een minnelijke schikking bedoeld in artikel 216bis van het Wetboek van strafvordering of een bemiddeling in strafzaken bedoeld in artikel 216ter van hetzelfde Wetboek voor te stellen. Wanneer het openbaar ministerie ervan afziet een strafvervolging in te stellen, of een minnelijke schikking bedoeld in artikel 216bis van het Wetboek van strafvordering of een bemiddeling in strafzaken bedoeld in artikel 216ter van hetzelfde Wetboek voor te stellen, of wanneer het openbaar ministerie geen beslissing heeft genomen binnen een termijn van drie maanden te rekenen van de dag van ontvangst van het proces-verbaal waarin de inbreuk werd vastgelegd, beslissen de bevoegde ambtenaren bedoeld in artikel XV.60/4 van

of de procedure voor de administratieve geldboete moet worden opgestart.". Art. 121.In hoofdstuk VI van dezelfde wet wordt een artikel 21/3 ingevoegd, luidende: "Art. 21/3.Indien het openbaar ministerie afziet van een strafvervolging in te stellen, een minnelijke schikking bedoeld in artikel 216bis van het Wetboek van strafvordering of een bemiddeling in strafzaken bedoeld in artikel 216ter van het Wetboek van strafvordering voor te stellen, bezorgt het een afschrift van de procedurestukken van het aanvullend opsporingsonderzoek aan de bevoegde ambtenaren bedoeld in artikel XV.60/4 van

.". Art. 122.In artikel 22 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° paragraaf 1 wordt vervangen als volgt: " § 1.De inbreuken op de verbodsbepalingen die door deze wet zijn voorzien, worden bestraft met hetzij een gevangenisstraf van één maand tot één jaar en een boete van 250 tot 10.000 euro of met slechts één van deze straffen, hetzij een administratieve geldboete van 250 tot 10.000 euro."; 2° in paragraaf 3 wordt het eerste lid vervangen als volgt: "Wanneer de ambtenaren van de Algemene Directie Economische Inspectie bedoeld in artikel 19, § 1, inbreuken op deze wet of haar uitvoeringsbesluiten vaststellen, kunnen de door de minister bevoegd voor Economie aangestelde ambtenaren een geldsom voorstellen waarvan de vrijwillige betaling door de overtreder de strafvordering doet vervallen, overeenkomstig artikel XV.61 van

."; 3° in paragraaf 3 wordt tussen het eerste en het tweede lid een lid ingevoegd, luidende: "Het bedrag van de transactie mag niet hoger zijn dan het maximumbedrag van de strafrechtelijke geldboete die wegens de vastgestelde inbreuk kan worden opgelegd, verhoogd met de opdeciemen.". Art. 123.In hoofdstuk VI van dezelfde wet wordt een artikel 22/1 ingevoegd, luidende: "Art. 22/1.De bepalingen van titel 2, hoofdstuk 1/1, van boek XV van

zijn van toepassing op de administratieve geldboetes bedoeld in deze wet. De opdeciemen bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de wet van 5 maart 1952Relevante gevonden documenten type wet prom. 01/04/1969 pub. 11/06/1998 numac 1998000217 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot instelling van een gewaarborgd inkomen voor bejaarden . - Duitse vertaling sluiten6 betreffende de opdeciemen op strafrechtelijke geldboeten zijn eveneens van toepassing op de administratieve geldboetes bedoeld in deze wet.". Art. 124.In hoofdstuk VI van dezelfde wet wordt een artikel 22/2 ingevoegd, luidende: "Art. 22/2.De artikelen XV.71, XV.72, XV.73 en XV.74 van

zijn van toepassing op de strafrechtelijke inbreuken op deze wet.". HOOFDSTUK 14 - Wijzigingen van de kader wet van 3 augustus 2007Relevante gevonden documenten type wet prom. 01/04/1969 pub. 11/06/1998 numac 1998000217 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot instelling van een gewaarborgd inkomen voor bejaarden . - Duitse vertaling sluiten4 betreffende de dienstverlenende intellectuele beroepen Art. 125.In artikel 11, eerste lid, van de kader wet van 3 augustus 2007Relevante gevonden documenten type wet prom. 01/04/1969 pub. 11/06/1998 numac 1998000217 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot instelling van een gewaarborgd inkomen voor bejaarden . - Duitse vertaling sluiten4 betreffende de dienstverlenende intellectuele beroepen worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° de woorden "hetzij een" worden ingevoegd tussen de woorden "straffen wordt met" en de woorden "gevangenisstraf van acht"; 2° de woorden "een strafrechtelijke" worden ingevoegd tussen de woorden "drie maanden en met" en de woorden "geldboete van 200 tot 2.000"; 3° de eerste zin wordt aangevuld met de woorden ", hetzij een administratieve geldboete van 200 tot 2.000 euro:". Art. 126.In artikel 13 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° het tweede lid wordt vervangen als volgt: "De door deze ambtenaren opgestelde processen-verbaal hebben bewijskracht tot bewijs van het tegendeel.Een afschrift van het proces-verbaal wordt binnen dertig dagen na vaststelling van de inbreuk aan de overtreder bij een aangetekende zending met ontvangstmelding betekend of hem overhandigd, op de wijze bedoeld in artikel XV.2, § 2 van

."; 2° het artikel wordt aangevuld met een lid, luidende: "De opsporing en de vaststelling van de inbreuken bedoeld in deze wet, door de in het eerste lid bedoelde ambtenaren, gebeuren overeenkomstig de bepalingen van boek XV, titel 1, hoofdstuk 1, van

.". Art. 127.In titel II, hoofdstuk IV, van dezelfde wet wordt een artikel 13/1 ingevoegd, luidende: "Art. 13/1.§ 1. Wanneer zij inbreuken op deze kaderwet of haar uitvoeringsbesluiten vaststellen, kunnen de ambtenaren bedoeld in artikel 13, eerste lid, een waarschuwing richten tot de overtreder waarbij die tot stopzetting van de handeling wordt aangemaand, overeenkomstig artikel XV.31 van

. § 2. Wanneer de in artikel 13, eerste lid, bedoelde ambtenaren inbreuken bedoeld in deze kaderwet of haar uitvoeringsbesluiten vaststellen, kunnen de door de minister bevoegd voor Middenstand aangestelde ambtenaren een geldsom voorstellen waarvan de vrijwillige betaling door de overtreder de strafvordering doet vervallen, overeenkomstig artikel XV.61 van

. Het bedrag van de transactie mag niet hoger zijn dan het maximumbedrag van de strafrechtelijke geldboete die wegens de vastgestelde inbreuk kan worden opgelegd, verhoogd met de opdeciemen. De betalings- en inningswijzen van deze transactie worden door de Koning vastgesteld.". Art. 128.In hetzelfde hoofdstuk wordt een artikel 13/2 ingevoegd, luidende: "Art. 13/2.§ 1. De inbreuken bedoeld in deze kaderwet of haar uitvoeringsbesluiten opgespoord en vastgesteld door de ambtenaren bedoeld in artikel 13, eerste lid, kunnen het voorwerp uitmaken van: 1° de toepassing van de transactieprocedure bedoeld in artikel 13/1, § 2;2° een administratieve vervolging met toepassing van de procedure bedoeld in titel 1/2 van boek XV van

;3° een strafrechtelijke vervolging. § 2. De vervolging gebeurt overeenkomstig titel 1/1 van boek XV van

.". Art. 129.In hetzelfde hoofdstuk wordt een artikel 13/3 ingevoegd, luidende: "Art. 13/3.Het openbaar ministerie bezorgt aan de bevoegde ambtenaren bedoeld in artikel XV.60/4 van

een kennisgeving van zijn beslissing om al dan niet strafvervolging in te stellen, of al dan niet een minnelijke schikking bedoeld in artikel 216bis van het Wetboek van strafvordering of een bemiddeling in strafzaken bedoeld in artikel 216ter van hetzelfde Wetboek voor te stellen. Wanneer het openbaar ministerie ervan afziet een strafvervolging in te stellen, of een minnelijke schikking bedoeld in artikel 216bis van het Wetboek van strafvordering of een bemiddeling in strafzaken bedoeld in artikel 216ter van hetzelfde Wetboek voor te stellen, of wanneer het openbaar ministerie geen beslissing heeft genomen binnen een termijn van drie maanden te rekenen van de dag van ontvangst van het proces-verbaal waarin de inbreuk werd vastgelegd, beslissen de bevoegde ambtenaren bedoeld in artikel XV.60/4 van

of de procedure voor de administratieve geldboete moet worden opgestart.". Art. 130.In hetzelfde hoofdstuk wordt een artikel 13/4 ingevoegd, luidende: "Art. 13/4.Indien het openbaar ministerie afziet van een strafvervolging in te stellen, een minnelijke schikking bedoeld in artikel 216bis van het Wetboek van strafvordering of een bemiddeling in strafzaken bedoeld in artikel 216ter van het Wetboek van strafvordering voor te stellen, bezorgt het een afschrift van de procedurestukken van het aanvullend opsporingsonderzoek aan de bevoegde ambtenaren bedoeld in artikel XV.60/4 van

.". Art. 131.In hetzelfde hoofdstuk wordt ee

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.