Sources officiellesejustice.just.fgov.be · EUR-Lex
Europaius

Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 25 november 2021, gesloten in het Paritair Comit

Kort samengevat

Dit Koninklijk Besluit verklaart een collectieve arbeidsovereenkomst algemeen verbindend, die een sectoraal aanvullend pensioenstelsel instelt voor werknemers in de stoffering en houtbewerking. Het doel is om een aanvullend pensioen te voorzien en solidariteitsprestaties te regelen.

Wat het regelt

  • De instelling van een sectoraal aanvullend pensioenstelsel.
  • De financiering van dit pensioenstelsel via werkgeversbijdragen.
  • De toekenning van bijdragen aan individuele werknemers en bijkomende stortingen voor bepaalde groepen.
  • De oprichting van een solidariteitsluik voor specifieke situaties zoals tijdelijke werkloosheid of overlijden.

Wie het aanbelangt

  • Werknemers die met een arbeidsovereenkomst verbonden zijn met een werkgever die ressorteert onder het Paritair Comité voor de stoffering en de houtbewerking.
  • Werkgevers in de sector van de stoffering en de houtbewerking.

Kernpunten

  • De pensioentoezegging is van het type "vaste bijdrage" en wordt uitgevoerd als een groepsverzekering met gegarandeerd rendement.
  • De jaarlijkse bijdrage op het brutoloon bedraagt 0,69% voor werknemers met minder dan 10 jaar anciënniteit en 1,15% voor werknemers met minstens 10 jaar anciënniteit (sinds december 2013).
  • Werknemers die aan het werk blijven en voldoen aan de voorwaarden van een SWT-stelsel, hebben vanaf 58 jaar recht op een bijkomende storting van 98,33 EUR per volledige maand (sinds december 2022).
  • Een solidariteitsluik voorziet in prestaties voor tijdelijke werkloosheid, primaire arbeidsongeschiktheid en een uitkering bij overlijden tijdens de beroepsloopbaan.
Wettekst
Wettekst

31 AUGUSTUS 2022. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 25 november 2021, gesloten in het Paritair Comité voor de stoffering en de houtbewerking, betreffende de instelling van een sectoraal aanvullend pensioenstelsel

(1)FILIP, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. Gelet op de wet van 5 december 1968Relevante gevonden documenten type wet prom. 05/12/1968 pub. 22/05/2009 numac 2009000346 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel 28; Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor de stoffering en de houtbewerking; Op de voordracht van de Minister van Werk, Hebben Wij besloten en besluiten Wij : Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 25 november 2021, gesloten in het Paritair Comité voor de stoffering en de houtbewerking, betreffende de instelling van een sectoraal aanvullend pensioenstelsel. Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van dit besluit. Gegeven te Brussel, 31 augustus 2022. FILIP Van Koningswege : De Minister van Werk, P.-Y. DERMAGNE _______ Nota
(1)Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : Wet van 5 december 1968Relevante gevonden documenten type wet prom. 05/12/1968 pub. 22/05/2009 numac 2009000346 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. Bijlage Paritair Comité voor de stoffering en de houtbewerking Collectieve arbeidsovereenkomst van 25 november 2021 Instelling van een sectoraal aanvullend pensioenstelsel (Overeenkomst geregistreerd op 7 februari 2022 onder het nummer 169951/CO/126) HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op de werknemers die met een arbeidsovereenkomst zijn of waren verbonden met een werkgever die ressorteert onder de bevoegdheid van het Paritair Comité voor de stoffering en de houtbewerking. Met "werknemers" worden de arbeiders en arbeidsters bedoeld. Art. 2.Worden uitgesloten van het toepassingsgebied van deze overeenkomst : - de werknemers die door een werkgever die buiten België is gevestigd, in België gedetacheerd worden in de zin van de bepalingen van titel II van de verordening EEG nr. 1408/71 van de Raad; - werknemers tewerkgesteld met een studentenovereenkomst; - werknemers tewerkgesteld, met een overeenkomst voor uitzendarbeid of van terbeschikkingstelling door een andere werkgever; - werknemers tewerkgesteld met een overeenkomst in het raam van een door de overheid gevoerd opleidings-, omscholings- of arbeidsintegratieplan. Behoudens uitdrukkelijke wijziging van onderhavige overeenkomst, worden de periodes van tewerkstelling in één van deze statuten niet in aanmerking genomen voor de opbouw van toekomstige rechten op een aanvullend sectorpensioen. HOOFDSTUK II. - Voorwerp Art. 3.Deze collectieve arbeidsovereenkomst heeft tot doel, conform artikelen 10 en 43 van de wet van 28 april 2003Relevante gevonden documenten type wet prom. 28/04/2003 pub. 15/05/2003 numac 2003022481 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Wet betreffende de aanvullende pensioenen en het belastingstelsel van die pensioenen en van sommige aanvullende voordelen inzake sociale zekerheid sluiten (betreffende de aanvullende pensioenen en het belastingstelsel van die pensioenen en van sommige aanvullende voordelen inzake sociale zekerheid, zoals gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 15 mei 2003, erratum Belgisch Staatsblad van 26 mei 2003, hierna verder afgekort als de WAP), een sociaal sectoraal pensioenstelsel in te stellen en dit vanaf 1 juli 2008. De collectieve arbeidsovereenkomst is een uitvoering van de beslissing van de representatieve organisaties vertegenwoordigd in het Paritair Comité voor de stoffering en de houtbewerking. De pensioentoezegging is van het type "vaste bijdrage" zonder gewaarborgd rendement van de inrichter en wordt uitgevoerd onder de vorm van een groepsverzekering met een gegarandeerd rendement door de pensioeninstelling. De rechten en verplichtingen van inrichter, pensioeninstelling en aangeslotenen worden beschreven in het reglement van groepsverzekering in bijlage aan deze collectieve arbeidsovereenkomst. De solidariteitstoezegging en de keuze van de rechtspersoon belast met de uitvoering van deze toezegging worden verder behandeld in hoofdstuk VI van deze collectieve arbeidsovereenkomst. De regels voor beheer en financiering van deze solidariteitstoezegging en de prestaties die voortvloeien uit deze toezegging worden geregeld in het solidariteitsreglement, in bijlage aan deze collectieve arbeidsovereenkomst. Deze collectieve arbeidsovereenkomst, het reglement van groepsverzekering en het solidariteitsreglement maken een geheel uit en moeten derhalve steeds in hun samenhang gelezen worden. Art. 4.Ondertekenende partijen vragen dat deze collectieve arbeidsovereenkomst, inclusief de bijlagen, bij koninklijk besluit algemeen verbindend wordt verklaard. HOOFDSTUK III. - Aanduiding van de inrichter Art. 5.Overeenkomstig artikel 3, § 1, 5° van de WAP wordt het "Fonds voor bestaanszekerheid van de stoffering en de houtbewerking" aangeduid als inrichter van het sectoraal pensioenstelsel. HOOFDSTUK IV. - Aansluiting Art. 6.Worden aangesloten, de werknemers die verbonden zijn met een arbeidsovereenkomst met een werkgever zoals omschreven in artikel 1 van deze collectieve arbeidsovereenkomst, welke ook de aard van deze arbeidsovereenkomst is (voltijds, deeltijds, van bepaalde duur of van onbepaalde duur, bepaald werk, ...). HOOFDSTUK V. - Prestaties voor de aangeslotenen Art. 7.Jaarlijks op 1 december wordt vanuit een financieringsfonds op de individuele toelagecontracten een bijdrage gestort, onverminderd de stortingen gebaseerd op solidariteitsprestaties zoals bepaald in artikel 9 van deze collectieve arbeidsovereenkomst. Deze bijdrage wordt als volgt bepaald : - 0,6 pct. van het bruto loon dat de arbeider verdiende in de referteperiode van 1 juli van het voorafgaande jaar tot 30 juni van het jaar zelf, indien de arbeider minder dan 10 jaar anciënniteit heeft; - 1 pct. van het bruto loon dat de arbeider verdiende in de referteperiode van 1 juli van het voorafgaande jaar tot 30 juni van het jaar zelf, indien de arbeider minstens 10 jaar anciënniteit heeft. Met ingang van de premiestorting van december 2013 worden de bijdragen als volgt opgetrokken : - 0,69 pct. van het bruto loon dat de arbeider verdiende in de referteperiode van 1 juli van het voorafgaande jaar tot 30 juni van het jaar zelf, indien de arbeider minder dan 10 jaar anciënniteit heeft; - 1,15 pct. van het bruto loon dat de arbeider verdiende in de referteperiode van 1 juli van het voorafgaande jaar tot 30 juni van het jaar zelf, indien de arbeider minstens 10 jaar anciënniteit heeft. De hier bedoelde anciënniteit wordt vastgesteld aan de hand van het aantal door de arbeider verworven uitbetaalbare sectorale getrouwheidspremies, met betrekking tot de beschouwde en vorige referteperiodes. Het bruto loon waarop de bijdrage wordt berekend is het loon zoals dat gebruikt wordt voor de berekening van de getrouwheidspremie met betrekking tot dezelfde referteperiode. Voor de aangeslotenen die overlijden of de einddatum bereiken van het contract, wordt de laatste bijdrage berekend op basis van een pro rata van het brutoloon van de vorige referteperiode. De berekening van de pro rata gebeurt in functie van het verlopen gedeelte van de actuele referteperiode ten opzichte van de volledige referteperiode. De refertelonen alsmede de toe te passen bijdragevoet worden jaarlijks, op de overeengekomen datum, voor elke arbeider/ster door de inrichter medegedeeld aan de pensioeninstelling. Art. 8.De aangeslotenen die aan het werk blijven hoewel zij voldoen aan alle voorwaarden van een sectoraal stelsel SWT, hebben vanaf de leeftijd van 58 jaar recht op een bijkomende storting. De bijkomende storting bedraagt met ingang van de premiestorting van december 2022 98,33 EUR per volledige maand die in de referteperiode werd gepresteerd na het vervullen van de genoemde voorwaarden, in de mate deze periode gedekt is door een sectorale collectieve arbeidsovereenkomst inzake SWT. Het maandbedrag zal worden geproratiseerd in de volgende gevallen : - bij deeltijds werk of deeltijdse loopbaanvermindering; - bij uitdiensttreding of onvolledig gepresteerde maanden. De volgende dagen worden gelijkgesteld : - de dagen jaarlijkse vakantie : maximum 20 dagen per jaar (op basis van 5 dagen/week); - de dagen arbeidsongeschiktheid wegens ziekte of ongeval, arbeidsongeval of tijdelijke werkloosheid om economische reden : gecumuleerd maximum van 30 dagen per jaar. Prestaties die uitsluitend zijn geleverd met het oog op het uitvoeren van de opzeggingstermijn komen evenwel niet in aanmerking. Deze bijkomende storting wordt jaarlijks op 1 december op de individuele toelagecontracten gestort, samen met de basisbijdrage bedoeld in artikel 7 en de eventuele solidariteitsprestaties bedoeld in artikel 9. De berekeningwijze en toekenningvoorwaarden zijn identiek aan deze die hierboven beschreven zijn onder dit artikel. HOOFDSTUK VI. - Solidariteitstoezegging Art. 9.In overeenstemming met artikel 43 van de WAP wordt een solidariteitsluik voorzien als aanhangsel bij de aanvullende pensioentoezegging. Uit de solidariteitsprestaties opgesomd in artikel 1 van het koninklijk besluit van 14 november 2003Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 14/11/2003 pub. 07/04/2004 numac 2003023095 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Koninklijk besluit tot vaststelling van het tarief van de erelonen en de kosten voor de deskundigen aangewezen door de arbeidsgerechten in het kader van medische deskundige onderzoeken inzake de geschillen betreffende de tegemoetkomingen aan gehandicapten, de gezinsbijslag voor werknemers en zelfstandigen, de werkloosheidsverzekering en de regeling voor verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen Belgisch Staatsblad van 28 november 2003, Ed. 3). - Indexatie van de bedragen op 1 januari 2004 type koninklijk besluit prom. 14/11/2003 pub. 14/11/2003 numac 2003023014 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Koninklijk besluit betreffende de levensverzekeringsactiviteit sluiten (Belgisch Staatsblad van 14 november 2003, 2de ed.) worden weerhouden : - een solidariteitstoezegging voor tijdelijke werkloosheid omwille van economische redenen, technische redenen of overmacht; - een solidariteitstoezegging voor primaire arbeidsongeschiktheid; - een uitkering bij overlijden van een aangeslotene gedurende diens beroepsloopbaan. Art. 10.Het solidariteitsluik wordt nader omschreven in het "solidariteitsreglement" dat als bijlage 2 bij deze collectieve arbeidsovereenkomst wordt gevoegd en er integraal deel van uitmaakt. Het solidariteitsreglement wordt op eenvoudig verzoek ter beschikking gesteld van de aangeslotenen. Art. 11.Het beheer van de solidariteitstoezeggingen wordt toevertrouwd aan een vzw "Solidariteitsfonds", met dit doel opgericht door de inrichter. De inkomsten van de vzw bestaan uit vaste kwartaalstortingen door de inrichter. De solidariteitsinstelling zal jaarlijks een transparantieverslag opstellen ten behoeve van de inrichter die het, op eenvoudig verzoek van de aangeslotenen, aan deze laatsten kan ter beschikking stellen. Het transparantieverslag bevat alle elementen zoals door de WAP voorgeschreven. HOOFDSTUK VII. - Financiering Art. 12.De pensioentoezegging wordt gefinancierd met werkgeversbijdragen, die vervat zitten in de bijdrage die de werkgevers betalen in uitvoering van de sectorale collectieve arbeidsovereenkomst van 15 juni 2011 (registratienummer 107031) tot vaststelling van de bijdrage ter financiering van het fonds voor bestaanszekerheid. De inrichter stort maandelijks de nodige voorschotten in een financieringsfonds. De activa van het financieringsfonds, van de vrije reserve en van de individuele contracten worden door de pensioeninstelling beheerd in tak 21. Aangezien de overeenkomst inzake het gekantonneerd fonds opgezegd werd in 2019, zijn de activa sinds 1 juli 2019 ondergebracht in de algemene portefeuille van de pensioeninstelling. De modaliteiten van de financiering maken het voorwerp uit van een financieringsovereenkomst, afgesloten tussen de inrichter en de pensioeninstelling. De patronale sociale bijdragen (8,86 pct.) worden door de inrichter aangegeven en betaald. HOOFDSTUK VIII. - Beheer en aanduiding van de pensioeninstelling Art. 13.De inrichter vertrouwt het beheer toe aan de NV ALLIANZ, met maatschappelijke zetel te Brussel, hiertoe erkend door de Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten (FSMA). Binnen de juridische structuur van de pensioeninstelling kan de inrichter er echter voor opteren één of meer deelaspecten van het beheer aan derden toe te vertrouwen. Art. 14.De regels die het beheer van het sectoraal pensioenstelsel beheersen zijn vastgelegd in een groepsverzekeringsreglement. Het groepsverzekeringsreglement is vervat in bijlage 1 bij deze collectieve arbeidsovereenkomst en maakt er integraal deel van uit. De pensioeninstelling zal het groepsverzekeringsreglement overhandigen aan elke aangeslotene. Art. 15.Zoals voorgeschreven in artikel 41, § 2 van de WAP wordt een toezichtcomité opgericht. Dit comité wordt voor de ene helft samengesteld uit werknemersvertegenwoordigers en voor de andere helft uit vertegenwoordigers van de werkgevers. Het toezichtcomité ziet toe op het beheer van de pensioentoezegging door de pensioeninstelling en wordt door de pensioeninstelling jaarlijks in het bezit gesteld van een zogenaamd "transparantieverslag", alvorens zij dit ter beschikking stelt van de inrichter. De inrichter kan het verslag ter beschikking stellen aan elke aangeslotene die er om verzoekt. Art. 16.Het transparantieverslag wordt opgesteld door de pensioeninstelling of, in voorkomend geval, door de derde aan wie een deelaspect van het beheer werd toevertrouwd en geeft een getrouw relaas van de tijdens het boekjaar uitgevoerde activiteiten en genomen beslissingen, zoals voorgeschreven door de WAP. Art. 17.De Raad voor Aanvullende Pensioenen kan op verzoek van ten minste 10 pct. van de in artikel 1 bedoelde werkgevers of werknemers, het rendement van het pensioenstelsel onderzoeken. Indien dit onvoldoende wordt geacht, zal de raad aan de inrichter aanbevelen, van pensioeninstelling te veranderen of het beheer of een gedeelte ervan uit te besteden aan (een) andere beheerder(s). HOOFDSTUK IX. - Opting-out Art. 18.Opting-out door werkgevers die reeds hebben of nog zullen voorzien in gelijkaardige regelingen als bedoeld in de onderhavige collectieve arbeidsovereenkomst, wordt uitgesloten, behoudens uitdrukkelijke instemming door de beheerraad van de inrichter. HOOFDSTUK X. - Uitbetaling van het aanvullend pensioenvoordeel Art. 19.Het groepsverzekeringsreglement stelt de modaliteiten en procedures vast voor de uitbetaling van het pensioenvoordeel. Het aanvullend pensioenvoordeel kan ten vroegste worden uitgekeerd op de datum van de effectieve opname van het wettelijk pensioen. De rechten van de aangeslotene die de sector verlaat vóór de einddatum van de contracten (uittreding), worden beschreven in het groepsverzekeringsreglement. Uittreding is de beëindiging van de arbeidsovereenkomst tussen de aangeslotenen en zijn huidige werkgever anders dan door overlijden of het bereiken van de einddatum, in zoverre de aangeslotene niet een nieuwe arbeidsovereenkomst heeft afgesloten met een andere werkgever die eveneens aan deze pensioentoezegging onderworpen is, binnen het derde kwartaal volgend op het kwartaal van de beëindiging van de eerste arbeidsovereenkomst. Als datum van uittreding geldt derhalve de eerste dag van het vierde kwartaal dat volgt op het kwartaal van de beëindiging van de arbeidsovereenkomst. HOOFDSTUK XI. - Toepassingsdatum Art. 20.Deze collectieve arbeidsovereenkomst gaat in op 1 januari 2022. Zij vervangt de collectieve arbeidsovereenkomst van 8 september 2021 (168164/CO/126). Zij wordt gesloten voor onbepaalde duur. Elke partij kan de overeenkomst bij een ter post aangetekende brief gericht aan de voorzitter van het paritair comité opzeggen mits in achtneming van een opzeggingstermijn van 6 maanden die ten vroegste afloopt bij het einde van een boekjaar. Overeenkomstig artikel 10, § 1, 3° van de WAP dienen partijen een beslissing te nemen met betrekking tot de eventuele opheffing van het pensioenstelsel. Conform artikel 10, § 1, 3° van de WAP is deze beslissing enkel geldig indien ze de steun heeft van 80 pct. van de stemmen van al de in het Paritair Comité voor de stoffering en de houtbewerking gewone of plaatsvervangende leden die de werkgevers vertegenwoordigen en 80 pct. van al de gewone of plaatsvervangende leden die de werknemers vertegenwoordigen. Deze beslissing moet voorafgaan aan de opzegging van de collectieve arbeidsovereenkomst. Bijlage 1 : Groepsverzekeringsreglement bestaande uit algemene en bijzondere voorwaarden. Deze documenten worden als pdf aangehecht aan de onderhavige collectieve arbeidsovereenkomst. Bijlage 2 : Reglement tot vaststelling van de solidariteitsprestaties in het kader van de sectorale tweede-pensioenpijler Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 31 augustus 2022. De Minister van Werk, P.-Y. DERMAGNE Bijlage 1 aan de collectieve arbeidsovereenkomst van 25 november 2021, gesloten in het Paritair Comité voor de stoffering en de houtbewerking, betreffende de instelling van een sectoraal aanvullend pensioenstelsel Groepsverzekeringsreglement Algemene voorwaarden Leven-Overlijden Collectieve verzekering Artikel 1.Definities 1. Aangeslotene - De actieve aangeslotene is : - de werknemer in dienst bij de inrichter die aangesloten is bij de pensioentoezegging onder de vorm van een groepsverzekering of individuele pensioentoezegging en prestaties leven en/of overlijden opbouwt. - De passieve aangeslotene is : - ofwel de gewezen werknemer die nog steeds actuele of uitgestelde rechten geniet als gevolg van zijn keuze bij uittreding om zijn verworven reserves bij de pensioeninstelling te laten, al dan niet met toevoeging van een overlijdensdekking gelijk aan het bedrag van de verworven reserves; - ofwel de werknemer wiens aansluiting beëindigd werd omdat hij niet langer aan de aansluitingsvoorwaarden van de pensioentoezegging voldeed. 2. Afkoop Verrichting waarbij de aangeslotene de onmiddellijke vereffening van zijn groepsverzekeringscontracten krijgt.3. Afkoopwaarde Theoretische afkoopwaarde verminderd met de afkoopvergoeding.4. Bevoegde controleautoriteit De bevoegde controleautoriteiten zijn de FSMA (Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten) en de NBB (Nationale Bank van België) een ieder voor wat hun bevoegdheid betreft.5. Collectieve kapitalisatie Stelsel dat in de groepsverzekering voor een collectiviteit van aangeslotenen een gelijkheid tot stand brengt tussen enerzijds, de som van de samengestelde reserves en de actuele waarden van de toekomstige premies, en anderzijds, de som van de actuele waarden van de prestaties.6. Financieringsfonds Collectieve reserve samengesteld bij een verzekeringsonderneming in het kader van een bepaalde groepsverzekering.7. Groepsverzekering Levensverzekeringscontract of geheel van levensverzekeringscontracten afgesloten bij een verzekeringsonderneming voor één of meerdere inrichters ten voordele van gans het personeel of een gedeelte ervan.8. Groepsverzekeringsreglement Geheel van de contractuele bepalingen die de voorwaarden van de groepsverzekering, evenals de rechten en verplichtingen van de aangeslotenen en van de inrichter met betrekking tot die verzekering regelen.9. Individuele kapitalisatie Kapitalisatiestelsel waarbij de premies, de reserves en de prestaties op elk ogenblik onderling verbonden zijn door een relatie die, per verrichting en voor elke aangeslotene, van bepaalde technische grondslagen gebruik maakt.10. KB Leven Koninklijk besluit van 14 november 2003Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 14/11/2003 pub. 07/04/2004 numac 2003023095 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Koninklijk besluit tot vaststelling van het tarief van de erelonen en de kosten voor de deskundigen aangewezen door de arbeidsgerechten in het kader van medische deskundige onderzoeken inzake de geschillen betreffende de tegemoetkomingen aan gehandicapten, de gezinsbijslag voor werknemers en zelfstandigen, de werkloosheidsverzekering en de regeling voor verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen Belgisch Staatsblad van 28 november 2003, Ed. 3). - Indexatie van de bedragen op 1 januari 2004 type koninklijk besluit prom. 14/11/2003 pub. 14/11/2003 numac 2003023014 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Koninklijk besluit betreffende de levensverzekeringsactiviteit sluiten betreffende de levensverzekeringsactiviteit.11. Pensioenleeftijd De eindleeftijd die in het groepsverzekeringsreglement of pensioenovereenkomst wordt vermeld en gebruikt als einddatum voor de individuele contracten van de aangeslotenen bij de berekening van de waarborgen.12. Pensionering De effectieve ingang van het wettelijk (al dan niet vervroegd) rustpensioen.13. Reductie Vermindering van de actuele waarde van de verzekerde prestaties ten gevolge van het stopzetten van de premiebetaling.In dat geval blijft de aangeslotene verzekerd voor de reductiewaarde. 14. Reductiewaarde De reductiewaarde op een bepaald ogenblik, is de prestatie die in geval van stopzetting van de betaling van de premies op dat ogenblik verzekerd blijft. De reductie van de contracten gebeurt op basis van de technische grondslagen die gebruikt worden voor de berekening van de premie. 15. Tak 21 levensverzekering De tak 21 levensverzekering is een verzekeringsverrichting met een gewaarborgde intrestvoet.De intrestvoet is gewaarborgd op de reserves tot de einddatum van de individuele contracten. In geval van wijziging is de nieuwe intrestvoet enkel van toepassing op de nieuwe premies. De verzekeringsonderneming stelt de inrichter schriftelijk op de hoogte van elke wijziging van de toepasselijke interestvoet. Bovenop de gewaarborgde intrestvoet kan de verzekeringsonderneming jaarlijks een winstdeelname toekennen in functie van de gunstige resultaten van haar beheer. 16. Tak 23 levensverzekering De tak 23 levensverzekering is een verzekeringsverrichting verbonden met een beleggingsfonds.De beleggingsfondsen worden beschreven in het beheersreglement "EB funds". Op dit type levensverzekering wordt er geen winstdeelname toegekend. 17. Toelagecontract Contractuele bepalingen die voor een aangeslotene het gedeelte van de groepsverzekering regelen dat wordt gevormd door de inrichtersbijdragen.18. Toezegging van het type "vaste bijdragen" De inrichter verbindt er zich toe om periodiek een vaste bijdrage te betalen, die bepaald is in het groepsverzekeringsreglement, ter financiering van het aanvullend pensioen.Het groepsverzekeringsreglement bepaalt de regels voor de vaststelling van deze bijdrage, evenals de periodiciteit. Bij een pensioentoezegging van het type vaste bijdrage met gewaarborgd rendement garandeert de inrichter, naast de betaling van de vaste bijdrage, tevens de kapitalisatie van die bijdragen overeenkomstig de in het pensioenreglement of de pensioenovereenkomst bepaalde tariferingsregels. Bij een pensioentoezegging van het type vaste bijdrage zonder gewaarborgd rendement, wordt het volledige rendement met betrekking tot de pensioentoezegging aan de individuele rekening van de aangeslotene toegekend. Het groepsverzekeringsreglement of de pensioenovereenkomst bepaalt de wijze waarop het rendement wordt vastgesteld, evenals de modaliteiten voor de in het eerste lid bedoelde toekenning. 19. Toezegging van het type "vaste prestaties" De inrichter verbindt er zich toe een welbepaalde prestatie op de pensioenleeftijd te vestigen.Het groepsverzekeringsreglement bepaalt de regels voor de vaststelling van deze prestatie, evenals het ogenblik waarop deze verschuldigd is. 20. Toezegging van het type "cash balance" De inrichter verbindt er zich toe een vaste prestatie te vestigen op de pensioenleeftijd die wordt bekomen door de kapitalisatie van de bedragen die periodiek aan de aangeslotenen worden toegekend.Het groepsverzekeringsreglement of de pensioenovereenkomst bepalen de regels voor de vaststelling van die bedragen, de vervaldagen waarop zij worden toegekend, evenals het toegekende rendement dat gebruikt wordt voor de kapitalisatie. 21. Uittreding Onder "uittreding" wordt verstaan : - hetzij de beëindiging van de arbeidsovereenkomst tussen de aangeslotenen en zijn huidige werkgever anders dan door overlijden of het bereiken van de einddatum, in zoverre de aangeslotene niet een nieuwe arbeidsovereenkomst heeft afgesloten met een andere werkgever die eveneens aan deze pensioentoezegging onderworpen is, binnen het derde kwartaal volgend op het kwartaal van de beëindiging van de eerste arbeidsovereenkomst.Als datum van uittreding geldt derhalve de eerste dag van het vierde kwartaal dat volgt op het kwartaal van de beëindiging van de arbeidsovereenkomst. - hetzij het einde van de aansluiting vanwege het feit dat de werknemer niet langer aan de aansluitingsvoorwaarden voldoet, zonder dat dit samenvalt met de beëindiging van de arbeidsovereenkomst, anders dan door overlijden of pensionering; - hetzij het einde van de aansluiting vanwege het feit dat de werkgever of, in geval van de overgang van de arbeidsovereenkomst, de nieuwe werkgever niet langer valt onder het toepassingsgebied van de collectieve arbeidsovereenkomst die het sectorale pensioenstelsel heeft ingevoerd. 22. Verworven prestaties De prestaties waarop de aangeslotene recht heeft volgens het pensioenreglement, indien hij op het moment van uittreding beslist om zijn verworven reserves bij de verzekeringsonderneming te laten.23. Verworven reserves De reserves waarop de aangeslotene recht heeft op een bepaald moment volgens het pensioenreglement.24. WAP Wet van 28 april 2003Relevante gevonden documenten type wet prom. 28/04/2003 pub. 15/05/2003 numac 2003022481 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Wet betreffende de aanvullende pensioenen en het belastingstelsel van die pensioenen en van sommige aanvullende voordelen inzake sociale zekerheid sluiten betreffende de aanvullende pensioenen en het belastingstelsel van die pensioenen en van sommige aanvullende voordelen inzake sociale zekerheid (Belgisch Staatsblad van 15 mei 2003).25. Wettelijke pensioenleeftijd Dit is de pensioenleeftijd conform aan de toepasselijke wetgeving terzake.26. Wettelijk samenwonenden Personen die samenleven volgens de "wettelijke samenwoning" die geregeld wordt in artikel 1475 tot arti- kel 1479 van het Burgerlijk Wetboek.27. Wiskundige reserve van het contract Reserve gevormd bij de verzekeringsonderneming door de kapitalisatie van de betaalde premies, rekening houdend met de verbruikte sommen. Art. 2.Voorwerp Deze algemene voorwaarden beschrijven de algemene bepalingen van de groepsverzekering, afgesloten door de inrichter bij de verzekeringsonderneming, ter uitvoering van zijn pensioentoezegging. Ze maken samen met de bijzondere voorwaarden het groepsverzekeringsreglement uit. Art. 3.Type pensioentoezegging De inrichter sluit de groepsverzekering af ter uitvoering van de pensioentoezegging aan de aangeslotenen. Het type van de toegekende pensioentoezegging wordt gespecifieerd in de bijzondere voorwaarden. De bijzondere voorwaarden bepalen de mate waarin de verbintenissen van de inrichter gegarandeerd worden door een resultaatsverbintenis van de verzekeringsonderneming. Art. 4.Financiering en type beleggingsvormen Art. 4.1 Wijze van financiering De wijze van financiering van de pensioentoezegging wordt bepaald in de bijzondere voorwaarden. Tenzij anders vermeld wordt het systeem van individuele kapitalisatie toegepast. De tegoeden in het financieringsfonds worden echter altijd onder het systeem van collectieve kapitalisatie beheerd. 4.1.1 Individuele kapitalisatie In een stelsel van individuele kapitalisatie komen de door de inrichter gestorte premies, na aftrek van de kosten en de kostprijs van de gedekte risico's, terecht op individuele rekeningen van de aangeslotenen. De premies kunnen rechtstreeks betaald worden door de inrichter of uit het financieringsfonds opgenomen worden, rekening houdend met de beperkingen opgelegd voor deze opnames door de aan eventuele tekorten ten opzichte van het wettelijk minimumrendement. De premies ten laste van de aangeslotenen worden altijd onder vorm van individuele kapitalisatie beheerd. 4.1.2 Collectieve kapitalisatie In een stelsel van collectieve kapitalisatie worden de prestaties voorzien door het pensioenreglement gefinancierd door dotaties in het financieringsfonds. De modaliteiten voor de berekening van deze dotaties zijn gespecifieerd in de bijzondere voorwaarden van de groepsverzekering of in een aparte financieringsovereenkomst. Art. 4.2 Beleggingsvormen Het bedrag dat voor de financiering van de prestatie bij leven wordt belegd, is het bedrag van de premies of dotaties na aftrek van de kosten en de kostprijs van de gedekte risico's. Tenzij anders vermeld in de bijzondere voorwaarden worden de tegoeden van de individuele rekeningen en dotaties in het financieringsfonds, evenals de premies voor de waarborg overlijden, geïnvesteerd in tak 21. 4.2.1 Tak 21 De verzekeringsonderneming kent een interest toe op het geïnvesteerde bedrag. De wijze van toekenning van de intrest wordt in de bijzondere voorwaarden bepaald. De intrestvoet wordt gegarandeerd op de reserves en de premies tot eindvervaldag van de individuele contracten. In geval van wijziging is de nieuwe intrestvoet van toepassing op de verhoging van de toekomstige premies. 4.2.2 Tak 23 De beleggingsfondsen zijn samengesteld uit een geheel van eenheden. In de bijzondere voorwaarden of de financieringsovereenkomst wordt bepaald welk deel van de netto bedragen geïnvesteerd wordt in elk beleggingsfonds. Met elk deel worden eenheden gekocht van het overeenstemmende beleggingsfonds. De karakteristieken en de regels voor valorisatie van de beleggingsfondsen zijn beschreven in het beheersreglement van de fondsen. Dit beheersreglement vormt een bijlage aan de algemene voorwaarden van de groepsverzekering en is ter beschikking van de aangeslotenen. De activa van elk fonds blijven eigendom van de verzekeringsonderneming die ze beheert. De eenheden van de beleggingsfondsen zijn niet verhandelbaar en kunnen niet rechtstreeks worden overgedragen aan derden. De verzekeringsonderneming kan beslissen om meerdere eenheden samen te voegen dan wel verder op te delen. In de bijzondere voorwaarden of in de financieringsovereenkomst wordt bepaald in welk fonds de premies en de dotaties gestort worden. De verzekeringsonderneming behoudt zich het recht voor fondsen te vereffenen of samen te voegen. In geval van vereffening of van samenvoeging van fondsen heeft de inrichter of de onderneming recht op de interne overdracht van de reserves, zonder dat de verzekeringsonderneming hiervoor een vergoeding vraagt. De valutadatum die in aanmerking genomen wordt om de waarde van de eenheden te bepalen bij vereffening, of in voorkomend geval, transfert van reserves, is de dag die volgt op de tweede werkdag volgend op de datum waarop de verzekeringsonderneming in kennis wordt gesteld van de datum van pensionering, dan wel de aanvraag tot transfert van reserves. De valutadatum die in aanmerking genomen wordt om de waarde van de eenheden te bepalen bij overlijden, is de dag die volgt op de tweede werkdag volgend op de datum van ontvangst van de aangifte van overlijden door de verzekeringsonderneming. Art. 4.3 Modaliteiten en periodiciteit van de premies en dotaties De modaliteiten van de berekening van de premies en dotaties, evenals de periodiciteit, worden bepaald in de bijzondere voorwaarden of in de financieringsovereenkomst. Vooraf betaalbare premies of dotaties zijn betaalbaar op de eerste dag van de periode en de achteraf betaalbare premies of dotaties op de laatste dag van de periode. Art. 5.Winstdeelname Jaarlijks legt de verzekeringsonderneming een winstdelingsplan neer bij de bevoegde toezichthoudende overheid. Het winstdelingsplan wordt ter beschikking van het publiek gesteld op de hoofdzetel van de verzekeringsonderneming. De individuele contracten onderschreven in het kader van de groepsverzekering, genieten van een winstdeling in functie van de gekozen beleggingsvorm en overeenkomstig het winstdelingsplan. De winstdeling "leven" wordt uitgedrukt als een percentage toegepast op de theoretische afkoopwaarde en kapitaliseert aan het tarief en in de verzekeringscombinatie van de individuele contracten. De winstdeling "overlijden" wordt uitgedrukt als een percentage, toegepast op het verzekerd kapitaal overlijden dat hiermee verhoogd wordt. Er wordt geen winstdeling overlijden toegekend op de verzekeringscontracten van het type "uitgestelde kapitalen met tegenverzekering van de reserves". Art. 6.Financieringsfonds In het raam van de groepsverzekering wordt een financieringsfonds opgericht. Dat fonds wordt door de verzekeringsonderneming beheerd. Art. 6.1 Inkomsten van het fonds - de kapitalen bij overlijden die niet toegewezen worden, bij ontstentenis van andere aangeduide begunstigden en de reserves van de toelagecontracten ingeval de aangeslotene er geen verworven rechten op kan laten gelden; - de stortingen van de bedragen om de financieringstekorten op de individuele contracten op te vangen; - stortingen door de inrichter verricht in het vooruitzicht van toekomstige lasten. Deze stortingen worden bepaald volgens een financieringsovereenkomst; - elke storting die krachtens de groepsverzekering of de wetgeving en reglementering betreffende de aanvullende pensioenen er aan wordt toegewezen; - de financiële opbrengsten gegenereerd door het fonds zelf. Art. 6.2 Rendement toegekend aan het financieringsfonds - de bijzondere voorwaarden bepalen of de tegoeden van het financieringsfonds genieten van een gewaarborgde intrestvoet (tak 21), dan wel of ze belegd worden in beleggingsfondsen verbonden met een levensverzekering (tak 23). - indien de tegoeden van het financieringsfonds genieten van een gewaarborgde intrestvoet, wordt deze jaarlijks bepaald in overeenstemming met het winstdelingsplan opgesteld door de verzekeringsonderneming. Art. 6.3 Werking van het financieringsfonds 6.3.1 Werking van het financieringsfonds belegd in tak 21 De kapitalisatie van een dotatie begint op de valutadatum op het rekeninguittreksel waarin de betaling van de dotatie aan de verzekeringsonderneming wordt vermeld. Alle overige krachtens de groepsverzekering gestorte bedragen worden gekapitaliseerd vanaf de datum van de gebeurtenis die de storting in het financieringsfonds rechtvaardigt. De opnamen gebeuren overeenkomstig de specifieke bepalingen van de financieringsovereenkomst en/of de groepsverzekering, rekening houdend met de beperkingen opgelegd door de wetgeving en reglementering betreffende de aanvullende pensioenen. Het financieringsfonds wordt op de valutadatum van de opnamen gedebiteerd. De opnamen zijn slechts mogelijk binnen de grenzen van het vermogen van het financieringsfonds. Als het vermogen van het fonds ontoereikend is, wordt de opname uitgevoerd na betaling van de nodige aanvulling door de inrichter aan de verzekeringsonderneming. 6.3.2 Werking van het financieringsfonds belegd in tak 23 Voor de dotaties is de aankoopprijs gelijk aan de inventariswaarde van de eenheid op de dag van ontvangst van het rekeninguittreksel, houdende de vermelding van betaling van de dotatie, door de verzekeringsonderneming. Voor de overige stortingen telt de eerste werkdag volgend op die van de ontvangst door de verzekeringsonderneming van de documenten die de storting in het financieringsfonds rechtvaardigen. De opnamen worden uitgevoerd overeenkomstig de specifieke bepalingen van de financieringsovereenkomst en/of de groepsverzekering, rekening houdend met de beperkingen opgelegd door de wetgeving en reglementering betreffende de aanvullende pensioenen. De opnamen verminderen het vermogen van het financieringsfonds op de dag waarop ze worden uitgevoerd, zijnde de eerste werkdag samenvallend met of volgend op de dag bepaald in de groepsverzekering of in de financieringsovereenkomst. Bij ontstentenis hiervan worden de opnamen uitgevoerd op de werkdag volgend op de dag waarop de verzekeringsonderneming de schriftelijke aanvraag van de inrichter heeft ontvangen. De opnamen uit het financieringsfonds verminderen het aantal eenheden aanwezig in de beleggingsfondsen. In de financieringsovereenkomst wordt bepaald welk deel van de opname betrekking heeft op elk beleggingsfonds. Het aantal eenheden dat overeenstemt met elke opname wordt berekend aan de inventariswaarde van de eenheid op de dag van de opname. De opnamen worden slechts uitgevoerd binnen de grenzen van het vermogen van het financieringsfonds. Als het vermogen van het fonds ontoereikend is, wordt de opname uitgevoerd na betaling van de nodige aanvulling door de inrichter. Periodiek wordt aan de inrichter een gedetailleerd overzicht overgemaakt van de bewegingen van de eenheden van elk beleggingsfonds. Art. 6.4 Bestemming van het fonds Op het financieringsfonds kunnen heffingen worden gedaan : Ingeval de pensioentoezegging gefinancierd wordt door individuele kapitalisatie : - tot aanzuivering van de financieringstekorten op de individuele contracten zoals beschreven in artikel 10.1.1 laatste paragraaf en artikel 10.1.2 laatste paragraaf; - tot toewijzing aan de toelagecontracten voor zover de minimumreserve vermeld in artikel 7.1.2 niet aangesproken wordt; - tot toewijzing aan de toelagecontracten en, in voorkomend geval, aan de bijdragecontracten bij staking van premiebetaling overeenkomstig de bepalingen van artikel 11.1. Ingeval de pensioentoezegging gefinancierd wordt door collectieve kapitalisatie : - tot de betaling van de door de groepsverzekering voorziene prestaties bij leven van de aangeslotenen op de einddatum (in voorkomend geval de vervroegde of de uitgestelde einddatum) of bij diens overlijden aan de begunstigden; - tot betaling van de overdracht van reserves van de aangeslotene die de dienst van de inrichter verlaat. Art. 6.5 Vereffening van het fonds De activa van het financieringsfonds kunnen niet terug worden opgenomen in het vermogen van de inrichter. In geval van definitieve opheffing van de pensioentoezegging of bij het verdwijnen van de inrichter, om welke reden dan ook, zonder dat de verplichtingen worden overgenomen door een derde, worden de activa die niet langer nodig zijn voor het beheer van de pensioentoezegging aan de aangeslotenen toegekend in verhouding tot hun verworven reserves, in voorkomend geval verhoogd tot de bedragen gewaarborgd in toepassing van de minimumgarantie. In afwijking van vorige paragraaf mag aan het geheel of een deel van die activa bij collectieve arbeidsovereenkomst een andere sociale bestemming worden verleend. De activa die niet langer nodig zijn voor het beheer van de pensioentoezegging, zijn de activa die in het financieringsfonds overblijven na aanzuivering van de onbetaalde premies en de tekorten op de reserves van de individuele contracten. Dit met uitzondering van de bedragen die ter beschikking dienen te blijven in het financieringsfonds in het kader van de toepasselijke regelgeving inzake prudentieel toezicht. Art. 7.Bijwerking van de contracten Art. 7.1 Jaarlijkse bijwerking 7.1.1 Jaarlijkse berekening van premies en prestaties De premies en prestaties worden bij de aansluiting berekend. Ze worden jaarlijks herrekend op de hoofdvervaldag van de groepsverzekering. Te dien einde stuurt de verzekeringsonderneming de inrichter de lijst van de personeelsleden, aangesloten bij de groepsverzekering. De inrichter stuurt deze lijst terug met vermelding van de nieuwe bezoldigingen en van de gegevens die nodig zijn voor het bepalen van het type en/of het niveau van de prestaties (burgerlijke staat, samenstelling van het gezin, tewerkstellingspercentage, ... ). 7.1.2 Jaarlijkse berekening van het financieringstekort Het bedrag van de tekorten van de reserves van de individuele contracten waarvan sprake in artikel 10.1 wordt jaarlijks door de verzekeringsonderneming berekend. De inrichter heeft de wettelijke verplichting om deze tekorten op collectieve wijze te financieren. Bijgevolg dienen de reserves van het financieringsfonds gedurende het jaar volgend op de jaarlijkse bijwerking, minimaal gelijk te zijn aan het bedrag van de tekorten zoals hiervoor vermeld. Deze minimumreserve die in het financieringsfonds aanwezig dient te zijn, kan in de loop van het verzekeringsjaar slechts verminderd worden met de bedragen die uit het financieringsfonds geput worden in toepassing van artikel 10.1.1 laatste paragraaf en artikel 10.1.2 laatste paragraaf. Indien bij de jaarlijkse bijwerking blijkt dat de reserves uit het financieringsfonds lager zijn dan de vereiste minimumreserve, gaat de inrichter op vraag van de verzekeringsonderneming over tot onmiddellijke aanzuivering van het ontbrekende bedrag. Art. 7.2 Verderzetting van de contracten na de einddatum De aangeslotene blijft aangesloten aan de groepsverzekering zolang hij/zij niet gepensioneerd is. In voorkomend geval wordt de einddatum van de groepsverzekeringscontracten voor de prestaties leven en overlijden uitgesteld met periodes van één jaar. De verderzetting van de contracten gebeurt op individuele basis en aan het tarief en de intrestvoet in voege op het moment van de verderzetting. De contracten kunnen pas vereffend worden op het moment van pensionering. Art. 7.3 Informatie voor de aangeslotenen 7.3.1 Jaarlijkse pensioenfiche De verzekeringsonderneming zal ieder jaar, ten behoeve van de aangeslotene, een individueel overzicht afleveren aan de inrichter. Dit overzicht bevat een samenvatting van de bijdragen en de verzekerde prestaties op de hoofdvervaldag. Daarnaast levert de verzekeringsonderneming een wettelijke pensioenfiche af. Deze fiche bevat alle gegevens zoals beschreven in de wetgeving en reglementering betreffende de aanvullende pensioenen. De inrichter neemt de taak op zich om de individuele overzichten en pensioenfiches te bezorgen aan de aangeslotenen. De aangeslotene kan op eenvoudig verzoek een historisch overzicht verkrijgen van volgende gegevens : - het bedrag van de verworven reserves met in voorkomend geval het overeenstemmend bedrag van de minimumwaarborg; - als de verworven prestaties berekenbaar zijn, het bedrag van de verworven prestaties en de datum waarop ze opeisbaar zijn. 7.3.2 Transparantie De aangeslotene kan op eenvoudig verzoek de tekst van het groepsverzekeringsreglement bekomen bij zijn inrichter, evenals het verslag over het beheer van de pensioentoezegging dat de verzekeringsonderneming jaarlijks ter beschikking stelt van de inrichter. Daarnaast verstrekt de verzekeringsonderneming op eenvoudig verzoek van de aangeslotenen, hun rechthebbenden of hun vertegenwoordigers de volgende documenten : - de verklaring inzake de beleggingsbeginselen zoals bedoeld in de wetgeving en reglementering betreffende de aanvullende pensioenen; - de jaarrekening en het jaarverslag van de pensioeninstelling; - wanneer de aangeslotene het beleggingsrisico draagt, alle beschikbare beleggingsmogelijkheden en de feitelijke beleggingspolitiek met een beschrijving van de risico's en de kosten die met de beleggingen verbonden zijn. Art. 8.Uitkering van de prestaties Art. 8.1 Bij leven van de aangeslotene op de einddatum van de contracten Bij leven van de aangeslotene op de einddatum van de contracten (in voorkomend geval de vervroegde of de uitgestelde einddatum), is hij de begunstigde van de prestaties. De prestaties worden uitgekeerd onder de vorm van een kapitaal, tenzij anders bepaald in de bijzondere voorwaarden. Nochtans kan de begunstigde de vereffening vragen onder de vorm van een lijfrente in zijn voordeel en in voorkomend geval, in het voordeel van zijn huwelijkspartner of wettelijk samenwonende partner, zo deze laatste hem overleeft. De vereffening geschiedt volgens de modaliteiten bepaald bij artikel 8.4. De omzettingscoëfficiënt van het kapitaal naar rente is deze van toepassing op het moment van de vereffening van de contracten. Art. 8.2 Bij vervroeging van de einddatum van de contracten Bij pensionering van de aangeslotene wordt er een einde gesteld aan de aansluiting bij de groepsverzekering. De prestaties voorzien in de contracten worden verplicht vereffend ongeacht de einddatum van de contracten. De einddatum van de contracten van onderhavig groepsverzekeringsreglement kan alleen worden vervroegd indien aan volgende voorwaarde voldaan is : de aangeslotene neemt zijn (al dan niet vervroegd) wettelijk pensioen op. Art. 8.3 Bij overlijden van de aangeslotene vóór de einddatum van de contracten 8.3.1 Begunstigden Bij overlijden van de aangeslotene vóór de einddatum van de contracten zijn de begunstigden van alle prestaties, in de volgende volgorde van voorrang : 1. de niet gerechtelijk van tafel en bed gescheiden huwelijkspartner of de wettelijk samenwonende partner;2. de kinderen waarvan de afstamming vaststaat en de adoptieve kinderen.Bij vooroverlijden van één van hen, hun afstammelingen voor het gedeelte dat zou toegekomen zijn aan de begunstigde in wiens plaats ze treden; 3. de vader en de moeder van de aangeslotene, elk voor de helft;bij vooroverlijden van één van hen, komt het geheel van de verzekerde bedragen aan de overlevende toe; 4. de begunstigden aangeduid bij aanhangsel door de aangeslotene;5. de erfopvolging van de aangeslotene, behalve indien de aangeslotene zijn wettelijke erfgenamen in een bijvoegsel nominatief heeft aangeduid in uitvoering van punt 4 hieronder.De Staat is in elk geval uitgesloten van de begunstiging; 6. het financieringsfonds. Indien door bovenstaande rangorde meer dan één begunstigde aangeduid wordt, dan wordt het overlijdenskapitaal evenredig verdeeld over de verschillende begunstigden. Op verzoek van de aangeslotene kan er van deze devolutie worden afgeweken. Deze afwijkingen dienen, zowel door de aangeslotene als de verzekeringsonderneming, ondertekend te worden. Indien de afwijking echter tot doel heeft de niet gerechtelijk van tafel en bed gescheiden huwelijkspartner of de kinderen de begunstiging te ontzeggen, moet het akkoord van de huwelijkspartner worden gevraagd in toepassing van de wet van 14 juli 1976 betreffende de wederzijdse rechten en verplichtingen van de echtgenoten en de huwelijksvermogensstelsels. De verzekerde prestaties worden, naar keuze van de begunstigden, in kapitaal uitgekeerd of onder de vorm van lijfrenten vereffend. De omzetting van het kapitaal naar rente gebeurt volgens de modaliteiten bepaald in artikel 8.4. Indien een begunstigde echter een minderjarig kind is, wordt het hem toekomende gedeelte verplicht vereffend onder de vorm van tijdelijke renten met als einddatum de 18de verjaardag van die begunstigde. Indien beide echtgenoten of beide wettelijk samenwonende partners in eenzelfde gebeurtenis overlijden, zonder dat men de volgorde van overlijden kan bepalen, wordt de aangeslotene verondersteld de huwelijkspartner of wettelijk samenwonende partner te hebben overleefd en de vereffening onder kapitaalvorm te hebben gekozen. 8.3.2 Administratieve formaliteiten De sommen verschuldigd door de verzekeringsonderneming worden aan de begunstigden uitgekeerd na voorlegging van de volgende documenten en rekening houdend met de beschikkingen voorzien in artikel 16.7 : - een uittreksel uit de overlijdensakte van de aangeslotene met vermelding van zijn geboortedatum; - een medisch getuigschrift met vermelding van de overlijdensoorzaak; - wanneer de begunstigden niet met naam werden aangeduid, een notoriteitsakte tot staving van hun rechten. Art. 8.4 Vereffening van de contracten onder rentevorm De prestaties waarin onderhavig groepsverzekeringsreglement voorziet kunnen, op verzoek van de begunstigden, onder rentevorm vereffend worden voor zover het bedrag op jaarbasis van deze rente hoger is dan 500,00 EUR. Deze laatste beperking geldt niet indien de begunstigde een minderjarig kind is. Het bedrag van 500,00 EUR wordt geïndexeerd volgens de bepalingen die voorzien zijn in de WAP (basisindex : 1996 = 100 - op 1 januari 2004 = 111,64). De inrichter brengt de aangeslotenen van dit recht op de hoogte twee maanden vóór de eindvervaldag van de contracten, of in geval van vervroeging van de einddatum, binnen de twee weken die volgen op de aanvraag tot vervroeging. In geval van overlijden van de aangeslotene vóór de eindvervaldag, brengt de inrichter de begunstigden van dit recht op de hoogte binnen de twee weken nadat hij kennis heeft genomen van het overlijden. De omzettingscoëfficiënt van het kapitaal naar rente is deze van toepassing op het moment van de vereffening van de contracten, rekening houdend met de tariefbasis die de verzekeringsonderneming op dat moment hanteert. Indien het toepasselijke rentetarief bij de verzekeringsonderneming op het moment van de omzetting tot een lagere rente leidt dan degene die zou bekomen worden door toepassing van de tariefbasis opgelegd door de uitvoeringsbesluiten van de WAP, dan heeft de inrichter de wettelijke verplichting dit verschil te financieren door storting van een éénmalige premie. Het bedrag van de renten uitgekeerd op grond van een bepaald kapitaal hangt af van de leeftijd van de begunstigde bij het ingaan van de rente en verschilt naargelang het een mannelijke of een vrouwelijke begunstigde betreft. De renten vangen aan op de eerste dag van de maand van de gebeurtenis die aanleiding geeft tot de vereffening van de verzekerde prestaties. Ze zijn maandelijks achteraf betaalbaar, voor de laatste maal op de maandelijkse vervaldag die voorafgaat aan het overlijden van de rentetrekker, of aan de gestelde einddatum indien het om tijdelijke renten gaat. Indien de rente eveneens op het leven van de huwelijkspartner of de wettelijk samenwonende partner gevestigd werd, en voor zover deze laatste de rentetrekker overleeft, dan zullen de eerste hem/haar toekomende rentegedeelten uitbetaald worden op de vervaldag volgend op het overlijden van de aangeslotene. Ingeval de prestaties uitgekeerd worden onder de vorm van een rente, mag de overdraagbaarheidscoëfficiënt niet meer bedragen dan 80 pct. Art. 9.Rechten van de verzekeringsnemer Art. 9.1 Recht op opzeg binnen de 30 dagen De inrichter heeft het recht om deze overeenkomst binnen 30 dagen te rekenen vanaf de inwerkingtreding op te zeggen. In dit geval betaalt de verzekeringsonderneming de betaalde premie(
  1. s)terug, na aftrek van de sommen besteed aan de eventuele dekking overlijden en/of aanvullende waarborgen voorzien in de bijzondere voorwaarden. Indien geopteerd werd voor tak 23 als beleggingsvorm, betaalt de verzekeringsonderneming de waarde uit van de eenheden vastgesteld op de dag volgend op de datum van ontvangst van de opzeggingsbrief. De aanvraag tot opzegging moet aan de verzekeringsonderneming worden medegedeeld per aangetekende brief, of door overhandiging van een opzeggingsbrief tegen afgifte van een ontvangstbewijs. Art. 9.2 Betaling van de premies Deze overeenkomst is onderworpen aan de bepalingen van het KB Leven en in overeenstemming met artikel 11 van dit koninklijk besluit kan de betaling van de premies niet verplicht worden. Art. 10.Rechten van de aangeslotenen Art. 10.1 Waarborg op minimumrendement - Verworven reserves - Verworven rechten 10.1.1 Bepaling van het minimumrendement De minimumrendementen voorzien door artikel 24 van de WAP worden jaarlijks door de verzekeringsonderneming vermeld op de pensioenfiche. De bijzondere voorwaarden bepalen de keuze voor de verticale of de horizontale methode om het gegarandeerde minimumrendement te berekenen. De inrichter heeft de wettelijke verplichting om dit minimumrendement te garanderen aan de aangeslotene. Bij de jaarberekening zal de inrichter de eventuele vastgestelde tekorten van de reserves van de toelagecontracten, en in voorkomend geval van de bijdragecontracten, op collectieve wijze aanzuiveren door storting in het financieringsfonds. De inrichter machtigt de verzekeringsonderneming om de sommen uit het financieringsfonds aan te wenden voor aanzuivering van de vastgestelde tekorten bij een uittreding, gevolgd door een reserveoverdracht of afkoop, bij pensionering of bij afschaffing van de groepsverzekering. 10.1.2 Bepaling van de verworven rechten De verworven prestaties op een rustpensioen in hoofde van de aangeslotene worden berekend rekening houdend met de bepalingen van de WAP en zijn uitvoeringsbesluiten van 14 november 2003. De actualisatieregels om de verworven reserves te berekenen, zijn gebaseerd op de intrestvoet en de sterftetafels MR en FR zoals bepaald in de uitvoeringsbesluiten van de wet van 9 juli 1975Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/1975 pub. 24/12/2014 numac 2014000890 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de controle der verzekeringsondernemingen. - Officieuze coördinatie in het Duits type wet prom. 09/07/1975 pub. 23/10/2015 numac 2015000557 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de controle der verzekeringsondernemingen. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen sluiten. Bij de jaarberekening zal de inrichter de eventuele vastgestelde tekorten van de reserves van de toelagecontracten, en in voorkomend geval van de bijdragecontracten, aanzuiveren op collectieve wijze door storting in het financieringsfonds. De inrichter machtigt de verzekeringsonderneming om de sommen uit het financieringsfonds aan te wenden voor aanzuivering van de vastgestelde tekorten bij een uittreding, een reserveoverdracht, bij vereffening van de contracten of bij afschaffing van de groepsverzekering. 10.1.3 Eigendom van de contracten - Rechten De prestaties gevestigd door de inrichtersbijdragen en de ermee overeenstemmende winstdelingen zijn verworven door de aangeslotene. Art. 10.2 Rechten van de aangeslotene die de dienst van de inrichter verlaat vóór de einddatum van de contracten 10.2.1 Procedure In geval van uittreding van een aangeslotene uit het sectorplan, beschikt de inrichter over één jaar om de verzekeringsonderneming hierover te informeren. De verzekeringsonderneming deelt binnen de 30 dagen volgend op deze informatie de volgende gegevens mee aan de inrichter, die de aangeslotene hiervan onmiddellijk in kennis stelt : - het bedrag van de verworven reserves, desgevallend aangevuld tot de bedragen gewaarborgd door het wettelijk minimumrendement; - het bedrag van de verworven prestaties; - de verschillende mogelijkheden inzake aanwending van de verworven reserves, met vermelding voor elke mogelijkheid, of de overlijdensdekking al dan niet behouden blijft en in geval van behoud van de overlijdensdekking, het bedrag en het type ervan. De aangeslotene dient de bestemming van zijn verworven reserves aan de inrichter mee te delen binnen de 30 dagen volgend op de kennisgeving ervan. De inrichter brengt de verzekeringsonderneming op de hoogte binnen de 15 dagen van de beslissing van de aangeslotene. Indien de aangeslotene geen keuze bekend maakt binnen de hierboven vermelde termijnen, worden zijn contracten gereduceerd binnen de bestaande groepsverzekering. De verzekeringsonderneming kan in geen geval aansprakelijk gesteld worden voor de niet-naleving van de procedures en termijnen door de inrichter. 10.2.2 Mogelijkheden geboden aan de aangeslotene De aangeslotene die uittreedt, beschikt, op voorwaarde dat hij de verzekeringsonderneming schriftelijk op de hoogte brengt van zijn beslissing, over de volgende mogelijkheden : - hetzij om de contracten te reduceren in de bestaande verzekeringscombinatie. Een contract reduceren of premievrij maken betekent dat de verzekeringsonderneming er akte van neemt dat de premiebetaling voor het contract stopgezet wordt. Dientengevolge wordt het contractueel kapitaal op einddatum herleid tot de premievrije waarde. De premievrije waarde komt overeen met het bedrag van de reserve op het moment van reductie, opgerent aan de technische rentevoet die van toepassing is op deze reserve. - hetzij om zijn verworven reserves, desgevallend verhoogd tot het bedrag van de wettelijke minimumwaarborg, over te dragen. Bij deze overdracht zal de verzekeringsonderneming geen kosten aanrekenen. De overdracht kan gebeuren naar : - de pensioeninstelling van de nieuwe inrichter met wie hij/zij een arbeidsovereenkomst heeft gesloten, indien hij/zij wordt aangesloten bij de pensioentoezegging van de nieuwe inrichter; - een pensioeninstelling die de totale winst onder de aangeslotenen verdeelt in verhouding tot hun reserves en de kosten beperkt volgens de regels vastgesteld door de Koning; - de onthaalstructuur van de huidige verzekeringsonderneming gekoppeld aan deze groepsverzekering. Indien de aangeslotene opteert voor overdracht van zijn reserves naar de onthaalstructuur, worden zijn reserves toegewezen aan een individueel contract in de verzekeringscombinatie "uitgestelde kapitalen met tegenverzekering van de reserves". Dit contract is onderworpen aan het reglement en de kostenstructuur eigen aan deze onthaalstructuur. Indien er een begunstigde aangeduid is die de begunstiging formeel heeft aanvaard, is diens schriftelijke toestemming vereist opdat de reserves kunnen worden overgedragen. De aangeslotene behoudt te allen tijde de mogelijkheid om de verworven reserves over te dragen. Art. 10.3 Rechten van de aangeslotene die niet meer voldoet aan de aansluitingsvoorwaarden en in dienst blijft van de inrichter Ingeval een aangeslotene niet meer voldoet aan de aansluitingsvoorwaarden, stelt de betrokken werkgever de inrichter binnen de 30 dagen hiervan in kennis. De inrichter beschikt over 30 dagen om de verzekeringsonderneming hierover te informeren. De verzekeringsonderneming deelt binnen de 30 dagen volgend op deze informatie de volgende gegevens mee aan de aangeslotene : - dat er een einde gesteld wordt aan de actieve aansluiting vanaf de eerste dag van de maand die volgt op of samenvalt met het feit dat de aangeslotene niet meer aan de aansluitingsvoorwaarden voldoet en dat de contracten bijgevolg gereduceerd worden. - het feit of de overlijdensdekking al dan niet behouden blijft, het bedrag en het type ervan. De verzekeringsonderneming kan in geen geval aansprakelijk gesteld worden indien de procedures en termijnen door de inrichter niet nageleefd worden. Art. 11.Staking van de stortingen Art. 11.1 Ingebrekestelling van de inrichter en informatie aan de aangeslotenen Bij staking van betaling van de inrichtersbijdragen wordt de inrichter, ten vroegste 30 dagen te rekenen vanaf de vervaldag, per aangetekende brief in gebreke gesteld en wordt er een afschrift van de ingebrekestelling naar elke aangeslotene opgestuurd. Ingeval deze ingebrekestelling, om welke reden ook, niet binnen 3 maanden volgend op de staking van de stortingen naar de inrichter opgestuurd werd, dan wordt elke aangeslotene bij het verstrijken van deze termijn bij gewone brief op de hoogte gebracht van de staking van premiebetaling. De hierboven omschreven procedure wordt echter enkel toegepast na heffing van de onbetaalde inrichtersbijdragen op het financieringsfonds. Art. 11.2 Gevolgen van de staking van de stortingen voor de groepsverzekering of de opzegging ervan Indien de betaling van de inrichtersbijdragen wordt stopgezet, worden de contracten leven en overlijden op de vervaldatum van de eerste onbetaalde premie gereduceerd. Ze blijven onderworpen aan het reglement en delen verder in de winst zoals de andere groepsverzekeringscontracten. De reductie van de contracten gebeurt op basis van de technische grondslagen die gebruikt worden voor de berekening van de premie. De aangeslotene beschikt evenwel over de mogelijkheid om de premies voor de prestaties bij leven en overlijden verder te storten volgens de volgende modaliteiten : - de premies worden toegewezen aan een persoonlijk contract onderworpen aan de algemene voorwaarden van de individuele levensverzekering, maar genieten het tarief van de groepsverzekering ten belope van de prestatieniveaus voordien verzekerd in het raam van de groepsverzekering; - het persoonlijk contract gaat in na kennisgeving ervan aan de aangeslotene door de verzekeringsonderneming; - de voortzetting die aangevraagd wordt binnen de 6 maanden volgend op de stopzetting van de groepsverzekering, geschiedt aan de voorwaarden van de groepsverzekering en zonder medische formaliteiten. Na deze termijn kan de voortzetting afhankelijk worden gesteld van het gunstige resultaat van medische formaliteiten, waarvan de onkosten ten laste worden genomen door de verzekeringsonderneming; - de contracten aangegaan in het raam van de groepsverzekering worden gereduceerd. Art. 12.Invoering, wijziging of opheffing van het pensioenstelsel Art. 12.1 Beslissingsbevoegdheid De beslissing tot invoering, wijziging of opheffing van de groepsverzekering gebeurt verplicht te gebeuren via collectieve arbeidsovereenkomst. Art. 12.2 Wijziging van het pensioenstelsel Elke wijziging van het pensioenstelsel wordt vastgelegd in een bijlage aan de groepsverzekering. De wijziging kan in geen geval een vermindering van de verworven prestaties of van de verworven reserves tot gevolg hebben. De inrichter behoudt zich het recht voor, mits inachtname van de procedures en bepalingen in de wetgeving en reglementering betreffende de aanvullende pensioenen, zijn aandeel in deze groepsverzekering te verminderen en zelfs af te schaffen in de volgende gevallen : - indien de economische en/of sociale omstandigheden de inrichter ertoe zouden verplichten of in geval van grondige wijziging van de sociale zekerheid; - in geval van grondige wijziging van het fiscale stelsel en/of van het wettelijk kader inzake de aanvullende pensioenen die een impact hebben op de groepsverzekering; - in geval van inrichting van een sectoraal pensioenstelsel waarbij de inrichter verplicht is aan te sluiten of waarbij de inrichter vrijwillig toetreedt voor alle of een deel van de aangeslotenen bij deze groepsverzekering, alsook in geval van verhoging van de bijdragen van een sectoraal pensioenstelsel waarbij de inrichter is aangesloten. In geval van stopzetting van de groepsverzekering en de opheffing van de pensioentoezegging is de inrichter ertoe gehouden om de eventuele tekorten aan te zuiveren van de reserves van de individuele bijdrage- en toelagecontracten, om te voldoen aan de bepalingen in verband met het minimumrendement en de verworven reserves. Art. 12.3 Verandering van pensioeninstelling en collectieve overdracht van de afkoopwaarden 12.3.1 Verandering van pensioeninstelling In geval van verandering van pensioeninstelling en van een eventuele overdracht van de reserves, informeert de inrichter voorafgaandelijk de aangeslotenen evenals de bevoegde controleautoriteit. De beslissing tot overdracht dient genomen te worden bij collectieve arbeidsovereenkomst. 12.3.2 Collectieve overdracht van de afkoopwaarden Het geheel van toelagecontracten en desgevallend het financieringsfonds kan worden afgekocht met het doel de afkoopwaarden over te dragen naar een andere gemachtigde verzekeringsonderneming, naar een gemachtigd pensioenfonds of een groepsverzekering gekoppeld aan beleggingsfondsen. In geval van een overdracht van reserves vanuit een tak 21 levensverzekering is het overgedragen bedrag gelijk aan de opgebouwde reserves. De overgedragen reserves bevatten de wiskundige reserves van de winstdeling. In geval van overdracht vanuit een tak 23 levensverzekering, is het overgedragen bedrag gelijk aan de realisatiewaarde van de deelbewijzen van de beleggingsfondsen. De verzekeringsonderneming heeft het recht om aan de inrichter een afkoopvergoeding te vragen als compensatie voor eventuele financiële verliezen en kosten, die voortvloeien uit de vervroegde realisatie van de dekkingswaarden van de overgedragen reserves. De vergoeding mag in geen enkel geval ten laste van de aangeslotene worden gelegd. De berekeningswijze van de afkoopvergoeding verschilt naargelang het over een tak 21 of een tak 23 verzekering gaat. 1. Berekening van de afkoopvergoeding in het geval van een tak 23 verzekering. De afkoopvergoeding is een forfaitair bedrag van 20 000 EUR, dit bedrag wordt geïndexeerd op basis van de evolutie van de index van de consumptieprijzen waarbij het indexcijfer van januari 2019 (108,17) als uitgangsbasis genomen wordt. 2. Berekening van de afkoopvergoeding in het geval van een tak 21 verzekering. Deze vergoeding bestaat enerzijds uit de minwaarden die vastgesteld worden op de onderliggende activa, en anderzijds, uit de transactiekosten verbonden aan de verkoop van deze activa. Voor de berekening van de minwaarden zal de verzekeringsonderneming de huidige waarde bepalen van de over te dragen reserves op basis van volgende twee criteria : - de reserves worden opgesplitst over aandelen, vastrentende effecten, hypothecaire kredieten en vastgoed op basis van de verdeling van de beleggingsportefeuille van de verzekeringsonderneming uitgedrukt in boekwaarde op het einde van de maand die aan de overdracht vooraf gaat; - aandelen en vastrentende effecten worden gewaardeerd aan marktprijs, voor vastgoed en hypothecaire kredieten wordt de laatst gekende waardebepaling gebruikt. De minwaarden die in rekening gebracht worden voor de bepaling van de vergoeding komen overeen met het negatieve verschil tussen de huidige waarde, zoals hierboven bepaald, en de boekwaarde van iedere klasse van activa. Deze minwaarden worden uitgedrukt in een percentage. De transactiekosten worden bepaald rekening houdend met het specifiek karakter van elke klasse van activa. De hierboven vermelde afkoopvergoeding wordt berekend als een percentage dat toegepast wordt op de over te dragen reserve. Dit percentage houdt rekening met het belang van iedere klasse van activa. De totale afkoopvergoeding is gelijk aan de vergoeding zoals hierboven beschreven, verhoogd met een forfaitaire kost van 20 000 EUR, dit laatste bedrag wordt geïndexeerd op basis van de evolutie van de index van de consumptieprijzen waarbij het indexcijfer van januari 2019 (108,17) als uitgangsbasis genomen wordt. Art. 13.Stopzetting van de groepsverzekering De stopzetting van de groepsverzekering betekent niet automatisch het einde van de pensioentoezegging. Wanneer de groepsverzekering stopgezet wordt zonder dat dit gepaard gaat met de beëindiging van de pensioentoezegging, worden de prestaties van de individuele contracten gereduceerd. De inrichter heeft de keuze : - hetzij de gereduceerde contracten bij de verzekeringsonderneming te laten. In dat geval verwittigt de verzekeringsonderneming de aangeslotene van het einde van de groepsverzekering binnen de 3 maanden vanaf de reductie; - hetzij de gereduceerde contracten en, desgevallend, het financieringsfonds over te dragen. In dat geval zijn de bepalingen betreffende de verandering van pensioeninstelling van toepassing. Art. 14.Opheffing van het pensioenstelsel De opheffing van het pensioenstelsel wordt vastgelegd in een bijlage aan de groepsverzekering en de inrichter stopt de premiebetaling. Op het moment van de opheffing worden de verworven rechten berekend volgens de bepalingen van de rubrieken "Bepaling van het minimumrendement " en "Bepaling van de verworven rechten". Indien het vermogen in het financieringsfonds voldoende is om de verworven reserves te financieren, in voorkomend geval aangevuld tot het bedrag van de minimumgarantie, dan worden de nodige reserves op de individuele contracten aangezuiverd. Het eventuele saldo van het financieringsfonds wordt vereffend conform het artikel over de vereffening van het financieringsfonds. Indien het vermogen in het financieringsfonds onvoldoende is om de verworven reserves te financieren, in voorkomend geval aangevuld tot het bedrag van de minimumgarantie, gebeurt de verdeling van dit vermogen voor iedere aangeslotene in verhouding tot het verschil tussen zijn totale verworven reserves, in voorkomend geval aangevuld tot het bedrag van de minimumgarantie, en de reserves van zijn individuele rekeningen en de som, voor alle aangeslotenen, van die verschillen. Art. 15.Verdwijnen van de inrichter Bij het verdwijnen van de inrichter zonder dat de verplichtingen door een andere inrichter worden overgenomen, wordt het pensioenstelsel opgeheven. In dat geval zijn de bepalingen van het artikel over de "Opheffing van het pensioenstelsel" van toepassing. Art. 16.Diverse bepalingen Art. 16.1 Jaarlijkse taks De jaarlijkse taks op de verzekeringscontracten wordt betaald door de inrichter. Deze taks is verschuldigd op de premies die de inrichtersbijdragen bevatten, evenals op de eventuele stortingen door de inrichter in het financieringsfonds. De taks wordt door de verzekeringsonderneming berekend, geïnd, aangegeven en doorgestort aan de Staat. De inrichter brengt de verzekeringsonderneming op de hoogte van elke wijziging die tot gevolg heeft dat de verzekeringsonderneming niet meer gerechtigd is om de taks te innen. Art. 16.2 Fiscale beperking van de globale prestaties die op de einddatum van de contracten kunnen worden gestort Overeenkomstig de artikels 52, 3°, b en 1453 van het Wetboek van de Inkomstenbelastingen zijn de inrichtersbijdragen leven slechts fiscaal aftrekbaar en geven de persoonlijke bijdragen leven slechts recht op een belastingvermindering, in de mate dat het in jaarlijkse renten uitgedrukt totaal bedrag van : - de prestaties leven verzekerd door onderhavig reglement; - het wettelijk rustpensioen; - de andere bovenwettelijke prestaties van dezelfde aard waarop de aangeslotene recht zal hebben, met uitzondering van de toekenningen uit hoofde van individueel en persoonlijk onderschreven levensverzekeringscontracten niet meer bedraagt dan 80 pct. van de laatste normale bruto jaarbezoldiging van de aangeslotene, rekening houdend met een normale duurtijd van beroepsactiviteit. De verzekeringsonderneming kan niet verantwoordelijk worden gesteld voor enig nadelig fiscaal gevolg met betrekking tot de aftrekbaarheid van de inrichtersbijdrage voor de inrichter indien dit rechtstreeks voortvloeit uit onjuiste informatie die door de inrichter of door de aangeslotene aan de verzekeringsonderneming werd verstrekt. Art. 16.3 Kennisgevingen De kennisgevingen aan de inrichter of de aangeslotenen geschieden geldig op het laatste adres van de inrichter meegedeeld aan de verzekeringsonderneming. Elke kennisgeving van een partij aan de andere wordt geacht gedaan te zijn op de datum van afgifte ervan op de post. Art. 16.4 Onbetwistbaarheid Het groepsverzekeringsreglement wordt opgemaakt op grond van de inlichtingen die door de inrichter en de aangeslotene, oprecht en zonder weglating of onjuistheden, werden verstrekt om de verzekeringsonderneming in te lichten over de omvang van de risico's die zij ten laste neemt. Vanaf de inwerkingtreding ziet deze laatste er evenwel van af het contract te betwisten wegens alle te goeder trouw gedane weglatingen of onjuistheden. Enkel bedrog heeft de nietigheid van het reglement tot gevolg. Art. 16.5 Verwijzing naar een wetsbepaling. Elke verwijzing naar een wetsbepaling wordt geacht gedaan te zijn naar de wetgeving in voege. Daaruit volgt dat indien een wetsbepaling door een andere bepaling zou worden vervangen, de nieuwe bepaling als referentie dient te worden genomen, voor zover deze van toepassing is op de beoogde situatie. Art. 16.6 Wijziging van de algemene voorwaarden In geval van wijzigingen inzake de wetgeving en reglementering betreffende de aanvullende pensioenen of de verzekeringswetgeving, kan de verzekeringsonderneming de algemene voorwaarden wijzigingen zonder dat hiervoor een bijlage dient opgemaakt te worden. Art. 16.7 Medische informatie Overeenkomstig de wet van 4 april 2014Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/04/2014 pub. 30/04/2014 numac 2014011239 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet betreffende de verzekeringen sluiten betreffende de verzekeringen verbindt de aangeslotene er zich toe zijn behandelende geneesheer te verzoeken hem elke geneeskundige verklaring te bezorgen die de verzekeringsonderneming noodzakelijk acht voor het sluiten of het uitvoeren van het contract. De behandelende geneesheer is ertoe gehouden die af te geven. De aangeslotene machtigt zijn geneesheer ertoe een verklaring met vermelding van de oorzaak van zijn dood te doen geworden aan de adviserende geneesheer van de verzekeringsonderneming. Art. 16.8 Verval van de waarborg bij economische sancties Voorliggend contract verschaft geen enkele dekking of prestatie voor zover deze dekking, prestatie of onderliggende zaak of activiteit enige toepasselijke wet of reglementering van de Verenigde Naties, de Europese Unie of om het even welke andere wet of reglementering schendt betreffende economische of commerciële sancties. Art. 16.9 Kosten De verzekeringsonderneming behoudt zich het recht voor om bijkomende kosten aan te rekenen wanneer ze verplicht is bijzondere diensten te leveren of uitgaven te verrichten die veroorzaakt zijn door toedoen van de inrichter, de aangeslotenen of van de begunstigden. Art. 16.10 Toepasbare wet - Rechtspraak De geschillen tussen de partijen omtrent de uitvoering van de overeenkomst vallen onder de bevoegdheid van de Belgische rechtbanken. Art. 16.11 Communicatie tussen de inrichter en de verzekeringsonderneming. De inrichter verbindt er zich toe om de webtool die de verzekeringsonderneming ter beschikking stelt, te gebruiken in zijn communicatie met de verzekeringsonderneming. De webtool biedt een beveiligde communicatieomgeving en zorgt voor een optimale bescherming van de overgemaakte gegevens binnen het kader van de Algemene Verordening Gegevensbescherming. Deze webtool omvat een beheerplatform waarop de meest gebruikelijke beheersdaden geïntegreerd zijn, evenals een communicatieplatform waarop de verzekeringsonderneming documenten zoals onder andere pensioenfiches en premieborderellen ter beschikking stelt van de inrichter. Het gebruik van deze webtool maakt integraal deel uit van de overeenkomst waarbij de inrichter de uitvoering van zijn pensioentoezegging aan de verzekeringsonderneming toevertrouwt. Indien de inrichter geen gebruik maakt van de webtool om beheersdaden zoals aansluiting, uittreding of individuele wijziging voor een aangeslotene te melden, zal de verzekeringsonderneming overgaan tot het aanrekenen van de kosten voor het manueel verwerken van deze gegevens. Art. 16.12 Gegevensbescherming De notie "privacywetgeving" slaat op het geheel van wetgeving en reglementering met betrekking tot de verwerking van persoonsgegevens in het kader van deze groepsverzekeringsovereenkomst, inclusief de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) 2016/679 van 27 april 2016 evenals iedere nieuwe Europese wetgeving die van kracht zou worden tijdens de duur van deze overeenkomst. De notie "persoonsgegevens" slaat op alle informatie met betrekking tot een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijke persoon die onderworpen is aan de privacywetgeving. 1. De contracterende partijen zijn akkoord dat, ingeval de inrichter persoonsgegevens overdraagt aan de verzekeringsonderneming met het oog op de uitvoering van de groepsverzekering en deze persoonsgegevens hiertoe door de verzekeringsonderneming worden verwerkt, elke partij handelt als een onafhankelijk verwerkingsverantwoordelijke.2. Zowel de verzekeringsonderneming als de inrichter verklaren de privacywetgeving toe te passen in hun respectieve verwerking van persoonsgegevens van deze groepsverzekering.Als onafhankelijk verwerkingsverantwoordelijke is elke partij verantwoordelijk voor het verstrekken van onder meer de verplichte informatie met betrekking tot de kenmerken van hun respectieve verwerkingsactiviteiten aan de betrokken aangeslotene. 3. Niettegenstaande het voorgaande verbindt de verzekeringsonderneming er zich toe om, in geval van een inbreuk bij de verzekeringsonderneming in verband met de door de inrichter overgedragen persoonsgegevens, de inrichter onverwijld op de hoogte te stellen van het optreden van een dergelijke inbreuk. De kennisgeving bevat : - (
  2. i)een beschrijving van de aard van de inbreuk, inclusief het aantal betrokken aangeslotenen, de soort en het geschatte aantal betrokken gegevens; - (
  3. ii)de naam en contactgegevens van de functionaris voor gegevensbescherming of ander contactpunt waar meer informatie kan worden verkregen; - (iii) een beschrijving van de waarschijnlijke gevolgen van de inbreuk in verband met persoonsgegevens; en - (
  4. iv)een beschrijving van de maatregelen die de verzekeringsonderneming heeft genomen of voorgesteld om de inbreuk aan te pakken, met inbegrip van maatregelen ter beperking van de negatieve gevolgen van de inbreuk. Bescherming van de persoonsgegevens Voorafgaande opmerking Als u de verzekerde bent van de verzekeringsovereenkomst die u gaat onderschrijven, nodigen wij u uit deze nota met uitleg aandachtig te lezen. Als de verzekeringsovereenkomst wordt onderschreven ten gunste van andere personen dan uzelf (bijvoorbeeld de werknemers of bedrijfsleiders van uw onderneming, één of meer derden,... ), blijven de rechten en verplichtingen die deze nota beschrijft volledig van toepassing, behalve voor het akkoord over de verwerking van de persoonsgegevens over de gezondheid. In dat geval kunnen alleen de personen ten gunste van wie de verzekeringsovereenkomst wordt onderschreven hun akkoord geven. Indien wij in het raam van risico-evaluatie of schadebeheer gegevens zouden moeten inzamelen bij deze personen, zullen zij ingelicht worden over ons beleid bij het beheer van persoonsgegevens. Bij de verwerking van gegevens over de gezondheid, zullen wij hun instemming vragen. Allianz Benelux : wie zijn wij? Allianz Benelux is uw verzekeraar of streeft ernaar uw verzekeraar te worden om u te beschermen tegen uiteenlopende risico's en u te vergoeden waar nodig. Om onze rol als verzekeraar goed te kunnen vervullen, hebben wij een aantal persoonlijke gegevens van u nodig. Deze nota legt uit hoe en waarom wij uw persoonlijke gegevens gebruiken. Wij nodigen u uit deze tekst aandachtig te lezen. Waarom gebruiken wij uw persoonlijke gegevens? Wij verzamelen en gebruiken uw persoonlijke gegevens uitsluitend voor : - de evaluatie van het risico dat uw contract verzekert; - het beheer van uw verzekeringspolis of de eventuele schadegevallen die uw contract dekt; - de verplichte verzending van informatie over uw verzekeringssituatie; - het toezicht op de verzekeringsportefeuille van onze onderneming; - de preventie van misbruiken en verzekeringsfraude. Geen enkele wettelijke bepaling verplicht u ertoe ons de persoonlijke gegevens te verstrekken die wij vragen. Maar als u ons die gegevens niet verstrekt, zullen wij uw verzekeringspolis of uw schadegevallen niet kunnen beheren. Voor elke van de hierboven opgesomde doelstellingen worden de gegevens ingezameld en verwerkt : - in overeenstemming met de wetgeving op de bescherming van de persoonsgegevens; - op basis van de wetgeving die geldt voor verzekeringen ofwel met uw instemming. Wij delen deze gegevens met sommige van onze diensten binnen het strikte kader van hun taken. Het gaat om medewerkers van de diensten contractbeheer of schadegevallen, de juridische dienst en compliance (controle van de conformiteit) en de interne audit. Binnen de afgebakende context van de opgesomde doelstellingen en voor zover noodzakelijk, delen wij uw persoonlijke gegevens ook met uw makelaar, onze herverzekeraar, onze auditeurs, deskundigen, juridisch adviseurs en met de Belgische of buitenlandse administraties (pensioenen, Belgische of buitenlandse belastingoverheden in het raam van onze reportingverplichtingen FATCA en CRS, sociale zekerheid, controleoverheden). Om veiligheidsredenen en om uw gegevens op te slaan of onze informaticatoepassingen te beheren, moeten wij uw persoonsgegevens soms overdragen aan een andere gespecialiseerde vennootschap van de Groep Allianz binnen of buiten de Europese Unie. De Groep Allianz heeft voor deze overdrachten zeer strenge regels bepaald die werden goedgekeurd door de overheden voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer en die Allianz Benelux naleeft. Deze regels maken de verbintenis uit die de Groep Allianz en Allianz Benelux zijn aangegaan om de verwerking van uw persoonsgegevens op een correcte manier te beschermen, waar die zich ook bevinden. Welke rechten hebt u op het gebied van uw persoonsgegevens? - het recht van toegang; - het recht die te laten verbeteren indien zij onjuist of onvolledig zijn; - het recht die te laten wissen in bepaalde omstandigheden, bijvoorbeeld wanneer zij niet langer noodzakelijk zijn voor het doel dat werd nagestreefd bij hun inzameling of verwerking; - het recht op beperking van de verwerking in sommige omstandigheden, bijvoorbeeld de beperking van het gebruik van gegevens waarvan u de juistheid betwist in de periode waarin wij die moeten controleren; - het recht een klacht in te dienen bij de bevoegde overheid; - het recht u te verzetten tegen de verwerking; - het recht op overdraagbaarheid van uw persoonsgegevens, meer bepaald het recht om uw persoonsgegevens in een gestructureerde, gangbare en leesbare vorm te verkrijgen of die onmiddellijk aan een andere verwerkingsverantwoordelijke over te dragen; - het recht uitleg te krijgen over geautomatiseerde beslissingen; - het recht om uw instemming met de verwerking van uw gegevens op elk moment in te trekken. Profilering en geautomatiseerde besluitvorming In samenwerking met onze externe partners verzamelen wij gegevens in op sociale netwerken, om profielen te bepalen van prospecten naar wie wij commerciële aanbiedingen versturen en die deze laatsten altijd kunnen weigeren. In overleg met de betrokkenen verzamelen wij soms ook geolocatiegegevens. Wij geven klanten of prospecten soms ook toegang tot premieberekeningsmodules zodat zij prijzen kunnen vergelijken en contact opnemen met een makelaar van hun keuze of met ons, of tot modules om hun financieel profiel af te lijnen en zo te bepalen of onze beleggingsverzekeringen interessant kunnen zijn voor hen en dan eventueel contact op te nemen met een makelaar van hun keuze of met ons. De klanten en de prospecten hebben altijd het recht ons meer uitleg te vragen over de logica van deze modules of profilering. Bewaring van uw persoonsgegevens Wij bewaren uw persoonsgegevens zolang als noodzakelijk voor de hoger aangehaalde doelstellingen of zolang een wet dat eist. De bewaartermijn van contractgegevens of gegevens over schadebeheer eindigt na afloop van de wettelijke verjaringstermijn die volgt op de afsluiting van het laatste schadegeval dat gedekt is door de verzekeringsovereenkomst. De bewaartermijn verschilt dus sterk van verzekering tot verzekering. Vragen, uitoefening van uw rechten en klachten Al uw vragen over de verwerking van uw persoonsgegevens stuurt u ofwel via e-mail naar privacy@allianz.be, ofwel via de post naar : Allianz Benelux nv, Juridische dienst en compliance/Gegevensbescherming, Koning Albert II-laan 32, 1000 Brussel, België. Gelieve ons ook een recto-versokopie van uw identiteitskaart te sturen. Wij antwoorden u persoonlijk. Elke klacht over de verwerking van uw persoonsgegevens kan u naar de bovenstaande post- en e-mailadressen sturen, of naar de Gegevensbeschermingsautoriteit, Drukpersstraat 35, 1000 Brussel, www.privacycommission.be. Specifieke toestemming Verwerking van gegevens over de gezondheid Door uw verzekeringscontract te ondertekenen, stemt u uitdrukkelijk in met de verwerking van de persoonsgegevens over uw gezondheid door de medische dienst van onze maatschappij en door de personen die daartoe gemachtigd zijn, indien de verwerking noodzakelijk is voor het beheer van het contract of een schadegeval. Zonder de toestemming voor de verwerking van gegevens over de gezondheid, kunnen wij uw verzekeringspolis onmogelijk beheren indien het gaat om een lichamelijke waarborg of een schadegeval gezondheid. De personen ten gunste van wie u een verzekering hebt onderschreven, zullen wij inlichten en ook hun akkoord vragen voor de verwerking van hun persoonsgegevens over de gezondheid bij het beheer van risico-evaluatie of van een eventueel schadegeval. Voor meer informatie kan u altijd terecht op de pagina "Bescherming van persoonsgegevens" van onze website "https://allianz.be/nl/prive/bescherming-persoonsgegevens.html". Groepsverzekering Bijzondere voorwaarden Leven-Overlijden Collectieve verzekering Artikel 1.Inrichter en pensioeninstelling De groepsverzekering wordt afgesloten tussen enerzijds, de verzekeringsnemer in de hoedanigheid van inrichter van de pensioentoezegging, en anderzijds, Allianz Benelux n.v. de verzekeraar in de hoedanigheid van pensioeninstelling. De inrichter "Fonds voor bestaanszekerheid voor de stoffering en de houtbewerking" - PC 126 Hof ter Vleestdreef 5 bus 1 1070 Anderlecht Ondernemingsnummer : BE 0426.106.251 Hierna genoemd de inrichter De pensioeninstelling Allianz Benelux n.v. Koning Albert II-laan 32 1000 Brussel Ondernemingsnummer : BE 0403.258.197 Hierna genoemd de verzekeringsonderneming. Art. 2.Doel, datum van uitwerking en duur van de groepsverzekering Art. 2.1 Doel van de groepsverzekering Deze overeenkomst heeft tot doel de tekst van het bestaande groepsverzekeringsreglement te vervangen door een nieuwe versie aangepast aan de verschillende wetswijzigingen aangaande de aanvullende pensioenen sedert de opstart van de groepsverzekering. Het doel van de groepsverzekering is om ten behoeve van de bij artikel 6 omschreven personen, hieronder de "aangeslotenen" genoemd : 1) een pensioenkapitaal te verzekeren dat betaalbaar is aan de aangeslotene zo hij in leven is op de einddatum van de contracten;2) een kapitaal overlijden te verzekeren dat betaalbaar is aan de begunstigden zo de aangeslotene vóór de einddatum van de contracten overlijdt. Art. 2.2 Datum van uitwerking en duur van de groepsverzekering Deze groepsverzekering is gestart op 1 juli 2008 voor een periode van onbepaalde duur. Art. 3.Soort pensioentoezegging De pensioentoezegging is van het type "vaste bijdrage zonder gewaarborgd rendement". De inrichter verbindt er zich toe om periodiek de bijdragen te betalen zoals bepaald in de bijzondere voorwaarden en de collectieve arbeidsovereenkomst ter financiering van de pensioentoezegging. Niettegenstaande de inrichter geen rendement waarborgt op de gestorte bijdragen, blijft hij verantwoordelijk voor de minimum garantie voorzien door de wetgeving en reglementering betreffende de aanvullende pensioenen. De verzekeringsonderneming biedt een gewaarborgd rendement op de premies en de reserves. Deze resultaatsverbintenis dekt mogelijk niet volledig de verbintenissen van de Inrichter die voortvloeien uit de pensioentoezegging. In dat geval dient de inrichter, indien nodig, een bij financiering te doen overeenkomstig de algemene voorwaarden teneinde de wettelijke minimum garantie te voldoen. Om het minimumrendement te berekenen zoals voorzien door de wetgeving en reglementering betreffende de aanvullende pensioenen, is de "horizontale" methode van toepassing. De horizontale methode betekent dat bij wijziging van het wettelijk gewaarborgd rendement, de nieuwe minimum rentevoet van toepassing is op alle nieuwe toekomstige bijdragen; voor de gestorte bijdragen die dateren voor de datum van wijziging blijft het oude gewaarborgd minimumrendement van toepassing tot de pensioenleeftijd. Art. 4.Einddatum van de contracten en hoofdvervaldag Art. 4.1 De pensioenleeftijd De pensioenleeftijd is bepaald op de eerste dag van de maand die volgt op de 65ste verjaardag van de aangeslotene. De einddatum van de contracten valt samen met de pensioenleeftijd. De mogelijkheden tot vervroeging en verderzetting worden bepaald in de algemene voorwaarden met referte "Algemene voorwaarden Leven-Overlijden - Fonds 126 01/01/2019NL". Art. 4.2. Hoofdvervaldag De prestaties en de premies gedefinieerd door onderhavig reglement worden jaarlijks per 1 december opnieuw bepaald. Art. 5.Financieringswijze - beleggingsvorm - wijze van toekenning van intresten - verzekeringscombinatie Art. 5.1 Financieringswijze : Collectief of individueel beheer? De inrichter kiest voor een groepsverzekering onder vorm van individuele kapitalisatie in "tak 21 ". Art. 5.2 Beleggingsvorm De inrichter opteert voor een belegging in "tak 21" voor de individuele contracten en voor het financieringsfonds. Art. 5.3 Wijze van toekenning van de intresten De intresten op de individuele contracten worden toegekend vanaf de vervaldag. De toegekende intrestvoet is die van de groepsverzekeringstarieven, neergelegd bij de bevoegde toezichthoudende overheid. Art. 5.4 Verzekeringscombinatie De prestaties bij pensionering en bij overlijden worden verzekerd door contraeten van het type "Uitgestelde kapitalen met tegenverzekering van de wiskundige reserve" aan te gaan. Deze contracten waarborgen de uitbetaling van een kapitaal indien de aangeslotene in leven is op de einddatum van de contracten (in voorkomend geval, de vervroegde of de uitgestelde einddatum) en de uitbetaling van de reserves aan de begunstigden indien de aangeslotenen overlijdt voor de einddatum van de contracten (in voorkomend geval, de vervroegde of de uitgestelde einddatum). Art. 6.Voorwaarden voor de aansluiting Alle werknemers die behoren tot de personeelscategorie vermeld in de collectieve arbeidsovereenkomst in dienst van een bedrijf waarop het pensioenstelsel van toepassing is, worden in de pensioentoezegging opgenomen vanaf indiensttreding of toetreding tot betrokken personeelscategorie. De aansluiting geschiedt op de eerste dag van de maand waarop de aansluitingsvoorwaarden vervuld worden. De periode van actieve aansluiting eindigt op : - de eerste dag van de maand die volgt op of samenvalt met de uitdiensttreding; - de eerste dag van de maand die volgt op of samenvalt met het ogenblik dat de verzekerde niet meer voldoet aan de aansluitingsvoorwaarden. De actieve aangeslotene blijft pensioenrechten opbouwen tot de datum van pensionering zelfs indien de datum van pensionering na de oorspronkelijke einddatum van de contracten valt. De aansluiting eindigt : - op de datum van de pensionering van de aangeslotene zo hij in leven is op de einddatum van de contracten, de datum van pensionering is de datum waarop de aangeslotene zijn wettelijk pensioen (al dan niet vervroegd) als loontrekkende opneemt; - op de datum van overlijden van de aangeslotene zo de aangeslotene vóór de einddatum van de contracten overlijdt; - op de datum, waarop de aangeslotene die de werkgever heeft verlaten, beslist om zijn verworven reserves over te dragen. Art. 7.Bepaling van de bijdragen Art. 7.1 Refertebezoldiging (B) De refertebezoldiging (B) die in aanmerking wordt genomen voor het bepalen van de premies wordt berekend voor de periode van 1 juli tot 30 juni (referteperiode) op het loon zoals gedefinieerd in de collectieve arbeidsovereenkomst. Deze bezoldiging wordt elk jaar in november of december, volgend op de referteperiode meegedeeld door de inrichter. Art. 7.2 Financiering van de prestaties Voor aangeslotenen in dienst zijn de premies betaalbaar tot de einddatum van de contracten (in voorkomend geval de vervroegde of de uitgestelde einddatum) of tot het overlijden van de aangeslotene zo deze laatste vóór die datum overlijdt. 7.2.1 Bedrag van de jaarpremie ten laste van de inrichter (inrichtersbijdrage) De inrichtersbijdrage ten laste van de inrichter wordt berekend door de inrichter en is gelijk aan het bedrag betaalbaar in uitvoering van de sectorale collectieve arbeidsovereenkomst tot bepaling van de inrichtersbijdragen voor het sociaal sectoraal aanvullend pensioenstelsel zoals deze op elk respectievelijk moment van kracht is. 7.2.2 Bijdragen vanuit de solidariteitstoezegging Overeenkomstig het solidariteitsreglement zullen bijdragen vanuit de solidariteitstoezegging gestort kunnen worden. Deze bijdragen worden net zoals de inrichtersbijdragen op de afzonderlijke individuele rekening voor elke aangeslotene gestort, zijnde de toelagecontracten. Art. 8.Prestaties bij leven van de aangeslotene op de einddatum van de contracten De groepsverzekering waarborgt de storting van een pensioenkapitaal aan de aangeslotene op de einddatum van de contracten (in voorkomend geval op de vervroegde of de uitgestelde einddatum), zo hij op die datum nog in leven is, door op het leven van de aangeslotene verzekeringscontracten van het type "Uitgestelde kapitalen met tegenverzekering van de wiskundige reserve" aan te gaan. De premies die toegewezen worden aan deze contracten zijn deze bepaald in artikel 7.2. Art. 9.Prestaties bij overlijden van de aangeslotene voor de einddatum van de contracten In geval van overlijden van de aangeslotene vóór de einddatum of in voorkomend geval de uitgestelde einddatum waarborgt de groepsverzekering, ten voordele van de begunstigden, de storting van een overlijdenskapitaal waarvan het bedrag wordt vastgesteld op de terugbetaling van de wiskundige reserve, van het basiscontract en het winstdeelnamecontract "Uitgestelde kapitalen met tegenverzekering van de wiskundige reserve", opgebouwd op de eerste dag van de maand van het overlijden van de aangeslotene. Art. 10.Modaliteiten voor de premiebetaling Art. 10.1 Periodieke premies De bijdragen (inrichtersbijdragen en bijdragen uit het solidariteitsluik) worden jaarlijks op 1 december volgend op de referteperiode individueel toegewezen aan afzonderlijke contracten die toelagecontracten genoemd worden. Deze bijdragen worden betaald door de bedragen te heffen op het financieringsfonds. De premies die worden toegewezen aan de financiering van de prestaties, worden jaarlijks als periodieke premies aangewend op de contracten. Een borderel met opgave van de bijdragen, wordt jaarlijks door de verzekeringsonderneming opgesteld en naar de inrichter opgestuurd. Art. 10.2 Enige premies in geval van uittreding of pensionering of overlijden In geval van uittreding van de aangeslotene, of in geval van overlijden of de pensionering, zal op de dag van de uittreding, het overlijden of de datum van opname van het wettelijk pensioen het contract worden aangepast op basis van de regels bepaald in de collectieve arbeidsovereenkomst. Art. 11.Financieringsfonds en vrije reserve Er wordt in het raam van de groepsverzekering een financieringsfonds (referte "BCFF12838") en een vrije reserve (referte "BCFF13284") opgericht. Deze worden door de verzekeringsonderneming beheerd. Art. 11.1 Financiering van het financieringsfonds Aanvullend bij de bepalingen van art 6.1 van de algemene voorwaarden zal het fonds worden gefinancierd door de volgende bedragen : 1. De maandelijkse voorschotten ontvangen van de inrichter;2. De bijdragen die overeenkomstig het solidariteitsreglement vanuit de solidariteitstoezegging gestort worden. Art. 11.2 Financiering van de vrije reserve De vrije reserve wordt gefinancierd door de volgende bedragen : 1. Tot 1 januari 2019 door het deel van de financiële opbrengst gegenereerd door de individuele contracten binnen het gekantonneerd fonds "PC 126" dat volgens de beslissing van het toezichtscomité werd toegewezen aan de vrije reserve.Aangezien het gekantonneerd fonds opgegeven werd in 2019 en de activa werden overgebracht naar de algemene portefeuille van de verzekeringsonderneming, wordt vanaf 2020 de winstdeelname integraal toegekend aan de individuele contracten. 2. De financiële opbrengst gegenereerd door de vrije reserve zelf. Art. 11.3 Bestemming van de vrije reserve De vrije reserves kunnen op basis van een beslissing van het toezichtcomité aangewend worden om bijkomende stortingen op de individuele toelagecontracten uit te voeren bovenop de bijdragen die voorzien zijn in artikel 7.2 en met respect voor alle wettelijke beschikkingen. Daarnaast mag de vrije reserve ook aangesproken worden ter financiering van de eventuele tekorten op de individuele contracten ten gevolge van het wettelijk vereiste minimumrendement. De vrije reserve kan pas aangesproken worden ter financiering van deze tekorten na uitputting van de reserves in het financieringsfonds met referte "BCFF12838". Art. 12.Kostenstructuur De beheerskosten op de premies zijn gelijk aan 1 pct. en zijn ten laste van de inrichter. Er is geen commissie voorzien voor een tussenpersoon. Art. 13.De jaarlijkse taks op de verzekeringspremies In afwijking van artikel 16.1 van de algemene voorwaarden is er geen taks voor zover deze pensioentoezegging een sectorale pensioenstelsel betreft die voldoet aan de voorwaarden opgesomd in artikel 10, § 1 van de WAP. De algemene voorwaarden met referte "Algemene voorwaarden Leven-Overlijden - Fonds 126 01/01/2019NL" maken integraal deel uit van deze overeenkomst. Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 31 augustus 2022. De Minister van Werk, P.-Y. DERMAGNE Annexe 1re à la convention collective de travail du 25 novembre 2021, conclue au sein de la Commission paritaire de l'ameublement et de l'industrie transformatrice du bois, relative à l'instauration d'un régime de pension sectoriel complémentaire Règlement de l'assurance-groupe Conditions générales Vie-décès Assurance collective Article 1er. Définitions 1. Affilié - L'affilié actif est : Le travailleur en service auprès de l'organisateur qui est affilié à l'engagement de pension sous la forme d'une assurance groupe ou d'un engagement individuel de pension et qui constitue des prestations retraite et/ou décès. - L'affilié passif est : - soit l'ancien travailleur qui continue à bénéficier de droits actuels ou différés s'il a préféré, lors de sa sortie, de laisser ses réserves acquises auprès de l'organisme de pension avec ou sans le rajout d'une couverture décès correspondant au montant des réserves acquises; - soit le travailleur dont l'affiliation a pris fin du fait qu'il ne remplit plus les conditions d'affiliation de l'engagement de pension. 2. Age de la pension La date terme mentionnée dans le règlement de l'assurance de groupe ou la convention de pension et utilisée comme date terme pour les contrats individuels de l'affilié lors du calcul des garanties.3. Age de la pension légale Il s'agit de l'âge de la pension conformément à la législation en vigueur en la matière.4. AR Vie Arrêté royal relatif à l'activité d'assurance sur la vie du 14 novembre 2003.5. Assurance de groupe Contrat ou ensemble de contrats d'assurance sur la vie conclus auprès d'une entreprise d'assurances par un ou plusieurs organisateurs au profit de tout ou une partie du personnel.6. Assurance vie de la branche 21 L'assurance vie de la branche 21 est une assurance avec un taux d'intérêt garanti.Le taux d'intérêt est garanti sur les réserves jusqu'à la date terme des contrats individuels. En cas de changement, le nouveau taux d'intérêt est applicable uniquement pour les primes futures. L'entreprise d'assurances tient informé l'organisateur par écrit de chaque modification du taux d'intérêt qui est d'application. En plus du taux d'intérêt garanti, une participation bénéficiaire peut être octroyée par l'entreprise d'assurances en fonction des résultats favorables de sa gestion. 7. Assurance vie de la branche 23 L'assurance vie de la branche 23 est une assurance liée à un fonds d'investissement.Les fonds d'investissements sont décrits dans le règlement de gestion "EB funds". Il n'y a aucune participation bénéficiaire octroyée sur ce type d'assurance vie. 8. Autorité de contrôle compétente Les autorités de contrôles compétentes sont la FSMA (Autorité des Services et Marchés Financiers) et la BNB (Banque nationale de Belgique) chacun en ce qui concerne son autorité.9. Capitalisation collective Régime qui, en assurance de groupe, établit, pour une collectivité d'affiliés, une égalité entre, d'une part, la somme des réserves constituées et des valeurs actuelles des primes futures, et, d'autre part, la somme des valeurs actuelles des prestations.10. Capitalisation individuelle Régime de capitalisation dans lequel les primes, les réserves et les prestations sont, à tout moment, liées entre elles par une relation comportant, par opération et pour chaque affilié, l'utilisation de bases techniques déterminées.11. Cohabitants légaux Personnes vivant ensemble dans le cadre de la "cohabitation légale" telle que réglée aux articles 1475 à 1479 du Code Civil.12. Contrat allocation Dispositions contractuelles régissant, pour un affilié, la partie de l'assurance de groupe alimentée par les contributions de l'organisateur.13. Engagement de type contributions définies Engagement de l'organisateur à payer périodiquement une contribution définie dans le règlement d'assurance de groupe en vue du financement de la pension complémentaire.Le règlement d'assurance de groupe prévoit les règles pour la fixation de cette contribution ainsi que sa périodicité. En cas d'engagement de pension de type contributions définies avec rendement garanti, l'organisateur garantit, outre le paiement des contributions définies, la capitalisation de ces contributions conformément aux règles tarifaires prévues par le règlement de pension ou la convention de pension. En cas d'engagement de pension de type contributions définies sans rendement garanti, l'intégralité du rendement afférent à l'engagement de pension est octroyée au compte individuel de l'affilié. Le règlement d'assurance de groupe ou la convention de pension prévoit la manière dont le rendement est fixé ainsi que les modalités de l'attribution visée à l'alinéa 1er. 14. Engagement de type prestations définies L'organisateur s'engage à constituer une prestation déterminée à l'âge de retraite.Le règlement d'assurance de groupe prévoit les règles pour la fixation de cette prestation ainsi que le moment auquel elle est due. 15. Engagement de type cash balance L'organisateur s'engage à constituer une prestation définie obtenue sur la base de la capitalisation des montants attribués périodiquement aux affiliés.Le règlement d'assurance de groupe ou la convention de pension prévoit les règles pour la détermination de ces montants, les échéances auxquelles ils sont attribués ainsi que le rendement octroyé, utilisé pour la capitalisation. 16. Fonds de financement Réserve collective constituée auprès d'une entreprise d'assurances dans le cadre d'une assurance de groupe déterminée.17. LPC Loi du 28 avril 2003 relative aux pensions complémentaires et au régime fiscal de celles -ci et de certains avantages complémentaires en matière de sécurité sociale (Moniteur belge du 15 mai 2003).18. Mise à la retraite La date effective de la mise à la pension légale (anticipée ou non).19. Prestations acquises Les prestations auxquelles l'affilié peut prétendre, conformément au règlement de pension, si, au moment de son départ, il décide de laisser ses réserves acquises auprès de l'entreprise d'assurances.20. Rachat Opération par laquelle l'affilié reçoit la liquidation immédiate de ses contrats d'assurance de groupe.21. Réduction Diminution de la valeur actuelle des prestations assurées consécutives à la cessation de paiement des primes.Dans ce cas, l'affilié reste assuré pour la valeur de réduction. 22. Règlement d'assurance de groupe Ensemble des dispositions contractuelles fixant les conditions de l'assurance de groupe, ainsi que les droits et obligations des affiliés et de l'organisateur, relatifs à cette assurance.23. Réserves acquises Réserves auxquelles l'affilié a droit, à un moment déterminé, conformément au règlement de pension.24. Réserve mathématique du contrat Réserve constituée auprès de l'entreprise d'assurances par la capitalisation des primes payées, tenant compte des sommes consommées.25. Sortie La sortie d'un affilié est : - soit la cessation du contrat de travail entre l'affilié et son employeur actuel, autre qu'en raison d'un décès ou l'arrivée à terme du contrat pour autant que l'affilié n'ait pas conclu de nouveau contrat de travail avec un autre employeur également soumis à cet engagement de pension, au cours du troisième trimestre suivant le trimestre de fin du premier contrat de travail.Par conséquent, la date de sortie est le premier jour du quatrième trimestre suivant le trimestre de la rupture du contrat de travail; - soit la fin de l'affiliation du fait que le travailleur ne remplit plus les conditions d'affiliation, sans que cela ne coïncide avec la cessation du contrat de travail, autrement que par le décès ou la mise à la retraite; - soit la fin de l'affiliation du fait que l'employeur ou, en cas de transfert du contrat de travail, le nouvel employeur ne relève plus du champ d'application de la convention collective de travail instaurée par le régime de pension sectoriel. 26. Valeur de rachat Valeur théorique de rachat diminuée de l'indemnité de rachat.27. Valeur de réduction La valeur de réduction à un moment donné est la prestation restant assurée en cas de cessation du paiement des primes à ce moment. La réduction des contrats s'effectue en fonction des bases techniques utilisées pour le calcul de la prime. Art. 2.Objet Les présentes conditions générales décrivent les dispositions générales de l'assurance de groupe conclues par l'organisateur auprès de l'entreprise d'assurances en exécution de son engagement de pension. Elles font partie intégrante des conditions particulières du règlement d'assurance de groupe. Art. 3.Type d'engagement de pension L'organisateur conclut l'assurance de groupe en exécution de l'engagement de pension en faveur des affiliés. Les conditions particulières prévoient dans quelle mesure les obligations de l'organisateur sont garanties par une obligation de résultat de l'entreprise d'assurances. Art. 4.Financement et type de fonds d'investissement Art. 4.1 Mode de financement Le type d'engagement de pension octroyé est spécifié dans les conditions particulières. Le mode de financement de l'engagement de pension est décrit dans les conditions particulières. Sauf autre indication dans les conditions particulières, le système de la capitalisation individuelle est appliqué. Toutefois, les avoirs du fonds de financement sont toujours gérés selon le système de la capitalisation collective. 4.1.1 Capitalisation individuelle Dans un régime de capitalisation individuelle, les primes versées par l'organisateur, déduction faite des frais et du coût des risques couverts, alimentent les comptes individuels des affiliés. Les primes peuvent être payées directement par l'organisateur ou prélevées du fonds de financement compte tenu des restrictions imposées à ces prélèvements par les éventuelles insuffisances par rapport au rendement minimum légal. Les primes à charge de l'affilié sont toujours gérées sous forme de la capitalisation individuelle. 4.1.2 Capitalisation collective Dans un régime de capitalisation collective, les prestations prévues par le règlement de pension sont financées par des dotations dans le fonds de financement. Les modalités pour le calcul de ces dotations sont spécifiées dans les conditions particulières de l'assurance de groupe ou dans une convention de financement séparée. Art. 4.2 Modes de placement Le montant investi pour le financement de la prestation en cas de vie est le montant des primes ou des dotations déduction faite des frais et du coût des risques couverts. Sauf autre indication dans les conditions particulières, les avoirs des comptes individuels et des dotations dans le fonds de financement, ainsi que les primes destinées à la garantie décès, sont investis en branche 21. 4.2.1 Branche 21 L'entreprise d'assurances octroie un intérêt sur le montant investi. Le mode d'octroi d'intérêt est prévu par les conditions particulières. Le taux d'intérêt est garanti sur les réserves et les primes jusqu'à la date terme des contrats individuels. En cas de changement, le nouveau taux d'intérêt n'est applicable que sur l'augmentation des primes futures. 4.2.2 Branche 23 Les fonds d'investissement sont constitués d'un ensemble d'unités. La quotité des montants nets investis dans chacun des fonds d'investissement est définie dans les conditions particulières ou dans la convention de financement. Chaque quotité sert à l'achat d'unités du fonds d'investissement correspondant. Les caractéristiques et les règles de valorisation des fonds d'investissement sont décrites dans le règlement de gestion des fonds. Ce règlement de gestion forme une annexe aux conditions générales de l'assurance de groupe et est tenu à la disposition des affiliés. Les actifs de chaque fonds restent la propriété de l'entreprise d'assurances qui les gère. Les unités des fonds d'investissement ne sont pas négociables et ne peuvent être directement cédées à des tiers. L'entreprise d'assurances peut décider de regrouper ainsi que de diviser plusieurs unités. Les conditions particulières ou la convention de financement déterminent dans quel fonds les primes et les dotations sont investies. L'entreprise d'assurances se réserve la possibilité de liquider ou de regrouper des fonds. En cas de liquidation ou de regroupement de fonds, l'organisateur ou l'entreprise a droit au transfert interne des réserves, sans que l'entreprise d'assurances ne réclame aucune indemnité. La date valeur prise en considération pour déterminer les unités lors de la liquidation, ou le cas échéant, lors d'un transfert de réserve, est le jour qui suit le deuxième jour ouvrable qui suit la date à laquelle l'entreprise d'assurances est informée de la date de la mise à la retraite, ou de la date de la demande du transfert de réserves. La date valeur qui est prise en compte pour la détermination de la valeur des unités en cas de décès est le jour qui suit le deuxième jour ouvrable après la date de réception de la déclaration du décès par l'entreprise d'assurances. Art. 4.3 Modalités et périodicité des primes et dotations Les modalités du calcul des primes et des dotations, ainsi que la périodicité sont définies par les conditions particulières ou par la convention de financement. Les primes ou dotations anticipatives sont payables au premier jour de la période et les primes ou dotations à terme échu au dernier jour de la période. Art. 5.Participation bénéficiaire Annuellement, l'entreprise d'assurances dépose un plan de participation bénéficiaire auprès de l'autorité de contrôle compétente. Le plan de participation bénéficiaire est tenu à la disposition du public au siège de l'entreprise d'assurances. Les contrats individuels conclus dans le cadre de l'assurance de groupe bénéficient d'une participation bénéficiaire en fonction du mode de placement choisi, et ce conformément au plan de participation bénéficiaire. La participation bénéficiaire "vie" est exprimée en un pourcentage qui est appliqué sur la valeur de rachat théorique et capitalisée au taux d'intérêt et dans la combinaison d'assurance des contrats individuels. La participation bénéficiaire "décès" est exprimée en un pourcentage qui est appliqué sur le capital décès assuré qui en est, dès lors, augmenté. Aucune participation bénéficiaire décès n'est accordée sur les contrats d'assurances de type "capitaux différés avec remboursement des réserves". Art. 6.Fonds de financement Un fonds de financement est créé dans le cadre de l'assurance de groupe. Ce fonds est géré par l'entreprise d'assurances. Art. 6.1 Alimentation du fonds - Les capitaux décès non attribués à défaut d'autres bénéficiaires désignés, et les réserves des contrats allocation dans le cas où l'affilié ne peut faire valoir de droits acquis; - Les versements des montants qui servent à l'apurement des déficits de financement sur les contrats individuels; - Des versements effectués par l'organisateur en prévision de charges futures. Ces versements sont déterminés selon une convention de financement; - Chaque versement qui lui est attribué en vertu de l'assurance de groupe, ou de la législation et règlementation relatives aux pensions complémentaires; - Les rendements financiers générés par le fonds lui-même. Art. 6.2 Rendement octroyé au fonds de financement - Les conditions particulières prévoient si les avoirs du fonds de financement bénéficient d'un taux d'intérêt garanti (branche 21) ou s'ils sont investis dans des fonds d'investissement liés à une assurance vie (branche 23). - Si les avoirs du fonds de financement bénéficient d'un taux d'intérêt garanti, celui-ci est déterminé chaque année conformément au plan de participation bénéficiaire établi par l'entreprise d'assurances. Art. 6.3 Fonctionnement du fonds de financement 6.3.1 Fonctionnement du fonds de financement lié à la branche 21 La capitalisation d'une dotation prend cours à la date valeur reprise à l'extrait de compte mentionnant le paiement de la dotation à l'entreprise d'assurances. Tous les autres montants versés en vertu de l'assurance de groupe sont capitalisés dès la date de l'événement qui justifie le versement au fonds de financement. Les prélèvements sont effectués conformément aux dispositions spécifiques de la convention de financement et/ou de l'assurance de groupe, tenant compte des limites en vertu de la législation et réglementation relatives aux pensions complémentaires. Le fonds de financement est débité à la date valeur des prélèvements. Les prélèvements ne peuvent se faire que dans les limites de l'avoir du fonds de financement. Si l'avoir du fonds est insuffisant, le prélèvement n'est effectué qu'après le paiement du complément nécessaire par l'organisateur à l'entreprise d'assurances. 6.3.2 Fonctionnement du fonds de financement lié à la branche 23 Pour les dotations, le prix d'achat est égal à la valeur d'inventaire de l'unité au jour de la réception par l'entreprise d'assurances, de l'extrait de compte mentionnant le paiement de la dotation. Pour les autres versements, c'est le premier jour ouvrable suivant la réception par l'entreprise d'assurances des documents justifiant le versement au fonds de financement. Les prélèvements sont effectués conformément aux dispositions spécifiques de la convention de financement et/ou de l'assurance de groupe, tenant compte des limites en vertu de la législation et réglementation relatives aux pensions complémentaires. Les prélèvements diminuent l'avoir du fonds de financement au jour auquel ils sont effectués. C'est-à-dire au premier jour ouvrable qui coïncide ou qui suit le jour déterminé par l'assurance de groupe ou la convention de financement. A défaut les prélèvements sont effectués le jour ouvrable qui suit le jour de la réception, par l'entreprise d'assurances, de la demande écrite de l'organisateur. Les prélèvements du fonds de financement diminuent le nombre d'unités détenues dans les fonds d'investissement. Les quotités prélevées dans chaque fonds d'investissement sont définies dans la convention de financement. Le calcul du nombre d'unités correspondant à chaque prélèvement se fait à la valeur d'inventaire de l'unité du jour du prélèvement. Les prélèvements ne peuvent se faire que dans les limites de l'avoir du fonds de financement. Si l'avoir du fonds de financement est insuffisant le prélèvement n'est effectué qu'après le paiement du complément nécessaire par l'organisateur. Un relevé détaillé des mouvements d'unités de chaque fonds d'investissement est transmis périodiquement à l'organisateur. Art. 6.4 Destination du fonds Des prélèvements peuvent être effectués dans le fonds de financement : En cas d'engagement de pension financé par la capitalisation individuelle : - à l'apurement des déficits de financement sur les contrats individuels tels que décrits dans l'article 10.1.1, dernier paragraphe et dans l'article 10.1.2, dernier paragraphe; - à l'affectation aux contrats allocation pour autant que la réserve minimale mentionnée à l'article 7.1.2 ne soit pas entamée; - à l'affectation aux contrats allocation et, le cas échéant, aux contrats cotisation en cas de cessation de paiement de prime conformément aux dispositions de l'article 11.1. En cas d'engagement de pension financé par la capitalisation collective : - au paiement des prestations prévues par l'assurance de groupe en cas de vie de l'affilié à la date terme (le cas échéant, la date terme anticipée ou différée), ou en cas de son décès aux bénéficiaires; - au paiement des transferts de réserves de l'affilié qui quitte le service de l'organisateur. Art. 6.5 Liquidation du fonds Les actifs du fonds de financement ne peuvent pas être réintégrés dans le patrimoine de l'organisateur. En cas d'abrogation définitive de l'engagement de pension ou de disparition de l'organisateur pour quelque raison que ce soit, sans reprise des obligations par un tiers, les actifs qui ne sont plus nécessaires à la gestion de l'engagement de pension sont attribués aux affiliés proportionnellement à leurs réserves acquises, majorées le cas échéant à concurrence des montants garantis en application de la garantie minimale. Par dérogation au paragraphe précédent, ces actifs peuvent être affectés en tout ou en partie à une autre destination sociale par convention collective de travail. Les actifs qui ne sont plus nécessaires à la gestion de l'engagement de pension sont les actifs qui restent dans le fonds de financement après l'apurement des primes impayées et les déficits sur les réserves des contrats individuels, à l'exception des montants qui doivent rester dans le fonds de financement en vertu de la règlementation applicable en matière de contrôle prudentiel. Art. 7.Mise à jour des contrats Art. 7.1 Mise à jour annuelle 7.1.1 Calcul annuel des primes et prestations Les primes et prestations sont calculées lors de l'affiliation. Elles sont recalculées annuellement, à l'échéance principale de l'assurance de groupe. A cet effet, l'entreprise d'assurances transmet à l'organisateur la liste des membres de personnel affiliés à l'assurance de groupe. L'organisateur renvoie cette liste complétée des nouvelles rémunérations et des données nécessaires à la détermination du type et/ou du niveau des prestations (état civil, composition de famille, régime de travail,...). 7.1.2 Calcul annuel du déficit de financement Le montant des déficits de réserves sur les contrats individuels (cfr. article 10.1) est calculé annuellement par l'entreprise d'assurances. L'organisateur a l'obligation légale de financer ces déficits de manière collective. Par conséquent, les réserves du fonds de financement doivent, durant l'année qui suit la mise à jour annuelle, être au moins égales au montant des déficits tel que mentionné ci-avant. Cette réserve minimale qui doit être détenue dans le fonds de financement ne peut être diminuée durant l'année d'assurance que par les montants prélevés du fonds de financement en application de l'article 10.1.1, dernier paragraphe et de l'article 10.1.2, dernier paragraphe. S'il s'avère, lors de la mise à jour annuelle, que les réserves du fonds de financement sont inférieures à la réserve minimale requise, l'organisateur, à la demande de l'entreprise d'assurances, apurera immédiatement le montant manquant. Art. 7.2 Prorogation après la date terme des contrats Aussi longtemps que l'affilié n'a pas pris sa pension légale, il reste affilié à l'assurance de groupe. Le cas échéant, la date terme initiale des contrats d'assurance de groupe pour les prestations

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.