📄 Wettekst
22 DECEMBER 2003. - Programmawet (1)
ALBERT II, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
De Kamers hebben aangenomen en Wij bekrachtigen hetgeen volgt : TITEL I. - Algemene bepaling Artikel 1.Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 78 van de Grondwet.
TITEL II. - Werk HOOFDSTUK 1. - Startbanen Art. 2.In artikel 23 van de
wet van 24 december 1999Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
03/04/1997
pub.
25/06/1997
numac
1997009353
bron
ministerie van justitie
Wet betreffende de wedden van titularissen van sommige openbare ambten
sluiten0 ter bevordering van de werkgelegenheid, gewijzigd bij de programmawet(I) van 24 december 2002 en de
wet van 1 april 2003Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
10/04/1971
pub.
11/06/1998
numac
1998000213
bron
ministerie van binnenlandse zaken
Arbeidsongevallenwet - Duitse vertaling
sluiten3, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° § 1, 2° wordt vervangen door de volgende bepaling : « 2° elkeen die net voor zijn aanwerving : a) ingeschreven is als werkzoekende;b) minder dan zesentwintig jaar oud is;»; 2° § 1, 3° wordt opgeheven;3° in § 1, 4°, 5° en 6,° wordt de a) telkens vervangen door de volgende bepaling : « a) ingeschreven is als werkzoekende;»; 4° in § 1, 4°, 5° en 6°, wordt de b) telkens vervangen door de volgende bepaling : « b) minder dan zesentwintig jaar oud is;»; 5° § 2 wordt vervangen door de volgende tekst : « § 2.De Koning kan, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, het begrip jongere zoals bedoeld in § 1 aanpassen, indien er een tekort aan jongeren zou zijn »; 6° § 3 wordt opgeheven. Art. 3.Artikel 26, eerste lid, van dezelfde wet, wordt vervangen als volgt : « De Koning bepaalt, bij een in Ministerraad overlegd besluit, wat wordt verstaan onder openbare werkgever, werkgever uit de private sector, werkgever uit de private non-profitsector en werkgever uit de onderwijssector. » . Art. 4.In artikel 27 van dezelfde wet, gewijzigd bij de programma
wet van 24 december 2002Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
17/03/1997
pub.
15/08/1997
numac
1997016213
bron
ministerie van middenstand en landbouw en ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu
Wet tot wijziging van de wet van 15 juli 1985 betreffende het gebruik bij dieren van stoffen met hormonale, anti-hormonale, beta-adrenergische of productiestimulerende werking
sluiten2, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° het eerste lid, 1°, wordt vervangen door de volgende bepaling : « 1° een minstens halftijdse arbeidsovereenkomst die wordt gesloten tussen een jongere en een werkgever;»; 2° het eerste lid, 2°, wordt vervangen door de volgende bepaling : « 2° een combinatie van een deeltijdse arbeidsovereenkomst, minstens halftijds, die wordt gesloten tussen een jongere en een werkgever, en een door de jongere gevolgde opleiding, en dit met ingang van de dag waarop de jongere begint met de uitvoering van de arbeidsovereenkomst. De Koning bepaalt, bij besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, de opleidingen die in aanmerking komen, alsmede de nadere regelen met betrekking tot het sluiten en uitvoeren van de in dit punt 2° bedoelde startbaanovereenkomst; »; 3° in het eerste lid, 3°, worden de woorden "alle gedurende een periode van maximum 36 maanden met ingang van de dag waarop de jongere de uitvoering van zijn overeenkomst aanvat.De Koning bepaalt de minimumduur van voornoemde periode" geschrapt; 4° tussen het eerste en tweede lid, worden twee nieuwe leden ingevoegd, luidende als volgt : « De overeenkomsten bedoeld in het vorig lid worden enkel als startbaanovereenkomst beschouwd indien de jongere werd aangeworven op basis van een geldige startbaankaart, uitgereikt volgens de modaliteiten voorzien in artikel 32, § 2. De tewerkstelling van de jongere door dezelfde werkgever blijft beschouwd als een tewerkstelling in het kader van een startbaanovereenkomst tot de laatste dag van het kwartaal waarin de jongere de leeftijd van zesentwintig jaar bereikt. » . Art. 5.In dezelfde wet wordt een artikel 27ter ingevoegd, luidende als volgt : « Art. 27ter.In afwijking van artikel 27, tweede lid, wordt de nieuwe werknemer die vóór 1 januari 2004 werd aangeworven, vanaf 1 januari 2004 verder beschouwd als jongere, tewerkgesteld in het kader van een startbaanovereenkomst, op voorwaarde dat - de startbaanovereenkomst werd gesloten onder de voorwaarden en modaliteiten die van toepassing waren vóór 1 januari 2004, en - overeenkomstig artikel 32, zoals van kracht vóór 1 januari 2004, een kopie van deze startbaanovereenkomst aan de door de Koning aangewezen ambtenaar werd bezorgd vóór 31 januari 2004.
De startbaanovereenkomst gesloten vóór 1 januari 2004 eindigt : 1° na afloop van de periode, bedoeld in artikel 27, eerste lid, 1°, 2° of 3°, zoals van kracht vóór 1 januari 2004, en zoals vermeld in de startbaanovereenkomst, of 2° wanneer de overeenkomst die het voorwerp uitmaakt van de startbaanovereenkomst, eindigt. In afwijking van het vorig lid, 1°, blijft de tewerkstelling van de jongere in het kader van een startbaanovereenkomst bedoeld in artikel 27, eerste lid, 1°, bij dezelfde werkgever beschouwd als een tewerkstelling in het kader van een startbaanovereenkomst tot de laatste dag van het kwartaal waarin de jongere de leeftijd van zesentwintig jaar bereikt, indien hij vóór het einde van de overeenkomst, bedoeld in het vorig lid, de leeftijd van zesentwintig jaar nog niet heeft bereikt. » . Art. 6.Artikel 28 van dezelfde wet wordt opgeheven. Art. 7.Artikel 29 van dezelfde wet wordt opgeheven. Art. 8.In artikel 32 van dezelfde wet, vervangen bij de programmawet (I) van 24 december 2002 en gewijzigd bij de
programmawet van 8 april 2003Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
10/06/1998
pub.
17/07/1998
numac
1998009557
bron
ministerie van justitie
Wet tot wijziging van sommige bepalingen betreffende de verjaring
type
wet
prom.
10/06/1998
pub.
15/08/1998
numac
1998022534
bron
ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu
Wet tot wijziging van de samengeordende wetten van 19 december 1939 betreffende de kinderbijslag voor loonarbeiders
sluiten6, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° § 1, tweede en derde lid, worden opgeheven;2° § 2, eerste lid, wordt vervangen als volgt : « Het werkloosheidsbureau van de Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening, bevoegd voor de hoofdverblijfplaats van de betrokken jongere, attesteert door middel van een startbaankaart dat de jongere voldoet aan de aan de voorwaarden van artikelen 23 en 24.De Koning bepaalt welke gegevens deze startbaankaart dient te vermelden. Hij bepaalt eveneens welke bewijsstukken of documenten dienen voorgelegd of ingediend bij het voormeld werkloosheidsbureau teneinde deze startbaankaart te kunnen bekomen. » ; 3° § 2, derde lid, tweede zin, wordt vervangen door de volgende bepaling : « Wanneer de aanvraag van de startbaankaart wordt ingediend buiten deze termijn, wordt de startbaanovereenkomst bedoeld in artikel 27 pas als geldig beschouwd vanaf de eerste dag van het kwartaal dat volgt op het kwartaal waarin de datum gelegen is van de laattijdige indiening van de aanvraag van de startbaankaart.» ; 4° in § 2, vijfde lid, 1°, het woord "werkzoekende" vervangen door het woord "jongere";5° in § 2, vijfde lid, 2°, wordt in de Nederlandse tekst het woord "werkzoekende" vervangen door het woord "jongere";6° in § 2, vijfde lid, 2°, wordt in de Franse tekst de woorden "travailleur" vervangen door het woord "jeune";7° § 2, zesde lid, wordt vervangen als volgt : « De startbaankaart heeft een geldigheidsduur van ten hoogste twaalf maanden.De einddatum van de geldigheidsperiode van de kaart mag evenwel niet gelegen zijn na de dag vóór die waarop de jongere de leeftijd van zesentwintig jaar bereikt. De kaart geldt voor elke aanwerving die tijdens de geldigheidsperiode ervan wordt verricht. » ; 8° § 2, zevende lid, wordt vervangen als volgt : « De geldigheidsduur van de startbaankaart kan door het in het eerste lid bedoeld werkloosheidsbureau worden verlengd voor een zelfde periode, voor zover de jongere aantoont dat hij op de eerste dag van de periode van verlenging of bij de aanwerving opnieuw aan de vereiste voorwaarden voldoet.De einddatum van de geldigheidsperiode van de kaart mag evenwel niet gelegen zijn na de dag vóór die waarop de jongere de leeftijd van zesentwintig jaar bereikt. » ; 9° § 2, achtste lid, wordt opgeheven. Art. 9.Artikel 33, § 2, eerste en tweede lid, van dezelfde wet, wordt vervangen door de volgende bepalingen : « De startbaanovereenkomst, bedoeld in artikel 27, eerste lid, 1°, kan evenwel bepalen dat gedurende hoogstens de eerste twaalf maanden van de uitvoering ervan, de werkgever een deel van het in § 1 bedoeld loon aan de opleiding van de nieuwe werknemer besteedt.
In dat geval heeft de nieuwe werknemer, gedurende de in het eerste lid bedoelde periode, recht op een loon dat gelijk is aan het in § 1 bedoeld loon, verminderd met het in het eerste lid bedoeld deel, zonder dat dit meer mag zijn dan 10 % van dat loon en zonder dat dit lager mag zijn dan het gewaarborgd gemiddeld minimum maandinkomen. » . Art. 10.In artikel 34 van dezelfde wet, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in de Franse tekst worden de woorden ", pendant les douze premiers mois de l'exécution de sa convention de premier emploi," na de woorden "s'absenter" ingevoegd;2° in de Nederlandse tekst worden tussen de woorden "de nieuwe werknemer" en de woorden "met behoud van zijn loon" de woorden "gedurende de eerste twaalf maanden van de uitvoering van zijn startbaanovereenkomst" ingevoegd. Art. 11.In artikel 35 van dezelfde wet, gewijzigd bij de programmawetten van 2 augustus 2002 en 24 december 2002, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° § 1 wordt vervangen door de volgende bepaling : « § 1.In afwijking van de artikelen 40, 59 en 82 van de
wet van 3 juli 1978Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
16/03/1971
pub.
28/10/1998
numac
1998000346
bron
ministerie van binnenlandse zaken
Arbeidswet - Duitse vertaling
sluiten4 betreffende de arbeidsovereenkomsten, kan de nieuwe werknemer de in artikel 27, eerste lid, 1° en 2°, bedoelde startbaanovereenkomst, gedurende de eerste twaalf maanden van de uitvoering ervan, beëindigen mits een opzeggingstermijn van zeven dagen die aanvangt op de dag volgend op de betekening, indien hij een andere baan heeft gevonden. » ; 2° § 3 wordt opgeheven. Art. 12.Artikel 39, § 4, van dezelfde wet, wordt aangevuld met een derde lid, luidende : « Worden enkel als nieuwe werknemers beschouwd, de nieuwe werknemers die als dusdanig worden vermeld op de aangifte aan de instelling die instaat voor de inning van de sociale zekerheidsbijdragen. » . Art. 13.Artikel 41 van dezelfde wet, wordt vervangen als volgt : « Art. 41.Onder de voorwaarden, bepaald door de Koning, bij besluit vastgelegd na overleg in de Ministerraad, kan de seizoensonderneming, een groep van werkgevers, of de werkgever wiens onderneming gesplitst of gefusioneerd werd, geheel of gedeeltelijk ontslagen worden van de toepassing van de bepalingen van dit hoofdstuk door een tewerkstellingsovereenkomst te sluiten met de minister die bevoegd is inzake Werkgelegenheid.
Voor de toepassing van dit artikel bepaalt de Koning, bij besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, wat moet worden verstaan onder seizoensonderneming, onder groep van werkgevers en onder splitsing of fusie van een onderneming.
De minister kan de bevoegdheid tot het afsluiten van deze tewerkstellingsovereenkomsten toekennen aan de ambtenaar van de Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg die hij aanwijst. » . Art. 14.In artikel 42, § 1, van dezelfde wet, gewijzigd bij de
wet van 1 april 2003Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
10/04/1971
pub.
11/06/1998
numac
1998000213
bron
ministerie van binnenlandse zaken
Arbeidsongevallenwet - Duitse vertaling
sluiten3, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in het 2°, a), worden de woorden "waarop een inschakelingsparcours van toepassing is" geschrapt;2° in het 2°, b), worden de woorden "die een inschakelingsparcours genieten" geschrapt; Art. 15.Onderafdeling 6 van afdeling 1 van hoofdstuk VIII van titel II van dezelfde wet, bevattende het artikel 45, vervangen bij de programmawet (I) van 24 december 2002, wordt opgeheven. Art. 16.Artikel 47 van dezelfde wet, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 20 juli 2000, wordt aangevuld met een § 6, luidend als volgt : « § 6. Een kopie van het proces-verbaal, bedoeld in § 4, eerste lid, en een kopie van de beslissing van de ambtenaar, bedoeld in § 4, tweede lid, wordt aan de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid overgemaakt. Deze instelling mag de in deze documenten vervatte informatie gebruiken met het oog op de toepassing van artikel 347 van de programmawet (I) van 24 december 2002. » . Art. 17.In artikel 48, eerste lid, van dezelfde wet, vervallen de woorden "alsook de bijdrageverminderingen voor de sociale zekerheid bedoeld in artikel 44, §§ 1, 2, 3 en 4,". Art. 18.Hoofdstuk III van de
wet van 5 september 2001Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
07/01/1998
pub.
04/02/1998
numac
1998003047
bron
ministerie van financien
Wet betreffende de structuur en de accijnstarieven op alcohol en alcoholhoudende dranken
sluiten2 tot de verbetering van de werkgelegenheidsgraad van de werknemers, bevattende het artikel 10, wordt opgeheven.
De overeenkomsten, gesloten vóór 1 januari 2004 met de werknemers, bedoeld in artikel 10, § 1, eerste lid, van voornoemde
wet van 5 september 2001Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
07/01/1998
pub.
04/02/1998
numac
1998003047
bron
ministerie van financien
Wet betreffende de structuur en de accijnstarieven op alcohol en alcoholhoudende dranken
sluiten2, blijven tot het einde van de periode van één jaar, bedoeld in hetzelfde lid, geldig voor het naleven van de verplichting, bedoeld in artikel 39 van voornoemde
wet van 24 december 1999Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
03/04/1997
pub.
25/06/1997
numac
1997009353
bron
ministerie van justitie
Wet betreffende de wedden van titularissen van sommige openbare ambten
sluiten0, op voorwaarde dat, overeenkomstig artikel 10, § 1, tweede lid, van dezelfde
wet van 5 september 2001Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
07/01/1998
pub.
04/02/1998
numac
1998003047
bron
ministerie van financien
Wet betreffende de structuur en de accijnstarieven op alcohol en alcoholhoudende dranken
sluiten2, een kopie van deze overeenkomsten aan de door de Koning aangewezen ambtenaar werd bezorgd vóór 31 januari 2004. Art. 19.Dit hoofdstuk treedt in werking op 1 januari 2004, met uitzondering van artikel 3 dat in werking treedt op de datum bepaald door de Koning. HOOFDSTUK 2. - Verhoging van de structurele lastenverlaging en vermindering gewicht patronale bijdragen op hogere lonen Art. 20.In artikel 331 van de programmawet (I) van 24 december 2002 worden volgende wijzigingen aangebracht : 1° het eerste lid wordt aangevuld met volgende zin : « Bij een kwartaalloon hoger dan een bepaalde loongrens S1 wordt aan F een complement toegevoegd dat lineair met het verschil tussen het kwartaalloon en de loongrens stijgt volgens een hellingscoëfficiënt d. » ; 2° in het tweede lid worden de woorden "381,33 EUR" vervangen door de woorden "400,00 EUR";3° in het vijfde lid worden de woorden "volgens loongrens S0" vervangen door de woorden "onder loongrens S0";4° het vijfde lid wordt aangevuld met volgende zin : « De Koning bepaalt eveneens, bij een besluit vastgelegd na overleg in de Ministerraad, wat moet worden verstaan onder kwartaalloon, onder loongrens S1 en onder coëfficient d.» . Art. 21.Dit hoofdstuk treedt in werking op 1 januari 2004. HOOFDSTUK 3. - Aanpassing ondergrens prestaties Art. 22.Artikel 332, tweede lid, van dezelfde wet, wordt aangevuld met volgende zin : « De Koning kan, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, deze ondergrens afhankelijk maken van de contractuele arbeidsduur van de werknemer gedurende de tewerkstelling. » . Art. 23.Artikel 337, tweede lid, van dezelfde wet, wordt aangevuld met volgende zin : « De Koning kan, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, deze ondergrens afhankelijk maken van de contractuele arbeidsduur van de werknemer gedurende de tewerkstelling. » . Art. 24.Dit hoofdstuk treedt in werking op 1 april 2004. HOOFDSTUK 4. - Herstructureringen Art. 25.In titel IV, hoofdstuk 7, afdeling 3, van de programmawet (I) van 24 december 2002, wordt een nieuwe onderafdeling 7 ingevoegd, luidend als volgt : « Onderafdeling 7. Herstructureringen Art. 353bis . De werkgevers bedoeld in artikel 335 kunnen genieten van een doelgroepvermindering voor werknemers ontslagen in het kader van een herstructurering tijdens het kwartaal van indienstneming en tijdens een aantal kwartalen die er op volgen, wanneer zij dergelijke werknemers, slachtoffer van een herstructurering, in dienst nemen door toedoen van een tewerkstellingscel.
De Koning bepaalt, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, wat wordt verstaan onder werknemers ontslagen in het kader van een herstructurering, evenals wat dient te worden verstaan onder tewerkstellingscel. » . Art. 26.Artikel 374 van dezelfde programmawet, wordt aangevuld met een tweede lid, luidend als volgt : « In afwijking van het vorige lid, treedt artikel 353bis in werking op een datum bepaald door de Koning, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad. » . Art. 27.Artikel 7, § 1, derde lid, van de
besluitwet van 28 december 1944Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/10/1997
pub.
20/11/1997
numac
1997003624
bron
ministerie van financien
Wet betreffende de structuur en de accijnstarieven inzake minerale olie
sluiten18 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders, laatst gewijzigd bij de programmawet (I) van 24 december 2002, wordt aangevuld als volgt : « t) de terugbetaling verzekeren, volgens de nadere regels en ten belope van het bedrag vastgesteld door de Koning, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, van de kostprijs van de outplacementbegeleiding die werkelijk gedragen werd door de werkgever in herstructurering, voor die werknemers die binnen een bepaalde periode na hun ontslag bij de werkgever in herstructurering door toedoen van een tewerkstellingscel opnieuw op duurzame wijze in dienst zijn genomen bij een nieuwe werkgever. » . Art. 28.Het opschrift van de
wet van 20 december 1999Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
31/12/1998
numac
1998003593
bron
ministerie van financien
Wet houdende de Rijksmiddelenbegroting voor het begrotingsjaar 1999
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
15/01/1999
numac
1998007295
bron
ministerie van landsverdediging
Wet houdende zestiende aanpassing van de Algemene Uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998 - Sectie 16 « Landsverdediging »
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
15/01/1999
numac
1998003665
bron
ministerie van financien
Wet houdende fiscale en andere bepalingen
sluiten9 tot toekenning van een vermindering van de persoonlijke bijdragen van sociale zekerheid aan werknemers met lage lonen, gewijzigd bij de wetten van 12 augustus 2000 en 8 april 2003, wordt aangevuld als volgt : « en aan sommige werknemers die het slachtoffer waren van een herstructurering. » Art. 29.In dezelfde
wet van 20 december 1999Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
31/12/1998
numac
1998003593
bron
ministerie van financien
Wet houdende de Rijksmiddelenbegroting voor het begrotingsjaar 1999
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
15/01/1999
numac
1998007295
bron
ministerie van landsverdediging
Wet houdende zestiende aanpassing van de Algemene Uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998 - Sectie 16 « Landsverdediging »
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
15/01/1999
numac
1998003665
bron
ministerie van financien
Wet houdende fiscale en andere bepalingen
sluiten9 wordt een artikel 3bis toegevoegd, luidende : « Art. 3bis . De werknemers die zijn onderworpen aan de regelingen bedoeld in artikel 21, § 1, 1° tot 3° en 5°, van de
wet van 29 juni 1981Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
31/12/1998
numac
1998003593
bron
ministerie van financien
Wet houdende de Rijksmiddelenbegroting voor het begrotingsjaar 1999
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
15/01/1999
numac
1998007295
bron
ministerie van landsverdediging
Wet houdende zestiende aanpassing van de Algemene Uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998 - Sectie 16 « Landsverdediging »
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
15/01/1999
numac
1998003665
bron
ministerie van financien
Wet houdende fiscale en andere bepalingen
sluiten1 houdende de algemene beginselen van de sociale zekerheid voor werknemers kunnen, in afwijking van de artikelen 38, § 2 en 23, vierde lid, van voormelde wet gedurende een aantal maanden een forfaitaire vermindering van de persoonlijke bijdragen van sociale zekerheid genieten, wanneer zij binnen een bepaalde periode na hun ontslag bij een werkgever in herstructurering door toedoen van een tewerkstellingscel opnieuw in dienst zijn genomen bij een nieuwe werkgever.
De Koning bepaalt, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, de nadere regels en voorwaarden voor het genot van de vermindering bedoeld in het vorige lid, alsook het bedrag van de vermindering en de periode gedurende dewelke deze wordt toegekend.
De som van de verminderingen van de persoonlijke bijdragen bedoeld in het eerste lid, eventueel verhoogd met het bedrag van de vermindering waarop de werknemer recht heeft in toepassing van artikel 2, mag het bedrag van de verschuldigde persoonlijke bijdragen niet overschrijden. » . Art. 30.De Koning bepaalt, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, de datum waarop de artikelen 26, 27 en 28 in werking treden. HOOFDSTUK 5. - Loopbaanonderbrekingsuitkeringen in de niet-private sector Art. 31.Artikel 7, § 1, derde lid, l), van de
besluitwet van 28 december 1944Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/10/1997
pub.
20/11/1997
numac
1997003624
bron
ministerie van financien
Wet betreffende de structuur en de accijnstarieven inzake minerale olie
sluiten18 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders, laatst gewijzigd bij
wet van 10 augustus 2001Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
17/03/1997
pub.
15/08/1997
numac
1997016213
bron
ministerie van middenstand en landbouw en ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu
Wet tot wijziging van de wet van 15 juli 1985 betreffende het gebruik bij dieren van stoffen met hormonale, anti-hormonale, beta-adrenergische of productiestimulerende werking
sluiten0, wordt aangevuld met de volgende leden : « De Koning kan bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad de voorwaarden en modaliteiten bepalen volgens dewelke de uitbetaling van deze vergoedingen, aan werknemers tewerkgesteld bij een werkgever die niet valt onder het toepassingsgebied van de
wet van 5 december 1968Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
16/03/1971
pub.
28/10/1998
numac
1998000346
bron
ministerie van binnenlandse zaken
Arbeidswet - Duitse vertaling
sluiten8 betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités in zoverre voor deze werknemers geen werkgeversbijdrage betaald dienen te worden zoals voorzien in artikel 17, § 2, 1°, c) en 2°, c), van de
wet van 27 juni 1969Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
07/01/1998
pub.
04/02/1998
numac
1998003047
bron
ministerie van financien
Wet betreffende de structuur en de accijnstarieven op alcohol en alcoholhoudende dranken
sluiten9 tot herziening van de
besluitwet van 28 december 1944Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/10/1997
pub.
20/11/1997
numac
1997003624
bron
ministerie van financien
Wet betreffende de structuur en de accijnstarieven inzake minerale olie
sluiten18 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders, afhankelijk gemaakt wordt van de voorwaarde dat deze werkgever er zich voorafgaandelijk toe verbonden heeft in te staan, volgens de voorwaarden en modaliteiten bepaald door Hem, voor de financiering van de uit te betalen sommen.
De Koning kan, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, het toepassingsgebied van het vorige lid verruimen tot bepaalde werkgevers die ressorteren onder de
wet van 5 december 1968Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
16/03/1971
pub.
28/10/1998
numac
1998000346
bron
ministerie van binnenlandse zaken
Arbeidswet - Duitse vertaling
sluiten8 en die werknemers tewerkstellen anders dan onder een arbeidsovereenkomst. De Koning kan bij besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, bepaalde werkgevers geheel of gedeeltelijk onttrekken aan het toepassingsgebied van het vorige lid. » . HOOFDSTUK 6. - Sociale Maribel Art. 32.Artikel 35, § 5, van de
wet van 29 juni 1981Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
31/12/1998
numac
1998003593
bron
ministerie van financien
Wet houdende de Rijksmiddelenbegroting voor het begrotingsjaar 1999
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
15/01/1999
numac
1998007295
bron
ministerie van landsverdediging
Wet houdende zestiende aanpassing van de Algemene Uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998 - Sectie 16 « Landsverdediging »
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
15/01/1999
numac
1998003665
bron
ministerie van financien
Wet houdende fiscale en andere bepalingen
sluiten1 houdende de algemene beginselen van de sociale zekerheid voor werknemers, wordt vervangen als volgt : « § 5. A. De Koning kan, bij een in Ministerraad overlegd besluit, onder de voorwaarden die Hij bepaalt, een forfaitaire vermindering van de werkgeversbijdrage toekennen aan de werkgevers van de social profit sector, voor het bedrag die Hij bepaalt, per werknemer, per kwartaal : 1° voor de werknemers onderworpen aan het geheel van de stelsels beoogd in artikel 21 van deze wet;2° voor de werknemers die de Staat, de gemeenschappen, de gewesten, de provincies, de aan de provincies ondergeschikte instellingen, de gemeenten, de aan de gemeenten ondergeschikte instellingen, de verenigingen van gemeenten en de instellingen van openbaar nut tewerkstellen. De Koning kan, bij een in Ministerraad overlegd besluit, het bedrag van de forfaitaire vermindering aanpassen ingeval de werkgever die onder de toepassing van deze paragraaf valt, andere verminderingen van sociale zekerheidsbijdragen geniet.
De opbrengst van de vermindering werkgeversbijdragen wordt besteed aan het creëren van tewerkstelling.
B. De Koning bepaalt de regelen met betrekking tot de cumulatie van de in de punt A. bedoelde forfaitaire vermindering met andere verminderingen der bijdragen. De Koning bepaalt ook de bijdragen bedoeld in artikel 38, §§ 3 en 3bis waarop deze forfaitaire vermindering van toepassing is.
C. Voor de toepassing van deze paragraaf : 1° wordt per paritair comité of paritair subcomité dat onder de toepassing van deze paragraaf valt, een sectoraal fonds opgericht overeenkomstig de
wet van 7 januari 1958Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
31/12/1998
numac
1998003593
bron
ministerie van financien
Wet houdende de Rijksmiddelenbegroting voor het begrotingsjaar 1999
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
15/01/1999
numac
1998007295
bron
ministerie van landsverdediging
Wet houdende zestiende aanpassing van de Algemene Uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998 - Sectie 16 « Landsverdediging »
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
15/01/1999
numac
1998003665
bron
ministerie van financien
Wet houdende fiscale en andere bepalingen
sluiten0 betreffende de Fondsen voor bestaanszekerheid. De Koning kan evenwel in een specifieke bepaling voorzien wanneer een paritair comité of paritair subcomité in herstructurering is.
In de boekhouding van elk Fonds worden de volgende rubrieken voorzien : a) rubriek voor betaling van de werkingskosten;b) rubriek voor de financiering van de personeelskosten;c) rubriek voor de financiering van bijkomende tewerkstelling;2° a) wordt bij de federale Overheidsdienst Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu een beheerscomité Sociale maribel voor de ziekenhuizen en de psychiatrische verzorgingstehuizen van de publieke sector aangesloten bij de Rijksdienst voor sociale zekerheid ingesteld, paritair samengesteld uit vertegenwoordigers van de werkgevers en vertegenwoordigers van de werknemers overeenkomstig de regels door de Koning bepaald.b) wordt bij de Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg een beheerscomité Sociale maribel voor de openbare sector aangesloten bij de Rijksdienst voor sociale zekerheid ingesteld, paritair samengesteld uit vertegenwoordigers van de werkgevers en vertegenwoordigers van de werknemers overeenkomstig de regels door de Koning bepaald. De beheerscomités beslissen over de aanwending van het gedeelte van de opbrengst van de forfaitaire vermindering ten voordele van respectievelijk de ziekenhuizen en psychiatrische verzorgingstehuizen van de publieke sector aangesloten bij de Rijksdienst voor sociale zekerheid en de openbare sector aangesloten bij de Rijksdienst voor sociale zekerheid, dat beschikbaar is voor de financiering van bijkomende tewerkstelling. Bedoeld gedeelte van de opbrengst van de forfaitaire vermindering wordt bij de Rijksdienst voor sociale zekerheid op een apart rekeningnummer ingeschreven. 3° wordt, wat de werkgevers aangesloten bij de Rijksdienst voor sociale zekerheid van de provinciale en plaatselijke overheidsdiensten betreft, een fonds opgericht overeenkomstig de bepalingen van artikel 1, § 6, van de
wet van 1 augustus 1985Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
03/04/1997
pub.
25/06/1997
numac
1997009353
bron
ministerie van justitie
Wet betreffende de wedden van titularissen van sommige openbare ambten
sluiten1 houdende sociale bepalingen. D. de Koning bepaalt de voorwaarden en nadere regelen voor de bepaling van de opbrengst van de forfaitaire vermindering bedoeld in deze paragraaf, alsook de regelen voor de verdeling van de opbrengst.
Op de opbrengst die aan ieder sectoraal fonds toekomt, alsook aan de ziekenhuizen en psychiatrische verzorgingstehuizen van de publieke sector aangesloten bij de Rijksdienst voor sociale zekerheid en de openbare sector aangesloten bij de Rijksdienst voor sociale zekerheid, wordt 0,10 % van deze opbrengst door de Rijksdienst voor sociale zekerheid of door de Rijksdienst voor sociale zekerheid van de provinciale en plaatselijke overheidsdiensten, naargelang van het geval, gestort aan het Begrotingsfonds Sociale maribel, opgericht bij de Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg, ter dekking van werkingskosten en personeelskosten. De sectorale fondsen zijn gemachtigd om 1,20 % van de hun toegekende bedragen aan te wenden ter dekking van administratie- en personeelskosten. Ook op de resterende opbrengst dat toekomt aan de ziekenhuizen en psychiatrische verzorgingstehuizen van de publieke sector aangesloten bij de Rijksdienst voor sociale zekerheid en de openbare sector aangesloten bij de Rijksdienst voor sociale zekerheid wordt 1,20 % ingehouden ter dekking van administratie- en personeelskosten. Het aldus ingehouden bedrag wordt door de Rijksdienst voor sociale zekerheid gestort aan respectievelijk het Begrotingsfonds Sociale maribel, opgericht bij de Federale Overheidsdienst Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu en het Begrotingsfonds Sociale maribel, opgericht bij de Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg.
Uiterlijk op 30 september van ieder jaar, moeten de sectorale fondsen, alsook de beheerscomités bedoeld in punt C, aan de minister bevoegd voor Werkgelegenheid, de minister bevoegd voor Sociale Zaken en voor de sectoren die onder zijn bevoegdheid vallen, de minister bevoegd voor Volksgezondheid een afschrift overzenden van hun jaarrekening met betrekking tot het afgelopen jaar alsook hun kastoestand op 31 december van het afgelopen jaar; die documenten moeten door een revisor, lid van het Instituut voor de bedrijfsrevisoren, door de rekenplichtige of door de revisor aangeduid door het beheerscomité van Rijksdienst voor Sociale Zekerheid van de provinciale en plaatselijke overheidsdiensten, naar gelang van het geval, voor echt verklaard zijn.
De Koning kan eveneens een regeringscommissaris aanstellen per sectoraal fonds en per beheerscomité bedoeld in punt C en zijn bevoegdheden bepalen.
E. 1° bij de Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg wordt een beheerscomité "heraanwending" ingesteld, samengesteld door personen die de minister van Werkgelegenheid, de minister van Sociale Zaken en de minister van Volksgezondheid vertegenwoordigen. 2° het beheerscomité beslist over de aanwending van volgende middelen : a) het bedrag dat overeenstemt met het bedrag dat op de rekening van elk sectoraal fonds Sociale Maribel staat op 31 december, verminderd met : - een twaalfde van de voormelde opbrengst van het lopende jaar en - het bedrag aan nog in te vullen betalingsengagementen aangegaan in het lopende jaar en - de niet-recurrente bedragen die de minister bevoegd voor Werkgelegenheid, de minister bevoegd voor Sociale Zaken en de minister bevoegd voor Volksgezondheid hebben toegewezen voor de financiering van opleidingsprojecten. Dit bedrag wordt in mindering gebracht op de opbrengst van de forfaitaire vermindering die ter beschikking gesteld wordt voor het tweede semester van het volgende jaar. b) het bedrag dat voortvloeit uit de toepassing van het controlemechanisme dat door de Koning, bij een in Ministerraad overlegd besluit, wordt bepaald. De middelen worden als volgt ingedeeld : a) terugvordering in de ziekenhuizen en psychiatrische verzorgingstehuizen aangesloten bij de Rijksdienst voor sociale zekerheid;b) terugvordering in de openbare sector aangesloten bij de Rijkdsient voor sociale zekerheid, andere dan bedoeld onder a) ;c) terugvordering in de ziekenhuizen en psychiatrische verzorgingstehuizen van de privé-sector;d) terugvordering in de privé-sector, andere dan bedoeld onder c) ;e) terugvordering in de ziekenhuizen en psychiatrische verzorgingstehuizen aangesloten bij de Rijksdienst voor sociale zekerheid van de provinciale en plaatselijke overheidsdiensten;c) terugvordering in de openbare sector aangesloten bij de Rijksdienst voor sociale zekerheid van de provinciale en plaatselijke overheidsdiensten, andere dan bedoeld onder e) . De middelen bedoeld in het vorig lid, a) tot d), worden op een aparte rekening ingeschreven bij de Rijksdienst voor sociale zekerheid. De middelen bedoeld in het vorig lid, e) en f), worden ingeschreven op het terugvorderingsfonds ingericht bij Rijksdienst voor sociale zekerheid van de provinciale en plaatselijke overheidsdiensten, overeenkomstig de bepalingen van artikel 1, § 6, van de
wet van 1 augustus 1985Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
03/04/1997
pub.
25/06/1997
numac
1997009353
bron
ministerie van justitie
Wet betreffende de wedden van titularissen van sommige openbare ambten
sluiten1 houdende sociale bepalingen.
De regelen met betrekking tot de bestemming van de middelen worden bepaald door de Koning, bij een in Ministerraad overlegd besluit na advies van de Nationale Arbeidsraad, wat de middelen bedoeld in het tweede lid, c) en d), betreft, na advies van de beheerscomités bedoeld onder punt C wat de middelen bedoeld in het tweede lid, a) en b), betreft, en na advies van het beheerscomité van de Rijksdienst voor sociale zekerheid van de provinciale en plaatselijke overheidsdiensten wat de middelen bedoeld in het tweede lid, e) en f), betreft. 3° De middelen bedoeld in 2° mogen uitsluitend worden aangewend voor de financiering van bijkomende tewerkstelling of van opleidingsprojecten ten voordele van de werkgevers die onder de betrokken indeling vallen. F. De bepalingen van het algemeen stelsel van de sociale zekerheid voor werknemers, met name wat de aangiften met verantwoording van de bijdragen, de betalingstermijnen, de toepassing van de burgerlijke sancties en de strafbepalingen, de bevoegde rechter in geval van betwisting, de verjaring inzake rechtsvorderingen, het voorrecht en de mededeling van het bedrag van de schuldvordering van de Rijksdienst voor sociale zekerheid betreft, zijn van toepassing.
Onverminderd de bevoegdheden van de officieren van gerechtelijke politie, houden de door de Koning aangewezen ambtenaren toezicht op de naleving van deze paragraaf en de uitvoeringsbesluiten ervan.
Deze ambtenaren oefenen dit toezicht uit overeenkomstig de bepalingen van de
wet van 16 november 1972Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
16/03/1971
pub.
28/10/1998
numac
1998000346
bron
ministerie van binnenlandse zaken
Arbeidswet - Duitse vertaling
sluiten0 betreffende de arbeidsinspectie.
G. De Koning bepaalt, bij een in Ministerraad overlegd besluit, de bijkomende voorwaarden en nadere regelen voor de toepassing van deze paragraaf. » . Art. 33.Artikel 1, §§ 6 en 7, van de
wet van 1 augustus 1985Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
03/04/1997
pub.
25/06/1997
numac
1997009353
bron
ministerie van justitie
Wet betreffende de wedden van titularissen van sommige openbare ambten
sluiten1 houdende sociale bepalingen, wordt vervangen als volgt : « § 6. A. Voor de toepassing van artikel 35, § 5, van de
wet van 29 juni 1981Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
31/12/1998
numac
1998003593
bron
ministerie van financien
Wet houdende de Rijksmiddelenbegroting voor het begrotingsjaar 1999
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
15/01/1999
numac
1998007295
bron
ministerie van landsverdediging
Wet houdende zestiende aanpassing van de Algemene Uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998 - Sectie 16 « Landsverdediging »
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
15/01/1999
numac
1998003665
bron
ministerie van financien
Wet houdende fiscale en andere bepalingen
sluiten1 houdende algemene beginselen van de sociale zekerheid voor werknemers wordt bij de Rijksdienst voor sociale zekerheid van de provinciale en plaatselijke overheidsdiensten een fonds opgericht dat gestijfd wordt met de opbrengst van de verminderingen van werkgeversbijdragen waarop de werkgevers aangesloten bij Rijksdienst voor Sociale Zekerheid van de provinciale en plaatselijke overheidsdiensten aanspraak kunnen maken.
In de boekhouding van het Fonds worden verschillende rubrieken opgenomen : a) rubriek voor de betaling van de werkingskosten;b) rubriek voor de financiering van de administratie- en personeelskosten;c) rubriek voor de financiering van de bijkomende tewerkstelling, met volgende subrubrieken : - de bijdrageverminderingen waarop de ziekenhuizen en psychiatrische verzorgingstehuizen aanspraak kunnen maken; - de bijdragevermindering waarop de andere dan de in het vorig streepje bedoelde werkgevers aanspraak kunnen maken; - de bedragen die de minister bevoegd voor Werkgelegenheid, de minister bevoegd voor Sociale zaken en de minister bevoegd voor Volksgezondheid onder de beschikbare niet-recurrente middelen van het fonds toewijzen voor de financiering van opleidingsprojecten.
Dit Fonds wordt beheerd door het beheerscomité van de Rijksdienst voor sociale zekerheid van de provinciale en plaatselijke overheidsdiensten. De Koning bepaalt, bij een in Ministerraad overlegd besluit, de nadere regels voor het toezicht op de bedragen die ter beschikking worden gesteld en de bestemming ervan.
B. Bij de Rijksdienst voor sociale zekerheid van de provinciale en plaatselijke overheidsdiensten wordt een Terugvorderingsfonds opgericht.
In de boekhouding van dat Fonds worden de volgende rubrieken voorzien : a) rubriek voor de terugvordering ten laste van de ziekenhuizen en psychiatrische verzorgingstehuizen;b) rubriek voor de terugvordering ten laste van de andere dan in a) bedoelde werkgevers. C. De Koning bepaalt, bij een in Ministerraad overlegd besluit, de bijkomende voorwaarden en nadere regelen voor de toepassing van deze paragraaf. » . Art. 34.Artikel 71 van de
wet van 26 maart 1999Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/10/1997
pub.
20/11/1997
numac
1997003624
bron
ministerie van financien
Wet betreffende de structuur en de accijnstarieven inzake minerale olie
sluiten7 betreffende het Belgisch actieplan voor de werkgelegenheid 1998 en houdende diverse bepalingen, wordt opgeheven. Art. 35.Artikel 171 van de
wet van 12 augustus 2000Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
03/04/1997
pub.
25/06/1997
numac
1997009353
bron
ministerie van justitie
Wet betreffende de wedden van titularissen van sommige openbare ambten
sluiten3 houdende sociale, budgettaire en andere bepalingen, wordt vervangen als volgt : « Art. 171.§ 1. Er wordt een Fonds opgericht dat gespijsd wordt met : 1° een aandeel gelijk aan 0,10 % van de opbrengst van de verminderingen van de werkgeversbijdragen bedoeld in artikel 35, § 5, D, van de
wet van 29 juni 1981Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
31/12/1998
numac
1998003593
bron
ministerie van financien
Wet houdende de Rijksmiddelenbegroting voor het begrotingsjaar 1999
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
15/01/1999
numac
1998007295
bron
ministerie van landsverdediging
Wet houdende zestiende aanpassing van de Algemene Uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998 - Sectie 16 « Landsverdediging »
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
15/01/1999
numac
1998003665
bron
ministerie van financien
Wet houdende fiscale en andere bepalingen
sluiten1 houdende de algemene beginselen van de sociale zekerheid voor werknemers, gestort door de Rijksdienst voor sociale zekerheid of door de Rijksdienst voor sociale zekerheid van de provinciale en plaatselijke overheidsdiensten, naargelang van het geval;2° een aandeel gelijk aan 1,20 % van de resterende opbrengst dat toekomt aan de openbare sector aangesloten bij de Rijksdienst voor sociale zekerheid, zoals bedoeld in artikel 35, § 5, D, van de voormelde
wet van 29 juni 1981Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
31/12/1998
numac
1998003593
bron
ministerie van financien
Wet houdende de Rijksmiddelenbegroting voor het begrotingsjaar 1999
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
15/01/1999
numac
1998007295
bron
ministerie van landsverdediging
Wet houdende zestiende aanpassing van de Algemene Uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998 - Sectie 16 « Landsverdediging »
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
15/01/1999
numac
1998003665
bron
ministerie van financien
Wet houdende fiscale en andere bepalingen
sluiten1. Het in het eerste lid bedoelde Fonds vormt een begrotingsfonds in de zin van artikel 45 van de wetten op de Rijkscomptabiliteit, gecoördineerd op 17 juli 1991. § 2. In de tabel gevoegd bij de wet van 24 december 1993 tot oprichting van begrotingsfondsen en tot wijziging van de organieke wet van 27 december 1990 houdende oprichting van begrotingsfondsen, wordt de rubriek 23 - Tewerkstelling en Arbeid aangevuld als volgt : « Benaming van het organiek begrotingsfonds 23-8 Begrotingsfonds Sociale maribel Aard van de toegewezen ontvangsten : Aandeel gelijk aan 0,10 % van de verminderingen van de werkgeversbijdragen waarop de werkgevers van de private en van de openbare sector aangesloten bij de Rijksdienst voor sociale zekerheid en bij de Rijksdienst voor sociale zekerheid van de provinciale en plaatselijke overheidsdiensten aanspraak kunnen maken in het kader van de maatregelen met het oog op de bevordering van de tewerkstelling in de non-profitsector.
Aandeel gelijk aan 1,20 % op de resterende opbrengst dat toekomt aan de openbare sector aangesloten bij de Rijksdienst voor sociale zekerheid zoals bedoeld in artikel 35, § 5, D, van de
wet van 29 juni 1981Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
31/12/1998
numac
1998003593
bron
ministerie van financien
Wet houdende de Rijksmiddelenbegroting voor het begrotingsjaar 1999
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
15/01/1999
numac
1998007295
bron
ministerie van landsverdediging
Wet houdende zestiende aanpassing van de Algemene Uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998 - Sectie 16 « Landsverdediging »
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
15/01/1999
numac
1998003665
bron
ministerie van financien
Wet houdende fiscale en andere bepalingen
sluiten1 houdende de algemene beginselen van de sociale zekerheid voor werknemers.
Aard van de toegestane uitgaven : Beheerskosten alsook de kosten met betrekking tot statutair en/of contractueel personeel ingezet voor de opdrachten van de Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg in het kader van de maatregelen met het oog op de bevordering van de tewerkstelling in de non-profitsector. » . Art. 36.Artikel 184 van de
wet van 12 augustus 2000Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
03/04/1997
pub.
25/06/1997
numac
1997009353
bron
ministerie van justitie
Wet betreffende de wedden van titularissen van sommige openbare ambten
sluiten3 houdende sociale, budgettaire en andere bepalingen, wordt vervangen als volgt : « Art. 184.§ 1. Er wordt een Fonds opgericht dat gespijsd wordt met een aandeel gelijk aan 1,20 % van de resterende opbrengst dat toekomt aan de ziekenhuizen en de psychiatrische verzorgingstehuizen van de publieke sector aangesloten bij de Rijksdienst voor sociale zekerheid bedoeld in artikel 35, § 5, D, van de voormelde
wet van 29 juni 1981Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
31/12/1998
numac
1998003593
bron
ministerie van financien
Wet houdende de Rijksmiddelenbegroting voor het begrotingsjaar 1999
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
15/01/1999
numac
1998007295
bron
ministerie van landsverdediging
Wet houdende zestiende aanpassing van de Algemene Uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998 - Sectie 16 « Landsverdediging »
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
15/01/1999
numac
1998003665
bron
ministerie van financien
Wet houdende fiscale en andere bepalingen
sluiten1.
Het in het eerste lid bedoelde Fonds vormt een begrotingsfonds in de zin van artikel 45 van de wetten op de Rijkscomptabiliteit, gecoördineerd op 17 juli 1991. § 2. In de tabel gevoegd bij de wet van 24 december 1993 tot oprichting van begrotingsfondsen en tot wijziging van de organieke wet van 27 december 1990 houdende oprichting van begrotingsfondsen, wordt de rubriek 26 - Sociale Zaken, Volksgezondheid en Leefmilieu aangevuld als volgt : « Benaming van het organiek begrotingsfonds Begrotingsfonds Sociale maribel Aard van de toegewezen ontvangsten Aandeel gelijk aan 1,20 % op de resterende opbrengst die toekomt aan de ziekenhuizen en de psychiatrische verzorgingstehuizen van de publieke sector aangesloten bij de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid bedoeld in artikel 35, § 5, D van de
wet van 29 juni 1981Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
31/12/1998
numac
1998003593
bron
ministerie van financien
Wet houdende de Rijksmiddelenbegroting voor het begrotingsjaar 1999
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
15/01/1999
numac
1998007295
bron
ministerie van landsverdediging
Wet houdende zestiende aanpassing van de Algemene Uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998 - Sectie 16 « Landsverdediging »
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
15/01/1999
numac
1998003665
bron
ministerie van financien
Wet houdende fiscale en andere bepalingen
sluiten1 houdende de algemene beginselen van de sociale zekerheid voor werknemers.
Aard van de toegestane uitgaven Beheerskosten alsook de kosten met betrekking tot statutair en/of contractueel personeel ingezet voor de opdrachten van de Federale Overheidsdienst Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu in het kader van de maatregelen met het oog op de bevordering van de tewerkstelling in de non-profitsector. » . Art. 37.1° De artikelen 4, § 1, en 5, § 1, van de
programmawet van 30 december 2001Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
10/06/1998
pub.
17/07/1998
numac
1998009557
bron
ministerie van justitie
Wet tot wijziging van sommige bepalingen betreffende de verjaring
type
wet
prom.
10/06/1998
pub.
15/08/1998
numac
1998022534
bron
ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu
Wet tot wijziging van de samengeordende wetten van 19 december 1939 betreffende de kinderbijslag voor loonarbeiders
sluiten3, worden opgeheven. 2° In de tabel gevoegd bij de wet van 24 december 1993 tot oprichting van begrotingsfondsen en tot wijziging van de organieke wet van 27 december 1990 houdende oprichting van begrotingsfondsen, bij de rubriek 23 - Tewerkstelling en Arbeid, wordt : a) het Fonds 23-10 - Terugvorderingsfonds voor de private non-profit-sector, bedoeld in artikel 35, § 5, derde lid, 2° van de
wet van 29 juni 1981Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
31/12/1998
numac
1998003593
bron
ministerie van financien
Wet houdende de Rijksmiddelenbegroting voor het begrotingsjaar 1999
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
15/01/1999
numac
1998007295
bron
ministerie van landsverdediging
Wet houdende zestiende aanpassing van de Algemene Uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998 - Sectie 16 « Landsverdediging »
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
15/01/1999
numac
1998003665
bron
ministerie van financien
Wet houdende fiscale en andere bepalingen
sluiten1 houdende de algemene beginselen van de sociale zekerheid voor werknemers, opgeheven.b) het Fonds 23-11 - Terugvorderingsfonds voor de openbare non-profitsector bedoeld in artikel 71, 3°, van de
wet van 26 maart 1999Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/10/1997
pub.
20/11/1997
numac
1997003624
bron
ministerie van financien
Wet betreffende de structuur en de accijnstarieven inzake minerale olie
sluiten7 betreffende het Belgisch actieplan voor de werkgelegenheid 1998 en houdende diverse bepalingen, opgeheven. Art. 38.Het Fonds voor de openbare sector aangesloten bij de Rijksdienst voor sociale zekerheid stort 12 091 110,60 EUR aan het globaal beheer van de sociale zekerheid. Dit bedrag vormt middelen zoals bedoeld in artikel 35, § 5, E, 2°, tweede lid, b), van de
wet van 29 juni 1981Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
31/12/1998
numac
1998003593
bron
ministerie van financien
Wet houdende de Rijksmiddelenbegroting voor het begrotingsjaar 1999
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
15/01/1999
numac
1998007295
bron
ministerie van landsverdediging
Wet houdende zestiende aanpassing van de Algemene Uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998 - Sectie 16 « Landsverdediging »
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
15/01/1999
numac
1998003665
bron
ministerie van financien
Wet houdende fiscale en andere bepalingen
sluiten1 houdende de algemene beginselen van de sociale zekerheid voor werknemers.
Het Fonds voor de ziekenhuizen en de psychiatrische verzorgingstehuizen van de publieke sector aangesloten bij de Rijksdienst voor sociale zekerheid stort 16 462 000 EUR aan het globaal beheer van de sociale zekerheid. Het bedrag vormt middelen zoals bedoeld in artikel 35, § 5, E, 2°, tweede lid, a), van de
wet van 29 juni 1981Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
31/12/1998
numac
1998003593
bron
ministerie van financien
Wet houdende de Rijksmiddelenbegroting voor het begrotingsjaar 1999
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
15/01/1999
numac
1998007295
bron
ministerie van landsverdediging
Wet houdende zestiende aanpassing van de Algemene Uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998 - Sectie 16 « Landsverdediging »
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
15/01/1999
numac
1998003665
bron
ministerie van financien
Wet houdende fiscale en andere bepalingen
sluiten1 houdende de algemene beginselen van de sociale zekerheid voor werknemers.
Het terugvorderingsfonds voor de private non-profit-sector, bedoeld in artikel 35, § 5, vierde lid, 2°, van de
wet van 29 juni 1981Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
31/12/1998
numac
1998003593
bron
ministerie van financien
Wet houdende de Rijksmiddelenbegroting voor het begrotingsjaar 1999
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
15/01/1999
numac
1998007295
bron
ministerie van landsverdediging
Wet houdende zestiende aanpassing van de Algemene Uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998 - Sectie 16 « Landsverdediging »
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
15/01/1999
numac
1998003665
bron
ministerie van financien
Wet houdende fiscale en andere bepalingen
sluiten1 houdende de algemene beginselen van de sociale zekerheid voor werknemers stort een bedrag bepaald door de Koning en dat niet lager kan zijn dan 5 500 000 EUR aan het globaal beheer van de sociale zekerheid. Dit bedrag vormt middelen zoals bedoeld in artikel 35, § 5, E, 2°, tweede lid, d), van de
wet van 29 juni 1981Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
31/12/1998
numac
1998003593
bron
ministerie van financien
Wet houdende de Rijksmiddelenbegroting voor het begrotingsjaar 1999
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
15/01/1999
numac
1998007295
bron
ministerie van landsverdediging
Wet houdende zestiende aanpassing van de Algemene Uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998 - Sectie 16 « Landsverdediging »
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
15/01/1999
numac
1998003665
bron
ministerie van financien
Wet houdende fiscale en andere bepalingen
sluiten1 houdende de algemene beginselen van de sociale zekerheid voor werknemers.
De bedragen bedoeld in dit artikel kunnen enkel worden vrijgegeven na akkoord van de ministers bevoegd voor Werkgelegenheid, Sociale Zaken, Volksgezondheid en Begroting, met uitzondering van 5 970 000 EUR van het bedrag dat wordt gestort door het Fonds voor de openbare sector aangesloten bij de Rijksdienst voor sociale zekerheid en met uitzondering van 5 500 000 EUR van het bedrag dat wordt gestort door het terugvorderingsfonds voor de private non-profitsector. Art. 39.De artikelen 32 tot en 37 treden in werking op 1 januari 2004.
Artikel 38 treedt in werking op 31 december 2003. HOOFDSTUK 7. - Technische correcties aan de wet tot vereenvoudiging van de bijdragevermindering Afdeling 1. - Verlaging van de persoonlijke bijdragen voor de sociale
zekerheid Art. 40.In artikel 2, § 1, van de
wet van 20 december 1999Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
31/12/1998
numac
1998003593
bron
ministerie van financien
Wet houdende de Rijksmiddelenbegroting voor het begrotingsjaar 1999
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
15/01/1999
numac
1998007295
bron
ministerie van landsverdediging
Wet houdende zestiende aanpassing van de Algemene Uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998 - Sectie 16 « Landsverdediging »
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
15/01/1999
numac
1998003665
bron
ministerie van financien
Wet houdende fiscale en andere bepalingen
sluiten9 tot toekenning van een vermindering van de persoonlijke bijdragen van sociale zekerheid aan werknemers met lage lonen, gewijzigd bij de
wet van 12 augustus 2000Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
03/04/1997
pub.
25/06/1997
numac
1997009353
bron
ministerie van justitie
Wet betreffende de wedden van titularissen van sommige openbare ambten
sluiten3 en bij het koninklijk besluit van 13 januari 2003, worden volgende wijzigingen aangebracht : 1° in punt a) vervallen de woorden "kleiner dan 842,84 EUR of met een loon".2° in punt b) vervallen de woorden "groter dan of gelijk aan 842,84 EUR en". Art. 41.In artikel 4 van dezelfde wet worden de woorden "31 december 2003. De Koning kan, bij een in Ministerraad overlegd besluit, de datum waarop de wet in werking treedt en buiten werking treedt, wijzigen." vervangen door de woorden "31 december 2004." . Afdeling 2. - Activering van werkloosheidsuitkeringen
Art. 42.Artikel 7, § 1bis, van de
besluitwet van 28 december 1944Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/10/1997
pub.
20/11/1997
numac
1997003624
bron
ministerie van financien
Wet betreffende de structuur en de accijnstarieven inzake minerale olie
sluiten18 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders, ingevoegd bij wet van 13 februari 1998 en gewijzigd bij de wetten van 26 maart 1999 en 12 augustus 2000, wordt aangevuld met de volgende leden : « De uitkering bedoeld in § 1, derde lid, m, kan slechts worden toegekend voor zover de werknemer wordt aangeworven met een schriftelijke arbeidsovereenkomst die een contractueel voorziene normale uurregeling bevat waarvan het minimum wordt vastgelegd door de Koning.
De uitkering bedoeld in § 1, derde lid, m, kan niet worden toegekend in het kader van : 1° een programma voor wedertewerkstelling zoals bedoeld in artikel 6, § 1, IX, 2°, van de bijzondere
wet van 8 augustus 1980Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
16/03/1971
pub.
28/10/1998
numac
1998000346
bron
ministerie van binnenlandse zaken
Arbeidswet - Duitse vertaling
sluiten1 tot hervorming der instellingen;2° een startbaanovereenkomst gesloten krachtens hoofdstuk VIII van titel II van de
wet van 24 december 1999Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
03/04/1997
pub.
25/06/1997
numac
1997009353
bron
ministerie van justitie
Wet betreffende de wedden van titularissen van sommige openbare ambten
sluiten0 ter bevordering van de werkgelegenheid. De uitkering bedoeld in § 1, derde lid, m, kan niet worden toegekend samen met andere tegemoetkomingen in het loon bepaald door de Koning.
De uitkering bedoeld in § 1, derde lid, m, kan wel worden toegekend samen met de dienstencheque bedoeld in de
wet van 20 juli 2001Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
03/04/1997
pub.
25/06/1997
numac
1997009353
bron
ministerie van justitie
Wet betreffende de wedden van titularissen van sommige openbare ambten
sluiten9 tot bevordering van de buurtdiensten en -banen. » . Afdeling 3. - Uniformisering van de bijdragen waarop de vermindering
wordt toegepast Art. 43.In artikel 99, eerste lid, van de programmawet van 30 augustus 1988, gewijzigd bij de programmawet(I) van 24 december 2002 worden de woorden "en 9°" ingevoegd tussen de woorden "artikel 38, § 3, 1° tot 7" en "en § 3bis ". Art. 44.In artikel 9, § 3, van de
wet van 10 april 1995Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
05/01/1999
numac
1998021488
bron
diensten van de eerste minister
Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
19/01/1999
numac
1998003674
bron
ministerie van financien
Wet houdende zevende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », en 18 - « Ministerie van Financiën »
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
19/01/1999
numac
1998003673
bron
ministerie van financien
Wet houdende tiende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998. - Secties 13 - « Ministerie van Binnenlandse Zaken », 18 - « Ministerie van Financiën » en 19 - « Ministerie van Ambtenarenzaken »
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
23/12/1998
numac
1998011349
bron
ministeri …
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.