📄 Wettekst
17 JUNI 1997. Besluit van de Vlaamse regering betreffende de opdracht van het personeel in het basisonderwijs
De Vlaamse regering, Gelet op het decreet betreffende het basisonderwijs van 25 februari 1997, inzonderheid op de artikelen 161, 163 en 195, 6°;
Gelet op het decreet van 27 maart 1991 betreffende de rechtspositie van bepaalde personeelsleden van het gemeenschapsonderwijs, inzonderheid op artikel 3, 12°;
Gelet op het decreet van 27 maart 1991 betreffende de rechtspositie van sommige personeelsleden van het gesubsidieerd onderwijs en de gesubsidieerde psycho-medisch-sociale centra, inzonderheid op artikel 5, 13°;
Gelet op het protocol nr. 264 van 27 mei 1997 houdende de conclusie van de onderhandelingen die gevoerd werden in de gemeenschappelijke vergadering van het sectorcomité en van onderafdeling "Vlaamse Gemeenschap" van afdeling 2 van het comité voor de provinciale en plaatselijke overheidsdiensten;
Gelet op het protocol nr. 48 van 27 mei 1997 houdende de conclusies van de onderhandelingen die gevoerd werden in het overkoepelend onderhandelingscomité;
Gelet op het akkoord van de Vlaamse minister, bevoegd voor de begroting gegeven op 5 mei 1997;
Gelet op de dringende noodzakelijkheid, gemotiveerd door de omstandigheid dat het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997 in werking treedt op 1 september 1997;
Hetzelfde geldt voor de eerste reeks bijhorende uitvoeringsbesluiten;
Het is voor de organisatie van het schooljaar 1997-1998 en voor de rechtszekerheid van schoolbesturen, directies en personeelsleden essentieel dat zij zo snel mogelijk uitsluitsel krijgen over de nieuw toe te passen regelgeving;
Gelet op het advies van de Raad van State, gegeven op 2 juni 1997 met toepassing van artikel 84, eerste lid, 2° van de gecoördineerde wetten op de Raad van State;
Op voorstel van de Vlaamse minister van Onderwijs en Ambtenarenzaken;
Na beraadslaging, Besluit : HOOFDSTUK I. - Algemeen Artikel 1.De artikelen 161, § 1, 162, 163, 164 en 165 van het decreet treden in werking op 1 september 1997. Art. 2.Dit besluit is van toepassing op het personeel van het gewoon en buitengewoon basisonderwijs gefinancieerd of gesubsidieerd door de Vlaamse Gemeenschap. Art. 3.Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder : 1° competenties : de bekwaamheden, vaardigheden en kwaliteiten die het personeelslid nodig heeft om de opdracht goed te kunnen uitoefenen;2° decreet : het decreet betreffende het basisonderwijs van 25 februari 1997;3° medisch personeel : arts;4° opdracht : het geheel van resultaatgebieden;5° onderwijzend personeel : onderwijzer, onderwijzer ASV, kleuteronderwijzer, kleuteronderwijzer ASV, leermeester godsdienst, leermeester zedenleer, leermeester lichamelijke opvoeding en leermeester ASV compensatietechniek Braille in type 6;6° onderwijzer : de onderwijzer belast met de functie van klastitularis, de onderwijzer belast met de functie van ambulante leerkracht, de onderwijzer belast met de functie van taakleraar, de onderwijzer belast met individueel onderwijs en de onderwijzer belast met opvoedende activiteiten, de leermeester bijzondere vakken andere dan lichamelijke opvoeding;7° orthopedagogisch personeel : orthopedagoog;8° paramedisch personeel : logopedist, kinesitherapeut, ergotherapeut, verpleger en kinderverzorger;9° psychologisch personeel : psycholoog;10° sociaal personeel : maatschappelijk werker. HOOFDSTUK II. - Modellen van functiebeschrijvingen Art. 4.De modellen van functiebeschrijvingen als bijlage gevoegd bij dit besluit vormen voor de directie en de personeelsleden van de scholen die op basis van een convenant tussen de vakorganisaties, de organisaties van schoolbesturen en de Vlaamse minister bevoegd voor Onderwijs functiebeschrijvingen opmaken conform de artikelen 159, eerste lid en 160, eerste lid van het decreet, een hulpmiddel bij het vastleggen van de inhoud van de opdracht. HOOFDSTUK III. - Directie Art. 5.De directeur heeft onder toezicht van het schoolbestuur de leiding van de school en is, behoudens gerechtvaardigde afwezigheden ten minste gedurende de hele periode van normale aanwezigheid van de leerlingen in één van de vestigingsplaatsen aanwezig. Art. 6.De directeur met een onderwijsopdracht moet de nodige regelingen treffen om tijdens die onderwijsopdracht in de klas te zijn. Hij is, behoudens gerechtvaardigde afwezigheden, ten minste gedurende de hele periode van normale aanwezigheid van de leerlingen in één van de vestigingsplaatsen aanwezig. Art. 7.De directeur die op basis van artikel 129 van het decreet de functie van adjunct-directeur vervult, voert, onder toezicht van het schoolbestuur, de opdrachten uit die hem, op voorstel van de directeur door het schoolbestuur worden toegekend. Hij is behoudens gerechtvaardigde afwezigheden, ten minste gedurende de hele periode van normale aanwezigheid van de leerlingen in één van de vestigingsplaatsen aanwezig. HOOFDSTUK IV. - Onderwijzend personeel Art. 8.§ 1. Onverminderd de toepassing van artikel 163, § 2 en § 3 van het decreet bedraagt de wekelijkse schoolopdracht van het onderwijzend personeel dat voltijds in het gewoon basisonderwijs fungeert maximum 26 klokuren, te presteren binnen de periode van de normale aanwezigheid van de leerlingen. § 2. In afwijking van § 1 dient de schoolopdracht van het onderwijzend personeel in vestigingsplaatsen die minder dan 28 lestijden gefinancierd of gesubsidieerd krijgen zodanig vastgelegd te worden dat er gedurende de volledige periode van normale aanwezigheid van de leerlingen iemand van het bestuurs- en onderwijzend personeel aanwezig is. Art. 9.De wekelijkse hoofdopdracht van het onderwijzend personeel dat voltijds in het gewoon basisonderwijs fungeert bedraagt ten minste 24 lestijden en ten hoogste 28 lestijden. Art. 10.De wekelijkse hoofdopdracht van het onderwijzend personeel dat voltijds in het gewoon basisonderwijs fungeert, en dat met toepassing van artikel 128 van het decreet belast is met beleidsondersteuning bedraagt ten minste 24 lestijden en ten hoogste 28 lestijden.
In de hoofdopdracht kunnen naast de lesopdracht ook de lestijden beleidsondersteuning begrepen zijn. Art. 11.§ 1. De wekelijkse schoolopdracht van het onderwijzend personeel dat deeltijds fungeert in het gewoon basisonderwijs bedraagt ten hoogste het evenredige deel van het in artikel 8 bedoelde aantal klokuren. § 2. Bij een deeltijdse opdracht, ontstaan uit het opsplitsen van een volledige opdracht wordt de hoofdopdracht, als volgt bepaald : Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld Deze regeling geldt niet voor de leermeester godsdienst, cultuurbeschouwing en niet-confessionele zedenleer. Art. 12.Onverminderd de toepassing van artikel 163 § 2 en § 3 van het decreet bedraagt de wekelijkse schoolopdracht van het onderwijzend personeel dat voltijds in het buitengewoon basisonderwijs fungeert maximum 26 klokuren, te presteren binnen de periode van de normale aanwezigheid van de leerlingen. Art. 13.De wekelijkse hoofdopdracht van het onderwijzend personeel dat voltijds in het buitengewoon basisonderwijs fungeert bedraagt ten minste 22 lestijden en ten hoogste 28 lestijden, met dien verstande dat elke lestijd besteed aan de lesopdracht uit de lestijden volgens de schalen wordt geput. Art. 14.De wekelijkse hoofdopdracht van het onderwijzend personeel dat voltijds in het buitengewoon basisonderwijs fungeert en dat met toepassing van artikel 128 van het decreet belast is met beleidsondersteuning bedraagt ten minste 22 lestijden en ten hoogste 28 lestijden, met dien verstande dat elke lestijd besteed aan de lesopdracht uit de lestijden volgens de schalen wordt geput.
In de hoofdopdracht kunnen naast de lesopdracht ook de lestijden beleidsondersteuning begrepen zijn. Art. 15.De wekelijkse schoolopdracht van het onderwijzend personeel dat deeltijds fungeert in het buitengewoon basisonderwijs bedraagt ten hoogste het evenredig deel van het in artikel 12 bedoelde klokuren. Art. 16.De administratieve taken verbonden aan de eigen functie behoren wel tot de opdracht, maar niet tot de schoolopdracht van het onderwijzend personeel. HOOFDSTUK V. - Paramedisch personeel Art. 17.Onverminderd de toepassing van artikel 163 § 2 en § 3 van het decreet bedraagt de wekelijkse schoolopdracht van het paramedisch personeel dat voltijds in het buitengewoon basisonderwijs fungeert maximum 26 klokuren, te presteren binnen de periode van normale aanwezigheid van de leerlingen. Art. 18.De wekelijkse hoofdopdracht van het paramedisch personeel dat voltijds in het buitengewoon basisonderwijs fungeert, bedraagt tenminste 24 lestijden en ten hoogste 28 lestijden. Art. 19.De hoofdopdracht van de paramedici die met toepassing van artikel 128 van het decreet belast zijn met beleidsondersteuning, bestaat uit een therapeutische opdracht en beleidsondersteuning. Art. 20.§ 1. De wekelijkse schoolopdracht van het paramedisch personeel dat deeltijds fungeert, bedraagt ten hoogste het evenredige deel van het in artikel 17 bedoelde aantal klokuren. § 2. Bij een deeltijdse opdracht, ontstaan uit het opsplitsen van een volledige opdracht, wordt de hoofdopdracht als volgt bepaald : Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld Art. 21.De administratieve taken verbonden aan de eigen functie behoren wel tot de opdracht, maar niet tot de schoolopdracht van het paramedisch personeel. HOOFDSTUK VI. -Medisch, sociaal, psychologisch en orthopedagogisch personeel Art. 22.Onverminderd de toepassing van artikel 163 § 2 en § 3 van het decreet bedraagt de wekelijkse schoolopdracht van artsen, maatschappelijk werkers, psychologen en orthopedagogen die voltijds in het buitengewoon basisonderwijs fungeren 32 klokuren. Art. 23.De wekelijkse schoolopdracht van het in artikel 22 bedoelde personeel dat deeltijds fungeert bedraagt ten hoogste het evenredige deel van het in artikel 22 bedoelde aantal klokuren. Art. 24.De administratieve taken verbonden aan de eigen functie behoren wel tot de opdracht, maar niet tot de schoolopdracht van de personeelsleden bedoeld in artikel 22. HOOFDSTUK VII. - Administratief personeel Art. 25.De wekelijkse schoolopdracht van het administratief personeel bedoeld in artikel 192 van het decreet dat voltijds in het basisonderwijs fungeert bedraagt 38 klokuren. Art. 26.De wekelijkse schoolopdracht van het administratief personeel bedoeld in artikel 192 van het decreet dat deeltijds fungeert bedraagt een evenredig deel van het in artikel 25 bedoelde aantal klokuren. HOOFDSTUK VIII. - Slotbepalingen Art. 27.De bepalingen van dit besluit treden in werking op 1 september 1997. Art. 28.De Vlaamse minister, bevoegd voor het onderwijs, is belast met de uitvoering van dit besluit.
Brussel, 17 juni 1997.
De minister-president van de Vlaamse regering, L. VAN DEN BRANDE De Vlaamse minister van Onderwijs en Ambtenarenzaken, L. VAN DEN BOSSCHE Bijlage Model van functiebeschrijving Directeur gewoon en buitengewoon basisonderwijs Doel van de functie : In opdracht van het schoolbestuur, binnen het kader van het pedagogisch project plannen, organiseren, coördineren en bijsturen van de schoolactiviteiten om de beoogde resultaten van de school na te streven en/of te realiseren. 1. Doel, visie voor de school Mee gestalte geven aan en/of uitvoeren van het pedagogisch project van de school Doel : de kinderen maximale ontplooiingskansen bieden, de eigenheid (het « profiel ») van de school accentueren, de continuïteit en de kwaliteit van het onderwijs bevorderen, de betrokkenheid van de participanten verhogen. Enkele voorbeelden van activiteiten : - samen met de verschillende participanten een bijdrage leveren tot het formuleren van het pedagogisch project, - in opdracht van het schoolbestuur meewerken aan het uitschrijven van het leerplan, het schoolwerkplan, schoolreglement, - alle betrokkenen (leerkrachten, ouders,...) informeren over en/of stimuleren tot het meewerken aan het pedagogisch project, - samen met alle betrokkenen de actie plannen inzake zorgverbreding en onderwijsvoorrang, - erop toezien dat alle activiteiten en initiatieven in de school kaderen binnen het pedagogisch project (zie ook resultaatgebied « kwaliteitsbewaking »), - ... 2. Kwaliteitsbewaking Opvolgen van de kwaliteit van het geboden onderwijs en van de opvoeding van de kinderen (zowel naar inhoud als naar vorm) Doel : ervoor zorgen dat de didactisch pedagogische aanpak van de leerkrachten en alle andere betrokkenen kadert binnen het pedagogisch project van de school en toelaat de opgelegde en de eigen doelstellingen te realiseren. Enkele voorbeelden van activiteiten : - toezicht houden op het respecteren van de leerplannen, handelingsplannen, het lesrooster en de gemaakte afspraken binnen het pedagogisch project (bijv. in geval van spijbelen, pesten, conflicthantering,...), - leerkrachten en paramedisch personeel opvolgen en begeleiden door o.a. klasbezoeken, - waken over een goede toepassing van de zorgverbreding en de zorgbreedte, - de nascholing van de medewerkers en de invoering van onderwijsvernieuwing stimuleren en opvolgen, - waken over de inhoudelijke kwaliteit van het geboden onderwijs en de opvoeding (toezien op de integratie van de cognitieve, affectieve, motorische aspecten); o.a. : - een zekere eenheid qua normering en sanctionering verzekeren, - de klasseraden (Buitengewoon Basisonderwijs) en het multi-disciplinair overleg (Gewoon Basisonderwijs) bijwonen, - schriften, toetsen, rapporten nakijken, - de leerlingendossiers en het leerlingvolgsysteem opvolgen, - samen met alle betrokkenen de concrete schoolwerking evalueren ten aanzien van het pedagogisch project, - de leerkrachten richting geven bij het opstellen van de jaarplannen (in functie van de vastgestelde prioriteiten en de gewenste schoolcultuur), - toezien op het « klasmanagement » (aanwezigheidsregister, jaarplannen, agendabeheer), - ... 3. Planning en organisatie In overleg met de betrokkenen, plannen, organiseren, coördineren en bijsturen van de schoolactiviteiten Doel : een adequate invulling van de pedagogisch-didactische taak mogelijk maken, een vlotte werking van de school waarborgen, de toekomst van de school veilig stellen. Enkele voorbeelden van activiteiten : - de aanwending van het lestijdenpakket vastleggen, lesrooster opstellen, leerlingengroepen samenstellen, - de voor- en naschoolse activiteiten plannen en organiseren (o.a. opvang van kinderen voor en na schooltijd en tijdens de vakantie, avondstudie,...), - diverse activiteiten of opdrachten binnen de school plannen en organiseren (o.a. toezicht, rijen, vervoer, maaltijden, EHBO, tijdschriften, organisatie van schoolfeesten, open-deur-dagen,...), - vergaderingen plannen en organiseren (personeel, participatieraden, klasseraden, multi-disciplinair overleg, ouders,...), - extra-muros activiteiten plannen en organiseren (leeruitstappen, toneelvoorstellingen,...), - de uitbreiding, het onderhoud en/of herstelling van de schoolgebouwen plannen, - de school binnen de lokale gemeenschap bekendheid geven/promoten (open-deur-dagen, folders, persconferentie, persmededelingen, aanwezigheidspolitiek,...), - afwezige leerkrachten vervangen, - verantwoordelijkheid opnemen voor de EHBO, - ... 4. Leiding geven aan het personeel Leiden en begeleiden van het personeel Doel : met een bekwaam en gemotiveerd team de doelstellingen van de school realiseren. Enkele voorbeelden van activiteiten : - nieuwe personeelsleden (pre)selecteren en/of aanwerven (o.a. sollicitatiebrieven beantwoorden, sollicitatiegesprekken voeren,...), - de verwachtingen ten aanzien van de personeelsleden verduidelijken o.a. d.m.v. functiebeschrijvingen (bijv. aangaande leerplannen, schoolcultuur, prestaties,...), - de personeelsleden begeleiden en opvolgen/coachen (functionerings- en adviesgesprekken voeren, de jaarplannen, lesvoorbereidingen en klasagenda's beoordelen, klassen bezoeken, informeren naar het welbevinden en de noden, kansen bieden tot nascholing,...), - de personeelsleden evalueren (regelmatige feedback geven, een formeel evaluatiegesprek houden), - het werk van de personeelsleden waarderen (schouderklopje; juiste persoon op de juiste plaats, rekening houdend met zijn/haar kwaliteiten en persoonlijke aspiraties; specialisatie in bijv. zang, lichamelijke expressie, creativiteit; directietaken delegeren), - een nascholingsplan voor de medewerkers uitwerken en hen tot nascholing stimuleren, - de samenwerking tussen de personeelsleden bevorderen om tot een hecht opvoedingsteam te komen (personeelsvergaderingen organiseren over pedagogische en didactische thema's, personeelslokaal inrichten, gemeenschappelijke activiteiten organiseren, zorgen voor een goede taakverdeling,...), - mentors aanduiden voor nieuwe leerkrachten en zelf aandacht besteden aan de pedagogisch-didactische begeleiding van beginnende leerkrachten, - goede persoonlijke contacten met personeelsleden onderhouden, - ... 5. Omgang met de kinderen Tijd maken om met de kinderen contact te houden Doel : actief deelnemen aan het schoolgebeuren, de kinderen beter leren kennen en begrijpen, kinderen oordeelkundig en adequaat begeleiden. Enkele voorbeelden van activiteiten : - kinderen bij zich roepen voor een extra beloning of straf, - kinderen aanspreken op de speelplaats; soms met hen een spelletje spelen, - op bijv. sportwedstrijden, toneel- of voordrachtwedstrijden,..., aanwezig zijn (en eventueel uitreiken van prijzen), - kinderen opvangen bij specifieke problemen (echtscheiding, pesterijen, mishandeling, hoederecht), - zelf eens een les geven (al of niet in aanwezigheid van de klastitularis), - extra-muros activiteiten bijwonen, - ... 6. Financieel-administratief beheer Opmaken, uitvoeren en opvolgen van de begroting Doel : de werkingsmiddelen optimaal besteden en beheren, het patrimonium van de school vrijwaren, voldoen aan een aantal wettelijke verplichtingen of verplichtingen/richtlijnen opgelegd door andere instanties (o.a. inrichtende machten).
Enkele voorbeelden van activiteiten : - een behoeftenplan/prioriteiten (aankopen, onderhoud, uitbreiding,...) opmaken, - de begroting opstellen in overleg met het schoolbestuur en na goedkeuring uitvoeren, - de boekhouding verzorgen (school, rekeningenbeheer, uitbetaling van de lonen, kasverrichtingen,...), - de financiële verrichtingen waarvoor volmacht door het schoolbestuur werd toegekend uitvoeren, - extra middelen verwerven (via allerhande acties zoals schoolfeesten en/of door het onderhouden van goede contacten met gemeente, bedrijven,...), - offertes opvragen, het lastenboek bij bouwwerken en/of herstellingen opmaken en opvolgen, - met leveranciers onderhandelen in verband met aankopen (o.a. didactisch materiaal, maaltijden, melk), - in overleg met de personeelsleden middelen toekennen bestemd voor het didactisch materiaal en de inrichting van de lokalen, - desgevallend het leerlingenvervoer beheren, - de budgetcontrole uitvoeren, - ... 7. Administratie en documentenbeheer Verantwoordelijkheid dragen voor een tijdige en correcte verwerking van de documentenstroom, de personeelsadministratie en de leerlingenadministratie Doel : verzekeren dat aan alle (decretaal opgelegde en andere) administratieve verplichtingen/afspraken wordt voldaan, de nodige werkingstoelagen verkrijgen, een goede informatiedoorstroming naar alle participanten waarborgen. Enkele voorbeelden van activiteiten : - toezien op de correcte verwerking van de personeelsadministratie (weddedossiers, rechtspositieregeling, evaluatiedossiers, verlofregelingen,...), - toezien op een correcte verwerking van de leerlingenadministratie (leerplichtcontrole, busvervoer, aanwezigheden, attesten, medisch-psychologisch-sociaal verslag, studietoelagen, ongevallenverzekering, schoolsparen,...), - allerhande documenten in verband met de school tijdig en correct invullen (bijv. de BAO formulieren,...), - desgevallend de administratie van het leerlingenvervoer verwerken, - alle in- en uitgaande correspondentie verwerken en indien nodig de betrokkenen informeren, - de archieven bijhouden, - ... 8. Communicatie en samenwerking met de ouders Verzekeren van een goede communicatie en samenwerking met de ouders Doel : de thuissituatie van het kind leren kennen, hen informeren over het kind, de specifieke aanpak en het schoolgebeuren in het algemeen, hen begeleiden bij het aanvaardingsproces en samen een realistisch toekomstperspectief uittekenen (Buitengewoon Basisonderwijs), hun medewerking vragen voor de werking van de school. Enkele voorbeelden van activiteiten : - informatie-avonden organiseren (op school en/of klasniveau) : - algemeen rond de werking van de school, - rond specifieke thema's, naargelang het type school (leerbedreigde kinderen, autisme, zorgverbreding,...), - of naar aanleiding van specifieke gebeurtenissen (eerste communie, lentefeest, overgang van zesde leerjaar naar het secundair onderwijs, van kleuter naar eerste leerjaar,...), - oudercontacten organiseren, - goede persoonlijke contacten onderhouden (aan de schoolpoort, huisbezoek, spreekkamer,...) veelal rond specifieke problemen met/van het kind, - de ouders eventueel uitnodigen op de klasseraad (Buitengewoon Basisonderwijs) en het multi-disciplinair overleg (Gewoon Basisonderwijs), - een goede afstemming verzekeren tussen ouders/school/PMS-centrum, - de medewerking van de ouders aan de schoolwerking bespreken (lees- zwemmoeders/vaders,...), - deelnemen aan de activiteiten van het oudercomité, - een schoolkrant of informatieblad opmaken, - ... 9. Contacten met schoolbetrokken instanties Verzekeren van een goede communicatie en/of samenwerking met diverse schoolbetrokken instanties Doel : goede relaties tussen de school en de buitenwereld opbouwen, hen informeren en optimaal bij het schoolgebeuren betrekken, informatie of professioneel advies inwinnen. Enkele voorbeelden van activiteiten : - rapporteren aan, overleggen met, adviseren van, voorstellen doen aan het schoolbestuur met betrekking tot de dagelijkse werking of de toekomst van de school, - contacten onderhouden met de begeleidingsdiensten, de inspectie, departement onderwijs, - oprichten van, leiden van en/of participeren aan de reglementair voorziene overlegorganen, (het V.G.V. comité, participatieraad, ondernemingsraad voorzitten, vergaderingen van BOC, LOC, LORGO), - desgevallend contacten onderhouden met o.a. de volgende instanties : - lokale gemeenschappen, - politie, brandweer, rijkswacht,..., - gezondheidscentra en PMS-centrum, - bepaalde socio-culturele organisaties, - directies van andere scholen, - ... 10. De eigen lesopdracht uitvoeren Uitvoeren van de eigen lesopdracht Doel : mee het lestijdenpakket van de school uitvoeren. Opmerking : Hiervoor verwijzen we naar de functiebeschrijvingen van de Klastitularis Lagere School, de Kleuterleider, de Taakleraar,... 11. Nascholing Instaan voor de eigen nascholing Doel : de invulling van de eigen opdracht verbeteren/optimaliseren. Enkele voorbeelden van activiteiten : - de doelstellingen van de overheid bestuderen, - (in overleg met het schoolbestuur) ingaan op het bestaand opleidingsaanbod, - de vakliteratuur volgen, - panelgesprekken met collega's organiseren/bijwonen, - de actualiteit, de maatschappelijke evoluties volgen, - ...
Competentieprofiel Directeur gewoon en buitengewoon basisonderwijs I. Vakbekwaamheid Gedragsindicatoren : - didactische kennis en vaardigheid bezitten, - leerplannen en handelingsplannen in grote lijnen kennen, - onderwijsregelgeving kennen en/of weten waar te vinden, - de ontwikkelingspsychologie van het kind kennen, - de eindtermen/ontwikkelingsdoelen in grote lijnen kennen, - over agogische vaardigheden beschikken (sociaal, psychologisch, communicatief), - ...
II. Persoonlijke vakbekwaamheden 1. Schoolbetrokkenheid De visie en de werking van de school steeds te verdedigen en kenbaar maken, om het eigen personeel en derden zo veel mogelijk bij de school te betrekken en om de werking van de school zo goed mogelijk te laten verlopen.2. Kindgerichtheid Activiteiten en werkwijzen zodanig uitvoeren dat ze vertrekken vanuit de leefwereld van het kind en er tevens op gericht zijn;goed kunnen omgaan met kinderen. 3. Teamleiderschap Richting en sturing geven aan een groep leerkrachten en andere personeelsleden, om hen te motiveren en enthousiasmeren voor het pedagogisch project van de school en om een goede samenwerking tussen hen tot stand te brengen.4. Organisatietalent Zijn/haar opdracht/taken op een doeltreffende wijze plannen en uitvoeren.5. Resultaatgerichtheid Vooropgestelde doelen behalen, zelfs onder moeilijke en/of tegenvallende omstandigheden. 6. Relatiebekwaamheid Naargelang de noodzaak, informele en formele contacten onderhouden met personeel, leerlingen, ouders, externe instanties,...; zich in die contacten assertief en diplomatisch gedragen. 7. Sociale ingesteldheid Ruimer denken, kunnen omgaan met mensen van verschillende achtergronden en oog hebben voor sociale en maatschappelijke fenomenen.8. Vernieuwingsgericht Nieuwe werkvormen, didactische materialen en voorbeelden helpen ontwikkelen, ze op een doelmatige en vernieuwende wijze aanwenden/integreren en het gebruik ervan bij hun leerkrachten stimuleren.9. Geloof in eigen kunnen Voldoende vertrouwen hebben in de eigen aanpak en bekwaamheid zodat men zelfvertrouwen en autoriteit uitstraalt.10. Flexibiliteit Openstaan voor andere meningen en de bekwaamheid om doelmatig te blijven functioneren onder veranderende omstandigheden en de eigen aanpak variëren met het oog op het efficiënter bereiken van het gedefinieerde doel. Model van functiebeschrijving Administratief personeel Gewoon en buitengewoon basisonderwijs Doel van de functie : Voorbereiden en uitvoeren van allerhande administratief ondersteunende taken om bij te dragen tot een vlotte werking van de school.
I. Belangrijkste resultaatgebieden 1. Leerlingenadministratie Allerlei gegevens in verband met de leerlingen bijhouden, klasseren en waar nodig bezorgen aan de verschillende betrokken partijen (in het gevraagde formaat) Doel : de school en andere instanties voorzien van de juiste leerlingengegevens, nodig voor hun eigen werking. Enkele voorbeelden van activiteiten : - inschrijvingsdocumenten voor nieuwe leerlingen invullen en klasseren (intypen op PC), - leerlingendossiers (op PC) bijhouden : adresveranderingen, keuzeformulieren in verband met godsdienst, zedenleer,..., - schoolveranderingen melden aan de bevoegde overheidsinstantie, - de voorgeschreven formulieren invullen voor de vaststelling van het lestijdenpakket en eventueel elektronisch doorsturen (EDISON-project), - klassenlijsten (leerlingen per klas) opstellen, - lijsten voor PMS-centrum, tandarts, medisch schooltoezicht,... opmaken, - desgevallend (statistische) gegevens opmaken en doorsturen naar de vragende instantie, - getuigschriften basisonderwijs opmaken voor de geslaagden van het 6de leerjaar, - leerlingenarchief bijhouden, - « bewijs van schoolbijwoning » afleveren (soms 20 jaar later), - formulieren voor studietoelagen voor « oud-leerlingen » van het 6de leerjaar invullen, - stamboekregister invullen, - ... 2. Personeelsadministratie Bijhouden van personeelsgegevens, invullen en opsturen van formulieren voor verschillende instanties, verzorgen van de loonberekening en werkverdeling voor het AMDV-personeel (administratief, meester, vak- en dienstpersoneel) Doel : als school een vlotte toegang tot de personeelsgegevens hebben, de instanties voorzien van de nodige gegevens voor hun eigen werking, een juiste uitbetaling van de lonen van het personeel mogelijk maken, de dagdagelijkse werking van het AMDV-personeel bevorderen. Enkele voorbeelden van activiteiten : - personeelsdossiers bijhouden en klasseren en archief bijhouden, - PERS-formulieren invullen, bijhouden en doorsturen (eventueel elektronisch binnen het EDISON-project), - informatie in verband met in- en uitdiensttreding, ziekteverloven, vervangingen en dergelijke, - desgevallend formulieren voor mutualiteit en RVA invullen en versturen, - desgevallend verzekeringsformulieren voor arbeidsongevallen invullen en versturen, - loonlistings nakijken en het werkstation contacteren bij fouten, - formulieren voor verschillende soorten verloven invullen, - formulieren voor R.K.W. (kinderbijslag personeel) invullen, - formulieren voor vacantverklaringen invullen en versturen, - lonen uitrekenen voor de contractuelen (in het gemeenschapsonderwijs), - loonstaten doorgeven aan het sociaal secretariaat (in het vrij onderwijs), - lonen uitrekenen voor voor- en nabewaking, busbegeleiding, middagtoezicht, - ... 3. Financiële organisatie Onder begeleiding en met instructies van de directie de begroting opmaken, de algemene boekhouding verzorgen, facturen betalen, gelden innen en het onderhoudspersoneel betalen Doel : de financiële toestand van de school opvolgen, voldoen aan wettelijke vereisten, de financiële verplichtingen ten opzichte van anderen nakomen. Enkele voorbeelden van activiteiten : - rekeningen van alle uitgaven en ontvangsten opmaken, - algemene boekhouding verzorgen (op PC of manueel), - zorgen voor de uitbetaling van de lonen voor het onderhoudspersoneel (contractuelen), - leveranciers van klasmateriaal, drank, abonnementen,... betalen, - bijdragen van leerlingen periodiek uitrekenen, factureren, innen, controleren en globaliseren (eetgeld, busgeld, zwemgeld, uitstappen, specifieke acties, abonnementen,...), - ... 4. Materiële en logistieke organisatie Tijdig de juiste hoeveelheden materiaal aan de beste voorwaarden bestellen en verdelen van de geleverde goederen Doel : de voorraad optimaliseren, een goede prijs-kwaliteit verhouding garanderen, het nodige materiaal ter beschikking hebben, de goederen bij de juiste personen doen terechtkomen, bijdragen tot een vlotte werking van de school. Enkele voorbeelden van activiteiten : - bestellingen plaatsen (drank, voeding voor keuken, klasmateriaal, tijdschriften-abonnementen, meubels, kopieerpapier,...), dwz : - mogelijke leveranciers zoeken, - prijsaanvragen doen, - offertes vergelijken, - leveringen ontvangen, dwz : - de levering controleren, - de goederen uitpakken, - de goederen verdelen bijv. over de verschillende klassen, in voorraad, - de voorraad beheren : bijhouden wanneer er moet bijbesteld worden, - jaarlijkse inventaris opmaken, - ... 5. Administratieve en ondersteunende taken Uitvoeren van allerlei administratieve en ondersteunende taken Doel : bijdragen tot een efficiënte werking van de school. Enkele voorbeelden van activiteiten : - bezoekers ontvangen, hen zelf verder helpen of doorverwijzen (ouders, vertegenwoordigers, inspectie,...), - telefonische communicaties aannemen, indien mogelijk zelf afhandelen, eventueel (boodschap) doorgeven aan betrokkenen, - informatie verstrekken aan de ouders bij inschrijvingen, - fotokopies maken, - administratie van vergaderingen verzorgen : uitnodigingen versturen, agenda typen, voorbereidende stukken klaar maken, verontschuldigingen meedelen, beslissingen tikken en doorsturen, verslag (opmaken en) tikken, koffie, - klasseren : « witte en blauwe produkten » (omzendbrieven), tijdschriften zoals Klasse, documenten van de inrichtende macht, omzendbrieven indien nodig ter visum voorleggen aan het personeel en eventueel een kopie bezorgen, - zorgen voor logistieke ondersteuning bij de verkiezingen van participatieraden, lokale raden en LOC's : stembiljetten voorbereiden, tellen,..., - binnenkomende post doornemen, sorteren en verdelen, buitengaande brieven frankeren en posten, - zelf bepaalde brieven opmaken; zelf correspondentie beantwoorden bijv. antwoord aan sollicitanten, - herstellings- of onderhoudsdienst voor fax, kopieermachine, verwarming,... contacteren, - zorgen dat het nodige EHBO-materiaal aanwezig is, zoals reglementair bepaald, - zo nodig kleine wonden zelf verzorgen, - zo nodig kinderen begeleiden naar dokter, ziekenhuis, - ...
Competentieprofiel Administratief personeel Gewoon en buitengewoon basisonderwijs I. Vakbekwaamheid Gedragsindicatoren : - kennis van software, PC gebruik, - talenkennis : Frans, Engels (in functie van de noden en ligging van de school), - telefoon, fax, modem, kopieermachine efficiënt kunnen gebruiken, - boekhoudkundige kennis, - kunnen raadplegen van relevante (onderwijs)wetgeving, - administratieve kennis : kunnen tikken,..., - algemene kennis en ontwikkeling, - kennis van schriftelijke en mondelinge communicatievaardigheden : foutloos brieven opstellen,..., - ...
II. Persoonlijke bekwaamheden 1. Flexibiliteit Openstaan voor andere meningen, doelmatig blijven functioneren onder veranderende omstandigheden en de eigen aanpak variëren met het oog op het efficiënter bereiken van het gedefinieerde doel.2. Organisatietalent In staat zijn om zijn/haar opdracht/taken op een doeltreffende wijze te plannen en uit te voeren.3. Orde, stiptheid en nauwgezetheid Eigen activiteiten op een ordelijke, stipte en correcte manier uitvoeren.4. Discretie In staat zijn vertrouwelijke en persoonlijke informatie over het kind, zijn ouders, collega's, directie, de school of de inrichtende macht op een confidentiële en gepaste wijze te benaderen.5. Relatiebekwaamheid Naargelang de noodzaak, informele en formele contacten onderhouden met leerlingen, ouders, personeelsleden, externe instanties, en zich in die contacten assertief en diplomatisch gedragen.6. Zin Voor Initiatief Vooruit kunnen denken en pro-actief stappen ondernemen om het werk efficiënter te laten verlopen en problemen snel op te lossen en/of te voorkomen. Model van functiebeschrijving Leermeester godsdienst/zedenleer Doel van de functie : Binnen een bepaalde godsdienst/levensbeschouwing, onderwijzen van de leerstof en voorleven van de waarden teneinde bij te dragen tot de morele opvoeding van de kinderen binnen de gekozen levensbeschouwing en tot de vorming van een levenshouding/visie, met inachtname van het kind als individu.
I. Belangrijkste resultaatgebieden 1. Plannen en voorbereiden van de les godsdienst/zedenleer (Eventueel in overleg met de collega's) opstellen en/of invullen van het jaarplan/werkschema, vastleggen van de doelstellingen en grondig voorbereiden van elke les godsdienst/zedenleer. Doel : op een professionele, didactisch en pedagogisch verantwoorde manier kwalitatief hoogstaande lessen godsdienst/zedenleer kunnen geven in lijn met het schoolwerkplan.
Enkele voorbeelden van activiteiten : opmaken of bijwerken van het jaarplan (klaswerkplan), in functie van de visie en het opvoedingsproject van de school en in lijn met het schoolwerkplan, - opmaken van een maandplan of een weekplan om een goede afstemming met een andere collega's mogelijk te maken, - opmaken van dagplannen en elke les concreet voorbereiden, d.w.z. : - inhoud, onderwerp - lesdoelen - beginsituatie bepalen - de structuur van de les - didactische aspecten/werkvormen - het te gebruiken didactisch materiaal - hoe differentiëren ? - hoe evalueren ? - ... 2. Lesgeven In lijn met de voorbereiding doch soepel inspelend op de reacties van de kinderen en/of omstandigheden, didactisch verantwoord les geven in godsdienst/zedenleer. Doel : de kennis met betrekking tot een bepaalde levensbeschouwing overbrengen, kinderen een sociaal gevoel, waarden, normen en attitudes bijbrengen en bijdragen tot de algehele morele opvoeding van de kinderen.
Enkele voorbeelden van activiteiten : - leerstof met betrekking tot de godsdienst/levensbeschouwing, - dagdagelijkse ervaringen van de leerlingen confronteren met die leerstof, - bijbrengen van een aantal vaardigheden, - aanleren van hoe kinderen zich het beste gedragen in groep door het organiseren van rollenspelen, allerhande verbale en non-verbale expressie-oefeningen, manuele beeldende expressie, - gebruik van verschillende werkvormen naargelang het thema, gebruik van allerlei gepast didactisch materiaal, - verzorgt het dagelijks gebed, het bezinningsmoment en leert kinderen bepaalde feesten aan, met betrekking tot de godsdienst/levensbeschouwing, - kinderen begeleiden bij hun opdrachten, - voorleven van de waarden uit de godsdienst/levensbeschouwing, - aanbrengen en bespreken van thema's zoals derde wereldproblematiek, milieuproblematiek - samen met de leerlingen actuele thema's vertalen naar een levensvisie, - ... 3. Evaluatie van de resultaten en de werkwijze Organiseren van toetsen en analyseren en beoordelen van de eigen methode en aanpak van lesgeven. Doel : de aangeleerde leerstof en inzichten van kinderen evalueren, de kwaliteit van de lessen verbeteren en de eigen werkwijze bijsturen.
Enkele voorbeelden van activiteiten : - organiseren van peilproeven, ondervragen van de leerstof, - observeren van het gedrag van leerlingen en bijsturen, - opvolgen van de evoluties van de leerlingen, - evalueren of de leerlingen zich gedragen volgens de aangeleerde attitudes, waarden binnen de levensbeschouwing, - gesprek houden met leerlingen over bepaalde houdingen, - beoordelen van de inzet van de leerlingen als middel om de beleving te evalueren, - ... 4. Het schoolteam Verzekeren van een goede communicatie en van het nodige overleg met het schoolteam (collega's, directie). Doel : een goed op elkaar afgestemde werking van de school verzekeren (gelijkgerichte visie) en bijdragen tot een goed klimaat binnen het team.
Enkele voorbeelden van activiteiten : - communiceren met de directie voor afstemming en overleg, voor functioneringsgesprekken, - actief bijwonen van de personeelsvergaderingen, - begeleiden van jonge collega's, waarnemen van een mentor-functie, - bijwonen en voorbereiden van de pedagogische colleges, - allerlei informatie, dagdagelijkse besprekingen met de collega's al of niet in de leraarskamer in verband met een leerlingenprobleem, een klasprobleem, een persoonlijk probleem., - ... 5. Communicatie met de ouders Verzekeren van een goede communicatie met de ouders. Doel : afspraken maken in verband met het kind of met de school, hen informeren over het kind en het schoolgebeuren in het algemeen en medewerking vragen voor het schoolgebeuren.
Enkele voorbeelden van activiteiten : - oudercontactavonden, info-avonden, - individueel oudercontact voorzien, - ouders via briefwisseling, klasagenda informeren, - aanwezig zijn op de vergadering van het oudercomité, indien de agenda dit vereist, - occasionele contacten, telefonische contacten, - ... 6. Taakoverschrijdende activiteiten Uitvoeren van, meewerken en/of deelnemen aan allerlei activiteiten. Doel : een binding met de leerlingen creëren, een goede communicatie te verzekeren met het schoolteam, bijdragen tot een effectieve, creatieve en kwalitatieve uitbouw van de schoolgemeenschap waar een gunstig klimaat en positieve geest heerst.
Enkele voorbeelden van activiteiten : - binnen het kader van reeds genomen opties door het net of de inrichtende macht(en), mee denken over de visie, het opvoedingsproject van de school en dit naderhand ook daadwerkelijk uitdragen en ondersteunen, - bijdragen tot het opmaken van het schoolwerkplan, - verantwoordelijkheid dragen voor een aantal specifieke (gedelegeerde) taken als individu of als lid van een werkgroep, bijv. : - de organisatie van : - de medewerking van de ouders, - de mediateek, schoolbibliotheek, computerklas, - de culturele activiteiten in schoolverband, - het schoolfeest, sinterklaasfeest,... - de schoolreizen, - verantwoordelijkheid nemen als lid van participatieraad, lokale raad, LOC, schoolgemeenschap, basisoverlegcomité, het wekelijks pedagogisch college, comité voor veiligheid en gezondheid,... - uitvoeren van diverse taken die klasoverstijgend zijn : - zo nodig inspringen voor/vervangen van collega's, - de begeleiding van de rangen, - samen met de leerlingen bijwonen van godsdienstige activiteiten in schoolverband, - lesgeven als bijscholing voor de collega's, - speelplaatsbewaking, - bijwonen van de communieviering of het feest van de vrijzinnigen van de eigen leerlingen, - voorbereiden, leiden, coördineren van godsdienstige/levensbeschouwelijke animatie binnen de school, - vergaderingen in het kader van godsdienstige/levensbeschouwelijke initiatie voorbereiden en leiden, - helpen bij de voorbereiding van godsdienstige/levensbeschouwelijke feesten in dienstverband, - ... - voorbereiden van projecten en acties zoals missiemaand, welzijnszorg, vastenmaand, ramadan, 7. Klasorganisatie Respecteren van en toezicht uitoefenen op de klasorganisatie. Doel : het gebruikte lokaal in de beste staat achterlaten voor de volgende leerkracht/klastitularis.
Enkele voorbeelden van activiteiten : - respecteert het gebruikt klaslokaal en houdt het net, - houdt toezicht op het aanwezige materiaal dat zich in het klaslokaal bevindt, - de klas voorbereiden voor de lessen en nadien terug op orde zetten, - werkafspraken maken met leerlingen en collega's, - ... 8. Administratieve taken Uitvoeren van allerlei administratieve taken. Doel : de lessen voorbereiden, de gegevens in verband met de leerlingen up to date houden en voldoen aan een aantal wettelijke verplichtingen of aan verplichtingen door andere instanties opgelegd.
Enkele voorbeelden van activiteiten : - bijhouden met alle info over de leerlingen en organisatorische afspraken, leerlingfiches, het leerlingvolgsysteem, het leerlingendossier, - bijhouden/bijwerken van het jaarplan, - bijhouden van de agenda, - diverse documenten voor ministerie, inspectie, psycho-medisch-sociaal centrum opmaken, - fotokopieën, documenten en dergelijke maken in verband met de lesvoorbereiding, - aankopen of bestellen van didactisch materiaal, - bijhouden en een activiteitenblad per maand, - registreren van de gegeven sancties, - aanleggen en bijhouden van een eigen documentatiemap, - plannen van de extra muros activiteiten, - stageverslagen opmaken, - meewerken aan het opmaken van het aanwendingsplan voor OVB, - aanleggen van naslagwerken, - ... 9. Eigen bijscholing Deelnemen aan vormingsdagen, zelf bijlezen en bijscholen. Doel : positief kunnen inspelen op evoluties en kwalitatief onderwijs blijven garanderen.
Enkele voorbeelden van activiteiten : - volgen van de actualiteit, de maatschappelijke evoluties, - vakliteratuur lezen, - volgen van de in service bijscholing, - volgen van navorming in de lijn van het schoolwerkplan of de functiebeschrijving, - bespreken van bepaalde topics op de personeelsvergadering, - leren via uitwisseling van ervaringen met collega's, - lessen van collega's bijwonen om feedback te geven en om er zelf van te leren, - bijwonen van pedagogische studiedagen, - bezoeken van materiaalbeurzen, - lezen en opvolgen van de actualiteit, - ...
Competentieprofiel Leerkracht godsdienst/zedenleer I. VAKBEKWAAMHEID - didactische kennis/vaardigheid, - opvoedkundige kennis/vaardigheid, - kennis van de leerstof, de leerplannen,... - weet hebben van de cognitieve en socio-emotionele vaardigheden van de verschillende leeftijden, - kennis van het basisonderwijs, - kennis van kinderpsychologie, - informatiebronnen kunnen raadplegen, - beheerst expressietechnieken, - kent handvaardigheidstechnieken, - ...
II. Persoonlijke bekwaamheden 1. Bezieler van de godsdienst/levensbeschouwing De godsdienst/levenbeschouwing op een integere en enthousiaste wijze naar de leerlingen uitdragen, om een voorbeeldrol te vervullen.2. Ruimdenkend Ten aanzien van andere godsdiensten/levensbeschouwingen interesse en respect tonen en hierin ten aanzien van de leerlingen een voorbeeldfunctie vervullen, zowel op verbaal als gedragsvlak.3. Kindgerichtheid Activiteiten en aanpak zodanig uitvoeren dat ze vertrekken vanuit de leefwereld van het kind en er tevens op gericht zijn.4. Organisatietalent Taken op een planmatige en doeltreffende wijze organiseren.5. Vernieuwingsgericht Nieuwe werkvormen, didactische materialen en voorbeelden ontwikkelen en ze op een doelmatige en vernieuwende wijze aanwenden.6. Relatiebekwaamheid Naargelang de noodzaak, informele en formele contacten onderhouden met leerlingen, ouders, externe instanties, zich in die contacten assertief en diplomatisch gedragen.7. Samenwerken met anderen Constructief met anderen aan een gemeenschappelijk doel werken of activiteiten ondernemen voor collega's die niet onmiddellijk het eigen belang dienen.8. Flexibiliteit Openstaan voor andere meningen, doelmatig blijven functioneren onder veranderende omstandigheden en de eigen aanpak variëren met het oog op het efficiënter bereiken van het gedefinieerde doel.9. Sociale ingesteldheid Ruimer denken en oog hebben voor sociale, maatschappelijke fenomenen.10. Kritische ingesteldheid Eigen methoden en aanpak in vraag stellen, en actief op zoek gaan naar alternatieven.11. Geloof in eigen kunnen Voldoende vertrouwen hebben in de eigen aanpak en bekwaamheid zodat men zelfvertrouwen en autoriteit uitstraalt.12. Betrokkenheid Zich ten volle engageren voor zijn beroep en voor het pedagogisch project van de school.13. Observatievermogen Zowel verbale als non-verbale signalen oppikken en actief op zoek te gaan naar de achtergronden van problemen. Model van functiebeschrijving Onderwijzer belast met de functie van klastitularis in het buitengewoon lager onderwijs Doel van deze functie : Op basis van het pedagogisch project van de school plannen, organiseren, uitvoeren, evalueren en bijsturen van de activiteiten van de leerlingengroep om de doelstellingen met betrekking tot de ontwikkeling van het kind op cognitief, affectief, emotioneel, motorisch en sociaal gebied te realiseren.
I. Belangrijkste resultaatgebieden 1. Planning en voorbereiding In overleg met het team of met de klasseraad (eventueel met input van de ouders), opmaken van de individuele handelingsplannen en het klaswerkplan en alles voorbereiden om te kunnen "klas houden". Doel : op een professionele, didactisch en pedagogisch verantwoorde wijze kunnen "klas houden", in overeenstemming met het pedagogisch project en een maximale ontplooiing en integratie van elk kind in de maatschappij helpen bevorderen.
Enkele voorbeelden van activiteiten : - in kaart brengen van de beginsituatie van elk kind (zijn mogelijkheden en beperkingen op cognitief, dynamisch-affectief en motorisch vlak), uitgaande van de beschikbare informatie en via een goede observatie; - opmaken (en regelmatig bijwerken) van de individuele handelingsplannen en/of opmaken (en regelmatig bijwerken) van het groepswerkplannen; - opmaken van het maand- en/of weekplan; - opmaken van de dagplannen, elke les of dagonderdeel concreet voorbereiden; d.w.z. bepalen van : - leerinhoud, onderwerpen; - lesdoelen of streefdoelen; - beginsituatie; - structuur van de lessen of dagonderdelen; - didactische aspecten en werkvormen; - te gebruiken didactisch materiaal; - pedagogische aspecten; - de klasindeling en de indeling in groepjes; - afspraken maken met het team (wie doet wat bij welk kind ?); - ... 2. Uitvoeren van de handelingsplannen en groepswerkplan Op een ortho-didactisch en ortho-pedagogisch verantwoorde wijze de individuele handelingsplannen en het groepswerkplan uitvoeren. Doel : met de grootst mogelijke kans op slagen de streefdoelen bereiken, (deze zijn in algemene termen gesteld : een maximale zelfredzaamheid, socialisatie, bezigheden, communicatie en kennis) zodat een maximale integratie in de maatschappij bekomen wordt.
Enkele voorbeelden van activiteiten : - kinderen in functie van de gestelde doelen, kennis en inzicht bijbrengen in de leergebieden; lezen, taal, rekenen, W.O., handvaardigheid, sociale opvoeding, godsdienst of zedenleer; - uitvoeren van de voorbereide activiteiten op een soepele manier, dit wil zeggen : - kinderen steeds goed observeren (ook non-verbale signalen), - vragen stellen, - gepast reageren, zich aanpassen en bijsturen (in onderwerp, in werkvorm), differentiëren. - de kinderen, naargelang de activiteit "strategisch" plaatsen en ook zelf goed opgesteld staan (belangrijk voor type II); - werkvormen afwisselen : instrueren, kinderen zelf laten (op)zoeken, verhaal vertellen, oefenen, vragen, kringgesprek houden, evalueren/toetsen, rustmomenten inbouwen, muziek maken, knuffelen (type II); - differentiëren, zowel in groepjes als individueel, de activiteiten goed organiseren en iedereen specifieke taken geven, rekening houdend met de handicap : sommigen alleen laten werken, anderen in groep(jes) en ondertussen iedereen in het oog houden, - ...
Voor bepaalde vakken kan dit betekenen leerlingengroepoverschrijdend werken; - in type II ook veel zelf tonen hoe het moet, nog meer individueel begeleiden, dingen samen doen met het kind; ook zeer veel herhalen en inoefenen; oefeningen zeer goed structureren; taken opdelen in deeltaken en stap voor stap aanleren; zelf rustig blijven; alert zijn op ongewone gebeurtenissen en hierop onmiddellijk inpikken (bijv. iemand die verzorging nodig heeft); - in type 4, 5, 6, 7 ook vooral individuele begeleiding geven, terwijl ervoor gezorgd moet worden dat de anderen zelfstandig kunnen bezig zijn; - ... 3. Sociale vaardigheden, waarden, normen,...
Bijbrengen van een aantal elementaire leefregels, vaardigheden, waarden en normen Doel : bijdragen tot de algemene opvoeding van het kind, om zijn zelfredzaamheid te maximaliseren.
Enkele voorbeelden van activiteiten : - bijbrengen van de elementaire regels van beleefdheid, hygiëne, gezondheid, veiligheid; - kinderen een aantal praktische vaardigheden bijbrengen, bijv. muziek, tekenen, lichaamsexpressie, handvaardigheid; - leren omgaan met elkaar, bijv. groepswerk waar mogelijk; - kinderen een positief zelfbeeld meegeven, bijv. opdrachten geven die zij aankunnen; - kinderen leren maximaal zelfstandig (zelfredzaam) te worden, leren verantwoordelijkheid nemen, bijv. via taakverdeling, contractwerk; - kinderen waarden en normen meegeven, bijv. door erover te spreken en door zelf het voorbeeld te geven; - voor type II, inschakelen van activiteiten die deze kinderen maximaal integreren in de maatschappij (met de "gewone" kinderen) : - zwemmen, paardrijden, kamperen; - op bezoek gaan bij een gewone school; - gaan winkelen met de kinderen; - naar de bibliotheek gaan; - toneel laten spelen voor andere scholen; - kinderen leren opkomen voor zichzelf zonder de anderen te kwetsen; - kinderen leren welke hulporganisaties hen kunnen helpen, - ... 4. Evaluatie van de resultaten en van de werkwijze Evalueren van de bereikte resultaten en van "het proces" (de manier van werken). Doel : de kinderen zelf, de ouders en externen informeren (rapporteren), om te kunnen remediëren, om de eigen werkwijze te kunnen bijsturen.
Enkele voorbeelden van activiteiten : - evalueren en analyseren van de resultaten in functie van de (streef)doelen in overleg met het hele team van betrokkenen; oorzaken van problemen identificeren, hiaten opsporen; - bijhouden van het persoonlijk dossier van de kinderen en van het "leerlingvolgsysteem"; - rapporteren aan ouders, collega's, begeleiders, PMS, van de stand van zaken; - evalueren van het proces van lesgeven (zelfevaluatie) en de resultaten ervan gebruiken voor de volgende lesvoorbereiding; - ... 5. Leerlingengroepoverschrijdende activiteiten Uitvoeren van of meewerken aan een aantal leerlingengroepoverschrijdende activiteiten. Doel : bijdragen tot een goede werking van de school in haar geheel.
Enkele voorbeelden van activiteiten : - binnen het kader van reeds genomen opties door het schoolbestuur, mee denken over de visie, het opvoedingsproject van de school en dit naderhand ook daadwerkelijk uitdragen en ondersteunen, - bijdragen tot het opmaken van het schoolwerkplan en de handelingsplannen, - verantwoordelijkheid dragen voor een aantal specifieke (gedelegeerde) taken als individu of als lid van een werkgroep, bijv. de organisatie van : - het niveaulezen, - de medewerking van de ouders (zwemmoeders, leesvaders), - de mediateek, schoolbibliotheek, computerklas, - de culturele activiteiten in schoolverband, - het schoolfeest, grootouderfeest, - de schoolreizen, - de schooluitstappen, - de schoolkrant, - verantwoordelijkheid nemen als lid van participatieraad, lokale raad, LOC, schoolgemeenschap, basisoverlegcomité, het wekelijks pedagogisch college, comité voor veiligheid en gezondheid,... - zo nodig inspringen voor/vervangen van collega's, - begeleiden van de rangen, - de voorbereiding van de deelname van de leerlingen aan : - schoolfeesten, sinterklaasfeest, - communieviering, - kinderoptredens in ouderlingentehuizen, - feest van de vrijzinnige jeugd, - samen met de leerlingen bijwonen van godsdienstige, levensbeschouwelijke activiteiten tijdens de schooluren, - lesgeven als bijscholing voor de collega's, - speelplaatsbewaking, - zo nodig onderwijs aan huis geven, - bijwonen van de communieviering of het feest van de vrijzinnigen van de eigen leerlingen, - ... 6. Administratieve taken Uitvoeren van allerlei administratieve taken. Doel : de uitvoering van het handelingsplan voorbereiden, de gegevens in verband met de leerlingen up to date te houden en voldoen aan een aantal administratieve verplichtingen.
Enkele voorbeelden van activiteiten : - opmaken van de handelingsplannen en het groepswerkplan; - organiseren van de extra muros activiteiten (GWP's en andere); - opmaken van rapporten, evaluatielijsten; - bijhouden van de persoonlijke dossiers van de kinderen, van het leerlingsvolgsysteem; - bijhouden van jaarplan, agenda, activiteitenblad; - bijhouden van lessenrooster, aanwezigheidsregister; - bijhouden van gelden met betrekking tot zwemmen melk, refter, bus, uitstappen; - bewaren van proeven, PMS-testen; - fotokopieën, documenten e.d. maken in verband met de lesvoorbereiding; - desgevallend stageverslagen opmaken; - indien nodig documenten opmaken voor ministerie, inspectie, directie,... - briefjes opmaken en/of bijhouden voor en van ouders; - ... 7. Creëren van een goed opvoedingsklimaat en zorgen voor een goede klasorganisatie Creëren van een goed opvoedingsklimaat en opbouwen van een persoonlijke relatie met elk kind. Doel : zorgen voor een goede acceptatie, welbevinden en betrokkenheid van elk kind, om kinderen in de beste omstandigheden les te geven, te verzorgen, te begeleiden en op te voeden.
Enkele voorbeelden van activiteiten : - kinderen (veel) individuele aandacht geven (bijv. echt luisteren en ingaan op hun problemen of een knuffel geven); - vertrekken vanuit hun leefwereld; - hen aanmoedigen, hen waarderen, belonen; - hen structuren aanbieden (steunpunten in hun omgeving) : - hoekjes en klaswanden, gepast aangekleed; - een dagstructuur (bijv. een dagkalender); - een takenbord, - een vaste stijl van werken gebruiken; - met de kinderen goede afspraken maken, en deze ook (laten) nakomen; - op de problemen van de kinderen ingaan; - orde en tucht handhaven; - preventief optreden; - zorgen voor een goede klasorganisatie dwz : - de klas gepast aankleden/inrichten, dwz universeel bruikbaar, aangenaam, uitnodigend, met hoekjes, prikborden, - bijhouden van een klasbibliotheek, documentatie allerhande, - de klas voorbereiden voor de lessen en nadien terug op orde zetten, - werkafspraken maken met de leerlingen, - taken verdelen onder de leerlingen, - zorgen voor een goede klasschikking en voldoende verluchting in de klas, - ... 8. Lichamelijke en psychische verzorging Kinderen verzorgen op lichamelijk en psychisch gebied. Doel : het algemeen welzijn van het kind te bevorderen.
Enkele voorbeelden van activiteiten : - de kinderen indien nodig hygiënisch verzorgen : wassen, pampers vervangen, neus snuiten, eten en drinken geven, medicatie toedienen, een bad geven; - toezien op de medische verzorging die door de verpleegkundigen gegeven wordt dwz, zelf de nodige informatie bijhouden, aandacht hebben voor symptonen, gepast reageren in geval van problemen (eerste hulp), observeren en noteren; - indien nodig optreden als vader- of moederfiguur ; kinderen wat geborgenheid geven, bijv. wanneer gehandicapte kinderen door hun thuis volledig verwaarloosd worden; bijv. het kind dat nooit bezoek krijgt of nooit naar huis mag eens ophalen in de kamer, eens zijn huiswerk controleren,...; - indien nodig de kinderen psychisch opvangen; bijv. na zware operaties, bij hersentumor, stervensbegeleiding (type 5); - toezien op een veilige omgeving voor bijv. blinde kinderen (opstelling van de meubels, gepast speelgoed) (type 6); - ... 9. Het schoolteam Als spilfiguur, verzekeren van een goede communicatie, overleg en opvolging van het schoolteam dat betrokken is bij de werking van zijn pedagogische eenheid. Doel : een goed op elkaar afgestemde werking van de school verzekeren, om zo goed mogelijk te remediëren, om op dezelfde golflengte te zitten en in dezelfde geest te handelen en initiatieven te nemen, om bij te dragen tot een goed klimaat binnen het team.
Enkele voorbeelden van activiteiten : - communiceren met de directie om hen te informeren en om de nodige steun te verkrijgen; - actief bijwonen van personeelsvergaderingen, - met de klasseraad en/of multidisciplinair overleg regelmatig de situatie van de kinderen bespreken en/of een aantal inhoudelijke-organisatorische zaken afstemmen; - verzamelen, bijhouden en verspreiden van alle relevante informatie aan betrokkenen; - detecteren van de bijzondere noden van de kinderen en doorspelen ervan aan de meeste geschikte personen; - op de hoogte blijven van alles wat er met "zijn" kinderen gebeurt en alle activiteiten en interventies van de "specialisten" coördineren, opvolgen en bijsturen; - er op toezien dat de gemaakte afspraken door iederen nageleefd worden; - er op toezien dat er, wanneer nodig, voldoende externe hulp voorzien is, bijv. voor hulp bij het eten, het zwemmen; - organiseren van teamvergaderingen met therapeuten, taakleraren, leermeesters; - zorgen voor een eenheid van boodschap naar de ouders toe; - overleggen met de collega van de duobaan; - vele andere vaste of occasionele overlegmomenten bijwonen of organiseren : - met de eigen discipline, - rond specifieke thema's, - rond de verschillende types, - rond de pedagogische eenheid. - onderhouden van frequente informele contacten tussendoor met alle betrokken, zowel binnen als over de pedagogische eenheden heen. - ... 10. Communicatie met de ouders Verzekeren van een goede communicatie met de ouders. Doel : afspraken maken in verband met het kind of met de school, de ouders te informeren over het kind, over de specifieke aanpak en het schoolgebeuren in het algemeen, hen begeleiden bij het aanvaardingsproces, om samen een realistisch toekomstperspectief uit te tekenen, de ouders motiveren om zelf een zekere bijscholing te volgen en/of hen zelf bijscholing geven, hun medewerking vragen aan de werking van de school.
Enkele voorbeelden van activiteiten : - rapportbespreking houden, - openklasdagen houden, - oudercontactavonden/oudercontact individueel, - mededeling via briefwisseling, klasagenda - info-avonden, - aanwezig zijn op de vergadering van het oudercomité, indien de agenda dit vereist, - contact houden met ouders die meewerken met de school, - occasionele contacten, telefonische contacten, - ... 11. Externe personen of instanties Verzekeren van een goede communicatie met externe personen of instanties in verband met de kinderen of met de klaswerking. Doel : informatie uitwisselen, activiteiten op elkaar afstemmen of coördineren, om advies inwinnen, om te zorgen dat ook kinderen op gespecialiseerde gebieden zo professioneel mogelijk begeleid worden.
Enkele voorbeelden van activiteiten : - naargelang de noodzaak, informele of formele contacten onderhouden met : - psycho-medisch-sociaal centrum, - medisch schooltoezicht, - thuisbegeleidingsdiensten, - medisch pedagogische instituten, - integratiediensten, - centra voor geestelijke gezondheidszorg; - eventueel onderhouden van contacten met het gewoon basisonderwijs in het kader van de zorgverbreding, het begeleiden bij het geïntegreerd onderwijs of in het kader van de reïntegratie van leerlingen uit het type 8 naar het gewoon basisonderwijs; - ... 12. Eigen bijscholing Instaan voor de eigen bijscholing. Doel : op de hoogte blijven van de actualiteit en van de meest recente evoluties op het vakgebied, vernieuwingen kunnen uittesten en/of kunnen toepassen in de praktijk.
Enkele voorbeelden van activiteiten : - bestuderen van de algemene doelstellingen va …
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.