📄 Wettekst
12 JULI 2007. - Besluit van de Waalse Regering tot herziening van het technisch reglement voor het beheer van de gasdistributienetten en de toegang daartoe
De Waalse Regering, Gelet op het
decreet van 19 december 2002Relevante gevonden documenten
type
decreet
prom.
19/12/2002
pub.
11/02/2003
numac
2003200080
bron
ministerie van het waalse gewest
Decreet betreffende de organisatie van de gewestelijke gasmarkt
sluiten betreffende de organisatie van de gewestelijke gasmarkt, inzonderheid op de artikelen 14, 16, 17 en 29;
Gelet op het
besluit van de Waalse Regering van 18 november 2004Relevante gevonden documenten
type
besluit van de waalse regering
prom.
18/11/2004
pub.
01/12/2004
numac
2004203525
bron
ministerie van het waalse gewest
Besluit van de Waalse Regering betreffende het technisch reglement voor het beheer van de gasdistributienetten en de toegang daartoe
sluiten betreffende het technisch reglement voor het beheer van de gasdistributienetten en de toegang daartoe;
Gelet op de kennisgeving aan de Europese Gemeenschap van 21 maart 2007, nr. 207-0162-B;
Gelet op het advies 42.781/4 van de Raad van State, gegeven op 5 juni 2007, overeenkomstig artikel 84, eerste lid, 1°, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State;
Op de voordracht van de Minister van Huisvesting, Vervoer en Ruimtelijke Ontwikkeling;
Na beraadslaging, Besluit : TITEL I. - Algemeen HOOFDSTUK I. - Algemeen Afdeling 1.1. - Wettelijk kader en definities
Artikel 1.Het technisch reglement voor gasdistributie in het Waalse Gewest (afgekort : " T.R.GAS ") is opgemaakt overeenkomstig artikel 14 van het
decreet van 19 december 2002Relevante gevonden documenten
type
decreet
prom.
19/12/2002
pub.
11/02/2003
numac
2003200080
bron
ministerie van het waalse gewest
Decreet betreffende de organisatie van de gewestelijke gasmarkt
sluiten betreffende de organisatie van de gewestelijke gasmarkt en bevat de voorschriften en regels voor het beheer van het distributienet en de toegang daartoe. Art. 2.De definities opgenomen in artikel 2 van voornoemd decreet alsook die bedoeld in artikel 1, 4° tot 8°, van het koninklijk besluit van 28 juni 1971 betreffende de te nemen veiligheidsmaatregelen bij de oprichting en bij de exploitatie van installaties voor gasdistributie door middel van leidingen, zijn toepasselijk op dit T.R.GAS; bovendien, voor de toepassing van dit besluit, wordt verstaan onder : 1° toegang : het recht om op één of meerdere toegangspunten gas te injecteren of af te nemen, met inbegrip van het gebruik van het distributienet;2° bevrachter : elke natuurlijke of rechtspersoon die een transportcontract met een transmissiebedrijf heeft gesloten; 3° allocatie : toewijzingsproces aan de verschillende leveranciers en bevrachters van de energiehoeveelheden per elementaire periode zoals omschreven in artikel 136 van dit T.R.GAS; 4° volumeherleidingsapparaat : apparaat dat de volumen gemeten door de gasmeter in zijn werkingsomstandigheden herleidt tot overeenstemmende volumen in normale druk- en temperatuuromstandigheden;5° KVBG : afkorting voor "Koninklijke Vereniging van Belgische Gasvaklieden";6° collectieve aansluiting : leiding die deel uitmaakt van het distributienet en die de distributieleiding verbindt met verschillende individuele aansluitingen;7° individuele aansluiting : leiding die deel uitmaakt van het distributienet en die de distributieleiding of de collectieve aansluiting verbindt met het meetapparaat van een toegangspunt;8° distributieleiding : elke leiding van het distributienet bestemd voor gastransmissie in dat net en waarmee de individuele en collectieve aansluitingen verbonden zijn;9° aansluitingscapaciteit : de in het aansluitingscontract vermelde en in m3 uitgedrukt maximale capaciteit waarover de netgebruiker beschikt;10° onderschreven capaciteit :voor telegemeten netgebruikers, het in het toegangscontract vermelde uurvermogen;voor niet-telegemeten netgebruikers, het uurvermogen dat voortvloeit uit het gebruiksprofiel en dat in het toegangscontract toegekend wordt; 11° meting : opneming d.m.v. een meetapparaat van de tijdens een welbepaalde duur geïnjecteerde of afgenomen gashoeveelheid; 12° toegangscontract : het contract gesloten overeenkomstig dit T.R.GAS tussen een leverancier en de netbeheerder en waarbij hun respectieve rechten, verplichtingen en verantwoordelijkheden alsook de voorwaarden voor de toegang tot het distributienet worden vastgesteld; 13° transportcontrat : contract dat een bevrachter en een transmissiebedrijf bindt voor transportprestaties op het transmissienet met het oog op een gasinjectie op één of meer ingangspunten van het transmissienet en op een afname op één of meer uitgangspunten van het net; 14° aansluitingscontract : het contract gesloten overeenkomstig dit T.R.GAS tussen de netgebruiker en de netbeheerder en waarbij de bepalingen van dit reglement i.v.m. de wederzijdse rechten, verplichtingen en verantwoordelijkheden betreffende een bepaalde aansluiting alsook de relevante technische bepalingen voor de aansluiting van de installatiesinformaties betreffende een welbepaald aansluitingswerk worden vastgesteld en aangevuld. Het aansluitingscontract bestaat uit de algemene aansluitingsvoorwaarden aangevuld, in voorkomend geval, met de de bijzondere bepalingen; 15° samenwerkingsovereenkomst : overeenkomst gesloten tussen het transmissiebedrijf en een netbeheerder of tussen netbeheerders en die alle wederzijdse rechten en verplichtingen van de ondertekenaars bevat om de toegang van de netgebruikers tot de netten te garanderen, alsook een efficiënte werking van de geliberaliseerde markt, met inachtneming van de opdrachten en prerogatieven van elke partij;16° decreet : het
decreet van 19 december 2002Relevante gevonden documenten
type
decreet
prom.
19/12/2002
pub.
11/02/2003
numac
2003200080
bron
ministerie van het waalse gewest
Decreet betreffende de organisatie van de gewestelijke gasmarkt
sluiten betreffende de organisatie van de gewestelijke gasmarkt in het Waalse Gewest; 17° toegangsaanvraag : aanvraag om toegang tot een distributienet overeenkomstig dit T.R.GAS; 18° EAN-GLN : European Article Number/Global Location Number (uniek numeriek veld van 13 posities voor de eenduidige identificatie van een marktdeelnemer);19° EAN-GSRN : European Article Number/Global Service Related Number (uniek numeriek veld van 18 posities voor de eenduidige identificatie van een toegangspunt);20° meetappararaat : het geheel van de apparaten bestemd voor het meten en/of het tellen van een gashoeveelheid op een welbepaald toegangspunt;het bevat de meters en eventueel de meet- en volumeherleidingsapparaten; 21° SYNERGRID : de Federatie van de Elektriciteits- en Gasnetbeheerders in België;22° gas compatibel met aardgas : gas ander dan aardgas dat technisch in het aardgasdistributienet wordt geïnjecteerd en verdeeld, met inachtneming van de vigerende veiligheidsregels en met het oog op een gebruik in omstandigheden die gelijk zijn aan die voor het gebruik van aardgas;23° netbeheerder : beheerder van het gasdistributienet zoals blijkt uit de omschrijvingen in artikel 2 van het decreet;24° injectie : het injecteren van gas in een gasnet;25° gehabiliteerd installateur : de installeur die gehabiliteerd is overeenkomstig het reglement opgemaakt door de Raad voor de Habilitatie, samengesteld uit vertegenwoordigers van Belgische beroepsorganisaties, namelijk de installateurs van aardgasinstallaties, de KVBG en Ministers of Staatssecretarissen bevoegd voor Energie en Verbruikersbescherming;26° installatie van de netgebruiker : de leidingen, toebehoren en apparaten voor de toepassingen van aardgas aangesloten stroomafwaarts van het afnemingspunt of stroomopwaarts van het injectiepunt van de netgebruiker;27° installatie die functioneel deel uitmaakt van het distributienet : elke uitrusting die geen deel uitmaakt van het distributienet maar waarvan het gebruik een aanzienlijke invloed heeft op de functionaliteit van het distributienet of de installaties van één of meerdere andere netgebruiker(s);28° werkdag : elke dag van de week, de zaterdag, de zondag en de wettelijke feestdagen uitgezonderd;29° gasdag : periode van 24 uur die ingaat om 6 uur op de overeenstemmende kalenderdag en eindigt om 6 uur op de volgende kalenderdag;30° erkende controle-instelling : controle-instelling die beschikt over een BELAC-accreditatie, (accreditatiesysteem ingesteld bij het
koninklijk besluit van 31 januari 2006Relevante gevonden documenten
type
koninklijk besluit
prom.
31/01/2006
pub.
03/02/2006
numac
2006011052
bron
federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie
Koninklijk besluit tot oprichting van het BELAC accreditatiesysteem van instellingen voor de conformiteitsbeoordeling
sluiten tot oprichting van het BELAC accreditatiesysteem van instellingen voor de conformiteitsbeoordeling) voor de controle op binneninstallaties voor aardgas en erkend is door de Raad voor de Habilitatie;31° aansluitingswerk : geheel van de uitrustingen die de aansluiting en het meetapparaat vormen waarbij een netgebruiker en het distributienet met elkaar zijn verbonden;32° toegangspunt : afname- of injectiepunt;33° meetpunt : de fysieke plaats van het punt waar het meetapparaat verbonden is met de gasleiding van het KVBG;34° injectiepunt : de fysieke plaats van het punt waar het gas geïnjecteerd wordt in het distributienet bij de ingang van de gasmeter;35° afnamepunt : de fysieke plaats van het punt waar het gas afgenomen wordt uit het distributienet bij de uitgang van de gasmeter;36° aansluitingspunt : de fysieke plaats van het punt waar de individuele aansluiting verbonden is met de distributieleiding of de collectieve aansluiting;37° point koppelpunt : het tussen netbeheerders overeengekomen fysische punt waar de koppeling tussen de respectievelijke netten is gerealiseerd;38° afname : gas afnemen uit een gasnet;39° jaarlijks gebruiksprofiel : reeks gegevens waarvan elk betrekking heeft op een elementaire periode en waarbij de desbetreffende afgenomen of geïnjecteerde gashoeveelheid wordt gemeten of geraamd;40° synthetisch gebruiksprofiel : jaarlijks gebruiksprofiel, van toepassing op een categorie niet telegelezen eindafnemers bestaande uit een reeks fracties van het jaarlijks verbruik toegekend aan elke elementaire periode omschreven in artikel 136, en statistisch bepaald. Het wordt doorgaans als volgt vermeld SLP (Synthetic load profile); 41° aansluiting : de aanleg van een aansluitingswerk;42° aanbevelingen van de KVBG : de voorschriften vastgesteld door de Koninklijke Vereniging van Belgische Gasvaklieden volgens de regels der kunst;43° verzoening : aftelling tussen de betrokken netgebruikers op grond van het verschil tussen de toegekende en de werkelijk gemeten energiehoeveelheden; 44° toegangsregister : door de netbeheerder opgemaakt en beheerd register van de toegangspunten tot het distributienet waarin ten minste de bij dit T.R.GAS vereiste kenmerken worden aangewezen per toegangspunt; 45° onderling verbonden net : geheel van met elkaar verbonden netten;46° ontvangststation : station voor de injectie van aardgas in een distributienet vanuit een transmissienet;47° geaggregeerd ontvangststation : een fictief ontvangststation dat de functie van verschillende fysieke ontvangstations hergroepeert;48° toepasselijk tarief : tarief bekendgemaakt door de netgebruiker zoals voorafgaandelijk goedgekeurd of opgelegd door de bevoegde overheid voor de beschouwde dienst;49° gelijkwaardige temperatuur : temperatuur die gelijk is aan 60 procent van de dagelijks gemiddelde temperatuur van de dag zelf, 30 procent van de dagelijks gemiddelde temperatuur van de dag tevoren en 10 procent van de dagelijks gemiddelde temperatuur van de op twee na laatste dag;50° dagelijks gemiddelde temperatuur : temperatuur die gelijk is aan het rekenkundig gemiddelde van de uurtemperaturen waargenomen in Ukkel tussen 6 uur de dag zelf en 6 uur de volgende dag;51° UN/EDIFACT : afkorting voor "United Nations/Electronic Data Interchange For Administration, Commerce and Trading";52° productie-eenheid : fysieke eenheid voor gasproductie;53° netgebruiker : de in artikel 2, 11 van het decreet beschreven gebruiker van het distributienet. Art. 3.Bij gebrek aan andersluidende bepaling lopen de in dit T.R.GAS vermelde termijnen van middernacht tot middernacht. Ze gaan in op de werkdag die volgt op de dag van de officiële notificatie of bij gebrek aan dergelijke notificatie, van de kennisneming van de gebeurtenis die daartoe aanleiding geeft. Afdeling 1.2. - Opdrachten en verplichtingen van de netbeheerder
Art. 4.§ 1. In het gebied waarvoor hij aangewezen is, voert de netbeheerder de taken en verplichtingen uit die hem worden opgedragen krachtens het decreet en zijn uitvoeringsbesluiten. Hij zorgt voor de distributie van gas, de controle en het behoud van zijn distributienet en zonodig herstelt de veiligheid, betrouwbaarheid en efficiëntie daarvan. Hij is de enige persoon die ertoe gemachtigd wordt om eventueel d.m.v. een onderaannemer en onder zijn volledige verantwoordelijkheid zijn distributienet en met name de daarin bevatte aansluitingswerken aan te leggen, uit te breiden, te wijzigen, te versterken, buiten dienst te stellen, te verwijderen, te verplaatsen, te herstellen, te onderhouden en te exploiteren. § 2. De distributienetbeheerder bepaalt en voorziet zich van de gepaste middelen die noodzakelijk zijn voor de goede uitvoering van zijn opdrachten. Hij gebruikt alle gepaste middelen die de netgebruikers kunnen verwachten en die, rekening houdend met de bijzondere situatie, redelijkerwijs kunnen verkregen worden. § 3. Onverminderd de wettelijke voorschriften en de bepalingen van dit T.R.GAS worden de in de aanbevelingen van de KVBG opgenomen voorschriften of elke gelijkwaardige bepaling nagekomen en uitgevoerd door de netbeheerder. Art. 5.§ 1. De distributienetbeheerder gebruikt alle middelen die redelijkerwijs opeisbaar zijn om elk ogenblik de veiligheid van personen en goederen te garanderen en te waken over de integriteit van het net. § 2. De distributienetbeheerder organiseert 24 u. op 24 een waakdienst om : - dringende verzoeken te ontvangen en te behandelen; - een noodinterventie te verrichten met voldoende bekwaamheid en efficiëntie om de in § 1 bedoelde garanties te kunnen geven.
Deze waakdienst is aangepast aan het grondgebied dat onder deze dienst valt en aan de omvang van het risico. § 3. Bij niet-geplande onderbreking van het distributienet, moet de netbeheerder ter plaatse zijn met de gepaste middelen om de herstellingswerken te starten binnen twee uur volgend op de oproep van de netgebruiker of op de kennisneming van het probleem. Die werken worden zo spoedig mogelijk voortgezet totdat het gebrek verwijderd wordt. § 4. In het bijzonder, wanneer de netbeheerder verwittigd wordt van een ernstig risico, een gasgeur of een opgespoorde lekkage, stuurt hij zo spoedig mogelijk de gepaste middelen ter plaatse teneinde alle maatregelen te treffen voor de instandhouding of het herstel van de veiligheid van personen en goederen. Daartoe werkt hij samen met de andere betrokken spoeddiensten. § 5 De netbeheerder garandeert tegenover zijn personeel dat het de nodige opleiding krijgt voor de vlotte uitvoering van zijn opdrachten en meer bepaald voor de aspecten inzake de veiligheid en de exploitatievoorwaarden van zijn net. § 6. De netbeheerder werkt mee aan de vorming van de spoeddiensten die dat wensen en houdt voortdurend voldoende informatie ter hunne beschikking over de gastechnieken en de vestiging van zijn net. § 7. De netbeheerder houdt de plannen en de schema's van het net bij en zorgt voor een strenge naleving van de federale en regionale wetgeving inzake veiligheid in de exploitatie van de distributienetten, inzonderheid wat de informatie-uitwisseling betreft. Art. 6.§ 1. De distributienetbeheerder zendt jaarlijks vóór 31 maart een verslag waarin hij de kwaliteit van zijn dienstverlening in het voorgaande kalenderjaar beschrijft. § 2. Dit verslag beschrijft : - de kwaliteit van de verstrekte diensten en in voorkomend geval het niet-nakomen van de verplichtingen voortvloeiend uit dit T.R.GAS en de redenen daarom; - statistieken betreffende : a) lekkages : het aantal door de netbeheerder of derden opgespoorde lekkages verdeeld per maand, leiding of aansluiting, materiaal, type en plaats van gebrek;b) de stand van het net : kilometer leidingen per leeftijdscategorie;c) ongevallen en incidenten die zich hebben voorgedaan op het distributienet;d) de termijnen voor de interventie;e) de geplande en ongeplande onderbrekingsduur en aantal betrokken afnemers; - een samenvatting van de resultaten van de monitoring omschreven in artikel 8, § 4. § 3. De CWaPE kan een verslagmodel opmaken en het gebruik ervan opleggen. HOOFDSTUK II. - Informatie-uitwisseling en confidentialiteit Afdeling 2.1. - Informatie-uitwisseling
Art. 7.§ 1. Elke kennisgeving of mededeling gedaan ter uitvoering van dit T.R.GAS dient schriftelijk te gebeuren overeenkomstig de vormen en voorwaarden bedoeld in artikel 2281 van het Burgerlijk Wetboek, met een duidelijke identificatie van de afzender en de geadresseerde.
Behoudens andersluidende bepaling kan de netbeheerder, nadat de "CWaPE" hierover vooraf wordt geïnformeerd, de vorm van de documenten bepalen waarin die gegevens moeten worden uitgewisseld. § 2. Elke distributienetgebruiker kan volmacht geven aan derde, in het bijzonder aan een leverancier, om hem te vertegenwoordigen in zijn contacten met de netbeheerder, in de procedures omschreven in dit T.R.GAS. De mandataris moet in staat zijn om op gewoon verzoek van de netbeheerder de geldigheid van deze volmacht te kunnen tonen. § 3. De netbeheerder neemt de nodige organisationele maatregelen om te zorgen voor een efficiënte behandeling en een voldoende traceerbaarheid van elke relevante schriftelijke aanvraag van een netgebruiker of leverancier. Onder efficiënte behandeling wordt onder meer verstaan de verplichting om ontvangst te melden, om een schriftelijk antwoord te geven met vermelding van de dossierbeheerder en de mogelijke beroepsmogelijkheden, onverminderd, in voorkomend geval, de wettelijke bepalingen inzake openbaarheid van bestuur. § 4. In geval van hoogdringendheid mogen gegevens mondeling worden uitgewisseld. In elk geval dienen dergelijke gegevens zo spoedig mogelijk overeenkomstig § 1 van dit artikel te worden bevestigd. § 5. De netbeheerder bezorgt de netgebruikers het telefoonnummer waarop zij hem kunnen bereiken. Hij zet de nodige middelen in om binnen een redelijke termijn een antwoord te geven en om een efficiënte behandeling van de ontvangen gegevens en aanvragen te garanderen. Art. 8.§ 1. Onverminderd § 2 en in afwijking van artikel 7 worden de commerciële inlichtingen die tussen de verschillende betrokken partijen uitgewisseld worden, op elektronische wijze verleend (waardoor de validering van een zending door uitgave van een ontvangstbewijs mogelijk wordt) volgens een communicatieprotocol conform aan de UN/EDIFACT-communicatiestandaard en aangegeven in een Message Implementation Guide (MIG). Deze MIG wordt na onderlinge overeenstemming overeengekomen tussen alle netbeheerders en leveranciers, die de CWaPE erover inlichten. Bij gebrek aan overeenstemming kan de CWaPE een MIG opleggen. § 2. Het in § 1 bedoelde protocol is niet verplicht van toepassing voor de informatie-uitwisselingen tussen : 1° de netbeheerder en een netgebruiker indien een ander protocol in onderlinge overeenstemming is overeengekomen in het aansluitingscontract;2° tussen de transmissienetbeheerder en een andere netgebruiker indien een ander protocol in onderlinge overeenstemming uitdrukkelijk is overeengekomen, met informatie aan de CWaPE.3° een netbeheerher en een houder van een beperkte leveringsvergunning voor een beperkt aantal afnemers in de zin van artikel 30, § 2, 2° van het decreet. § 3. Elke netbeheerder en leverancier dient de vigerende MIG correct uit te voeren op de door de CWaPE afgesproken en goedgekeurde datum, onverminderd § 2. Hij staat in voor de gevolgen van elke foutieve "message" en neemt desgevallend zo snel mogelijk de nodige correctieve maatregelen om de netgebruiker niet te benadelen. § 4. De inachtneming van de wettelijke en reglementaire termijnen en de juistheid van de "messages" conform aan de MIG inzake de mededeling van de tel- en uitkeringsgegevens gericht aan de leveranciers en bevrachters worden door elke netbeheerder gecontroleerd. De resultaten per leverancier, per bevrachter en voor de gehele markt worden door de netbeheerder op maandelijkse basis aan elke betrokken partij meegedeeld. De wijze waarop de monitoring en de mededeling gebeurt, wordt bepaald in overleg tussen de netbeheerders, de leveranciers en de bevrachters. Bij gebrek aan overeenstemming kan deze door de CWaPE worden opgelegd. Een samenvatting t.a.v. de CWaPE wordt opgenomen in het verslag omschreven in artikel 6. Art. 9.Onverminderd de wettelijke en reglementaire bepalingen mag de netbeheerder, nadat hij de "CWaPE" daarover heeft geïnformeerd, technische en organisationele maatregelen aannemen met betrekking tot de uit te wisselen gegevens teneinde de vertrouwelijkheid zoals bepaald in de artikelen 13 en 14 te waarborgen. Hij verwittigt vooraf de CWaPE daarvan. Art. 10.§ 1. Naast de bij dit T.R.GAS voorziene informatiestromen kan de netbeheerder op elk moment aanvullende gegevens aanvragen die hij nodig acht met het oog op de veiligheid, de betrouwbaarheid en de efficiëntie van het distributienet. § 2. De netgebruiker brengt de netbeheerder onverwijld op de hoogte van elke wijziging van zijn installaties in zoverre zij een aanpassing van de eerder meegedeelde gegevens vereist. Art. 11.Bij afwezigheid van uitdrukkelijke bepalingen daaromtrent in dit T.R.GAS zetten alle betrokken partijen zich in om zo spoedig mogelijk de noodzakelijke informatie overeenkomstig de andere bepalingen van dit reglement uit te wisselen. Art. 12.Wanneer een partij, overeenkomstig dit T.R.GAS of de contracten gesloten krachtens dit reglement, een andere partij eigen informatie moet bezorgen, neemt zij de noodzakelijke maatregelen om de geadresseerde ervan te verzekeren dat de inhoud van die gegevens behoorlijk is geverifieerd. Afdeling 2.2. - Vertrouwelijkheid
Art. 13.Diegene die informatie meedeelt bepaalt de vertrouwelijkheidsgraad ervan. De mededeling aan derden van commercieel gevoelige en/of vertrouwelijke informatie door de bestemmeling van deze informatie is niet toegelaten, behalve wanneer aan minstens één van de volgende voorwaarden voldaan is : 1. De mededeling is vereist in het kader van een gerechtsprocedure of opgelegd door de overheid, met inbegrip van de CWaPE bij de uitvoering van haar opdrachten;2. de wettelijke en reglementaire bepalingen betreffende de organisatie van de gasmarkt leggen de bekendmaking of mededeling van de desbetreffende gegevens op;3. 3.er is een voorafgaand schriftelijk akkoord van diegene van wie de vertrouwelijke en/of commercieel gevoelige informatie uitgaat; 4. het beheer van het distributienet of het overleg met andere netbeheerders vereist de mededeling door de netbeheerder;5. de informatie is gewoon toegankelijk of publiek beschikbaar. Art. 14.Wanneer de mededeling aan derden gebeurt op grond van de voorwaarden bedoeld in punten 2, 3 en 4 van artikel 12, geeft de bestemmeling van de informatie aan deze informatie dezelfde graad van vertrouwelijkheid als deze gegeven bij de aanvankelijke mededeling. HOOFDSTUK III. - Bekendmaking van de algemene voorwaarden en informaties en van de procedures en formulieren Art. 15.§ 1. De netbeheerder stelt de volgende informatie ter beschikking van het publiek en maakt deze informatie bekend, met name op een via Internet toegankelijke server, uiterlijk 15 dagen voor haar inwerkingtreding : 1. de algemene voorwaarden van de krachtens dit T.R.GAS af te sluiten aansluitings- en toegangscontracten; 2. de procedures die van toepassing zijn en waarnaar in dit T.R.GAS wordt verwezen; 3. de formulieren vereist voor de gegevensuitwisseling overeenkomstig dit T.R.GAS; 4. de geldende tarieven voor het gebruik van het distributienet, de aansluiting met of zonder uitbreiding, de uitvoering van oriëntatie- of gedetailleerde onderzoeken met het oog op een aansluiting alsook voor de andere prestaties van de netbeheerder in het kader van diens opdrachten;5. een beschrijving van zijn net met minstens de plaatsbepaling van de gasdistributiegebieden alsook het soort gas "L" of "H" dat er wordt geleverd;6. de geprogrammeerde netuitbreidingen en hun geplande indienststellingsdatum;7. het geheel van de door de netbeheerder aangeboden diensten. § 2. De netbeheerder deelt onverwijld die informatie mee aan de CWaPE en uiterlijk 60 dagen vóór hun inwerkingtreding, met uitzondering van de geldelijke tarieven die vanaf hun goedkeuring door de bevoegde overheid worden meegedeeld. § 3. De netbeheerder deelt de in § 1 bedoelde informatie mee aan de leveranciers uiterlijk 30 dagen vóór hun inwerkingtreding, met uitzondering van de geldelijke tarieven die vanaf hun goedkeuring door de bevoegde overheid worden meegedeeld. HOOFDSTUK IV. - Toegankelijkheid van de installaties Afdeling 4.1. - Voorschriften betreffende de veiligheid van personen
en goederen Art. 16.De toepasselijke wettelijke en reglementaire bepalingen inzake de veiligheid van personen en goederen, zoals het ARAB (Algemeen reglement voor de arbeidsbescherming), de Codex over het welzijn op het werk en het AREI (Algemeen reglement op de elektrische installaties), alsook de aanbevelingen van de KVBG en de eventuele latere wijzigingen zijn van toepassing op iedere persoon die op het distributienet tussenkomt, met inbegrip van de netbeheerders, de netgebruikers, de leveranciers, de transmissienetgebruikers, de andere netbeheerders en hun respectievelijk personeel, evenals derden die in opdracht van voormelde partijen tussenkomen op het distributienet. Afdeling 4.2. - Toegankelijkheid van de installaties van de
netbeheerder Art. 17.§ 1. De toegang tot elk roerend of onroerend goed waarvan de netbeheerder het eigendoms- of gebruiksrecht heeft, gebeurt te allen tijde overeenkomstig de toegangsprocedures en veiligheidsvoorschriften van de netbeheerder en met zijn voorafgaandelijke uitdrukkelijke akkoord. § 2. De netbeheerder heeft het recht op toegang tot alle installaties waarvan hij het eigendoms- of gebruiksrecht heeft en die zich bevinden in de inrichting van de netgebruiker. De netgebruiker zorgt voor een permanente toegang voor de netbeheerder of verschaft hem die onmiddellijk en te allen tijde op eenvoudig mondeling verzoek van een gehabiliteerd gemachtigde van de netbeheerder. § 3. Indien de toegang tot een roerend of onroerend goed van de netgebruiker onderworpen is aan specifieke toegangsprocedures en veiligheidsvoorschriften van de netgebruiker, dient laatstgenoemde deze vooraf schriftelijk mee te delen aan de netbeheerder die deze moet nakomen. Zoniet volgt de netbeheerder zijn eigen veiligheidsvoorschriften. Afdeling 4.3. - Bijzondere modaliteiten betreffende de installaties
die functioneel deel uitmaken van het distributienet Art. 18.Wanneer de netbeheerder acht dat sommige installaties van een netgebruiker die geen distributie- of transmissienet is, functioneel deel uitmaken van het distributienet, deelt hij het mee met verantwoording aan de netgebruiker en aan de "CWaPE".
Een geschreven overeenkomst wordt gesloten tussen de netbeheerder en de betrokken netgebruiker; zij bevat de lijst van betrokken installaties alsook de verantwoordelijkheden inzake bediening, beheer en onderhoud van die installaties.
Wat betreft de installaties die reeds bestonden bij de inwerkingtreding van dit T.R.GAS, waarborgt die overeenkomst de inachtneming van alle vorige verbintenissen aan de netgebruiker, met inbegrip van hete onderschreven vermogen, behalve andersluidend geschreven akkoord van de netgebruiker en met een gepaste vergoeding van die laatste. Die overeenkomst bepaalt ook de financiële modaliteiten voor de tenlasteneming door de netbeheerder van alle kosten voortvloeiend uit die wijziging van het statuut van het aansluitingswerk, met inbegrip van de vergoeding van de eigenaar van de installaties. Die overeenkomst vormt een addendum bij het aansluitingscontract. Die overeenkomst wordt in voorkomend geval gevoegd bij de nieuwe aansluitingscontracten.
De CWaPE wordt op de hoogte gebracht van de lijst van de betrokken installaties. Art. 19.§ 1. De netbeheerder heeft het recht op toegang tot de aansluitingswerken en de installaties bedoeld in artikel 18 teneinde er inspecties, testen en/of proeven alsook de tussenkomsten voorzien in de in artikel 18 bedoelde overeenkomst uit te voeren. De betrokken netgebruiker en de netbeheerder plegen overleg daarover. § 2. Voorafgaand aan elke uitvoering van de inspecties, testen en/of proeven bedoeld in § 1, dient de betrokken netgebruiker de netbeheerder schriftelijk op de hoogte te stellen van de toepasselijke veiligheidsvoorschriften. Zo niet volgt de netbeheerder zijn eigen veiligheidsvoorschriften. § 3. De bij de bepalingen van de artikelen 18 en 19, § 1 en 2 betrokken netgebruiker die zijn eigen testen wenst uit te voeren of te laten uitvoeren op zijn installaties wanneer ze functioneel deel uitmaken van het distributienet, moet eerst de geschreven goedkeuring van de netbeheerder ontvangen. Elke aanvraag moet gemotiveerd zijn en vermelden welke installaties betrokken zijn bij de testen alsook de aard en de technische gegevens daarvan, de procedure (o.a. wie de testen uitvoert) en de planning..
Op grond van de gegevens die deze aanvraag bevat, beslist de netbeheerder over de geschiktheid daarvan en geeft in voorkomend geval zijn goedkeuring over de aangevraagde testen, hun procedure en planning; hij verwittigt de partijen die volgens hem betrokken zijn bij die testen. Afdeling 4.4. - Toegankelijkheid van de installaties van de
netgebruiker Art. 20.§ 1. Onverminderd de bepalingen van artikel 24, wanneer de veiligheid, de betrouwbaarheid of de efficiëntie van het net een aanpassing van de installaties van de netgebruiker vereist, pleegt de netgebruiker overleg met de netbeheerder teneinde de noodzakelijke werken en hun uitvoeringstermijn te bepalen. De netbeheerder neemt de door die werken veroorzaakte kosten ten laste behalve indien ze voortvloeien uit gebreken in hoofde van de netgebruiker of uit een technische interventie van laatstgenoemde of van een derde in opdracht van de gebruiker. § 2. Wanneer de veiligheid en de betrouwbaarheid van het net een snelle tussenkomst vereisen, heeft de netbeheerder het recht om de netgebruiker bij aangetekend schrijven in gebreke te stellen de noodzakelijke aanpassingswerken en hun uitvoeringstermijn te aanvaarden. § 3. De netgebruiker erkent het recht van de netbeheerder om toegang te krijgen tot zijn installaties zelfs tijdens hun gebruik wanneer de veiligheid, de exploitatie of het beheer van het net het vereist. § 4. Bij duidelijke weigering van de netgebruiker om zich te schikken naar de bepalingen van §§ 2 en 3 kan de netbeheerder de toegang tot zijn net onderbreken overeenkomstig de bepalingen van artikel 131 van dit T.R.GAS. Art. 21.De werken, met inbegrip van de inspecties, testen en/of proeven bedoeld in de artikelen 18 en 19, moeten worden uitgevoerd overeenkomstig de bepalingen en contracten gesloten krachtens dit T.R.GAS alsook overeenkomstig de regelingen waarnaar het verwijst. HOOFDSTUK V. - Overmacht en noodsituatie Art. 22.Voor de toepassing van dit T.R.GAS worden de volgende situaties in ieder geval als overmacht beschouwd voor de netbeheerder, voor zover ze onvoorzienbaar en onweerstaanbaar zijn : 1. natuurrampen, met inbegrip van aardbevingen, overstromingen, stormen, cyclonen of andere uitzonderlijke klimatologische omstandigheden;2. een nucleaire of chemische explosie of lekkage en de gevolgen ervan;3. niet-geprogrammeerde onbeschikbaarheden van de installaties, met inbegrip van een computervirus en een computercrash, om redenen andere dan ouderdom of het gebrek aan onderhoud van de installaties of de kwalificatie van de operatoren;4. de tijdelijke of voortdurende technische onmogelijkheid om via het distributienet gas uit te wisselen omwille van een plots gebrek aan gasinjectie uit het transmissienet en niet compenseerbaar met andere middelen;5. brand, explosie, sabotage, terroristische daden, daden van vandalisme, schade veroorzaakt door criminele daden, en bedreigingen van dezelfde aard;6. de oorlog, al dan niet verklaard, het dreigend oorlogsgevaar, de invasie, het gewapend conflict, het embargo, de revolutie, de opstand;7. een maatregel van hogerhand, waaronder onder meer de situaties die de overheid als dusdanig beschouwt en waarvoor zij de netbeheerders of netgebruikers uitzonderlijke en tijdige maatregelen oplegt teneinde de veilige en betrouwbare werking van het geheel van de netten te vrijwaren of herstellen. Art. 23.In dit T.R.GAS wordt noodsituatie beschouwd als zijnde : - de situatie die volgt op overmacht en waarin maatregelen dienen te worden genomen die uitzonderlijk en tijdelijk zijn om aan de gevolgen van de overmacht het hoofd te kunnen bieden teneinde de veilige en betrouwbare werking van het distributienet te kunnen vrijwaren of herstellen; - een situatie die volgt op een gebeurtenis die, alhoewel zij volgens de huidige stand van rechtspraak en rechtsleer niet als overmacht kan worden aangeduid, naar het inzicht van een overheid, een reguleringsinstantie, de justitie, de netbeheerder, een netgebruiker of een leverancier, een dringend en gericht optreden van de netbeheerder vereist teneinde de veilige en betrouwbare werking van het distributienet te kunnen vrijwaren of herstellen, of verdere schade te voorkomen. De netbeheerder verantwoordt dat optreden zo spoedig mogelijk bij de gebruikers en de "CWaPE". Art. 24.§ 1. De netbeheerder is bevoegd alle handelingen te stellen die hij nodig acht met het oog op de veiligheid en de betrouwbaarheid van het distributienet wanneer de noodsituatie wordt ingeroepen door de netbeheerder of een andere netbeheerder, een netgebruiker, een leverancier of enige andere betrokken persoon met inbegrip van de overheid. § 2. De netbeheerder neemt alle preventieve maatregelen teneinde de schadelijke gevolgen van de aangekondigde of redelijkerwijs voorzienbare uitzonderlijke gebeurtenissen te beperken. Deze maatregelen die de netbeheerder neemt in het kader van dit artikel kunnen worden ingeroepen tegen alle betrokken personen. § 3. In het geval een noodsituatie gelijktijdig betrekking heeft op het transmissienet alsook op één of meerdere distributienetten, dienen de maatregelen gecoördineerd te worden tussen alle betrokken netbeheerders. Art. 25.In geval van noodsituatie wordt de uitvoering van de taken en verplichtingen, met uitzondering van die van administratieve of financiële aard, geheel of gedeeltelijk opgeschort, maar enkel voor de duur van de noodsituatie. Art. 26.§ 1. De partij die zich op de noodsituatie beroept, doet alle redelijke inspanningen om de gevolgen van de opschorting van haar verplichtingen te beperken en om haar opgeschorte verplichtingen zo snel mogelijk opnieuw te vervullen. § 2. De partij die haar verplichtingen opschort, brengt zo snel mogelijk alle betrokken partijen op de hoogte van de redenen waarom zij haar verplichtingen geheel of gedeeltelijk opschort en welke de voorzienbare termijn van de noodsituatie zal zijn. In afwijking van afdeling 2.1. van deze algemene voorwaarden kan die mededeling ook worden uitgevoerd d.m.v. aanplakking, informatie via de radio of TV, informatiebrochures en huis-aan-huis nieuwsbladen. HOOFDSTUK VI. - Minimale technische vereisten voor de inrichting van netinfrastructuren Art. 27.§ 1. De netbeheerder vervult alle verplichtingen die hem opgelegd zijn krachtens de toepasselijke wetgevingen en regelgevingen, in het bijzonder die betreffende de te nemen veiligheidsmaatregelen bij de oprichting en exploitatie van installaties voor gasdistributie d.m.v. leidingen. Met het oog op de veiligheid van de distributie van aardgas zorgt de netbeheerder o.a. voor een permanente en daartoe voldoende gasdruk onder normale exploitatieomstandigheden. § 2. De netbeheerder verbindt zich ertoe alle bepalingen te treffen die men van hem redelijkerwijs kan verwachten opdat de gasdruk op elk toegangspunt voldoet aan het in de aansluitings- of toegangscontracten voorziene drukpeil. § 3. De netbeheerder leeft met name de minimale technische vereisten na voor de aansluiting op het net van installaties voor productie, gewone aansluiting of interconnectie alsook voor de aanleg van de infrastructuren van het net en voor leidingen. Hij neemt ook de operationele regels in acht die betrekking hebben op het technische beheer van de injecties en afnamen en die betreffende de maatregelen die hij moet treffen om het hoofd te bieden aan problemen die de veiligheid en de continuïteit van de toevoer op de helling kunnen zetten. Hij treft de maatregelen die een optimale technische veiligheid waarborgen ten einde gaslekkages en ontploffingen te voorkomen, zoals die voortvloeien uit de toepasselijke wetgevingen en reglementen. HOOFDSTUK VII. - Directe leidingen Art. 28.Elke directe leiding toegelaten krachtens artikel 29 van het decreet valt onder de voorschriften die uitdrukkelijk vastliggen in de door de Minister afgegeven machtiging. De modaliteiten van dit T.R.GAS die op de directe leiding van toepassing zijn worden nader bepaald in die voorschriften. Art. 29.Opdat de " CWaPE " haar advies over de vergunning van de aanleg van een nieuwe directe lijn zou kunnen geven aan de Minister, dient de netgebruiker, die aanvrager is, een uitvoerig bewijsdossier in bij de "CWaPE", in twee exemplaren en bij aangetekende brief of een brief overhandigd tegen ontvangbewijs. Art. 30.Na ontvangst van een aanvraag zoals beschreven in artikel 29 gaat de "CWaPE" na of ze beschikt over alle documenten noodzakelijk voor het onderzoek van de aanvraag. Indien zij acht dat de aanvraag dient aangevuld te worden, stelt zij de aanvrager bij aangetekende brief in kennis daarvan binnen een termijn van één maand vanaf de ontvangst van de aanvraag. Art. 31.De "CWaPE" gaat na, met behulp van elk document waarover zij beschikt, of de aanvraag verantwoord is en of er geen ander technisch en economisch geldig alternatief bestaat. Tot dit einde raadpleegt ze de netbeheerder(s) aangewezen voor de gemeenten die door de directe leiding worden doorkruist. Wanneer de "CWaPE" acht dat de aanvraag niet verantwoord is, stelt zij de aanvrager bij aangetekende brief in kennis daarvan. De CWaPE geeft nauwkeurig de redenen op waarom zij de aanvraag als niet verantwoord beschouwt en stelt een termijn waarin de aanvrager bij aangetekend schrijven zijn opmerkingen, verantwoordingen en aanvullende informatie kan overmaken. De CWaPE is ertoe verplicht de aanvrager die daarom verzoekt, te horen. Art. 32.Binnen een termijn van twee maanden vanaf de ontvangst van een verantwoorde aanvraag en, in voorkomend geval, van de aanvullende informatie, opmerkingen en verantwoordingen bedoeld in de artikelen 30 en 31, maakt de "CWaPE" de tekst van de aanvraag, de bijlagen daarbij alsook haar met redenen omklede advies over aan de Minister. HOOFDSTUK VIII. - Gas uit hernieuwbare bronnen en fataal gas Art. 33.Wat betreft de aanvragen om aansluiting, om oriëntatie- of uitvoerige onderzoeken alsook om toegang tot zijn net, geeft de netbeheerder de voorrang aan die betreffende de injecties of afnamen van fataal gas en/of van gas uit hernieuwbare bronnen voor zover die gassen compatibel zijn met het gas van het bestaande net. Art. 34.De netgebruiker die om toegang tot het net verzoekt om gas te injecteren, levert het bewijs dat bedoeld gas met aardgas compatibel is in de zin van artikel 2, 22°. Art. 35.De netbeheerder informeert de CWaPE over elke aanvraag betreffende fataal gas en/of gas uit hernieuwbare bronnen alsook over haar beslissing daarover. Art. 36.De netbeheerder stelt technische oplossingen voor om voor zover mogelijk rekening te houden met de in de artikelen 33 en 34 bedoelde aanvragen. In voorkomend geval, als de netbeheerder vindt dat fataal gas en/of gas uit hernieuwbare bronnen niet compatibel is met aardgas in de zin van artikel 2, 22°, kan hij de toegang tot het net weigeren overeenkomstig de bepalingen van artikel 26 van het decreet. Art. 37.De netbeheerder houdt rekening met de mogelijke ontwikkelingen inzake fataal gas en/of gas uit hernieuwbare bronnen bij de programmering van de netaanpassingen en -uitbreidingen.
TITEL II. - Planningscode HOOFDSTUK I. - Gegevens met het oog op het opmaken van het aanpassings- en uitbreidingsplan Art. 38.§ 1. In het kader van de operationele regels voor het technisch beheer van gasstromen, leggen de netbeheerders en de "CWaPE" de praktische overlegmodaliteiten vast met het oog op het opmaken van het aanpassings- en -uitbreidingsplan van hun net op grond van de in deze Code bedoelde informatie. § 2. De CWaPE kan richtlijnen voorleggen voor het opmaken van de plannen bedoeld in § 1 en desnoods een model van plan opleggen. Art. 39.§ 1. De aan de CWaPE overgemaakte aanpassingsplannen van het distributienet bevatten minstens : - een uitvoerige raming van de capaciteitsbehoeften en van de aanpassingen opgelegd door technische en reglementaire voorschriften; - de analyse van de nodige infrastructuren of aanpassingen en de evaluatie van de desbetreffende investeringsbudgetten; - het programma van de werken en investeringen die de netbeheerder over een periode van 5 jaar voorziet, met dien verstande dat dit programma na het tweede jaar minder uitvoerig mag zijn en enkel de allerbeste ramingen mag bevatten; - een uitvoeringsverslag betreffende de vorige plannen; - de bijwerking van alle MP schema's en MP/BP situatieplannen betreffende het net; - elke bijkomende informatie overeengekomen met de CWaPE. § 2. De aan de CWaPE overgemaakte plannen tot uitbreiding van het distributienet bevatten minstens : - een raming van de aansluitingsaanvragen, verkavelingsprojecten en activiteitsgebieden waarop de uitbreidingen betrekking hebben, alsook van de strategische uitbreidingen; - de analyse van de infrastructuren die de netbeheerder nodig heeft om op die behoeften in te spelen; - de samenvatting van de analyses van de rendabiliteit van de projecten en van de nodige investeringsbudgetten; - het programma van de werken en investeringen die de netbeheerder over een periode van 3 jaar voorziet, met dien verstande dat dit programma na het tweede jaar minder uitvoerig mag zijn en enkel de allerbeste ramingen mag bevatten; - een uitvoeringsverslag netreffende de vorige plannen; - elke bijkomende informatie overeengekomen met de CWaPE. § 3. De ontwerpen van plan bedoeld in de §§ 1 en 2 worden overgemaakt aan de CWaPE uiterlijk op 31 maart van het jaar dat voorafgaat aan de periode waarop ze betrekking hebben. De CWaPE onderzoekt de plannen in overleg met de netbeheerder en geeft haar opmerkingen vóór 15 mei. De netbeheerder brengt de nodige wijzigingen aan om zijn definitief plan vóór 15 juni van hetzelfde jaar op te maken. § 4. De "CWaPE" maakt onverwijld één exemplaar over aan de Minister.
Desnoods maakt zij binnen 30 dagen haar voorbehouden aan de Regering d.m.v. een van overheidswege uitgebracht advies indien ze acht dat de inhoud van één of meerdere plannen nog ontoereikend is. § 5. Na goedkeuring door de Regering, worden de plannen toegepast vanaf 1 januari van het volgende jaar. § 6. Vóór 31 maar van het jaar van inwerkingtreding van de plannen bedoeld in de §§ 1 en 2, deelt de netbeheerder aan de CWaPE het definitief budget mee dat er betrekking op heeft. De netbeheerder verantwoordt de eventuele herzieningen of uitstel ten opzichte van de definitieve plannen opgemaakt voor 15 juni die op die datum reeds voorspelbaar zijn. HOOFDSTUK II. - Informatie-uitwisseling betreffende de planning tussen netbeheerder en netgebruiker Afdeling 2.1. - Algemeen
Art. 40.De netgebruiker of in voorkomend geval de leverancier moet de planningsgegevens betreffende deze Planningscode overmaken aan de netbeheerder volgens zijn beste raming en overeenkomstig de in onderlinge overeenstemming door de netbeheerders vastgestelde procedure onverminderd de artikelen 41 en 42. Afdeling 2.2. - Kennisgeving
Art. 41.De netgebruiker met een onderschreven vermogen van 250 m3(n)/uur of meer, of de door hem gemandateerde leverancier maakt de netbeheerder voor 31 december van elk jaar en per toegangspunt de planningsgegevens betreffende de vijf volgende jaren over. Na het tweede jaar komen de partijen overeen dat die gegevens enkel de best mogelijke ramingen vormen. Die gegevens bevatten : 1. de vooruitzichten betreffende de afgenomen gashoeveelheid in m3(n) op jaarlijkse basis met vermelding van het maximumdebiet per uur voor gelijkwaardige klimatische temperaturen van + 10,0 en - 11 °C en voorzienbare schommelingen en onderbrekingen;2. de geplande jaarlijkse gebruiksprofielen. Art. 42.De netgebruiker wiens installaties met aardgas compatibele gasproductie-eenheden bevatten of zullen bevatten, geeft de netbeheerder jaarlijks vóór 31 december kennis van de onderstaande planningsgegevens die betrekking hebben op de komende vijf jaar. Na het tweede jaar komen de partijen overeen dat die gegevens enkel de allerbeste ramingen vormen. Die gegevens bevatten : 1. het maximumdebiet, de geraamde jaarlijkse productie, de beschrijving van het verwachte gebruiksprofiel en de technische gegevens betreffende de kwaliteit van het gas uit de verschillende in dienst zijnde productie-eenheden;2. het maximumdebiet, de geraamde jaarlijkse productie, de beschrijving van het verwachte gebruiksprofiel en de technische gegevens betreffende de kwaliteit van het gas uit de verschillende productie-eenheden die in dienst moeten worden gesteld;3. de productie-eenheden die buiten dienst zullen worden gesteld en de voorziene datum van hun buitendienststelling. Art. 43.De netgebruiker of in voorkomend geval elke door hem gemandateerde tussenpersoon moet de netbeheerder in kennis stellen van alle andere nuttige informatie die niet opgenomen is in de artikelen 41 en 42 en die nuttig kan zijn voor het opmaken van de planning. Art. 44.De plicht tot kennisgeving van de planningsgegevens bedoeld in de artikelen 41 en 42 geldt eveneens voor de toekomstige netgebruikers bij het indienen van hun aanvraag tot aansluiting. Art. 45.§ 1. In geval de netbeheerder van oordeel is dat de kennisgeving van de planningsgegevens onvolledig, onnauwkeurig of onredelijk is, maakt de netgebruiker of elke door hem gemandateerde tussenpersoon, op aanvraag van de netbeheerder, alle verbeteringen of bijkomende gegevens over die deze laatste nuttig acht. § 2. De netbeheerder kan, indien hij dit nodig acht om zijn opdracht tot een goed einde te brengen en mits motivering, bijkomende gegevens, niet voorzien in dit T.R.GAS, opvragen bij de netgebruiker of de door hem gemandateerde leverancier. § 3. Na raadpleging van de netgebruiker of de leverancier bepaalt de netbeheerder de redelijke termijn waarbinnen de gegevens bedoeld in § 1 en § 2 aan hem overgemaakt moeten worden. Art. 46.De netbeheerders en het transmissiebedrijf plegen minstens jaarlijks overleg over de vorm en de inhoud van de gegevens die zij wederzijds moeten uitwisselen voor het opstellen van het aanpassings- en uitbreidingsplan, evenals de te respecteren termijnen. Art. 47.De netbeheerder zorgt voor de volledige en geloofwaardige aard van de gegevens meegedeeld door de netgebruikers, de andere netbeheerders of de leveranciers.
TITEL III. - Aansluitingsplan HOOFDSTUK I. - Technische voorschriften voor aansluitingswerken Afdeling 1.1. - Algemeen
Art. 48.Deze aansluitingscode bevat de voorschriften betreffende de aansluiting van de netgebruikers gelegen op het distributienet en die geen distributie- of transmissienet zijn, d.w.z. de producenten, opslagbedrijven of eindafnemers (de gelijkwaardige voorschriften betreffende de netgebruiker die een distributie- of transmissienet zijn, worden opgenomen in de samenwerkingscode). Deze voorschriften hebben betrekking op de aansluitingswerken alsook op de installaties van de netgebruiker die functioneel deel uitmaken van het distributienet. Art. 49.§ 1. Afbeeldingen van de aansluitingswerken en hun bestanddelen worden opgenomen in bijlage I. § 2. De installaties van het meetapparaat maken het voorwerp uit van de meet- en tellingscode wat betreft hun technische voorschriften, gebruik, onderhoud en de verwerking van meet- of telgegevens. Afdeling 1.2. - Aansluitingssoorten
Art. 50.§ 1. De gewone aansluiting stemt overeen met de volledige aanleg van een aansluitingswerk dat voldoet aan de volgende voorwaarden : 1. het aansluitingsvermogen is gelijk aan 16 m3(n)/u.of minder; 2. de aangevraagde leveringsdruk ligt tussen 21 en 25 mbar.3. de hoogst toelaatbare bedrijfsdruk van het aansluitingswerk is gelijk aan 4,90 bar of minder. § 2. De ongewone aansluiting is een aansluiting waarvoor een of meerdere criteria verwoord in § 1 niet worden vervuld. Art. 51.De in artikel 32, 3°, c van het decreet bedoelde standaardaansluiting stemt overeen met de volledige aanleg van een aansluitingswerk dat voldoet aan volgende voorwaarden : 1. de afstand tussen het aangevraagde toegangspunt van de netgebruiker en het aansluitingspunt is gelijk aan maximum 8 meter; 2. het aangevraagde aansluitingsvermogen is lager of gelijk aan 10 m3(n)/u.; 3. de aangevraagde leveringsdruk is begrepen tussen 21 en 25 mbar;4. het aansluitingswerk wordt in dienst gesteld binnen twaalf maanden na zijn aanleg. Afdeling 1.3. - Algemene technische voorschriften
Art. 52.Elk aansluitingswerk moet voldoen aan de desbetreffende normen, regelingen en voorschriften inzake gasinstallaties. Art. 53.De installatie van de netgebruiker, de gebruiksapparaten alsook de aanleg en aansluiting van die apparaten zijn onderworpen aan de wettelijke bepalingen en de regelingen die geldig zijn bij de aanleg of aansluiting. Art. 54.§ 1. Onverminderd de bepalingen van artikel 18 worden de installaties waarvan de netgebruiker het eigendoms- of gebruiksrecht heeft, door de netgebruiker of een gemachtigde derde beheerd en onderhouden, dit voor rekening van die gebruiker. Genoemde gebruiker zorgt voor de goede werking en het onderhoud van zijn installaties. § 2. De eigendomsgrenzen van de installaties worden opgenomen in de algemene aansluitingsvoorwaarden of, desgevallend, in het aansluitingscontract. Art. 55.§ 1. Enkel de netbeheerder wordt ertoe gemachtigd om tussenkomsten en/of handelingen uit te voeren op het aansluitingswerk. § 2. Onder voorbehoud van wettelijke of reglementaire bepalingen betreffende de verplichtingen van openbaar nut, indien de tussenkomsten en/of handelingen (o.a. bij een in- of buitendienststelling) worden verricht op aanvraag van de netgebruiker, kunnen de desbetreffende kosten ten laste zijn van laatstgenoemde. § 3. In afwijking van § 1 mag de netgebruiker of de door hem daartoe gemachtigde persoon, met inachtneming van alle aangevraagde veiligheidsmaatregelen, de kraan gelegen onmiddellijk stroomopwaarts van zijn toegangspunt echter bedienen behalve als die verzegeld is of tenzij een andersluidende aanwijzing is gegeven door de netbeheerder.
Het aansluitingscontract opgemaakt op grond van dit T.R.GAS kan bijzondere bepalingen die afwijken van dit artikel bevatten. § 4. Indien een onderbreking van de aardgasvoorziening zich opdoet als gevolg van een incident of noodgeval of door de werking van een veiligheidsapparaat op het net, mag genoemde voorziening enkel door de netbeheerder worden hersteld. Art. 56.§ 1. De netgebruiker zorgt ervoor dat zijn installaties bij de netbeheerder of bij derden geen risico's, schade of hinder veroorzaken boven de normen die gewoonlijk worden aangenomen. § 2. De netgebruiker dient de netbeheerder onmiddellijk op de hoogte te stellen van elke beschadiging, overtreding of niet-conformiteit met de wettelijke of reglementaire voorschriften die hij redelijkerwijze kan vaststellen. § 3. Indien de netbeheerder vaststelt of ervan verwittigd wordt dat de installaties van een netgebruiker of de werking ervan het distributienet verstoren, pleegt hij overleg met de netgebruiker om de wijzigingen die strikt noodzakelijk zijn, eraan aan te brengen en om de termijnen daarvoor vast te stellen. Art. 57.§ 1. Wanneer gedeelten van het distributienet kunnen worden beschadigd of geïmpacteerd door werken uitgevoerd nabij de aansluiting door de netgebruiker of de eigenaar van het gebouw, moet die gebruiker of eigenaar vooraf overleg plegen met de netbeheerder. § 2. De netgebruiker of de eigenaar is verplicht de derden die hij belast met de uitvoering van werken voor zijn eigen rekening in de omgeving van de aansluiting te informeren over het bestaan daarvan en hen de verplichtingen die hijzelf moet naleven op te leggen. Art. 58.De installaties van één of meerdere netgebruikers gevoed via onderscheiden aansluitingen mogen niet onderling verbonden worden tenzij mits voorafgaand schriftelijk akkoord van de netbeheerder. Art. 59.De netbeheerder voorbehoudt zich het recht een cathodische bescherming aan te leggen op de door hem aangewezen netgedeelten. Afdeling 1.4. - Omgeving van de installaties
Art. 60.Alle elektrische installaties verbonden met een aansluitingswerk of gelegen in lokalen of ruimten die genoemd werk bevatten, moeten conform zijn met het AREI. De uitvoering van de verplichtingen voorzien bij de regelgeving inzake periodieke conformiteitscontroles over die installaties en de daaruit voortvloeiende kosten zijn ten laste van de netgebruiker. Art. 61.§ 1. Teneinde het meetapparaat en eventueel andere apparaten verbonden met het aansluitingswerk aan te leggen, stelt de netgebruiker een muurgedeelte of een ruimte (eventueel een terrein) met gepaste afmetingen ter beschikking van de netbeheerder. De omvang en de plaats van die ruimte worden in overleg vastgesteld met inachtneming van het voordeel van een kosteloze standaardaansluiting voor de netgebruiker. § 2. De netgebruiker zorgt ervoor dat de water- en gasdichtheid van de muren waardoor het aansluitingswerk heen gaat, met uitzondering van deur-, raam-, kelderraam- en verluchtingsopeningen, altijd conform is met de regels der kunst. Art. 62.Als voor het voeden van een verkaveling een nieuwe klanten- of distributiecabine nodig is, stelt de verkavelaar gratis een terrein met gepaste afmetingen ter beschikking van de netbeheerder. De omvang en de plaats van dat terrein worden in overleg vastgesteld met inachtneming van de vigerende stedenbouwkundige voorschriften. HOOFDSTUK II. - Nieuwe aansluiting op het distributienet Afdeling 2.1. - Indiening van een aansluitingsaanvraag
Art. 63.Elke nieuwe aansluiting moet voorafgegaan worden door een aansluitingsaanvraag. Art. 64.§ 1. Elke natuurlijke of rechtspersoon kan een aansluitingsaanvraag indienen. § 2. Die aanvraag bevat met name : - de identiteit van de aanvrager en zijn rechtstoestand t.a.v. het betrokken gebouw; - de contactgegevens van de aanvrager; - de plannen van de afname- of injectieplaats, de algemene technische gegevens en de gewenste plaats van het toegangspunt; - de noodzakelijke gegevens voor de vaststelling van het injectie- of afnamepunt waaronder het aangevraagde aansluitingsvermogen en de voorziene afname- of injectiewijze. § 3. Een aanvraag om gewone aansluiting kan per post, e-mail, fax of telefoon worden ingediend, overeenkomstig de door de netbeheerder bekendgemaakte procedure. Art. 65.§ 1. Een aanvraag om aansluiting met een drukpeil op het afname/injectiepunt hoger dan 14.71 bar moet worden ingediend bij het transmissiebedrijf volgens de bij dat bedrijf vigerende procedure. § 2. Onverminderd de behandelingsprocedure voor de in artikel 70 bedoelde aanvraag moet een aanvraag om aansluiting met een drukpeil op het afname/injectiepunt lager of gelijk aan 14.71 bar en met een verwachte jaarlijkse afname/injectie lager of gelijk aan vijf miljoen m3(n) worden ingediend bij de netbeheerder aangewezen voor de geografische zone waar het bij die aanvraag betrokken toegangspunt gelegen moet zijn. Die aanvraag wordt ingediend volgens de door de netbeheerder bekendgemaakte procedure. § 3. Aanvragen tot aansluiting met een drukpeil op het afname/injectiepunt van 14.71 bar of minder en met een verwachte jaarlijkse afname/injectie hoger dan vijf miljoen m3(n) worden aan het transmissiebedrijf gericht. § 4. In afwijking van § 3 wordt elke aanvraag die betrekking heeft op een bestaand aansluitingswerk op het distributienet maar waarvoor de voorwaarden om aan het transmissiebedrijf te worden gericht vervuld zouden zijn, aan de bij het aansluitingswerk betrokken netbeheerder gericht en door hem behandeld. De netbeheerder evalueert in welke mate hij naar behoren kan voldoen aan de nieuwe afname-/injectievoorwaarden; als zulks niet het geval is, maakt hij de aanvraag over het transmissiebedrijf.
Art 66. Een aanvraag om aansluiting met een drukpeil op het afname/injectiepunt lager of gelijk aan 14.71 bar en met een verwachte jaarlijkse afname/injectie lager of gelijk aan vijf miljoen m3(n) in een gemeente waarvoor geen enkele netbeheerder door de Waalse Regering werd aangewezen, wordt aan de gemeente gericht. Die onderzoekt of aan de aanvraag kan worden voldaan, met name op wettelijk vlak, hetzij door haar grondgebied (of een gedeelte daarvan) toe te voegen aan de geografische zone van een bestaande netbeheerder of door het dossier over te maken aan een transmissiebedrijf. Een afschrift van de aanvraag en van de daaruit voortvloeiende latere stukken wordt overgemaakt aan de CWaPE door de verschillende partijen. Onverminderd de eventuele andere beroepsmiddelen die wettelijk georganiseerd zijn, kan de afgewezen aanvrager de tussenkomst van de CWaPE aanvragen. Art. 67.Indien een aansluitingsaanvraag bedoeld in artikel 65, § 2, een ongewone aansluiting betreft, is een onderzoek nodig. In zijn aanvraag vermeldt de aanvrager of hij een oriëntatieonderzoek zoals bedoeld in hiernavolgende afdeling 2.3. wenst of een uitvoerig onderzoek zoals bedoeld in afdeling 2.4.Het oriëntatieonderzoek is facultatief, het gedetailleerd onderzoek is verplicht. Afdeling 2.2. - Behandeling van een aansluitingsaanvraag door de
netbeheerder Art. 68.§ 1. De netbeheerder oordeelt op grond van technische en economische argumenten op welk gedeelte van het bestaande of ontworpen distributienet de aansluiting zal gebeuren volgens o.a. het aangevraagde aansluitingsvermogen, het drukpeil en de geologische of geografische toevalligheden. De aansluiting zal worden uitgevoerd op de leiding met het laagste drukpeil en die de aangevraagde druk en aansluitingsvermogen kan leveren, met inachtneming van de noodzaak om de veiligheid, betrouwbaarheid en efficiëntie van het net te handhaven. § 2. De netbeheerder kan beslissen een aansluitingsmethode aan te nemen die afwijkt van die omschreven in § 1 volgens de kenmerken van het plaatselijke distributienet of een aansluiting op het net "gemiddelde druk categorie C" te weigeren op grond van objectieve en niet-discriminerende criteria. In dergelijke gevallen notificeert de netbeheerder zijn gemotiveerde beslissing aan de netgebruiker en stuurt een afschrift ervan aan de CWaPE. Art. 69.§ 1. Bij het onderzoek van de aansluitingsaanvraag alsook bij elke daaruit voortvloeiende latere stap handelt de netbeheerder altijd met het oog op het technische en economische belang van de aanvrager onverminderd het belang van de andere netgebruikers. § 2. Ter uitvoering van § 1 neemt de netbeheerder contact op met de andere betrokken netbeheerders indien hij niet alleen kan voldoen aan de aansluitingsaanvraag. Indien de netbeheerder vaststelt dat een aansluiting op een ander distributienet of op het transmissienet meer gepast zou zijn, maakt hij onverwijld het geheel van het dossier over …
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.