← België

Koninklijk besluit tot vaststelling van de datum van het in werking treden en tot uitvoering van de wet van 11 december 2006 betreffende het statuut v

Kort samengevat

Deze wet regelt de inwerkingtreding en uitvoering van de wet van 11 december 2006 betreffende het statuut van de bedienden van hypotheekbewaarders, met als hoofddoel de integratie van deze bedienden als rijksambtenaar. Het beoogt een einde te maken aan de huidige "hybride rechtstoestand" van deze personeelsleden.

Wat het regelt

Wie het aanbelangt

Kernpunten

📄 Wettekst
20 JANUARI 2014. - Koninklijk besluit tot vaststelling van de datum van het in werking treden en tot uitvoering van de wet van 11 december 2006Relevante gevonden documenten type wet prom. 11/12/2006 pub. 27/06/2007 numac 2007003343 bron federale overheidsdienst financien Wet betreffende het statuut van de bedienden der hypotheekbewaarders sluiten betreffende het statuut van de bedienden der hypotheekbewaarders VERSLAG AAN DE KONING Sire, Het ontwerp van koninklijk besluit dat wij de eer hebben aan Uwe Majesteit ter ondertekening voor te leggen, beoogt de uitvoering van de wet van 11 december 2006Relevante gevonden documenten type wet prom. 11/12/2006 pub. 27/06/2007 numac 2007003343 bron federale overheidsdienst financien Wet betreffende het statuut van de bedienden der hypotheekbewaarders sluiten betreffende het statuut van de bedienden der hypotheekbewaarders. Zoals uiteengezet in de memorie van toelichting van de voormelde wet hebben de definitief aangenomen bedienden en de stagedoende bedienden van de hypotheekbewaarders een hybride rechtstoestand. Eensdeels vallen zij als contractueel personeelslid onder de toepassing van de wet van 3 juli 1978Relevante gevonden documenten type wet prom. 03/07/1978 pub. 03/07/2008 numac 2008000527 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten type wet prom. 03/07/1978 pub. 12/03/2009 numac 2009000158 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten sluiten betreffende de arbeidsovereenkomsten, anderdeels stelt het besluit van de Regent van 1 juli 1949 houdende het statuut van de bedienden der hypotheekbewaarders hen gelijk met het statutair rijkspersoneel wanneer dit voor hen voordeliger is. Deze gemengde rechtstoestand die steeds meer tot juridische en praktische problemen leidt, zoals bijvoorbeeld het loonbeheer, is uit de tijd. Daarom wordt voorgesteld om de definitief aangenomen bedienden en de stagedoende bedienden, die geslaagd zijn voor een selectieproef die door SELOR als gelijkwaardig werd erkend aan de selectieproeven die door deze instelling worden georganiseerd, te integreren als rijksambtenaar onder de voorwaarden bepaald in artikel 2 van het ontwerp. De integratie als rijksambtenaar van de stagedoende bediende heeft slechts plaats nadat deze zijn stage als bediende van een hypotheekbewaarder heeft volbracht en in dienst werd behouden. Ook de representatieve vakorganisaties vragen sinds vele jaren dat de Regering dringend de noodzakelijke maatregelen zou treffen met het oog op de verambtelijking van sommige groepen van bedienden van de hypotheekbewaarders. Op grond van een werklastmeting zal uw dienaar het personeelskader vaststellen dat aan elk hypotheekkantoor moet worden gehecht om de permanente personeelsbehoeften in te vullen (zie artikel 10 van het ontwerp dat het artikel 3bis vervangt van het besluit van de Regent van 1 juli 1949 houdende het statuut van de bedienden der hypotheekbewaarders). Daar bij de berekening van de permanente personeelsbehoeften er dient over gewaakt, dat de continuïteit van het beheer en van de dagelijkse activiteiten van het hypotheekkantoor verzekerd blijft en dat de persoonlijke aansprakelijkheid van de hypotheekbewaarder voor wat de hypothecaire publiciteit betreft niet in het gedrang wordt gebracht. Omwille van deze redenen, de wens om het hybride statuut af te schaffen en het feit dat de bedienden van de hypotheekbewaarders als enigen onmiddellijk de vereiste theoretische kennis en onontbeerlijke praktische ervaring hebben om de hypotheekbewaarder in zijn dagdagelijkse activiteiten bij te staan, wordt voorgesteld om, in uitvoering van bovenvermelde wet, de bedienden die geslaagd zijn voor een hetzij een bevorderingsexamen, hetzij een selectie-A of een selectie-B zoals bedoeld in het besluit van de Regent van 1 juli 1949, onder de in het bijgaande ontwerp bepaalde voorwaarden te integreren als rijksambtenaar. De betrekkingen op het personeelskader vastgesteld voor elk hypotheekkantoor, worden bij voorrang ingevuld door : 1° de definitief aangenomen bedienden die geïntegreerd worden als rijksambtenaar, 2° de definitief aangenomen bedienden die niet worden geïntegreerd als rijksambtenaar;3° de stagedoende bedienden;4° de stagiairs in de zin van het statuut van het Rijkspersoneel. Indien er vervolgens nog betrekkingen vacant zijn op het personeelskader kan in deze vacatures worden voorzien door de indienstneming van contractuele personeelsleden met een arbeidsovereenkomst van onbepaalde duur. Wat betreft de definitief aangenomen bedienden die niet in aanmerking kunnen komen voor een integratie als rijksambtenaar, dient opgemerkt dat artikel 12 van bovenvermeld besluit van de Regent hen thans stabiliteit van hun betrekking verzekert wat inhoudt dat zij hun betrekking niet kunnen verliezen, tenzij er zich een probleem stelt met betrekking tot hun functioneren. Deze stabiliteit komt voort uit het feit dat zij ook vandaag al een permanente personeelsbehoefte invullen en volgens genoemd besluit gelijkgesteld werden met rijksambtenaren. De stagedoende bedienden zijn geslaagd voor een door SELOR als gelijkwaardig erkende selectieproef en vullen eveneens een permanente personeelsbehoefte in. Wanneer er op het kader van een hypotheekkantoor betrekkingen vacant zijn, zullen de tijdelijke bedienden, die geslaagd zijn voor een door SELOR als gelijkwaardig erkende selectieproef en die op datum van inwerkingtreding van het voorgelegde ontwerp zonder onderbreking minstens 60 maanden dienst tellen in een of meer hypotheekkantoren, zich hiervoor kandidaat kunnen stellen. De gunstig gerangschikte tijdelijke bediende wordt dan in de door hem gesolliciteerde betrekking tot de statutaire stage toegelaten in de zin van het statuut van het Rijkspersoneel. Indien er op het kader van een hypotheekkantoor een betrekking vacant is, maar geen enkele tijdelijke bediende die de voorwaarden vervult om tot de statutaire stage te worden toegelaten, zich kandidaat heeft gesteld, wordt deze betrekking mits machtiging door de Administrateur-generaal van de Patrimoniumdocumentatie ingevuld door een contractueel personeelslid met een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde duur. Na de uitvoering van het voorgelegde ontwerp van koninklijk besluit zal de hypotheekbewaarder dus beschikken over : - geïntegreerde rijksambtenaren, zijnde de definitief aangenomen bedienden, de stagedoende bedienden en de tijdelijke bedienden die, onder de voorwaarden bepaald in het voorgelegde ontwerp, werden geïntegreerd als rijksambtenaar; - definitief aangenomen bedienden of stagedoende bedienden die niet werden geïntegreerd als rijksambtenaar en dus contractuele personeelsleden zijn, maar geldelijk gelijkgesteld zijn met vast benoemde ambtenaren en stagiairs (zie artikel 27 van het ontwerp tot wijziging van artikel 18 van bovenvermeld besluit van de Regent). Vermits nieuwe personeelsleden geen toegang meer hebben tot deze hybride rechtstoestand, zal deze groep gestaag verminderen in aantal met de tijd; - contractuele bedienden die geldelijk gelijkgesteld worden met de bij arbeidsovereenkomst in dienst genomen personeelsleden bij de Federale Overheidsdienst Financiën. Toelichting bij sommige artikelen Artikel 2 In paragraaf 1 wordt wat betreft de administratief assistent niet uitdrukkelijk vermeld dat deze dient geslaagd te zijn voor een selectie A, een vergelijkende selectie voor overgang naar de graad van administratief assistent of een examen van eerste klerk, vermits dit steeds een voorwaarde is geweest om toegang te hebben tot de graad als stagedoende of definitief aangenomen bediende. Er zijn dus geen administratief assistenten die niet geslaagd zouden zijn voor een door SELOR gelijkwaardig erkende selectie. Daarom, net zoals voor de houders van de graad van bijvoorbeeld financieel medewerker of fiscaal deskundige, is het overbodig om te vermelden dat de kandidaten voor een integratie als rijksambtenaar moeten geslaagd zijn voor een door SELOR erkende selectie. Paragraaf 2 houdt in dat de stagedoende bedienden hun stage voortzetten als bediende van de hypotheekbewaarder, zij zijn dus geen stagiair in de zin van koninklijk besluit van 2 oktober 1937 houdende het statuut van het Rijkspersoneel. Om te vermijden dat de stagedoende bedienden zouden worden geïntegreerd als rijksambtenaar na de tijdelijke bedienden, die een statutaire stage aanvatten van 3 of 12 maanden afhankelijk van het niveau waarin ze hun stage vervullen, wordt de stage van de stagedoende bedienden die volgens het bovenvermeld besluit van de Regent 24 maanden bedraagt, indien nodig, vanaf de inwerkingtreding van het voorgelegde ontwerp van besluit ingekort tot maximaal 3 of 12 maanden, naargelang de stage als bediende verricht wordt in het niveau D of C. Het woord maximaal wordt gebruikt omdat de termijn korter kan zijn dan de bovenvermelde 3 of 12 maanden, daar de stage als bediende in totaal niet meer dan 24 maanden mag bedragen. De stagedoende bedienden blijven tijdens hun stage als contractueel werknemer onderworpen aan het bovenvermelde besluit van de Regent omdat : 1) hun stage in totaal nooit meer dan 24 maanden zou bedragen;2) zij als bediende de mogelijkheid moeten hebben om de integratie als rijksambtenaar te weigeren en alsnog definitief aangenomen bediende te worden, vermits zij dit vooruitzicht hadden bij de aanvang van hun stage als bediende.Daarentegen de tijdelijke personeelsleden werden niet toegelaten tot een stage als bediende en hadden dus niet het perspectief om definitief aangenomen bediende te kunnen worden, wat inhoudt dat zij onmiddellijk tot de statutaire stage worden toegelaten (zie artikel 5, § 3, van het ontwerpbesluit). Artikelen 4 en 10 Artikel 10 van het ontwerp dat artikel 3bis van bovenvermeld besluit van de Regent vervangt, houdt in dat de betrekkingen op het kader van een hypotheekkantoor in de volgende orde worden toegekend : 1° de geïntegreerde rijksambtenaren;2° de definitief aangenomen bedienden;3° de stagedoende bedienden;4° de stagiairs;5° contractuele personeelsleden met een contract van onbepaalde duur. Artikel 4 bepaalt dat de tijdelijke bedienden die de voorwaarden vervullen (geslaagd zijn voor een selectie-A of een selectie-B, 60 maanden diensten tellen op datum van inwerkingtreding van het koninklijk besluit, ...) tot de statutaire stage worden toegelaten in de mate dat er vacante betrekkingen zijn op het kader na de aanrekening hierop van de geïntegreerde rijksambtenaren, de definitief aangenomen bedienden en de stagedoende bedienden. Vermits tijdelijke bedienden niet moeten geslaagd te zijn voor een selectie-A of een selectie-B om deze tijdelijke functies uit te oefenen, wordt uitdrukkelijk vermeld dat de tijdelijke administratief medewerker of administratief assistent geslaagd moet zijn voor de overeenstemmende selectie om tot de statutaire stage te worden toegelaten. Artikel 5 De personeelskaders bedoeld in artikel 10 van het ontwerp zijn globale kaders zonder onderverdeling per niveau. Er werd rekening gehouden met het advies van de Raad van State, behoudens de hierna aan bod komende uitzonderingen. Wat betreft de opmerking dat de contractuele personeelsleden van de hypotheekbewaarders niet alleen onder de toepassing vallen van de wet van 3 juli 1978Relevante gevonden documenten type wet prom. 03/07/1978 pub. 03/07/2008 numac 2008000527 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten type wet prom. 03/07/1978 pub. 12/03/2009 numac 2009000158 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten sluiten betreffende de arbeidsovereenkomsten, maar ook onder de eenzijdig bepaalde rechtsbepalingen vervat in het bovenvermelde besluit van de Regent, dient opgemerkt dat deze personeelsleden tewerkgesteld zijn in een hypotheekkantoor en dus in een openbare dienst. Ook de contractuele personeelsleden tewerkgesteld bij de Federale Overheid werken onder een gemengde rechtstoestand. Zoals vermeld in het verslag gevoegd bij het koninklijk besluit van 4 november 2013Relevante gevonden documenten type wet prom. 11/12/2006 pub. 27/06/2007 numac 2007003343 bron federale overheidsdienst financien Wet betreffende het statuut van de bedienden der hypotheekbewaarders sluiten2 betreffende de aanstelling ad interim van hypotheekbewaarders bij de Federale Overheidsdienst Financiën, zal op termijn het statuut van de hypotheekbewaarders worden herzien en bijgevolg ook de bijzondere rechtstoestand waarin de contractuele personeelsleden van de hypotheekbewaarders zich heden bevinden. De Raad van State stelt zich de vraag of de voorgelegde regeling niet dezelfde moeilijkheden zal geven, dan deze die ertoe geleid hebben om sommige bedienden te verambtelijken. Het antwoord hierop is negatief, de hypotheekbewaarder zal beschikken over statutair personeel waarvan de rechtstoestand duidelijk is, contractueel personeel waarvan de rechtstoestand overeenstemt met deze van de contractuele personeelsleden van de Federale Overheid en een beperkte groep definitief aangenomen of stagedoende bedienden die niet in aanmerking kwam voor een verambtelijking of hiervoor niet opteerde. Het zijn alleen de definitief aangenomen of stagedoende bedienden die niet zullen worden geïntegreerd als rijksambtenaar, die over een hybride rechtstoestand beschikken. Deze groep zal gestaag verminderen, daar nieuwe personeelsleden niet meer deze gemengde rechtstoestand kunnen krijgen. Wat betreft de verwijzing van de Raad van State naar zijn advies 42.842/2 van 7 mei 2007 met betrekking tot het koninklijk besluit van 19 juni 2007Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 19/06/2007 pub. 10/07/2007 numac 2007003357 bron federale overheidsdienst financien Koninklijk besluit houdende hervorming van de loopbaan van de bedienden der hypotheekbewaarders sluiten houdende hervorming van de loopbaan van de bedienden der hypotheekbewaarders, zoals hierboven reeds vermeld, het statuut van de hypotheekbewaarders zal worden herzien. Redelijkerwijs mag worden aangenomen dat zodra de hypotheekbewaarders over een nieuw statuut beschikken, het bovenvermelde besluit van de Regent zal worden opgeheven. De Raad van State meent dat het ontwerp leidt tot een vermenigvuldiging van statuten en verwijst naar zeven statuten, maar vergeet hieraan toe te voegen dat uiterlijk 12 maanden na de inwerkingtreding van het ontwerp er slechts drie statuten overblijven, waarvan een uitdovend is in de tijd. Het advies van de Raad werd niet gevolgd met betrekking tot het schrappen van het woord "maximum" in artikel 2, § 2, 2e lid, zie de bovenvermelde toelichting bij artikel 2. Gelet op de opmerking van de Raad van State werden de artikelen 4 en 10 van het ontwerpbesluit gewijzigd. Zij werden ook toegelicht (zie supra). Zoals blijkt uit de bovenvermelde toelichting bij artikel 5, dient paragraaf 2 niet te worden gewijzigd. Paragraaf 3 van hetzelfde artikel werd aangepast. Gelet op artikel 5 van het ontwerpbesluit, lijkt de suggestie van de Raad van State om in artikel 6 van bovenvermeld besluit van de Regent, te preciseren dat de bedienden van de hypotheekbewaarder in dienst worden genomen bij arbeidsovereenkomst tot een herhaling te leiden. Wat betreft de nationaliteitsvereiste voor de indienstneming van contractuele personeelsleden (artikel 14 van het ontwerpbesluit - artikel 15 in de versie voorgelegd aan de Raad van State) wordt het advies van de Raad niet gevolgd, zodat het ontwerp in overeenstemming blijft met het koninklijk besluit van 25 april 2005Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 25/04/2005 pub. 06/10/2005 numac 2005002101 bron federale overheidsdienst personeel en organisatie Koninklijk besluit tot vaststelling van de voorwaarden voor de indienstneming bij arbeidsovereenkomst in sommige overheidsdiensten sluiten tot vaststelling van de voorwaarden voor de indienstneming bij arbeidsovereenkomst in sommige overheidsdiensten. Zoals vermeld in het verslag bij het koninklijk besluit van 25 april 2005Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 25/04/2005 pub. 06/10/2005 numac 2005002101 bron federale overheidsdienst personeel en organisatie Koninklijk besluit tot vaststelling van de voorwaarden voor de indienstneming bij arbeidsovereenkomst in sommige overheidsdiensten sluiten staan de contractuele betrekkingen open voor de burgers van elke Staat, dit onverminderd de taalvereisten die de taalwetgeving oplegt. Het advies van de Raad van State met betrekking tot de artikelen 99 tot 103 van het ontwerpbesluit (artikelen 100 tot 104 in de versie voorgelegd aan de Raad van State) wordt niet gevolgd. Vermits er zich een wijziging opdringt van het koninklijk besluit van 3 maart 2005Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 03/03/2005 pub. 08/03/2005 numac 2005003045 bron federale overheidsdienst financien Koninklijk besluit houdende hervorming van de bijzondere loopbaan van sommige ambtenaren van de Federale Overheidsdienst Financiën en de Administratie der pensioenen van het Ministerie van Financiën en houdende diverse bepalingen tot uitvoering van het koninklijk besluit van 5 september 2002 houdende hervorming van de loopbaan van sommige ambtenaren in de rijksbesturen type koninklijk besluit prom. 03/03/2005 pub. 08/03/2005 numac 2005003046 bron federale overheidsdienst financien Koninklijk besluit houdende de bijzondere bepalingen met betrekking tot de bezoldigingsregeling van het personeel van de Federale Overheidsdienst Financiën en het Ministerie van Financiën sluiten houdende de bijzondere bepalingen met betrekking tot de bezoldigingsregeling van het personeel van de Federale Overheidsdienst Financiën en van de Pensioendienst voor de overheidssector, wordt deze gelegenheid te baat genomen om een koninklijk besluit te creëren waarvan het toepassingsgebied zich beperkt tot de Federale Overheidsdienst Financiën en zijn personeel. De wijzigingen voorgesteld in de artikelen 101 tot 103 zijn van toepassing op alle personeelsleden van de Federale Overheidsdienst Financiën, doch feitelijk zullen deze bepalingen slechts rechtsgevolgen hebben voor de bedienden van de hypotheekbewaarders. Naar aanleiding van het advies van de Raad van State met betrekking tot de artikelen 104 en 105 (artikelen 105 en 106 in de versie voorgelegd aan de Raad van State) werd gepreciseerd dat de personeelsleden geen vermelding "onvoldoende" mogen hebben verkregen op het einde van hun laatste evaluatie. Ik heb de eer te zijn, Sire, Van Uwe Majesteit, de zeer respectvolle en zeer trouwe dienaar, De Minister van Financiën, K. GEENS Raad van State afdeling Wetgeving advies 54.345/2 van 18 november 2013 over een ontwerp van koninklijk besluit `tot vaststelling van de datum van het in werking treden en tot uitvoering van de wet van 11 december 2006Relevante gevonden documenten type wet prom. 11/12/2006 pub. 27/06/2007 numac 2007003343 bron federale overheidsdienst financien Wet betreffende het statuut van de bedienden der hypotheekbewaarders sluiten betreffende het statuut van de bedienden der hypotheekbewaarders' Op 22 oktober 2013 is de Raad van State, afdeling Wetgeving, door de Minister van Financiën verzocht binnen een termijn van dertig dagen een advies te verstrekken over een ontwerp van koninklijk besluit `tot vaststelling van de datum van het in werking treden en tot uitvoering van de wet van 11 december 2006Relevante gevonden documenten type wet prom. 11/12/2006 pub. 27/06/2007 numac 2007003343 bron federale overheidsdienst financien Wet betreffende het statuut van de bedienden der hypotheekbewaarders sluiten betreffende het statuut van de bedienden der hypotheekbewaarders' . Het voorontwerp is door de tweede kamer onderzocht op 18 november 2013. De kamer was samengesteld uit Yves Kreins, kamervoorzitter, Pierre Vandernoot en Martine Baguet, staatsraden, Christian Behrendt en Jacques Englebert, assessoren, en Bernadette Vigneron, griffier. Het verslag is uitgebracht door Alain Lefebvre, eerste auditeur. Het advies, waarvan de tekst hierna volgt, is gegeven op 18 november 2013. Aangezien de adviesaanvraag ingediend is op basis van artikel 84, § 1, eerste lid, 1, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State, zoals het is vervangen bij de wet van 2 april 2003Relevante gevonden documenten type wet prom. 02/04/2003 pub. 14/05/2003 numac 2003000376 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van sommige aspecten van de wetgeving met betrekking tot de inrichting en de werkwijze van de afdeling wetgeving van de Raad van State type wet prom. 02/04/2003 pub. 02/05/2003 numac 2003000309 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van de wet van 15 april 1994 betreffende de bescherming van de bevolking en van het leefmilieu tegen de uit ioniserende stralingen voortspruitende gevaren en betreffende het Federaal Agentschap voor Nucleaire Controle en tot regeling van de overdracht van sommige personeelsleden van de Dienst Veiligheid van de Staat op het gebied van de kernenergie type wet prom. 02/04/2003 pub. 16/04/2003 numac 2003000298 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van de wet van 4 juli 1989 betreffende de beperking en de controle van de verkiezingsuitgaven voor de verkiezingen van de federale Kamers, de financiering en de open boekhouding van de politieke partijen, en van het Kieswetboek sluiten, beperkt de afdeling Wetgeving overeenkomstig artikel 84, § 3, van de voornoemde gecoördineerde wetten haar onderzoek tot de rechtsgrond van het ontwerp, de bevoegdheid van de steller van de handeling en de te vervullen voorafgaande vormvereisten. Wat deze drie punten betreft, geeft het ontwerp aanleiding tot de volgende opmerkingen. Algemene opmerkingen 1.1. Het dossier bevat een verslag aan de Koning, maar dat is erg beknopt. Aangezien het voorliggende ontwerp van koninklijk besluit erg complex en zeer technisch is en heel wat vragen opwerpt, en aangezien het deel uitmaakt van een project bestaande uit opeenvolgende fasen die, naar het zich laat aanzien, nog niet zijn voltooid, zou dat verslag aan de Koning voldoende uitgewerkt moeten worden, waarbij het ontwerp eerst gesitueerd wordt binnen het geheel van dat complexe project, en voorts de algemene strekking ervan beter wordt uiteengezet en een specifieke toelichting wordt geven bij elk van de bepalingen ervan. 1.2. In het verslag aan de Koning zouden ook de drie stadia van de hervorming van het statuut van de bedienden van de hypotheekbewaarders duidelijker moeten worden aangegeven. a) Om een einde te maken aan de hybride, half contractuele en half statutaire rechtspositie van bepaalde bedienden van de hypotheekbewaarders - die, volgens het verslag aan de Koning "steeds meer tot juridische en praktische problemen leidt, zoals bijvoorbeeld het loonbeheer" - worden die bedienden in een eerste stadium rijksambtenaar overeenkomstig de wet van 11 december 2006Relevante gevonden documenten type wet prom. 11/12/2006 pub. 27/06/2007 numac 2007003343 bron federale overheidsdienst financien Wet betreffende het statuut van de bedienden der hypotheekbewaarders sluiten `betreffende het statuut van de bedienden der hypotheekbewaarders' welke wet bij het ontwerp in werking wordt gesteld en ten uitvoer wordt gelegd.Het gaat om een eenmalige maatregel die van toepassing is op alle bedienden die thans in dienst zijn en die voldoen aan de voorwaarden vastgesteld in artikel 2 van het ontwerp. b) Voor het overige zullen de bedienden die in de toekomst worden aangeworven, contractuelen zijn, overeenkomstig het ontworpen hoofdstuk 2 van het besluit van de Regent van 1 juli 1949 (hierna besluit van de Regent genoemd), met als opschrift "Indienstneming bij arbeidsovereenkomst", waarbij de bepalingen die de voornoemde hybride rechtspositie in het leven hebben geroepen, opgeheven worden.(1) c) Zoals blijkt uit de uitleg van de gemachtigde ambtenaar, zullen in een derde stadium wanneer de persoonlijke aansprakelijkheid van de hypotheekbewaarder opgeheven zal zijn ingevolge de hervorming van zijn statuut, de hypotheekbewaarder en de personeelsleden van de hypotheekkantoren, rijksambtenaren zijn die onder het gemene ambtenarenrecht vallen.2. Zoals hierboven vermeld, zorgt het ontwerp voor een "ambtenarisering" van bepaalde bedienden van de hypotheekbewaarders om een einde te maken aan de hybride, half contractuele, half statutaire rechtspositie, van die bedienden. Met betrekking tot de toekomst heft het verscheidene bepalingen van het besluit van de Regent op die het statuut van de bedienden van de hypotheekbewaarders deden aansluiten bij dat van het rijkspersoneel, meer bepaald: 1° de bepalingen betreffende de vergelijkende selecties en de andere tests die georganiseerd worden "in overleg met en onder toezicht van de afgevaardigd bestuurder van het Selectiebureau van de Federale Overheid" (artikelen 10bis en 10ter, die opgeheven worden bij het voorliggende ontwerp);2° de bepalingen betreffende de stage (artikel 11, dat opgeheven wordt bij het voorliggende ontwerp);3° de bepalingen betreffende de definitieve benoeming na de stage en de vastheid van betrekking (artikel 12, dat opgeheven wordt bij het voorliggende ontwerp);4° de bepaling betreffende de pensioenleeftijd, die dezelfde is als die van het rijkspersoneel (artikel 15, dat opgeheven wordt bij het voorliggende ontwerp);5° de bepalingen die de algemene bepalingen inzake gecertificeerde opleidingen en premies voor competentieontwikkeling van toepassing maken (artikel 18, §§ 2 en 3, dat opgeheven wordt bij het voorliggende ontwerp);6° de bepalingen betreffende de bevorderingen en veranderingen van graad. Ongeacht die opheffingen blijft de regeling voor de bedienden die bij arbeidsovereenkomst in dienst worden genomen nog altijd een hybride regeling. De betrekkingen tussen de hypotheekbewaarder en zijn contractuele bedienden worden immers, zoals in het ontworpen artikel 2, derde lid, van het besluit van de Regent staat, niet alleen geregeld door de wet van 3 juli 1978Relevante gevonden documenten type wet prom. 03/07/1978 pub. 03/07/2008 numac 2008000527 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten type wet prom. 03/07/1978 pub. 12/03/2009 numac 2009000158 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten sluiten "betreffende de arbeidsovereenkomsten", maar ook door de bepalingen van het voornoemde besluit, die van statutaire aard zijn. Die bepalingen zijn gebaseerd op de bepalingen die bestaan bij de federale overheid, of maken die zelfs toepasselijk. Er moet inzonderheid op gewezen worden dat: 1° de personeelsformatie vastgesteld wordt door de administrateur-generaal van de Patrimoniumdocumentatie en ingevuld wordt volgens een orde van voorrang vastgesteld in het ontwerp (ontworpen artikel 3bis);2° de graden vastgesteld worden bij artikel 4 van het besluit van de Regent, dat niet ten gronde wordt gewijzigd door het ontwerp;3° het ontwerp zelf de aanwervingsvoorwaarden vaststelt, die bovendien overgenomen worden uit het statuut van het rijkspersoneel (ontworpen artikel 7);4° het ontwerp de gelijkstelling handhaaft van de contractuele bedienden van de hypotheekbewaarders met de leden van het federale overheidspersoneel wat de vaststelling van hun wedde, toelagen en vergoedingen betreft (ontworpen artikel 18, § 1), en voor de toelagen, vergoedingen, premies, pensioenen en ongeacht welke andere voordelen waarop zij zelf of hun rechthebbenden aanspraak kunnen maken (ontworpen artikel 19);5° de duur van de dagelijkse prestaties dezelfde is als die welke is vastgesteld voor het rijkspersoneel dat in dienst is op de ontvangkantoren van de algemene administratie van de Patrimoniumdocumentatie (ontworpen artikel 26);6° het ontworpen hoofdstuk VI voorziet in een evaluatiecyclus waarbij de huidige bepalingen betreffende het signalement vervangen worden;7° de ontworpen artikelen 64 en volgende de kamer van beroep behouden;8° het ontworpen artikel 75 bepaalt dat de hypotheekbewaarder de dienstvrijstellingen, de verloven en de afwezigheden toestaat aan de contractuele bedienden, volgens de regels bepaald voor het rijkspersoneel;dat artikel stelt de stagedoende en de definitief aangenomen bedienden gelijk met rijksambtenaren; 9° artikel 77, zoals gewijzigd bij het ontwerp, bepaalt dat contractuele bedienden die wegens ziekte of gebrekkigheid belet zijn hun functies normaal uit te oefenen, door de hypotheekbewaarder met verlof worden gesteld volgens de voorwaarden en de regels die gelden voor het rijkspersoneel;10° het ontworpen artikel 78 bepaalt dat de hypotheekbewaarder een einde maakt aan het ambt van de definitief aangenomen bediende of de stagedoende bediende die, volgens de procedure die geldt voor het rijkspersoneel, ongeschikt wordt bevonden om zijn ambt te vervullen of om het in de toekomst te hervatten;11° het ontwerp het publiekrechtelijk vakbondsstatuut behoudt voor de contractuele bedienden.12° het ontworpen hoofdstuk X de plichten van de contractuele bedienden regelt. De Raad van State stelt zich vragen bij de samenhang van de aldus ingevoerde regeling. Zal het nieuwe hybride statuut niet leiden tot dezelfde problemen als die welke zijn aangevoerd om bepaalde bedienden van de hypotheekbewaarders te ambtenariseren ? In zijn advies 42.842/2, op 7 mei 2007 verstrekt over een ontwerp dat het koninklijk besluit van 19 juni 2007Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 19/06/2007 pub. 10/07/2007 numac 2007003357 bron federale overheidsdienst financien Koninklijk besluit houdende hervorming van de loopbaan van de bedienden der hypotheekbewaarders sluiten `houdende hervorming van de loopbaan van de bedienden der hypotheekbewaarders' is geworden, heeft de Raad van State het volgende opgemerkt : "2.1. De gemachtigde van de Minister heeft het volgende in het midden gebracht in verband met de verenigbaarheid van de ontworpen bepalingen met het gemene recht van de arbeidsovereenkomsten voor bedienden dat blijft gelden voor de bedienden van de hypotheekbewaarders krachtens artikel 3, tweede lid, van het voornoemde besluit van de Regent van 1 juli 1949 : `La volonté du pouvoir exécutif, à travers l'arrêté du Régent du 1er juillet 1949, a toujours été de doter les employés des conservateurs des hypothèques d'un statut fort proche de celui des agents de l'Etat même si, comme le précise l'article 3, « les relations entre le conservateur et ses employés sont régies par le droit commun du contrat d'emploi... ». Les avantages octroyés par l'arrêté du Régent sont généralement supérieurs aux conditions prévues par la loi du 3 juillet 1978 sur les contrats de travail (exemple : absence pour cause de maladie), ce que ne semble pas interdire cette dernière. [...] Dernier élément dont il faut tenir compte : la loi du 11 décembre 2006 (2) relative au statut des employés des conservateurs des hypothèques permet au Roi de « fonctionnariser » ces employés.A la veille d'une réforme aussi importante, il paraît inopportun de modifier une terminologie acceptée par le passé et comprise de tous.' Nu, zoals de gemachtigde van de Minister erop wijst, steeds weer het streven tot uiting komt om over te gaan van een systeem van arbeidsverhoudingen gebaseerd op de wil van de partijen bij die arbeidsverhouding [...] naar een bestel waarbij de arbeidsvoorwaarden eenzijdig worden bepaald, inzonderheid ten aanzien van het vaststellen van de loopbanen en de overeenstemmende lonen van de bedienden van de hypotheekbewaarders, rijst de vraag of het dispositief dat bij het ontworpen besluit in het voornoemde besluit van de Regent van 1 juli 1949 wordt opgenomen, geen grondiger aanpassing van dat besluit vergt dan de onderzochte tekst tot stand brengt. Deze vraag doet zich des te scherper voor doordat het Parlement de genoemde wet van 11 december 2006Relevante gevonden documenten type wet prom. 11/12/2006 pub. 27/06/2007 numac 2007003343 bron federale overheidsdienst financien Wet betreffende het statuut van de bedienden der hypotheekbewaarders sluiten, waarvan de gemachtigde van de Minister spreekt, heeft aangenomen. Het lijkt immers steeds moeilijker en in de toekomst zelfs onmogelijk, gelet op de voornoemde wet van 11 december 2006Relevante gevonden documenten type wet prom. 11/12/2006 pub. 27/06/2007 numac 2007003343 bron federale overheidsdienst financien Wet betreffende het statuut van de bedienden der hypotheekbewaarders sluiten, die de Koning in werking moet stellen (3) en uitvoeren, om de opvatting van het voormelde besluit van de Regent van 1 juli 1949 wat betreft de grondslagen zelf ervan, in te bedden in het perspectief van arbeidsverhoudingen zoals ze worden geregeld door de wet van 3 juli 1978Relevante gevonden documenten type wet prom. 03/07/1978 pub. 03/07/2008 numac 2008000527 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten type wet prom. 03/07/1978 pub. 12/03/2009 numac 2009000158 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten sluiten betreffende de arbeidsovereenkomsten. Op de aangevoerde problematiek wordt niet gewezen in relatie tot het mogelijk gunstiger zijn, zoals in casu voorgeschreven, van sommige aspecten van de arbeidsverhouding gelet op wat bepaald is in de voornoemde wet van 3 juli 1978Relevante gevonden documenten type wet prom. 03/07/1978 pub. 03/07/2008 numac 2008000527 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten type wet prom. 03/07/1978 pub. 12/03/2009 numac 2009000158 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten sluiten; de problemen rijzen heel wat meer op het stuk van elementen die veeleer eigen zijn aan een systeem van arbeidsverhoudingen, dan aan een ander. Zo ligt het niet in de lijn van de voornoemde wet van 3 juli 1978Relevante gevonden documenten type wet prom. 03/07/1978 pub. 03/07/2008 numac 2008000527 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten type wet prom. 03/07/1978 pub. 12/03/2009 numac 2009000158 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten sluiten om, buiten iedere contractuele vrijheid van de partijen bij de arbeidsverhouding zulke belangrijke kwesties te regelen als die van de categorie van betrekking waaronder de werknemer valt (benaming van de graden), het vaststellen van zijn loopbaan en het bepalen van zijn bezoldiging (4). 2.2. Dat is echter net wat het ontworpen besluit doet. Het versterkt nog de verschuiving die in de loop van de tijd heeft plaatsgevonden, van een oorspronkelijk hybridische regeling naar een regeling die bijna uitsluitend een rechtspositioneel karakter heeft (5). De steller van het ontwerp wordt dus verzocht na te gaan of de regelgeving die van toepassing is op de bedienden van de hypotheekbewaarders niet grondiger moet worden herzien; zulks zou beslist zorgen voor meer rechtszekerheid, omdat daardoor voorkomen zou worden dat de partijen bij de arbeidsverhouding wet- en andere regelgeving moeten combineren die wegens hun aard verschillend zijn en zelfs vaak onverenigbaar zijn op fundamentele punten. 3. Zoals het thans is opgevat, kan het ontworpen besluit alleen maar begrepen worden als een maatregel die hoofdzakelijk een overgangsmaatregel is (6), namelijk een maatregel die genomen wordt om het mogelijk te maken de bedienden van de hypotheekbewaarders op te nemen binnen de FOD Financiën, zoals bepaald in de voornoemde wet van 11 december 2006Relevante gevonden documenten type wet prom. 11/12/2006 pub. 27/06/2007 numac 2007003343 bron federale overheidsdienst financien Wet betreffende het statuut van de bedienden der hypotheekbewaarders sluiten, hetgeen vervolgens een herziening van de gezamenlijke regelgeving zal vergen in deze zin dat alleen nog een rechtspositionele regeling van toepassing zal zijn". Dezelfde opmerking geldt mutatis mutandis voor het voorliggende ontwerp. 3. Het is des te belangrijker die opmerking te herhalen daar de regeling die wordt ingevoerd bij het voorliggende ontwerp leidt tot een aanzienlijke toename van de statuten van de bedienden van de hypotheekbewaarders.De Raad van State stelt immers vast dat er voortaan: a) bedienden zijn die geïntegreerd worden als rijksambtenaar ("geambtenariseerd");b) stagedoende bedienden zijn zoals bedoeld in artikel 11 van het besluit van de Regent, die aan het einde van hun stage geïntegreerd worden als rijksambtenaar ("geambtenariseerd");c) tijdelijke bedienden zijn die krachtens artikel 5, § 3, van het ontwerp toegelaten worden tot de stage en die aan het einde van hun stage geïntegreerd worden als rijksambtenaar ("geambtenariseerd");d) tijdelijke bedienden zijn;e) bedienden zijn die definitief aangenomen zijn maar die niet geregulariseerd kunnen worden omdat ze niet geslaagd zijn voor een selectie-B of die niet geregulariseerd wensen te worden;f) stagedoende bedienden zijn die aan het einde van hun stage niet geambtenariseerd wensen te worden en als definitief aangenomen bedienden worden benoemd;g) andere contractuele bedienden zijn, inzonderheid diegenen die in de toekomst worden aangeworven.4. De volgende bijzondere opmerkingen worden gemaakt onder voorbehoud van deze algemene opmerkingen. Bijzondere opmerkingen Aanhef De gemachtigde ambtenaar is het ermee eens dat de zevende aanhefverwijzing, die betrekking heeft op de beslissing van SELOR van 17 oktober 2012, als een overweging moet worden geformuleerd. Dispositief Artikel 1 1. Artikel 1 definieert negen nieuwe termen "voor de toepassing van dit besluit". In artikel 7 van het ontwerp, dat artikel 1 van het besluit van de Regent vervangt, worden de termen "definitief aangenomen bedienden" en "stagedoende bedienden" echter eveneens en op een verschillende manier gedefinieerd. De gemachtigde ambtenaar is het ermee eens dat een lijst met definities moet worden aangenomen voor de autonome bepalingen van het ontwerp, namelijk de hoofdstukken I tot III en hoofdstuk VII, en een andere lijst voor het besluit van de Regent, namelijk de definities die in hoofdstuk IV staan. Indien in de beide lijsten eenzelfde term wordt opgenomen, moet daaraan eenzelfde definitie worden gegeven, tenzij er welbepaalde redenen voorhanden zijn om dat niet te doen. 2. Wat 1° betreft, luidt het Franse opschrift van het koninklijk besluit van 2 oktober 1937 "arrêté royal portant le statut des agents de l'Etat". Bovendien zijn de woorden "en zijn wijzigingen" overbodig en moeten ze vervallen. De gemachtigde ambtenaar is het daarmee eens. Wanneer verwezen wordt naar een handeling zonder nadere precisering, houdt die verwijzing immers de thans geldende wijzigingen van die handeling in alsook de wijzigingen die in de toekomst in die handeling zullen worden aangebracht. Dezelfde opmerking geldt voor de definitie van het besluit van de Regent in 4°. 3. De bepalingen onder 6°, 7°, 8° en 9° vermelden respectievelijk de artikelen 12, 11, 5 en 10ter van het besluit van de Regent zoals die "laatst" gewijzigd zijn bij het koninklijk besluit van 19 juni 2007Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 19/06/2007 pub. 10/07/2007 numac 2007003357 bron federale overheidsdienst financien Koninklijk besluit houdende hervorming van de loopbaan van de bedienden der hypotheekbewaarders sluiten. De gemachtigde ambtenaar is het ermee eens dat het woord "laatst" overbodig is en moet vervallen. Het is immers de bedoeling van de steller van het ontwerp te verwijzen naar de versie van de artikelen 5, 10ter, 11 en 12 zoals die voortvloeit uit het koninklijk besluit van 19 juni 2007Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 19/06/2007 pub. 10/07/2007 numac 2007003357 bron federale overheidsdienst financien Koninklijk besluit houdende hervorming van de loopbaan van de bedienden der hypotheekbewaarders sluiten, ongeacht of het al dan niet om de laatste versie gaat.(7) Dezelfde opmerking geldt voor artikel 7 (ontworpen artikel 1, 5°, van het besluit van de Regent). Hoofdstuk II De gemachtigde ambtenaar is het ermee eens dat het opschrift van hoofdstuk II ter wille van de duidelijkheid behoort te luiden als volgt: "Integratie als rijksambtenaar van bepaalde bedienden van de hypotheekbewaarders die definitief aangenomen zijn of tot de stage toegelaten zijn". Artikel 2 1. De gemachtigde ambtenaar is het ermee eens dat in paragraaf 1 "In afwijking van het statuut worden de definitief aangenomen bedienden geïntegreerd als ..." geschreven moet worden, en onderdeel 1° moet worden geschrapt. 2. De gemachtigde ambtenaar is het ermee eens dat het geen zin heeft te preciseren dat de bedienden geïntegreerd worden in de "Sector Hypotheken van de Algemene Administratie van de Patrimoniumdocumentatie van de Federale Overheidsdienst Financiën", aangezien in paragraaf 3 staat dat "de bedienden bedoeld in de paragrafen 1 en 2 (...) benoemd (worden) tot rijksambtenaar in de sector hypotheken behorend tot de Algemene Administratie van de Patrimoniumdocumentatie van de Federale Overheidsdienst Financiën". 3. Paragraaf 1, 2°, bepaalt dat de definitief aangenomen bedienden die de graad van administratief medewerker hebben, geslaagd moeten zijn voor een selectie-B willen ze als rijksambtenaar worden geïntegreerd. Wanneer de artikelen 11, § 1, en 12, eerste lid, van het besluit van de Regent echter in onderlinge samenhang worden gelezen, moet iemand om definitief te worden aangenomen (of benoemd), de stage vervuld hebben, en moet iemand om als administratief medewerker tot de stage te worden toegelaten, geslaagd zijn voor de selectie-B. De vraag rijst derhalve of de voorwaarde vastgesteld in paragraaf 1, 2° zin heeft, aangezien iedere bediende die definitief aangenomen is in de graad van administratief medewerker noodzakelijkerwijs geslaagd is voor de selectie-B. Blijkbaar moet die vraag bevestigend beantwoord worden. Het vereiste inzake het slagen voor een examen (hierna "selectie" genoemd) vindt zijn oorsprong in het koninklijk besluit van 9 oktober 2001Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 09/10/2001 pub. 30/10/2001 numac 2001003479 bron ministerie van financien Koninklijk besluit tot wijziging van het besluit van de Regent van 1 juli 1949 houdende het statuut van de bedienden der hypotheekbewaarders sluiten. (8) Vroeger werden de bedienden aangeworven voor een proeftijd van drie maanden, gevolgd door een stage van twee jaar, waarna ze definitief aangenomen werden. Het is dus mogelijk dat er nog bedienden zijn die definitief benoemd zijn in de graad van administratief medewerker (destijds "klerk") zonder dat ze geslaagd zijn voor het B-examen of voor de selectie-B. 4. Er moet gepreciseerd worden waarom de bedienden met de graad van administratief assistent niet geslaagd hoeven te zijn voor een selectie-A, zoals dat het geval is voor de tijdelijke bedienden genoemd in artikel 4 van het ontwerp.5. Luidens paragraaf 2, tweede lid, eerste zin, duurt de stage in de graad van administratief medewerker maximaal drie maanden, en in de graad van administratief assistent maximaal twaalf maanden. Het woord "maximaal" moet vervallen, aangezien het de Raad van State niet duidelijk is waarom en op grond van welke criteria de stage korter kan zijn, waarbij overigens niet nader wordt gepreciseerd hoeveel korter. 6. Paragraaf 2, derde lid, bepaalt dat de stagedoende bedienden tijdens hun stage als contractueel werknemer onder het besluit van de Regent blijven vallen. De steller van het ontwerp moet in staat zijn het verschil in behandeling te verantwoorden dat daaruit voortvloeit ten opzichte van de stagedoende bedienden genoemd in artikel 5, § 3, van het ontwerp, die, naar het zich laat aanzien, onder het ambtenarenrecht vallen. Hoofdstuk III Hoofdstuk III heeft als opschrift "Integratie als rijksambtenaar van sommige tijdelijke bedienden van de hypotheekbewaarders". Uit artikel 5, § 3, van het ontwerp blijkt evenwel dat die tijdelijke bedienden niet onmiddellijk als rijksambtenaar worden geïntegreerd, maar als stagiairs. Het lijkt erop dat het om dezelfde categorie personen gaat als de categorie die in het ontworpen artikel 1, 3°, van het besluit van de Regent "stagiairs" wordt genoemd, en gedefinieerd wordt als "de tijdelijke bedienden die tot de stage werden toegelaten in uitvoering van de wet van 11 december 2006Relevante gevonden documenten type wet prom. 11/12/2006 pub. 27/06/2007 numac 2007003343 bron federale overheidsdienst financien Wet betreffende het statuut van de bedienden der hypotheekbewaarders sluiten". De gemachtigde ambtenaar is het ermee eens dat het opschrift van hoofdstuk III dienovereenkomstig moet worden aangepast. Artikel 4 Het eerste lid bepaalt dat de vacante betrekkingen op de formatie bedoeld in het ontworpen artikel 3bis van het besluit van de Regent "worden toegekend aan tijdelijke bedienden die laureaat zijn van een selectie-A of een selectie-B (...)". Het lijkt te gaan om de tijdelijke bedienden die toegelaten zijn tot de stage ter uitvoering van de wet van 11 december 2006Relevante gevonden documenten type wet prom. 11/12/2006 pub. 27/06/2007 numac 2007003343 bron federale overheidsdienst financien Wet betreffende het statuut van de bedienden der hypotheekbewaarders sluiten, die in het ontworpen artikel 1, 3°, van het besluit van de Regent aangeduid worden met de term "stagiairs", wat evenwel niet hetzelfde is als "stagedoende bedienden". Het ontworpen artikel 3bis van het besluit van de Regent stelt echter een volgorde van voorrang in voor het invullen van de betrekkingen van de formatie, waarin de "stagiairs" na de "rijksambtenaren", de "definitief aangenomen bedienden" en de "stagedoende bedienden" komen. Indien de vacante betrekkingen op de formatie uitsluitend of bij voorrang worden toegekend aan de tijdelijke bedienden (de "stagiairs"), zoals opgemaakt lijkt te kunnen worden uit de redactie van artikel 4, eerste lid, is er tegenspraak met het ontworpen artikel 3bis van het besluit van de Regent. Een tijdelijke bediende (een "stagiair") kan immers niet tegelijkertijd zowel voorrang hebben zoals bepaald in artikel 4 van het ontwerp, en pas in aanmerking komen na de "rijksambtenaren", "de definitief aangenomen bedienden" en de "stagedoende bedienden" zoals bepaald in het ontworpen artikel 3bis. Die tegenstrijdigheid kan maar op twee manieren worden verholpen. Ofwel is de voorrang waarvan sprake is in artikel 4 slechts een voorrang ten opzichte van de contractuele bedienden met een arbeidsovereenkomst van onbepaalde duur. In dat geval is het de Raad van State niet duidelijk wat de zin is van artikel 4 van het ontwerp, aangezien de regel al vervat is in het ontworpen artikel 3bis van het besluit van de Regent. Subsidiair zou artikel 4 gewijzigd moeten worden om de bedoeling van de steller van het ontwerp duidelijker tot uiting te laten komen. Ofwel hebben de twee bepalingen een verschillende werkingssfeer ratione temporis, wat dan duidelijk en nauwkeurig moet worden vermeld in het ontwerp. Het besluit is dat de steller van het ontwerp deze tegenstrijdigheid of wat op zijn minst een tegenstrijdigheid lijkt, moet rechtzetten, en duidelijk moet aangeven hoe artikel 4 van het ontwerp en het ontworpen artikel 3bis van het besluit van de Regent zich tot elkaar verhouden. Artikel 5 1. Uit paragraaf 2 blijkt dat de vacante betrekkingen, dat wil zeggen de betrekkingen van niveau C en niveau D, toegekend kunnen worden, zowel aan kandidaten die geslaagd zijn voor een selectie-A, als aan kandidaten die geslaagd zijn voor een selectie-B, maar dat de eerstgenoemden voorrang hebben. Artikel 4, tweede lid, van het ontwerp bepaalt evenwel juister dat de personen die geslaagd zijn voor een selectie-A of een selectie-B zich respectievelijk kandidaat kunnen stellen voor een betrekking van niveau C of van niveau D. Zo ook bepaalt artikel 5, § 3, dat de tijdelijke bedienden die geslaagd zijn voor een selectie-A of een selectie-B respectievelijk in de graad van administratief assistent en administratief medewerker tot de stage worden toegelaten. Paragraaf 2 moet dienovereenkomstig worden aangepast. 2. In paragraaf 3 is er sprake van "de batig gerangschikte tijdelijke bedienden".De gemachtigde ambtenaar heeft beaamd dat het gaat om de volgorde zoals die voortvloeit uit de voorrangsregels genoemd in paragraaf 2. De bepaling moet in die zin worden geredigeerd. 3. De gemachtigde ambtenaar is het ermee eens dat in paragraaf 4, eerste lid, de datum van het koninklijk besluit `tot vaststelling van het organiek reglement van de Federale Overheidsdienst Financiën en van de bijzondere bepalingen die van toepassing zijn op het statutair personeel' moet worden vermeld, namelijk 19 juli 2013.Wat de Franse tekst betreft, moet ook het juiste opschrift worden vermeld, namelijk "arrêté royal fixant le règlement organique du Service public fédéral Finances ainsi que les dispositions particulières applicables aux agents statutaires". Artikel 7 (ontworpen artikel 1 van het besluit van de Regent) 1. De bepaling onder 2° definieert de term "rijksambtenaren" (in het Frans "agents de l'Etat") als "de bedienden van de hypotheekbewaarders die werden verambtelijkt in uitvoering van de wet van 11 december 2006Relevante gevonden documenten type wet prom. 11/12/2006 pub. 27/06/2007 numac 2007003343 bron federale overheidsdienst financien Wet betreffende het statuut van de bedienden der hypotheekbewaarders sluiten". De term "agents de l'Etat" wordt in het Nederlandse de ene keer weergegeven met de term "rijksambtenaren", de andere keer met de term "rijkspersoneel". De laatstgenoemde term wordt gebruikt in de bepalingen waarbij de bepalingen die gelden voor het "rijkspersoneel" van toepassing worden verklaard op de contractuele bedienden. De beide termen worden gebruikt in hun gewone betekenis. De term "rijksambtenaar" wordt dus niet gebruikt in de bijzondere betekenis die wordt gegeven in de voornoemde bepaling onder 2°. Voorts wordt verwezen naar de Franse tekst van dit advies. Bovendien geeft de term "rijksambtenaar" niet goed weer dat het gaat om een categorie personen die in het leven is geroepen als gevolg van een éénmalige maatregel en waarvan de gevolgen bijgevolg zullen uitdoven. De gemachtigde ambtenaar is het ermee eens dat de bedienden van de hypotheekbewaarders die de status van ambtenaar hebben gekregen ter uitvoering van de wet van 11 december 2006Relevante gevonden documenten type wet prom. 11/12/2006 pub. 27/06/2007 numac 2007003343 bron federale overheidsdienst financien Wet betreffende het statuut van de bedienden der hypotheekbewaarders sluiten, bijgevolg aangeduid moeten worden met een andere term dan met de term "rijksambtenaar". 2. In de bepaling onder 3° wordt de term "stagiairs" gedefinieerd als "de tijdelijke bedienden die tot de stage werden toegelaten in uitvoering van de wet van 11 december 2006Relevante gevonden documenten type wet prom. 11/12/2006 pub. 27/06/2007 numac 2007003343 bron federale overheidsdienst financien Wet betreffende het statuut van de bedienden der hypotheekbewaarders sluiten". Voorgesteld wordt ofwel het begrip "tijdelijk bediende" te definiëren (zoals geschiedt in artikel 1, 8°, van het ontwerp), ofwel de stagiairs te definiëren als "de tijdelijke bedienden aangeworven overeenkomstig artikel 5, zoals gewijzigd bij het koninklijk besluit van 19 juni 2007Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 19/06/2007 pub. 10/07/2007 numac 2007003357 bron federale overheidsdienst financien Koninklijk besluit houdende hervorming van de loopbaan van de bedienden der hypotheekbewaarders sluiten, die tot de stage zijn toegelaten ter uitvoering van de wet van 11 december 2006Relevante gevonden documenten type wet prom. 11/12/2006 pub. 27/06/2007 numac 2007003343 bron federale overheidsdienst financien Wet betreffende het statuut van de bedienden der hypotheekbewaarders sluiten". 3. De gemachtigde ambtenaar is het ermee eens dat de woorden "in uitvoering van de wet van 11 december 2006Relevante gevonden documenten type wet prom. 11/12/2006 pub. 27/06/2007 numac 2007003343 bron federale overheidsdienst financien Wet betreffende het statuut van de bedienden der hypotheekbewaarders sluiten" in 5°, b), in fine, vervangen moeten worden door de woorden "ter uitvoering van artikel 2, § 2, vierde lid, van het koninklijk besluit van ... tot vaststelling van de datum van het in werking treden en tot uitvoering van de wet van 11 december 2006Relevante gevonden documenten type wet prom. 11/12/2006 pub. 27/06/2007 numac 2007003343 bron federale overheidsdienst financien Wet betreffende het statuut van de bedienden der hypotheekbewaarders sluiten betreffende het statuut van de bedienden der hypotheekbewaarders". Artikel 10 (ontworpen artikel 3bis van het besluit van de Regent) De bevoegdheid om de personeelsformatie van elk hypotheekkantoor vast te stellen, moet toegekend worden aan de minister en niet aan de administratie. Er kan niet worden voorgeschreven dat om die bevoegdheid uit te oefenen, de instemming van de inspecteur van Financiën vereist is. De twee zinnen van het ontworpen artikel 3bis, eerste lid, moeten dienovereenkomstig worden aangepast. Artikel 13 (opschrift van het ontworpen hoofdstuk II van het besluit van de Regent) Het opschrift van het hoofdstuk "Indienstneming bij arbeidsovereenkomst" zou de indruk kunnen wekken dat er andere aanwervingsmogelijkheden zijn, wat niet het geval is. Ter wille van de duidelijkheid wordt voorgesteld om het opschrift van de huidige tekst te behouden ("Wervingsvoorwaarden") en artikel 6 van het besluit van de Regent te vervangen door een bepaling waarin staat dat de bedienden van de hypotheekbewaarders bij arbeidsovereenkomst worden aangeworven. De gemachtigde ambtenaar gaat daarmee akkoord. Artikel 15 (ontworpen artikel 7 van het besluit van de Regent) 1. In overeenstemming met de gemachtigde ambtenaar moet in de Franse tekst "Pour pouvoir être engagées par contrat de travail, les personnes doivent..." worden geschreven. 2. Er moet worden onderzocht of in de ontworpen bepaling onder 1° niet tevens artikel 16, eerste lid, 1°, van het koninklijk besluit van 2 oktober 1937 `houdende het statuut van het rijkspersoneel' moet worden vermeld.Daarin wordt het volgende vereiste bepaald om tot rijksambtenaar te worden benoemd : "Belg zijn wanneer de uit te oefenen functies verband houden met de uitoefening van het openbaar gezag en ten doel hebben de algemene belangen van de Staat te behartigen, of, in de andere gevallen, Belg zijn of burger van een andere Staat die deel uitmaakt van de Europese economische ruimte of van de Zwitserse Bondsstaat". De afdeling Wetgeving van de Raad van State heeft reeds herhaaldelijk gesteld dat overeenkomstig artikel 10, tweede lid, van de Grondwet alleen bij een wet en "voor bijzondere gevallen" aan meer vreemdelingen dan krachtens het Europees recht vereist is, toegang mag worden verleend tot openbare functies - ongeacht of het om statutaire dan wel om contractuele functies (9) gaat. Naar het voorbeeld van wat in het huidige artikel 7 van het besluit van de Regent is bepaald, moet het ontworpen artikel 7, 1°, worden aangevuld met een verwijzing naar artikel 16, eerste lid, 1°, van het koninklijk besluit van 2 oktober 1937, inzonderheid in het licht van de derde fase van de hervorming die door de gemachtigde ambtenaar in het vooruitzicht is gesteld. Artikel 28 (ontworpen artikel 18 van het besluit van de Regent) In overeenstemming met de gemachtigde ambtenaar moet het koninklijk besluit van 12 september 2013Relevante gevonden documenten type wet prom. 11/12/2006 pub. 27/06/2007 numac 2007003343 bron federale overheidsdienst financien Wet betreffende het statuut van de bedienden der hypotheekbewaarders sluiten1 in de inleidende zin worden vermeld. Dezelfde opmerking geldt voor artikel 30. Artikel 47 (ontworpen artikel 52 van het besluit van de Regent) In overeenstemming met de gemachtigde ambtenaar moet het koninklijk besluit van 19 juni 2007Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 19/06/2007 pub. 10/07/2007 numac 2007003357 bron federale overheidsdienst financien Koninklijk besluit houdende hervorming van de loopbaan van de bedienden der hypotheekbewaarders sluiten in de inleidende zin worden vermeld. Artikel 52 (ontworpen artikel 55 van het besluit van de Regent) 1. Het ontworpen eerste lid bepaalt dat de evaluator ter gelegenheid van het planningsgesprek op basis van de functie-inhoud van de geëvalueerde bepaalt of het opportuun is om prestatiedoelstellingen te formuleren. In het ontwerp wordt echter niet in een "planningsgesprek" voorzien en wordt dat begrip evenmin gedefinieerd. 2. In overeenstemming met de gemachtigde ambtenaar moet in het ontworpen eerste lid, in fine, het volgende worden geschreven: "... of het opportuun is om prestatiedoelstellingen en persoonlijke ontwikkelingsdoelstellingen te formuleren". Artikelen 66 en 67 (ontworpen artikel 56nonies van het besluit van de Regent) In overeenstemming met de gemachtigde ambtenaar moet "novies" worden geschreven in plaats van "nonies". Artikel 70 (ontworpen artikel 56undecies van het besluit van de Regent) Luidens dit artikel ontslaat de administrateur-generaal van de Patrimoniumdocumentatie de definitief aangenomen bediende wanneer hij in de drie jaren nadat aan hem een eerste vermelding "onvoldoende" is toegekend, een tweede vermelding "onvoldoende" krijgt. Zoals de gemachtigde ambtenaar heeft beaamd, staat het aan de hypotheekbewaarder, en niet aan de administrateur-generaal van de Patrimoniumdocumentatie, om met een opzeggingstermijn een einde te maken aan de arbeidsovereenkomst van de definitief aangenomen bediende, aangezien die arbeids overheidsovereenkomst met de hypotheekbewaarder is gesloten. Artikel 74 (ontworpen artikel 57 van het besluit van de Regent) 1. Het eerste lid lijkt in te houden dat de administrateur-generaal van de Patrimoniumdocumentatie de arbeidsovereenkomst van de definitief aangenomen bediende zou kunnen beëindigen. Zoals de gemachtigde ambtenaar heeft beaamd, staat het niet aan de administrateur-generaal van de Patrimoniumdocumentatie om die arbeidsovereenkomst te beëindigen, daar ze is gesloten tussen de hypotheekbewaarder en de bediende. 2. De gemachtigde ambtenaar is het ermee eens dat ook in het geval vermeld in de bepaling onder 4°, te weten bij een inbreuk op het ontworpen artikel 84, moet worden voorzien in de goedkeuring door de administrateur-generaal van de Patrimoniumdocumentatie. Artikel 87 (ontworpen artikel 69 van het besluit van de Regent) In overeenstemming met de gemachtigde ambtenaar moet in de ontworpen paragraaf 2, tweede lid, worden vermeld dat de beslissing wordt meegedeeld aan de stagedoende bediende in plaats van aan het personeelslid. Artikelen 100 tot 104 (wijzigingen van het koninklijk besluit van 3 maart 2005Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 03/03/2005 pub. 08/03/2005 numac 2005003045 bron federale overheidsdienst financien Koninklijk besluit houdende hervorming van de bijzondere loopbaan van sommige ambtenaren van de Federale Overheidsdienst Financiën en de Administratie der pensioenen van het Ministerie van Financiën en houdende diverse b …

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.