← België

Ministerieel besluit houdende wijziging van het ministerieel besluit van 28 oktober 2020 houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het cor

Kort samengevat

Dit ministerieel besluit wijzigt het eerdere besluit van 28 oktober 2020 met dringende maatregelen om de verspreiding van COVID-19 te beperken, en voegt het officiële advies van de Raad van State toe. Het introduceert versoepelingen van de coronamaatregelen die op 9 juni 2021 in werking treden.

Wat het regelt

Wie het aanbelangt

Kernpunten

📄 Wettekst
FEDERALE OVERHEIDSDIENST BINNENLANDSE ZAKEN 4 JUNI 2021. - Ministerieel besluit houdende wijziging van het ministerieel besluit van 28 oktober 2020Relevante gevonden documenten type ministerieel besluit prom. 28/10/2020 pub. 28/10/2020 numac 2020010455 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Ministerieel besluit houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken type ministerieel besluit prom. 28/10/2020 pub. 03/11/2020 numac 2020015932 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Ministerieel besluit houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken. - Duitse vertaling sluiten houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken. - Addendum In het Belgisch Staatsblad nr. 156, tweede editie, van vrijdag 4 juni 2021, bladzijde 56940, wordt het officiële advies van de Raad van State toegevoegd. RAAD VAN STATE afdeling Wetgeving Advies 69.444/VR van 31 mei 2021 over een ontwerp van ministerieel besluit `houdende wijziging van het ministerieel besluit van 28 oktober 2020Relevante gevonden documenten type ministerieel besluit prom. 28/10/2020 pub. 28/10/2020 numac 2020010455 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Ministerieel besluit houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken type ministerieel besluit prom. 28/10/2020 pub. 03/11/2020 numac 2020015932 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Ministerieel besluit houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken. - Duitse vertaling sluiten houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken' Op 26 mei 2021 is de Raad van State, afdeling Wetgeving, door de Minister van Binnenlandse Zaken, Institutionele Hervormingen en Democratische Vernieuwing verzocht binnen een termijn van vijf werkdagen verlengd tot acht werkdagen(*)* een advies te verstrekken over een ontwerp van ministerieel besluit `houdende wijziging van het ministerieel besluit van 28 oktober 2020Relevante gevonden documenten type ministerieel besluit prom. 28/10/2020 pub. 28/10/2020 numac 2020010455 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Ministerieel besluit houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken type ministerieel besluit prom. 28/10/2020 pub. 03/11/2020 numac 2020015932 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Ministerieel besluit houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken. - Duitse vertaling sluiten houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken'. Het ontwerp is door de verenigde kamers onderzocht op 31 mei 2021. De verenigde kamers waren samengesteld uit Pierre VANDERNOOT, kamervoorzitter, voorzitter, en Wilfried VAN VAERENBERGH, kamervoorzitter, Jeroen VAN NIEUWENHOVE, Koen MUYLLE, Patrick RONVAUX en Christine HOREVOETS, staatsraden, Jan VELAERS, Sébastien VAN DROOGHENBROECK, Christian BEHRENDT en Johan PUT, assessoren, en Annemie GOOSSENS en Béatrice DRAPIER, griffiers. Het verslag is opgesteld door Xavier DELGRANGE, eerste auditeur-afdelingshoofd, Jonas RIEMSLAGH, auditeur, Cedric JENART en Anne Stéphanie RENSON, adjunct-auditeurs, en uitgebracht door Jonas RIEMSLAGH, auditeur, Cedric JENART en Anne Stéphanie RENSON, adjunct auditeurs. De overeenstemming tussen de Franse en de Nederlandse tekst van het advies is nagezien onder toezicht van Pierre VANDERNOOT en Jeroen VAN NIEUWENHOVE. Het advies, waarvan de tekst hierna volgt, is gegeven op 31 mei 2021. Overeenkomstig artikel 84, § 3, eerste lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, heeft de afdeling Wetgeving zich moeten beperken tot het onderzoek van de bevoegdheid van de steller van de handeling, van de rechtsgrond, alsmede van de vraag of aan de te vervullen vormvereisten is voldaan. I. STREKKING VAN HET ONTWERP 1. Het voor advies voorgelegde ontwerp van ministerieel besluit strekt tot wijziging van het ministerieel besluit van 28 oktober 2020Relevante gevonden documenten type ministerieel besluit prom. 28/10/2020 pub. 28/10/2020 numac 2020010455 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Ministerieel besluit houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken type ministerieel besluit prom. 28/10/2020 pub. 03/11/2020 numac 2020015932 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Ministerieel besluit houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken. - Duitse vertaling sluiten `houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken'. Het te nemen besluit treedt in werking op 9 juni 2021. In de nota aan de Ministerraad van 25 mei 2021 wordt de strekking van het ontwerp als volgt uiteengezet: "Op hoofdlijnen treden de volgende maatregelen vanaf 9 juni 2021 in werking, onder de specifieke en uitdrukkelijke voorwaarden zoals bepaald in het ministerieel besluit: - de inrichtingen die behoren tot de culturele, feestelijke, sportieve, recreatieve en evenementensector kunnen openen. De discotheken en dancings blijven echter gesloten voor het publiek, behalve voor wat betreft de organisatie van de activiteiten die toegelaten zijn overeenkomstig het ministerieel besluit; - evenementen, culturele en andere voorstellingen, sportieve wedstrijden en trainingen en congressen kunnen worden bijgewoond door een publiek, met dien verstande dat buiten meer personen toegelaten zijn dan binnen; - samenscholingen op de openbare weg en in de openbare ruimte overdag zijn toegelaten voor een maximum van 10 personen (waarbij men binnen groepen van 4 geen afstand moet bewaren), behoudens de voorziene uitzonderingen; samenscholingen tussen 0.00 uur en 5.00 worden uitgebreid van 3 naar 4 personen, teneinde een helder en duidelijk geheel van regels te verkrijgen; in de private ruimte zijn samenscholingen toegelaten tot 50 personen, behoudens de voorziene uitzonderingen; - burgerlijke huwelijken, begrafenissen en crematies, individuele en collectieve uitoefening van de eredienst en individuele en collectieve uitoefening van de niet-confessionele morele dienstverlening en van activiteiten binnen een filosofisch-levensbeschouwelijke vereniging, en het individueel of collectief bezoek aan een gebouw voor de eredienst of een gebouw voor niet-confessionele morele dienstverlening is toegelaten met een hoger aantal aanwezigen, met dien verstande dat buiten meer personen toegelaten zijn dan binnen; - indoor horeca wordt toegelaten tot 22u00, outdoor horeca mag open blijven tot 23u30; het verbod op de verkoop van alcoholische dranken tussen 22u00 en 05u00 wordt opgeheven. Indoor horeca mag slechts open blijven tot 22u00 aangezien de kans op verspreiding van het virus binnen groter is dan buiten. Bij een receptie of banket, in het kader van een professioneel uitgeoefende horeca-activiteit is een maximum van 50 klanten toegestaan, tenzij het een open terras betreft. Recepties en banketten mogen ook thuis worden georganiseerd voor een maximum van 50 personen, op voorwaarde dat deze buiten doorgaan en uiterlijk om 23u30 eindigen. Indien professionele horeca-activiteiten worden uitgeoefend dienen de horeca-regels te worden nageleefd, behalve bij dienstverlening aan huis. In de andere gevallen wordt de naleving van de horeca-regels uiterst sterk aanbevolen. - jaarmarkten, kermissen, braderijen en niet-professionele brocante- en rommelmarkten kunnen voortaan opnieuw plaatsvinden; - de mogelijkheden voor het deelnemen aan activiteiten in georganiseerd verband worden uitgebreid op 9 juni en 25 juni 2021; - professionele sportieve wedstrijden en professionele sporttrainingen kunnen plaatsvinden zonder beperking van het aantal deelnemers; een maximum aantal personen mag deelnemen aan niet-professionele sportieve wedstrijden en niet-professionele sporttrainingen (met dien verstande dat buiten meer personen toegelaten zijn dan binnen); niet-professionele sportieve wedstrijden van gevechtsporten zijn verboden, in zoverre er fysieke contacten plaatsvinden tussen de deelnemers; - ondernemingen en verenigingen die goederen of diensten aanbieden aan consumenten mogen groepen van in principe maximum twee personen ontvangen; - huis- aan-huis- en leurdersactiviteiten worden toegelaten, zo ook dienstverlening aan huis en dienstverlening waarbij de afstand van 1,5 meter tussen de dienstverlener en de consument niet kan worden gegarandeerd; - handelsbeurzen, met inbegrip van salons, zijn toegelaten; - een huishouden mag maximaal vier personen tegelijk binnen in huis of in een toeristisch logies ontvangen; - een maximum aantal deelnemers mag zowel statische als dynamische betogingen bijwonen die plaatsvinden op de openbare weg; - ondernemingen, verenigingen en diensten mogen beperkte terugkeermomenten inplannen voor de personen werkzaam in de onderneming voor wie telethuiswerk verplicht is. Aangezien de opvolging van de zorgwekkende varianten van essentieel belang is bij de bestrijding van de pandemie, is de uitzondering om te beschikken over een negatief testresultaat en de verplichting om het PLF-formulier in te vullen en te ondertekenen voor de reizigers waarvan de reis geen gebruik van een vervoerder inhoudt en waarvan het verblijf in België of het voorafgaand verblijf in het buitenland niet langer heeft geduurd dan 48 uur, niet van toepassing op de personen die zich op enig moment tijdens de 14 dagen voor hun aankomst in België op het grondgebied van Brazilië, Zuid-Afrika of India hebben bevonden." II. ONT.V.A.NKELIJKHEID 2. Volgens artikel 84, § 1, eerste lid, 3°, van de wetten `op de Raad van State', gecoördineerd op 12 januari 1973, moeten in de adviesaanvraag de redenen worden opgegeven tot staving van het spoedeisende karakter ervan. De spoedeisendheid wordt in de adviesaanvraag als volgt gemotiveerd: "Het verzoek om spoedbehandeling wordt gemotiveerd door de noodzakelijkheid om maatregelen te overwegen die gegrond zijn op epidemiologische resultaten die van dag op dag evolueren en waarvan de laatste de maatregelen hebben gerechtvaardigd die werden beslist tijdens het Overlegcomité dat is bijeengekomen op 11 mei 2021 en die werden goedgekeurd op de Ministerraad van 25 mei 2021. Het is zodoende dringend om op korte termijn bepaalde maatregelen te nemen en anderen aan te passen. De eerste reeks versoepelingen zal in werking treden op 9 juni 2021. Opdat de sectoren zich zouden kunnen voorbereiden, dient het ministerieel besluit evenwel een voldoende aantal dagen voordien officieel te worden gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad. Vanuit die optiek zou ik u graag verzoeken om ons het advies te bezorgen in de loop van woensdag 2 juni 2021." Die motivering kan worden aanvaard, zoals ook het geval was in advies 69.253/AV van 23 april 2021(1) en in advies 69.305/AV van 6 mei 2021.(2) Volgens artikel 84, § 1, tweede lid, van de wetten op de Raad van State moet de motivering voor de spoedeisendheid die in de adviesaanvraag voorkomt, woordelijk worden overgenomen in de aanhef. In het achtste lid van de aanhef wordt evenwel slechts het eerste gedeelte overgenomen van de motivering die in de adviesaanvraag is opgenomen. Bijgevolg stemt de motivering die in de aanhef van het ontwerp wordt weergegeven, niet overeen met de motivering in de adviesaanvraag, wat moet worden verholpen. III. VOORAFGAANDE OPMERKING 3. De afdeling Wetgeving wordt voor de derde keer geraadpleegd over een aanpassing van een aantal bestaande maatregelen ter bestrijding van het coronavirus, vervat in het ministerieel besluit van 28 oktober 2020Relevante gevonden documenten type ministerieel besluit prom. 28/10/2020 pub. 28/10/2020 numac 2020010455 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Ministerieel besluit houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken type ministerieel besluit prom. 28/10/2020 pub. 03/11/2020 numac 2020015932 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Ministerieel besluit houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken. - Duitse vertaling sluiten `houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken'. Om de redenen die reeds werden uiteengezet in de adviezen 69.253/AV en 69.305/AV is het door de Raad van State gevoerde onderzoek beperkt tot de actueel voorliggende wijzigingen aan het ministerieel besluit van 28 oktober 2020Relevante gevonden documenten type ministerieel besluit prom. 28/10/2020 pub. 28/10/2020 numac 2020010455 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Ministerieel besluit houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken type ministerieel besluit prom. 28/10/2020 pub. 03/11/2020 numac 2020015932 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Ministerieel besluit houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken. - Duitse vertaling sluiten.(3) Het spreekt, mede gelet op de zeer beperkte adviestermijn, hoe dan ook vanzelf dat het feit dat geen opmerking wordt gemaakt over de ene of de andere bepaling van het ontwerp, niet betekent dat deze bepalingen niet vatbaar zijn voor kritiek of voor verbetering. Het stilzwijgen van de afdeling Wetgeving over die bepalingen kan niet worden aangegrepen om het ontwerpbesluit op de ene of de andere manier uit te leggen. IV. RECHTSGROND 4. Luidens de aanhef van het ontwerp wordt rechtsgrond gezocht in: - artikel 4 van de wet van 31 december 1963 `betreffende de civiele bescherming'; - de artikelen 11 en 42 van de wet van 5 augustus 1992Relevante gevonden documenten type wet prom. 05/08/1992 pub. 21/10/1999 numac 1999015203 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en internationale samenwerking Wet houdende instemming met het Protocol houdende wijziging van artikel 81 van het Verdrag tot instelling van de Benelux Economische Unie van 3 februari 1958, opgemaakt te Brussel op 16 februari 1990 sluiten `op het politieambt'; - de artikelen 181, 182 en 187 van de wet van 15 mei 2007Relevante gevonden documenten type wet prom. 15/05/2007 pub. 31/07/2007 numac 2007000663 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de civiele veiligheid type wet prom. 15/05/2007 pub. 25/06/2008 numac 2008000526 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de civiele veiligheid type wet prom. 15/05/2007 pub. 11/04/2008 numac 2007023069 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet houdende instemming met het samenwerkingsakkoord tussen de Federale Overheid, het Vlaamse Gewest, het Waalse Gewest en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest inzake de uitvoering van sommige bepalingen van het Protocol van Kyoto, afgesloten te Brussel, op 19 februari 2007 type wet prom. 15/05/2007 pub. 06/07/2007 numac 2007023065 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Wet betreffende de vergoeding van schade als gevolg van gezondheidszorg type wet prom. 15/05/2007 pub. 18/07/2007 numac 2007011344 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet betreffende de bestraffing van namaak en piraterij van intellectuele eigendomsrechten type wet prom. 15/05/2007 pub. 15/06/2007 numac 2007000560 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet op de Algemene Inspectie en houdende diverse bepalingen betreffende de rechtspositie van sommige leden van de politiediensten type wet prom. 15/05/2007 pub. 17/07/2007 numac 2007011335 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet tot vaststelling van een juridisch kader voor sommige verleners van vertrouwensdiensten type wet prom. 15/05/2007 pub. 08/06/2007 numac 2007000543 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van de wet van 15 april 1994 betreffende de bescherming van de bevolking en van het leefmilieu tegen de uit ioniserende stralingen voortspruitende gevaren en betreffende het Federaal Agentschap voor Nucleaire Controle sluiten `betreffende de civiele veiligheid'. Het gaat om dezelfde rechtsgronden als die waarnaar verwezen wordt in de aanhef van het ministerieel besluit van 28 oktober 2020Relevante gevonden documenten type ministerieel besluit prom. 28/10/2020 pub. 28/10/2020 numac 2020010455 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Ministerieel besluit houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken type ministerieel besluit prom. 28/10/2020 pub. 03/11/2020 numac 2020015932 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Ministerieel besluit houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken. - Duitse vertaling sluiten zelf, alsook in de verschillende ministeriële besluiten tot wijziging van dat besluit, waaronder het ministerieel besluit van 24 april 2021Relevante gevonden documenten type ministerieel besluit prom. 24/04/2021 pub. 25/04/2021 numac 2021031172 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Ministerieel besluit houdende wijziging van het ministerieel besluit van 28 oktober 2020 houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken type ministerieel besluit prom. 24/04/2021 pub. 21/05/2021 numac 2021031495 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Ministerieel besluit houdende wijziging van het ministerieel besluit van 28 oktober 2020 houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken. - Addendum sluiten waarover de afdeling Wetgeving advies 69.253/AV heeft uitgebracht en het ministerieel besluit van 7 mei 2021Relevante gevonden documenten type ministerieel besluit prom. 07/05/2021 pub. 07/05/2021 numac 2021031513 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Ministerieel besluit houdende wijziging van het ministerieel besluit van 28 oktober 2020 houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken type ministerieel besluit prom. 07/05/2021 pub. 14/05/2021 numac 2021041415 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Ministerieel besluit houdende wijziging van het ministerieel besluit van 28 oktober 2020 houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken. - Duitse vertaling type ministerieel besluit prom. 07/05/2021 pub. 02/06/2021 numac 2021031562 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Addendum sluiten waarover advies 69.305/AV is uitgebracht. Zoals ook in de adviezen 69.253/AV en 69.305/AV werd opgemerkt,(4) valt de vraag in welke mate delegaties door de wetgever aan de minister mogelijk zijn, in beginsel buiten het onderzoek van onderhavige adviesaanvraag. Daarover zijn weliswaar prejudiciële vragen gesteld aan het Grondwettelijk Hof.(5) Zolang het Hof zich daarover niet heeft uitgesproken en desgevallend een ongrondwettigheid heeft vastgesteld, wordt in beginsel uitgegaan van de bepalingen die de wetgever tot stand heeft gebracht, al moeten die uiteraard nog worden geïnterpreteerd. 5. Gevraagd om voor elk onderdeel van het ontwerp de wettelijke grondslag aan te duiden, bezorgden de gemachtigden geen overzicht per artikel, maar werd enkel in algemene bewoordingen verwezen naar alle in de aanhef vermelde bepalingen: "De genomen maatregelen zijn politiemaatregelen in de zin van de wet van 5 augustus 1992Relevante gevonden documenten type wet prom. 05/08/1992 pub. 21/10/1999 numac 1999015203 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en internationale samenwerking Wet houdende instemming met het Protocol houdende wijziging van artikel 81 van het Verdrag tot instelling van de Benelux Economische Unie van 3 februari 1958, opgemaakt te Brussel op 16 februari 1990 sluiten op het politieambt, maatregelen in de zin van artikel 4 van de wet van 31 december 1963 betreffende de civiele bescherming en maatregelen in de zin van de artikelen 181 en 182 van de wet van 15 mei 2007Relevante gevonden documenten type wet prom. 15/05/2007 pub. 31/07/2007 numac 2007000663 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de civiele veiligheid type wet prom. 15/05/2007 pub. 25/06/2008 numac 2008000526 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de civiele veiligheid type wet prom. 15/05/2007 pub. 11/04/2008 numac 2007023069 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet houdende instemming met het samenwerkingsakkoord tussen de Federale Overheid, het Vlaamse Gewest, het Waalse Gewest en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest inzake de uitvoering van sommige bepalingen van het Protocol van Kyoto, afgesloten te Brussel, op 19 februari 2007 type wet prom. 15/05/2007 pub. 06/07/2007 numac 2007023065 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Wet betreffende de vergoeding van schade als gevolg van gezondheidszorg type wet prom. 15/05/2007 pub. 18/07/2007 numac 2007011344 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet betreffende de bestraffing van namaak en piraterij van intellectuele eigendomsrechten type wet prom. 15/05/2007 pub. 15/06/2007 numac 2007000560 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet op de Algemene Inspectie en houdende diverse bepalingen betreffende de rechtspositie van sommige leden van de politiediensten type wet prom. 15/05/2007 pub. 17/07/2007 numac 2007011335 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet tot vaststelling van een juridisch kader voor sommige verleners van vertrouwensdiensten type wet prom. 15/05/2007 pub. 08/06/2007 numac 2007000543 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van de wet van 15 april 1994 betreffende de bescherming van de bevolking en van het leefmilieu tegen de uit ioniserende stralingen voortspruitende gevaren en betreffende het Federaal Agentschap voor Nucleaire Controle sluiten betreffende de civiele veiligheid." 6. Met betrekking tot de rechtsgrond heeft de Raad van State in de adviezen 69.253/AV en 69.305/AV onder meer gewezen op: - het belang van het onderscheid tussen de verschillende aangehaalde rechtsgrondbepalingen, met name wat betreft de wettelijke grondslag voor de sanctie in geval van overtreding van de betrokken maatregel;(6) - de "controverse zowel in de doctrine als in de rechtspraak, wat oorzaak is van enige rechtsonzekerheid" met betrekking tot "het bestaan, in die verschillende teksten, van een toereikende rechtsgrond voor het vaststellen, bij ministeriële besluiten, van de huidige maatregelen in de strijd tegen de COVID-19 pandemie";(7) - het gegeven dat in die context de minister bevoegd voor Binnenlandse Zaken het initiatief heeft genomen om een ontwerp van "pandemiewet"(8) tot stand te brengen, dat ertoe strekt een duidelijk en coherent juridisch kader te voorzien teneinde in de toekomst beter om te kunnen gaan met "epidemische noodsituaties", in de zin zoals gedefinieerd in dat wetsontwerp.(9) In het licht van onder meer die elementen heeft de Raad van State in de voormelde adviezen het volgende opgemerkt: "Uit wat voorafgaat en uit de bestaande rechtsgronden die de minister bevoegd voor Binnenlandse Zaken uitdrukkelijk de bevoegdheid verlenen om ter zake op te treden, lijkt te kunnen worden afgeleid, uiteraard onder voorbehoud van een eventuele grondwettigheidstoetsing van de delegatie aan de minister die het Grondwettelijk Hof dienaangaande zou moeten uitvoeren[...] en onder voorbehoud van een finaal oordeel door de afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State of door het Hof van Cassatie over de draagwijdte van de rechtsgrond van het ministerieel besluit van 28 oktober 2020Relevante gevonden documenten type ministerieel besluit prom. 28/10/2020 pub. 28/10/2020 numac 2020010455 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Ministerieel besluit houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken type ministerieel besluit prom. 28/10/2020 pub. 03/11/2020 numac 2020015932 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Ministerieel besluit houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken. - Duitse vertaling sluiten, dat de tussenkomst van de minister bevoegd voor Binnenlandse zaken in het kader van de coronapandemie in beginsel aanvaard mag worden op basis hetzij van de ene of de andere vermelde rechtsgrond, hetzij een combinatie van deze verschillende rechtsgronden, onder meer telkens de genomen maatregel kan gekwalificeerd worden als een plaats- of verplaatsingsverbod, waarbij het mits naleving van een of meerdere voorwaarden of modaliteiten alsnog toegelaten is zich op een bepaalde plaats te bevinden of zich naar een bepaalde plaats te begeven."(10) Wat betreft de wettelijke grondslag voor de sanctie in geval van overtreding van de betrokken maatregel werd in advies 69.305/AV het volgende uiteengezet: "Er moet worden vastgesteld dat artikel 26 van het te wijzigen ministerieel besluit van 28 oktober 2020Relevante gevonden documenten type ministerieel besluit prom. 28/10/2020 pub. 28/10/2020 numac 2020010455 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Ministerieel besluit houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken type ministerieel besluit prom. 28/10/2020 pub. 03/11/2020 numac 2020015932 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Ministerieel besluit houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken. - Duitse vertaling sluiten als volgt luidt: `Inbreuken op de bepalingen van de volgende artikelen worden beteugeld met de straffen bepaald door artikel 187 van de wet van 15 mei 2007Relevante gevonden documenten type wet prom. 15/05/2007 pub. 31/07/2007 numac 2007000663 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de civiele veiligheid type wet prom. 15/05/2007 pub. 25/06/2008 numac 2008000526 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de civiele veiligheid type wet prom. 15/05/2007 pub. 11/04/2008 numac 2007023069 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet houdende instemming met het samenwerkingsakkoord tussen de Federale Overheid, het Vlaamse Gewest, het Waalse Gewest en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest inzake de uitvoering van sommige bepalingen van het Protocol van Kyoto, afgesloten te Brussel, op 19 februari 2007 type wet prom. 15/05/2007 pub. 06/07/2007 numac 2007023065 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Wet betreffende de vergoeding van schade als gevolg van gezondheidszorg type wet prom. 15/05/2007 pub. 18/07/2007 numac 2007011344 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet betreffende de bestraffing van namaak en piraterij van intellectuele eigendomsrechten type wet prom. 15/05/2007 pub. 15/06/2007 numac 2007000560 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet op de Algemene Inspectie en houdende diverse bepalingen betreffende de rechtspositie van sommige leden van de politiediensten type wet prom. 15/05/2007 pub. 17/07/2007 numac 2007011335 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet tot vaststelling van een juridisch kader voor sommige verleners van vertrouwensdiensten type wet prom. 15/05/2007 pub. 08/06/2007 numac 2007000543 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van de wet van 15 april 1994 betreffende de bescherming van de bevolking en van het leefmilieu tegen de uit ioniserende stralingen voortspruitende gevaren en betreffende het Federaal Agentschap voor Nucleaire Controle sluiten betreffende de civiele veiligheid: - artikelen 5 tot en met 11, met uitzondering van de bepalingen die betrekking hebben op de relatie tussen de werkgever en de werknemer; - artikel 13, met uitzondering van de bepalingen die betrekking hebben op de relatie tussen de werkgever en de werknemer, en op de verplichtingen van de bevoegde gemeentelijke overheid; - artikelen 14, 15, 15bis, 19, 21 en 25.' De in het eerste lid van artikel 187 van de wet van 15 mei 2007Relevante gevonden documenten type wet prom. 15/05/2007 pub. 31/07/2007 numac 2007000663 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de civiele veiligheid type wet prom. 15/05/2007 pub. 25/06/2008 numac 2008000526 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de civiele veiligheid type wet prom. 15/05/2007 pub. 11/04/2008 numac 2007023069 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet houdende instemming met het samenwerkingsakkoord tussen de Federale Overheid, het Vlaamse Gewest, het Waalse Gewest en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest inzake de uitvoering van sommige bepalingen van het Protocol van Kyoto, afgesloten te Brussel, op 19 februari 2007 type wet prom. 15/05/2007 pub. 06/07/2007 numac 2007023065 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Wet betreffende de vergoeding van schade als gevolg van gezondheidszorg type wet prom. 15/05/2007 pub. 18/07/2007 numac 2007011344 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet betreffende de bestraffing van namaak en piraterij van intellectuele eigendomsrechten type wet prom. 15/05/2007 pub. 15/06/2007 numac 2007000560 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet op de Algemene Inspectie en houdende diverse bepalingen betreffende de rechtspositie van sommige leden van de politiediensten type wet prom. 15/05/2007 pub. 17/07/2007 numac 2007011335 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet tot vaststelling van een juridisch kader voor sommige verleners van vertrouwensdiensten type wet prom. 15/05/2007 pub. 08/06/2007 numac 2007000543 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van de wet van 15 april 1994 betreffende de bescherming van de bevolking en van het leefmilieu tegen de uit ioniserende stralingen voortspruitende gevaren en betreffende het Federaal Agentschap voor Nucleaire Controle sluiten voorziene sanctie geldt in geval van `[w]eigering of verzuim zich te gedragen naar de maatregelen die met toepassing van artikelen 181, § 1, en 182 zijn bevolen'. Aangezien het niet aan de minister toekomt om het toepassingsgebied van die bepaling uit te breiden of te beperken, lijkt de minister zelf van oordeel te zijn dat de onderdelen van het ministerieel besluit van 28 oktober 2020Relevante gevonden documenten type ministerieel besluit prom. 28/10/2020 pub. 28/10/2020 numac 2020010455 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Ministerieel besluit houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken type ministerieel besluit prom. 28/10/2020 pub. 03/11/2020 numac 2020015932 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Ministerieel besluit houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken. - Duitse vertaling sluiten die in het geciteerde artikel 26 worden opgesomd rechtsgrond vinden in (onder meer) artikel 182 van de wet van 15 mei 2007Relevante gevonden documenten type wet prom. 15/05/2007 pub. 31/07/2007 numac 2007000663 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de civiele veiligheid type wet prom. 15/05/2007 pub. 25/06/2008 numac 2008000526 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de civiele veiligheid type wet prom. 15/05/2007 pub. 11/04/2008 numac 2007023069 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet houdende instemming met het samenwerkingsakkoord tussen de Federale Overheid, het Vlaamse Gewest, het Waalse Gewest en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest inzake de uitvoering van sommige bepalingen van het Protocol van Kyoto, afgesloten te Brussel, op 19 februari 2007 type wet prom. 15/05/2007 pub. 06/07/2007 numac 2007023065 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Wet betreffende de vergoeding van schade als gevolg van gezondheidszorg type wet prom. 15/05/2007 pub. 18/07/2007 numac 2007011344 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet betreffende de bestraffing van namaak en piraterij van intellectuele eigendomsrechten type wet prom. 15/05/2007 pub. 15/06/2007 numac 2007000560 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet op de Algemene Inspectie en houdende diverse bepalingen betreffende de rechtspositie van sommige leden van de politiediensten type wet prom. 15/05/2007 pub. 17/07/2007 numac 2007011335 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet tot vaststelling van een juridisch kader voor sommige verleners van vertrouwensdiensten type wet prom. 15/05/2007 pub. 08/06/2007 numac 2007000543 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van de wet van 15 april 1994 betreffende de bescherming van de bevolking en van het leefmilieu tegen de uit ioniserende stralingen voortspruitende gevaren en betreffende het Federaal Agentschap voor Nucleaire Controle sluiten(11), terwijl de onderdelen die buiten die opsomming vallen geen rechtsgrond kunnen vinden in die wetsbepaling. Hieromtrent ondervraagd verklaarden de gemachtigden het volgende: `De bepalingen die niet worden gesanctioneerd via artikel 26, vinden hun rechtsgrond in artikel 11 van de wet op het politieambt. Deze bepalingen zijn bovendien vaak gelinkt aan andere wetgeving waarvan de naleving door andere instanties wordt gecontroleerd (zoals wetgeving in verband met welzijn op het werk) of die verwijzen naar andere instanties van de Federale, regionale of lokale overheid. Overigens is de naleving van sommige bepalingen die niet werden hernomen in artikel 26, zeer moeilijk controleerbaar en dus ook weinig sanctioneerbaar op het terrein. Een duiding: - artikel 5 tot en met 11 betreffen de voorwaarden waaronder bepaalde handelszaken mogen openen, goederen en diensten kunnen worden geleverd en dergelijke meer. Bij niet naleving van deze regels zal een sanctie conform art. 26 volgen; - art. 12 betreft een bepaling ten aanzien van de lokale overheid, die niet gesanctioneerd kan worden conform art. 26; - artikel 13, met uitzondering van de bepalingen die betrekking hebben op de relatie tussen de werkgever en de werknemer, en op de verplichtingen van de bevoegde gemeentelijke overheid; - artikelen 14, 15, 15bis betreffen verplichtingen in hoofde van de burger, die gesanctioneerd worden conform art. 26; - artikel 16 betreft een bepaling bestemd voor de lokale overheid; - artikel 18 bepaalt de modaliteiten waaronder een evenement zoals bepaald in artikel 15 kan worden georganiseerd. Een overtreding van artikel 18 kan op zich niet gesanctioneerd worden, indien artikel 18 niet wordt gerespecteerd zal dit leiden tot een overtreding van artikel 15'." (12) 7. Onder voorbehoud van de zo even aangehaalde elementen en van hetgeen hierna wordt opgemerkt, kan worden aangenomen dat de in het ontwerp vervatte wijzigingen van het ministerieel besluit van 28 oktober 2020Relevante gevonden documenten type ministerieel besluit prom. 28/10/2020 pub. 28/10/2020 numac 2020010455 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Ministerieel besluit houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken type ministerieel besluit prom. 28/10/2020 pub. 03/11/2020 numac 2020015932 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Ministerieel besluit houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken. - Duitse vertaling sluiten geacht kunnen worden rechtsgrond te vinden in de wetsbepalingen die worden aangehaald in het eerste tot derde lid van de aanhef van het ontwerp.Zij kunnen immers worden beschouwd als een regeling waarbij de betrokkenen worden verplicht "zich te verwijderen van plaatsen of streken" of waarbij "iedere verplaatsing of elk verkeer van de bevolking" wordt verboden, waarbij in vele gevallen aan zo'n plaats- of verplaatsingsverbod verscheidene voorwaarden worden gekoppeld. Er moet dan ook niet worden onderzocht of de ontworpen bepalingen rechtsgrond vinden in andere bepalingen. 8.1. Het ontworpen artikel 6, § 2, eerste lid, 1°, van het ministerieel besluit van 28 oktober 2020Relevante gevonden documenten type ministerieel besluit prom. 28/10/2020 pub. 28/10/2020 numac 2020010455 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Ministerieel besluit houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken type ministerieel besluit prom. 28/10/2020 pub. 03/11/2020 numac 2020015932 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Ministerieel besluit houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken. - Duitse vertaling sluiten (artikel 3 van het ontwerp) legt als voorwaarde voor het professioneel uitoefenen van horeca activiteiten, behoudens in geval van dienstverlening aan huis, onder meer op dat aan de personeelsleden "een passende opleiding" moet worden verstrekt. Het ontworpen artikel 8, § 1, eerste lid, 1°, (artikel 5 van het ontwerp) en het ontworpen artikel 15, § 4, vijfde lid, 1°, (artikel 11 van het ontwerp) bevatten een gelijkaardige regeling. Dezelfde ontworpen bepalingen voorzien ook in de verplichting om klanten, bezoekers, aanwezigen, personeelsleden en derden "tijdig en duidelijk zichtbaar over de geldende preventiemaatregelen [te informeren]". Een dergelijke verplichting kan nog worden beschouwd als een voorwaarde met betrekking tot een plaats- of verplaatsingsverbod in de zin van artikel 182 van de wet van 15 mei 2007Relevante gevonden documenten type wet prom. 15/05/2007 pub. 31/07/2007 numac 2007000663 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de civiele veiligheid type wet prom. 15/05/2007 pub. 25/06/2008 numac 2008000526 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de civiele veiligheid type wet prom. 15/05/2007 pub. 11/04/2008 numac 2007023069 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet houdende instemming met het samenwerkingsakkoord tussen de Federale Overheid, het Vlaamse Gewest, het Waalse Gewest en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest inzake de uitvoering van sommige bepalingen van het Protocol van Kyoto, afgesloten te Brussel, op 19 februari 2007 type wet prom. 15/05/2007 pub. 06/07/2007 numac 2007023065 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Wet betreffende de vergoeding van schade als gevolg van gezondheidszorg type wet prom. 15/05/2007 pub. 18/07/2007 numac 2007011344 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet betreffende de bestraffing van namaak en piraterij van intellectuele eigendomsrechten type wet prom. 15/05/2007 pub. 15/06/2007 numac 2007000560 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet op de Algemene Inspectie en houdende diverse bepalingen betreffende de rechtspositie van sommige leden van de politiediensten type wet prom. 15/05/2007 pub. 17/07/2007 numac 2007011335 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet tot vaststelling van een juridisch kader voor sommige verleners van vertrouwensdiensten type wet prom. 15/05/2007 pub. 08/06/2007 numac 2007000543 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van de wet van 15 april 1994 betreffende de bescherming van de bevolking en van het leefmilieu tegen de uit ioniserende stralingen voortspruitende gevaren en betreffende het Federaal Agentschap voor Nucleaire Controle sluiten `betreffende de civiele veiligheid'. De verplichting in hoofde van de betrokken inrichtingen, uitbaters en organisatoren om hun personeelsleden een passende opleiding te verstrekken, reikt evenwel verder en vertoont een onvoldoende verband met de concrete handeling of activiteit die wordt gereglementeerd met het oog op de beperking van de verspreiding van het coronavirus en heeft als dusdanig geen rechtstreekse impact op de civiele veiligheid. Het gegeven dat de verstrekte opleiding een gunstig effect kan hebben op het naleven van de overige voorwaarden, zoals door de gemachtigden is verklaard, doet geen afbreuk aan die vaststelling. De ontworpen bepalingen kunnen ook niet worden beschouwd als een sanitaire politiemaatregel, zodat ook niet kan worden gesteund op artikel 4 van de wet van 31 december 1963 `betreffende de civiele bescherming' en artikel 11 van de wet van 15 augustus 1992 `op het politieambt'. Evenmin gaat het om een opvorderingsmaatregel als bedoeld in artikel 181 van de wet van 15 mei 2007Relevante gevonden documenten type wet prom. 15/05/2007 pub. 31/07/2007 numac 2007000663 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de civiele veiligheid type wet prom. 15/05/2007 pub. 25/06/2008 numac 2008000526 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de civiele veiligheid type wet prom. 15/05/2007 pub. 11/04/2008 numac 2007023069 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet houdende instemming met het samenwerkingsakkoord tussen de Federale Overheid, het Vlaamse Gewest, het Waalse Gewest en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest inzake de uitvoering van sommige bepalingen van het Protocol van Kyoto, afgesloten te Brussel, op 19 februari 2007 type wet prom. 15/05/2007 pub. 06/07/2007 numac 2007023065 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Wet betreffende de vergoeding van schade als gevolg van gezondheidszorg type wet prom. 15/05/2007 pub. 18/07/2007 numac 2007011344 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet betreffende de bestraffing van namaak en piraterij van intellectuele eigendomsrechten type wet prom. 15/05/2007 pub. 15/06/2007 numac 2007000560 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet op de Algemene Inspectie en houdende diverse bepalingen betreffende de rechtspositie van sommige leden van de politiediensten type wet prom. 15/05/2007 pub. 17/07/2007 numac 2007011335 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet tot vaststelling van een juridisch kader voor sommige verleners van vertrouwensdiensten type wet prom. 15/05/2007 pub. 08/06/2007 numac 2007000543 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van de wet van 15 april 1994 betreffende de bescherming van de bevolking en van het leefmilieu tegen de uit ioniserende stralingen voortspruitende gevaren en betreffende het Federaal Agentschap voor Nucleaire Controle sluiten. 8.2. In zoverre de ontworpen bepalingen beschouwd kunnen worden als verplichtingen in hoofde van werkgevers met het oog op het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk, zou ervoor rechtsgrond kunnen worden gevonden in de artikelen 4, 5 en 6 van de wet van 4 augustus 1996Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/08/1996 pub. 24/07/1997 numac 1996015142 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende goedkeuring van de Overeenkomst tussen het Koninkrijk België en de Arabische Republiek Egypte tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting inzake belastingen naar het inkomen, ondertekend te Kaïro op 3 januari 1991 type wet prom. 04/08/1996 pub. 08/06/2005 numac 2005015073 bron federale overheidsdienst buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende instemming met de Overeenkomst tussen het Koninkrijk België en de Republiek Gabon tot het vermijden van dubbele belasting en tot het voorkomen van het ontgaan van belasting inzake belastingen naar het inkomen en naar het vermogen, ondertekend te Brussel op 14 januari 1993 type wet prom. 04/08/1996 pub. 21/10/1999 numac 1999015088 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en internationale samenwerking Wet houdende instemming met het Protocol tussen de regering van het Koninkrijk België en de regering van de Franse Republiek betreffende het kraamgeld, ondertekend te Brussel op 26 april 1993 sluiten `betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk', maar aangezien die wetsbepalingen ter zake enkel delegaties aan de Koning bevatten, zouden in dat geval de voornoemde bepalingen inzake de opleiding van personeelsleden enkel doorgang kunnen vinden indien ze worden opgenomen in een koninklijk besluit.(13) Bovendien rijst de vraag of die wetsbepalingen in alle gevallen wel volstaan als rechtsgrond, nu in het ontworpen artikel 15, § 4, vijfde lid, 1°, van het ministerieel besluit van 28 oktober 2020Relevante gevonden documenten type ministerieel besluit prom. 28/10/2020 pub. 28/10/2020 numac 2020010455 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Ministerieel besluit houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken type ministerieel besluit prom. 28/10/2020 pub. 03/11/2020 numac 2020015932 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Ministerieel besluit houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken. - Duitse vertaling sluiten (artikel 11 van het ontwerp) gewag wordt gemaakt van de term "personeelsleden" in een context waar niet noodzakelijk een arbeidsrechtelijke verhouding voorligt, zoals bij religieuze ceremonies en bij sportieve activiteiten. Indien voor dergelijke situaties geen pertinente rechtsgrondbepalingen voorhanden zijn - hetgeen de Raad van State binnen de beperkte tijd waarover hij beschikt niet zelf kan nagaan - kunnen die bepalingen geen doorgang vinden in zoverre ze op die situaties betrekking hebben. 9. Artikel 15, 2°, 4° en 5°, van het voorliggende ontwerp strekt tot wijziging van de verplichtingen in verband met het Passenger Locator Form (PLF) die in artikel 21 van het ministerieel besluit van 28 oktober 2020Relevante gevonden documenten type ministerieel besluit prom. 28/10/2020 pub. 28/10/2020 numac 2020010455 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Ministerieel besluit houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken type ministerieel besluit prom. 28/10/2020 pub. 03/11/2020 numac 2020015932 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Ministerieel besluit houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken. - Duitse vertaling sluiten worden vermeld. Dat artikel 21 voert een verwerking van persoonsgegevens in waarbij het legaliteitsbeginsel dat uit artikel 22 van de Grondwet voortvloeit, in acht moet worden genomen. Over de draagwijdte van dat beginsel heeft de algemene vergadering van de afdeling Wetgeving onlangs in advies 68.936/AV van 7 april 2021 het volgende opgemerkt: "Krachtens artikel 22 van de Grondwet geldt voor elke verwerking van persoonsgegevens en, meer in het algemeen, voor elke schending van het recht op het privéleven, dat het formeel legaliteitsbeginsel(14) dient te worden nageleefd. Doordat artikel 22 van de Grondwet aan de bevoegde wetgever de bevoegdheid voorbehoudt om vast te stellen in welke gevallen en onder welke voorwaarden afbreuk kan worden gedaan aan het recht op eerbiediging van het privéleven, waarborgt het aan elke burger dat geen enkele inmenging in dat recht kan plaatsvinden dan krachtens regels die zijn aangenomen door een democratisch verkozen beraadslagende vergadering. Een delegatie aan een andere macht is evenwel niet in strijd met het wettelijkheidsbeginsel voor zover de machtiging voldoende nauwkeurig is omschreven en betrekking heeft op de tenuitvoerlegging van maatregelen waarvan de `essentiële elementen' voorafgaandelijk door de wetgever vastgesteld zijn.(15) Bijgevolg moeten de `essentiële elementen' van de verwerking van persoonsgegevens in de wet zelf worden vastgelegd. In dat verband is de afdeling Wetgeving van oordeel dat ongeacht de aard van de betrokken aangelegenheid, de volgende elementen in beginsel `essentiële elementen'" uitmaken: 1° ) de categorie van verwerkte gegevens; 2° ) de categorie van betrokken personen; 3° ) de met de verwerking nagestreefde doelstelling; 4° ) de categorie van personen die toegang hebben tot de verwerkte gegevens; en 5° ) de maximumtermijn voor het bewaren van de gegevens."(16) In advies 68.978/VR van 16 maart 2021 had de afdeling Wetgeving er al op gewezen dat wat de gegevensverwerking in het kader van het Passenger Locator Form betrof het aldus omschreven legaliteitsbeginsel niet helemaal in acht was genomen. In dat advies staat het volgende te lezen: "Die leemte zou dus moeten worden aangevuld door, naargelang van de keuze van de federale overheid, ofwel in de wet ofwel in het samenwerkingsakkoord waaraan instemming wordt verleend, duidelijk alle categorieën van gegevens te preciseren die met het PLF worden verzameld en die in de PLF-gegevensdatabank worden verwerkt".(17) Artikel 7, vijfde lid, van het samenwerkingsakkoord van 24 maart 2021 tussen de Federale Staat, de Vlaamse Gemeenschap, het Waals Gewest, de Duitstalige Gemeenschap en de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie `betreffende de gegevensoverdracht van noodzakelijke gegevens naar de gefedereerde entiteiten, de lokale overheden of politiediensten met als doel het handhaven van de verplichte quarantaine of testing van de reizigers komende van buitenlandse zones bij wie een quarantaine of testing verplicht is bij aankomst in België' luidt als volgt: "De gegevensbank PLF in zijn geheel vindt zijn wettelijke grondslag in het artikel 23 van de International Health Regulations (IHR) van de WGO". Artikel 23 van de Internationale Gezondheidsregeling van de Wereldgezondheidsorganisatie luidt als volgt: "Art. 23.1. Met inachtneming van toepasselijke internationale overeenkomsten en relevante artikelen van deze Regeling kan een Staat die Partij is ten behoeve van de volksgezondheid bij aankomst of vertrek het volgende verlangen: a) ten aanzien van reizigers: i) informatie betreffende de bestemming van de reiziger zodat met hem of haar contact kan worden opgenomen; ii) informatie betreffende de reisroute van de reiziger teneinde vast te stellen of deze in of in de nabijheid van een getroffen gebied heeft gereisd of mogelijk andere contacten met een infectie- of besmettingsbron heeft gehad voorafgaande aan de aankomst, alsmede controle van de gezondheidsdocumenten van de reiziger indien deze ingevolge deze Regeling vereist zijn; en/of iii) een niet-invasief medisch onderzoek dat het minst belastende onderzoek is waarmee de volksgezondheidsdoelstelling zou worden verwezenlijkt; b) inspectie van bagage, vracht, containers, vervoermiddelen, goederen, postpakketten en stoffelijke resten.2. Op basis van bewijs voor het bestaan van een volksgezondheidsrisico dat is vergaard door middel van de in het eerste lid van dit artikel voorziene maatregelen, of via andere middelen, kunnen Staten die Partij zijn aanvullende gezondheidsmaatregelen toepassen, in overeenstemming met deze Regeling, in het bijzonder, met betrekking tot een verdachte of getroffen reiziger, van geval tot geval bezien, het minst belastende en invasieve medisch onderzoek waarmee de volksgezondheidsdoelstelling van het voorkomen van de internationale verspreiding van ziekte zou worden verwezenlijkt.3. Reizigers worden niet onderworpen aan een medisch onderzoek, vaccinatie, profylaxe of gezondheid[s]maatregel ingevolge deze Regeling zonder hun voorafgaande uitdrukkelijke geïnformeerde toestemming of die van hun ouders of voogden, behalve als voorzien in artikel 31, tweede lid, en in overeenstemming met de wetgeving en internationale verplichtingen van de Staat die Partij is.4. Reizigers die uit hoofde van deze Regeling dienen te worden ingeënt of een profylaxe dienen te ontvangen, dan wel hun ouders of voogden, worden in kennis gesteld van de risico's die met vaccinatie of niet-vaccinatie en met het al dan niet gebruiken van de profylaxe samenhangen in overeenstemming met de wetgeving en internationale verplichtingen van de Staat die Partij is.Staten die Partij zijn, stellen artsen van deze vereisten op de hoogte in overeenstemming met de wetgeving van de Staat die Partij is. 5. Medische onderzoeken, medische procedures, vaccinatie of andere profylaxe die het risico van verspreiding van ziekte met zich meebrengen worden uitsluitend uitgevoerd op of toegediend aan een reiziger in overeenstemming met vastgestelde nationale of internationale veiligheidsrichtlijnen en -normen teneinde een dergelijk risico tot een minimum te beperken". Weliswaar maakt die internationaalrechtelijke bepaling het inderdaad mogelijk dat Staten een regeling vaststellen zoals die betreffende het PLF, maar ze kan, zolang er niet bij wet instemming aan is verleend, uiteraard niet worden beschouwd als een internrechtelijke regel die rechtsgrond biedt voor een ministerieel besluit.(18) De afdeling Wetgeving kan dus alleen maar de conclusie uit haar eerdere adviezen herhalen,(19) namelijk dat er momenteel geen wetskrachtige regel bestaat die bepaalt welke gegevens via het PLF moeten worden meegedeeld en in het kader van de PLF-gegevensbank worden verwerkt, dit in tegenstelling tot wat het legaliteitsbeginsel, voortvloeiend uit artikel 22 van de Grondwet, voorschrijft. Uit het voorgaande volgt dus dat de verwerkingen van persoonsgegevens, die het voorliggende ontwerp beoogt te wijzigen, geen rechtsgrond hebben. Tenzij alsnog in een rechtsgrond wordt voorzien, moeten die maatregelen (en hun wijziging) bijgevolg worden weggelaten. V. BEVOEGDHEID 10. De afdeling Wetgeving heeft onlangs het volgende opgemerkt in het voornoemde advies 68.936/AV: "De bevoegdheid tot bestrijding van een epidemische noodsituatie is geen bevoegdheid die als zodanig exclusief aan één overheid - de federale, de gemeenschaps- of de gewestelijke - is toegewezen. Zoals de Raad van State, afdeling Wetgeving reeds eerder(20) en ook nog tijdens de huidige COVID-19-pandemie in herinnering heeft gebracht(21), is `elke overheid verantwoordelijk voor de bestrijding van een volksgezondheidscrisis binnen de grenzen van haar eigen materiële bevoegdheden.'(22) (...) In de strijd tegen een epidemische noodsituatie kan de federale overheid maatregelen nemen in het kader van haar bevoegdheden inzake: - het gezondheidsbeleid; - de handhaving van de openbare orde, meer bepaald de handhaving van de gezondheid in het openbaar (sanitaire politie); - de civiele bescherming en civiele veiligheid; - de controle van de buitengrenzen; - sanitaire maatregelen in het kader van andere federale bevoegdheden".(23) In casu vallen de meeste versoepelingsmaatregelen van het voorliggende ontwerp binnen de werkingssfeer van de federale bevoegdheden inzake gezondheidspolitie, civiele bescherming en/of civiele veiligheid. In dat verband heeft de algemene vergadering van de afdeling Wetgeving in hetzelfde advies 68.936/AV het volgende gesteld: "32. Op grond van haar ruime bevoegdheid inzake sanitaire politie, civiele bescherming en de civiele veiligheid heeft de federale overheid in het verleden maatregelen uitgevaardigd die een ingrijpende weerslag hebben op beleidsdomeinen die tot de bevoegdheid van de gemeenschappen en/of de gewesten behoren. Zo heeft de federale overheid, in het verleden, in de strijd tegen een epidemische noodsituatie maatregelen genomen zoals het sluiten van onderwijsinstellingen, het verbieden van culturele evenementen of het slechts openhouden van de scholen of het slechts toestaan van de culturele evenementen onder bepaalde sanitaire voorwaarden (aantal deelnemers, mondmaskerplicht en sociale afstandsvereiste, enz.). Alhoewel deze maatregelen een duidelijk sanitaire dimensie hebben, kunnen ze, omwille van hun ingrijpende impact op beleidsdomeinen van andere overheden, slechts door de federale overheid worden genomen wanneer het belangrijkste aspect ervan, gelet op hun inzet, kan geacht worden betrekking te hebben op de sanitaire politie, de civiele bescherming en/of civiele veiligheid, waarvoor de federale overheid is bevoegd. Het komt de Raad van State voor dat dit laatste slechts het geval zal zijn, wanneer aan drie voorwaarden is voldaan. 33. In de eerste plaats moet de federale overheid bij de uitoefening van haar bevoegdheden steeds het evenredigheidsbeginsel eerbiedigen. Dit algemeen beginsel, dat samenhangt met de in artikel 143, § 1, van de Grondwet voorgeschreven federale loyauteit(24), is in deze aangelegenheid des te meer van belang daar de federale bevoegdheden inzake de handhaving van de openbare orde (sanitaire politie), de civiele bescherming en de civiele veiligheid zo ruim zijn dat ze, uit hun aard, een ingrijpende weerslag kunnen hebben op domeinen die tot de bevoegdheid van andere overheden behoren. Een verantwoorde uitoefening van deze bevoegdheden, in overeenstemming met het evenredigheidsbeginsel, veronderstelt dat aan de beslissing van de federale overheid een zorgvuldige, op wetenschappelijke inzichten gebaseerde, afweging voorafgaat tussen enerzijds de redelijkerwijze te verwachten resultaten van de overwogen maatregel in de strijd tegen een epidemische noodsituatie en anderzijds de weerslag ervan op de beleidsdomeinen die aan de gemeenschappen en de gewesten toebehoren. Het komt de Raad van State voor dat de draagwijdte die het evenredigheidsbeginsel heeft in het leerstuk over de beperkingsvoorwaarden van grondrechten, mutatis mutandis, ook hier geldt. Het beginsel impliceert dat `de overheid in het licht van de aard van de feiten waarop zij steunt, van de ernst van die feiten en van de omstandigheden van de zaak dient aan te tonen dat de maatregel die zij overweegt te nemen een noodzakelijke, passende en evenredige maatregel is: wat dat betreft, komt het er heel in het bijzonder op aan zich ervan te vergewissen dat er een voldoende rechtstreeks en nauw verband is tussen enerzijds de toedracht en de omstandigheden van de zaak en anderzijds de verstoring van de openbare orde die men met de voorgenomen politiemaatregel wil voorkomen opdat de maatregel kan worden verantwoord.(25),(26) ' 34. Een tweede voorwaarde is dat de federale overheid, die zich voorneemt een maatregel te nemen die een rechtstreekse weerslag heeft op domeinen die tot de materiële bevoegdheid van de deelstaten behoren, vooraf overleg dient te plegen met die andere overheden(27) . Hoewel een dergelijk overleg niet mag leiden tot een afstand of overdracht van bevoegdheid, is het onontbeerlijk om de gevolgen van de genomen maatregelen voor de beleidsdomeinen die tot de bevoegdheidssfeer van de gemeenschap …

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.