← België

Programmawet

Kort samengevat

Deze wet, de Programmawet van 28 juni 2013, wijzigt diverse bepalingen met betrekking tot inkomstenbelastingen en accijnzen, voornamelijk gericht op fiscale stimulansen voor kapitaalinbrengen en aanpassingen in de belasting van dividenden.

Wat het regelt

Wie het aanbelangt

Kernpunten

📄 Wettekst
28 JUNI 2013. - Programmawet (1) ALBERT II, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. De Kamers hebben aangenomen en Wij bekrachtigen hetgeen volgt : TITEL 1. - Algemene bepaling Artikel 1.Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 78 van de Grondwet. TITEL 2. - Financiën HOOFDSTUK 1. - Inkomstenbelastingen Art. 2.In artikel 38, § 1, eerste lid, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, wordt de bepaling onder 21°, ingevoegd bij de programmawet van 27 december 2004Relevante gevonden documenten type wet prom. 23/03/1998 pub. 30/04/1998 numac 1998016042 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van een Begrotingsfonds voor de gezondheid en de kwaliteit van de dieren en de dierlijke producten sluiten3, vervangen als volgt : "21° de forfaitaire vergoedingen, met betrekking tot ten hoogste vijf, tijdens het belastbaar tijdperk, uitgeoefende voogdijopdrachten, die zijn verkregen door voogden die door de dienst Voogdij van de Federale Overheidsdienst Justitie zijn aangewezen teneinde de vertegenwoordiging van niet-begeleide minderjarige vreemdelingen te verzekeren;". Art. 3.In artikel 171 van hetzelfde Wetboek, laatstelijk gewijzigd bij de programma wet van 27 december 2012Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/12/1998 pub. 05/01/1999 numac 1998021488 bron diensten van de eerste minister Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003674 bron ministerie van financien Wet houdende zevende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », en 18 - « Ministerie van Financiën » type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003673 bron ministerie van financien Wet houdende tiende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », 18 - « Ministerie van Financiën » en 19 - « Ministerie van Ambtenarenzaken » sluiten8, worden de volgende wijzigingen aangebracht : a) de bepaling onder 2°, f, wordt opgeheven; b) er wordt een bepaling onder 3°sexies ingevoegd, luidende : "3°sexies tegen een aanslagvoet van 20 of 15 pct., de in artikel 269, § 2, bedoelde dividenden, naargelang ze zijn verleend of toegekend uit de winstverdeling van het tweede boekjaar na dat van de inbreng of later;". Art. 4.In artikel 205ter, § 1, tweede lid, b, van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 22 juni 2005Relevante gevonden documenten type wet prom. 10/04/1971 pub. 11/06/1998 numac 1998000213 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidsongevallenwet - Duitse vertaling sluiten0, worden de woorden "van beleggingsvennootschappen" opgeheven. Art. 5.In artikel 269 van hetzelfde Wetboek, vervangen bij de programma wet van 27 december 2012Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/12/1998 pub. 05/01/1999 numac 1998021488 bron diensten van de eerste minister Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003674 bron ministerie van financien Wet houdende zevende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », en 18 - « Ministerie van Financiën » type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003673 bron ministerie van financien Wet houdende tiende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », 18 - « Ministerie van Financiën » en 19 - « Ministerie van Ambtenarenzaken » sluiten8, worden de volgende wijzigingen aangebracht : a) de bepaling onder 5° wordt opgeheven;b) het artikel, waarvan de bestaande tekst § 1 zal vormen, wordt aangevuld met een § 2, luidende : " § 2.In afwijking van § 1, 1°, wordt het tarief van de roerende voorheffing op de dividenden, met uitzondering van de in artikel 18, eerste lid, 2°ter, bedoelde dividenden, verlaagd in zoverre dat : 1° de vennootschap die deze dividenden uitkeert, een vennootschap is die op grond van de voorwaarden vermeld in artikel 15 van het Wetboek van vennootschappen, als kleine vennootschap wordt aangemerkt voor het aanslagjaar dat verbonden is aan het belastbare tijdperk waarin de kapitaalinbreng is gedaan;2° die dividenden voortkomen uit nieuwe aandelen op naam;3° die aandelen verworven zijn met nieuwe inbrengen in geld;4° deze inbrengen in geld niet voortkomen uit de verdeling van belaste reserves die overeenkomstig artikel 537, eerste lid, worden onderworpen aan een verlaagde roerende voorheffing zoals bedoeld in datzelfde lid;5° deze inbrengen zijn gedaan vanaf 1 juli 2013;6° de belastingplichtige deze aandelen op naam ononderbroken in volle eigendom heeft behouden vanaf de kapitaalinbreng;7° deze dividenden zijn verleend of toegekend uit de winstverdeling voor het tweede boekjaar of volgende na dat van de inbreng. De roerende voorheffing bedraagt : 1° 20 pct.voor de dividenden verleend of toegekend uit de winstverdeling van het tweede boekjaar na dat van de inbreng; 2° 15 pct.voor de dividenden verleend of toegekend uit de winstverdeling voor het derde boekjaar en volgende na dat van de inbreng. De vennootschappen zonder minimaal maatschappelijk kapitaal worden uitgesloten van het voordeel van de maatregel, tenzij na de inbreng van het nieuw kapitaal het maatschappelijk kapitaal van die vennootschap minstens gelijk is aan het minimaal maatschappelijk kapitaal van een BVBA, als bedoeld in artikel 214, § 1, van het Wetboek van vennootschappen. De overdracht, in rechte lijn of tussen echtgenoten, van de aandelen ingevolge een erfopvolging of schenking wordt geacht niet te hebben plaatsgehad voor de toepassing van de in het eerste lid, 6°, vermelde voorwaarde inzake het ononderbroken behoud. De overdracht, in rechte lijn of tussen echtgenoten, van de aandelen wordt evenmin geacht te hebben plaatsgehad voor de toepassing van de voorwaarde van volle eigendom wanneer die overdracht het gevolg is van : 1) een wettelijke erfopvolging of een erfopvolging op een wijze die gelijkaardig is aan de wettelijke erfvolging;2) een ascendentenverdeling die geen afbreuk doet aan het vruchtgebruik van de langstlevende echtgenoot. De erfgenamen of begiftigden nemen de plaats in van de belastingplichtige inzake de voordelen en verplichtingen van de maatregel. De omruiling van aandelen ingevolge verrichtingen als vermeld in artikel 45 of de vervreemding of verkrijging van aandelen ingevolge belastingneutrale verrichtingen als vermeld in de artikelen 46, § 1, eerste lid, 2°, 211, 214, § 1, en 231, §§ 2 en 3, worden geacht niet te hebben plaatsgevonden voor de toepassing van het eerste lid, 6°. De verhogingen van het maatschappelijk kapitaal die tot stand komen na een vermindering van het kapitaal georganiseerd vanaf 1 mei 2013 komen niet in aanmerking voor het toekennen van het verlaagd tarief, behalve in de mate waarin de verhoging van het maatschappelijk kapitaal de vermindering overstijgt, onverminderd de toepassing van het derde lid. De sommen die voortkomen uit een vanaf 1 mei 2013 georganiseerde vermindering van het kapitaal van een vennootschap verbonden of geassocieerd met een persoon in de zin van de artikelen 11 en 12 van het Wetboek van vennootschappen, en die door deze persoon worden geïnvesteerd in een verhoging van het kapitaal van een andere vennootschap kunnen niet genieten van het voormeld verlaagd tarief. Voor de toepassing van het vorig lid wordt onder "persoon" ook begrepen zijn echtgenoot, zijn ouders en zijn kinderen wanneer deze persoon of zijn echtgenoot het wettelijk genot van hun inkomsten hebben. Als de vennootschap, die haar maatschappelijk kapitaal verhoogd heeft in het kader van deze maatregel, later overgaat tot verminderingen van dat maatschappelijk kapitaal, zullen deze verminderingen prioritair worden afgehouden van de nieuwe kapitalen. De onderschreven sommen betreffende de verhoging van het maatschappelijk kapitaal moeten volledig volstort zijn en er mogen bij die gelegenheid geen preferente aandelen worden gecreëerd.". Art. 6.In titel X van hetzelfde Wetboek, wordt een artikel 537 ingevoegd, luidende : "Art. 537.In afwijking van de artikelen 171, 3°, en 269, § 1, 1°, wordt het tarief van de personenbelasting, respectievelijk de roerende voorheffing vastgesteld op 10 pct. voor de dividenden die overeenkomen met de vermindering van de belaste reserves zoals deze ten laatste op 31 maart 2013 zijn goedgekeurd door de Algemene Vergadering op voorwaarde dat en in de mate dat minstens het verkregen bedrag onmiddellijk wordt opgenomen in het kapitaal en dat deze opneming plaatsvindt tijdens het laatste belastbaar tijdperk dat afsluit voor 1 oktober 2014. De uitgekeerde dividenden die aan deze voorwaarden voldoen, komen niet in aanmerking voor de berekening van de grens als bedoeld in artikel 215, derde lid, 3°. Wanneer de vennootschap een positief boekhoudkundig resultaat heeft behaald tijdens het belastbare tijdperk waarin een in het eerste lid bedoelde verrichting heeft plaats gehad, naar gelang het geval in 2013 of in 2014, en wanneer er door de algemene vergadering gedecreteerde dividenden zijn verleend of toegekend in de loop van minstens één van de vijf belastbare tijdperken voorafgaand aan deze verrichting, wordt een afzonderlijke aanslag gevestigd op het positieve verschil tussen : 1° het product : - van het boekhoudkundig resultaat van het belastbare tijdperk waarin de verrichting heeft plaatsgevonden en - van de verhouding tussen de som van de dividenden verleend of toegekend in de loop van de vijf voorafgaande belastbare tijdperken en de som van de resultaten van deze belastbare tijdperken; en 2° de dividenden die effectief zijn verleend of toegekend aan de aandeelhouders als winst van het belastbare tijdperk waarin de hierboven vermelde verrichting heeft plaatsgevonden. Deze aanslag is gelijk aan 15 pct. van het verschil berekend op basis van de hierboven beschreven formule en wordt niet beschouwd als een beroepskost. Bij een latere kapitaalvermindering wordt die geacht eerst uit de volgens dit regime ingebrachte kapitalen voort te komen. Wanneer deze kapitaalvermindering volgens dit regime tot stand komt binnen acht jaar na de laatste inbreng in kapitaal, wordt zij in afwijking van artikel 18, eerste lid, 2°, beschouwd als een dividend. Het tarief van de personenbelasting en van de roerende voorheffing bedraagt, voor de verleende of toegekende dividenden : 1° tijdens de eerste vier jaar volgend op de inbreng, 15 pct.; 2° tijdens het vijfde en zesde jaar volgend op de inbreng, 10 pct.; 3° tijdens het zevende en achtste jaar volgend op de inbreng, 5 pct. In afwijking van het vorige lid wordt de voormelde termijn, voor de vennootschappen die op grond van artikel 15 van het Wetboek van vennootschappen als kleine vennootschappen worden aangemerkt voor het aanslagjaar dat verbonden is aan het belastbare tijdperk waarin de kapitaalinbreng is gedaan, op vier jaar gebracht en het tarief van de personenbelasting, respectievelijk de roerende voorheffing, bedraagt voor de verleende of toegekende dividenden : 1° tijdens de eerste twee jaar volgend op de inbreng, 15 pct.; 2° tijdens het derde jaar volgend op de inbreng, 10 pct.; 3° tijdens het vierde jaar volgend op de inbreng, 5 pct.". Art. 7.De artikelen 2 en 4 zijn van toepassing vanaf aanslagjaar 2014. De artikelen 3b en 5b zijn van toepassing op de inbrengen gedaan vanaf 1 juli 2013. Artikel 6 treedt in werking vanaf 1 juli 2013 en kan slechts toegepast worden op de inbrengen die tot stand zijn gekomen in het boekjaar dat afgesloten wordt vóór 1 oktober 2014. De artikelen 3a en 5a treden in werking op 1 oktober 2014. Elke wijziging die vanaf 1 mei 2013 aan de datum van afsluiting van de jaarrekening wordt aangebracht, is zonder uitwerking voor de toepassing van de artikelen 3b, 4, 5 b, en 6. HOOFDSTUK 2. - Accijnzen Art. 8.Artikel 1bis van de wet van 3 april 1997Relevante gevonden documenten type wet prom. 03/04/1997 pub. 14/11/1997 numac 1997015109 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende instemming met de Partnerschaps- en Samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Gemeenschappen en hun Lid-Staten, enerzijds, en Oekraïne, anderzijds, de Bijlagen I tot V, het Protocol, de Slotakte en de Verklaringen, gedaan te Luxemburg op 14 juni 1994 type wet prom. 03/04/1997 pub. 11/10/2012 numac 2011015137 bron federale overheidsdienst buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende instemming met het Verdrag nr. 168 betreffende de bevordering van de werkgelegenheid en de bescherming tegen werkloosheid, aangenomen te Genève op 21 juni 1988 door de Internationale Arbeidsconferentie tijdens haar vijfenzeventigste zitting (2) type wet prom. 03/04/1997 pub. 13/12/1997 numac 1997015121 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende instemming met het Verdrag nr. 171 betreffende nachtarbeid, aangenomen te Genève op 26 juni 1990 door de Internationale Arbeidsconferentie tijdens haar zevenenzeventigste zitting type wet prom. 03/04/1997 pub. 05/03/1998 numac 1997015211 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende instemming met de Overeenkomst betreffende de afgifte van meertalige uittreksels uit akten van de burgerlijke stand, en Bijlagen, gedaan te Wenen op 8 september 1976, en het Aanvullend Protocol bij de Overeenkomst inzake internationale uitwisseling van gegevens op het gebied van de burgerlijke stand, ondertekend te Istanbul op 4 september 1958, en Bijlage, gedaan te Patras op 6 september 1989 type wet prom. 03/04/1997 pub. 06/06/1997 numac 1997000208 bron ministerie van binnenlandse zaken en ministerie van justitie Wet tot wijziging van de nieuwe gemeentewet, de wet van 2 december 1957 op de rijkswacht en de wet van 27 december 1973 betreffende het statuut van het personeel van het operationeel korps van de rijkswacht type wet prom. 03/04/1997 pub. 25/06/1997 numac 1997009353 bron ministerie van justitie Wet betreffende de wedden van titularissen van sommige openbare ambten type wet prom. 03/04/1997 pub. 07/02/2014 numac 2014000085 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet houdende instemming met het Verdrag nr. 168 betreffende de bevordering van de werkgelegenheid en de bescherming tegen werkloosheid, aangenomen te Genève op 21 juni 1988 door de Internationale Arbeidsconferentie tijdens haar vijfenzeventigste zitting. - Duitse vertaling sluiten betreffende het fiscaal stelsel van gefabriceerde tabak, vervangen bij de wet van 29 december 2010, wordt vervangen als volgt : "Art. 1bis.In deze wet en in de ter uitvoering ervan getroffen maatregelen, wordt verstaan onder : - marktdeelnemer : iedere natuurlijke of rechtspersoon die tabaksfabricaten in verbruik stelt in België in zijn hoedanigheid van erkend entrepothouder; - afnemer : iedere natuurlijke of rechtspersoon aan wie een marktdeelnemer tabaksfabricaten verkoopt en levert. De marktdeelnemer die tabaksfabricaten rechtstreeks verkoopt en levert aan consumenten wordt voor deze verkoopsactiviteiten eveneens aangemerkt als afnemer; - fiscaal kenteken : het fiscaal bandje en de fiscale sluitzegel die naargelang het geval worden geleverd door de Belgische of Luxemburgse Staat om te worden aangebracht op tabaksfabricaten.". Art. 9.In artikel 3 van dezelfde wet, vervangen bij de wet van 4 mei 1999Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/05/1999 pub. 29/10/1999 numac 1999003334 bron ministerie van financien Wet tot wijziging van de wet van 31 december 1983 tot hervorming van de instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap sluiten en gewijzigd bij het koninklijk besluit van 29 december 2010 en de wetten van 29 december 2010, 7 november 2011 en 27 december 2012, wordt § 6 vervangen als volgt : " § 6. De Koning bepaalt wat onder kleinhandelsprijs moet worden verstaan. Met verwijzing naar de elementen van de kleinhandelsprijs van elk van de bij deze wet gedefinieerde producten behorende tot de prijsklasse die overeenstemt met de meest gevraagde prijsklasse, kan Hij eveneens de berekeningswijze bepalen voor de fictieve kleinhandelsprijs van de overeenkomstige tabaksfabricaten die hier te lande worden in verbruik gesteld zonder het voorwerp uit te maken van een handel. Bij de inverbruikstelling van tabaksfabricaten kunnen enkel de fiscale kentekens opgenomen in de tabel der fiscale kentekens waarvan sprake in artikel 10 die geldt op de datum van de inverbruikstelling en overeenkomstig de uitvoeringsmaatregelen van dit artikel, worden gebruikt. Voor de categorieën van tabaksfabricaten en de fiscale kentekens die Hij bepaalt, kan de Koning de duur van de periode bepalen gedurende dewelke, in geval van een wijziging van de fiscaliteit of van de minimumfiscaliteit of van het verdwijnen van een prijsklasse, de tabaksfabricaten bekleed met fiscale kentekens en in verbruik gesteld voor deze wijziging of verdwijning nog kunnen worden verkocht en geleverd door de martktdeelnemers en de afnemers. Voor de categorieën van tabaksfabricaten en de fiscale kentekens die Hij bepaalt, kan de Koning eveneens de duur van de periode bepalen gedurende dewelke, in geval van opheffing van een soort van verpakking, tabaksfabricaten bekleed met fiscale kentekens en in verbruik gesteld voor deze opheffing nog kunnen worden verkocht en geleverd door de marktdeelnemers en de afnemers. De Koning kan voorschrijven dat de vermeldingen die zijn aangebracht op het fiscaal kenteken zoals bedoeld in artikel 10 worden vermeld op de commerciële documenten opgesteld door de marktdeelnemers en op de kartons bestemd voor de levering van de verpakkingen aan de afnemers. De Koning kan eveneens andere identificatiemaatregelen voorschrijven voor de kartons bestemd voor de levering van de verpakkingen aan de afnemers. Onverminderd het bepaalde in de leden 3 en 4, kan de Koning voor de categorieën van tabaksfabricaten die Hij bepaalt, de duur van de periode bepalen gedurende dewelke de fiscale kentekens kunnen worden gebruikt voor de inverbruikstelling. De Koning kan de afnemers verplichten om de tabaksfabricaten die overeenstemmen met een categorie van tabaksfabricaten en een fiscaal kenteken, bepaald bij toepassing van de leden 3 en 4 die niet werden verkocht en geleverd in de vastgestelde periode bij toepassing van deze leden, terug te bezorgen aan de marktdeelnemers van wie zij deze hebben verkregen. De Koning bepaalt de voorwaarden en de modaliteiten met het oog op het verzekeren van de naleving van de bepalingen van de leden 3, 4 en 7. De Koning kan de marktdeelnemers verplichten om de tabaksfabricaten bedoeld in lid 7 terug te nemen met het oog op hun verplichte vernietiging overeenkomstig de modaliteiten die Hij daartoe bepaalt, met dien verstande dat, uitgezonderd de terugbetaling van de accijnzen, de bijzondere accijnzen en de BTW, deze vernietiging geen aanleiding geeft tot een schadevergoeding. De Koning kan de marktdeelnemers verplichten om de tabaksfabrikaten die overeenstemmen met een categorie van tabaksfabrikaten en een fiscaal kenteken bepaald bij toepassing van de leden 3 en 4 die niet werden verkocht en geleverd in de vastgestelde periode bij toepassing van deze leden, te vernietigen. De vernietiging moet plaatsvinden overeenkomstig de nadere regels die Hij daartoe bepaalt, met dien verstande dat uitgezonderd de terugbetaling van de accijnzen en de BTW, deze vernietiging geen aanleiding geeft tot schadevergoeding. De Koning kan eveneens de verplichting voorschrijven tot het jaarlijks publiceren van de gewogen gemiddelde prijzen van de verschillende tabaksproducten en van de meest gevraagde prijsklassen alsook de hoeveelheid fiscale kentekens bepalen die door de marktdeelnemers kunnen worden verkregen.". Art. 10.In artikel 10, § 2, van dezelfde wet, vervangen bij de programmawet van 9 juli 2004Relevante gevonden documenten type wet prom. 23/03/1998 pub. 30/04/1998 numac 1998016042 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van een Begrotingsfonds voor de gezondheid en de kwaliteit van de dieren en de dierlijke producten sluiten2, worden de woorden "de minister van Financiën" vervangen door de woorden "de Koning". HOOFDSTUK 3. - Wijzigingen van het Wetboek der registratie-, hypotheek- en griffierechten Art. 11.In artikel 11, derde lid, van het Wetboek der registratie-, hypotheek- en griffierechten, gewijzigd bij de wetten van 14 augustus 1947, 23 december 1958 en 9 mei 1959, bij het koninklijk besluit nr. 12 van 18 april 1967, bij het koninklijk besluit van 16 januari 1975, bij de wetten van 22 december 1989 en 22 juli 1993 en bij het koninklijk besluit van 13 juli 2001, wordt het getal "25" vervangen door het getal "50". Art. 12.In artikel 83 van hetzelfde Wetboek, gewijzigd bij de wetten 13 augustus 1947, 23 december 1958, 22 december 1998 en 22 december 2009, worden de volgende wijzigingen aangebracht : a) het eerste lid wordt vervangen door twee leden luidende : "Het recht wordt vastgesteld op : 1° 0,20 pct.voor contracten van verhuring, onderverhuring en overdracht van huur van onroerende goederen; 2° 1,50 pct.voor jacht- en vispacht; 3° 2 pct.voor contracten tot vestiging van een erfpacht- of opstalrecht en tot overdracht daarvan, behalve wanneer daardoor een vereniging zonder winstoogmerk, een internationale vereniging zonder winstoogmerk of een gelijkaardige rechtspersoon die opgericht is volgens en onderworpen is aan de wetgeving van een lidstaat van de Europese Economische Ruimte en die bovendien zijn statutaire zetel, zijn hoofdbestuur of zijn hoofdvestiging binnen de Europese Economische Ruimte heeft, titularis van het erfpacht- of opstalrecht wordt, in welk geval het recht wordt vastgesteld op 0,50 pct. Een rechtspersoon is gelijkaardig aan een VZW wanneer de volgende voorwaarden cumulatief zijn vervuld : 1° het doel van de rechtspersoon is belangeloos, zonder winstoogmerk;2° de activiteit van de rechtspersoon mag niet leiden tot de materiële verrijking van : a) de stichters, de leden of de bestuurders ervan;b) de echtgenoot, de wettelijk samenwonende, een bloedverwant in de rechte lijn, een bloedverwant in de zijlijn die tot een stichter in een erfgerechtigde graad staat, of een andere rechtsopvolger van een stichter ervan;c) de echtgenoot of een wettelijk samenwonende van een persoon bedoeld in a) en b);3° in geval van ontbinding of vereffening van de rechtspersoon mogen de goederen ervan niet toekomen aan personen vermeld onder 2°, maar moeten ze worden overgedragen aan : a) hetzij een gelijkaardige rechtspersoon die zelf is opgericht volgens en onderworpen aan de wetgeving van een lidstaat van de Europese Economische Ruimte en bovendien zijn statutaire zetel, zijn hoofdbestuur of zijn hoofdvestiging binnen de Europese Economische Ruimte heeft; b) hetzij een lidstaat is van de Europese Economische Ruimte of een territoriaal gedecentraliseerde overheid van een EER-lidstaat is of nog, een dienstgewijze gedecentraliseerde overheid is van een dergelijke publiekrechtelijke rechtspersoon."; b) in het vroegere tweede lid, dat het derde lid wordt, worden de woorden ", voor het overige," ingevoegd tussen de woorden "daarvan worden" en de woorden "met huurcontracten". Art. 13.Artikel 11 is van toepassing op alle akten en geschriften die vanaf 1 juli 2013 tot de formaliteit worden aangeboden. Artikel 12 is van toepassing vanaf 1 juli 2013; het is eveneens van toepassing op de authentieke akten die vanaf 1 juli 2013 tot de formaliteit worden aangeboden indien ze een overeenkomst vaststellen die ook is vastgesteld in een onderhandse akte dagtekenend van voor die datum. HOOFDSTUK 4. - Wijziging van de wet van 19 januari 2010Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/12/1998 pub. 05/01/1999 numac 1998021488 bron diensten van de eerste minister Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003674 bron ministerie van financien Wet houdende zevende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », en 18 - « Ministerie van Financiën » type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003673 bron ministerie van financien Wet houdende tiende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », 18 - « Ministerie van Financiën » en 19 - « Ministerie van Ambtenarenzaken » sluiten3 tot opheffing van de wet van 19 februari 1999 tot oprichting van het Belgisch Overlevingsfonds en tot oprichting van een Belgisch Fonds voor Voedselzekerheid Art. 14.Aan artikel 8, derde lid, van de wet van 19 januari 2010Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/12/1998 pub. 05/01/1999 numac 1998021488 bron diensten van de eerste minister Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003674 bron ministerie van financien Wet houdende zevende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », en 18 - « Ministerie van Financiën » type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003673 bron ministerie van financien Wet houdende tiende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », 18 - « Ministerie van Financiën » en 19 - « Ministerie van Ambtenarenzaken » sluiten3 tot opheffing van de wet van 19 februari 1999 tot oprichting van het Belgisch Overlevingsfonds en tot oprichting van een Belgisch Fonds voor Voedselzekerheid, wordt toegevoegd : "In afwijking hiervan wordt het bedrag voor 2013 vastgesteld op 16 485.000 euro". TITEL 3. - Asiel en Migratie en Maatschappelijke integratie HOOFDSTUK 1. - Wijzigingen van de wet van 15 december 1980Relevante gevonden documenten type wet prom. 10/04/1971 pub. 11/06/1998 numac 1998000213 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidsongevallenwet - Duitse vertaling sluiten5 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen Art. 15.Dit hoofdstuk zet de richtlijn 2004/38/EG van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2004 betreffende het recht van vrij verkeer en verblijf op het grondgebied van de lidstaten voor de burgers van de Unie en hun familieleden, tot wijziging van verordening (EEG) nr. 1612/68 en tot intrekking van richtlijnen 64/221/EEG, 68/360/EEG, 72/194/EEG, 73/148/EEG, 75/34/EEG, 75/35/EEG, 90/364/EEG, 90/365/EEG en 93/96/EEG, gedeeltelijk om. Art. 16.In artikel 42ter, § 1, van de wet van 15 december 1980Relevante gevonden documenten type wet prom. 10/04/1971 pub. 11/06/1998 numac 1998000213 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidsongevallenwet - Duitse vertaling sluiten5 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen, ingevoegd bij de wet van 25 april 2007Relevante gevonden documenten type wet prom. 10/04/1971 pub. 11/06/1998 numac 1998000213 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidsongevallenwet - Duitse vertaling sluiten6 en vervangen bij de wet van 8 juli 2011, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in het eerste lid worden de woorden "gedurende de eerste drie jaar" vervangen door de woorden "binnen vijf jaar";2° het tweede lid wordt opgeheven. Art. 17.In artikel 42quater, § 1, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 25 april 2007Relevante gevonden documenten type wet prom. 10/04/1971 pub. 11/06/1998 numac 1998000213 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidsongevallenwet - Duitse vertaling sluiten6 en vervangen bij de wet van 8 juli 2011, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in het eerste lid worden de woorden "gedurende de eerste drie jaar" vervangen door de woorden "binnen vijf jaar";2° het tweede lid wordt opgeheven. Art. 18.In artikel 42quinquies van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 25 april 2007Relevante gevonden documenten type wet prom. 10/04/1971 pub. 11/06/1998 numac 1998000213 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidsongevallenwet - Duitse vertaling sluiten6, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in § 1 worden de woorden "eerste lid, 1° en 2°" opgeheven en wordt het woord "drie" vervangen door het woord "vijf";2° paragraaf 2 wordt opgeheven. Art. 19.In de inleidende zin van artikel 42sexies, eerste lid, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 25 april 2007Relevante gevonden documenten type wet prom. 10/04/1971 pub. 11/06/1998 numac 1998000213 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidsongevallenwet - Duitse vertaling sluiten6, wordt het woord "drie" vervangen door het woord "vijf". HOOFDSTUK 2. - Wijzigingen van de organieke wet van 8 juli 1976Relevante gevonden documenten type wet prom. 23/03/1998 pub. 30/04/1998 numac 1998016042 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van een Begrotingsfonds voor de gezondheid en de kwaliteit van de dieren en de dierlijke producten sluiten1 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn en van de wet van 26 mei 2002Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/05/2002 pub. 31/07/2002 numac 2002022559 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet betreffende het recht op maatschappelijke integratie type wet prom. 26/05/2002 pub. 26/11/2003 numac 2002015108 bron federale overheidsdienst buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende instemming met de Overeenkomst tussen de Belgisch-Luxemburgse Economische Unie en de Staat Koeweit inzake de wederzijdse bescherming en bevordering van investeringen, gedaan te Brussel op 28 september 2000 sluiten betreffende het recht op maatschappelijke integratie Art. 20.In de organieke wet van 8 juli 1976Relevante gevonden documenten type wet prom. 23/03/1998 pub. 30/04/1998 numac 1998016042 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van een Begrotingsfonds voor de gezondheid en de kwaliteit van de dieren en de dierlijke producten sluiten1 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, wordt een artikel 57sexies ingevoegd, luidende : "Art. 57sexies.In afwijking van de bepalingen van deze wet is de maatschappelijke dienstverlening door het centrum niet verschuldigd aan de vreemdeling die gemachtigd werd tot een verblijf op basis van artikel 9bis van de wet van 15 december 1980Relevante gevonden documenten type wet prom. 10/04/1971 pub. 11/06/1998 numac 1998000213 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidsongevallenwet - Duitse vertaling sluiten5 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen, omwille van een arbeidskaart B of een beroepskaart.". Art. 21.In artikel 3, 3°, van de wet van 26 mei 2002Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/05/2002 pub. 31/07/2002 numac 2002022559 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet betreffende het recht op maatschappelijke integratie type wet prom. 26/05/2002 pub. 26/11/2003 numac 2002015108 bron federale overheidsdienst buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende instemming met de Overeenkomst tussen de Belgisch-Luxemburgse Economische Unie en de Staat Koeweit inzake de wederzijdse bescherming en bevordering van investeringen, gedaan te Brussel op 28 september 2000 sluiten betreffende het recht op maatschappelijke integratie, ingevoegd bij de wet van 27 december 2006Relevante gevonden documenten type wet prom. 10/04/1971 pub. 11/06/1998 numac 1998000213 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidsongevallenwet - Duitse vertaling sluiten3, wordt de bepaling onder het tweede streepje vervangen door wat volgt : "- hetzij als burger van de Europese Unie, of als lid van zijn familie die hem begeleidt of zich bij hem voegt, genieten van een verblijfsrecht voor meer dan drie maanden, overeenkomstig de wet van 15 december 1980Relevante gevonden documenten type wet prom. 10/04/1971 pub. 11/06/1998 numac 1998000213 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidsongevallenwet - Duitse vertaling sluiten5 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen. Deze categorie van personen geniet pas na de eerste drie maanden van dit verblijf het recht op maatschappelijke integratie;". TITEL 4. - Volksgezondheid HOOFDSTUK 1. - Wijzigingen van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994 Afdeling 1. - Maximumfactuur Art. 22.In artikel 37octies, § 2, van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994, ingevoegd bij de wet van 22 december 2008Relevante gevonden documenten type wet prom. 10/04/1971 pub. 11/06/1998 numac 1998000213 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidsongevallenwet - Duitse vertaling sluiten9, wordt het eerste lid aangevuld met de woorden "of wanneer een rechthebbende van dat gezin geniet van het in artikel 37vicies/1 bedoelde statuut tijdens het jaar waarvoor het recht op de maximumfactuur onderzocht wordt". Art. 23.Artikel 37decies, § 1, van dezelfde wet, gewijzigd bij de wetten van 27 december 2005 en 22 december 2008, wordt aangevuld met de volgende zin : "De Koning kan vaststellen hoe de gezinssamenstelling wordt bepaald als een rechthebbende niet is ingeschreven in het Rijksregister van de natuurlijke personen". Art. 24.In artikel 37duodecies, § 2, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 22 december 2008Relevante gevonden documenten type wet prom. 10/04/1971 pub. 11/06/1998 numac 1998000213 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidsongevallenwet - Duitse vertaling sluiten9, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° het eerste lid wordt aangevuld met de woorden "of wanneer een rechthebbende van dat gezin geniet van het in artikel 37vicies/1 bedoelde statuut tijdens het jaar waarvoor het recht op de maximumfactuur onderzocht wordt";2° het tweede lid wordt aangevuld met de woorden "of wanneer het kind geniet van het in artikel 37vicies/1 bedoelde statuut tijdens het jaar waarvoor het recht op de maximumfactuur onderzocht wordt". Art. 25.De artikelen 22 en 24 hebben uitwerking met ingang van 1 januari 2013. Afdeling 2. - Weesheffing Art. 26.In artikel 191, eerste lid, van dezelfde wet, het laatst gewijzigd bij de wet van 27 december 2012Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/12/1998 pub. 05/01/1999 numac 1998021488 bron diensten van de eerste minister Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003674 bron ministerie van financien Wet houdende zevende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », en 18 - « Ministerie van Financiën » type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003673 bron ministerie van financien Wet houdende tiende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », 18 - « Ministerie van Financiën » en 19 - « Ministerie van Ambtenarenzaken » sluiten8, wordt de bepaling onder 15terdecies ingevoegd, luidende : "15°terdecies. Voor het jaar t wordt onder de voorwaarden en volgens de nadere regels bepaald in 15°, een weesheffing ingesteld op de omzet die in het jaar t is verwezenlijkt met de weesgeneesmiddelen zoals bedoeld in artikel 35bis, § 9. Deze modulaire heffing wordt toegepast per omzetniveaus, die jaarlijks worden vastgesteld. Die heffing wordt gestort via een voorschot, vastgesteld op de omzet van het jaar t-1, en een saldo, vastgesteld op de omzet van het jaar t en dat het verschil is tussen de heffing zelf en het betaalde voorschot. De niveaus of vastgestelde drempelwaarden zijn geldig voor de beide gebruikte omzetten. Het voorschot dient vóór 1 juni van het jaar t gestort te worden op rekening van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering, met vermelding van "Voorschot weesheffing jaar t". Het saldo dient vóór 1 juni van het jaar t +1 gestort te worden op rekening van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering, met vermelding van "Saldo weesheffing jaar t". Voor het jaar 2013 wordt het voorschot ten laatste gestort op 1 december 2013. De ontvangsten die voortvloeien uit deze weesheffing worden opgenomen in de rekeningen van de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging in het boekjaar t. Voor het jaar 2013 worden de percentages van deze weesheffing vastgesteld op 0 % voor het deel van de omzet van 0 tot en met 1,5 miljoen euro, op 1,5 % voor het deel van de omzet groter dan 1,5 maar kleiner dan 4 miljoen euro en 3 % voor het deel van de omzet groter dan 4 miljoen euro. De percentages, die op de verschillende omzetniveaus toegepast worden om het voorschot 2013 vast te stellen, zijn gelijk aan de percentages die vastgesteld worden voor de weesheffing.". Art. 27.In artikel 191, eerste lid, 15°, zevende lid, van dezelfde wet, vervangen bij de wet van 22 februari 1998Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/02/1998 pub. 03/03/1998 numac 1998021087 bron diensten van de eerste minister Wet houdende sociale bepalingen sluiten en gewijzigd bij de wetten van 27 december 2005, 24 juli 2008, 23 december 2009 en 22 juni 2012, worden de woorden "en 15°duodecies" vervangen door de woorden ", 15°duodecies en 15°terdecies". Art. 28.In artikel 191bis, eerste lid, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 10 juni 2006Relevante gevonden documenten type wet prom. 10/04/1971 pub. 11/06/1998 numac 1998000213 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidsongevallenwet - Duitse vertaling sluiten2, vervangen bij de wet van 25 april 2007Relevante gevonden documenten type wet prom. 10/04/1971 pub. 11/06/1998 numac 1998000213 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidsongevallenwet - Duitse vertaling sluiten6 en gewijzigd bij de wetten van 24 juli 2008 en 29 december 2010, worden de woorden "tot 15°duodecies" vervangen door de woorden "tot 15°terdecies". Art. 29.In artikel 191ter, eerste lid, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 10 juni 2006Relevante gevonden documenten type wet prom. 10/04/1971 pub. 11/06/1998 numac 1998000213 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidsongevallenwet - Duitse vertaling sluiten2, vervangen bij de wet van 24 juli 2008 en gewijzigd bij de wet van 29 december 2010, worden de woorden "tot 15°duodecies" vervangen door de woorden "tot 15°terdecies". Art. 30.In artikel 191quater, eerste lid, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 10 juni 2006Relevante gevonden documenten type wet prom. 10/04/1971 pub. 11/06/1998 numac 1998000213 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidsongevallenwet - Duitse vertaling sluiten2, vervangen bij de wet van 24 juli 2008 en gewijzigd bij de wet van 29 december 2010, worden de woorden "tot 15°duodecies" vervangen door de woorden "tot 15°terdecies". Afdeling 3. - Bijzondere bijdrage Art. 31.In artikel 191, eerste lid, 32°, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 27 december 2012Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/12/1998 pub. 05/01/1999 numac 1998021488 bron diensten van de eerste minister Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003674 bron ministerie van financien Wet houdende zevende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », en 18 - « Ministerie van Financiën » type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003673 bron ministerie van financien Wet houdende tiende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », 18 - « Ministerie van Financiën » en 19 - « Ministerie van Ambtenarenzaken » sluiten8, worden de woorden "en § 1/2" ingevoegd tussen de woorden "en artikel 224, § 1/1" en de woorden ",van de wet van 12 augustus 2000Relevante gevonden documenten type wet prom. 12/08/2000 pub. 31/08/2000 numac 2000003530 bron diensten van de eerste minister en ministerie van financien Wet houdende sociale, budgettaire en andere bepalingen sluiten houdende sociale, budgettaire en andere bepalingen". Afdeling 4. - Administratiekosten van de verzekeringsinstellingen Art. 32.In artikel 195, § 1, 2°, van dezelfde wet, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 25 april 1997Relevante gevonden documenten type wet prom. 23/03/1998 pub. 30/04/1998 numac 1998016042 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van een Begrotingsfonds voor de gezondheid en de kwaliteit van de dieren en de dierlijke producten sluiten8, en bij de wetten van 27 december 1994, 22 februari 1998, 22 augustus 2002, 27 december 2005, 27 december 2006, 26 maart 2007, 8 juni 2008, 22 december 2008, 23 december 2009, 29 december 2010 en 17 februari 2012, worden de eerste en de tweede zin van het derde lid vervangen door de volgende bepalingen : "Het bedrag van de administratiekosten van de vijf landsbonden wordt vastgelegd op 766 483 000 EUR voor 2003, 802 661 000 EUR voor 2004, 832 359 000 EUR voor 2005, 863 156 000 EUR voor 2006, 895 524 000 EUR voor 2007, 929 160 000 EUR voor 2008, 972 546 000 EUR voor 2009, 1 012 057 000 EUR voor 2010, 1 034 651 000 EUR voor 2011, 1 029 840 000 EUR voor 2012 en 1 027 545 000 EUR voor 2013. Voor de Kas voor geneeskundige verzorging van de Nationale Maatschappij der Belgische Spoorwegen wordt dit bedrag vastgesteld op 13 195 000 EUR voor 2003, 13 818 000 EUR voor 2004, 14 329 000 EUR voor 2005, 14 859 000 EUR voor 2006, 15 416 000 EUR voor 2007, 15 995 000 EUR voor 2008, 16 690 000 EUR voor 2009, 17 368 000 EUR voor 2010, 17 770 000 EUR voor 2011, 17 687 000 EUR voor 2012 en 17 648 000 EUR voor 2013.". HOOFDSTUK 2. - Wijzigingen van de wet van 12 augustus 2000Relevante gevonden documenten type wet prom. 12/08/2000 pub. 31/08/2000 numac 2000003530 bron diensten van de eerste minister en ministerie van financien Wet houdende sociale, budgettaire en andere bepalingen sluiten houdende sociale, budgettaire en andere bepalingen Afdeling 1. - Bijdrage ter financiering van het toezicht op de medisch hulpmiddelen voor in-vitrodiagnostiek Art. 33.In artikel 224, § 1, eerste lid, van de wet van 12 augustus 2000Relevante gevonden documenten type wet prom. 12/08/2000 pub. 31/08/2000 numac 2000003530 bron diensten van de eerste minister en ministerie van financien Wet houdende sociale, budgettaire en andere bepalingen sluiten houdende sociale, budgettaire en andere bepalingen, gewijzigd bij de wetten van 2 januari 2001, 22 december 2008 en 27 december 2012, worden de woorden ", de medische hulpmiddelen voor in-vitrodiagnostiek" ingevoegd tussen de woorden "hun hulpstukken" en "en de actieve implanteerbare medische hulpmiddelen", en worden de woorden ", de medische hulpmiddelen voor in-vitrodiagnostiek bedoeld in artikel 1 van het koninklijk besluit van 14 november 2001 betreffende medische hulpmiddelen voor in-vitrodiagnostiek" ingevoegd tussen de woorden "betreffende de medische hulpmiddelen" en "en de actieve implanteerbare medische hulpmiddelen". Afdeling 2. - Bijzondere bijdrage Art. 34.In artikel 224 van dezelfde wet, het laatst gewijzigd bij de wet van 27 december 2012Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/12/1998 pub. 05/01/1999 numac 1998021488 bron diensten van de eerste minister Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003674 bron ministerie van financien Wet houdende zevende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », en 18 - « Ministerie van Financiën » type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003673 bron ministerie van financien Wet houdende tiende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », 18 - « Ministerie van Financiën » en 19 - « Ministerie van Ambtenarenzaken » sluiten8, wordt een paragraaf 1/2 ingevoegd, luidende : " § 1/2. Voor het jaar 2013 wordt een compensatoire bijdrage ingesteld ten laste van de distributeurs bedoeld in § 1. Het bedrag van die bijdrage wordt vastgesteld op 0,20 pct. van de omzet, zoals in aanmerking genomen voor de toepassing van § 1, die is verwezenlijkt in 2013 en wordt gestort via een voorschot, vastgesteld op 0,20 pct. van het in 2012 verwezenlijkte omzetcijfer, en een saldo. Dit laatste is het verschil tussen de bijdrage zelf en het betaalde voorschot. De in het eerste lid bedoelde bijdrage wordt geïnd door het Federaal Agentschap voor geneesmiddelen en gezondheidsproducten voor rekening van de Rijksinstituut voor ziekte en invaliditeitsverzekering. De regels betreffende de aangifte van de omzet en de inning zijn identiek als deze voorzien in § 1.". Afdeling 3. - Slotbepaling Art. 35.In afwijking van artikel 224, § 1, 7e en 8e lid, van dezelfde wet, mag de distributeur van medische hulpmiddelen voor in-vitrodiagnostiek voor het bijdragejaar 2013, de geattesteerde aangifte van de omzet van medisch hulpmiddelen voor in-vitrodiagnostiek indienen op basis van een verklaring op erewoord op met opgave van het omzetcijfer van het voorgaande kalenderjaar. TITEL 5. - Sociale Zaken HOOFDSTUK 1. - Wijziging van het Gerechtelijk Wetboek Art. 36.In artikel 1410, § 4, van het Gerechtelijk Wetboek, ingevoegd bij de wet van 25 januari 1999Relevante gevonden documenten type wet prom. 25/01/1999 pub. 06/02/1999 numac 1999021025 bron diensten van de eerste minister Wet houdende sociale bepalingen sluiten, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° het eerste lid wordt aangevuld met de volgende zin : "Hetzelfde geldt voor de intresten op die prestaties ingeval de onterechte betaling frauduleus werd uitgekeerd."; 2° in het vierde lid worden de woorden "van de onverschuldigd betaalde prestaties en intresten op die bedragen" ingevoegd tussen de woorden "ambtshalve terugvordering" en de woorden "slaan op het geheel". Art. 37.Artikel 36 treedt in werking op de eerste dag van de maand na die waarin deze wet wordt bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad. HOOFDSTUK 2. - Arbeidsongevallen Art. 38.In artikel 39 van de arbeidsongevallen wet van 10 april 1971Relevante gevonden documenten type wet prom. 10/04/1971 pub. 11/06/1998 numac 1998000213 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidsongevallenwet - Duitse vertaling sluiten, het laatst gewijzigd bij de wet van 29 maart 2012Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/12/1998 pub. 05/01/1999 numac 1998021488 bron diensten van de eerste minister Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003674 bron ministerie van financien Wet houdende zevende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », en 18 - « Ministerie van Financiën » type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003673 bron ministerie van financien Wet houdende tiende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », 18 - « Ministerie van Financiën » en 19 - « Ministerie van Ambtenarenzaken » sluiten9, worden het eerste en tweede lid vervangen als volgt : "Overschrijdt het jaarloon het bedrag dat hierna wordt vermeld, dan komt het, voor de vaststelling van de vergoedingen en renten, slechts ten belope van dat bedrag in aanmerking dat als volgt wordt bepaald : 1° vóór 1 september 2004 : 24 400,16 EUR (index 103,14;basis 1996 = 100) 2° vanaf 1 september 2004 : 31 578 EUR (index 111,64;basis 1996 = 100) 3° vanaf 1 januari 2005 : 32 106,79 EUR (index 111,64;basis 1996 = 100) 4° vanaf 1 januari 2007 : 33 737,51 EUR (index 102,10;basis 2004 = 100) 5° vanaf 1 januari 2009 : 34 008,45 EUR (index 102,10;basis 2004 = 100) 6° vanaf 1 januari 2012 : 34 247,87 EUR (index 102,10;basis 2004 = 100) 7° vanaf 1 januari 2013 : 34 932,83 EUR (index 102,10;basis 2004 = 100). Voor de leerlingen en voor de minderjarige werknemers die tijdelijk arbeidsongeschikt zijn, kan het in aanmerking te nemen loon niet lager zijn dan 5 496,09 EUR (index 102,10; basis 2004 = 100).". Art. 39.Artikel 38 heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2013. HOOFDSTUK 3. - Wijzigingen van de op 19 december 1939 samengeordende wetten betreffende de kinderbijslag voor loonarbeiders Art. 40.Artikel 32quinquies van de samengeordende wetten betreffende de kinderbijslag voor loonarbeiders, ingevoegd bij de wet van 27 december 2006Relevante gevonden documenten type wet prom. 10/04/1971 pub. 11/06/1998 numac 1998000213 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidsongevallenwet - Duitse vertaling sluiten3, wordt vervangen als volgt : "Art. 32quinquies.De Rijksdienst voor Sociale Zekerheid van de provinciale en plaatselijke overheidsdiensten kent ten laatste op 1 januari 2015 de gezinsbijslagen toe aan de personeelsleden van het operationeel kader en van het administratief en logistiek kader van de politiediensten, in de zin van artikel 106 van de wet van 7 december 1998Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/12/1998 pub. 05/01/1999 numac 1998021488 bron diensten van de eerste minister Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003674 bron ministerie van financien Wet houdende zevende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », en 18 - « Ministerie van Financiën » type wet prom. 07/12/1998 pub. 19/01/1999 numac 1998003673 bron ministerie van financien Wet houdende tiende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », 18 - « Ministerie van Financiën » en 19 - « Ministerie van Ambtenarenzaken » sluiten tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus, evenals aan de leden van het personeel van de algemene inspectie van de federale politie en van de lokale politie, met uitzondering evenwel van de militairen bedoeld bij artikel 4, § 2, van de wet van 27 december 2000 houdende diverse bepalingen met betrekking tot de rechtspositie van het personeel van de politiediensten. Tussen deze Rijksdienst en de federale politie wordt een protocol afgesloten tot vaststelling van de modaliteiten waaronder de gezinsbijslag verleend in toepassing van het vorige lid evenals de beheerskosten aan deze Rijksdienst worden terugbetaald. De praktische regeling zal dus bepaald worden na een overleg tussen de verschillende bevoegde administraties. In afwachting van de overname van de betalingen door deze Rijkdienst, blijft het Secretariaat van de geïntegreerde politie gestructureerd op twee niveaus tijdelijk doorbetalen.". Art. 41.Artikel 71, § 1, van dezelfde samengeordende wetten, vervangen bij de wet van 1 augustus 1985Relevante gevonden documenten type wet prom. 01/08/1985 pub. 15/11/2000 numac 2000000832 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet houdende fiscale en andere bepalingen . - hoofdstuk III, afdeling II. - Duitse vertaling sluiten, wordt aangevuld met een lid, luidende : "De betaling kan worden opgeschort bij ernstige en eensluidende aanwijzingen dat de door de sociaal verzekerde meegedeelde informatie om sociale uitkeringen te krijgen frauduleus is. De betaling kan opgeschort worden tot de verdenking niet meer bestaat en dit maximum zes maand, éénmaal hernieuwbaar.". Art. 42.In artikel 91 van dezelfde samengeordende wetten, vervangen bij de wet van 12 augustus 2000Relevante gevonden documenten type wet prom. 12/08/2000 pub. 31/08/2000 numac 2000003530 bron diensten van de eerste minister en ministerie van financien Wet houdende sociale, budgettaire en andere bepalingen sluiten, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° paragraaf 2 wordt aangevuld met de bepalingen onder h) en i), luidende : "h) de overdrachten bedoeld in artikel 94, § 7, 6°; i) het deel van de toelage bedoeld in artikel 2, eerste lid, 7°, i), van het koninklijk besluit van 9 juni 1999Relevante gevonden documenten type wet prom. 23/03/1998 pub. 30/04/1998 numac 1998016042 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van een Begrotingsfonds voor de gezondheid en de kwaliteit van de dieren en de dierlijke producten sluiten9 betreffende de beheersrekening en de administratieve reserve van de kinderbijslagfondsen."; 2° in paragraaf 4 worden de volgende wijzigingen aangebracht : 2° in paragraaf 4 worden de volgende wijzigingen aangebracht : a) de bepaling onder 1° wordt vervangen als volgt : "1° tot voorlopige dekking van de ten onrechte betaalde gezinsbijslag die teruggevorderd wordt;"; b) de bepaling onder 2° wordt vervangen als volgt : "2° tot definitieve dekking van de ten onrechte betaalde gezinsbijslag die niet kan teruggevorderd worden wegens de verjaring bedoeld in artikel 120bis of op grond van artikel 17 van de wet van 11 april 1995 tot invoering van het handvest van de sociaal verzekerde;"; c) de bepalingen onder 3°, 4° en 5° worden opgeheven. Art. 43.In dezelfde samengeordende wetten wordt een artikel 91/1 ingevoegd, luidende : "Art. 91/1.De erkende vrije kinderbijslagfondsen en de bijzondere kinderbijslagfondsen laten ten onrechte betaalde gezinsbijslag ten laste van het globaal beheer van de sociale zekerheid ingesteld door de wet houdende sociale bepalingen van 30 maart 1994, in de volgende gevallen : 1° wanneer afgezien wordt van terugvordering omdat die uit sociaal oogpunt niet raadzaam is;2° bij toepassing van artikel 119bis;3° wanneer terugvordering technisch onmogelijk blijkt; 4° bij toepassing van artikel 22, § 3, van de wet van 11 april 1995 tot invoering van het handvest van de sociaal verzekerde.". Art. 44.In dezelfde samengeordende wetten wordt een artikel 91/2 ingevoegd, luidende : "Art. 91/2.De Rijksdienst legt de rechtzetting op van de boekingen van de erkende vrije kinderbijslagfondsen en de bijzondere kinderbijslagfondsen wanneer die onverschuldigde gezinsbijslag aanrekenden ten laste van het globaal beheer van de sociale zekerheid : 1° wanneer die moest aangerekend worden ten laste van hun reservefonds op basis van artikel 91, § 4, 2°;2° in andere gevallen dan die bedoeld in artikel 91/1. Het fonds betaalt aan de Rijksdienst ten laste van zijn beheersrekening een verhoging die 10 % bedraagt van de som waarop de rechtzetting betrekking heeft.". Art. 45.In artikel 101 van dezelfde samengeordende wetten worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in het derde lid, 9°, ingevoegd bij de wet van 27 april 2007Relevante gevonden documenten type wet prom. 10/04/1971 pub. 11/06/1998 numac 1998000213 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidsongevallenwet - Duitse vertaling sluiten7 en gewijzigd bij de wet van 22 december 2008Relevante gevonden documenten type wet prom. 10/04/1971 pub. 11/06/1998 numac 1998000213 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidsongevallenwet - Duitse vertaling sluiten9, worden de woorden "uitgezonderd deze behorende tot de federale overheid die uitdrukkelijk verklaren niet via de centrale dienst der vaste uitgaven te willen werken, bedoeld in voormeld artikel 33" opgeheven;2° het vierde lid, ingevoegd bij de wet van 29 april 1996, wordt vervangen door de twee volgende leden : "In de situaties die niet bedoeld zijn in het vorige lid en onverminderd artikel 32quinquies, wordt de betaling van de gezinsbijslagen aan de personeelsleden van de Staat en de instellingen die daarvan afhangen, ten laatste op 1 januari 2015, overgenomen door de Rijksdienst.De modaliteiten van de overdracht van de dossiers en de gegevens aan de hand waarvan de Rijksdienst de betalingen kan overnemen, worden geregeld in een protocol. In afwachting van de overname van de betalingen door de Rijkdienst, blijven de bedoelde publiekrechtelijke rechtspersonen tijdelijk doorbetalen. De Rijksdienst wordt tevens gemachtigd de gezinsbijslagen te betalen aan het personeel van de gemeenschappen, de gewesten en de instellingen die daarvan afhangen, indien deze ten laatste op 31 december 2013 hierom vragen bij ter post aangetekend schrijven. De modaliteiten van de overdracht van de dossiers en de gegevens aan de hand waarvan de Rijksdienst de betalingen kan overnemen, worden geregeld in een protocol. In afwachting van de overname van de betalingen door de Rijksdienst, blijven de bedoelde publiekrechtelijke rechtspersonen tijdelijk doorbetalen.". Art. 46.In artikel 106, tweede lid, van dezelfde samengeordende wetten, vervangen bij het koninklijk besluit nr. 28 van 15 december 1978 en gewijzigd bij de wetten van 10 juni 1998 en 25 januari 1999, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° de bepaling onder 2° wordt vervangen als volgt : "2° tot definitieve dekking van de ten onrechte betaalde gezinsbijslag die niet kan teruggevorderd worden wegens de verjaring bedoeld in artikel 120bis, of op grond van de bepalingen van artikel 17 van de wet van 11 april 1995 tot invoering van het handvest van de sociaal verzekerde;"; 2° de bepalingen onder 3°, 5° en 7° worden opgeheven. Art. 47.Artikel 106bis van dezelfde samengeordende wetten, opgeheven bij het koninklijk besluit nr. 131 van 30 december 1982, wordt hersteld als volgt : "Art. 106bis.De Rijksdienst laat de bedragen ten onrechte betaalde gezinsbijslag ten laste van het globaal beheer van de sociale zekerheid ingesteld door de wet houdende sociale bepalingen van 30 maart 1994, in de volgende gevallen : 1° wanneer afgezien wordt van terugvordering omdat die uit sociaal oogpunt niet raadzaam is;2° bij toepassing van artikel 119bis;3° wanneer terugvordering technisch onmogelijk blijkt; 4° bij toepassing van artikel 22, § 3, van de wet van 11 april 1995 tot invoering van het handvest van de sociaal verzekerde.". Art. 48.In artikel 119bis van dezelfde samengeordende wetten wordt het derde lid, vervangen bij het koninklijk besluit nr. 534 van 31 maart 1987, opgeheven. Art. 49.In artikel 120bis van dezelfde samengeordende wetten, vervangen bij de wet van 20 juli 2006Relevante gevonden documenten type wet prom. 10/04/1971 pub. 11/06/1998 numac 1998000213 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidsongevallenwet - Duitse vertaling sl …

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.