← België

Wet houdende instemming met de Partnerschaps- en Samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Gemeenschappen en hun Lid-Staten, enerzijds, en de Repub

In het kort

Deze wet bekrachtigt een Partnerschaps- en Samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Gemeenschappen en hun Lidstaten, en de Republiek Moldavië, met als doel de politieke, economische en culturele betrekkingen te versterken en de democratische en marktgerichte hervormingen in Moldavië te ondersteunen.

Wat het regelt

Wie het betreft

Kernpunten

📄 Wettekst
3 APRIL 1997. - Wet houdende instemming met de Partnerschaps- en Samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Gemeenschappen en hun Lid-Staten, enerzijds, en de Republiek Moldavië, anderzijds, Bijlagen I, II, III, IV en V, en Protocol en de Slotakte, gedaan te Brussel op 28 november 1994 (1) (2) ALBERT II, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. De Kamers hebben aangenomen en Wij bekrachtigen hetgeen volgt : Artikel 1.Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 77 van de Grondwet. Art. 2.De Partnerschaps- en Samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Gemeenschappen en hun Lid-Staten, enerzijds, en de Republiek Moldavië, anderzijds, de Bijlagen I, II, III, IV en V, het Protocol en de Slotakte, gedaan te Brussel op 28 november 1994, zullen volkomen uitwerking hebben. Kondigen deze wet af, bevelen dat zij met 's Lands zegel zal worden bekleed en door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt. Gegeven te Châteauneuf-de-Grasse, 3 april 1997. ALBERT Van Koningswege : De Minister van Buitenlandse Zaken, E. DERYCKE Met 's Lands zegel gezegeld : De Minister van Justitie, S. DE CLERCK PARTNERSCHAPS- EN SAMENWERKINGSOVEREENKOMST TUSSEN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN EN HUN LID-STATEN, ENERZIJDS, EN DE REPUBLIEK MOLDAVIE, ANDERZIJDS Partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomst waarbij een partnerschap tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschappen en hun Lid-Staten, enerzijds, en de Republiek Moldavië, anderzijds, HET KONINKRIJK BELGIE, HET KONINKRIJK DENEMARKEN, DE BONDSREPUBLIEK DUITSLAND, DE HELLEENSE REPUBLIEK, HET KONINKRIJK SPANJE, DE FRANSE REPUBLIEK, IERLAND, DE ITALIAANSE REPUBLIEK, HET GROOTHERTOGDOM LUXEMBURG, HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN, DE PORTUGESE REPUBLIEK, HET VERENIGD KONINKRIJK VAN GROOT-BRITTANNIE EN NOORD-IERLAND, Verdragsluitende Partijen bij het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal en het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie, hierna "Lid-Staten" te noemen, en DE EUROPESE GEMEENSCHAP, DE EUROPESE GEMEENSCHAP VOOR KOLEN EN STAAL EN DE EUROPESE GEMEENSCHAP VOOR ATOOMENERGIE, hierna "de Gemeenschap" te noemen, enerzijds, en DE REPUBLIEK MOLDAVIE anderzijds, hierna "de Partijen" te noemen, Gelet op de banden tussen de Gemeenschap, haar Lid-Staten en de Republiek Moldavië, en hun gemeenschappelijke waarden; Erkennende dat de Gemeenschap en de Republiek Moldavië deze banden wensen te verstevigen en partnerschap en samenwerking tot stand willen brengen om te komen tot versterking en verbreding van de betrekkingen die in het verleden zijn aangeknoopt, inzonderheid bij de op 18 december 1989 ondertekende Overeenkomst tussen de Europese Economische Gemeenschap en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie en de Unie van Socialistische Sovjetrepublieken inzake handel en commerciële en economische samenwerking; Gelet op de verbintenis van de Gemeenschap en haar Lid-Staten en van Moldavië tot versterking van de politieke en economische vrijheden, die de grondslag van het partnerschap vormen; Gelet op de verbintenis van de Partijen om de internationale vrede en veiligheid en de vreedzame oplossing van geschillen te bevorderen, en om op dit gebied samen te werken in het kader van de Verenigde Naties en de Conferentie over Veiligheid en Samenwerking in Europa; Gelet op de vaste verbintenis van de Gemeenschap en haar Lid-Staten en van de Republiek Moldavië tot volledige uitvoering van alle beginselen en bepalingen van de Slotakte van de Conferentie over Veiligheid en Samenwerking in Europa (CVSE), de slotdocumenten van de vervolgvergaderingen van Madrid en Wenen, het document van de CVSE- Conferentie van Bonn betreffende economische samenwerking, het Handvest van Parijs voor een Nieuw Europa en het CVSE-document van Helsinki 1992 "Uitdagingen van het Veranderingsproces"; Erkennende in dit verband dat ondersteuning van de onafhankelijkheid, soevereiniteit en territoriale integriteit van de Republiek Moldavië zal bijdragen tot de instandhouding van vrede en stabiliteit in Midden- en Oost-Europa en in Europa als geheel; Bevestigende het grote belang dat de Gemeenschap en haar Lid-Staten en de Republiek Moldavië hechten aan het Europees Energiehandvest en aan de Verklaring van de Conferentie van Luzern van april 1993; Overtuigd van het allesoverheersende belang van de beginselen van de rechtsstaat en de eerbiediging van de mensenrechten, inzonderheid de rechten van minderheden, de totstandbrenging van een meerpartijenstelsel met vrije en democratische verkiezingen, en economische liberalisering met het oog op de totstandbrenging van een markteconomie; Erkennende de inspanningen die door de Republiek Moldavië zijn geleverd voor de totstandbrenging van politieke en economische systemen die in overeenstemming zijn met de beginselen van de rechtsstaat en de mensenrechten, met inbegrip van de rechten van minderheden, en erkennende dat de Republiek Moldavië een meerpartijenstelsel hanteert met vrije en democratische verkiezingen en zorgt voor economische liberalisering; Van oordeel zijnde dat de volledige uitvoering van deze Partnerschaps- en Samenwerkingsovereenkomst zowel zal afhangen van, als bijdragen tot de voortzetting en de verwezenlijking van hervormingen in de Republiek Moldavië op politiek, economisch en juridisch vlak, en de invoering van de factoren die vereist zijn voor samenwerking, met name in het licht van de conclusies van de CVSE-Conferentie van Bonn; Verlangende het proces van regionale samenwerking met de buurlanden op de door deze Overeenkomst bestreken gebieden te stimuleren om welvaart en stabiliteit in deze regio te bevorderen; Verlangende regelmatige politieke dialoog over bilaterale en internationale vraagstukken van wederzijds belang tot stand te brengen en te ontwikkelen; Rekening houdende met het feit dat de Gemeenschap bereid is tot het ontplooien van economische samenwerking en passende technische bijstand; Herinnerend aan het nut van de Overeenkomst voor het bevorderen van geleidelijke toenadering tussen de Republiek Moldavië en een uitgestrekter samenwerkingsgebied in Europa en naburige regio's, en de geleidelijke integratie van de Republiek Moldavië in het open internationaal handelssysteem; Gelet op de verbintenis van de Partijen tot vrijmaking van de handel op grond van de beginselen die zijn vervat in de Algemene Overeenkomst betreffende Tarieven en Handel (GATT); Op prijs stellende en erkennende het belang van de inspanningen die de Republiek Moldavië zich getroost om de overgang van een economie met staatshandel en centrale planning naar een markteconomie te bewerkstelligen; Zich bewust zijnde van de noodzaak verbetering te brengen in de voorwaarden voor bedrijfsleven en investeringen, en de voorwaarden voor, onder andere, de vestiging van ondernemingen, werknemers, het verrichten van diensten en kapitaalverkeer; Ervan overtuigd zijnde dat deze Overeenkomst een nieuw klimaat zal scheppen voor de economische betrekkingen tussen de Partijen, en vooral voor de ontwikkeling van handel en investeringen, die onontbeerlijk zijn voor economische herstructurering en technologische modernisering; Verlangende nauwe samenwerking op het gebied van milieubescherming tot stand te brengen, gezien de onderlinge afhankelijkheid van de Partijen op dit gebied; Verlangende culturele samenwerking tot stand te brengen en de doorstroming van informatie te verbeteren, zijn als volgt overeengekomen : Artikel 1 Er wordt een partnerschap tot stand gebracht tussen de Gemeenschap en haar Lid-Staten, enerzijds, en de Republiek Moldavië anderzijds. Dit partnerschap heeft ten doel : - een passend kader voor de politieke dialoog tussen de Partijen tot stand te brengen met het oog op de bevordering van nauwe politieke betrekkingen; - handel en investeringen en harmonische economische betrekkingen tussen de Partijen te bevorderen en aldus hun duurzame ontwikkeling te stimuleren; - de grondslag te leggen voor samenwerking op economisch, sociaal, financieel en cultureel gebied; - de inspanningen van de Republiek Moldavië om haar democratie te consolideren, haar economie te ontwikkelen en de overgang naar een markteconomie te voltooien, te ondersteunen. TITEL I - Algemene beginselen Artikel 2 De eerbiediging van de democratische beginselen, de beginselen van het volkenrecht en de mensenrechten, inzonderheid als vastgelegd in de Slotakte van Helsinki en het Handvest van Parijs voor een Nieuw Europa, alsmede de beginselen van de markteconomie, waaronder de beginselen die zijn opgenomen in de documenten van de CVSE-Conferentie van Bonn, vormen de grondslag van het binnenlands en buitenlands beleid van de Partijen en zijn een essentieel onderdeel van het partnerschap en van deze Overeenkomst. Artikel 3 De Partijen zijn van oordeel dat het van wezenlijk belang is voor de toekomstige welvaart en stabiliteit van het gebied van de voormalige Sovjet-Unie, dat de nieuwe onafhankelijke staten die als gevolg van de ontbinding van de Unie van Socialistische Sovjetrepublieken zijn ontstaan (hierna "Onafhankelijke Staten" te noemen), de onderlinge samenwerking in stand houden en ontwikkelen overeenkomstig de beginselen van de Slotakte van Helsinki en het Volkenrecht en in een geest van goede nabuurschap, en alles in het werk stellen om dit proces te stimuleren. Artikel 4 De Partijen verbinden zich ertoe, met name wanneer de Republiek Moldavië verder gevorderd zal zijn in het economisch hervormingsproces, ontwikkelingen in het kader van de desbetreffende titels van deze Overeenkomst, in het bijzonder titel III en artikel 48 te bekijken met het oog op het tot stand brengen van een onderlinge vrijhandelszone. De in artikel 82 genoemde Samenwerkingsraad kan de Partijen aanbevelingen met betrekking tot deze ontwikkelingen doen. Aan deze ontwikkelingen wordt slechts uitvoering gegeven in een Overeenkomst tussen de Partijen in overeenstemming met hun onderscheiden procedures. De Partijen plegen in 1998 overleg om na te gaan of de omstandigheden, inzonderheid met betrekking tot de vorderingen van de Republiek Moldavië op het gebied van marktgerichte economische hervormingen en de op dat ogenblik aldaar heersende economische omstandigheden, van dien aard zijn dat kan worden begonnen met onderhandelingen over de totstandbrenging van een vrijhandelszone. Artikel 5 De Partijen verbinden zich ertoe samen, in onderlinge overeenstemming, na te gaan welke wijzigingen eventueel in een onderdeel van de Overeenkomst dienen te worden aangebracht in verband met gewijzigde omstandigheden, inzonderheid de situatie als gevolg van de toetreding van de Republiek Moldavië tot de GATT. Het eerste onderzoek vindt plaats drie jaar na de inwerkingtreding van deze Overeenkomst, of wanneer de Republiek Moldavië Overeenkomstsluitende Partij bij de GATT wordt, indien dat eerder plaatsvindt. TITEL II. - Politieke dialoog Artikel 6 Er wordt een regelmatige politieke dialoog tot stand gebracht tussen de Partijen, die zij voornemens zijn te ontwikkelen en te intensiveren. Deze dialoog begeleidt en consolideert het proces waarbij de Gemeenschap en de Republiek Moldavië nader tot elkaar komen, ondersteunt de politieke en economische veranderingen die in de Republiek Moldavië aan de gang zijn en draagt bij tot de totstandkoming van nieuwe vormen van samenwerking. De politieke dialoog strekt ertoe - de banden van de Republiek Moldavië met de Gemeenschap, en aldus met de gemeenschap van democratische naties, te versterken; de economische convergentie die door middel van deze Overeenkomst wordt bewerkstelligd, zal leiden tot hechtere politieke betrekkingen; - de standpunten over internationale vraagstukken van wederzijds belang nader tot elkaar te brengen en aldus meer veiligheid en stabiliteit te bewerkstelligen; - ervoor te zorgen dat de Partijen streven naar samenwerking voor aangelegenheden op het gebied van de versterking van stabiliteit en veiligheid in Europa, de naleving van de democratische beginselen, de eerbiediging en bevordering van de mensenrechten, vooral die van minderheden, waarbij zo nodig overleg wordt gepleegd over de desbetreffende aangelegenheden. Artikel 7 Op ministerieel niveau vindt een politieke dialoog plaats in het kader van de bij artikel 85 opgerichte Samenwerkingsraad en, in onderlinge overeenstemming, bij andere gelegenheden. Artikel 8 De Partijen voorzien in andere procedures en regelingen voor politieke dialoog, met name in de volgende vormen : - regelmatige vergaderingen tussen vertegenwoordigers van de Republiek Moldavië en vertegenwoordigers van de Gemeenschap; - het optimaal gebruik maken van alle diplomatieke kanalen tussen de Partijen, met inbegrip van passende contacten op bilateraal en multilateraal vlak, onder meer bij de Verenigde Naties, op CVSE- vergaderingen en elders; - het uitwisselen van informatie over aangelegenheden van wederzijds belang met betrekking tot de politieke samenwerking in Europa; - alle andere middelen die bijdragen tot het consolideren en ontwikkelen van de politieke dialoog. Artikel 9 Op parlementair niveau vindt de politieke dialoog plaats in het kader van het bij artikel 90 opgerichte Parlementair Samenwerkingscomité. TITEL III. - Goederenverkeer Artikel 10 1. De Partijen passen ten aanzien van elkaar de meestbegunstigingsclausule toe op alle gebieden die verband houden met : - douanerechten en heffingen bij invoer en bij uitvoer, met inbegrip van de wijze van invordering van dergelijke rechten en heffingen; - bepalingen betreffende douaneafhandeling, doorvoer, opslag in entrepot en overslag van goederen; - belastingen en alle andere interne heffingen die rechtstreeks of onrechtstreeks op de ingevoerde goederen van toepassing zijn; - wijzen van betaling en overmaking van de betaalde bedragen; - voorschriften met betrekking tot verkoop, aankoop, vervoer, distributie en gebruik van goederen op de binnenlandse markt. 2. De bepalingen van lid 1 zijn niet van toepassing op : a) voordelen die met het oog op de oprichting van een douane-unie of vrijhandelszone of ingevolge de oprichting van een dergelijke unie of zone worden toegekend;b) voordelen die aan bepaalde landen worden toegekend overeenkomstig de GATT en andere internationale regelingen ten gunste van ontwikkelingslanden;c) voordelen die aan buurlanden worden toegekend ten einde het grensverkeer te vergemakkelijken.3. De bepalingen van lid 1 en van artikel 11, lid 2, zijn gedurende een overgangsperiode die eindigt op de datum waarop de Republiek Moldavië partij wordt bij de GATT of, indien dit vroeger is, op 31 december 1998, niet van toepassing op de in bijlage I bedoelde voordelen die door de Republiek Moldavië worden toegekend aan andere Onafhankelijke Staten met ingang van de dag voorafgaande aan de datum waarop de Overeenkomst in werking treedt. Artikel 11 1. De Partijen zijn het erover eens dat het beginsel van de vrije doorvoer van goederen een essentiële voorwaarde is voor het bereiken van de doelstellingen van deze Overeenkomst.2. Met het oog hierop waarborgt elke Partij de vrije doorgang over zijn grondgebied van goederen die herkomstig zijn uit of bestemd zijn voor het douanegebied van de andere Partij.3. De in artikel V, leden 2, 3, 4 en 5 van de GATT vastgestelde regels zijn tussen de twee Partijen van toepassing.4. De bepalingen van dit artikel doen geen afbreuk aan de tussen de Partijen overeengekomen bijzondere regelingen voor specifieke sectoren, zoals vervoer, of produkten. Artikel 12 Onverminderd de rechten en verplichtingen uit de beide Partijen bindende internationale Overeenkomsten betreffende de tijdelijke invoer van goederen, verleent elke Partij de andere Partij, in de gevallen en volgens de procedures die zijn vastgesteld in enige andere voor haar bindende internationale Overeenkomst op dit gebied en overeenkomstig haar nationale wettelijke regeling ter zake, vrijstelling van invoerrechten en -heffingen op goederen die tijdelijk worden ingevoerd. Hierbij wordt rekening gehouden met de voorwaarden waaronder de uit een dergelijke Overeenkomst voortvloeiende verplichtingen door de betrokken Partij zijn aanvaard. Artikel 13 Onverminderd het bepaalde in de artikelen 17, 20 en 21 en bijlage II van deze Overeenkomst, en in de artikelen 77, 81, 244, 249 en 280 van de Akte van Toetreding van Spanje en Portugal tot de Gemeenschap worden bij de invoer van goederen van oorsprong uit de Republiek Moldavië en de Gemeenschap in respectievelijk de Gemeenschap en de Republiek Moldavië geen kwantitatieve beperkingen toegepast. Artikel 14 1. De uit het grondgebied van een Partij herkomstige produkten die op het grondgebied van de andere Partij worden ingevoerd, worden direct noch indirect onderworpen aan enige interne belastingen of andere interne heffingen die hoger zijn dan die welke direct of indirect op soortgelijke binnenlandse produkten van toepassing zijn.2. Voorts worden deze produkten niet minder gunstig behandeld dan soortgelijke nationale produkten ten aanzien van alle wettelijke en bestuursrechtelijke voorschriften en vereisten met betrekking tot hun verkoop op de binnenlandse markt, aanbieding ten verkoop, aankoop, vervoer, distributie of gebruik.De bepalingen van dit lid vormen geen beletsel voor de toepassing van gedifferentieerde binnenlandse vervoertarieven die uitsluitend gebaseerd zijn op de economisch verantwoorde exploitatie van het vervoermiddel en niet op de nationaliteit van het produkt. Artikel 15 De hierna volgende artikelen van de GATT zijn van overeenkomstige toepassing tussen de Partijen : i) artikel VII, leden 1, 2, 3, 4 a, 4 b), 4 d), 5; ii) artikel VIII; iii) artikel IX; iv) artikel X. Artikel 16 Goederen worden tegen marktprijzen tussen de Partijen verhandeld. Artikel 17 1. Wanneer een bepaald produkt op het grondgebied van een Partij wordt ingevoerd in dermate toegenomen hoeveelheden en onder voorwaarden die ernstige schade toebrengen of dreigen toe te brengen aan de eigen producenten van soortgelijke of rechtstreeks concurrerende produkten, dan kan de benadeelde Partij - de Gemeenschap dan wel de Republiek Moldavië - passende maatregelen nemen overeenkomstig de hierna volgende procedures en voorwaarden.2. Vóór zij maatregelen nemen, of, in de gevallen waarin lid 4 van toepassing is, zo spoedig mogelijk nadat zij maatregelen hebben genomen, verstrekken de Gemeenschap of de Republiek Moldavië, al naargelang van het geval, het Samenwerkingscomité alle relevante informatie ten einde dit in staat te stellen een voor beide Partijen aanvaardbare oplossing te zoeken.3. Indien, na dit overleg, de Partijen niet binnen 30 dagen nadat de kwestie naar het Samenwerkingscomité is verwezen een akkoord bereiken over maatregelen om het probleem op te lossen, dan kan de Partij die om het overleg heeft verzocht maatregelen ter beperking van de invoer van de betrokken produkten nemen in de mate en voor de tijd die nodig zijn om de schade te voorkomen of te verhelpen of kan zij andere passende maatregelen nemen.4. In hoogdringende omstandigheden, waarin uitstel moeilijk herstelbare schade zou veroorzaken, kunnen de Partijen maatregelen nemen vóór het overleg heeft plaatsgevonden, op voorwaarde dat onmiddellijk daarna een voorstel tot overleg wordt gedaan.5. Bij de keuze van de in het kader van dit artikel toe te passen maatregelen geven de Partijen de voorkeur aan maatregelen die het bereiken van de doelstellingen van deze Overeenkomst het minst in de weg staan. Artikel 18 Niets in deze titel, inzonderheid in artikel 17 daarvan, staat in de weg aan of heeft gevolgen voor het nemen door de Partijen van anti- dumpingmaatregelen of compenserende maatregelen overeenkomstig artikel VI van de GATT, de Overeenkomst inzake de uitlegging en de toepassing van de artikelen Vl, XVI en XXIII van de GATT of aanverwante nationale wetgeving. Elke Partij verklaart zich bereid de door de andere Partij naar voren gebrachte argumenten in verband met antidumping- of antisubsidieprocedures te onderzoeken en de betrokken belanghebbenden in kennis te stellen van de belangrijkste feiten en overwegingen die aan de definitieve beslissing ten grondslag zullen liggen. Voor definitieve anti-dumpingrechten en compenserende rechten worden ingesteld, doet de betrokken Partij al het mogelijke om het probleem tot een constructieve oplossing te brengen. Artikel 19 De Overeenkomst vormt geen beletsel voor verboden of beperkingen op de invoer, de uitvoer of de doorvoer van goederen die gerechtvaardigd zijn uit hoofde van de bescherming van de openbare zedelijkheid, de openbare orde en veiligheid, de gezondheid en het leven van personen en dieren of het behoud van planten, de bescherming van natuurlijke hulpbronnen, de bescherming van het nationaal artistiek, historisch of archeologisch erfgoed of uit hoofde van de bescherming van de intellectuele, industriële of commerciële eigendom, noch voor voorschriften betreffende goud en zilver. Deze verboden of beperkingen mogen echter geen middel tot willekeurige discriminatie, noch een verkapte beperking van de handel tussen de Partijen vormen. Artikel 20 Deze titel is niet van toepassing op de handel in textielprodukten van de hoofdstukken 50 tot en met 63 van de Gecombineerde Nomenclatuur. De handel in deze produkten is geregeld bij een afzonderlijke Overeenkomst die op 14 mei 1993 werd geparafeerd en die voorlopig van toepassing is sedert 1 januari 1993. Artikel 21 1. De handel in produkten die onder het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal vallen, wordt geregeld bij de bepalingen van deze titel, met uitzondering van artikel 13.2. Een contactgroep voor kolen- en staalkwesties is ingesteld bestaande uit vertegenwoordigers van de Gemeenschap enerzijds en vertegenwoordigers van de Republiek Moldavië anderzijds. De contactgroep wisselt op gezette tijden informatie uit over alle kolen- en staalkwesties die voor de Partijen van belang zijn. Artikel 22 Op de handel in kernmaterialen zijn de bepalingen van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie van toepassing. Zo nodig wordt deze geregeld bij een tussen de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie en de Republiek Moldavië te sluiten bijzondere overeenkomst. TITEL IV. - Bepalingen inzake het handelsverkeer en de investeringen HOOFDSTUK I. - Arbeidsvoorwaarden Artikel 23 1. Onverminderd de in elke Lid-Staat geldende wettelijke regelingen, voorwaarden en procedures zorgen de Gemeenschap en de Lid-Staten ervoor dat onderdanen van de Republiek Moldavië die wettig tewerkgesteld zijn op het grondgebied van een Lid-Staat, niet op grond van nationaliteit worden gediscrimineerd ten opzichte van de onderdanen van deze Lid-Staat wat werkomstandigheden, beloning en ontslag betreft.2. Onverminderd de in de Republiek Moldavië geldende wettelijke regelingen, voorwaarden en procedures zorgt de Republiek Moldavië ervoor dat onderdanen van een Lid-Staat die wettig tewerkgesteld zijn op het grondgebied van de Republiek Moldavië niet op grond van nationaliteit worden gediscrimineerd ten opzichte van onderdanen van de Republiek Moldavië wat werkomstandigheden, beloning en ontslag betreft. Artikel 24 Coördinatie van de sociale zekerheid De Partijen verbinden zich ertoe overeenkomsten te sluiten met het doel : i) onverminderd de in elke Lid-Staat geldende voorwaarden en bepalingen, regelingen te treffen voor de coördinatie van de stelsels van sociale zekerheid voor werknemers van Moldavische nationaliteit die wettig tewerkgesteld zijn op het grondgebied van een Lid-Staat. Deze bepalingen zullen er met name in voorzien dat : - alle door deze werknemers in de onderscheidene Lid-Staten vervulde tijdvakken van verzekering, arbeid of wonen worden samengeteld ten behoeve van de ouderdoms-, invaliditeits- en overlevingspensioenen en de ziektekostenverzekering van deze werknemers; - alle ouderdoms-, overlevings- en invaliditeitspensioenen en verzekeringen tegen arbeidsongevallen of beroepsziekten, met uitzondering van de premievrije prestaties, vrij overdraagbaar zijn tegen de koers waarin de wetgeving van de betrokken Lid-Staat of Lid-Staten voorziet; ii) onverminderd de voorwaarden en bepalingen welke in de Republiek Moldavië van toepassing zijn, de nodige bepalingen vast te stellen opdat werknemers die onderdaan zijn van een Lid-Staat en die wettig tewerkgesteld zijn in de Republiek Moldavië een gelijksoortige behandeling krijgen als deze vermeld onder het tweede streepje van punt i). Artikel 25 De overeenkomstig artikel 24 te nemen maatregelen laten de uit bilaterale overeenkomsten tussen de Republiek Moldavië en de Lid-Staten voortvloeiende rechten en verplichtingen onverlet wanneer deze overeenkomsten in een gunstiger behandeling van onderdanen van de Republiek Moldavië of de Lid-Staten voorzien. Artikel 26 De Samenwerkingsraad gaat na welke gemeenschappelijke actie kan worden ondernomen om de illegale immigratie tegen te gaan, met inachtneming van het beginsel en de praktijk van wedertoelating. Artikel 27 De Samenwerkingsraad gaat na welke verbeteringen kunnen worden aangebracht in de werkomstandigheden van zakenlieden, rekening houdende met de internationale verbintenissen van de Partijen, met inbegrip van die welke in het document van de Conferentie van Bonn van de CVSE zijn neergelegd. Artikel 28 De Samenwerkingsraad doet aanbevelingen voor de tenuitvoerlegging van de artikelen 23, 26 en 27. HOOFDSTUK II. - Bepalingen inzake de vestiging en de werking van vennootschappen Artikel 29 1. a) De Gemeenschap en haar Lid-Staten kennen voor de vestiging van Moldavische vennootschappen op hun grondgebied geen minder gunstige behandeling toe dan die welke zij aan vennootschappen uit enig derde land toekennen, overeenkomstig hun wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen.b) Onverminderd de in bijlage IV genoemde voorbehouden kennen de Gemeenschap en haar Lid-Staten de op hun grondgebied gevestigde dochterondernemingen van Moldavische vennootschappen, wat de werking daarvan betreft, geen minder gunstige behandeling toe dan die welke zij aan enige vennootschap uit de Gemeenschap toekennen, overeenkomstig hun wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen.c) De Gemeenschap en haar Lid-Staten kennen de op hun grondgebied gevestigde filialen van Moldavische vennootschappen, wat de werking daarvan betreft, geen minder gunstige behandeling toe dan die welke zij aan filialen van vennootschappen uit enig derde land toekennen, overeenkomstig hun wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen.2. a) Onverminderd de in bijlage V genoemde voorbehouden kent de Republiek Moldavië voor de vestiging van vennootschappen uit de Gemeenschap op zijn grondgebied geen minder gunstige behandeling toe dan de meest voordelige behandeling die het aan zijn eigen vennootschappen of aan vennootschappen uit enig derde land toekent, overeenkomstig zijn wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen.b) De Republiek Moldavië kent de op zijn grondgebied gevestigde dochterondernerningen en filialen van vennootschappen uit de Gemeenschap, wat de werking daarvan betreft, geen minder gunstige behandeling toe dan de meest voordelige behandeling die het aan zijn eigen vennootschappen of filialen respectievelijk aan vennootschappen of filialen uit enig derde land toekent, overeenkomstig zijn wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen.3. De bepalingen van de leden 1 en 2 mogen door de op het grondgebied van een Partij gevestigde dochterondernemingen van vennootschappen uit de andere Partij niet worden gebruikt om de wettelijke en bestuursrechtelijke voorschriften van de eerstgenoemde Partij in verband met de toegang tot specifieke sectoren of activiteiten te omzeilen. Aan vennootschappen die op de datum van inwerkingtreding van deze Overeenkomst in de Gemeenschap of in de Republiek Moldavië gevestigd zijn, wordt de in de leden 1 en 2 bedoelde behandeling toegekend met ingang van de datum van inwerkingtreding van deze Overeenkomst en aan vennootschappen die zich na deze datum in de Gemeenschap of in de Republiek Moldavië vestigen, met ingang van de datum van vestiging. Artikel 30 1. Onverminderd het bepaalde in artikel 101 is artikel 29 niet van toepassing op het vervoer door de lucht, over binnenwateren en over zee.2. Wat evenwel de activiteiten van scheepvaartondernemingen op het gebied van het internationale vervoer over zee betreft, met inbegrip van het intermodale vervoer dat ten dele over zee plaatsvindt, biedt elke Partij aan vennootschappen van de andere Partij de mogelijkheid op haar grondgebied een handelsvertegenwoordiging in de vorm van dochterondernemingen of filialen te vestigen, onder voorwaarden, wat de vestiging en de werking betreft, die niet minder gunstig zijn dan de meest voordelige voorwaarden die zij aan haar eigen vennootschappen of aan dochterondernemingen of filialen van vennootschappen uit enig derde land toekent. Deze activiteiten omvatten onder meer : a) het op de markt brengen en de verkoop van maritieme vervoerdiensten en aanverwante diensten door rechtstreekse contacten met klanten, van prijsopgave tot facturering, ongeacht of deze diensten worden verricht of aangeboden door de dienstverlener zelf dan wel door dienstverleners waarmee de verkoper van de diensten een permanent handelsakkoord heeft;b) aankoop en gebruik, voor eigen rekening of voor rekening van hun klanten en de wederverkoop aan hun klanten) van alle vervoerdiensten en aanverwante diensten, met inbegrip van alle vormen van binnenlands vervoer, in het bijzonder over binnenwateren, over de weg en per spoor, die voor een geïntegreerde dienstverlening vereist zijn;c) voorbereiding van documentatie betreffende vervoersdocumenten, douanedocumenten of andere documenten in verband met de oorsprong en de aard van de vervoerde goederen;d) het verschaffen van handelsinformatie, op enigerlei wijze, onder meer door middel van geautomatiseerde informatiesystemen en systemen voor elektronische gegevensuitwisseling (onverminderd alle niet-discriminatoire beperkingen op het telecommunicatieverkeer);e) het opzetten van enigerlei handelstransactie, met inbegrip van participaties in ondernemingen en het in dienst nemen van plaatselijk aangeworven personeel (of, wanneer het buitenlands personeel betreft, met inachtneming van de desbetreffende bepalingen van deze Overeenkomst), met een in het betrokken land gevestigde scheepvaartonderneming;f) optreden namens ondernemingen, het organiseren van de afroep van aanvragen om scheepsruimte of, indien nodig, het overnemen van vracht. Artikel 31 Voor de toepassing van deze Overeenkomst wordt verstaan onder : a) "vennootschap uit de Gemeenschap" of "Moldavische vennootschap" : een overeenkomstig het recht van een Lid-Staat respectievelijk de Republiek Moldavië opgerichte vennootschap die haar statutaire zetel, hoofdbestuur of hoofdvestiging op het grondgebied van respectievelijk de Gemeenschap of de Republiek Moldavië heeft.Indien een overeenkomstig het recht van een Lid-Staat respectievelijk de Republiek Moldavië opgerichte vennootschap enkel haar statutaire zetel op het grondgebied van de Gemeenschap respectievelijk de Republiek Moldavië heeft, wordt deze vennootschap als een vennootschap uit de Gemeenschap of als een Moldavische vennootschap beschouwd indien uit haar transacties een werkelijke en permanente band met de economie van een Lid-Staat respectievelijk de Republiek Moldavië naar voren treedt; b) "dochteronderneming" : een vennootschap waarover een andere vennootschap daadwerkelijk zeggenschap heeft;c) "filiaal" van een vennootschap : een handelsvestiging zonder rechtspersoonlijkheid die kennelijk een permanent karakter bezit - zoals een agentschap van een moedermaatschappij -, een eigen management heeft en over de nodige materiële voorzieningen beschikt om zakelijk overleg te voeren met derden, in dier voege dat laatstgenoemden, hoewel zij ervan op de hoogte zijn dat indien nodig er een rechtsverhouding zal bestaan met de moedermaatschappij waarvan het hoofdkantoor zich in het buitenland bevindt, geen rechtstreeks contact dienen te hebben met deze moedermaatschappij doch hun transacties kunnen afhandelen met de genoemde handelsvestiging die het vorengenoemde agentschap vormt;d) "vestiging" : het recht van vennootschappen uit de Gemeenschap of Moldavische vennootschappen als bedoeld onder a) om economische activiteiten uit te oefenen door de oprichting van dochterondernemingen en filialen in de Republiek Moldavië respectievelijk de Gemeenschap;e) "transacties" : het verrichten van economische activiteiten;f) "economische activiteiten" : activiteiten met een industrieel of commercieel karakter of activiteiten van personen die een vrij beroep uitoefenen. Wat het internationale vervoer over zee betreft, met inbegrip van het intermodale vervoer dat ten dele over zee plaatsvindt, zijn de bepalingen van dit hoofdstuk en van hoofdstuk III eveneens van toepassing op onderdanen van de Lid-Staten of van de Republiek Moldavië die buiten het grondgebied van respectievelijk de Gemeenschap of de Republiek Moldavië gevestigd zijn en op buiten de Gemeenschap of de Republiek Moldavië gevestigde scheepvaartmaatschappijen waarover onderdanen van respectievelijk de Gemeenschap of de Republiek Moldavië zeggenschap hebben, indien de vaartuigen van deze scheepvaartmaatschappijen respectievelijk in die Lid-Staat of in de Republiek Moldavië geregistreerd zijn overeenkomstig de respectieve wettelijke regelingen van de Gemeenschap en de Republiek Moldavië. Artikel 32 1. Geen enkele bepaling van deze Overeenkomst verzet zich ertegen dat een Partij prudentiële maatregelen neemt, onder meer ter bescherming van investeerders, depositogevers, verzekeringnemers of personen jegens wie een financiële dienstverlener fiduciaire verplichtingen heeft of ten einde de integriteit en de stabiliteit van het financiële systeem te waarborgen.Wanneer dergelijke maatregelen in strijd zijn met de bepalingen van deze Overeenkomst, mogen zij niet worden gebruikt als middel om de uit deze Overeenkomst voortvloeiende verplichtingen van een Partij te ontduiken. 2. Geen enkele bepaling van deze Overeenkomst wordt op zodanige wijze geïnterpreteerd dat zij een Partij ertoe verplicht zakelijke of financiële informatie betreffende individuele klanten dan wel vertrouwelijke of gepatenteerde informatie die in het bezit is van overheidsinstanties te verstrekken. Artikel 33 De bepalingen van deze Overeenkomst beletten een Partij niet de maatregelen te nemen die zij noodzakelijk acht om te voorkomen dat de door haar. genomen maatregelen in verband met de toegang van derde landen tot haar markten door middel van deze Overeenkomst worden ontdoken. Artikel 34 1. In afwijking van het bepaalde in hoofdstuk I heeft een op het grondgebied van de Republiek Moldavië of de Gemeenschap gevestigde vennootschap uit de Gemeenschap respectievelijk de Republiek Moldavië het recht, met inachtneming van de wetgeving van het gastland van vestiging, op het grondgebied van de Gemeenschap respectievelijk de Republiek Moldavië werknemers die onderdaan zijn van een Lid-Staat of van de Republiek Moldavië in dienst te nemen of deze door een van haar dochterondernemingen of filialen in dienst te laten nemen, mits deze werknemers een sleutelpositie in de zin van lid 2 bekleden en zij uitsluitend door vennootschappen, dochterondernemingen of filialen tewerkgesteld worden.De verblijfs- en werkvergunningen van deze werknemers dekken slechts de tijd van die tewerkstelling. 2. Werknemers met een sleutelpositie die in dienst zijn van de bovengenoemde vennootschappen, hierna "organisaties" genoemd, zijn "binnen de onderneming overgeplaatste personen" als omschreven onder c) van de hierna volgende categorieën, met dien verstande dat de organisatie een rechtspersoon is en de betrokkenen gedurende tenminste het onmiddellijk aan de overplaatsing voorafgaande jaar in dienst waren van deze organisatie of daarin partners (doch geen aandeelhouders met een meerderheidsparticipatie) waren : a) leden van het hogere kader van een organisatie die in de eerste plaats verantwoordelijk zijn voor het management van de organisatie, onder het algemene toezicht en de leiding van de raad van bestuur of de aandeelhouders of daarmee gelijkgestelde personen.Hun taken omvatten : - de leiding van de organisatie of een afdeling of onderafdeling daarvan; - toezicht en controle op de werkzaamheden van andere toezichthoudende, hooggespecialiseerde of leidinggevende werknemers; - de persoonlijke bevoegdheid werknemers in dienst te nemen en te ontslaan of de indienstneming of het ontslag van werknemers of andere maatregelen in het kader van het personeelsbeleid aan te bevelen; b) binnen een organisatie werkzame personen die beschikken over ongewone kennis die van wezenlijk belang is voor de dienstverlening van het bedrijf, de onderzoeksuitrusting, de technische werkzaamheden of het management.Afgezien van de voor het functioneren van het betrokken bedrijf vereiste specifieke kennis, kan deze kennis bestaan in een hoog bekwaamheidsniveau met betrekking tot bepaalde werkzaamheden of van het uitoefenen van een bepaald beroep waarvoor specifieke technische vaardigheden vereist zijn, met inbegrip van, in voorkomend geval, het lidmaatschap van een erkende beroepsgroep; c) een "binnen de onderneming overgeplaatste persoon" is een natuurlijke persoon die voor een organisatie op het grondgebied van een Partij werkzaam is en die tijdelijk wordt overgeplaatst in het kader van economische activiteiten op het grondgebied van de andere Partij.De hoofdvestiging van de betrokken organisatie dient op het grondgebied van een Partij te zijn gevestigd en de overplaatsing dient te geschieden naar een dochteronderneming of filiaal van deze organisatie die op het grondgebied van de andere Partij daadwerkeiijk soortgelijke economische activiteiten verricht. Artikel 35 1. De Partijen vermijden in zoverre mogelijk het nemen van maatregelen of het ontplooien van activiteiten die de voorwaarden voor de vestiging en de werking van vennootschappen uit de andere Partij restrictiever maken dan op de dag voorafgaande aan de datum van ondertekening van deze Overeenkomst het geval was.2. De bepalingen van dit artikel laten die van artikel 43 onverlet : de omstandigheden waarop artikel 43 van toepassing is, worden uitsluitend geregeld door de bepalingen van dat artikel, met uitsluiting van elk ander artikel.3. In een geest van partnerschap en samenwerking en in het licht van de bepalingen van artikel 50 geeft de Regering van de Republiek Moldavië de Gemeenschap kennis van door haar voorgestelde nieuwe wettelijke of bestuursrechtelijke bepalingen die de voorwaarden voor de vestiging of de werking van dochterondernemingen of filialen van vennootschappen uit de Gemeenschap in de Republiek Moldavië restrictiever kunnen maken dan op de dag voorafgaande aan de datum van ondertekening van deze Overeenkomst het geval is.De Gemeenschap kan van de Republiek Moldavië verlangen dat dit land haar het ontwerp van deze regelingen doet toekomen en dat daarover overleg wordt gepleegd. 4. Wanneer nieuwe wettelijke of bestuursrechtelijke bepalingen in de Republiek Moldavië de voorwaarden voor de vestiging van vennootschappen uit de Gemeenschap op het grondgebied van de Republiek Moldavië en voor de werking van in de Republiek Moldavië gevestigde dochterondernemingen en filialen van vennootschappen uit de Gemeenschap restrictiever maken dan op de dag voorafgaande aan de datum van ondertekening van deze Overeenkomst het geval is, zijn deze bepalingen gedurende de eerste drie jaren volgende op de datum van inwerkingtreding van het desbetreffende besluit niet van toepassing op de dochterondernemingen en filialen die op de datum van inwerkingtreding van dat besluit reeds in de Republiek Moldavië gevestigd waren. HOOFDSTUK III. - Grensoverschrijdend dienstenverkeer tussen de Gemeenschap en de Republiek Moldavië Artikel 36 1. De Partijen verbinden zich overeenkomstig het bepaalde in dit hoofdstuk ertoe de nodige stappen te ondernemen om geleidelijk het grensoverschrijdend verlenen van diensten mogelijk te maken door vennootschappen uit de Gemeenschap of Moldavische vennootschappen die zijn gevestigd op het grondgebied van een andere Partij dan die van de persoon voor wie de diensten worden verricht, met inachtneming van de ontwikkeling van de dienstverlenende sectoren op het grondgebied van de Partijen.2. De Samenwerkingsraad doet aanbevelingen met betrekking tot de tenuitvoerlegging van lid 1. Artikel 37 De Partijen werken samen met het oog op de ontwikkeling van een marktgerichte dienstensector in de Republiek Moldavië. Artikel 38 1. De Partijen verbinden zich ertoe het beginsel van onbeperkte toegang tot de internationale maritieme markt en het internationaal maritiem vervoer op commerciële basis daadwerkelijk toe te passen.a) Deze bepaling laat onverlet de rechten en verplichtingen die voortvloeien uit de Gedragscode van de Verenigde Naties voor Lijnvaartconferences die voor een Partij bij deze Overeenkomst van toepassing zijn.De niet bij conferences aangesloten lijnvaartmaatschappijen kunnen vrij met een conference concurreren zolang zij zich aan het beginsel van eerlijke concurrentie op commerciële basis houden. b) De Partijen bevestigen dat zij de vrije concurrentie fundamenteel achten voor het handelsverkeer in droge en vloeibare bulkgoederen.2. De Partijen verbinden zich ertoe bij de toepassing van de beginselen van lid 1 : a) vanaf het in werking treden van deze Overeenkomst geen bepalingen inzake vrachtverdeling van bilaterale overeenkomsten tussen een Lid-Staat en de voormalige Sovjet-Unie toe te passen;b) geen bepalingen inzake vrachtverdeling op te nemen in toekomstige bilaterale overeenkomsten met derde landen, tenzij in die uitzonderlijke gevallen waarin de lijnvaartmaatschappijen van een Partij bij deze Overeenkomst anders geen reële kans zouden krijgen om aan het handelsverkeer van en naar het betrokken derde land deel te nemen;c) het opnemen van vrachtverdelingsregelingen in toekomstige bilaterale overeenkomsten betreffende het vervoer van droge en vloeibare bulkladingen niet toe te staan;d) bij het in werking treden van deze Overeenkomst alle unilaterale maatregelen en administratieve, technische en andere belemmeringen op te heffen die een beperkende of discriminerende werking kunnen hebben ten aanzien van de vrije dienstverrichting in het internationaal maritiem vervoer. Elke Partij verleent aan de schepen welke door onderdanen of vennootschappen van de andere Partij worden geëxploiteerd, inter alia, geen minder gunstige behandeling dan die welke zij aan haar eigen schepen verleent, ten aanzien van de toegang tot de voor het internationale handelsverkeer bestemde havens, het gebruik van de infrastructuur en van de maritieme hulpdiensten van de havens evenals de daarmee verband houdende vergoedingen en kosten, de douanefaciliteiten en de toewijzing van aanlegplaatsen en installaties voor het laden en lossen. 3. De onderdanen en vennootschappen van de Gemeenschap die voorzien in internationale maritieme vervoerdiensten, kunnen onbelemmerd voorzien in de op het internationaal zeevervoer aansluitende diensten op de binnenwateren van de Republiek Moldavië en vice versa. Artikel 39 Met het oog op een gecoördineerde ontwikkeling van het vervoer tussen de Partijen in overeenstemming met hun commerciële behoeften, kunnen de voorwaarden voor de wederzijdse toegang tot elkaars markten en het verlenen van diensten met betrekking tot het vervoer over de weg, per spoor en over de binnenwateren, en eventueel het luchtvervoer, worden vastgelegd in bijzondere overeenkomsten, waarover in voorkomend geval tussen de Partijen als gedefinieerd in artikel 96 na het in werking treden van deze Overeenkomst wordt onderhandeld. HOOFDSTUK IV. - Algemene bepalingen Artikel 40 1. De bepalingen van deze titel worden toegepast behoudens beperkingen die gerechtvaardigd zijn uit hoofde van de openbare orde, de openbare veiligheid en de volksgezondheid.2. Zij zijn niet van toepassing op de werkzaamheden die op het grondgebied van een Partij verband houden met de uitoefening van het openbaar gezag.zelfs indien deze slechts voor een bepaalde gelegenheid geschieden. Artikel 41 Voor de toepasing van deze Titel belet geen enkele bepaling van deze Overeenkomst de Partijen hun wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen betreffende toelating en verblijf, het verrichten van werk, arbeidsvoorwaarden, de vestiging van natuurlijke personen en het verrichten van diensten toe te passen, mits zij dat niet op zodanige wijze doen dat de voor een Partij uit een specifieke bepaling van deze Overeenkomst voortvloeiende voordelen teniet worden gedaan of beperkt. Deze bepaling doet geen afbreuk aan de toepassing van artikel 40. Artikel 42 Vennootschappen waarover de zeggenschap berust bij of die de exclusieve eigendom zijn van Moldavische vennootschappen en vennootschappen uit de Gemeenschap gezamenlijk, komen eveneens in aanmerking voor de bepalingen van de hoofdstukken II, III en IV. Artikel 43 De in het kader van deze Overeenkomst door een Partij aan de andere toegekende behandeling is met ingang van een termijn van een maand vóór het in werking treden van de daarop betrekking hebbende voorschriften van de Algemene Overeenkomst inzake de Handel in Diensten (GATS), met betrekking tot de sectoren of maatregelen waarop de GATS betrekking heeft, in geen enkel geval gunstiger dan die welke door de eerstbedoelde Partij in het kader van de GATS en met betrekking tot om het even welke dienstensector, dienstensubsector en wijze van dienstverlening wordt toegekend. Artikel 44 Voor de toepassing van de hoofdstukken II, III en IV wordt geen rekening gehouden met de behandeling welke door de Gemeenschap, haar Lid-Staten of de Republiek Moldavië wordt toegekend op grond van de verbintenissen welke in het kader van overeenkomsten inzake economische integratie overeenkomstig de beginselen van artikel V van de GATS zijn aangegaan. Artikel 45 1. De overeenkomstig de bepalingen van deze titel toegekende meestbegunstigingsregeling is niet van toepassing op de belastingvoordelen waarin de Partijen voorzien of in de toekomst zullen voorzien in het kader van overeenkomsten ter voorkoming van dubbele belasting of andere fiscale regelingen.2. Niets in deze titel kan worden uitgelegd als een beletsel voor het vaststellen of doen naleven door de Partijen van maatregelen ter voorkoming van belastingvermijding of -ontduiking overeenkomstig de bepalingen van overeenkomsten ter voorkoming van dubbele belasting en andere fiscale regelingen, of de nationale fiscale wetgeving.3. Niets in deze titel kan worden uitgelegd als een beletsel voor de Lid- Staten of de Republiek Moldavië om bij de toepassing van de desbetreffende bepalingen van hun fiscaal recht een onderscheid te maken tussen belastingplichtigen die zich niet in identieke situaties bevinden, vooral met betrekking tot hun woonplaats. Artikel 46 Onverminderd artikel 34 kan geen enkele bepaling van de hoofdstukken II, III en IV worden uitgelegd als zou zij het recht verlenen : - aan onderdanen van de Lid-Staten, respectievelijk de Republiek Moldavië, zich op het grondgebied van de Republiek Moldavië, respectievelijk de Gemeenschap, te begeven of daar te verblijven in ongeacht welke hoedanigheid en met name als aandeelhouder of partner, beheerder of werknemer van een vennootschap dan wel als verstrekker of ontvanger van diensten; - aan dochterondernemingen of filialen van Moldavische vennootschappen in de Gemeenschap tot het op het grondgebied van de Gemeenschap in dienst nemen of hebben van onderdanen van de Republiek Moldavië : - aan dochterondernemingen of filialen van vennootschappen uit de Gemeenschap in de Republiek Moldavië tot het op het grondgebied van de Republiek Moldavië in dienst nemen of hebben van onderdanen van de Lid- Staten : aan Moldavische vennootschappen dan wel dochterondernemingen of filialen van Moldavische vennootschappen in de Gemeenschap tot het namens of onder het toezicht van andere personen laten optreden van Moldavische onderdanen door middel van tijdelijke arbeidsovereenkomsten; - aan communautaire vennootschappen dan wel dochterondernemingen of filialen van vennootschappen uit de Gemeenschap in de Republiek Moldavië tot het door middel van tijdelijke arbeidsovereenkomsten voorzien in arbeidskrachten die onderdanen van Lid-Staten zijn. TITEL V. - Betalings- en kapitaalverkeer Artikel 47 1. De Partijen verbinden zich ertoe machtiging te verlenen tot alle betaalverrichtingen op de lopende rekening van de betalingsbalans in vrije convertibele valuta tussen inwoners van de Gemeenschap en van de Republiek Moldavië voor zover deze verrichtingen betrekking hebben op het verkeer van goederen, diensten of personen in overeenstemming met de bepalingen van deze Overeenkomst.2. Met betrekking tot de verrichtingen op de kapitaalrekening van de betalingsbalans worden vanaf de datum van inwerkingtreding van de Overeenkomst het vrije verkeer van kapitaal met betrekking tot directe investeringen in vennootschappen die in overeenstemming met de wetten van het gastland zijn opgericht, en investeringen in overeenstemming met hoofdstuk II van titel IV, alsook de liquidatie of de repatriëring van die investeringen en van alle opbrengsten daarvan gegarandeerd.3. Onverminderd de leden 2 en 5 worden met ingang van de datum van inwerkingtreding van deze Overeenkomst geen nieuwe beperkingen ingesteld op de valutatransacties in het kader van het kapitaalverkeer en de daarmee verband houdende betalingsverrichtingen tussen inwoners van de Gemeenschap en van de Republiek Moldavië, en worden in de bestaande regelingen geen verdere restricties aangebracht.4. De Partijen raadplegen elkaar met het oog op de vergemakkelijking van andere kapitaalverrichtingen dan die bedoeld in lid 2 tussen de Gemeenschap en de Republiek Moldavië gericht op de verwezenlijking van de doelstellingen van deze Overeenkomst.5. In het kader van dit artikel kan de Republiek Moldavië, in afwachting van een volledige convertibiliteit van de Moldavische munteenheid in de zin van artikel Vlll van de Overeenkomst betreffende het Internationaal Monetair Fonds CIMF), in uitzonderlijke omstandigheden deviezenbeperkingen in verband met het verlenen of opnemen van financieel krediet op korte en middellange termijn toepassen, voor zover deze beperkingen aan de Republiek Moldavië voor het verlenen van dergelijke kredieten worden opgelegd en op grond van de IMF-status van de Republiek Moldavië zijn toegestaan.De Republiek Moldavië past deze beperkingen op een niet-discriminerende wijze toe. Zij dienen zodanig te worden toegepast dat zij de uitvoering van deze Overeenkomst zo weinig mogelijk verstoren. De Republiek Moldavië doet aan de Samenwerkingsraad onverwijld mededeling van de invoering en van alle wijzigingen van dergelijke maatregelen. 6. Onverminderd de leden 1 en 2 kunnen de Gemeenschap en de Republiek Moldavië in uitzonderlijke omstandigheden, wanneer kapitaalverkeer tussen de Gemeenschap en de Republiek Moldavië oorzaak is of dreigt te zijn van ernstige moeilijkheden voor de toepassing van het wisselkoersbeleid of het monetaire beleid in de Gemeenschap of in de Republiek Moldavië, elk voor zich vrijwaringsmaatregelen nemen met betrekking tot het kapitaalverkeer tussen de Gemeenschap en de Republiek Moldavië voor een periode van niet meer dan zes maanden, indien deze maatregelen volstrekt nodig zijn. TITEL VI. - Mededinging, bescherming van intellectuele, industriële en commerciële eigendom, samenwerking op het gebied van de wetgeving Artikel 48 1. De Partijen komen overeen, door de toepassing van hun mededingingsvoorschriften of anderszins, te bewerkstelligen dat beperkingen van de mededinging door ondernemingen of ten gevolge van overheidsmaatregelen, voor zover zij de handel tussen de Gemeenschap en de Republiek Moldavië ongunstig kunnen beïnvloeden, ongedaan worden gemaakt of worden opgeheven. 2. Met het oog op de verwezenlijking van de in lid 1 genoemde doelstellingen : 2.1. zorgen de Partijen ervoor dat zij over wetgeving beschikken ter bestrijding van mededingingsbeperkingen door de onder hun rechtsbevoegdheid vallende ondernemingen en op de naleving ervan toezien; 2.2. zien de Partijen af van de toekenning van staatssteun aan bepaalde ondernemingen, voor de produktie van goederen die geen basisprodukten zijn als bedoeld in de GATT, of voor diensten, voor zover hierdoor de mededinging wordt vervalst of dreigt te worden vervalst en in de mate dat deze steun de handel tussen de Gemeenschap en de Republiek Moldavië ongunstig beïnvloedt; 2.3. verstrekt de ene Partij de andere op haar verzoek informatie over haar steunprogramma's of over bepaalde afzonderlijke gevallen van staatssteun; de Partijen dienen geen informatie te verstrekken waarop wettelijke voorschriften inzake het beroeps- of bedrijfsgeheim van toepassing zijn; 2.4. verklaren de Partijen zich met betrekking tot de staatsmonopolies van commerciële aard, bereid vanaf het vierde jaar na de inwerkingtreding van deze Overeenkomst erop toe te zien dat niet wordt gediscrimineerd tussen onderdanen van de Partijen met betrekking tot de voorwaarden waaronder goederen worden aangeschaft of verkocht; 2.5. verklaren de Partijen zich met betrekking tot de overheidsbedrijven en de ondernemingen waaraan de Lid-Staten of de Republiek Moldavië uitsluitende rechten verlenen, bereid vanaf het vierde jaar na de inwerkingtreding van deze Overeenkomst erop toe te zien dat geen maatregelen worden vastgesteld of gehandhaafd die voor de respectieve belangen van de Partijen nadelige distorsies van de handel tussen de Gemeenschap en de Republiek Moldavië tot gevolg hebben; deze bepaling vormt geen juridische of feitelijke belemmering voor de vervulling van de aan de bedoelde ondernemingen opgedragen bijzondere taken; 2.6. kan de in lid 2, punten 4) en 5), genoemde termijn bij onderlinge overeenstemming tussen de Partijen worden verlengd. 3. Op verzoek van de Gemeenschap of de Republiek Moldavië kan binnen het Samenwerkingscomité overleg plaatshebben over de in leden 1 en 2 bedoelde beperkingen of vervalsing van de mededinging en over het doen naleven van de mededingingsvoorschriften, met inachtneming van de wettelijke beperkingen betreffende de bekendmaking van gegevens, de vertrouwelijkheid van informatie en het bedrijfsgeheim.Het overleg kan eveneens betrekking hebben op problemen in verband met de uitlegging van de leden 1 en 2. 4. De Partijen met ervaring op het gebied ven de toepassing van mededinsingsvoorschriften stellen alles in het werk om de andere Partijen, op hun verzoek en binnen de grenzen van de beschikbare middelen, technische bijstand te verlenen met betrekking tot de uitwerking en tenuitvoerlegging van mededingingsvoorschriften.5. Bovenstaande bepalingen doen op geen enkele wijze afbreuk aan de rechten van de Partijen om afdoende maatregelen, en met name die bedoeld in artikel 18, te nemen met betrekking tot distorsies van de handel in goederen of diensten. Artikel 49 1. In overeenstemming met de bepalingen van dit artikel en van bijlage III ziet de Republiek Moldavië verder toe op de verbetering van de bescherming van intellectuele, industriële en commerciële eigendomsrechten, ten einde tegen het einde van het vijfde jaar na de inwerkingtreding van de Overeenkomst te kunnen voorzien in een bescherming overeenkomend met die welke bestaat in de Gemeenschap, met inbegrip van doeltreffende middelen om deze rechten af te dwingen.2. Uiterlijk vijf jaar na de inwerkingtreding van de Overeenkomst, treedt de Republiek Moldavië toe tot de multilaterale overeenkomsten betreffende intellectuele, industriële en commerciële eigendomsrechten bedoeld in punt 1 van bijlage III, waarbij de Lid-Staten Partij zijn of die de facto door de Lid-Staten worden toegepast in overeenstemming met de desbetreffende bepalingen van die overeenkomsten. Artikel 50 1. De Partijen erkennen dat een voorname voorwaarde voor het versterken van de economische banden tussen de Republiek Moldavië en de Gemeenschap de aanpassing van de bestaande en toekomstige wetgeving van de Republiek Moldavië aan die van de Gemeenschap is.De Republiek Moldavië doet het nodige om ervoor te zorgen dat zijn wetgeving geleidelijk in overeenstemming met die van de Gemeenschap wordt gebracht. 2. De aanpassing van de wetgeving omvat in het bijzonder de volgende terreinen : douanewetgeving, vennootschapsrecht, bankrecht, boekhoudkundige regels voor vennootschappen, vennootschapsbelastingen, intellectuele eigendom, bescherming van werknemers op de arbeidsplaats, financiële diensten, mededingingsregels, overheidsopdrachten, bescherming van de gezondheid en het leven van personen, dieren en planten, milieu, consumentenbescherming, indirecte belastingen, technische voorschriften en normen, wettelijke en bestuursrechtelijke voorschriften inzake kernenergie, vervoer.3. De Gemeenschap verstrekt de Republiek Moldavië zo nodig technische bijstand bij de uitvoering van deze maatregelen, onder meer door : - de uitwisseling van deskundigen; - het verstrekken van tijdige informatie, vooral over relevante wetgeving; - de organisatie van seminars; - opleidingsactiviteiten; - bijstand voor de vertaling van communautaire wetgeving in de desbetreffende sectoren. TITEL VII. - Economische samenwerking Artikel 51 1. De Gemeenschap en de Republiek Moldavië brengen een economische samenwerking tot stand die erop gericht is het economisch hervormings- en herstelproces en de duurzame ontwikkeling van de Republiek Moldavië te bevorderen.Die samenwerking versterkt en ontwikkelt de economische banden ten voordele van beide Partijen. 2. Het beleid en de andere maatregelen zijn gericht op de totstandbrenging van economische en sociale hervormingen, en van de herstructurering van het economische systeem in de Republiek Moldavië, en gaan uit van de eisen van een duurzame en harmonische sociale ontwikkeling;ook de milieu-aspecten dienen volledig in de maatregelen te zijn geïntegreerd. 3. Te dien einde wordt de samenwerking in het bijzonder gericht op de industriële samenwerking, de bevordering en bescherming van de investeringen, overheidsopdrachten, normen en overeenstemmingsbeoordelingen, mijnbouw en grondstoffen, wetenschap en technologie, onderwijs en opleiding, de landbouw en de agro-industriële sector, energie, het milieu, vervoer, ruimtetechnologie, telecommunicatie, financiële diensten, het witwassen van geld, monetair beleid, regionale ontwikkeling, sociale samenwerking, toerisme, het midden- en kleinbedrijf, informatie en communicatie, consumentenbescherming, douane, statistieken, economie en verdovende middelen.4. Er wordt speciale aandacht besteed aan maatregelen ter bevordering van de samenwerking tussen de Onafhankelijke Staten met het oog op een harmonische ontwikkeling van de regio.5. In voorkomend geval kunnen de economische samenwerking en de andere vormen van samenwerking waarin deze Overeenkomst voorziet, worden gesteund door technische bijstand van de Gemeenschap, met inachtneming van de op de technische bijstand in de Onafhankelijke Staten betrekking hebbende verordening van de Raad van de Europese Unie, de in het kader van het indicatieve programma voor de technische bijstand van de Gemeenschap aan de Republiek Moldavië overeengekomen prioriteiten, en de vastgestelde coördinatie- en tenuitvoerleggingsprocedures.6. De Samenwerkingsraad doet aanbevelingen met betrekking tot de ontwikkeling van de samenwerking op de in lid 3 genoemde gebieden. Artikel 52 Industriële samenwerking 1. Bij de samenwerking wordt in het bijzonder de bevordering nagestreefd van : - de ontwikkeling van commerciële banden tussen het bedrijfsleven aan beide zijden, met het oog op bijvoorbeeld de overdracht van technologie en know-how; - de deelneming van de Gemeenschap aan het streven van de Republiek Moldavië om zijn industrie te herstructureren en technisch te verbeteren; - de verbeteri …

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.