← België

Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 9 december 2019, gesloten in het Paritair Comité

Kort samengevat

Deze wet verklaart een collectieve arbeidsovereenkomst algemeen verbindend die het reglement van de groepsverzekering voor het sociale sectorale pensioenstelsel wijzigt en verduidelijkt voor bedienden in de metaalfabrikatennijverheid. Het doel is om de regels rond aanvullende pensioenen en de inning van premies te actualiseren en te verduidelijken.

Wat het reguleert

Wie het aanbelangt

Kernpunten

📄 Wettekst
27 MEI 2021. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 9 december 2019, gesloten in het Paritair Comité voor de bedienden der metaalfabrikatennijverheid, betreffende de wijziging van het reglement van de groepsverzekering die het sociale sectorale pensioenstelsel uitvoert en van de sectorale technische nota - verduidelijking bij een aantal aspecten van het sectorale pensioenstelsel (1) FILIP, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. Gelet op de wet van 5 december 1968Relevante gevonden documenten type wet prom. 05/12/1968 pub. 22/05/2009 numac 2009000346 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel 28; Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor de bedienden der metaalfabrikatennijverheid; Op de voordracht van de Minister van Werk, Hebben Wij besloten en besluiten Wij : Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 9 december 2019, gesloten in het Paritair Comité voor de bedienden der metaalfabrikatennijverheid, betreffende de wijziging van het reglement van de groepsverzekering die het sociale sectorale pensioenstelsel uitvoert en van de sectorale technische nota - verduidelijking bij een aantal aspecten van het sectorale pensioenstelsel. Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van dit besluit. Gegeven te Brussel, 27 mei 2021. FILIP Van Koningswege : De Minister van Werk, P.-Y. DERMAGNE _______ Nota (1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : Wet van 5 december 1968Relevante gevonden documenten type wet prom. 05/12/1968 pub. 22/05/2009 numac 2009000346 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. Bijlage Paritair Comité voor de bedienden der metaalfabrikatennijverheid Collectieve arbeidsovereenkomst van 9 december 2019 Wijziging van het reglement van de groepsverzekering die het sociale sectorale pensioenstelsel uitvoert en van de sectorale technische nota - verduidelijking bij een aantal aspecten van het sectorale pensioenstelsel (Overeenkomst geregistreerd op 3 maart 2020 onder het nummer 157451/CO/209) Artikel 1.Toepassingsgebied Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op de werkgevers en op hun werknemers met een arbeidsovereenkomst voor bedienden die behoren tot het Paritair Comité voor de bedienden der metaalfabrikatennijverheid. Art. 2.Voorwerp Deze collectieve arbeidsovereenkomst wijzigt de collectieve arbeidsovereenkomst van 13 november 2017 tot wijziging van het sociale sectorale pensioenstelstel en van het pensioenreglement met registratienr. 144393/CO/209 en verduidelijkt een aantal aspecten inzake het sectorale pensioenstelsel, zoals vastgelegd in de sectorale collectieve arbeidsovereenkomsten hieronder opgesomd. Zij heeft als voorwerp : a) De vervanging van het reglement van de groepsverzekering die het sectorale sociale pensioenstelsel uitvoert, zoals opgenomen in bijlage 1 van de collectieve arbeidsovereenkomst van 13 november 2017 met registratienr.144393/CO/209; b) De vervanging van de technische nota, zoals opgenomen in bijlage 2 van de collectieve arbeidsovereenkomst van 13 november 2017 met registratienr.144393/CO/209; c) De wijziging vanaf 1 januari 2019 van de modaliteiten van inning en doorstorting van de aanvullend pensioenpremies aan de pensioeninstelling;d) De verduidelijking van een aantal aspecten van het sectorale pensioenstelsel zoals vastgelegd in de sectorale collectieve arbeidsovereenkomsten van onder meer : -de collectieve arbeidsovereenkomsten van 18 januari 2007 (82045/CO/209) en 24 september 2007 (85840/CO/209) (gesloten in uitvoering van het nationaal akkoord 2007-2008), tot wijziging en vervanging van de collectieve arbeidsovereenkomst van 21 maart 2002 (62481/CO/209), gesloten in het Paritair Comité 209 voor de bedienden van de metaalfabrikatennijverheid, houdende uitvoering van hoofdstuk II, artikel 4, § 1 en 5 van de collectieve arbeidsovereenkomst van 11 juni 2001 betreffende het nationaal akkoord 2001-2002; - collectieve arbeidsovereenkomst van 6 juli 2009 (95215/CO/209), betreffende het nationaal akkoord 2009-2010, gesloten in het Paritair Comité 209 voor de bedienden van de metaalfabrikatennijverheid; - de collectieve arbeidsovereenkomst van 4 juli 2011 (105349/CO/209), betreffende het nationaal akkoord 2011-2012, gesloten in het Paritair Comité 209 voor de bedienden van de metaalfabrikatennijverheid; - de collectieve arbeidsovereenkomst van 10 juli 2013 (116303/C0/209), gesloten in het Paritair Comité 209 voor de bedienden van de metaalfabrikatennijverheid en gewijzigd door de collectieve arbeidsovereenkomsten van 4 november 2013 en van 4 juli 2016; - de collectieve arbeidsovereenkomst van 13 november 2017 (144393/CO/209), gesloten in het Paritair Comité 209 voor de bedienden van de metaalfabrikatennijverheid; e) De toevoeging van bijlage A met bijzondere regelingen. Art. 3.Inrichter, verwerving van pensioenrechten, doelstelling pensioentoezegging 3.1. Inrichter Overeenkomstig artikel 3, § 1, 5° van de WAP, wordt het "Sociaal fonds voor de bedienden metaal - BIS - Fonds voor bestaanszekerheid", afgekort SFBM-BIS, met ondernemingsnummer KBO 0682.891.282, opgericht bij collectieve arbeidsovereenkomst van 9 oktober 2017 van het Paritair Comité voor de bedienden der metaalfabrikatennijverheid (met registratienummer 142818/CO/209), aangeduid als inrichter van het sociaal sectoraal pensioenstelsel van de bedienden bedoeld in artikel 3.2. 3.2. Verwerving van pensioenrechten Overeenkomstig artikel 17 van de WAP en bijlage 1 bij deze collectieve arbeidsovereenkomst (Reglement van de groepsverzekering die het sociale sectorale pensioenstelsel uitvoert), kunnen alle bedienden die tewerkgesteld waren of zullen zijn in een onderneming bedoeld in artikel 1, ongeacht de aard van hun arbeidsovereenkomst met de werkgever, hun recht op een sectoraal aanvullend pensioen laten gelden binnen de voorwaarden van het pensioen- en solidariteitsreglement. 3.3. Doelstelling In het voordeel van de werknemers die rechten kunnen laten gelden op het sectoraal aanvullend pensioen, zal het "Sociaal fonds voor de bedienden metaal - Fonds voor bestaanszekerheid", afgekort "SFBM", met ondernemingsnummer KBO 0541.831.805, ingericht op 1 januari 2014 in toepassing van de wet van 7 januari 1958Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/01/1958 pub. 31/03/2011 numac 2011000170 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de Fondsen voor bestaanszekerheid Officieuze coördinatie in het Duits sluiten betreffende de fondsen voor bestaanszekerheid, aanvullend pensioenpremies n solidariteitsbijdragen innen ter financiering van dit sociaal sectoraal pensioenstelsel. 3.4. Pensioentoezegging Met het oog op de financiering van de pensioentoezegging stort het SFBM in naam en voor rekening van inrichter de aanvullend pensioenpremies en solidariteitsbijdragen, zoals bepaald bijlage 1 aan deze collectieve arbeidsovereenkomst, aan de pensioeninstelling en het solidariteitsorganisme. Deze pensioentoezegging is een verbintenis van de inrichter ten aanzien van de aangeslotene. Art. 4.Vervanging van het reglement van de groepsverzekering die het sectorale pensioenstelsel uitvoert en van de sectorale technische nota Het bestaande reglement van de groepsverzekering die het sectorale pensioenstelsel uitvoert, zoals opgenomen in bijlage 1 van de collectieve arbeidsovereenkomst van 13 november 2017 met registratienr. 144393/CO/209, wordt vervangen door het reglement van de groepsverzekering die het sociale sectorale pensioenstelsel uitvoert, zoals opgenomen in bijlage 1 van deze collectieve arbeidsovereenkomst. De bestaande sectorale technische nota, zoals opgenomen in bijlage 2 van de hogervermelde collectieve arbeidsovereenkomst wordt vervangen door de sectorale technische nota, zoals opgenomen in bijlage 2 van deze collectieve arbeidsovereenkomst. Het reglement opgenomen in bijlage 1 en de technische nota opgenomen in bijlage 2 maken integraal deel uit van deze collectieve arbeidsovereenkomst. Art. 5.Inning en doorstorting van de premies en solidariteitsbijdragen aan de pensioeninstelling en het solidariteitsorganisme door het SFBM vanaf 1 januari 2019 De ondertekenende partijen bevestigen de beslissing om de inning en doorstorting aan de pensioeninstelling en het solidariteitsorganisme van zowel de aanvullend pensioenpremies als de solidariteitsbijdragen in toepassing van het sociale sectorale pensioenstelsel met ingang van 1 januari 2019 toe te vertrouwen aan het "Sociaal fonds voor de bedienden metaal - Fonds voor bestaanszekerheid", afgekort "SFBM", met ondernemingsnummer KBO 0541.831.805, ingericht op 1 januari 2014 in toepassing van de wet van 7 januari 1958Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/01/1958 pub. 31/03/2011 numac 2011000170 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de Fondsen voor bestaanszekerheid Officieuze coördinatie in het Duits sluiten betreffende de fondsen voor bestaanszekerheid. Art. 6.Verduidelijking van een aantal aspecten van het sectorale pensioenstelsel 6.1. Attestering De hoofdstukken B (de modaliteiten van toepassing op het aanvullend pensioen in het geval van opting-out) en C (de modaliteiten van toepassing op het aanvullend pensioen buiten toepassingsgebied) van de technische nota gehecht aan de sectorale collectieve arbeidsovereenkomsten betreffende het reglement van de groepsverzekering die het sectorale pensioenstelsel uitvoert, leggen aan de betrokken ondernemingen een informatieplicht op via attestering. De werkgever bezorgt dit (behoorlijk gedateerd en door een bevoegd persoon ondertekend) attest van opting-out of buiten toepassingsgebied, ten gepaste tijde aan de inrichter of zijn mandataris als bewijs van het vervullen van de modaliteiten op basis waarvan de inrichter de opting-out of de buiten toepassingsgebied kan aanvaarden. Op eenvoudig verzoek van de inrichter of zijn mandataris, bezorgt de werkgever bijkomende toelichting bij het attest. Aan de hand van het attest en na eventueel onderzoek beslist de inrichter over de periode van opting-out of buiten toepassingsgebied gedekt door het attest. 6.2. Reorganisaties Wanneer een werkgever in het kader van een overgang van een onderneming, een vestiging of een deel van een onderneming of een vestiging, als gevolg van een conventionele overdracht of een fusie, splitsing of andere transactie in de zin van collectieve arbeidsovereenkomst nr. 32bis van 7 juni 1985 betreffende het behoud van de rechten van de werknemers bij wijziging van werkgever ingevolge de overgang van ondernemingen krachtens overeenkomst en tot regeling van de rechten van de werknemers die overgenomen worden bij overname van activa na faillissement of gerechtelijk akkoord door boedelafstand (zoals nadien gewijzigd), een aanvullend pensioenstelsel op ondernemingsvlak heeft overgenomen, kan de werkgever voor de betrokken overgenomen werknemers eveneens vrijgesteld worden van de betaling van een bijdrage voor het sectoraal pensioenstelsel, mits is voldaan aan de voorwaarden zoals voorzien in hoofdstuk B (opting-out) of hoofdstuk C (buiten toepassingsgebied) van de technische nota gehecht aan de sectorale collectieve arbeidsovereenkomsten betreffende het reglement van de groepsverzekering die het sectorale pensioenstelsel uitvoert. 6.3. Modaliteiten op het niveau van de pensioentoezegging Daar een werkgever zowel gebruik kan maken van de oping-out als van de buiten toepassingsgebied voor hetzij al zijn werknemers hetzij een deel ervan, preciseren partijen dat de modaliteiten bedoeld in de hoofdstukken B en C van de technische nota gehecht aan de sectorale collectieve arbeidsovereenkomsten betreffende het reglement van de groepsverzekering die het sociale sectorale pensioenstelsel uitvoert, steeds getoetst worden en vervuld moesten zijn op het niveau van het betrokken aanvullend ondernemingspensioenstelsel. Dit betekent dat het mogelijk is, en zulks sinds de aanvang van het sectoraal pensioenstelsel en de erin vervatte opting-out en buiten toepassingsgebied, om in dezelfde onderneming sommige werknemers verplicht aan te sluiten bij de groepsverzekering die het sectoraal aanvullend pensioen uitvoert, terwijl andere werknemers aangesloten zijn bij een ondernemingsstelsel in het kader van opting-out of een ondernemingsstelsel erkend als buiten toepassingsgebied. Alle werknemers van een werkgever bedoeld in de sectorale collectieve arbeidsovereenkomsten betreffende het reglement van de groepsverzekering die het sociale sectorale pensioenstelsel uitvoert, die niet vallen onder een ondernemingspensioenstelsel in het kader van opting-out of buiten toepassingsgebied, zijn verplicht aangesloten bij het sectoraal pensioenstelsel. 6.4. Technische nota Partijen bevestigen dat het voormelde de authentieke interpretatie bevat van de hoofdstukken B en C van de technische nota gehecht aan de sectorale collectieve arbeidsovereenkomsten betreffende het reglement van de groepsverzekering die het sociale sectorale pensioenstelsel uitvoert, met betrekking tot opting out en buiten toepassingsgebied. Art. 7.Duur Deze collectieve arbeidsovereenkomst wordt gesloten voor onbepaalde duur vanaf 1 januari 2019. Ze kan slechts opgezegd worden mits aangetekend schrijven aan de voorzitter van het paritair comité en met naleving van een opzeggingstermijn van 6 maanden. Conform artikel 10, § 1, 3° van de WAP is de beslissing tot opzegging enkel geldig voor zover 80 pct. van de effectieve of plaatsvervangende leden die de werkgevers vertegenwoordigen, en 80 pct. van de effectieve of plaatsvervangende leden die de werknemers vertegenwoordigen in het Paritair Comité voor de bedienden der metaalfabrikatennijverheid, deze beslissing ondersteunen. Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 27 mei 2021. De Minister van Werk, P.-Y. DERMAGNE Bijlage A aan de collectieve arbeidsovereenkomst van 9 december 2019, gesloten in het Paritair Comité voor de bedienden der metaalfabrikatennijverheid, betreffende de wijziging van het reglement van de groepsverzekering die het sociale sectorale pensioenstelsel uitvoert en van de sectorale technische nota verduidelijking bij een aantal aspecten van het sectorale pensioenstelsel Bijzondere regelingen Deel 1 Artikel 1.De regeling van deel 1 van deze bijlage A is van toepassing op werknemers waarvoor DMFA-aangiften werden ingediend in de hoedanigheid van arbeider op basis van de door de werkgever eerder gegeven kwalificatie en voor wie, door een gerechtelijke beslissing naar aanleiding waarvan de RSZ een notificatie van wijziging heeft opgesteld het Paritair Comité 209 voor de bedienden der metaalfabrikatennijverheid voor wat de periode van de herkwalificatie betreft, hierna "aangeduide periode" genoemd. Art. 2.Wanneer deze werknemers voor de aangeduide periode vielen onder de collectieve arbeidsovereenkomst betreffende het sociale sectorale pensioenstelsel van Paritair Comité 111 voor de metaal-, machine- en elektrische bouw, is, in afwijking van artikel 3 van deze collectieve arbeidsovereenkomst, het sociale sectorale pensioenstelsel ingericht door deze collectieve arbeidsovereenkomst niet van toepassing met betrekking tot die aangeduide periode. Hun rechten op een aanvullend pensioen op solidariteitsprestaties voor de aangeduide periode worden beheerst door de bepalingen van de collectieve arbeidsovereenkomsten inzake het sociale sectorale pensioenstelsel van het Paritair Comité 111 voor de metaal-, machine- en elektrische bouw (zoals van toepassing tijdens de aangeduide periode). Art. 3.In afwijking van artikel 3.1 van deze collectieve arbeidsovereenkomst en overeenkomstig artikel 3, § 1, 5° en artikel 8/1 van de WAP treedt het "Fonds voor bestaanszekerheid van de metaalverwerkende nijverheid - BIS", opgericht door de collectieve arbeidsovereenkomst van 15 april 2013 in de schoot van het Paritair Comité 111 voor de metaal-, machine- en elektrische bouw (met registratienr. 116824/CO/111), op als inrichter van het sociaal sectoraal pensioenstelsel voor de werknemers bedoeld in deel 1 van deze bijlage A en zulks voor de aangeduide periode en overeenkomstig de voorwaarden van collectieve arbeidsovereenkomsten betreffende het sociaal sectoraal pensioenstelsel van toepassing in het Paritair Comité 111 voor de metaal-, machine- en elektrische bouw. Deel 2 Art. 4.Voor bedienden aangesloten bij het sociaal sectoraal pensioenstelsel ingericht door deze collectieve arbeidsovereenkomst, waarvoor ingevolge een gerechtelijke beslissing naar aanleiding waarvan de RSZ een notificatie van wijziging heeft opgesteld, beslist werd dat zij behoorden tot het Paritair Comité 111 voor de metaal-, machine- en elektrische bouw, wordt in afwijking van artikel 1.1 en 7.2 van het reglement van de groepsverzekering overeengekomen dat hun herkwalificatie niet beschouwd wordt als een uittreding voor zover (i) hun werkgever voor de aangeduide periode deelnam aan het sociaal sectoraal pensioenstelsel van toepassing in het Paritair Comité 209 voor de bedienden der metaalfabrikatennijverheid, (ii) de bijdragestortingen en de aanvullende pensioenrechten die in opbouw (en nog niet opengevallen) zijn en niet overgedragen werden uit dit sociaal sectoraal pensioenstelsel, niet betwist worden en (iii) er ten gevolge hiervan ten gunste van de geherkwalificeerde werknemer voor de aangeduide periode slechts binnen één enkel sectoraal pensioenstelsel rechten erkend worden. Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 27 mei 2021. De Minister van Werk, P.-Y. DERMAGNE Bijlage 1 aan de collectieve arbeidsovereenkomst van 9 december 2019, gesloten in het Paritair Comité voor de bedienden der metaalfabrikatennijverheid, betreffende de wijziging van het reglement van de groepsverzekering die het sociale sectorale pensioenstelsel uitvoert en van de sectorale technische nota - verduidelijking bij een aantal aspecten van het sectorale pensioenstelsel Aanvullend pensioen Reglement van de groepsverzekering die het sociale sectorale pensioenstelsel uitvoert Sectie 1. Bijzondere voorwaarden van het reglement dat de pensioentoezegging uitvoert 1. Definities, doel en voorwerp van het reglement dat het sectorale pensioenstelsel uitvoert 1.1. Definities Sectorale collectieve arbeidsovereenkomst In onderstaande tekst verwijst de "sectorale collectieve arbeidsovereenkomst" (sectorale CAO) naar de volgende collectieve arbeidsovereenkomsten betreffende het sociaal sectoraal pensioenstelsel : - de collectieve arbeidsovereenkomst van 13 november 2017, geregistreerd onder nummer 144393/CO/209, tot wijziging van het reglement van de groepsverzekering die het sociale sectorale pensioenstelsel uitvoert en van de sectorale technische nota; - de collectieve arbeidsovereenkomst van 9 december 2019, registratienummer 157451, tot wijziging van het reglement van de groepsverzekering die het sociale sectorale pensioenstelsel uitvoert en van de sectorale technische nota - verduidelijkingen van een aantal aspecten van het sectorale pensioenstelsel; - iedere andere of iedere toekomstige algemeen verbindend verklaarde collectieve arbeidsovereenkomst gesloten in het Paritair Comité 209 voor de bedienden van de metaalfabrikatennijverheid, die betrekking heeft op het sectoraal pensioenstelsel. Inrichter Het "Sociaal fonds voor de bedienden metaal - BIS - Fonds voor bestaanszekerheid", afgekort SFBM-BIS, met ondernemingsnummer KBO 0682.891 282. Pensioeninstelling Integrale nv., naamloze vennootschap, met maatschappelijke zetel te 4000 Luik, Place Saint-Jacques 11/101, toegelaten onder het codenummer 1530, met ondernemingsnummer KBO 0221.518.504. SFBM "Sociaal fonds voor de bedienden metaal - Fonds voor bestaanszekerheid", afgekort SFBM, met ondernemingsnummer KBO 0541.831.805, ingericht op 1 januari 2014 in toepassing van de wet van 7 januari 1958Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/01/1958 pub. 31/03/2011 numac 2011000170 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de Fondsen voor bestaanszekerheid Officieuze coördinatie in het Duits sluiten betreffende de fondsen voor bestaanszekerheid. RSZ De Rijksdienst voor Sociale Zekerheid, het organisme voor de financiering van de sociale zekerheid. DmfA De multifunctionele aangifte op basis waarvan de ondernemingen de loon- en arbeidstijdgegevens van hun werknemers indienen ten behoeve van de instellingen van de sociale zekerheid. Uittreding Hetzij de beëindiging van de arbeidsovereenkomst, anders dan door overlijden of pensionering, voor zover de werknemer binnen een termijn van 2 opeenvolgende trimesters na het einde van de arbeidsovereenkomst, geen nieuwe arbeidsovereenkomst heeft gesloten met een onderneming die onder het toepassingsgebied van dit pensioenstelsel valt; Hetzij het einde van de aansluiting vanwege het feit dat de werknemer niet langer aan de aansluitingsvoorwaarden van het pensioenstelsel voldoet zonder dat dit samenvalt met de beëindiging van de arbeidsovereenkomst, anders dan door overlijden of pensionering; Hetzij het einde van de aansluiting vanwege het feit dat de werknemer of, in geval van overdracht van de arbeidsovereenkomst, de nieuwe onderneming van de van de collectieve arbeidsovereenkomst waardoor het pensioenstelsel ingevoerd wordt. De vaststelling dat een aangeslotene als uitgetreden dient beschouwd te worden, gebeurt op basis van een van de volgende gegevens : - De aangeslotene brengt de pensioeninstelling schriftelijk of langs elektronische weg op de hoogte van het feit dat hij de aansluitingsvoorwaarden niet meer vervult; - De werkgever brengt het SFBM schriftelijk of langs elektronische weg op de hoogte van het feit dat de aangeslotene de aansluitingsvoorwaarden niet meer vervult; - Gedurende twee opeenvolgende kwartalen werd geen DmfA aangifte gedaan voor de aangeslotene door een onderneming ressorterend onder het Paritair Comité 209 voor de bedienden der metaalfabrikatennijverheid. De andere beschikkingen van artikel 1 van de algemene voorwaarden met betrekking tot de uittreding blijven van toepassing. Onderneming Elke onderneming die bedienden en/of kaderleden tewerkstelt en op wie de sectorale collectieve arbeidsovereenkomst van toepassing is. 1.2. Doel en voorwerp van de pensioentoezegging Het doel van de pensioentoezegging is het garanderen, buiten de wettelijke verplichtingen inzake de pensioenen en ter verhoging ervan : - aan de aangeslotene zelf, van een kapitaal dat kan omgezet worden in een levenslange pensioenrente indien hij in leven is op de einddatum; - aan de begunstigden voorzien door dit reglement, van een kapitaal dat kan omgezet worden in een levenslange overlevingsrente in geval van overlijden van de aangeslotene vóór de einddatum. De pensioentoezegging is van het type vaste bijdragen zonder rendementsgarantie van de inrichter, doch zonder afbreuk te doen aan het minimaal rendement voorzien in de wet van 28 april 2003Relevante gevonden documenten type wet prom. 28/04/2003 pub. 15/05/2003 numac 2003022481 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Wet betreffende de aanvullende pensioenen en het belastingstelsel van die pensioenen en van sommige aanvullende voordelen inzake sociale zekerheid sluiten over aanvullende pensioenen (WAP). Aan dit pensioenreglement zijn onafscheidelijk verbonden : - het solidariteitsreglement waarvan de bijzondere voorwaarden beschreven worden in sectie 2; - het financieel reglement beschreven in sectie 3; - de technische nota die de modaliteiten van toepassing op het aanvullend pensioen beschrijft. De stopzetting van het pensioenreglement, wat ook de reden is, heeft onmiddellijk de stopzetting van het solidariteitsreglement en van het financieel reglement tot gevolg. 1.3. Ingangsdatum Vanaf 1 januari 2019 wordt het reglement van 1 januari 2017 aangepast en wordt de pensioentoezegging bepaald door huidig reglement. De verworven rechten van de aangeslotenen die de sector verlieten vóór de inwerkingtreding van het huidige reglement en/of hun rechthebbenden blijven bepaald door het voorgaande reglement. 2. Aansluiting Elke werknemer met een arbeidsovereenkomst voor bedienden die op 1 januari 2019 in de onderneming tewerkgesteld is, of na 1 januari 2019 tewerkgesteld zal worden (inclusief de kaderleden), ongeacht de aard van de arbeidsovereenkomst, en op wie de sectorale collectieve arbeidsovereenkomst van toepassing is, wordt verplicht aangesloten bij de pensioentoezegging. Worden uitgesloten : werknemers met een contract van interimarbeid, met vakantie-, studenten- en IBO-contracten (individuele beroepsopleiding) en werknemers die activiteiten uitoefenen terwijl zij al van een wettelijk rustpensioen genieten. Meer concreet worden de volgende bedienden aangesloten (verwijzing naar het werknemerskengetal gebruikt in de DmfA) : - Alle bedienden met werknemerskengetal 495; - Alle leerling-bedienden met werknemerskengetal 439 - type 2 en leerling-bedienden met werknemerskengetal 495 - type 2; - Met uitzondering van de tewerkgestelde gepensioneerden. 3. Uitkeringen De prestaties "leven" en "overlijden" worden voor elke aangeslotene gefinancierd door een premie die volledig ten laste is van de onderneming.Zij spijst een individueel contract onderschreven bij de pensioeninstelling ten voordele van de aangeslotene. 4. Premies 4.1. Premies Via een beheersovereenkomst mandateert de inrichter het SFBM om driemaandelijks de premies, zoals bepaald door de sectorale collectieve arbeidsovereenkomst en opgenomen in het financieel reglement (sectie 3 van dit reglement), te innen bij de ondernemingen op basis van de DmfA-aangiftes, overeenkomstig de hieronder opgenomen kalender. Het SFBM stort de premies, na aftrek van de kosten, uiterlijk een maand na de inning, door aan de pensioeninstelling. Kalender van de inning van de premies : Jaar N = jaar waarop de DmfA-gegevens betrekking hebben; Premies berekend op de DmfA van het 1ste kwartaal zijn betaalbaar tegen 30 juni/N; Premies berekend op de DmfA van het 2de kwartaal zijn betaalbaar tegen 30 september/N; Premies berekend op de DmfA van het 3de kwartaal zijn betaalbaar tegen 31 december/N; Premies berekend op de DmfA van het 4de kwartaal zijn betaalbaar tegen 31 maart/N+1. Deze premie is gelijk aan een percentage van het referentieloon zoals gedefinieerd in het financieel reglement (sectie 3). Dit percentage wordt vastgesteld in de sectorale collectieve arbeidsovereenkomsten en wordt eveneens opgenomen in de technische nota opgenomen als bijlage 2 van de sectorale collectieve arbeidsovereenkomst van 9 december 2019. De beheerskosten voor het SFBM en voor de pensioeninstelling zijn beschreven in de technische nota (bijlage 2) en in het financieel reglement (sectie 3) opgenomen als bijlagen van toegevoegde collectieve arbeidsovereenkomst van 9 december 2019. De premies na aftrek van de beheerskosten worden driemaandelijks op de contracten geregistreerd onder de vorm van recurrente premies volgens de verzekeringstechniek zoals bepaald in artikel 6 van dit reglement. 4.2. Gemeenschappelijke bepalingen De eventuele taksen en sociale bijdragen zijn ten laste van de onderneming en komen bovenop de hierboven vermelde bijdragen. Het SFBM int eveneens de sociale bijdrage van 8,86 pct. en de eventuele Wijninckxbijdrage (cfr. artikel 38, § 3duodecies en § 3terdecies van de wet van 29 juni 1981Relevante gevonden documenten type wet prom. 29/06/1981 pub. 31/05/2011 numac 2011000295 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet houdende de algemene beginselen van de sociale zekerheid voor werknemers. - Officieuze coördinatie in het Duits type wet prom. 29/06/1981 pub. 02/09/2014 numac 2014000386 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet houdende de algemene beginselen van de sociale zekerheid voor werknemers. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen type wet prom. 29/06/1981 pub. 17/11/2015 numac 2015000647 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet houdende de algemene beginselen van de sociale zekerheid voor werknemers. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen sluiten) die de inrichter zou verschuldigd zijn voor een aangesloten werknemer. 5. Einddatum De einddatum wordt vastgelegd op de eerste dag van de maand die volgt op de 65ste verjaardag van de aangeslotene. 5.1. Verdaging van de einddatum Indien de aangeslotene het wettelijk pensioen later opneemt en in dienst blijft na de einddatum, blijft de pensioentoezegging van toepassing en wordt de einddatum die gebruikt wordt voor het pensioenverzekeringscontract telkens met vijf jaar verlengd. In dit geval kan de aangeslotene de betaling van het kapitaal bekomen bij in leven zijn op de effectieve einddatum van zijn contract. 5.2. Vervroegde uitkering De artikelen 8.2. en 8.3. van de algemene voorwaarden zijn niet van toepassing. 6. Verzekeringstechniek De verzekeringsbewerking die aangewend wordt om de uitkering bij in leven zijn op de einddatum te financieren, is van het type "Uitgesteld Kapitaal Met terugbetaling van de Reserve bij overlijden voor de einddatum" (UKMR). De pensioenbijdragen worden aangewend als recurrente premies. De tariefregels die van toepassing zijn op het moment van de storting van de premie blijven van toepassing op de toekomstige premies ter hoogte van de laatste gestorte premie vóór de verandering van het tarief. 7. Diverse bepalingen 7.1. Informatieplicht De tekst van het reglement van de groepsverzekering is beschikbaar op de website van de pensioeninstelling (www.integrale.be) rubriek "Sectoren/PC209". Integrale stuurt jaarlijks de pensioenfiche waarvan sprake onder punt 13.3. van de algemene voorwaarden naar het persoonlijk adres van de aangeslotenen. 7.2. Verworven rechten van de aangeslotene op de reserves Voor de dossiers betreffende de uittreding, de verandering van onderneming, de pensionering of het overlijden die vanaf 1 januari 2019 behandeld worden, wordt het volgende voorzien : indien het bedrag van de opgebouwde reserves kleiner is dan het bedrag van de verworven reserves, in voorkomend geval verhoogd tot de gewaarborgde bedragen zoals voorzien in artikel 24 van de WAP, dient de inrichter het ontbrekende deel van de reserves aan te zuiveren. In dit geval zal de inrichter of zijn mandataris het ontbrekende deel van de reserves invorderen bij de werkgever die de aangeslotene op dat moment in dienst heeft. Na de uittreding zal de technische rentevoet van de pensioeninstelling, verhoogd met de eventuele winstdeelname van toepassing zijn op de reserves die niet overgedragen worden. 7.3. Uitgesloten risico's In afwijking van artikel 4.3. van de algemene voorwaarden wordt het kapitaal bij overlijden vóór de einddatum uitbetaald indien het overlijden het gevolg is van een zelfmoord van de aangeslotene gedurende het jaar dat volgt op de aanvang van het individuele contract. 7.4. Vereffening van de prestaties De pensioeninstelling voert de vereffening van de prestaties uit op basis van de gekende elementen en van de geregistreerde premies op het contract van de aangeslotene op het moment van de officiële bekendmaking van de wettelijke pensionering. De prestaties worden ten laatste uitbetaald binnen de dertig dagen die volgen op de communicatie door de aangeslotene van de noodzakelijke gegevens aan de pensioeninstelling. Een bijkomende vereffening die rekening houdt met de laatste premies/correcties van de geregistreerde premies voor de betrokken aangeslotene sinds de eerste vereffening zal uitgevoerd worden door de pensioeninstelling eens deze in het bezit is van alle noodzakelijke gegevens tot bepaling van de bijkomende verzekerde prestaties. De vereffening kan hoe dan ook niet plaats vinden voor de pensionering. 8. Algemene voorwaarden De algemene voorwaarden van het reglement dat het sectoraal pensioenstelsel van het Paritair Comité 209 voor de bedienden der metaalfabrikatennijverheid uitvoert - versie Sectoren - 2019.1 - zijn van toepassing. De bijzondere voorwaarden hebben voorrang op de algemene voorwaarden in de mate dat ze ervan afwijken. Sectie 2. Bijzondere voorwaarden van het reglement dat de solidariteitstoezegging uitvoert 1. Definities, doel en voorwerp van het reglement dat de solidariteitstoezegging uitvoert 1.1. Definities Solidariteitsorganisme Integrale nv, naamloze vennootschap, met maatschappelijke zetel te 4000 Luik, Place Saint-Jacques 11/101, toegelaten onder het codenummer 1530, met ondernemingsnummer KBO 0221.518.504. Solidariteitstoezegging De toezegging van de inrichter om een solidariteitsprestatie te voorzien voor zijn aangeslotenen en dit ter uitvoering van de sectorale collectieve arbeidsovereenkomst. Dit reglement is onlosmakelijk verbonden met het pensioenreglement (sectie 1), het financieel reglement (sectie 3) en de technische nota (bijlage 2 van deze sectorale collectieve arbeidsovereenkomst). De opheffing van het pensioenreglement heeft automatisch de opheffing van onderstaand solidariteitsreglement als gevolg. Solidariteitsbesluit Koninklijk besluit van 14 november 2003Relevante gevonden documenten type wet prom. 03/07/1978 pub. 03/07/2008 numac 2008000527 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten type wet prom. 03/07/1978 pub. 12/03/2009 numac 2009000158 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten sluiten1 tot vaststelling van de solidariteitsprestaties verbonden met de sociale aanvullende pensioenstelsels. Financieringsbesluit Koninklijk besluit van 14 november 2003Relevante gevonden documenten type wet prom. 03/07/1978 pub. 03/07/2008 numac 2008000527 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten type wet prom. 03/07/1978 pub. 12/03/2009 numac 2009000158 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten sluiten1 tot vaststelling van de regels inzake de financiering en het beheer van de solidariteitstoezegging. 1.2. Doel en voorwerp van de solidariteitstoezegging Het doel van de solidariteitstoezegging is het garanderen, buiten de wettelijke verplichtingen inzake de pensioenen en ter verhoging ervan, van een solidariteitsprestatie ten voordele van de aangeslotene die aan de toekenningsvoorwaarden voldoet volgens de voorwaarden beschreven in artikel 3 van dit solidariteitsreglement. 1.3. Ingangsdatum Dit solidariteitsreglement vangt op hetzelfde moment aan als het pensioenreglement. 2. Aansluiting De werknemers bedoeld in artikel 2 van het pensioenreglement zijn automatisch aangesloten bij dit solidariteitsreglement. De aansluiting aan de solidariteitstoezegging is eveneens verplicht voor de werknemers (met inbegrip van de kaderleden) in dienst bij een onderneming die vrijgesteld is van deelname aan de sectorale pensioentoezegging, op basis van een erkende opting out. Bedrijven die door de sector als "buiten toepassingsgebied" erkend zijn, vallen echter niet onder de solidariteitsverplichting. 3. Solidariteitsuitkeringen In uitvoering van artikel 43, § 1 van de WAP dat in werking gesteld werd door het solidariteitsbesluit, heeft dit solidariteitsreglement als doel om volgende solidariteitsprestaties toe te kennen in geval van gebeurtenissen die zich voordoen vanaf de inwerkingtreding van deze solidariteitstoezegging. De bedragen van deze solidariteitsuitkeringen worden door het Paritair Comité 209 voor de bedienden der metaalfabrikatennijverheid bepaald in een aparte collectieve arbeidsovereenkomst. 3.1. Tijdelijke werkloosheid De financiering van de opbouw van het aanvullend pensioen tijdens de periodes van tijdelijke werkloosheid in de zin van hoofdstuk II/1 "Regeling van schorsing van de uitvoering van de overeenkomst en regeling van gedeeltelijke arbeid" van titel III van de wet van 3 juli 1978Relevante gevonden documenten type wet prom. 03/07/1978 pub. 03/07/2008 numac 2008000527 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten type wet prom. 03/07/1978 pub. 12/03/2009 numac 2009000158 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten sluiten betreffende de arbeidsovereenkomsten, gebeurt als volgt : - gedurende de periode waarin een aangeslotene tijdelijk werkloos is, wordt de opbouw van zijn pensioenluik verder gefinancierd door het solidariteitsfonds; - deze financiering gebeurt op forfaitaire basis waarbij per dag tijdelijke werkloosheid een bedrag toegevoegd wordt aan de rekening van de werknemer; - onder "dag" wordt verstaan : elke vergoede dag in een regeling van volledige schorsing van de uitvoering van de arbeidsovereenkomst en/of een regeling van gedeeltelijke arbeid bij gebrek aan werk wegens economische oorzaken, waarvan de inrichter kennis heeft gekregen. 3.2. Arbeidsongeschiktheid De financiering van de opbouw van het aanvullend pensioen tijdens periodes van arbeidsongeschiktheid ten gevolge van ziekte of ongeval van gemeen recht (met uitzondering van arbeidsongeval en beroepsziekte), gebeurt als volgt : - gedurende de periode waarin een deelnemer arbeidsongeschikt is, wordt de opbouw van zijn pensioenluik verder gefinancierd door het solidariteitsfonds; - deze financiering gebeurt op forfaitaire basis waarbij per maand arbeidsongeschiktheid, een bedrag toegevoegd wordt aan de rekening van de werknemer; - onder "maand" wordt verstaan : elke begonnen maand waarvoor de werknemer een ziekte-uitkering krijgt met een maximum van 14 maanden voor dezelfde arbeidsongeschiktheid, waarvan de inrichter kennis heeft gekregen. 3.3. Faillissement De financiering van de opbouw van het aanvullend pensioen tijdens periodes voorafgaand aan het faillissement van de onderneming, gebeurt als volgt : - gedurende de periode voorafgaand aan het faillissement van een onderneming en waarin er voor de aangeslotenen tewerkgesteld bij deze onderneming niet langer premies voor de opbouw van het aanvullend pensioen betaald worden aan het SFBM zal de opbouw van het pensioenluik van deze aangeslotenen voortgezet worden op grond van het aan de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid aangegeven brutoloon op de datum van faillissement; - deze financiering heeft enkel betrekking op de niet-betaalde premies die door het SFBM definitief als niet meer te innen beschouwd worden. Voor de uitvoering van de solidariteitsprestaties beschreven onder de punten 3.1., 3.2. en 3.3. worden enkel de gegevens meegedeeld door het SFBM aan het solidariteitsorganisme (volgens de wijze beschreven in het financieel reglement - sectie 3) in rekening genomen. Het SFBM deelt de gegevens op een globale manier mee aan het solidariteitsorganisme, en dit ten laatste op 31 juli van ieder jaar of als reactie op specifieke verzoeken van het solidariteitsorganisme (in geval van pensionering of overlijden). 3.4. Overlijden De financiering van een vergoeding onder de vorm van een rente in geval van overlijden van een aangeslotene tijdens de beroepsloopbaan in de sector, gebeurt als volgt : - indien een aangeslotene overlijdt tijdens zijn beroepsloopbaan in de sector vóór de datum van pensionering, wordt er aan de rechthebbenden een extra uitkering toegekend in de vorm van rente, behalve in geval van wettelijke uitsluitingen; - deze rente is gelijk aan het bedrag bekomen door de omzetting in rente van het door het paritair comité bepaalde bijkomend kapitaal toegekend in geval van overlijden volgens de modaliteiten van artikel 28 van de WAP. Indien de aldus bekomen jaarlijkse rente echter lager is dan 500 EUR, zal het extra toegekende bedrag niet als rente maar als kapitaal worden uitgekeerd, conform de modaliteiten beschreven in artikel 28, § 2 van de WAP. Indien een rechthebbende het overlijden van de aangeslotene opzettelijk of mede door zijn toedoen veroorzaakt, behalve in de gevallen die bij wet zijn toegestaan, dan wordt het kapitaal bij overlijden vóór de einddatum uitgekeerd aan een andere rechthebbende volgens de volgorde die in artikel 6 van de algemene voorwaarden voorzien is. 4. Financiering De solidariteitsprestaties worden gefinancierd door een solidariteitsbijdrage ten laste van de ondernemingen die geïnd wordt door het SFBM, op basis van een beheersovereenkomst tussen het SFBM en de inrichter. De solidariteitsbijdragen zijn beschreven in het financieel reglement (sectie 3). De solidariteitsbijdragen zijn minstens jaarlijks betaalbaar ten laatste op 31 juli volgend op het jaar waarop ze betrekking hebben en dit op hetzelfde moment als de nodige gegevens om de solidariteitsprestaties toe te kennen. De solidariteitsbijdragen spijzen het solidariteitsfonds van de inrichter. De werking van dit solidariteitsfonds is beschreven in artikel 6 van dit solidariteitsreglement. Het solidariteitsorganisme dat deze bijdragen ontvangt, is gehouden tot een middelenverbintenis. In geval van een tekort legt het solidariteitsorganisme binnen de drie maanden een herstelplan voor aan de FSMA. In dit geval zal de inrichter moeten beslissen hetzij om de solidariteitsprestaties aan te passen, hetzij om de solidariteitsbijdragen te verhogen, hetzij een combinatie van beiden, hetzij tot vereffening van het solidariteitsfonds. In dit laatste geval zijn de modaliteiten zoals beschreven in artikel 20.4. van de algemene voorwaarden van toepassing. 5. Einddatum De einddatum van dit solidariteitsreglement wordt vastgesteld op de eerste dag van de maand die volgt op de dag waarop de aangeslotene de wettelijke pensioenleeftijd bereikt. In geval van verdaging van de einddatum of in geval van vervroegde uitkering zijn de modaliteiten beschreven in artikel 5.1. en 5.2. van de bijzondere voorwaarden van het pensioenreglement eveneens van toepassing voor dit solidariteitsreglement. 6. Solidariteitsfonds Het solidariteitsfonds waaruit de solidariteitsprestaties geput worden, is een stelsel van collectieve reserve dat beheerd wordt overeenkomstig de in dit reglement gedefinieerde doelstellingen en bepalingen, alsook in het financiële reglement (sectie 3). Het solidariteitsfonds behoort toe aan het geheel van de aangeslotenen. Indien een onderneming of werknemer om één of andere reden ophoudt deel uit te maken van het toepassingsgebied van dit solidariteitsreglement, kan hij op geen enkele wijze aanspraak maken op de tegoeden van het solidariteitsfonds. Het solidariteitsfonds en de solidariteitsprestaties worden beheerd in overeenstemming met de bepalingen van de ter zake geldende wetgeving (solidariteitsbesluit en financieringsbesluit). Daartoe zal het solidariteitsorganisme de rekeningen van het solidariteitsfonds afzonderlijk van de andere activiteiten beheren. De inkomsten van de rekeningen van het solidariteitsfonds kunnen bestaan uit : - de solidariteitsbijdragen, gestort in uitvoering van dit solidariteitsreglement; - eventuele andere sommen gestort door de inrichter of op vraag van deze laatste, door de ondernemingen; - de financiële opbrengsten van het solidariteitsfonds. De uitgaven van de rekeningen van het solidariteitsfonds kunnen bestaan uit : - de uitkering van de in dit reglement bepaalde solidariteitsprestaties; - de kosten voor het beheer van de solidariteitstoezegging; - de voorzieningen voor lopende prestaties, voor risicoschommelingen en de veroudering. Het solidariteitsorganisme stelt op het einde van ieder boekjaar een resultatenrekening op, evenals een balans met activa en passiva van het solidariteitsfonds en zendt deze stukken binnen de maand na goedkeuring aan de FSMA. In geval van stopzetting van de solidariteitstoezegging, kunnen de overblijvende tegoeden van het solidariteitsfonds na aftrek van de voorzieningen voor lopende solidariteitsprestaties en voor te voorziene kosten gelinkt aan de opheffing van het solidariteitsfonds, nooit gestort worden aan de inrichter of aan de ondernemingen. Behalve in geval van wijziging van solidariteitsorganisme worden zij als éénmalige bijdrage aangewend op de pensioencontracten ten voordele van de aangeslotenen die op het moment van de stopzetting van het sectoraal aanvullend pensioenstelsel nog steeds beantwoorden aan de aansluitingsvoorwaarden. Deze uitzonderlijke bijdrage zal voor elke aangeslotene proportioneel berekend worden naar rata van de uitsluitend verworven reserves in dit sectoraal pensioenplan, eventueel aangevuld met bedragen ten belope van de minimale garantie in toepassing van artikel 24, § 2 van de WAP, waarop hij recht heeft volgens het pensioenreglement te dekken. In het geval dat er geen overschot is, maar dat de resterende tegoeden voldoende zijn voor de betaling van de solidariteitsprestaties van het huidige reglement, zullen deze uitgevoerd worden, zelfs indien er niet meer voldoende tegoeden overblijven om de toekomstige kosten te dekken. Indien de overblijvende tegoeden onvoldoende zijn om de prestaties van dit reglement uit te voeren, worden deze laatste pro rata beperkt. In de twee laatste gevallen zal de inrichter de overblijvende kost of de totale kost gelinkt aan de opheffing van dit solidariteitsfonds, ten laste nemen. In geval van wijziging van solidariteitsorganisme worden de overblijvende tegoeden van het solidariteitsfonds, na aftrek van de voorzieningen voor lopende solidariteitsprestaties en voor te voorziene kosten, overgedragen aan dit nieuwe solidariteitsorganisme. 7. Diverse bepalingen 7.1. Gegevens die moeten meegedeeld worden door het SFBM Het SFBM deelt aan het solidariteitsorganisme alle gegevens mee die nodig zijn voor het beheer van de solidariteitstoezegging, ten laatste tegen 31 juli van het jaar volgend op het jaar waarop de prestaties betrekking hebben. De ondernemingen waarvan het pensioenreglement erkend is als opting-out worden ook opgenomen in de gegevens meegedeeld door het SFBM. Deze ondernemingen hebben eerder alle noodzakelijke gegevens voor de uitvoering van het solidariteitsplan doorgestuurd aan het SFBM, met mededeling van de pensioeninstelling die ze gekozen hebben voor de uitvoering van de pensioentoezegging zodanig dat de solidariteitsprestaties kunnen overgedragen worden naar deze instelling. Het solidariteitsorganisme dekt de aangeslotenen op basis van de gegevens die opgenomen zijn in het KSZ-netwerk, waar nodig vervolledigd met informatie aangeleverd door de werkgever, en die afkomstig zijn van het SFBM. Het solidariteitsorganisme kan niet verantwoordelijk gesteld worden voor de gevolgen die voortvloeien uit het overmaken van onnauwkeurige, onvolledige, onjuiste of laattijdige inlichtingen. 7.2. Informatieplicht De tekst van het solidariteitsreglement is beschikbaar op de website van het solidariteitsorganisme (www.integrale.be) rubriek "Sectoren/PC209". De mogelijke solidariteitsprestaties worden hernomen op de pensioenfiche waarvan sprake onder artikel 13.3 van de algemene voorwaarden en die jaarlijks naar de aangeslotene opgestuurd wordt. 7.3. Verworven rechten van de aangeslotene op de reserves De solidariteitstoezegging gaat op geen enkel moment verworven rechten creëren, noch verworven reserves of verworven prestaties. 8. Algemene voorwaarden De algemene voorwaarden van het reglement dat het sectoraal pensioenstelsel van het Paritair Comité 209 voor de bedienden der metaalfabrikatennijverheid uitvoert - versie "Sectoren_2019.1" - zijn van toepassing. De bijzondere voorwaarden van het solidariteitsreglement hebben voorrang op de algemene voorwaarden in de mate dat ze ervan afwijken. Sectie 3. Financieel reglement 1. Doel Dit financieel reglement bepaalt de regels en voorwaarden van financiering van het sociaal sectoraal plan (luiken pensioen en solidariteit) van het Paritair Comité 209 voor de bedienden der metaalfabrikatennijverheid vanaf 1 januari 2019, in uitvoering van deze collectieve arbeidsovereenkomst. Dit financieel reglement is onlosmakelijk verbonden met het pensioenreglement, het solidariteitsreglement en de technische nota opgenomen als bijlage van deze collectieve arbeidsovereenkomst. De ontbinding van het pensioenreglement heeft automatisch de ontbinding van de andere reglementen tot gevolg. 2. Ingangsdatum Dit financieel reglement neemt op hetzelfde moment aanvang als het pensioenreglement in bijlage van deze collectieve arbeidsovereenkomst. 3. Premies 3.1. Inning en doorstorten van de premies/solidariteitsbijdragen aan de pensioeninstelling en het solidariteitsorganisme In dit artikel verstaat men onder "premies" : de premies van het luik pensioen en onder "bijdragen" de bijdragen voor het luik solidariteit. Het SFBM (zie secties 1 en 2) int op regelmatige basis de overeengekomen premies en solidariteitsbijdragen, conform de bepalingen van de verschillende collectieve arbeidsovereenkomsten met betrekking tot het sociaal sectoraal plan. Deze premies en bijdragen worden in artikel 3.4. van dit financieel reglement gedetailleerd. Het totaal van de premies, verminderd met de beheerskosten van het SFBM, wordt na het einde van elk kwartaal doorgestort aan de pensioeninstelling. Het totaal van de bijdragen, verminderd met de beheerskosten van het SFBM, wordt minstens eenmaal per jaar, ten laatste op 31 juli, doorgestort aan het solidariteitsorganisme. Deze gelden worden gestort in de financieringsfondsen van de inrichter, die door de pensioeninstelling en het solidariteitsorganisme afzonderlijk beheerd worden. De praktische aspecten van de inning en de doorstorting van de premies/bijdragen naar de pensioeninstelling/het solidariteitsorganisme worden beschreven in de beheersovereenkomst getekend tussen de partijen. 3.2. Toekenning van de premies op de contracten - Pensioenopbouw De nettopremies (= geïnde premies verminderd met de beheerskosten van het SFBM), verminderd met de beheerskosten van de pensioeninstelling, worden ingehouden op het financieringsfonds en toegekend op de contracten van de aangeslotenen volgens het volgende theoretische schema : Jaar N = jaar waarop de DmfA-gegevens betrekking hebben; Op 31 juli/N voor de premies berekend op de DmfA-gegevens van het 1ste kwartaal van het jaar N; Op 31 oktober/N voor de premies berekend op de DmfA-gegevens van het 2de kwartaal van het jaar N; Op 31 januari/N+1 voor de premies berekend op de DmfA-gegevens van het 3de kwartaal van het jaar N; Op 30 april/N+1 voor de premies berekend op de DmfA-gegevens van het 4de kwartaal van het jaar N. In ieder geval begint de oprenting van de premies op de individuele contracten vanaf de storting van deze premies in het financieringsfonds. De premies die al toegekend zijn op de individuele contracten kunnen eventueel worden geregulariseerd, zowel in min als in plus, naar aanleiding van de correcties van de DmfA-gegevens. Er wordt geen rekening meer gehouden met regularisaties in min voor uitgetreden aangeslotenen die al geïnformeerd zijn over hun verworven rechten of voor overleden of gepensioneerde aangeslotenen voor wie de uitkering al gebeurde. 3.3. Toekenning prestaties op de contracten - Solidariteitsluik De solidariteitsinstelling stort de netto solidariteitsbijdragen (de geïnde bijdragen verminderd met de beheerskosten van het SFBM) in het overeenkomstige financieringsfonds na afhouding van haar eigen beheerskosten. Jaarlijks worden op 31 juli van het lopende jaar de bijdragen, berekend op basis van de via het SFBM ontvangen gegevens met betrekking tot het voorgaande burgerlijk jaar, geput uit het financieringsfonds. Deze dienen om de solidariteitsprestaties te verzekeren, zoals beschreven in het solidariteitsreglement (sectie 2) en dit voor het voorbije burgerlijk jaar. 3.3.1. Ondernemingen die aangesloten zijn bij het pensioenluik van het sectoraal plan Voor de aangeslotenen van het sectoraal pensioenstelsel worden deze prestaties toegekend op hun contracten recurrente premies in de verzekeringstechniek beschreven in het pensioenreglement. 3.3.2. Ondernemingen in opting-out die moeten deelnemen aan het solidariteitsluik De prestaties beschreven in het solidariteitsreglement en die betrekking hebben op werknemers die niet aangesloten zijn aan het sectoraal pensioenstelsel beheerd door de pensioeninstelling (werknemers in dienst bij een onderneming waarvan de pensioentoezegging erkend is als opting out), worden door het solidariteitsorganisme doorgestort aan de pensioeninstellingen waarbij de betrokken ondernemingen hun pensioentoezegging hebben onderschreven, binnen het kwartaal dat volgt op de ontvangst van de bedragen en van alle informatie nodig voor de doorstorting. Het solidariteitsorganisme bezorgt tegelijkertijd aan de pensioeninstelling een lijst met de prestaties en de begunstigden. Indien het solidariteitsorganisme de pensioeninstelling niet kan identificeren of indien de pensioeninstelling het rekeningnummer waarop de solidariteitsprestatie betaald kan worden, niet meedeelt, blijft het bedrag in het financieringsfonds totdat het solidariteitsorganisme in het bezit is van alle nodige informatie om de premie over te dragen. 3.4. Overzicht van de premies/bijdragen Vanaf 1 januari 2019 worden de brutobijdragen als volgt bepaald : Premie voor de pensioentoezegging : 1,97 pct.* S; Bijdrage voor de solidariteitstoezegging : 0,10 pct.* S. S is het referentieloon, zoals beschreven in artikel 3.5. hierna. De eventuele taksen en sociale bijdragen zijn ten laste van de onderneming en komen bovenop de hierboven vermelde bijdragen. 3.5. Referentieloon Het referentie jaarloon is gelijk aan het aan de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid aangegeven brutojaarloon van de aangeslotene, inclusief het dubbel vakantiegeld. Meer concreet, betreft het de som van de volgende looncodes van de DmfA, eventueel vermeerderd met een correctiefactor voor het dubbel vakantiegeld : - Looncodes DmfA zonder correctiefactor : 2, 3, 4, 5, 6; - Looncodes DmfA met correctiefactor (12,92/12) : 1,7. 3.6. Beheerskosten De beheerskosten worden berekend als een percentage op de door het SFBM geïnde of door de pensioeninstelling en het solidariteitsorganisme vanwege het SFBM ontvangen premies en solidariteitsbijdragen. Vanaf 1 januari 2019 bedragen deze beheerskosten op de premies en solidariteitsbijdragen : - SFBM voor de pensioentoezegging : 2 pct.; - SFBM voor de solidariteitstoezegging : 5 pct. - Pensioeninstelling : de kosten zijn begrepen in de premie die wordt ingeschreven op de contracten van de aangeslotenen. Ze bedragen 3 pct. voor het gedeelte van de premie met een gewaarborgde technische rentevoet van 3,75 pct. per jaar en 1 pct. voor het overige gedeelte van de premie; - Solidariteitsorganisme : 1 pct. 4. Diverse bepalingen 4.1. Informatie De tekst van het financiële reglement is beschikbaar op de website van de pensioen- en solidariteitsorganisme (www.integrale.be) rubriek "Sectoren/PC209". 5. Algemene voorwaarden De algemene voorwaarden van het reglement dat het sectoraal pensioenstelsel van het Paritair Comité 209 voor de bedienden der metaalfabrikatennijverheid uitvoert - versie Sectoren_2019.1 - zijn van toepassing. De bijzondere voorwaarden van het financieel reglement hebben voorrang op de algemene voorwaarden in de mate dat ze ervan afwijken. Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 27 mei 2021. De Minister van Werk, P.-Y. DERMAGNE Bijlage 2 bij de collectieve arbeidsovereenkomst van 9 december 2019, gesloten in het Paritair Comité voor de bedienden der metaalfabrikatennijverheid, betreffende de wijziging van het reglement van de groepsverzekering die het sociale sectorale pensioenstelsel uitvoert en van de sectorale technische nota - verduidelijking bij een aantal aspecten van het sectorale pensioenstelsel Technische nota Deze technische nota vervangt de technische nota aangehecht aan de collectieve arbeidsovereenkomst van 13 november 2017. Zij beschrijft de modaliteiten die van toepassing zijn op : A. De sociale sectorale pensioentoezegging beheerd door Integrale; B. De sectorale pensioentoezegging uitgevoerd door een andere pensioeninstelling dan deze aangeduid door de sectorale collectieve arbeidsovereenkomst gesloten in het Paritair Comité voor de bedienden van de metaalfabrikatennijverheid (ondernemingen die gekozen hebben voor opting-out); C. Een pensioentoezegging uitgevoerd door een andere pensioeninstelling dan deze aangeduid door de sectorale collectieve arbeidsovereenkomst gesloten in het Paritair Comité voor de bedienden van de metaalfabrikatennijverheid (ondernemingen buiten toepassingsgebied). De onderneming kan zich bevinden in één van de situaties A, B of C voor de totaliteit of voor een gedeelte van haar werknemers met een arbeidsovereenkomst voor bedienden (inclusief de kaderleden). In dit laatste geval zijn de modaliteiten afzonderlijk van toepassing per toezegging. A. Modaliteiten van toepassing op de sociale sectorale pensioentoezegging beheerd door Integrale A.1. Aanwending van de premie en de solidariteitsbijdrage zoals bepaald in de pensioenen solidariteitstoezeggingen De huidige premie met betrekking tot de pensioentoezegging bedraagt 1,97 pct. van het referentiejaarloon. De huidige bijdrage met betrekking tot de solidariteitstoezegging bedraagt 0,10 pct. van het referentiejaarloon. Het referentiejaarloon en de beheerskosten zijn gedefinieerd in het financieel reglement dat opgenomen is als bijlage 1 - Sectie 3 van de deze sectorale collectieve arbeidsovereenkomst. Tot 31 december 2015 bedraagt het rendement dat de inrichter op de pensioenpremies garandeert, 3,75 pct. na aftrek van 3 pct. beheerskosten. De rendementsgarantie op de premies gestort op de individuele rekeningen van de actieve aangeslotenen, wordt vanaf 1 januari 2016 berekend aan de hand van de minimum gegarandeerde rentevoeten voorzien in artikel 24, § 3 van de wet van 28 april 2003Relevante gevonden documenten type wet prom. 28/04/2003 pub. 15/05/2003 numac 2003022481 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Wet betreffende de aanvullende pensioenen en het belastingstelsel van die pensioenen en van sommige aanvullende voordelen inzake sociale zekerheid sluiten betreffende de aanvullende pensioenen (momenteel 1,75 pct.). Voor de slapers is het rendement gelijk aan de door Integrale gewaarborgde rentevoet, verhoogd met een eventuele winstdeelname. De "horizontale" methode is van toepassing zoals beschreven in artikel 24, § 4 van de wet van 28 april 2003Relevante gevonden documenten type wet prom. 28/04/2003 pub. 15/05/2003 numac 2003022481 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Wet betreffende de aanvullende pensioenen en het belastingstelsel van die pensioenen en van sommige aanvullende voordelen inzake sociale zekerheid sluiten betreffende de aanvullende pensioenen en het belastingstelsel van die pensioenen en van sommige aanvullende voordelen inzake sociale zekerheid. De andere beschikkingen die betrekking hebben op de pensioen- en solidariteitstoezeggingen worden behandeld in de respectievelijke reglementen die opgenomen zijn als bijlage 1 bij deze sectorale collectieve arbeidsovereenkomst. Historisch overzicht van de pensioentoezegging - 0,5 pct. vanaf 1 april 2002; - 1,0 pct. vanaf 1 juli 2007 (inclusief voor de kaderleden); - 1,1 pct. vanaf 1 januari 2008 (inclusief voor kaderleden); - 1,77 pct. vanaf 1 januari 2011 (inclusief voor de kaderleden); - 1,87 pct. vanaf 1 april 2012 (inclusief voor de kaderleden); - 1,80 pct. vanaf 1 januari 2013 en 0,17 pct. voor het nivelleringsfonds tot dekking van ontbrekende reserves op het moment van uittreding of overlijden (inclusief voor de kaderleden). Het overschot van het nivelleringsfonds wordt jaarlijks in gelijke delen verdeeld onder de …

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.