← België

Decreet tot wijziging van het Provinciedecreet en van het decreet van 6 juli 2001 houdende de intergemeentelijke samenwerking

Kort samengevat

Dit decreet wijzigt de bestaande wetgeving over provincies en intergemeentelijke samenwerking. Het regelt voornamelijk procedures en voorwaarden voor provinciale bestuursorganen.

Wat het regelt

Wie het aanbelangt

Kernpunten

📄 Wettekst
30 APRIL 2009. - Decreet tot wijziging van het Provinciedecreet en van het decreet van 6 juli 2001Relevante gevonden documenten type decreet prom. 06/07/2001 pub. 31/10/2001 numac 2001035984 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet houdende de intergemeentelijke samenwerking sluiten houdende de intergemeentelijke samenwerking (1) Het Vlaams Parlement heeft aangenomen en Wij, Regering, bekrachtigen hetgeen volgt : Decreet tot wijziging van het Provinciedecreet en van het decreet van 6 juli 2001Relevante gevonden documenten type decreet prom. 06/07/2001 pub. 31/10/2001 numac 2001035984 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet houdende de intergemeentelijke samenwerking sluiten houdende de intergemeentelijke samenwerking. TITEL I. - Inleidende bepaling Artikel 1.Dit decreet regelt een gewestaangelegenheid. TITEL II. - Wijzigingen aan het Provincie decreet van 9 december 2005Relevante gevonden documenten type decreet prom. 09/12/2005 pub. 29/12/2005 numac 2005036605 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Provinciedecreet sluiten HOOFDSTUK I. - Wijzigingen aan titel II van het Provinciedecreet Art. 2.In artikel 5, § 2, van het Provincie decreet van 9 december 2005Relevante gevonden documenten type decreet prom. 09/12/2005 pub. 29/12/2005 numac 2005036605 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Provinciedecreet sluiten worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in het eerste lid worden tussen de woorden « door de minister van Binnenlandse Zaken » en de woorden « in het Belgisch Staatsblad » de woorden « zijn vastgesteld en » ingevoegd;2° er wordt een tweede lid toegevoegd, dat luidt als volgt : « Het bevolkingsaantal op 1 januari, bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad, wordt, met behoud van de toepassing van het eerste lid, vanaf 1 januari volgend op de bekendmaking ervan, in aanmerking genomen als bevolkingscijfer in dit decreet.». Art. 3.In artikel 6, § 2, van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 2 juni 2006Relevante gevonden documenten type decreet prom. 02/06/2006 pub. 23/08/2006 numac 2006029100 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende de personeelsformatie en het statuut van de kinderverzorgers van de inrichtingen voor gewoon kleuteronderwijs die door de Franse Gemeenschap worden georganiseerd en gesubsidieerd type decreet prom. 02/06/2006 pub. 21/09/2006 numac 2006029099 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot vaststelling van de academische graden uitgereikt door de Hogescholen die door de Franse Gemeenschap worden georganiseerd of gesubsidieerd en tot vaststelling van de minimale uurregelingen type decreet prom. 02/06/2006 pub. 04/09/2006 numac 2006029095 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet houdende verschillende maatregelen inzake kunsthoger onderwijs type decreet prom. 02/06/2006 pub. 11/08/2006 numac 2006202335 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet houdende wijziging van het decreet van 17 juli 2002 tot bepaling van het getuigschrift van pedagogische bekwaamheid voor het hoger onderwijs in de hogescholen en van de voorwaarden voor het verkrijgen ervan sluiten, worden de woorden « hun installatie » vervangen door de woorden « tot de installatie van de meerderheid van de provincieraadsleden ». Art. 4.In artikel 7 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 2 juni 2006Relevante gevonden documenten type decreet prom. 02/06/2006 pub. 23/08/2006 numac 2006029100 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende de personeelsformatie en het statuut van de kinderverzorgers van de inrichtingen voor gewoon kleuteronderwijs die door de Franse Gemeenschap worden georganiseerd en gesubsidieerd type decreet prom. 02/06/2006 pub. 21/09/2006 numac 2006029099 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot vaststelling van de academische graden uitgereikt door de Hogescholen die door de Franse Gemeenschap worden georganiseerd of gesubsidieerd en tot vaststelling van de minimale uurregelingen type decreet prom. 02/06/2006 pub. 04/09/2006 numac 2006029095 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet houdende verschillende maatregelen inzake kunsthoger onderwijs type decreet prom. 02/06/2006 pub. 11/08/2006 numac 2006202335 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet houdende wijziging van het decreet van 17 juli 2002 tot bepaling van het getuigschrift van pedagogische bekwaamheid voor het hoger onderwijs in de hogescholen en van de voorwaarden voor het verkrijgen ervan sluiten, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in § 1 wordt het eerste lid vervangen door wat volgt : « De verkozen provincieraadsleden worden, voor de goede orde, door de provinciegriffier ten minste acht dagen voor de installatievergadering van de provincieraad op de hoogte gebracht van de datum, het uur en de plaats van de installatievergadering.»; 2° in § 1 worden tussen het eerste en het tweede lid twee nieuwe leden ingevoegd, die luiden als volgt : « De installatievergadering van de provincieraad vindt van rechtswege plaats in het provinciehuis, om 10 uur, op de eerste werkdag van de maand december. Elke dag van de week, behalve zaterdag, zondag en wettelijke en decretale feestdagen, is een werkdag. »; 3° in § 1, tweede lid, dat het vierde lid wordt, en het derde lid, dat het vijfde lid wordt, wordt de laatste zin telkens geschrapt;4° in § 1 wordt na het derde lid, dat het vijfde lid wordt, een nieuw lid ingevoegd, dat luidt als volgt : « Als de nieuw verkozen raadsleden niet zijn bijeengeroepen overeenkomstig de voormelde bepalingen, gebeurt de bijeenroeping door een uittredend lid van de deputatie volgens hun rangorde.»; 5° in § 1, vierde lid, dat het zevende lid wordt, worden de woorden « het tweede lid » vervangen door de woorden « het vierde en het zesde lid »;6° er wordt een § 5 toegevoegd, die luidt als volgt : « § 5.Als de voorzitter van de provincieraad, degene die de voorzitter vervangt of degene die de eed afneemt van de voorzitter, nalaat de eed af te nemen van de verkozen provincieraadsleden op de installatievergadering of, bij vervanging van een lid, na de installatievergadering uiterlijk op de eerstvolgende vergadering van de provincieraad, wordt de eed afgenomen door een gedeputeerde volgens hun rangorde. ». Art. 5.In artikel 8 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij de decreten van 2 juni 2006 en 22 december 2006, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in § 1 wordt het tweede lid vervangen door wat volgt : « De akte van voordracht kan tevens de einddatum van het mandaat van de kandidaat-voorzitter vermelden.In dat geval kan op de akte van voordracht de naam vermeld worden van de persoon die hem zal of de personen die hem zullen opvolgen voor de resterende duurtijd van het mandaat. In voorkomend geval is de voorzitter bij het bereiken van de einddatum van het mandaat van rechtswege ontslagnemend en wordt hij van rechtswege opgevolgd door de persoon die in de akte van voordracht als opvolger is vermeld. Indien het mandaat eindigt voor de in de akte vermelde einddatum of indien de persoon die in de akte van voordracht werd vermeld als zijnde de persoon die de voorzitter zou opvolgen, zijn mandaat niet opneemt, neemt de eerstvolgende opvolger vervroegd het mandaat op. Als de persoon die als laatste opvolger is vermeld, het mandaat niet kan opnemen, wordt tot vervanging overgegaan overeenkomstig § 4. »; 2° in § 3, derde lid, worden de laatste vier zinnen vervangen door wat volgt : « De akte van voordracht kan tevens de einddatum van het mandaat van de kandidaat-voorzitter vermelden.In dat geval kan op de akte van voordracht de naam vermeld worden van de persoon die hem zal of de personen die hem zullen opvolgen voor de resterende duurtijd van het mandaat. In voorkomend geval is de voorzitter bij het bereiken van de einddatum van het mandaat van rechtswege ontslagnemend en wordt hij van rechtswege opgevolgd door de persoon die in de akte van voordracht als opvolger is vermeld. Indien het mandaat eindigt voor de in de akte vermelde einddatum of indien de persoon die in de akte van voordracht werd vermeld als zijnde de persoon die de voorzitter zou opvolgen, zijn mandaat niet opneemt, neemt de eerstvolgende opvolger vervroegd het mandaat op. Als de persoon die als laatste opvolger is vermeld, het mandaat niet kan opnemen, wordt tot vervanging overgegaan overeenkomstig § 4. »; 3° in § 3, zesde lid, voorlaatste zin, worden tussen de woorden « Bij staking van stemmen » en de woorden « is de kandidaat » de woorden « in de tweede stemronde » ingevoegd;4° in § 4 wordt het tweede lid vervangen door wat volgt : « Als de voorzitter om een andere reden dan de redenen, vermeld in het eerste lid, tijdelijk afwezig is, of als hij bij een welbepaalde aangelegenheid betrokken partij is overeenkomstig artikel 27, neemt de ondervoorzitter het voorzitterschap waar.»; 5° in § 4 wordt het derde lid vervangen door wat volgt : « De voorzitter die als verhinderd wordt beschouwd, die geschorst is of tijdelijk afwezig is, wordt vervangen zolang hij verhinderd, geschorst of tijdelijk afwezig is.De provincieraad neemt akte van de verhindering of schorsing, en van de beëindiging van de periode van verhindering of schorsing. Als het niet gaat om een door het decreet opgelegde verhindering, dan richt de voorzitter zijn verzoek tot vervanging wegens verhindering aan de provincieraad. ». Art. 6.In artikel 9 van hetzelfde decreet wordt het woord « provinciegriffier » vervangen door de woorden « voorzitter van de provincieraad ». Art. 7.In artikel 10 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in § 1, eerste lid, worden tussen de woorden « provincieraadslid dat » en de woorden « niet meer voldoet » de woorden « tijdens zijn mandaat » ingevoegd;2° in § 1, tweede lid, en in § 2 worden de woorden « het rechtscollege, vermeld in artikel 13, » telkens vervangen door de woorden « de Raad voor Verkiezingsbetwistingen »;3° in § 1, tweede lid, worden tussen de woorden « de betrokkene, » en de woorden « tegen ontvangstbewijs » de woorden « met een brief die afgegeven wordt » ingevoegd;4° in § 2 worden tussen de woorden « vanaf de kennisgeving » en de woorden « van de uitspraak » de woorden « aan het provincieraadslid » ingevoegd. Art. 8.In artikel 11 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in het eerste lid, punt 3°, wordt het woord « Arbitragehof » vervangen door de woorden « Grondwettelijk Hof »;2° in het tweede lid wordt de zin « Worden twee bloed- of aanverwanten in een verboden graad of twee echtgenoten gekozen, de een tot raadslid, de ander tot opvolger, dan geldt het verbod om zitting te nemen alleen voor de opvolger, tenzij de plaats waarvoor hij in aanmerking komt, is opengevallen vóór de verkiezing van zijn bloedverwant of aanverwant of echtgenoot.» vervangen door de zin « Als twee bloed- of aanverwanten in een verboden graad of twee echtgenoten worden gekozen, de ene tot raadslid, de andere tot opvolger, dan geldt het verbod om zitting te nemen alleen voor de opvolger, tenzij de plaats waarvoor hij in aanmerking komt, is opengevallen voor de verkiezing van zijn bloed- of aanverwant of echtgenoot. ». Art. 9.In artikel 12 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° het eerste lid wordt § 1, het tweede lid wordt § 2 en het derde lid wordt § 3;2° in het eerste lid, dat § 1 wordt, worden de woorden « de installatievergadering » vervangen door de woorden « zijn installatie als provincieraadslid »;3° in het eerste lid, dat § 1 wordt, worden de woorden « op basis van artikel 11 » geschrapt. Art. 10.In artikel 13 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 22 december 2006Relevante gevonden documenten type decreet prom. 22/12/2006 pub. 29/12/2006 numac 2006037068 bron vlaamse overheid Decreet tot wijziging van de wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van het decreet van 6 juli 2001 houdende de intergemeentelijke samenwerking, van het gemeentedecreet van 15 juli 2005 en van het provinciedecreet van 9 december 2005 sluiten, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° de woorden « het administratief rechtscollege bedoeld in de Provinciekieswet, » worden vervangen door de woorden « de Raad voor Verkiezingsbetwistingen »;2° tussen de woorden « provincieraad of gedeputeerde, » en de woorden « in verband met het goedkeuren » worden de woorden « geschillen die rijzen » ingevoegd;3° tussen het woord « benoeming » en de woorden « en opvolging » wordt het woord « , vervanging » ingevoegd;4° er wordt een zin toegevoegd, die luidt als volgt : « De Raad voor Verkiezingsbetwistingen doet eveneens uitspraak over geschillen die rijzen met betrekking tot de voorwaarden waaraan een vertrouwenspersoon als vermeld in artikelen 18 en 68bis moet voldoen, alsmede of het provincieraadslid voldoet aan de voorwaarden om een beroep te kunnen doen op een vertrouwenspersoon.»; 5° een tweede lid wordt toegevoegd, dat luidt als volgt : « Tegen de uitspraken van de Raad voor Verkiezingsbetwistingen, is binnen een termijn van acht dagen na de kennisgeving een beroep mogelijk bij de Raad van State.Dat beroep is niet schorsend. De hoofdgriffier van de Raad van State deelt het beroep binnen acht dagen na de ontvangst ervan mee aan de betrokkene en aan de provincie in kwestie. De Raad van State doet uitspraak binnen zestig dagen. Het arrest van de Raad van State wordt door de zorg van de hoofdgriffier onmiddellijk ter kennis gebracht van de betrokkene, de Vlaamse Regering en de provincie. ». Art. 11.In artikel 14 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in punt 1° worden telkens tussen de woorden « Bij het verzoek tot » en het woord « verhindering » de woorden « vervanging voor » ingevoegd;2° punt 2° wordt vervangen door wat volgt : « 2° het provincieraadslid dat ouderschapsverlof wil nemen voor de geboorte of adoptie van een kind.Dat provincieraadslid wordt op zijn schriftelijke verzoek, gericht aan de voorzitter van de provincieraad, vervangen, op zijn vroegst vanaf de zesde week voor de vermoedelijke datum van de geboorte of van de adoptie, tot het einde van de negende week na de adoptie of geboorte. Op schriftelijk verzoek wordt de onderbreking van de uitoefening van het mandaat na de negende week verlengd met een duur die gelijk is aan die gedurende welke het raadslid zijn mandaat heeft uitgeoefend tijdens de periode van zes weken die aan de dag van de geboorte of de adoptie voorafgaan. In geval van de geboorte of de adoptie van een meerling, kan op verzoek van het provincieraadslid het verlof verlengd worden met een periode van maximaal twee weken. »; 3° een punt 3° wordt toegevoegd, dat luidt als volgt : « 3° het provincieraadslid dat omwille van palliatief verlof, of voor verlof voor bijstand of verzorging van een zwaar ziek familielid tot en met de tweede graad of van een zwaar ziek gezinslid, gedurende minimaal twaalf weken niet aanwezig wenst te zijn op de vergaderingen van de provincieraad en vervangen wil worden.Hij richt daartoe aan de voorzitter van de provincieraad een schriftelijk verzoek, vergezeld van een verklaring op erewoord waarin het raadslid zich bereid verklaart om bijstand of verzorging te verlenen. De naam van de patiënt hoeft niet te worden vermeld. ». Art. 12.Artikel 15 van hetzelfde decreet wordt vervangen door wat volgt : « Artikel 15.Het provincieraadslid dat ontslag wil nemen, deelt dat schriftelijk mee aan de voorzitter van de provincieraad. Het ontslag is definitief na de ontvangst van de kennisgeving door de voorzitter van de provincieraad. Het lid van de provincieraad blijft zijn mandaat uitoefenen tot zijn opvolger is geïnstalleerd, behoudens als het ontslag het gevolg is van een onverenigbaarheid. ». Art. 13.In artikel 17 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in § 2 wordt het tweede lid vervangen door wat volgt : « De provincie vermindert op de wijze die de Vlaamse Regering bepaalt, de presentiegelden van het provincieraadslid dat andere wettelijke of reglementaire bezoldigingen, pensioenen, vergoedingen of toelagen ontvangt, of de provincie vult die vergoeding aan, op de wijze die de Vlaamse Regering bepaalt, met een bedrag ter compensatie van het inkomensverlies dat de betrokkene lijdt, op voorwaarde dat de mandataris daar zelf om verzoekt.De provinciegriffier stelt vast of aan de vereiste voorwaarden is voldaan. »; 2° er worden een § 5, § 6 en § 7 toegevoegd, die luiden als volgt : « § 5.De provincieraad kent de eretitels toe aan de provincieraadsleden. § 6. De provincie sluit een verzekering af om de burgerlijke aansprakelijkheid, met inbegrip van de rechtsbijstand, te dekken die persoonlijk ten laste komt van de provincieraadsleden bij de normale uitoefening van hun mandaat. De Vlaamse Regering bepaalt de nadere regels voor de uitvoering van deze bepaling. De provincie sluit tevens een verzekering af voor ongevallen van de provincieraadsleden, overkomen in het kader van de normale uitoefening van hun ambt. § 7. Behalve in geval van herhaling is de provincie burgerrechtelijk aansprakelijk voor de betaling van de geldboeten waartoe een provincieraadslid wordt veroordeeld wegens een misdrijf, begaan bij de normale uitoefening van zijn ambt, met uitzondering van de persoonlijke inbreuk begaan op de verkeersreglementering. De regresvordering van de provincie ten aanzien van de veroordeelde provincieraadsleden is beperkt tot de gevallen van bedrog, zware schuld of lichte schuld die bij hen gewoonlijk voorkomen. ». Art. 14.In artikel 18 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° het eerste lid wordt § 1, het tweede lid wordt § 2, en het derde lid wordt § 3;2° in het eerste lid, dat § 1 wordt, worden de woorden « de provincieraadskiezers, op voorwaarde dat hij aan de verkiezingsvoorwaarden voldoet en » vervangen door de woorden « personen die de volle leeftijd van achttien jaar hebben bereikt en die legaal binnen de Europese Unie verblijven, op voorwaarde dat hij »;3° in het eerste lid, dat § 1 wordt, worden de woorden « als vermeld in artikel 11 en 14 » vervangen door de woorden « als vermeld in artikel 11, met uitzondering van het verbod in verband met bloed- en aanverwantschap ten aanzien van het lid met een handicap, en een situatie als vermeld in artikel 14.»; 4° in het tweede lid, dat § 2 wordt, worden de woorden « het eerste lid » vervangen door de woorden « de eerste paragraaf ». Art. 15.Aan artikel 20, tweede lid, van hetzelfde decreet wordt de volgende zin toegevoegd : « Daartoe bezorgen ze voor elk punt op die agenda hun toegelicht voorstel van beslissing aan de provinciegriffier, die de voorstellen bezorgt aan de voorzitter van de provincieraad. ». Art. 16.In artikel 21 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in het tweede lid worden de woorden « toelichtende nota bij elk agendapunt, alsook de voorstellen van beslissing » vervangen door de woorden « toegelicht voorstel van beslissing »;2° in het vierde lid wordt het woord « ambtenaren » vervangen door het woord « personeelsleden ». Art. 17.In artikel 22 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in het eerste lid worden de woorden « voorstel van beslissing, vergezeld van een toelichtende nota, » vervangen door de woorden « toegelicht voorstel van beslissing »;2° in het derde lid worden de woorden « voorstellen en de toelichtende nota's » vervangen door de woorden « toegelichte voorstellen ». Art. 18.In artikel 23 van hetzelfde decreet wordt § 1 vervangen door wat volgt : « § 1. Behalve in spoedeisende gevallen worden plaats, dag, tijdstip en agenda van de vergaderingen van de provincieraad uiterlijk acht dagen voor de vergadering openbaar gemaakt op het provinciehuis, zodat het publiek ervan kan kennisnemen op elk moment. Het huishoudelijk reglement bepaalt de nadere regels over de wijze van openbaarmaking. Als agendapunten aan de agenda worden toegevoegd overeenkomstig artikel 22, wordt de aangepaste agenda uiterlijk 24 uur nadat hij is vastgesteld, openbaar gemaakt overeenkomstig het eerste lid. In spoedeisende gevallen wordt de agenda uiterlijk 24 uur nadat hij is vastgesteld, en uiterlijk vóór de aanvang van de vergadering openbaar gemaakt overeenkomstig het eerste lid. ». Art. 19.In artikel 26 van hetzelfde decreet worden het tweede en het derde lid vervangen door wat volgt : « De provincieraad kan echter, als hij eenmaal bijeengeroepen is zonder dat het vereiste aantal leden aanwezig is, na een tweede oproeping, ongeacht het aantal aanwezige leden, op geldige wijze beraadslagen of beslissen over de onderwerpen die voor de tweede maal op de agenda voorkomen. In die oproeping wordt vermeld dat het om een tweede oproeping gaat. In de tweede oproeping worden de bepalingen van dit artikel overgenomen. ». Art. 20.In artikel 27 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in § 1, 1°, worden de woorden « tot de tweede graad als het gaat om de voordracht van kandidaten, benoemingen, afzettingen en schorsingen » vervangen door de woorden « tot en met de tweede graad als het gaat om de voordracht van kandidaten, benoemingen, ontslagen, afzettingen en schorsingen »;2° in § 2 wordt punt 3° vervangen door wat volgt : « 3° rechtstreeks of onrechtstreeks een overeenkomst te sluiten, behoudens in geval van een schenking aan de provincie of een provinciaal extern verzelfstandigd agentschap, of deel te nemen aan een opdracht voor aanneming van werken, leveringen of diensten, verkoop of aankoop ten behoeve van de provincie of de provinciaal extern verzelfstandigde agentschappen, behoudens in de gevallen waarbij het provincieraadslid een beroep doet op een door de provincie of een provinciaal extern verzelfstandigd agentschap aangeboden dienstverlening en ten gevolge daarvan een overeenkomst aangaat;»; 3° in § 2, 4°, worden de woorden « een onderhandelings- of overlegcomité » vervangen door de woorden « het bijzonder onderhandelingscomité of het hoog overlegcomité »;4° in § 3 worden de woorden « artikel 18 » vervangen door de woorden « artikelen 18 en 68bis »;5° er wordt een § 4 toegevoegd, die luidt als volgt : « § 4.Als een provincieraadslid in de situatie verkeert vermeld in § 1, moet dat punt op de vergadering behandeld worden, en kan de vergadering niet gesloten worden voor het punt in kwestie is behandeld of voor beslist is om het punt uit te stellen. ». Art. 21.Aan artikel 28, § 2, van hetzelfde decreet worden de volgende zinnen toegevoegd : « Als tijdens de besloten vergadering blijkt dat de behandeling van een punt in openbare vergadering moet worden behandeld, wordt dat punt opgenomen op de agenda van de eerstvolgende provincieraad. In geval van dringende noodzakelijkheid van het punt kan de besloten vergadering, enkel met dat doel, worden onderbroken. ». Art. 22.In artikel 30 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° het eerste lid wordt § 1, het tweede lid wordt § 2, het derde lid wordt § 3 en het vierde lid wordt § 4;2° in het tweede lid, dat § 2 wordt, wordt het woord « inrichtingen » vervangen door het woord « instellingen »;3° in het derde lid, dat § 3 wordt, worden de woorden « provinciale inrichtingen en diensten » vervangen door de woorden « instellingen en diensten die de provincie opricht en beheert »;4° het vierde lid, dat § 4 wordt, wordt vervangen door wat volgt : « § 4.De provincieraadsleden, alsmede alle andere personen die krachtens de wet of het decreet de besloten vergaderingen van de provincieraad bijwonen, zijn tot geheimhouding verplicht. Dit artikel doet geen afbreuk aan de mogelijkheid van strafrechtelijke vervolging van de provincieraadsleden, alsmede van alle andere personen, vermeld in het eerste lid, wegens schending van het beroepsgeheim, overeenkomstig artikel 458 van het Strafwetboek. »; 5° er wordt een § 5 toegevoegd, die luidt als volgt : « § 5.Het inzagerecht en het bezoekrecht van de provincieraadsleden, als vermeld in § 1, § 2 en § 3, geldt eveneens voor de autonome provinciebedrijven van de provincie. ». Art. 23.In artikel 32 van hetzelfde decreet wordt tussen het eerste en het tweede lid een nieuw lid ingevoegd, dat luidt als volgt : « Een toegelicht voorstel van beslissing, als vermeld in artikelen 20, 21 en 22, is niet vereist voor het stellen van een vraag als vermeld in het eerste lid. ». Art. 24.In artikel 33 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° het vierde lid wordt vervangen door wat volgt : « Als er geen opmerkingen worden gemaakt over de notulen van de vorige vergadering, worden de notulen als goedgekeurd beschouwd en worden ze ondertekend door de voorzitter van de provincieraad en de provinciegriffier.In het geval de provincieraad bij spoedeisendheid werd samengeroepen, kan de provincieraad beslissen om opmerkingen toe te laten op de eerstvolgende vergadering. »; 2° er wordt een vijfde lid toegevoegd, dat luidt als volgt : « Telkens als de provincieraad het wenselijk acht, worden de notulen staande de vergadering opgemaakt en door de meerderheid van de provincieraadsleden en de provinciegriffier ondertekend.». Art. 25.In artikel 35, § 1, van hetzelfde decreet wordt het woord « openbaar » vervangen door de woorden « niet geheim ». Art. 26.Artikel 36 van hetzelfde decreet wordt vervangen door wat volgt : « Artikel 36.Voor elke benoeming tot ambten, elke contractuele aanstelling, elke verkiezing en elke voordracht van kandidaten wordt tot een afzonderlijke stemming overgegaan. Als bij de benoeming, de contractuele aanstelling, de verkiezing of de voordracht van kandidaten de vereiste meerderheid niet wordt verkregen bij de eerste stemming, wordt opnieuw gestemd over de twee kandidaten die de meeste stemmen hebben behaald. Als bij de eerste stemming sommige kandidaten een gelijk aantal stemmen behaald hebben, dan wordt de jongste kandidaat tot de herstemming toegelaten. Personen worden benoemd, aangesteld, verkozen of voorgedragen bij volstrekte meerderheid van stemmen. Bij staking van stemmen heeft de jongste kandidaat de voorkeur. ». Art. 27.In artikel 39, § 3, van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° het eerste lid wordt vervangen door wat volgt : « De mandaten in iedere commissie worden evenredig verdeeld over de fracties waaruit de provincieraad is samengesteld.De provincieraad bepaalt per provincieraadscommissie het aantal leden, alsook de wijze waarop de evenredigheid wordt berekend. Deze berekeningswijze geldt voor alle commissies die de provincieraad opricht. De evenredigheid vereist in ieder geval dat de som van het aantal mandaten dat toekomt aan de fracties waarvan leden deel uitmaken van de deputatie steeds hoger is dan de som van het aantal mandaten dat toekomt aan de andere fracties. Elke fractie wijst de mandaten toe, die haar overeenkomstig deze berekeningswijze toekomen, door middel van een voordracht, gericht aan de voorzitter van de provincieraad. Als de voorzitter van de provincieraad voordrachten ontvangt voor meer kandidaten dan er mandaten te begeven zijn voor een fractie, dan worden de mandaten toegewezen volgens de volgorde van voorkomen op de akte van voordracht. »; 2° het tweede lid wordt vervangen door wat volgt : « Tot de eerstvolgende vernieuwing van de provincieraad wordt een fractie geacht eenzelfde aantal leden in de commissies te behouden. Indien één of meerdere leden verklaren niet meer te behoren tot de fractie als vermeld in artikel 38 kan dit lid niet meer zetelen, noch als lid van deze fractie, noch als lid van een andere fractie. Niettemin behouden deze fracties het oorspronkelijke aantal leden in deze commissie. ». Art. 28.In artikel 40 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in het eerste lid, 2°, wordt het woord « ambtenaren » vervangen door het woord « personeelsleden »;2° in het eerste lid, 4°, worden de woorden « provinciale diensten » vervangen door de woorden « instellingen en diensten die de provincie opricht en beheert »;3° in het eerste lid worden een punt 10°, 11° en 12° toegevoegd, die luiden als volgt : « 10° de wijze van bezorgen van het meerjarenplan, de wijzigingen aan het meerjarenplan, het budget, de budgetwijzigingen en de jaarrekening aan de raadsleden;11° de wijze van het ter kennis brengen van de beslissingen, vermeld in artikel 51, vijfde lid;12° de nadere voorwaarden waaronder het recht om verzoekschriften in te dienen wordt uitgeoefend, en de wijze waarop de verzoekschriften worden behandeld;». Art. 29.In artikel 43 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 20 juni 2008Relevante gevonden documenten type decreet prom. 20/06/2008 pub. 01/08/2008 numac 2008202649 bron vlaamse overheid Decreet tot wijziging van het Kunstendecreet type decreet prom. 20/06/2008 pub. 04/09/2008 numac 2008029389 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende de administratieve personeelsleden van de door de Franse Gemeenschap georganiseerde of gesubsidieerde hogescholen sluiten, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in § 1 wordt het woord « behalve » vervangen door het woord « behoudens »;2° § 2 van hetzelfde artikel wordt vervangen door wat volgt : « § 2.De volgende bevoegdheden kunnen niet aan de deputatie worden toevertrouwd : 1° de aan de provincieraad toegewezen bevoegdheden, vermeld in titel II, hoofdstuk I, afdelingen I en II;2° het vaststellen van provinciale reglementen en het bepalen van straffen op de overtreding van die reglementen;3° het vaststellen van het meerjarenplan en de aanpassingen ervan, het budget en de budgetwijzigingen, de jaarrekeningen en de geconsolideerde jaarrekening;4° het vaststellen van het organogram, de aanduiding in dat organogram van de functies waaraan het lidmaatschap van het managementteam is gekoppeld, de personeelsformatie en de rechtspositieregeling;5° het oprichten van extern verzelfstandigde agentschappen en het beslissen tot oprichting van, deelname aan of vertegenwoordiging in instellingen, verenigingen en ondernemingen;6° het goedkeuren van beheersovereenkomsten en samenwerkingsovereenkomsten, als vermeld in artikelen 228 en 240;7° het aanstellen en ontslaan van de provinciegriffier, de financieel beheerder en de ombudsman, alsook de sanctie- en tuchtbevoegdheid ten aanzien van die personeelsleden;8° het goedkeuren van het algemene kader van het interne controlesysteem, als vermeld in artikel 96;9° het vaststellen van wat onder het begrip 'dagelijks bestuur' moet worden verstaan;10° beslissingen die de wet, het decreet of het uitvoeringsbesluit uitdrukkelijk aan de provincieraad voorbehoudt;11° het vaststellen van de wijze van gunning en het vaststellen van de voorwaarden van overheidsopdrachten, behalve als het gaat om één van de volgende opdrachten : a) een opdracht die past binnen het begrip dagelijks bestuur als vermeld in punt 9°, waarvoor de deputatie bevoegd is;b) een opdracht die nominatief in het vastgestelde budget is opgenomen;12° het stellen van daden van beschikking met betrekking tot onroerende goederen, behoudens voor zover de verrichting nominatief in het vastgestelde budget is opgenomen;13° het definitief aanvaarden van schenkingen en het aanvaarden van legaten;14° het inrichten van adviesraden en overlegstructuren;15° het vaststellen van de provinciebelastingen en het vaststellen van de machtiging tot het heffen van de retributies en de voorwaarden ervan;16° het vaststellen van een systeem van klachtenbehandeling;17° het samenstellen van het bureau;18° het beslissen tot het optreden in rechte, overeenkomstig artikel 186, tweede lid;19° de bevoegdheden, vermeld in artikel 78, § 2, eerste en tweede lid;20° het aangaan van dadingen;21° de bevoegdheden van de provincieraad, als vermeld in artikelen 153 en artikel 155, § 3;22° de wijze van het ter kennis brengen van de beslissingen, vermeld in artikel 51;23° het aanstellen en ontslaan van de leden van de raad van bestuur van een autonoom provinciebedrijf, de goedkeuring van de jaarrekening en het budget van een autonoom provinciebedrijf, de beslissing tot ontbinding en vereffening van een autonoom provinciebedrijf, en het aanstellen van de provinciale vertegenwoordigers in de algemene vergadering van een extern verzelfstandigd agentschap in privaatrechtelijke vorm;24° het vaststellen van wat onder het begrip dagelijks personeelsbeheer moet worden verstaan;25° de bevoegdheid, als vermeld in artikel 218, § 2, eerste lid;26° het nemen van besluiten waarbij de financiële lasten van de opgenomen leningen worden herschikt door die lasten te spreiden over een langere periode.». Art. 30.In artikel 44 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 2 juni 2006Relevante gevonden documenten type decreet prom. 02/06/2006 pub. 23/08/2006 numac 2006029100 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende de personeelsformatie en het statuut van de kinderverzorgers van de inrichtingen voor gewoon kleuteronderwijs die door de Franse Gemeenschap worden georganiseerd en gesubsidieerd type decreet prom. 02/06/2006 pub. 21/09/2006 numac 2006029099 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot vaststelling van de academische graden uitgereikt door de Hogescholen die door de Franse Gemeenschap worden georganiseerd of gesubsidieerd en tot vaststelling van de minimale uurregelingen type decreet prom. 02/06/2006 pub. 04/09/2006 numac 2006029095 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet houdende verschillende maatregelen inzake kunsthoger onderwijs type decreet prom. 02/06/2006 pub. 11/08/2006 numac 2006202335 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet houdende wijziging van het decreet van 17 juli 2002 tot bepaling van het getuigschrift van pedagogische bekwaamheid voor het hoger onderwijs in de hogescholen en van de voorwaarden voor het verkrijgen ervan sluiten, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in § 2, derde lid, worden de woorden « artikel 45, § 3 » vervangen door de woorden « artikel 45 »;2° in § 4, derde lid, worden de woorden « het rechtscollege, bedoeld in artikel 13 » vervangen door de woorden « de Raad voor Verkiezingsbetwistingen »;3° in § 4, derde lid, worden tussen de woorden « beroep bij de Raad van State » en de woorden « Dit beroep schort » de woorden « , overeenkomstig artikel 13 » ingevoegd. Art. 31.In artikel 45 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij de decreten van 2 juni 2006 en 22 december 2006, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in § 1 wordt het derde lid vervangen door wat volgt : « De gezamenlijke akte van voordracht kan tevens de einddatum van het mandaat van een kandidaat-gedeputeerde vermelden.In dat geval kan op de akte van voordracht de naam vermeld worden van de persoon die hem zal of de personen die hem zullen opvolgen voor de resterende duurtijd van het mandaat. In voorkomend geval is de deputeerde bij het bereiken van de einddatum van het mandaat van rechtswege ontslagnemend en wordt hij van rechtswege opgevolgd door de persoon die in de akte van voordracht als opvolger is vermeld. Indien het mandaat eindigt voor de in de akte vermelde einddatum of indien de persoon die in de akte van voordracht werd vermeld als zijnde de persoon die de gedeputeerde zou opvolgen, zijn mandaat niet opneemt, neemt de eerstvolgende opvolger vervroegd het mandaat op. Als de persoon die als laatste opvolger is vermeld, het mandaat niet kan opnemen, wordt tot vervanging overgegaan overeenkomstig artikel 50. »; 2° in § 3 wordt het tweede lid vervangen door wat volgt : « De akte van voordracht kan tevens de einddatum van het mandaat van de kandidaat-gedeputeerde vermelden.In dat geval kan op de akte van voordracht de naam vermeld worden van de persoon die hem zal of de personen die hem zullen opvolgen voor de resterende duurtijd van het mandaat. In voorkomend geval is de gedeputeerde bij het bereiken van de einddatum van het mandaat van rechtswege ontslagnemend en wordt hij van rechtswege opgevolgd door de persoon die in de akte van voordracht als opvolger is vermeld. Indien het mandaat eindigt voor de in de akte vermelde einddatum of indien de persoon die in de akte van voordracht werd vermeld als zijnde de persoon die de gedeputeerde zou opvolgen, zijn mandaat niet opneemt, neemt de eerstvolgende opvolger vervroegd het mandaat op. Als de persoon die als laatste opvolger is vermeld, het mandaat niet kan opnemen, wordt tot vervanging overgegaan overeenkomstig artikel 50. »; 3° in § 3, zesde lid, worden de woorden « Bij staking van stemmen is de kandidaat » vervangen door de woorden « Bij staking van stemmen in de tweede stemronde is de kandidaat ». Art. 32.In artikel 47, tweede lid, van hetzelfde decreet worden de woorden « Artikelen 10, 12, tweede lid, 13 en 30 » vervangen door de woorden « Artikelen 10, 12, § 2 en § 3, artikelen 13 en 30 ». Art. 33.In artikel 48 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in punt 1° worden tussen de woorden « Bij het verzoek tot » en het woord « verhindering » de woorden « vervanging voor » ingevoegd;2° punt 2° wordt vervangen door wat volgt : « 2° de gedeputeerde die ouderschapsverlof wil nemen voor de geboorte of adoptie van een kind.Die gedeputeerde wordt op zijn schriftelijke verzoek, gericht aan de voorzitter van de provincieraad, vervangen, op zijn vroegst vanaf de zesde week voor de vermoedelijke datum van de geboorte of van de adoptie tot het einde van de negende week na de adoptie of geboorte. Op schriftelijk verzoek wordt de onderbreking van de uitoefening van het mandaat na de negende week verlengd met een duur die gelijk is aan die gedurende welke de gedeputeerde zijn mandaat heeft uitgeoefend tijdens de periode van zes weken die aan de dag van de geboorte of de adoptie voorafgaan. In geval van de geboorte of de adoptie van een meerling kan op verzoek van de gedeputeerde het verlof verlengd worden met een periode van maximaal twee weken. »; 3° een punt 3° wordt toegevoegd, dat luidt als volgt : « 3° de gedeputeerde die omwille van palliatief verlof, of voor verlof voor bijstand of verzorging van een zwaar ziek familielid tot en met de tweede graad of van een zwaar ziek gezinslid vervangen wil worden gedurende minimaal twaalf weken.Hij richt daartoe aan de voorzitter van de provincieraad een schriftelijk verzoek, vergezeld van een verklaring op erewoord waarin de gedeputeerde zich bereid verklaart om bijstand of verzorging te verlenen. De naam van de patiënt hoeft niet te worden vermeld. ». Art. 34.Artikel 49 van hetzelfde decreet wordt vervangen door wat volgt : « Artikel 49.De gedeputeerde die ontslag wil nemen, deelt dat schriftelijk mee aan de voorzitter van de provincieraad. Het ontslag is definitief na de ontvangst van die kennisgeving door de voorzitter van de provincieraad. De gedeputeerde blijft zijn mandaat uitoefenen tot zijn opvolger is geïnstalleerd, behoudens als het ontslag het gevolg is van een onverenigbaarheid. ». Art. 35.In artikel 50 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 22 december 2006Relevante gevonden documenten type decreet prom. 22/12/2006 pub. 29/12/2006 numac 2006037068 bron vlaamse overheid Decreet tot wijziging van de wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van het decreet van 6 juli 2001 houdende de intergemeentelijke samenwerking, van het gemeentedecreet van 15 juli 2005 en van het provinciedecreet van 9 december 2005 sluiten, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in § 1, eerste lid, worden de zinnen « De akte van voordracht kan tevens de einddatum van het mandaat van de kandidaat-gedeputeerde vermelden, alsook de naam van de persoon die hem zal of de personen die hem zullen opvolgen voor de resterende duurtijd van het mandaat. In voorkomend geval is de gedeputeerde bij het bereiken van de einddatum van het mandaat van rechtswege ontslagnemend en wordt hij van rechtswege opgevolgd door de persoon die in de akte van voordracht als opvolger is vermeld. Indien het mandaat eindigt voor de in de akte vermelde einddatum, neemt de opvolger vervroegd het mandaat op. Indien de persoon die als opvolger is vermeld, het mandaat niet kan opnemen, wordt tot vervanging overgegaan overeenkomstig dit artikel. » vervangen door de zinnen « De akte van voordracht kan tevens de einddatum van het mandaat van de kandidaat-gedeputeerde vermelden. In dat geval kan op de akte van voordracht de naam van de persoon vermeld worden die hem zal of de personen die hem zullen opvolgen voor de resterende duurtijd van het mandaat. In voorkomend geval is de gedeputeerde bij het bereiken van de einddatum van het mandaat van rechtswege ontslagnemend en wordt hij van rechtswege opgevolgd door de persoon die in de akte van voordracht als opvolger is vermeld. Indien het mandaat eindigt voor de in de akte vermelde einddatum of indien de persoon die in de akte van voordracht werd vermeld als zijnde de persoon die de gedeputeerde zou opvolgen, zijn mandaat niet opneemt, neemt de eerstvolgende opvolger vervroegd het mandaat op. Als de persoon die als laatste opvolger is vermeld, het mandaat niet kan opnemen, wordt tot vervanging overgegaan overeenkomstig dit artikel. »; 2° in § 1 worden tussen het eerste en het tweede lid twee nieuwe leden ingevoegd, die luiden als volgt : « Als binnen twee maanden na het openvallen van een mandaat van gedeputeerde en voor de overhandiging van de voordrachtsakte, genomen met toepassing van het eerste lid, een bijkomend mandaat van gedeputeerde openvalt, kan voor de vervanging van al die mandaten overgegaan worden tot een verkiezing overeenkomstig artikel 45, § 1 en § 2.De oorspronkelijke termijn van twee maanden voor het eerst opengevallen mandaat blijft in dat geval van toepassing. Als evenwel toepassing wordt gemaakt van het eerste lid, blijft voor het tweede opengevallen mandaat de termijn, vermeld in het eerste lid, van toepassing. In de gevallen, vermeld in het eerste en het tweede lid, kan op de akte van voordracht worden bepaald, in afwijking van artikel 45, § 4, dat een of meer nieuw verkozen gedeputeerden de rang innemen van degenen die ze vervangen. »; 3° in § 1, tweede lid, dat het vierde lid is geworden, worden de woorden « het eerste lid » vervangen door de woorden « het eerste, het tweede of het derde lid »;4° in § 2 worden de woorden « De gedeputeerde die om andere redenen tijdelijk afwezig is, kan worden » vervangen door de woorden « Als de gedeputeerde om een andere reden dan de redenen, vermeld in § 1, afwezig is, kan hij worden »;5° § 3 wordt vervangen door wat volgt : « § 3.De gedeputeerde die als verhinderd wordt beschouwd, die geschorst is of tijdelijk afwezig is, wordt vervangen zolang hij verhinderd, geschorst of tijdelijk afwezig is. De provincieraad neemt akte van de verhindering of schorsing, en van de beëindiging van de periode van verhindering of schorsing. ». Art. 36.In artikel 51 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in het tweede lid worden de woorden « beraadslagen en beslissen » vervangen door de woorden « beraadslagen of beslissen »;2° in het vijfde lid wordt de zin « De goedgekeurde notulen worden onverwijld aan de provincieraadsleden bezorgd » vervangen door de zin « De notulen worden uiterlijk op dezelfde dag als de vergadering van de deputatie volgend op de vergadering van de deputatie waarop de notulen werden goedgekeurd, verstuurd aan de provincieraadsleden op de wijze die bepaald is in het huishoudelijk reglement.». Art. 37.Artikel 56 van hetzelfde decreet wordt vervangen door wat volgt : « Artikel 56.De deputatie heeft dezelfde deontologische code als die welke is aangenomen voor de provincieraad. De deputatie kan echter zelf een deontologische code aannemen die minstens de deontologische code, zoals aangenomen door de provincieraad, omvat. ». Art. 38.In artikel 57 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 20 juni 2008Relevante gevonden documenten type decreet prom. 20/06/2008 pub. 01/08/2008 numac 2008202649 bron vlaamse overheid Decreet tot wijziging van het Kunstendecreet type decreet prom. 20/06/2008 pub. 04/09/2008 numac 2008029389 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende de administratieve personeelsleden van de door de Franse Gemeenschap georganiseerde of gesubsidieerde hogescholen sluiten, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in § 1, tweede lid, wordt het woord « beslissing » vervangen door het woord « beslissingen »;2° § 3 wordt vervangen door wat volgt : « § 3.De deputatie is bevoegd voor : 1° de daden van beheer over de provinciale inrichtingen en eigendommen, binnen de door de provincieraad desgevallend vastgestelde algemene regels;2° het aanstellen en het ontslaan van het personeel, alsook de sanctie- en tuchtbevoegdheid ten aanzien van het personeel, onverminderd de bevoegdheid van de provincieraad overeenkomstig artikel 43, § 2, 7°, en artikel 92, uitgezonderd het derde lid, en de gevallen waarin die bevoegdheid door of krachtens de wet of het decreet aan de provincieraad is opgedragen;3° het financieel beheer, onverminderd de bevoegdheden van de provincieraad;4° het voeren van de gunningsprocedure, de gunning en de uitvoering van overheidsopdrachten;5° de vaststelling van de wijze van gunning en de voorwaarden van overheidsopdrachten als het gaat om een opdracht die past binnen het begrip dagelijks bestuur vermeld in artikel 43, § 2, 9°;6° de vaststelling van de wijze van gunning en de voorwaarden van overheidsopdrachten als de opdracht nominatief in het vastgestelde budget is opgenomen en de provincieraad de wijze van gunning en de voorwaarden niet zelf heeft vastgesteld;7° beslissingen die de wet, het decreet of het uitvoeringsbesluit uitdrukkelijk aan de deputatie voorbehoudt;8° het stellen van daden van beschikking : a) met betrekking tot roerende goederen, met uitzondering van het aangaan van de dadingen;b) met betrekking tot onroerende goederen, voor zover de verrichting nominatief in het vastgestelde budget is opgenomen, met uitzondering van het aangaan van de dadingen;9° het vertegenwoordigen van de provincie in rechte ingevolge artikel 186, behoudens in de gevallen, vermeld in artikel 186, tweede lid;10° het afsluiten van een afsprakennota als vermeld in artikel 84;11° het nemen van besluiten : a) voor het aangaan van leningen voor een periode langer dan één jaar;b) waarbij de financiële lasten van de opgenomen leningen worden herschikt door die lasten te spreiden over een kortere of gelijke periode;12° de vaste belegging van kapitalen voor een periode langer dan één jaar.». Art. 39.Artikel 58 van hetzelfde decreet wordt vervangen door wat volgt : « Artikel 58.Met behoud van de toepassing van artikel 155 en titel VII en behoudens bij uitdrukkelijke toewijzing van een bevoegdheid als vermeld in artikel 2, derde lid, aan de deputatie, kan de deputatie bij reglement de uitoefening van bepaalde bevoegdheden aan de provinciegriffier toevertrouwen. De bevoegdheden van de deputatie, vermeld in het vierde lid en in artikel 57, § 1, eerste zin, en de op basis van § 2, gedelegeerde bevoegdheden door de provincieraad met betrekking tot het aanwijzen, het ontslaan en de sanctie- en tuchtbevoegdheden van de personeelsleden, als vermeld in artikel 92, tweede lid, die andere functies vervullen waaraan het organogram het lidmaatschap van het managementteam verbindt, en de bevoegdheden, vermeld in artikel 57, § 3, 7°, 8°, b), 9°, 10° en 11°, a), kunnen evenwel niet aan de provinciegriffier worden toevertrouwd. Hetzelfde geldt voor de bevoegdheden van de deputatie inzake financieel beheer, als vermeld in artikelen 151, 153, 155, § 2, eerste en tweede lid, en § 3, artikel 156, § 4, artikelen 157, 159, § 2, en artikel 164. Met behoud van de toepassing van artikel 155 oefent de provinciegriffier de overeenkomstig het eerste lid toevertrouwde bevoegdheden persoonlijk uit. De provinciegriffier kan de uitoefening van die gedelegeerde bevoegdheid toevertrouwen aan andere personeelsleden van de provincie. Een subdelegatie van de bevoegdheid tot het aanstellen en het ontslaan van het personeel, alsook de sanctie- en de tuchtbevoegdheid ten aanzien van het personeel, aan andere personeelsleden dan de provinciegriffier, is evenwel niet mogelijk. In afwijking van artikel 43 kan de deputatie in gevallen van dwingende en onvoorziene omstandigheden op eigen initiatief de bevoegdheden betreffende de vaststelling van de wijze van gunning en de voorwaarden van overheidsopdrachten, het voeren van de gunningsprocedure, de gunning en de uitvoering van overheidsopdrachten uitoefenen. Die bevoegdheid is niet voor delegatie vatbaar. ». Art. 40.In artikel 68 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in § 1 wordt het woord « salaris » telkens vervangen door het woord « vergoeding »;2° aan § 1 wordt een derde lid toegevoegd, dat luidt als volgt : « Als een provincieraadslid een gedeputeerde vervangt gedurende minstens dertig opeenvolgende dagen, wordt hem, onverminderd het tweede lid, die vergoeding betaald.Als een provincieraadslid de vergoeding van de gedeputeerde ontvangt, vervalt die van de gedeputeerde. »; 3° aan § 2 wordt een derde lid toegevoegd, dat luidt als volgt : « Diegene die een gedeputeerde vervangt, met toepassing van § 1, tweede of derde lid, ontvangt de forfaitaire onkostenvergoeding vermeld in het eerste lid.In voorkomend geval heeft hij recht op de reiskostenvergoeding vermeld in het tweede lid. De gedeputeerde heeft dan, voor de duur van de vervanging, geen recht op een forfaitaire onkostenvergoeding, noch op een reiskostenvergoeding. »; 4° in § 3 worden tussen de woorden « de extern verzelfstandigde agentschappen van de provincie » en de woorden « , om welke reden of onder welke benaming ook » de woorden « en hun filialen » ingevoegd;5° in § 4, eerste lid, worden de woorden « de in § 1 vastgestelde salarissen » vervangen door de woorden « de in § 1 vastgestelde vergoeding »;6° aan § 4, tweede lid, wordt de volgende zin toegevoegd : « Onder vergoedingen, salarissen en presentiegelden die voortvloeien uit de uitoefening van een openbaar mandaat, een openbare functie of een openbaar ambt van politieke aard dienen te worden begrepen : 1° presentiegelden ontvangen als lid van de gemeenteraad, als lid van de raad voor maatschappelijk welzijn en als lid van de bestuursorganen van gemeentelijk extern verzelfstandigde agentschappen en hun filialen;2° presentiegelden ontvangen als lid van bestuursorganen van een intergemeentelijk samenwerkingsverband als vermeld in het decreet houdende de intergemeentelijke samenwerking;3° presentiegelden ontvangen als lid van bestuursorganen van sociale huisvestingsmaatschappijen als vermeld in het decreet houdende de Vlaamse Wooncode;4° presentiegelden ontvangen als lid van bestuursorganen van de rechtspersonen als vermeld in artikel 195 van het Gemeentedecreet;5° presentiegelden ontvangen als lid van bestuursorganen van rechtspersonen als vermeld in artikel 188;6° presentiegelden ontvangen als lid van bestuursorganen van rechtspersonen als bedoeld in titel VIII, hoofdstukken I, II en III, van het decreet van 19 december 2008Relevante gevonden documenten type decreet prom. 19/12/2008 pub. 24/12/2008 numac 2008036450 bron vlaamse overheid Decreet betreffende de organisatie van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn sluiten betreffende de organisatie van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn.»; 7° in § 4 wordt het derde lid geschrapt. Art. 41.In hetzelfde decreet wordt een artikel 68bis ingevoegd, dat luidt als volgt : « Artikel 68bis.§ 1. De gedeputeerde die wegens een handicap niet zelfstandig zijn mandaat kan vervullen, kan zich voor de uitoefening van dat mandaat laten bijstaan door een vertrouwenspersoon, gekozen uit de personen die de volle leeftijd van achttien jaar hebben bereikt en die legaal binnen de Europese Unie verblijven, en zich niet bevinden in een van de volgende gevallen : 1° een situatie als vermeld in artikel 47, meer bepaald wat betreft de verwijzing naar artikel 11, met uitzondering van het verbod in verband met bloed- en aanverwantschap ten aanzien van de gedeputeerde met een handicap;2° een situatie als vermeld in artikel 48. § 2. Voor de toepassing van § 1 bepaalt de Vlaamse Regering de criteria tot vaststelling van de hoedanigheid van een gedeputeerde met een handicap. § 3. Bij het verlenen van de bijstand krijgt de vertrouwenspersoon dezelfde middelen ter beschikking en heeft hij dezelfde verplichtingen als een provincieraadslid, maar hij is niet gehouden tot de eedaflegging. Hij heeft voor elke vergadering eveneens recht op presentiegeld onder dezelfde voorwaarden als een provincieraadslid. ». Art. 42.In artikel 69 van hetzelfde decreet wordt het tweede lid vervangen door wat volgt : « De afgezette gedeputeerde of voorzitter van de provincieraad kan pas na verloop van twee jaar opnieuw worden aangesteld in een functie van gedeputeerde of voorzitter van de provincieraad. ». Art. 43.Artikel 70 van hetzelfde decreet wordt vervangen door wat volgt : « Artikel 70.§ 1. Naargelang van de aard van de uitgeoefende bevoegdheid is de federale staat, de Vlaamse Gemeenschap, het Vlaamse Gewest of de provincie burgerrechtelijk aansprakelijk voor de schade die de gedeputeerde aan derden berokkent bij de normale uitoefening van zijn mandaat. Ingeval de gedeputeerde bij de normale uitoefening van zijn mandaat schade berokkent aan de provincie of aan derden, is hij enkel aansprakelijk voor zijn bedrog en zijn zware schuld. Voor lichte schuld is hij enkel aansprakelijk als die bij hem eerder gewoonlijk dan toevallig voorkomt. § 2. De gedeputeerde tegen wie een vordering tot schadevergoeding is ingesteld voor de burgerlijke rechter of de strafrechter naar aanleiding van schade die hij bij de normale uitoefening van zijn mandaat aan derden heeft berokkend, brengt, naargelang van de aard van de uitgeoefende bevoegdheid, de federale staat, de Vlaamse Gemeenschap, het Vlaamse Gewest of de provincie daarvan op de hoogte. Hij kan naargelang van de aard van de uitgeoefende bevoegdheid de federale staat, de Vlaamse Gemeenschap, het Vlaamse Gewest of de provincie in het geding betrekken. De federale staat, de Vlaamse Gemeenschap, het Vlaamse Gewest of de provincie kunnen vrijwillig tussenkomen. § 3. De vermelde rechtspersonen kunnen beslissen dat de schade slechts gedeeltelijk moet worden vergoed. ». Art. 44.Artikel 71 van hetzelfde decreet wordt vervangen door wat volgt : « Artikel 71.Behalve in geval van herhaling is, naargelang van de aard van de uitgeoefende bevoegdheid, de federale staat, de Vlaamse Gemeenschap, het Vlaamse Gewest of de provincie burgerrechtelijk aansprakelijk voor de betaling van de geldboeten waartoe de gedeputeerde wordt veroordeeld wegens een misdrijf, begaan bij de normale uitoefening van zijn mandaat, met uitzondering van de misdrijven, begaan door een persoonlijke inbreuk op de verkeersreglementering. De regresvordering van de rechtspersonen, vermeld in het eerste lid, ten aanzien van de gedeputeerde is beperkt tot de gevallen van bedrog, zware schuld of lichte schuld als die bij hem gewoonlijk voorkomen. De rechtspersonen, vermeld in het eerste lid, kunnen beslissen dat de geldboete slechts gedeeltelijk moet worden vergoed. ». Art. 45.In artikel 72 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in het tweede lid worden de woorden « van deze bepaling » vervangen door de woorden « van het eerste lid »;2° er wordt een derde lid toegevoegd, dat luidt als volgt : « De provincie sluit tevens een verzekering af voor ongevallen van de gedeputeerde overkomen in het kader van de normale uitoefening van zijn mandaat.». Art. 46.In artikel 73 van hetzelfde decreet wordt het tweede lid vervangen door wat volgt : « Het organogram geeft de organisatiestructuur van de provinciale diensten weer, geeft de gezagsverhoudingen aan en duidt de functies aan waaraan het lidmaatschap van het managementteam is verbonden. ». Art. 47.Aan artikel 77 van hetzelfde decreet worden de woorden « met uitzondering van daden van koophandel in het kader van de voogdij, de curatele over onbekwamen, en de opdrachten die in naam van de provincie in private ondernemingen of verenigingen worden uitgevoerd » toegevoegd. Art. 48.In artikel 78 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° aan § 2 worden een derde en een vierde lid toegevoegd, die luiden als volgt : « In geval van gewettigde afwezigheid kunnen de provinciegriffier en de financieel beheerder, onder hun eigen verantwoordelijkheid, binnen drie dagen voorzien in hun vervanging en daartoe, voor een periode van maximaal zestig dagen, een door de provincieraad erkende plaatsvervanger aanstellen.Die maatregel kan voor eenzelfde afwezigheid eenmaal worden verlengd. In de gevallen, vermeld in het tweede en het derde lid, hoeft de eed niet in openbare vergadering te worden afgelegd. »; 2° in § 3 worden de woorden « , overeenkomstig de procedure van § 2, » geschrapt;3° in § 3 worden de woorden « drie maanden » vervangen door de woorden « honderd twintig dagen ». Art. 49.In artikel 79 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° tussen het woord « voorwaarden » en de woorden « voor de uitoefening » worden de woorden « , met uitzondering van het doorlopen van de selectieprocedure, » ingevoegd;2° de woorden « Van deze regel kan enkel en slechts voor een maximale duur van zes maanden worden afgeweken, indien » worden vervangen door de woorden « Van die regel kan alleen en slechts voor de duur, vermeld in artikel 80, worden afgeweken, als ». Art. 50.Aan artikel 80 van hetzelfde decreet wordt de volgende zin toegevoegd : « Die termijn kan eenmaal worden verlengd met maximaal zes maanden, voor zover de wervings- en/of bevorderingsprocedure is opgestart of als die procedure geen geslaagde kandidaat heeft opgeleverd. ». Art. 51.Aan artikel 82 van hetzelfde decreet wordt een tweede lid toegevoegd, dat luidt als volgt : « De provinciegriffier kan geen vakbondsafgevaardigde zijn in het provinciebestuur en de instellingen die van dat provinciebestuur afhangen. ». Art. 52.Aan artikel 83, tweede lid, van hetzelfde decreet wordt een zin toegevoegd, die luidt als volgt : « De provincieraad bepaalt wat onder het begrip dagelijks personeelsbeheer moet worden verstaan. ». Art. 53.In artikel 84 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in § 1, tweede lid, worden de woorden « 95 en 96 » vervangen door de woorden « 95, 96 en 97 »;2° in § 2, tweede lid, worden tussen de woorden « overeenkomstig artikel 58 » en de woorden « aan hem » de woorden », of overeenkomstig artikel 155, » ingevoegd;3° aan § 4 wordt een punt 7° toegevoegd, dat luidt als volgt : « 7° de verklarende nota van een interne kredietaanpassing.». Art. 54.In artikel 88 van hetzelfde decreet worden de woorden « die in het organogram zijn aangeduid » vervangen door de woorden « , van wie de functies zijn aangegeven in het organogram ». Art. 55.In artikel 89 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in het eerste lid, 2°, worden de woorden « de jaarrekening » vervangen door de woorden « de jaarrekeningen »;2° in het eerste lid, wordt punt 4° vervangen door wat volgt : « 4° het thesauriebeheer, met uitzondering van het kasbeheer.»; 3° het tweede lid wordt vervangen door wat volgt : « De financieel beheerder rapporteert aan de provinciegriffier over de taken, vermeld in het eerste lid.». Art. 56.In artikel 90 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in artikel 90, 1°, worden de woorden « kredieten wetmatigheidscontrole » vervangen door de woorden « krediet- en wetmatigheidscontrole »; …

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.