← België

Decreet houdende diverse bepalingen inzake leerplichtonderwijs en schoolgebouwen

Kort samengevat

Dit decreet wijzigt verschillende bestaande wetten en koninklijke besluiten met betrekking tot het leerplichtonderwijs en schoolgebouwen, voornamelijk gericht op arbeidsvoorwaarden van personeel, onderwijsprogramma's en de financiering van schoolgebouwen.

Wat het reguleert

Wie het betreft

Kernpunten

📄 Wettekst
3 MEI 2019. - Decreet houdende diverse bepalingen inzake leerplichtonderwijs en schoolgebouwen Het Parlement van de Franse Gemeenschap heeft aangenomen en Wij, Regering, bekrachtigen hetgeen volgt : TITEL 1. - Bepalingen tot wijziging van het koninklijk besluit van 8 april 1959 tot regeling van het stelsel der dienstprestaties van de surveillanten en studiemeesters bij de Rijksinrichtingen voor middelbaar en technisch onderwijs Artikel 1.In artikel 2 van het koninklijk besluit van 8 april 1959 tot regeling van het stelsel der dienstprestaties van de surveillanten en studiemeesters bij de Rijksinrichtingen voor middelbaar en technisch onderwijs, worden het tweede lid en het derde lid geschrapt en vervangen door de volgende leden, luidend als volgt : « Voor de bepaling van de arbeidsduur worden de aanwezigheidsuren van de personeelsleden in het internaat tussen tweeëntwintig uur dertig en zes uur dertig beschouwd als de tijd gedurende welke het personeelslid ter beschikking van de werkgever staat en worden naar rata van vier uur bezoldigd. De wekelijkse arbeidsduur, door alle uren van aanwezigheid van de werknemer in het internaat mee te tellen, inclusief die tussen tweeëntwintig uur dertig en zes uur dertig, mag gemiddeld niet meer dan 48 uur bedragen over een referentieperiode van tien maanden die op 1 september begint en op 30 juni eindigt. De referentieperiode bedoeld in het eerste lid wordt tot twaalf maanden verlengd, tussen 1 september tot 31 augustus voor permanente opvangtehuizen. Het aantal prestaties van de personeelsleden die ter plaatse moeten slapen, mag gemiddeld drie nachten per week over de periode van tien maanden niet overschrijden. » TITEL II. - Bepaling tot wijziging van het koninklijk besluit van 8 december 1967 genomen ter uitvoering van artikel 3 van het koninklijk besluit van 28 februari 1967 houdende vaststelling van de administratieve stand van de leden van het administratief personeel en van het meesters-, vak- en dienstpersoneel van de rijksinrichtingen voor kleuteronderwijs, voor lager, buitengewoon, middelbaar, technisch, kunst- en normaalonderwijs Art. 2.In artikel 1, tweede lid, van het koninklijk besluit van 8 december 1967 genomen ter uitvoering van artikel 3 van het koninklijk besluit van 28 februari 1967 houdende vaststelling van de administratieve stand van de leden van het administratief personeel en van het meesters-, vak- en dienstpersoneel van de rijksinrichtingen voor kleuteronderwijs, voor lager, buitengewoon, middelbaar, technisch, kunst- en normaalonderwijs, zoals gewijzigd bij het decreet van 19 juli 2017, worden de woorden « op 1 januari van het jaar » vervangen door de woorden « op 31 december van het lopende kalenderjaar ». TITEL III. - Bepalingen tot wijziging van de wet van 19 juli 1971 betreffende de algemene structuur en de organisatie van het secundair onderwijs Art. 3.In artikel 4ter van de wet van 19 juli 1971 betreffende de algemene structuur en de organisatie van het secundair onderwijs, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in § 2, 4° worden de woorden « deze opleiding kan worden gevolgd door de organisatie van een cursus wetenschappen of door de gezamenlijke organisatie van een cursus fysica, een cursus chemie en een cursus biologie, naar keuze van de inrichtende machten of van de Federaties van de inrichtende machten;» ingevoegd tussen de woorden « 3 en 5 wekelijkse lestijden; » en « in het technisch onderwijs »; 2° in § 3, tweede lid, 2°, b), worden de woorden « deze opleiding kan worden gevolgd door de organisatie van een cursus wetenschappen of door de gezamenlijke organisatie van een cursus fysica, een cursus chemie en een cursus biologie, naar keuze van de inrichtende machten of de Federaties van inrichtende machten;» ingevoegd tussen de woorden « zes wekelijkse lestijden; » en « in het technisch onderwijs ». Art. 4.Artikel 4quinquies, § 4, 2, tweede lid, van de bovenvermelde wet van 19 juli 1971 wordt vervangen als volgt : « De gemeenschappelijke opleiding kan ook 1 of 2 lestijd(en) voor de opleiding geschiedenis en/of 1 of 2 lestijd(en) voor de opleiding aardrijskunde bedragen, naar keuze van de inrichtende macht. De lestijden voor de opleiding geschiedenis, de opleiding aardrijkskunde en de sociale en economische opleiding kunnen samengebracht worden. ». Art. 5.In artikel 4septies van dezelfde wet wordt een tweede lid ingevoegd, luidend als volgt : « De uurroosters worden aan de diensten van de Regering bezorgd en dit uiterlijk op 31 maart van het schooljaar voorafgaand aan het schooljaar van hun toepassing. ». TITEL IV. - Bepaling tot wijziging van het koninklijk besluit van 20 juli 1971 tot vaststelling van de voorwaarden tot en de procedure van het verlenen van de gelijkwaardigheid van buitenlandse diploma's en studiegetuigschriften Art. 6.In artikel 5, vierde lid, van het koninklijk besluit van 20 juli 1971 tot vaststelling van de voorwaarden tot en de procedure van het verlenen van de gelijkwaardigheid van buitenlandse diploma's en studiegetuigschriften, worden de woorden « of zijn afgevaardigde » ingevoegd tussen de woorden « de minister » en het woord « kan ». TITEL V. - Bepaling tot wijziging van het koninklijk besluit van 20 juni 1975 betreffende de voldoend geachte bekwaamheidsbewijzen in het kleuter- en lager onderwijs Art. 7.In artikel 13, § 3, van het koninklijk besluit van 20 juni 1975 betreffende de voldoend geachte bekwaamheidsbewijzen in het kleuter- en lager onderwijs, worden de volgende wijzigingen aangebracht. 1° in punt 1 worden de woorden « Indien het personeelslid een dienstanciënniteit van ten minste 10 jaar telt en een ambtsanciënniteit van ten minste 6 jaar : » vervangen door de woorden « Het personeelslid komt in aanmerking voor de » ;2° punt 2 wordt opgeheven. TITEL VI. - Bepalingen tot wijziging van het koninklijk besluit van 30 juli 1975 betreffende de voldoend geachte bekwaamheidsbewijzen in het secundair onderwijs dat verstrekt wordt in de gesubsidieerde vrije inrichtingen voor middelbaar onderwijs of voor normaalonderwijs, met inbegrip van het postsecundair psycho-pedagogisch jaar Art. 8.In artikel 12, § 2, van het koninklijk besluit van 30 juli 1975 betreffende de voldoend geachte bekwaamheidsbewijzen in het secundair onderwijs dat verstrekt wordt in de gesubsidieerde vrije inrichtingen voor middelbaar onderwijs of voor normaalonderwijs, met inbegrip van het postsecundair psycho-pedagogisch jaar, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in punt 1° worden de woorden « Indien het personeelslid een ambtsanciënniteit van ten minste 6 jaar telt : » vervangen door de woorden « Het personeelslid komt in aanmerking voor de » ;2° punt 2° wordt opgeheven. Art. 9.In artikel 13, § 2, van het bovenvermelde koninklijk besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in punt 1° worden de woorden « Indien het personeelslid een dienstanciënniteit van ten minste 10 jaar telt en een ambtsanciënniteit van ten minste 6 jaar : » vervangen door de woorden « Het personeelslid komt in aanmerking voor » ;2° punt 2° wordt opgeheven. TITEL VII. - Bepalingen tot wijziging van het koninklijk besluit van 30 juli 1975 betreffende de voldoende geachte bekwaamheidsbewijzen in de gesubsidieerde inrichtingen voor secundair technisch en beroepsonderwijs met volledig leerplan en voor sociale promotie Art. 10.In artikel 12, § 2, van het koninklijk besluit van 30 juli 1975 betreffende de voldoende geachte bekwaamheidsbewijzen in de gesubsidieerde inrichtingen voor secundair technisch en beroepsonderwijs met volledig leerplan en voor sociale promotie, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in punt 1 worden de woorden « Indien het personeelslid een ambtsanciënniteit van ten minste 6 jaar telt : » vervangen door de woorden « Het personeelslid komt in aanmerking voor de » ;2° punt 2 wordt opgeheven. Art. 11.In artikel 13, § 2, van het bovenvermelde koninklijk besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in punt 1 worden de woorden « Indien het personeelslid een dienstanciënniteit van ten minste 10 jaar telt en een ambtsanciënniteit van ten minste 6 jaar : » vervangen door de woorden « Het personeelslid komt in aanmerking voor de » ;2° punt 2 wordt opgeheven. TITEL VIII. - Bepalingen tot wijziging van het koninklijk besluit van 30 juli 1975 betreffende de voldoende geachte bekwaamheidsbewijzen in het secundair onderwijs georganiseerd in de gesubsidieerde officiële inrichtingen voor middelbaar onderwijs en in de gesubsidieerde officiële inrichtingen voor normaalonderwijs Art. 12.In artikel 12, § 2, van het koninklijk besluit van 30 juli 1975 betreffende de voldoende geachte bekwaamheidsbewijzen in het secundair onderwijs georganiseerd in de gesubsidieerde officiële inrichtingen voor middelbaar onderwijs en in de gesubsidieerde officiële inrichtingen voor normaalonderwijs, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in punt 1° worden de woorden « Indien het personeelslid een ambtsanciënniteit van ten minste 6 jaar telt : » vervangen door de woorden « Het personeelslid komt in aanmerking voor de » ;2° punt 2° wordt opgeheven. Art. 13.In artikel 13, § 2, van het bovenvermelde koninklijk besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in punt 1° worden de woorden « Indien het personeelslid een dienstanciënniteit van ten minste 10 jaar telt en een ambtsanciënniteit van ten miste 6 jaar : » vervangen door de woorden « Het personeelslid komt in aanmerking voor de » ;2° punt 2° wordt opgeheven. TITEL IX. - Bepaling tot wijziging van de wet van 24 december 1976 betreffende de budgettaire voorstellen 1976-1977 Art. 14.In het tweede lid, 1°, van artikel 76 (Franse Gemeenschap) van de wet van 24 december 1976 betreffende de budgettaire voorstellen 1976-1977, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° de woorden « of aangeworven » worden ingevoegd tussen het woord « aangesteld » en de woorden « , op hun aanvraag »;2° de woorden «, tenzij ze aangesteld of aangeworven worden in een ambt met een ernstige schaarste » worden toegevoegd na de woorden « de leeftijd van 67 jaar ». TITEL X. - Bepalingen tot wijziging van het koninklijk besluit nr. 297 van 31 maart 1984 betreffende de opdrachten, de wedden, de weddetoelagen en de verloven voor verminderde prestatie in het onderwijs en de psycho-medisch-sociale centra Art. 15.Artikel 10decies, § 6, zoals gewijzigd bij het decreet van 20 december 2011Relevante gevonden documenten type decreet prom. 02/06/1998 pub. 29/08/1998 numac 1998029331 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet houdende organisatie van het secundair kunstonderwijs met beperkt leerplan gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap sluiten3, van het koninklijk besluit nr. 297 van 31 maart 1984 betreffende de opdrachten, de wedden, de weddetoelagen en de verloven voor verminderde prestatie in het onderwijs en de psycho-medisch-sociale, wordt gewijzigd als volgt : 1° in het tweede lid worden de woorden « wordt de wachtwedde of de wachtweddetoelage van het personeelslid geschorst » vervangen door de woorden « geen enkele wachtwedde of wachtweddetoelage wordt toegekend aan het personeelslid voor de hele duur van de overschrijding ».2° het derde lid wordt vervangen als volgt : « Bij overschrijding van minder dan 15 % van de bedragen bedoeld in §§ 2 en 3 wordt het bedrag de wachtwedde of de wachtweddetoelage van het personeelslid, voor de hele duur van de overschrijding, verminderd naar rata van het percentage van de overschrijding van de inkomsten ten opzichte van deze bedragen zelfs als de activiteit zich niet over het hele jaar uitstrekt.». Art. 16.Artikel 10duodecies, § 3, tweede lid, van hetzelfde koninklijk besluit wordt vervangen als volgt : « In de Hogescholen, de Hogere Kunstscholen en de psycho-medisch-sociale centra kan de verlenging bedoeld in het eerste lid toegelaten worden, op aanvraag van het personeelslid, tot 31 augustus van het academiejaar waarin het bovenvermelde personeelslid tot pensioen wordt toegelaten. ». Art. 17.Artikel 10vicies, § 6, van hetzelfde koninklijk besluit wordt gewijzigd als volgt : 1° in het tweede lid worden de woorden « wordt de wachtwedde of de wachtweddetoelage van het personeelslid geschorst » vervangen door de woorden « geen enkele wachtwedde of wachtweddetoelage wordt toegekend aan het personeelslid voor de hele duur van de overschrijding ».2° het derde lid wordt vervangen als volgt : « Bij overschrijding van minder dan 15 % van de bedragen bedoeld in §§ 2 en 3, wordt het bedrag van de wachtwedde of van de wachtweddetoelage van het personeelslid, voor de hele duur van de overschrijding, verminderd naar rata van het percentage van de overschrijding van de inkomsten ten opzichte van deze bedragen zelfs als de activiteit zich niet over het hele jaar uitstrekt.». TITEL XI. - Bepaling tot wijziging van het koninklijk besluit van 29 juni 1984 betreffende de organisatie van het secundair onderwijs Art. 18.In artikel 58, § 1, van het koninklijk besluit van 29 juni 1984 betreffende de organisatie van het secundair onderwijs wordt het woord « 38 » vervangen door het woord « 16 ». TITEL XII. - Bepaling tot wijziging van het decreet van 5 februari 1990 betreffende de schoolgebouwen van het niet-universitair onderwijs georganiseerd of gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap Art. 19.In artikel 5 van het decreet van 5 februari 1990 betreffende de schoolgebouwen van het niet-universitair onderwijs georganiseerd of gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap, wordt in § 2 een punt 20° ingevoegd, luidend als volgt : « 20° een uitzonderlijk bedrag van 11 000 000 euro verdeeld van 2019 tot 2024, afkomstig uit de beschikbare financiële middelen vermeld in het gedeelte van de begroting van de Franse Gemeenschap behorend tot de sportinfrastructuren, via een verdeling naar de dotatie van het Fonds voor schoolgebouwen van de Franse Gemeenschap voor het gezamenlijk project sport/school, bedoeld in punt 18°, voor de bouw, te Anderlecht, Leopold de Swaefstraat, van sportinfrastructuren die door de Administratie Lichamelijke opvoeding en Sport beheerd zullen worden. ». TITEL XIII. - Bepaling tot wijziging van het decreet van 3 juli 1991 tot regeling van het alternerend secundair onderwijs Art. 20.In artikel 3, § 1, tweede lid, van het decreet van 3 juli 1991 tot regeling van het alternerend secundair onderwijs, worden de woorden « Een leraar technische cursussen en beroepspraktijk » vervangen door de woorden « Een leraar technische cursussen of beroepspraktijk ». TITEL XIV. - Bepaling tot wijziging van het decreet van 1 februari 1993 houdende het statuut van de gesubsidieerde personeelsleden van het gesubsidieerd vrij onderwijs Art. 21.In artikel 29quater, 2°, derde lid, van het decreet van 1 februari 1993 houdende het statuut van de gesubsidieerde personeelsleden van het gesubsidieerd vrij onderwijs, worden de woorden « . Als het personeelslid zich kandidaat stelt in de voorgeschreven vormen en termijnen, in afwijking van artikel 42bis van dit decreet, gaat de inrichtende macht over tot de werving in vast verband in de betrekking » ingevoegd na de volgende woorden « is de inrichtende macht ontheven van de verplichting om te verlengen ». » TITEL XV. - Bepaling tot wijziging van het decreet van 6 juni 1994 tot vaststelling van de rechtspositie van de gesubsidieerde personeelsleden van het officieel gesubsidieerd onderwijs Art. 22.Artikel 35 van het decreet van 6 juni 1994 tot vaststelling van de rechtspositie van de gesubsidieerde personeelsleden van het officieel gesubsidieerd onderwijs, wordt vervangen door een tekst, luidend als volgt: « Article 35. - § 1. Bij ontslag verliest een personeelslid aangesteld in tijdelijk verband de bij de betrokken inrichtende macht verworven prioriteit. Deze wordt hem opnieuw verleend als die inrichtende macht hem weer aanwerft. Bij vrijwillig ontslag verliest het personeelslid aangesteld in tijdelijk verband de bij de betrokken inrichtende macht verworven prioriteit. Deze wordt hem nochtans opnieuw verleend als, na zijn ontslag te hebben ingediend, die inrichtende macht hem weer aanwerft. § 2. Bij vrijwillig ontslag verliest het personeelslid benoemd in vast verband de bij de betrokken inrichtende macht verworven prioriteit. Deze wordt hem nochtans opnieuw verleend als, na zijn ontslag te hebben ingediend, die inrichtende macht hem weer aanwerft. ». Art. 23.In artikel 59, eerste lid worden de volgende woorden ingevoegd «, onverminderd artikel 35, § 2, indien hij opnieuw aangeworven zou zijn door de inrichtende macht die hem vóór zijn ontslag aanwierf » na de woorden « door vrijwillig ontslag ». » TITEL XVI. - Bepalingen tot wijziging van het decreet van 24 juni 1996 houdende regeling van de opdrachten, verloven wegens opdracht en terbeschikkingstelling wegens opdracht in het door de Franse Gemeenschap georganiseerd of gesubsidieerd onderwijs Art. 24.Er wordt een artikel 5/2 in het decreet van 24 juni 1996 houdende regeling van de opdrachten, verloven wegens opdracht en terbeschikkingstelling wegens opdracht in het door de Franse Gemeenschap georganiseerd of gesubsidieerd onderwijs, ingevoegd, luidend als volgt : « Artikel 5/2.§ 1. Op aanvraag van de inrichtende macht kan de minister heel uitzonderlijk een welbepaald verlof toekennen aan het personeelslid dat vrijwillig mobiliteit wil verrichten in het kader van een samenwerkingsprogramma met humanitaire doeleinden en/of internationale handel dat niet deel uitmaakt van het sectoraal subprogramma « Comenius » bedoeld in artikel 5/1, § 1. § 2. Het verlof bedoeld in de vorige paragraaf wordt bezoldigd of gesubsidieerd en met een periode van dienstactiviteit gelijkgesteld. ». Art. 25.In artikel 8 van hetzelfde decreet wordt een punt d ingevoegd, luidend als volgt : « d. kunnen de verloven wegens opdracht, toegekend voor de uitoefening van de opdracht van preventieadviseur betrekking hebben op een aantal lestijden dat lager is dan dat verworven voor het ambt met volledige prestaties zonder lager te zijn dan 6 lestijden per week voor de personen met prestaties in het basisonderwijs, 5 lestijden per week voor de personen met prestaties in het lager secundair onderwijs en 4 lestijden per week voor de personen met prestaties in het hoger secundair onderwijs, voor de hele duur van deze opdracht. ». Art. 26.In artikel 14 van hetzelfde decreet wordt het tweede lid aangevuld als volgt : « , bij een inrichtende macht of een ander beheercentrum zoals bepaald in de artikelen 114 en volgende van het decreet van 2 februari 2007Relevante gevonden documenten type decreet prom. 02/06/1998 pub. 29/08/1998 numac 1998029331 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet houdende organisatie van het secundair kunstonderwijs met beperkt leerplan gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap sluiten1 tot vaststelling van het statuut van de directeurs. ». TITEL XVII. - Bepalingen tot wijziging van het decreet van 24 juli 1997Relevante gevonden documenten type decreet prom. 24/07/1997 pub. 23/09/1997 numac 1997029337 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet dat de prioritaire taken bepaalt van het basisonderwijs en van het secundair onderwijs en de structuren organiseert die het mogelijk maken ze uit te voeren sluiten dat de prioritaire taken bepaalt van het basisonderwijs en van het secundair onderwijs en de structuren organiseert die het mogelijk maken ze uit te voeren Art. 27.In artikel 67 van het decreet van 24 juli 1997Relevante gevonden documenten type decreet prom. 24/07/1997 pub. 23/09/1997 numac 1997029337 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet dat de prioritaire taken bepaalt van het basisonderwijs en van het secundair onderwijs en de structuren organiseert die het mogelijk maken ze uit te voeren sluiten dat de prioritaire taken bepaalt van het basisonderwijs en van het secundair onderwijs en de structuren organiseert die het mogelijk maken ze uit te voeren, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in paragraaf 2, derde lid, 2°, worden de woorden « tussen 2 november 2019 en 1 februari 2020;» vervangen door de woorden « tussen 1 januari 2020 en 30 april 2020; »; 2° in paragraaf 2, derde lid, 3°, worden de woorden « tussen 2 november 2020 en 1 februari 2021.» vervangen door de woorden « tussen 1 januari 2021 en 30 april 2021. »; 3° in paragraaf 6 wordt het eerste lid aangevuld als volgt : « Voor de scholen die hun sturingsplan tussen 1 en 30 april 2019 ingediend hebben, beschikt de afgevaardigde voor de doelstellingenovereenkomst over een termijn van 90 kalenderdagen om de analyse van deze aangepastheid uit te voeren.». Art. 28.In artikel 79, § 1, van het decreet van 24 juli 1997Relevante gevonden documenten type decreet prom. 24/07/1997 pub. 23/09/1997 numac 1997029337 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet dat de prioritaire taken bepaalt van het basisonderwijs en van het secundair onderwijs en de structuren organiseert die het mogelijk maken ze uit te voeren sluiten dat de prioritaire taken bepaalt van het basisonderwijs en van het secundair onderwijs en de structuren organiseert die het mogelijk maken ze uit te voeren, wordt het tweede lid aangevuld als volgt : « De leerlingen van de 2de en de 3de graden van het gewoon en gespecialiseerd secundair onderwijs van vorm 4 die meer dan 20 halve dagen afwezigheid zonder reden tellen vóór de dag van de werkelijke inschrijving in de nieuwe school, kunnen onderworpen zijn aan de procedure bedoeld in artikel 26, derde lid en volgende van het decreet van 21 november 2013Relevante gevonden documenten type decreet prom. 02/06/1998 pub. 29/08/1998 numac 1998029331 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet houdende organisatie van het secundair kunstonderwijs met beperkt leerplan gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap sluiten7 tot organisatie van verschillende schoolstelsels ter bevordering van het welzijn van jongeren op school, schoolherinschakeling, preventie van geweld op school en begeleiding van studieoriëntatie. ». Art. 29.Artikel 79/5 van het decreet van 24 juli 1997Relevante gevonden documenten type decreet prom. 24/07/1997 pub. 23/09/1997 numac 1997029337 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet dat de prioritaire taken bepaalt van het basisonderwijs en van het secundair onderwijs en de structuren organiseert die het mogelijk maken ze uit te voeren sluiten dat de prioritaire taken bepaalt van het basisonderwijs en van het secundair onderwijs en de structuren organiseert die het mogelijk maken ze uit te voeren, wordt aangevuld met twee leden, luidend als volgt : « Het inrichtingshoofd of de inrichtende macht kan de meegedeelde aantallen verhogen met toepassing van het vorige lid vanaf de dag bepaald overeenkomstig artikel 79/8, § 1, tweede lid, na de netoverschrijdende inschrijvingscommissie te hebben ingelicht. Op de dag volgend op de dag vastgesteld overeenkomstig artikel 79/21, § 4, eerste lid, en uiterlijk op de zesde schoolwerkdag van het schooljaar, mag het inrichtingshoofd of de inrichtende macht het aantal leerlingen bedoeld in het eerste lid, 1 °, slechts met hoogstens 2% verhogen, naar boven afgerond op de dichtstbijzijnde eenheid, met het op die datum aangegeven aantal. ». Art. 30.Artikel 79/22 van hetzelfde decreet wordt aangevuld met een lid, luidend als volgt : « Vanaf de zesde schoolwerkdag van het schooljaar wordt de inschrijving van een leerling in volgorde afgeschaft als hij / zij niet naar school is gegaan en als noch hijzelf / zijzelf indien hij/zij meerderjarig is, noch zijn ouders of de persoon die het ouderlijk gezag oefent, de regelmatigheid van de afwezigheid hebben kunnen bewijzen, zoals bepaald in het besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap van 22 mei 2014 tot toepassing van de artikelen 8, § 1, 20, 23, 31, 32, 33, 37, 47 en 50 van het decreet van 21 november 2013Relevante gevonden documenten type decreet prom. 02/06/1998 pub. 29/08/1998 numac 1998029331 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet houdende organisatie van het secundair kunstonderwijs met beperkt leerplan gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap sluiten7 tot organisatie van verschillende schoolstelsels ter bevordering van het welzijn van jongeren op school, schoolherinschakeling, preventie van geweld op school en begeleiding van studieoriëntatie. Wanneer de informatie volgens welke een plaats in volgorde aan de leerling is toegewezen, aan hem wordt meegedeeld na 1 september, is de termijn drie schoolwerkdagen vanaf de datum van ontvangst van de kennisgeving. ». Art. 31.Artikel 79/24, § 2, van hetzelfde decreet wordt aangevuld met een lid, luidend als volgt : « Vanaf 1 september, als een leerling aan wie een plaats wordt aangeboden sinds drie schoolwerkdagen afwezig is geweest vanaf het begin van het schooljaar in de inrichting of vanaf de verzending door de netoverschrijdende inschrijvingscommissie ("CIRI") van de informatie volgens welke een plaats aan de leerling aangeboden wordt, en hij de regelmatigheid van zijn afwezigheid niet heeft kunnen bewijzen, zoals bepaald in het besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap van 22 mei 2014 tot toepassing van de artikelen 8, § 1, 20, 23, 31, 32, 33, 37, 47 en 50 van het decreet van 21 november 2013Relevante gevonden documenten type decreet prom. 02/06/1998 pub. 29/08/1998 numac 1998029331 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet houdende organisatie van het secundair kunstonderwijs met beperkt leerplan gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap sluiten7 tot organisatie van verschillende schoolstelsels ter bevordering van het welzijn van jongeren op school, schoolherinschakeling, preventie van geweld op school en begeleiding van studieoriëntatie, registreert de inrichting zijn intrekking en licht de netoverschrijdende inschrijvingscommissie hierover overeenkomstig het vorige lid. ». Art. 32.Artikel 80, § 1 bis, van hetzelfde decreet wordt vervangen als volgt : « De inrichtingen van het basisonderwijs van de Franse Gemeenschap moeten de diensten van de Regering inlichten, voor elke vestiging, over het aantal beschikbare plaatsen voor elk studiejaar in het gewoon onderwijs en voor elk type en maturiteit in het gespecialiseerd onderwijs. De inrichtingen voor secundair onderwijs van de Franse Gemeenschap moeten de diensten van de Regering inlichten over de onbeschikbaarheid van plaatsen voor elk studiejaar, elke vorm en elke optie in het gewoon onderwijs en voor elk type, elke vorm, elke fase en elke optie in het gespecialiseerd onderwijs. Die informatie moet op elk ogenblik van het jaar beschikbaar zijn voor het lopende schooljaar en vanaf de maand januari van het schooljaar daarop. De Regering bepaalt de nadere regels volgens welke de gegevens ter beschikking van de diensten van de Regering gesteld moeten worden. ». Art. 33.In de artikelen 80, § 1, tweede lid, en 88, § 1, tweede lid, van hetzelfde decreet, wordt het woord « aanvullend » vervangen door het woord « bijkomend ». Art. 34.In de artikelen 80, § 3, eerste lid, en 88, § 3, eerste lid, van hetzelfde decreet worden de woorden « Met uitzondering van de eerste graad van het gewoon secundair onderwijs » vervangen door de woorden « Onverminderd artikel 79/24 ». Art. 35.Artikel 88, § 1 bis, van hetzelfde decreet wordt vervangen als volgt : « De inrichtende machten of hun afgevaardigde moeten de diensten van de Regering, voor elke vestiging van hun inrichtingen voor basisonderwijs, inlichten over het aantal beschikbare plaatsen voor elk studiejaar in het gewoon onderwijs en voor elk type en maturiteit in het gespecialiseerd onderwijs. De inrichtende machten of hun afgevaardigde moeten de diensten van de Regering, voor elke inrichting voor secundair onderwijs, inlichten over de onbeschikbaarheid van plaatsen voor elk studiejaar, vorm en optie in het gewoon onderwijs en voor elk type, vorm, fase en optie in het gespecialiseerd onderwijs. Die informatie moet op elk ogenblik van het jaar beschikbaar zijn voor het lopende schooljaar en vanaf de maand januari voor het schooljaar daarop. De Regering bepaalt de nadere regels volgens welke deze bepalingen ter beschikking van de diensten van de Regering gesteld moeten worden. ». Art. 36.In hoofdstuk X van hetzelfde decreet moeten de woorden « met volledig leerplan » opgeheven worden. TITEL XVIII. - Bepaling tot wijziging van het decreet van 2 juni 1998Relevante gevonden documenten type decreet prom. 02/06/1998 pub. 29/08/1998 numac 1998029331 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet houdende organisatie van het secundair kunstonderwijs met beperkt leerplan gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap sluiten houdende organisatie van het secundair kunstonderwijs met beperkt leerplan gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap Art. 37.In artikel 100bis van het decreet van 2 juni 1998Relevante gevonden documenten type decreet prom. 02/06/1998 pub. 29/08/1998 numac 1998029331 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet houdende organisatie van het secundair kunstonderwijs met beperkt leerplan gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap sluiten houdende organisatie van het secundair kunstonderwijs met beperkt leerplan gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° § 2 wordt vervangen door een bepaling, luidend als volgt : « § 2.De Regering richt een Commissie voor de erkenning van nuttige ervaring op, hierna de Commissie genoemd, voor de leden van het onderwijzend personeel van het geheel van de gebieden van het secundair kunstonderwijs met beperkt leerplan en voor de personeelsleden die een ambt uitoefenen van de kunstcursussen in het onderwijs met volledig leerplan. De Commissie beslist of de bekwaamheden die met een getuigschrift bekrachtigd of verklaard en bewezen zijn, ertoe bijdragen de vereiste opleiding waar te nemen voor het te begeven ambt. »; 2° in § 3 worden de volgende wijzigingen aangebracht : a) in het eerste lid worden de woorden « de Directeur-generaal van de Algemene Directie Personeel van het Gesubsidieerd Onderwijs of zijn afgevaardigde van minstens rang 12 » vervangen door de woorden « een ambtenaar van minstens rang 12 binnen de diensten die zorgen voor het beheer van de personeelsleden van het secundair kunstonderwijs met beperkt leerplan of zijn afgevaardigde van rang 10 » ;b) in het vierde lid worden de woorden « een definitief advies » vervangen door de woorden « haar beslissing » ;3° in § 5, tweede lid, worden de woorden « de adviezen worden gegeven » vervangen door de woorden « de beslissingen worden genomen » ;4° in § 6 worden de woorden « een advies te geven » vervangen door de woorden « een beslissing te nemen » ;5° in § 7 worden de volgende wijzigingen aangebracht: a) in 1° worden de woorden « aan de Regering een advies van erkenning van nuttige ervaring zoals bepaald in dit artikel meedelen » vervangen door de woorden « neemt een beslissing » ;b) 2° wordt vervangen als volgt: « 2° ofwel de aanvrager bij ter post aangetekend schrijven informeren dat zijn niet over genoeg elementen beschikt om haar beslissing te nemen.De aanvrager beschikt dan over een termijn van vijftien schoolwerkdagen vanaf de bekendmaking om aanvullende elementen aan de Commissie mee te delen. In dat geval is de Commissie ertoe gehouden haar beslissing te nemen binnen de zes maanden na de datum van de ontvangst van de oorspronkelijke aanvraag. ». 6° in § 8 worden de volgende wijzigingen aangebracht: a) in het eerste lid worden de woorden « kan de Regering beslissen op advies van voormelde Commissie, » vervangen door de woorden « kan de Commissie een beslissing nemen » ;b) in c) worden de woorden « voormelde Commissie » vervangen door het woord « ze ». TITEL XIX. - Bepaling tot wijziging van het decreet van 13 juli 1998Relevante gevonden documenten type decreet prom. 13/07/1998 pub. 28/08/1998 numac 1998029358 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende de organisatie van het gewoon kleuteronderwijs en lager onderwijs en de wijziging van de onderwijswetgeving sluiten betreffende de organisatie van het gewoon kleuteronderwijs en lager onderwijs en de wijziging van de onderwijswetgeving Art. 38.Artikel 45, derde lid, van het decreet van 13 juli 1998Relevante gevonden documenten type decreet prom. 13/07/1998 pub. 28/08/1998 numac 1998029358 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende de organisatie van het gewoon kleuteronderwijs en lager onderwijs en de wijziging van de onderwijswetgeving sluiten betreffende de organisatie van het gewoon kleuteronderwijs en lager onderwijs en de wijziging van de onderwijswetgeving, wordt vervangen als volgt : « De aantallen die op 15 januari berekend worden, zijn van toepassing vanaf 1 september tot 31 augustus van het schooljaar volgend op de telling. Worden in aanmerking genomen voor de telling van 15 januari de leerlingen die aan de volgende voorwaarden voldoen : 1° de leeftijd van minstens twee jaar en half op 15 januari van het lopende schooljaar bereikt hebben;2° dezelfde kleuterschool of kleutervestiging met afzonderlijke telling bezoeken gedurende minstens acht halve dagen aanwezigheid over acht dagen verdeeld sinds de 11ste dag van de opening van de scholen volgend op de herfstvakantie, op voorwaarde dat, op 15 januari, hun inschrijving niet werd ingetrokken of dat er nadien geen inschrijving is gebeurd in een andere school of vestigingsplaats met afzonderlijke telling ten gevolge van een degelijk vastgestelde schoolverandering. ». TITEL XX. - Bepaling tot wijziging van het decreet van 19 juli 2001Relevante gevonden documenten type decreet prom. 19/07/2001 pub. 23/08/2001 numac 2001029327 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot bekrachtiging van de eindtermen zoals bedoeld in artikel 16 van het decreet van 24 juli 1997 dat de prioritaire taken bepaalt van het basisonderwijs en van het secundair onderwijs en de structuren organiseert die het mogelijk maken ze uit te voeren en tot organisatie van een procedure voor beperkte afwijking type decreet prom. 19/07/2001 pub. 23/08/2001 numac 2001029325 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende het alternerend secundair onderwijs sluiten tot bekrachtiging van de eindtermen zoals bedoeld in artikel 16 van het decreet van 24 juli 1997Relevante gevonden documenten type decreet prom. 24/07/1997 pub. 23/09/1997 numac 1997029337 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet dat de prioritaire taken bepaalt van het basisonderwijs en van het secundair onderwijs en de structuren organiseert die het mogelijk maken ze uit te voeren sluiten dat de prioritaire taken bepaalt van het basisonderwijs en van het secundair onderwijs en de structuren organiseert die het mogelijk maken ze uit te voeren en tot organisatie van een procedure voor beperkte afwijking Art. 39.In artikel 12, § 1, van het decreet van 19 juli 2001Relevante gevonden documenten type decreet prom. 19/07/2001 pub. 23/08/2001 numac 2001029327 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot bekrachtiging van de eindtermen zoals bedoeld in artikel 16 van het decreet van 24 juli 1997 dat de prioritaire taken bepaalt van het basisonderwijs en van het secundair onderwijs en de structuren organiseert die het mogelijk maken ze uit te voeren en tot organisatie van een procedure voor beperkte afwijking type decreet prom. 19/07/2001 pub. 23/08/2001 numac 2001029325 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende het alternerend secundair onderwijs sluiten tot bekrachtiging van de eindtermen zoals bedoeld in artikel 16 van het decreet van 24 juli 1997Relevante gevonden documenten type decreet prom. 24/07/1997 pub. 23/09/1997 numac 1997029337 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet dat de prioritaire taken bepaalt van het basisonderwijs en van het secundair onderwijs en de structuren organiseert die het mogelijk maken ze uit te voeren sluiten dat de prioritaire taken bepaalt van het basisonderwijs en van het secundair onderwijs en de structuren organiseert die het mogelijk maken ze uit te voeren en tot organisatie van een procedure voor beperkte afwijking, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in het tweede lid, 1°, worden de woorden « de directeur-generaal van het verplicht onderwijs » vervangen door de woorden « de Administrateur-generaal van het Onderwijs » ;2° in het tweede lid 2, 4°, worden de woorden « of hun respectieve afgevaardigde, » ingevoegd tussen de woorden « Algemene Raad voor het basisonderwijs, » en « behalve als een ervan »;3° in het tweede lid, 5°, worden de woorden « of hun respectieve afgevaardigde, » ingevoegd tussen de woorden « Algemene Raad voor het secundair onderwijs, » en « behalve als een ervan »;4° het vijfde lid wordt vervangen door een lid, luidend als volgt : « De commissie kan pas geldig beraadslagen als de helft van haar leden aanwezig is.Als het quorum niet bereikt wordt, kan de commissie, na een tweede oproeping, geldig beraadslagen over dezelfde agenda, ongeacht het aantal aanwezige leden. Bij staking van stemmen is de stem van de voorzitter doorslaggevend. ». TITEL XXI. - Bepalingen tot wijziging van het decreet van 11 juli 2002Relevante gevonden documenten type decreet prom. 11/07/2002 pub. 31/08/2002 numac 2002029418 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende de opleiding tijdens de loopbaan voor het personeel van de inrichtingen voor gewoon basisonderwijs type decreet prom. 11/07/2002 pub. 31/08/2002 numac 2002029419 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende de opleiding tijdens de loopbaan in het buitengewoon onderwijs, het gewoon secundair onderwijs en de psycho-medisch-sociale centra en tot oprichting van een instituut voor opleidingen tijdens de loopbaan sluiten betreffende de opleiding tijdens de loopbaan voor het personeel van de inrichtingen voor gewoon basisonderwijs Art. 40.Artikel 7, § 2, van het decreet van 11 juli 2002Relevante gevonden documenten type decreet prom. 11/07/2002 pub. 31/08/2002 numac 2002029418 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende de opleiding tijdens de loopbaan voor het personeel van de inrichtingen voor gewoon basisonderwijs type decreet prom. 11/07/2002 pub. 31/08/2002 numac 2002029419 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende de opleiding tijdens de loopbaan in het buitengewoon onderwijs, het gewoon secundair onderwijs en de psycho-medisch-sociale centra en tot oprichting van een instituut voor opleidingen tijdens de loopbaan sluiten betreffende de opleiding tijdens de loopbaan voor het personeel van de inrichtingen voor gewoon basisonderwijs, wordt aangevuld als volgt : « In afwijking van het eerste lid, kan de Regering tot de verplichte organisatie van hoogstens twee bijkomende halve dagen opleiding op het niveau bedoeld in artikel 3, § 1, 1°, beslissen, waarvan ze, voor de betrokken inrichtingen, de doelgroep, het aantal, de besproken thema(`s) vaststelt, alsook, in voorkomend geval, de periode waarin ze georganiseerd worden. De Regering kan de hele doelgroep in groepen verdelen en de organisatie van deze bijkomende halve dagen over een maximum van drie schooljaren spreiden. Behoudens met instemming van de federaties van de inrichtende machten en van de inrichtende macht van het door de Franse Gemeenschap georganiseerde onderwijs, evenals van de vakbonden, neemt zij deze beslissingen minstens een jaar vóór de organisatie van deze opleidingen. In afwijking van het eerste lid kan de Regering tot de verplichte organisatie van hoogstens vier bijkomende halve dagen opleiding op de niveaus bedoeld in artikel 3, § 1, 2° of 3° beslissen, waarvan ze, voor de betrokken inrichtingen, de doelgroep, het aantal, de besproken thema(`s) vaststelt, alsook, in voorkomend geval, de periode waarin ze georganiseerd worden. De Regering kan de hele doelgroep in groepen verdelen en de organisatie van deze bijkomende halve dagen over een maximum van drie schooljaren spreiden. Behoudens met instemming van de federaties van de inrichtende machten en van de inrichtende macht van het door de Franse Gemeenschap georganiseerde onderwijs, evenals van de vakbonden, neemt zij deze beslissingen minstens een jaar vóór de organisatie van deze opleidingen. De opleidingen bedoeld in paragraaf 1 kunnen ter plaatse of op afstand georganiseerd worden. De bijkomende halve dagen opleiding bedoeld in het vierde en het vijfde lid kunnen niet tussen 6 juli en 25 augustus georganiseerd worden. Ze kunnen slechts van 1 tot 5 juli en/of van 26 tot 31 augustus georganiseerd worden als identieke opleidingen ook voor de personeelsleden tussen 1 september en 30 juni voorgesteld worden. In afwijking van paragraaf 1, tweede lid, kan de Regering de bijkomende halve dagen bedoeld in het vierde en het vijfde lid opleggen aan elk personeelslid dat in tijdelijk verband aangesteld of aangeworven wordt. Een forfaitaire premie wordt aan de personeelsleden toegekend wanneer de Regering de schorsing van de cursussen niet toestaat zodat de bijkomende halve dagen opleiding bedoeld in het vierde en het vijfde lid tijdens de uren georganiseerd kunnen worden waarin de personeelsleden de opdracht hebben van hun klas. De Regering bepaalt het bedrag hiervan, de toekenningsvoorwaarden en de nadere regels voor het verkrijgen ervan. De premie betreffende de bijkomende halve dagen opleiding wordt slechts aan personeelsleden toegekend als ze de volledige opleiding gevolgd hebben met inbegrip van deze bijkomende halve dagen. De bijkomende halve dagen opleiding bedoeld in het vierde en het vijfde lid moeten tijdens het hele jaar door georganiseerd worden; verschillende zittingen met een identieke inhoud moeten op verschillende ogenblikken tijdens het schooljaar en tijdens de vakantie en verloven georganiseerd worden. De bijkomende halve dagen opleiding die aanleiding geven tot de toekenning van een premie worden in presentie ter plaatste tijdens het weekend of tijdens de schoolvakantie of -verloven georganiseerd of op afstand buiten de uren waarin het personeelslid verantwoordelijk is voor de opdracht van zijn klas. Over een periode van zes schooljaren kan het geheel van de verplichte opleidingen die op het niveau bedoeld in artikel 3, § 1, 1° georganiseerd worden, één derde van het geheel van de verplichte opleidingen niet overschrijden. De Regering evalueert het stelsel zowel vanuit het technisch standpunt als vanuit het budgettaire standpunt en bepaalt de nadere regels voor deze evaluatie. ». Art. 41.Artikel 7, § 3, van hetzelfde decreet wordt opgeheven. TITEL XXII. - Bepalingen tot wijziging van het decreet van 11 juli 2002Relevante gevonden documenten type decreet prom. 11/07/2002 pub. 31/08/2002 numac 2002029418 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende de opleiding tijdens de loopbaan voor het personeel van de inrichtingen voor gewoon basisonderwijs type decreet prom. 11/07/2002 pub. 31/08/2002 numac 2002029419 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende de opleiding tijdens de loopbaan in het buitengewoon onderwijs, het gewoon secundair onderwijs en de psycho-medisch-sociale centra en tot oprichting van een instituut voor opleidingen tijdens de loopbaan sluiten betreffende de opleiding tijdens de loopbaan in het buitengewoon onderwijs, het gewoon secundair onderwijs en de psycho-medisch-sociale centra en tot oprichting van een instituut voor opleidingen tijdens de loopbaan Art. 42.Artikel 8, § 2, van het decreet van 11 juli 2002Relevante gevonden documenten type decreet prom. 11/07/2002 pub. 31/08/2002 numac 2002029418 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende de opleiding tijdens de loopbaan voor het personeel van de inrichtingen voor gewoon basisonderwijs type decreet prom. 11/07/2002 pub. 31/08/2002 numac 2002029419 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende de opleiding tijdens de loopbaan in het buitengewoon onderwijs, het gewoon secundair onderwijs en de psycho-medisch-sociale centra en tot oprichting van een instituut voor opleidingen tijdens de loopbaan sluiten betreffende de opleiding tijdens de loopbaan in het buitengewoon onderwijs, het gewoon secundair onderwijs en de psycho-medisch-sociale centra en tot oprichting van een instituut voor opleidingen tijdens de loopbaan, wordt aangevuld met een tekst, luidend als volgt : « In afwijking van het eerste lid kan de Regering tot de verplichte organisatie van hoogstens twee bijkomende halve dagen opleiding op het niveau bedoeld in artikel 5, 1° beslissen, waarvan ze, voor de betrokken inrichtingen, de doelgroep, het aantal of de besproken thema(`s) vaststellen, alsook, in voorkomend geval, de periode waarin ze georganiseerd worden. De Regering kan de hele doelgroep in groepen verdelen en de organisatie van deze bijkomende halve dagen over een maximum van drie schooljaren spreiden. Behoudens met instemming van de federaties van de inrichtende machten, van de inrichtende macht van het door de Franse Gemeenschap georganiseerde onderwijs en van de vakbonden, neemt zij deze beslissingen minstens een jaar vóór de organisatie van deze opleidingen. In afwijking van het eerste lid kan de Regering tot de verplichte organisatie van hoogstens vier bijkomende halve dagen opleiding op de niveaus bedoeld in artikel 5, 2° of 3° beslissen, waarvan ze, voor de betrokken inrichtingen, de doelgroep, het aantal of de besproken thema(`s) vaststellen, alsook, in voorkomend geval, de periode waarin ze georganiseerd worden. De Regering kan de hele doelgroep in groepen verdelen en de organisatie van deze bijkomende halve dagen over een maximum van drie schooljaren spreiden. Behoudens met instemming van de federaties van de inrichtende machten, van de inrichtende macht van het door de Franse Gemeenschap georganiseerde onderwijs en van de vakbonden, neemt zij deze beslissingen minstens een jaar vóór de organisatie van deze opleidingen. De opleidingen bedoeld in paragraaf 1 kunnen ter plaatse of op afstand georganiseerd worden. De bijkomende halve dagen opleiding bedoeld in het vierde en het vijfde lid kunnen niet tussen 6 juli en 25 augustus georganiseerd worden. Ze kunnen slechts van 1 tot 5 juli en/of van 26 tot 31 augustus georganiseerd worden als identieke opleidingen ook voor de personeelsleden tussen 1 september en 30 juni voorgesteld worden. Een forfaitaire premie wordt aan de personeelsleden toegekend wanneer de Regering de schorsing van de cursussen niet toestaat zodat de bijkomende halve dagen opleiding bedoeld in het vierde en het vijfde lid tijdens de uren georganiseerd kunnen worden waarin de personeelsleden de opdracht hebben van hun klas. De Regering bepaalt het bedrag hiervan, de toekenningsvoorwaarden en de nadere regels voor het verkrijgen ervan. De premie betreffende de bijkomende halve dagen opleiding wordt slechts aan de personeelsleden toegekend als ze de volledige opleiding gevolgd hebben met inbegrip van deze bijkomende halve dagen. De bijkomende halve dagen opleiding bedoeld in het vierde en het vijfde lid moeten tijdens het hele jaar door georganiseerd worden; verschillende zittingen met een identieke inhoud moeten op verschillende ogenblikken tijdens het schooljaar en tijdens de vakantie en verloven georganiseerd worden. De bijkomende halve dagen opleiding die aanleiding geven tot de toekenning van een premie worden in presentie ter plaatste tijdens het weekend of tijdens de schoolvakantie of -verloven georganiseerd of op afstand buiten de uren waarin het personeelslid verantwoordelijk is voor de opdracht van zijn klas. Over een periode van zes schooljaren kan het geheel van de verplichte opleidingen die op het niveau bedoeld in artikel 5, 1° georganiseerd worden, één derde van het geheel van de verplichte opleidingen niet overschrijden. De Regering evalueert het stelsel zowel vanuit het technisch standpunt als vanuit het budgettaire standpunt en bepaalt de nadere regels voor deze evaluatie. ». Art. 43.In artikel 8, § 4, worden het tweede en het derde lid opgeheven. TITEL XXIII - Bepaling tot wijziging van het decreet van 17 juli 2003Relevante gevonden documenten type decreet prom. 17/07/2003 pub. 28/08/2003 numac 2003029433 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende een bijdrage in de kosten voor het gebruik van openbare gemeenschappelijke vervoermiddelen en/of van de fiets door de personeelsleden sluiten betreffende een bijdrage in de kosten voor het gebruik van openbare gemeenschappelijke vervoermiddelen en/of van de fiets door de personeelsleden. Art. 44.In artikel 1, § 1, van het decreet van 17 juli 2003Relevante gevonden documenten type decreet prom. 17/07/2003 pub. 28/08/2003 numac 2003029433 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende een bijdrage in de kosten voor het gebruik van openbare gemeenschappelijke vervoermiddelen en/of van de fiets door de personeelsleden sluiten betreffende een bijdrage in de kosten voor het gebruik van openbare gemeenschappelijke vervoermiddelen en/of van de fiets door de personeelsleden, wordt 7° opgeheven. TITEL XXIV. - Bepalingen tot wijziging van het decreet van 3 maart 2004Relevante gevonden documenten type decreet prom. 03/03/2004 pub. 03/06/2004 numac 2004029137 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet houdende organisatie van het gespecialiseerd onderwijs sluiten houdende organisatie van het gespecialiseerd onderwijs Art. 45.In het decreet van 3 maart 2004Relevante gevonden documenten type decreet prom. 03/03/2004 pub. 03/06/2004 numac 2004029137 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet houdende organisatie van het gespecialiseerd onderwijs sluiten houdende organisatie van het gespecialiseerd onderwijs, in artikel 4, § 2, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in 9° wordt het woord « gespecialiseerd » telkens opgeheven ;2° 11° wordt vervangen door « meester godsdienst : personeelslid belast met uitsluitend de cursus van de overeenstemmende godsdienst » ;3° er wordt een 18° toegevoegd, luidend als volgt « 18° meester psychomotoriek : personeelslid dat cursussen psychomotoriek verleent. ». Art. 46.In hetzelfde decreet wordt een artikel 8quater ingevoegd, luidend als volgt : « Art. 8quater.Het gespecialiseerd onderwijs kan op het basis- en secundair niveau in de vorm van een klas of een vestiging met inclusief onderwijs georganiseerd worden. Een klas met inclusief onderwijs is een klassengroep van leerlingen met specifieke behoeften ingeschreven in het gespecialiseerd onderwijs van type 2 al dan niet autistisch of van type 3 voor de leerlingen met autisme gevestigd binnen een school van het gewoon onderwijs. De eerste bedoeling voor de leerlingen die behoren tot dit type project is een sociale en relationele inclusie om verschillende leerprocessen in een schoolomgeving van het gewoon leven te verwerven. Een vestiging met inclusief onderwijs is samengesteld uit één of meer klassen voor inclusief onderwijs. ». Art. 47.In hetzelfde decreet wordt artikel 9, tweede lid, opgeheven. Art. 48.In hetzelfde decreet, in artikel 12, § 1, wordt een vierde lid toegevoegd, luidend als volgt : « Bovendien wordt de inschrijving in het gespecialiseerd secundair onderwijs van type 8 toegestaan met inachtneming van de volgende voorwaarden : - ofwel volgt de leerling het gespecialiseerd lager onderwijs van type 8 tussen 15 oktober en 30 juni van het vorige jaar en voor zover hij zijn Getuigschrift basisstudies niet behaald heeft; - ofwel beschikt de leerling, tussen 15 oktober en 30 juni van het vorige jaar, over een oriëntatieattest naar het gespecialiseerd onderwijs van type 8 en is in volledige permanente integratie in het gewoon lager onderwijs en voor zover hij zijn getuigschrift basisstudies niet behaald heeft. ». Art. 49.In hetzelfde decreet wordt artikel 12, § 3, gewijzigd als volgt : « § 3. Indien een leerling die het gespecialiseerd onderwijs heeft verlaten, vraagt om in het gespecialiseerd onderwijs opnieuw te worden ingeschreven binnen een termijn van minder dan twee jaar, hoeft geen nieuw inschrijvingsverslag te worden opgemaakt behalve als de leerling heroriënteerd wordt naar een type dat verschillend is van het type dat vermeld wordt op het oorspronkelijke attest. Als een leerling die over een oriëntatieattest naar het gespecialiseerd onderwijs beschikt, nooit ingeschreven is geweest in het gespecialiseerd onderwijs, maar vraagt om in dit onderwijs te worden ingeschreven binnen een termijn van minder dan twee jaar vanaf de datum van de ondertekening van dit oriëntatieattest hoeft geen nieuw inschrijvingsverslag te worden opgemaakt behalve als de leerling heroriënteerd wordt naar een ander type dan dat vermeld op het oorspronkelijke attest. Op aanvraag van de directeur van de inrichting voor gespecialiseerd onderwijs wordt een beknopt verslag bezorgd door het psycho-medisch-sociaal centrum van de laatste school waar de leerling naar school ging. ». Art. 50.In artikel 17 van hetzelfde decreet wordt een tweede lid ingevoegd, luidend als volgt : « Cursussen psychomotoriek kunnen georganiseerd worden. Deze lessen worden door een meester psychomotoriek gegeven. ». Art. 51.In artikel 20, eerste lid, van hetzelfde decreet worden de woorden « door een meester psychomotoriek, », ingevoegd na de woorden « worden waargenomen ». Art. 52.In artikel 23, eerste lid, van hetzelfde decreet worden de woorden « aan een leermeester psychomotoriek, » ingevoegd tussen de woorden « lichamelijke opvoeding » en de woorden « een leermeester handenarbeid ». Art. 53.In hetzelfde decreet, in artikel 26bis, § 3, vierde lid, worden de woorden « Tijdens de eerste drie jaren, » ingevoegd voor het woord « twee ». Art. 54.In artikel 29 van hetzelfde decreet wordt paragraaf 1 vervangen als volgt : « § 1. De kleuteronderwijzers, de personeelsleden die activiteiten van leermeesters opvoedingsactiviteiten uitoefenen, de leermeesters geïndividualiseerd onderwijs en de leermeester psychomotoriek met volledige prestaties verstrekken het aantal lestijden van werk in de klas bedoeld in artikel 3, § 2, 1°, van het decreet van 14 maart 2019Relevante gevonden documenten type decreet prom. 13/07/1998 pub. 28/08/1998 numac 1998029358 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende de organisatie van het gewoon kleuteronderwijs en lager onderwijs en de wijziging van de onderwijswetgeving sluiten4 houdende diverse bepalingen betreffende de werkorganisatie van de onderwijspersoneelsleden en tot toekenning van meer organisatieflexibiliteit aan de Inrichtende machten. ». Art. 55.In artikel 30 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° paragraaf 1 wordt vervangen als volgt: « § 1.De onderwijzers, de leermeesters handenarbeid, de leermeesters muziekopvoeding, de leermeesters tweede taal, de leermeesters niet-confessionele zedenleer en godsdienst, filosofie en burgerzin, de personeelsleden die activiteiten van leermeesters geïndividualiseerd onderwijs uitoefenen alsook van leermeesters opvoedingsactiviteiten en van leermeester psychomotoriek met volledige prestaties verstrekken het aantal lestijden klassenwerk bedoeld in artikel 3, § 2, 3° en 4°, van het decreet van 14 maart 2019Relevante gevonden documenten type decreet prom. 13/07/1998 pub. 28/08/1998 numac 1998029358 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende de organisatie van het gewoon kleuteronderwijs en lager onderwijs en de wijziging van de onderwijswetgeving sluiten4 houdende diverse bepalingen betreffende de werkorganisatie van de onderwijspersoneelsleden en tot toekenning van meer organisatieflexibiliteit aan de Inrichtende machten. »; 2° paragraaf 2 wordt vervangen als volgt : « § 2.Na de voorafgaande raadpleging van het basisoverlegcomité voor de onderwijsinrichtingen georganiseerd door de Franse Gemeenschap, van de plaatselijke paritaire commissie voor de officiële onderwijsinrichtingen gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap of van instanties voor lokaal overleg of bij gebrek eraan, de vakbondsafvaardigingen voor de inrichtingen van het vrij onderwijs gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap, kan de directeur, in het onderwijs van de Franse Gemeenschap, of de inrichtende macht, in het gesubsidieerd onderwijs, de personeelsleden die activiteiten uitoefenen van titularissen, leermeesters geïndividualiseerd onderwijs, leermeesters opvoedingsactiviteiten en leermeesters psychomotoriek, leermeesters handenarbeid, leermeesters muziekopvoeding, leermeesters tweede taal, leermeesters niet confessionele zedenleer en godsdienst en filosofie en burgerzin opdragen te zorgen voor het toezicht op de leerlingen 15 minuten voor het begin van de lessen en tien minuten na hun einde zonder dat de globale tijd van de lesprestaties en het toezicht zoals bedoeld in artikel 8, § 1, 4), van het decreet van 14 maart 2019Relevante gevonden documenten type decreet prom. 13/07/1998 pub. 28/08/1998 numac 1998029358 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende de organisatie van het gewoon kleuteronderwijs en lager onderwijs en de wijziging van de onderwijswetgeving sluiten4 houdende diverse bepalingen betreffende de werkorganisatie van de onderwijspersoneelsleden en tot toekenning van meer organisatieflexibiliteit aan de Inrichtende machten, en de dienstopdrachten op school en aan de leerlingen bedoeld in de artikelen 9, 10 en 11 van ditzelfde decreet, 1560 minuten per week kan overschrijden. De totale duur van de prestaties bedoeld in het eerste lid wordt ten belope verminderd wanneer het personeelslid dat activiteiten uitoefent van titularis, leermeester geïndividualiseerd onderwijs, leermeester opvoedingsactiviteiten en leermeester psychomotoriek, leermeester handenarbeid, leermeester muziekopvoeding, leermeester tweede taal of leermeester niet confessionele zedenleer en godsdienst en filosofie en burgerzin geen volledige uurregeling presteert. . ». Art. 56.In artikel 43bis, § 1, laatste lid, van hetzelfde decreet worden de woorden « wordt vastgesteld » opgeheven. Art. 57.In artikel 44bis van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in het eerste lid worden de woorden « van een studiemeester-opvoeder » vervangen door de woorden « van een opvoeder » ;2° in het vierde lid worden de woorden « studiemeester-opvoeders » vervangen door het woord « opvoeders ». Art. 58.In artikel 46, § 3, van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : de woorden « 1, 3, 4, 5, 6 of 7. » worden vervangen door de woorden « 1, 3, 4, 5, 6, 7 of 8. ». Art. 59.Artikel 55 van hetzelfde decreet wordt aangevuld met een paragraaf 3, luidend als volgt : « § 3. In het kader van de opleidingen waarvoor er een profiel bestaat zoals bedoeld in artikel 47 van het decreet van 24 juli 1997Relevante gevonden documenten type decreet prom. 24/07/1997 pub. 23/09/1997 numac 1997029337 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet dat de prioritaire taken bepaalt van het basisonderwijs en van het secundair onderwijs en de structuren organiseert die het mogelijk maken ze uit te voeren sluiten dat de prioritaire taken bepaalt van het basisonderwijs en van het secundair onderwijs en de structuren organiseert die het mogelijk maken ze uit te voeren, kan de Regering, na gemotiveerd advies van de Algemene Overlegraad voor het secundair onderwijs, de programmering toestaan van een opleiding die behoort tot een andere sector en/of een andere groep van beroepsmensen dan deze die in de schoolinrichting georganiseerd worden. ». Art. 60.In artikel 57, tweede lid, van hetzelfde decreet wordt het woord « beroeps » ingevoegd vóór het woord « secondair » en na het woord « van ». Art. 61.In artikel 67bis, § 6, vierde lid, …

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.