📄 Wettekst
19 JANUARI 2025. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 13 juni 2024, gesloten in het Aanvullend Paritair Comité voor de bedienden, tot invoering van een sectoraal aanvullend pensioenstelsel voor de Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf ("SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf") (1)
FILIP, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
Gelet op de
wet van 5 december 1968Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
05/12/1968
pub.
22/05/2009
numac
2009000346
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités. - Officieuze coördinatie in het Duits
sluiten betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel 28;
Gelet op het verzoek van het Aanvullend Paritair Comité voor de bedienden;
Op de voordracht van de Minister van Werk,
Hebben Wij besloten en besluiten Wij :
Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 13 juni 2024, gesloten in het Aanvullend Paritair Comité voor de bedienden, tot invoering van een sectoraal aanvullend pensioenstelsel voor de Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf ("SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf").
Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van dit besluit.
Gegeven te Brussel, 19 januari 2025.
FILIP Van Koningswege : De Minister van Werk, P.-Y. DERMAGNE _______ Nota (1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad:
Wet van 5 december 1968Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
05/12/1968
pub.
22/05/2009
numac
2009000346
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités. - Officieuze coördinatie in het Duits
sluiten, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969.
Bijlage Aanvullend Paritair Comité voor de bedienden Collectieve arbeidsovereenkomst van 13 juni 2024 Invoering van een sectoraal aanvullend pensioenstelsel voor de Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf ("SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf") (Overeenkomst geregistreerd op 2 september 2024 onder het nummer 189432/CO/200)
HOOFDSTUK I. - Begripsomschrijvingen Artikel 1.Voor de toepassing van deze collectieve arbeidsovereenkomst en haar bijlagen, moeten de hierna vermelde begrippen als volgt worden begrepen: - Arbeiders Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf: de arbeiders die ressorteren onder Paritair Comité voor het garagebedrijf; - Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf: de bedienden die ressorteren onder Aanvullend Paritair Comité voor de bedienden en werkzaam zijn in de Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf en zich in een vergelijkbare situatie bevinden als de Arbeiders Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf met wie zij voor doeleinden van het aanvullend pensioen "spiegelen" in de zin van artikel 14 van de WAP. Zij worden overeenkomstig de regels van deze collectieve arbeidsovereenkomst toegewezen aan deze specifieke subcategorie; - Cao van Aanvullend Paritair Comité voor de bedienden van 1 juli 2019: de collectieve arbeidsovereenkomst van 1 juli 2019 gesloten in Aanvullend Paritair Comité voor de bedienden betreffende de koopkracht in het kader van het koninklijk besluit van 19 april 2019 tot uitvoering van artikel 7, § 1 van de wet van 26 juli 1996 tot bevordering van de werkgelegenheid en tot preventieve vrijwaring van het concurrentievermogen, met registratienummer 152849/CO/200, zoals gewijzigd inzake de termijnen door de collectieve arbeidsovereenkomst van 18 november 2021, gesloten in het Aanvullend Paritair Comité voor de bedienden, met registratienummer 168827/CO/200; - Harmonisatieverplichting: de wettelijke verplichting tot harmonisering van de aanvullende pensioenen voor arbeiders en bedienden in de zin van de WAP; - Hoofdzakelijkheidscriterium: in situaties waar Werkgevers ressorteren onder meerdere paritaire (sub)comités voor hun arbeiders, houdt het hoofdzakelijkheidscriterium in dat de Aanvullend Paritair Comité voor de bedienden bedienden moeten vergeleken worden met hun collega arbeiders die werken in de hoofdactiviteit van de Werkgever.
De hoofdactiviteit wordt voor doeleinden van artikel 14 van de WAP bepaald als de Ondernemingsactiviteit waar de Werkgever het grootst aantal arbeiders tewerkstelt, uitgedrukt in voltijdse equivalente arbeiders. De hoofdactiviteit wordt bepaald aan de hand van de officiële sociale documenten waarbij gebruik gemaakt wordt van de kerngetallen en RSZ-identificatienummers; - Inrichter: de multi-sectorale inrichter, Fonds voor Bestaanszekerheid Sectoraal Aanvullend Pensioen Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf (FBZ SAP Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf), met zetel te 1120 Brussel, Marlylaan 15/8, die optreedt als inrichter van het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf en als inrichter van het SAP PC 112 Arbeiders Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf voor de arbeiders waarmee de Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf "spiegelen" in de zin van artikel 14 van de WAP; - Ondernemingsactiviteit (OA): de beroepscategorieën en ondernemingsactiviteiten zoals bedoeld in artikel 14/4, § 1, eerste lid van de WAP; - Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf: de ondernemingsactiviteiten waarvoor het Paritair Comité voor het garagebedrijf bevoegd is en die vallen onder het bevoegdheidsgebied van PC 112 zoals vastgesteld in het koninklijk besluit van 1 juli 1974 tot oprichting en tot vaststelling van de benaming en van de bevoegdheid van het Paritair Comité voor het garagebedrijf, zoals laatst gewijzigd door het koninklijk besluit van 7 mei 2007; - PC 112: het Paritair Comité voor het garagebedrijf; - PC 200: het Aanvullend Paritair Comité voor de bedienden; - PC 200 Bedienden: de bedienden die vallen onder de bevoegdheid van Aanvullend Paritair Comité voor de bedienden; - SAP PC 112 Arbeiders Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf: het sectoraal aanvullend pensioenstelsel per 1 januari 2002 ingevoerd door het Paritair Comité voor het garagebedrijf voor de arbeiders werkzaam in het Paritair Comité voor het garagebedrijf, zijnde de Arbeiders Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf; - SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf: het sectoraal aanvullend pensioenstelsel, dat door het Aanvullend Paritair Comité voor de bedienden wordt ingevoerd - in overeenstemming met de cao van 1 juli 2019 - voor de Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf en dat in het kader van de Harmonisatieverplichting die gelijke behandeling beoogt inzake aanvullende pensioenen op sectorniveau tussen de Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf en de Arbeiders Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf met wie zij "spiegelen" in de zin van artikel 14 van de WAP; - Technische bedrijfseenheid: de technische bedrijfseenheid zoals omschreven in artikel 14 van de
wet van 20 september 1948Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
20/09/1948
pub.
06/07/2010
numac
2010000388
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet houdende organisatie van het bedrijfsleven. - Officieuze coördinatie in het Duits
sluiten houdende organisatie van het bedrijfsleven; - Vestigingseenheid: een plaats die men, geografisch gezien, kan identificeren door een adres waar ten minste één activiteit van de in de Kruispuntbank van Ondernemingen geregistreerde juridische entiteit wordt uitgeoefend of van waaruit de activiteit wordt uitgeoefend in de zin van artikel I.2., 16° van boek I van het Wetboek van Economisch recht. Dit komt neer op elke geografisch afgescheiden exploitatiezetel, afdeling of onderafdeling (atelier, fabriek, magazijn, bureau,...) van de betrokken juridische entiteit (op basis van het ondernemingsnummer), gesitueerd op een geografisch welbepaalde locatie en identificeerbaar met een adres en met een vestigingseenheidsnummer; - WAP: de
wet van 28 april 2003Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
28/04/2003
pub.
15/05/2003
numac
2003022481
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Wet betreffende de aanvullende pensioenen en het belastingstelsel van die pensioenen en van sommige aanvullende voordelen inzake sociale zekerheid
sluiten betreffende de aanvullende pensioenen en het belastingstelsel van die pensioenen en van sommige aanvullende voordelen inzake sociale zekerheid, waarin het wettelijk kader inzake de harmonisatie van de aanvullende pensioenen voor arbeiders en bedienden werd ingeschreven door de wet van 5 mei 2014 tot wijziging van het rustpensioen en het overlevingspensioen en tot invoering van de overgangsuitkering in de pensioenregeling voor werknemers en houdende geleidelijke opheffing van de verschillen in behandeling die berusten op het onderscheid tussen werklieden en bedienden inzake aanvullende pensioenen en werd gewijzigd door de wet van 12 december 2021 tot uitvoering van het sociaal akkoord in het kader van de interprofessionele onderhandelingen voor de periode 2021-2022; - WIBP: de
wet van 27 oktober 2006Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
27/10/2006
pub.
10/11/2006
numac
2006023149
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Wet betreffende het toezicht op de instellingen voor bedrijfspensioenvoorzieningen
sluiten betreffende het toezicht op de instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening; - Werkgever: de juridische entiteit (op basis van het ondernemingsnummer), of desgevallend de vestigingseenheden (op basis van het vestigingseenheidsnummer) indien de juridische entiteit over meerdere vestigingseenheden beschikt.
HOOFDSTUK II. - Toepassingsgebied Art. 2.§ 1. Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op de Werkgevers die ressorteren onder Aanvullend Paritair Comité voor de bedienden, alsook de PC 200 Bedienden die deze Werkgevers tewerkstellen, op voorwaarde dat: - de betrokken Werkgever voor alle of een deel van de arbeiders die hij tewerkstelt, valt onder de bevoegdheid van Paritair Comité voor het garagebedrijf; - de PC 200 Bedienden volledig of deels tewerkgesteld zijn in de Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf; en - de PC 200 Bedienden door de betrokken Werkgever tewerkgesteld worden in een Technische Bedrijfseenheid waarin deze Werkgever ook arbeiders tewerkstelt waarvoor hij valt onder de bevoegdheid van Paritair Comité voor het garagebedrijf. § 2. De vaststelling of, en welk deel van, de PC 200 Bedienden moeten beschouwd worden als Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf gebeurt op basis van de regels bepaald in artikel 2, § 3 en § 4 van deze collectieve arbeidsovereenkomst.
De Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf worden vanaf 1 juli 2025 door de betrokken Werkgever of zijn sociaal secretariaat worden aangegeven in de DmfA onder het RSZ-werkgeverskengetal 064. § 3. Indien de Werkgever voor al zijn arbeiders ressorteert onder het Paritair Comité voor het garagebedrijf, dan worden de PC 200 Bedienden die de Werkgever tewerkstelt in de Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf beschouwd als Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf. § 4. Indien de Werkgever: - voor een deel van de arbeiders die hij tewerkstelt in de betrokken Technische Bedrijfseenheid, ressorteert onder het Paritair Comité voor het garagebedrijf en voor andere arbeiders ressorteert onder de bevoegdheid van één of meerdere andere paritaire (sub)comités voor arbeiders; en - de PC 200 Bedienden die hij tewerkstelt in de betrokken Technische Bedrijfseenheid op basis van de feitelijke omstandigheden niet kan toewijzen aan één van de specifieke Ondernemingsactiviteiten waarvoor één van de betrokken paritaire (sub)comités voor arbeiders bevoegd is, aangezien deze PC 200 Bedienden ondersteunende of overkoepelende taken uitvoeren ten aanzien van meerdere Ondernemingsactiviteiten en/of niet-occasioneel en niet-uitzonderlijk werkzaam zijn in meerdere Ondernemingsactiviteiten van de Werkgever, gelden de volgende regels om te bepalen welke PC 200 Bedienden moeten worden beschouwd als Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf: (a) De Werkgever moet vaststellen of de PC 200 Bedienden in de betrokken Technische Bedrijfseenheid toegewezen worden aan de Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf of aan de Ondernemingsactiviteit(en) die behoren tot het bevoegdheidsgebied van één van de andere paritaire (sub)comités voor arbeiders (overeenkomstig het toepasselijk koninklijk besluit dat de bevoegdheid van dit paritair comité heeft vastgesteld), waaronder de Werkgever voor een deel van zijn arbeiders ressorteert; De Werkgever doet deze vaststelling eenmalig ("foto") volgens de modaliteiten vastgelegd in deze collectieve arbeidsovereenkomst, hetzij (i) naar aanleiding van de inwerkingtreding van het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf op 1 juli 2025 (op basis van de DmfA gegevens van het eerste kwartaal van 2022, zoals beschikbaar op 30 juni 2022), hetzij (ii) nadien op het moment dat de Werkgever voor het eerst ook ressorteert onder het Paritair Comité voor het garagebedrijf voor een deel van zijn arbeiders (op basis van de DmfA gegevens op het einde van het eerste kwartaal dat de Werkgever ook onder het Paritair Comité voor het garagebedrijf ressorteert voor een deel van zijn arbeiders), hetzij (iii) nadien op het moment dat de Werkgever voor een deel van zijn arbeiders naast het Paritair Comité voor het garagebedrijf ook ressorteert onder een ander paritair (sub)comité dan het Paritair Comité voor het garagebedrijf (op basis van de DmfA gegevens op het einde van het eerste kwartaal dat de Werkgever ook onder een ander paritair (sub)comité dan Paritair Comité voor het garagebedrijf ressorteert voor een deel van zijn arbeiders) en wijzigt niet meer nadien behoudens in de uitzonderlijke situatie zoals vastgelegd hierna in (c); (b) Deze vaststelling gebeurt op basis van het Hoofdzakelijkheidscriterium, in dit kader uitgedrukt op basis van het aantal arbeiders in voltijdsequivalent of FTE, dat de Werkgever tewerkstelt in de betrokken Technische Bedrijfseenheid ("foto" vastgesteld op basis van de DmfA gegevens van het eerste kwartaal van 2022, zoals beschikbaar op 30 juni 2022, op het einde van het eerste kwartaal dat de Werkgever ook onder het Paritair Comité voor het garagebedrijf ressorteert voor een deel van zijn arbeiders of op het einde van het eerste kwartaal dat de Werkgever ook onder een ander paritair (sub)comité dan het Paritair Comité voor het garagebedrijf ressorteert voor een deel van zijn arbeiders): - Indien de Werkgever arbeiders tewerkstelt die ressorteren onder meerdere paritaire (sub)comités voor arbeiders, dan worden de PC 200 Bedienden in de betrokken Technische Bedrijfseenheid, die ondersteunende of overkoepelende taken uitvoeren ten aanzien van meerdere Ondernemingsactiviteiten en/of niet-occasioneel en niet-uitzonderlijk werkzaam zijn in meerdere Ondernemingsactiviteiten van de Werkgever, beschouwd als Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf indien het hoogste aantal arbeiders van de Werkgever ressorteren onder het Paritair Comité voor het garagebedrijf; - Indien de Werkgever op de in punt (a) en (b) vastgestelde datum een gelijk aantal arbeiders tewerkstelt in de verschillende paritaire (sub)comités voor arbeiders waaronder hij ressorteert en het Hoofdzakelijkheidscriterium geen antwoord biedt, dan worden de PC 200 Bedienden in de betrokken Technische Bedrijfseenheid die ondersteunende of overkoepelende taken uitvoeren ten aanzien van meerdere Ondernemingsactiviteiten en/of niet-occasioneel en niet-uitzonderlijk werkzaam zijn in meerdere Ondernemingsactiviteiten van de Werkgever, beschouwd als Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf wanneer gemiddeld gedurende acht RSZ kwartalen (dit is gedurende het eerste kwartaal van 2022 en de zeven daaraan voorafgaande RSZ kwartalen) (= de referentieperiode of "film") het hoogste aantal arbeiders (uitgedrukt in voltijdsequivalent of FTE) van de Werkgever ressorteert onder het Paritair Comité voor het garagebedrijf. Indien er geen acht RSZ kwartalen zijn, wordt het lager aantal beschikbare RSZ kwartalen (dit is het eerste kwartaal van 2022 en het lager aantal daaraan voorafgaande RSZ kwartalen) als referentieperiode of film genomen; - Indien de Werkgever ook gedurende deze voormelde referentieperiode of film een gelijk aantal arbeiders tewerkstelt in de verschillende paritaire (sub)comités voor arbeiders waaronder hij ressorteert, dan worden de PC 200 Bedienden in de betrokken Technische Bedrijfseenheid die ondersteunende of overkoepelende taken uitvoeren ten aanzien van meerdere Ondernemingsactiviteiten en/of niet-occasioneel en niet-uitzonderlijk werkzaam zijn in meerdere Ondernemingsactiviteiten van de Werkgever, beschouwd als Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf wanneer de Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf kan beschouwd worden als de hoofdactiviteit van de Werkgever op basis van de rangorde die gebruikt werd in de activiteiten die opgesomd worden in het maatschappelijk voorwerp, zoals vermeld in de statuten van de Werkgever. (c) Indien de PC 200 Bedienden op basis van de regels in (b) beschouwd worden als Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf, maar de verhouding tussen de respectievelijke aantallen van arbeiders in de verschillende Ondernemingsactiviteiten nadien op een duurzame en significante wijze wijzigt, kan de Werkgever via een schriftelijk, gemotiveerd verzoek aan de Inrichter vragen dat zijn PC 200 Bedienden in de betrokken Technische Bedrijfseenheid niet langer beschouwd worden als Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf.De Werkgever brengt hiervan de ondernemingsraad, of bij ontstentenis hiervan, het comité voor preventie en bescherming op het werk, of bij ontstentenis hiervan, de vakbondsafvaardiging op de hoogte.
Hiertoe moet de Werkgever in zijn schriftelijk en gemotiveerd verzoek minstens de volgende gegevens opnemen: (i) de aantallen van arbeiders bepaald op het moment voorzien onder (b); (ii) de evolutie op kwartaalbasis van de aantallen van arbeiders bedoeld onder (b) sinds het moment voorzien onder (b), waaruit de duurzame en significante aard van de wijziging blijkt; (iii) aantonen op basis van de activiteiten van de Werkgever waarom deze wijziging zich ook in de toekomst verder zal bestendigen.
Mits een voorafgaande discussie met de Werkgever, kan een gelijkaardig schriftelijk en gemotiveerd verzoek worden ingediend door de vertegenwoordigers van de werknemers in de ondernemingsraad, of bij ontstentenis hiervan, de vertegenwoordigers van de werknemers in het comité voor preventie en bescherming op het werk, of bij ontstentenis hiervan, de vakbondsafvaardiging. Dat verzoek moet dezelfde gegevens opnemen dan hierboven vermeld. De betrokken partij brengt de Werkgever hier onverwijld van op de hoogte.
De Inrichter van het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf beslist over dit verzoek binnen de twee maanden na ontvangst van alle hiervoor vermelde, benodigde gegevens. In geval van een positieve beslissing, zullen de PC 200 Bedienden van de betrokken Werkgever in de betrokken Technische Bedrijfseenheid vanaf het eerstvolgende kwartaal na deze positieve beslissing, niet langer beschouwd worden als Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf (wat aanleiding geeft tot een uittreding uit het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf). De Werkgever zal de betrokken PC 200 Bedienden hierover inlichten. De Inrichter zal, indien toepasselijk, aan het Aanvullend Paritair Comité voor de bedienden één keer per jaar een overzicht overmaken van de Werkgevers die toepassing van dit artikel hebben gemaakt.
Omgekeerd, indien de PC 200 Bedienden op basis van de regels in (b) niet beschouwd worden als Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf, maar de verhouding tussen de respectievelijke aantallen van arbeiders in de verschillende Ondernemingsactiviteiten nadien op een duurzame en significante wijze wijzigt, kan de Werkgever zich wenden tot de inrichter van het sectoraal aanvullend pensioenstelsel van de andere (sub)sector waarbij zijn PC 200 Bedienden zijn aangesloten, om te vragen dat zijn PC 200 Bedienden in de betrokken Technische Bedrijfseenheid voortaan kunnen beschouwd worden als Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf, waarna ze aangesloten worden aan het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf.
HOOFDSTUK III. - Voorwerp - Invoering SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf Art. 3.§ 1. De representatieve organisaties in het Aanvullend Paritair Comité voor de bedienden hebben deze collectieve arbeidsovereenkomst gesloten ter uitvoering van de Harmonisatieverplichting en artikel 7, 1° (i) van de collectieve arbeidsovereenkomst van 1 juli 2019.
Deze collectieve arbeidsovereenkomst heeft als enige voorwerp de invoering met ingang van 1 juli 2025 van het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf.
Voor de Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf die vanaf 1 juli 2025 aangesloten worden bij het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf, stopt vanaf 1 juli 2025 de betaling van de tijdelijke jaarpremie bepaald in artikel 5 van de collectieve arbeidsovereenkomst van het Aanvullend Paritair Comité voor de bedienden van 1 juli 2019 aangezien het volledige budget van de tijdelijke jaarpremie wordt aangewend voor het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf. Voor 2025 zal nog het gedeelte van de tijdelijke jaarpremie voor de maanden januari tot en met juni uitbetaald worden volgens de berekenings- en uitbetalingsregels vastgelegd in de collectieve arbeidsovereenkomst van het Aanvullend Paritair Comité voor de bedienden van 1 juli 2019. § 2. Vanaf 1 januari 2027 zal het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf worden omgevormd tot een sociaal sectoraal pensioenstelsel waarbij 95,5 pct. van de netto bijdrage zal worden aangewend voor de financiering van de pensioentoezegging en 4,5 pct. voor de financiering van de solidariteitstoezegging.
HOOFDSDTUK IV. - Aansluiting aan het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf
Art. 4.§ 1. Alle Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf die op of na 1 juli 2025 verbonden zijn via een arbeidsovereenkomst met een Werkgever en die niet uitgesloten zijn uit het toepassingsgebied van het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf overeenkomstig artikel 10 van deze collectieve arbeidsovereenkomst, worden aangesloten bij het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf. § 2. De hiervoor vermelde Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf blijven aangesloten aan het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf tot aan hun uittreding, pensionering of overlijden.
Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf, die hun wettelijk (vervroegd) pensioen hebben opgenomen, maar verder of opnieuw tewerkgesteld worden met een arbeidsovereenkomst gesloten met een Werkgever, zoals bedoeld in artikel 4, § 1 in het kader van "toegelaten arbeid voor gepensioneerden", blijven niet aangesloten of worden niet aangesloten bij het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf, overeenkomstig artikel 13 van de WAP. § 3. Een uitzondering geldt voor de Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf die gebruik hebben gemaakt, voorafgaand aan de invoering van het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf van hun wettelijk weigeringsrecht overeenkomstig artikel 16, § 3 van de WAP, op voorwaarde dat het bestaand pensioenstelsel van de Werkgever zoals van toepassing onmiddellijk voorafgaand aan de invoering van het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf en van toepassing op de Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf, per 1 juli 2025 wordt vervangen door het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf in het kader van de Harmonisatieverplichting. De Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf die in dit kader gebruik hebben gemaakt van dit weigeringsrecht worden niet aangesloten bij het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf, en dit zolang dit weigeringsrecht verdere toepassing heeft.
De betrokken Werkgever moet hiertoe de procedure volgen zoals voorzien in artikel 6, § 2 van de Bijlage 2 bij deze collectieve arbeidsovereenkomst, ten gevolge waarvan de RSZ voor deze Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf die gebruik hebben gemaakt van dit wettelijk weigeringsrecht, geen patronale bijdragen voor het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf innen, zolang dit weigeringsrecht verder van toepassing is. Vanaf het moment dat dit niet langer het geval is, wordt de betrokken Bediende Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf aangesloten bij het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf.
HOOFDSTUK V. - Aanduiding van de Inrichter Art. 5.§ 1. Het Fonds voor Bestaanszekerheid Sectoraal Aanvullend Pensioen Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf (FBZ SAP Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf) waarvan de statuten zijn vastgelegd in de collectieve arbeidsovereenkomst van 13 juni 2024 tot oprichting van het Fonds voor Bestaanszekerheid Sectoraal Aanvullend Pensioen Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf (FBZ SAP Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf) dat optreedt als multi-sectorale inrichter van het sectoraal aanvullend pensioenstelsel voor de arbeiders en voor de bedienden in de Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf en tot vaststelling van de statuten van de multi-sectorale inrichter, wordt aangeduid als de Inrichter van het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf (hierna: "Inrichter" of "FBZ SAP Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf"). § 2. Voor zover gewenst, kunnen de sociale partners van het Aanvullend Paritair Comité voor de bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf gezamenlijk met de sociale partners van het Paritair Comité voor het garagebedrijf de leden van de Raad van Bestuur van de Sectorale Inrichter aanduiden, overeenkomstig de modaliteiten bepaald in de statuten van de Sectorale Inrichter.
HOOFDSTUK VI. - Pensioentoezegging - aanduiding van de pensioeninstelling Art. 6.§ 1. Het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf dat per 1 juli 2025 wordt ingevoerd is een gewoon sectoraal aanvullend pensioenstelsel, dat bestaat uit een pensioentoezegging die is vastgelegd in het pensioenreglement (opgenomen in Bijlage 1 bij deze collectieve arbeidsovereenkomst). § 2. De pensioentoezegging is een pensioenstelsel van het type vaste bijdragen die voorziet: - in de opbouw van een aanvullend pensioen dat overeenkomstig de regels en modaliteiten van het pensioenreglement, zoals vastgelegd in Bijlage 1 bij deze collectieve arbeidsovereenkomst, wordt uitbetaald aan de aangesloten Bediende Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf op het moment van pensionering (in zoverre de betrokken bediende bij uittreden uit de sector zijn verworven pensioenreserves niet heeft overgedragen naar een andere pensioeninstelling); - in een overlijdenskapitaal ingeval van overlijden van de aangesloten Bediende Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf vóór pensionering, dat gelijk is aan de verworven reserves die de aangesloten bediende heeft opgebouwd in het sectoraal aanvullend pensioenstelsel tot op het moment van zijn overlijden en dat wordt uitbetaald aan de begunstigden van de overleden, aangesloten bediende overeenkomstig de regels en modaliteiten van het pensioenreglement (zoals vastgelegd in Bijlage 1 bij deze collectieve arbeidsovereenkomst). § 3. Het beheer en de uitvoering van het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf wordt toevertrouwd aan Sefoplus OFP. Sefoplus OFP is een multi-sectorale instelling voor bedrijfspensioenvoorziening, vergund op 19 november 2018, met ondernemingsnummer 0715.441.019, FSMA-identificatienummer 50.624 en maatschappelijke zetel te Marlylaan 15/8, 1120 Brussel. Sefoplus OFP is met andere woorden aangeduid als pensioeninstelling.
De pensioenverplichtingen en de activa verbonden aan het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf worden binnen Sefoplus OFP beheerd in een afgezonderd vermogen opgezet voor het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf ("Afzonderlijk Vermogen PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf") in de zin van artikel 2, 15° WIBP. De beheers- en werkingsregels die worden afgesproken tussen de Inrichter en Sefoplus OFP als pensioeninstelling worden vastgelegd in de beheersovereenkomst en de toetredingsakte daartoe, alsook in een algemeen en specifiek luik bij de verklaring inzake de beleggingsbeginselen (SIP) en het financieringsplan van Sefoplus OFP. § 4. De regels en modaliteiten betreffende de pensioentoezegging worden verder vastgelegd in het pensioenreglement dat wordt opgenomen in Bijlage 1 bij deze collectieve arbeidsovereenkomst, die er integraal deel vanuit maakt.
HOOFDSTUK VII. - Financiering, bijdragen en inningsmodaliteiten Art. 7.§ 1. De financiering van het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf gebeurt via een patronale bijdrage. De totale jaarlijkse bruto bijdrage is per actieve aangeslotene bij het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf gelijk aan 1,10 pct. van het bruto jaarloon waarop inhoudingen door de RSZ worden verricht. § 2. De totale jaarlijkse bruto bijdrage per actieve aangeslotene bij het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf wordt verminderd met 4,5 pct. beheerskosten, aangerekend door de Inrichter, wat resulteert in een totale jaarlijkse netto pensioenbijdrage per actieve aangeslotene van 1,05 pct. van het bruto jaarloon waarop inhoudingen door de RSZ worden verricht. § 3. Dit resulteert, na vermeerdering van de netto pensioenbijdrage met 0,09 pct. ter dekking van de verschuldigde, bijzondere RSZ-bijdrage van 8,86 pct., in een globale jaarlijkse bruto bijdrage van 1,19 pct. voor elke actieve aangeslotene bij het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf. Deze bijzondere RSZ-bijdrage van 8,86 pct. wordt door de RSZ afgehouden aan de bron.
De Werkgevers, die onder het toepassingsgebied vallen van het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf, moeten deze niet apart berekenen en aangeven. § 4. De inning en de invordering van deze patronale bijdrage gebeurt door de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid (RSZ) via een gedifferentieerde inning, overeenkomstig de daartoe afgesloten beheersovereenkomst met de RSZ. Elke Werkgever die onder het toepassingsgebied van SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf valt, is gehouden tot de betaling van deze bijdrage.
De Rijksdienst voor Sociale Zekerheid maakt de patronale bijdragen voor het sectoraal pensioenstelsel over aan de Inrichter. Vervolgens maakt de Inrichter de ontvangen patronale bijdragen over aan de pensioeninstelling waar deze worden ondergebracht in het Afzonderlijk Vermogen PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf.
HOOFDSTUK VIII. - Uitbetaling van de voordelen Art. 8.De procedure, de modaliteiten en de vorm van de uitbetaling van de voordelen krachtens het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf worden beschreven in het bijgevoegde pensioenreglement (opgenomen als Bijlage 1 van deze collectieve arbeidsovereenkomst).
HOOFDSTUK IX. - Uittreding Art. 9.De procedure van uittreding uit het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf wordt geregeld overeenkomstig de bepalingen vermeld in het bijgevoegde pensioenreglement (opgenomen als Bijlage 1 bij deze collectieve arbeidsovereenkomst).
HOOFDSTUK X. - Uitsluiting uit het toepassingsgebied van het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf ("buiten toepassingsgebied") - geen mogelijkheid tot opting out Art. 10.§ 1. De Werkgevers die voor al hun Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf in de betrokken Technische Bedrijfseenheid op 1 juli 2025 reeds voorzien in een of meerdere aanvullende pensioenstelsels op ondernemingsniveau die minstens gelijkwaardig zijn aan het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf, worden uitgesloten uit het toepassingsgebied van het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf, overeenkomstig de regels zoals vastgelegd in Bijlage 2 bij deze collectieve arbeidsovereenkomst.
Daarnaast kunnen Werkgevers, die op of na 1 juli 2025 worden opgericht of pas vanaf of na 1 juli 2025 ten gevolge van gewijzigde omstandigheden (zoals onder meer een fusie, een splitsing, een overname of een andere transactie, een wijziging van paritair comité, een wijziging van activiteiten,...) hetzij (i) voor het eerst ressorteren onder PC 200 voor hun Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf, hetzij (ii) voor het eerst Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf tewerkstellen, hetzij (iii) voor het eerst ressorteren onder Paritair Comité voor het garagebedrijf voor (een deel van) hun arbeiders, ook worden uitgesloten uit het toepassingsgebied van het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf, op voorwaarde dat zij aantonen dat zij op dat moment voor al hun Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf in de betrokken Technische Bedrijfseenheid voorzien in een of meerdere aanvullende pensioenstelsels op ondernemingsniveau die minstens gelijkwaardig zijn aan het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf.
De voorwaarden en modaliteiten om uitgesloten te worden uit het toepassingsgebied van het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf ("buiten toepassingsgebied") worden verder vastgelegd in Bijlage 2 bij deze collectieve arbeidsovereenkomst, die integraal deel uitmaakt van deze collectieve arbeidsovereenkomst.
Deze Werkgevers en de Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf in de betrokken Technische Bedrijfseenheid die zij tewerkstellen nemen bijgevolg niet deel aan het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf, in zoverre en voor zolang de ondernemingspensioenstelsels van de betrokken Werkgevers te allen tijde gelijkwaardig zijn aan het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf en de betrokken Werkgevers (blijven) voldoen aan de voorwaarden van "buiten toepassingsgebied", zoals vastgelegd in Bijlage 2 bij deze collectieve arbeidsovereenkomst. § 2. De Werkgevers die op basis van artikel 10, § 1 uitgesloten worden uit het toepassingsgebied van het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf in de betrokken Technische Bedrijfseenheid, kunnen nadien op eender welk moment beslissen om voor de toekomst voor hun Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf toch deel te nemen aan het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf.
Zij dienen in dat geval hun wens tot deelname aan het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf te melden aan de Inrichter, volgens de modaliteiten die worden vastgelegd in Bijlage 2 bij deze collectieve arbeidsovereenkomst. De deelname aan het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf zal ingaan vanaf het eerstvolgend kwartaal na de bevestiging van deelname door de Inrichter aan de betrokken Werkgever. § 3. Er wordt geen gebruik gemaakt van de mogelijkheid tot opting-out zoals voorzien in artikel 9 van de WAP.
HOOFDSTUK XI. - Duur en algemeen verbindend verklaring Art. 11.§ 1. Deze collectieve arbeidsovereenkomst treedt in werking op 13 juni 2024, met dien verstande dat het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf slechts van toepassing is vanaf 1 juli 2025. Zij wordt gesloten voor een onbepaalde duur. § 2. Deze collectieve arbeidsovereenkomst kan enkel bij eenparig akkoord van de ondertekenende partijen met inachtneming van een opzeggingstermijn van 6 maanden worden opgezegd. De opzegging wordt betekend bij een ter post aangetekende brief, gericht aan de voorzitter van Aanvullend Paritair Comité voor de bedienden, die een kopie van de opzegging aan ieder van de ondertekenende partijen overmaakt. § 3. De opzegging van deze collectieve arbeidsovereenkomst, ingeval een van de ondertekenende partijen het vraagt, kan slechts gebeuren indien het Aanvullend Paritair Comité voor de bedienden de beslissing neemt om het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf op te heffen, waarbij rekening zal moeten worden gehouden met de regels van de WAP inzake de Harmoniseringsverplichting.
Art. 12.Deze collectieve arbeidsovereenkomst wordt neergelegd ter Griffie van de Algemene Directie Collectieve Arbeidsbetrekkingen van de Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg en de algemeen verbindende kracht bij koninklijk besluit wordt gevraagd.
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 19 januari 2025.
De Minister van Werk, P.-Y. DERMAGNE
Bijlage 1 aan de collectieve arbeidsovereenkomst van 13 juni 2024, gesloten in het Aanvullend Paritair Comité voor de bedienden, tot invoering van een sectoraal aanvullend pensioenstelsel voor de Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf ("SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf") Pensioenreglement
HOOFDSTUK I. - Voorwerp Artikel 1.§ 1. Dit sectoraal pensioenreglement is opgemaakt in uitvoering van artikel 6, § 4 van de collectieve arbeidsovereenkomst van 13 juni 2024 tot invoering van een sectoraal aanvullend pensioenstelsel voor de Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf ("SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf").
Dit reglement omvat de rechten en verplichtingen van de Inrichter, van de Werkgevers, van de Aangeslotenen en hun rechthebbenden, van de pensioeninstelling, de aansluitingsvoorwaarden, alsook de regels inzake de uitvoering van het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf § 2. Dit reglement is onderworpen aan de
wet van 28 april 2003Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
28/04/2003
pub.
15/05/2003
numac
2003022481
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Wet betreffende de aanvullende pensioenen en het belastingstelsel van die pensioenen en van sommige aanvullende voordelen inzake sociale zekerheid
sluiten betreffende de aanvullende pensioenen en het belastingstelsel van die pensioenen en van sommige aanvullende voordelen inzake sociale zekerheid (WAP) en het
koninklijk besluit van 14 november 2003Relevante gevonden documenten
type
koninklijk besluit
prom.
14/11/2003
pub.
14/11/2003
numac
2003023014
bron
federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie
Koninklijk besluit betreffende de levensverzekeringsactiviteit
type
koninklijk besluit
prom.
14/11/2003
pub.
14/11/2003
numac
2003023006
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Koninklijk besluit tot uitvoering van de wet van 28 april 2003 betreffende de aanvullende pensioenen en het belastingstelsel van die pensioenen en van sommige aanvullende voordelen inzake sociale zekerheid
type
koninklijk besluit
prom.
14/11/2003
pub.
18/12/2003
numac
2003201595
bron
federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg
Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 27 mei 1999, gesloten in het Paritair Comité voor het bouwbedrijf, betreffende de duurzame beroepsintegratie, herintegratie en opleiding van risicogroepen
sluiten tot uitvoering van de
wet van 28 april 2003Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
28/04/2003
pub.
15/05/2003
numac
2003022481
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Wet betreffende de aanvullende pensioenen en het belastingstelsel van die pensioenen en van sommige aanvullende voordelen inzake sociale zekerheid
sluiten (KB WAP) en iedere latere wijziging die de dwingende bepalingen van de WAP en/of het KB WAP vervangt en/of aanvult. § 3. De rechten van de gewezen Aangeslotenen worden in de regel bepaald door het pensioenreglement zoals van toepassing op het ogenblik van hun Uittreding, behoudens ingeval van andersluidende wettelijke bepalingen.
HOOFDSTUK II. - Definities Art. 2. 1. Aanvullend pensioen Het rust- en/of overlevingspensioen bij overlijden van de Aangeslotene vóór of na de Pensionering, of de daarmee overeenstemmende kapitaalswaarde, die op basis van de in dit pensioenreglement bepaalde verplichte stortingen worden toegekend ter aanvulling van een krachtens een wettelijke sociale zekerheidsregeling vastgesteld pensioen.2. Pensioentoezegging De toezegging van een aanvullend pensioen door de Inrichter aan de Aangeslotenen en/of hun rechthebbenden in uitvoering van de collectieve arbeidsovereenkomst van 13 juni 2024 tot invoering van een sectoraal aanvullend pensioenstelsel voor de Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf ("SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf") en dit pensioenreglement. De toezegging die de Inrichter hier doet betreft een Pensioentoezegging van het type vaste bijdragen zonder gewaarborgd rendement. De Inrichter garandeert dus enkel de betaling van de vaste bijdrage maar doet geen enkele belofte op het gebied van de kapitalisatie van de bijdragen. De Inrichter zal weliswaar voldoen aan de verplichtingen inzake de minimum rendementsgarantie conform de bepalingen van artikel 24 van de WAP. Sefoplus OFP gaat, inzake het beheer van de pensioentoezegging, op haar beurt, als pensioeninstelling, een middelenverbintenis aan. Dit houdt in dat Sefoplus OFP er zich toe verbindt om de vaste bijdragen die door de Inrichter worden gestort zo goed en zo zorgvuldig mogelijk te beheren (als een voorzichtig en redelijk persoon) met het oog op de verwezenlijking van haar doel, zonder dat zij zich verbindt tot een resultaat. De bijdragen gestort door de Inrichter zullen worden gekapitaliseerd aan het Netto Financieel Rendement zoals gedefinieerd in artikel 2.4 van dit pensioenreglement. 3. Pensioenstelsel Een collectieve Pensioentoezegging.4. Netto Financieel Rendement (NFR) Het Netto Financieel Rendement (afgekort als "NFR") van het Afzonderlijk Vermogen PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf wordt voor het afgelopen boekjaar berekend per 31 december van het boekjaar.Hiertoe worden de investeringskosten in mindering gebracht van het financieel rendement van het Afzonderlijk Vermogen PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf en desgevallend ook het overschrijdend gedeelte van de beheerskosten die niet gedekt zijn door het daartoe aan Sefoplus OFP gestort bedrag, overeenkomstig artikel 14, § 4 van dit pensioenreglement.
Vervolgens wordt voor de vaststelling van het Netto Financieel Rendement dat wordt ingeschreven op de individuele rekeningen van de Aangeslotenen rekening gehouden met de beschikbare Vrije Reserve van het Afzonderlijk Vermogen PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf die dient als buffer. Deze Vrije Reserve of buffer is gelijk aan het bedrag van de activa van het Afzonderlijk Vermogen PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf die volgend bedrag overstijgen: - de reserves ingeschreven op de individuele rekeningen van de Aangeslotenen, in overeenstemming met dit pensioenreglement; hierbij wordt voor de berekening van deze reserves voor de periode gelegen tussen 1 januari en 31 december van het berekeningsjaar uitgegaan van een Netto Financieel Rendement dat gelijk is aan de rentevoet van toepassing voor de berekening van de minimum rendementsgarantie conform artikel 24 van de WAP; - desgevallend verhoogd met de minimum rendementsgarantie conform artikel 24 van de WAP. Bij de toekenning van het Netto Financieel Rendement geldt als basisprincipe dat de Inrichter ernaar streeft, vanuit de doelstelling van een veilig en prudent beheer van het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf, om steeds een buffer te hebben die gelijk is aan 10 pct. teneinde eventuele, toekomstige negatieve schommelingen in de beleggingen te kunnen opvangen. Echter, zelfs indien de buffer lager is dan 10 pct. en er een positief Netto Financieel Rendement is, dan zal dit tot aan de minimum rendementsgarantie conform artikel 24 van de WAP toch worden toegekend, zoals hierna bepaald.
Indien deze Vrije Reserve of buffer van het Afzonderlijk Vermogen PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf hoger is dan of gelijk aan 10 pct.: - in geval van een positief Netto Financieel Rendement wordt dit volledig Netto Financieel Rendement, evenwel verminderd met het bedrag nodig om ervoor te zorgen dat ook na de toekenning van het Netto Financieel Rendement de Vrije Reserve of buffer van het Afzonderlijk Vermogen PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf gelijk is aan 10 pct., ingeschreven op de individuele rekeningen van de Aangeslotenen; - in geval van een negatief Netto Financieel Rendement wordt dit volledig Netto Financieel Rendement ingeschreven op de individuele rekeningen van de Aangeslotenen.
Indien deze Vrije Reserve of buffer van het Afzonderlijk Vermogen PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf lager is dan 10 pct. dan wordt het volledig negatief Netto Financieel Rendement ingeschreven op de individuele rekeningen van de Aangeslotenen. Het positief Netto Financieel Rendement dat wordt ingeschreven op de individuele rekeningen van de Aangeslotenen wordt dan beperkt tot de rentevoet van toepassing voor de berekening van de minimum rendementsgarantie conform artikel 24 van de WAP (per 1 juli 2024 gelijk aan 1,75 pct.). Het overstijgend gedeelte wordt toegekend aan de Vrije Reserve van het Afzonderlijk Vermogen PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf ter verhoging van de buffer.
Schematisch kan dit als volgt worden voorgesteld:
Réserve libre (tampon)
RFN inscrit sur les comptes individuels
Vrije reserve (buffer)
NFR ingeschreven op de individuele rekeningen
négatif
positif
negatief
positief
RFN
RFN (maximum 1,75 p.c.*)
NFR
NFR (maximum 1,75 pct.*)
? 10 p.c.
RFN
RFN**
? 10 pct.
NRF
NRF**
* per 1 juli 2024 ** met behoud van Vrije Reserve (buffer) binnen het Afzonderlijk Vermogen PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf van 10 pct. na toekenning NFR Wanneer prestaties verschuldigd zijn alvorens het Netto Financieel Rendement is berekend voor een gegeven jaar, dan zal het Netto Financieel Rendement dat wordt ingeschreven voor het betrokken jaar gelijk zijn aan de rentevoet die wordt gebruikt voor de vaststelling van de minimum rendementsgarantie conform artikel 24 van de WAP. 5. WAP
Wet van 28 april 2003Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
28/04/2003
pub.
15/05/2003
numac
2003022481
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Wet betreffende de aanvullende pensioenen en het belastingstelsel van die pensioenen en van sommige aanvullende voordelen inzake sociale zekerheid
sluiten (betreffende de aanvullende pensioenen en het belastingstelsel van die pensioenen en van sommige aanvullende voordelen inzake sociale zekerheid, aangevuld met haar uitvoeringsbesluiten zoals gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 15 mei 2003, erratum Belgisch Staatsblad van 26 mei 2003).De begrippen die in het vervolg van dit reglement opgenomen zijn, moeten worden opgevat in hun betekenis zoals verduidelijkt in artikel 3 (definities) van de voormelde wet. 6. Inrichter Het "Fonds voor Bestaanszekerheid Sectoraal Aanvullend Pensioen Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf" (FBZ SAP Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf), daartoe aangeduid door middel van de collectieve arbeidsovereenkomst van 13 juni 2024 tot oprichting van een fonds voor bestaanszekerheid FBZ SAP Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf dat optreedt als multi-sectorale Inrichter van het sectoraal aanvullend pensioenstelsels voor de arbeiders en de bedienden in de Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf en tot vaststelling van de statuten van de multi-sectorale Inrichter.7. Werkgever Een Werkgever zoals bedoeld in artikel 2 van de collectieve arbeidsovereenkomst van 13 juni 2024 tot invoering van een sectoraal aanvullend pensioenstelsel voor de Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf ("SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf"), alsook de eventuele latere collectieve arbeidsovereenkomsten tot wijziging hiervan, met uitzondering van de ondernemingen of vestigingseenheden van de Werkgevers die overeenkomstig artikel 10 van die collectieve arbeidsovereenkomst uitgesloten zijn uit het toepassingsgebied van het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf.8. Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf De bedienden die ressorteren onder Aanvullend Paritair Comité voor de bedienden en werkzaam zijn in de Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf, die zich in een vergelijkbare situatie bevinden als de Arbeiders Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf met wie zij voor doeleinden van het aanvullend pensioen "spiegelen" in de zin van artikel 14 van de WAP.Zij worden overeenkomstig de regels van de collectieve arbeidsovereenkomst van 13 juni 2024 tot invoering van een sectoraal aanvullend pensioenstelsel voor de Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf ("SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf"), toegewezen aan deze specifieke subcategorie en aangegeven in DmfA onder het RSZ werkgeverskengetal 064. 9. Aangeslotenen De Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf die voldoen aan de aansluitingsvoorwaarden, zoals vermeld in artikel 3 van dit pensioenreglement, alsook de gewezen Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf die nog steeds actuele of uitgestelde rechten genieten overeenkomstig dit pensioenreglement. De Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf die in dienst komen of blijven bij een Werkgever na ingang van het (vervroegd) wettelijk pensioen worden niet (verder) aangesloten bij het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf. 10. Uittreding Onder Uittreding moet worden begrepen: - hetzij de beëindiging van een arbeidsovereenkomst (anders dan door overlijden of Pensionering) voor zover die niet wordt gevolgd door het sluiten van een arbeidsovereenkomst met een andere Werkgever als Bediende Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf die aangesloten is aan het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf; - hetzij het einde van de aansluiting vanwege het feit dat de werknemer niet langer de aansluitingsvoorwaarden van het pensioenstelsel vervult, zonder dat dit samenvalt met de beëindiging van de arbeidsovereenkomst, anders dan door overlijden of Pensionering; - hetzij het einde van de aansluiting vanwege het feit dat de Werkgever of, ingeval van de overgang van de arbeidsovereenkomst, de nieuwe Werkgever niet langer valt onder het toepassingsgebied van de collectieve arbeidsovereenkomst van 13 juni 2024 tot invoering van een sectoraal aanvullend pensioenstelsel voor de Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf ("SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf"), alsook de eventuele latere collectieve arbeidsovereenkomsten tot wijziging hiervan, dan wel uitgesloten is uit dat toepassingsgebied (buiten toepassing). 11. Sefoplus OFP: Pensioeninstelling Sefoplus OFP is de multi-sectorale instelling voor bedrijfspensioenvoorziening (IBP), vergund door de FSMA op 19 november 2018 met identificatienummer 50.624, met ondernemingsnummer 0715.441.019 en met maatschappelijke zetel te Marlylaan 15/8, 1120 Brussel. 12. Verworven Prestaties Wanneer de Aangeslotene ingeval van Uittreding ervoor kiest om zijn Verworven Reserves bij de pensioeninstelling te laten, dan is de Verworven Prestatie de prestatie waarop de Aangeslotene aanspraak kan maken op het moment van Pensionering.13. Verworven Reserves De reserves waarop de Aangeslotene op een bepaald ogenblik recht heeft overeenkomstig dit pensioenreglement.Deze reserves zijn gelijk aan: 1. de individuele rekening (nettobijdragen gestort door de Inrichter, desgevallend verhoogd met de reserves die door de betrokken Aangeslotene werden overgedragen vanuit een andere pensioeninstelling, overeenkomstig artikel 18);plus 2. in voorkomend geval, de deelname in de winst; 3. gekapitaliseerd aan het Netto Financieel Rendement van Sefoplus OFP, zoals gedefinieerd in artikel 2.4.
De Verworven Reserves worden desgevallend verhoogd ter waarborging van de minimum rendementsgarantie, zoals bepaald in artikel 24 van de WAP. In geval van een wijziging van de rentevoet voor de berekening van de minimum rendementsgarantie conform artikel 24 van de WAP wordt de verticale methode toegepast. Dit betekent dat de oude rentevoet(en) van toepassing was (waren) tot op het moment van de wijziging, op de bijdragen verschuldigd op basis van het pensioenreglement vóór de wijziging, en de nieuwe rentevoet wordt toegepast op de bijdragen verschuldigd op basis van het pensioenreglement vanaf de wijziging en op het bedrag resulterend uit de kapitalisatie tegen de oude rentevoet(en) van de bijdragen verschuldigd op basis van het pensioenreglement tot op het moment van de wijziging. 14. Jaarbezoldiging Het jaarlijkse brutoloon waarop de inhoudingen voor de sociale zekerheid worden gedaan.15. Pensioenleeftijd Met de Pensioenleeftijd wordt de wettelijke Pensioenleeftijd bedoeld, volgens artikel 2, § 1 van het
koninklijk besluit van 23 december 1996Relevante gevonden documenten
type
koninklijk besluit
prom.
23/12/1996
pub.
17/11/2015
numac
2015000648
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Koninklijk besluit tot uitvoering van de artikelen 15, 16 en 17 van de wet van 26 juli 1996 tot modernisering van de sociale zekerheid en tot vrijwaring van de leefbaarheid van de wettelijke pensioenstelsels. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen
type
koninklijk besluit
prom.
23/12/1996
pub.
04/02/2014
numac
2014000075
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Koninklijk besluit tot uitvoering van de artikelen 15, 16 en 17 van de wet van 26 juli 1996 tot modernisering van de sociale zekerheid en tot vrijwaring van de leefbaarheid van de wettelijke pensioenstelsels. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen
sluiten tot uitvoering van de artikelen 15, 16 en 17 van de wet van 26 juli 1996 tot modernisering van de sociale zekerheid en tot vrijwaring van de leefbaarheid van de wettelijke pensioenen. Deze Pensioenleeftijd bedraagt in principe 65 jaar tot 31 januari 2025, 66 jaar vanaf 1 februari 2025 tot 31 januari 2030 en 67 jaar vanaf 1 februari 2030. 16. Pensionering De effectieve ingang van het vervroegd rustpensioen of van het rustpensioen op de wettelijke Pensioenleeftijd met betrekking tot de beroepsactiviteit die aanleiding gaf tot de opbouw van de prestaties, zijnde in dit geval het wettelijk rustpensioen als werknemer.17. Herberekeningsdatum De Herberekeningsdatum voor dit pensioenreglement wordt vastgesteld op 1 januari.18. Vrije Reserve Overeenkomstig artikel 4-8 van het
koninklijk besluit van 14 november 2003Relevante gevonden documenten
type
koninklijk besluit
prom.
14/11/2003
pub.
14/11/2003
numac
2003023014
bron
federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie
Koninklijk besluit betreffende de levensverzekeringsactiviteit
type
koninklijk besluit
prom.
14/11/2003
pub.
14/11/2003
numac
2003023006
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Koninklijk besluit tot uitvoering van de wet van 28 april 2003 betreffende de aanvullende pensioenen en het belastingstelsel van die pensioenen en van sommige aanvullende voordelen inzake sociale zekerheid
type
koninklijk besluit
prom.
14/11/2003
pub.
18/12/2003
numac
2003201595
bron
federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg
Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 27 mei 1999, gesloten in het Paritair Comité voor het bouwbedrijf, betreffende de duurzame beroepsintegratie, herintegratie en opleiding van risicogroepen
sluiten tot uitvoering van de WAP wordt een Vrije Reserve aangelegd in het Afzonderlijk Vermogen PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf. Deze Vrije Reserve van het Afzonderlijk Vermogen PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf wordt gefinancierd met: - het gedeelte van het Netto Financieel Rendement dat desgevallend, overeenkomstig artikel 2.4, niet onmiddellijk wordt ingeschreven op de individuele rekeningen van de Aangeslotenen; - de prestaties die - om redenen die niet aan Sefoplus OFP te wijten zijn - niet kunnen worden uitbetaald door Sefoplus OFP; - en, desgevallend, een bijkomende bijdrage gestort door de Inrichter in de Vrije Reserve.
Deze Vrije Reserve van het Afzonderlijk Vermogen PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf dient als buffer binnen dit afzonderlijk vermogen en wordt aangewend om een tekort ten aanzien van de minimum rendementsgarantie conform artikel 24 van de WAP aan te zuiveren op de individuele rekeningen binnen het Afzonderlijk Vermogen PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf, indien noodzakelijk, en desgevallend om bijkomende rendementen toe te kennen.
De raad van bestuur van Sefoplus OFP kan, na overleg met de sectorale Inrichter, besluiten tot de toekenning van een bijkomend rendement of een bijkomende bijdrage - die wordt ingeschreven op de individuele rekeningen van de Aangeslotenen - in geval de Vrije Reserve van het Afzonderlijk Vermogen PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf die dient als buffer hoger is dan 20 pct. Deze toekenning wordt bekrachtigd door een collectieve arbeidsovereenkomst. 19. Kind Elk wettig geboren of verwekt Kind van de Aangeslotene alsook elk erkend natuurlijk Kind of elk geadopteerd Kind van de Aangeslotene.20. Wettelijk Samenwonende De persoon die samen met zijn of haar samenwonende partner een verklaring heeft afgelegd overeenkomstig artikel 1476 van het Oud Burgerlijk Wetboek.21. Sefocam Het administratief en logistiek coördinatiecentrum van de sociale sectorale pensioenstelsels voor de arbeiders uit het garagebedrijf, het koetswerk, de metaalhandel, de terugwinning van metalen en de edele metalen. De maatschappelijke zetel van Sefocam, is gevestigd te Marlylaan 15/8, 1120 Brussel.
Sefocam is telefonisch bereikbaar op het nummer 0032.2.761.00.70 en per mail op het adres helpdesk@sefocam.be.
Sefocam beschikt over een website: www.sefocam.be. 22. Afzonderlijk Vermogen PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf Binnen Sefoplus OFP worden afzonderlijke vermogens ingericht in de zin van de
wet van 27 oktober 2006Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
27/10/2006
pub.
10/11/2006
numac
2006023149
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Wet betreffende het toezicht op de instellingen voor bedrijfspensioenvoorzieningen
sluiten betreffende het toezicht op de instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening voor het beheer van de sectorale Pensioentoezeggingen enerzijds en voor het afzonderlijk beheer van de sectorale solidariteitstoezeggingen anderzijds, in lijn met de toepasselijke regelgeving. Het SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf wordt beheerd in het Afzonderlijk Vermogen Pensioen PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf. Concreet betekent dit dat de reserves en activa die verbonden zijn aan deze sectorale Pensioentoezegging afgescheiden zijn van de overige activa en de overige afzonderlijke vermogens binnen Sefoplus OFP, en dus niet kunnen aangewend worden in het kader van andere sectorale pensioen- en solidariteitstoezeggingen ingericht door andere sectorale Inrichters, die beheerd worden door Sefoplus OFP.
HOOFDSTUK III. - Aansluiting Art. 3.§ 1. Alle Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf die op of na 1 juli 2025 verbonden zijn via een arbeidsovereenkomst met een Werkgever die overeenkomstig artikel 10 van de collectieve arbeidsovereenkomst van 13 juni 2024 tot invoering van een sectoraal aanvullend pensioenstelsel voor de Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf ("SAP PC 200 Bedienden Ondernemingsactiviteit Garagebedrijf" …
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.