📄 Wettekst
31 JULI 2013. - Wet tot wijziging van de
wet van 28 februari 2007Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
05/01/1999
numac
1998021488
bron
diensten van de eerste minister
Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
23/12/1998
numac
1998011349
bron
ministerie van economische zaken
Wet tot wijziging van de wet van 14 juli 1991 betreffende de handelspraktijken en de voorlichting en bescherming van de consument
sluiten7 tot vaststelling van het statuut van de militairen van het actief kader van de Krijgsmacht en tot wijziging van sommige bepalingen betreffende het statuut van het militair personeel
FILIP, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
De Kamers hebben aangenomen en Wij bekrachtigen hetgeen volgt : TITEL 1. - Algemene bepalingen Artikel 1.Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 78 van de Grondwet.
TITEL 2. - Wijziging van de bij het koninklijk besluit nr. 16020 van 11 augustus 1923 samengeordende wetten op de militaire pensioenen Art. 2.In artikel 1, derde lid, van de bij het koninklijk besluit nr. 16020 van 11 augustus 1923 samengeordende wetten op de militaire pensioenen, ingevoegd bij de
wet van 28 februari 2007Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
05/01/1999
numac
1998021488
bron
diensten van de eerste minister
Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
23/12/1998
numac
1998011349
bron
ministerie van economische zaken
Wet tot wijziging van de wet van 14 juli 1991 betreffende de handelspraktijken en de voorlichting en bescherming van de consument
sluiten7 tot vaststelling van het statuut van de militairen van het actief kader van de Krijgsmacht, worden de volgende wijzigingen aangebracht : a) in de bepaling onder 1° worden de woorden "en kandidaat-militairen" ingevoegd tussen de woorden "van de militairen" en de woorden "van het actief kader";b) de bepaling onder 4° wordt opgeheven. Art. 3.In artikel 4 van dezelfde wetten worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in het derde lid, ingevoegd bij de
wet van 28 februari 2007Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
05/01/1999
numac
1998021488
bron
diensten van de eerste minister
Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
23/12/1998
numac
1998011349
bron
ministerie van economische zaken
Wet tot wijziging van de wet van 14 juli 1991 betreffende de handelspraktijken en de voorlichting en bescherming van de consument
sluiten7, worden de woorden "de datum van inwerkingtreding van deze bepaling" vervangen door de woorden "1 januari 2009";2° in het zesde lid, ingevoegd bij de
wet van 28 februari 2007Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
05/01/1999
numac
1998021488
bron
diensten van de eerste minister
Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
23/12/1998
numac
1998011349
bron
ministerie van economische zaken
Wet tot wijziging van de wet van 14 juli 1991 betreffende de handelspraktijken en de voorlichting en bescherming van de consument
sluiten7, worden de woorden "de datum van inwerkingtreding van deze bepaling wordt een tijdsbonificatie van twee jaar in aanmerking genomen als werkelijke dienst, op voorwaarde dat de voornoemde militairen hun transferpunt voorbij zijn en" vervangen door de woorden "1 januari 2009 wordt een tijdsbonificatie van twee jaar in aanmerking genomen als werkelijke dienst, op voorwaarde dat de voornoemde militairen". Art. 4.In artikel 5, vierde lid, van dezelfde wetten, ingevoegd bij de
wet van 28 februari 2007Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
05/01/1999
numac
1998021488
bron
diensten van de eerste minister
Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
23/12/1998
numac
1998011349
bron
ministerie van economische zaken
Wet tot wijziging van de wet van 14 juli 1991 betreffende de handelspraktijken en de voorlichting en bescherming van de consument
sluiten7, worden de woorden "vanaf de datum van inwerkingtreding van deze bepaling" vervangen door de woorden "vanaf 1 januari 2009 en voor de uitgestelde pensioenen die ingaan vanaf 1 januari 2013". Art. 5.In artikel 27bis van dezelfde wetten, ingevoegd bij de
wet van 28 februari 2007Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
05/01/1999
numac
1998021488
bron
diensten van de eerste minister
Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
23/12/1998
numac
1998011349
bron
ministerie van economische zaken
Wet tot wijziging van de wet van 14 juli 1991 betreffende de handelspraktijken en de voorlichting en bescherming van de consument
sluiten7, worden de woorden "vanaf de datum van inwerkingtreding van deze bepaling" vervangen door de woorden "vanaf 1 januari 2009 en voor de berekening van de uitgestelde pensioenen die ingaan vanaf 1 januari 2013". Art. 6.In artikel 51, derde lid, van dezelfde wetten, gewijzigd bij de wet van 14 juli 1930, worden de woorden "de bij de laatste twee alinea's van artikel 4 voorziene dienstjarentoeslag" vervangen door de woorden "de in artikel 4, vierde en vijfde lid, voorziene dienstjarentoeslag, noch op de in artikel 4, zesde lid, bedoelde tijdsbonificatie". Art. 7.In artikel 58, negende lid, van dezelfde wetten, ingevoegd bij de
wet van 28 februari 2007Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
05/01/1999
numac
1998021488
bron
diensten van de eerste minister
Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
23/12/1998
numac
1998011349
bron
ministerie van economische zaken
Wet tot wijziging van de wet van 14 juli 1991 betreffende de handelspraktijken en de voorlichting en bescherming van de consument
sluiten7, worden de woorden "de datum van de inwerkingtreding van deze bepaling" vervangen door de woorden "1 januari 2009". Art. 8.In artikel 58bis van dezelfde wetten, ingevoegd bij de
wet van 28 februari 2007Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
05/01/1999
numac
1998021488
bron
diensten van de eerste minister
Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
23/12/1998
numac
1998011349
bron
ministerie van economische zaken
Wet tot wijziging van de wet van 14 juli 1991 betreffende de handelspraktijken en de voorlichting en bescherming van de consument
sluiten7, worden de volgende wijzigingen aangebracht : a) in de eerste zin worden de woorden "de dag vóór de datum van de inwerkingtreding van deze bepaling" vervangen door de woorden "op 31 december 2008";b) in de bepaling onder 1°, worden de woorden "de datum van de inwerkingtreding van deze bepaling" vervangen door de woorden "1 januari 2009";c) in de bepaling onder 3°, worden de woorden "de datum van de inwerkingtreding van deze bepaling" vervangen door de woorden "1 januari 2009";d) in de bepaling onder 4°, worden de woorden "de datum van de inwerkingtreding van deze bepaling" vervangen door de woorden "1 januari 2009", worden de woorden "de dag vóór de datum van de inwerkingtreding van deze bepaling" vervangen door de woorden "op 31 december 2008" en worden de woorden "de dag van de inwerkingtreding van deze bepaling" vervangen door de woorden "1 januari 2009";e) in de bepaling onder 5°, worden de woorden "de datum van de inwerkingtreding van deze bepaling" vervangen door de woorden "1 januari 2009". Art. 9.In artikel 58ter van dezelfde wetten, ingevoegd bij de
wet van 28 februari 2007Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
05/01/1999
numac
1998021488
bron
diensten van de eerste minister
Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
23/12/1998
numac
1998011349
bron
ministerie van economische zaken
Wet tot wijziging van de wet van 14 juli 1991 betreffende de handelspraktijken en de voorlichting en bescherming van de consument
sluiten7, worden de woorden "de datum van de inwerkingtreding van deze bepaling" vervangen door de woorden "1 januari 2009". Art. 10.In de tabel in bijlage aan dezelfde wetten op de militaire pensioenen, gewijzigd bij de wetten van 29 juli 1926, 14 juli 1930, bij het koninklijk besluit Nr 16 van 15 oktober 1934, bij de wetten van 30 juni 1947, 14 juli 1951, 2 augustus 1955, bij het koninklijk besluit van 20 juli 2000 en bij de wetten van 28 februari 2007 en 22 december 2008, wordt de cel in de kolom "Gedeelte der activiteitswedde als annuïteit dienende voor de pensioenberekening", die begint met "1/60" vervangen als volgt : "1/60. Voor de militairen van het actief kader in dienst vanaf 1 januari 2009 en voor de uitgestelde pensioenen die ingaan vanaf 1 januari 2013 wordt deze breuk evenwel op 1/50 gebracht voor alle perioden van werkelijke dienst en daarmee gelijkgestelde perioden alsook voor afwezigheden om gezondheidsredenen, met uitzondering van de perioden van : 1° voltijds dagonderwijs in de Koninklijke Cadettenschool;2° militaire dienstplicht, wederoproeping of bijkomend prestaties verricht in het reservekader, met uitzondering van de vrijwillige encadreringsprestaties;3° afwezigheid wegens tijdelijke ambtsontheffing wegens loopbaanonderbreking, vrijwillige opschorting van de prestaties en niet door een wedde bezoldigde afwezigheid om andere dan gezondheidsredenen, vanaf 1 januari 2009; De tijd die door voornoemde militairen werd doorgebracht in een burgerlijke dienst wordt voor de berekening van hun militair anciënniteitspensioen in aanmerking genomen aan het tantième eigen aan die burgerlijke dienst, onder voorbehoud van de toepassing van artikel 3 van de
wet van 14 april 1965Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
25/05/2000
pub.
29/06/2000
numac
2000007155
bron
ministerie van landsverdediging
Wet betreffende de personeelsenveloppe van militairen
type
wet
prom.
25/05/2000
pub.
29/06/2000
numac
2000007153
bron
ministerie van landsverdediging
Wet betreffende het in disponibiliteit stellen van bepaalde militairen van het actief kader van de krijgsmacht
type
wet
prom.
25/05/2000
pub.
26/10/2000
numac
2000015116
bron
ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en internationale samenwerking
Wet houdende instemming met het WEU-Akkoord inzake veiligheid, gedaan te Brussel op 28 maart 1995
type
wet
prom.
25/05/2000
pub.
29/06/2000
numac
2000007154
bron
ministerie van landsverdediging
Wet tot instelling van de vrijwillige arbeidsregeling van de vierdagenweek en de regeling van de halftijdse vervroegde uitstap voor sommige militairen en tot wijziging van het statuut van de militairen met het oog op de instelling van de tijdelijke ambtsontheffing wegens loopbaanonderbreking
sluiten6 tot vaststelling van een zeker verband tussen de onderscheiden pensioenregelingen van de openbare sector.".
TITEL 3. - Wijziging van de
wet van 3 juli 1967Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
03/07/1967
pub.
24/10/2001
numac
2001000905
bron
ministerie van binnenlandse zaken
Wet betreffende de preventie van of de schadevergoeding voor arbeidsongevallen, voor ongevallen op de weg naar en van het werk en voor beroepsziekten in de overheidssector. - Duitse vertaling
type
wet
prom.
03/07/1967
pub.
23/03/2018
numac
2018030614
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet betreffende de preventie van of de schadevergoeding voor arbeidsongevallen, voor ongevallen op de weg naar en van het werk en voor beroepsziekten in de overheidssector. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen
sluiten betreffende de preventie van of de schadevergoeding voor arbeidsongevallen, voor ongevallen op de weg naar en van het werk en voor beroepsziekten in de overheidssector Art. 11.In artikel 1 van de
wet van 3 juli 1967Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
03/07/1967
pub.
24/10/2001
numac
2001000905
bron
ministerie van binnenlandse zaken
Wet betreffende de preventie van of de schadevergoeding voor arbeidsongevallen, voor ongevallen op de weg naar en van het werk en voor beroepsziekten in de overheidssector. - Duitse vertaling
type
wet
prom.
03/07/1967
pub.
23/03/2018
numac
2018030614
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet betreffende de preventie van of de schadevergoeding voor arbeidsongevallen, voor ongevallen op de weg naar en van het werk en voor beroepsziekten in de overheidssector. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen
sluiten betreffende de preventie van of de schadevergoeding voor arbeidsongevallen, voor ongevallen op de weg naar en van het werk en voor beroepsziekten in de overheidssector, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in het vierde lid worden de woorden "bij artikel 5, § 5, van de wet van 20 mei 1994 betreffende de beziging van militairen buiten de Krijgsmacht, bedoelde militairen" vervangen door de woorden "militairen die gebezigd worden overeenkomstig de wet van 20 mei 1994 betreffende de beziging van militairen buiten de Krijgsmacht en overeenkomstig Titel V, Afdeling 2, van de
wet van 28 februari 2007Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
05/01/1999
numac
1998021488
bron
diensten van de eerste minister
Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
23/12/1998
numac
1998011349
bron
ministerie van economische zaken
Wet tot wijziging van de wet van 14 juli 1991 betreffende de handelspraktijken en de voorlichting en bescherming van de consument
sluiten7 tot vaststelling van het statuut van de militairen en kandidaat-militairen van het actief kader van de Krijgsmacht";2° in het zevende lid, ingevoegd bij de
wet van 17 mei 2007Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
05/01/1999
numac
1998021488
bron
diensten van de eerste minister
Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
23/12/1998
numac
1998011349
bron
ministerie van economische zaken
Wet tot wijziging van de wet van 14 juli 1991 betreffende de handelspraktijken en de voorlichting en bescherming van de consument
sluiten6, worden de woorden "en bij Titel V, Afdeling 3, van de
wet van 28 februari 2007Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
05/01/1999
numac
1998021488
bron
diensten van de eerste minister
Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
23/12/1998
numac
1998011349
bron
ministerie van economische zaken
Wet tot wijziging van de wet van 14 juli 1991 betreffende de handelspraktijken en de voorlichting en bescherming van de consument
sluiten7 tot vaststelling van het statuut van de militairen en kandidaat-militairen van het actief kader van de Krijgsmacht" ingevoegd tussen de woorden "bij de
wet van 16 juli 2005Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
05/01/1999
numac
1998021488
bron
diensten van de eerste minister
Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
23/12/1998
numac
1998011349
bron
ministerie van economische zaken
Wet tot wijziging van de wet van 14 juli 1991 betreffende de handelspraktijken en de voorlichting en bescherming van de consument
sluiten1 houdende de overplaatsing van sommige militairen naar een openbare werkgever" en de woorden "ter beschikking gestelde militairen". TITEL 4. - Wijziging van de wet van 9 juli 1969 tot wijziging en aanvulling van de wetgeving betreffende de rust- en overlevingspensioenen van het personeel van de openbare sector Art. 12.In artikel 32, tweede lid, van de wet van 9 juli 1969 tot wijziging en aanvulling van de wetgeving betreffende de rust- en overlevingspensioenen van het personeel van de openbare sector, ingevoegd bij de
wet van 28 februari 2007Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
05/01/1999
numac
1998021488
bron
diensten van de eerste minister
Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
23/12/1998
numac
1998011349
bron
ministerie van economische zaken
Wet tot wijziging van de wet van 14 juli 1991 betreffende de handelspraktijken en de voorlichting en bescherming van de consument
sluiten7 tot vaststelling van het statuut van de militairen van het actief kader van de Krijgsmacht, worden de woorden "en kandidaat-militairen" ingevoegd tussen de woorden "van het statuut van de militairen" en de woorden "van het actief kader van de Krijgsmacht".
TITEL 5. - Wijziging van de wet van 8 juli 1970 tot instelling van nieuwe voordelen ten behoeve van de slachtoffers van de militaire plicht of van een daarmee gelijkgestelde plicht Art. 13.In artikel 60 van de wet van 8 juli 1970 tot instelling van nieuwe voordelen ten behoeve van de slachtoffers van de militaire plicht of van een daarmee gelijkgestelde plicht, vervangen bij de wet van 18 mei 1998 en gewijzigd bij de wet van 27 december 2000, wordt het vijfde lid vervangen als volgt : "Voormelde samengeordende wetten zijn evenwel niet van toepassing : 1° op de lichamelijke schade overkomen, tijdens hun beziging, aan de militairen die gebezigd worden overeenkomstig de wet van 20 mei 1994 betreffende de beziging van militairen buiten de Krijgsmacht en overeenkomstig Titel V, Afdeling 2, van de
wet van 28 februari 2007Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
05/01/1999
numac
1998021488
bron
diensten van de eerste minister
Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
23/12/1998
numac
1998011349
bron
ministerie van economische zaken
Wet tot wijziging van de wet van 14 juli 1991 betreffende de handelspraktijken en de voorlichting en bescherming van de consument
sluiten7 tot vaststelling van het statuut van de militairen en kandidaat-militairen van het actief kader van de Krijgsmacht; 2° op de lichamelijke schade overkomen, tijdens hun periode van terbeschikkingstelling, aan de militairen die ter beschikking gesteld worden van een openbare werkgever overeenkomstig de
wet van 16 juli 2005Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
05/01/1999
numac
1998021488
bron
diensten van de eerste minister
Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
23/12/1998
numac
1998011349
bron
ministerie van economische zaken
Wet tot wijziging van de wet van 14 juli 1991 betreffende de handelspraktijken en de voorlichting en bescherming van de consument
sluiten1 houdende de overplaatsing van sommige militairen naar een openbare werkgever en overeenkomstig Titel V, Afdeling 3, van de
wet van 28 februari 2007Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
05/01/1999
numac
1998021488
bron
diensten van de eerste minister
Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
23/12/1998
numac
1998011349
bron
ministerie van economische zaken
Wet tot wijziging van de wet van 14 juli 1991 betreffende de handelspraktijken en de voorlichting en bescherming van de consument
sluiten7 tot vaststelling van het statuut van de militairen en kandidaat-militairen van het actief kader van de Krijgsmacht.".
TITEL 6. - Wijziging van de
wet van 16 juni 1998Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
16/06/1998
pub.
07/07/1998
numac
1998007133
bron
ministerie van landsverdediging
Wet waarbij sommige militairen die slachtoffer zijn van lichamelijke schade overkomen tijdens een actie buiten het nationale grondgebied gelijkgesteld worden met oorlogsinvaliden
sluiten waarbij sommige militairen die slachtoffer zijn van lichamelijke schade overkomen tijdens een actie buiten het nationale grondgebied gelijkgesteld worden met oorlogsinvaliden Art. 14.In artikel 2 van de
wet van 16 juni 1998Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
16/06/1998
pub.
07/07/1998
numac
1998007133
bron
ministerie van landsverdediging
Wet waarbij sommige militairen die slachtoffer zijn van lichamelijke schade overkomen tijdens een actie buiten het nationale grondgebied gelijkgesteld worden met oorlogsinvaliden
sluiten waarbij sommige militairen die slachtoffer zijn van lichamelijke schade overkomen tijdens een actie buiten het nationale grondgebied gelijkgesteld worden met oorlogsinvaliden, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° paragraaf 1 wordt vervangen als volgt : " § 1.Deze wet is uitsluitend van toepassing op de militairen die deelnemen aan acties buiten het nationale grondgebied en die zich, ofwel krachtens artikel 9 van de wet van 20 mei 1994 betreffende de aanwending van de Krijgsmacht, de paraatstelling, alsook betreffende de periodes en de standen waarin de militair zich kan bevinden, ofwel krachtens artikel 190, 3°, 4° en 6°, van de
wet van 28 februari 2007Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
05/01/1999
numac
1998021488
bron
diensten van de eerste minister
Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
23/12/1998
numac
1998011349
bron
ministerie van economische zaken
Wet tot wijziging van de wet van 14 juli 1991 betreffende de handelspraktijken en de voorlichting en bescherming van de consument
sluiten7 tot vaststelling van het statuut van de militairen en kandidaat-militairen van het actief kader van de Krijgsmacht, bevinden in de deelstanden "in hulpverlening", "in operationele inzet" of "in militaire bijstand"."; 2° in paragraaf 2, 1°, worden de woorden "of "in operationele inzet"" vervangen door de woorden ", "in operationele inzet" of "in militaire bijstand"". TITEL 7. - Wijziging van de
wet van 28 februari 2007Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
05/01/1999
numac
1998021488
bron
diensten van de eerste minister
Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
23/12/1998
numac
1998011349
bron
ministerie van economische zaken
Wet tot wijziging van de wet van 14 juli 1991 betreffende de handelspraktijken en de voorlichting en bescherming van de consument
sluiten7 tot vaststelling van het statuut van de militairen van het actief kader van de Krijgsmacht Art. 15.Het opschrift van de
wet van 28 februari 2007Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
05/01/1999
numac
1998021488
bron
diensten van de eerste minister
Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
23/12/1998
numac
1998011349
bron
ministerie van economische zaken
Wet tot wijziging van de wet van 14 juli 1991 betreffende de handelspraktijken en de voorlichting en bescherming van de consument
sluiten7 tot vaststelling van het statuut van de militairen van het actief kader van de Krijgsmacht, wordt vervangen als volgt : "
Wet van 28 februari 2007Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
05/01/1999
numac
1998021488
bron
diensten van de eerste minister
Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
23/12/1998
numac
1998011349
bron
ministerie van economische zaken
Wet tot wijziging van de wet van 14 juli 1991 betreffende de handelspraktijken en de voorlichting en bescherming van de consument
sluiten7 tot vaststelling van het statuut van de militairen en kandidaat-militairen van het actief kader van de Krijgsmacht". Art. 16.Artikel 2 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt : "Art. 2.Voor de toepassing van deze wet maken deel uit van het actief kader : 1° de beroepsmilitairen en kandidaat-beroepsmilitairen;2° de hulpofficieren en kandidaat-hulpofficieren;3° de militairen en kandidaat-militairen korte termijn;4° de militaire en kandidaat-militaire muzikanten;5° de militairen in vrijwillige militaire inzet;6° de kandidaat-militairen in vrijwillige militaire inzet die geen soldij meer ontvangen. Behoudens andersluidende bepaling, bepaalt deze wet het statuut van de beroepsmilitairen en van de kandidaat-beroepsmilitairen.
Het statuut van de andere militairen en kandidaat-militairen van het actief kader wordt bepaald : 1° voor de hulpofficieren en kandidaat-hulpofficieren, door de wet van 23 december 1955 betreffende de hulpofficieren van de luchtmacht, piloten en navigatoren, en door de
wet van 11 november 2002Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
11/11/2002
pub.
06/12/2002
numac
2002007290
bron
ministerie van landsverdediging
Wet betreffende de hulpofficieren van de krijgsmacht
sluiten betreffende de hulpofficieren van de Krijgsmacht en hun uitvoeringsbesluiten;2° voor de militairen en kandidaat-militairen korte termijn, door de wet van 20 mei 1994 houdende statuut van de militairen korte termijn en haar uitvoeringsbesluiten;3° voor de militaire en kandidaat-militaire muzikanten, door de
wet van 27 maart 2003Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
05/01/1999
numac
1998021488
bron
diensten van de eerste minister
Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
23/12/1998
numac
1998011349
bron
ministerie van economische zaken
Wet tot wijziging van de wet van 14 juli 1991 betreffende de handelspraktijken en de voorlichting en bescherming van de consument
sluiten0 betreffende de werving van de militairen en het statuut van de militaire muzikanten en tot wijziging van verschillende wetten van toepassing op het personeel van Landsverdediging en haar uitvoeringsbesluiten;4° voor de militairen en kandidaat-militairen in vrijwillige militaire inzet, door de
wet van 10 januari 2010Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
25/05/2000
pub.
29/06/2000
numac
2000007155
bron
ministerie van landsverdediging
Wet betreffende de personeelsenveloppe van militairen
type
wet
prom.
25/05/2000
pub.
29/06/2000
numac
2000007153
bron
ministerie van landsverdediging
Wet betreffende het in disponibiliteit stellen van bepaalde militairen van het actief kader van de krijgsmacht
type
wet
prom.
25/05/2000
pub.
26/10/2000
numac
2000015116
bron
ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en internationale samenwerking
Wet houdende instemming met het WEU-Akkoord inzake veiligheid, gedaan te Brussel op 28 maart 1995
type
wet
prom.
25/05/2000
pub.
29/06/2000
numac
2000007154
bron
ministerie van landsverdediging
Wet tot instelling van de vrijwillige arbeidsregeling van de vierdagenweek en de regeling van de halftijdse vervroegde uitstap voor sommige militairen en tot wijziging van het statuut van de militairen met het oog op de instelling van de tijdelijke ambtsontheffing wegens loopbaanonderbreking
sluiten5 tot instelling van de vrijwillige militaire inzet en tot wijziging van verschillende wetten van toepassing op het militair personeel en haar uitvoeringsbesluiten. Behoudens andersluidende bepaling, zijn de bepalingen van deze wet niet van toepassing op de leden van de koninklijke familie.". Art. 17.In artikel 3 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht : a) de bepaling onder 1° wordt vervangen als volgt : "1° "de militair" : de kandidaat-militair die zijn kandidaatsperiode met succes heeft beëindigd en die de hoedanigheid verwerft van, naargelang het geval, beroepsofficier, -onderofficier of -vrijwilliger;"; b) de bepaling onder 4° wordt vervangen als volgt : "4° "de vacature" : een opengestelde plaats bij de Krijgsmacht, waarvoor een persoon kan worden aangeworven als kandidaat-militair, naargelang het geval in een functie, een vakrichting of een groep van vakrichtingen;"; c) in de bepaling onder 5° worden de woorden ", zich inschrijft voor een wervingssessie" vervangen door de woorden "aan de bevoegde overheid zijn beslissing om te postuleren meedeelt"; d) de bepaling onder 6° wordt vervangen als volgt : "6° "de sollicitant" : de persoon, tussen de inschrijving en het ogenblik waarop hij de hoedanigheid van kandidaat-militair verwerft, of in voorkomend geval, waarop er een einde wordt gesteld aan het wervingsproces voor deze inschrijving;"; e) de bepaling onder 7° wordt vervangen als volgt : "7° "de werving" : het openstellen van de plaatsen en de verrichtingen inzake de inschrijving, de selectie en de inlijving van de sollicitanten;"; f) in de bepaling onder 8° worden de woorden "hoedanigheid, taalstelsel en soort werving" vervangen door de woorden "soort werving en, in voorkomend geval, taalstelsel";g) de bepalingen onder 9°, 10°, 11° en 12° worden opgeheven;h) de bepaling onder 13° wordt vervangen als volgt : "13° "de kandidaat-militair" : a) degene, al dan niet militair van het reservekader, die aanvaard werd om een dienstneming aan te gaan om als kandidaat-militair van het actief kader een basisvorming te volgen ten einde als lid van het beroepspersoneel te worden opgenomen in de categorie van de beroepsofficieren van niveau A of B, beroepsonderofficieren van niveau B of C, of beroepsvrijwilligers; b) de militairen bedoeld in de artikelen 114 tot 116, die aanvaard werden om een basisvorming te volgen om opgenomen te kunnen worden, naargelang het geval, in een andere personeelscategorie of in een andere hoedanigheid in dezelfde personeelscategorie."; i) de bepaling onder 15° wordt opgeheven;j) in de bepaling onder 17° worden de woorden "300 studiepunten" vervangen door de woorden "240 studiepunten";k) de bepaling onder 19° wordt opgeheven; l) de bepaling onder 20° wordt vervangen als volgt : "20° "de stageperiode" : de periode van hoofdzakelijk praktische vorming in de eenheid met een werkelijke duur van minimum drie maanden die ten laatste eindigt op het einde van de basisvorming, tijdens dewelke de kandidaat-militair een gedeelte van de taken, die hem als officier, onderofficier of vrijwilliger zouden worden toegewezen, onder begeleiding uitoefent;"; m) de bepaling onder 20° /1 wordt ingevoegd, luidende : "20/1° "het ambt" : een functie bij Defensie, uitgeoefend in de hoedanigheid van officier, onderofficier of vrijwilliger;"; n) de bepaling onder 21° wordt vervangen als volgt : "21° "de functie" : een geheel van taken en verantwoordelijkheden die een militair dient op te nemen om de toegewezen opdrachten uit te voeren;"; o) de bepaling onder 22° wordt vervangen als volgt : "22° "de basisfunctie" : de functie die door een militair na het volgen van een basisvorming kan uitgeoefend worden;"; p) in de bepaling onder 25° worden de woorden "een of meerdere" vervangen door de woorden "één of meerdere";q) de bepalingen onder 26°, 27° en 28° worden opgeheven; r) de bepaling onder 29° wordt vervangen als volgt : "29° "de militaire vakrichting" : een groepering van functies met hoofdzakelijk gemeenschappelijke professionele competenties in het militair, operationeel of technisch domein, hierna "vakrichting" genoemd;"; s) de bepalingen onder 29° /1 en 29° /2 worden ingevoegd, luidende : "29° /1 "een groep van vakrichtingen" : de groepering van meerdere militaire vakrichtingen; 29° /2 "de intervakrichtingengroep" : de groepering van alle militaire vakrichtingen;"; t) in de bepaling onder 30° worden de woorden ", voorbehouden voor militairen die geen vlakke loopbaan doorlopen" opgeheven;u) de bepaling onder 31° wordt opgeheven;v) in de bepaling onder 32° worden de woorden "de officier die een master bezit" vervangen door de woorden "degene die de hoedanigheid van officier verwerft op basis van een master";w) in de bepaling onder 33° worden de woorden "de officier die een bachelor of een door een instelling van universitair of gelijkwaardig niveau uitgereikte kandidaatsdiploma bezit, maar geen master," vervangen door de woorden "degene die de hoedanigheid van officier verwerft op basis van een bachelor of een door een instelling van universitair of gelijkwaardig niveau uitgereikt kandidaatsdiploma";x) de bepalingen onder 33° /1 en 33° /2 worden ingevoegd, luidende : "33/1° "de onderofficier van niveau B" : degene die de hoedanigheid van onderofficier verwerft op basis van een voor het uitoefenen van zijn functies noodzakelijke bachelor of die, na in de hoedanigheid van onderofficier van niveau C gediend te hebben, de hoedanigheid van onderofficier van niveau B verwerft; 33/2° "de onderofficier van niveau C" : degene die de hoedanigheid van onderofficier verwerft op basis van een diploma of getuigschrift van het hoger secundair onderwijs, of een gelijkwaardig diploma of getuigschrift, of de militair die, na in de hoedanigheid van vrijwilliger gediend te hebben, de hoedanigheid van onderofficier van niveau C verwerft;"; y) de bepaling onder 34° wordt vervangen als volgt : "34° "de kandidaat-officier" : de kandidaat-militair die een loopbaan van officier beoogt, hetzij in de hoedanigheid van officier van niveau A, hetzij in de hoedanigheid van officier van niveau B;"; z) de bepalingen onder 35° en 36° worden opgeheven; aa) de bepaling onder 37° wordt vervangen als volgt : "37° "de kandidaat-onderofficier" : de kandidaat-militair die een loopbaan van onderofficier beoogt, hetzij in de hoedanigheid van onderofficier van niveau B, hetzij in de hoedanigheid van onderofficier van niveau C;"; ab) de bepaling onder 38° wordt vervangen als volgt : "38° "de kandidaat-vrijwilliger" : de kandidaat-militair die een loopbaan van vrijwilliger beoogt;"; ac) de bepaling onder 39° wordt vervangen als volgt : "39° "de basisvorming" : de cyclus basisvorming die een kandidaat-militair moet volgen in functie van zijn hoedanigheid van kandidaat-militair;"; ad) de bepalingen onder 39° /1, 39° /2 en 39° /3 worden ingevoegd, luidende : "39° /1 "de vorming" : de vorming die een militair kan of moet volgen tijdens zijn loopbaan; 39° /2 "de kandidaatsperiode" : de periode tijdens dewelke een kandidaat-militair zijn basisvorming volgt; 39° /3 "de normale kandidaatsperiode" : de normale duur van een basisvorming, zonder eventuele verlengingen of vertragingen;"; ae) de bepaling onder 40° wordt vervangen als volgt : "40° "de test" : een proef, mondeling of schriftelijk, individueel of collectief, om een taak te beoordelen, volgens een specifieke evaluatietechniek;"; af) de bepaling onder 41° wordt opgeheven; ag) de bepaling onder 42° wordt vervangen als volgt : "42° "de heroriëntering" : de maatregel waarbij de kandidaat-militair zijn basisvorming kan voleindigen of herbeginnen in een andere specifieke vormingscyclus, eventueel in een andere hoedanigheid van kandidaat-militair;"; ah) de bepaling onder 43° wordt vervangen als volgt : "43° "de reclassering" : de maatregel waarbij de definitief mislukte kandidaat-militair de toestemming kan krijgen een nieuwe basisvorming aan te vatten;"; ai) de bepaling onder 44° wordt vervangen als volgt : "44° "het uitstel" : de maatregel waarbij de kandidaat-militair die in de onmogelijkheid verkeert of verkeerde om aan een gedeelte van de basisvorming deel te nemen, de toelating bekomt om bepaalde proeven en examens later af te leggen of bepaalde basisvormingsgedeelten later te volgen;"; aj) de bepaling onder 45° wordt vervangen als volgt : "45° "de verlenging van de kandidaatsperiode" : de maatregel waarbij de kandidaatsperiode van een kandidaat-militair wordt verlengd;"; ak) in de bepaling onder 46° worden de woorden "initiële militaire loopbaan of de voortgezette" opgeheven; al) de bepaling onder 47° wordt aangevuld met de woorden "of de verdeling van de graden over de functies"; am) in de bepaling onder 48° worden de woorden "de aspirant" vervangen door de woorden "sollicitant of van de kandidaat-militair"; an) de bepaling onder 48° /1 wordt ingevoegd, luidende : "48° /1" de professionele hoedanigheden" : met uitsluiting van de morele, karakteriële en fysieke hoedanigheden, alle hoedanigheden van professionele aard die vereist zijn van een kandidaat-militair op het militaire en specifieke beroepsvlak, en op het vlak van de eventuele academische of theoretische vorming;"; ao) in de bepaling onder 49° worden de woorden "om zijn functie te kunnen uitoefenen" opgeheven; ap) de bepaling onder 51° wordt vervangen als volgt : "51° "de geschiktheidscategorie" : de codificatie van de professionele, fysieke en medische geschiktheid van de militair voor de uitoefening van zijn functie of voor de inzetbaarheid in operatie;"; aq) de bepaling onder 52° wordt vervangen als volgt : "52° "de specifieke vormingscyclus" : de cyclus basisvorming die een kandidaat-militair moet volgen in functie van zijn hoedanigheid, van de soort werving en van de vakrichting of de functie waarvoor hij wordt aangeworven;"; ar) de bepaling onder 53° wordt vervangen als volgt : "53° "de periode van schoolvorming" : de periode van hoofdzakelijk academische of theoretische vorming verstrekt door militaire of burgerlijke onderwijsinstellingen;", as) de bepaling onder 54° wordt vervangen als volgt : "54° "de periode van opleiding" : de periode van hoofdzakelijk militaire en professionele vorming verstrekt door een vormingsorganisme of door een eenheid belast met een specifieke vorming;"; at) de bepaling onder 55° wordt vervangen als volgt : "55° "de evaluatieperiode" : de periode van praktische vorming in de eenheid met een duur van ten minste drie maanden, tijdens dewelke de kandidaat het geheel van de taken, die hem als officier, onderofficier of vrijwilliger zouden worden toegewezen, onder begeleiding mag uitoefenen;"; au) de bepalingen onder 56°, 57°, 58°, 59° en 60° worden opgeheven. Art. 18.In titel II van dezelfde wet wordt een artikel 3/1 ingevoegd, luidende : "Art. 3/1.In afwijking van artikel 2, wordt voor de toepassing van deze titel verstaan onder "kandidaat-militair" : 1° de kandidaat-militair bedoeld in artikel 3, 13°, a) van deze wet;2° de kandidaat-hulpofficier;3° de kandidaat-militair korte termijn;4° de kandidaat-reservemilitair; 5° de kandidaat militaire muzikant.". Art. 19.Artikel 4 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt : "Art. 4.De verschillende soorten wervingen zijn : 1° de normale werving;2° de bijzondere werving;3° de laterale werving;4° de aanvullende werving;5° de werving van kandidaat-hulpofficieren; 6° de werving van kandidaat-militairen korte termijn.". Art. 20.Artikel 5 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt : "Art. 5.§ 1. De normale werving is de werving van : 1° kandidaat-militairen die een loopbaan van beroepsofficier van niveau A beogen en die aanvaard worden in het eerste jaar van de basisvorming, in de Koninklijke Militaire School, of in een industriële hogeschool of in de hogere zeevaartschool, of van de basisvorming van arts, dierenarts, tandarts of apotheker;2° kandidaat-militairen die een loopbaan van beroepsonderofficier van niveau B beogen en die aanvaard worden in het eerste jaar van een basisvorming in een instelling van het hoger onderwijs met het oog op het behalen van een bachelor;3° kandidaat-militairen die een loopbaan van beroepsonderofficier van niveau C beogen en die houder zijn van het diploma van het hoger secundair onderwijs of van een gelijkwaardig diploma of getuigschrift;4° kandidaat-militairen die een loopbaan van beroepsvrijwilliger beogen;5° kandidaat-militairen die een loopbaan van reservemilitair beogen, met uitzondering van degenen die afkomstig zijn van de bijzondere werving. § 2. De bijzondere werving is de werving van : 1° kandidaat-militairen die een loopbaan van beroepsofficier van niveau A beogen en die houder zijn van een master of een bijkomende master;2° kandidaat-militairen die een loopbaan van beroepsofficier van niveau B beogen en die houder zijn van een bachelor;3° kandidaat-militairen die een loopbaan van beroepsonderofficier van niveau B beogen en die houder zijn van het diploma van bachelor;4° kandidaat-militairen die een loopbaan van reservemilitair beogen. De bijzondere werving bedoeld in het eerste lid, 4°, wordt onderverdeeld in een basis bijzondere werving en in een laterale bijzondere werving.
De basis bijzondere werving is de werving van : 1° kandidaat-militairen die een loopbaan van reserveofficier beogen en die houder zijn van een master;2° kandidaat-militairen die een loopbaan van reserveonderofficier beogen en die houder zijn van een bachelor. De laterale bijzondere werving is de werving van kandidaat-militairen die de loopbaan van reserveofficier beogen, die houder zijn van een master en die een beroepservaring in het beoogde domein kunnen rechtvaardigen waarvan de minimale duur door de Koning bepaald wordt. § 3. De laterale werving is de werving van beroepsofficieren van niveau A, voor de invulling van vacatures in welbepaalde domeinen, die niet ingevuld kunnen worden door personeelsleden van Defensie.
De sollicitanten voor de laterale werving moeten houder zijn van een master of van een bijkomende master en een specifieke beroepservaring in het beoogde domein bezitten.
De specifieke beroepservaring bedoeld in het tweede lid moet buiten Defensie verworven zijn en door de door de Koning aangewezen overheid beoordeeld worden als beantwoordend aan de eisen van de vacature.
De duur van deze beroepservaring wordt door de Koning bepaald per beoogd domein. § 4. De aanvullende werving is de werving van : 1° kandidaat-militairen die een loopbaan van beroepsofficier van niveau A beogen en die aanvaard worden in de loop van een basisvorming in een industriële hogeschool of in de hogere zeevaartschool, of van de basisvorming van arts, dierenarts, tandarts of apotheker; 2° kandidaat-militairen die een loopbaan van beroepsonderofficier van niveau B beogen en die aanvaard worden in de loop van een basisvorming in een instelling van het hoger onderwijs met het oog op het behalen van een bachelor.". Art. 21.In artikel 6, § 1, van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° het eerste lid wordt aangevuld met de woorden ", waaronder het taalstelsel van de vacatures.De minister mag zich evenwel onthouden het taalstelsel van de vacatures van een wervingssessie van de bijzondere werving te bepalen indien hij oordeelt dat het beperkte aantal vacatures van deze sessie het rechtvaardigt."; 2° in het tweede en het derde lid worden de woorden "De minister of de overheid die hij hiertoe aanwijst" vervangen door de woorden "De door de Koning aangewezen overheid". Art. 22.In artikel 7 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in het eerste lid wordt het woord "militair" vervangen door de woorden "kandidaat-militair"; 2° het tweede lid wordt vervangen als volgt : "De sollicitant mag op 31 december van het jaar van zijn inlijving de leeftijd van 34 jaar, of van 26 jaar wanneer het een kandidaat-piloot betreft, niet bereikt hebben."; 3° het derde lid wordt opgeheven; 4° het vroegere vierde lid, dat het derde lid wordt, wordt vervangen als volgt : "In afwijking van het tweede lid, kan de Koning voor bepaalde wervingen die Hij bepaalt, een andere maximale leeftijdsgrens vaststellen, zonder dat die lager mag zijn dan 25 jaar.". Art. 23.Artikel 8 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt : "Art. 8.De sollicitant moet aan volgende voorwaarden voldoen : 1° niet wegens lichamelijke ongeschiktheid definitief op pensioen gesteld of door reform ontslagen zijn;2° niet definitief uit zijn ambt zijn ontheven door ontslag van ambtswege, oppensioenstelling van ambtswege of dienstverbreking van ambtswege behalve wegens medische ongeschiktheid voor de luchtdienst of wegens beroepsonbekwaamheid voor de luchtdienst;3° geen kandidaat-militair zijn in dezelfde personeelscategorie en dezelfde soort werving;4° de hoedanigheid van militair niet verloren hebben wegens het overgaan naar de geschiktheidscategorie D, bedoeld in artikel 69, zevende lid, behalve als deze overgang te wijten is geweest aan een medische ongeschiktheid;5° de hoedanigheid van kandidaat-militair in dezelfde of in een lagere personeelscategorie, niet verloren hebben, in de twaalf maanden die voorafgaan aan de dag waarop hij zich opnieuw inschrijft;6° niet reeds tweemaal mislukt zijn in een vormingsjaar van een vormingscyclus in dezelfde personeelscategorie;7° voor de sollicitant kandidaat voor de luchtdienst, niet uit een categorie van het varend personeel geschrapt geweest zijn, behalve indien deze schrapping plaatsgevonden heeft op zijn aanvraag of wegens medische ongeschiktheid voor de luchtdienst;8° niet reeds eerder de hoedanigheid van kandidaat-militair verloren hebben wegens onvoldoende karakteriële hoedanigheden in dezelfde of lagere personeelscategorie, in de vierentwintig maanden die voorafgaan aan de dag waarop hij zich opnieuw inschrijft;9° na toewijzing van een functie, niet reeds driemaal, naargelang het geval, van een inlijving afgezien hebben of zonder gegronde reden afwezig zijn geweest op de dag van de inlijving. In afwijking van het eerste lid, 2°, mag de sollicitant kandidaat voor de luchtdienst echter niet definitief uit zijn ambt zijn ontheven door ontslag van ambtswege, oppensioenstelling van ambtswege of dienstverbreking van ambtswege wegens medische ongeschiktheid voor de luchtdienst of wegens beroepsonbekwaamheid voor de luchtdienst.". Art. 24.In artikel 9 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht : a) in de bepaling onder 2° wordt het woord "andere" ingevoegd tussen de woorden "zijn van een" en de woorden "lidstaat van"; b) de bepaling onder 3° wordt vervangen als volgt : "3° blijk geven van de onontbeerlijke morele hoedanigheden;"; c) de bepalingen onder 9° en 10° worden ingevoegd, luidende : "9° geen negatief veiligheidsadvies gekregen hebben van het stafdepartement inlichtingen en veiligheid, afgeleverd op basis van een veiligheidsverificatie overeenkomstig de bepalingen van de
wet van 11 december 1998Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
25/05/2000
pub.
29/06/2000
numac
2000007155
bron
ministerie van landsverdediging
Wet betreffende de personeelsenveloppe van militairen
type
wet
prom.
25/05/2000
pub.
29/06/2000
numac
2000007153
bron
ministerie van landsverdediging
Wet betreffende het in disponibiliteit stellen van bepaalde militairen van het actief kader van de krijgsmacht
type
wet
prom.
25/05/2000
pub.
26/10/2000
numac
2000015116
bron
ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en internationale samenwerking
Wet houdende instemming met het WEU-Akkoord inzake veiligheid, gedaan te Brussel op 28 maart 1995
type
wet
prom.
25/05/2000
pub.
29/06/2000
numac
2000007154
bron
ministerie van landsverdediging
Wet tot instelling van de vrijwillige arbeidsregeling van de vierdagenweek en de regeling van de halftijdse vervroegde uitstap voor sommige militairen en tot wijziging van het statuut van de militairen met het oog op de instelling van de tijdelijke ambtsontheffing wegens loopbaanonderbreking
sluiten9 betreffende de classificatie en de veiligheidsmachtigingen, veiligheidsattesten en veiligheidsadviezen, of deze veiligheidsverificatie niet geweigerd hebben.In afwijking van artikel 22septies van de voornoemde wet is de sollicitant die het voorwerp uitmaakt van een veiligheidscertificatie geen retributie verschuldigd; 10° voldoen aan de reglementaire voorschriften betreffende het voorkomen van de militair.". Art. 25.In artikel 10 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht : a) in paragraaf 1, eerste lid, wordt de bepaling onder 2° vervangen als volgt : "2° desgevallend, proeven van schoolse of beroepskennis;"; b) in paragraaf 1, eerste lid, wordt de bepaling onder 3° vervangen als volgt : "3° proeven tot beoordeling van de fysieke geschiktheid en van de medische geschiktheid."; c) in paragraaf 1, wordt het tweede lid vervangen als volgt : "Sommige selectieproeven kunnen : 1° geheel of gedeeltelijk in het buitenland plaatsvinden; 2° in het Engels worden ondergaan, voor zover een deel van de basisvorming in het Engels wordt verstrekt."; d) in paragraaf 2, eerste lid, worden de woorden "de militaire commissie van beroep voor geschiktheid en reform" vervangen door de woorden "de medische commissie van beroep";e) paragraaf 2 wordt aangevuld met drie leden, luidende : "De medische commissie van beroep doet uitspraak over het beroep tegen een beslissing van medische ongeschiktheid bedoeld in het eerste lid. Deze commissie betekent, met een aangetekende zending, haar beslissing aan betrokkene.
Naast de voorzitter bestaat de medische commissie van beroep uit minstens drie militaire geneesheren van het actief kader, en wordt eventueel bijgestaan door specialisten en een secretaris.
De Koning bepaalt de nadere regels betreffende de concrete samenstelling en de werking van de medische commissie van beroep.". Art. 26.Artikel 11 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt : "Art. 11.Geeft geen blijk van de onontbeerlijke morele hoedanigheden bedoeld in artikel 9, eerste lid, 3°, de sollicitant die, naargelang het geval : 1° veroordeeld werd tot een criminele straf;2° veroordeeld werd tot een correctionele straf van drie maanden of meer, met uitzondering van de strafbare feiten die de Koning bepaalt in functie van hun verenigbaarheid met de staat van militair;3° ontzet werd uit een openbaar ambt of uit één van de rechten zoals bepaald in artikel 31, 1° en 6°, van het Strafwetboek, ongeacht het gepleegde misdrijf; 4° als reservemilitair van ambtswege uit zijn graad ontzet werd of van wie de graad werd ontnomen omdat hij zich schuldig heeft gemaakt aan ernstige, niet met zijn staat van militair overeen te brengen feiten of die, naargelang het geval, om dezelfde redenen vervroegd in disponibiliteit of met onbepaald of met definitief verlof werd gesteld wanneer hij vrijwillige encadreringsprestaties verrichtte.". Art. 27.Artikel 12 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt : "Art. 12.De Koning bepaalt : 1° de selectieproeven evenals de regels volgens dewelke de selectieproeven georganiseerd worden, naargelang de personeelscategorie, de soort werving, of de vacature;2° de regels volgens dewelke de sollicitant beoordeeld wordt tijdens de selectieproeven, de geldigheidsduur van de resultaten van deze proeven en de periode die moet verlopen vooraleer deze proeven opnieuw mogen worden afgelegd;3° de door de sollicitant voor te leggen documenten die bevestigen dat hij aan de nationaliteitsvoorwaarde en aan de studievoorwaarden voldoet, en dat hij blijk geeft van de onontbeerlijke morele hoedanigheden;4° voor de onderdaan van een andere lidstaat van de Europese economische ruimte dan België, of van de Zwitserse Bondsstaat, de overheid die zich uitspreekt over de gelijkwaardigheid in de wetgeving van het land waarvan hij de nationaliteit heeft, van de in artikel 11 bedoelde beoordelingscriteria van de morele hoedanigheden;5° de studievoorwaarden;6° de voorwaarden en de nadere regels betreffende het samenstellen en het gebruik van een wervingsreserve. De bepaling van het eerste lid, 2°, betreffende de maximumgeldigheidsduur van de resultaten van de proeven, is evenwel niet toepasselijk op de sollicitant die definitief medisch ongeschikt verklaard wordt.
De studievoorwaarden bedoeld in het eerste lid, 5°, worden bepaald volgens de soort werving en de beoogde personeelscategorie, met de volgende vereiste minimumniveaus : 1° de sollicitant kandidaat-officier moet geschikt zijn om studies op niveau hoger onderwijs aan te vatten;2° de sollicitant kandidaat-onderofficier moet geslaagd zijn in de graad van het secundair onderwijs die met zijn soort werving overeenstemt; 3° de sollicitant kandidaat-vrijwilliger moet het basisonderwijs beëindigd hebben.". Art. 28.Artikel 13 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt : "Art. 13.De sollicitanten kandidaat-officieren of -onderofficieren worden toegewezen aan de vacatures waarvoor zij solliciteren, volgens een classificatiemodel dat gebruik maakt van een parallelle sequentiële toewijzingsmethode.
De sollicitanten kandidaat-vrijwilligers worden toegewezen aan de vacatures waarvoor zij solliciteren, volgens een psychometrisch classificatiemodel.
De classificatie houdt rekening met : 1° de mate van geschiktheid van de sollicitanten voor de diverse vacatures;2° de voorkeur van de sollicitanten;3° het belang dat gehecht wordt aan de invulling van de diverse vacatures. De wegingscoëfficiënten, die gebruikt worden voor de uitvoering van de classificatiemodellen, worden bepaald door de overheid die de Koning aanwijst.
De Koning legt de vorken vast tussen dewelke de in het vierde lid bedoelde wegingscoëfficiënten kunnen worden bepaald.
De inhoud, de berekeningsregels, de criteria en het algoritme van de classificatiemodellen worden bepaald in een reglement vastgesteld door de minister.". Art. 29.Artikel 14 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt : "Art. 14.Voor het wervingsproces van de sollicitant kandidaat-officier of -onderofficier is de wervingscommissie bevoegd voor : 1° de deliberatie van de sollicitanten, in functie van de behoeften van de Krijgsmacht en op basis van de resultaten van alle selectieproeven;2° de toepassing van het classificatiemodel op de gedelibereerde sollicitanten;3° de toewijzing van de vacatures aan de sollicitanten overeenkomstig de bepalingen van artikel 13;4° de evaluatie van de resultaten van de classificatieprocedure. Naast de voorzitter bestaat de wervingscommissie uit minstens zes leden, en wordt eventueel bijgestaan door specialisten en een secretaris.
De Koning bepaalt de nadere regels betreffende de concrete samenstelling en de werking van de wervingscommissie.
Voor het wervingsproces van de sollicitant kandidaat-vrijwilliger is de door de Koning aangewezen overheid bevoegd voor : 1° de toepassing van het classificatiemodel op de sollicitanten;2° de toewijzing van de vacatures aan de sollicitanten overeenkomstig de bepalingen van artikel 13; 3° de evaluatie van de resultaten van de classificatieprocedure.". Art. 30.In artikel 15 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in het eerste lid worden de woorden "medische zorgen" vervangen door de woorden "ziekteverzorging verstrekt, bij voorkeur en in voorrang, door de medische component";2° in het derde lid worden de woorden "van de aandoeningen bedoeld in het tweede lid" ingevoegd tussen de woorden "ambulant of niet," en de woorden "en mogen niet". Art. 31.In artikel 18, tweede lid, van dezelfde wet worden de woorden "3° en 4° " vervangen door de woorden "2° tot 4° ". Art. 32.In titel III, hoofdstuk I, van dezelfde wet wordt het opschrift van afdeling 1 vervangen als volgt : "Afdeling 1. De hoedanigheid van kandidaat-militair en van militair". Art. 33.Artikel 21 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt : "Art. 21.De sollicitant verwerft de hoedanigheid van kandidaat-militair op de dag van zijn inlijving, voor zover hij medisch geschikt beschouwd wordt en nadat hem werd verklaard dat hij onderworpen is aan de militaire wetten. Het verwerven van de hoedanigheid van kandidaat-militair wordt vastgesteld door het opmaken van een document, ondertekend door de sollicitant die een kopie ervan krijgt. In periode van oorlog gebeurt de vaststelling van het vervullen van deze formaliteit door alle rechtsmiddelen.
Het verwerven van de hoedanigheid van kandidaat-militair wordt bekrachtigd door de ondertekening van een dienstnemingsakte waarvan de minister het model bepaalt. Een exemplaar van de ingevulde akte wordt overhandigd aan de betrokken kandidaat-militair.
De korpscommandant van het inlijvingsorganisme is de bevoegde overheid om het document in ontvangst te nemen waarin de sollicitant erkent dat hij onderworpen is aan de militaire wetten, alsook de dienstnemingsakte.
In voorkomend geval heeft de dienstneming van rechtswege en op de datum ervan, voor gevolg het ontslag uit het ambt in de hoedanigheid van militair of de verbreking van elke vroegere dienstneming of wederdienstneming in de hoedanigheid van kandidaat-militair.
In periode van oorlog en in oorlogstijd worden de lopende dienstnemingen van rechtswege verlengd tot de dag door de minister vastgesteld en uiterlijk tot de dag bepaald voor het op vredesvoet brengen van het leger.
De niet-ontvoogde minderjarige sollicitant moet het bewijs leveren, onder de vorm van een getuigschrift, van de toestemming van degene of degenen die te zijner opzichte de ouderlijke macht uitoefenen. De sollicitant die zijn woonplaats in het buitenland heeft, legt een document voor dat als evenwaardig beschouwd wordt met voormeld getuigschrift.
De Koning bepaalt : 1° de nadere regels betreffende het verwerven van de hoedanigheid van kandidaat-militair en de dienstnemingsprocedure; 2° de gevallen waarin de sollicitant toegestaan wordt op een latere datum de hoedanigheid van kandidaat-militair te verwerven, evenals de maximale duur van de vertraging die kan toegestaan worden.". Art. 34.In dezelfde wet wordt een artikel 21/1 ingevoegd, luidende : "Art. 21/1.De hoedanigheid van kandidaat-militair wordt van rechtswege ontnomen door de overheid die de Koning aanwijst wanneer : 1° de kandidaat-militair definitief mislukt wordt bevonden omdat hij : a) niet de vereiste professionele hoedanigheden bezit, overeenkomstig de van kracht zijnde regels aangaande de beoordeling van de professionele hoedanigheden, en hetzij niet kan, hetzij niet wenst gereclasseerd te worden;b) niet de vereiste karakteriële hoedanigheden bezit, overeenkomstig de van kracht zijnde regels aangaande de beoordeling van de karakteriële hoedanigheden, en hetzij niet kan, hetzij niet wenst gereclasseerd te worden;c) niet de vereiste fysieke hoedanigheden bezit, overeenkomstig de van kracht zijnde regels inzake de beoordeling van de fysieke geschiktheid, de vorming hetzij niet kan, hetzij niet wenst voort te zetten en hetzij niet kan, hetzij niet wenst gereclasseerd te worden;2° de kandidaat-militair niet meer voldoet aan de eisen die op medisch vlak of op het vlak van beroepsbekwaamheid gesteld worden en zijn vorming hetzij niet kan, hetzij niet wenst voort te zetten;3° de kandidaat-militair niet meer de vereiste morele hoedanigheden bezit, overeenkomstig de regels van kracht inzake de beoordeling van de morele hoedanigheden;4° de kandidaat-militair bedoeld in artikel 3, 13°, a), en in artikel 87, eerste lid, op zijn verzoek, de verbreking van zijn dienstneming of wederdienstneming verkrijgt;5° de kandidaat-militair bedoeld in artikel 3, 13°, b), op zijn verzoek, hiervoor de toestemming bekomt van de chef defensie of van de door hem aangewezen overheid;6° de dienstneming of wederdienstneming van de kandidaat-militair van ambtswege verbroken wordt;7° de kandidaat-militair geen onderdaan meer is van een lidstaat van de Europese Economische Ruimte of van de Zwitserse Bondsstaat, of wanneer hij, in toepassing van de
wet van 15 december 1980Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
05/01/1999
numac
1998021488
bron
diensten van de eerste minister
Wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus
type
wet
prom.
07/12/1998
pub.
23/12/1998
numac
1998011349
bron
ministerie van economische zaken
Wet …
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.