📄 Wettekst
7 MAART 2021. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 25 juni 2020, gesloten in het Paritair Comité voor het vervoer en de logistiek, betreffende het pensioenplan in de subsector voor verhuisondernemingen, meubelbewaring en hun aanverwante activiteiten (1)
FILIP, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
Gelet op de
wet van 5 december 1968Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
05/12/1968
pub.
22/05/2009
numac
2009000346
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités. - Officieuze coördinatie in het Duits
sluiten betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel 28;
Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor het vervoer en de logistiek;
Op de voordracht van de Minister van Werk, Hebben Wij besloten en besluiten Wij : Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 25 juni 2020, gesloten in het Paritair Comité voor het vervoer en de logistiek, betreffende het pensioenplan in de subsector voor verhuisondernemingen, meubelbewaring en hun aanverwante activiteiten. Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van dit besluit.
Gegeven te Brussel, 7 maart 2021.
FILIP Van Koningswege : De Minister van Werk, P.-Y. DERMAGNE _______ Nota (1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad :
Wet van 5 december 1968Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
05/12/1968
pub.
22/05/2009
numac
2009000346
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités. - Officieuze coördinatie in het Duits
sluiten, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. Bijlage Paritair Comité voor het vervoer en de logistiek Collectieve arbeidsovereenkomst van 25 juni 2020 Pensioenplan in de subsector voor verhuisondernemingen, meubelbewaring en hun aanverwante activiteiten (Overeenkomst geregistreerd op 30 juli 2020 onder het nummer 159776/CO/140) Artikel 1.Toepassingsgebied Deze collectieve arbeidsovereenkomst is toepasselijk : 1) op de werkgevers die ressorteren onder het Paritair Comité voor het vervoer en de logistiek en die behoren tot het Paritair Subcomité voor de verhuizing;2) op de werklieden en werksters die worden tewerkgesteld door de in 1) bedoelde werkgevers. Art. 2.De bijlage bij deze collectieve arbeidsovereenkomst vervangt bijlage 1 van de collectieve arbeidsovereenkomst van 10 november 2010 betreffende de invoering van een sectoraal pensioenstelsel in de subsector voor de verhuisondernemingen, meubelbewaring en hun aanverwante activiteiten, registratienummer 102472. Art. 3.Deze collectieve arbeidsovereenkomst neemt een aanvang op datum 25 juni 2020 en is van onbepaalde duur.
Zij kan worden opgezegd door elk van de contracterende partijen, met een opzeggingstermijn van drie maanden, betekend bij aangetekende brief aan de voorzitter van het paritair comité.
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 7 maart 2021.
De Minister van Werk, P.-Y. DERMAGNE
Bijlage bij de collectieve arbeidsovereenkomst van 25 juni 2020, gesloten in het Paritair Comité voor het vervoer en de logistiek, betreffende het pensioenplan in de subsector voor verhuisonderne-mingen, meubelbewaring en hun aanverwante activiteiten.
Sectoraal sociaal aanvullend pensioenstelsel in uitvoering van de Wet op de Aanvullende Pensioenen (WAP), titel II, hoofdstuk II, sectie II Sectie 1. Bijzondere voorwaarden van het reglement dat de pensioentoezegging uitvoert 1. Definities, doel en voorwerp van het reglement dat het sectorale pensioenstelsel uitvoert 1.1. Definities Sectorale collectieve arbeidsovereenkomst In onderstaande teksten wordt naar elk punt van de nummering verwezen met het woordje "artikel" of in het meervoud "artikelen".
In onderstaande tekst verwijst de "sectorale collectieve arbeidsovereenkomst" naar de collectieve arbeidsovereenkomsten betreffende het sociaal sectoraal pensioenstelsel, te beginnen met : - de collectieve arbeidsovereenkomst van 10 november 2010, geregistreerd onder nummer 102472/CO/140 die onderhavig sociaal sectoraal pensioenstelsel opricht; - en vervolgens iedere andere en toekomstig algemeen bindend verklaarde collectieve arbeidsovereenkomst gesloten in hetzelfde Paritair Comité voor het vervoer en de logistiek die betrekking hebben op onderhavig sociaal sectoraal pensioenstelsel.
Inrichter De inrichter is het "Sociaal Fonds voor de ondernemingen van verhuizingen, meubelbewaring en hun aanverwante activiteiten", dat opgericht werd bij koninklijk besluit van 24 juni 1971, verschenen in het Belgisch Staatsblad van 25 augustus 1971.
Pensioeninstelling Op de inwerkingstellingsdatum van deze pensioentoezegging heeft de inrichter als pensioeninstelling de naamloze vennootschap "Integrale", met maatschappelijke zetel te 4000 Luik, Place Saint-Jacques 11/101, toegelaten onder het codenummer 1530, ondernemingsnummer KBO 0221518504, aangeduid.
Uittreding - Regel van de 4 trimesters en onthaalstructuur In afwijking van artikel 1.1. van de algemene voorwaarden wordt niet als een uittreding beschouwd de beëindiging van de arbeidsovereenkomst, anders dan door overlijden of pensionering, wanneer de werknemer binnen een termijn van 4 opeenvolgende kwartalen volgend op de beëindiging van de arbeidsovereenkomst een nieuwe arbeidsovereenkomst sluit met een onderneming die onder het toepassingsgebied van onderhavig sectoraal pensioenstelsel valt.
De andere beschikkingen van artikel 1 van de algemene voorwaarden, met betrekking tot de uittreding, blijven van toepassing.
In afwijking van artikel 11, c. van de algemene voorwaarden, is de overdracht van de verworven reserve naar de onthaalstructuur niet van toepassing.
Onderneming Elke werkgever die ressorteert onder het Paritair Comité voor het vervoer en de logistiek en behorend tot de subsector voor de verhuisonderne-mingen, de meubelbewaring en hun aanverwante activiteiten voor zover deze werkgever niet vrijgesteld is van deelname aan de sectorale pensioentoezegging conform artikel 8, § 2 van de collectieve arbeidsovereenkomst van 10 november 2010. 1.2. Doel en voorwerp van de groepsverzekering Het doel van de pensioentoezegging is het garanderen, buiten de wettelijke verplichtingen inzake de pensioenen en ter verhoging ervan : - aan de aangeslotene zelf, van een kapitaal dat kan omgezet worden in een levenslange pensioenrente indien hij in leven is op de einddatum; - aan de begunstigden voorzien door onderhavig reglement, van een kapitaal dat kan omgezet worden in een levenslange overlevingsrente in geval van overlijden van de aangeslotene voor de einddatum.
De pensioentoezegging is van het type vaste bijdragen zonder rendementsverplichting van de inrichter, doch zonder afbreuk te doen van het minimaal rendement voorzien in de WAP. Aan onderhavig pensioenreglement zijn onafscheidelijk verbonden : - het solidariteitsreglement waarvan de bijzondere voorwaarden beschreven worden in sectie 2; en - het financieel reglement beschreven in sectie 3.
De stopzetting van het pensioenreglement, wat ook de reden is, heeft onmiddellijk als gevolg de stopzetting van het solidariteitsreglement en van het financieel reglement. 1.3. Ingangsdatum Vanaf 1 januari 2016 wordt het reglement van 19 december 2013 aangepast en wordt de groepsverzekering bepaald door onderhavig reglement.
De verworven rechten van de aangeslotenen die de sector verlieten voor de inwerkingtreding van het huidige reglement en/of hun rechthebbenden blijven bepaald door het voorgaande reglement. 2. Aansluiting Elke werknemer met een arbeidsovereenkomst van arbeider die op 1 januari 2016 tewerkgesteld is in de onderneming zoals gedefinieerd in artikel 1, of na 1 januari 2016 tewerkgesteld zal worden, wordt verplicht aangesloten bij de groepsverzekering. Worden evenwel niet aangesloten bij dit stelsel : - Studenten-arbeiders die conform het koninklijk besluit van 28 november 1969 tot uitvoering van de wet van 27 juni 1969 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders niet onderworpen zijn aan de gewone sociale bijdragen maar alleen aan de solidariteitsbijdragen; - Arbeiders tewerkgesteld met IBO-contracten, leerlingen en leercontracten; - Leerlingen - werknemersgetal "035" - en leerlingen aangegeven onder het werknemersgetal "015" vanaf 1 januari van het jaar waarin ze 19 jaar oud worden; - Deeltijds leerplichtigen - werknemerskengetal "027"; - Arbeiders die, hoewel gepensioneerd, een beroepsactiviteit blijven uitoefenen.
Elke werknemer in dienst en die aan de aansluitingsvoorwaarden voldeed bij de aanvangsdatum van onderhavig reglement, blijft aangesloten.
Onder "arbeiders" wordt bedoeld : de arbeiders en arbeidsters. 3. Uitkeringen De prestaties "leven" en "overlijden" worden voor elke aangeslotene gefinancierd door een pensioenbijdrage die ten laste is van de onderneming. Zij spijst een individueel contract onderschreven bij de pensioeninstelling ten voordele van de aangeslotene. 4. Pensioenbijdragen 4.1. Pensioenbijdragen De bijdragen worden geïnd via de RSZ die ze overmaakt aan de inrichter. De bijdragen worden vervolgens door de inrichter aan de pensioeninstelling overgemaakt voor het beheer en de financiering van de pensioenprestaties.
Deze pensioenbijdrage is gelijk aan een percentage van het referentieloon zoals gedefinieerd in het financieel reglement (sectie 3). Dit percentage wordt vastgesteld in de sectorale collectieve arbeidsovereenkomsten en wordt ook bepaald in het financieel reglement (sectie 3) opgenomen als bijlage van de collectieve arbeidsovereenkomst van 25 juni 2020. 4.2. Gemeenschappelijke beschikkingen De taksen en eventuele sociale bijdragen zijn ten laste van de onderneming en komen bovenop de hierboven vermelde bijdragen. 5. Einddatum De einddatum wordt vastgesteld op de eerste dag van de maand die volgt op de 65ste verjaardag van de aangeslotene. 5.1. Verdaging van de einddatum Indien de aangeslotene het wettelijk pensioen later opneemt en in dienst blijft na de einddatum, blijft de pensioentoezegging van toepassing en wordt de einddatum die gebruikt wordt voor het pensioenverzekeringscontract telkens met vijf jaar verlengd. In dit geval kan de aangeslotene de betaling van het kapitaal bekomen bij in leven zijn op de effectieve einddatum van zijn contract. 5.2. Vervroegde uitkering De artikelen 8.2. en 8.3. van de algemene voorwaarden zijn niet van toepassing : zolang de aangeslotene in dienst is van een onderneming zoals bedoeld in artikel 1 van dit reglement, kan hij zijn contract niet afkopen. 6. Verzekeringstechniek De verzekeringstechniek die gebruikt wordt om de uitkeringen in geval van leven op einddatum te financieren, is van het type "Uitgesteld Kapitaal Met terugbetaling van de Reserve bij overlijden voor de einddatum" (UKMR), met opeenvolgende koopsommen. 7. Diverse bepalingen 7.1. Informatieplicht De tekst van het reglement van de groepsverzekering is beschikbaar op de website van de pensioeninstelling (www.integrale.be) rubriek "Sectoren/PC140". 7.2. Verworven rechten van de aangeslotene op de reserves In afwijking van artikel 10 van de algemene voorwaarden en met betrekking tot de periode voorafgaand aan 1 januari 2019, moeten de werknemers gedurende minstens vier opeenvolgende kwartalen, te rekenen vanaf de eerste dag van het kwartaal tijdens hetwelke zij worden aangesloten, voldaan hebben aan de aansluitingsvoorwaarden zoals bepaald in artikel 2 alvorens zij aanspraak kunnen maken op verworven reserves en prestaties zoals bedoeld in artikel 17 van de WAP. Vanaf 1 januari 2019 zijn de bepalingen van de algemene voorwaarden van toepassing.
Indien het bedrag van de opgebouwde reserves kleiner zou zijn dan het bedrag van de verworven reserves dat voortvloeit uit de toepassing van de WAP, moet de inrichter de ontbrekende reserves bijstorten zoals voorzien in de voorwaarden beschreven in artikel 24, § 2 van de WAP. Indien de inrichter geen gevolg geeft aan deze verplichting, zal de aangeslotene zich tegen deze laatste kunnen keren. De pensioeninstelling kan in geen geval verplicht worden om dit tekort aan te zuiveren in de plaats van de inrichter.
In afwijking van alinea 2 van artikel 11, e. van de algemene voorwaarden, blijft het bedrag van de verworven reserves op de datum van uittreding bij de pensioeninstelling, zonder wijziging van de pensioentoezegging, wanneer dit bedrag lager is dan of gelijk aan 150 EUR. Dit bedrag van 150 EUR wordt geïndexeerd volgens de bepalingen van de
wet van 2 augustus 1971Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
02/08/1971
pub.
20/02/2009
numac
2009000070
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet houdende inrichting van een stelsel waarbij de wedden, lonen, pensioenen, toelagen en tegemoetkomingen ten laste van de openbare schatkist, sommige sociale uitkeringen, de bezoldigingsgrenzen waarmee rekening dient gehouden bij de berekening van sommige bijdragen van de sociale zekerheid der arbeiders, alsmede de verplichtingen op sociaal gebied opgelegd aan de zelfstandigen, aan het indexcijfer van de consumptieprijzen worden gekoppeld. - Officieuze coördinatie in het Duits
sluiten houdende inrichting van een stelsel waarbij de wedden, lonen, pensioenen, toelagen en tegemoetkomingen ten laste van de openbare schatkist, sommige sociale uitkeringen, de bezoldigingsgrenzen waarmee rekening dient te worden gehouden bij de berekening van sommige bijdragen van de sociale zekerheid van de arbeiders, alsmede de verplichtingen op sociaal gebied opgelegd aan de zelfstandigen, verbonden zijn aan de index der consumptieprijzen.
In dat geval is de pensioeninstelling vrijgesteld van zijn informatieplicht ten aanzien van de aangeslotene. 8. Algemene voorwaarden De algemene voorwaarden van het reglement dat het sectorale pensioenstelsel uitvoert versie - Sectoren_2020.1 - zijn van toepassing.
De bijzondere voorwaarden van het pensioenreglement hebben voorrang op de algemene voorwaarden in de mate dat ze ervan afwijken.
Sectie 2. Bijzondere voorwaarden van het reglement dat de solidariteitstoezegging uitvoert 1. Definities, doel en voorwerp van het reglement dat de solidariteitstoezegging uitvoert 1.1. Definities Solidariteitsorganisme Op de inwerkingstellingsdatum van deze solidariteitstoezegging, heeft de inrichter als solidariteitsinstelling de naamloze vennootschap "Integrale", met maatschappelijke zetel te 4000 Luik, Place Saint-Jacques 11/101, toegelaten onder het codenummer 1530, KBO-nummer 0221518504, aangeduid.
Solidariteitstoezegging De solidariteitstoezegging dient beschouwd te worden als een aanvulling op de pensioentoezegging behalve met betrekking tot de arbeiders (M/V) die tewerkgesteld zijn bij ondernemingen die vrijgesteld zijn van de pensioentoezegging conform artikel 8, § 2 van de collectieve arbeidsovereenkomst van 10 november 2010 en volgende, en die derhalve alleen bij de solidariteitstoezegging zijn aangesloten.
Onderhavig reglement is onlosmakelijk verbonden met het pensioenreglement (sectie 1) en het financieel reglement (sectie 3).
De opheffing van het pensioenreglement heeft automatisch de opheffing van onderstaand solidariteitsreglement als gevolg. 1.2. Doel en voorwerp van de solidariteitstoezegging Het doel van de solidariteitstoezegging is het garanderen, buiten de wettelijke verplichtingen inzake de pensioenen en ter verhoging ervan, van een solidariteitsprestatie ten voordele van de aangeslotene die aan de toekenningsvoorwaarden voldoet volgens de voorwaarden beschreven in artikel 3 van onderhavig solidariteitsreglement. 1.3. Ingangsdatum Onderhavig solidariteitsreglement vangt op hetzelfde moment aan als het pensioenreglement. 2. Aansluiting De personeelsleden van de onderneming die aangesloten zijn volgens de voorwaarden van het pensioenreglement, zijn automatisch aangesloten aan onderhavig solidariteitsreglement. De aansluiting is eveneens verplicht voor de arbeiders die tewerkgesteld zijn bij een onderneming die conform artikel 8, § 2 van de collectieve arbeidsovereenkomst van 10 november 2010 vrijgesteld is van deelname aan de pensioentoezegging. 3. Solidariteitsuitkeringen In uitvoering van artikel 43, § 1 van de WAP, dat in werking gesteld werd door het solidariteitsbesluit, heeft onderhavig solidariteitsreglement tot doel om volgende solidariteitsprestaties toe te kennen : - In geval van overlijden vanaf de inwerkingtreding van het solidariteitsreglement van een aangeslotene bij het sectorale pensioenreglement tijdens de beroepsloopbaan, en behalve wettelijk voorziene uitsluitingen, een aanvullende uitkering in rente voor zover de werknemer op het ogenblik van het overlijden nog steeds in dienst is van een onderneming zoals gedefinieerd in sectie 1 van het pensioenreglement.Deze rente is gelijk aan het bedrag dat bekomen wordt door de omzetting van een kapitaal van 1 239 EUR of 2 478 EUR ingeval het overlijden te wijten is aan een ongeval, volgens de modaliteiten bepaald in artikel 28 van de WAP. Indien de aldus bekomen rente echter lager is dan 500 EUR, geïndexeerd conform de modaliteiten beschreven in artikel 28, § 2 van de WAP, wordt in plaats van de rente het kapitaal van 1 239 EUR of 2 478 EUR eenmalig uitbetaald; - Voor een aangesloten werknemer van de solidariteitsregeling die eveneens aangesloten is bij het sectorale pensioenstelsel, de voortzetting van de werkgeversbijdragen voorzien in het reglement voor onderhavig pensioenstelsel op basis van een fictief dagloon berekend uitgaande van het bruto-uurloon van de functiecategorie "drager-beginneling" tijdens periodes van tijdelijke werkloosheid of tijdens vergoede periodes van tijdelijke arbeidsongeschiktheid ten gevolge van arbeidsongeval of beroepsziekte, beginnend vanaf de inwerkingtreding van het solidariteitsreglement; - Voor een werknemer onderworpen aan het reglement van de solidariteitsregeling die niet aangesloten is bij het sectorale pensioenstelsel, het spijzen van een levensverzekeringscontract afgesloten door de inrichter bij de pensioeninstelling, met bijdragen berekend op basis van een fictief dagloon berekend uitgaande van het bruto-uurloon van de functiecategorie "drager-beginneling" tijdens periodes van tijdelijke werkloosheid of tijdens vergoede periodes van tijdelijke arbeidsongeschiktheid ten gevolge van arbeidsongeval of beroepsziekte, beginnend vanaf de inwerkingtreding van het solidariteitsreglement, en bijdragevoeten zoals voorzien in de pensioentoezegging; - Indien de werknemer vervolgens toetreedt tot een onderneming zoals bepaald in sectie 1 van het reglement, worden de pensioenbijdragen op hetzelfde contract gestort. 4. Financiering 4.1. Bijdragen De solidariteitsprestaties worden voor elke aangeslotene gefinancierd door een bijdrage ten laste van de onderneming. Deze bijdrage wordt gedefinieerd in het financieel reglement (sectie 3) geannexeerd aan de collectieve arbeidsovereenkomst van 25 juni 2020.
De bijdragen worden geïnd via de RSZ die ze overmaakt aan de inrichter. De bijdragen worden vervolgens door de inrichter aan de solidariteitsinstelling overgemaakt voor het beheer en de financiering van de solidariteitsprestaties.
De solidariteitsbijdragen met betrekking tot de solidariteitstoezegging zijn betaalbaar op hetzelfde moment en op dezelfde wijze als de pensioenbijdragen.
De solidariteitsbijdragen met betrekking tot de solidariteitstoezegging spijzen het solidariteitsfonds van de inrichter. De werking van dit solidariteitsfonds is beschreven in artikel 6 van onderhavig solidariteitsreglement.
De solidariteitsinstelling die deze bijdragen ontvangt, onderschrijft een middelenverbintenis. De solidariteitstoezegging wordt gefinancierd rekening houdend met de verplichtingen voorzien in het financieel besluit.
De solidariteitsinstelling zal tenslotte, op basis van de gegevens ontvangen via de Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid (KSZ), de stortingen op de individuele contracten van de werknemers plaatsen. De solidariteitsinstelling kan niet verantwoordelijk gesteld worden voor foutieve of onjuiste informatie. 4.2. Behoud van de verbintenis In geval van tekort, zoals omschreven in artikel 6 van het financieel besluit, legt de solidariteitsinstelling binnen de drie maanden een herstelplan voor aan de FSMA. In geval van mislukking van dit plan, zal de inrichter beslissen om hetzij de solidariteitsprestaties aan te passen, hetzij de solidariteitsbijdragen te verhogen, of een combinatie van beiden, hetzij de liquidatie van het solidariteitsfonds.
In dit laatste geval zijn de modaliteiten zoals beschreven in artikel 20 van de algemene voorwaarden van toepassing. 5. Einddatum De einddatum van onderhavig solidariteitsreglement wordt vastgesteld op de eerste dag van de maand die volgt op de 65ste verjaardag van de aangeslotene. In geval van verdaging van de einddatum of in geval van vervroegde uitkering zijn de modaliteiten beschreven in artikel 5.1. en 5.2. van de bijzondere voorwaarden eveneens van toepassing voor dit solidariteitsreglement. 6. Solidariteitsfonds Het solidariteitsfonds waaruit de solidariteitsprestaties geput worden, is een stelsel van collectieve reserve dat beheerd wordt overeenkomstig de in dit reglement gedefinieerde doelstellingen en bepalingen, alsook in het financiële reglement (sectie 3). Het solidariteitsfonds behoort toe aan het geheel van de aangeslotenen.
Indien een werkgever of werknemer om één of andere reden ophoudt deel uit te maken van het toepassingsgebied van dit solidariteitsreglement, kan hij op geen enkele wijze aanspraak maken op de tegoeden van het solidariteitsfonds.
Het solidariteitsfonds en de solidariteitsprestaties worden beheerd in overeenstemming met de bepalingen van de ter zake geldende wetgeving (solidariteitsbesluit en financieringsbesluit). Daartoe zal de solidariteitsinstelling de rekeningen van het solidariteitsfonds afzonderlijk van de andere activiteiten beheren.
De inkomsten van de rekeningen van het solidariteitsfonds kunnen bestaan uit : - de solidariteitsbijdragen, gestort in uitvoering van dit solidariteitsreglement; - eventuele andere sommen gestort door de inrichter of op vraag van deze laatste, door de ondernemingen; - de financiële opbrengsten van het solidariteitsfonds.
De uitgaven van de rekeningen van het solidariteitsfonds kunnen bestaan uit : - de uitkering van de in dit reglement bepaalde solidariteitsprestaties; - de kosten voor het beheer van de solidariteitstoezegging; - de voorzieningen voor lopende prestaties, voor risico-schommelingen en de veroudering.
De solidariteitsinstelling stelt op het einde van ieder boekjaar een resultatenrekening op, evenals een balans met activa en passiva van het solidariteitsfonds en zendt deze stukken binnen de maand na goedkeuring aan de FSMA. In geval van stopzetting van de solidariteitstoezegging, kunnen de overblijvende tegoeden van het solidariteitsfonds na aftrek van de voorzieningen voor lopende solidariteitsprestaties en voor te voorziene kosten gelinkt aan de opheffing van het solidariteitsfonds, nooit gestort worden aan de inrichter of aan de ondernemingen.
Zij worden als uitzonderlijk bijdrage aangewend op de pensioencontracten ten voordele van de aangeslotenen die op het moment van de stopzetting van het sectoraal aanvullend pensioenstelsel nog steeds beantwoorden aan de aansluitingsvoorwaarden.
Deze uitzonderlijke bijdrage zal voor elke aangeslotene proportioneel berekend worden naar rata van de uitsluitend verworven reserves in dit sectoraal pensioenplan, eventueel aangevuld met bedragen ten belope van de minimale garantie in toepassing van artikel 24, § 2 van de WAP, waarop hij recht heeft volgens het pensioenreglement.
In het geval dat er geen overschot is, maar dat de resterende tegoeden voldoende zijn voor de betaling van de solidariteitsprestaties van het huidige reglement, zullen deze uitgevoerd worden, zelfs indien er niet meer voldoende tegoeden overblijven om de toekomstige kosten te dekken.
Indien de overblijvende tegoeden niet voldoende zijn om de prestaties van dit reglement uit te voeren, worden deze laatste pro rata beperkt.
In de twee laatste gevallen zal de inrichter de overblijvende kost of de totale kost gelinkt aan de opheffing van dit solidariteitsfonds, ten laste nemen. 7. Diverse bepalingen 7.1. Gegevens die moeten meegedeeld worden door de inrichter De inrichter van het sectoraal pensioenplan deelt aan de solidariteitsinstelling de gegevens mee die nodig zijn voor het beheer van de solidariteitstoezegging volgens de modaliteiten voorzien in het financieel reglement (sectie 3). 7.2. Informatieplicht De tekst van het solidariteitsreglement is beschikbaar op de website van het solidariteitsorganisme (www.integrale.be), rubriek "Sectoren/PC140". 7.3. Verworven rechten van de aangeslotene op de reserves De solidariteitstoezegging gaat op geen enkel moment verworven rechten creëren, noch verworven reserves of verworven prestaties. 8. Algemene voorwaarden De algemene voorwaarden van het reglement dat het sectoraal pensioenstelsel van het Paritair Comité voor het vervoer en de logistiek uitvoert - versie Sectoren 2020.1 - zijn van toepassing.
De bijzondere voorwaarden van het solidariteitsreglement hebben voorrang op de algemene voorwaarden in de mate dat ze ervan afwijken.
Sectie 3. Financieel reglement en technische aspecten met betrekking tot het sociaal sectoraal plan van het Paritair Comité voor het vervoer en de logistiek 1. Doel Onderhavig financieel reglement bepaalt de regels en voorwaarden van financiering van het sociaal sectoraal plan (luiken pensioen en solidariteit) van het Paritair Comité voor het vervoer en de logistiek vanaf 1 januari 2016, in uitvoering van de collectieve arbeidsovereenkomst van 25 juni 2020. Onderhavig financieel reglement is onlosmakelijk verbonden met het pensioenreglement en het solidariteitsreglement opgenomen als bijlagen van de collectieve arbeidsovereenkomst van 25 juni 2020. De ontbinding van het pensioenreglement heeft automatisch als gevolg de ontbinding van deze andere reglementen. 2. Ingangsdatum Onderhavig financieel reglement neemt op hetzelfde moment aanvang als het pensioenreglement opgenomen als bijlage van de collectieve arbeidsovereenkomst van 25 juni 2020. 3. Bijdragen 3.1. Inning en doorstorten van de bijdragen aan de pensioen- en solidariteitsinstelling De inrichter krijgt op regelmatige basis de overeengekomen bijdragen via de RSZ, conform de bepalingen van de verschillende collectieve arbeidsovereenkomsten met betrekking tot het sociaal sectoraal plan.
Het totaal van deze bijdragen, verminderd met de beheerskosten voor de inrichter gelijk aan 4,5 pct., wordt op het einde van elk burgerlijk kwartaal doorgestort aan de pensioen- en solidariteitsinstelling.
Deze gelden worden als voorschot in de financieringsfondsen van de inrichter, beheerd door de pensioeninstelling, gestort. 3.2 Toekenning van de bijdragen op de contracten - Pensioenopbouw De pensioeninstelling stort het pensioenvoorschot in het overeenkomstig financieringsfonds pensioen na afhouding van haar eigen beheerskosten van 0,5 pct., berekend op de door de inrichter geïnde bijdragen voor de aftrek van zijn eigen beheerskosten van 4,5 pct..
Elke 7de maand na het verlopen van een kwartaal, gaat de pensioeninstelling de respectievelijke bijdragen conform de gegevens van de KSZ uit het financieringsfonds putten voor het betreffende kwartaal, op basis van de gegevensstroom ontvangen via de Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid (KSZ). Deze premies worden op de individuele contracten van de aangeslotenen gezet.
Praktisch voorbeeld : - Per 1 oktober 2016 worden de premies voor het 1ste kwartaal 2016 uit het financieringsfonds geput en op de contracten gezet; - Per 1 januari 2017 worden de premies voor het 2de kwartaal 2016 uit het financieringsfonds geput en op de contracten gezet; - Per 1 april 2017 worden de premies voor het 3de kwartaal 2016 uit het financieringsfonds geput en op de contracten gezet; - Per 1 juli 2017 worden de premies voor het 4de kwartaal 2016 uit het financieringsfonds geput en op de contracten gezet; - enz.
Eens de bijdragen op de contracten toegekend zijn, kunnen deze niet meer gewijzigd worden. Eventuele regularisaties die betrekking hebben op wijzigingen voor periodes die reeds op contract gezet zijn, zullen in min of in meer opgenomen worden in de eerstvolgende gegevensstroom van de KSZ. Er wordt geen rekening meer gehouden met regularisaties in min voor uitgetreden aangeslotenen die al geïnformeerd zijn over hun verworven rechten of voor overleden of gepensioneerde aangeslotenen voor wie de uitkering al gebeurde. 3.3 Toekenning bijdragen op de contracten - Solidariteitsluik De solidariteitsinstelling stort het solidariteitsvoorschot in het overeenkomstige financieringsfonds na afhouding van haar eigen beheerskosten van 0,5 pct. berekend op de door de inrichter geïnde bijdragen voor de aftrek van haar eigen beheerskosten van 4,5 pct..
Jaarlijks worden op 31 juli van het lopende jaar de bijdragen berekend op basis van de via de KSZ ontvangen gegevens en met betrekking op het voorgaande burgerlijk jaar geput uit het financieringsfonds. Deze dienen om de solidariteitsprestaties te verzekeren, zoals beschreven in het solidariteitsreglement (sectie 2) en dit voor het voorbije jaar.
Deze bedragen vormen pensioenbijdragen die aangewend worden voor de aangeslotenen van het sociaal sectoraal pensioenstelsel, op de pensioencontracten van dit stelsel. 3.4. Overzicht van de bijdragen 1ste kwartaal 2016 : Bijdrage voor de pensioentoezegging : 0,60 pct. * S Bijdrage voor de solidariteitstoezegging : 0,026 pct. * S 2de kwartaal 2016 : Bijdrage voor de pensioentoezegging : 1,10 pct. * S Bijdrage voor de solidariteitstoezegging : 0,048 pct. * S Vanaf 1 juli 2016 : Bijdrage voor de pensioentoezegging : 0,85 pct. * S Bijdrage voor de solidariteitstoezegging : 0,037 pct. * S S is het referentieloon, zoals beschreven in artikel 3.5. hierna. 3.5. Referentieloon Het bruto loon onderworpen aan de RSZ-afhoudingen zoals opgenomen in de multifunctionele aangifte (DmfA) en berekend aan 108 pct. 4. Diverse bepalingen 4.1. Ontbrekende gegevens bij pensionering of overlijden Om de berekening en de uitkering van de verschuldigde prestaties te bespoedigen zal de pensioeninstelling de loongegevens die op het ogenblik van de opname van het pensioenkapitaal of van het overlijden van de aangeslotenen ontbreken, bepalen op basis van de volgende regel : - loonbedrag betreffende de ontbrekende periode = (n/365) x het meest recente volledige jaarloon voortvloeiend uit de gegevensstroom van de Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid waarbij - n = het aantal dagen tussen het einde van de laatste periode waarvoor loongegevens werden meegedeeld en de datum van het overlijden of de opname van het pensioenkapitaal.
De bijdrage die op de individuele rekening moet worden gestort, wordt berekend conform artikel 3 van het onderhavige reglement. 4.2. Informatie De tekst van het financiële reglement is beschikbaar op de website van de pensioen- en solidariteitsorganisme (www.integrale.be), rubriek "Sectoren/PC140". 5. Algemene voorwaarden De algemene voorwaarden van het reglement dat het sectoraal pensioenstelsel van PC 140.05 uitvoert - versie Sectoren 2020.1 - zijn van toepassing.
De bijzondere voorwaarden van het financieel reglement hebben voorrang op de algemene voorwaarden in de mate dat ze ervan afwijken.
Algemene voorwaarden van het reglement dat het sectoraal pensioenstelsel van het Paritair Comité voor het vervoer en de logistiek uitvoert Versie sectoren 2020.1 1. Definities Einddatum De pensioenleeftijd zoals vermeld in de bijzondere voorwaarden van het reglement. Voor pensioentoezeggingen ingevoerd vanaf 1 januari 2016 kan deze eindleeftijd niet lager zijn dan de wettelijke pensioenleeftijd in voege op het moment van de invoering. Voor de bestaande pensioentoezeggingen op 1 januari 2016 kan de eindleeftijd voor de personen die in dienst treden vanaf 1 januari 2019 niet lager zijn dan de wettelijke pensioenleeftijd die in voege is op het moment van hun indiensttreding.
Wettelijke pensioenleeftijd De pensioenleeftijd zoals bepaald in artikel 3, § 1, 27° van de WAP, te weten de pensioenleeftijd volgens artikel 2, § 1 van het koninklijk besluit van 23 december 1996 tot uitvoering van de artikelen 15, 16 en 17 van de wet van 26 juli 1996 tot modernisering van de sociale zekerheid en tot vrijwaring van de leefbaarheid van de wettelijke pensioenen. Deze leeftijd is momenteel vastgesteld op 65 jaar voor de pensioenen die effectief en voor de eerste keer aanvangen ten laatste op 1 januari 2025, 66 jaar voor de pensioenen die effectief en voor de eerste keer aanvangen niet eerder dan 1 februari 2025 en niet later dan 1 januari 2030, 67 jaar voor de pensioenen die effectief en voor de eerste keer aanvangen ten vroegste op 1 februari 2030.
Aangeslotene De persoon behorend tot de categorie die in het sectoraal reglement omschreven is, die bij het sectorpensioen aansluit, en op wiens hoofd het risico op het optreden van het verzekerde voorval rust.
Op 1 januari 2019 gebeurt de aansluiting bij een pensioenstelsel onmiddellijk voor alle werknemers die onder het stelsel vallen, niettegenstaande iedere tegenovergestelde bijzondere voorwaarde.
De werknemer die, hoewel gepensioneerd, een beroepsactiviteit uitoefent en beantwoordt aan de categorie bepaald in het sectoraal reglement, wordt niet aangesloten.
Slapende aangeslotene of slaper De aangeslotene die uitgetreden is in toepassing van artikel 11 van deze algemene voorwaarden.
Groepsverzekering De collectieve verzekering die het sectorale pensioenstelsel, ingevoerd door de sectorale collectieve arbeidsovereenkomst, uitvoert.
Koninklijk besluit van 14 november 2003Relevante gevonden documenten
type
koninklijk besluit
prom.
14/11/2003
pub.
14/11/2003
numac
2003023009
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Koninklijk besluit betreffende de toekenning van buitenwettelijke voordelen aan de werknemers bedoeld bij koninklijk besluit nr. 50 van 24 oktober 1967 betreffende het rust- en overlevingspensioen voor werknemers en aan de personen bedoeld in artikel 32, eerste lid, 1° en 2° van het Wetboek van Inkomstenbelastingen 1992, tewerkgesteld buiten een arbeidsovereenkomst
type
koninklijk besluit
prom.
14/11/2003
pub.
14/11/2003
numac
2003023010
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Koninklijk besluit tot vaststelling van de erkenningsvoorwaarden van de verzekeringsondernemingen en -instellingen met het oog op het uitoefenen van de verzekeringsverrichtingen bedoeld in het koninklijk besluit van 14 november 2003 betreffende de toekenning van buitenwettelijke voordelen aan de werknemers bedoeld bij het koninklijk besluit nr. 50 van 24 oktober 1967 betreffende het rust- en overlevingspensioen voor werknemers en aan de personen bedoeld in artikel 32, eerste lid, 1° en 2° van het Wetboek van de Inkomstenbelastingen 1992, tewerkgesteld buiten een arbeidsovereenkomst
type
koninklijk besluit
prom.
14/11/2003
pub.
14/11/2003
numac
2003023007
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Koninklijk besluit tot vaststelling van de solidariteitsprestaties verbonden met de sociale aanvullende pensioenstelsels
type
koninklijk besluit
prom.
14/11/2003
pub.
14/11/2003
numac
2003023008
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Koninklijk besluit tot vaststelling van de regels inzake de financiering en het beheer van de solidariteitstoezegging
type
koninklijk besluit
prom.
14/11/2003
pub.
14/11/2003
numac
2003023014
bron
federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie
Koninklijk besluit betreffende de levensverzekeringsactiviteit
type
koninklijk besluit
prom.
14/11/2003
pub.
14/11/2003
numac
2003023006
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Koninklijk besluit tot uitvoering van de wet van 28 april 2003 betreffende de aanvullende pensioenen en het belastingstelsel van die pensioenen en van sommige aanvullende voordelen inzake sociale zekerheid
type
koninklijk besluit
prom.
14/11/2003
pub.
18/12/2003
numac
2003201595
bron
federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg
Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 27 mei 1999, gesloten in het Paritair Comité voor het bouwbedrijf, betreffende de duurzame beroepsintegratie, herintegratie en opleiding van risicogroepen
sluiten betreffende de toekenning van de buitenwettelijke voordelen aan werknemers en aan bedrijfsleiders
Koninklijk besluit van 14 november 2003Relevante gevonden documenten
type
koninklijk besluit
prom.
14/11/2003
pub.
14/11/2003
numac
2003023009
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Koninklijk besluit betreffende de toekenning van buitenwettelijke voordelen aan de werknemers bedoeld bij koninklijk besluit nr. 50 van 24 oktober 1967 betreffende het rust- en overlevingspensioen voor werknemers en aan de personen bedoeld in artikel 32, eerste lid, 1° en 2° van het Wetboek van Inkomstenbelastingen 1992, tewerkgesteld buiten een arbeidsovereenkomst
type
koninklijk besluit
prom.
14/11/2003
pub.
14/11/2003
numac
2003023010
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Koninklijk besluit tot vaststelling van de erkenningsvoorwaarden van de verzekeringsondernemingen en -instellingen met het oog op het uitoefenen van de verzekeringsverrichtingen bedoeld in het koninklijk besluit van 14 november 2003 betreffende de toekenning van buitenwettelijke voordelen aan de werknemers bedoeld bij het koninklijk besluit nr. 50 van 24 oktober 1967 betreffende het rust- en overlevingspensioen voor werknemers en aan de personen bedoeld in artikel 32, eerste lid, 1° en 2° van het Wetboek van de Inkomstenbelastingen 1992, tewerkgesteld buiten een arbeidsovereenkomst
type
koninklijk besluit
prom.
14/11/2003
pub.
14/11/2003
numac
2003023007
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Koninklijk besluit tot vaststelling van de solidariteitsprestaties verbonden met de sociale aanvullende pensioenstelsels
type
koninklijk besluit
prom.
14/11/2003
pub.
14/11/2003
numac
2003023008
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Koninklijk besluit tot vaststelling van de regels inzake de financiering en het beheer van de solidariteitstoezegging
type
koninklijk besluit
prom.
14/11/2003
pub.
14/11/2003
numac
2003023014
bron
federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie
Koninklijk besluit betreffende de levensverzekeringsactiviteit
type
koninklijk besluit
prom.
14/11/2003
pub.
14/11/2003
numac
2003023006
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Koninklijk besluit tot uitvoering van de wet van 28 april 2003 betreffende de aanvullende pensioenen en het belastingstelsel van die pensioenen en van sommige aanvullende voordelen inzake sociale zekerheid
type
koninklijk besluit
prom.
14/11/2003
pub.
18/12/2003
numac
2003201595
bron
federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg
Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 27 mei 1999, gesloten in het Paritair Comité voor het bouwbedrijf, betreffende de duurzame beroepsintegratie, herintegratie en opleiding van risicogroepen
sluiten betreffende de toekenning van de buitenwettelijke voordelen aan de loontrekkende werknemers bedoeld bij koninklijk besluit nr. 50 van 24 oktober 1967 betreffende het rust- en overlevingspensioen voor loontrekkende werknemers en aan de personen bedoeld in artikel 32, eerste lid, 1° en 2° van het Wetboek van de Inkomstenbelastingen 1992, tewerkgesteld buiten een arbeidsovereenkomst.
Solidariteitsbesluit
Koninklijk besluit van 14 november 2003Relevante gevonden documenten
type
koninklijk besluit
prom.
14/11/2003
pub.
14/11/2003
numac
2003023009
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Koninklijk besluit betreffende de toekenning van buitenwettelijke voordelen aan de werknemers bedoeld bij koninklijk besluit nr. 50 van 24 oktober 1967 betreffende het rust- en overlevingspensioen voor werknemers en aan de personen bedoeld in artikel 32, eerste lid, 1° en 2° van het Wetboek van Inkomstenbelastingen 1992, tewerkgesteld buiten een arbeidsovereenkomst
type
koninklijk besluit
prom.
14/11/2003
pub.
14/11/2003
numac
2003023010
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Koninklijk besluit tot vaststelling van de erkenningsvoorwaarden van de verzekeringsondernemingen en -instellingen met het oog op het uitoefenen van de verzekeringsverrichtingen bedoeld in het koninklijk besluit van 14 november 2003 betreffende de toekenning van buitenwettelijke voordelen aan de werknemers bedoeld bij het koninklijk besluit nr. 50 van 24 oktober 1967 betreffende het rust- en overlevingspensioen voor werknemers en aan de personen bedoeld in artikel 32, eerste lid, 1° en 2° van het Wetboek van de Inkomstenbelastingen 1992, tewerkgesteld buiten een arbeidsovereenkomst
type
koninklijk besluit
prom.
14/11/2003
pub.
14/11/2003
numac
2003023007
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Koninklijk besluit tot vaststelling van de solidariteitsprestaties verbonden met de sociale aanvullende pensioenstelsels
type
koninklijk besluit
prom.
14/11/2003
pub.
14/11/2003
numac
2003023008
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Koninklijk besluit tot vaststelling van de regels inzake de financiering en het beheer van de solidariteitstoezegging
type
koninklijk besluit
prom.
14/11/2003
pub.
14/11/2003
numac
2003023014
bron
federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie
Koninklijk besluit betreffende de levensverzekeringsactiviteit
type
koninklijk besluit
prom.
14/11/2003
pub.
14/11/2003
numac
2003023006
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Koninklijk besluit tot uitvoering van de wet van 28 april 2003 betreffende de aanvullende pensioenen en het belastingstelsel van die pensioenen en van sommige aanvullende voordelen inzake sociale zekerheid
type
koninklijk besluit
prom.
14/11/2003
pub.
18/12/2003
numac
2003201595
bron
federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg
Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 27 mei 1999, gesloten in het Paritair Comité voor het bouwbedrijf, betreffende de duurzame beroepsintegratie, herintegratie en opleiding van risicogroepen
sluiten tot vaststelling van de solidariteitsprestaties verbonden met de sociale aanvullende pensioenstelsels.
Financieringsbesluit
Koninklijk besluit van 14 november 2003Relevante gevonden documenten
type
koninklijk besluit
prom.
14/11/2003
pub.
14/11/2003
numac
2003023009
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Koninklijk besluit betreffende de toekenning van buitenwettelijke voordelen aan de werknemers bedoeld bij koninklijk besluit nr. 50 van 24 oktober 1967 betreffende het rust- en overlevingspensioen voor werknemers en aan de personen bedoeld in artikel 32, eerste lid, 1° en 2° van het Wetboek van Inkomstenbelastingen 1992, tewerkgesteld buiten een arbeidsovereenkomst
type
koninklijk besluit
prom.
14/11/2003
pub.
14/11/2003
numac
2003023010
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Koninklijk besluit tot vaststelling van de erkenningsvoorwaarden van de verzekeringsondernemingen en -instellingen met het oog op het uitoefenen van de verzekeringsverrichtingen bedoeld in het koninklijk besluit van 14 november 2003 betreffende de toekenning van buitenwettelijke voordelen aan de werknemers bedoeld bij het koninklijk besluit nr. 50 van 24 oktober 1967 betreffende het rust- en overlevingspensioen voor werknemers en aan de personen bedoeld in artikel 32, eerste lid, 1° en 2° van het Wetboek van de Inkomstenbelastingen 1992, tewerkgesteld buiten een arbeidsovereenkomst
type
koninklijk besluit
prom.
14/11/2003
pub.
14/11/2003
numac
2003023007
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Koninklijk besluit tot vaststelling van de solidariteitsprestaties verbonden met de sociale aanvullende pensioenstelsels
type
koninklijk besluit
prom.
14/11/2003
pub.
14/11/2003
numac
2003023008
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Koninklijk besluit tot vaststelling van de regels inzake de financiering en het beheer van de solidariteitstoezegging
type
koninklijk besluit
prom.
14/11/2003
pub.
14/11/2003
numac
2003023014
bron
federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie
Koninklijk besluit betreffende de levensverzekeringsactiviteit
type
koninklijk besluit
prom.
14/11/2003
pub.
14/11/2003
numac
2003023006
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Koninklijk besluit tot uitvoering van de wet van 28 april 2003 betreffende de aanvullende pensioenen en het belastingstelsel van die pensioenen en van sommige aanvullende voordelen inzake sociale zekerheid
type
koninklijk besluit
prom.
14/11/2003
pub.
18/12/2003
numac
2003201595
bron
federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg
Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 27 mei 1999, gesloten in het Paritair Comité voor het bouwbedrijf, betreffende de duurzame beroepsintegratie, herintegratie en opleiding van risicogroepen
sluiten tot vaststelling van de regels inzake de financiering en het beheer van de solidariteitstoezegging.
Toezichthouders Iedere publieke instelling die belast is met het toezicht op de Belgische financiële sector (inclusief deze van de verzekeringen).
Begunstigde De persoon in wiens voordeel de verzekeringsprestatie is bedongen.
Beheersovereenkomst Het contract gesloten tussen de inrichter en Integrale waardoor het financiële en administratieve beheer en de dekking van de risico's van het sectorale pensioenstelsel aan Integrale toevertrouwd worden.
Pensioentoezegging van het type vaste bijdragen De inrichter verbindt zich ertoe om periodiek een vaste bijdrage te betalen aan de pensioeninstelling ter financiering van het aanvullend pensioen. Deze bijdrage is ten laste van de inrichter.
Solidariteitstoezegging De toezegging van de inrichter om een solidariteitsprestatie te voorzien voor zijn aangeslotenen en/of rechthebbenden en dit ter uitvoering van de sectorale arbeidsovereenkomst.
Minimum rendementsgarantie De minimum rendementsgarantie ten laste van de inrichter krachtens artikel 24 van de WAP. Onderneming De technische bedrijfseenheid zoals omschreven in artikel 14 van de
wet van 20 september 1948Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
20/09/1948
pub.
06/07/2010
numac
2010000388
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet houdende organisatie van het bedrijfsleven. - Officieuze coördinatie in het Duits
sluiten houdende organisatie van het bedrijfsleven die aangesloten is bij het sectorale pensioenstelsel.
Pensioeninstelling Integrale n.v., verzekeringsonderneming belast met het uitvoeren van het sectorale pensioenstelsel, met hoofdzetel te 4000 Luik, place Saint-Jacques 11, bus 101, toegelaten onder het administratief codenummer 1530 om levensverzekeringen te beheren (
koninklijk besluit van 10 november 1997Relevante gevonden documenten
type
koninklijk besluit
prom.
10/11/1997
pub.
15/11/1997
numac
1997014250
bron
ministerie van verkeer en infrastructuur
Koninklijk besluit tot goedkeuring van sommige wijzigingen van de statuten van de Nationale Maatschappij der Belgische Spoorwegen
type
koninklijk besluit
prom.
10/11/1997
pub.
20/12/1997
numac
1997022853
bron
ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu
Koninklijk besluit tot goedkeuring van het huishoudelijk reglement van het Comité van de Dienst voor administratieve controle van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering
type
koninklijk besluit
prom.
10/11/1997
pub.
30/12/1997
numac
1997000895
bron
ministerie van binnenlandse zaken
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 1 maart 1994 waarbij de schade veroorzaakt door de overstromingen die zich van 20 december 1993 tot 11 januari 1994 in verscheidene gemeenten hebben voorgedaan, als een algemene ramp wordt beschouwd en waarbij de geografische uitgestrektheid van deze ramp wordt afgebakend
type
koninklijk besluit
prom.
10/11/1997
pub.
20/12/1997
numac
1997022866
bron
ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu
Koninklijk besluit tot goedkeuring van het huishoudelijk reglement van het Algemeen beheerscomité van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering
type
koninklijk besluit
prom.
10/11/1997
pub.
12/12/1997
numac
1997022874
bron
ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu
Koninklijk besluit tot opheffing van een aantal bepalingen van het koninklijk besluit van 4 november 1963 tot uitvoering van de wet van 9 augustus 1963 tot instelling en organisatie van een regeling voor verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen
type
koninklijk besluit
prom.
10/11/1997
pub.
15/01/1998
numac
1997022879
bron
ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 14 september 1984 tot vaststelling van de nomenclatuur van de geneeskundige verstrekkingen inzake verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen
type
koninklijk besluit
prom.
10/11/1997
pub.
23/12/1997
numac
1997016311
bron
ministerie van middenstand en landbouw
Koninklijk besluit tot vaststelling van het reglement van inwendige orde van de Psychologencommissie, opgericht bij artikel 3, § 1, van de wet van 8 november 1993 tot bescherming van de titel van psycholoog
sluiten).
Solidariteitsorganisme De verzekeringsonderneming die beantwoordt aan de voorwaarden bepaald in artikel 10, § 1, 4° van de WAP en die aangeduid werd door de inrichter voor de uitvoering van de solidariteitstoezegging.
Indien de solidariteitsinstelling niet op paritaire wijze wordt beheerd, wordt een toezichtscomité opgericht conform artikel 47, 2de alinea van de WAP die haar samenstelling en opdrachten bepaalt.
Wet van 28 april 2003Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
28/04/2003
pub.
15/05/2003
numac
2003022481
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Wet betreffende de aanvullende pensioenen en het belastingstelsel van die pensioenen en van sommige aanvullende voordelen inzake sociale zekerheid
sluiten betreffende de aanvullende pensioenen (afgekort "WAP'') De
wet van 28 april 2003Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
28/04/2003
pub.
15/05/2003
numac
2003022481
bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
Wet betreffende de aanvullende pensioenen en het belastingstelsel van die pensioenen en van sommige aanvullende voordelen inzake sociale zekerheid
sluiten betreffende de aanvullende pensioenen en het belastingstelsel van die pensioenen en van sommige aanvullende voordelen inzake sociale zekerheid.
Horizontale methode De methode vastgelegd in artikel 24, § 4 van de WAP, waarbij in geval van een wijziging van de gegarandeerde minimum rentevoet overeenkomstig artikel 24, § 3 van de WAP, de oude rentevoet wordt toegepast tot aan de eerste van de gebeurtenissen bedoeld in artikel 24, § 1 en § 2, 1ste lid van de WAP op de bijdragen verschuldigd op basis van het pensioenreglement voor de wijziging en de nieuwe rentevoet wordt toegepast tot de vroegste van de bovengenoemde gebeurtenissen met betrekking tot de op grond van de verordening verschuldigde bijdragen vanaf de datum van de wijziging.
Verticale methode De methode vastgelegd in artikel 24, § 4 van de WAP waarbij in geval van een wijziging van de gegarandeerde minimum rentevoet overeenkomstig artikel 24, § 3 van de WAP de oude rentevoet wordt toegepast tot op het moment van de wijziging op de bijdragen verschuldigd op basis van het pensioenreglement voor de wijziging en de nieuwe rentevoet wordt toegepast op de bijdragen verschuldigd op basis van het pensioenreglement vanaf de wijziging en op het bedrag resulterend uit de kapitalisatie tegen de oude rentevoet van de bijdragen verschuldigd op basis van het pensioenreglement tot aan de wijziging.
Pensionering Het effectief ingaan van het wettelijk pensioen in het stelsel van loontrekkende werknemers.
Inrichter De rechtspersoon, paritair samengesteld, aangeduid via een collectieve arbeidsovereenkomst door de representatieve organisaties van een paritair comité of subcomité, opgericht volgens hoofdstuk III van de
wet van 5 december 1968Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
05/12/1968
pub.
22/05/2009
numac
2009000346
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités. - Officieuze coördinatie in het Duits
sluiten betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, die de uitvoering van het sectorale pensioenstelsel aan Integrale toevertrouwt.
Verworven prestaties De prestaties waarop de aangeslotene aanspraak kan maken overeenkomstig het pensioenreglement, indien hij bij zijn uittreding zijn verworven reserves bij Integrale laat.
Premie De vergoeding die Integrale vraagt als tegenprestatie van haar verbintenissen.
Er moet een onderscheid worden gemaakt tussen eenmalige premieplannen en terugkerende premieplannen.
Voor eenmalige premieplannen, zijn de tariefregels deze die in voege zijn op het moment van het storten van de koopsom. Indien de tariefregels wijzigen, zullen de gewijzigde bepalingen van toepassing zijn op elke premie die vanaf deze wijziging gestort wordt.
Voor de plannen met recurrente premies blijven de tariefregels die van toepassing zijn op het moment van de storting van de premies van toepassing op de toekomstige premies ten belope van de laatst gestorte premie vóór de wijziging van deze regels.
Reductie van een contract De vermindering van de actuele waarde van de verzekerde prestaties ten gevolge van het stopzetten van de betaling van de premies.
Reglement Het pensioenreglement waarin de rechten en verplichtingen van de inrichter, van de onderneming, van de aangeslotenen en van hun rechthebbenden, evenals de aansluitingsvoorwaarden en de regels inzake de uitvoering van het sectorale pensioenstelsel worden bepaald.
De bijzondere voorwaarden hebben voorrang op de algemene voorwaarden in de mate dat ze ervan afwijken.
De bijzondere voorwaarden mogen echter niet afwijken van de bepalingen van de algemene voorwaarden die principes overnemen die door de wet opgelegd zijn. Indien een bepaling van de bijzondere voorwaarden tegenstrijdig met de wet zou zijn, dan heeft de overeenstemmende bepaling van de algemene voorwaarden voorrang.
Verworven reserves De reserves waarop de aangeslotene recht heeft op een bepaald moment, overeenkomstig het pensioenreglement.
Wiskundige reserves De wiskundige reserves stemmen overeen met de huidige waarde van de toekomstige prestaties verminderd met de huidige waarde van de toekomstige premies.
Uittreding 1) Hetzij de beëindiging van de arbeidsovereenkomst, anders dan door overlijden of pensionering.Wordt evenwel niet als een uittreding beschouwd, de beëindiging van de arbeidsovereenkomst, anders dan door overlijden of pensionering, die wordt gevolgd door het sluiten van een arbeidsovereenkomst met een andere werkgever die onder het toepassingsgebied van hetzelfde sectoraal pensioenstelsel valt; 2) Hetzij het einde van de aansluiting vanwege het feit dat de werknemer niet langer aan de aansluitingsvoorwaarden van het pensioenstelsel voldoet zonder dat dit samenvalt met de beëindiging van de arbeidsovereenkomst, anders dan door overlijden of pensionering;3) Hetzij het einde van de aansluiting vanwege het feit dat de werkgever, of in geval van overdracht van de arbeidsovereenkomst, de nieuwe onderneming van de werknemer niet meer ressorteert onder het toepassingsgebied van de collectieve arbeidsovereenkomst waarbij het pensioenstelsel ingevoerd wordt. RSZ De Rijksdienst voor Sociale Zekerheid, het organisme voor de financiering van de sociale Zekerheid.
KSZ De Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid, openbare instelling van sociale zekerheid, opgericht bij de
wet van 15 januari 1990Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
15/01/1990
pub.
08/07/2010
numac
2010000396
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet houdende oprichting en organisatie van een Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid. - Officieuze coördinatie in het Duits
sluiten houdende oprichting en organisatie van een Kruispuntbank van de sociale zekerheid. 2. Aanvang van de groepsverzekering en van het individuele contract van de aangeslotene 2.1. Aanvang van de groepsverzekering De groepsverzekering neemt een aanvang vanaf de datum die voorzien is in de overeenkomst tussen de inrichter en Integrale, voor zover deze overeenkomst en het reglement door beide partijen ondertekend werden.
De inrichter kan de overeenkomst opzeggen met een aangetekende brief of via een gewone brief met ontvangstbewijs, binnen een termijn van 30 dagen na de ondertekening ervan. In dat geval betaalt Integrale de betaalde premies terug, na afhouding van de premies die nodig waren om het overlijdensrisico van de aangeslotenen te verzekeren tijdens de verstreken termijn. 2.2. Aanvang van het individuele contract van de aangeslotene Het individuele contract van de aangeslotene treedt in werking na de aanvang van de groepsverzekering, vanaf het ogenblik waarop voldaan wordt aan de in het reglement vastgestelde aansluitingsvoorwaarden en dat Integrale alle informatie die nodig is voor het dekken van de risico's, ontvangen heeft.
Per aangeslotene wordt slechts één individueel contract onderschreven in uitvoering van het sectorale pensioenstelsel, en dit tijdens zijn hele loopbaan, behalve : - indien hij tegelijkertijd in dienst is bij meerdere ondernemingen die het sectorale pensioenstelsel door Integrale laten uitvoeren; - indien hij een reserve overdraagt zoals bepaald in artikel 12. 3. Onbetwistbaarheid van de groepsverzekering en van het individuele contract Integrale dekt de aangeslotene op basis van de gegevens die door de inrichter, de onderneming of de aangeslotene zelf overgemaakt werden, waarbij allen verantwoordelijk zijn voor de nauwkeurigheid van de inlichtingen. Vanaf de inwerkingtreding van het individuele contract is dit laatste onbetwistbaar, tenzij de inrichter, de onderneming of de aangeslotene gegevens opzettelijk verzwegen of onjuist meedeelden. In dat geval heeft Integrale het recht om het contract te vernietigen en om de premies die betaald werden tot op het ogenblik waarop kennis gekregen werd van het opzettelijk verzwijgen of onjuist meedelen van de gegevens, te behouden.
Wanneer de geboortedatum en/of het geslacht onnauwkeurig meegedeeld werden, kunnen de uitkeringen aangepast worden in functie van de leeftijd en/of het geslacht die/dat in aanmerking hadden moeten genomen worden. 4. Omvang van de groepsverzekering en medische formaliteiten 4.1. Territoriale uitgestrektheid De groepsverzekering is van kracht over heel de wereld. 4.2. Medische formaliteiten Er zijn geen medische formaliteiten. 4.3. Uitgesloten risico's Uitkeringen bij overlijden vóór de einddatum wordt niet uitbetaald indien het overlijden het gevolg is van een zelfmoord van de aangeslotene gedurende het jaar dat volgt op de aanvang van het individuele contract.
In dat geval wordt niet het verzekerde kapitaal, maar wel de wiskundige reserve eventueel beperkt tot het verzekerd kapitaal bij ove …
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.