Koninklijk besluit nr. 46 tot uitvoering van artikel 5, § 1, 5° van de wet van 27 maart 2020 die machtiging verleent aan de Koning om maatregelen te n
Kort samengevat
Dit besluit voert maatregelen in om werkgevers en werknemers te ondersteunen in de strijd tegen de verspreiding van het coronavirus COVID-19, door flexibiliteit te bieden in arbeidsduur, inkomensverlies te beperken en ontslagen te voorkomen. Het regelt onder andere tijdelijke arbeidsduurvermindering, Corona-tijdskrediet, en aanpassingen aan de regels voor economische werkloosheid.
Wat het regelt
- Tijdelijke aanpassing van de arbeidsduur om werkvermindering op te vangen en loonkosten te verlagen.
- Invoering van het Corona-tijdskrediet, een regeling voor vermindering van arbeidsprestaties met een bijbehorende uitkering.
- Mogelijkheid voor werknemers vanaf 55 jaar om een halftijdse of 1/5de landingsbaan aan te vatten in ondernemingen in moeilijkheden of herstructurering.
- Facilitering van de overgang van tijdelijke werkloosheid wegens overmacht door COVID-19 naar bestaande systemen van economische werkloosheid.
Wie het aangaat
- Werkgevers die te maken hebben met verminderde werkzaamheden of in moeilijkheden verkeren door de COVID-19 pandemie.
- Werknemers die hun arbeidsprestaties willen verminderen of getroffen worden door economische werkloosheid.
Kernpunten
- Tijdelijke arbeidsduurvermindering kan collectief worden ingevoerd voor maximaal één jaar, met een forfaitaire RSZ-vermindering.
- Het Corona-tijdskrediet kan individueel worden toegepast voor 1 tot maximaal 6 maanden, met een uitkering gelijk aan die van gewoon tijdskrediet.
- Werknemers vanaf 55 jaar met 25 jaar beroepsverleden kunnen een halftijdse of 1/5de landingsbaan aanvatten, zelfs voor een minimale periode van één maand.
- De maximale duur van economische werkloosheid voor werklieden wordt tot eind 2020 verhoogd naar acht weken voor volledige schorsing en achttien weken voor gedeeltelijke arbeid. Voor bedienden wordt het maximum aantal weken met 8 weken verhoogd.
Wettekst
26 JUNI 2020. - Koninklijk besluit nr. 46 tot uitvoering van artikel 5, § 1, 5° van de wet van 27 maart 2020Relevante gevonden documenten type wet prom. 27/03/2020 pub. 30/03/2020 numac 2020040938 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet die machtiging verleent aan de Koning om maatregelen te nemen in de strijd tegen de verspreiding van het coronavirus COVID-19
- - het invoeren van het Corona-tijdskrediet, een formule tot vermindering van de arbeidsprestaties waaraan een uitkering is verbonden; Deze maatregel maakt het voorwerp uit van hoofdstuk
- - het toelaten, bij ondernemingen in moeilijkheden of ondernemingen in herstructurering, en onder bepaalde voorwaarden, dat werknemers vanaf 55 jaar een halftijdse of 1/5de landingsbaan aanvatten; Deze maatregel maakt het voorwerp uit van hoofdstuk
- - het mogelijk maken van de erkenning als onderneming in moeilijkheden of als onderneming in herstructurering zonder dat het noodzakelijk is een collectieve arbeidsovereenkomst in het kader van de werkloosheid met bedrijfstoeslag (SWT) af te sluiten; Deze maatregel maakt het voorwerp uit van hoofdstuk
- - het invoeren van een regeling om de overgang te faciliteren van de tijdelijke werkloosheid wegens overmacht als gevolg van het coronavirus COVID-19 naar de bestaande systemen van economische werkloosheid voor werklieden en bedienden. Het hoofdstuk 5 is van toepassing op een werkgever die niet langer in de voorwaarden verkeert om zich te beroepen op de schorsing van de uitvoering van de arbeidsovereenkomst wegens tijdelijke overmacht omwille van het coronavirus COVID-
- In dergelijke situatie kan de werkgever beroep doen op de bestaande stelsels van economische werkloosheid voor arbeiders of bedienden (artikel 51 en artikel 77/1 en volgende van de wet van 3 juli 1978Relevante gevonden documenten type wet prom. 03/07/1978 pub. 03/07/2008 numac 2008000527 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten type wet prom. 03/07/1978 pub. 12/03/2009 numac 2009000158 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten sluiten betreffende de arbeidsovereenkomsten), die tijdelijk, tot eind 2020, worden aangepast om een vlottere toegang tot die stelsels mogelijk te maken. In het systeem van economische werkloosheid voor werklieden wordt het tot eind 2020 mogelijk om de uitvoering van de arbeidsovereenkomst voor ten hoogste acht weken (i.p.v. vier weken) volledig te laten schorsen. Een regeling van gedeeltelijke arbeid kan tot eind 2020 worden ingevoerd voor een duur van ten hoogste achttien weken (i.p.v. drie maanden). Andere regels binnen dit stelsel van economische werkloosheid blijven ongewijzigd van toepassing. Wat de bedienden betreft, zullen werkgevers tot eind 2020 beroep kunnen doen op het stelsel van economische werkloosheid voor bedienden (hoofdstuk II/I van Titel III van de wet van 3 juli 1978Relevante gevonden documenten type wet prom. 03/07/1978 pub. 03/07/2008 numac 2008000527 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten type wet prom. 03/07/1978 pub. 12/03/2009 numac 2009000158 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten sluiten betreffende de arbeidsovereenkomsten) zonder te moeten beantwoorden aan de normale preliminaire voorwaarden voor de toegang tot dit systeem, met name de criteria om te kunnen worden beschouwd als onderneming in moeilijkheden. Wel moet de werkgever kunnen aantonen dat hij in het kwartaal voorafgaand aan de invoering van de economische werkloosheid, een substantiële daling van ten minste 10% van de omzet of de productie heeft gekend in vergelijking met hetzelfde kwartaal van
- Bovendien moet hij de bedienden die in economische werkloosheid worden geplaatst twee vormingsdagen per maand aanbieden.De vereiste van het bestaan van een cao of ondernemingsplan die in de betaling van een supplement voorziet, blijft in deze context behouden. Het maximum aantal weken waarin de bedienden in economische werkloosheid kunnen worden geplaatst, wordt tot eind 2020 verhoogd. Het maximum van zestien kalenderweken per kalenderjaar (in geval van een volledige schorsing) of zesentwintig kalenderweken per kalenderjaar (in geval van regeling van gedeeltelijke arbeid) wordt verhoogd met 8 weken. Deze maatregelen maken het voorwerp uit van hoofdstuk
- De opmerkingen van de afdeling Wetgeving van de Raad van State in zijn advies nr. 67.654 van 25 juni 2020 werden in overweging genomen. Zoals aangegeven door de Raad van State in zijn advies 67.654 van 25 juni 2020 wordt de toepassing van de maatregelen in de eerste vier hoofdstukken beperkt tot de ondernemingen met een erkenning als onderneming in moeilijkheden of herstructureringen die ten vroegste aanvangt vanaf 1 maart 2020 aangezien de maatregelen tegen de verspreiding van het coronavirus vanaf die maand een belangrijke impact begonnen te hebben op de activiteiten binnen de ondernemingen. De maatregelen zijn van toepassing op de ondernemingen die erkend zijn als onderneming in moeilijkheden of in herstructurering waarvan de erkenning aanvangt voor 1 januari
- De economische gevolgen zijn niet beperkt tot de voorbije periode van zeer strikte maatregelen op vlak van social distancing die vooral impact hadden op de tijdelijke werkloosheid. Het is pas in de tweede jaarhelft dat verwacht wordt dat de grootste jobverliezen zullen plaatsvinden. Het zijn deze ontslagen die de maatregelen beogen te beperken. HOOFDSTUK
- - Tijdelijke arbeidsduurvermindering in het kader van de COVID-19 pandemie Artikelen 1 tot en met 3 In dit hoofdstuk wordt de tijdelijke aanpassing van de arbeidsduur opnieuw ingevoerd, zoals die van toepassing was in de periode 2009-
- Arbeidsduurvermindering kan een instrument zijn voor de ondernemingen om de vermindering van werk op te vangen en de loonkosten te doen dalen, zonder daarom over te moeten gaan tot naakte ontslagen. De betrokken werknemers worden als voltijdse werknemers beschouwd. De arbeidsduurvermindering moet ook collectief voor het geheel van het personeel, of een categorie van het personeel, worden ingevoerd. Een forfaitaire RSZ-vermindering wordt gegeven in geval van een tijdelijke arbeidsduurvermindering. De periode van de forfaitaire vermindering loopt vanaf invoering van de tijdelijke arbeidsduurvermindering en neemt een einde wanneer de tijdelijke arbeidsduurvermindering een einde neemt. De tijdelijke arbeidsduurvermindering kan worden toegepast gedurende een jaar. De begin- en einddatum van de periode van arbeidsduurvermindering moeten gelegen zijn binnen de periode van erkenning als onderneming in herstructurering of als onderneming in moeilijkheden. HOOFDSTUK
- - Corona-tijdskrediet Artikelen 4 tot en met 8 Om werkgevers toe te laten de arbeidsprestaties van hun werknemers te verminderen zonder dat hun werknemers een te groot inkomensverlies zouden moeten lijden, regelt dit hoofdstuk een speciale formule tot vermindering van de arbeidsprestaties waaraan een uitkering is verbonden. Het gaat hier om een herneming van een maatregel die bestond in de jaren 2009-2011 om het hoofd te bieden aan de crisis en losstaat van deze die bestaan in toepassing van of krachtens de herstel wet van 22 januari 1985Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/01/1985 pub. 12/08/2013 numac 2013000511 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Herstelwet houdende sociale bepalingen. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten houdende sociale bepalingen. Wordt een overeenkomst gesloten door werkgever en werknemer overeenkomstig deze regeling, dan ontvangt de werknemer die zijn arbeidsprestaties vermindert, een uitkering om gedeeltelijk zijn inkomensverlies op te vangen. Deze uitkering is dezelfde als deze vastgelegd voor het gewone tijdskrediet. Het corona-tijdkrediet kan individueel per werknemer worden toegepast voor een periode van één tot maximaal zes maanden. Deze periode moet volledig liggen binnen de periode waarin de werkgever erkend is als onderneming in herstructurering of als onderneming in moeilijkheden en deze periode van erkenning ten vroegste aanvangt op 1 maart 2020 en ten laatste op 31 december
- HOOFDSTUK 3.- Landingsbanen Artikelen 9 en 10 Dit hoofdstuk laat toe dat werknemers vanaf 55 jaar een halftijdse of 1/5de landingsbaan aanvatten, onder de voorwaarde dat hij een beroepsverleden heeft van 25 jaar en dat de landingsbaan een aanvang neemt in de periode van erkenning als onderneming in moeilijkheden of als onderneming in herstructurering, waarvan de datum van aanvang gelegen is ten vroegste op 1 maart 2020 en ten laatste op 31 december
- Bijkomend wordt in een afwijking van de minimale periode van landingsbaan voorzien, zodat een landingsbaan gedurende één maand mogelijk is. HOOFDSTUK
- - Erkenning als onderneming in herstructurering of in moeilijkheden Artikel 11 Dit hoofdstuk zorgt ervoor dat een erkenning als onderneming in moeilijkheden of als onderneming in herstructurering mogelijk is zonder het afsluiten van een collectieve arbeidsovereenkomst in het kader van de werkloosheid met bedrijfstoeslag (SWT). Deze erkenningen gelden dan vanzelfsprekend enkel en alleen voor de toepassing van de maatregelen bedoeld in de hoofstukken 1, 2 en 3 van dit besluit. Een onderneming die wenst gebruik te maken van de modaliteiten voorzien in het koninklijk besluit van 3 mei 2007Relevante gevonden documenten type wet prom. 24/12/2002 pub. 28/12/2002 numac 2002003497 bron ministerie van financien Wet houdende de Rijksmiddelenbegroting voor het begrotingsjaar 2003 type wet prom. 24/12/2002 pub. 31/12/2002 numac 2002003520 bron ministerie van financien Wet tot wijziging van de vennootschapsregeling inzake inkomstenbelastingen en tot instelling van een systeem van voorafgaande beslissingen in fiscale zaken type wet prom. 24/12/2002 pub. 19/03/2003 numac 2003015003 bron federale overheidsdienst buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende instemming met het Protocol houdende wijziging van de eenvormige Beneluxwet op de merken, gedaan te Brussel op 11 december 2001 type wet prom. 24/12/2002 pub. 07/01/2004 numac 2003015188 bron federale overheidsdienst buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende instemming met de Overeenkomst tussen de Belgisch-Luxemburgse Economische Unie en de Regering van Burkina Faso inzake de wederzijdse bevordering en bescherming van investeringen, ondertekend te Brussel op 18 mei 2001
- - Tijdelijke aanpassing, bij wijze van overgangsmaatregel, van de regeling inzake economische werkloosheid voor ondernemingen die niet meer in de voorwaarden verkeren om beroep te doen op tijdelijke werkloosheid wegens overmacht die het gevolg is van de COVID-19-epidemie Artikel 12 Dit artikel legt het toepassingsgebied vast van de overgangsregeling. De maatregel is van toepassing op de werkgevers die niet meer in de voorwaarden verkeren om zich ten aanzien van hun werknemers te beroepen op de schorsing van de uitvoering van de arbeidsovereenkomst wegens tijdelijke overmacht omwille van het coronavirus COVID-
- Artikel 13 Dit artikel brengt een aantal tijdelijke aanpassingen aan, tot eind 2020, in het bestaande stelsel van schorsing van de uitvoering van de arbeidsovereenkomst voor werklieden bij gebrek aan werk wegens economische oorzaken (artikel 51 van de wet van 3 juli 1978Relevante gevonden documenten type wet prom. 03/07/1978 pub. 03/07/2008 numac 2008000527 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten type wet prom. 03/07/1978 pub. 12/03/2009 numac 2009000158 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten sluiten betreffende de arbeidsovereenkomsten), ook wel beter bekend als de tijdelijke economische werkloosheid voor arbeiders. In afwijking van de bestaande regels zal het tot eind 2020 mogelijk zijn om, bij ontstentenis van een sectoraal K.B., de uitvoering van de arbeidsovereenkomst volledig te schorsen gedurende acht weken (in plaats van de huidige vier weken). De regeling van gedeeltelijke arbeid die minder dan drie arbeidsdagen per week of minder dan één arbeidsweek per twee weken omvat zal kunnen worden ingevoerd voor een maximale duur van 18 weken (in plaats van de huidige drie maanden). Aan de overige regels en voorwaarden van artikel 51 van de wet van 3 juli 1978Relevante gevonden documenten type wet prom. 03/07/1978 pub. 03/07/2008 numac 2008000527 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten type wet prom. 03/07/1978 pub. 12/03/2009 numac 2009000158 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten sluiten betreffende de arbeidsovereenkomsten wordt niet geraakt. Zij blijven dus onverminderd van toepassing. Artikel 14 Dit artikel brengt een aantal tijdelijke aanpassingen aan, tot eind 2020, in het bestaande stelsel van schorsing van de uitvoering van de arbeidsovereenkomst voor bedienden bij gebrek aan werk wegens economische oorzaken (hoofdstuk II/I van Titel III van de wet van 3 juli 1978Relevante gevonden documenten type wet prom. 03/07/1978 pub. 03/07/2008 numac 2008000527 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten type wet prom. 03/07/1978 pub. 12/03/2009 numac 2009000158 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten sluiten betreffende de arbeidsovereenkomsten), ook wel beter bekend als de tijdelijke economische werkloosheid voor bedienden. In afwijking van de bestaande regels, zal de toegang tot dit stelsel tot eind 2020 niet beperkt worden tot de ondernemingen in moeilijkheden. Wel moet de werkgever kunnen aantonen dat hij in het kwartaal voorafgaand aan de invoering van de economische werkloosheid, een substantiële daling van ten minste 10% van de omzet of de productie heeft gekend in vergelijking met hetzelfde kwartaal van
- Bovendien moet hij de bedienden die in economische werkloosheid worden geplaatst twee vormingsdagen per maand aanbieden. Daarnaast blijft ook de vereiste bestaan dat een onderneming die gebruik maakt van dit stelsel moet gebonden zijn door een collectieve arbeidsovereenkomst of door een ondernemingsplan die worden neergelegd ter griffie van de Algemene Directie Collectieve Arbeidsbetrekkingen van de Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg. De cao of het ondernemingsplan moeten het bedrag van het supplement vermelden dat overeenkomstig artikel 77/4, § 7 van de wet van 3 juli 1978Relevante gevonden documenten type wet prom. 03/07/1978 pub. 03/07/2008 numac 2008000527 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten type wet prom. 03/07/1978 pub. 12/03/2009 numac 2009000158 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten sluiten moet worden betaald aan de bediende in tijdelijke economische werkloosheid. In geval gebruik wordt gemaakt van een ondernemingsplan, dient in dit plan te worden aangetoond dat de onderneming in het voorafgaande kwartaal een substantiële daling van ten minste 10% van de omzet of de productie heeft gekend in vergelijking met hetzelfde kwartaal van
- Tevens moet de werkgever in het ondernemingsplan zich ertoe verbinden de bedienden op wie de regeling van volledige schorsing van de uitvoering van de overeenkomst of de regeling van gedeeltelijke arbeid wordt toegepast, twee vormingsdagen per maand aan te bieden. Een kopie van dit plan dient ook onverwijld te worden overgemaakt aan de ondernemingsraad of bij gebrek daaraan, aan de vakbondsafvaardiging. Aangezien het tot eind 2020 niet nodig is erkend te zijn als onderneming in moeilijkheden om gebruik te kunnen maken van het stelsel van tijdelijke economische werkloosheid voor bedienden, is het ook niet vereist om tijdens deze periode ondernemingsplannen per aangetekende brief op te sturen naar de Directeur-generaal van de Algemene Directie Collectieve Arbeidsbetrekkingen teneinde deze te laten voorleggen aan de Commissie "Ondernemingsplannen". De rol als administratieve autoriteit van de Commissie "Ondernemingsplannen" bestaat hoofdzakelijk uit het controleren of de onderneming die een ondernemingsplan indient, beantwoordt aan één van de criteria om te worden erkend als zijnde een onderneming in moeilijkheden. Gelet op het feit dat de criteria om te worden erkend als een onderneming in moeilijkheden, tijdelijk niet van toepassing zijn, wordt de tussenkomst van de Commissie "Ondernemingsplannen" en de bijhorende administratieve procedure, beschreven in artikel 77/1, § 3 van de wet van 3 juli 1978Relevante gevonden documenten type wet prom. 03/07/1978 pub. 03/07/2008 numac 2008000527 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten type wet prom. 03/07/1978 pub. 12/03/2009 numac 2009000158 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten sluiten, eveneens tijdelijk opgeschort. In het belang van de rechtszekerheid dienen de ondernemingsplannen, net zoals de desbetreffende collectieve arbeidsovereenkomsten, wel te worden neergelegd ter griffie van de Algemene Directie van de Collectieve Arbeidsbetrekkingen, zoals trouwens voorzien is in artikel 77/1, § 2, derde lid, van de wet van 3 juli 1978Relevante gevonden documenten type wet prom. 03/07/1978 pub. 03/07/2008 numac 2008000527 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten type wet prom. 03/07/1978 pub. 12/03/2009 numac 2009000158 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten sluiten. Daar de ondernemingsplannen tijdelijk niet meer worden voorgelegd aan de Commissie "Ondernemingsplannen", kan deze Commissie geen afwijking meer toestaan op het bedrag van het loonsupplement en wordt dus ook tijdelijk afgeweken van artikel 77/1, § 6 van de wet van 3 juli 1978Relevante gevonden documenten type wet prom. 03/07/1978 pub. 03/07/2008 numac 2008000527 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten type wet prom. 03/07/1978 pub. 12/03/2009 numac 2009000158 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten sluiten. HOOFDSTUK 6 - Slotbepalingen Artikel 15 Artikel 15 bepaalt de datum van inwerkingtreding en buitenwerkingtreding van de verschillende hoofdstukken van dit besluit. Artikel 16 Artikel 16 wijst de ministers aan die belast zijn met de uitvoering van het besluit. Ik heb de eer te zijn, Sire, Van Uwe Majesteit, de zeer eerbiedige en zeer getrouwe dienaar, La Ministre des Affaires sociales, M. DE BLOCK De Minister van Werk, N. MUYLLE RAAD VAN STATE afdeling Wetgeving Advies 67.654/1 van 25 juni 2020 over een ontwerp van koninklijk besluit nr. .... `tot uitvoering van artikel 5, § 1, 5° van de wet van 27 maart 2020Relevante gevonden documenten type wet prom. 27/03/2020 pub. 30/03/2020 numac 2020040938 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet die machtiging verleent aan de Koning om maatregelen te nemen in de strijd tegen de verspreiding van het coronavirus COVID-19
- De kamer was samengesteld uit Marnix VAN DAMME, kamervoorzitter, Wilfried VAN VAERENBERGH en Chantal BAMPS, staatsraden, en Wim GEURTS, griffier. De verslagen zijn uitgebracht door Barbara SPEYBROUCK, eerste auditeur en Katrien DIDDEN, adjunct-auditeur. De overeenstemming tussen de Franse en de Nederlandse tekst van het advies is nagezien onder toezicht van Chantal BAMPS, staatsraad. Het advies, waarvan de tekst hierna volgt, is gegeven op 25 juni
- Met toepassing van artikel 4, eerste lid, van de wet van 27 maart 2020Relevante gevonden documenten type wet prom. 27/03/2020 pub. 30/03/2020 numac 2020040938 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet die machtiging verleent aan de Koning om maatregelen te nemen in de strijd tegen de verspreiding van het coronavirus COVID-19
- Op de vraag om de keuze voor 1 januari 2021 als uiterste datum toe te lichten, antwoordde de gemachtigde wat volgt: "Zoals ook blijkt uit de vooruitzichten van het planbureau wordt verwacht dat de economie zich zal herstellen vanaf
- Het is natuurlijk moeilijk in te schatten wat de juiste duur zal zijn van het herstel". 4.
- Voor de afbakening van het toepassingsgebied van de maatregelen voorzien in de hoofdstukken 1 tot 3 wordt evenwel enkel een eindpunt van de aanvang van de erkenning vastgelegd, maar geen beginpunt. Hoewel de maatregelen conform artikel 15, eerste lid, van het ontwerp slechts in werking treden op 1 juli 2020, is het niet uitgesloten dat werknemers van ondernemingen waarvan de periode van erkenning is aangevangen vóór het begin van de coronacrisis, maar waarvan de periode van erkenning na 1 juli 2020 nog lopende is
- In zoverre door de gemachtigde wordt aangevoerd dat voor een herstructurering met collectief ontslag een maximumperiode van 2 jaar erkenning wordt gehanteerd, terwijl voor andere ondernemingen slechts een erkenning van 1 jaar wordt toegepast, dient te worden opgemerkt dat een dergelijke regeling niet voorkomt in de ontworpen bepalingen. 4.
- Het grondwettelijk beginsel van gelijkheid en niet-discriminatie vereist dat het gecreëerde onderscheid tussen gevallen die wel en niet onder het toepassingsgebied vallen, op een objectief criterium berust en redelijk verantwoord is. Het bestaan van een dergelijke verantwoording moet worden beoordeeld rekening houdend met het doel en de gevolgen van de betwiste maatregel en met de aard van de ter zake geldende beginselen; het beginsel van gelijkheid en niet-discriminatie is geschonden wanneer vaststaat dat er geen redelijk verband van evenredigheid bestaat tussen de aangewende middelen en het beoogde doel
- Specifiek met betrekking tot het toepassingsgebied van het corona-tijdskrediet, wordt door de gemachtigde het volgende gesuggereerd: "De maatregel kan maximaal lopen vanaf de aankondiging van een collectief ontslag tot maximaal twee jaar na datum van betekening van het collectief ontslag. Niet bij elke erkenning wordt een duurtijd van twee jaar voorzien. Zoals bepaald in artikel 5, tweede lid, moet de volledige periode van het corona tijdskrediet volledig binnen deze erkenningsperiode vallen. Het zou kunnen worden overwogen het besluit zo aan te passen dat enkel ondernemingen met een erkenning die ingaat vanaf 1 maart 2020 of later, in aanmerking te laten komen voor de maatregelen". De suggestie om het toepassingsgebied verder te beperken tot ondernemingen die werden erkend vanaf 1 maart 2020 tot en met 31 december 2020, kan door de stellers van de tekst worden overwogen voor de hoofdstukken 1 tot 3 om aan de supra onder randnummer 4.
- vastgestelde bezwaren tegemoet te komen. In ieder geval zal voor de keuze van het begin- en eindpunt van de erkenning die het toepassingsgebied van de maatregelen zal bepalen, een objectieve en redelijke verantwoording moeten kunnen worden gegeven om in overeenstemming te kunnen worden geacht met het grondwettelijke gelijkheidsbeginsel en verdient het aanbeveling om op dat punt een afdoende verantwoording op te nemen in het verslag aan de Koning. BIJZONDERE OPMERKINGEN Aanhef
- Gelet op hetgeen sub 3 in verband met de rechtsgrond is opgemerkt dient in het eerste lid van de aanhef meer specifiek te worden verwezen naar artikel 5, § 1, 5°, van de wet van 27 maart 2020Relevante gevonden documenten type wet prom. 27/03/2020 pub. 30/03/2020 numac 2020040938 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet die machtiging verleent aan de Koning om maatregelen te nemen in de strijd tegen de verspreiding van het coronavirus COVID-19
- In het ontworpen artikel 353bis/7/1 van de programmawet (I) van 24 december 2002 wordt bepaald dat de regeling van tijdelijke arbeidsduurvermindering in het kader van de COVID-19 pandemie van toepassing is op de werkgever bedoeld in artikel 335, derde lid, van dezelfde wet, op wie een erkenning als onderneming in herstructurering of als onderneming in moeilijkheden van toepassing is, zoals bedoeld in artikel 4 van het te nemen besluit. Het toepassingsgebied van de ontworpen regeling, waarin initieel wordt verwezen naar artikel 335, derde lid, van de programmawet (I) van 24 december 2002 dat betrekking heeft op werkgevers die vallen onder de wet van 5 december 1968Relevante gevonden documenten type wet prom. 05/12/1968 pub. 22/05/2009 numac 2009000346 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten `betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités' of onder de wet van 21 maart 1991 `betreffende de hervorming van sommige economische overheidsbedrijven', wordt evenwel verengd tot die werkgevers op wie een erkenning als onderneming in herstructurering of als onderneming in moeilijkheden van toepassing is, waarvan het begin van de erkenning aanvangt voor 1 januari
- In zoverre in de bepaling wordt verwezen naar artikel 4 van het ontwerp dient te worden opgemerkt dat in tegenstelling tot het eerste lid van artikel 4 van het ontwerp dat betrekking heeft op het corona-tijdskrediet, dat enkel van toepassing is voor werkgevers die vallen onder de voormelde wet van 5 december 1968Relevante gevonden documenten type wet prom. 05/12/1968 pub. 22/05/2009 numac 2009000346 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten, het tweede en derde lid van dat artikel waarin wordt bepaald wat moet worden beschouwd als erkenning als onderneming in herstructurering respectievelijk als onderneming in moeilijkheden, wel relevant lijken te zijn voor de afbakening van het toepassingsgebied van de tijdelijke arbeidsduurvermindering. Omwille van de duidelijkheid en de rechtszekerheid verdient het bijgevolg aanbeveling in het ontworpen artikel 353bis/7/1 van de programmawet (I) van 24 december 2002 naar artikel 4, tweede en derde lid, te verwijzen. Voorts rijst de vraag of het niet meer aangewezen is de bepalingen van artikel 4, tweede en derde lid, van het ontwerp, in een nieuw artikel onder hoofdstuk 4 van het ontwerp ("Erkenning als onderneming in herstructurering of in moeilijkheden") in te voegen, nu deze bepalingen niet enkel gelden voor hoofdstuk 2 maar eveneens van toepassing zijn voor de hoofdstukken 1 en
- 6.
- In het ontworpen artikel 353bis/7/3 van de programmawet (I) van 24 december 2002 wordt bepaald dat de werkgevers bedoeld in artikel 335, derde lid, van dezelfde wet die overgaan tot een tijdelijke aanpassing van de arbeidsduur, een doelgroepvermindering genieten volgens de voorwaarden bepaald in of krachtens deze onderafdeling. In de ontworpen bepaling is geen sprake van een verenging tot die werkgevers op wie een erkenning als onderneming in herstructurering of als onderneming in moeilijkheden van toepassing is, waarvan het begin van de erkenning aanvangt voor 1 januari 2021, zodat het toepassingsgebied van deze bepaling ruimer lijkt te zijn dan dat van het ontworpen artikel 353bis/7/1 van de programmawet (I) van 24 december
- Hierover ondervraagd, antwoordde de gemachtigde: "Nee, aangezien de bepalingen in artikel 353bis/7/1 deel uitmaken van de voorwaarden die gesteld worden volgens artikel 353bis/7/
- Mocht dit onduidelijk zijn dan zou artikel 353bis/7/3 kunnen aangepast worden zodat wordt verwezen naar artikel 353bis/7/1". De suggestie van de gemachtigde kan worden bijgetreden. 6.
- Het ontworpen artikel 353bis/7/5, eerste, tweede en vierde lid, bevat de bepalingen betreffende het vastleggen van de tijdelijke aanpassing van de arbeidsduur en de tijdelijke invoering van de vierdagenweek. Dit moet worden vastgesteld bij een op het niveau van de onderneming gesloten collectieve arbeidsovereenkomst dan wel bij een wijziging van het arbeidsreglement, waarbij de minimale inhoud van de collectieve arbeidsovereenkomst en de na te leven procedures worden bepaald door de Koning en waarbij de desbetreffende voorschriften eveneens gelden bij de vaststelling in een arbeidsreglement. In de laatste zin van het vierde lid wordt bepaald dat "(d)e collectieve arbeidsovereenkomst (...)geen bepaling (mag) bevatten waardoor zij (m.n. de periode van de tijdelijke aanpassing van de arbeidsduur en van de tijdelijke invoering van de vierdagenweek) stilzwijgend verlengd kan worden". Gevraagd waarom deze bepaling enkel betrekking heeft op de collectieve arbeidsovereenkomst en niet op de wijziging van het arbeidsreglement, antwoordde de gemachtigde dat het ontworpen artikel 353bis/7/5 zou kunnen worden uitgebreid tot de wijziging van het arbeidsreglement. Het verdient aanbeveling de tekst van de ontworpen bepaling in deze zin aan te passen. Artikel 4
- Artikel 4, eerste lid, van het ontwerp, bepaalt dat het corona-tijdskrediet van toepassing is op de werkgevers die onder toepassing vallen van de wet van 5 december 1968Relevante gevonden documenten type wet prom. 05/12/1968 pub. 22/05/2009 numac 2009000346 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten `betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités', op wie een erkenning als onderneming in herstructurering of als onderneming in moeilijkheden van toepassing is, waarvan de periode van de erkenning aanvangt voor 1 januari
- Het verdient aanbeveling om in het verslag aan de Koning te verduidelijken dat het om cumulatieve voorwaarden gaat. Bijgevolg kunnen, omwille van de duidelijkheid en de rechtszekerheid, in de Nederlandse tekst van artikel 4, eerste lid, van het ontwerp de komma's, die aanleiding kunnen geven tot verwarring en kunnen laten uitschijnen dat het om een opsomming zou gaan, het best worden geschrapt. Artikel 5
- De gemachtigde bevestigt dat het tijdskrediet "voor een periode die niet korter mag zijn dan één maand en die zes maanden niet mag overschrijden", zoals bepaald in het eerste lid, niet in één aaneengesloten periode dient te worden opgenomen, maar mag verdeeld worden over verschillende periodes.Ook wat de hernieuwing van de overeenkomst betreft, zoals voorzien in het derde lid, bevestigt de gemachtigde dat deze hernieuwing niet onmiddellijk hoeft aan te sluiten op een voorgaande periode. Bij elke hernieuwing zal een nieuwe overeenkomst worden gemaakt. In het belang van de duidelijkheid en de rechtszekerheid verdient het aanbeveling dit expliciet in de tekst tot uitdrukking te brengen. DE GRIFFIER, Wim GEURTS DE VOORZITTER, Marnix VAN DAMME _______ Nota's
- - Tijdelijke arbeidsduurvermindering in het kader van de COVID-19 pandemie Artikel 1.In titel IV, hoofdstuk 7, afdeling 3, van de programmawet (I) van 24 december 2002 wordt een onderafdeling 8/1 ingevoegd die de artikelen 353bis/7/1 tot en met 353bis/7/8 bevat, luidende: "Onderafdeling 8/
- Tijdelijke arbeidsduurvermindering in het kader van de COVID-19 pandemie. Art. 353bis/7/
- Deze onderafdeling is van toepassing op de werkgever bedoeld in artikel 335, derde lid, op wie een erkenning als onderneming in herstructurering of als onderneming in moeilijkheden van toepassing is, zoals bedoeld in artikel 4, tweede en derde lid, van het koninklijk besluit nr. 46 van 26 juin 2020 tot uitvoering van artikel 5, § 1, 5° van de wet van 27 maart 2020Relevante gevonden documenten type wet prom. 27/03/2020 pub. 30/03/2020 numac 2020040938 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet die machtiging verleent aan de Koning om maatregelen te nemen in de strijd tegen de verspreiding van het coronavirus COVID-19
- Art. 353bis/7/
- Het begrip "arbeidsduur" in de zin van deze onderafdeling dient te worden verstaan zoals het gedefinieerd wordt in artikel 348, eerste lid. Voor de toepassing van deze onderafdeling wordt rekening gehouden met de arbeidsduur die is vastgesteld hetzij bij collectieve arbeidsovereenkomst gesloten overeenkomstig de wet van 5 december 1968Relevante gevonden documenten type wet prom. 05/12/1968 pub. 22/05/2009 numac 2009000346 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, hetzij in het arbeidsreglement. De Koning kan nadere regelen bepalen voor de berekening van de arbeidsduur. Art. 353bis/7/
- De werkgevers bedoeld in artikel 353bis/7/1, die overgaan tot een tijdelijke aanpassing van de arbeidsduur, genieten een doelgroepvermindering volgens de voorwaarden bepaald in of krachtens deze onderafdeling. De Koning bepaalt de nadere regelen betreffende deze aanpassing van de arbeidsduur. Art. 353bis/7/
- De werkgever geniet vanaf het kwartaal van invoering van het stelsel van tijdelijke aanpassing van de arbeidsduur in de onderneming en tot het kwartaal waarin de tijdelijke aanpassing van de arbeidsduur loopt, een forfaitaire doelgroepvermindering per kwartaal waarvan het forfaitaire bedrag afhangt van de procentuele aanpassing van de arbeidsduur, op voorwaarde dat de arbeidsduur met een vierde of met een vijfde wordt verminderd. Het forfaitaire bedrag van deze doelgroepvermindering ligt hoger ingeval de tijdelijke aanpassing van de arbeidsduur gecombineerd wordt met de tijdelijke invoering van de vierdagenweek in de onderneming. Het forfaitaire bedrag van deze doelgroepvermindering wordt toegekend per betrokken werknemer. De Koning bepaalt wat moet worden verstaan onder invoering van de vierdagenweek voor de toepassing van deze bepaling. De Koning bepaalt de voorwaarden en de procedure die moeten worden nageleefd en het dossier en de documenten die moeten worden voorgelegd om de doelgroepvermindering te verkrijgen. Art. 353bis/7/
- De tijdelijke aanpassing van de arbeidsduur en de invoering van de vierdagenweek moeten worden vastgesteld bij een op het niveau van de onderneming gesloten collectieve arbeidsovereenkomst of, wanneer er binnen de onderneming geen vakbondsafvaardiging is, bij een wijziging van het arbeidsreglement, en moeten van toepassing zijn op het geheel van de werknemers van de onderneming of op een specifieke categorie van werknemers van de onderneming. De collectieve arbeidsovereenkomsten of de bepalingen in het arbeidsreglement vermelden uitdrukkelijk dat ze gesloten, respectievelijk opgenomen worden in het kader van onderafdeling 8/1 - Tijdelijke arbeidsduurvermindering in het kader van de COVID-19 pandemie - titel IV, hoofdstuk 7, afdeling 3, van de programmawet (I) van 24 december
- De Koning bepaalt de minimale inhoud van de bedoelde collectieve arbeidsovereenkomst en de na te leven procedures. Deze voorschriften zijn eveneens van toepassing wanneer de tijdelijke aanpassing van de arbeidsduur en de tijdelijke invoering van de vierdagenweek in het arbeidsreglement zijn opgenomen. De tijdelijke aanpassing van de arbeidsduur en van de tijdelijke invoering van de vierdagenweek, kunnen ingevoerd worden voor een periode van maximum één jaar, waarvan zowel de begin- als einddatum vallen binnen de periode van erkenning als onderneming in herstructurering of als onderneming in moeilijkheden, waarvan de begindatum van de erkenning 1 januari 2021 voorafgaat. De begindatum van de aanpassing van de arbeidsduur en de invoering van de vierdagenweek mag de begindatum van de inwerkingtreding van deze onderafdeling, niet voorafgaan. De minimale inhoud bedoeld in het tweede lid bevat op zijn minst de duidelijke vermelding van de begin- en einddatum van de tijdelijke aanpassing van de arbeidsduur en, in voorkomend geval, van de tijdelijke invoering van de vierdagenweek, en voorziet in een looncompensatie. De collectieve arbeidsovereenkomst, of desgevallend het arbeidsreglement, mag geen bepaling bevatten waardoor zij stilzwijgend verlengd kan worden. De looncompensatie bedoeld in het vierde lid, mag niet tot gevolg hebben dat het brutoloon van de werknemer hoger is dan het brutoloon waarop hij recht had vóór de invoering van de tijdelijke aanpassing van de arbeidsduur. Hierbij wordt geen rekening gehouden met de aanpassing van de lonen aan de index en aan de baremieke loonsverhogingen. Deze looncompensatie is loon in de zin van artikel 2 van de wet van 12 april 1965Relevante gevonden documenten type wet prom. 12/04/1965 pub. 08/03/2007 numac 2007000126 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de bescherming van het loon der werknemers sluiten betreffende de bescherming van het loon van de werknemers en van artikel 23 van de wet van 29 juni 1981 houdende algemene beginselen van de sociale zekerheid voor werknemers, waarop sociale zekerheidsbijdragen worden berekend. Art. 353bis/7/
- Voor de voltijds tewerkgestelde werknemers die betrokken zijn bij de tijdelijke aanpassing van de arbeidsduur zoals bepaald in deze onderafdeling, is artikel 28, § 4, van de arbeids wet van 16 maart 1971Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/03/1971 pub. 28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten eveneens van toepassing bij overschrijding van het wekelijks aantal arbeidsuren die voortvloeien uit het werkrooster dat in het arbeidsreglement is opgenomen. Art. 353bis/7/
- De Rijksdienst voor Sociale Zekerheid is gemachtigd de voordelen die krachtens deze onderafdeling werden toegekend, terug te vorderen bij inbreuk door de werkgever op de bepalingen inzake de arbeidsduur van de arbeids wet van 16 maart 1971Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/03/1971 pub. 28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten of op de bepalingen van deze onderafdeling. Deze terugvordering gebeurt voor elk kwartaal en per werknemer waarop de inbreuk betrekking heeft. De terugvordering is enkel mogelijk indien de inbreuk heeft geleid hetzij tot een minnelijke schikking met de werkgever, hetzij tot een administratieve geldboete, hetzij tot een veroordeling door een strafrechtbank. Art. 353bis/7/
- Wanneer gedurende de periode van tijdelijke aanpassing van de arbeidsduur bedoeld in deze onderafdeling, de werkgever de arbeidsovereenkomst beëindigt zoals bedoeld in artikel 39 van de wet van 3 juli 1978Relevante gevonden documenten type wet prom. 03/07/1978 pub. 03/07/2008 numac 2008000527 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten type wet prom. 03/07/1978 pub. 12/03/2009 numac 2009000158 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten sluiten betreffende de arbeidsovereenkomsten, wordt onder "lopend loon" begrepen het loon waarop de werknemer op het ogenblik van de beëindiging aanspraak had kunnen maken indien zijn arbeidsduur niet was aangepast.". Art. 2.In titel III van het koninklijk besluit 16 mei 2003 tot uitvoering van het Hoofdstuk 7 van Titel IV van de programma wet van 24 december 2002Relevante gevonden documenten type wet prom. 24/12/2002 pub. 28/12/2002 numac 2002003497 bron ministerie van financien Wet houdende de Rijksmiddelenbegroting voor het begrotingsjaar 2003 type wet prom. 24/12/2002 pub. 31/12/2002 numac 2002003520 bron ministerie van financien Wet tot wijziging van de vennootschapsregeling inzake inkomstenbelastingen en tot instelling van een systeem van voorafgaande beslissingen in fiscale zaken type wet prom. 24/12/2002 pub. 19/03/2003 numac 2003015003 bron federale overheidsdienst buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende instemming met het Protocol houdende wijziging van de eenvormige Beneluxwet op de merken, gedaan te Brussel op 11 december 2001 type wet prom. 24/12/2002 pub. 07/01/2004 numac 2003015188 bron federale overheidsdienst buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende instemming met de Overeenkomst tussen de Belgisch-Luxemburgse Economische Unie en de Regering van Burkina Faso inzake de wederzijdse bevordering en bescherming van investeringen, ondertekend te Brussel op 18 mei 2001
- - Tijdelijke arbeidsduurvermindering in het kader van de COVID-19 pandemie Art. 28/6/
- Dit hoofdstuk is van toepassing op werkgevers bedoeld in artikel 335, derde lid, van de wet van 24 december 2002Relevante gevonden documenten type wet prom. 24/12/2002 pub. 28/12/2002 numac 2002003497 bron ministerie van financien Wet houdende de Rijksmiddelenbegroting voor het begrotingsjaar 2003 type wet prom. 24/12/2002 pub. 31/12/2002 numac 2002003520 bron ministerie van financien Wet tot wijziging van de vennootschapsregeling inzake inkomstenbelastingen en tot instelling van een systeem van voorafgaande beslissingen in fiscale zaken type wet prom. 24/12/2002 pub. 19/03/2003 numac 2003015003 bron federale overheidsdienst buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende instemming met het Protocol houdende wijziging van de eenvormige Beneluxwet op de merken, gedaan te Brussel op 11 december 2001 type wet prom. 24/12/2002 pub. 07/01/2004 numac 2003015188 bron federale overheidsdienst buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende instemming met de Overeenkomst tussen de Belgisch-Luxemburgse Economische Unie en de Regering van Burkina Faso inzake de wederzijdse bevordering en bescherming van investeringen, ondertekend te Brussel op 18 mei 2001
- Art. 28/6/
- Een doelgroepvermindering voor tijdelijke arbeidsduurvermindering wordt als volgt toegekend: 1° een bedrag G4 vanaf het kwartaal van invoering van het stelsel van tijdelijke aanpassing van de arbeidsduur in de onderneming en tot het kwartaal waarin de tijdelijke aanpassing van de arbeidsduur een einde neemt, indien de arbeidsduur werd verminderd met een vijfde;2° een bedrag G5 vanaf het kwartaal van invoering van het stelsel van tijdelijke arbeidsduurvermindering in de onderneming en tot het kwartaal waarin de tijdelijke arbeidsduurvermindering een einde neemt, indien de arbeidsduur werd verminderd met een vierde;3° een bedrag G1 indien de tijdelijke aanpassing van de arbeidsduur bedoeld onder 1° gecombineerd wordt met een tijdelijke invoering van de vierdagenweek;4° een bedrag G6 indien de tijdelijke aanpassing van de arbeidsduur bedoeld onder 2° gecombineerd wordt met een tijdelijke invoering van de vierdagenweek. De doelgroepverminderingen worden toegekend voor de tewerkstellingen tijdens de periode van de tijdelijke aanpassing van de arbeidsduur. De verminderingen bedoeld in het eerste lid, 3° en 4° zijn enkel toepasbaar voor voltijdse werknemers. Art. 28/6/
- In de aangiften voor de sociale zekerheid voor de kwartalen waarin de bij artikel 353bis/7/4 van de wet van 24 december 2002Relevante gevonden documenten type wet prom. 24/12/2002 pub. 28/12/2002 numac 2002003497 bron ministerie van financien Wet houdende de Rijksmiddelenbegroting voor het begrotingsjaar 2003 type wet prom. 24/12/2002 pub. 31/12/2002 numac 2002003520 bron ministerie van financien Wet tot wijziging van de vennootschapsregeling inzake inkomstenbelastingen en tot instelling van een systeem van voorafgaande beslissingen in fiscale zaken type wet prom. 24/12/2002 pub. 19/03/2003 numac 2003015003 bron federale overheidsdienst buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende instemming met het Protocol houdende wijziging van de eenvormige Beneluxwet op de merken, gedaan te Brussel op 11 december 2001 type wet prom. 24/12/2002 pub. 07/01/2004 numac 2003015188 bron federale overheidsdienst buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende instemming met de Overeenkomst tussen de Belgisch-Luxemburgse Economische Unie en de Regering van Burkina Faso inzake de wederzijdse bevordering en bescherming van investeringen, ondertekend te Brussel op 18 mei 2001
- §
- De collectieve arbeidsovereenkomst bedoeld in artikel 353bis/7/5 van de wet van 24 december 2002Relevante gevonden documenten type wet prom. 24/12/2002 pub. 28/12/2002 numac 2002003497 bron ministerie van financien Wet houdende de Rijksmiddelenbegroting voor het begrotingsjaar 2003 type wet prom. 24/12/2002 pub. 31/12/2002 numac 2002003520 bron ministerie van financien Wet tot wijziging van de vennootschapsregeling inzake inkomstenbelastingen en tot instelling van een systeem van voorafgaande beslissingen in fiscale zaken type wet prom. 24/12/2002 pub. 19/03/2003 numac 2003015003 bron federale overheidsdienst buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende instemming met het Protocol houdende wijziging van de eenvormige Beneluxwet op de merken, gedaan te Brussel op 11 december 2001 type wet prom. 24/12/2002 pub. 07/01/2004 numac 2003015188 bron federale overheidsdienst buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende instemming met de Overeenkomst tussen de Belgisch-Luxemburgse Economische Unie en de Regering van Burkina Faso inzake de wederzijdse bevordering en bescherming van investeringen, ondertekend te Brussel op 18 mei 2001
- "Tijdelijke arbeidsduurvermindering in het kader van de COVID-19 pandemie" van afdeling 3, van hoofdstuk 7, van titel IV, van de programmawet (I) van 24 december
- De collectieve arbeidsovereenkomst moet duidelijk de begin- en einddatum van de tijdelijke aanpassing van de arbeidsduur en, in voorkomend geval, van de tijdelijke invoering van de vierdagenweek vermelden. De collectieve arbeidsovereenkomst mag geen bepaling bevatten die een stilzwijgende verlenging mogelijk maakt. De collectieve arbeidsovereenkomst moet voorzien in een tijdelijke vermindering van de arbeidsduur met hetzij één vijfde, hetzij één vierde van de arbeidsduur die van kracht was vóór haar inwerkingtreding. De looncompensatie voorzien bij artikel 353bis/7/5, vierde lid, van de wet van 24 december 2002Relevante gevonden documenten type wet prom. 24/12/2002 pub. 28/12/2002 numac 2002003497 bron ministerie van financien Wet houdende de Rijksmiddelenbegroting voor het begrotingsjaar 2003 type wet prom. 24/12/2002 pub. 31/12/2002 numac 2002003520 bron ministerie van financien Wet tot wijziging van de vennootschapsregeling inzake inkomstenbelastingen en tot instelling van een systeem van voorafgaande beslissingen in fiscale zaken type wet prom. 24/12/2002 pub. 19/03/2003 numac 2003015003 bron federale overheidsdienst buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende instemming met het Protocol houdende wijziging van de eenvormige Beneluxwet op de merken, gedaan te Brussel op 11 december 2001 type wet prom. 24/12/2002 pub. 07/01/2004 numac 2003015188 bron federale overheidsdienst buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende instemming met de Overeenkomst tussen de Belgisch-Luxemburgse Economische Unie en de Regering van Burkina Faso inzake de wederzijdse bevordering en bescherming van investeringen, ondertekend te Brussel op 18 mei 2001
- De periode van de invoering van de vierdagenweek moet in de periode van de tijdelijke aanpassing van de arbeidsduur vallen. Binnen de maand die volgt op de ondertekening van de collectieve arbeidsovereenkomst bezorgt de werkgever daarvan een kopie aan het bevoegd directiehoofd van de Algemene Directie Toezicht op de Sociale Wetten van de Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg. §
- In geval de tijdelijke aanpassing van de arbeidsduur en de tijdelijke invoering van de vierdagenweek worden vastgesteld door een wijziging van het arbeidsreglement, zijn daarop dezelfde voorschriften en minimale inhoud van toepassing als bepaald in paragraaf
- Art. 28/6/
- De bij artikel 353bis/7/3 van de wet van 24 december 2002Relevante gevonden documenten type wet prom. 24/12/2002 pub. 28/12/2002 numac 2002003497 bron ministerie van financien Wet houdende de Rijksmiddelenbegroting voor het begrotingsjaar 2003 type wet prom. 24/12/2002 pub. 31/12/2002 numac 2002003520 bron ministerie van financien Wet tot wijziging van de vennootschapsregeling inzake inkomstenbelastingen en tot instelling van een systeem van voorafgaande beslissingen in fiscale zaken type wet prom. 24/12/2002 pub. 19/03/2003 numac 2003015003 bron federale overheidsdienst buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende instemming met het Protocol houdende wijziging van de eenvormige Beneluxwet op de merken, gedaan te Brussel op 11 december 2001 type wet prom. 24/12/2002 pub. 07/01/2004 numac 2003015188 bron federale overheidsdienst buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende instemming met de Overeenkomst tussen de Belgisch-Luxemburgse Economische Unie en de Regering van Burkina Faso inzake de wederzijdse bevordering en bescherming van investeringen, ondertekend te Brussel op 18 mei 2001
- - Corona-tijdskrediet. Art. 4.Dit hoofdstuk is van toepassing op de werkgevers die onder toepassing vallen van de wet van 5 december 1968Relevante gevonden documenten type wet prom. 05/12/1968 pub. 22/05/2009 numac 2009000346 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités op wie een erkenning als onderneming in herstructurering of als onderneming in moeilijkheden van toepassing is waarvan de periode van de erkenning ten vroegste aanvangt op 1 maart 2020 en ten laatste op 31 december
- Wordt beschouwd als erkenning als onderneming in herstructurering, de erkenning verleend door de Minister van Werk op basis van artikel 18 van het koninklijk besluit van 3 mei 2007Relevante gevonden documenten type wet prom. 24/12/2002 pub. 28/12/2002 numac 2002003497 bron ministerie van financien Wet houdende de Rijksmiddelenbegroting voor het begrotingsjaar 2003 type wet prom. 24/12/2002 pub. 31/12/2002 numac 2002003520 bron ministerie van financien Wet tot wijziging van de vennootschapsregeling inzake inkomstenbelastingen en tot instelling van een systeem van voorafgaande beslissingen in fiscale zaken type wet prom. 24/12/2002 pub. 19/03/2003 numac 2003015003 bron federale overheidsdienst buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende instemming met het Protocol houdende wijziging van de eenvormige Beneluxwet op de merken, gedaan te Brussel op 11 december 2001 type wet prom. 24/12/2002 pub. 07/01/2004 numac 2003015188 bron federale overheidsdienst buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende instemming met de Overeenkomst tussen de Belgisch-Luxemburgse Economische Unie en de Regering van Burkina Faso inzake de wederzijdse bevordering en bescherming van investeringen, ondertekend te Brussel op 18 mei 2001
- Art. 5.De werkgever kan aan elke voltijds tewerkgestelde werknemer voorstellen om zijn arbeidsprestaties te verminderen met 1/5 of tot een halftijdse betrekking voor een periode die niet korter mag zijn dan één maand en die zes maanden niet mag overschrijden. Bovendien moet de periode van de vermindering van de arbeidsprestaties volledig gesitueerd zijn binnen de periode van erkenning als onderneming in herstructurering of als onderneming in moeilijkheden, waarvan de periode van erkenning aanvangt voor 1 januari
- Gaat de werknemer akkoord, dan moet deze overeenkomst tot tijdelijke vermindering van zijn voltijdse arbeidsprestaties schriftelijk worden vastgesteld zoals voorgeschreven door artikel 11bis van de wet van 3 juli 1978Relevante gevonden documenten type wet prom. 03/07/1978 pub. 03/07/2008 numac 2008000527 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten type wet prom. 03/07/1978 pub. 12/03/2009 numac 2009000158 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten sluiten betreffende de arbeidsovereenkomsten. Deze overeenkomst kan worden hernieuwd, zonder echter de in het eerste lid bepaalde maximale periode te mogen overschrijden. Deze hernieuwde periode hoeft niet onmiddellijk aan te sluiten bij de voorgaande periode. Voor wat betreft de vermindering van de arbeidsprestaties tot een halftijdse betrekking wordt als voltijds tewerkgestelde werknemer beschouwd, de werknemer tewerkgesteld met arbeidsprestaties van ten minste 3/4 van een voltijdse betrekking in de onderneming. Art. 6.De verminderde arbeidsduur, zoals overeengekomen ingevolge artikel 5, moet gemiddeld worden gerespecteerd over de periode vastgesteld in de geschreven overeenkomst zoals bedoeld in artikel 5, overeenkomstig de modaliteiten vastgesteld in artikel 26bis, § 1, van de arbeids wet van 16 maart 1971Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/03/1971 pub. 28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten. Art. 7.Wanneer gedurende de periode van vermindering van de arbeidsprestaties, bedoeld in artikel 5, de werkgever de arbeidsovereenkomst beëindigt zoals bedoeld in artikel 39 van de wet van 3 juli 1978Relevante gevonden documenten type wet prom. 03/07/1978 pub. 03/07/2008 numac 2008000527 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten type wet prom. 03/07/1978 pub. 12/03/2009 numac 2009000158 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten sluiten betreffende de arbeidsovereenkomsten, wordt onder "lopend loon" begrepen het loon waarop de werknemer op het ogenblik van de beëindiging aanspraak had kunnen maken indien hij, naargelang het geval, voltijds was blijven werken of zijn arbeidsprestaties van tenminste 3/4 van een voltijdse betrekking niet had verminderd. Art. 8.§
- Een uitkering wordt toegekend aan de voltijds tewerkgestelde werknemer die met zijn werkgever overeenkomt om zijn arbeidsprestaties te verminderen met 1/5 of tot een halftijdse betrekking overeenkomstig artikel
- Op deze uitkering zijn de uitvoeringsmaatregelen van toepassing van artikel 103quater van de herstel wet van 22 januari 1985Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/01/1985 pub. 12/08/2013 numac 2013000511 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Herstelwet houdende sociale bepalingen. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten houdende sociale bepalingen, die betrekking hebben op gelijkaardige regimes tot vermindering van de arbeidsprestaties. Deze uitkering wordt toegekend overeenkomstig artikelen 4 en 6 van het koninklijk besluit van 12 december 2001Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 12/12/2001 pub. 18/12/2001 numac 2001013224 bron ministerie van tewerkstelling en arbeid Koninklijk besluit tot uitvoering van hoofdstuk IV van de wet van 10 augustus 2001 betreffende verzoening van werkgelegenheid en kwaliteit van het leven betreffende het stelsel van tijdskrediet, loopbaanvermindering en vermindering van de arbeidsprestaties tot een halftijdse betrekking sluiten tot uitvoering van hoofdstuk IV van de wet van 10 augustus 2001 betreffende verzoening van werkgelegenheid en kwaliteit van het leven betreffende het stelsel van tijdskrediet, loopbaanvermindering en vermindering van de arbeidsprestaties tot een halftijdse betrekking en volgens de bepalingen in hoofdstukken IV en V van dat besluit. De periode van de vermindering van de arbeidsprestaties opgenomen in het kader van dit hoofdstuk, wordt niet in aanmerking genomen voor de maximale periode van opname van het tijdskrediet zoals bepaald in het voornoemde koninklijk besluit van 12 december 2001Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 12/12/2001 pub. 18/12/2001 numac 2001013224 bron ministerie van tewerkstelling en arbeid Koninklijk besluit tot uitvoering van hoofdstuk IV van de wet van 10 augustus 2001 betreffende verzoening van werkgelegenheid en kwaliteit van het leven betreffende het stelsel van tijdskrediet, loopbaanvermindering en vermindering van de arbeidsprestaties tot een halftijdse betrekking sluiten. Deze uitkering heeft dezelfde hoedanigheid als de uitkeringen die worden toegekend in het kader van hoofdstuk IV, afdeling 5, van voornoemde herstel wet van 22 januari 1985Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/01/1985 pub. 12/08/2013 numac 2013000511 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Herstelwet houdende sociale bepalingen. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten §
- In geval van toekenning van een bijkomende vergoeding door de werkgever mag de som van het brutoloon, van de uitkering bedoeld in dit artikel, van het eventuele supplement bij deze uitkering op basis van een gewestelijke regeling en van de bijkomende vergoeding toegekend door de werkgever niet hoger zijn dan het brutoloon waarop de werknemer recht had vóór de invoering van de tijdelijke vermindering van de arbeidsprestaties. Hierbij wordt geen rekening gehouden met de aanpassing van de lonen aan de index en aan de baremieke loonsverhogingen. HOOFDSTUK
- - Landingsbanen. Art. 9.Het bijkomend recht op onderbrekingsuitkeringen zonder maximumduur in toepassing van artikel 6 van het koninklijk besluit van 12 december 2001Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 12/12/2001 pub. 18/12/2001 numac 2001013224 bron ministerie van tewerkstelling en arbeid Koninklijk besluit tot uitvoering van hoofdstuk IV van de wet van 10 augustus 2001 betreffende verzoening van werkgelegenheid en kwaliteit van het leven betreffende het stelsel van tijdskrediet, loopbaanvermindering en vermindering van de arbeidsprestaties tot een halftijdse betrekking sluiten tot uitvoering van hoofdstuk IV van de wet van 10 augustus 2001 betreffende verzoening van werkgelegenheid en kwaliteit van het leven betreffende het stelsel van tijdskrediet, loopbaanvermindering en vermindering van de arbeidsprestaties tot een halftijdse betrekking, wordt eveneens toegekend aan de voltijdse werknemers van 55 jaar en ouder die hun arbeidsprestaties verminderen tot een halftijdse betrekking of verminderen met een vijfde in toepassing van CAO nr. 103, wanneer: 1° de aanvangsdatum van de vermindering van de arbeidsprestaties gelegen is in de periode van erkenning van de onderneming door de Minister bevoegd voor Werk, als onderneming in herstructurering of onderneming in moeilijkheden in toepassing van de regelgeving met betrekking tot de werkloosheid met bedrijfstoeslag, voor zover de periode van erkenning ten vroegste aanvangt op 1 maart 2020 en ten laatste op 31 december 2020, en;2° de werknemer die onderbrekingsuitkeringen aanvraagt en die, op het ogenblik van de schriftelijke kennisgeving aan de werkgever 25 jaar beroepsverleden als loontrekkende in de zin van artikel 10, § 3 van CAO nr.103, zoals gewijzigd door de CAO nr. 103ter, kunnen rechtvaardigen. Art. 10.In afwijking van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 103 van 27 juni 2012 gesloten binnen de Nationale Arbeidsraad tot invoering van een stelsel van tijdskrediet, loopbaanonderbreking en landingsbanen, is de minimumperiode van de landingsbaan beperkt tot één maand voor de werknemer die recht heeft op onderbrekingsuitkeringen in toepassing van artikel
- HOOFDSTUK
- - Erkenning als onderneming in herstructurering of in moeilijkheden. Art. 11.Voor de toepassing van de maatregelen bedoeld in de hoofdstukken 1, 2 en 3, kan de Minister van Werk in toepassing van artikel 18 van het koninklijk besluit van 3 mei 2007Relevante gevonden documenten type wet prom. 24/12/2002 pub. 28/12/2002 numac 2002003497 bron ministerie van financien Wet houdende de Rijksmiddelenbegroting voor het begrotingsjaar 2003 type wet prom. 24/12/2002 pub. 31/12/2002 numac 2002003520 bron ministerie van financien Wet tot wijziging van de vennootschapsregeling inzake inkomstenbelastingen en tot instelling van een systeem van voorafgaande beslissingen in fiscale zaken type wet prom. 24/12/2002 pub. 19/03/2003 numac 2003015003 bron federale overheidsdienst buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende instemming met het Protocol houdende wijziging van de eenvormige Beneluxwet op de merken, gedaan te Brussel op 11 december 2001 type wet prom. 24/12/2002 pub. 07/01/2004 numac 2003015188 bron federale overheidsdienst buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende instemming met de Overeenkomst tussen de Belgisch-Luxemburgse Economische Unie en de Regering van Burkina Faso inzake de wederzijdse bevordering en bescherming van investeringen, ondertekend te Brussel op 18 mei 2001