📄 Wettekst
22 MAART 2010. - Ministerieel besluit betreffende de modaliteiten en de procedure tot toekenning van premies ter bevordering van rationeel energiegebruik
De Minister van Duurzame Ontwikkeling en Ambtenarenzaken, Gelet op het
decreet van 19 december 2002Relevante gevonden documenten
type
decreet
prom.
19/12/2002
pub.
11/02/2003
numac
2003200080
bron
ministerie van het waalse gewest
Decreet betreffende de organisatie van de gewestelijke gasmarkt
sluiten betreffende de organisatie van de gewestelijke gasmarkt, inzonderheid op artikel 37;
Gelet op het
besluit van de Waalse Regering van 30 maart 2006Relevante gevonden documenten
type
besluit van de waalse regering
prom.
30/03/2006
pub.
27/04/2006
numac
2006201390
bron
ministerie van het waalse gewest
Besluit van de Waalse Regering betreffende de openbare dienstverplichtingen op de gasmarkt
type
besluit van de waalse regering
prom.
30/03/2006
pub.
27/04/2006
numac
2006201391
bron
ministerie van het waalse gewest
Besluit van de Waalse Regering betreffende de openbare dienstverplichtingen op de elektriciteitsmarkt
sluiten betreffende de openbare dienstverplichtingen op de elektriciteitsmarkt, inzonderheid op artikel 25bis, tweede lid;
Gelet op het
besluit van de Waalse Regering van 30 maart 2006Relevante gevonden documenten
type
besluit van de waalse regering
prom.
30/03/2006
pub.
27/04/2006
numac
2006201390
bron
ministerie van het waalse gewest
Besluit van de Waalse Regering betreffende de openbare dienstverplichtingen op de gasmarkt
type
besluit van de waalse regering
prom.
30/03/2006
pub.
27/04/2006
numac
2006201391
bron
ministerie van het waalse gewest
Besluit van de Waalse Regering betreffende de openbare dienstverplichtingen op de elektriciteitsmarkt
sluiten betreffende de openbare dienstverplichtingen op de gasmarkt, inzonderheid op artikel 29bis, tweede lid;
Gelet op de oriëntatienota inzake de hervorming van de energiepremies, goedgekeurd door de Waalse Regering op 17 december 2009;
Gelet op het
ministerieel besluit van 20 december 2007Relevante gevonden documenten
type
ministerieel besluit
prom.
20/12/2007
pub.
19/02/2008
numac
2008200428
bron
ministerie van het waalse gewest
Ministerieel besluit betreffende de modaliteiten en de procedure voor de toekenning van premies ter bevordering van rationeel energiegebruik
sluiten betreffende de modaliteiten en de procedure voor de toekenning van premies ter bevordering van rationeel energiegebruik;
Gelet op het advies van de Inspectie van Financiën, gegeven op 11 februari 2010;
Gelet op de instemming van de Minister van Begroting, gegeven op 19 februari 2010;
Gelet op de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, artikel 3, § 1;
Gelet op de dringende noodzakelijkheid;
Overwegende dat de voorschriften van de regelgeving inzake de energieprestatie van de gebouwen vanaf 1 mei 2010 verscherpt zullen worden; dat het programma tot toekenning van premies waarin het
ministerieel besluit van 20 december 2007Relevante gevonden documenten
type
ministerieel besluit
prom.
20/12/2007
pub.
19/02/2008
numac
2008200428
bron
ministerie van het waalse gewest
Ministerieel besluit betreffende de modaliteiten en de procedure voor de toekenning van premies ter bevordering van rationeel energiegebruik
sluiten voorziet op dezelfde datum vervalt;
Overwegende dat dat programma niet verlengd kan worden daar de criteria tot toekenning van de premies aangepast moeten worden aan de nieuwe eisen inzake energieprestatie;
Overwegende dat vooraleer de criteria tot toekenning van de premies te verscherpen informatie verstrekt moet worden aan de bestemmelingen van de nieuwe premieregeling die tot stand gebracht moet worden, met name de rechthebbenden, alsook de bouwsector; dat een laattijdige kennisgeving van de nieuwe eisen een schadelijk verrassingseffect zou teweegbrengen bij het publiek, dat zich vanaf heden aan de nieuwe eisen moet kunnen aanpassen met het oog op de uitvoering van de in aanmerking komende werken, Besluit : TITEL 1. - Algemeen Artikel 1.Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder : 1° « gebouw » : elk gebouw gelegen op het grondgebied van het Waalse Gewest, met uitzondering van de mobiele installaties, waarin investeringen of prestaties worden verricht met het oog op rationeel energiegebruik;2° « woning » : elk gebouw bestemd voor bewoning door één of meer gezinnen;het gebouw bestemd voor gemengd gebruik wordt ook als woning beschouwd als het woongedeelte meer dan 40 % van de totaaloppervlakte bedraagt; 3° « wooneenheid » : gedeelte van een woning, zoals een appartement, waavan de lokalen bestemd zijn om uitsluitend door één enkel gezin gebruikt te worden;4° « ééngezinswoning » : woning waarvan de lokalen bestemd zijn om door één enkel gezin gebruikt te worden, met uitsluiting van de collectieve woningen en de appartementen, alsook elk type opeenstapeling van lokalen die deel uitmaken van aparte woningen;5° « renovatie » : werken uitgevoerd in een gebouw waarvan de datum van bericht van ontvangst van de eerste stedenbouwkundige vergunningsaanvraag voorafgaat aan 1 december 1996;6° « natuurlijk isolatiemateriaal » : materiaal dat voor minstens 80 % uit plantaardige, dierlijke of cellulosevezels bestaat en waarvan de volumieke massa niet meer dan 150 Kg per m3 mag bedragen;7° « warmteweerstandscoëfficiënt, R » : coëfficiënt bepaald overeenkomstig bijlage VII bij het
besluit van de Waalse Regering van 17 april 2008Relevante gevonden documenten
type
koninklijk besluit
prom.
18/03/1997
pub.
20/06/1997
numac
1997011136
bron
ministerie van economische zaken
Koninklijk besluit betreffende de rendementseisen voor nieuwe olie- en gasgestookte centrale-verwarmingsketels
sluiten1 tot vaststelling van de berekeningsmethode en de eisen, de goedkeuringen en de sancties op het vlak van de energieprestaties en het binnenklimaat van gebouwen;voor de materialen die niet vermeld worden in deze bijlage, wordt die coëfficiënt overeenkomstig de norm NBN B 62-002 (2008) berekend; 8° « peil van de globale thermische isolatie K » : het K-peil wordt berekend overeenkomstig de regelgeving van kracht op de datum van het bericht van ontvangst van de laatste stedenbouwkundige vergunningsaanvraag;bij gebrek aan regelgeving op die datum wordt het K-peil berekend volgens de regelgeving van kracht twaalf maanden vóór de datum van de slotfactuur; 9° « factor gtot » : de overdrachtsfactor totale zonne-energie, verhouding tussen de totale zonne-energie overgedragen in een lokaal door een glazen opening en de incidentele zonne-energie op die opening, berekend overeenkomstig de van kracht zijnde normen;10° « EW-peil » : het peil van het primaire energieverbruik zoals bepaald in artikel 530, 18) sub artikel 2 van het
besluit van de Waalse Regering van 17 april 2008Relevante gevonden documenten
type
koninklijk besluit
prom.
18/03/1997
pub.
20/06/1997
numac
1997011136
bron
ministerie van economische zaken
Koninklijk besluit betreffende de rendementseisen voor nieuwe olie- en gasgestookte centrale-verwarmingsketels
sluiten1 tot vaststelling van de berekeningsmethode en de eisen, de goedkeuringen en de sancties op het vlak van de energieprestaties en het binnenklimaat van gebouwen; 11° « E.P.B.-slotaangifte » : het document bedoeld in artikel 237/1, 12° sub artikel 10 van het kader-
decreet van 19 april 2007Relevante gevonden documenten
type
decreet
prom.
19/04/2007
pub.
29/05/2007
numac
2007201675
bron
ministerie van het waalse gewest
Kaderdecreet tot wijziging van het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Patrimonium met het oog op het bevorderen van de energieprestatie van de gebouwen
sluiten tot wijziging van het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Patrimonium met het oog op het bevorderen van de energieprestatie van de gebouwen;12° « kind ten laste » : het kind waarvoor op de aanvraagdatum kinder- of wezenbijslag toegekend wordt aan de aanvrager, zijn samenwonende echtgenoot of de persoon met wie hij samenleeft, of het kind dat, op vertoon van bewijzen, door de administratie als kind ten laste beschouwd wordt;13° « inkomens » : de globaal belastbare inkomens van de aanvrager, zijn samenwonende echtgenoot of de persoon met wie hij samenleeft op de datum van de aanvraag, meer bepaald de inkomens van het voorlaatste jaar dat voorafgaat aan het jaar van de slotfactuur.Indien de aanvrager scheidt tussen het referentiejaar van de inkomens en de indiening van de aanvraag, wordt voor de in aanmerking genomen inkomens geen rekening gehouden met de eventuele toepassing van de huwelijksquotiënt. Die inkomens worden verminderd met 2.200 euro per kind ten laste; 14° « bescheiden inkomens » : inkomens tussen 12.000,01 euro en 24.100 euro indien de aanvrager alleenstaand is, of tussen 16.400,01 euro en 30.100 euro indien de aanvrager al dan niet gehuwd met iemand samenleeft; 15° « precaire inkomens » : inkomens van hoogstens 12.000 euro indien de aanvrager alleenstaand is, of van hoogstens 16.400 euro indien de aanvrager al dan niet gehuwd met iemand samenleeft; 16° « administratie » : de Waalse Overheidsdienst, Operationeel directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting, Erfgoed en Energie, Departement Energie en Duurzaam Gebouw;17° « netbeheerder » : de beheerder van het gas- of elektriciteitsdistributienet op het grondgebied waarvan de investering wordt verricht;18° « programma AMURE » : programma ingesteld bij het besluit van de Waalse Regering van 30 mei 2002 betreffende de toekenning van toelagen voor de verbetering van de energetische efficiëntie en voor de bevordering van een rationeler energiegebruik van de privé-sector;19° « programma UREBA » : programma ingesteld bij het besluit van de Waalse Regering van 10 april 2003 betreffende de toekenning van subsidies aan de publiekrechtelijke personen en aan de niet-commerciële instellingen voor de verwezenlijking van studies en werken die een betere energieprestatie van de gebouwen beogen;20° « programma MEBAR » : programma ingesteld bij het besluit van de Waalse Regering van 23 december 1998 waarbij toelagen worden verleend aan gezinnen met een bescheiden inkomen ter bevordering van rationeel en efficiënt energiegebruik;21° « renovatiepremie » : premie toegekend krachtens het besluit van de Waalse Regering van 21 januari 1999 tot invoering van een premie voor de renovatie van verbeterbare woningen of krachtens het besluit van de Waalse Regering van 21 januari 1999 tot invoering van een premie voor huurders die een verbeterbare woning renoveren in het kader van een renovatiehuurcontract;22° « expansiedecreten » : het
decreet van 11 maart 2004Relevante gevonden documenten
type
decreet
prom.
11/03/2004
pub.
08/04/2004
numac
2004200989
bron
ministerie van het waalse gewest
Decreet betreffende de gewestelijke incentives ten gunste van kleine en middelgrote ondernemingen
sluiten betreffende de gewestelijke incentives om de milieubescherming en het duurzame energiegebruik te begunstigen en het
decreet van 11 maart 2004Relevante gevonden documenten
type
decreet
prom.
11/03/2004
pub.
08/04/2004
numac
2004200989
bron
ministerie van het waalse gewest
Decreet betreffende de gewestelijke incentives ten gunste van kleine en middelgrote ondernemingen
sluiten betreffende de gewestelijke incentives ten gunste van kleine en middelgrote ondernemingen;23° « geregistreerde aannemer » : aannemer geregistreerd overeenkomstig het
koninklijk besluit van 27 december 2007Relevante gevonden documenten
type
koninklijk besluit
prom.
27/12/2007
pub.
31/12/2007
numac
2007003609
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid federale overheidsdienst financien federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie
Koninklijk besluit tot uitvoering van de artikelen 400, 401, 403, 404 en 406 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 en van artikel 30bis van de wet van 27 juni 1969 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders
type
koninklijk besluit
prom.
27/12/2007
pub.
21/12/2016
numac
2016000794
bron
federale overheidsdienst financien
Koninklijk besluit tot uitvoering van de artikelen 400, 403, 404 en 406 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 en van de artikelen 12, 30bis en 30ter van de wet van 27 juni 1969 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders en van artikel 6ter van de wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk. - Officieuze coördinatie in het Duits van uittreksels
sluiten tot uitvoering van de artikelen 400, 401, 403, 404 en 406 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 en artikel 30bis van de wet van 27 juni 1969 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders;24° « opdrachtgever van de investeringen » : persoon die de in aanmerking komende investeringen verricht en aan wie de desbetreffende facturen of ereloonnota's gericht worden. Art. 2.De rechtspersonen die in aanmerking komen voor het programma UREBA kunnen niet in anmerking komen voor de bepalingen van dit besluit, met uitzondering van de premie bedoeld in artikel 35, § 3.
Voor dezelfde werken en investeringen mogen de krachtens dit besluit toegekende premies niet gecumuleerd worden met een renovatiepremie, noch met de subsidies toegekend in het kader van de programma's AMURE, MEBAR en van de expansiedecreten.
Het bedrag van de krachtens dit besluit toegekende premies mag in geen geval hoger zijn dan het bedrag van de factuur betreffende de in aanmerking komende investeringen.
De factuurbedragen bedoeld in dit besluit worden exclusief btw verstaan als de aanvrager aan de btw onderworpen is, en inclusief btw als hij niet aan de btw onderworpen is.
Behoudens andersluidende bepaling, worden alle in dit besluit bedoelde prestaties en werken verricht overeenkomstig het
koninklijk besluit van 29 januari 2007Relevante gevonden documenten
type
koninklijk besluit
prom.
29/01/2007
pub.
27/02/2007
numac
2007022168
bron
federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie
Koninklijk besluit betreffende de beroepsbekwaamheid voor de uitoefening van zelfstandige activiteiten van het bouwvak en van de elektrotechniek, alsook van de algemene aanneming
sluiten betreffende de beroepsbekwaamheid voor de uitoefening van zelfstandige activiteiten van het bouwvak en van de elektrotechniek, alsook van de algemene aanneming.
Behalve uitdrukkelijke afwijking, zijn alle bepalingen van dit besluit die het beroep op een geregistreerde aannemer opleggen van toepassing op de werken en installaties bedoeld in hun geheel. Art. 3.Opdat de administratie kan nagaan of voldaan wordt aan de naleving van de minimisregels bedoeld in artikel 2 van Verordening (EG) nr. 1998/2006 van de Commissie van 15 december 2006 betreffende de toepassing van de artikelen 87 en 88 van het Verdrag op de minimisteun, geeft de aanvrager de administratie kennis van elke overheidstegemoetkoming ontvangen in de loop van de drie jaren vóór de indiening van een premieaanvraag overeenkomstig dit besluit.
TITEL 2. - Premies bestemd voor elke natuurlijke of rechtspersoon, met uitsluiting van de openbare huisvestingsmaatschappijen HOOFDSTUK I. - Algemeen Art. 4.In de zin van deze titel wordt, met uitsluiting van de openbare huisvestingsmaatschappijen bedoeld in artikel 46, onder aanvrager verstaan : elke natuurlijke of rechtspersoon, opdrachtgever van de energiebesparende investeringen of prestaties die overeenkomstig deze titel in aanmerking komen.
Binnen de perken van de begrotingskredieten kan de aanvrager een premie verkrijgen waarvan het bedrag en de toekenningsvoorwaarden vastgelegd zijn als volgt. HOOFDSTUK II. - Isolatiewerken Afdeling 1. - Renovatie
Onderafdeling 1. - In aanmerking komende investeringen Art. 5.§ 1. In geval van renovatie van een gebouw wordt een premie van 10 euro per m2 geïsoleerde oppervlakte toegekend voor de thermische isolatie van het dak of van de zolder uitgevoerd door een geregistreerde aannemer d.m.v. een isolatiemateriaal waarvan de warmteweerstandscoëfficiënt, R, gelijk is aan 3 m2K/W of meer.
Als de aanvrager de werken zelf uitvoert, wordt de premie beperkt tot 5 euro per m2 geïsoleerde oppervlakte. § 2. Het isolatiemateriaal kan in verschillende lagen aangebracht worden. In dat geval is de som van de warmteweerstanden van de verschillende lagen groter dan of gelijk aan de coëfficiënt bedoeld in § 1. § 3. Wanneer het gebouw waarin werken worden uitgevoerd een woning is en de aanvrager, natuurlijke persoon, en/of desgevallend zijn samenwonende echtgenote of de persoon met wie hij samenleeft, beschikken over de volle eigendom van die woning of over een huurovereenkomst hoofdverblijf ervoor, wordt het bedrag van de premie bedoeld in § 1, eerste lid, verhoogd met : a) 2 euro per m2 geïsoleerde oppervlakte wanneer de inkomens bescheiden zijn;b) 4 euro per m2 geïsoleerde oppervlakte wanneer de inkomens precair zijn. § 4. Wanneer het gebouw waarin werken worden uitgevoerd een woning is en de aanvrager, natuurlijke persoon, en/of desgevallend zijn samenwonende echtgenote of de persoon met wie hij samenleeft, beschikken over de volle eigendom van die woning of over een huurovereenkomst hoofdverblijf ervoor, wordt het bedrag van de premie bedoeld in § 1, tweede lid, verhoogd met : a) 1 euro per m2 geïsoleerde oppervlakte wanneer de inkomens bescheiden zijn;b) 2 euro per m2 geïsoleerde oppervlakte wanneer de inkomens precair zijn. § 5. De bedragen van de premie bedoeld in § 1 worden verhoogd met euro 3 per m2 voor isolatiewerken uitgevoerd d.m.v. van een natuurlijk isolatiemateriaal. § 6. Het globale bedrag van de premie wordt per jaar beperkt tot de isolatie van een maximale oppervlakte van 100 m2 per eengezinswoning en van 200 m2 voor elk ander gebouw. Art. 6.§ 1. In geval van renovatie van een gebouw wordt een premie toegekend voor de thermische isolatie van de muren in contact met de externe omgeving of met een niet verwarmde of niet vorstvrije ruimte, als ze door een geregistreerde aannemer uitgevoerd wordt d.m.v. een isolatiemateriaal.
De premie wordt pas na uitvoering van een energieaudit toegekend, overeenkomstig de procedure vermeld in artikel 35. De energieaudit bevestigt de relevantie van de isolatie van de muren. § 2. De coëfficiënt R van het isolatiemateriaal is gelijk aan of groter dan : a) 1,5 m2K/W voor de isolatie van de muren langs binnen;in dat geval bedraagt de premie 20 euro per m2 geïsoleerde oppervlakte; b) 1,5 m2K/W voor de isolatie van de holle muren door het opvullen van de gleuf;in dat geval bedraagt de premie 10 euro per m2 geïsoleerde oppervlakte; c) 2 m2K/W voor de isolatie van de muren langs de buitenkant van de bestaande wand;in dat geval bedraagt de premie 30 euro per m2 geïsoleerde oppervlakte. § 3. Wanneer het gebouw waarin werken worden uitgevoerd een woning is en de aanvrager, natuurlijke persoon, en/of desgevallend zijn samenwonende echtgenote of de persoon met wie hij samenleeft, beschikken over de volle eigendom van die woning of over een huurovereenkomst hoofdverblijf ervoor, wordt het bedrag van de premie bedoeld in § 2, a verhoogd met : a) 4 euro per m2 geïsoleerde oppervlakte wanneer de inkomens bescheiden zijn;b) 8 euro per m2 geïsoleerde oppervlakte wanneer de inkomens precair zijn. § 4. Wanneer het gebouw waarin werken worden uitgevoerd een woning is en de aanvrager, natuurlijke persoon, en/of desgevallend zijn samenwonende echtgenote of de persoon met wie hij samenleeft, beschikken over de volle eigendom van die woning of over een huurovereenkomst hoofdverblijf ervoor, wordt het bedrag van de premie bedoeld in § 2, b verhoogd met : a) 2 euro per m2 geïsoleerde oppervlakte wanneer de inkomens bescheiden zijn;b) 4 euro per m2 geïsoleerde oppervlakte wanneer de inkomens precair zijn. § 5. Wanneer het gebouw waarin werken worden uitgevoerd een woning is en de aanvrager, natuurlijke persoon, en/of desgevallend zijn samenwonende echtgenote of de persoon met wie hij samenleeft, beschikken over de volle eigendom van die woning of over een huurovereenkomst hoofdverblijf ervoor, wordt het bedrag van de premie bedoeld in § 2, c verhoogd met : a) 6 euro per m2 geïsoleerde oppervlakte wanneer de inkomens bescheiden zijn;b) 12 euro per m2 geïsoleerde oppervlakte wanneer de inkomens precair zijn. § 6. De bedragen van de premie bedoeld in § 2 worden verhoogd met euro 3 per m2 voor isolatiewerken uitgevoerd d.m.v. van een natuurlijk isolatiemateriaal. § 7. Het globale bedrag van de premie wordt per jaar beperkt tot de isolatie van een maximale oppervlakte van 120 m2 per eengezinswoning of wooneenheid, en van 240 m2 voor elk ander gebouw. Art. 7.§ 1. In geval van renovatie van een gebouw wordt een premie toegekend voor de thermische isolatie van de vloeren uitgevoerd door een geregistreerde aannemer d.m.v. een isolatiemateriaal.
De premie wordt pas na uitvoering van een energieaudit toegekend, overeenkomstig de procedure vermeld in artikel 35. De energieaudit bevestigt de relevantie van de isolatie van de vloeren. § 2. De coëfficiënt R van het isolatiemateriaal is gelijk aan of groter dan : a) 2 m2K/W voor de isolatie langs de onderkant van de vloerstructuur of in de vloerstructuur;in dat geval bedraagt de premie 10 euro per m2 geïsoleerde oppervlakte; b) 1,5 m2K/W voor de isolatie langs de bovenkant van de vloerstructuur;in dat geval bedraagt de premie 27 euro per m2 geïsoleerde oppervlakte. § 3. Wanneer het gebouw waarin werken worden uitgevoerd een woning is en de aanvrager, natuurlijke persoon, en/of desgevallend zijn samenwonende echtgenote of de persoon met wie hij samenleeft, beschikken over de volle eigendom van die woning of over een huurovereenkomst hoofdverblijf ervoor, wordt het bedrag van de premie bedoeld in § 2, a verhoogd met : a) 2 euro per m2 geïsoleerde oppervlakte wanneer de inkomens bescheiden zijn;b) 4 euro per m2 geïsoleerde oppervlakte wanneer de inkomens precair zijn. § 4. Wanneer het gebouw waarin werken worden uitgevoerd een woning is en de aanvrager, natuurlijke persoon, en/of desgevallend zijn samenwonende echtgenote of de persoon met wie hij samenleeft, beschikken over de volle eigendom van die woning of over een huurovereenkomst hoofdverblijf ervoor, wordt het bedrag van de premie bedoeld in § 2, b verhoogd met : a) 3 euro per m2 geïsoleerde oppervlakte wanneer de inkomens bescheiden zijn;b) 8 euro per m2 geïsoleerde oppervlakte wanneer de inkomens precair zijn. § 5. De bedragen van de premie bedoeld in § 2 worden verhoogd met euro 3 per m2 voor isolatiewerken uitgevoerd d.m.v. van een natuurlijk isolatiemateriaal. § 6. Het globale bedrag van de premie wordt per jaar beperkt tot de isolatie van een maximale oppervlakte van 80 m2 per eengezinswoning en van 160 m2 voor elk ander gebouw. Art. 8.In geval van renovatie van een eengezinshuis of van een appartement wordt een premie toegekend voor de installatie door een geregistreerde aannemer van externe, vaste of mobiele zonweringssystemen, zoals rolluiken, zonnegordijnen of afdaken, met uitsluiting van elk glaswerk, van elke film aangebracht op het glaswerk of van elke vegetale lommer, en bestemd om het glaswerk af te schermen tegen rechtstreekse zonnestralen.
De factor « gtot » van het geheel glaswerk en zonwering is gelijk aan 0,3 of minder.
De zonweringen worden tussen het zuidoosten en het westen georiënteerd via het zuiden, meer bepaald van 135° tot 270°.
De premie bedraagt euro 15 per m2 afgeschermde ruitoppervlakte, waarbij die oppervlakte niet groter mag zijn dan : a) 30 m2 per ééngezinswoning : b) 20 m2 per appartement. Onderafdeling 2. - Procedure tot indiening van de aanvraag Art. 9.§ 1. Wat betreft de premies bedoeld in de artikelen 5 tot 7, wordt het dossier door de aanvrager aan de administratie gericht binnen een termijn van vier maanden, die ingaat op de datum van de slotfactuur.
Dat dossier bevat : 1° het formulier dat bij de administratie verkrijgbaar is en de desbetreffende bijlagen, behoorlijk ingevuld;2° het originele of een afschrift van de factuur voor de materialen en de verrichte prestaties;3° als een voorafgaand energieaudit uitgevoerd moet worden, een afschrift van de vooraf uitgevoerde energieaudit;4° wanneer een verhoging van de premie aangevraagd wordt naar gelang van het inkomensniveau : - een uittreksel uit het bevolkingsregister met de samenstelling van het gezin van de aanvrager, tussen de datum van de slotfactuur en de datum van de aanvraag; - het attest of de attesten betreffende de kinderbijslag ontvangen door het gezin, behoorlijk ingevuld door de Kinderbijslagkas, de Sociale verzekeringskas voor zelfstandige werknemers, of elke andere bevoegde instelling; - een afschrift van het aanslagbiljet betreffende de inkomens; bij gebreke daarvan, elk ander bewijsstuk op grond waarvan de inkomens kunnen worden bepaald. De aanvragers die wedden, lonen, uitkeringen of emolumenten ontvangen die vrij zijn van nationale belastingen moeten een attest overleggen van de schuldenaar van de inkomens met melding van het totaalbedrag van de ontvangen wedden, lonen, uitkeringen of emolumenten opdat de belastbare grondslag bepaald kan worden, zoals hij zich zou hebben voorgedaan indien de bedoelde inkomens aan de belasting onderworpen geweest zouden zijn onder het stelsel van het gemene recht; - een verklaring op erewoord van de aanvrager waaruit blijkt dat de aanvrager en/of zijn samenwonende echtgenote of de persoon met wie hij samenleeft, beschikt over de volle eigendom van de woning, of een afschrift van het uittreksel uit de overeenkomst waaruit blijkt dat de aanvrager en/of zijn samenwonende echtgenote of de persoon met wie hij samenleeft, beschikt over een huurovereenkomst hoofdverblijf voor de woning. § 2. Wat betreft de premies bedoeld in artikel 8, wordt het dossier door de aanvrager aan de administratie gericht binnen een termijn van vier maanden, die ingaat op de datum van de slotfactuur.
Dat dossier bevat : 1° het formulier dat bij de administratie verkrijgbaar is en de desbetreffende bijlagen, behoorlijk ingevuld;2° het originele of een afschrift van de factuur voor de materialen en de verrichte prestaties. Afdeling 2. - Bouw van een woning
Onderafdeling 1. - In aanmerking komende investeringen Art. 10.§ 1. Wanneer de datum van bericht van ontvangst van de stedenbouwkundige vergunningsaanvraag voorafgaat aan 1 februari 2009, wordt een premie van 1.500 euro toegekend voor de bouw van een ééngezinswoning waarvoor het attest « Construire avec l'énergie » is afgegeven of die voldoet aan de volgende criteria : 1° het globale thermische isolatieniveau K van de ééngezinswoning is gelijk aan 45 of minder;2° de ééngezinswoning is niet uitgerust met een elektrisch verwarmingssysteem, behalve voor de exclusieve verwarming van de badkamers of douches.De niet reversibele warmtepompen of de warmtepompen geïntegreerd in een nieuwe woning waarvoor het attest « Construire avec l'énergie » is afgegeven worden niet als elektrische verwarming beschouwd; 3° de ventilatie van de ééngezinswoning voldoet aan de regelgeving van kracht op de datum van het bericht van ontvangst van de stedenbouwkundige vergunningsaanvraag. § 2. Wanneer de datum van het bericht van ontvangst van de stedenbouwkundige vergunningsaanvraag na 31 januari 2009 valt en voorafgaat aan 1 mei 2010, wordt een premie van 1.500 euro toegekend voor de bouw van een ééngezinswoning waarvoor het attest « Construire avec l'énergie » is afgegeven of die voldoet aan de volgende criteria : 1° het globale thermische isolatieniveau K van de ééngezinswoning is gelijk aan 35 of minder;2° de ééngezinswoning is niet uitgerust met een elektrisch verwarmingssysteem, behalve voor de exclusieve verwarming van de badkamers of douches.De niet reversibele warmtepompen of de warmtepompen geïntegreerd in een nieuwe woning waarvoor het attest « Construire avec l'énergie » is afgegeven worden niet als elektrische verwarming beschouwd; 3° de ventilatie van de ééngezinswoning voldoet aan de regelgeving van kracht op de datum van het bericht van ontvangst van de stedenbouwkundige vergunningsaanvraag. § 3. Het bedrag van de premie bedoeld in § 1 wordt verhoogd met 100 euro per eenheid K onder het K-peil 45.
Het bedrag van de premie bedoeld in § 2 wordt verhoogd met 100 euro per eenheid K onder het K-peil 35.
Het maximumbedrag van de premies bedoeld in het eerste en het tweede lid mag niet hoger zijn dan 2.500 euro per gebouw. Art. 11.Wanneer de datum van bericht van ontvangst van de stedenbouwkundige vergunningsaanvraag voorafgaat aan 1 mei 2010, wordt een premie van 6.500 euro toegekend voor de bouw van een ééngezinswoning die voldoet aan de criteria « Passief huis » wanneer : 1° de luchtdoorlatendheid van het gebouw getest wordt d.m.v. de techniek van de luchtdrukregeling per ventilator en het luchtverversingspercentage gelijk moet zijn aan n50 a) het geheel van het geïnstalleerde ventilatiesysteem voldoet aan de vereisten van de norm NBN D 50 001;b) de warmtewisselaar heeft een minimumrendement van 85 % volgens de norm NBN EN 308;c) de installateur meet ter plaatse de debieten bij de uit- en ingang van de verschillende ventilatieopeningen om de installatie bij te stellen zoals het past;3° de jaarlijkse verwarmings- en koelingsvraag is kleiner dan 15 kWu/m2 per jaar, berekend volgens de procedure PHPP (Passivhaus Projektierungs Paket) van kracht zes maanden vóór de datum van bericht van ontvangst van de stedenbouwkundige vergunningsaanvraag. Deze premie mag niet gecumuleerd worden met de premies bedoeld in de artikelen 10 en 37 van dit besluit. Art. 12.§ 1. Wanneer de datum van bericht van ontvangst van de stedenbouwkundige vergunningsaanvraag na 30 april 2010 valt, wordt een premie van 1.500 euro toegekend voor de bouw van een ééngezinswoning die voldoet aan de volgende criteria : 1° het EW-peil van de ééngezinswoning is gelijk aan 80 of minder;2° het globale thermische isolatieniveau K van de ééngezinswoning is gelijk aan 35 of minder;3° de ventilatie van de ééngezinswoning voldoet aan de regelgeving van kracht op de datum van het bericht van ontvangst van de stedenbouwkundige vergunningsaanvraag. § 2. Het bedrag van de premie bedoeld in § 1 wordt verhoogd met 75 euro per eenheid EW-peil onder het peil EW 80 en mag niet hoger zijn dan 5.000 euro per gebouw. § 3. Het bedrag van de premie bedoeld in § 2 wordt verhoogd met 1.500 euro wanneer de aanvrager beschikt over het certificaat « déclaration de qualité de maison passive » afgegeven overeenkomstig artikel 3 van de
wet van 27 april 2007Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
27/04/2007
pub.
10/05/2007
numac
2007003228
bron
federale overheidsdienst financien
Wet tot invoering van een belastingvermindering voor passiefhuizen
type
wet
prom.
27/04/2007
pub.
08/06/2007
numac
2007002124
bron
programmatorische federale overheidsdienst maatschappelijke integratie, armoedebestrijding en sociale economie
Wet houdende instemming met het samenwerkingsakkoord tussen de Federale Staat, de Franse Gemeenschap en het Waals Gewest betreffende het administratieve en financiële beheer van de provinciale coördinaties voor de gelijkheid van vrouwen en mannen
type
wet
prom.
27/04/2007
pub.
08/05/2007
numac
2007201507
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister en federale overheidsdienst justitie
Wet tot wijziging van de wet van 26 maart 2003 houdende oprichting van een Centraal Orgaan voor de Inbeslagneming en de Verbeurdverklaring en houdende bepalingen inzake het waardevast beheer van in beslag genomen goederen en de uitvoering van bepaalde vermogenssancties
sluiten tot invoering van een belastingvermindering voor passiefhuizen, of wanneer de eengezinswoning voldoet aan de volgende eisen : 1° de luchtdoorlatendheid van het gebouw wordt getest d.m.v. de techniek van de luchtdrukregeling per ventilator en het luchtverversingspercentage gelijk moet zijn aan n50 a) het geheel van het geïnstalleerde ventilatiesysteem voldoet aan de regelgeving van kracht op de datum van het bericht van ontvangst van de stedenbouwkundige vergunningsaanvraag;b) de warmtewisselaar heeft een minimumrendement van 85 % volgens de norm NBN EN 308;c) de installateur meet ter plaatse de debieten bij de uit- en ingang van de verschillende ventilatieopeningen om de installatie bij te stellen zoals het past;3° de jaarlijkse warmte- en koelingsvraag is kleiner dan 15 kWu/m2 per jaar berekend volgens de berekeningsmethode PHPP (Passivhaus Projektierungs Paket) 2007 of volgende;4° de oververhittingstijd van de eengezinswoning, zoals berekend volgens de berekeningsmethode PHPP 2007 of volgende, boven 25°, mag niet 5 % overschrijden. Art. 13.§ 1. Wanneer de datum van bericht van ontvangst van de stedenbouwkundige vergunningsaanvraag na 30 april 2010 valt, wordt een premie van 500 euro toegekend voor de bouw van een appartement dat voldoet aan de volgende criteria : 1° het EW-peil van het appartement is gelijk aan 70 of minder;2° het globale thermische isolatieniveau K van het gebouw is gelijk aan 35 of minder;3° de ventilatie van het appartement voldoet aan de regelgeving van kracht op de datum van het bericht van ontvangst van de stedenbouwkundige vergunningsaanvraag. § 2. Het bedrag van de premie bedoeld in § 1 wordt verhoogd met 25 euro per eenheid EW-peil onder het peil EW 70 en mag niet hoger zijn dan 1.000 euro per appartement. § 3. Het bedrag van de premie bedoeld in § 2 wordt verhoogd met 500 euro wanneer de aanvrager beschikt over het certificaat « déclaration de qualité d'appartement passif » afgegeven overeenkomstig artikel 3 van de
wet van 27 april 2007Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
27/04/2007
pub.
10/05/2007
numac
2007003228
bron
federale overheidsdienst financien
Wet tot invoering van een belastingvermindering voor passiefhuizen
type
wet
prom.
27/04/2007
pub.
08/06/2007
numac
2007002124
bron
programmatorische federale overheidsdienst maatschappelijke integratie, armoedebestrijding en sociale economie
Wet houdende instemming met het samenwerkingsakkoord tussen de Federale Staat, de Franse Gemeenschap en het Waals Gewest betreffende het administratieve en financiële beheer van de provinciale coördinaties voor de gelijkheid van vrouwen en mannen
type
wet
prom.
27/04/2007
pub.
08/05/2007
numac
2007201507
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister en federale overheidsdienst justitie
Wet tot wijziging van de wet van 26 maart 2003 houdende oprichting van een Centraal Orgaan voor de Inbeslagneming en de Verbeurdverklaring en houdende bepalingen inzake het waardevast beheer van in beslag genomen goederen en de uitvoering van bepaalde vermogenssancties
sluiten tot invoering van een belastingvermindering voor passiefhuizen, of wanneer het appartement voldoet aan de volgende eisen : 1° de luchtdoorlatendheid van het appartement wordt getest d.m.v. de techniek van de luchtdrukregeling per ventilator en het luchtverversingspercentage gelijk moet zijn aan n50 2° de jaarlijkse warmte- en koelingsvraag van het appartement is kleiner dan 15 kWu/m2 per jaar berekend volgens de berekeningsmethode PHPP (Passivhaus Projektierungs Paket) 2007 of volgende;3° de oververhittingstijd van het appartement, zoals berekend volgens de berekeningsmethode PHPP 2007 of volgende, boven 25°, mag niet 5 % overschrijden;4° het appartement is uitgerust met een ventilatie van het type « système de ventilation mécanique contrôlée D » met warmteterugwinning. Art. 14.Wanneer de datum van bericht van ontvangst van de stedenbouwkundige vergunningsaanvraag na 31 december 2009 valt, wordt een premie van 250 euro toegekend voor de uitvoering, uiterlijk bij de voorlopige oplevering van een eengezinswoning, van een luchtdoorlatendheidstest overeenkomstig de norm NBN EN 13829, aangevuld met de bijlagen 1 en 2, volgens de methode A. Onderafdeling 2. - Procedure tot indiening van de aanvraag Art. 15.§ 2. Wat betreft de premies bedoeld in artikel 10, wordt het dossier door de aanvrager aan de administratie gericht binnen een termijn van vier maanden, die ingaat, hetzij op de datum van de voorlopige oplevering van de eengezinswoning, hetzij op de datum van afgifte van het attest « Construire avec l'énergie » indien de aanvrager zich tot die actie heeft verbonden.
Dat dossier bevat : 1° het formulier dat bij de administratie verkrijgbaar is en de desbetreffende bijlagen, behoorlijk ingevuld;2° hetzij, indien de aanvrager zich tot de actie « Construire avec l'énergie » verbonden heeft, het attest opgemaakt door het Waalse Gewest in het kader van die actie;3° hetzij, indien de aanvrager niet beschikt over het attest « Construire avec l'énergie » afgegeven door het Waalse Gewest,, een attest opgemaakt door de architect, met de datum van de voorlopige oplevering van de eengezinswoning, alsook de waarde van het peil van de globale thermische isolatie K, vergezeld van de volgende documenten : a) het formulier voor de berekening van de aangegeven coëfficiënt K;b) een document met de beschrijving van alle wanden van de thermisch verliesoppervlakte van de eengezinswoning en de berekening van de coëfficiënten U (of k);c) een nota van de architect waarin het geïnstalleerde ventilatiesysteem beschreven wordt;d) een afschrift van de plannen en van de dwarsdoorsneden van de ééngezinswoning. Art. 16.Wat betreft de premies bedoeld in artikel 11, wordt het dossier door de aanvrager aan de administratie gericht binnen een termijn van vier maanden, die ingaat, hetzij op de datum van de voorlopige oplevering van de eengezinswoning, hetzij op de datum van afgifte van het attest « Construire avec l'énergie » indien de aanvrager zich tot die actie heeft verbonden, hetzij, indien de aanvrager beschikt over het certificaat « déclaration de qualité de maison passive » afgegeven overeenkomstig artikel 3 van de
wet van 27 april 2007Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
27/04/2007
pub.
10/05/2007
numac
2007003228
bron
federale overheidsdienst financien
Wet tot invoering van een belastingvermindering voor passiefhuizen
type
wet
prom.
27/04/2007
pub.
08/06/2007
numac
2007002124
bron
programmatorische federale overheidsdienst maatschappelijke integratie, armoedebestrijding en sociale economie
Wet houdende instemming met het samenwerkingsakkoord tussen de Federale Staat, de Franse Gemeenschap en het Waals Gewest betreffende het administratieve en financiële beheer van de provinciale coördinaties voor de gelijkheid van vrouwen en mannen
type
wet
prom.
27/04/2007
pub.
08/05/2007
numac
2007201507
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister en federale overheidsdienst justitie
Wet tot wijziging van de wet van 26 maart 2003 houdende oprichting van een Centraal Orgaan voor de Inbeslagneming en de Verbeurdverklaring en houdende bepalingen inzake het waardevast beheer van in beslag genomen goederen en de uitvoering van bepaalde vermogenssancties
sluiten tot invoering van een belastingvermindering voor passiefhuizen, op de datum van afgifte van dat certificaat.
Dat dossier bevat : 1° het formulier dat bij de administratie verkrijgbaar is en de desbetreffende bijlagen, behoorlijk ingevuld;2° een verslag betreffende de metingen uitgevoerd in situ door de installateur van het ventilatiesysteem, van de debieten bij de uit- en ingang van de verschillende ventilatieopeningen, waarin nader bepaald wordt met welk systeem de debieten gemeten werden; 3° hetzij, wanneer de aanvrager niet beschikt over het certificaat « déclaration de qualité de maison passive » bedoeld in het eerste lid : a) het verslag i.v.m. de luchtdoorlatendheidstest van de woning uitgevoerd overeenkomstig de norm NBN EN 13829; b) het document opgemaakt volgens de berekeningsmethode PHPP (Passivhaus Projektierungs Paket), met de gegevens die voor de berekening gediend hebben en de resultaten ervan betreffende de jaarlijkse verwarmings- en koelingsvraag van de eengezinswoning;c) hetzij, indien de aanvrager zich tot de actie « Construire avec l'énergie » verbonden heeft, het attest opgemaakt door het Waalse Gewest in het kader van die actie;d) hetzij, indien de aanvrager niet beschikt over het door het Waalse Gewest afgegeven attest « Construire avec l'énergie », een afschrift van de plannen van alle niveaus en van de dwarsdoorsneden van de ééngezinswoning;4° hetzij, wanneer de aanvrager beschikt over het certificaat « déclaration de qualité de maison passive » bedoeld in het eerste lid, dat certificaat. Alle hierboven opgesomde gegevens worden vastgelegd overeenkomstig de regelgeving van kracht op de datum van het bericht van ontvangst van de stedenbouwkundige vergunningsaanvraag. Art. 17.§ 1. Wat betreft de premies bedoeld in artikel 12, wordt het dossier door de aanvrager aan de administratie gericht binnen een termijn van vier maanden, die ingaat op de datum van de EPB-slotaangifte.
Dat dossier bevat : 1° het formulier dat bij de administratie verkrijgbaar is en de desbetreffende bijlagen, behoorlijk ingevuld;2° de EPB-slotaangifte;3° een afschrift van de plannen van elk niveau, van de dwarsdoorsneden en van de gevels van de ééngezinswoning. § 2. Wanneer de aanvrager verzoekt om de premieverhoging bedoeld in artikel 12, § 3, bevat het in § 1 bedoelde dossier ook : 1° een verslag betreffende de metingen uitgevoerd in situ door de installateur van het ventilatiesysteem, van de debieten bij de uit- en ingang van de verschillende ventilatieopeningen, waarin nader bepaald wordt met welk systeem de debieten gemeten werden; 2° hetzij, wanneer de aanvrager niet beschikt over het certificaat « déclaration de qualité de maison passive » bedoeld in artikel 12, § 3 : a) het verslag i.v.m. de luchtdoorlatendheidstest van de woning uitgevoerd overeenkomstig de norm NBN EN 13829, aangevuld met de bijlagen 1 en 2, volgens de methode A; b) het document opgemaakt volgens de berekeningsmethode PHPP (Passivhaus Projektierungs Paket) 2007 of volgende, met de gegevens die voor de berekening gediend hebben en de resultaten ervan betreffende de jaarlijkse verwarmings- en koelingsvraag van de eengezinswoning, alsook de overhittingstijd;c) de berekeningen van de eventuele thermische bruggen, volgens de berekeningsmethode PHPP 2007 of volgende;d) een vestigingsplan met de oriëntatie van het gebouw, alsook de in aanmerking genomen lommer;3° hetzij, wanneer de aanvrager beschikt over het certificaat « déclaration de qualité de maison passive » bedoeld in artikel 12, § 3, dat certificaat : § 3.Wat betreft de premies bedoeld in artikel 13, wordt het dossier door de aanvrager aan de administratie gericht binnen een termijn van vier maanden, die ingaat op de datum van de EPB-slotaangifte.
Dat dossier bevat : 1° het formulier dat bij de administratie verkrijgbaar is en de desbetreffende bijlagen, behoorlijk ingevuld;2° de EPB-slotaangifte;3° een afschrift van de plannen van elk niveau, van de dwarsdoorsneden en van de gevels van het appartement. § 4. Wanneer de aanvrager verzoekt om de premieverhoging bedoeld in artikel 13, § 3, bevat het in § 3 bedoelde dossier ook : 1° een verslag betreffende de metingen uitgevoerd in situ door de installateur van het ventilatiesysteem van het apparterment, van de debieten bij de uit- en ingang van de verschillende ventilatieopeningen, waarin nader bepaald wordt met welk systeem de debieten gemeten werden; 2° hetzij, wanneer de aanvrager niet beschikt over het certificaat « déclaration de qualité de maison passive » bedoeld in artikel 13, § 3 : a) het verslag i.v.m. de luchtdoorlatendheidstest van de woning uitgevoerd overeenkomstig de norm NBN EN 13829, aangevuld met de bijlagen 1 en 2; b) het document opgemaakt volgens de berekeningsmethode PHPP (Passivhaus Projektierungs Paket) 2007 of volgende, met de gegevens die voor de berekening gediend hebben en de resultaten ervan betreffende de jaarlijkse verwarmings- en koelingsvraag van het appartement, alsook de overhittingstijd;c) de berekeningen van de eventuele thermische bruggen, volgens de berekeningsmethode PHPP 2007 of volgende;d) een vestigingsplan met de oriëntatie van het gebouw, alsook de in aanmerking genomen lommer;3° hetzij, wanneer de aanvrager beschikt over het certificaat « déclaration de qualité d'appartement passif » bedoeld in artikel 13, § 3, dat certificaat. Art. 18.Wat betreft de premies bedoeld in artikel 14, wordt het dossier door de aanvrager aan de administratie gericht binnen een termijn van vier maanden, die ingaat op de datum van de slotfactuur.
Dat dossier bevat : 1° het formulier dat bij de administratie verkrijgbaar is en de desbetreffende bijlagen, behoorlijk ingevuld;2° het testverslag bedoeld onder punt 7 van bijlage 1. HOOFDSTUK III. - Verwarmingsinstallaties Afdeling 1. - Investeringen in alle gebouwen
Art. 19.De toestellen bedoeld in dit hoofdstuk zijn bestemd voor de verwarming van de gebouwen waarin ze geïnstalleerd worden.
Het vermogen van de installaties wordt gerechtvaardigd door de verwarmingsbehoeften van de gebouwen.
Onderafdeling 1. - In aanmerking komende investeringen Art. 20.§ 1. Voor elk gebouw, met uitzondering van de eengezinswoningen en de appartementen waarvan de datum van bericht van ontvangst betreffende de stedenbouwkundige vergunningsaanvraag na 30 april 2010 valt, wordt een premie van 400 euro toegekend voor de installatie van een aardgasverwarmingsketel, enkele of dubbele dienst, laagtemperatuur met de label CE, overeenkomstig het
koninklijk besluit van 18 maart 1997Relevante gevonden documenten
type
koninklijk besluit
prom.
18/03/1997
pub.
20/06/1997
numac
1997011136
bron
ministerie van economische zaken
Koninklijk besluit betreffende de rendementseisen voor nieuwe olie- en gasgestookte centrale-verwarmingsketels
sluiten betreffende de rendementseisen voor nieuwe olie- en gasgestookte centrale-verwarmingsketels of het koninklijk besluit van 11 maart 1988 betreffende de vereisten inzake rationeel energieverbruik die van toepassing zijn op de warmtegeneratoren, of van een dichte luchtgenerator.
Deze toestellen zijn voorzien van het merkteken CE Belgique en functioneren op aardgas, categorieën I2E+, I2E(S)B, I2E(R)B, I2E(S) of I2E(R).
De gasgestookte centrale verwarmingsketel heeft een minimumrendement in geval van deellast van 107 % t.o.v. het lager warmtevermogen van het aardgas, waarbij dat rendement berekend wordt overeenkomstig de voorwaarden bepaald bij het
koninklijk besluit van 18 maart 1997Relevante gevonden documenten
type
koninklijk besluit
prom.
18/03/1997
pub.
20/06/1997
numac
1997011136
bron
ministerie van economische zaken
Koninklijk besluit betreffende de rendementseisen voor nieuwe olie- en gasgestookte centrale-verwarmingsketels
sluiten, met name 30 % van het nominaal vermogen met een temperatuur van terugvloeiend water van 30 °C. De verwarmingsketel of de warmeluchtgenerator voldoet aan het koninklijk besluit van 17 januari 2009 tot regeling van de stikstofoxides (NOX) en koolmonoxide (CO)-emissieniveaus voor de olie- en gasgestookte centrale verwarmingsketels en branders, met een nominaal thermisch vermogen van 400 kW of minder. § 2. Het bedrag van de premie bedoeld in § 1 wordt verhoogd en berekend als volgt : 1° als het vermogen gelijk is aan 150 kW of minder, wordt dat bedrag verhoogd met 25 euro per kW boven 50 kW; 2° als het vermogen hoger is dan 150 kW en gelijk aan 500 kW of minder, bedraagt de premie 2.900 euro, vermeerderd met 12 euro per kW boven 150 kW; 3° als het vermogen hoger is dan 500 kW, bedraagt de premie 7.100 euro, vermeerderd met 6 euro per kW boven 500 KW. Als verschillende verwarmingsketels op hetzelfde verwarmingscircuit aangesloten zijn, wordt één enkele premie toegekend. Het bedrag van de premie wordt berekend naar gelang van het gecumuleerde vermogen. § 3. Het bedrag van de premie bedoeld in § 2 wordt eveneens met 200 euro verhoogd wanneer bedoeld gebouw het voorwerp is geweest van een energieaudit uitgevoerd overeenkomstig de procedure vermeld in artikel 35 en waarvan de factuurdatum met niet meer dan drie maanden de datum van de slotfactuur betreffende de installatie mag overschrijden. § 4. Het bedrag van de premie bedoeld in § 2 wordt ook met 50 euro verhoogd voor de installatie en de aansluiting van het warmteregelingssysteem van de verwarmingsketel op een externe sonde of voor de installatie van elk ander systeem waarmee de warmteregeling van de verwarminsgketel functioneel gemaakt wordt. § 5. Het premiebedrag mag niet hoger zijn dan 12.500 euro per installatie. § 6. De installaties bedoeld in de §§ 1 tot 4 worden door een geregistreerde aannemer uitgevoerd. Indien deze aannemer niet over de aardgasvergunning beschikt (label CERGA), worden de installaties in ontvangst genomen en gecontroleerd door een instelling die geaccrediteerd is voor de controle op de binneninstallaties op aardgas. § 7. In afwijking van § 6, mogen de industriële installaties die aardgas gebruiken, volgens de regels van de kunst door de aanvrager uitgevoerd worden. Art. 21.§ 1. Er wordt een premie toegekend bij de installatie van een biomassa verwarmingsketel met uitsluitend automatische voeding die voldoet aan de norm NBN EN 303-5, en waarvan het rendement, berekend volgens deze norm, hoger is dan 80 %.
Het bedrag van de premie wordt berekend als volgt : 1° als het vermogen gelijk is aan 50 kW of meer : bedraagt de premie 1.750 euro, verhoogd met 35 euro per kW tussen 50 en 100 kW; 2° als het vermogen hoger is dan 100 kW, bedraagt de premie 3.500 euro, verhoogd met 18 euro per kW tussen 100 en 500 kW; 3° als het vermogen hoger is dan 500 kW : bedraagt de premie 10.700 euro, verhoogd met 8 euro per kW boven 500 kW. Het premiebedrag wordt beperkt tot 50 % van het factuurbedrag en mag niet hoger zijn dan 15.000 euro per installatie.
Als verschillende verwarmingsketels op hetzelfde verwarmingscircuit aangesloten zijn, wordt één enkele premie toegekend. Het bedrag van de premie wordt berekend naar gelang van het gecumuleerde vermogen. § 2. In de zin van dit decreet wordt verstaan onder : 1° biomassa : hernieuwbare plantaardige grondstoffen;2° uitsluitend automatische voeding : voedingssysteem dat nauwgezet voldoet aan de automatische voedingscriteria omschreven in de normen NBN EN 303-5. § 3. De installaties bedoeld in § 1 worden door een geregistreerde aannemer uitgevoerd. Art. 22.§ 1. Er wordt een premie toegekend voor de installatie van aërothermen, warmeluchtgeneratoren met condensatie en stralingstoestellen.
Het bedrag van de premie wordt berekend als volgt : 1° waterdichte aërothermen : 12,5 euro per kW;2° aërothermen met condensatie : 25 euro per kW;3° warmeluchtgeneratoren met condensatie : 25 euro per kW;4° stralingstoestel van klasse 2, stralingspercentage tussen 50 en 60 % : 15 euro per kW;5° stralingstoestel van klasse 2, stralingspercentage tussen 60 en 70 % : 20 euro per kW;6° stralingstoestel van klasse 2, stralingspercentage van 70 % of meer : 25 euro per kW; Het premiebedrag wordt beperkt tot : 1° 6.250 euro voor waterdichte aërothermen; 2° 12.500 euro aërothermen met condensatie; 3° 7.500 euro voor stralingstoestellen van klasse 2, stralingspercentage tussen 50 en 60 %; 4° 10.000 euro voor stralingstoestellen van klasse 2, stralingspercentage tussen 60 en 70 %; 5° 12.500 euro voor stralingstoestellen van klasse 2, stralingspercentage van 70 % of meer.
Het premiebedrag mag niet hoger zijn dan 12.500 euro per gebouw. § 2. De rendementsvoet van de toestellen bedoeld in §1 wordt bevestigd door een onafhankelijk laboratorium dat volgens de norm NBN EN ISO 17025 erkend is om controles uit te voeren overeenkomstig de Europese normen van toepassing op bedoelde gastoestellen. Deze toestellen werken op aardgas (categorieën I2E+, I2E(S)B, I2E(R)B, I2E(S) of I2E(R) indien toepasselijk) en zijn voorzien van het merkteken CE Belgique indien het toepasselijk is. § 3. De installaties bedoeld in § 1 worden door een geregistreerde aannemer uitgevoerd. Indien deze aannemer niet over de aardgasvergunning beschikt (label CERGA), worden de installaties in ontvangst genomen en gecontroleerd door een instelling die geaccrediteerd is voor de controle op de binneninstallaties op aardgas. § 4. In afwijking van § 3 kunnen de installaties bedoeld in §1 door de aanvrager volgens de regels van de kunst uitgevoerd worden als het gaat om industriële installaties die aardgas gebruiken.
Onderafdeling 2. - In aanmerking komende investeringen inzake sanitair warmwater Art. 23.§ 1. Voor elk gebouw, met uitzondering van de eengezinswoningen en de appartementen waarvan de datum van bericht van ontvangst betreffende de stedenbouwkundige vergunningsaanvraag na 30 april 2010 valt, wordt een premie toegekend voor de installatie van een aardgasboiler voor ogenblikkelijk warmwater zonder waakvlam, met modulerende vlam en met dubbele flux. De boiler is ingedeeld in de categorie I2E+ en voorzien van de label CE Belgique.
De premie bedraagt 75 euro voor de installaties met een nominaal debiet van maximum 10 liter per minuut en 125 euro voor de installaties met een nominaal debiet boven 10 liter per minuut. § 2. Voor elk gebouw, met uitzondering van de eengezinswoningen en de appartementen waarvan de datum van bericht van ontvangst betreffende de stedenbouwkundige vergunningsaanvraag na 30 april 2010 valt, wordt een premie toegekend voor de installatie van een warmeluchtgenerator met condensatie op aardgas (categorie I2E+, I2E(S)B, I2E(R)B, I2E(S) of I2E(R) indien toepasselijk), met de label CE Belgique..
De premie bedraagt 25 euro per kW en mag niet hoger zijn dan 12.500 euro per installatie. § 3. De installaties bedoeld in de §§ 1 en 2 worden door een geregistreerde aannemer uitgevoerd. Indien die aannemer niet over de aardgasvergunning beschikt (label CERGA), worden de installaties in ontvangst genomen en gecontroleerd door een instelling die geaccrediteerd is voor de controle op de binneninstallaties op aardgas. § 4. In afwijking van § 3 kunnen de installaties bedoeld in de §§1 en 2 door de aanvrager volgens de regels van de kunst uitgevoerd worden als het gaat om industriële installaties die aardgas gebruiken. Art. 24.Voor elk gebouw, met uitzondering van de eengezinswoningen en de appartementen waarvan de datum van bericht van ontvangst betreffende de stedenbouwkundige vergunningsaanvraag na 30 april 2010 valt, wordt een premie van 750 euro toegekend voor de installatie, door een geregistreerde aannemer, van een warmtepomp voor de productie van sanitair warmwater die voldoet aan de criteria bedoeld in bijlage 3.
Onderafdeling 3. - Procedure tot indiening van de aanvraag Art. 25.Wat betreft de premies bedoeld in de artikelen 20, 22 en 23, wordt het dossier door de aanvrager aan de gasdistributienetbeheerder gericht binnen een termijn van vier maanden, die ingaat op de factuurdatum. § 1. Wat betreft de premies bedoeld in de artikelen 20 en 23, bevat het dossier : 1° het formulier dat verkrijgbaar is bij de administratie of de gasdistributienetbeheerder en de desbetreffende bijlagen, behoorlijk ingevuld;2° het originele of een afschrift van de factuur voor de verrichte investeringen en prestaties;3° één van de volgende documenten : hetzij een afschrift van het door de bevoegde installateur opgestelde conformiteitsattest van de installatie, vergezeld van een afschrift van zijn bevoegdheidscertificaat of van een afschrift van het proces-verbaal van oplevering van de installatie door de controle-instelling geaccrediteerd om controle te voeren op aardgasinstallaties, hetzij, als het gaat om industriële installaties die aardgas gebruiken, een verklaring op erewoord waaruit blijkt dat ze volgens de regels van de kunst zijn verwezenlijkt;4° wanneer een premieverhoging krachtens artikel 20, § 3, aangevraagd wordt, een afschrift van de energie-audit uitgevoerd overeenkomstig de procedure bedoeld in artikel 35; 5° wanneer een premieverhoging krachtens artikel 20, § 4, aangevraagd wordt, een afschrift van de aannemer i.v.m. de effectieve werking van het warmteregelingssysteem. § 2. Wat betreft de premie bedoeld in artikel 22, bevat het dossier : 1° het formulier dat verkrijgbaar is bij de gasdistributienetbeheerder of de administratie en de desbetreffende bijlagen, behoorlijk ingevuld;2° het originele of een afschrift van de factuur voor de verrichte investeringen of prestaties;de technische kenmerken van de toestellen worden vermeld op de factuur, of, bij gebreke daarvan, op een nota van de verkoper die erbij gevoegd is, zodat kan worden nagegaan of de technische criteria in acht genomen worden; 3° één van de volgende documenten : hetzij een afschrift van het door de bevoegde installateur opgestelde conformiteitsattest van de installatie, vergezeld van een afschrift van zijn bevoegdheidscertificaat of van een afschrift van het proces-verbaal van oplevering van de installatie door de controle-instelling geaccrediteerd om controle te voeren op aardgasinstallaties, hetzij, als het gaat om industriële installaties die aardgas gebruiken, een verklaring op erewoord waaruit blijkt dat ze volgens de regels van de kunst zijn verwezenlijkt. Art. 26.Wat betreft de premies bedoeld in de artikelen 21 en 24, wordt het dossier door de aanvrager aan de administratie gericht binnen een termijn van vier maanden, die ingaat op de datum van de slotfactuur.
Dat dossier bevat : 1° het formulier dat bij de administratie verkrijgbaar is en de desbetreffende bijlagen, behoorlijk ingevuld;2° het originele of een afschrift van de factuur voor de verrichte investeringen en prestaties;3° Wat betreft de premie bedoeld in artikel 24 : a) hetzij het verslag betreffende de test uitgevoerd door een laboratorium dat voldoet aan de algemene eisen bepaald bij de norm NBN EN ISO/IEC 17025 : 2005 voor de uitvoering van tests op warmtepompen volgens de norm NBN EN 255-3 van kracht bij de uitvoering van de test;b) hetzij, bij gebrek aan dergelijk laboratorium in het land waar de fabrikant gevestigd is, een testverslag volgens de norm NBN EN 255-3 van kracht bij de uitvoering van de test, uitgevoerd door een laboratorium dat voldoet aan de algemene eisen bepaald bij de norm NBN EN ISO/IEC 17025 : 2005 voor de uitvoering van tests op andere toepassingen. Afdeling 2. - Investeringen die enkel voor de woning bestemd zijn
Onderafdeling 1. - In aanmerking komende investeringen Art. 27.§ 1. Voor elke woning, met uitzondering van de eengezinswoningen en de appartementen waarvan de datum van bericht van ontvangst betreffende de stedenbouwkundige vergunningsaanvraag na 30 april 2010 valt, wordt een premie van 1.500 euro toegekend bij de installatie van een warmtepomp die aan de in bijlage 3 bedoelde criteria voldoet voor de verwarming van een woning die voldoet aan de verluchtingscriteria overeenkomstig de wetgeving van kracht op de datum van het bericht van ontvangst van de laatste stedenbouwkundige vergunningsaanvraag. De woning heeft een globale thermische isolatieniveau K van 45 of minder of beschikt over het attest « Construire avec l'énergie ».
De reversibele warmtepompen voor de koeling van de woningen komen niet in aanmerking voor de premie. Bovendien mag de woning niet met een elektrisch verwarmingssysteem uitgerust zijn, behalve voor de exclusieve verwarming van de badkamers of douches. § 2. Per wooneenheid worden de premies beperkt, hetzij tot de installatie van een warmtepomp voor verwarming en van een warmtepomp voor de productie van sanitair warmwater, hetzij tot de installatie van een gecombineerde warmtepomp. § 3. De installatie wordt door een geregistreerde aannemer uitgevoerd. Art. 28.§ 1. Voor elke woning, met uitzondering van de eengezinswoningen en de ap …
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.