← België

Koninklijk besluit tot goedkeuring van de eerste bestuursovereenkomst van het Rijksinstituut voor de sociale verzekeringen der zelfstandigen en betref

In het kort

Dit besluit keurt de eerste bestuursovereenkomst goed voor het Rijksinstituut voor de sociale verzekeringen der zelfstandigen en regelt de plaatsing van dit instituut binnen de openbare instellingen van sociale zekerheid. Het hoofddoel is de uitvoering van bepalingen uit een eerder koninklijk besluit van 3 april 1997, gericht op de modernisering en duurzaamheid van de sociale zekerheid.

Wat het regelt

Wie het aanbelangt

Kernpunten

📄 Wettekst
10 DECEMBER 2002. - Koninklijk besluit tot goedkeuring van de eerste bestuursovereenkomst van het Rijksinstituut voor de sociale verzekeringen der zelfstandigen en betreffende de vaststelling van de maatregelen tot rangschikking van bedoeld Rijksinstituut bij de openbare instellingen van sociale zekerheid VERSLAG AAN DE KONING Sire, Het besluit waarvan wij de eer hebben aan Uwe Majesteit ter ondertekening voor te leggen, heeft als hoofdoel een aantal bepalingen uit te voeren van het koninklijk besluit van 3 april 1997Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 05/06/1997 numac 1997016105 bron ministerie van middenstand en landbouw Koninklijk besluit tot vaststelling van de regels inzake de werkingskosten van de Psychologencommissie, opgericht bij artikel 3, § 1, van de wet van 8 november 1993 tot bescherming van de titel van psycholoog type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997000178 bron ministerie van binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot vaststelling van de officiële Duitse vertaling van het koninklijk besluit van 10 december 1996 betreffende de identiteitsstukken en -bewijzen voor kinderen onder de twaalf jaar type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 19/06/1997 numac 1997000179 bron ministerie van binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot vaststelling van de officiële Duitse vertaling van de wet van 11 april 1995 tot invoering van het "handvest" van de sociaal verzekerde type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 04/07/1997 numac 1997000198 bron ministerie van binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot vaststelling van de officiële Duitse vertaling van vijf koninklijke besluiten betreffende het voorhanden hebben en het dragen van wapens door de diensten van het openbaar gezag of van de openbare macht type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 05/07/1997 numac 1997002238 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Koninklijk besluit tot toekenning van een toelage aan het « Belgisch Centrum voor Farmakoterapeutische informatie » voor het jaar 1997 type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 11/06/1997 numac 1997011154 bron ministerie van economische zaken Koninklijk besluit houdende bekrachtiging van Belgische normen uitgewerkt door het Belgisch Instituut voor Normalisatie type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 08/08/1997 numac 1997021144 bron diensten van de eerste minister Koninklijk besluit houdende benoeming van de voorzitter van de beheerraad van het Nationaal Orkest van België type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 15/08/1997 numac 1997021143 bron diensten van de eerste minister Koninklijk besluit houdende wijziging van de samenstelling van de Koninklijke Commissie voor Toponymie en Dialectologie sluiten houdende maatregelen met het oog op de responsabilisering van de openbare instellingen van sociale zekerheid, met toepassing van artikel 47 van de wet van 26 juli 1996 tot modernisering van de sociale zekerheid en tot vrijwaring van de leefbaarheid van de wettelijke pensioenstelsels, voert in de sociale zekerheid het concept van bestuursovereenkomsten in. Sinds de jaren 80 is de responsabilisering van de actoren van de sociale zekerheid een belangrijke politieke bekommernis. Het gaat om het bewaren van de verworvenheden van de sociale zekerheid, terwijl een duurzame financiering verzekerd blijft. Een nieuwe stap zal gezet worden in 2002 met de inwerkingtreding van de eerste bestuursovereenkomsten, gesloten tussen de Belgische Staat en de sociale parastatalen. De doelstelling is de sociale zekerheid uit te rusten met een nieuw werkkader, dat dankzij een toegenomen verantwoordelijkheid van het administratief beheer zal toelaten de doeltreffendheid van de aangeboden diensten te verhogen. In het verslag aan de Koning van het voornoemde besluit van 3 april 1997 wordt een bestuursovereenkomst bepaald als zijnde « een contract tussen het orgaan dat delegeert (de Staat) en het orgaan dat de taak uitvoert (de instelling van sociale zekerheid : het beheerscomité en persoon belast met het dagelijks bestuur), waarbij deze laatste een bepaalde output (d.i. dienstverlening) moet leveren en daartoe over voldoende ruimte beschikt in de inrichting van de interne organisatie en in de aanwending van het hem toegemeten budget ». Er wordt ook gepreciseerd dat « de bestuursovereenkomsten met instellingen van sociale zekerheid enkel betrekking hebben op het beheer van de instellingen en niet op de inhoud van de sociale programma's. De algemene veranderingen t.o.v. de vroegere bestuurlijke situatie behelzen hierbij : - uitdrukkelijk omschrijven van producten en diensten (« output »); - daaraan gekoppeld toekennen van middelen (« input »); - inzake het gebruik van middelen; - afspraken over bewaking van voortgang en verantwoording; - één en ander vastgelegd in expliciete contracten. De belangrijkste voordelen van dit soort overeenkomst zijn : een efficiëntere bedrijfsvoering door de instelling, een grotere mate van kostenbewustheid, met als gevolg besparingen, een betere arbeidsvoldoening en snellere besluitvormingsprocedures. » De politieke overheid blijft dus bekwaam voor het bepalen van het sociaal beleid, met eerbiediging van de overlegprocedures met de sociale partners en om opdrachten toe te kennen aan de parastatale instellingen. Zodra deze opdrachten bepaald zijn, zullen deze instellingen verantwoordelijk worden gehouden voor hun uitvoering en de graad van doeltreffendheid van deze uitvoering in het kader van de bestuursautonomie die hen zal worden toegekend. Het doel van de bestuursovereenkomsten is de openbare instellingen van sociale zekerheid te responsabiliseren inzake administratieve efficiëntie. De relatie van toezicht die heden bestaat tussen een Minister en een instelling zal worden vervangen door een contractuele relatie die ieders verplichtingen bepaalt. Dit betekent concreet dat de bestuursovereenkomst de opdrachten van de instelling bepaalt, de doelstellingen inzake administratieve efficiëntie vaststelt, evenals een beheersbegroting die haar in staat moet stellen deze doelstellingen te bereiken. Bovendien zorgt een nieuw wettelijk en reglementair kader ervoor dat de instelling over een grotere autonomie beschikt inzake begroting en personeel. De bestuursovereenkomst regelt de volgende aangelegenheden (artikel 5, § 2, van het koninklijk besluit van 7 april 1997) : « 1° de taken die de instelling op zich neemt ter vervulling van de opdrachten die haar door of krachtens de wet, of bij Regeringsbeslissing zijn toevertrouwd; 2° de gekwantificeerde doelstellingen inzake efficiëntie en kwaliteit met betrekking tot deze taken;3° in de mate dat de instellingen rechtstreeks contact hebben met het publiek, de gedragsregels ten aanzien van het publiek;4° de methodes voor het meten en het opvolgen van de mate waarin de doelstellingen en gedragsregels worden nageleefd;5° de berekeningswijze en de vaststelling van de beheerskredieten die voor de uitvoering van deze taken ter beschikking worden gesteld;6° de berekeningswijze en de vaststelling van het maximaal bedrag aan personeelskredieten dat betrekking heeft op statutaire ambtenaren;7° binnen het kader bepaald door de Koning bij in Ministerraad overlegd besluit, de positieve sancties voor de instelling bij naleving van de verbintenissen uit de bestuursovereenkomst;8° binnen het kader bepaald door de Koning bij in Ministerraad overlegd besluit, de oplossende maatregelen of sancties bij niet-naleving door één der partijen van haar verbintenissen uit hoofde van de bestuursovereenkomst. § 2, 7° en 8° treden in werking op een door de Koning te bepalen datum. » De eerste bestuursovereenkomsten zullen voor een duur van drie jaar worden afgesloten. De graad van verwezenlijking van de doelstellingen zal worden bepaald op basis van indicatoren die periodiek zullen gemeten worden en die opgenomen zullen worden in de dashboards. Hiernaast zullen de openbare instellingen van sociale zekerheid een begrotingsplan opmaken waarin de wijze wordt uiteengezet waarop de toegekende taken zullen worden uitgevoerd met het oog op de verwezenlijking van de doelstellingen die zijn bepaald in de bestuursovereenkomst. De begroting van de openbare instellingen van sociale zekerheid die een overeenkomst hebben afgesloten zal bestaan uit twee delen : - een opdrachtenbegroting, die de ontvangsten en de uitgaven bevat betreffende de wettelijke opdrachten van de instelling; - een beheersbegroting, die de ontvangsten en de uitgaven bevat betreffende het beheer van de instelling. In de beheersbegroting wordt een onderscheid gemaakt tussen : - de personeelsuitgaven; - de werkingsuitgaven; - de investeringsuitgaven. De beheersbegroting kan slechts limitatieve kredieten bevatten, met uitzondering van de kredieten betreffende belastingen, verschuldigde bijdragen krachtens fiscale bepalingen of uitgaven ingevolge gerechtelijke procedures of beslissingen. Het beheersorgaan kan echter beslissen kredieten in de beheersbegroting van eenzelfde boekjaar over te dragen mits het gunstig advies van de regeringscommissaris die de Minister van Begroting vertegenwoordigt. De kredieten die voorzien zijn voor de investeringsuitgaven of voor de met het investeringprogramma verbonden werkingsuitgaven, die niet tijdens het begrotingsjaar zullen opgebruikt zijn, zullen opnieuw worden ingeschreven in de beheersbegroting van het volgende begrotingsjaar, voorzover dit nodig is voor de uitvoering van het investeringsprogramma. De opdrachtenbegroting, daarentegen, zal niet-limitatieve kredieten mogen bevatten. Inzake personeel zal het beheersorgaan zelfstandig het organieke kader mogen vaststellen. Hierin zal het geheel worden beschreven van de betrekkingen die bekleed worden of bekleed kunnen worden door het statutair of het contractueel personeel. Een verhouding zal worden vastgesteld tussen het organieke kader en het functionele organigram van de instelling, wat zodoende de basis vormt voor een echt beleid inzake personeel. De controle zal zoals daarvoor worden uitgeoefend door middel van twee regeringscommissarissen : een die de toezichthoudende Minister vertegenwoordigt en een ander die de Minister van Begroting vertegenwoordigt. De rol van deze commissarissen is echter belangrijker geworden : « Ze moeten voornamelijk gezien worden als de vertegenwoordigers van een andere partij in een contractuele relatie, waarbij beide partijen gezamenlijk streven naar het bereiken van de vooropgestelde doelstellingen op de meest efficiënte manier. Dit impliceert een grotere betrokkenheid van de regeringscommissarissen bij de werking van de instelling en het opnemen, door deze laatsten, van een aantal verantwoordelijkheden inzake het tijdig aangeven van risico's tot niet-naleving van de bestuursovereenkomst » (commentaar bij de artikelen van het koninklijk besluit van 3 april 1997Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 05/06/1997 numac 1997016105 bron ministerie van middenstand en landbouw Koninklijk besluit tot vaststelling van de regels inzake de werkingskosten van de Psychologencommissie, opgericht bij artikel 3, § 1, van de wet van 8 november 1993 tot bescherming van de titel van psycholoog type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997000178 bron ministerie van binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot vaststelling van de officiële Duitse vertaling van het koninklijk besluit van 10 december 1996 betreffende de identiteitsstukken en -bewijzen voor kinderen onder de twaalf jaar type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 19/06/1997 numac 1997000179 bron ministerie van binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot vaststelling van de officiële Duitse vertaling van de wet van 11 april 1995 tot invoering van het "handvest" van de sociaal verzekerde type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 04/07/1997 numac 1997000198 bron ministerie van binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot vaststelling van de officiële Duitse vertaling van vijf koninklijke besluiten betreffende het voorhanden hebben en het dragen van wapens door de diensten van het openbaar gezag of van de openbare macht type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 05/07/1997 numac 1997002238 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Koninklijk besluit tot toekenning van een toelage aan het « Belgisch Centrum voor Farmakoterapeutische informatie » voor het jaar 1997 type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 11/06/1997 numac 1997011154 bron ministerie van economische zaken Koninklijk besluit houdende bekrachtiging van Belgische normen uitgewerkt door het Belgisch Instituut voor Normalisatie type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 08/08/1997 numac 1997021144 bron diensten van de eerste minister Koninklijk besluit houdende benoeming van de voorzitter van de beheerraad van het Nationaal Orkest van België type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 15/08/1997 numac 1997021143 bron diensten van de eerste minister Koninklijk besluit houdende wijziging van de samenstelling van de Koninklijke Commissie voor Toponymie en Dialectologie sluiten). Jaarlijks zal er een overleg moeten plaatsvinden tussen de regeringscommissarissen, het beheersorgaan en de administrateur-generaal van de instelling, ten einde de goede uitvoering van de bestuursovereenkomst te evalueren. Gemeenschappelijke bepalingen aan de verschillende overeenkomsten De bepalingen betreffende de verbintenissen van de Staat en de berekening van de beheerskredieten hebben het voorwerp uitgemaakt van een bijzondere aandacht. Het was inderdaad van het grootste belang dat men, voor deze bepalingen, dezelfde tekst terugvindt in alle bestuursovereenkomsten. De verbintenissen van de Staat houden in : - Het overleg van de Staat met de instellingen van sociale zekerheid naar aanleiding van wijzigingen van de wetgeving; - Het eerbiedigen van een thesaurieplan voor de storting van de subsidies en van de alternatieve financiering; - Het in rekening brengen, tijdens de evaluatie van de overeenkomst, van gebeurtenissen van overmacht of van politieke beslissingen die gevolgen zouden kunnen hebben op de verwezenlijking van de overeenkomst; - De verzekering van een doeltreffende samenwerking van de Federale Ministeries in de opdrachten waar een samenwerking met een instelling noodzakelijk is. In het hoofdstuk dat handelt over de beheerskredieten, is het noodzakelijk van, en dit voor alle instellingen, eenzelfde bedrag te voorzien waarboven elke beslissing om een onroerend goed te verwerven, te bouwen, te renoveren of te vervreemden onderworpen wordt aan een voorafgaande machtiging. Het is eveneens noodzakelijk een voorafgaande machtiging te voorzien van de voogdijminister en van de Minister van Begroting voor de affectatie van de opbrengst van de verkoop van roerende of onroerende goederen. Budgettaire aspecten van de bestuursovereenkomsten a) Inleiding Via de omzendbrief van 13 juni 2001 en in het kader van de vaststelling van de budgettaire enveloppes van de bestuursovereenkomsten, heeft de Minister van Begroting een bepaald aantal inlichtingen aan de instellingen gevraagd, te weten : - Het bedrag van de realisaties 1998, 1999 en 2000 alsook het aangepaste budgettaire bedrag voor deze periodes. - De initiële en aangepaste budgettaire bedragen voor 2001. - De budgettaire vooruitzichten voor 2002 alsook een meerjarenraming voor 2003 en 2004. - De evolutie van de daadwerkelijke statutairen en contractuelen sinds 1998. Het resultaat van de behandeling van deze gegevens is aan het College van administrateur-generaals voorgesteld geweest op 12 oktober 2001. b) Resultaten van de bilaterale vergaderingen Voor het RSVZ werd de bilaterale vergadering gehouden op 6 november 2001.Een afvaardiging van de instelling, vertegenwoordigers van de verschillende betrokken Kabinetten, vertegenwoordigers van het Ministerie van Financiën en van het toezichthoudend ministerie, een vertegenwoordiger van de Regeringscommissaris voor de sociale zekerheid en de Regeringscommissarissen en/of afgevaardigden van het Ministerie van Financiën bij de instelling waren op deze vergadering aanwezig. Er werd nagegaan of de overeenkomst overeenstemming was met de wettelijke bepalingen, inzonderheid artikel 5, § 2, van het koninklijk besluit van 3 april 1997Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 05/06/1997 numac 1997016105 bron ministerie van middenstand en landbouw Koninklijk besluit tot vaststelling van de regels inzake de werkingskosten van de Psychologencommissie, opgericht bij artikel 3, § 1, van de wet van 8 november 1993 tot bescherming van de titel van psycholoog type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997000178 bron ministerie van binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot vaststelling van de officiële Duitse vertaling van het koninklijk besluit van 10 december 1996 betreffende de identiteitsstukken en -bewijzen voor kinderen onder de twaalf jaar type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 19/06/1997 numac 1997000179 bron ministerie van binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot vaststelling van de officiële Duitse vertaling van de wet van 11 april 1995 tot invoering van het "handvest" van de sociaal verzekerde type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 04/07/1997 numac 1997000198 bron ministerie van binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot vaststelling van de officiële Duitse vertaling van vijf koninklijke besluiten betreffende het voorhanden hebben en het dragen van wapens door de diensten van het openbaar gezag of van de openbare macht type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 05/07/1997 numac 1997002238 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Koninklijk besluit tot toekenning van een toelage aan het « Belgisch Centrum voor Farmakoterapeutische informatie » voor het jaar 1997 type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 11/06/1997 numac 1997011154 bron ministerie van economische zaken Koninklijk besluit houdende bekrachtiging van Belgische normen uitgewerkt door het Belgisch Instituut voor Normalisatie type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 08/08/1997 numac 1997021144 bron diensten van de eerste minister Koninklijk besluit houdende benoeming van de voorzitter van de beheerraad van het Nationaal Orkest van België type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 15/08/1997 numac 1997021143 bron diensten van de eerste minister Koninklijk besluit houdende wijziging van de samenstelling van de Koninklijke Commissie voor Toponymie en Dialectologie sluiten houdende maatregelen met het oog op de responsabilisering van de openbare instellingen van sociale zekerheid, met het economisch, sociaal en financieel beleid van de Staat, met het Handvest van de sociaal verzekerde en met de administratieve vereenvoudiging. Ingevolge de beslissingen van de Ministerraad van 7 december 2001 werd de overeenkomst aangepast wat betreft de gemeenschappelijke bepalingen inzake de verbintenissen van de Staat en de wijze van berekening van de beheerskredieten in verband met de beheersbudgetten. c) Meerjarenraming 2003-2004 Voor de genormeerde kosten (personeelskosten, werkingskosten en investeringen uitgezonderd informatica en onroerende goederen), is de toegestane verhoging in 2003 en 2004 in principe de gezondheidsindex en de door de Regering weerhouden verhoging in het kader van zijn stabiliteitsprogramma. De bestuursovereenkomst van het Rijksinstituut voor de sociale verzekeringen der zelfstandigen Naar vorm en inhoud is de bestuursovereenkomst tot stand gekomen vanuit de optie om een zo volledig mogelijk beeld te bieden van de taken van het RSVZ. De bestuursovereenkomst is dan ook, gelet op de diverse uiteenlopende basisopdrachten, vrij omvangrijk en bestaat uit een preambule, zeven titels en drie bijlagen. Titel I bevat de definities van begrippen die verder in de bestuursovereenkomst worden gehanteerd. Titel II handelt over de taken en doelstellingen van het RSVZ. In een eerste hoofdstuk wordt een algemene omschrijving gegeven van de taken van het RSVZ. Elk van deze taken wordt in de daaropvolgende hoofdstukken gedetailleerd besproken. Aan elke taak is een kwantitatieve en/of kwalitatieve doelstelling gekoppeld. Hoofdstuk 2 handelt over de taken en doelstellingen inzake de verzekerings- en/of bijdrageplicht, waarbij telkens een onderscheid wordt gemaakt tussen de natuurlijke personen en de rechtspersonen : - De vaststelling van de verzekeringsplicht van natuurlijke personen, met de opsporing, de ingebrekestelling en desgevallend de ambtshalve aansluiting bij de Nationale Hulpkas voor de sociale verzekeringen der zelfstandigen. Een snelle informatie van de zelfstandigen over hun rechten en plichten is het streefdoel. Doelstelling is in de loop van 2002, 60 % van deze beslissingen te nemen binnen de drie en een half maanden, te rekenenen vanaf het ogenblik waarop het RSVZ kennis heeft genomen van een feit dat de verzekeringsplicht met zich meebrengt, en deze termijn tegen eind 2004 terug te brengen tot twee maanden. - De vaststelling van de stopzetting in het kader van de arbeidsongeschiktheidsverzekering, waarbij het RSVZ een bijzondere inspanning zal leveren om de conclusies aan de adviserend geneesheer op diens verzoek mee te delen binnen de dertig dagen volgend op de ontvangst van de verklaring van arbeidsongeschiktheid. - De vaststelling van de bijdrageplicht van de vennootschappen. De procedure start met een informatiebrief, desgevallend gevolgd door een formele ingebrekestelling en zonodig een ambtshalve aansluiting. Het RSVZ verbindt er zich toe vragen of betwistingen met betrekking tot die bijdrageplicht binnen de week te behandelen. Streefdoel is dit in 2002 voor 91 % van de gevallen te doen en dit percentage tegen eind 2004 op te trekken naar 95 %. - Beslissingen inzake verminderde bijdragen en verzaking van verhogingen. Voor de verminderde bijdragen zal het RSVZ in 2002 binnen de drie maanden beslissen in 85 % van de gevallen en dit percentage tegen eind 2004 optrekken naar 95 %. Voor de verzaking aan de verhogingen, zal in 2002 90 % van de aanvragen binnen de drie en een half maanden beslist worden. Tegen eind 2004 zal deze termijn teruggebracht worden tot twee en een half maanden. - Het innen van de solidariteits-, matigings- en consolidatiebijdragen. De overgrote meerderheid van de dossiers bevinden zich reeds in gerechtelijke invordering, zodat de doelstelling erin bestaat de operaties inzake de invordering van deze bijdragen af te sluiten in de loop van deze bestuursovereenkomst. - De aansluiting van zelfstandigen bij de Nationale Hulpkas en de inning van de aan de Nationale Hulpkas verschuldigde sociale bijdragen. Voor de ambtshalve aansluitingen zal de Nationale Hulpkas een termijn van maximaal dertig dagen respecteren tussen de ontvangst van het volledige dossier inzake de verzekeringsplicht en de kennisgeving aan de betrokkene van zijn aansluiting bij de Kas. Voor de vrijwillige aansluitingen zal de Nationale Hulpkas een termijn van viftien dagen respecteren tussen de ontvangst van de volledige aansluitingsaanvraag en de bevestiging aan de betrokkene van zijn aansluiting bij de kas. - De inning van sociale bijdragen. De Nationale Hulpkas zal de sociale bijdrage berekenen en de afrekening waarbij de betaling wordt gevorderd versturen binnen de maand die volgt op de maand waarin de noodzakelijke inlichtingen ontvangen worden. Dezelfde termijn geldt voor het versturen van regularisaties. Het financieel rendement zal zo goed mogelijk verbeterd worden, met bijzondere aandacht voor de gerechtelijke invordering. - De aansluiting van vennootschappen bij de Nationale Hulpkas voor de sociale verzekeringen der zelfstandigen en de inning van de aan de Nationale Hulpkas verschuldigde vennootschapsbijdragen. Zowel bij een vrijwillige als bij een ambtshalve aansluiting verstuurt het RSVZ het vervaldagbericht binnen de week volgend op de aansluiting. Het RSVZ zal onderzoeken hoe de inzameling van die gegevens met betrekking tot de hoofdelijk aansprakelijken kan versneld worden en streven naar een geleidelijke verbetering van het financieel rendement van de vennootschapsbijdragen, zowel voor de gewone inningen als voor de gerechtelijke invorderingen. Hoofdstuk 3 handelt over de taken en doelstellingen inzake het toekennen van rechten en het betalen van uitkeringen : - Beslissingen inzake de toekenning van pensioenen. Het RSVZ onderzoekt de rechten op een pensioen hetzij op aanvraag, hetzij ambtshalve ten behoeve van de zelfstandigen (rustpensioen), hun overlevende echtgenoot (overlevingspensioen), of hun uit de echt gescheiden echtgenoot (pensioen van uit de echt gescheiden echtgenoot). Het herrekent het supplement dat in het kader van de vervroegde uittreding in de landbouw wordt toegekend, wanneer de gerechtigde de leeftijd van 65 jaar bereikt en berekent, in geval van overlijden van de gerechtigde, het supplement voor de overlevende echtgenoot. Het stelt de pensioenrechten vast die moeten worden overgedragen aan de E.U. en behandelt de dossiers van de onvoorwaardelijke pensioenen. Bovendien voert de Infodienst-Pensioenen ramingen uit van de toekomstige pensioenrechten. - Het RSVZ verbindt zich ertoe 60 % van de aanvragen inzake rustpensioen en pensioen voor de echtgescheiden echtgenoot te beslissen binnen een termijn van drie maanden. Dit percentage zal tegen eind 2004 opgetrokken worden tot 85 %. - De aanvragen inzake overlevingspensioen zullen worden beslist binnen een termijn van twee maanden. - De ramingen van toekomstige pensioenrechten zullen in 2002 voor 85 % meegedeeld worden binnen een termijn van dertig dagen. Tegen eind 2003 zal dit percentage opgetrokken worden naar 100 %. - Omwille van de vigerende wettelijke en reglementaire bepalingen inzake de vaststelling van de toe te passen coëfficiënten, het ogenblik waarop de sociale verzekeringsfondsen de loopbaan-, inkomens-, en bijdragegegevens van de toekomstige gepensioneerden ten vroegste aan het RSVZ kunnen overmaken en de eenheid van loopbaan, kunnen bovenvermelde termijnen maar beginnen te lopen vanaf het ogenblik dat alle gegevens die noodzakelijk zijn voor de pensioenberekening ter beschikking zijn van het RSVZ. Het RSVZ stelt van zijn kant alles in het werk om in de praktijk tot een efficiënte en snellere gegevensinzameling te komen. - Briefwisseling met betrekking tot de individuele pensioensituatie zal op een begrijpelijke en zo volledig mogelijke wijze beantwoord worden binnen een termijn van dertig dagen. In 2002 zal dit gebeuren in 70 % an de gevallen. Tegen eind 2004 wordt dit percentage opgetrokken naar 90 %. - Het RSVZ streeft een "nul fouten"-marge na. - Beslissingen inzake gelijkstelling, voortgezette verzekering en de regularisaties van gewezen kolonisten. Het RSVZ zal deze aanvragen beslissen binnen de drie en een half maanden, te rekenen vanaf de ontvangst van de aanvraag. In 2002 zal dit gebeuren voor 77 % van de aanvragen. Tegen eind 2004 zal dit percentage opgetrokken worden naar 85 %. - De toekenning en de uitbetaling van gezinsbijslagen aan de aangeslotenen van de Nationale Hulpkas voor de sociale verzekeringen der zelfstandigen. Aan nieuwe aanvragen zal binnen de drie maanden volgend op hun ontvangst gevolg gegeven worden. In 2002 voor 90 % van de dossiers, tegen eind 2004 voor 95 %. Wijzigingen in dossiers zullen, ten belope van dezelfde percentages binnen de maand worden verwerkt. De inbetalingstelling en desgevallend de uitbetaling voor nieuwe dossiers zal worden uitgevoerd binnen de twee maanden volgend op de beslissing van toekenning. De geregelde maandelijkse betaling van de wettelijk verschuldigde bijslag aan de bijslagtrekkende wordt in 95 % van de lopende dossiers gegarandeerd. Voor de dossiers waar een wijziging optreedt van de betalingsgegevens, zal de regularisatie binnen de maand worden doorgevoerd. Op het vlak van de informatieverstrekking inzake de gezinsbijslagen zal de Nationale Hulpkas binnen de maand gevolg geven aan de informatieaanvraag. - De toekenning en de uitbetaling van de voordelen van de sociale verzekering in geval van faillissement aan de aangeslotenen van de Nationale Hulpkas. De Nationale Hulpkas geeft aan de aanvragen gevolg binnen de drie maanden volgend op het ogenblik van hun ontvangst. In 2002 voor 90 % van de aanvragen, tegen eind 2004 voor 95 %. Op het vlak van de uitbetaling zal de Nationale Hulpkas ten belope van voormelde percentages, tot de uitbetaling overgaan binnen de maand volgend op de toekenning. Op het vlak van de informatieverspreiding inzake de uitkeringen in geval van faillissement, zal de Nationale Hulpkas het nodige gevolg geven binnen de maand volgend op de informatieaanvraag. - De terugvordering en de eventuele verzaking eraan. De gezinsbijslagen en de uitkeringen in geval van faillissement, waarvan wordt vastgesteld dat ze ten onrechte werden uitbetaald, worden teruggevorderd, zo nodig langs gerechtelijke weg. Alle nodige schikkingen worden getroffen om onverschuldigd betaalde bedragen te vermijden of in voorkomend geval te vermijden dat de bedragen van de schuld te aanzienlijk worden. Onverschuldigd betaalde bedragen zullen zo snel mogelijk aan de sociaal verzekerde worden meegedeeld, met de juiste informatie een duidelijke berekening en een motivering. Aanvragen tot verzaking aan de terugvordering zullen binnen de maand beslist worden. In 2002 voor 91 % van de aanvragen, tegen eind 2004 voor 95 %. Hoofdstuk 4 handelt over de taken en doelstellingen inzake het bijhouden van de repertoria van de zelfstandigen en van de vennootschappen : - De registratie van de nieuwe aansluitingen en de overgangen naar een ander sociaal verzekeringsfonds. Het gaat om geautomatiseerde procedures ontstaan uit een streven naar administratieve vereenvoudiging en het verkorten van de termijnen. - Het beheer van de identificatie- en loopbaangegevens van de zelfstandigen. Met betrekking tot deze gegevens geldt het principe dat de afzender verantwoordelijk blijft voor de aangeboden gegevens. Fouten worden gesignaleerd aan de afzender, die geacht wordt zelf correctie aan te brengen. Het RSVZ volgt zowel de bijwerkingen als de foutmeldingen nauwgezet op en vervult een signaal- en bijstandsfunctie voor de meewerkende instellingen. - Het beheer van de inkomensgegevens. Het RSVZ verdeelt de informatie inzake de inkomens van de zelfstandigen, die het meegedeeld krijgt van de administratie der directe belastingen, naar de sociale verzekeringsfondsen die dit gegeven nodig hebben om de bijdragen van de bij hen aangesloten zelfstandigen te berekenen. Deze inkomensgegevens zullen binnen een termijn van één maand toegewezen worden aan alle sociale verzekeringsfondsen die ze nodig hebben. - Het beheer van het secundair netwerk in het kader van de Kruispuntbank. Het RSVZ zal de in- en output van het secundair netwerk nauwgezet opvolgen en waken over de kwaliteit en de regelmaat ervan. - Het repertorium van de vennootschappen. De gegevensuitwisseling tussen het rijksregister en het RSVZ enerzijds en het RSVZ en de sociale verzekeringsfondsen anderzijds, gebeurt op dagelijkse basis. Deze uitwisseling en de eventuele foutmeldingen worden door het RSVZ nauwgezet opgevolgd. Hoofdstuk 5 handelt over de taken en doelstellingen inzake het financieel beheer van het sociaal statuut der zelfstandigen Het RSVZ is belast met de uitvoering van het globaal financieel beheer van het sociaal statuut der zelfstandigen. Het RSVZ ziet toe op de dagelijkse doorstorting van de door de sociale verzekeringsfondsen geïnde bijdragen en op de regelmatige doorstorting van de rijkssubsidies en van de middelen uit de alternatieve financiering. Het RSVZ ziet toe op de correcte verdeling van de financiële middelen aan de uitbetalingsorganismen (RVP, RIZIV en sociale verzekeringsfondsen), binnen de met die organismen afgesproken termijnen. Het RSVZ zal de thesauriemiddelen beheren als een goede huisvader. Het RSVZ zal instaan voor een correcte opmaak en opvolging van de beheers- en opdrachtenbegroting van het Rijksinstituut en zal de nodige medewerking verlenen voor de opmaak en de opvolging van de evenwichtstabel van het globaal beheer van het sociaal statuut der zelfstandigen, opgemaakt door het Algemeen Beheerscomité van het sociaal statuut der zelfstandigen. Hoofdstuk 6 handelt over de taken en doelstellingen betreffende de ondersteuning van de operationele opdrachten, het beleid inzake het sociaal statuut der zelfstandigen en de goede werking van de instelling. In de eerste vijf hoofdstukken van Titel II wordt aandacht aan de opdrachten van wat men de operationele diensten noemt. In dit hoofdstuk worden een aantal ondersteunende taken toegelicht. Titel III bespreekt de engagementen van het RSVZ met betrekking tot de verwerking van aanvragen en de gedragsregels ten aanzien van het publiek. Bij de algemene bepalingen in hoofdstuk 1 gaat het vooral om de naleving van de wet van 29 juli 1991Relevante gevonden documenten type wet prom. 29/07/1991 pub. 18/12/2007 numac 2007001008 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen. - Duitse vertaling sluiten op de uitdrukkelijke motivering van bestuurshandelingen, het Handvest van de gebruiker van de overheidsdiensten van 4 december 1992, de wet van 11 april 1994 met betrekking tot de openbaarheid van bestuur en de wet van 11 april 1995 tot invoering van het Handvest van de sociaal verzekerde. Het RSVZ zal daarbij handelen overeenkomstig de richtlijnen opgenomen in bijlage 3 bij deze overeenkomst. In deze Titel worden voorts volgende onderwerpen behandeld : informatieverspreiding, uniforme toepassing van de reglementering, leesbaarheid van de gebruikte formulieren, het onthaal en de ombudsdiensten. In Titel IV engageert het RSVZ zich ertoe de kwantificeerbare doelstellingen en gedragsregels waartoe het zich in deze bestuursovereenkomst verbindt, op regelmatige wijze te meten en evalueren aan de hand van boordtabellen, die onder meer indicatoren als aantallen, saldi en doorlooptijd zullen bevatten. De kwantificeerbare doelstellingen zullen vanaf einde 2002 opgemeten worden. De kwalitatieve en derhalve moeilijk of niet kwantificeerbare doelstellingen zullen gemeten en geëvalueerd worden aan de hand van geëigende werkmethoden, waaronder steekproeven. Titel V bevat de verbintenissen van de Staat. Het gaat om bepalingen die gemeenschappelijk zijn voor alle instellingen van sociale zekerheid. Titel VI bevat het budgettaire luik van de bestuursovereenkomst, met de berekeningswijze en vaststelling van de beheerskredieten en van het maximaal bedrag aan personeelskredieten dat betrekking heeft op statutaire ambtenaren. Het RSVZ is binnen de budgettaire marges gebleven die door de Overheid werden bepaald en die in de overeenkomst zijn opgenomen. Titel VII bevat een tweetal slotbepalingen, meer bepaald met betrekking tot mogelijkheid van herzieningvan de overeenkomst vóór het verstrijken van de duur ervan en een bepaling waarbij gesteld wordt dat de verbintenissen die in de bestuursovereenkomst worden aangegaan geen afbreuk doen aan de verplichting van het RSVZ om de andere wettelijke opdrachten, waarvoor geen specifieke doelstelling is vastgelegd, efficiënt uit te voeren. De drie bijlagen bij de overeenkomst hebben betrekking op : de opdeling van de beheerskredieten, de berekeningswijze van de beheerskredieten en de richtlijnen met betrekking tot de wetgeving opgesomd in Titel III van de overeenkomst. Het besluit werd aangepast aan de bemerkingen geformuleerd door de Raad van State in zijn advies 33.805/3 van 25 oktober 2002. Wij hebben de eer te zijn, Sire, Van Uwe Majesteit, de zeer eerbiedige en zeer getrouwe dienaars, De Minister van Begroting, J. VANDE LANOTTE De Minister belast met Middenstand, R. DAEMS De Minister van Ambtenarenzaken en Modernisering van de Openbare Besturen, L. VAN DEN BOSSCHE 10 DECEMBER 2002. - Koninklijk besluit tot goedkeuring van de eerste bestuursovereenkomst van het Rijksinstituut voor de Sociale Verzekeringen der Zelfstandigen en betreffende de vaststelling van de maatregelen tot rangschikking van bedoeld Rijksinstituut bij de openbare instellingen van sociale zekerheid ALBERT II, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. Gelet op het koninklijk besluit van 3 april 1997Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 05/06/1997 numac 1997016105 bron ministerie van middenstand en landbouw Koninklijk besluit tot vaststelling van de regels inzake de werkingskosten van de Psychologencommissie, opgericht bij artikel 3, § 1, van de wet van 8 november 1993 tot bescherming van de titel van psycholoog type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997000178 bron ministerie van binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot vaststelling van de officiële Duitse vertaling van het koninklijk besluit van 10 december 1996 betreffende de identiteitsstukken en -bewijzen voor kinderen onder de twaalf jaar type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 19/06/1997 numac 1997000179 bron ministerie van binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot vaststelling van de officiële Duitse vertaling van de wet van 11 april 1995 tot invoering van het "handvest" van de sociaal verzekerde type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 04/07/1997 numac 1997000198 bron ministerie van binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot vaststelling van de officiële Duitse vertaling van vijf koninklijke besluiten betreffende het voorhanden hebben en het dragen van wapens door de diensten van het openbaar gezag of van de openbare macht type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 05/07/1997 numac 1997002238 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Koninklijk besluit tot toekenning van een toelage aan het « Belgisch Centrum voor Farmakoterapeutische informatie » voor het jaar 1997 type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 11/06/1997 numac 1997011154 bron ministerie van economische zaken Koninklijk besluit houdende bekrachtiging van Belgische normen uitgewerkt door het Belgisch Instituut voor Normalisatie type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 08/08/1997 numac 1997021144 bron diensten van de eerste minister Koninklijk besluit houdende benoeming van de voorzitter van de beheerraad van het Nationaal Orkest van België type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 15/08/1997 numac 1997021143 bron diensten van de eerste minister Koninklijk besluit houdende wijziging van de samenstelling van de Koninklijke Commissie voor Toponymie en Dialectologie sluiten houdende maatregelen met het oog op de responsabilisering van de openbare instellingen van sociale zekerheid, met toepassing van artikel 47 van de wet van 26 juli 1996 tot modernisering van de sociale zekerheid en tot vrijwaring van de leefbaarheid van de wettelijke pensioenstelsels, laatst gewijzigd bij het koninklijk besluit van 29 april 2002; Gelet op de wet van 16 maart 1954 betreffende de controle op sommige instellingen van openbaar nut, inzonderheid op artikel 1, zoals gewijzigd tot op heden; Gelet op de wet van 22 juli 1993 houdende bepaalde maatregelen inzake ambtenarenzaken, inzonderheid op artikel 1, § 1, laatst gewijzigd bij het koninklijk besluit van 29 april 2002; Gelet op het konklijk besluit van 8 januari 1973 tot vaststelling van het statuut van het personeel van sommige instellingen van openbaar nut, inzonderheid op artikel 1, § 1, VI; Gelet op de akkoordbevinding van de Minister van Begroting van 20 december 2001; Overwegende de eerste bestuursovereenkomst afgesloten tussen enerzijds de Staat en anderzijds het Rijksinstituut voor de Sociale Verzekeringen der Zelfstandigen; Gelet op het besluit van de Ministerraad, over het verzoek om aan de Raad van State om advies te geven binnen een termijn van een maand; Gelet op advies 33.805/3 van de Raad van State, gegeven op 25 oktober 2002, met toepassing van artikel 84, eerste lid, 1°, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State; Op de voordracht van Onze Minister van Begroting, Onze Minister belast met Middenstand en Onze Minister van Ambtenarenzaken en Modernisering van de openbare besturen en op het advies van Onze in Raad vergaderde Ministers, Hebben Wij besloten en besluiten Wij : Artikel 1.De bij dit besluit gevoegde bestuursovereenkomst wordt goedgekeurd. Art. 2.Artikel 3, § 2, van het koninklijk besluit van 3 april 1997Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 05/06/1997 numac 1997016105 bron ministerie van middenstand en landbouw Koninklijk besluit tot vaststelling van de regels inzake de werkingskosten van de Psychologencommissie, opgericht bij artikel 3, § 1, van de wet van 8 november 1993 tot bescherming van de titel van psycholoog type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997000178 bron ministerie van binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot vaststelling van de officiële Duitse vertaling van het koninklijk besluit van 10 december 1996 betreffende de identiteitsstukken en -bewijzen voor kinderen onder de twaalf jaar type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 19/06/1997 numac 1997000179 bron ministerie van binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot vaststelling van de officiële Duitse vertaling van de wet van 11 april 1995 tot invoering van het "handvest" van de sociaal verzekerde type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 04/07/1997 numac 1997000198 bron ministerie van binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot vaststelling van de officiële Duitse vertaling van vijf koninklijke besluiten betreffende het voorhanden hebben en het dragen van wapens door de diensten van het openbaar gezag of van de openbare macht type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 05/07/1997 numac 1997002238 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Koninklijk besluit tot toekenning van een toelage aan het « Belgisch Centrum voor Farmakoterapeutische informatie » voor het jaar 1997 type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 11/06/1997 numac 1997011154 bron ministerie van economische zaken Koninklijk besluit houdende bekrachtiging van Belgische normen uitgewerkt door het Belgisch Instituut voor Normalisatie type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 08/08/1997 numac 1997021144 bron diensten van de eerste minister Koninklijk besluit houdende benoeming van de voorzitter van de beheerraad van het Nationaal Orkest van België type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 15/08/1997 numac 1997021143 bron diensten van de eerste minister Koninklijk besluit houdende wijziging van de samenstelling van de Koninklijke Commissie voor Toponymie en Dialectologie sluiten houdende maatregelen met het oog op de responsabilisering van de openbare instellingen van sociale zekerheid, met toepassing van artikel 47 van de wet van 26 juli 1996 tot modernisering van de sociale zekerheid en tot vrijwaring van de leefbaarheid van de wettelijke pensioenstelsels, laatst gewijzigd bij het koninklijk besluit van 29 april 2002, wordt aangevuld als volgt : « Rijksinstituut voor de Sociale Verzekeringen der Zelfstandigen ». Art. 3.In artikel 1, littera D , van de wet van 16 maart 1954 betreffende de controle op sommige instellingen van openbaar nut, zoals gewijzigd tot op heden, vervallen de woorden « Rijksinstituut voor de sociale verzekeringen der zelfstandigen ». Art. 4.In artikel 1, § 1, tweede lid, 2° van de wet van 22 juli 1993 houdende bepaalde maatregelen inzake ambtenarenzaken, vervangen bij de wet van 22 maart 1999 en gewijzigd bij koninklijk besluit van 29 april 2002, vervallen de woorden « Rijksinstituut voor de sociale verzekeringen der zelfstandigen ». Art. 5.In artikel 1, § 1, VI van het koninklijk besluit van 8 januari 1973 tot vaststelling van het statuut van het personeel van sommige instellingen van openbaar nut vervallen de woorden « Rijksinstituut voor de Sociale Verzekeringen der Zelfstandigen ». Art. 6.Dit besluit en de bijgevoegde bestuursovereenkomst hebben uitwerking met ingang van 1 januari 2002. Art. 7.Onze Minister van Begroting, Onze Minister belast met Middenstand en Onze Minister van Ambtenarenzaken en modernisering van de openbare besturen zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit. Bijlage Bestuursovereenkomst tussen de Belgische Staat en het Rijksinstituut voor de Sociale Verzekeringen der Zelfstandigen. De Minister van Begroting, J. VANDE LANOTTE De Minister belast met Middenstand, R. DAEMS De Minister van Ambtenarenzaken en Modernisering van de Openbare Besturen, L. VAN DEN BOSSCHE Bijlage RSVZ - Rijksinstituut voor de Sociale Verzekeringen der Zelfstandigen BESTUURSOVEREENKOMST 2002-2004 INHOUDSTAFEL PREAMBULE TITEL I. - Definities TITEL II. - Taken en doelstellingen van het Rijksinstituut voor de Sociale Verzekeringen der Zelfstandigen HOOFDSTUK 1. - Algemene taakomschrijving en doelstellingen HOOFDSTUK 2. - Taken en doelstellingen inzake de verzekerings- en/of bijdrageplicht Afdeling 1. - Controle op naleving van de verzekerings- en bijdrageplicht Onderafdeling 1. - De vaststelling van de verzekeringsplicht van natuurlijke personen Onderafdeling 2. - De vaststelling van de stopzetting in het kader van de arbeidsongeschiktheidsverzekering Onderafdeling 3. - De vaststelling van de bijdrageplicht van de vennootschappen Afdeling 2. - Beslissingen inzake verminderde bijdragen en verzaking van verhogingen Onderafdeling 1. - Verminderde bijdragen Onderafdeling 2. - Verzaking van verhogingen Afdeling 3. - Het innen van de solidariteits-, matigings- en consolidatiebijdragen Afdeling 4. - De aansluiting van zelfstandigen bij de Nationale Hulpkas voor de sociale verzekeringen der zelfstandigen en de inning van de aan de Nationale Hulpkas verschuldigde sociale bijdragen Onderafdeling 1. - De aansluitingen Onderafdeling 2. - De inning van sociale bijdragen Afdeling 5. - De aansluiting van vennootschappen bij de Nationale Hulpkas voor de sociale verzekeringen der zelfstandigen en de inning van de aan de Nationale Hulpkas verschuldigde vennootschapsbijdragen Onderafdeling 1. - De aansluitingen Onderafdeling 2. - De inning van de vennootschapsbijdragen HOOFDSTUK 3. - Taken en doelstellingen inzake het toekennen van rechten en het betalen van uitkeringen Afdeling 1. - Beslissingen inzake de toekenning van pensioenen Afdeling 2. - Beslissingen inzake gelijkstelling, voortgezette verzekering en de regularisaties van gewezen kolonisten Afdeling 3 . - De toekenning en de uitbetaling van gezinsbijslagen aan de aangeslotenen van de Nationale Hulpkas voor de sociale verzekeringen der zelfstandigen Afdeling 4. - De toekenning en de uitbetaling van de voordelen van de sociale verzekering in geval van faillissement aan de aangeslotenen van de Nationale Hulpkas voor de sociale verzekeringen der zelfstandigen Afdeling 5. - De terugvordering Onderafdeling 1. - De terugvordering Onderafdeling 2. - De eventuele verzaking aan de terugvordering HOOFDSTUK 4. - Taken en doelstellingen inzake het bijhouden van de repertoria van de zelfstandigen en van de vennootschappen Afdeling 1. - Het repertorium van de zelfstandigen Onderafdeling 1. - De nieuwe aansluitingen Onderafdeling 2. - Het beheer van de identificatie- en loopbaangegevens Onderafdeling 3. - Het beheer van de inkomensgegevens Onderafdeling 4. - Het beheer van het secundair netwerk in het kader van de Kruispuntbank Afdeling 2. - Het repertorium van de vennootschappen HOOFDSTUK 5. - Taken en doelstellingen inzake het financieel beheer van het sociaal statuut der zelfstandigen HOOFDSTUK 6. - Taken en doelstellingen betreffende de ondersteuning van de operationele opdrachten, het beleid inzake het sociaal statuut der zelfstandigen en de goede werking van de instelling Afdeling 1. - Ondersteuning van de operationele opdrachten Afdeling 2. - Ondersteuning van het beleid inzake het sociaal statuut der zelfstandigen Afdeling 3. - Ondersteuning van de werking van de Commissie voor Vrijstelling van Bijdragen Afdeling 4. - Ondersteuning van de goede werking van de instelling TITEL III. - Verwerking van aanvragen en gedragsregels ten aanzien van het publiek HOOFDSTUK 1. - Algemene bepalingen HOOFDSTUK 2. - Informatieverspreiding HOOFDSTUK 3. - Uniforme toepassing van de reglementering HOOFDSTUK 4. - Leesbaarheid van de gebruikte formulieren HOOFDSTUK 5. - Onthaal HOOFDSTUK 6. - De ombudsdiensten TITEL IV. - Meetinstrumenten van de doelstellingen TITEL V. - Verbintenissen van de staat TITEL VI. - Berekeningswijze en vaststelling van de beheerskredieten en van het maximaal bedrag aan personeelskredieten dat betrekking heeft op statutaire ambtenaren HOOFDSTUK 1. - De globale beheerskredieten HOOFDSTUK 2. - Het maximaal krediet voor statutaire personeelsleden TITEL VII. - Slotbepalingen Bijlage 1 : Opdeling van de beheerskredieten Bijlage 2 : Berekeningswijze van de beheerskredieten Bijlage 3 : Richtlijnen met betrekking tot de wetgeving opgesomd in artikel 53 van de overeenkomst PREAMBULE Overwegende, dat de bestuursovereenkomst geen betrekking heeft op de inhoudelijke aspecten van het sociaal statuut der zelfstandigen, noch op de vastlegging van het bedrag van de ontvangsten of uitgaven; dat de bestuursovereenkomst wel de optimalisering beoogt van de dagelijkse werking en het bestuur van de openbare instellingen van sociale zekerheid, en daartoe aan die instellingen een grotere beleidsmarge toekent inzake personeelsbeleid en het financieel beleid; dat de overeenkomstsluitende partijen zichzelf beschouwen als partners die - slechts samen met andere partners - de opdrachten die aan het Rijksinstituut zijn opgelegd uitvoeren en kunnen uitvoeren; dat deze overeenkomst geen afbreuk kan doen aan de bevoegdheden, opdrachten en verantwoordelijkheden van andere partijen die bij de toepassing van het sociaal statuut der zelfstandigen betrokken zijn; dat deze overeenkomst geen afbreuk doet aan de reglementaire en controlerende bevoegdheden van het Bestuur van het Sociaal Statuut der zelfstandigen; dat de overeenkomst de partijen slechts bindt in het kader van de bestaande bevoegdheidsverdeling tussen het Rijksinstituut voor de sociale verzekeringen der zelfstandigen en de sociale verzekeringsfondsen zoals die reglementair is bepaald; dat de sociale verzekeringsfondsen bevoegd en verantwoordelijk blijven voor de opdrachten toegekend door of krachtens het koninklijk besluit nr. 38 van 27 juli 1967 houdende inrichting van het sociaal statuut der zelfstandigen en door of krachtens de wet van 11 april 1995 tot invoering van het "handvest" van de sociaal verzekerde; dat beide overeenkomstsluitende partijen zich engageren om een optimale omgeving te creëren voor de realisatie van de verbintenissen; wordt, in uitvoering van het koninklijk besluit van 3 april 1997Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 05/06/1997 numac 1997016105 bron ministerie van middenstand en landbouw Koninklijk besluit tot vaststelling van de regels inzake de werkingskosten van de Psychologencommissie, opgericht bij artikel 3, § 1, van de wet van 8 november 1993 tot bescherming van de titel van psycholoog type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997000178 bron ministerie van binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot vaststelling van de officiële Duitse vertaling van het koninklijk besluit van 10 december 1996 betreffende de identiteitsstukken en -bewijzen voor kinderen onder de twaalf jaar type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 19/06/1997 numac 1997000179 bron ministerie van binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot vaststelling van de officiële Duitse vertaling van de wet van 11 april 1995 tot invoering van het "handvest" van de sociaal verzekerde type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 04/07/1997 numac 1997000198 bron ministerie van binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot vaststelling van de officiële Duitse vertaling van vijf koninklijke besluiten betreffende het voorhanden hebben en het dragen van wapens door de diensten van het openbaar gezag of van de openbare macht type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 05/07/1997 numac 1997002238 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Koninklijk besluit tot toekenning van een toelage aan het « Belgisch Centrum voor Farmakoterapeutische informatie » voor het jaar 1997 type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 11/06/1997 numac 1997011154 bron ministerie van economische zaken Koninklijk besluit houdende bekrachtiging van Belgische normen uitgewerkt door het Belgisch Instituut voor Normalisatie type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 08/08/1997 numac 1997021144 bron diensten van de eerste minister Koninklijk besluit houdende benoeming van de voorzitter van de beheerraad van het Nationaal Orkest van België type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 15/08/1997 numac 1997021143 bron diensten van de eerste minister Koninklijk besluit houdende wijziging van de samenstelling van de Koninklijke Commissie voor Toponymie en Dialectologie sluiten houdende maatregelen met het oog op de responsabilisering van de openbare instellingen van sociale zekerheid, met toepassing van artikel 47 van de wet van 26 juli 1996 tot modernisering van de sociale zekerheid en tot vrijwaring van de leefbaarheid van de wettelijke pensioenstelsels, bekrachtigd bij artikel 3 van de wet van 12 december 1997 tot bekrachtiging van de koninklijke besluiten genomen met toepassing van de wet van 26 juli 1996 tot modernisering van de sociale zekerheid en tot vrijwaring van de leefbaarheid van de wettelijke pensioenstelsels, en de wet van 26 juli 1996 strekkende tot realisatie van de budgettaire voorwaarden tot deelname van België aan de Europese Economische en Monetaire Unie, tussen enerzijds : de Belgische Staat, vertegenwoordigd door : - de heer Rik DAEMS, Minister belast met Middenstand, - de heer Johan VANDE LANOTTE, Minister van Begroting, - de heer Luc VAN DEN BOSSCHE, Minister van Ambtenarenzaken en modernisering van de openbare besturen en anderzijds : het Rijksinstituut voor de Sociale Verzekeringen der Zelfstandigen, openbare instelling van sociale zekerheid met zetel te 1000 Brussel, Jan Jacobsplein 6, vertegenwoordigd : door een afvaardiging van de Raad van Beheer, bestaande uit de heer André DAMSEAUX, voorzitter, Mevr. Anne-Marie BOEL-RAYMAECKERS en de heer Pierre COLIN, ondervoorzitters en de heer Roland WAEYAERT, beheerder; en door de heer Ludo PAEME, administrateur-generaal en Mevr. Monique WARNIER, adjunct-administrateur-generaal, voor de periode die aanvangt op 1 januari 2002 en eindigt op 31 december 2004, overeengekomen wat volgt : TITEL I. - Definities Artikel1. Voor de toepassing van deze bestuursovereenkomst wordt verstaan onder : 1. "Koninklijk besluit nr.38" : het koninklijk besluit nr. 38 van 27 juli 1967 houdende inrichting van het sociaal statuut der zelfstandigen; 2. "Rijksinstituut voor de sociale verzekeringen der zelfstandigen" of "RSVZ" : het Rijksinstituut voor de sociale verzekeringen der zelfstandigen zoals bedoeld in artikel 21, § 1, van het koninklijk besluit nr.38; 3. "het Bestuur van het sociaal statuut der zelfstandigen" of "het Bestuur" : het Bestuur van het sociaal statuut der zelfstandigen zoals bedoeld in artikel 20, § 2ter , eerste lid, b) van koninklijk besluit nr.38; 4. "Nationale Hulpkas voor de sociale verzekeringen der zelfstandigen" of "Nationale Hulpkas" : de Nationale Hulpkas, opgericht in de schoot van het RSVZ, in uitvoering van artikel 20, § 3, van het koninklijk besluit nr.38; 5. "Sociale verzekeringsfondsen" : de vrije sociale verzekeringskassen voor zelfstandigen zoals bedoeld in artikel 20, § 1, van het koninklijk besluit nr.38, alsmede de Nationale Hulpkas; 6. "Het globaal financieel beheer van het sociaal statuut der zelfstandigen" of "globaal financieel beheer" : het globaal financieel beheer ingevoerd bij het koninklijk besluit van 18 november 1996 strekkende tot invoering van het globaal financieel beheer in het sociaal statuut der zelfstandigen, met toepassing van hoofdstuk I van titel VI van de wet van 26 juli 1996 tot modernisering van de sociale zekerheid en tot vrijwaring van de leefbaarheid van de wettelijke pensioenstelsels;7. "ARS" : het koninklijk besluit van 19 december 1967 houdende algemeen reglement in uitvoering van het koninklijk besluit nr.38 van 27 juli 1967 houdende inrichting van het sociaal statuut der zelfstandigen; 8. "Het koninklijk besluit van 3 april 1997Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 05/06/1997 numac 1997016105 bron ministerie van middenstand en landbouw Koninklijk besluit tot vaststelling van de regels inzake de werkingskosten van de Psychologencommissie, opgericht bij artikel 3, § 1, van de wet van 8 november 1993 tot bescherming van de titel van psycholoog type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997000178 bron ministerie van binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot vaststelling van de officiële Duitse vertaling van het koninklijk besluit van 10 december 1996 betreffende de identiteitsstukken en -bewijzen voor kinderen onder de twaalf jaar type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 19/06/1997 numac 1997000179 bron ministerie van binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot vaststelling van de officiële Duitse vertaling van de wet van 11 april 1995 tot invoering van het "handvest" van de sociaal verzekerde type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 04/07/1997 numac 1997000198 bron ministerie van binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot vaststelling van de officiële Duitse vertaling van vijf koninklijke besluiten betreffende het voorhanden hebben en het dragen van wapens door de diensten van het openbaar gezag of van de openbare macht type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 05/07/1997 numac 1997002238 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Koninklijk besluit tot toekenning van een toelage aan het « Belgisch Centrum voor Farmakoterapeutische informatie » voor het jaar 1997 type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 11/06/1997 numac 1997011154 bron ministerie van economische zaken Koninklijk besluit houdende bekrachtiging van Belgische normen uitgewerkt door het Belgisch Instituut voor Normalisatie type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 08/08/1997 numac 1997021144 bron diensten van de eerste minister Koninklijk besluit houdende benoeming van de voorzitter van de beheerraad van het Nationaal Orkest van België type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 15/08/1997 numac 1997021143 bron diensten van de eerste minister Koninklijk besluit houdende wijziging van de samenstelling van de Koninklijke Commissie voor Toponymie en Dialectologie sluiten" : het koninklijk besluit van 3 april 1997Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 05/06/1997 numac 1997016105 bron ministerie van middenstand en landbouw Koninklijk besluit tot vaststelling van de regels inzake de werkingskosten van de Psychologencommissie, opgericht bij artikel 3, § 1, van de wet van 8 november 1993 tot bescherming van de titel van psycholoog type koninklijk besluit prom. 03/04/1997 pub. 02/08/1997 numac 1997000178 bron mini …

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.