📄 Wettekst
18 JUNI 2018. - Wet houdende diverse bepalingen inzake burgerlijk recht en bepalingen met het oog op de bevordering van alternatieve vormen van geschillenoplossing (1)
FILIP, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
De Kamer van volksvertegenwoordigers heeft aangenomen en Wij bekrachtigen, hetgeen volgt : TITEL 1. - Algemene bepaling Artikel 1.Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 74 van de Grondwet.
TITEL 2. - Modernisering van de burgerlijke stand HOOFDSTUK. - Wijzigingen van het Burgerlijk Wetboek Art. 2.De Inleidende titel van het Burgerlijk Wetboek wordt gewijzigd als volgt : 1° artikel 2 wordt vernummerd tot artikel 1;2° artikel 6 wordt vernummerd tot artikel 2. Art. 3.In boek I, titel I, van hetzelfde Wetboek worden volgende wijzigingen aangebracht : 1° het opschrift van hoofdstuk I wordt geschrapt;2° artikel 7 wordt vernummerd tot artikel 3;3° artikel 8 wordt vernummerd tot artikel 4;4° artikel 11 wordt vernummerd tot artikel 5;5° het opschrift van hoofdstuk II, van afdeling I en van afdeling II wordt geschrapt. Art. 4.Boek I, titel II, van hetzelfde Wetboek, dat de artikelen 34 tot 101 bevat, wordt vervangen als volgt : "TITEL 2. DE BURGERLIJKE STAND Hoofdstuk 1. Algemene principes van de burgerlijke stand Afdeling 1. Doelstellingen van de burgerlijke stand
Art. 6.§ 1. De burgerlijke stand heeft als voornaamste doelstellingen : - de rechtsfeiten en rechtshandelingen vast te stellen die de staat van een persoon bepalen of wijzigen; - de rechtzekerheid inzake de staat van de persoon te garanderen; - het bewijs van de staat van de persoon te verzekeren, door middel van de akten van de burgerlijke stand, en dit bewijs zorgvuldig te bewaren. § 2. De staat van een persoon is het geheel van bepaalde hoedanigheden van een persoon die zijn rechtspositie in de familie en in de maatschappij bepalen en die hem onderscheiden van de andere personen wat het bezit en de uitoefening van bepaalde rechten betreft. Afdeling 2. De ambtenaar van de burgerlijke stand
Art. 7.Het college van burgemeester en schepenen is bevoegd voor het beheer van de burgerlijke stand.
De burgemeester, of een hiertoe door het college aangeduide schepen, vervult de taak van ambtenaar van de burgerlijke stand. Hij zorgt in het bijzonder voor het nauwkeurig naleven van alle bepalingen in verband met de akten van de burgerlijke stand.
Bij verhindering van de ambtenaar van de burgerlijke stand wordt deze tijdelijk vervangen door de burgemeester, een schepen of een raadslid in de volgorde van hun benoemingen. Art. 8.Wanneer binnengemeentelijke territoriale organen werden opgericht overeenkomstig artikel 41 van de Grondwet, kan het college van burgemeester en schepenen, in afwijking van artikel 7, één of meer schepenen aanwijzen voor de taak van de ambtenaar van de burgerlijke stand wanneer de burgemeester deze taak niet uitoefent, die elk voor één of meer binnengemeentelijke territoriale organen bevoegd zullen zijn. Art. 9.De ambtenaar van de burgerlijke stand kan voor alle taken inzake het opmaken van akten van burgerlijke stand, met inbegrip van het afleveren van afschriften en uittreksels ervan, een speciale schriftelijke machtiging verlenen aan één of meer beambten van het gemeentebestuur.
Deze machtiging is niet mogelijk voor de opmaak van de akte van huwelijk. Art. 10.De consulaire ambtenaren, bij het Consulair Wetboek bevoegd verklaard inzake burgerlijke stand, zijn bevoegd voor de bediening van de burgerlijke stand onder de voorwaarden bepaald in het Consulair Wetboek. Art. 11.De officieren aangeduid door de minister van Defensie of door de hiertoe gedelegeerde autoriteit maken de akten van overlijden op van de personen van Belgische nationaliteit in dienst van de Belgische strijdkrachten, alsook van het personeel van Defensie van Belgische nationaliteit waarvan de aanwezigheid bij deze Strijdkrachten is vereist, overeenkomstig de bepalingen van dit Wetboek indien het, bij militaire operaties buiten het Belgisch grondgebied, onmogelijk is om een akte van overlijden op te stellen volgens de bepalingen van het Consulair wetboek. Art. 12.De ambtenaar van de burgerlijke stand of zijn gemachtigde mag geen akte van de burgerlijke stand opmaken die betrekking heeft op zichzelf, zijn echtgenoot of echtgenote, zijn wettelijk samenwonende partner, zijn bloedverwanten in de opgaande en in de nederdalende lijn of zijn bloedverwanten in de zijlijn tot de tweede graad.
Artikel 7, derde lid, is in dit geval van toepassing. Art. 13.Tenzij de wet anders bepaalt, is de bevoegde ambtenaar van de burgerlijke stand deze van : - de plaats van inschrijving in het bevolkings-, vreemdelingen- of wachtregister van de betrokkene, de betrokkenen of één van hen; of bij gebrek hieraan, - de actuele verblijfplaats van de betrokkene, de betrokkenen of één van hen; of bij gebrek hieraan, - Brussel. Afdeling 3. De akten van de burgerlijke stand
Art. 14.De akten van de burgerlijke stand zijn authentieke akten.
De akten van de burgerlijke stand worden, behoudens wettelijke uitzonderingen, in gedematerialiseerde vorm opgemaakt in de Databank Akten Burgerlijke Stand (afgekort DABS).
Ze worden bewaard via een gekwalificeerde dienst van elektronische archivering, beoogd in artikel I.18, 18°, van het Wetboek van economisch recht en beantwoorden aan de voorwaarden van boek XII, titel 2 van hetzelfde wetboek.
Indien het door uitzonderlijke omstandigheden onmogelijk is om een akte in gedematerialiseerde vorm op te maken, maakt de ambtenaar van de burgerlijke stand in de plaats hiervan een proces-verbaal op. Van zodra mogelijk maakt de ambtenaar van de burgerlijke stand een akte in gedematerialiseerde vorm op. Het proces-verbaal wordt als bijlage in de DABS opgenomen. Het op papier opgemaakte proces-verbaal wordt bewaard door de ambtenaar van de burgerlijke stand die de akte heeft opgemaakt, tot op het ogenblik van de overdracht van het proces-verbaal aan het Rijksarchief. Art. 15.De bijlagen worden slechts in de DABS gevoegd, bij de akten van de burgerlijke stand waarop ze betrekking hebben, wanneer de wet dit uitdrukkelijk vermeldt en voor zover ze niet beschikbaar zijn in een andere authentieke bron.
Indien de partijen bijlagen hebben overgelegd aan de ambtenaar van de burgerlijke stand, worden de originelen van deze bijlagen aan hen teruggeven. Art. 16.De ambtenaar van de burgerlijke stand vermeldt in de akten die hij opmaakt niets anders dan wat hem door de partijen moet worden verklaard en wat hem door de wet wordt opgelegd. Art. 17.De personen waarop de akte betrekking heeft of die betrokken zijn bij de totstandkoming ervan zijn verplicht de ambtenaar van de burgerlijke stand alle informatie mee te delen die de ambtenaar nodig heeft om de akte op te maken, voor zover deze informatie niet beschikbaar is in een andere authentieke bron. Art. 18.§ 1. De ambtenaar van de burgerlijke stand tekent de door hem opgemaakte of, overeenkomstig afdeling 6, gewijzigde akten, tenzij de wet anders bepaalt. § 2. Onverminderd het artikel 1317, bestaat de handtekening uit een handgeschreven handtekening, of een gekwalificeerde elektronische handtekening, als bedoeld in artikel 3.12 van verordening (EU) nr. 910/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 23 juli 2014 betreffende elektronische identificatie en vertrouwensdiensten voor elektronische transacties in de interne markt en tot intrekking van Richtlijn 1999/93/EG. Art. 19.Door de ondertekening van de in artikel 18, § 1, bedoelde akten waarborgt de ambtenaar van de burgerlijke stand : - de juiste verbinding van die akten met de akten waarop deze akten betrekking hebben, van de betrokkene of, in voorkomend geval, van zijn afstammelingen tot de eerste graad, en - de wijziging van de akten waarop deze akten betrekking hebben, van de betrokkene of, in voorkomend geval, van zijn afstammelingen tot de eerste graad, tenzij de wet anders bepaalt.
De akten van de burgerlijke stand die de wijziging van de in het eerste lid bedoelde akten tot stand brengen zijn zichtbaar in de DABS. Art. 20.Er wordt niets bij afkorting in de akten van de burgerlijke stand vermeld.
De data worden in cijfers uitgedrukt. Art. 21.De belanghebbende partijen kunnen zich bij alle akten, met uitzondering van de huwelijksakte, laten vertegenwoordigen door een lasthebber door middel van een bijzondere en authentieke volmacht.
De volmacht wordt als bijlage in de DABS opgenomen. Art. 22.De ambtenaar van de burgerlijke stand kan de akte voorlezen.
In elk geval wordt de akte voorgelezen op verzoek van één van de verschijnende partijen. Afdeling 4. Bewijskracht van akten van de burgerlijke stand
Art. 23.Enkel de akten van de burgerlijke stand gelden als enige bewijs van de staat van de persoon, tenzij de wet het anders bepaalt.
Enkel de processen-verbaal als bedoeld in de artikelen 14, vierde lid, 47 en 57 gelden als enige bewijs van de staat van de persoon, zolang er op basis hiervan geen akte van de burgerlijke stand werd opgemaakt. Art. 24.De na de inwerkingtreding van de wet van 18 juni 2018 houdende diverse bepalingen inzake burgerlijk recht en bepalingen met het oog op de bevordering van alternatieve vormen van geschillenoplossing in de DABS opgenomen akten, alsook de afschriften en uittreksels daarvan, gelden tot bewijs van valsheid in geschrifte. Art. 25.§ 1. De in gedematerialiseerde vorm in de DABS opgenomen akten van de burgerlijke stand op basis van de vóór de inwerkingtreding van de wet van 18 juni 2018 houdende diverse bepalingen inzake burgerlijk recht en bepalingen met het oog op de bevordering van alternatieve vormen van geschillenoplossing op papier opgemaakte akten, gelden tot bewijs van het tegendeel.
De oorspronkelijke papieren akten gelden tot bewijs van valsheid in geschrifte.
In geval van tegenstrijdigheid tussen een oorspronkelijke papieren akte en dezelfde, in gedematerialiseerde vorm in de DABS opgenomen akte, heeft de oorspronkelijke papieren akte voorrang op deze laatste. § 2. De in gedematerialiseerde vorm in de DABS opgenomen akten van de burgerlijke stand op basis van op papier opgemaakte processen-verbaal als bedoeld in de artikelen 14, vierde lid, 47 en 57 gelden tot bewijs van het tegendeel.
De oorspronkelijke op papier opgemaakte processen-verbaal als bedoeld in de artikelen 14, vierde lid, 47 en 57 gelden tot bewijs van valsheid in geschrifte. Art. 26.Indien een akte van de burgerlijke stand vernietigd of verloren is gegaan, kan de akte vervangen worden overeenkomstig artikel 35.
De vernietiging of het verlies en de inhoud van de akte kunnen bewezen worden door geschriften, door andere authentieke bronnen of door getuigen. Art. 27.Elke persoon kan de vervangende akte van de burgerlijke stand aan elke verzoekende overheid overleggen, indien hij aantoont dat hij nog steeds in de onmogelijkheid verkeert de betrokken akte van de burgerlijke stand te verkrijgen, voor zover de juistheid van de erin vervatte gegevens niet wordt weerlegd. Afdeling 5. Uittreksels en afschriften
Art. 28.§ 1. Er kunnen zowel uittreksels als afschriften worden afgeleverd van de akten van de burgerlijke stand. § 2. Een uittreksel vermeldt de actuele gegevens van de akte, zonder de historiek van de staat van de persoon op wie de akte betrekking heeft.
Een afschrift vermeldt de oorspronkelijke gegevens van de akte en de historiek van de staat van de persoon op wie de akte betrekking heeft.
Afschriften vermelden, in voorkomend geval, de basis voor de opmaak van de akte zoals bepaald in artikel 41, § 1, 5°, a) en c). Art. 29.§ 1. Eenieder heeft recht op een uittreksel of afschrift van akten van meer dan honderd jaar oud.
De persoon op wie de akte betrekking heeft, zijn echtgenoot of echtgenote, zijn wettelijk samenwonende, zijn wettelijke vertegenwoordiger, zijn bloedverwanten in de opgaande of nederdalende lijn, zijn erfgenamen, hun notaris en hun advocaat hebben recht op een uittreksel of afschrift van akten van minder dan honderd jaar oud.
Voor akten die gewijzigd werden met toepassing van Titel IV/1 of met toepassing van artikel 1385quaterdecies, § 3, van het Gerechtelijk Wetboek wordt het recht op een afschrift beperkt tot de persoon op wie de akte betrekking heeft, zijn wettelijke vertegenwoordiger, zijn erfgenamen, hun notaris en hun advocaat. § 2 Uittreksels en afschriften worden afgeleverd door de ambtenaar van de burgerlijke stand die erom wordt verzocht dan wel elektronisch via de DABS. De uittreksels en afschriften worden bij aflevering voorzien van een elektronisch zegel, zoals voorzien in artikel 3.27 van de verordening (EU) nr. 910/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 23 juli 2014 betreffende elektronische identificatie en vertrouwensdiensten voor elektronische transacties in de interne markt en tot intrekking van Richtlijn 1999/93/EG. De Koning stelt vast door wie en op welke wijze de afschriften en uittreksels voor akten van meer dan honderd jaar oud worden afgeleverd. § 3. De uittreksels en afschriften bestemd om in het buitenland te worden gebruikt, worden, voor zover vereist, gelegaliseerd door de minister van Buitenlandse Zaken of door de door hem gemachtigde ambtenaar. § 4. De uittreksels en afschriften vermelden de gegevens zoals voorzien in de modellen die hiertoe door de Koning worden bepaald. § 5. De uittreksels en afschriften vermelden de datum van afgifte en worden geauthentificeerd door het elektronisch zegel van de DABS. Art. 30.§ 1. Voor akten van de burgerlijke stand opgemaakt vóór de inwerkingtreding van de wet van 18 juni 2018. houdende diverse bepalingen inzake burgerlijk recht en bepalingen met het oog op de bevordering van alternatieve vormen van geschillenoplossing neemt een afschrift van een akte de vorm aan van een afdruk van de in gedematerialiseerde vorm in de DABS opgenomen oorspronkelijke akte met de hierop aangebrachte randmeldingen en de metadata van de wijzigingen van deze akte na inwerkingtreding van die wet. § 2. Voor akten van de burgerlijke stand opgemaakt vóór de inwerkingtreding van de wet van 18 juni 2018 houdende diverse bepalingen inzake burgerlijk recht en bepalingen met het oog op de bevordering van alternatieve vormen van geschillenoplossing worden de uittreksels opgemaakt op dezelfde wijze als deze afgeleverd voor akten opgemaakt na de inwerkingtreding van deze wet. § 3. Wanneer het afgeleverde uittreksel of afschrift op basis van een op papier opgemaakte akte voor de inwerkingtreding van deze wet niet wordt aanvaard of wanneer het wordt betwist voor het doel waartoe het dient, wordt een uittreksel of afschrift afgeleverd op basis van het papieren register met toevoeging van de bijwerkingen op de akte in de DABS. Afdeling 6. Wijzigingen van akten van de burgerlijke stand ten gevolge
van een rechterlijke beslissing die de akte verbetert of de afstamming wijzigt of vaststelt of ten gevolge van de verbetering van een materiële vergissing Art. 31.§ 1. In geval een in kracht van gewijsde gegane rechterlijke beslissing een wijziging van één of meerdere akten van de burgerlijke stand tot gevolg heeft, en voor zover hiervan geen akte van de burgerlijke stand kan worden opgemaakt zoals bepaald in hoofdstuk 2, maakt de bevoegde ambtenaar de gewijzigde akte of akten op.
Indien het een Belgische rechterlijke beslissing betreft, stuurt de griffier onmiddellijk de gegevens nodig voor de wijziging via de DABS naar de bevoegde ambtenaar van de burgerlijke stand en neemt de in kracht van gewijsde gegane rechterlijke beslissing als bijlage op in de DABS. De gewijzigde akte vermeldt : 1° de rechterlijke instantie die de in kracht van gewijsde gegane rechterlijke beslissing heeft uitgesproken en de datum van de uitspraak;2° de aard van het beschikkend gedeelte van de rechterlijke beslissing, met name of het gaat om : a) een betwisting van de afstamming en/of vaststelling van een afstammingsband;b) een verbetering van een akte;c) een naams- of voornaamsverandering. § 2. De bevoegde ambtenaar van de burgerlijke stand die een akte of akten van de burgerlijke stand verbetert overeenkomstig artikel 33, maakt onmiddellijk de gewijzigde akte of akten op ten gevolge van de verbetering.
De gewijzigde akte vermeldt de verbetering van de akte. § 3. De ambtenaar van de burgerlijke stand tekent de gewijzigde akte of akten. Afdeling 7. Meldingen op akten van de burgerlijke stand
Art. 32.§ 1. De meldingen bedoeld in de artikelen 122, vierde lid, 134, vierde lid, 193ter, derde lid, 330/3, § 2, derde lid, 370/7, tweede lid, en 370/8, tweede lid, en de meldingen bedoeld in de artikelen 1275, § 2, tweede lid, en 1303, tweede lid, van het Gerechtelijk Wetboek, in artikel 391octies, § 4, tweede lid, van het Strafwetboek, en in artikel 79quater, § 4, tweede lid, en § 6, tweede lid, van de
wet van 15 december 1980Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
15/12/1980
pub.
20/12/2007
numac
2007000992
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen
type
wet
prom.
15/12/1980
pub.
12/04/2012
numac
2012000231
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen
sluiten betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen, worden onder verantwoordelijkheid van het beheerscomité als bedoeld in artikel 73, § 1, opgemaakt en verbonden met de akten waarop ze betrekking hebben.
De melding wordt ondertekend door een elektronisch zegel, zoals voorzien in artikel 3.27 van de verordening (EU) nr. 910/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 23 juli 2014 betreffende elektronische identificatie en vertrouwensdiensten voor elektronische transacties in de interne markt en tot intrekking van Richtlijn 1999/93/EG. § 2. De meldingen bevatten : 1° de vermelding van de basis bedoeld in artikel 41, § 1, 5°, a) en c);2° het aktenummer van de akte waarop de melding betrekking heeft;3° in het geval van een vergunning tot naamsverandering : de gegevens bedoeld in artikel 63;4° in het geval van een echtscheiding : de gegevens bedoeld in artikel 64. Afdeling 8. Verbetering van akten van de burgerlijke stand
Onderafdeling 1. Verbetering door de ambtenaar van de burgerlijke stand Art. 33.§ 1. De bevoegde ambtenaar van de burgerlijke stand die een materiële vergissing vaststelt op een akte van de burgerlijke stand, op basis van een authentieke akte of officieel attest, verbetert deze akte van de burgerlijke stand.
De ambtenaar van de burgerlijke stand gaat na of de akten die de materiële vergissing staven beschikbaar zijn in de DABS. Indien de akten niet beschikbaar zijn in de DABS verzoekt hij, voor akten die in België werden opgemaakt of in België werden overgeschreven vóór de inwerkingtreding van de wet van 18 juni 2018 houdende diverse bepalingen inzake burgerlijk recht en bepalingen met het oog op de bevordering van alternatieve vormen van geschillenoplossing, de ambtenaar van de burgerlijke stand die de akte heeft opgemaakt of overgeschreven tot opname van de akten in de DABS. In zoverre de bevoegde ambtenaar van de burgerlijke stand niet beschikt over de officiële attesten, vraagt hij deze zelf op bij de bevoegde Belgische instanties of instellingen.
Indien de ambtenaar van de burgerlijke stand niet over de documenten beschikt op basis van de voorgaande leden, legt de betrokkene de akten of officiële attesten die de materiële vergissing staven zelf voor. § 2. De bevoegde ambtenaar van de burgerlijke stand maakt de gewijzigde akte of akten van de burgerlijke stand ten gevolge van de verbetering op.
De authentieke akte of het officiële attest, op basis waarvan de akte wordt verbeterd, wordt als bijlage in de DABS opgenomen. Art. 34.Een materiële vergissing houdt in dat een ambtenaar van de burgerlijke stand, bij de opmaak van een akte van de burgerlijke stand, bij vergissing een gegeven heeft opgenomen in deze akte dat niet volledig overeenstemt met de vermelding van dit gegeven op de authentieke akten of officiële attesten die hij op dat ogenblik in zijn bezit had.
Onder een materiële vergissing wordt verstaan : - een schrijf- of typfout in namen en voornamen; - een fout in datum, plaats of uur van het rechtsfeit of de rechtshandeling die de akte vaststelt.
Onderafdeling 2. Verbetering door de familierechtbank Art. 35.§ 1. De persoon die een akte wil laten verbeteren of een ontbrekende akte wil laten vervangen overeenkomstig artikel 27 kan hiertoe een verzoekschrift indienen bij de familierechtbank. § 2. De griffier van de kamer waar de zaak aan toebedeeld is, zendt het verzoekschrift over aan het openbaar ministerie. Na ontvangst van het advies van het openbaar ministerie roept de griffier de verzoeker, bij gerechtsbrief, op om te verschijnen op de door de voorzitter van de kamer vastgestelde zitting. § 3. De griffier stuurt de gegevens nodig voor de opmaak van de gewijzigde akte overeenkomstig afdeling 6 ten gevolge van de verbetering of voor de opmaak van de vervangende akte via de DABS onmiddellijk naar de bevoegde ambtenaar van de burgerlijke stand en neemt de in kracht van gewijsde gegane rechterlijke beslissing als bijlage op in de DABS. De bevoegde ambtenaar van de burgerlijke stand maakt onmiddellijk de gewijzigde akte of akten van de burgerlijke stand ten gevolge van de verbetering of de vervangende akte op. Afdeling 9. Aansprakelijkheid van en controle op de ambtenaar van de
burgerlijke stand Art. 36.De ambtenaar van de burgerlijke stand is verantwoordelijk voor de door hem opgemaakte, verbeterde of gewijzigde akten van de burgerlijke stand. Art. 37.In geval van ernstige twijfel omtrent het opmaken van de akten van de burgerlijke stand kan de ambtenaar van de burgerlijke stand de procureur des Konings verzoeken hierover advies uit te brengen. Art. 38.Onder voorbehoud van de aansprakelijkheid van de operationele beheerder als bepaald in artikel 73, § 1, en de verantwoordelijke voor de verwerking van de persoonsgegevens bedoeld in artikel 73, § 2, is de ambtenaar van de burgerlijke stand burgerrechtelijk aansprakelijk voor het niet naleven van de in het kader van zijn functie opgelegde voorschriften, behoudens verhaal op de personen die hem verhinderd hebben deze voorschriften uit te voeren, indien daartoe grond bestaat. Art. 39.Elke onrechtmatige verandering en elke valsheid in de akten van de burgerlijke stand leveren grond op tot schadevergoeding aan de partijen, onverminderd de straffen voorzien in het Strafwetboek. Art. 40.De procureur des Konings bij de rechtbank van eerste aanleg van het gerechtelijk arrondissement waartoe de gemeente van de ambtenaar van de burgerlijke stand behoort die de akte heeft opgemaakt houdt toezicht op de naleving van de bepalingen inzake de burgerlijke stand. De ambtenaar van de burgerlijke stand brengt hem onmiddellijk op de hoogte van elke fout of onregelmatigheid die hij vaststelt.
De procureur des Konings onderzoekt en vervolgt de door de ambtenaar van de burgerlijke stand in de uitoefening van zijn functie gepleegde inbreuken.
Het College van procureurs-generaal kan richtlijnen uitvaardigen ter verduidelijking van de wijze waarop de in het eerste lid bedoelde controle wordt uitgeoefend. Deze richtlijnen zijn bindend voor alle leden van het openbaar ministerie. De procureurs-generaal bij de hoven van beroep waken over de uitvoering van deze richtlijnen binnen hun rechtsgebied.
Hoofdstuk 2. De verschillende akten van de burgerlijke stand Afdeling 1. Algemene bepaling
Art. 41.§ 1. De akten van de burgerlijke stand vermelden steeds : 1° de naam, de voornaam en de handtekening van de ambtenaar van de burgerlijke stand of de overeenkomstig artikel 9 gemachtigde beambte, die de akte heeft opgemaakt;2° de datum van opmaak van de akte;3° de plaats van opmaak van de akte;4° het aktenummer;5° in voorkomend geval, de vermelding van de basis voor de opmaak van de akte, met name : a) de rechterlijke beslissing, alsook de rechterlijke instantie, de datum van de uitspraak, de datum van het in kracht van gewijsde treden ervan, en het identificatienummer van deze rechterlijke beslissing;b) het proces-verbaal, zoals voorzien in de artikelen 14, vierde lid, 47, 55, § 2 of 57;c) het koninklijk besluit, bedoeld in artikel 370/4, § 1, of artikel 370/8, alsook de datum ervan, en in voorkomend geval, de datum van publicatie in het Belgisch Staatsblad;d) de buitenlandse akte, alsook de autoriteit die de akte heeft opgemaakt en de datum en plaats van opmaak;e) de buitenlandse rechterlijke of administratieve beslissing, alsook de buitenlandse autoriteit die de beslissing heeft genomen, de datum van de beslissing en de datum waarop ze uitwerking heeft. De basis voor de opmaak van de akte wordt als bijlage in de DABS opgenomen. § 2. De personen op wie de akte betrekking heeft worden geïdentificeerd aan de hand van het identificatienummer toegekend in uitvoering van de wet van 8 augustus 1983 tot regeling van een rijksregister van de natuurlijke personen of bij gebreke hiervan het identificatienummer toegekend in uitvoering van artikel 4 van de wet van 15 januari 1990 houdende oprichting en organisatie van een Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid.
Het identificatienummer maakt geen deel uit van de akte van de burgerlijke stand. Hoofdstuk 1, afdeling 8, is hierop niet van toepassing. § 3. De akten van de burgerlijke stand vermelden verder de gegevens zoals voorzien in dit hoofdstuk. Afdeling 2. De akten van geboorte
Onderafdeling 1. De akte van geboorte Art. 42.De kennisgeving van de geboorte, met medisch attest, wordt gedaan aan de ambtenaar van de burgerlijke stand van de geboorteplaats, uiterlijk de eerst volgende werkdag na de geboorte door : 1° in geval van geboorte in een ziekenhuis of andere verzorgingsinrichting, de verantwoordelijke van de inrichting of zijn afgevaardigde;2° in de overige gevallen de arts, vroedvrouw, de andere personen die bij de geboorte aanwezig waren of de persoon bij wie de geboorte heeft plaatsgehad. Art. 43.§ 1. De vader of de meemoeder, en de moeder, of één van hen, doen de geboorteaangifte bij de ambtenaar van de burgerlijke stand van de geboorteplaats, binnen vijftien dagen na de geboorte. Is de laatste dag van die termijn een zaterdag, een zondag of een wettelijke feestdag, dan wordt de termijn verlengd tot de eerstvolgende werkdag. § 2. Indien er geen aangifte werd gedaan overeenkomstig § 1, of wanneer de ouders zich hiervan onthouden, maakt de ambtenaar van de burgerlijke stand de geboorteakte op, op basis van de kennisgeving bedoeld in artikel 42. § 3. De Koning kan de voorwaarden bepalen voor een elektronische aangifte van de geboorte. § 4. De ambtenaar van de burgerlijke stand maakt de akte van geboorte onmiddellijk op. Art. 44.De akte van geboorte vermeldt : 1° de geboortedatum, de geboorteplaats, het uur van geboorte, het geslacht, de naam en de voornamen van het kind, hetzij, in de gevallen bedoeld in artikel 43, § 2, en artikel 45, de op het ogenblik van de opmaak van de akte beschikbare gegevens;2° de naam, de voornamen, de geboortedatum en de geboorteplaats van de moeder en van de vader, indien de afstamming langs vaderszijde vaststaat, of van de meemoeder, indien de afstamming langs haar zijde vaststaat;3° in voorkomend geval, het aktenummer van de akte van prenatale erkenning, of de erkenning door de vader of de meemoeder, met vermelding van : a) de toestemming van de personen bedoeld in artikel 329bis;b) de naam en de voornamen van de wettelijke vertegenwoordiger van het kind indien deze in de erkenning heeft toegestemd;c) de datum, plaats en autoriteit waar de toestemming werd gegeven, of de rechterlijke instantie, de datum en het identificatienummer van de in kracht van gewijsde gegane rechterlijke beslissing waarin de toestemming werd vastgesteld. Onderafdeling 2. Akte van geboorte van een vondeling Art. 45.Elke persoon die een pasgeboren kind gevonden heeft, geeft hiervan onmiddellijk kennis aan de openbare hulpdiensten en deelt hen alle nuttige informatie hierover mee.
De hulpdienst doet aangifte van de geboorte van de vondeling bij de ambtenaar van de burgerlijke stand.
De ambtenaar van de burgerlijke stand maakt de akte van geboorte op.
Het proces-verbaal van de politie wordt als bijlage opgenomen in de DABS. Art. 46.De akte van geboorte vermeldt in dit geval de gegevens bedoeld in artikel 44, 1°.
Onderafdeling 3. Akte van geboorte in geval van geboorte aan boord van een schip of een luchtvaartuig Art. 47.§ 1. In geval van geboorte tijdens een zeereis aan boord van een schip onder Belgische vlag, of tijdens de vlucht van een Belgisch luchtvaartuig, ontvangt de gezagvoerder persoonlijk de geboorteaangifte van de vader of de meemoeder en de moeder of één van hen, of, bij gebrek hieraan, van een persoon die bij de geboorte aanwezig was. Het kind wordt ingeschreven op de passagierslijst. De gezagvoerder maakt, van zodra mogelijk en uiterlijk bij het eerste aanleggen of de eerste landing, van de geboorteaangifte een proces-verbaal op dat de gegevens bedoeld in artikel 44 bevat. § 2. Indien de eerstvolgende aanlegplaats of landingsplaats in België is, bezorgt de gezagvoerder zo spoedig mogelijk het proces-verbaal aan de dichtstbijzijnde ambtenaar van de burgerlijke stand, die onmiddellijk een akte van geboorte opmaakt op basis van het proces-verbaal. Het proces-verbaal wordt als bijlage bij de akte van geboorte in de DABS opgenomen. Het op papier opgemaakte proces-verbaal wordt bewaard door de ambtenaar van de burgerlijke stand die de akte heeft opgemaakt tot op het ogenblik van de overdracht van het proces-verbaal aan het Rijksarchief. § 3. Indien de eerstvolgende aanlegplaats of landingsplaats in het buitenland is, bezorgt de gezagvoerder zo spoedig mogelijk het proces-verbaal aan de consulaire beroepspost in wiens consulair ressort de haven of landingsplaats zich bevindt.
Onderafdeling 4. - Gemeenschappelijke bepalingen Art. 48.Indien het geslacht van een kind onduidelijk is, kunnen de vader of de meemoeder en de moeder, of één van hen, aangifte doen van het geslacht binnen drie maanden na de geboorte, met voorlegging van een medisch attest. Art. 49.De ambtenaar van de burgerlijke stand die een akte van geboorte opmaakt van een kind van wie de afstamming ten aanzien van zijn ouders niet vaststaat of die een akte van de burgerlijke stand wijzigt ten gevolge van een in kracht van gewijsde gegane rechterlijke beslissing waarbij een vordering betreffende de betwisting van de afstamming wordt toegewezen ten aanzien van de ouders of ten aanzien van de enige ouder met betrekking tot wie de afstamming vaststaat, notificeert dit binnen drie dagen elektronisch via de DABS aan de vrederechter bedoeld in artikel 390.
De vervaldag is in de termijn begrepen. Is die dag echter een zaterdag, een zondag of een wettelijke feestdag, dan wordt de vervaldag uitgesteld tot de eerstvolgende werkdag. Afdeling 3. De akten van erkenning
Onderafdeling 1. Akte van prenatale erkenning Art. 50.De akte van prenatale erkenning vermeldt : 1° de naam, de voornamen, de geboortedatum en de geboorteplaats van de moeder;2° de naam, de voornamen, de geboortedatum, de geboorteplaats en de hoedanigheid van de erkenner;3° de toestemming van de moeder, met vermelding van de datum, plaats en autoriteit voor wie de toestemming werd gegeven, of de rechterlijke instantie, de datum en het identificatienummer van de in kracht van gewijsde gegane rechterlijke beslissing waarin de toestemming werd vastgesteld.De rechterlijke beslissing wordt als bijlage in de DABS opgenomen.
Onderafdeling 2. Akte van erkenning Art. 51.De akte van erkenning vermeldt : 1° de naam, de voornamen, de geboortedatum en de geboorteplaats van het kind;2° de naam, de voornamen, de geboortedatum, de geboorteplaats, en, in voorkomend geval de overlijdensdatum en de overlijdensplaats van de ouder ten aanzien van wie de afstamming vaststond voor de erkenning;3° de naam, de voornamen, de geboortedatum en de geboorteplaats en de hoedanigheid van de erkenner;4° in voorkomend geval, de toestemming van de personen bedoeld in artikel 329bis of de in kracht van gewijsde gegane rechterlijke beslissing waarin de vervangende toestemming of de machtiging tot erkenning werd vastgesteld, met vermelding van : a) de naam en de voornamen van de wettelijke vertegenwoordiger van het kind indien deze in de erkenning heeft toegestemd;b) de datum, plaats en autoriteit voor wie de toestemming werd gegeven, of de rechterlijke instantie, de datum en het identificatienummer van de in kracht van gewijsde gegane rechterlijke beslissing waarin de vervangende toestemming of de machtiging tot erkenning werd vastgesteld;5° in voorkomend geval, de nieuwe naam en de verklaring van naamskeuze door de vader of de meemoeder en de moeder;6° in voorkomend geval, de nieuwe voornaam;7° in voorkomend geval, het feit dat de in artikel 329bis, § 3, bedoelde personen niet hebben toegestemd. Afdeling 4. Akte van verklaring van naamskeuze
Art. 52.De akte van verklaring van naamskeuze vermeldt : 1° de naam, de voornamen, de geboortedatum en de geboorteplaats van het kind of de kinderen op wie de verklaring betrekking heeft;2° de naam, de voornamen, de geboortedatum, en de geboorteplaats van de moeder en de vader of de meemoeder;3° de verklaring van naamskeuze door de ouders en de nieuwe naam van het kind of de kinderen;4° de wettelijke basis van de verklaring op basis waarvan de akte werd opgesteld. Afdeling 5. Akte van aanpassing van de registratie van het geslacht
Art. 53.De akte van aanpassing van de registratie van het geslacht vermeldt : - de naam, de voornamen, de geboortedatum en de geboorteplaats van de betrokkene; - het nieuwe geslacht van de betrokkene. Afdeling 6. Akte van huwelijk
Art. 54.De akte van huwelijk vermeldt : 1° de naam, de voornamen, de geboortedatum en de geboorteplaats van de echtgenoten;2° de datum van het huwelijk;3° de door een echtgenoot gekozen naam na voltrekking van het huwelijk, overeenkomstig het recht van de Staat waarvan hij de nationaliteit heeft;4° in voorkomend geval, de naam, voornamen, de geboortedatum en geboorteplaats van de getuigen. Afdeling 7. Akten van overlijden
Onderafdeling 1. Akte van overlijden Art. 55.§ 1. De ambtenaar van de burgerlijke stand van de plaats van overlijden maakt onmiddellijk een akte van overlijden op, van zodra hem een overlijdensattest wordt voorgelegd dat werd opgesteld door de arts die het overlijden heeft vastgesteld. § 2. In geval van overlijden van een onbekend persoon, maakt de ambtenaar van de burgerlijke stand een proces-verbaal op dat alle informatie bevat die hij heeft kunnen inwinnen omtrent de overledene.
Het proces-verbaal wordt als bijlage opgenomen bij de akte van overlijden in de DABS. Art. 56.De akte van overlijden vermeldt : 1° de naam, de voornamen, de geboortedatum en geboorteplaats van de overledene, of, in geval het gaat om een onbekende, de op het ogenblik van de opmaak van de akte beschikbare gegevens;2° de plaats, de datum en het uur van het overlijden of het levenloos aantreffen. Onderafdeling 2. Akte van overlijden in geval van een overlijden aan boord van een schip of een luchtvaartuig Art. 57.§ 1. In geval van overlijden tijdens een zeereis, aan boord van een schip onder Belgische vlag, of tijdens de vlucht van een Belgisch luchtvaartuig, maakt de gezagvoerder, van zodra mogelijk en uiterlijk bij het eerste aanleggen of de eerste landing, een proces-verbaal op dat de gegevens bedoeld in artikel 56 bevat. Het overlijden wordt vermeld op de passagierslijst. § 2. Indien de eerstvolgende aanlegplaats of landingsplaats in België is, bezorgt de gezagvoerder zo spoedig mogelijk het proces-verbaal aan de dichtstbijzijnde ambtenaar van de burgerlijke stand, die onmiddellijk een akte van overlijden opmaakt op basis van het proces-verbaal. Het proces-verbaal wordt als bijlage opgenomen. Het op papier opgemaakte proces-verbaal wordt bewaard door de ambtenaar van de burgerlijke stand die de akte heeft opgemaakt tot op het ogenblik van de overdracht van het proces-verbaal aan het Rijksarchief. § 3. Indien de eerstvolgende aanlegplaats of landingsplaats in het buitenland gelegen is, bezorgt de gezagvoerder zo spoedig mogelijk het proces-verbaal aan de consulaire beroepspost in wiens consulair ressort de haven of landingsplaats zich bevindt.
Onderafdeling 3. Akte van een levenloos kind Art. 58.Wanneer een kind overleden is op het ogenblik van de vaststelling van de geboorte door de arts of de vroedvrouw, maakt de ambtenaar van de burgerlijke stand een akte van een levenloos kind op, op basis van het medisch attest. Art. 59.De akte van een levenloos kind vermeldt : 1° de datum, de plaats, het uur van de bevalling en het geslacht van het kind;2° de voornamen van het kind, indien hierom wordt verzocht;3° de naam, de voornamen, de geboortedatum en de geboorteplaats van de moeder;4° de naam, de voornamen, de geboortedatum en de geboorteplaats van de vader of de meemoeder, die gehuwd is met de moeder of die een prenatale erkenning heeft gedaan, of, op zijn of haar vraag en mits toestemming van de moeder, de naam, de voornamen van de vader of de meemoeder die niet gehuwd is met de moeder noch het verwekt kind heeft erkend. Onderafdeling 4. Gemeenschappelijke bepaling Art. 60.De ambtenaar van de burgerlijke stand die een akte van overlijden opmaakt van de enige ouder of adoptieve ouder van een minderjarige of van een persoon die optrad als voogd over een minderjarige, notificeert dit binnen drie dagen elektronisch via de DABS aan de vrederechter bedoeld in artikel 390.
De ambtenaar van de burgerlijke stand die een akte van overlijden opmaakt, notificeert dit binnen drie dagen elektronisch via de DABS aan de in artikel 628, 3°, van het Gerechtelijk Wetboek bedoelde vrederechter, ingeval de overledene een krachtens artikel 492/1 beschermde persoon of zijn bewindvoerder was.
De vervaldag is in de termijn begrepen. Is die dag echter een zaterdag, een zondag of een wettelijke feestdag, dan wordt de vervaldag uitgesteld tot de eerstvolgende werkdag. Afdeling 8. Akte van afwezigheid
Art. 61.De akte van afwezigheid vermeldt de naam, de voornamen, de geboortedatum en de geboorteplaats van de afwezige. Afdeling 9. Akte van voornaamsverandering
Art. 62.De akte van voornaamsverandering vermeldt : 1° de naam, de voornaam of voornamen, de geboortedatum en de geboorteplaats van de betrokkene;2° de nieuwe voornaam of voornamen van de betrokkene. Afdeling 10. Akte van naamsverandering
Art. 63.De akte van naamsverandering vermeldt : 1° de datum van het verzoek;2° de naam en de voornamen van de betrokkene;3° de nieuwe naam van de betrokkene. Afdeling 11. Akte van echtscheiding
Art. 64.De akte van echtscheiding vermeldt : 1° het aktenummer van de huwelijksakte;2° de naam en de voornamen van de personen die uit de echt gescheiden zijn. Afdeling 12. Akte van adoptie
Art. 65.De akte van adoptie vermeldt : 1° de naam, de voornamen, de geboorteplaats en de geboortedatum van de adoptanten;2° de naam, de voornamen, de geboorteplaats en de geboortedatum van de geadopteerde;3° de nieuwe naam en, in voorkomend geval, de nieuwe voornaam van de geadopteerde na de adoptie;4° de vorm van adoptie : gewone of volle adoptie;5° in voorkomend geval, de datum van de erkenning van de buitenlandse adoptie door de federale centrale autoriteit. Afdeling 13. Akte van herroeping of herziening van adoptie, van nieuwe
aanpassing van de geslachtsregistratie of van nietigverklaring Art. 66.De akte van herroeping of herziening van adoptie, van nieuwe aanpassing van de geslachtsregistratie of van nietigverklaring, vermeldt : 1° het aktenummer van de akte waarop het betrekking heeft;2° de aard van het beschikkend gedeelte van de rechterlijke beslissing, met name of het gaat om : - een herroeping of herziening van een adoptie; - een nieuwe aanpassing van de geslachtsregistratie; - een nietigverklaring van een aanpassing van de registratie van het geslacht; - een nietigverklaring van een volledige akte; - een nietigverklaring van een volledige akte ten gevolge van een beslissing genomen op basis van artikel 463 van het Wetboek van strafvordering. Afdeling 14. Akten van Belgische nationaliteit
Art. 67.§ 1. De akten van nationaliteit bedoeld in de artikelen 15 en 22, § 4, van het Wetboek van de Belgische nationaliteit vermelden : 1° de naam, de voornamen, de geboortedatum en de geboorteplaats van de persoon op wie de akte betrekking heeft;2° de wettelijke basis van de verklaring op basis waarvan de akte werd opgesteld;3° in geval van nationaliteitstoekenning op basis van de artikelen 8, § 1, 2°, b), 9, 2°, b), en 11bis van het Wetboek van de Belgische nationaliteit, de naam, de voornamen, de geboortedatum en de geboorteplaats van de verklaarder of verklaarders. § 2. De akte van vervallenverklaring van Belgische nationaliteit vermeldt de naam, de voornamen, de geboortedatum en de geboorteplaats van de persoon op wie de akte betrekking heeft. Afdeling 15. Akte opgemaakt op basis van een buitenlandse akte
Art. 68.§ 1. Iedere Belg, of zijn wettelijke vertegenwoordiger, kan de ambtenaar van de burgerlijke stand verzoeken om een akte van de burgerlijke stand, bedoeld in dit hoofdstuk, op te maken op basis van een buitenlandse akte van de burgerlijke stand die op hem betrekking heeft.
Het verzoek kan gericht worden aan hetzij de ambtenaar van de burgerlijke stand van zijn plaats van inschrijving in het bevolkings-, vreemdelingen- of wachtregister, of bij gebrek hieraan, van zijn plaats van laatste inschrijving in één van deze registers, of bij gebrek hieraan, van Brussel.
Ook de Procureur des Konings kan hierom verzoeken. § 2. De ambtenaar van de burgerlijke stand maakt een akte bedoeld in paragraaf 1 op indien hem een buitenlandse akte wordt voorgelegd bij de opmaak van een akte van de burgerlijke stand. Art. 69.§ 1. De akte van de burgerlijke stand op basis van een buitenlandse akte vermeldt uitsluitend de gegevens zoals voorzien in dit hoofdstuk.
In voorkomend geval vermeldt deze akte de gegevens van de buitenlandse akte, verbeterd overeenkomstig hoofdstuk 1, afdeling 8, onderafdeling 1. § 2. Een afschrift van de buitenlandse akte en, in voorkomend geval, de beëdigde vertaling ervan, wordt als bijlage in de DABS opgenomen. Afdeling 16. Akte opgemaakt op basis van een buitenlandse rechterlijke
of buitenlandse administratieve beslissing Art. 70.De ambtenaar van de burgerlijke stand maakt een akte van de burgerlijke stand, bedoeld in dit hoofdstuk, op basis van een buitenlandse in kracht van gewijsde gegane rechterlijke beslissing of van een buitenlandse definitieve administratieve beslissing op, voor zover deze een wijziging van de staat van een persoon tot gevolg heeft, en de staat niet gewijzigd kan worden op een akte van de burgerlijke stand overeenkomstig hoofdstuk 1, afdeling 6.
Een afschrift van de buitenlandse rechterlijke beslissing of de buitenlandse administratieve beslissing en, in voorkomend geval, de beëdigde vertaling ervan, wordt als bijlage in de DABS opgenomen.
Hoofdstuk 3. De databank voor de akten van de burgerlijke stand Afdeling 1. Algemene bepalingen
Art. 71.In de DABS worden opgenomen : 1° alle in gedematerialiseerde vorm opgemaakte akten van de burgerlijke stand, de wijzigingen van akten van de burgerlijke stand, de meldingen op akten van de burgerlijke stand en de door de wet vereiste bijlagen, voor zover deze niet beschikbaar zijn in een andere authentieke bron;2° alle administratieve bijwerkingen van de akten van de burgerlijke stand sinds de inwerkingtreding van de wet van 18 juni 2018 houdende diverse bepalingen inzake burgerlijk recht en bepalingen met het oog op de bevordering van alternatieve vormen van geschillenoplossing;3° de metadata en de gedematerialiseerde kopieën van de door de gemeenten en Belgische consulaten opgenomen akten van de burgerlijke stand die op papier werden opgemaakt voor de inwerkingtreding van de wet van 18 juni 2018 houdende diverse bepalingen inzake burgerlijk recht en bepalingen met het oog op de bevordering van alternatieve vormen van geschillenoplossing;4° de metadata en de gedematerialiseerde kopieën van de in toepassing van artikel 31 van het Wetboek van internationaal privaatrecht geregistreerde, geweigerde of erkende buitenlandse akten en rechterlijke beslissingen van de burgerlijke stand. De DABS geldt als authentieke bron voor alle akten opgemaakt na de inwerkingtreding van de wet van 18 juni 2018 houdende diverse bepalingen inzake burgerlijk recht en bepalingen met het oog op de bevordering van alternatieve vormen van geschillenoplossing en de gegevens die erin zijn opgenomen. Art. 72.De DABS heeft tot taak : 1° het ondersteunen van de ambtenaren van de burgerlijke stand en van de consulaire ambtenaren in hun wettelijke opdrachten inzake het opmaken en bijhouden van de akten en de registers van de burgerlijke stand;2° het als authentieke bron waarborgen van de opslag, bewaring en ter beschikkingstelling van alle in de DABS opgenomen akten van de burgerlijke stand, zonder te raken aan de wettelijke opdrachten van het Rijksregister als authentieke bron voor de identificatiegegevens van natuurlijke personen;3° het verzekeren van een dienstverlening aan de burgers, ongeacht waar ze zich bevinden;4° het vereenvoudigen van administratieve procedures door het verplicht hergebruik van de in de DABS beschikbare akten en gegevens;5° het ondersteunen van de rechterlijke orde bij de uitvoering van hun opdrachten;6° te voorzien in een uniform en centraal toezicht op het opmaken en bewaren van de akten en het afleveren van uittreksels en afschriften ervan;7° de uitvoering van de internationale verdragen en akkoorden op het gebied van de burgerlijke stand mogelijk te maken;8° het opmaken van globale en geanonimiseerde statistieken met betrekking tot de burgerlijke stand mogelijk te maken;9° het instaan voor de bewaring van de akten van de burgerlijke stand tot op het ogenblik van de overdracht ervan aan het Rijksarchief;10° te voorzien in een gelijktijdige actualisatie van de gegevens van het Rijksregister op basis van de gegevens opgenomen in de DABS. Afdeling 2. Beheer van de DABS
Art. 73.§ 1. De DABS wordt, in opdracht van de Federale Overheidsdienst Justitie, opgericht bij de Federale Overheidsdienst Binnenlandse Zaken die verantwoordelijk is voor het operationeel beheer ervan, onverminderd de bevoegdheid van de minister van Justitie betreffende de burgerlijke stand. § 2. De Federale Overheidsdienst Justitie is de verantwoordelijke voor de verwerking van de gegevens in de DABS in de zin van artikel 1, § 4, tweede lid van de wet van 8 december 1992 tot bescherming van de persoonlijke levenssfeer ten opzichte van de verwerking van persoonsgegevens. Art. 74.§ 1. De DABS wordt beheerd door het Beheerscomité DABS, hierna genoemd "beheerscomité". § 2. Het beheerscomité staat in voor de inrichting en het beheer van de DABS en bepaalt de noodzakelijke maatregelen om de onveranderlijkheid, de vertrouwelijkheid en de bewaring van de akten van de burgerlijke stand in de DABS te waarborgen. § 3. Het beheerscomité is samengesteld uit : 1° negen vertegenwoordigers van de gemeentelijke overheden;2° twee vertegenwoordigers van de Federale Overheidsdienst justitie;3° een vertegenwoordiger van het College van het openbaar ministerie;4° een vertegenwoordiger van het College van de hoven en rechtbanken;5° twee vertegenwoordigers van de Federale Overheidsdienst Binnenlandse Zaken;6° een vertegenwoordiger van de Federale Overheidsdienst Buitenlandse Zaken;7° een vertegenwoordiger van het Algemeen Rijksarchief. § 4. Het beheerscomité wordt voorgezeten door een vertegenwoordiger van de gemeentelijke overheden. § 5. De Koning bepaalt de nadere regels van de samenstelling en de werking van het beheerscomité. Art. 75.De Federale Overheidsdienst Justitie stelt een functionaris voor de gegevensbescherming aan voor de persoonsgegevens en de informatie die in het kader van deze wet worden verwerkt.
Deze is meer bepaald belast met : 1° het verstrekken van deskundige adviezen inzake de bescherming van de persoonlijke levenssfeer en de beveiliging van de persoonsgegevens en informatie en inzake hun verwerking;2° het informeren en adviseren van de Federale Overheidsdienst Justitie via het beheerscomité over haar verplichtingen binnen het kader van deze wet en binnen het algemeen kader van de bescherming van de gegevens en de privacy;3° het opstellen, het toepassen, het bijwerken en het controleren van een beleid inzake de beveiliging en de bescherming van de persoonlijke levenssfeer;4° het vormen van het contactpunt voor de Gegevensbeschermingsautoriteit;5° de uitvoering van de andere opdrachten inzake de bescherming van de persoonlijke levenssfeer en de beveiliging die door de Koning worden bepaald, na advies van de Gegevensbeschermingsautoriteit. Bij het uitoefenen van zijn opdrachten handelt de functionaris voor de gegevensbescherming volledig onafhankelijk en brengt rechtstreeks verslag uit aan het beheerscomité dat hiervan kennis geeft aan de Federale Overheidsdienst Justitie.
De Koning kan, na advies van de Gegevens-beschermingsautoriteit, nadere regels volgens dewelke de functionaris voor de gegevensbescherming zijn opdrachten uitvoert, bepalen. Art. 76.De gegevens bedoeld in artikel 71, worden bewaard tot op het ogenblik van de overdracht ervan aan het Algemeen Rijksarchief.
De Koning bepaalt, na advies te hebben ingewonnen van het beheerscomité, de nadere regels van deze overdracht. Art. 77.De Koning bepaalt, na het advies te hebben ingewonnen van het beheerscomité en de Gegevensbeschermingsautoriteit, de bijkomende nadere regels voor de inrichting en werking van de DABS. Afdeling 3. Toegang tot de DABS
Art. 78.De gegevens van de DABS kunnen meegedeeld worden aan of zijn rechtstreeks toegankelijk voor de volgende personen, overheden of instellingen : 1° de personen waarop de akte betrekking heeft, voor de akten die op hen betrekking hebben, of hun advocaat;2° de ambtenaren van de burgerlijke stand en de door hen gemachtigde beambten in het kader van de uitoefening van hun wettelijke opdrachten;3° de consulaire beambten in het kader van de uitoefening van hun wettelijke opdrachten;4° de magistraten, bij de rechtscolleges en hun griffies, in de uitoefening van hun ambt;5° de ambtenaren van de Dienst Naamsverandering, van de Federale Centrale Autoriteit Adoptie en van de Centrale autoriteit Burgerlijke Stand van de Federale Overheidsdienst Justitie in het kader van de uitoefening van hun wettelijke opdrachten;6° de notarissen, in de uitoefening van hun ambt;7° de parketten, in de uitoefening van hun ambt;8° de openbare overheden, de instellingen van openbaar nut en instellingen van algemeen belang voor zover het voorleggen van de gegevens van de akten van de burgerlijke stand noodzakelijk is voor de uitvoering van hun wettelijke opdrachten. De personen, overheden of instellingen bedoeld in de bepalingen onder 2° tot 5° van het eerste lid beschikken zowel over lees- als schrijfrechten in de DABS.De personen, overheden of instellingen bedoeld in de bepalingen onder 1°, 6°, 7° en 8° hebben enkel leesrechten over de gegevens in de DABS. De Koning bepaalt de nadere regels voor de toegang voor deze overheden, instellingen en personen.
De aanpassing van de registratie van het geslacht in de akten die gewijzigd werden met toepassing van titel IV/1 of met toepassing van artikel 1385quaterdecies, § 3, van het Gerechtelijk Wetboek mag slechts geraadpleegd worden door de personen, overheden en instellingen bedoeld in de bepalingen onder 4° tot 8° van het eerste lid, voor zover wordt aangetoond dat dit noodzakelijk is om redenen die verband houden met de staat van de persoon. Art. 79.De Koning bepaalt, na het advies te hebben ingewonnen van de Gegevensbeschermingsautoriteit, op welke wijze akten raadpleegbaar zijn voor genealogische, historische of andere wetenschappelijke doeleinden. Art. 80.De Koning kan, op voordracht van het beheerscomité en na advies van de Gegevens-beschermingsautoriteit, andere categorieën van personen, overheden of instellingen aanduiden die toegang kunnen hebben tot de DABS onder de door hem bepaalde voorwaarden. Art. 81.De overheden, de instellingen en de personen die gemachtigd zijn de gegevens van de DABS te raadplegen, met uitzondering van de personen bedoeld in artikel 78, 1°, mogen de betreffende gegevens niet meer opvragen via de betrokkene, een lokaal bestuur of om het even welk ander kanaal. Art. 82.§ 1. Iedere belanghebbende en iedere gebruiker van de DABS kan bij het secretariaat van het beheerscomité de verbetering van elke onjuiste vermelding in een inschrijving of wijziging in de DABS vragen, alsook de verbetering van de in strijd met deze wet of haar uitvoeringsbesluiten aanvaarde inschrijvingen of wijzigingen. De DABS notificeert de vraag tot verbetering aan de bevoegde ambtenaar van de burgerlijke stand. De ambtenaar van de burgerlijke stand verbetert de vermelding, de inschrijving of de wijziging, in voorkomend geval, overeenkomstig hoofdstuk 1, afdeling 8. § 2. Alle overheden en instellingen, die toegang hebben tot de gegevens van de DABS zijn gehouden, van zodra zij hetzij foutieve of het ontbreken van gegevens vaststellen in de DABS, hetzij vaststellen dat een inschrijving of wijziging niet is gebeurd, dit te melden aan het secretariaat van het beheerscomité. Art. 83.Hij die in welke hoedanigheid ook deelneemt aan de verzameling, de verwerking of de mededeling van de in artikel 71 bedoelde gegevens of kennis heeft van die gegevens, moet het vertrouwelijk karakter ervan in acht nemen.
Artikel 458 van het Strafwetboek is op hen toepasselijk.". Art. 5.Artikel 121 van hetzelfde Wetboek, vervangen bij de
wet van 9 mei 2007Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
19/02/2001
pub.
15/03/2001
numac
2001003145
bron
ministerie van financien
Wet tot wijziging van de artikelen 36bis, 36ter, 110 en 111 en tot invoering van artikel 36quater van het Wetboek van de met de inkomstenbelastingen gelijkgestelde belastingen
type
wet
prom.
19/02/2001
pub.
03/04/2001
numac
2001009208
bron
ministerie van justitie
Wet betreffende de proceduregebonden bemiddeling in familiezaken
sluiten2, wordt vervangen als volgt : "Art. 121.§ 1. Het beschikkend gedeelte van de beslissing houdende verklaring van afwezigheid vermeldt de gegevens opgesomd in artikel 56; het stelt, in voorkomend geval, de onmogelijkheid vast om sommige van die gegevens te vermelden.
Op verzoek van de procureur des Konings stuurt de griffier onmiddellijk de gegevens nodig voor de opmaak van de akte van afwezigheid ten gevolge van de in kracht van gewijsde gegane beslissing houdende verklaring van afwezigheid via de DABS naar de bevoegde ambtenaar van de burgerlijke stand.
De ambtenaar van de burgerlijke stand van de laatste plaats van inschrijving van de afwezige in het bevolkings-, vreemdelingen- of wachtregister in België, of bij gebrek hieraan, deze van Brussel, maakt onmiddellijk de akte van afwezigheid ten gevolge van de rechterlijke beslissing op. § 2. De beslissing houdende verklaring van afwezigheid heeft alle gevolgen van het overlijden vanaf de datum van de opmaak van de akte van afwezigheid.". Art. 6.In artikel 122 van hetzelfde Wetboek, vervangen bij de
wet van 9 mei 2007Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
19/02/2001
pub.
15/03/2001
numac
2001003145
bron
ministerie van financien
Wet tot wijziging van de artikelen 36bis, 36ter, 110 en 111 en tot invoering van artikel 36quater van het Wetboek van de met de inkomstenbelastingen gelijkgestelde belastingen
type
wet
prom.
19/02/2001
pub.
03/04/2001
numac
2001009208
bron
ministerie van justitie
Wet betreffende de proceduregebonden bemiddeling in familiezaken
sluiten2 en gewijzigd bij de
wet van 30 juli 2013Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
07/07/2002
pub.
10/08/2002
numac
2002009754
bron
federale overheidsdienst justitie
Wet houdende een regeling voor de bescherming van bedreigde getuigen en andere bepalingen
type
wet
prom.
07/07/2002
pub.
14/08/2002
numac
2002009733
bron
federale overheidsdienst justitie
Wet tot wijziging van deel II, boek II, titel V, van het Gerechtelijk Wetboek betreffende de tucht en tot intrekking van de wet van 7 mei 1999 tot wijziging, wat het tuchtrecht voor de leden van de Rechterlijke Orde betreft, van het Gerechtelijk Wetboek
sluiten3, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in het eerste lid worden de woorden "waarna artikel 121, § 2, derde lid wordt toegepast" vervangen door de woorden "waarna de akte van afwezigheid kan worden verbeterd overeenkomstig artikel 35";2° in het tweede lid worden de woorden "wordt artikel 121, § 2, derde lid, toegepast" vervangen door de woorden "kan de akte van afwezigheid worden verbeterd overeenkomstig artikel 35";3° het artikel wordt aangevuld met twee leden, luidende : "In de gevallen bedoeld in het eerste en tweede lid stuurt de griffier onmiddellijk de gegevens van het vonnis of arrest door naar de DABS, met vermelding van de dag van het in kracht van gewijsde treden. De DABS maakt op basis hiervan een melding op en verbindt deze met de akte van afwezigheid.". Art. 7.In artikel 131, tweede lid, van hetzelfde Wetboek, vervangen bij de
wet van 9 mei 2007Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
19/02/2001
pub.
15/03/2001
numac
2001003145
bron
ministerie van financien
Wet tot wijziging van de artikelen 36bis, 36ter, 110 en 111 en tot invoering van artikel 36quater van het Wetboek van de met de inkomstenbelastingen gelijkgestelde belastingen
type
wet
prom.
19/02/2001
pub.
03/04/2001
numac
2001009208
bron
ministerie van justitie
Wet betreffende de proceduregebonden bemiddeling in familiezaken
sluiten2, worden de woorden "artikel 79" vervangen door de woorden "artikel 56". Art. 8.Artikel 132 van hetzelfde Wetboek, vervangen bij de
wet van 9 mei 2007Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
19/02/2001
pub.
15/03/2001
numac
2001003145
bron
ministerie van financien
Wet tot wijziging van de artikelen 36bis, 36ter, 110 en 111 en tot invoering van artikel 36quater van het Wetboek van de met de inkomstenbelastingen gelijkgestelde belastingen
type
wet
prom.
19/02/2001
pub.
03/04/2001
numac
2001009208
bron
ministerie van justitie
Wet betreffende de proceduregebonden bemiddeling in familiezaken
sluiten2, wordt vervangen als volgt : "Art. 132.Op verzoek van de procureur des Konings stuurt de griffier onmiddellijk de gegevens nodig voor de opmaak van de akte van overlijden ten gevolge van de in kracht van gewijsde gegane gerechtelijke beslissing tot verklaring van overlijden via de DABS naar de bevoegde ambtenaar van de burgerlijke stand.
De ambtenaar van de burgerlijke stand van de laatste plaats van inschrijving van de overledene in het bevolkings-, vreemdelingen- of wachtregister in België, of bij gebrek hieraan, deze van Brussel, maakt de akte van overlijden ingevolge de rechterlijke beslissing onmiddellijk op.
In geval van een collectief vonnis wordt een akte van overlijden per betrokkene opgemaakt.". Art. 9.In artikel 133 van hetzelfde Wetboek, vervangen bij de
wet van 9 mei 2007Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
19/02/2001
pub.
15/03/2001
numac
2001003145
bron
ministerie van financien
Wet tot wijziging van de artikelen 36bis, 36ter, 110 en 111 en tot invoering van artikel 36quater van het Wetboek van de met de inkomstenbelastingen gelijkgestelde belastingen
type
wet
prom.
19/02/2001
pub.
03/04/2001
numac
2001009208
bron
ministerie van justitie
Wet betreffende de proceduregebonden bemiddeling in familiezaken
sluiten2, worden het eerste tot en met het derde lid opgeheven. Art. 10.Artikel 134 van hetzelfde Wetboek, vervangen b …
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.