📄 Wettekst
25 APRIL 2024. - Wet houdende de hervorming van de pensioenen (1)
FILIP, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
De Kamer van volksvertegenwoordigers heeft aangenomen en Wij bekrachtigen hetgeen volgt : TITEL 1. - Algemene bepaling Artikel 1.Deze wet regelt een aangelegenheid bedoeld in artikel 74 van de Grondwet.
TITEL 2. - Het minimumpensioen HOOFDSTUK 1. - Het gewaarborgd minimumpensioen in de werknemersregeling Afdeling 1. - Definities
Art. 2.Voor de toepassing van dit hoofdstuk, wordt er verstaan onder: 1° "het koninklijk besluit nr.50": het koninklijk besluit nr. 50 van 24 oktober 1967 betreffende het rust- en overlevingspensioen voor werknemers; 2° "het koninklijk besluit nr.72": het koninklijk besluit nr. 72 van 10 november 1967 betreffende het rust- en overlevingspensioen der zelfstandigen; 3° "het
koninklijk besluit van 23 december 1996Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
11/05/2007
numac
2007022612
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Wet betreffende de pensioenen van de openbare sector
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
08/05/2007
numac
2007201376
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet houdende diverse bepalingen (1)
sluiten3": het
koninklijk besluit van 23 december 1996Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
11/05/2007
numac
2007022612
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Wet betreffende de pensioenen van de openbare sector
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
08/05/2007
numac
2007201376
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet houdende diverse bepalingen (1)
sluiten3 tot uitvoering van de artikelen 15, 16 en 17 van de wet van 26 juli 1996 tot modernisering van de sociale zekerheid en tot vrijwaring van de leefbaarheid van de wettelijke pensioenen;4° "het koninklijk besluit van 21 december 1967": het koninklijk besluit van 21 december 1967 tot vaststelling van het algemeen reglement betreffende het rust- en overlevingspensioen voor werknemers;5° "loopbaan als werknemer": de perioden van tewerkstelling als werknemer die in aanmerking worden genomen krachtens de bepalingen van het koninklijk besluit nr.50 of krachtens de Europese verordeningen of internationale overeenkomsten waar België door gebonden is, en die betrekking hebben op de sociale zekerheid, die voorzien in de samentelling van verzekeringstijdvakken die geregi-streerd werden in de ondertekenende landen en de toekenning van een nationaal pensioen ten laste van ieder van die landen, pro rata de verzekeringstijdvakken geregistreerd door ieder van hen; 6° "loopbaan als zelfstandige": de perioden van onderwerping als zelfstandige die in aanmerking worden genomen in het pensioen-stelsel voor zelfstandigen krachtens enige wettelijke of reglementaire bepaling;7° "loopbaan als ambtenaar": de diensten gepresteerd als vastbenoemd ambtenaar of daarmee gelijkgesteld in aanmerking genomen voor de berekening van een pensioen ten laste van één van de machten of organismen bedoeld in artikel 38 van de wet van 5 augustus 1978 houdende economische en budgettaire hervormingen;8° "beroepsloopbaan": de loopbaan gepresteerd als werknemer, als zelfstandige en als ambtenaar;9° "voltijdse dagequivalenten": de dagen bedoeld in artikel 10bis, § 2bis, 2°, van het koninklijk besluit nr.50; 10° "daadwerkelijk gepresteerde voltijdse dagequivalenten": a) in het pensioenstelsel van werknemers, de arbeidsdagen zoals gedefinieerd in artikel 3ter, eerste lid, 2°, van het koninklijk besluit nr.50 en de geregulariseerde dagen krachtens artikel 32bis van het koninklijk besluit van 21 december 1967, omgezet in voltijdse dagequivalenten; b) in het pensioenstelsel van zelfstandigen, de kwartalen van effectieve of daarmee gelijkgestelde beroepsbezigheid als zelfstandige bedoeld in artikel 131sexies, § 1, eerste lid, 2°, van de
wet van 15 mei 1984Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
23/12/2005
pub.
30/12/2005
numac
2005021170
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet houdende diverse bepalingen
type
wet
prom.
23/12/2005
pub.
30/12/2005
numac
2005021175
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet betreffende het generatiepact
sluiten3 houdende maatregelen tot harmonisering in de pensioen-regelingen, omgezet in voltijdse dagequivalenten;c) in het pensioenstelsel van de overheidssector, de werkelijk gepresteerde diensten bedoeld in artikel 119, § 5, eerste lid, van de
wet van 26 juni 1992Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
26/06/1992
pub.
31/03/2011
numac
2011000187
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet houdende sociale en diverse bepalingen Officieuze coördinatie in het Duits van uittreksels
sluiten houdende sociale en diverse bepalingen, omgezet in voltijdse dagequivalenten;11° "onthaalouder": a) de persoon bedoeld in artikel 3, 9°, van het koninklijk besluit van 28 november 1969 tot uitvoering van de wet van 27 juni 1969 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders;b) de persoon die instaat voor de opvang van kinderen in een woning voor de opvang in gezinsverband en die, in het kader van een pilootproject waarin voorzien is met toepassing van een decretale of reglementaire bepaling, tewerkgesteld is bij een erkende dienst inzake kinderopvang;12° "kunstwerker": de persoon die: a) vóór de inwerkingtreding van de
wet van 16 december 2022Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
08/08/1980
pub.
11/12/2007
numac
2007000980
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Bijzondere wet tot hervorming der instellingen. - Officieuze coördinatie in het Duits
sluiten7 tot oprichting van de Kunstwerkcommissie en tot verbetering van de sociale bescherming van kunstwerkers genoot van de oude artikelen 116, § 5 en § 5bis of van het hoofdstuk XII van het
koninklijk besluit van 25 november 1991Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
11/05/2007
numac
2007022612
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Wet betreffende de pensioenen van de openbare sector
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
08/05/2007
numac
2007201376
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet houdende diverse bepalingen (1)
sluiten4 houdende de werkloosheidsreglementering;b) na de inwerkingtreding van de
wet van 16 december 2022Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
08/08/1980
pub.
11/12/2007
numac
2007000980
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Bijzondere wet tot hervorming der instellingen. - Officieuze coördinatie in het Duits
sluiten7 tot oprichting van de Kunstwerkcommissie en tot verbetering van de sociale bescherming van kunstwerkers geniet van het kunstwerkattest voorzien in het artikel 7 van de voormelde wet. Afdeling 2. - Loopbaanvoorwaarden en vaststelling
van het gewaarborgd minimumpensioen Art. 3.§ 1. Een gewaarborgd minimumrustpensioen wordt toegekend aan de werknemer die een beroepsloopbaan bewijst waarvan, vóór toepassing van artikel 10bis van het koninklijk besluit nr. 50, van artikel 5, § 1, derde lid, van het
koninklijk besluit van 23 december 1996Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
11/05/2007
numac
2007022612
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Wet betreffende de pensioenen van de openbare sector
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
08/05/2007
numac
2007201376
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet houdende diverse bepalingen (1)
sluiten3 en van artikel 19 van het koninklijk besluit nr. 72: 1° hetzij het totaal van de kalenderjaren die in aanmerking worden genomen in de regeling voor werknemers en die elk ten minste 208 voltijdse dagequivalenten omvatten en van de kwartalen in aanmerking genomen in de regeling voor zelfstandigen gedeeld door vier, ten minste gelijk is aan 30 en die, onverminderd de toepassing van paragraaf 4, ten minste 5.000 daadwerkelijk gepresteerde voltijdse dagequivalenten bevat; 2° hetzij het totaal van de kalenderjaren die in aanmerking worden genomen in de regeling voor werknemers en die elk ten minste 156 voltijdse dagequivalenten omvatten en van de kwartalen in aanmerking genomen in de regeling voor zelfstandigen gedeeld door vier, ten minste gelijk is aan 30 en die, onverminderd de toepassing van paragraaf 4, ten minste 3.120 daadwerkelijk gepresteerde voltijdse dagequivalenten bevat.
Wanneer het rustpensioen als werknemer is berekend op basis van één of meerdere breuken met een noemer lager dan 45, wordt het aantal in aanmerking te nemen kalenderjaren betreffende elke noemer vermenigvuldigd met de verhouding tussen 45 en deze lagere noemer.
Wanneer de beroepsloopbaan één of meerdere in aanmerking te nemen kalenderjaren als onthaalouder bevat worden, voor de toepassing van het eerste lid, deze kalenderjaren als onthaalouder vermenigvuldigd met een breuk waarvan de teller gelijk is aan 45 en waarvan de noemer gelijk is aan het aantal kalenderjaren gelegen tussen 1 januari 2003 en 31 december van het kalenderjaar voorafgaand aan het kalenderjaar waarin betrokkene de leeftijd bedoeld in artikel 2, § 1, van het
koninklijk besluit van 23 december 1996Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
11/05/2007
numac
2007022612
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Wet betreffende de pensioenen van de openbare sector
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
08/05/2007
numac
2007201376
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet houdende diverse bepalingen (1)
sluiten3 bereikt en wordt, in afwijking van het eerste lid, de voorwaarde van daadwerkelijke tewerkstelling niet toegepast.
Het derde lid is uitsluitend van toepassing op de rustpensioenen die daadwerkelijk en voor de eerste maal ingaan ten vroegste op 1 januari 2025 en ten laatste op 1 januari 2033.
Aan een meewerkende echtgenoot bedoeld in artikel 131quinquies van de
wet van 15 mei 1984Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
23/12/2005
pub.
30/12/2005
numac
2005021170
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet houdende diverse bepalingen
type
wet
prom.
23/12/2005
pub.
30/12/2005
numac
2005021175
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet betreffende het generatiepact
sluiten3 houdende maatregelen tot harmonisering in de pensioenregelingen, wordt een gewaarborgd minimumrustpensioen toegekend wanneer de meewerkende echtgenoot, in de referteperiode die aanvangt op 1 januari 2003 en eindigt op het einde van het kwartaal voorafgaand aan de ingangsdatum van het rustpensioen ten laste van de pensioenregeling voor zelfstandigen, een beroepsloopbaan bewijst waarvan, vóór toepassing van artikel 10bis van het koninklijk besluit nr. 50, van artikel 5, § 1, derde lid van het
koninklijk besluit van 23 december 1996Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
11/05/2007
numac
2007022612
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Wet betreffende de pensioenen van de openbare sector
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
08/05/2007
numac
2007201376
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet houdende diverse bepalingen (1)
sluiten3 en van artikel 19 van het koninklijk besluit nr. 72, het totaal van de kalenderjaren die in aanmerking worden genomen in de regeling voor werknemers en die elk ten minste 156 voltijdse dagequivalenten omvatten en van de kwartalen in aanmerking genomen in de regeling voor zelfstandigen gedeeld door vier, ten minste gelijk is aan twee derden van het aantal kalenderjaren gelegen in die referteperiode. § 2. Een gewaarborgd minimumoverlevingspensioen wordt toegekend aan de langstlevende echtgenoot van een werknemer die aanspraak kan maken op een overlevingspensioen op basis van een beroepsloopbaan van de overleden echtgenoot waarvan, vóór toepassing van artikel 10bis van het koninklijk besluit nr. 50, van artikel 7, § 1, vierde lid, van het
koninklijk besluit van 23 december 1996Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
11/05/2007
numac
2007022612
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Wet betreffende de pensioenen van de openbare sector
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
08/05/2007
numac
2007201376
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet houdende diverse bepalingen (1)
sluiten3 en van artikel 19 van het koninklijk besluit nr. 72: 1° hetzij het totaal van de kalenderjaren die in aanmerking worden genomen in de regeling voor werknemers en die elk ten minste 208 voltijdse dagequivalenten omvatten en van de kwartalen in aanmerking genomen in de regeling voor zelfstandigen gedeeld door vier, ten minste gelijk is aan twee derden van de noemer van de breuk waarin het pensioen als werknemer wordt uitgedrukt en die een aantal daadwerkelijk gepresteerde voltijdse dagequivalenten bevat dat, onverminderd de toepassing van paragraaf 4, ten minste gelijk is aan het resultaat van 5.000 vermenigvuldigd met een breuk waarvan de teller gelijk is aan de noemer bedoeld in artikel 7, § 1, derde lid, van het
koninklijk besluit van 23 december 1996Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
11/05/2007
numac
2007022612
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Wet betreffende de pensioenen van de openbare sector
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
08/05/2007
numac
2007201376
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet houdende diverse bepalingen (1)
sluiten3 en waarvan de noemer gelijk is aan 45; 2° hetzij het totaal van de kalenderjaren die in aanmerking worden genomen in de regeling voor werknemers en die elk ten minste 156 voltijdse dagequivalenten omvatten en van de kwartalen in aanmerking genomen in de regeling voor zelfstandigen gedeeld door vier, ten minste gelijk is aan twee derden van de noemer van de breuk waarin het pensioen als werknemer wordt uitgedrukt en die een aantal daadwerkelijk gepresteerde voltijdse dagequivalenten bevat dat, onverminderd de toepassing van paragraaf 4, ten minste gelijk is aan het resultaat van 3.120 vermenigvuldigd met een breuk waarvan de teller gelijk is aan de noemer bedoeld in artikel 7, § 1, derde lid, van het
koninklijk besluit van 23 december 1996Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
11/05/2007
numac
2007022612
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Wet betreffende de pensioenen van de openbare sector
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
08/05/2007
numac
2007201376
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet houdende diverse bepalingen (1)
sluiten3 en waarvan de noemer gelijk is aan 45.
Wanneer het overlevingspensioen als werknemer is berekend op basis van één of meerdere breuken met een noemer die lager is dan de noemer bedoeld in artikel 7, § 1, derde lid, van het
koninklijk besluit van 23 december 1996Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
11/05/2007
numac
2007022612
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Wet betreffende de pensioenen van de openbare sector
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
08/05/2007
numac
2007201376
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet houdende diverse bepalingen (1)
sluiten3, wordt het aantal in aanmerking te nemen kalenderjaren betreffende elke noemer vermenigvuldigd met de verhouding tussen de hoogste noemer en de lagere noemer.
Wanneer de beroepsloopbaan van de overleden echtgenoot één of meerdere in aanmerking te nemen kalenderjaren als onthaalouder bevat, worden, voor de toepassing van het eerste lid, deze kalenderjaren als onthaalouder vermenigvuldigd met een breuk waarvan de teller gelijk is aan de noemer van de breuk waarin het pensioen als werknemer wordt uitgedrukt en waarvan de noemer gelijk is aan het aantal kalenderjaren gelegen tussen 1 januari 2003 en 31 december van het kalenderjaar voorafgaand aan het overlijden, zonder dat de aldus bekomen breuk lager kan zijn dan de eenheid en is, in afwijking van het eerste lid, de voorwaarde van daadwerkelijke tewerkstelling niet van toepassing.
Het derde lid is uitsluitend van toepassing op de overlevingspensioenen die daadwerkelijk en voor de eerste maal ingaan: 1° ten vroegste op 1 januari 2025, met uitzondering van de overlevingspensioenen berekend op basis van een rustpensioen dat daadwerkelijk en voor de eerste maal ten laatste op 1 december 2024 ingegaan is, en 2° ten laatste op 1 januari 2033, met uitzondering van de overlevingspensioenen ten gevolge een overlijden voor 1 januari 2033. § 3. Een gewaarborgde minimumovergangsuitkering wordt toegekend aan de langstlevende echtgenoot van een werknemer die aanspraak kan maken op een overgangsuitkering op basis van een beroepsloopbaan van de overleden echtgenoot waarvan, vóór toepassing van artikel 10bis van het koninklijk besluit nr. 50, van artikel 7bis, § 1, derde lid, van het
koninklijk besluit van 23 december 1996Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
11/05/2007
numac
2007022612
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Wet betreffende de pensioenen van de openbare sector
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
08/05/2007
numac
2007201376
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet houdende diverse bepalingen (1)
sluiten3 en van artikel 19 van het koninklijk besluit nr. 72: 1° hetzij het totaal van de kalenderjaren die in aanmerking worden genomen in de regeling voor werknemers en die elk ten minste 208 voltijdse dagequivalenten omvatten en van de kwartalen in aanmerking genomen in de regeling voor zelfstandigen gedeeld door vier, ten minste gelijk is aan twee derden van de noemer van de breuk waarin de overgangsuitkering als werknemer wordt uitgedrukt;2° hetzij het totaal van de kalenderjaren die in aanmerking worden genomen in de regeling voor werknemers en die elk ten minste 156 voltijdse dagequivalenten omvatten en de kwartalen in aanmerking genomen in de regeling voor zelfstandigen gedeeld door vier, ten minste gelijk is aan twee derden van de noemer van de breuk waarin de overgangsuitkering als werknemer wordt uitgedrukt. Wanneer de overgangsuitkering als werknemer is berekend op basis van één of meerdere breuken met een noemer die lager is dan de noemer bedoeld in artikel 7bis, § 1, tweede lid, van het
koninklijk besluit van 23 december 1996Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
11/05/2007
numac
2007022612
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Wet betreffende de pensioenen van de openbare sector
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
08/05/2007
numac
2007201376
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet houdende diverse bepalingen (1)
sluiten3, wordt het aantal in aanmerking te nemen kalenderjaren betreffende elke noemer vermenigvuldigd met de verhouding tussen de hoogste noemer en de lagere noemer.
Wanneer de beroepsloopbaan van de overleden echtgenoot één of meerdere in aanmerking te nemen kalenderjaren als onthaalouder bevat worden, voor de toepassing van het eerste lid, deze kalenderjaren als onthaalouder vermenigvuldigd met een breuk waarvan de teller gelijk is aan de noemer van de breuk waarin de overgangsuitkering als werknemer wordt uitgedrukt en waarvan de noemer gelijk is aan het aantal kalenderjaren gelegen tussen 1 januari 2003 en 31 december van het kalenderjaar voorafgaand aan het overlijden, zonder dat de aldus bekomen breuk lager kan zijn dan de eenheid.
Het derde lid is uitsluitend van toepassing op de overgangsuitkeringen die daadwerkelijk en voor de eerste maal ingaan ten vroegste op 1 januari 2025 en ten laatste op 1 januari 2033, met uitzondering van de overgangsuitkeringen ten gevolge een overlijden voor 1 januari 2033. § 4. Indien de beroepsloopbaan perioden bevat tijdens welke betrokkene om medische redenen geen daadwerkelijke tewerkstelling kan bewijzen, dan wordt een lager aantal dan het in paragraaf 1, eerste lid, 1°, en paragraaf 2, eerste lid, 1°, bedoelde aantal van 5.000 daadwerkelijk gepresteerde voltijdse dagequivalenten vereist. Het aantal daadwerkelijk gepresteerde voltijdse dagequivalenten wordt vastgesteld naargelang de beroepsloopbaan: 1° indien deze 1.561 tot en met 9.359 dagen bevat tijdens welke betrokkene om medische redenen geen daadwerkelijke tewerkstelling kan bewijzen, is de vermindering van het aantal daadwerkelijk gepresteerde voltijdse dagequivalenten gelijk aan het tot de hogere eenheid afgerond resultaat, bekomen door het product van 100/312 met het verschil tussen het aantal dagen tijdens welke betrokkene om medische redenen geen daadwerkelijke tewerkstelling kan bewijzen en 1.560; 2° indien deze ten minste 9.360 dagen bevat tijdens welke betrokkene om medische redenen geen daadwerkelijke tewerkstelling kan bewijzen, is het vereiste aantal daadwerkelijk gepresteerde voltijdse dagequivalenten gelijk aan het tot de hogere eenheid afgerond resultaat, bekomen door het verschil tussen 14.040 en het aantal dagen tijdens welke betrokkene om medische redenen geen daadwerkelijke tewerkstelling kan bewijzen, vermenigvuldigd met het product van 250/312 met 30/45.
Het in paragraaf 1, eerste lid, 2°, en paragraaf 2, eerste lid, 2°, bedoelde vereiste aantal van 3.120 daadwerkelijk gepresteerde vol-tijdse dagequivalenten wordt vervangen door het krachtens het eerste lid vastgestelde aantal voor zover het aldus bekomen resultaat voordeliger is.
Wanneer het overlevingspensioen als werknemer is berekend op basis van één of meerdere breuken met een noemer die lager is dan 45, wordt het aantal in aanmerking te nemen dagen tijdens welke betrokkene om medische redenen geen daadwerkelijke tewerkstelling kan bewijzen betreffende elke noemer vermenigvuldigd met de verhouding tussen 45 en de lagere noemer.
Voor de toepassing van deze paragraaf wordt onder perioden tijdens welke betrokkene om medische redenen geen daadwerkelijke tewerkstelling kan bewijzen begrepen, de perioden bedoeld in: 1° artikel 34, § 1, B., 1° en 3°, van het koninklijk besluit van 21 december 1967; 2° artikel 34, § 1, C., van het koninklijk besluit van 21 december 1967; 3° artikel 34, § 1, K., van het koninklijk besluit van 21 december 1967; 4° artikel 29 van het koninklijk besluit van 22 december 1967 houdende algemeen reglement betreffende het rust- en overlevings-pensioen der zelfstandigen, omgezet in dagen;5° artikel 120, tweede lid, van de
wet van 26 juni 1992Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
26/06/1992
pub.
31/03/2011
numac
2011000187
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet houdende sociale en diverse bepalingen Officieuze coördinatie in het Duits van uittreksels
sluiten houdende sociale en diverse bepalingen, tijdens welke de persoon bedoeld in artikel 118, § 1, van voormelde
wet van 26 juni 1992Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
26/06/1992
pub.
31/03/2011
numac
2011000187
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet houdende sociale en diverse bepalingen Officieuze coördinatie in het Duits van uittreksels
sluiten, om gezondheidsredenen geen werkelijk gepresteerde diensten kan bewijzen, omgezet in dagen. De in het vierde lid, 1° tot 3°, bedoelde perioden worden in aanmerking genomen voor zover ze krachtens artikel 34, § 2, van het koninklijk besluit van 21 december 1967 worden gelijkgesteld, vóór toepassing van artikel 28bis van het koninklijk besluit van 21 december 1967.
De Koning kan, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, de in het vierde lid bedoelde perioden wijzigen, aanvullen of vervangen. § 5. Voor de toepassing van de paragrafen 1 tot 3, wordt geen rekening gehouden met de perioden: 1° geregulariseerd of toegekend in toepassing van de artikelen 3ter, 7, 75, 76, 77, 78 en 79 van het koninklijk besluit van 21 december 1967;2° bedoeld bij de artikelen 92 tot en met 98bis van het koninklijk besluit van 22 december 1967 houdende algemeen reglement betreffende het rust- en overlevingspensioen der zelfstandigen. Voor de toepassing van de paragrafen 1 tot 3, wordt voor de vaststelling van de loopbaan als werknemer rekening gehouden met de perioden, omgezet in voltijdse dagequivalenten: 1° bedoeld in titel IV, hoofdstuk 7, afdeling 3, onderafdeling 8, van de programmawet (I) van 24 december 2002, zoals hersteld door de
wet van 6 maart 2020Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
08/08/1980
pub.
11/12/2007
numac
2007000980
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Bijzondere wet tot hervorming der instellingen. - Officieuze coördinatie in het Duits
sluiten4 tot behoud van tewerkstelling na de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de Europese Unie;2° bedoeld in titel IV, hoofdstuk 7, afdeling 3, onderafdeling 8/1, van de voormelde programmawet (I) van 24 december 2002;3° bedoeld in titel 2, hoofdstuk 2, van de voormelde
wet van 6 maart 2020Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
08/08/1980
pub.
11/12/2007
numac
2007000980
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Bijzondere wet tot hervorming der instellingen. - Officieuze coördinatie in het Duits
sluiten4;4° bedoeld in de hoofdstukken 2 en 3 van het koninklijk besluit nr.46 van 26 juni 2020 tot uitvoering van artikel 5, § 1, 5°, van de
wet van 27 maart 2020Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
08/08/1980
pub.
11/12/2007
numac
2007000980
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Bijzondere wet tot hervorming der instellingen. - Officieuze coördinatie in het Duits
sluiten3 die machtiging verleent aan de Koning om maatregelen te nemen in de strijd tegen de verspreiding van het coronavirus COVID-19 (II) tot ondersteuning van de werkgevers en de werknemers.
Voor de toepassing van de paragrafen 1 en 2 worden met daadwerkelijk gepresteerde voltijdse dagequivalenten gelijkgesteld, de perioden: 1° bedoeld in artikel 34, § 1, D., van het koninklijk besluit van 21 december 1967, vóór toepassing van artikel 28bis en artikel 34, § 2, 3., eerste lid, van het koninklijk besluit van 21 december 1967; 2° bedoeld in artikel 34, § 1, A., 1°, van het koninklijk besluit van 21 december 1967, beperkt tot tijdelijke werkloosheid; 3° bedoeld in artikel 34, § 1, B., 2° en R., van het koninklijk besluit van 21 december 1967; 4° bedoeld in artikel 34, § 1, Nter., van het koninklijk besluit van 21 december 1967; 5° bedoeld in artikel 34, § 1, S., van het koninklijk besluit van 21 december 1967; 6° bedoeld in artikel 34, § 1, V., van het koninklijk besluit van 21 december 1967; 7° bedoeld in artikel 4, § 4, b), en § 5, eerste lid, eerste streepje, van het
koninklijk besluit van 12 december 2001Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
11/05/2007
numac
2007022612
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Wet betreffende de pensioenen van de openbare sector
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
08/05/2007
numac
2007201376
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet houdende diverse bepalingen (1)
sluiten0 tot uitvoering van hoofdstuk IV van de wet van 10 augustus 2001 betreffende verzoening van werkgelegenheid en kwaliteit van het leven betreffende het stelsel van tijdskrediet, loopbaanvermindering en vermindering van de arbeidsprestaties tot een halftijdse betrekking, zoals van kracht voor 1 januari 2015;8° bedoeld in artikel 5, § 2, b) en d), van het voormelde
koninklijk besluit van 12 december 2001Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
11/05/2007
numac
2007022612
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Wet betreffende de pensioenen van de openbare sector
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
08/05/2007
numac
2007201376
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet houdende diverse bepalingen (1)
sluiten0;9° bedoeld in de artikelen 5 en 6 van het besluit van de Vlaamse regering van 26 juli 2016 tot toekenning van onderbrekingsuitkeringen voor zorgkrediet;10° van tewerkstelling van werklozen door de provinciën, de gemeenten, de openbare instellingen of een andere werkgever;11° bedoeld in titel IV, hoofdstuk 7, afdeling 3, onderafdeling 8, van de programmawet (I) van 24 december 2002, zoals hersteld door de
wet van 6 maart 2020Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
08/08/1980
pub.
11/12/2007
numac
2007000980
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Bijzondere wet tot hervorming der instellingen. - Officieuze coördinatie in het Duits
sluiten4 tot behoud van tewerkstelling na de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de Europese Unie;12° bedoeld in titel IV, hoofdstuk 7, afdeling 3, onderafdeling 8/1, van de voormelde programmawet (I) van 24 december 2002;13° bedoeld in titel 2, hoofdstuk 2, van de voormelde
wet van 6 maart 2020Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
08/08/1980
pub.
11/12/2007
numac
2007000980
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Bijzondere wet tot hervorming der instellingen. - Officieuze coördinatie in het Duits
sluiten4;14° bedoeld in de hoofdstukken 2 en 3 van het koninklijk besluit nr. 46 van 26 juni 2020 tot uitvoering van artikel 5, § 1, 5°, van de
wet van 27 maart 2020Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
08/08/1980
pub.
11/12/2007
numac
2007000980
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Bijzondere wet tot hervorming der instellingen. - Officieuze coördinatie in het Duits
sluiten3 die machtiging verleent aan de Koning om maatregelen te nemen in de strijd tegen de verspreiding van het coronavirus COVID-19 (II) tot ondersteuning van de werkgevers en de werknemers.
De in het derde lid, 2° tot en met 14° bedoelde perioden worden omgezet in voltijdse dagequivalenten.
De in het derde lid, 2° tot en met 10°, bedoelde perioden worden in aanmerking genomen voor zover ze krachtens artikel 34, §§ 1 en 2, van het koninklijk besluit van 21 december 1967 worden gelijkgesteld.
De Koning kan, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, de in het tweede en derde lid bedoelde perioden wijzigen, aanvullen of vervangen, alsook de wijze waarop deze perioden in aanmerking worden genomen.
In afwijking van artikel 2, 10°, a), worden voor de kalenderjaren als kunstwerker de arbeidsdagen zoals berekend overeenkomstig artikel 185, § 3, van het
koninklijk besluit van 25 november 1991Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
11/05/2007
numac
2007022612
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Wet betreffende de pensioenen van de openbare sector
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
08/05/2007
numac
2007201376
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet houdende diverse bepalingen (1)
sluiten4 houdende de werkloosheidsreglementering in aanmerking genomen als daadwerkelijk gepresteerde voltijdse dagequivalenten voor de toepassing van de paragrafen 1 en 2. De aldus bekomen arbeidsdagen worden vermenigvuldigd met 1,42. Art. 4.Het bedrag van het gewaarborgd minimumpensioen toegekend ten laste van de werknemersregeling is gelijk aan een breuk van de volgende basisbedragen: 1° 15.579,02 euro wanneer het een rustpensioen betreft berekend op basis van artikel 5, § 1, eerste lid, a), van het
koninklijk besluit van 23 december 1996Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
11/05/2007
numac
2007022612
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Wet betreffende de pensioenen van de openbare sector
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
08/05/2007
numac
2007201376
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet houdende diverse bepalingen (1)
sluiten3; 2° 12.467,14 euro wanneer het een rustpensioen betreft berekend op basis van het artikel 5, § 1, eerste lid, b), van het
koninklijk besluit van 23 december 1996Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
11/05/2007
numac
2007022612
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Wet betreffende de pensioenen van de openbare sector
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
08/05/2007
numac
2007201376
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet houdende diverse bepalingen (1)
sluiten3; 3° 12.300,53 euro wanneer het een gewaarborgd minimumoverlevingspensioen of een gewaarborgde minimumovergangsuitkering betreft.
In afwijking van het eerste lid, is het bedrag van het gewaarborgd minimumpensioen toegekend ten laste van de werknemersregeling gelijk aan een breuk van de volgende basisbedragen indien de krachtens artikel 5 vastgestelde breuk, desgevallend opgeteld met de breuk toegekend in het zelfstandigenstelsel, op dezelfde noemer gebracht, de eenheid bereikt: 1° 15.258,58 euro wanneer het een rustpensioen betreft berekend op basis van artikel 5, § 1, eerste lid, a), van het
koninklijk besluit van 23 december 1996Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
11/05/2007
numac
2007022612
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Wet betreffende de pensioenen van de openbare sector
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
08/05/2007
numac
2007201376
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet houdende diverse bepalingen (1)
sluiten3; 2° 12.210,73 euro wanneer het een rustpensioen betreft berekend op basis van het artikel 5, § 1, eerste lid, b), van het
koninklijk besluit van 23 december 1996Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
11/05/2007
numac
2007022612
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Wet betreffende de pensioenen van de openbare sector
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
08/05/2007
numac
2007201376
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet houdende diverse bepalingen (1)
sluiten3; 3° 12.047,53 euro wanneer het een gewaarborgd minimumoverlevingspensioen of een gewaarborgde minimumovergangsuitkering betreft.
De in het tweede lid bedoelde basisbedragen worden verhoogd met 2,1%.
De bedragen bedoeld in het eerste en het tweede lid zijn gekoppeld aan de spilindex 103,14 (basis 1996 = 100) en evolueren over-eenkomstig de bepalingen van de
wet van 2 augustus 1971Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
02/08/1971
pub.
20/02/2009
numac
2009000070
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet houdende inrichting van een stelsel waarbij de wedden, lonen, pensioenen, toelagen en tegemoetkomingen ten laste van de openbare schatkist, sommige sociale uitkeringen, de bezoldigingsgrenzen waarmee rekening dient gehouden bij de berekening van sommige bijdragen van de sociale zekerheid der arbeiders, alsmede de verplichtingen op sociaal gebied opgelegd aan de zelfstandigen, aan het indexcijfer van de consumptieprijzen worden gekoppeld. - Officieuze coördinatie in het Duits
sluiten houdende inrichting van een stelsel waarbij de wedden, lonen, pensioenen, toelagen en tegemoetkomingen ten laste van de openbare schatkist, sommige sociale uitkeringen, de bezoldigingsgrenzen waarmee rekening dient gehouden bij de berekening van sommige bijdragen van de sociale zekerheid der arbeiders, alsmede de verplichtingen op sociaal gebied opgelegd aan de zelfstandigen, aan het indexcijfer van de consumptieprijzen worden gekoppeld.
De Koning kan, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad: 1° de bedragen bedoeld in het eerste en het tweede lid, verhogen;2° de breuk bedoeld in het tweede lid verlagen zonder dat deze lager kan zijn dan 43/45 of een gelijkwaardige breuk;3° het in het derde lid bedoelde percentage verhogen zonder dat dit percentage 10% kan overschrijden. Art. 5.De breuk bedoeld in artikel 4 heeft als noemer deze die werd gebruikt voor de berekening, naargelang het geval, van het persoonlijk rustpensioen, van het overlevingspensioen of van de overgangsuitkering toegekend in het pensioenstelsel van de werknemers, uitgedrukt in voltijdse dagequivalenten en als teller de voltijdse dagequivalenten in aanmerking genomen in het pensioenstelsel van de werknemers, na toepassing van, naargelang het geval, artikel 10bis van het koninklijk besluit nr. 50, van artikel 5, § 1, derde lid, van artikel 7, § 1, vierde lid, of van artikel 7bis, § 1, derde lid, van het
koninklijk besluit van 23 december 1996Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
11/05/2007
numac
2007022612
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Wet betreffende de pensioenen van de openbare sector
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
08/05/2007
numac
2007201376
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet houdende diverse bepalingen (1)
sluiten3, zonder dat de aldus bekomen breuk de eenheid kan overschrijden.
Indien de beroepsloopbaan uitsluitend voldoet aan de voorwaarden bedoeld in respectievelijk artikel 3, § 1, eerste lid, 2°, artikel 3, § 1, vijfde lid, artikel 3, § 2, eerste lid, 2°, of artikel 3, § 3, eerste lid, 2°, wordt aan de in het eerste lid bedoelde teller van de breuk een aantal bijkomende fictieve voltijdse dagequivalenten toegevoegd dat bekomen wordt door: 1° voor alle afzonderlijke kalenderjaren gelegen vóór 2002 het verschil te nemen tussen het aantal voltijdse dagequivalenten in het betrokken kalenderjaar en dat aantal vermenigvuldigd met de verhouding 5/4 waarbij het resultaat van deze vermenigvuldiging beperkt wordt tot 312;2° de vijf grootste verschillen bekomen na toepassing van de bepaling onder 1° op te tellen. Voor zover de toepassing van dit lid voordeliger is en onverminderd de toepassing van het eerste lid, is de breuk gelijk aan deze welke gebruikt werd voor de berekening, naargelang het geval, van het persoonlijk rustpensioen, van het overlevingspensioen of van de overgangsuitkering toegekend in het pensioenstelsel van werknemers, na toepassing van, naargelang het geval, artikel 10bis van het koninklijk besluit nr. 50, van artikel 5, § 1, derde lid, van artikel 7, § 1, vierde lid, of van artikel 7bis, § 1, derde lid, van het
koninklijk besluit van 23 december 1996Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
11/05/2007
numac
2007022612
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Wet betreffende de pensioenen van de openbare sector
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
08/05/2007
numac
2007201376
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet houdende diverse bepalingen (1)
sluiten3, uitgedrukt in kalenderjaren, indien de beroepsloopbaan voldoet aan de voorwaarden bedoeld in respectievelijk artikel 3, § 1, eerste lid, 1°, artikel 3, § 2, eerste lid, 1°, of artikel 3, § 3, eerste lid, 1°, zonder dat de aldus bekomen breuk de eenheid kan overschrijden. De teller is echter beperkt tot het aantal kalenderjaren die elk ten minste 52 voltijdse dagequivalenten bevatten. Afdeling 3. - Opheffingsbepaling
Art. 6.Worden opgeheven: 1° de artikelen 152 en 153 van de
wet van 8 augustus 1980Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
08/08/1980
pub.
11/12/2007
numac
2007000980
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Bijzondere wet tot hervorming der instellingen. - Officieuze coördinatie in het Duits
sluiten betreffende de budgettaire voorstellen 1979-1980;2° de artikelen 33 tot en met 34bis van de herstel
wet van 10 februari 1981Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
23/12/2005
pub.
30/12/2005
numac
2005021170
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet houdende diverse bepalingen
type
wet
prom.
23/12/2005
pub.
30/12/2005
numac
2005021175
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet betreffende het generatiepact
sluiten5 inzake de pensioenen van de sociale sector;3° het
koninklijk besluit van 28 september 2006Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
11/05/2007
numac
2007022612
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Wet betreffende de pensioenen van de openbare sector
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
08/05/2007
numac
2007201376
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet houdende diverse bepalingen (1)
sluiten1 tot uitvoering van de artikelen 33, 33bis, 34 en 34bis van de herstel
wet van 10 februari 1981Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
23/12/2005
pub.
30/12/2005
numac
2005021170
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet houdende diverse bepalingen
type
wet
prom.
23/12/2005
pub.
30/12/2005
numac
2005021175
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet betreffende het generatiepact
sluiten5 inzake pensioenen van de sociale sector;4° de
wet van 6 juli 2016Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
23/12/2005
pub.
30/12/2005
numac
2005021170
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet houdende diverse bepalingen
type
wet
prom.
23/12/2005
pub.
30/12/2005
numac
2005021175
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet betreffende het generatiepact
sluiten9 tot toekenning van een premie aan sommige begunstigden van een minimumpensioen en tot verhoging van sommige minimumpensioenen, in het werknemers- en zelfstandigenstelsel. De in het eerste lid bedoelde bepalingen blijven evenwel van toepassing op de pensioenen en overgangsuitkeringen die daadwerke-lijk en voor de eerste maal ingaan vóór de inwerkingtreding van dit hoofdstuk en op de overlevingspensioenen die voortvloeien uit een rustpensioen dat daadwerkelijk en voor de eerste maal is ingegaan vóór deze datum.
Onverminderd het tweede lid, zijn de basisbedragen bedoeld in artikel 4, eerste en tweede lid, van toepassing op de gewaarborgde minimumpensioenen en gewaarborgde minimumovergangsuitkeringen die werden toegekend krachtens de opgeheven bepalingen bedoeld in het eerste lid. Afdeling 4. - Overgangsbepalingen en inwerkingtreding
Art. 7.De voorwaarde van daadwerkelijke tewerkstelling bedoeld in artikel 3, § 1, eerste lid, en artikel 3, § 2, eerste lid, wordt niet toegepast op de rust- en overlevingspensioenen vastgesteld op basis van de beroepsloopbaan: 1° van de personen geboren vóór 1 januari 1963;2° van de personen, geboren vóór 1 januari 1969, die op 1 januari 2025 aanspraak kunnen maken op een gewaarborgd minimumpensioen overeenkomstig de bepalingen bedoeld in artikel 6. Art. 8.In afwijking van artikel 3, § 1, eerste lid, en artikel 3, § 2, eerste lid, en onverminderd de toepassing van artikel 3, § 4, en artikel 7, bedraagt het vereiste aantal daadwerkelijk gepresteerde voltijdse dagequivalenten:
Voor de personen geboren in:
Voor de toepassing van:
Pour les personnes nées en :
Pour l'application de :
artikel 3, § 1, eerste lid, 1°, en artikel 3, § 2, eerste lid, 1°
artikel 3, § 1, eerste lid, 2°, en artikel 3, § 2, eerste lid, 2°
article 3, § 1er, alinéa 1er, 1°, et article 3, § 2, alinéa 1er, 1°
article 3, § 1er, alinéa 1er, 2°, et article 3, § 2, alinéa 1er, 2°
1963
1.250
780
1963
1.250
780
1964
1.500
936
1964
1.500
936
1965
1.750
1.092
1965
1.750
1.092
1966
2.250
1.404
1966
2.250
1.404
1967
2.750
1.716
1967
2.750
1.716
1968
3.500
2.184
1968
3.500
2.184
1969
4.250
2.652
1969
4.250
2.652
Indien de beroepsloopbaan perioden bevat tijdens welke betrokkene om medische redenen geen daadwerkelijke tewerkstelling kan bewijzen stemt het vereiste aantal daadwerkelijk gepresteerde voltijdse dagequivalenten overeen met het krachtens het artikel 3, § 4, vastgestelde aantal voor zover het aldus bekomen resultaat voordeliger is. Art. 9.Dit hoofdstuk treedt in werking op 1 januari 2025 en is van toepassing op de pensioenen en overgangsuitkeringen die daadwerkelijk en voor de eerste maal ten vroegste ingaan op 1 januari 2025, met uitzondering van de overlevingspensioenen die voortvloeien uit een rustpensioen dat daadwerkelijk en voor de eerste maal is ingegaan vóór deze datum. HOOFDSTUK 2. - Het gewaarborgd minimum in de pensioenregelingen van de overheidssector Afdeling 1. - Wijzigingsbepalingen
Art. 10.Artikel 119 van de
wet van 26 juni 1992Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
26/06/1992
pub.
31/03/2011
numac
2011000187
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet houdende sociale en diverse bepalingen Officieuze coördinatie in het Duits van uittreksels
sluiten houdende sociale en diverse bepalingen wordt aangevuld met een paragraaf 5, luidende als volgt: " § 5. Onder "werkelijk gepresteerde diensten" moet worden verstaan: - de perioden van werkelijk gepresteerde diensten; - de perioden van verlof of afwezigheid met behoud van de volledige bezoldiging; - de perioden van loopbaanonderbreking met toekenning van een onderbrekingsuitkering ten laste van de Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening of een andere federale instelling: a) teneinde palliatieve zorg te verstrekken;b) voor ouderschapsverlof;c) voor het bijstaan of verzorgen van een gezinslid of een familielid tot in de tweede graad dat lijdt aan een ernstige ziekte;d) voor mantelzorg; - de perioden bedoeld in de artikelen 5 en 6 van het besluit van de Vlaamse regering van 26 juli 2016 tot toekenning van onder-brekingsuitkeringen voor zorgkrediet; - de perioden: a) van preventieve werkverwijdering om gezondheidsredenen;b) van omgezette moederschapsrust;c) van geboorteverlof;d) van adoptieverlof;e) van pleegouderverlof;f) van borstvoedingsverlof;g) van ziekteverlof vóór de uitputting van het ziektekapitaal;h) van verminderde prestaties wegens medische redenen. De duur van de in het eerste lid bedoelde diensten wordt vastgesteld overeenkomstig de bepalingen van het koninklijk besluit nr. 206 van 29 augustus 1983 tot regeling van de berekening van het pensioen van de openbare sector voor diensten met onvolledige opdracht.
Onder "werkelijk gepresteerde diensten" moet eveneens worden verstaan: - de daadwerkelijk gepresteerde voltijdse dagequivalenten bedoeld in artikel 2, 10°, a) en b), van de wet van 25 april 2024 houdende de hervorming van de pensioenen, omgezet in maanden; - de met daadwerkelijk gepresteerde voltijdse dagequivalenten gelijkgestelde perioden bedoeld in artikel 3, § 5, derde lid en zevende lid, van de wet van 25 april 2024 houdende de hervorming van de pensioenen, omgezet in maanden. Art. 11.In artikel 120 van dezelfde wet, laatstelijk gewijzigd bij het
koninklijk besluit van 20 december 2020Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
11/05/2007
numac
2007022612
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Wet betreffende de pensioenen van de openbare sector
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
08/05/2007
numac
2007201376
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet houdende diverse bepalingen (1)
sluiten5, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° de woorden "en die de leeftijd van 60 jaar hebben bereikt," worden vervangen door de woorden ", die de leeftijd van 60 jaar hebben bereikt en 189 maanden werkelijk gepresteerde diensten kunnen bewijzen,";2° het artikel wordt aangevuld met twee leden, luidende: "Indien de loopbaan perioden bevat tijdens welke de betrokkene om gezondheidsredenen geen werkelijk gepresteerde diensten kan bewijzen, dan wordt een lager aantal dan het in het eerste lid bedoelde aantal van 189 maanden werkelijk gepresteerde diensten vereist.Het aantal maanden werkelijk gepresteerde diensten wordt vastgesteld in functie van de loopbaan: 1° indien de loopbaan meer dan 60 maar minder dan 360 maanden bevat tijdens welke betrokkene om gezondheidsredenen geen werkelijk gepresteerde diensten kan bewijzen, is de vermindering gelijk aan het tot de hogere eenheid afgerond resultaat, bekomen door het product van 100/312 met het verschil tussen het aantal maanden tijdens welke betrokkene om gezondheidsredenen geen werkelijk gepresteerde diensten kan bewijzen en 60 maanden;2° indien de loopbaan minstens 360 maanden bevat tijdens welke betrokkene om gezondheidsredenen geen werkelijk gepresteerde diensten kan bewijzen, is het vereiste aantal maanden werkelijk gepresteerde diensten gelijk aan het tot de hogere eenheid afgerond resultaat, bekomen door het verschil tussen 540 maanden en het aantal maanden tijdens welke betrokkene om gezondheidsredenen geen werkelijk gepresteerde diensten kan bewijzen te vermenigvuldigen met het product van 250/312 met 30/45. Voor de vaststelling van de perioden tijdens welke betrokkene om gezondheidsredenen geen werkelijk gepresteerde diensten kan bewijzen, moet eveneens rekening gehouden worden met de perioden bedoeld in artikel 3, § 4, vierde lid, 1° tot en met 4°, van de wet van 25 april 2024 houdende de hervorming van de pensioenen, omgezet in maanden.". Art. 12.In artikel 124 van dezelfde wet, laatstelijk gewijzigd bij de wetten van 30 december 1992, 5 april 1994 en 3 februari 2003, worden de woorden "van de
wet van 5 april 1994Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
23/12/2005
pub.
30/12/2005
numac
2005021170
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet houdende diverse bepalingen
type
wet
prom.
23/12/2005
pub.
30/12/2005
numac
2005021175
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet betreffende het generatiepact
sluiten1 houdende regeling van de cumulatie van pensioenen van de openbare sector met inkomsten voortvloeiend uit de uitoefening van een beroepsactiviteit of met een vervangingsinkomen" vervangen door de woorden "van titel 8, hoofdstuk 1 van de
programmawet van 28 juni 2013Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
08/08/1980
pub.
11/12/2007
numac
2007000980
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Bijzondere wet tot hervorming der instellingen. - Officieuze coördinatie in het Duits
sluiten9". Afdeling 2. - Overgangsbepalingen
Art. 13.De voorwaarde van werkelijk gepresteerde diensten bedoeld in artikel 120, eerste lid, van de
wet van 26 juni 1992Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
26/06/1992
pub.
31/03/2011
numac
2011000187
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet houdende sociale en diverse bepalingen Officieuze coördinatie in het Duits van uittreksels
sluiten houdende sociale en diverse bepalingen, zoals gewijzigd bij artikel 11, wordt niet toegepast op de rustpensioenen van: 1° de personen geboren vóór 1 januari 1963;2° de personen, geboren na 31 december 1962 en vóór 1 januari 1969, die op 1 januari 2025 minstens 20 pensioenaanspraakverlenende dienstjaren kunnen laten gelden. Art. 14.In afwijking van artikel 120, eerste lid van de
wet van 26 juni 1992Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
26/06/1992
pub.
31/03/2011
numac
2011000187
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet houdende sociale en diverse bepalingen Officieuze coördinatie in het Duits van uittreksels
sluiten houdende sociale en diverse bepalingen, zoals gewijzigd bij artikel 11, 1°, wordt het vereiste aantal maanden werkelijk gepresteerde diensten voor de in het jaar 1969 geboren personen en voor de in de jaren 1963 tot en met 1968 geboren personen die op 1 januari 2025 geen 20 pensioenaanspraakverlenende dienstjaren kunnen laten gelden vastgesteld als volgt:
Voor de personen geboren in :
Vereiste aantal maanden werkelijk gepresteerde diensten :
Pour les personnes nées en :
Nombre de mois de services réelement prestés requis :
1963
47,25
1963
47,25
1964
56,75
1964
56,75
1965
66,25
1965
66,25
1966
85,00
1966
85,00
1967
104,00
1967
104,00
1968
132,50
1968
132,50
1969
160,75
1969
160,75
Indien de loopbaan perioden bevat tijdens welke de in het eerste lid bedoelde personen om medische redenen geen daadwerkelijke tewerkstelling kunnen bewijzen, stemt het vereiste aantal maanden werkelijk gepresteerde diensten overeen met het aantal dat wordt vastgesteld overeenkomstig artikel 120, tweede lid, van de
wet van 26 juni 1992Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
26/06/1992
pub.
31/03/2011
numac
2011000187
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet houdende sociale en diverse bepalingen Officieuze coördinatie in het Duits van uittreksels
sluiten houdende sociale en diverse bepalingen, zoals gewijzigd bij artikel 11, 2°, voor zover het aldus verkregen resultaat voordeliger is dan het in het eerste lid bepaalde aantal maanden. Afdeling 3. - Inwerkingtreding
Art. 15.Dit hoofdstuk treedt in werking op 1 januari 2025 en is van toepassing op de rustpensioenen die daadwerkelijk en voor de eerste maal ten vroegste op 1 januari 2025 ingaan, met uitzondering van artikel 12, dat uitwerking heeft met ingang van 1 januari 2013. HOOFDSTUK 3. - Het minimumpensioen in de regeling voor zelfstandigen Afdeling 1. - Wijzigingen van de
wet van 15 mei 1984Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
23/12/2005
pub.
30/12/2005
numac
2005021170
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet houdende diverse bepalingen
type
wet
prom.
23/12/2005
pub.
30/12/2005
numac
2005021175
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet betreffende het generatiepact
sluiten3
houdende maatregelen tot harmonisering in de pensioenregelingen Art. 16.Artikel 118 van de
wet van 15 mei 1984Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
23/12/2005
pub.
30/12/2005
numac
2005021170
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet houdende diverse bepalingen
type
wet
prom.
23/12/2005
pub.
30/12/2005
numac
2005021175
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet betreffende het generatiepact
sluiten3 houdende maatregelen tot harmonisering in de pensioenregelingen, wordt vervangen als volgt: "Voor de toepassing van deze wet moet verstaan worden onder: 1° "het koninklijk besluit nr.72": het koninklijk besluit nr. 72 van 10 november 1967 betreffende het rust- en overlevingspensioen der zelfstandigen; 2° "de wet van 25 april 2024": de wet van 25 april 2024 houdende de hervorming van de pensioenen." Art. 17.In artikel 131bis van dezelfde wet, ingevoegd bij de
wet van 22 december 1989Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/12/1989
pub.
20/03/2009
numac
2009000181
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet op de bescherming van de gezinswoning
sluiten en laatstelijk gewijzigd bij de
wet van 26 april 2019Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
08/08/1980
pub.
11/12/2007
numac
2007000980
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Bijzondere wet tot hervorming der instellingen. - Officieuze coördinatie in het Duits
sluiten2, wordt een paragraaf 1nonies ingevoegd, luidende: " § 1nonies. Vanaf 1 januari 2025 zijn de in § 1octies bedoelde bedragen gelijk aan de in artikel 4, eerste lid, 1° en 2°, van de wet van 25 april 2024 bedoelde bedragen voor wat het rustpensioen betreft, en aan het in artikel 4, eerste lid, 3°, van dezelfde wet bedoeld bedrag, voor wat betreft het overlevingspensioen." Art. 18.In artikel 131ter van dezelfde wet, ingevoegd bij de
wet van 24 april 2014Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
23/12/2005
pub.
30/12/2005
numac
2005021170
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet houdende diverse bepalingen
type
wet
prom.
23/12/2005
pub.
30/12/2005
numac
2005021175
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet betreffende het generatiepact
sluiten7 en laatstelijk gewijzigd bij de
wet van 27 november 2022Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
08/08/1980
pub.
11/12/2007
numac
2007000980
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Bijzondere wet tot hervorming der instellingen. - Officieuze coördinatie in het Duits
sluiten6, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° § 1, eerste lid, 2°, wordt aangevuld met de woorden "doch zonder dat die breuk de eenheid mag overschrijden"; 2° Paragraaf 1bis wordt aangevuld met een lid, luidende: "Vanaf 1 januari 2025 zijn de bedragen bedoeld in het eerste lid gelijk aan de bedragen bedoeld in artikel 4, eerste lid, 1° en 2°, van de wet van 25 april 2024 houdende de hervorming van de pensioenen voor wat betreft de rustpensioen, en aan het in artikel 4, eerste lid, 3°, van dezelfde wet bedoeld bedrag, voor wat betreft het overlevingspensioen."; 3° In paragraaf 1ter, eerste lid, worden de woorden "de bepalingen van artikel 5, § 4, of van artikel 6, tweede lid, of van artikel 9, derde lid, van het
koninklijk besluit van 28 september 2006Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
11/05/2007
numac
2007022612
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Wet betreffende de pensioenen van de openbare sector
type
wet
prom.
25/04/2007
pub.
08/05/2007
numac
2007201376
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet houdende diverse bepalingen (1)
sluiten1 tot uitvoering van de artikelen 33, 33bis, 34 en 34bis van de Herstel
wet van 10 februari 1981Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
23/12/2005
pub.
30/12/2005
numac
2005021170
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet houdende diverse bepalingen
type
wet
prom.
23/12/2005
pub.
30/12/2005
numac
2005021175
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet betreffende het generatiepact
sluiten5 inzake pensioenen van de sociale sector" vervangen door de woorden "de bepalingen van artikel 3, § 1, derde lid, van de wet van 25 april 2024";4° In paragraaf 1ter, tweede lid, worden de woorden "bedoeld in artikel 152 van de
wet van 8 augustus 1980Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
08/08/1980
pub.
11/12/2007
numac
2007000980
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Bijzondere wet tot hervorming der instellingen. - Officieuze coördinatie in het Duits
sluiten betreffende de budgettaire voorstellen 1979-1980, voor wat het rustpensioen betreft, of in artikel 33 van de Herstel
wet van 10 februari 1981Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
23/12/2005
pub.
30/12/2005
numac
2005021170
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet houdende diverse bepalingen
type
wet
prom.
23/12/2005
pub.
30/12/2005
numac
2005021175
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet betreffende het generatiepact
sluiten5 inzake de pensioenen van de sociale sector," vervangen door de woorden "bedoeld in artikel 4, eerste lid, van de wet van 25 april 2024". Art. 19.Artikel 131quater van dezelfde wet, ingevoegd bij de
wet van 6 juli 2016Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
23/12/2005
pub.
30/12/2005
numac
2005021170
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet houdende diverse bepalingen
type
wet
prom.
23/12/2005
pub.
30/12/2005
numac
2005021175
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet betreffende het generatiepact
sluiten9 en gewijzigd bij de wet van 3 september 2017, wordt vervangen als volgt: "Artikel 131quater.§ 1. Vanaf 1 januari 2017 worden de rust- en overlevingspensioenen toegekend krachtens artikel 131bis of 131ter, naargelang het geval, verhoogd met 0,7% voor zover de breuk die in aanmerking genomen werd voor de berekening van het rust- of overlevingspensioen in de pensioenregeling voor zelfstandigen, in voorkomend geval vermeerderd met de breuk die gebruikt wordt of die gebruikt zou moeten worden voor de berekening van het gewaarborgd minimumpensioen van dezelfde aard ten laste van de pensioenregeling voor werknemers, naargelang het geval, overeen …
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.