📄 Wettekst
16 MEI 2019. - Besluit van de Waalse Regering tot wijziging van Boek II van het Wetboek van Leefmilieu, dat het Waterwetboek inhoudt, met het oog op een betere bescherming van de oppervlaktewaterwinningen voor tot drinkwater verwerkbaar water en de grondwaterwinningen en verscheidene bepalingen terzake
De Waalse Regering, Gelet op het
decreet van 11 maart 1999Relevante gevonden documenten
type
decreet
prom.
11/03/1999
pub.
08/06/1999
numac
1999027439
bron
ministerie van het waalse gewest
Decreet betreffende de milieuvergunning
sluiten betreffende de milieuvergunning, inzonderheid op de artikelen 3, 4 en 45, § 2;
Gelet op Boek II van het Milieuwetboek, dat het Waterwetboek inhoudt, inzonderheid op de artikelen D.2, 52° bis, ingevoegd bij het
decreet van 27 oktober 2011Relevante gevonden documenten
type
decreet
prom.
27/10/2011
pub.
24/11/2011
numac
2011205886
bron
waalse overheidsdienst
Decreet houdende wijziging van verscheidene decreten betreffende de bevoegdheden van Wallonië
sluiten, D.6-1, ingevoegd bij het
decreet van 13 oktober 2011Relevante gevonden documenten
type
decreet
prom.
13/10/2011
pub.
08/11/2011
numac
2011027202
bron
waalse overheidsdienst
Decreet houdende wijziging van Boek II van het Milieuwetboek, dat het Waterwetboek inhoudt
type
decreet
prom.
13/10/2011
pub.
06/12/2011
numac
2011205872
bron
ministerie van de duitstalige gemeenschap
Besluit van de Regering tot uitvoering van artikel 81, § 2, eerste lid, van het decreet van 27 juni 2005 over de audiovisuele mediadiensten en de filmvoorstellingen
type
decreet
prom.
13/10/2011
pub.
24/10/2011
numac
2011205407
bron
waalse overheidsdienst
Decreet houdende instemming met het Protocol tot wijziging van het aan het Verdrag betreffende de Europese Unie, het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie en het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie gehechte Protocol betreffende de overgangsbepalingen, aangenomen op 23 juni 2010
type
decreet
prom.
13/10/2011
pub.
25/10/2011
numac
2011205409
bron
waalse overheidsdienst
Decreet houdende instemming, wat betreft de aangelegenheden waarvan de uitoefening door de Franse Gemeenschap aan het Waalse Gewest is overgedragen, met het Protocol tot wijziging van het aan het Verdrag betreffende de Europese Unie, het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie en het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie gehechte Protocol betreffende de overgangsbepalingen, aangenomen op 23 juni 2010
sluiten, D.156, § 1, lid 3, gewijzigd bij het
decreet van 16 februari 2017Relevante gevonden documenten
type
decreet
prom.
16/02/2017
pub.
05/04/2017
numac
2017201834
bron
waalse overheidsdienst
Decreet houdende wijziging van het decreet van 6 november 2008 houdende rationalisatie van de adviesverlenende functie
type
decreet
prom.
16/02/2017
pub.
05/04/2017
numac
2017201833
bron
waalse overheidsdienst
Decreet houdende wijziging van het kaderdecreet van 6 november 2008 houdende rationalisatie van de adviesverlenende functie voor de aangelegenheden geregeld krachtens artikel 138 van de Grondwet
sluiten, D.171, § 1, 1°, D.172, gewijzigd bij het
decreet van 31 mei 2007Relevante gevonden documenten
type
decreet
prom.
31/05/2007
pub.
11/06/2007
numac
2007201850
bron
ministerie van het waalse gewest
Decreet met het oog op erkenning als vrije zone van de gehele omtrek van bedrijfsruimtes waarvoor een ministerieel erkenningsbesluit is opgesteld in de zin van het decreet van 11 maart 2004 betreffende de ontsluitingsinfrastructuur voor economische bedrijvigheid, gewijzigd bij het programmadecreet van 23 februari 2006, gelegen op het grondgebied van meerdere gemeenten waarvan minstens één als vrije zone is erkend
type
decreet
prom.
31/05/2007
pub.
10/07/2007
numac
2007027096
bron
ministerie van het waalse gewest
Decreet betreffende de inspraak van het publiek inzake het leefmilieu
type
decreet
prom.
31/05/2007
pub.
14/06/2007
numac
2007201966
bron
ministerie van het waalse gewest
Decreet houdende instemming met het Protocol bij het Verdrag van 1998 betreffende toegang tot informatie, inspraak bij besluitvorming en toegang tot de rechter inzake milieuaangelegenheden, betreffende registers inzake de uitstoot en overbrenging van verontreinigende stoffen, opgemaakt in Kiev op 21 mei 2003
sluiten, D.173 en D.175, gewijzigd bij de decreten van 31 mei 2007 en 19 januari 2017;
Gelet op het
besluit van de Waalse Regering van 4 juli 2002Relevante gevonden documenten
type
besluit van de waalse regering
prom.
04/07/2002
pub.
21/09/2002
numac
2002027817
bron
ministerie van het waalse gewest
Besluit van de Waalse Regering betreffende de procedure en diverse maatregelen voor de uitvoering van het decreet van 11 maart 1999 betreffende de milieuvergunning
type
besluit van de waalse regering
prom.
04/07/2002
pub.
21/09/2002
numac
2002027818
bron
ministerie van het waalse gewest
Besluit van de Waalse Regering tot bepaling van de lijst van de aan een milieueffectstudie onderworpen projecten en van de ingedeelde installaties en activiteiten
sluiten betreffende de procedure en diverse maatregelen voor de uitvoering van het
decreet van 11 maart 1999Relevante gevonden documenten
type
decreet
prom.
11/03/1999
pub.
08/06/1999
numac
1999027439
bron
ministerie van het waalse gewest
Decreet betreffende de milieuvergunning
sluiten betreffende de milieuvergunning;
Gelet op het reglementair Deel van Boek II van het Waals Milieuwetboek, dat het Waterwetboek inhoudt;
Gelet op het
besluit van de Waalse Regering van 5 juli 2007Relevante gevonden documenten
type
besluit van de waalse regering
prom.
05/07/2007
pub.
17/08/2007
numac
2007202544
bron
ministerie van het waalse gewest
Besluit van de Waalse Regering tot bepaling van de integrale en sectorale voorwaarden voor het houden van fokkalveren die ouder dan twee weken en jonger dan zes maanden zijn, met uitzondering van zuigkalveren
type
besluit van de waalse regering
prom.
05/07/2007
pub.
17/08/2007
numac
2007202543
bron
ministerie van het waalse gewest
Besluit van de Waalse Regering tot bepaling van de integrale en sectorale voorwaarden voor het houden van schaap- en geitachtigen
type
besluit van de waalse regering
prom.
05/07/2007
pub.
17/08/2007
numac
2007202542
bron
ministerie van het waalse gewest
Besluit van de Waalse Regering tot bepaling van de integrale en sectorale voorwaarden voor het houden van runderen van zes maanden en meer
sluiten tot bepaling van de integrale en sectorale voorwaarden voor het houden van fokkalveren die ouder dan twee weken en jonger dan zes maanden zijn, met uitzondering van zuigkalveren, gewijzigd bij het
besluit van de Waalse Regering van 12 februari 2009Relevante gevonden documenten
type
decreet
prom.
11/03/1999
pub.
08/06/1999
numac
1999027439
bron
ministerie van het waalse gewest
Decreet betreffende de milieuvergunning
sluiten1 tot wijziging van Boek II van het Milieuwetboek, dat het Waterwetboek inhoudt, wat betreft de grondwaterwinningen, de waterwinnings-, de voorkomings- en de toezichtsgebieden ;
Gelet op het
besluit van de Waalse Regering van 5 juli 2007Relevante gevonden documenten
type
besluit van de waalse regering
prom.
05/07/2007
pub.
17/08/2007
numac
2007202544
bron
ministerie van het waalse gewest
Besluit van de Waalse Regering tot bepaling van de integrale en sectorale voorwaarden voor het houden van fokkalveren die ouder dan twee weken en jonger dan zes maanden zijn, met uitzondering van zuigkalveren
type
besluit van de waalse regering
prom.
05/07/2007
pub.
17/08/2007
numac
2007202543
bron
ministerie van het waalse gewest
Besluit van de Waalse Regering tot bepaling van de integrale en sectorale voorwaarden voor het houden van schaap- en geitachtigen
type
besluit van de waalse regering
prom.
05/07/2007
pub.
17/08/2007
numac
2007202542
bron
ministerie van het waalse gewest
Besluit van de Waalse Regering tot bepaling van de integrale en sectorale voorwaarden voor het houden van runderen van zes maanden en meer
sluiten tot bepaling van de integrale en sectorale voorwaarden voor het houden van schaap- en geitachtigen, gewijzigd bij het
besluit van de Waalse Regering van 12 februari 2009Relevante gevonden documenten
type
decreet
prom.
11/03/1999
pub.
08/06/1999
numac
1999027439
bron
ministerie van het waalse gewest
Decreet betreffende de milieuvergunning
sluiten1 tot wijziging van Boek II van het Milieuwetboek, dat het Waterwetboek inhoudt, wat betreft de grondwaterwinningen, de waterwinnings-, de voorkomings- en de toezichtsgebieden ;
Gelet op het besluit van de Waalse Regering van 5 juli tot bepaling van de integrale en sectorale voorwaarden voor het houden van runderen van zes maanden en meer, gewijzigd bij het
besluit van de Waalse Regering van 12 februari 2009Relevante gevonden documenten
type
decreet
prom.
11/03/1999
pub.
08/06/1999
numac
1999027439
bron
ministerie van het waalse gewest
Decreet betreffende de milieuvergunning
sluiten1 tot wijziging van Boek II van het Milieuwetboek, dat het Waterwetboek inhoudt, wat betreft de grondwaterwinningen, de waterwinnings-, de voorkomings- en de toezichtsgebieden ;
Gelet op het
besluit van de Waalse Regering van 5 december 2008Relevante gevonden documenten
type
decreet
prom.
11/03/1999
pub.
08/06/1999
numac
1999027439
bron
ministerie van het waalse gewest
Decreet betreffende de milieuvergunning
sluiten0 tot bepaling van de integrale voorwaarden betreffende de installaties voor de hergroepering en de sortering van afval van klasse B2 en tot wijziging van het besluit van de Waalse Regering van 14 november 2007 tot bepaling van de integrale voorwaarden betreffende de installaties voor de tijdelijke opslag van afval van klasse B2, gewijzigd bij het
besluit van de Waalse Regering van 12 februari 2009Relevante gevonden documenten
type
decreet
prom.
11/03/1999
pub.
08/06/1999
numac
1999027439
bron
ministerie van het waalse gewest
Decreet betreffende de milieuvergunning
sluiten1 tot wijziging van Boek II van het Milieuwetboek, dat het Waterwetboek inhoudt, wat betreft de grondwaterwinningen, de waterwinnings-, de voorkomings- en de toezichtsgebieden ;
Gelet op het
besluit van de Waalse Regering van 5 december 2008Relevante gevonden documenten
type
decreet
prom.
11/03/1999
pub.
08/06/1999
numac
1999027439
bron
ministerie van het waalse gewest
Decreet betreffende de milieuvergunning
sluiten0 tot bepaling van de integrale voorwaarden betreffende de installaties voor de hergroepering of de sortering van afval van klasse B1, laatst gewijzigd bij het besluit van de Waalse Regering van 13 juli 2017 tot wijziging van verscheidene besluiten ten gevolge van de ontbinding van de "Office wallon des déchets" (Waalse dienst voor afvalstoffen) ;
Gelet op het
besluit van de Waalse Regering van 5 december 2008Relevante gevonden documenten
type
decreet
prom.
11/03/1999
pub.
08/06/1999
numac
1999027439
bron
ministerie van het waalse gewest
Decreet betreffende de milieuvergunning
sluiten0 tot bepaling van de sectorale voorwaarden betreffende de installaties voor de hergroepering of de sortering van afgewerkte oliën, gewijzigd bij het
besluit van de Waalse Regering van 12 februari 2009Relevante gevonden documenten
type
decreet
prom.
11/03/1999
pub.
08/06/1999
numac
1999027439
bron
ministerie van het waalse gewest
Decreet betreffende de milieuvergunning
sluiten1 tot wijziging van het
besluit van de Waalse Regering van 4 juli 2002Relevante gevonden documenten
type
besluit van de waalse regering
prom.
04/07/2002
pub.
21/09/2002
numac
2002027817
bron
ministerie van het waalse gewest
Besluit van de Waalse Regering betreffende de procedure en diverse maatregelen voor de uitvoering van het decreet van 11 maart 1999 betreffende de milieuvergunning
type
besluit van de waalse regering
prom.
04/07/2002
pub.
21/09/2002
numac
2002027818
bron
ministerie van het waalse gewest
Besluit van de Waalse Regering tot bepaling van de lijst van de aan een milieueffectstudie onderworpen projecten en van de ingedeelde installaties en activiteiten
sluiten tot bepaling van de lijst van de aan een milieueffectstudie onderworpen projecten en van de ingedeelde installaties en activiteiten en verscheidene besluiten van de Waalse Regering tot bepaling van de sectorale en integrale voorwaarden ;
Gelet op het
besluit van de Waalse Regering van 5 december 2008Relevante gevonden documenten
type
decreet
prom.
11/03/1999
pub.
08/06/1999
numac
1999027439
bron
ministerie van het waalse gewest
Decreet betreffende de milieuvergunning
sluiten0 tot bepaling van de sectorale voorwaarden betreffende de installaties voor de hergroepering en de sortering van afval van klasse B2, gewijzigd bij het
besluit van de Waalse Regering van 12 februari 2009Relevante gevonden documenten
type
decreet
prom.
11/03/1999
pub.
08/06/1999
numac
1999027439
bron
ministerie van het waalse gewest
Decreet betreffende de milieuvergunning
sluiten1 tot wijziging van Boek II van het Milieuwetboek, dat het Waterwetboek inhoudt, wat betreft de grondwaterwinningen, de waterwinnings-, de voorkomings- en de toezichtsgebieden ;
Gelet op het
besluit van de Waalse Regering van 5 december 2008Relevante gevonden documenten
type
decreet
prom.
11/03/1999
pub.
08/06/1999
numac
1999027439
bron
ministerie van het waalse gewest
Decreet betreffende de milieuvergunning
sluiten0 tot bepaling van de sectorale voorwaarden betreffende de installaties voor de hergroepering of de sortering van afval van klasse B1, laatst gewijzigd bij het besluit van de Waalse Regering van 13 juli 2017 tot wijziging van verscheidene besluiten ten gevolge van de ontbinding van de "Office wallon des déchets" (Waalse dienst voor afvalstoffen) ;
Gelet op het
besluit van de Waalse Regering van 12 februari 2009Relevante gevonden documenten
type
decreet
prom.
11/03/1999
pub.
08/06/1999
numac
1999027439
bron
ministerie van het waalse gewest
Decreet betreffende de milieuvergunning
sluiten1 tot bepaling van de integrale voorwaarden betreffende de installaties voor de winning van grondwater dat tot drinkwater verwerkbaar of voor menselijk verbruik bestemd is en betreffende de installaties voor de winning van grondwater dat niet tot drinkwater verwerkbaar of niet voor menselijk verbruik bestemd is;
Gelet op het
besluit van de Waalse Regering van 12 februari 2009Relevante gevonden documenten
type
decreet
prom.
11/03/1999
pub.
08/06/1999
numac
1999027439
bron
ministerie van het waalse gewest
Decreet betreffende de milieuvergunning
sluiten1 tot bepaling van de sectorale voorwaarden betreffende de installaties voor de waterwinning(en) en/of de verwerking van grondwater dat tot drinkwater verwerkbaar of voor menselijk verbruik bestemd is en betreffende de installaties voor de waterwinning(en) en/of de verwerking van grondwater dat niet tot drinkwater verwerkbaar of niet voor menselijk verbruik bestemd is en tot wijziging van het
besluit van de Waalse Regering van 4 juli 2002Relevante gevonden documenten
type
besluit van de waalse regering
prom.
04/07/2002
pub.
21/09/2002
numac
2002027817
bron
ministerie van het waalse gewest
Besluit van de Waalse Regering betreffende de procedure en diverse maatregelen voor de uitvoering van het decreet van 11 maart 1999 betreffende de milieuvergunning
type
besluit van de waalse regering
prom.
04/07/2002
pub.
21/09/2002
numac
2002027818
bron
ministerie van het waalse gewest
Besluit van de Waalse Regering tot bepaling van de lijst van de aan een milieueffectstudie onderworpen projecten en van de ingedeelde installaties en activiteiten
sluiten betreffende de procedure en diverse maatregelen voor de uitvoering van het
decreet van 11 maart 1999Relevante gevonden documenten
type
decreet
prom.
11/03/1999
pub.
08/06/1999
numac
1999027439
bron
ministerie van het waalse gewest
Decreet betreffende de milieuvergunning
sluiten betreffende de milieuvergunning ;
Gelet op het
besluit van de Waalse Regering van 13 december 2018Relevante gevonden documenten
type
decreet
prom.
11/03/1999
pub.
08/06/1999
numac
1999027439
bron
ministerie van het waalse gewest
Decreet betreffende de milieuvergunning
sluiten4 betreffende de erkenning van de personen die een boring verrichten of die putten bestemd voor een toekomstige grondwaterwinning, de installatie van geothermische sondes, de geologische erkenning, de prospectie en de installatie van piëzometers uitrusten, en tot wijziging van diverse besluiten ;
Gelet op het rapport van 4 maart 2018 opgesteld overeenkomstig artikel 3, 2°, van het
decreet van 11 april 2014Relevante gevonden documenten
type
decreet
prom.
11/04/2014
pub.
06/06/2014
numac
2014203532
bron
waalse overheidsdienst
Decreet houdende uitvoering van de resoluties van de Vrouwenconferentie van de Verenigde Naties die in september 1995 in Peking heeft plaatsgehad en tot integratie van de genderdimensie in het geheel van de gewestelijke beleidslijnen
sluiten houdende uitvoering van de resoluties van de Vrouwenconferentie van de Verenigde Naties die in september 1995 in Peking heeft plaatsgehad en tot integratie van de genderdimensie in het geheel van de gewestelijke beleidslijnen ;
Gelet op het advies van de Beleidsgroep Leefmilieu, gegeven op 28 september 2018;
Gelet op het verzoek om adviesverlening binnen een termijn van 30 dagen, gericht aan de Raad van State, op 5 april 2019, overeenkomstig artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
Gelet op het gebrek aan adviesverlening binnen die termijn;
Gelet op artikel 84, § 4, tweede lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
Op de voordracht van de Minister van Leefmilieu;
Na beraadslaging, Besluit : HOOFDSTUK I. - Wijzigingen in het reglementair deel van Boek II van het Waals Milieuwetboek, dat het Waterwetboek inhoudt Artikel 1.In het reglementair deel van Boek II van het Milieuwetboek, dat het Waterwetboek inhoudt, deel II, titel VII, hoofdstuk III, afdelingen 1 tot 3, bevattende de artikelen R.143 tot R.187, worden de afdelingen 1 tot 6, bevattende de artikelen R.143 tot 170, als volgt vervangen: "Afdeling 1. Begripsomschrijvingen Art. R.143. Voor de toepassing van dit hoofdstuk wordt verstaan onder: 1° motorsportactiviteiten: snelheids- of behendigheidsproeven, testritten, oefensessies of recreatieve gebruikswijzen waarbij automobiele rijtuigen ingezet worden;2° administratie: het Departement Leefmilieu en Water van de Waalse Overheidsdienst Landbouw, Natuurlijke Hulpbronnen en Leefmilieu;3° exploitant: exploitant in de zin van artikel 1, lid 1, 8°, van het
decreet van 11 maart 1999Relevante gevonden documenten
type
decreet
prom.
11/03/1999
pub.
08/06/1999
numac
1999027439
bron
ministerie van het waalse gewest
Decreet betreffende de milieuvergunning
sluiten betreffende de milieuvergunning;4° oppervlakteïnstallatie: deel van het bouwwerk voor waterwinning dat aan de oppervlakte gelegen is, evenals het gebouw ter bescherming ervan, met inbegrip van de verluchtingssystemen en de kijkgaten;5° Minister: de Minister bevoegd voor Leefmilieu;6° "pesticide", ofwel: a) een gewasbeschermingsmiddel in de zin van Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen en tot intrekking van de Richtlijnen 79/117/EEG en 91/414/EEG van de Raad; b) een biocide in de zin van Verordening (EU) nr.528/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 22 mei 2012 betreffende het op de aanbieden en het gebruik van biociden; 7° watervlak: het reservoir van een stuwdam;8° proefpomping: pomping waarbij een duur van twaalf maanden niet overschreden wordt, uitgevoerd met het oog op de bepaling van de kenmerken van de aangesproken grondwaterlaag;9° tijdelijke pomping: pomping uitgevoerd bij civieltechnische publieke of privé-werken;réservoir 10° waterwinning: verrichting waarbij tot drinkwater verwerkbaar oppervlaktewater of grondwater afgenomen wordt;11° bovengrondse watertank: watertank die geplaatst kan worden, ofwel in de open lucht, ofwel in een al dan niet ondergronds lokaal, ofwel in een niet wederopgevulde put;12° ingegraven watertank: watertank die geheel of ten dele onder de bodem gelegen is en waarvan de wanden rechtstreeks in aanraking is met de grond eromheen of de opvulspecie; 13° auto: automobiel voertuig in de zin van artikel 2.21 van het
koninklijk besluit van 1 december 1975Relevante gevonden documenten
type
koninklijk besluit
prom.
01/12/1975
pub.
31/03/2000
numac
1999000004
bron
ministerie van binnenlandse zaken
Koninklijk besluit houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer - Duitse vertaling
type
koninklijk besluit
prom.
01/12/1975
pub.
14/07/2014
numac
2014000537
bron
federale overheidsdienst mobiliteit en vervoer
Koninklijk besluit houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen
sluiten houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg.
Betreffende 1° zijn de recreatieve gebruikswijzen van voertuigen die, welke beoogd zijn bij rubriek 92.61.10 van bijlage 1 bij het
besluit van de Waalse Regering van 4 juli 2002Relevante gevonden documenten
type
besluit van de waalse regering
prom.
04/07/2002
pub.
21/09/2002
numac
2002027817
bron
ministerie van het waalse gewest
Besluit van de Waalse Regering betreffende de procedure en diverse maatregelen voor de uitvoering van het decreet van 11 maart 1999 betreffende de milieuvergunning
type
besluit van de waalse regering
prom.
04/07/2002
pub.
21/09/2002
numac
2002027818
bron
ministerie van het waalse gewest
Besluit van de Waalse Regering tot bepaling van de lijst van de aan een milieueffectstudie onderworpen projecten en van de ingedeelde installaties en activiteiten
sluiten tot bepaling van de lijst van aan een milieueffectenstudie onderworpen projecten en ingedeelde installaties en activiteiten. Afdeling 2. - Oppervlaktewaterwinningen van tot drinkwater verwerkbaar
water en waterwinnings-, voorkomings- en toezichtsgebieden Onderafdeling 1. - Oppervlaktewaterwinningen van tot drinkwater verwerkbaar water en waterwinningsgebieden Art. R.144. § 1. Onverminderd de algemene voorwaarden, vastgesteld bij de Waalse Regering krachtens het
decreet van 11 maart 1999Relevante gevonden documenten
type
decreet
prom.
11/03/1999
pub.
08/06/1999
numac
1999027439
bron
ministerie van het waalse gewest
Decreet betreffende de milieuvergunning
sluiten betreffende de milieuvergunning voldoen de oppervlaktewaterwinningen voor tot drinkwater verwerkbaar water aan volgende minimumvoorwaarden: 1° de kwaliteit van het oppervlaktewater waarin de afname plaatsvindt, wordt gevrijwaard;2° de afgenomen waterkwaliteit brengt geenszins het ecologisch en sanitair evenwicht van het oppervlaktewater in het gedrang;3° de veiligheid van de personen en de goederen wordt niet aangetast door de afnames verricht in het tot drinkwater verwerkbaar oppervlaktewater. § 2. De administratie kan nagaan, of de regelingen voor het meten van de volumes, van het waterpeil en de afname van stalen in het bouwwerk voor waterwinning zich in goede staat bevonden; ze wordt ingelicht over iedere wijziging of vervanging van deze regelingen.
De houder van een milieuvergunning voor inrichtingen die een waterwinning bevatten deelt de administratie, uiterlijk ieder jaar op 31 maart, het volume water mee dat in de loop van het voorgaande jaar is afgenomen, en over het algemeen ieder gegeven dat verband houdt met de voorwaarden van de milieuvergunning en de nadere regels voor het gebruik van de waterwinning.
Art. R.145. § 1. De oppervlaktewaterwinningen voor tot drinkwater verwerkbaar water worden in twee categorieën opgedeeld.
Categorie A bevat alle waterwinningen, daaronder inbegrepen de winningen door particulieren met uitsluitend gebruik voor hun gezin, uitgezonderd de winningen uit categorie B. Categorie B omvat de waterwinningen ten behoeve van: 1° de publieke distributie;3° de menselijke consumptie;3° de vervaardiging van voedingsmiddelen;4° de bevoorrading van de publieke installaties van zwembaden, baden, douches of andere gelijksoortige installaties. § 2. De oppervlaktewaterwinningen voor tot drinkwater verwerkbaar water uit categorie B worden opgedeeld in drie subcategorieën: 1° subcategorie B.1, die iedere waterwinning omvat uit onbevaarbare waterlopen; 2° subcategorie B.2, die iedere waterwinning omvat uit watervlakken; 3° subcategorie B.3, die iedere waterwinning omvat uit bevaarbare waterlopen.
Art. R.146. § 1. Er wordt om ieder bouwwerk voor waterwinningen van tot drinkwater verwerkbaar water een waterwinningsgebied aangelegd.
Het waterwinningsgebied wordt op grond van een terreinonderzoek aangelegd. Doel ervan is, de impact te berken van de onmiddellijke vervuilingsbronnen in de oppervlakte-installaties die strikt noodzakelijk zijn voor de winning en behandeling van water. Het afbakenen van dat gebied is een taak van de exploitant van de waterwinning met instemming van de beheerder van het watervlak of de waterloop voor de waterwinningen uit categorieën B.2 en B.3, en is daadwerkelijk zodra inbedrijfname ervan. Dit aldus opgerichte gebied wordt zone I genoemd. § 2. Het waterwinningsgebied wordt beschermd door een omheining of een andere toegangsbeschermende regeling.
Op het deel van het gebied, gelegen in de waterloop of in het watervlak waar geen omheining mogelijk is, wordt, stroomopwaarts ten opzichte van de waterwinning, een drijvend scherm zoals een ring of een gordel van boeien aangelegd. Indien dit drijvend scherm onmogelijk aangelegd kan worden, om redenen als veiligheid of de vrije waterdoorstroming, kan een eenvoudige waarschuwingsboei ter hoogte van de waterwinning geplaatst worden.
Op de oever worden verkeersborden voor waterwingebied aangebracht. § 3. In het waterwinninsgebied wordt iedere andere activiteit dan die verband houdend met waterafname of -behandeling verboden. Het gebruik van met name pesticiden is verboden. Enkel het manueel, mecahnisch of thermisch wieden wordt toegelaten. § 4. Er kunnen in het in artikel R.157 bedoeld ministerieel besluit ter afbakening van het (de) voorkomingsgebied(en) aanvullende maatregelen voor de bescherming van het waterwinningsgebied nader worden bepaald.
Onderafdeling 2. - Voorkomingsgebied en toezichtsgebied Art. R.147. § 1. Er wordt een nabijgelegen voorkomingsgebied, hierna gebied II.A genoemd, gevestigd voor iedere waterwinning voor tot drinkwater verwerkbaar water voor publieke distributie en de vervaardiging van voedingsmiddelen.
Gebied II.A wordt door de Minister vastgesteld, op eigen initiatief dan wel op voorstel van de exploitant, de houder van de machtiging of de milieuvergunning. § 2. De grenzen van gebied II.A worden voor elke waterwinningscategorie, bedoeld in artikel R.145, omschreven op grond van een stroomgebiedsonderzoek en volgende criteria: 1° voor de waterwinningen uit categorie B.1: a) strekt de grens in de lengteas van gebied II.A zich uit over een vanaf het waterwinningspunt berekende afstand tot aan het stroomopwaarts gelegen punt vanaf waar het water van de waterloop nog een traject van minstens twee uur aflegt; b) strekt de grens in de breedteas van gebied II.A zich uit over een van de oeverrug berekende afstand van vijftien tot vijftig meter afhankelijk van het terreinonderzoek langs de lengteas; 2° voor de waterwinningen uit categorie B.2: a) strekt de grens over de lengteas van gebied II.A zich uit over het geheel van het watervlak of van een sector van het watervlak waarbij een watertrajecttijd van minstens twee uur berekend wordt; b) strekt de grens in de breedteas zich uit over een van de oeverrug berekende afstand van vijftien tot vijftig meter afhankelijk van het terreinonderzoek; 3° voor de waterwinningen uit categorie B.3: a) strekt de grens in de lengteas van gebied II.A zich uit over een vanaf het waterwinningspunt berekende afstand tot aan het stroomopwaarts gelegen punt vanaf waar het water van de waterloop nog een traject van minstens twee uur aflegt; b) strekt de grens in de breedteas van gebied II.A zich uit over een van de oeverrug berekende afstand van vijftien tot vijftig meter afhankelijk van het terreinonderzoek langs de lengteas.
Voor de toepassing van deze paragraaf wordt de watertrajecttijd berekend tegen een waterdebiet met percentiel 90.
Betreffende lid 1, 2°, a) kan gebied II.A in voorkomend geval een deel van de hoofdwaterloop (-lopen) stroomopwaarts ten opzichte van het watervlak inhouden, evenals de zijtakken ervan waarvan het debiet significant is.
Om de uitgestrektheid van het voorkomingsgebied te bepalen en de trajecttijd van een potentieel vervuilend product tot aan de waterwinning te berekenen, wordt in het in lid 1 bedoelde stroomgebiedsonderzoek rekening gehouden met de aanwezigheid van zijtakken waarvan het debiet significant is ten opzichte van de hoofdwaterloop om een vervuilingsrisico voor de waterwinning te vormen. § 3. In afwijking van paragraaf 2 kan de afbakening van gebied II.A samenvallen met natuurlijke of kunstmatige topografische bakens of grenzen zoals verkeerswegen, waterlopen, rooilijnen of administratieve grenzen zoals kadastrale afdelingen.
Art. R.148. § 1. Er wordt een afgelegen voorkomingsgebied, hierna gebied III.B genoemd, voor iedere waterwinning ten behoeve van publieke distributie of de vervaardiging van voedingsmiddelen van categorie B.1 en B.2 bedoeld in artikel R.145. Dit is facultatief voor de waterwinningen van categorie B.3 bedoeld in hetzelfde artikel.
Gebied II.B wordt door de Minister vastgesteld, op eigen initiatief dan wel op voorstel van de exploitant. § 2. Gebied II.B is vervat tussen gebied II.A en de grenzen van het stroomgebied van de betrokken oppervlaktewaterwinning. De grenzen van dit gebied worden voor elke categorie van waterwinning bepaald door een stroomgebiedsonderzoek ter beoordeling van de risico's op een eventuele vervuiling van de waterwinning rekening houdend met de menselijke activiteiten, de grondinneming en de hydrografische context. § 3. In afwijking van paragraaf 2 kan de afbakening van gebied II.B samenvallen met natuurlijke of kunstmatige topografische bakens of grenzen zoals verkeerswegen, waterlopen, rooilijnen of administratieve grenzen zoals kadastrale afdelingen.
Art. R.149. Er kan een toezichtsgebied worden bepaald voor elke waterwinning bedoeld in artikel R.145, § 2. Dit wordt door de Minister vastgesteld, op eigen initiatief of op voorstel van de exploitant. De grenzen van het toezichtsgebied worden bepaald op grond van een onderzoek ter afbakening van het bevoorradingsgebied van de oppervlaktewaterwinning. Afdeling 3. - Grondwaterwinningen, waterwinnings-, voorkomings- en
toezichtsgebieden Art. R.150. § 1. Er wordt om ieder bouwwerk voor grondwaterwinningen een waterwinningsgebied aangelegd.
Het waterwinningsgebied wordt door een lijn afgebakend, gelegen op een afstand van tien meter van de buitengrenzen van de oppervlakte-installaties die strikt nodig zijn voor de waterwinning.
Dit aldus opgerichte gebied wordt zone I genoemd. § 2. In afwijking van paragraaf 1 worden, wat de proefpompingen, de tijdelijke pompingen en de waterwinningen gelegen in een actieve steengroeve betreft, de grenzen van het waterwinningsgebied in de milieuvergunning nader bepaald.
Art. R.151. Er wordt een voorkomingsgebied in de vrije waterlaag bepaald voor iedere tot drinkwater verwerkbare waterwinning ten behoeve van de publieke distributie of de verpakking van mineraalwater of frisdrank, bier, cider, fruitwijn of andere gegiste dranken.
Er kan een voorkomingsgebied bepaald worden voor iedere in lid 1 bedoelde waterwinning in het spanningswater. In dat geval kan de aanvraag tot afbakening van het voorkomingsgebied uitgaan van de exploitant of door de Minister worden opgelegd.
Art. R.152. § 1. In de vrije waterlaag wordt het voorkomingsgebied van een waterwinning opgesplitst in twee subgebieden: 1° het nabijgelegen voorkomingsgebied of gebied II.a; 2° het afgelegen voorkomingsgebied of gebied II.b.
Gebied II.a is gelegen tussen de omtrek van gebied I en een lijn gelegen op een afstand van het bouwwerk voor de waterwinning die overeenstemt met een grondwatertraject van vierentwintig uur tot aan het bouwwerk in verzadigde bodem.
Bij onvoldoende gegevens om de afbakening van gebied II.a volgens het beginsel uit lid 2 mogelijk te maken, wordt dat gebied afgebakend door een lijn gelegen op een horizontale afstand van vijfendertig meter vanaf de oppervlakte-installaties voor putten, bronnen en opbrengsten, en door twee lijnen gelegen op vijfentwintig meter aan beide kanten van de oppervlakteprojectie van de lengteas bij galerijen en drainages.
Gebied II.b is gelegen tussen de buitenomtrek van gebied II.a en een lijn gelegen op een afstand van het bouwwerk voor de waterwinning die overeenstemt met een grondwatertraject van vijftig dagen tot aan het bouwwerk in verzadigde bodem.
Bij onvoldoende gegevens om de afbakening van gebied II.b volgens het principe uit lid 4 mogelijk te maken, bedraagt de afstand van de omtrek van dat gebied tot de buitenomtrek van gebied II.a: 1° honderd meter voor waterhoudende zandformaties;2° honderdvijftig meter voor waterhoudende grintformaties;3° duizend meter voor de waterhoudende gespleten of karstformaties. Gebied II.b overschrijdt evenwel niet de buitenomtrek van het bevoorradingsgebied.
Wanneer het grondwater dat het bouwwerk voor de waterwinning bevoorraadt afvloeit volgens preferentiële assen, strekt gebied II.b zich langs deze assen uit, over een maximumafstand van duizend meter en over een breedte die minstens gelijk is aan de breedte van gebied II.a.
Deze afstanden kunnen worden herzien als een latere gegevensverkrijging de vastlegging mogelijk maakt van gebied II.b in functie van de watertrajecttijden of de grenzen van het bevoorradingsgebied. § 2. Bij spanningswater is het voorkomingsgebied, bij een bestaand vervuilingsrisico, het gebied waarin de watertrajecttijd lager is dan vijftig dagen in verzadigde bodem. Dit gebied heeft de kenmerken van een afgelegen voorkomingsgebied. § 3. Voor de waterwinningen ten behoeve van de publieke distributie waarvan de verdeler er binnen een termijn van vijf jaar denkt van af te zien en voor de waterwinningen met een productievolume lager dan 36.500 m3/jaar, berust de afbakening van de voorkomingsgebieden, voor zover er geen enkel kwaliteitsprobleem van anthropische oorsprong wordt waargenomen, op de forfaitaire afstanden van paragraaf 1, aangepast aan de hydrogeologische context. Als er een kwaliteitsprobleem wordt waargenomen, kan de afbakening van het voorkomingsgebied worden aangevuld na een aanvullend onderzoek.
Iedere exploitant deelt jaarlijks aan de administratie, als bijlage bij de resultaten van de analyses die hij krachtens de artikelen R.230, § 1, 2°, voor de grondwaterwinningen en artikel R.230, § 1, 3°, voor de oppervlaktewaterwinninngen meedeelt, de lijst van winningen mee waarvan hij denkt af te zien.
Art. R.153. In afwijking van de artikelen R.150 et R.152 kan de afbakening van de waterwinnings- en voorkomingsgebieden samenvallen met natuurlijke of kunstmatige topografische bakens of grenzen zoals verkeerswegen, waterlopen, omheiningen, rooilijnen of administratieve grenzen zoals kadastrale afdelingen.
Art. R.154. Er kan een toezichtsgebied worden bepaald voor elke waterwinning bedoeld in artikel R.151. Dit wordt door de Minister vastgesteld, op eigen initiatief of op voorstel van de exploitant of de "SPGE". De grenzen van het toezichtsgebied worden bepaald op grond van een onderzoek ter afbakening van het bevoorradingsgebied van de grondwaterwinning. Afdeling 4. - Waterwinningen die zich buiten het grondgebied van het
Waalse Gewest bevinden Art. R.155. De exploitant van een, buiten het grondgebied van het Waalse Gewest gelegen, waterwinning ten behoeve van de publieke distributie of de verpakking van mineraal water of frisdrank, bier, cider, fruitwijn of andere gegiste dranken kan bij de Minister een afbakening van een voorkomingsgebied aanvragen.
De daarmee verband houdende beschermingsmaatregelen zoals die welke beoogd zijn in de artikelen R.164 tot R.172 en de financiering ervan worden in onderlinge overeenstemming tusse partijen van het internationaal akkoord of het samenwerkingsakkoord tussen gewesten vastgesteld. Afdeling 5. - Procedure voor de afbakening van voorkomings- en
toezichtsgebieden Onderafdeling 1. - Voorlopige voorkomingsgebieden Art. R.156. Vooraleer de ontwerp-afbakening van een voorkomingsgebied vast te leggen, delen de houders van waterwinningen bedoeld in de artikelen R.145, § 2, en R.151 waarvoor de afbakening van een voorkomingsgebied verplicht is, de coördinaten van elke waterwinning en het tracé van de nabij- en afgelegen voorkomingsgebieden overeenkomstig de artikelen R.147, R.148, R.152 en R.153 aan de Minister mee.
De Minister neemt voorlopig het tracé van de voorkomingsgebieden bedoeld in lid 1 aan. De beschermingsmaatregelen bedoeld in de artikelen R.164 tot R.172 zijn van toepassing te rekenen van de bekendmaking van het ministerieel besluit in het Belgisch Staatsblad, uitgezonderd de bestaande bouwwerken, gebouwen en installaties.
Onderafdeling 2. - Voorkomingsgebied en toezichtsgebied Art. R.157. § 1. Vooraleer de aanvraag tot milieuvergunning of de aangifte voor de waterwinning in te dienen, stelt de exploitant, voor de gebieden bedoeld in artikel R.147, R.148, § 1, lid 1, en R.151 of op eigen initiatief of op verzoek van de Minister voor de gebieden bedoeld in artikel R.148, § 1, lid 2, R.149 en R.154, de ontwerp-afbakening van een voorkomings- of toezichtgebied vast. Het dossier omvat volgende documenten: 1° een uiteenzettend dossier of uiteenzettende nota waarin het voorstel tot afbakening verantwoord wordt en ieder onderzoek waarop de ontwerp-afbakening gebaseerd is; 2° een plattegrond, opgemakat op maximumschaal 1/10.000e met opgave van de bouwwerken voor de waterwinning en de grenzen van de overwogen waterwinnings-, voorkomings- of toezichtsgebieden; 3° een uittreksel van een topografisch-geologische kaart met opgave van de ligging en de grenzen van de voorkomingsgebieden of van het overwogen toezichtsgebied en de grenzen van het stroomgebied van de waterwinning;4° een uittreksel van het kadastraal plan met opgave van de percelen gelegen in de overwogen waterwinnings-, voorkomings- of toezichtsgebieden; 5° een actieprogramma met een inschatting van de acties die de exploitant moet voeren om het voorkomingsgebied te beschermen, evenals een evaluatie van de schadeloosstelling voor de directe en materiële schade uit de verplichting, voor derden, om hun bouwwerken, gebouwen of installaties, bestaand op datum van inwerkingtreding van het ministerieel besluit tot afbakening van het voorkomings- of toezichtsgebied, in overeenstemming te brengen met de bepalingen van de artikelen R.165 tot R.167; 6° een specifiek toezichtsprogramma voor het bevoorradingsgebied voor de waterwinning als het dossier een oppervlaktewaterwinning betreft voor tot drinkwater verwerkbaar water;7° een milieueffectenverslag, in de vorm van een verslag waarvan de structuur bepaald wordt krachtens paragraaf 2 of, in voorkomend geval, wanneer de afbakeningsaanvraag voor een voorkomings- of toezichtsgebied het gebruik van kleine, plaatselijke gebieden bepaalt of geringe wijzigingen voor vooraf omschreven gebieden inhoudt en de exploitant acht dat dit geen niet te verwaarlozen effecten zou kunnen hebben op het leefmilieu, een aanvraag tot vrijstelling van milieueffectenbeoordeling. Betreffende lid 1, 5°, bevat het actieprogramma een omschrijving van de aard van de acties, een kostenraming en een kalender voor de uitvoering ervan. Het actieprogramma wordt vooraf goedgekeurd door de "SPGE" wanneer de exploitant aan haar gebonden is door een dienstcontract voor de bescherming van tot drinkwater verwerkbaar water.
Betreffende lid 1, 7°, wordt de vrijstellingsaanvraag verantwoord ten opzichte van de criteria die de vermoedelijke globale omvangbepaling van de effecten bedoeld in artikel D.54 van Boek I van het Milieuwetboek mogelijk maken. § 2. De structuur van het milieueffectenverslag dat de inhoud bedoeld in artikel D.56, § 3, van Boek I van het Milieuwetboek bevat, wordt door de Minister vastgesteld. § 3. In afwijking van paragraaf 1 kan de verdeler of de leverancier die met de exploitant van de tot drinkwater verwerkbare waterwinning een leveringscontract heeft gesloten, waarbij het water hem in bulk wordt geleverd, in plaats van en met instemming van de exploitant, het dossier inzake de afbakening van het voorkomings- en toezichtsgebied indienen.
Art. R.158. Het dossier wordt op een papieren informatiedrager ofwel bij ter post aangetekend schrijven met bericht van ontvangst ofwel bij indiening van het dossier tegen bewijs van ontvangst aan de administratie gericht door de personen bedoeld in artikel R.157, §§ 1 en 3, met toevoeging van één exemplaar op een papieren informatiedrager per gemeente betrokken bij het ontwerp.
Het wordt eveneens op een elektronische informatiedrager met mogelijkheid tot bericht van ontvangst aan de administratie en aan de "SPGE" overgemaakt.
De administratie spreekt zich over de volledigheid van het dossier uit binnen de twintig dagen na ontvangst van de aanvraag en geeft, binnen deze termijn, kennis van haar beslissing aan de exploitant, aan de verdeler of de leverancier in het geval bedoeld in artikel R.157, § 3.
Als de administratie het dossier onvolledig verklaart, wordt de exploitant, of de verdeler of de leverancier in het geval bedoeld in artikel R.157, § 3, verzocht het dossier dienovereenkomstig verder aan te vullen en het opnieuw voor te leggen binnen de zes maanden te rekenen van de ontvangst van dit beantwoorde verzoek om vervollediging.
Bij gebreke van beslissing van de administratie binnen de termijn bedoeld in lid 1 wordt het dossier ontvankelijk geacht en wordt de procedure voortgezet.
Art. R.159. Als de administratie het dossier volledig verklaart of in het geval bedoeld in artikel R.158, lid 4, legt ze het dossier, binnen de negentig dagen nadat de verklaring over de volledigheid ervan is verstuurd of na afloop van de termijn bedoeld in artikel R.158, lid 2, samen met haar advies en een voorstel tot beslissing, ter goedkeuring aan de Minister voor en licht ze de exploitant in over de datum waarop diens dossier aan de Minister is voorgelegd.
Indien het dossier niet binnen die termijn door de administratie bij de Minister is ingediend, legt de exploitant, of de verdeler of de leverancier in het geval bedoeld in artikel R.157, § 3, het dossier binnen de dertig dagen ter goedkeuring aan de Minister voor, in evenveel exemplaren als vermeld in artikel R.158, § 1.
Art. R.160. Wanneer de aanvraag een aanvraag bevat tot vrijstelling van de milieueffectenbeoordeling bedoeld in artikel R.157, § 1, 7°, raadpleegt de Minister de Beleidsgroep Leefmilieu, de betrokken gemeenten en de personen en instanties die hij daartoe nuttig acht. De adviezen worden binnen de dertig dagen na het verzoek aan de Minister overgemaakt. Na die termijn worden de adviezen geacht gunstig te zijn.
Binnen de dertig dagen nadat de raadplegingen zijn afgerond, beslist de Minister over de aanvraag tot vrijstelling. De beslissing van de Minister en de redenen om welke hij beslist heeft de ontwerp-afbakening van het voorkomings- of toezichtsgebied vrij te stellen van een milieueffectenbeoordeling worden in het Belgisch Staatsblad bekendgemaakt.
Art. R.161. § 1. De Minister keurt de ontwerp-afbakening van het voorkomings- of toezichtsgebied en het milieueffectenverslag of, in voorkomend geval, bij vrijstelling van milieueffectenbeoordeling, het ontwerp-actieprogramma goed en maakt ze, samen met de bijlagen over aan het gemeentecollege van de gemeenten waarvan het grondgebied voornoemde gebieden geheel of ten dele dekt.
Binnen de vijftien dagen na ontvangst van het dossier houden de gemeente een openbaar onderzoek overeenkomstig de bepalingen van Titel III van Deel III van Boek I van het Milieuwetboek. § 2. Het ontwerp-ministerieel besluit tot afbakening van het voorkomings- en toezichtsgebied, de bijlagen ervan en het milieueffectenverslag worden ter advies voorgelegd aan de Beleidsgroep Leefmilieu, aan de betrokken gemeenten, aan de "SPGE" indien zij met de exploitant verbonden is via een dienstverleningscontract ter bescherming van het tot drinkwater verwerkbaar water en aan de andere personen en instanties die de Minister nuttig acht te raadplegen.
De adviezen worden binnen de zestig dagen na het verzoek overgemaakt.
Zo niet worden ze geacht gunstig te zijn. § 3. Het dossier met de bemerkingen uit het openbaar onderzoek en, in voorkomend geval, de adviezen van de geraadpleegde personen en instanties worden aan de exploitant overgemaakt, of aan de verdeler of de leverancier in het geval bedoeld in artikel R.157, § 3.
Binnen de zestig dagen na ontvangst van die documenten deelt de exploitant, of de verdeler of de leverancier in het geval bedoeld in artikel R.157, § 3, zijn advies aan de Minister mee, evenals de samenvatting van de bemerkingen die uit het openbaar onderzoek naar voren zijn gekomen.
Wanneer het ontwerp van voorkomings- of toezichtsgebied aan een milieueffectenbeoordeling wordt onderworpen, deelt de exploitant, of de verdeler of de leverancier in het geval bedoeld in artikel R.157, § 3, eveneens een samenvatting mee van de adviezen van de geraadpleegde personen en instanties en legt een milieuverklaring voor die de wijze samenvat waarop milieuoverwegingen in het ontwerp-gebied worden opgenomen en waarop het milieueffectenverslag en de adviezen van de geraadpleegde instanties in overweging zijn genomen, evenals de redenen voor de keuze van het ontwerp-gebied, rekening houdend met de andere overwogen redelijke oplossingen.
Art. R.162. § 1. De Minister legt het voorkomings- of toezichtsgebied, het actieprogramma en in voorkomend geval het milieueffectenverslag vast, en reglementeert de activiteiten in dat gebied. De Minister neemt eveneens de milieuverklaring bedoeld in artikel R.161, § 3, lid 3, vast.
De Minister stelt de inwerkingtreding van de voorkomingsmaatregelen bedoeld in de artikelen R.164 tot R.172 voor de bestaande bouwwerken, gebouwen en installaties in het besluit bedoeld in lid 1 vast.
Uitgezonderd de situaties van dringende noodzakelijkheid, gemotiveerd door een dreigend risico, kunnen de termijnen, vastgesteld door de Minister en tegenstelbaar tegenover derden, korter zijn dan de referentietermijnen bedoeld in bijlage LVquater.
Als nieuwe inrichtingen worden beschouwd, de uitbreidingen van inrichtingen die bestaan op de datum van inwerkingtreding van het ministerieel besluit tot afbakening van het voorkomingsgebied wanneer zij een verhoging inhouden van de bestaande installatiecapaciteit met meer dan vijfentwintig percent op de datum van inwerkingtreding van het ministerieel besluit tot afbakening van het voorkomingsgebied. § 2. Het ministerieel afbakeningsbesluit en de milieuverklaring als de afbakening van het gebied aan een milieueffectenbeoordeling is onderworpen en de opvolgingsmaatregelen worden bekendgemaakt overeenkomstig de bepalingen van Titel III van Deel III van Boek I van het Milieuwetboek.
Daarvan wordt aan betrokkenen kennis gegeven, overeenkomstig de bepalingen van Titel III van Deel III van Boek I van het Milieuwetboek, evenals aan de Buitendirectie van de Waalse Overheidsdienst Ruimte, Wonen, Erfgoed en Energie.
Als de beslissing betrekking heeft op de afbakening van een voorkmingsgebied, wordt daar eveneens kennis van gegeven aan de "SPGE" wanneer ze gebonden is aan de exploitant, via een dienstverleningscontract ter bescherming van het tot drinkwater verwerkbaar water.
De exploitant, of de verdeler of leverancier in het geval bedoeld in artikel R.157, § 3, licht de personen in betrokken bij normeringswerken.
Art. R.163. Voor de waterwinningen ten behoeve van de publieke distributie waarvan de verdeler denkt af te zien binnen de vijf jaar, bakent de Minister de voorkomings- en toezichtsgebieden af op grond van de in artikel R.156 bedoelde gegevens die de exploitant mededeelt.
In deze gebieden zijn de maatregelen bedoeld in de artikelen R.164 tot en met R.172 niet van toepassing, uitgezonderd het plaatsen van verkeerstekens voor voorkomingsgebieden zoals bedoeld in artikel R.170, § 3, en omschreven in bijlage LVI. Indien er een risico bestaat op aantasting van de kwaliteit van de waterwinning binnen de vijf jaar voorafgaand aan de buitenbedrijfstelling, kan de Minister dringende maatregelen nemen die aangepast aan het gebleken risico en die van dezelfde aard zijn als de maatregelen bedoeld in artikel R.170.
Als de exploitant niet meer af wil zien van de betrokken waterwinning, wordt de afbakening van voorkomingsgebieden overeenkomstig de artikelen R.157 en R.158 uitgevoerd, voor de indiening van de aanvraag voor een milieuvergunning of de verklaring krachtens het
decreet van 11 maart 1999Relevante gevonden documenten
type
decreet
prom.
11/03/1999
pub.
08/06/1999
numac
1999027439
bron
ministerie van het waalse gewest
Decreet betreffende de milieuvergunning
sluiten betreffende de milieuvergunning. Afdeling 6 - Beschermingsmaatregelen
Onderafdeling 1 - Algemene bepalingen Art. R.164. § 1. De beschermingsmaatregelen bedoeld in deze afdeling zijn niet van toepassing op de door de Minister aangewezen gebieden, onverminderd de nadere inwerkingtredingregels van het ministerieel besluit tot afbakening van het voorkomings- en afbakeningsgebied, vastgesteld voor de bestaande bouwwerken, gebouwen en installaties.
Op eigen initiatief of op vraag van de exploitant kan de Minister voor elk aangewezen gebied beschermingsmaatregelen opleggen die de maatregelen bedoeld in deze afdeling aanvullen, of nog alternatieve maatregelen.
In dat geval is het verwachte resultaat voor de bescherming van mens of leefmilieu minstens gelijk aan het resultaat dat zou zijn verkregen door de toepassing van de maatregelen bedoeld in deze afdeling.
Voor de maatregelen bedoeld in paragraaf 1, lid 2, van dit artikel bevat de door de exploitant ingediende aanvraag die vooraf door de "SPGE" is goedgekeurd, een voorstel voor overwogen aanvullende maatregelen en de verantwoording ervan. De Minister beslist binnen de zestig dagen over de ontvangst van de aanvraag. Bij gebreke van beslissing van de Minister binnen deze termijn worden de aangevraagde beschermingsmaatregelen van kracht. § 2. Onverminderd paragraaf 1 kan de Minister geval per geval een vrijstelling verlenen van de verplichting tot de inachtneming van sommige beschermingsmaatregelen, bedoeld in deze afdeling, wanneer minstens aan één der volgende voorwaarden is voldaan: 1° wanneer het risico op aantasting van het grond- of oppervlaktewater wegens een dergelijke vrijstelling verwaarloosbaar is, net als het milieuvoordeel dat verwacht zou worden van de uitvoering van de beschermingsmaatregelen bedoeld in deze afdeling;2° wanneer de technische of financiële gevolgen van deze opgelegde maatregelen niet in verhouding staan tot het verwachte milieuvoordeel;3° wanneer andere maatregelen een gelijkwaardig beschermingsniveau voorzien ten opzichte van het voorradige oppervlaktewater of het ondergrondse waterlichaam. Onderafdeling 2 - Beschermingsmaatregelen voor de winningen van tot drinkwater verwerkbaar oppervlaktewater Art. R.165. § 1. In gebied II.A zijn de specifieke voorschriften of de verbodsbepalingen omschreven in volgende paragrafen van toepassing voor elk type activiteiten of de daarin nadere bepaalde installaties. § 2. De activiteiten in verband met afvalbeheer, bedoeld in deze paragraaf, voldoen aan volgende voorwaarden: 1° de technische ingravingscentra, bedoeld bij het decreet van 27 juni 1996 betreffende de afvalstoffen, zijn verboden;2° de opslagplaatsen en installaties voor het samenbrengen, verwijderen of positief benutten van afvalstoffen zijn verboden dan wel toegelaten tegen volgende voorwaarden: a) de vestiging van nieuwe opslagplaatsen of nieuwe installaties voor het samenbrengen, verwijderen of positief benutten van afvalstoffen bedoeld bij het decreet van 27 juni 1996 betreffende de afvalstoffen zijn verboden;b) de opslagplaatsen en de installaties voor het samenbrengen, verwijderen of positief benutten van afvalstoffen bedoeld bij het decreet van 27 juni 1996 betreffende de afvalstoffen die bestonden op de datum van inwerkingtreding van het ministerieel besluit tot afbakening van het voorkomingsgebied worden uitgerust met een inzamelsysteem waarbij gegarandeerd wordt dat lozingen van vloeistoffen naar de oppervlaktewateren onbestaande zijn. Deze paragraaf is niet van toepassing op de herinvoering, in hetzelfde meer, van uitbaggerde sedimenten. § 3. Ingegraven of bovengrondse opslagplaatsen voldoen aan volgende voorschriften: 1° bovengrondse of ingegraven opslagplaatsen van koolwaterstoffen van minstens honderd tot drie duizend liter voldoen aan de vereisten van het
besluit van de Waalse Regering van 17 juli 2003Relevante gevonden documenten
type
besluit van de waalse regering
prom.
17/07/2003
pub.
29/10/2003
numac
2003201612
bron
ministerie van het waalse gewest
Besluit van de Waalse Regering houdende integrale voorwaarden voor de opslag van brandbare vloeistoffen in vaste houders, met uitzondering van installaties voor bulkopslag van olieproducten en gevaarlijke stoffen alsook de opslag in benzinestations
type
besluit van de waalse regering
prom.
17/07/2003
pub.
23/09/2003
numac
2003200947
bron
ministerie van het waalse gewest
Besluit van de Waalse Regering tot aanwijzing van de directeurs, houtvesters en bosbeambten van de afdeling Natuur en Bossen die belast worden met de opsporing en de vaststelling van overtredingen van de bepalingen van het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Patrimonium
type
besluit van de waalse regering
prom.
17/07/2003
pub.
23/09/2003
numac
2003200948
bron
ministerie van het waalse gewest
Besluit van de Waalse Regering tot aanwijzing van de ambtenaren en personeelsleden die belast worden met de opsporing en de vaststelling van overtredingen van de bepalingen betreffende de thermische isolatie en de verluchting van gebouwen
type
besluit van de waalse regering
prom.
17/07/2003
pub.
16/10/2003
numac
2003201138
bron
ministerie van het waalse gewest
Besluit van de Waalse Regering tot bepaling van de vorm van de aanvragen en beslissingen betreffende de stedenbouwkundige vergunningen, de verkavelingsvergunningen en de wijzigingen van verkavelingsvergunningen
sluiten houdende integrale voorwaarden voor de opslag van brandbare vloeistoffen in vaste houders, met uitzondering van installaties voor bulkopslag van olieproducten en gevaarlijke stoffen alsook de opslag in benzinestations, hierna "
besluit van de Waalse Regering van 17 juli 2003Relevante gevonden documenten
type
besluit van de waalse regering
prom.
17/07/2003
pub.
29/10/2003
numac
2003201612
bron
ministerie van het waalse gewest
Besluit van de Waalse Regering houdende integrale voorwaarden voor de opslag van brandbare vloeistoffen in vaste houders, met uitzondering van installaties voor bulkopslag van olieproducten en gevaarlijke stoffen alsook de opslag in benzinestations
type
besluit van de waalse regering
prom.
17/07/2003
pub.
23/09/2003
numac
2003200947
bron
ministerie van het waalse gewest
Besluit van de Waalse Regering tot aanwijzing van de directeurs, houtvesters en bosbeambten van de afdeling Natuur en Bossen die belast worden met de opsporing en de vaststelling van overtredingen van de bepalingen van het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Patrimonium
type
besluit van de waalse regering
prom.
17/07/2003
pub.
23/09/2003
numac
2003200948
bron
ministerie van het waalse gewest
Besluit van de Waalse Regering tot aanwijzing van de ambtenaren en personeelsleden die belast worden met de opsporing en de vaststelling van overtredingen van de bepalingen betreffende de thermische isolatie en de verluchting van gebouwen
type
besluit van de waalse regering
prom.
17/07/2003
pub.
16/10/2003
numac
2003201138
bron
ministerie van het waalse gewest
Besluit van de Waalse Regering tot bepaling van de vorm van de aanvragen en beslissingen betreffende de stedenbouwkundige vergunningen, de verkavelingsvergunningen en de wijzigingen van verkavelingsvergunningen
sluiten" genoemd, en aan de maatregelen genomen krachtens het decreet van 1 maart 2018 betreffende bodembeheer en bodemsanering;2° bovengrondse of ingegraven opslagplaatsen van meer dan drie duizend liter koolwaterstoffen voldoen aan de vereisten van het
besluit van de Waalse Regering van 17 juli 2003Relevante gevonden documenten
type
besluit van de waalse regering
prom.
17/07/2003
pub.
29/10/2003
numac
2003201612
bron
ministerie van het waalse gewest
Besluit van de Waalse Regering houdende integrale voorwaarden voor de opslag van brandbare vloeistoffen in vaste houders, met uitzondering van installaties voor bulkopslag van olieproducten en gevaarlijke stoffen alsook de opslag in benzinestations
type
besluit van de waalse regering
prom.
17/07/2003
pub.
23/09/2003
numac
2003200947
bron
ministerie van het waalse gewest
Besluit van de Waalse Regering tot aanwijzing van de directeurs, houtvesters en bosbeambten van de afdeling Natuur en Bossen die belast worden met de opsporing en de vaststelling van overtredingen van de bepalingen van het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Patrimonium
type
besluit van de waalse regering
prom.
17/07/2003
pub.
23/09/2003
numac
2003200948
bron
ministerie van het waalse gewest
Besluit van de Waalse Regering tot aanwijzing van de ambtenaren en personeelsleden die belast worden met de opsporing en de vaststelling van overtredingen van de bepalingen betreffende de thermische isolatie en de verluchting van gebouwen
type
besluit van de waalse regering
prom.
17/07/2003
pub.
16/10/2003
numac
2003201138
bron
ministerie van het waalse gewest
Besluit van de Waalse Regering tot bepaling van de vorm van de aanvragen en beslissingen betreffende de stedenbouwkundige vergunningen, de verkavelingsvergunningen en de wijzigingen van verkavelingsvergunningen
sluiten;3° de opslagplaatsen van meer dan honderd liter vloeibare producten die stoffen bevatten, opgenomen in bijlage VII bij het decreetgevend deel, voldoen aan de vereisten van de geldende wetgeving inzake opslaginstallaties. Ter aanvulling van deze maatregelen zijn de koolwaterstoffen opgeslagen in waterdichte recipiënten, geplaatst op niet-waterdoorlatende oppervlakten uitgerust met een vergaarsysteem waarmee gegarandeerd kan worden dat er in het geval van lekken geen vloeistoffen geloosd worden; 4° de opslagplaatsen voor vaste producten die stoffen bevatten opgenomen in bijlage VII van het decreetgevend deel worden onder een dak geplaatst, op niet-waterdoorlatende oppervlakten uitgerust met een vergaarsysteem waarmee gegarandeerd kan worden dat er in het geval van lekken geen vloeistoffen geloosd worden die de kwaliteit van de oppervlaktewateren aantasten;5° de opslagplaatsen voor pesticiden zijn verboden, behalve de bestaande bovengrondse opslagplaatsen wanneer de opgeslagen hoeveelheid pe …
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.